KIF81PF30 - Koelkast BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KIF81PF30 BOSCH in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KIF81PF30 - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KIF81PF30 van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING KIF81PF30 BOSCH
- nl Inhoud nlGebr ui ks aanwi j z i ngKoel appar aat ( Veiligheidsvoorschriften p. 69
- Over deze gebruiksaanwijzing p. 69
- Kans op explosie p. 69
- Gevaar voor een elektrische schok p. 69
- Risico van letsel p. 70
- Gevaren door of van het koelmiddel p. 70
- Vermijden van risico's voor kinderen en kwetsbare personen p. 70
- Materiële schade p. 71
- Gewicht p. 71
- 8 Correct gebruik van het apparaat p. 71
- 7 Milieubescherming p. 71
- Verpakking p. 71
- Oude apparaten p. 72
- 5 Installeren en aansluiten p. 72
- Inhoud van de verpakking p. 72
- Technische gegevens p. 72
- Apparaat installeren p. 73
- Nisdiepte p. 73
- Energie besparen p. 74
- Voor het eerste gebruik p. 75
- Elektrische aansluiting p. 75
Veiligheidsvoorschriften Vei l i ghei ds voor sc hr i f t en Dit apparaat voldoet aan de geldende veiligheidsbepalingen voor elektrische apparatuur en het is radio-ontstoord. Het koelcircuit is op dichtheid gecontroleerd. Over deze gebruiksaanwijzing ■ Lees de gebruiksaanwijzing en de montagehandleiding en neem deze in acht. U vindt daarin belangrijke informatie over plaatsing, gebruik en onderhoud van het apparaat. ■ De fabrikant is niet aansprakelijk wanneer u de aanwijzingen en waarschuwingen in de gebruiksaanwijzing en de montagehandleiding negeert. ■ Bewaar alle documenten voor later gebruik en voor eventuele volgende eigenaars. Kans op explosie ■ Gebruik nooit elektrische apparaten in het apparaat (bijv. verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders). ■ Geen producten met brandbare drijfgassen (bijv. spuitbussen) en geen explosieve stoffen in het apparaat opslaan. ■ Dranken met een hoog alcoholpercentage altijd goed afgesloten en staand bewaren. Gevaar voor een elektrische schok Onvakkundige installatie en reparaties kunnen groot gevaar opleveren voor de gebruiker van het apparaat. ■ Bij een beschadigd aansluitsnoer: Maak het apparaat direct los van het stroomnet. ■ Gebruik geen meervoudige stopcontacten, verlengsnoeren of adapters. ■ Het apparaat uitsluitend laten repareren door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon. ■ Gebruik alleen originele onderdelen van de fabrikant. De fabrikant garandeert dat deze onderdelen voldoen aan de veiligheidseisen.nl Veiligheidsvoorschriften
Risico van letsel Flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank kunnen barsten. Gevaren door of van het koelmiddel Door de leidingen van het koelcircuit stroomt een kleine hoeveelheid milieuvriendelijk, maar brandbaar koelmiddel (R600a). Dit is niet schadelijk voor de ozonlaag en verhoogt het broeikaseffect niet. Vrijkomend koelmiddel kan echter oogletsel veroorzaken of vlam vatten. ■ Leidingen niet beschadigen. Bij beschadiging van de leidingen: ■ Vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat houden. ■ De ruimte ventileren. ■ Het apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken. ■ Contact opnemen met de servicedienst. Vermijden van risico's voor kinderen en kwetsbare personen Er bestaat gevaar voor: ■ kinderen; ■ personen met lichamelijke, geestelijke of zintuiglijke beperkingen; ■ personen die onvoldoende kennis hebben over de veilige bediening van het apparaat. Maatregelen: ■ Zorg dat kinderen en kwetsbare personen begrijpen wat de gevaren zijn. ■ Een voor de veiligheid verantwoordelijke persoon moet toezicht houden op kinderen en kwetsbare personen bij het apparaat of hen instrueren. ■ Alleen kinderen vanaf 8 jaar het apparaat laten gebruiken. ■ Bij reiniging en onderhoud toezicht houden op kinderen. ■ Laat kinderen nooit met het apparaat spelen.Bestemming van het apparaat nl
