C34 - Verwarming NESTOR MARTIN - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis C34 NESTOR MARTIN in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - C34 NESTOR MARTIN
Gebruikersvragen over C34 NESTOR MARTIN
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Verwarming in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding C34 - NESTOR MARTIN en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. C34 van het merk NESTOR MARTIN.
GEBRUIKSAANWIJZING C34 NESTOR MARTIN
GEBRUIKSAANWIJZING MODE D'EMPLOI

BE / FR II2E+3P
NL I2L
THERMIC DISTRIBUTION EUROPE SA/NV
VOIE AXIALE
B-5660 COUVIN
C34##3700A
BELGIË-NEDERLAND.....p 3 BELGIQUE-FRANCE.....p 20

| Model | A B C | D E | |||
| S34 | 631 mm | ∅ 97 int/125 ext | 752 mm | 395 mm | 614 mm |
| H34 | 649 mm | ∅ 97 int/125 ext | 717 mm | 371 mm | 580 mm |

text_image
A B C E D| Model | A B C | D E | |||
| R34 | 574 mm | ∅ 97 int/125 ext | 797 mm | 332 mm | 690 mm |
| C34 | 589 mm | ∅ 97 int/125 ext | 764 mm | 436 mm | 631 mm |
BELGIË-NEDERLAND
BE : 112E+3P
NL : 12L
NESTOR
MARTIN
THERMIC DISTRIBUTION EUROPE SA/NV
VOIE AXIALE
B-5660 COUVIN
GEBRUIKSAANWIJZING
S34
H34
R34
C34
GAS
BE/FR: 7550 W G20
6900 W G25
7770 W G31
NL: 6900 W G25
7770 W G31
Uw verwarmingstoestel werd met zorg gebouwd, zodat het u absolute voldoening en de beste service biedt.
- U hebt een zeer verstandige keuze gedaan.
- Het rendement van uw toestel zal afhangen van de correcte naleving van onderstaande aanwijzingen.
Voor de installatie controleren dat de locale distributie compatible is met de regeling van het toestel (gas categorie en gas druk)
UITRUSTING
- Dit toestel is uitgerust met de afsluiter MERTIK MAXITROL GV30 en met de waakvlam MERTIK MAXITROL G30-ZP1
HOE KRIJGT U TOEGANG TOT DE BINNENKANT VAN DE HAARD ?
- Open de deur met behulp van de handgreep links van de vuurhaard
- Sluit de deur vooraleer het toestel te gebruiken
Opmerking: het toestel mag niet worden gebruikt wanneer de imitatie houtblokken gebarsten zijn en op de brander rusten. het toestel mag niet worden gebruikt met open deur
HOE KRIJGT U TOEGANG TOT DE AFSLUITER ?
- De afsluiter bevindt zich achter de onderste deur van de haard. Om te openen, de linkerzijde van de onderste deur naar U toe trekken.
DE RUIT VERVANGEN
N.B.: het is verboden het toestel te laten werken wanneer de ruit gebarsten is. Open de deur zoals hierboven beschreven. Schroef de glasklemmen los en verwijder ze.
Plaats de nieuwe ruit. Vervang eventueel de dichtingen. Plaats de glasklemmen opnieuw. Niet te hard aanspannen.
VERVANGING VAN DE IMITATIE HOUTBLOKKEN
Open de deur van de vuurhaard, verwijder zo nodig de imitatie houtblokken en vervang ze door nieuwe.
Het is verboden een type houtblokken te gebruiken dat niet door de constructeur van de kachel is geleverd aangezien dit slecht kan zijn voor de verbranding. Het is onontbeerlijk de houtblokken correct te plaatsen. Opmerking : De eerste keer dat u de kachel aansteekt, ontstaat er altijd een brandlucht die na enkele uren volledig verdwenen moet zijn.
Na deze eerste ontsteking kan het nodig zijn om de ruit met een zachte vod en een standaardproduct voor het reiningen van ruiten schoon te maken.

