SHZ 150 LCD - Ketel STIEBEL ELTRON - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis SHZ 150 LCD STIEBEL ELTRON in PDF-formaat.
Veelgestelde vragen - SHZ 150 LCD STIEBEL ELTRON
Gebruikersvragen over SHZ 150 LCD STIEBEL ELTRON
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Ketel in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SHZ 150 LCD - STIEBEL ELTRON en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SHZ 150 LCD van het merk STIEBEL ELTRON.
GEBRUIKSAANWIJZING SHZ 150 LCD STIEBEL ELTRON
- Algemene aanwijzingen 71
1.1 Veiligheidsaanwijzingen 71
1.2 Andere aandachtspunten in deze documentatie 72
1.3 Meeteenheden 72 - Veiligheid 72
2.1 Voorgeschreven gebruik 72
2.2 Veiligheidsaanwijzingen 72
2.3 Keurmerk 72
3.Toestelbeschrijving 73 - Instellingen 74
4.1 Bedieningselementen en standardweergave 74
4.2 Energiezuinigheidsinstellungen in de standaardweergave 74
4.3 Andere mogelijkke symbolen in de standardweergave 76
4.4 Standaardinstellungen 76
4.5 Menu-installingen 77
4.6 Menubegrenzing in-/uitschakelen en instellen 78 - Reiniging, verzorging en onderhoud 78
- Problemen oplossen 78
INSTALLATIE
- Veiligheid 79
7.1 Algemeneveiligheidsaanwijzingen 79
7.2 Voorschriften, normen en bepalingen 79
7.3 Waterinstallatie 79
8.Toestelbeschrijving 79
8.1 Leveringsomvang 79
8.2 Toebehoren 79 - Voorbereidingen 79
9.1 Montageplaatss 79
9.2 Ophangbeugel 79
9.3 Elektriciteitskabel 80 - Montage 80
10.1 Wateraansluiting 80
10.2 Montage van het toestel 80
10.3 Elektrische aansluiting 80
10.4 Montage voltooien 81 - Ingebruikname 81
11.1 Eerste ingebruikname 81
11.2 Opnieuw in gebruik nemen 81 -
Instellingen 81
12.1 Commerciele modus inschakelen 81
12.2 Regeling Achteruit inschakelen 81 -
Buitendienststellung 81
- Storingenverhelpen 82
-
Onderhoud 83
15.1 Veiligheidsgroep 83
15.2 Het toestel aftappen 83
15.3 Ontkalken 83
15.4 Veiligheidsweyerstand gegen corrosie 83 -
Technische gegevens 84
16.1 Afmetingen en aansluitingen 84
16.2 Elektriciteitschakelschemenaansluitingen 85
16.3 Verwarmingsgrafiek 89
16.4 Storingssituaties 89
16.5 Gegevens over het energieverbruik 90
16.6 Gegevenstabel 91
GARANTIE
MILIEU EN RECYCLING
BIJZONDERE INFO
- Het toestel kan door kinderen vanaf 3aar, alsmede door personen met verminderde fysieke, sensorische of geestelijkke vermogens of met eengebrek aan ervaring en kennis gebruikt worden, wanner er toezicht op hen gehonden wordt, ofwanner ze met betrekking tot het veilige gebruik van het toestel geinstrueerd zich en deGeVaren die waaruit ontstaan, begrepen hebben. Kinderen in de leeftijd van 3 tot 8aar mogen alleen dekraan bedieren die op het toestel aangeslotenis. Kinderen mogen Niet met het toestel spelen. Kinderen mogen zonder toezicht geen reiniging ofgebruikersonderhoud uitvoeren.
- De aansluiting op het stroomnet is enkel als vaste aansluiting toegestaan in combinatie met de uitneembare kabeldoorvoer. Het toestel moet op alle polen met een afstand van minstens 3mm van de aansluiting van het net+kennen worden losgekoppeld.
- Bevestig het toestel zoals beschreiben in het hoofdstuk "Installatie/voorbereidingen".
- Neem de maximaal toegelaten druk in acht (zie hoofdstuk "Installatie/technische gegevens/ gegevenstabel").
- Installee een reststroom-veiligheidsapparaat (RCD).
Gesloten werkwijze:
- Het toestel staat onder druk. Tijdens verwarming druppelt expansewater ut de veiligheidsklep.
- Stel periodiek de veiligheidsklep in werking, zodate vastzitten, bijv. door kalkafzettingen, voorkomen worden.
- Tap het toestel af zoals beschreiben in het hoofdstuk "Installatie/onderhoud/het toestel aftappen".
- Monteer een type-gekeurd veriligeidsventiel in de koudwateraanvoerleiding. Let erop dat waarvoor, afhankelijk van de staatische druk, eventuel ook een redueerventiel nodig is.
-
Dimensioneer de afvoerleiding op een wijze dat het water bij volledig geopende veiligheidsventiel ongehinderd kan worden afgevoerd.
-
Monteer de afblaasleiding van de veiligheidsklep met een constante afwaartse helling in een vorstvrije ruimte.
- De afblaasopening van de veiligheidsventiel要去 geopend blijvenaar de atmosefer.
BEDIENING
1. Algemene aanwijzingen
De hoofdstukken „Bijzondere info" en „Bediening" zijn bedoeld voor de gebruiker van het toestel en voor de installmenteur.
Het hoofdstuk "Installatie" is bestemd voor de installmenteur.