Kans op stikken ■ Bij een apparaat met deurslot: Sleutel buiten bereik van kinderen opbergen. ■ Verpakkingsmateriaal en onderdelen van het apparaat zijn geen speelgoed voor kinderen. Materiële schade Om materiële schade te voorkomen: ■ Niet op de sokkel, uitschuifdelen of deuren staan of leunen. ■ Kunststof onderdelen en deurafdichtingen olie- en vetvrij houden. ■ Aan de stekker trekken – niet aan de aansluitkabel. Gewicht Houd er bij plaatsing en transport van het apparaat rekening mee dat het apparaat erg zwaar kan zijn. ~ "De juiste opstelplaats" op pagina 73 8 Correct gebruik van het apparaat Be s t e mming van het appar aat Gebruik dit apparaat ■ alleen voor het koelen van levensmiddelen. ■ uitsluitend voor privégebruik en huishoudelijk gebruik. ■ uitsluitend volgens deze gebruiksaanwijzing. Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 2.000 meter boven zeeniveau. 7 Milieubescherming Milieubescherming Verpakking Alle materialen zijn onschadelijk voor het milieu en kunnen hergebruikt worden. ■ Zorg dat de verpakking milieuvriendelijk wordt afgevoerd. ■ Informatie over het afvoeren van afval en het oude apparaat kunt u opvragen bij uw speciaalzaak of bij de gemeente.nl Installeren en aansluiten
Oude apparaten Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen. :Waarschuwing Kinderen kunnen zichzelf in het apparaat opsluiten en stikken! ■ Legplateaus en lades niet uit het apparaat nemen, om te voorkomen dat kinderen in het apparaat kruipen. ■ Kinderen uit de buurt van een afgedankt apparaat houden. Attentie! Er kan koelmiddel en schadelijk gas vrijkomen. Buizen van de koelmiddelkringloop en isolatie niet beschadigen.
1. Stekker uit het stopcontact halen.2. Aansluitsnoer doorknippen.3. Apparaat op deskundige wijze laten
afvoeren. Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten. 5 Installeren en aansluiten Install eren en aansl ui t en Inhoud van de verpakking Controleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade. Voor klachten kunt u terecht bij de winkel waar u het apparaat hebt aangeschaft of bij onze servicedienst. ~ "Servicedienst" op pagina 84 De levering bestaat uit de volgende onderdelen: ■ Inbouwapparaat■ Uitrusting (modelafhankelijk)■ Montagemateriaal■ Gebruiksaanwijzing■ Installatievoorschrift■ Klantenserviceboekje■ Garantiebijlage■ Informatie over energieverbruik en geluiden Technische gegevens Koelmiddel, netto inhoud van het apparaat en andere technische gegevens vindt u op het typeplaatje. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 76 Installeren en aansluiten nl
- Apparaat installeren De juiste opstelplaats Hoe meer koudemiddel het apparaat bevat, des te groter moet de ruimte zijn waarin het apparaat wordt opgesteld. In een te kleine ruimte kan bij een lek een ontvlambaar mengsel van gas en lucht ontstaan. Per 8 g koudemiddel moet het vertrek minstens 1 m³ groot zijn. De hoeveelheid koudemiddel in uw apparaat vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 76 Het gewicht van het apparaat kan afhankelijk van het model tot 76 kg bedragen. Toegestane omgevingstemperatuur De toegestane binnentemperatuur is afhankelijk van de klimaatklasse van het apparaat. Informatie over de klimaatklasse vindt u op het typeplaatje. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 76 Het apparaat is volledig functioneel binnen de toegestane binnentemperatuur. Wanneer een apparaat uit klimaatklasse SN wordt gebruikt bij een lagere binnentemperatuur, kunnen beschadigingen aan het apparaat worden uitgesloten tot een binnentemperatuur van +5 °C. Nisdiepte Voor het apparaat wordt een nisdiepte van 56 cm aanbevolen. Bij een kleinere nisdiepte – minstens 55 cm – wordt het energieverbruik iets hoger. Klimaatklasse Toegestane omgevingstem- peratuur SN +10 °C p. 32
- °C N +16 °C p. 32
- °C ST +16 °C p. 38
- °C T +16 °C °Cnl Installeren en aansluiten p. 43
Energie besparen Wanneer u de volgende aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom. Aanwijzing: De plaatsing van de uitrustingsonderdelen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat.
