17262 - Fornuis NOVA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 17262 NOVA in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 17262 - NOVA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 17262 van het merk NOVA.
GEBRUIKSAANWIJZING 17262 NOVA
- Verwijder alle verpakkingen.
- De installatie en de elektrische aansluiting van het apparaat dienen aan een erkende vakman toevertrouwd te worden. De fabrikant kan niet verantwoordelijk gesteld worden voor eventuele schade voortkomend uit een foutieve inbouw of aansluiting.
- Het apparaat mag enkel gebruikt worden wanneer het gemonteerd en geïnstalleerd is in een meubel met een gehomologeerd en aangepast werkvlak.
- Het is enkel bestemd voor gewoon huishoudelijk gebruik (bereiding van voedingsmiddelen) met uitsluiting van alle ander huishoudelijk, commercieel of industrieel gebruik.
- Verwijder alle etiketten en zelfklevers van het vitrokeramische glas.
- Het apparaat niet ombouwen of wijzigen.
- De kookplaat dient niet als ondergrond of werkvlak.
- De veiligheid wordt enkel verzekerd wanneer het apparaat volgens de vereiste voorschriften op een aardleiding is aangesloten.
- Gebruik geen verlengkabel voor de aansluiting op het elektrische net.
- Het apparaat mag niet gebruikt worden boven een vaatwasmachine of een droogkast, de vrijgekomen damp kan de elektronische apparatuur beschadigen.
- Dit apparaat is niet bestemd voor gebruik met een externe tijdschakelklok of een afstandsbediening.5 Gebruik van het apparaat
- Schakel de warmtebron na gebruik steeds uit.
- Waak steeds over bereidingen die oliën en vetten bevatten want deze kunnen vlug vlam vatten.
- Pas op voor brandwonden tijdens en na het gebruik van het apparaat.
- Kinderen het apparaat niet laten manipuleren.
- Verzeker u ervan dat geen enkele elektrische kabel van een vast of los apparaat met het warme kookvlak of met een warme kookpot in contact komt.
- Magnetisch gevoelige voorwerpen (creditcards, informatica diskettes, rekenmachines) mogen zich niet in de onmiddellijke nabijheid van het functionerende apparaat bevinden.
- Gebruik enkel de hiertoe voorziene kookpotten. Bij onverhoeds aanschakelen of restwarmte zouden andere materialen kunnen smelten of ontbranden.
- Bedek het apparaat nooit met een doek of een beschermblad. Het zou kunnen verhitten en ontvlammen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar, personen van wie de psychische en of mentale capaciteit vermindert zijn en personen van wie de kennis onaangepast is, kunnen dit toestel enkel onder toezicht gebruiken of indien zij opgeleid zijn om dit toestel te gebruiken in veilige omstandigheden.
- Zij dienen daarbij op de hoogte te zijn van de mogelijke risico’s die zich kunnen voordoen. Kinderen mogen niet met dit toestel spelen.
- Zonder toezicht van een volwassene kan het reinigen en onderhoud van dit toestel niet aan kinderen toevertrouwd worden.
- Metalen voorwerpen zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet geplaatst worden op het glazen kookoppervlak omdat deze dan heet kunnen worden.6 Voorzorgsmaatregelen tegen beschadiging
- Beschadigde kookpotten of kookpotten met ruwe bodem (niet geëmailleerd gietijzer) kunnen het glas beschadigen.
- De aanwezigheid van zand of andere schuurmaterialen kunnen het glas beschadigen.
- Laat geen voorwerpen (zelfs kleine) op het glas vallen.
- Vermijd het stoten van kookpotten tegen de rand van het glas.
- Verzeker u ervan dat de ventilatie van het apparaat verloopt volgens de instructies van de fabrikant.
- Plaats of laat geen lege kookpotten op de kookplaat.