- Leg ongeveer om de 2 à 3 cm een imitatie-gloeikool op de gaatjes van de brander.
- De achterste houtblok achter de twee voorziene plaatsen leggen.
- De zij-houtblok op de achterste houtblok leggen.
- De voorste houtblok in de 2 voorziene plaatsen plaatsen.
SPECIFICATIES (BE/FR)
| Gas Net druk | ∅ inject brander | Normaal vermogen | Beperkt vermogen nr waak. | ∅by-pass | ||
| Uur debiet | Brander druk Pa | Uur debiet | Brander druk Pa mm | |||
| G20H 2000 | 4 x 1.15 0 | 926 m ^3 | 1400 0,6 | 60 m ^3 | 730 27.2 - | |
| G25L 2500 | 4 x 1.15 | 1,004 m ^3 | 1770 0,7 | 38 m ^3 | 912 27.2 - | |
| G31 | 3700 | 4 x 0.77 | 0,367 m ^3 | 79 m ^3 | 1650 | 22.1 - |
SPECIFICATIES (NL)
| Gas Net druk | ∅ inject brander | Normaal vermogen | Beperkt vermogen nr waak. | ∅by-pass | ||
| Uur debiet | Brander druk Pa | Uur debiet | Brander druk Pa mm | |||
| G25L 2500 | 4 x 1.15 | 1,004 m^3 | 1770 0,738 m ^3 | 912 27.2 - | ||
| G31 | 5000 | 4 x 0.77 | 0,367 m^3 | 1650 | 22.1 - | |
G20 = rijk aardgas
G25 = aardgas Slochteren
G31 = propaan
N.B.: 1 mbar = 10 mm WK = 100 Pa. De toestellen zijn in de fabriek verzegeld voor werking op aardgas (G20 en G25).
∅ gasaansluiting: 14 "
GEBRUIKERS
INSTALLATIE
Het toestel moet aangesloten worden op een afvoerschoorsteen en moet daarom in de buurt van de schoorsteen geplaatst worden. Plaatsing en aansluiting vereisen vakkennis. Uw installateur zal erop toezien dat alles overeenkomstig de regels van de techniek en de veiligheid gebeurt. Hij zal de goede werking van het toestel volgens het type gas controleren. Om de convector op de leiding aan te sluiten, zal hij zeker geen rubberslang gebruiken, want om veiligheidsredenen is dit ten strengste verboden. De radiator moet op minstens 15 cm afstand van de achterwand en 20 cm van de zijwanden geplaatst worden. Indien deze wanden uit ontvlambaar materiaal bestaan, verdient het aanbeveling een geanodiseerde staalplaat (minstens 0,7 mm dik) van 600 mm breed en 800 mm hoog, op een afstand van 5 mm van de muur te plaatsen. Deze plaat moet recht tegenover de stralende delen van het toestel geplaatst worden. Het toestel moet op minstens 40 cm van alle brandbare materialen (gordijnen, overgordijnen, hout, ...) geplaatst worden.
INWERKINGSTELLING
Opdat het toestel er perfect zou blijven uitzien, moet u bij de eerste inwerkingstelling volgende voorzorgsmaatregelen treffen: vóór de ontsteking alle buitenonderdelen reinigen met een zacht sopje en met een zachte doek afvegen; terwijl het toestel opwarmt, de neerslag en condensatie die op de oppervlakken verschijnen regelmatig met een zachte en droge doek afvegen. De werking van de radiator wordt gestuurd door een thermostatische afsluiter.
VEILIGHEID
De waakvlam van de gasconvectoren is uitgerust met een thermo-elektrische veiligheid. Indien de waakvlam om een of andere reden uitgaat, wordt de gastoevoer naar de brander en de waakvlam automatisch afgesloten. Er kan dus geen onverbrand gas ontsnappen.
Het toestel moet dan opnieuw worden aangestoken om weer te kunnen werken. U doet er goed aan enkele minuten te wachten vooraleer de waakvlam opnieuw te ontsteken. Het toestel mag in geen geval binnen de drie minuten opnieuw aangestoken worden. Onze toestellen zijn voorzien van een kijkvenster met een ruit in vuurvast glas. Wanneer de ruit gebroken of gebarsten is, mag het toestel pas gebruikt worden nadat de herstelling is uitgevoerd. Uw toestel is uitgerust met een beveiliging (TTB) die de werking onderbreekt wanneer de afvoer van de verbrandingsprodukten niet correct verloopt. Bij onderbreking van de werking, het toestel laten rusten vooraleer het opnieuw aan te steken. Indien de werking herhaaldelijk onderbroken wordt, moet de installateur verwittigd worden.
ONDERHOUD
Enkele tips: om het vuil aan de buitenkant van de ruit te verwijderen, moet u het toestel uitzetten en wachten tot het volledig afgekoeld is. Gebruik een vochtige of in alcohol gedrenkte doek en laat drogen (als u alcohol gebruikt: tien minuten wachten vooraleer het toestel opnieuw aan te steken). De geëmailleerde en verchroomde onderdelen moeten koud gereinigd worden. Voor email moet u een vochtige, lichtjes in zeepwater gedrenkte spons gebruiken. Spoel en droog zorgvuldig af. Laat nooit vlekken van een zure vloeistof (azijn, citroen) op het email achter. Verwijder vetvlekken met heet water waaraan sodakristallen of een ander product dat geschikt is voor het onderhoud van email werd toegevoegd. Gebruik nooit bijtende of schurende producten of metaaldoekjes op de verchroomde of vergulde onderdelen, want deze zouden krassen kunnen veroorzaken. U hoeft niet te vrezen voor vuil aan de binnenkant van uw convector.
AANBEVELINGEN
Sluit het toestel alleen aan met behulp van metalen buizen. Het gebruik van een rubberslang is ten strengste verboden. Wanneer het toestel buiten werking gesteld is, moet u de afsluitkraan op de gasleiding sluiten. We herinneren eraan dat gaslekken gekenmerkt worden door een specifieke geur. Ga als volgt tewerk: sluit de hoofdtoevoerkraan; open deuren en vensters; controleer of geen enkele kraan open is gebleven. Indien deze handelingen onvoldoende blijken, moet u de gasmeter afsluiten en de installateur of de gasdienst verwittigen. Het is ten strengste verboden gaslekken door middel van een vlam op te sporen. De gasdichtheid van de leidingen moet met zeepwater of een speciaal, in de handel verkrijgbaar product gecontroleerd worden.
Belangrijk: Bij het binnenkomen in een ruimte waar een gasgeur hangt, is het van vitaal belang niet te roken, geen vlam te doen branden, geen schakelaar of eender welk ander elektrisch toestel te bedienen. Het vermogen van het toestel mag niet overschat worden ten opzichte van de te verwarmen ruimte.
GEEMAILLEERDE VERSIE
De barstjes die zich op een emailvlak kunnen voordoen en die haarscheurtjes worden genoemd, vormen in geen geval een fabricagefout.
Deze barstjes zijn het gevolg van een verschil van de uitzettingscoëfficiënt tussen het gietijzer en het email; ze zijn overigens geenszins schadelijk voor de kwaliteit van het email.
OPGELET VOOR UW VEILIGHEID
Laat uw toestel installeren door een geschoold vakman. Bij problemen neemt u rechtstreeks contact op met hem. Vraag hem naar originele NESTOR MARTIN-onderdelen. Opgelet voor namaak! Bij gebruik van het toestel in een kinderdagverblijf of een andere ruimte waar kinderen, ouderen en/of zieken verblijven, verdient het aanbeveling een beveiliging te voorzien om contact met de actieve oppervlakken te vermijden.
9
WERKING VAN HET TOESTEL
- Het ontsteken van de waakvlam.
Draai de bedieningsknop voorzichtig naar links tot de stoppositie.