Apparaat installeren Apparaat niet blootstellen aan direct zonlicht. Bij een lage omgevingstemperatuur hoeft het appa- raat minder vaak te koelen en verbruikt daardoor minder stroom. Het apparaat zo ver mogelijk van radiatoren, fornuis en andere warmtebronnen plaatsen: Naast elektrische of gasfornuizen: 3 cm. Naast een cv-installatie: 30 cm. Aanwijzing: Als dat niet mogelijk is een isolatie- plaat aanbrengen tussen het apparaat en de warmte- bron. Een opstelplaats met een binnentemperatuur van ca. 20 °C kiezen. Een nisdiepte van 56 cm aanhouden. Attentie! Gevaar voor verbranding! Sommige onderdelen van het apparaat worden tij- dens het gebruik heet. Aanraking van deze onderde- len kan brandwonden veroorzaken. De lucht bij de achterwand van het apparaat wordt niet zo warm. Het apparaat verbruikt minder stroom wanneer de warme lucht kan wegtrekken. Ventilatieopeningen niet afdekken of versperren. De ruimte dagelijks luchten. Gebruik van het apparaat Deur van het apparaat slechts kort openen. De lucht in het apparaat wordt niet veel warmer. Het apparaat hoeft minder vaak te koelen en verbruikt daardoor minder stroom. Gekochte levensmiddelen in een koeltas transporte- ren en snel in het apparaat leggen. Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen. Diepvrieswaren ter ontdooiing in het koelvak leggen, om de kou van de diepvrieswaren te benutten. Altijd wat ruimte openlaten tussen de levensmidde- len en de achterwand. De lucht kan circuleren en de luchtvochtigheid blijft constant. Het apparaat hoeft minder vaak te koelen en verbruikt daardoor minder stroom. Levensmiddelen luchtdicht verpakken. Achterkant van het apparaat eenmaal per jaar schoon zuigen. De lucht bij de achterwand van het apparaat wordt niet zo warm. Het apparaat verbruikt minder stroom wanneer de warme lucht kan wegtrekken. Ventilatieopeningen niet afdekken of versperren.Installeren en aansluiten nl
Voor het eerste gebruik
1. Infomateriaal eruit nemen en zowel
plakband als beschermfolie verwijderen.
2. Apparaat schoonmaken.
~ "Schoonmaken" op pagina 81 Elektrische aansluiting Attentie! Het apparaat niet aansluiten op een elektronische electronische energiebesparende stekker. Aanwijzing: U kunt het apparaat aansluiten op netvoedingsinverters en sinusinverters. Netvoedingsinverters worden gebruikt bij fotovoltaïsche installaties met rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet. Bij losstaande systemen dient u sinusinverters gebruiken. Losstaande systemen, bijv. op schepen of in berghutten, hebben geen rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet.
1. Na plaatsing van het apparaat
minstens 1 uur wachten met aansluiten, om beschadiging van de compressor te voorkomen.
2. Het apparaat aansluiten op een
volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact. Het stopcontact moet voldoen aan de volgende voorwaarden: Buiten Europa: controleren of de vermelde stroomsoort van het apparaat overeenkomt met de waarden van uw elektriciteitsnet. De gegevens van het apparaat staan op het typeplaatje. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 76
3. Sluit het apparaat aan op een
stopcontact in de buurt van het apparaat. Het stopcontact moet ook na het opstellen van het apparaat goed bereikbaar zijn. :Waarschuwing Gevaar voor een elektrische schok! Indien het aansluitsnoer niet lang genoeg is, mag u in geen geval meervoudige stopcontacten of verlengsnoeren gebruiken.Neem in plaats daarvan contact op met de klantenservice voor alternatieve oplossingen. Stopcontact met 220 V ... 240 V Aardleiding 50 Hz Zekering 10A ... 16 Anl Het apparaat leren kennen
- Het apparaat leren kennen He t appa r aat leren kennen Klap het laatste blad met afbeeldingen open. Afhankelijk van de uitrusting kunnen er verschillen zijn tussen uw apparaat en de afbeeldingen. Apparaat ~ Afb. !
