SIEMENS GI11VAD30H - Vriezer

GI11VAD30H - Vriezer SIEMENS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis GI11VAD30H SIEMENS in PDF-formaat.

📄 93 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag 🖨️ Afdrukken
Notice SIEMENS GI11VAD30H - page 71
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE English EN Italiano IT Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : SIEMENS

Model : GI11VAD30H

Categorie : Vriezer

Download de handleiding voor uw Vriezer in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GI11VAD30H - SIEMENS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GI11VAD30H van het merk SIEMENS.

GEBRUIKSAANWIJZING GI11VAD30H SIEMENS

  • nl Inhoud nl Gebruiksaanwijzing ( Veiligheidsvoorschriften p. 71
  • Over deze gebruiksaanwijzing p. 71
  • Kans op explosie p. 71
  • Gevaar voor een elektrische schok p. 71
  • Verbrandingsgevaar door kou p. 71
  • Risico op letsel p. 72
  • Gevaren door of van het koelmiddel p. 72
  • Vermijden van risico's voor kinderen en kwetsbare personen p. 72
  • Materiële schade p. 73
  • Gewicht p. 73
  • 8 Correct gebruik van het apparaat p. 73
  • 7 Milieubescherming p. 73
  • Verpakking p. 73
  • Oude apparaten p. 74
  • 5 Installeren en aansluiten p. 74
  • Inhoud van de verpakking p. 74
  • Technische gegevens p. 74
  • Apparaat installeren p. 75
  • Nisdiepte p. 75
  • Side-by-side- opstelling p. 75
  • Over and under Opstelling p. 75
  • Energie besparen p. 76
  • Voor het eerste gebruik p. 77
  • Elektrische aansluiting p. 77

Veiligheidsvoorschriften Vei l i ghei ds voor sc hr i f t en Dit apparaat voldoet aan de geldende veiligheidsbepalingen voor elektrische apparatuur en het is radio-ontstoord. Het koelcircuit is op dichtheid gecontroleerd. Over deze gebruiksaanwijzing ■ Lees de gebruiksaanwijzing en de montagehandleiding en neem deze in acht. U vindt daarin belangrijke informatie over plaatsing, gebruik en onderhoud van het apparaat. ■ De fabrikant is niet aansprakelijk wanneer u de aanwijzingen en waarschuwingen in de gebruiksaanwijzing en de montagehandleiding negeert. ■ Bewaar alle documenten voor later gebruik en voor eventuele volgende eigenaars. Kans op explosie ■ Gebruik nooit elektrische apparaten in het apparaat (bijv. verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders). ■ Geen producten met brandbare drijfgassen (bijv. spuitbussen) en geen explosieve stoffen in het apparaat opslaan. ■ Dranken met een hoog alcoholpercentage altijd goed afgesloten en staand bewaren. Gevaar voor een elektrische schok Onvakkundige installatie en reparaties kunnen groot gevaar opleveren voor de gebruiker van het apparaat. ■ Bij een beschadigd aansluitsnoer: Maak het apparaat direct los van het stroomnet. ■ Gebruik geen meervoudige stopcontacten, verlengsnoeren of adapters. ■ Het apparaat uitsluitend laten repareren door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon. ■ Gebruik alleen originele onderdelen van de fabrikant. De fabrikant garandeert dat deze onderdelen voldoen aan de veiligheidseisen. Verbrandingsgevaar door kou ■ Diepvrieswaren nadat u ze uit het vriesvak hebt gehaald, nooit onmiddellijk in de mond nemen. ■ Voorkom dat de huid langdurig in contact komt met diepvrieswaren, ijs en de buizen in het vriesvak.nl Veiligheidsvoorschriften