- Vermijd het contact van suiker, synthetische stoffen of aluminiumfolie met de hete zones. Deze stoffen kunnen tijdens het afkoelen het vitrokeramische oppervlak doen barsten of aantasten: schakel het apparaat uit en verwijder ze onmiddellijk van de nog hete zones (opgepast: risico voor brandwonden)
- Risico van brand! Geen voorwerpen op de kookplaat leggen.
- Plaats nooit een warme kookpot op de bedieningszone.
- Indien er onder het inbouwapparaat een lade is, zorg dan voor een voldoende afstand (2 cm) tussen de inhoud van de lade en de onderkant van het apparaat teneinde een goede ventilatie te verzekeren.
- Leg geen ontvlambare voorwerpen (bvb. sprays) in de lade onder de kookplaat. Eventuele bestekbakken dienen in warmtebestendig materiaal te zijn uitgevoerd.7 Voorzorgsmaatregelen bij defect van het apparaat
- Bij het vaststellen van een defect, het apparaat uitzetten en de elektrische toevoer uitschakelen.
- Schakel onmiddellijk de elektrische stroom van het apparaat uit indien er een barst of spleet in het vitrokeramische glas is en verwittig de dienst na verkoop.
- De herstellingen dienen enkel door gespecialiseerd personeel te worden uitgevoerd. In geen geval het apparaat zelf openen.
- WAARSCHUWING: Als het glazen kookoppervlak gebroken is, schakel het toestel uit om een mogelijke elektrische schok te voorkomen. Andere voorzorgsmaatregelen
- Zorg ervoor dat de kookpot steeds in het midden van de kookzone staat. De bodem van de kookpot moet de kookzone zoveel mogelijk bedekken.
- Een magnetisch veld kan elektronische apparatuur beïnvloeden. Personen die een pacemaker dragen doen er goed aan eerst de verdeler of een arts te raadplegen.
- Gebruik geen synthetische of aluminium kookpannen: deze kunnen op de nog hete zones smelten.
- Vuur nooit blussen met water. Schakel de kookzone uit. Vlammen voorzichtig met een deksel, smoordeksel of iets dergelijks verstikken.
Energieverbruik van de kookplaat EChob**
Gestandaardiseerde categorie van het kookgerei**
C C C Energieverbruik EC
Gestandaardiseerde categorie van het kookgerei**
C C C Energieverbruik EC
Gestandaardiseerde categorie van het kookgerei**
Gestandaardiseerde categorie van het
- het vermogen kan variëren in functie van de afmetingen en het materiaal van de kookpotten ** berekend volgens de methoden voor het meten van de gebruikseigenschappen(EN 60350-2)9 Bedieningspaneel
Display Display Aanduiding Omschrijving 0 Nul Kookzone geactiveerd 1…9 Vermogensstand Keuze kookniveau U Detectie kookpan Geen of onaangepaste kookpan A Kookfunctie geactiveerd Aankookautomaat E Foutmelding Defect elektronisch circuit H Restwarmte aanduidding De kookzone is warm P Power Het turbovermogen is geactiveerd Super Power Super Power is geactiveerd Warmtebehoud Automatisch behoud op 42° Warmtebehoud Automatisch behoud op 70° Warmtebehoud Automatisch behoud op 94° II Stop&Go Stop&Go is geactiveerd ∏ Bridge Beide kookzones zijn verbonden Ventilatie De koelingsventilator functioneert helemaal automatisch. Hij komt langzaam op gang zodra de door de elektronica vrijgekomen calorieën een bepaalde hoeveelheid overschrijden. De ventilatie schakelt naar de tweede snelheid over wanneer het kookvlak intensief gebruikt wordt. De ventilator vermindert snelheid en stopt automatisch zodra het elektronische circuit voldoende is afgekoeld. “SLIDER” sensortoets voor instellen vermogensstand