- Niet bij alle modellen. Bedieningselementen ~ Afb. " Uitrusting (niet bij alle modellen) Legplateau ~ Afb. # U kunt het legplateau variëren: ■ Legplateau eruit trekken en verwijderen. Varioplateau ~ Afb. $ U kunt hoge voorwerpen koelen (bijv. kannen of flessen): ■ Het voorste deel van het legplateau verwijderen en onder het achterste deel schuiven. # Koelvak + Verskoelruimte (...P Bedieningselementen X Verlichting `* Uittrekbaar legplateau h Scheidingsplaat met vochtigheidsregelaar )" Groentelade )* Verskoellade )2 Typeplaatje ):* Boter- en kaasvak )B Vak voor grote flessen ( Toets # Schakelt het apparaat in of uit. 0 Toets super koelvak Schakelt het superkoelen in of uit. 8 Toets ¾ / ¿ koelvak Stelt de temperatuur van het koelvak in. @ Indicatie temperatuur koelvak Toont de ingestelde temperatuur in °C. H Toets alarm Schakelt het alarmsignaal uit. P 0 °C VitaFresh pro De indicatie brandt als het apparaat in werking is.Apparaat bedienen nl
Uittrekbaar legplateau ~ Afb. % U kunt zorgen voor een beter overzicht: ■ Legplateau eruit trekken. U kunt het legplateau geheel verwijderen:
1. Beide knoppen onder het legplateau
indrukken en ingedrukt houden.
2. Legplateau eruit trekken, laten
zakken en zijwaarts naar buiten draaien. Reservoir ~ Afb. & U kunt de lade verwijderen: ■ Lade achteraan iets optillen en verwijderen. U kunt de lade aanbrengen: ■ Lade op de rails plaatsen en in het apparaat schuiven. Voorraadvakken ~ Afb. ' U kunt het flessenrek verwijderen: ■ Flessenrek optillen en verwijderen. Flessenhouder ~ Afb. ( Wanneer u de deur opent en sluit: ■ Het flessenrek voorkomt dat de flessen kantelen. 1 Apparaat bedienen Appar aat bedi enen Apparaat inschakelen
1. Toets # indrukken.
Het apparaat begint te koelen.
2. De gewenste temperatuur instellen.
~ "Temperatuur instellen" op pagina 78 Opmerkingen bij/voor het gebruik ■ Na het inschakelen kan het een aantal uren duren voordat de ingestelde temperatuur is bereikt. Geen levensmiddelen inruimen voordat de ingestelde temperatuur is bereikt. ■ De voorzijde van het apparaat achter de deur wordt gedeeltelijk licht verwarmd waardoor de vorming van condenswater in de buurt van de deurafdichting wordt voorkomen. Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen Apparaat uitschakelen ■ Toets # indrukken. Het apparaat koelt niet meer. Apparaat buiten werking stellen Als u het apparaat langere tijd niet gebruikt:
1. Toets # indrukken.
Het apparaat koelt niet meer.
2. De stekker uit het stopcontact
trekken of de zekering uitschakelen.