Risico op letsel Flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank kunnen barsten. Geen flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank in het vriesvak bewaren. Gevaren door of van het koelmiddel Door de leidingen van het koelcircuit stroomt een kleine hoeveelheid milieuvriendelijk, maar brandbaar koelmiddel (R600a). Dit is niet schadelijk voor de ozonlaag en verhoogt het broeikaseffect niet. Vrijkomend koelmiddel kan echter oogletsel veroorzaken of vlam vatten. ■ Leidingen niet beschadigen. Bij beschadiging van de leidingen: ■ Vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat houden. ■ De ruimte ventileren. ■ Het apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken. ■ Contact opnemen met de servicedienst. Vermijden van risico's voor kinderen en kwetsbare personen Er bestaat gevaar voor: ■ kinderen; ■ personen met lichamelijke, geestelijke of zintuiglijke beperkingen; ■ personen die onvoldoende kennis hebben over de veilige bediening van het apparaat. Maatregelen: ■ Zorg dat kinderen en kwetsbare personen begrijpen wat de gevaren zijn. ■ Een voor de veiligheid verantwoordelijke persoon moet toezicht houden op kinderen en kwetsbare personen bij het apparaat of hen instrueren. ■ Alleen kinderen vanaf 8 jaar het apparaat laten gebruiken. ■ Bij reiniging en onderhoud toezicht houden op kinderen. ■ Laat kinderen nooit met het apparaat spelen.Bestemming van het apparaat nl

Kans op stikken ■ Bij een apparaat met deurslot: Sleutel buiten bereik van kinderen opbergen. ■ Verpakkingsmateriaal en onderdelen van het apparaat zijn geen speelgoed voor kinderen. Materiële schade Om materiële schade te voorkomen: ■ Niet op de sokkel, uitschuifdelen of deuren staan of leunen. ■ Kunststof onderdelen en deurafdichtingen olie- en vetvrij houden. ■ Aan de stekker trekken – niet aan de aansluitkabel. Gewicht Houd er bij plaatsing en transport van het apparaat rekening mee dat het apparaat erg zwaar kan zijn. ~ "De juiste opstelplaats" op pagina 75 8 Correct gebruik van het apparaat Be s t e mming van het appar aat Gebruik dit apparaat ■ uitsluitend voor het invriezen van levensmiddelen en voor ijsbereiding. ■ uitsluitend voor privégebruik en huishoudelijk gebruik. ■ uitsluitend volgens deze gebruiksaanwijzing. Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 2.000 meter boven zeeniveau. 7 Milieubescherming Milieubescherming Verpakking Alle materialen zijn onschadelijk voor het milieu en kunnen hergebruikt worden. ■ Zorg dat de verpakking milieuvriendelijk wordt afgevoerd. ■ Informatie over het afvoeren van afval en het oude apparaat kunt u opvragen bij uw speciaalzaak of bij de gemeente.nl Installeren en aansluiten

Oude apparaten Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen. :Waarschuwing Kinderen kunnen zichzelf in het apparaat opsluiten en stikken! ■ Legplateaus en lades niet uit het apparaat nemen, om te voorkomen dat kinderen in het apparaat kruipen. ■ Kinderen uit de buurt van een afgedankt apparaat houden. Attentie! Er kan koelmiddel en schadelijk gas vrijkomen. Buizen van de koelmiddelkringloop en isolatie niet beschadigen.

1. Stekker uit het stopcontact halen.2. Aansluitsnoer doorknippen.3. Apparaat op deskundige wijze laten

afvoeren. Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten. 5 Installeren en aansluiten Install eren en aansl ui t en Inhoud van de verpakking Controleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade. Voor klachten kunt u terecht bij de winkel waar u het apparaat hebt aangeschaft of bij onze servicedienst. ~ "Servicedienst" op pagina 87 De levering bestaat uit de volgende onderdelen: ■ Inbouwapparaat■ Uitrusting (modelafhankelijk)■ Montagemateriaal■ Gebruiksaanwijzing■ Installatievoorschrift■ Klantenserviceboekje■ Garantiebijlage■ Informatie over energieverbruik en geluiden Technische gegevens Koelmiddel, netto inhoud van het apparaat en andere technische gegevens vindt u op het typeplaatje. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 78 Installeren en aansluiten nl