Timer aanduiding toets
Zone selectie toets10 IN WERKING STELLEN EN GEBRUIK VAN HET APPARAAT Voor het eerste gebruik Poets uw toestel met een vochtige doek en droog het af. Gebruik geen detergent, deze kan op het glas een blauwachtige waas doen verschijnen. Principe van inductie Onder elke kookzone bevindt zich een inductiespoel. Wanneer deze in werking is, produceert ze een variabel elektromagnetisch veld dat op zijn beurt inductiestroom produceert in de magnetische bodem van de kookpot. Hierdoor verwarmt de kookpot die op de kookzone staat. Uiteraard zijn aangepaste kookpotten vereist:
- Aanbevolen zijn alle metalen kookpotten met magnetische basis (eventueel met een magneet te controleren) zoals: gietijzeren ketel, zwarte ijzeren pan, geëmailleerde metalen kookpotten, in inox met magnetische bodem, …
- Uitgesloten zijn alle kookpotten in koper, inox, aluminium, glas, hout, keramiek, aardewerk, inox zonder magnetische bodem… De inductie kookzone houdt onmiddellijk rekening met de afmeting van de gebruikte kookpot. Is de diameter te klein dan werkt de kookpot niet. De diameter varieert in functie van de diameter van de kookzone. Wanneer de kookpot niet aan de kookplaat aangepast is, blijft het symbool [ U ] branden. Sensortoetsen Uw apparaat is uitgerust met sensortoetsen waarmee u de verschillende functies kan instellen. Het aanraken van de toets zet de functie in werking. Deze activering wordt weergegeven door een lichtje, een aflezing en/of een geluidssignaal. Niet op meerdere toesten tegelijk duwen bij normaal gebruik. Sliderbediening en timerinstelling Voor de selectie van het vermogen volstaat het om met uw vinger over de slider te glijden. U heeft ook de rechtstreekse toegang tot een bepaald niveau door met uw vinger het gewenste niveau rechtstreeks te selecteren.
“SLIDER“ sensortoets voor instellen vermogenstand
- In- en uitschakelen van de kookplaat: Actie Bedieningspaneel Display Inschakelen Druk 2 sec. op [ ] [ 0 ] Uitschakelen Druk 2 sec. op [ ] [ H ] of geen aanduiding
- In- en uitschakelen van een kookzone: Actie Bedieningspaneel Display Vermogensstand kiezen Glijden over de “SLIDER“ [ 0 ] tot [ 9 ] naar rechts of links Uitschakelen Glijden tot [ 0 ] over de “SLIDER“ [ 0 ] of [ H ] Indien binnen de 20 seconden geen regeling is uitgevoerd, valt de elektronica terug op de wachtpositie. Detectie van de kookpot Deze kookplaat is uitgerust met een interactief controlesysteem dat het gebruik van de kookplaat nog vereenvoudigd. Wanneer u een kookpot op de ingeschakelde kookplaat plaatst, wordt deze automatisch gedecteerd. Bovendien krijgt u een indicatie [0] welke slider u dient te gebruiken voor de desbetreffende zone. De detectie van de kookpot verzekert een optimale veiligheid. De inductiekookplaat werkt niet:
- indien er geen kookpot op de kookzone staat of wanneer de kookpot ongeschikt is voor inductie. In dit geval is het onmogelijk het vermogen op te voeren en het symbool [ U ] verschijnt op de display. Wanneer een kookpot op de kookzone wordt geplaatst verdwijnt de [ U ].