Temperatuur instellen Aanbevolen temperatuur Koelvak ■ Toets ¾ / ¿ meermaals indrukken tot de gewenste temperatuur verschijnt op de display. Verskoelruimte De temperatuur in de verskoelruimte wordt op circa 0 °C gehouden. Aanwijzing: Wanneer rijp op de kleine koelproducten in de verskoelruimte voorkomt: De temperatuur warmer instellen. ~ "Storingen, wat te doen?" op pagina 83 Superkoelen Bij het superkoelen wordt het koelvak zo koud als mogelijk is. Het superkoelen inschakelen bijv.: ■ vóór het inladen van grote hoeveelheden levensmiddelen ■ voor het snelkoelen van dranken Aanwijzing: Wanneer superkoelen is ingeschakeld, wordt het apparaat iets luider. Na 15 uur schakelt het apparaat over op het normale werking. Superkoelen in-/uitschakelen: ■ Toets super indrukken. De toets brandt als het superkoelsysteem is ingeschakeld. M Alarm Al a r m Deuralarm Als de deur van het apparaat langere tijd openstaat wordt het deuralarm ingeschakeld. ■ Deur sluiten of toets alarm indrukken. Het alarmsignaal wordt uitgeschakeld. U Koelvak Koe l v a k Het koelvak is geschikt voor het bewaren van melkproducten, eieren, bereide gerechten, bakproducten, geopende conserven en harde kaas. De temperatuur is van +3 °C ... +8 °C instelbaar. Door de koelopslag kunt u ook zeer bederfelijke levensmiddelen op korte of middellange termijn bewaren. Hoe lager de temperatuur, hoe langzamer de gistingsprocessen, de chemische processen en het bederf door micro-organismen verloopt. Een temperatuur van +4 °C of lager waarborgt een optimale versheid en veiligheid van de levensmiddelen. Koelvak: +4 °CVerskoelruimte nl
In acht nemen bij het bewaren ■ Verse, onbeschadigde levensmiddelen inruimen. Zo blijft de kwaliteit en de versheid langer bewaard. ■ Bij kant-en-klaarproducten en gebottelde producten de door de fabrikant vermelde houdbaarheidsdatum of gebruiksdatum niet overschrijden. ■ De levensmiddelen goed verpakt of afgedekt inruimen, om aroma/smaak, kleur en versheid te bewaren. Zo voorkomt u smaakvermenging en verkleuring van de kunststof onderdelen. ■ Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen, dan in het koelvak zetten. Let op de koudezones in het koelvak Door de luchtcirculatie in de koelruimte ontstaan verschillende koudezones. Koudste zone De koudste zone is op de scheidingsplaat en in het vak voor grote flessen. Warmste zone De warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur. Opmerkingen ■ Bewaar in de warmste zone bijv. harde kaas en boter. Hierdoor komt het aroma van de kaas beter tot ontwikkeling en blijft de boter smeerbaar. ■ Bewaar gevoelige levensmiddelen zoals vis, worst en vlees in de verskoelruimte. ~ "Verskoelruimte" op pagina 79 T Verskoelruimte Verskoel rui mte De temperatuur in de verskoelruimte wordt op circa 0 °C gehouden. De lage temperatuur en de optimale luchtvochtigheid zorgen voor ideale omstandigheden voor het bewaren van verse levensmiddelen. Door de verskoelmogelijkheid kunt u verse levensmiddelen tot wel drie keer langer vers houden dan in het koelvak – voor het langer vers blijven, een langer behoud van voedingsstoffen en een betere smaak.nl Ontdooien
Groentelade ~ Afb. ) De groentelade is de optimale plaats voor het bewaren van vers fruit en verse groente.Met de vochtigheidsregelaar van de scheidingsplaat en een speciale afdichting kunt u de luchtvochtigheid in de groentelade aanpassen. De luchtvochtigheid in de groentelade kunt u instellen afhankelijk van het soort en de hoeveelheid bewaarde levensmiddelen: ■ overwegend fruit en bij hoge belading – lagere luchtvochtigheid instellen ■ overwegend groente en bij gemengde belading of geringe belading – hogere luchtvochtigheid instellen Aanwijzingen ■ Koudegevoelige soorten fruit (bijv. ananas, bananen, papaja's en citrusvruchten) en groente (bijv. aubergines, komkommers, courgettes, paprika, tomaten en aardappels) dienen voor een optimaal behoud van kwaliteit en aroma buiten het apparaat op temperaturen van circa +8 °C ... +12 °C te worden bewaard. ■ Afhankelijk van de soort levensmiddelen en de hoeveelheid kan zich in de groentelade condenswater vormen. Condenswater verwijderen met een droge doek en de luchtvochtigheid in de groentelade aanpassen met behulp van de vochtigheidsregelaar. Verskoellade ~ Afb. !/)* Het klimaat in verskoellade biedt ideale omstandigheden voor het bewaren van vis, vlees en worst. Bewaartijden bij 0 °C De bewaartijden zijn afhankelijk van de uitgangskwaliteit. = Ontdooien Ont dooi en Koelvak Het ontdooien wordt automatisch uitgevoerd. Verse vis, zeevruchten: tot 3 dagen Gevogelte, vlees (gekookt/gebraden): tot 5 dagen Rundvlees, varkensvlees, lamsvlees, worst (broodbe- leg): tot 7 dagen Gerookte vis, broccoli: tot 14 dagen Sla, venkel, abrikozen, pruimen: tot 21 dagen Zachte kaas, yoghurt, kwark, karnemelk, bloemkool: tot 30 dagenSchoonmaken nl
D Schoonmaken Schoonmaken Attentie! Beschadiging van het apparaat en de uitrustingsonderdelen vermijden. ■ Gebruik geen schoonmaak of oplosmiddelen die zand, chloride of zuren bevatten. ■ Geen schurende of krassende sponsjes gebruiken. Op de metalen oppervlakken kan corrosie ontstaan. ■ De legplateaus en voorraadvakken mogen niet in de afwasautomaat gereinigd worden. Ze kunnen vervormen. Ga als volgt te werk:
1. Apparaat uitschakelen.
2. De stekker uit het stopcontact
trekken of de zekering uitschakelen.
3. Levensmiddelen verwijderen en op
een koele plaats bewaren. De koude-accu (indien aanwezig) op de levensmiddelen leggen.
4. Indien aanwezig: Wachten tot de
rijplaag is ontdooid.
5. Het apparaat schoonmaken met
een zachte doek en lauw water met een scheutje pH neutraal schoonmaakmiddel. Attentie! Het afwaswater mag niet in de verlichting of via het afvoergat in het verdampingsgedeelte terechtkomen.
6. Deurafdichting afvegen met schoon
water en goed afdrogen.
7. Apparaat weer aansluiten,
inschakelen en levensmiddelen inruimen. Schoonmaken van het interieur De variabele onderdelen uit het apparaat nemen. ~ "Uitrusting" op pagina 76 Scheidingsplaat en afdekking groentelade Scheidingsplaat verwijderen ~ Afb. * ■ Glasplaat verwijderen, hendel aan de onderzijde aan beide zijden indrukken, scheidingsplaat naar voren trekken, optillen en zijwaarts naar buiten draaien. Afdekking van de groentelade verwijderen ■ Afdekking optillen, naar voren trekken en zijwaarts naar buiten draaien. Afdekking van de groentelade en scheidingsplaat aanbrengen ~ Afb. ,
1. Afdekking van de groentelade
2. Scheidingsplaat aanbrengen.
3. Glasplaat aanbrengen.nl Luchtjes
Uittrekbare rails ~ Afb. + Uittrekbare rails demonteren
1. De rail uittrekken.
2. Vergrendeling in de richting van de
3. Uittrekbare rail losmaken van de
4. Uittrekbare rail in elkaar schuiven,
boven de achterste pen naar achteren schuiven en ontgrendelen. Uittrekbare rails monteren
1. Uittrekbare rail in uitgetrokken
toestand op de voorste pen zetten.
2. Uittrekbare rail om vast te klikken
iets naar voren trekken.
3. Uittrekbare rail op de achterste pen
4. Vergrendeling naar achteren
schuiven. l Luchtjes Lucht j es Als u onaangename luchtjes ruikt:
1. Apparaat uitschakelen met
2. Alle levensmiddelen uit het apparaat
5. Sterk ruikende levensmiddelen
luchtdicht verpakken om luchtjes te voorkomen.
6. Apparaat weer inschakelen.
7. Levensmiddelen inruimen.
8. Na 24 uur controleren of er opnieuw
luchtjes zijn ontstaan. 9 Verlichting Ver l i c h t i n g Het apparaat is voorzien van een onderhoudsvrije LED verlichting. Alleen de klantenservice of een geautoriseerde vakman mag de verlichting repareren. > Geluiden Geluiden Normale geluiden Brommen: Er loopt een motor, bijv. koelaggregaat, ventilator. Borrelen, zoemen of gorgelen: Koelmiddel stroomt door de buizen. Klikgeluiden: Motor, schakelaar of magneetventielen schakelen in/uit. Gekraak: automatische ontdooiing wordt uitgevoerd. Voorkomen van geluiden Het apparaat staat niet waterpas: Het apparaat met behulp van een waterpas stellen. Indien nodig er iets onderleggen. Lades, legplateaus of flessenrekken wiebelen of klemmen: Uitneembare uitrustingsonderdelen controleren en eventueel opnieuw aanbrengen. Flessen of serviesgoed raken elkaar: Flessen of schalen uit elkaar zetten.Storingen, wat te doen? nl
3 Storingen, wat te doen? St or i ngen, wa t te doen? Controleer aan de hand van deze tabel of u de storing zelf kunt verhelpen, voordat u de klantenservice belt.