Info
Lees deze handleiding voor gebruik zorgvuldig door en bewaar deze op een veiligeplaats.
Overhandig de handleiding in voorkomende gevallen aan een volgende gebruiker.
1.1 Veiligheidsaanwijzingen
1.1.1 Structuur verilgheidsaanwijzingen

TREFWOORD Soort gevaar
Hier staan möglichke gevolgen, wonneer de veiligheidsaanwijzing worden genedeerd.
Hier staan maatregelen om het gevaar af te wen-den.
1.1.2 Symbolen, soort gevaar
Symbool Soort gevaar

Letsel

Elektrische schok

Verbranden
(verbanden,verschroeien)
1.1.3 Trefwoorden
TREFWOORD Betekenis
Symbool Betekenis
| GEVAAR | Aanwijzingen die leiden tot zwaar letsel of overlijden, wanner deze nicht in acht worden genomen. |
| WAARSCHUWING | Aanwijzingen die künnen leiden tot zwaar letsel of overli-j-den, wanner deze nicht in acht worden genomen. |
| VOORZlichtIG Aanwijzingen die künnen leiden tot middelmatig zwaar oflicht letsel, wanner deze nicht in acht worden genomen. | |
1.2 Andere aandachtspunten in deze documentatie

Info
Algemene aanwijzingen worden aangeduid met het symbol dat hiernaast staat.
Lees de aanwijzingsteksten grondig door.

Materiele schade
(toestel-, gevolg-, milieuschade)

Het toestel afdanken
Dit symbol geeft aan dat u iets要去en. De vereiste handelingen worden stapsgewijts beschreiben.
1.3 Meeteenheden

Info
Tenzij anders worden vermeld, worden alle maten in millimeter aangegeven.
2. Veiligheid
2.1 Voorgeschreve genbruik
Het toestel is bestemd voor het opwarmen van drinkwater en kan afhankelijk van de werkwijze een of meerde tappunten voeden.
Het toestel is bestemd voor gebruik in een huishoudelijkke omgeving. Het kan veilig worden bediend door Personen die waarover Niet geinstruerd zich. Het toestel kan eventuele ook buiten een huishouden gebruikt worden, bijv. in het Kleinbedrijf, voor zover het opdezelfde wijze gebruikt worden.
Elk ander gebruik geldt nicht als gebruik conform de voorschriften. Als gebruik conform de voorschriften hoort ook het in ache nemen van deze handleiding evenals de handleidingen voor het gebrukke toebehoren. In geval van wijzigingen of aanpassingen aan het toestel verwalt alle garantie.
2.2 Veiligheidsaanwijzingen

De kraan of de veiligheidsgroep kanijdens de werkking een temperatuur vaneer dan 60^ aannemen. Bij uitlooptemperaturen vaneer dan 43^ bestaat er gevaar voor brandwonden.