  • Apparaat installeren De juiste opstelplaats Hoe meer koelmiddel het apparaat bevat, des te groter moet de ruimte zijn waarin het apparaat wordt opgesteld. In een te kleine ruimte kan bij een lek een ontvlambaar mengsel van gas en lucht ontstaan. Per 8 g koelmiddel moet het vertrek minstens 1 m³ groot zijn. De hoeveelheid koelmiddel in uw apparaat vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 78 Het gewicht van het apparaat kan afhankelijk van het model tot 40 kg bedragen. Toegestane omgevingstemperatuur De toegestane binnentemperatuur is afhankelijk van de klimaatklasse van het apparaat. Informatie over de klimaatklasse vindt u op het typeplaatje. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 78 Het apparaat is volledig functioneel binnen de toegestane binnentemperatuur. Wanneer een apparaat uit klimaatklasse SN wordt gebruikt bij een lagere binnentemperatuur, kunnen beschadigingen aan het apparaat worden uitgesloten tot een binnentemperatuur van +5 °C. Nisdiepte Voor het apparaat wordt een nisdiepte van 56 cm aanbevolen. Bij een kleinere nisdiepte – minstens 55 cm – wordt het energieverbruik iets hoger. Side-by-side- opstelling De apparaten mogen slechts met een minimale tussenafstand van 15 cm naast elkaar worden opgesteld. Over and under Opstelling Boven uw apparaat kunt u nog een koelapparaat opstellen. Klimaatklasse Toegestane omgevings- temperatuur SN +10 °C p. 32
  • °C N +16 °C p. 32
  • °C ST +16 °C p. 38
  • °C T +16 °C °Cnl Installeren en aansluiten p. 43

Energie besparen Wanneer u de volgende aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom. Aanwijzing: De plaatsing van de uitrustingsonderdelen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat.

Apparaat installeren Apparaat niet blootstellen aan direct zonlicht. Bij een lage omgevingstemperatuur hoeft het appa- raat minder vaak te koelen en verbruikt daardoor minder stroom. Het apparaat zo ver mogelijk van radiatoren, fornuis en andere warmtebronnen plaatsen: Naast elektrische of gasfornuizen: 3 cm. Naast een cv-installatie: 30 cm. Aanwijzing: Als dat niet mogelijk is een isolatie- plaat aanbrengen tussen het apparaat en de warmte- bron. Een opstelplaats met een binnentemperatuur van ca. 20 °C kiezen. Een nisdiepte van 56 cm aanhouden. Attentie! Gevaar voor verbranding! Sommige onderdelen van het apparaat worden tij- dens het gebruik heet. Aanraking van deze onderde- len kan brandwonden veroorzaken. De lucht bij de achterwand van het apparaat wordt niet zo warm. Het apparaat verbruikt minder stroom wanneer de warme lucht kan wegtrekken. Ventilatieopeningen niet afdekken of versperren. De ruimte dagelijks luchten. Gebruik van het apparaat Deur van het apparaat slechts kort openen. De lucht in het apparaat wordt niet veel warmer. Het apparaat hoeft minder vaak te koelen en verbruikt daardoor minder stroom. Gekochte levensmiddelen in een koeltas transporte- ren en snel in het apparaat leggen. Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen. Diepvrieswaren ter ontdooiing in het koelvak leggen, om de kou van de diepvrieswaren te benutten. Altijd wat ruimte openlaten tussen de levensmidde- len en de achterwand. De lucht kan circuleren en de luchtvochtigheid blijft constant. Het apparaat hoeft minder vaak te koelen en verbruikt daardoor minder stroom. Levensmiddelen luchtdicht verpakken. Achterkant van het apparaat eenmaal per jaar schoon zuigen. De lucht bij de achterwand van het apparaat wordt niet zo warm. Het apparaat verbruikt minder stroom wanneer de warme lucht kan wegtrekken. Ventilatieopeningen niet afdekken of versperren.Installeren en aansluiten nl

Voor het eerste gebruik

1. Infomateriaal eruit nemen en zowel

plakband als beschermfolie verwijderen.

2. Apparaat schoonmaken.

~ "Schoonmaken" op pagina 85 Elektrische aansluiting Attentie! Het apparaat niet aansluiten op een elektronische electronische energiebesparende stekker. Aanwijzing: U kunt het apparaat aansluiten op netvoedingsinverters en sinusinverters. Netvoedingsinverters worden gebruikt bij fotovoltaïsche installaties met rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet. Bij losstaande systemen dient u sinusinverters gebruiken. Losstaande systemen, bijv. op schepen of in berghutten, hebben geen rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet.