De temperatuur wijkt erg af van de instelling. Apparaat 5 minuten uitschakelen. ~ "Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen" op pagina 77 Wanneer de temperatuur te hoog is, de temperatuur na een paar uur opnieuw controleren. Wanneer de temperatuur te laag is, de temperatuur de volgende dag opnieuw controleren. Geen enkele indicatie brandt. De stekker zit niet goed in het stopcontact. Stekker in het stopcontact steken. De zekering is geactiveerd. Zekeringen controleren. De stroom is uitgevallen. Controleren of er stroom is. De indicatie geeft E... aan. De elektronica heeft een fout geconstateerd. Contact opnemen met de servicedienst. ~ "Servicedienst" op pagina 84 Het apparaat koelt niet, de indicatie en verlichting branden. Presentatielicht ingeschakeld. Zelftest starten. ~ "Zelftest apparaat" op pagina 84 Na afloop van het programma schakelt het apparaat weer over op het normale gebruik. Het is te warm of koud in het verskoelvak. De standaardinstelling is te hoog of te laag inge- steld (bijv. bij vorst in het verskoelvak). U kunt de temperatuur in het verskoelvak 3 standen warmer of kouder instellen. Als de temperatuur in het koelvak op stand 0 is ingesteld, heeft het vers- koelvak een temperatuur van omstreeks 0 °C.
1. Toets super Vriesvak indrukken en ingedrukt
houden totdat de indicatie Temperatuur koelvak knippert.
2. Toets ¾ / ¿ indrukken om de instelling te wijzi-
gen. Stand –3 is de koudste instelling. Stand +3 is de warmste instelling. Na een minuut wordt de ingestelde stand opge- slagen.nl Servicedienst
4 Servicedienst Servicedienst Als het u niet lukt om de storing zelf te verhelpen, kunt u contact opnemen met onze klantenservice. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om een onnodig bezoek van de monteur te voorkomen. De contactgegevens van de dichtstbijzijnde Servicedienst vindt u hier of in de lijst met Servicedienstadressen. Vermeld bij het telefoongesprek a.u.b. het fabrikaatnummer (E-Nr.) en het productnummer (FD), die u op het typeplaatje vindt. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 76 Vertrouw op de competentie van de fabrikant. U bent er dan van verzekerd dat de reparatie door ervaren technici wordt uitgevoerd die gebruik maken van de originele reserveonderdelen voor uw apparaat. Zelftest apparaat Uw apparaat beschikt over een zelftestprogramma dat fouten aangeeft, die uw klantenservice kan verhelpen.
1. Apparaat uitschakelen en 5 minuten
het inschakelen de toets super koelvak 3 ... 5 seconden indrukken en ingedrukt houden tot er een geluidssignaal klinkt. Het zelftestprogramma start. Terwijl de zelftest wordt uitgevoerd, klinkt ondertussen een lang geluidssignaal. ■ Als na afloop van de zelftest 2 geluidssignalen klinken en de ingestelde temperatuur wordt weergegeven: uw apparaat is in orde. ■ Als na afloop van de zelftest 5 geluidssignalen klinken en de toets super Koelvak 10 seconden knippert: contact opnemen met de Service. Na afloop van het programma schakelt het apparaat weer over op het normale gebruik. Verzoek om reparatie en advies bij storingen De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen. Garantie Meer informatie over de garantieperiode en de garantievoorwaarden in uw land zijn verkrijgbaar bij uw klantenservice, uw speciaalzaak en op onze website. NL 088 424 4010 B 070 222 141666666!
Notice-Facile