WAARSCHUWING Ietsel
Het toestel kan door kinderen vanaf 3JAar, alsmede door personen met verminderde fysieke, sensorische of geestelijkke vermogens of met een gebrek aan ervaring en kennis worden gebruikt, wanner er toezicht op hen wordt gehonden, of wanner ze met betrekking tot het veilige gebruik van het toestel zijn geinstrueerd en de gesvaren die waaruit ontstaan, hebben begrepen. Kinderen in de leeftijd van 3 tot 8aar mogen alleen de kraan bedieren die op het toestel aangesloten is. Kinde- ren mogen Niet met het toestel spelen. Kinderen mogen zonder toezicht geen reiniging of gebruikersonderhoud uitvoeren.

Materielle schade
Houd het toestel alsmede de waterleidingen en veiligheidsventielen vorstvrij. Wanner het toestel wordt losgekoppeld van de stroomvoorziening, is het Niet gegen vorst en corrosie beschermd.
- Onderbreek nooit de stroomvoorziening van het toestel.

Info
Gesloten werkwijze: het toestel staat onder druk! Het expansewater druppelt uit de veiligheidsklepijdens het verwarmen. Waarschuw uw installment, als er na het verwarmen nog water nadruppelt.

Info
Open werkwijze:ijdens elke opwarmprocedure druppelt er expansiewater uit de uitloop.
2.3 Keurmerk
Zie het typeplaatje op het toestel.
3. Toestelbeschrijving
Het toestel verwarmt op elektrische wijze drinkwater met het aangesloten verwarmingsvermogen of met snelopwarming. Met de elektronische regeling is een energiabesparende instelling gemakkelijker te regelen. Afhankelijk van de stroomvoorziening en het gebruiksgedrag worden het verwarmen automatisch uitgevoerd tot aan de ingestelde temperatuur. De standardweergave geeft informatatie over het beschikkare mengwatervolume, de status van de opwarming en de ECO-modus. Bovendien worden möglichke fouten en de verkalking van de verwarmingsflens aangegeven.
Het stalen binnenreservoir is voorzien van special direct email en van een gelijkspanningsanode. Bij ingeschakelde netspanning beschermt de anode het binnenreservoir op actieve wijze gegen corrosie.
Wanner de netspanning is ingeschakeld, is het toestel in alle bedrijfsstanden beschermd gegen vorst. Het toestel schakelt op het juisteijdstip in en weeer uit, wanner het water voldoende is opgewärmed. Het toestel bildet de waterleidingen en de veiligheidsgroepECHter geen bescherming gegen vorst.
U knot het toestel in eenkring-, tweetring- of boilerwerking gebruiken.
Eenkringwerking
In deze werkwijze verwarmt het toestel bij iedere nominale temperatuurinstelling automatisch met het aangesloten verwarmingsvermögen.
Tweekringwerking
Het toestel verwarmt bij elke nominale temperatuurinstelling tijdens de nachstroom (periodes met laag tarief van de energiemaatschappij) de waterinhoud automatisch op met het aangeslooten verwarmingsvermogen. Bovendien sunt u de snelopwarming inschaken.
Boilerwerking
Het toestel verwarmt nadat u de knop Snelopwarming hebt ingedrukt. Als de ingestelde temperatuur is bereikt, schakelt het toestel uit en Niet opnieuw in.

4. Installingen
4.1 Bedieningselementen en standardweergave

1 Symbool ECO-modus
2 Toets Plus
3 Toets Min
4 Weergave mengwatervolume in I
5 Symbool Verwarmingselement
6 Toets voor snelopwarming (in tweetkring- of boilerwerking)
7 Symbool Verwarmen
8 Toets Menu
9 Symbol Mengwatervolume
4.1.1 Weergave mengwatervolume

Info
Als u de nominale temperatuur heeft ingesteld op minder dan 40^ , worden nicht hetCCCCCC, maar de ingestelde nominale temperatuur aangegeven.