1. Na plaatsing van het apparaat

minstens 1 uur wachten met aansluiten, om beschadiging van de compressor te voorkomen.

2. Het apparaat aansluiten op een

volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact. Het stopcontact moet voldoen aan de volgende voorwaarden: Buiten Europa: controleren of de vermelde stroomsoort van het apparaat overeenkomt met de waarden van uw elektriciteitsnet. De gegevens van het apparaat staan op het typeplaatje. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 78

3. Sluit het apparaat aan op een

stopcontact in de buurt van het apparaat. Het stopcontact moet ook na het opstellen van het apparaat goed bereikbaar zijn. :Waarschuwing Gevaar voor een elektrische schok! Indien het aansluitsnoer niet lang genoeg is, mag u in geen geval meervoudige stopcontacten of verlengsnoeren gebruiken.Neem in plaats daarvan contact op met de klantenservice voor alternatieve oplossingen. Stopcontact met 220 V ... 240 V Aardleiding 50 Hz Zekering 10A ... 16 Anl Het apparaat leren kennen

  • Het apparaat leren kennen He t appa r aat leren kennen Klap het laatste blad met afbeeldingen open. Afhankelijk van de uitrusting kunnen er verschillen zijn tussen uw apparaat en de afbeeldingen. Apparaat ~ Afb. !
  • Niet bij alle modellen. Bedieningselementen ~ Afb. " Uitrusting (niet bij alle modellen) Legplateau ~ Afb. # U kunt het legplateau variëren: ■ Legplateau eruit trekken en verwijderen. Reservoir ~ Afb. $ U kunt de lade verwijderen: ■ Reservoir tot aan de aanslag uittrekken, vooraan optillen en verwijderen. Diepvrieskalender ~ Afb. !/X* De vrieskalender geeft de maximale bewaartijd in maanden aan bij een constante temperatuur van –18 °C. (...@ Bedieningselementen H Diepvrieslade P Diepvrieslade (groot) X* Diepvrieskalender ` Legplateau h Typeplaatje ( Toets # Schakelt het apparaat in of uit. 0 Indicatie temperatuur diepvriesvak Toont de ingestelde temperatuur in °C. 8 Indicatie super Brandt als het supervriessysteem is ingeschakeld. @ Toets °C vriesvak Stelt de temperatuur van het vriesvak in.Apparaat bedienen nl

IJsbakje U kunt ijsblokjes maken:

1. Het ijsbakje voor 3/4 met water

vullen en in het vriesvak zetten zetten. Aanwijzing: Het vastgevroren ijsbakje alleen met een bot voorwerp losmaken (bijv. steel van een lepel).

2. Om de ijsblokjes los te maken:

het ijsbakje iets verbuigen of kort onder stromend water houden. Koude-accu Bij stroomuitval of een storing: ■ Het koelelement zorgt ervoor dat de opgeslagen diepvrieswaren langzamer opwarmen. Aanwijzing: De bewaartijd is het langst wanneer u het koelelement in het bovenste vak op de levensmiddelen legt. U kunt het koelelement uit het vriesvak nemen om er tijdelijk levensmiddelen te koelen, bijv. in een koeltas. 1 Apparaat bedienen Appar aat bedi enen Apparaat inschakelen

1. Toets # indrukken.

Het apparaat begint te koelen.

2. De gewenste temperatuur instellen.

~ "Temperatuur instellen" op pagina 80 Opmerkingen bij/voor het gebruik ■ Na het inschakelen kan het een aantal uren duren voordat de ingestelde temperaturen zijn bereikt. Geen levensmiddelen inruimen voordat de ingestelde temperatuur is bereikt. ■ De voorzijde van het apparaat achter de deur wordt gedeeltelijk licht verwarmd waardoor de vorming van condenswater in de buurt van de deurafdichting wordt voorkomen. ■ Wanneer de deur van de diepvriesruimte na het sluiten niet direct weer geopend kan worden, dient u even te wachten tot de onderdruk is verdwenen. Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen Apparaat uitschakelen ■ Toets # indrukken. Het apparaat koelt niet meer. Apparaat buiten werking stellen Als u het apparaat langere tijd niet gebruikt:

1. Toets # indrukken.

Het apparaat koelt niet meer.