De bedieningsknop indrukken en draaien tot op de stand kleine vlam en vervolgens een heen-en-terug beweging uitvoeren tussen de stand op kleine vlam en de stand O, totdat de waakvlam zich ontsteekt.

Nog enkele seconden de bedieningsknop ingedrukt houden (eventueel herbeginnen indien de waakvlam uitdooft).
Indien er geen vonk ontstaat : geleider, aansluiting van de ontsteker en van de ontstekingselectrode nagaan alsmede de ontstekingselectrode zelf.
10

Wanneer de waakvlam goed brandt, laat U de bedieningsknop zachtjes terugkomen en draait U hem vervolgens op de stand grote vlam.

De gewenste temperatuur bepaalt U met de thermostatische bedieningsknop.

- Hoe funktioneert de thermostaat?
Van 1 tot en met 6 : regelbare temperatuur op thermostaat (draaien in omgekeerde richting van het uurwerk). Op elk van deze posities bepaalt de thermostaat automatisch de werking van het apparaat om een bepaalde temperatuur te handhaven.
Na wat ervaring, zult U heel vlug bepalen welke positie U het best past. De thermostaat bepaalt de gang van de brander tussen maximum-minimum-stop volgens dat de temperatuur van het lokaal onder, gelijk of boven de gekozen temperatuur ligt.
C34##3700A
11
Opmerking : De waakvlam mag altijd blijven branden, zodat U op elk moment uw apparaat weer kunt laten functioneren met een maximum aan beschikbare kalorieën in een minimum aan tijd zodat uw verbruik altijd afhankelijk blijft van de thermostaat – voordelig comfort.
- Afzetten van het apparaat.
Ontstekingsknop draaien in wijzerzin.
Om de brander af te zetten, zet U de bedieningsknop op de stand kleine vlam.