- De werking wordt onderbroken wanneer tijdens het koken de kookpot van de kookzone wordt genomen. Het symbool [ U ] verschijnt op de display. De [ U ] verdwijnt wanneer de kookpot terug op het kookvlak wordt geplaatst. Het koken gaat door op het voordien gekozen vermogen. Schakel de kookzone uit na gebruik. De pandetectie [ U ] blijft dan niet actief. Aanduiding restwarmte Als na het uitzetten van de kookzones of het volledig uitzetten van de kookplaat, het glas boven de kookzones nog warm is, wordt dit aangegeven door [ H ]. Het symbool [ H ] gaat uit wanneer het glas boven de kookzones zonder gevaar kunnen aangeraakt kan worden. Zolang het lampje van de restwarmte blijft branden, de kookzones niet aanraken en geen enkel warmtegevoelig voorwerp op de kookzones plaatsen. Gevaar voor brand of brandwonden!12 Power functie en Super Power functie De Power functie [ P ] en Super Power [ ] verlenen aan de gekozen kookzone een opgevoerd vermogen. Indien deze functie geactiveerd is, werken deze kookzones gedurende 10 minuten met een aanmerkelijk hoger vermogen. Power is ontworpen om bijvoorbeeld snel grote hoeveelheden water te verwarmen, zoals bij de bereiding van pasta.
- In- en uitschakelen van Power: Actie Bedieningspaneel Display Power inschakelen Tot het einde van de « SLIDER » [ P ] glijden of meteen op het einde van de “SLIDER” duwen Power uitschakelen Glijden over de “SLIDER“ [ 9 ] naar [ 0 ]
- In- en uitschakelen van Super Power: Actie Bedieningspaneel Display Power inschakelen Tot het einde van de « SLIDER » [ P ] glijden of meteen op het einde van de “SLIDER” duwen Super Power inschakelen Druk nogmaals einde van de “SLIDER” [ en P ] Super Power uitschakelen Glijden over de “SLIDER“ [ P ] naar [ 0 ]
- Vermogensregeling: De kookplaat is uitgerust met een begrenzing van het maximaal vermogen te bescherming van het apparaat. Als deze vermogensgrens bij het inschakelen van een hoge kookstand of de powerfunctie wordt overschreden, reduceert het powermanagement de kookstand van de bijbehorende module- kookzone. De aanwijzing van deze kookzone knippert eerst, daarna wordt de maximaal mogelijke kookstand constant getoond. Geselecteerde kookzone Andere kookzone (bijv.: kookstand 9) [ P ] is zichtbaar [ 9 ] wordt tot [ 8 ] gereduceerd en knippert13 Timer functie De timerfunctie kan voor alle kookzones tegelijk gebruikt worden en dit met verschillende tijdsaanduidingen ( van 0 tot 1H59 minuten ) voor iedere zone.
- Regeling of wijziging van de kooktijd: Actie Bedieningspaneel Display Zone selecteren Druk op de zone selectie toets [ 0 ] Vermogensstand kiezen Glij over de “SLIDER” [ 1 ] tot [ P ] Timer activeren Druk op de timer aanduiding [ ] Timer instelling wordt net boven de zone selectie toets getoond Tijd verlagen Druk op de betreffende [ - ] toets [ 60 ], 59, 58... van de timer Tijd verhogen Druk op de betreffende [ + ] toets [ 1 ], 2, 3... van de timer Na enkele seconden stopt de timer aanduiding toets [ ] met knipperen. De kooktijd is ingesteld en begint te lopen.
- Kooktijd stoppen: Actie Bedieningspaneel Display Timer selecteren Druk op de timer aanduiding [ ] Timer instelling wordt net boven de zone selectie toets getoond Kooktijd stoppen Druk op de [ - ] toets(en) van de timer [ 000 ] Indien meerdere timers actief zijn, herhaal bovenstaande stappen.
- Kookwekker functie: De kookwekker functie is een onafhankelijke functie zonder dat een kookzone wordt gebruikt. Deze functie stopt automatisch vanaf het moment een kookzone ingeschakeld wordt. De kookwekker functie blijft verder lopen tot de ingestelde tijd is ingeschakeld zelfs indien de kookplaat uitgeschakeld wordt. Actie Bedieningspaneel Display Kookplaat inschakelen Druk 2 sec. op [ ] [ 0 ] Kookwekker activeren Druk op [ 000 ] van de timer [ 000 ] Tijd verlagen Druk op de betreffende [ - ] toets [ 60 ] 59, 58... van de timer Tijd verhogen Druk op de betreffende [ + ] toets [ 1 ], 2, 3... van de timer Na enkele seconden stopt de toets van de timer [ 000 ] met knipperen. De kookwekker is ingesteld en begint te lopen.