Het momenteel beschikbare mengwatervolume van 40^ worden aangegeven bij 15^ koudwaterinlooptemperatuur.

Wanneer er momenteel minder dan 10 | meng-water beschikbaar is, wordt < 10 I" aangegeven.
| Warmwaterbehoefte voor Mengwatervolume van 40 °C | |
| Baden 120 - 150 l | |
| Douchen 30 - 50 l | |
| Handen wassen 2 - 5 l | |
Het verkrijgbare mengwatervolume is afhankelijk van de grootte van de boiler en van de ingestelde nominale temperatuur.
4.1.2 Symbool Verwarmen
Het symbol verschijnt, wanneer het toestel water verwarmt.
4.2 Energiezuinigheidsinstellungen in de standardweergave
4.2.1 Symbol ECO-modus
ECO Comfort (fabrieksinstelling)
Deze energiebesparingmodus biedt u alkijd de maximale hoeveel-heid warm water en daardoor het hoogste comfort.

Het symbol ECO verschijnt.
In de energiebesparende modus ECO Comfort wird de nominale temperatuur automatisch verlaagd maar 60^ wanneer een hogere nominale temperatuur is ingesteld:
1 week na ingebruikname (fabrieksinstelling: 85^
1 week na instelling van de nominale temperatuur hoger dan 65^
U kunt deze modus onmiddelijk na de ingebruikname inschakelen door de nominale temperatuur in te stellen op 60^ of lager (zie hoofdstuk "Standaardinstellungen/Nominale temperatuur instellen").
ECO Plus (bij eenkringwerking)
Deze energiebesparingmodus bildt groote voordelen bij energie-besparing, sondern pas na een grotere warmwaterafname worden verwarmd.

Het symbol ECO knippert
De nominale temperatuur worden onmiddelijk automatisch op 60^ ingesteld.
In de modus ECO Plus verwarmt het toestel automatisch tot de nominale temperatuur, nadat circa 40% van de Boilerinhoud werd afgetapt.
U kunt deze modus in het menu selecteren (zie hoofdstuk "Menuinstellungen/ECO-modus weergeven en instellen").

Info
Wonneur u in de modus ECO Plus de nominale temperatuur verandert, schakelt het toestel automatisch maar de modus ECO Comfort.
ECO Dynamic (bij eenkringwerking)
Deze energiebesparingmodus biedt de möglichkheid maximalenergie-efficiency te verkrijgen door automatische, dynamische aanpassing aan uw gebruiksgedrag.
De modus ECO Dynamic is ideaal wanner u, afhankelijk van de dag van de week, alttijd op hetzelfde tijdstip vergelijkbare hoeveelheden warm water nodig hebft.

Het symbol ECO knippert
De nominale temperatuur worden onmiddelijk automatisch op 60^ ingesteld.
Nadat u de modus ECO Dynamic hebt gekozen, evaluableh het toestel gedurende een week uw aftaptijden en -hoeveelheden. Gedurende dieijd werkt het toestel eerst in de modus ECO Comfort.
Na de evaluatie worden, afhankelijk van de dag van de week en het tijdstip, het berekende mengwatervolume voorzien. Daar bij kan maximaal 60% van de boilerinhoud worden afgenomen voordat het toestel waar opwarmt. Als het momenteel beschikbare mengwatervolume Niet volstaat voor de verwachte.afname, worden de volledige boilerinhoudijdig maar 60^ verwarmd.
Als de afnametijd stippen en -volumes wijzigen, evaluates het toestel de veranderingen en past het voorziene mengwatervolume eventueel aan.
U kunt deze modus in het menu selecteren (zie hoofdstuk "Menuinstellungen/ECO-modus weergeven en instellen").