2. De stekker uit het stopcontact

trekken of de zekering uitschakelen.

Temperatuur instellen Aanbevolen temperatuur Vriesvak ■ Toets °C meermaals indrukken tot de gewenste temperatuur verschijnt op de display. Supervriezen Automatisch supervriezen Het automatische supervriezen schakelt bij het inruimen van warme levensmiddelen automatisch in. Bij het automatische supervriezen koelt het vriesvak op een aanzienlijk lagere temperatuur dan bij de normale werking. Door het supervriezen worden levensmiddelen snel tot in de kern diepgevroren. Aanwijzing: Als het automatische supervriezen ingeschakeld is, brandt de indicatie super en kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen. Na afloop van het automatische supervriezen schakelt het apparaat over op de normale werking. Automatisch supervriezen handmatig annuleren: ■ Toets °C zo vaak indrukken tot de indicatie temperatuur vriesvak de gewenste temperatuur aangeeft. Handmatig supervriezen Bij het handmatig supervriezen koelt het vriesvak op een zo laag mogelijke temperatuur. Het supervriezen inschakelen bijv.: ■ om levensmiddelen snel tot in de kern in te vriezen ■ 4 ... 6 uur vóór opslag van een levensmiddelhoeveelheid vanaf 2 kg ■ om het max. vriesvermogen te benutten ~ "Maximale invriescapaciteit" op pagina 82 Aanwijzing: Als het supervriezen ingeschakeld is, kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen. Na ca. 2 ^ dag schakelt het apparaat over op het normale werking. Supervriezen in-/uitschakelen: ■ Toets °C indrukken. Als het supervriezen ingeschakeld is, brandt de indicatie super. Vriesvak: –18 °CAlarm nl

M Alarm Al a r m Deuralarm Het deuralarm (aanhoudend geluidssignaal) wordt ingeschakeld wanneer de deur van het apparaat langer dan een minuut openstaat. ■ Deur sluiten of toets °C indrukken. Het alarmsignaal wordt uitgeschakeld. Temperatuuralarm Wanneer het te warm wordt in het vriesvak, wordt het temperatuuralarm (intervaltoon) geactiveerd. Attentie! Bij het ontdooien kan er bacterievorming ontstaan en kunnen de diepvrieswaren bederven Half of geheel ontdooide diepvrieswaren niet opnieuw invriezen. Het voedsel pas na het koken of braden opnieuw invriezen. De maximale bewaartijd niet meer ten volle benutten. Aanwijzing: In de volgende gevallen kan een alarmsignaal klinken zonder dat er gevaar voor de diepvrieswaren bestaat: ■ Het apparaat wordt in gebruik genomen. ■ Er worden grote hoeveelheden verse levensmiddelen ingeruimd. ■ De deur van het vriesvak staat te lang open. Waarschuwingssignaal uitschakelen: ■ Toets °C indrukken. De indicatie geeft weer de ingestelde temperatuur aan. W Vriesvak Vr i e s v a k Het vriesvak is geschikt voor: ■ bewaren van diepvriesproducten; ■ maken van ijsblokjes; ■ om levensmiddelen in te vriezen. De temperatuur is instelbaar van –16 °C ... –24 °C. Door diepvriesopslag kunt u bederfelijke levensmiddelen vrijwel zonder kwaliteitsafname langdurig bewaren, omdat de lage temperatuur het bederf sterk vertraagt of stopzet. Het uiterlijk, het aroma en alle belangrijke inhoudsstoffen blijven grotendeels behouden. Langdurig bewaren van levensmiddelen moet op een temperatuur van –18 °C of lager gebeuren. De tijd die nodig is om verse levensmiddelen volledig diep te vriezen is afhankelijk van de volgende factoren: ■ ingestelde temperatuur ■ soort levensmiddel ■ vulling van het vriesvak ■ bewaarde hoeveelheid en soort levensmiddelen Kleinere hoeveelheden levensmiddelen inruimen Levensmiddelen inruimen: ■ in de bovenste diepvrieslade ■ rechtsbuiten beginnend ■ over een breed vlak Zo worden deze het snelst diepgevroren.nl Vriesvak