- Automaisch uitschakelen op het einde van de kookwekker Wanneer de ingestelde tijd is verlopen, knippert de timer [ 000 ] en een geluidssignaal weerklinkt. Druk op de timer toetsen [ - ] en [ + ] om het geluid en knipperen te beëindigen.14 Aankookautomaat functie Alle kookzones zijn uitgerust met een aankookautomaat functie. Als de aankookautomaat geactiveerd is, wordt de betreffende kookzone een bepaalde tijd op het hoogste vermogen ingeschakeld (aankoken). Daarna wordt automatisch teruggeschakeld naar de ingestelde vermogensstand. De aankooktijd hangt af van de ingestelde doorkooktijd (zie tabel).
- Inschakelen van de aankookautomaat: Actie Bedieningspaneel Display Vermogensstand selecteren Glij over de “SLIDER” tot [ 7 ] [7 ] knippert met [ A ] (voorbeeld « 7 ») en houd 3 s ingedrukt Ingestelde doorkookstand
Aankookautomaat Tijd (min:sec)
- Uitschakelen van de aankookautomaat: Actie Bedieninspaneel Display Zone selecteren Glij over de “Slider” [ 0 ] tot [ 9 ]15 Stop&Go functie Deze functie onderbreekt de activiteit van de kookplaat tijdelijk en laat een herstart met dezelfde instellingen toe.
- In -/ uitschakelen Stop&Go functie: Actie Bedieningspaneel Display Stop&go inschakelen Druk op [ II ] gedurende 2 s [ II ] licht op Stop&go uitschakelen Druk op [ II ] gedurende 2 s Instellingen verschijnen Herhaling functie Als u de kookplaat tijdens het gebruik uitschakelt, kunt u met deze functie alle instellingen herstellen. Hiervoor moet u de kookplaat binnen 6 seconden na het uitschakelen weer in- schakelen
- Instellingen van alle kookzones
- Minuten en seconden van ingestelde timers
- Aankookautomaat De recall functie toepassen:
- Daarna druk onmiddelijk op [ II ] De voorgaande instellingen zijn weer actief Warmhoud functie Met de warmhoud functie maakt het mogelijk een temperatuur van ongeveer 42°C, 70°C of 94°C te bereiken en automatisch te behouden. Dit voorkomt dat vloeistoffen overlopen en dat uw gerechten aan de bodem van de kookpot gaan kleven. Deze functie kan op iedere kookzone afzonderlijk ingesteld worden.
- Warmhoud functie in - / uitschakelen Actie Bedieningspaneel Display 42°C inschakelen Druk op de toets [ ] [
70°C inschakelen Druk nogmaals op de toets [ ]
94°C inschakelen Druk nogmaals op de toets [ ]
Uitschakelen Glij over de “SLIDER” [ 0 ] to [ 9 ] De maximale warmhoudtijd bedraagt 2 uur.16 Brug of automatische brug functie Deze functie laat toe om 2 zones (voor en achter) om te vormen tot één grote zone en tegelijkertijd te laten werken en te bedienen als een standaard zone. Met deze functie wordt de Power functie enkel toegelaten op de linker en midden zones. Actie Bedieningspaneel Display Kookplaat inschakelen Druk 2 sec. op [ ] [ 0 ] Brug functie inschakelen Manueel: Druk gelijktijdig op de 2 zone selectie toetsen van de [ 0 ] en [ ] aanliggende zones voor en achter
Automatisch: Zet een grote kookpot op beide zones [ ] knippert Druk op de “SLIDER” om te bevestigen [ ] Vermogensstand kiezen Glij over de “SLIDER” [ 1 ] to [ 9 ] Brug functie stoppen Druk gelijktijdig op de 2 zone selectie [ 0 ] Toetsen van de aanliggende zones voor en achter Vergrendeling bedieningspaneel Om te vermijden dat de instellingen van de kookzones per ongeluk wijzigen, is deze uitgerust met een vergrendeling van het bedieningspaneel voor de kookplaat. Actie Bedieningspaneel Display Kookplaat inschakelen Druk 2 sec. op [ ] [ 0 ] Vergrendelen Houd een zone selectie toets ingedrukt gedurende 3 seconden en glij over de “SLIDER” sensortoetsen van links naar rechts [ L ] Kookplaat ontgrendelen Houd een zone selectie toets ingedrukt gedurende 3 seconden en glij over de “SLIDER” sensortoetsen van links naar rechts [ 0 ] of [ H ]17 KOOKADVIES Kwaliteit van de kookpotten Aangepaste kookpotten: staal, geëmailleerd staal, gietijzer, inox met magnetische bodem, aluminium met magnetische bodem. Niet aangepaste kookpotten: aluminium en inox zonder magnetische bodem, koper, messing, keramiek, porselein. De fabrikanten vermelden of hun producten geschikt zijn voor inductie. Om u ervan te verzekeren of de kookpotten geschikt zijn:
- Giet een beetje water in een kookpot en plaats deze op een inductie kookzone ingesteld op [ 9 ]. Het water moet binnen enkele seconden opwarmen.
- Houd een magneet tegen de bodem van de kookpot. De magneet moet blijven plakken. Sommige kookpotten zoemen wanneer ze op een inductie kookzone geplaatst worden. Dit wil niet zeggen dat het apparaat defect is en het beïnvloedt geenszins het functioneren. De kwaliteit van de bodem van de pan kan het bereidingsresultaat beïnvloeden, zoals het niet doorkoken van gerechten door te weinig vermogensopname of niet gelijke warmteverdeling. Gebruik alleen pannen met een gladde bodem. Een ruwe bodem kan krassen op het glas van de kookplaat veroorzaken. Gebruik waar mogelijk pannen met rechte rand. Bij pannen met schuine rand werkt de inductie ook bij de randen van de pan. Daardoor kan de rand van een pan verkleuren.
Afmetingen van de kookpotten De kookzones passen zich in zekere mate automatisch aan de diameter van de kookpot aan. De bodem van deze kookpot dient wel een minimum diameter te hebben in functie van de diameter van de gekozen kookzone. Plaats de kookpot goed in het midden van de kookzone teneinde een optimaal rendement van uw kooktafel te verkrijgen.18 Voorbeelden van vermogenregeling (de hieronder vermelde waarden zijn enkel richtgevend)
Rijst, pudding en bereidde gerechten Groenten, vis, diepgevroren producten
Groenten, vis, vlees
Gekookte aardappelen, soep, pasta Verse groenten
Braden Op kooktemperatuur brengen
P en Water koken Aan de kook brengen van grote hoeveelheden water
Laat het apparaat eerst afkoelen, anders is er risico voor brandwonden.
- Verwijder de kookresten met een beetje water met afwasproduct of een in de handel aanbevolen product voor vitrokeramisch glas.
- Gebruik in geen geval toestellen die met “stoom” of met “druk” werken.
- Geen voorwerpen gebruiken die het vitrokeramisch glas kunnen beschadigen (zoals schuursponzen of mespunten…)
- Gebruik geen schuurproducten, deze kunnen het apparaat beschadigen.
- Droog het apparaat met een propere doek.
- Verwijder onmiddellijk suiker of spijzen die suiker bevatten.
KLEINE STORINGEN VERHELPEN
De kookplaat of de kookzone werkt niet:
- de kookplaat is slecht op het elektrisch net aangesloten
- de veiligheidszekering is gesprongen
- kijk na of de vergrendeling niet is ingeschakeld
- de tiptoetsen zijn met water of vet bespat
- er staat een voorwerp op de tiptoetsen Het symbool [ U ] licht op:
- er staat geen kookpot op de kookzone
- de kookpot is niet geschikt voor inductie
- de diameter van de bodem van de kookpot is te klein in vergelijking met de kookzone Het symbool [ E ] licht op:
- Het elektronisch systeem is ontregeld.