Info
Wanneer u in de modus ECO Dynamic de nominale temperatuur verandert, schakelt het toestel automatisch maar de modus ECO Comfort.
4.2.2 Commerciele modus
De installmenteur heeft de mogelijkheid het toestel voor commerciele toepassenen om te schakelen, bijv. in praktijken of slagerijen (zie hoofdstuk "Installatie/instellingen"). De nominale temperatuur worden dan handmatig ingesteld. De menu-instelling ECO-modus is Niet mogelijk in de commerciele modus.
4.2.3 Aangepast gebruik van tijden met nachttarief (regeling Achteruit bij tweekringwerking)
Deze functie is Niet actief bij de fabrieksinstelling. De installmenter kan de regeling Achteruit van het toestel inschakelen (zie hoofdstuk "Installatie/instellenen").
D.w.z. dat het toestel gedurende 7 dagen deijdden met laag tarief van uw energiaaatschappij evalueert om deijdden met nachtarief optimaal te gebruiken.
Tijdens de evaluatie verwarmt het toestel de boilerinhoud reeds aan het begin van de nachttariefperiode op, wonneer de nominale temperatuur Niet worden gehaald.
Het doel is het verwarmen op een tijdstip te starten, zDat u pas aan het einde van de nachttariefperiode kurz beschikken over de volledig op nominale temperatuur verwarmde boilerinhoud. Daardoor is er minder energia vereist om het water op deze temperatuur te huilden, m.a.w. het energieverbruik in stand-by daalt.

Op het berekendeijdstip begint het toestel met opwarmen.
Het symbool Opwarmen verschijnt.

Na het beeindigen van de opwarming verdwijnt het symbol Opwarmen.
Als de nominale temperatuur nicht worden gehaald, kurz u, indien nodig, met de snelopwarming (zie hoofdstuk "Standaardinstellungen/snelopwarming") in de nachttariefperiode de opwarming ook voor de automatische starttijd activeren.
4.3 Andere mogelijke symbolen in de standaardweergave

1 Symbool Nominate temperatuur
2 Symbool Temperatuurbegrenzing
3 Waarde-indicatie bij het actieve symbol
4 Symbol Service/storing
5 Symbool Verkalking
6 Symbol Energieverbruik
7 Symbool Uitlooptemperatuur
4.3.1 Symbol Verkalking

Info
Wanneer het symbol voor de verkalking "Ca" in de standardweergave verschijnt, is het aan te bevelen de verwarmingsflens te ontkalken. Waarschuw de installateur.
4.3.2 Symbool Service/storing

Info
Wanneer het symbool Service/storing in de standardweergave verschijnt, informeert u uw installerateur. Als het symbool knippert, worden geen water verwarmd en moet de installerateur absolut worden geinformeerd.
4.4.1 Snelinstallingen met de toetsen
Deze instellingen kunt u direct met de toetsen in de standardweergave uitvoeren.

Na elke bediening gaat het toestel automatisch waar de standaardweergave en wordt de ingestelde waarde opgeslagen.
4.4.2 Nominate temperatuur instellen


Stel met de toetsen Plus en Min de nominale temperatuur van 20 tot 85^ (fabrieksinstelling) in.
Het symbol Nominale temperatuur verschijnt.
Wanneer u in de modus ECO Plus of ECO Dynamic de nominale temperatuur van 60^ wijzigt, worden de energiebesparingmodus automatisch omgeschakeld aan ECO Comfort. Meer informatie vindt u in het hoofdstuk "Energiezuinigheidsinstellungen in de standardweergave".
4.4.3 Uitschakelen


Wonneer u de nominale temperatuur met de toets Min instelt op minder dan 20^ is alleen nog de vorstbescherming actief.
4.4.4 Snelopwarming


Druk op de toets Snelopwarming.
Het symbol Opwarmen verschijnt.
Tweekringwerking
U kunt de snelopwarming inschakelen met de toets. Daarvoor kan ook een afstandsbediening worden geinstalleerd. Als de ingestelde temperatuur is bereikt, schakelt de snelopwarming uit en Niet opnieuw in.
Boilerwerking
U dient het toestel in te schakelen met de toets voor snelopwarming. Als de ingestelde temperatuur is bereikt, schakelt het toesteluit en Niet opnieuw in.
4.5 Menu-instelingen
4.5.1 Algemeen principe van de menu-instellen

Info
Na elke bediening gaat het toestel automatisch waar de standaardweergave en worden de ingestelde waarde opgeslagen.