Om het apparaat volledig af te zetten (brander en waakvlam) bedieningsknop indrukken en draaien tot de stand O.

Ongeveer 25 seconden wachten alvorens het apparaat weer aan te stellen (na de klik van de kraan).
- Actieve oppervlakken
Alle delen van de behuizing worden als actieve oppervlakken beschouwd. De buis, de achterwand in plaatstaal, de bodem, de vloerplaat, het deksel, de deur en de handgrepen worden ook als actieve oppervlakken aanzien. Daarom dienen voorzorgsmaatregelen te worden getroffen bij eventueel contact met deze actieve oppervlakken.
INSTALLATEURS
ONDERWERP
Dit gedeelte bevat de algemene montage-instructies voor onze radiatoren. Dit gedeelte is bestemd voor geschoolde installateurs. Alleen zij kunnen de installatie volgens de regels van de kunst uitvoeren.
INSTALLATIE
Voordat ze de fabriek verlaten, worden al onze radiatoren zorgvuldig gecontroleerd en verzegeld voor het gas waarvan het type vermeld staat op een etiket op de achterwand van het toestel. Wanneer de verdelingsvoorwaarden met de voor dit type gas geldende normen overeenstemmen, kunnen onze toestellen rechtstreeks geïnstalleerd en in werking gesteld worden. Hierbij enkele bijzondere voorschriften die bij de installatie moeten worden nageleefd. De installatie gebeurt trouwens altijd in overeenstemming met de bestaande reglementen voor aansluiting van gastoestellen.
België: NBN-norm D 51003. Er moet een door de K.V.B.G. gekeurde afsluitkraan geplaatst worden.
Nederland : NEN 1078 en Europese reglementen.
Gasaansluiting
Indien de aan te sluiten leiding achter het toestel loopt, moet men erop toezien dat die de opening van de trekonderbreker of de secundaire luchttoevoer op de bodem van de verbrandingskamer noch volledig, noch gedeeltelijk verstopt. Op de gasleiding moet vóór de radiator absoluut een makkelijk toegankelijke afsluitkraan gemonteerd worden. De aansluiting moet met stevige metalen buizen uitgevoerd worden. De diameter moet voldoende groot zijn om aan de inlaat van het toestel de druk, voorzien in de tabel met de werkingskenmerken van de radiator, te verzekeren.
Aansluiting op de schoorsteen
Nagaan of de schoorsteen in goede staat is vooraleer het toestel te monteren (controleren of de schoorsteen niet verstopt, gebarsten of vervuild,... is). Bij werking van het toestel is een zekere onderdruk, hoe klein ook, nodig om een goede afvoer van de verbrandingsprodukten te verzekeren. Het verdient aanbeveling de schoorsteen te vegen vooraleer het toestel te plaatsen. Het buisje van het toestel met behulp van een buisstuk dat minstens 30 mm diep binnen het buisje inspant, aansluiten overeenkomstig de voorschriften van de lokale gasmaatschappijen. Het buisstuk moet lichtjes naar boven hellen naar de schoorsteen toe en het verzegeld uiteinde in het metselwerk zal niet uit het vlak van de binnenwand van de rookgasleiding uitsteken. De buis in het metselwerk goed hervoegen. Wanneer de muur niet uit vuurvast materiaal zoals keramiektegels, bakstenen, natuurstenen, bestaat, moet men een afstand van ongeveer 15 cm tussen de muur en de achterkant van het toestel voorzien. Indien deze afstand kleiner is, moet een bescherming geplaatst worden. Men dient ook de vloer te beschermen wanneer die niet tegen warmte bestand is.
WAAKVLAM: MERTIK MAXITROL G30-ZP1
De vlammen van de waakvlam moeten lang genoeg zijn om ± 10 mm boven de sonde uit te steken. Indien de sonde van het thermokoppel onvoldoende verwarmd wordt, hetzij door een abnormale drukdaling, hetzij als gevolg van een gasonderbreking of afwijking van de vlam van de waakvlam, zal het toestel zichzelf in de veiligheidsstand schakelen. U kan de waakvlam regelen met behulp van schroef 5 op de gasklep. Vastschroeven = lager zetten en omgekeerd.