Maximale invriescapaciteit Het maximum vriesvermogen geeft de hoeveelheid levensmiddelen aan die in 24 uur tot in de kern kunnen worden ingevroren. Gegevens over de maximale invriescapaciteit vindt u op het typeplaatje. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 78 Om het maximale vriesvermogen te benutten, het supervriezen inschakelen 24 uur voordat de verse levensmiddelen worden ingeruimd. Voorwaarden voor max. invriesvermogen

1. Circa 24 uur voordat u verse waar

inruimt: supervriezen inschakelen. ~ "Handmatig supervriezen" op pagina 80

2. Houders uit het vriesvak nemen en

de levensmiddelen rechtstreeks op de legplateaus en de vriesvakbodem stapelen.

3. Eerst het bovenste vak vullen met

levensmiddelen. Daar worden ze het snelst diepgevroren. Vriesvermogen volledig benutten Om de maximale hoeveelheid diepvrieswaren onder te brengen: ■ Alle uitrustingsdelen verwijderen. ■ Levensmiddelen rechtstreeks op de legplateaus en de bodem van het vriesvak leggen. Inkopen van diepvriesproducten ■ Op onbeschadigde verpakking letten. ■ Houdbaarheidsdatum niet overschrijden. ■ De temperatuur in de supermarktvriezer moet –18 °C of kouder zijn. ■ De diepvriesproducten liefst in een koeltas transporteren en snel in het vriesvak leggen. Attentie bij het inruimen ■ Grote hoeveelheden levensmiddelen invriezen in het bovenste vak. Daar worden ze bijzonder snel en behoedzaam ingevroren. ■ Levensmiddelen uitgespreid in de vakken of diepvrieslades leggen. ■ In te vriezen levensmiddelen niet in aanraking brengen met ingevroren levensmiddelen. Tot in de kern bevroren levensmiddelen eventueel in de diepvrieslades omstapelen. ■ Belangrijk voor een goede luchtcirculatie in het apparaat: Diepvrieslade tot aan de aanslag inschuiven.Vriesvak nl

Verse levensmiddelen invriezen Uitsluitend verse en onberispelijke levenmiddelen invriezen. Levensmiddelen die gekookt, gebraden of gebakken worden geconsumeerd, zijn geschikter voor invriezen dan levensmiddelen die rauw worden gegeten. Om voedingswaarde, aroma en kleur zo goed mogelijk te behouden, dienen de levensmiddelen voorbereid te worden: ■ Groente: wassen, kleiner maken, blancheren. ■ Fruit: wassen, ontpitten en eventueel schillen, eventueel suiker of ascorbinezuuroplossing toevoegen. Aanwijzingen daarover vindt u in de desbetreffende literatuur. Geschikt voor invriezen ■ brood en banket; ■ vis en zeevruchten; ■ vlees; ■ wild en gevogelte; ■ groente, fruit en kruiden; ■ eieren zonder schaal; ■ melkproducten, bijv. kaas, boter en kwark; ■ bereide gerechten en kliekjes, zoals soep, stoofschotels, gaar vlees en gare vis, aardappelgerechten, ovenschotels en zoete toetjes. Niet geschikt om in te vriezen ■ groentesoorten die meestal rauw worden gegeten, zoals kropsla en radijsjes; ■ ongepelde of hardgekookte eieren; ■ wijndruiven/druiven; ■ hele appels, peren en perziken; ■ yoghurt, dikke zure melk, zure room, crème fraîche en mayonaise. Diepvrieswaren verpakken De juiste verpakking en materiaalkeuze bepalen in belangrijke mate het behoud van de productkwaliteit en het voorkomen van vriesbrand.