Met de toets Menu roept u een voor een alle informatie en de instelmogelijkheden op. Het overeenkomstige symbol verwischijnt.
4.5.2 Uitlooptemperatuur weergeven


Het symbol Uitlooptemperatuur verschijnt.
De actuele uitlooptemperatuur worden weergegeven.
4.5.3 Nominate temperatuur instellen


Het symbool Nominale temperatuur verschijnt.


Stel met de toetsen Plus en Min de nominale temperatuur van 20 tot 85^ in.

4.5.4 Temperatuurbegrenzing in-/uitschakelen en instellen


Het symbol Temperatuurbegrenzing verschijnt.
Temperatuurbegrenzing uit (fabrieksinstelling)
Temperatuurbegrenzing aan
Schakel de temperatuurbegrenzing uit of in.
Stel met de toetsen Plus en Min de temperatuurbegrenzing van 40 tot 60^ in.

Temperatuurbegrenzing aan
In de standardweergave verschijnt het symbol Temperatuurbegrenzing. De ingestelde temperatuurbegrenzing is tevens de maximumwaarde voor de nominale temperatuur.

Info
Bij Temperatuurbegrenzing aan hunnen ECO Plus en ECO Dynamic Niet meer worden geselecteerd.
4.5.5 ECO-modus weergeven en instellen

Info
In de commerciele modus (zie hoofdstuk "Energiezuinigheidsinstellungen in de standardweergave/commerciele modus") worden de ECO-installellen overgeslagen.


Het symbool ECO-modus verschijnt.
De actuele modus worden weergegeven. Kies achtereenvolgens de gewenste ECOmodus.
ECO1 ECO Comfort
ECO2 ECO Plus
ECO3 ECO Dynamic
ECO Comfort ECO1
Deze energiebesparingmodus biedt u alkijd de maximale hoeveel-heid warm water en daardoor het hoogste comfort.
ECO Plus ECO2
Deze energiebesparingmodus bildt grote voordelen bij energie-besparing, sondern pas na een grotere warmwaterafname worden verwarmd.
ECO Dynamic ECO3
Deze energiebesparingmodus bildet de mogelijkheid maximale energie-efficiency te verkrijgen door intelligente, dynamische aanpassing aan uw gebruiksgedrag.
4.5.6 Energieverbruik weergeven


Het symbol Energieverbruik verschijnt. Er worden een waarde bij benadering weergegeven voor het energieverbruik tot dusver.
Om de waarde weeer op nul te zetten houdt u de toets langer dan 3 seconden ingedrukt.
4.5.7 Verkalkingsgraad weergeven, automatisch verschijnen in de standardweergave in-/uitschakelen


Het symbol Verkalking verschijnt.
De actuele verkalkingsgraad worden weergegeben.
-- geen / geringe verkalking
Onkalking van verwarmingsflens aanbevolen

automatisch verschijnen in de standardweergave aan (fabrieksinstellung)
automatisch verschijnen in de stan-daardweergave uit
Schakel het automatisch verschijnen in

de standardaweergave in ofuit.
BEDIENING
Reiniging, verzorging en onderhoud
4.5.8 Servicecode weergeven
De installmenter krijgt door de servicecode informatatie over de oorzaak van een storing (zie hoofdstuk "Storingen verhelpen").

Weergave servicecode
4.6 Menubegrenzing in-/uitschakelen en instellen

Menubegrenzing aan
Bij Menubegrenzing aan blijven alle instellenen behouden.
U kunt de standaardinstellenen Nominale temperatuur en Snelopwarming uitvoeren met de toetsen (zie hoofdstuk "Instellenen/standaardinstellenen"). Menu-instellenen zichn nicht möglichk.