De toestellen voor aardgas zijn in de fabriek afgesteld en verzegeld en moeten dus niet meer afgesteld worden. De branderdruk moet overeenstemmen met de voorschriften van de werkingskenmerken van de radiator. Gebruik een drukmanometer waarop de druk tot minstens 5000 Pascal kan afgelezen worden. Terwijl de brander stilligt, draait u de binnenschroef los van het buisstukje van de drukaansluiting die zich op het injectorhouderblok of aan de uitlaat van de afsluiter bevindt. Sluit de slang van de manometer erop aan.
- Nominaal vermogen: de boltemperatuur moet minder dan 25°C bedragen. De knop van de afsluiter op de stand van maximale opening plaatsen. De druk op de manometer controleren. Om deze druk te wijzigen, de instructies van de paragraaf over de afsluiter en het waakpitje volgen.
- Beperkt vermogen: de boltemperatuur moet meer dan 18°C bedragen. De hendel van de afsluiter plaatsen op de stand die het afslaan van de brander voorafgaat. De brander moet op dit ogenblik met beperkt debiet werken. De druk op de manometer controleren. Indien de druk niet overeenstemt met de druk in de tabel met de werkingskarakteristieken van de radiator, moeten de instructies uit de tabel gevolgd worden.
OMSCHAKELING
De toestellen worden uitgaande van de fabriek geleverd in categorie aardgas.
N.B.: Vóór de verzending worden de toestellen gecontroleerd en verzegeld door een kleurmerk. Wij kunnen de goede werking van het toestel niet meer verzekeren wanneer een van deze merken beschadigd werd. De toestellen werden gecontroleerd en verzegeld voor alle gastypes G20 en G25 (het is niet nodig een afstelling uit te voeren voor de verschillende gastypes. Alleen de druk en de gasdichtheid moeten gekontroleerd worden na de installatie).
ONDERHOUD
Het onderhoud omvat voornamelijk de reiniging, indien nodig, van de hoofdbrander. Hiervoor moet u de leidingen die de brander met de afsluiter verbinden, losdraaien en de schroeven die de brander op het verwarmingslichaam bevestigen, verwijderen. Schuif er eventueel een staaf in om de pluizen weg te nemen wanneer de leiding erg vuil is.
14
- bedieningsknop
- thermostatische bedieningsknop
- regelschroef min. debiet
- max. debiet regelschroef
- regelschroef voor waakvlam
- temperatuurvoeler
- drukopname voeding
- drukopname brander
- Instelling van het nominale vermogen
Plaats de knop op stand 6. De temperatuur aan de voeler (bulb) moet minder dan 25°C bedragen. Onder deze voorwaarden, schroef 4 in wijzerzin draaien indien de druk aan de brander lager ligt dan de druk die in de tabel met de karakteristieken van de convector vermeld staat. Indien de druk te hoog is, in tegenwijzerzin draaien.
N.B.: de afsluiter is voorzien van een debietregeling voor aardgas in de fabriek verzegeld op de overeenkomstige druk).
- Instelling van het beperkt vermogen
Deze stand wordt bepaald door regelschroef nr. 3. Vastschroeven = lager zetten en omgekeerd.
- Instelling van het waakpitje
Schroef 5 laat de afstelling toe van het waakvlamdebiet (losschroeven = debiet opdrijven - aanschroeven = debiet verminderen).
□ de voor-afstellingen gebeuren in de fabriek. Een te klein debiet kan kleine ontploffingen veroorzaken, een te groot debiet heeft een te groot verbruik tot gevolg.
Opmerking: wanneer het toestel buiten werking is omdat knop 6 is ingedrukt, blijven de twee knoppen 6 en 7 ingedrukt tijdens de inertieperiode van het thermokoppel (30 tot 50 seconden), wat verhindert dat het toestel onmiddellijk herontsteekt.
Ombouwen van gas
de toestellen worden geleverd conform op aardgas. Voor het verlaten van de fabriek worden de toestellen gecontroleerd afgesteld en geijkt door middel van een een verf .wij kunnen de goede werking van het toestel niet meer garanderen als er wijzigingen aangebracht zijn of de ijking verwijderd is.de toestellen zijn gereld voor volgende soorten gas G20&G25 ( voor deze gas soorten is geen regeling meer nodig )enkel een controle van de gasdrukken en dichtheidscontrole moeten worden uitgevoerd na de plaatsing
OMSCHAKELING
De toestellen zijn erkend in categorie II _2E+3P . Als het toestel mo werken op een ander gas dan datgene waarvoor het in de fabriek werd verzegeld (G20), moet u de volgende wijzigingen aanbrengen:
- vervang de injector door de overeenkomstige injector (zie de tabel met de werkingskenmerken). Het doorboren van de injectors wordt aangeduid in honderdsten mm. Vergeet de afdichtingen niet. Zorg ervoor dat de injector goed geblokkeerd is.
- vervang de injector van de waakvlam
- controleer de instellingen MAX en MIN en pa s ze aan volgens de drukwaarden in de tabel met kenmerken.
- stel de luchtring af.
- Zelfklever "REGLE PROPANE" (PROPAAN AFGESTELD) aanbrengen.
N.B.: vóór de verzending worden de toestellen gecontroleerd en verzegeld door een kleurmerk. Wij kunnen de goede werking van het toestel niet meer verzekeren wanneer een van deze merken beschadigd werd. De toestellen zijn gecontroleerd en verzegeld voor aardgas (zie plaatje met kenmerken). Bij transformatie niet vergeten het kenmerkplaatje "REGLE PROPANE" (PROPAAN AFGESTELD) aan te brengen.