2. Lucht eruit drukken.

3. Verpakking luchtdicht afsluiten om te

voorkomen dat de levensmiddelen hun smaak verliezen of uitdrogen.

4. Vermeld op de pakjes inhoud en

Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij –18 °C Ontdooien van diepvrieswaren De ontdooimethode dient te worden aangepast aan het levensmiddel en het gebruiksdoel, om de productkwaliteit zo goed mogelijk te behouden. Ontdooimethoden: ■ in het koelvak (vooral geschikt voor dierlijke levensmiddelen zoals vis, vlees, kaas, kwark) ■ op kamertemperatuur (brood)■ magnetron (levensmiddelen voor directe consumptie of directe toebereiding) ■ oven/fornuis (levensmiddelen voor directe consumptie of directe toebereiding) Attentie! Half of geheel ontdooide diepvrieswaren niet opnieuw invriezen. Pas nadat het is verwerkt tot een panklaar gerecht (gekookt of gebraden), kunt u het opnieuw invriezen. De maximale opslagtijd van het diepvrieswaren niet meer volledig benutten. = Ontdooien Ont dooi en Vriesvak Omdat de diepvrieswaren niet mogen ontdooien, wordt het vriesvak niet automatisch ontdooid. Een laag rijp of ijs in het vriesvak vermindert de afgifte van koude aan de diepvrieswaren en verhoogt het energieverbruik. ■ De laag rijp of ijs regelmatig verwijderen. Attentie! Schade aan de leidingen van het koelcircuit voorkomen. Vrijkomend koelmiddel kan oogletsel veroorzaken of vlam vatten. ■ Een laag rijp of ijs niet met een mes of een scherp voorwerp afschrapen. Ga als volgt te werk:

1. Ca. 4 uur voor het ontdooien het

supervriezen inschakelen. De levensmiddelen worden daardoor tot zeer lage temperaturen afgekoeld, zodat u deze langer op kamertemperatuur kunt bewaren.

2. Diepvrieswaren verwijderen en

tussentijds op een koele plaats bewaren.

3. Apparaat uitschakelen.

4. De stekker uit het stopcontact

trekken of de zekering uitschakelen.

5. Om het ontdooiproces te versnellen:

een pan met heet water op een onderzetter in het vriesvak zetten.

6. Met een doek of spons het

7. Vriesvak droog wrijven.

8. Apparaat inschakelen.

9. Diepvrieswaren in het diepvriesvak

leggen. Vis, worst, klaargemaakte gerechten, brood en banket: tot 6 maanden Vlees, gevogelte: tot 8 maanden Groente, fruit: tot 12 maandenSchoonmaken nl

D Schoonmaken Schoonmaken Attentie! Beschadiging van het apparaat en de uitrustingsonderdelen vermijden. ■ Gebruik geen schoonmaak of oplosmiddelen die zand, chloride of zuren bevatten. ■ Geen schurende of krassende sponsjes gebruiken. Op de metalen oppervlakken kan corrosie ontstaan. ■ De legplateaus en voorraadvakken mogen niet in de afwasautomaat gereinigd worden. Ze kunnen vervormen. Ga als volgt te werk:

1. Apparaat uitschakelen.

2. De stekker uit het stopcontact

trekken of de zekering uitschakelen.

3. Levensmiddelen eruit halen en op

een koele plaats bewaren. De koude-accu (indien aanwezig) op de levensmiddelen leggen.

4. Indien aanwezig: Wachten tot de

rijplaag is ontdooid.

5. Het apparaat schoonmaken met

een zachte doek en lauw water met een scheutje pH-neutraal afwasmiddel.

6. Deurafdichting afvegen met schoon

water en goed afdrogen.