In de weergave bij menubegrenzing verzischijnen de symbolen Opwarmen, Verkalking en Service/storing, zoals beschreiben in het hoofdstuk "Instelingen/ bedieningselementen en standardweergave".
5. Reiniging, verzorging en onderhoud
- Gebruik geen schurende reinigingsmiddelen of reinigings-middelen met oplosmiddelen. Een vochtige doek volstaat om het toestel te onderhonden en te reinigen.
Controller er periodiek de kranen. Verwijder kalk op de kraanuitlopen met in de handel verkrijgbare ontkalkingmiddelen.
Laat de elektrische verilgheid van het toestel en de werkinq van de verilgheidsgroep periodiek controleren door een installerateur.
6. Problemen oplossen

Als u deoorzaak zich nicht kunt verhelpen,waarschuwt u de instal-. lateur.Om u nog sneller en beter te konnen helpen,deelt u hem de nummers op het typeplaatje mee (000000 en 0000-00000):

INSTALLATIE
7. Veiligheid
Installatie, ingebruikname, evenals onderhoud en reparatie van het toestel moot alleen door een gekwalificierde installmenteur worden uitgevoerd.
7.1 Algemene veiligheidsaanwijzingen
Wij waarborgen de goede werkung en de bedrijfsveiligheid uitsluitend bij gebruik van originele accessoires en verwangingsonderdelen voor het toestel.
7.2 Voorschriften, normen en bepalingen

Info
Neem alle nationale en regionale voorschriften en be-palingen in acht.
7.3 Waterinstallatie
Koudwaterleiding
Als materiaal is thermisch verzinkt staal, roestvrij staal, koper of kunststof toegestaan.
Een veiligheidsklep is verplicht.
Warmwaterleiding
Als materiaal zich roestvrijstalen, koperen of kunststof buizen toegestaan.

Materièle schade
Neem het hoofdstuk "Technische gegevens/storingssituacies" in zich bij het gebruik van kunststof buizen.
Het toestel moet in gesloten werkwijze met drukkranen worden gebruikt.
Het toestel moet in open werkwijze met drukloze kranen worden gebruikt.
8. Toestelbeschrijving
8.1 Leveringsomvang
Bij het toestel worden het volgende geleverd:
- ophangbeugel (2 stuks bij toestellen 120 | en 150 |)
- Overbruggingshulpstukken 5 mm (2 stuks voor boven, 2 stuks voor onder)
-Afdekkappen
8.2 Toebehoren
Met de omboukit Relais (artikelnummer255789) is een bijkomen-de scheidingussenlaag en hoog tarief mogelijk op de elektrische toestelaansluiting (zie "Technische gegevens/elektriciteitsschema's en aansluitingen").
Gesloten (drukvaste) werkwijze
Voor een gesloten (drukvaste) werkwijze zijn, afhankelijk van de staatische druk, verschillende veiligheidsgroepen leverbaar. Deze typegekeurde veiligheidsgroepen beschermen het toestel gegen een verboden drukoverschrijding.
Drukkranen zich verwiekrijgbaar als accessoire.
Open (drukloze) werkwijze
Drukloze kranen zijn verkrijgbaar als accessoire.
9. Voorbereidingen
9.1 Montageplaats
Het toestel is uitsluitend voorzien voor vaste wandmontage. Zorg ervoor dat de wand voldoende draagvermogen heeft.
Monteer het toestel algid vertical, in een vorstvrije ruimte en in de buurt van het tappunt.
9.2 Ophangbeugel
▶ Teken de maten voor de ophangbeugel af op de wand.
Boor de gaten en bevestig de ophangbeugel met schroeven en pluggen. Kies bevestigingsmaterial dat past bij de sterkte van de wand.
Bij de toesteltypes met 120 of 150 liter nominale inhoud zijn 2 ophangbeugels vereist.