text_image
XNESTOR MARTIN garandeert de eigenaars van een dergelijk toestel tijdens de hierna vermelde garantieperiode dat het toestel vrij van materiaal- en fabricagefouten is. Deze garantie maakt deel uit van de hierna toegelichte voorwaarden.
De hieronder staande garantiekaart moet ons binnen de 15 dagen na het installeren van het toestel teruggestuurd worden.
Deze garantie is beperkt tot het vervangen van de onderdelen en dekt het arbeidsloon niet. Alle kosten betreffende het arbeidsloon voor het vervangen van de onderdelen zijn voor uw rekening.
| 1 JAAR 5 JAAR | |
| GASKLEPBRANDERWAAKVLAMGEËMAILLEERDE ONDERDELEN | VERBRANDINGSKAMER |
Uitzonderingen
- roest als gevolg van condensatie wordt niet door de garantie gedekt;
- dilatatie- of retractiegeluiden bij het aanslaan of afslaan van de brander worden niet gedekt;
- Claims i.v.m. emailsplinters of beschadiging van de emailoppervlakte na meer dan 7 dagen na de installatie worden door geen enkele garantie gedekt;
- de glasdeur, het thermokoppel, TTB, de imitatie houtblokken en de inspuiters vallen niet onder de garantie.
Alle werkzaamheden betreffende het onderhoud en / of het vervangen van de onderdelen moeten voor u door een onderhoudsbedrijf of een vakman worden uitgevoerd die door de NESTOR MARTIN dealers werd erkend. Wanneer u voor een defect onderdeel de garantie wilt inroepen, laat u het onderdeel vervangen en stuurt u het defecte onderdeel naar de NESTOR MARTIN dealer voor controle. Wanneer het defect door de garantie wordt gedekt, wordt het reserveonderdeel niet gefactureerd. De transportkosten voor het reserveonderdeel en het terugsturen van het defecte onderdeel zijn voor uw rekening. De vervanging of de reparatie onder garantie wordt gedekt volgens de voorwaarden en gedurende de nog resterende periode van de oorspronkelijke garantie.
De garantie dekt onder geen enkel beding defecten of werkingsstoringen die het gevolg zijn van ongeluk, oneigenlijk gebruik, verkeerd gebruik, aanbrengen van wijzigingen, foutieve installatie of verkeerd onderhoud of ondeskundige reparatie.
De reiniging van de brander of de waakvlam en de verplaatsingskosten van een NESTOR MARTIN-agent die naar de gebruiker komt, worden niet door de waarborg gedekt. Een in een winkel gekocht en meegenomen toestel geniet geen fabriekswaarborg.
Interventies onder garantie kunnen enkel gebeuren door een door NESTOR MARTIN erkend vakman. In tegengesteld geval zullen de kosten aangerekend worden.
BELGIQUE-FRANCE
BE : II2E+3P
FR : II2E+3P
NESTOR MARTIN
THERMIC DISTRIBUTION EUROPE SA/NV
VOIE AXIALE
B-5660 COUVIN
MODE D'EMPLOI
S34
H34
R34
C34
GAZ
BE/FR: 7550 W G20
6900 W G25
7770 W G31
SimpelGids