- Ontkoppel de kookplaat en sluit opnieuw aan.
- Doe beroep op de dienst na verkoop19 Een enkele zone of alle zones vallen uit:
- de veiligheid is in werking getreden
- deze treedt in werking wanneer u vergeten heeft een kookzone uit te schakelen
- de veiligheid treedt eveneens in werking wanneer één of meerdere tiptoetsen bedekt zijn
- een kookpan is leeg en de bodem is oververhit
- de kookplaat beschikt eveneens over een automatische vermindering van het vermogen en van een automatische uitschakeling bij oververhitting De ventilator blijft doorwerken na het uitzetten van de kooktafel:
- dit is geen defect, de ventilator beveiligt zo de elektronische apparatuur
- de ventilator stopt vanzelf. De bediening van automatisch koken treedt niet in werking:
- de kookzone is nog warm [ H ]
- het maximum kookniveau staat aan [ 9 ]
- het kookniveau werd aangezet met de toets [ - ]. Het symbool [ U ] licht op:
- Zie hoofdstuk “Warmhouden“. Het symbool [ II ] licht op:
- Zie hoofdstuk “Stop&Go“. Het symbool [ ] of[ Er03 ]licht op:
- Een voorwerp of vloeistof bedekt de toetsen van de bediening. Het symbool verdwijnt van zodra de toetsen vrijgemaakt of afgekuist zijn. Het symbool [ E2 ]licht op:
- De kooktafel is oververhit, laat afkoelen, daarna kunt u ze weer terug inschakelen. Het symbool [ E8 ]licht op:
- De luchttoevoer van de ventilator is afgesloten. Maak deze vrij. Het symbool [ U400 ]licht op:
- De kooktafel werd niet goed aan het netwerk aangesloten. Kijk de aanlsuiting na. Het symbool [ Er47 ]licht op:
- De kooktafel werd niet goed aan het netwerk aangesloten. Kijk de aanlsuiting na. Indien één van deze foutmeldingen blijft verschijnen, kunt u de dienst na verkoop contacteren. MILIEUBESCHERMING
- de verpakkingsmaterialen zijn ecologisch en recycleerbaar.
- de elektronische apparaten bevatten edele metalen. Informeer u bij uw administratie over de recyclagemogelijkheden.
Werp het apparaat niet weg met het huisvuil Doe beroep op de daartoe voorziene ophaaldienst of breng uw elektrisch apparaat naar het containerpark van uw gemeente20 INSTALLATIEVOORSCHRIFTEN De montage dient enkel door erkende specialisten te worden uitgevoerd. De gebruiker dient de wetgeving en de normen van het land van zijn verblijfplaats na te leven. Plaatsen van de waterdichte strip De zelfklevende strip geleverd met het apparaat vermijdt infiltratie in het meubel. Het plaatsen dient met grote zorg volgens onderstaande tekening te worden uitgevoerd.
- De uitsparing in het tablet volgens model kookplaat:
- De afstand tussen de kookplaat en de muur dient minstens 50 mm te bedragen.
- De kookplaat is een apparaat toebehorend aan de beschermingsklasse « Y ». Ingebouwd mag zich een hoge kastwand of een muur aan een zijde en aan de achterzijde bevinden. Aan de andere zijde mag geen enkel meubel of apparaat hoger zijn dan het kookvlak.
- De bekledingen van de werkbladen dienen te worden uitgevoerd in warmtebestendige materialen (100°C)
- De materialen van het werkblad kunnen opzwellen bij contact van vocht. Om de uitsnijding te beschermen, bestrijk deze met een vernis of een speciale lijm.