7. Apparaat weer aansluiten,

inschakelen en levensmiddelen inruimen. Schoonmaken van het interieur De variabele onderdelen uit het apparaat nemen. ~ "Uitrusting" op pagina 78 > Geluiden Gel ui den Normale geluiden Aanwijzing: Als het automatisch of handmatig supervriezen is ingeschakeld, kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen. Brommen: Er loopt een motor, bijv. koelaggregaat, ventilator. Borrelen, zoemen of gorgelen: Koelmiddel stroomt door de buizen. Klikgeluiden: Motor, schakelaar of magneetventielen schakelen in/uit. Voorkomen van geluiden Het apparaat staat niet waterpas: Het apparaat met behulp van een waterpas stellen. Indien nodig er iets onderleggen. Lades, legplateaus of flessenrekken wiebelen of klemmen: Uitneembare uitrustingsonderdelen controleren en eventueel opnieuw aanbrengen.nl Storingen, wat te doen?

3 Storingen, wat te doen? St or i ngen, wa t te doen? Controleer aan de hand van deze tabel of u de storing zelf kunt verhelpen, voordat u de klantenservice belt.

De temperatuur wijkt erg af van de instelling. Apparaat 5 minuten uitschakelen. ~ "Apparaat uitschakelen en buiten werking stellen" op pagina 79 Wanneer de temperatuur te hoog is, de temperatuur na een paar uur opnieuw controleren. Wanneer de temperatuur te laag is, de temperatuur de volgende dag opnieuw controleren. Geen enkele indicatie brandt. De stekker zit niet goed in het stopcontact. Stekker in het stopcontact steken. De zekering is geactiveerd. Zekeringen controleren. De stroom is uitgevallen. Controleren of er stroom is. De indicatie knippert en het alarmsignaal klinkt. Toets °C indrukken. Het alarm is uitgeschakeld. De deur van het apparaat is open. Apparaatdeur sluiten. De be- en ontluchtingsopeningen zijn afgedekt. De beluchtings- en ontluchtingsopeningen vrijma- ken. Er zijn grote hoeveelheden verse levensmiddelen opgeslagen. Maximaal invriesvermogen niet overschrijden. Het apparaat koelt niet, de indicatie en verlichting branden. Presentatielicht ingeschakeld. Zelftest starten. ~ "Zelftest apparaat" op pagina 87 Na afloop van het programma schakelt het apparaat weer over op het normale gebruik.Servicedienst nl

4 Servicedienst Ser vi cedi enst Als het u niet lukt om de storing zelf te verhelpen, kunt u contact opnemen met onze klantenservice. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om een onnodig bezoek van de monteur te voorkomen. De contactgegevens van de dichtstbijzijnde Servicedienst vindt u hier of in de lijst met Servicedienstadressen. Vermeld bij het telefoongesprek a.u.b. het fabrikaatnummer (E-Nr.) en het productnummer (FD), die u op het typeplaatje vindt. ~ "Het apparaat leren kennen" op pagina 78 Vertrouw op de competentie van de fabrikant. U bent er dan van verzekerd dat de reparatie door ervaren technici wordt uitgevoerd die gebruik maken van de originele reserveonderdelen voor uw apparaat. Zelftest apparaat Uw apparaat beschikt over een zelftestprogramma dat fouten aangeeft, die uw klantenservice kan verhelpen.

1. Apparaat uitschakelen en 5 minuten

het inschakelen de toets °C gedurende 3 ... 5 seconden indrukken en ingedrukt houden totdat de indicatie Temperatuur vriesvak –24 °C aangeeft en er een geluidssignaal klinkt. De zelftest start wanneer de temperatuurindicaties na elkaar gaan branden. Terwijl de zelftest wordt uitgevoerd, klinkt ondertussen een lang geluidssignaal. ■ Als na afloop van de zelftest 2 geluidssignalen klinken en de ingestelde temperatuur weer wordt weergegeven: uw apparaat is in orde. ■ Als er 5 geluidssignalen klinken en de indicatie super 10 seconden knippert: contact opnemen met de servicedienst. Na afloop van het programma schakelt het apparaat weer over op het normale gebruik. Aanwijzing: Als het vriesvak voorafgaand aan de zelftest warm was, wordt het temperatuuralarm (intervaltoon) geactiveerd. Verzoek om reparatie en advies bij storingen De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen. Garantie Meer informatie over de garantieperiode en de garantievoorwaarden in uw land zijn verkrijgbaar bij uw klantenservice, uw speciaalzaak en op onze website. NL 088 424 4020 B 070 222 142666!