- De strippen aan de muurranden dienen hittebestendig te zijn.
- Installeer de kookplaat niet boven een niet geventileerde oven of een vaatwasmachine.
- Onder de omkasting van het apparaat een afstand van 20 mm voorzien om een goede verluchting van de elektronische apparatuur te verzekeren.
- Indien er zich een lade onder de kookplaat bevindt, vermijd er ontvlambare voorwerpen in op te bergen (bv. spray) en voorwerpen die niet warmtebestendig zijn.
- Voor de afstand tussen de kookplaat er de erboven geplaatste dampkap, dient u de instructies van de fabrikant van de dampkap te volgen. Bij gebrek aan instructies, dient u een afstand van minimum 760 mm te respecteren.
- Voorzie een ventilatieopening net onder het werkblad van 4mm over een breedte van min. 600mm voor voldoende afkoeling van de kooplaat. Afmetingen uitsnijding
Afmetingen vlakb ouw
De beschermfolie (3) verwijderen en de dichtingstrip (2) op de rand van de kookplaat plakken op 2 mm van de buitenrand21
- De verbindingskabel mag na aansluiting aan geen enkele mechanische spanning onderhevig zijn, zoals bijvoorbeeld een lade.
- Waarschuwing: Gebruik alleen kookplaat beschermrekken ontworpen door de fabrikant van de kookplaat, rekken die door de fabrikant aangeduid zijn als geschikt of beschermrekken geïntegreerd in het apparaat. Het gebruik van ongeschikte rekken kan ongelukken veroorzaken.
- De installatie en de aansluiting op het elektrische net mag enkel toevertrouwd worden aan een vakman (elektricien) die op de hoogte is van de voorgeschreven normen.
- Na het monteren moeten de stukken die onder spanning staan beschermd blijven.
- De nodige aansluitgegevens staan op het kenplaatje en het aansluitingsplaatje aan de onderkant van het apparaat.
- Het apparaat dient door middel van een meerpolige stroomonderbreker van het net gescheiden te zijn. Staat deze open (niet aangesloten), dan moet de contactopening minstens 3mm bedragen.
- Het elektrische circuit dient van het net gescheiden te zijn door middel van de nodige voorzieningen zoals bijvoorbeeld beveiligingsschakelaars, zekeringen, differentiële schakelaars en contacten.
- Indien het toestel niet voorzien is van een bereikbaar stopcontact, dan moeten middelen voor uitschakeling aan de vaste installatie toegevoegd worden inovereenstemming met de installatieregeling.
- De voedingsslang moet zo geplaatst worden zodat deze de hete delen van de kookplaat of de oven niet raakt. Let op ! Dit apparaat is voorzien voor een aansluiting op een netspanning van 230V~ 50 / 60 HZ Verbind steeds de aarding. Respecteer het aansluitingsschema. De aansluitdoos bevindt zich onder de kookplaat. Om het deksel te openen, gebruik een schroevendraaier en plaats deze in de 2 gleuven voor de 2 pijlen. AANSLUITING VAN DE KOOKPLAAT VOOR 1724-2 – 1726-2 – 1763-2: Netwerk Aansluiting Aansluitsnoer Aansluitsnoer
- berekend met de coëfficiënt van gelijktijdigheid volgens de standaard EN 60 335-2-622 AANSLUITING VAN DE KOOKPLAAT VOOR 1767-2: Netwerk Aansluiting Aansluitsnoer
Aansluitsnoer Kaliber automaten 230 V~ 50/60 Hz
- berekend met de coëfficiënt van gelijktijdigheid volgens de standaard EN 60 335-2-6
Let op ! De draden goed doorsteken en de schroeven goed aanspannen. We kunnen niet verantwoordelijk gesteld worden voor ongevallen voortkomend uit een slechte aansluiting of ongevallen die gebeuren door toestellen zonder of met een defecte aarding.23 SOMMAIRE SECURITE ................................................................................................................................... 24
Notice-Facile