1 Overbruggingshulpstuk onder
2 Overbruggingshulpstuk boven
3 Afdekkap
Compenseer oneffenheden van de wand met de meegeleverde afstandsstukken.
Schuif de afdekkappen erop.
INSTALLATIE
Montage
9.3 Elektriciteitskabel

D0000042052
10. Montage
10.1 Wateraansluiting
Info
Voer alle werkzaamheden voor wateraansluiting en installatie uit conform de voorschriften.
Sluit de hydraulische aansluitingen met een vlakke affdichting Zorg ervoor dat het toestel aangesloten is op de aard- aan. leiding!
Gesloten (drukvast) voor de voeding van verschillende tappunten
- Monteer de veiligheidsgroep in de koudwatertoevoerleiding Let er waar bij op dat, afhankelijk van de staatische druk, de juiste veiligheidsgroep worden gekozen.
Houd rekening met de instructies in de montagevoorschriften van de veiligheidsgroep.
Open (drukloos) voor de voeding van een tappunt
Info
Blokker de uitloop en de kraanzwenkarm Niet. Gebruik geen straalregelaars of luchtspuitors.
Spoel deze grondig door.
Gebruik de door ons aanbevolen open kranen.
10.2 Montage van het toestel



26 02.01.04 24
10.3 Elektrische aansluiting

WAARSCHUWING Elektrische schok Voer alle werkzaamheden voor elektriciteitsaansluitingen en montage uit conform de voorschriften.

WAARSCHUWING Elektrische schok De aansluiting op het stroomnet is alleen op vast geplaatste kabels toegestaan in combinatie met de uitenembare kabeldoorvoer. Het toestel moet op alle polen met een afstand van minstens 3mm van het stroomnetwerk hunnen worden losgekoppeld.

Materièle schade
Installee een reststroom-veiligheidsapparaat (RCD).

Materièle schade
Zorg ervoor dat het toestel aangesloten is op de aard-
leiding!

100
1 Elektronische module Regeling
2 Schakelaar voor werkwijze
3 Schakelaar voor vermogen
4 Elektronische module Bediening
5 Aansluitkabel elektronische modules
Draai de 4 schroeven eruit.
Verwijder de onderste kap.
Trek de kabeldoorvoer er aan de onderkantuit. Druk daar- Voor op de vergrendelhaakjes.
Schuif de kabeldoorvoer over de verbindingskabel geen en vergrendel de kabeldoorvoer opnieuw.

Info
U kunt het vermogen en de werkwijze alleen omschaken, wanner het toestel van het stroomnet is ontkoppeld.

E Z B

1 2 3
0000040164
E Eenkringwerking
Z Tweekringwerking
B Boilerwerking
1 Vermogen 1
2 Vermogen 2
3 Vermogen 3

Info
Bij speciale schakeling zonder externe schakelcontactge- vers voor de tariefomschakeling (tweekringschakeling, meting met twee meters, 1 / N / PE 230V) houdt u rekening met het hoofdstuk "Technische geveens/elektricieteitsschema's en aansluitingen".
▶ Selecteer het vermogen en de werkwijze met de schakelaars op de elektronische module Regeling en kies de gewenste aansluiting (zie hoofdstuk "Technische gegevens/elektrici-teitschema's en aansluitingen").
Kruis met een pen het geseleeteerde aansluitvermogen en spanning aan op het typeplaatje.
Sluit eventueel een afstandsbediening voor de snelopwarming aan op de netaansluitklem.
10.4 Montage voltooien
Steek de 5-polige steekverbinding van de verbinderingskabel op de elektronische module Bediening, positie X2.
Plaats de onderste kap.
Draai de 4 schroven erin.
Gesloten (drukvaste) werkwijze:
sluit de veiligheidsgroep aan op het toestel door de buizen op het toestel te schroeven.
Open (drukloze) werkwijze
Schroef het toestel en de kraan op elkaar.
11. Ingebruikname
11.1 Eerste ingebruikname
Open de warmwaterkraan totdat het toestel is gezuld en heE leidingnet luchtvrij is.
Let op het maximaal toegelaten dorstroomvolume bij een volledig geopende kraan (zie hoofdstuk "Technische gegevens/gegevenstabel").
Gesloten (drukvaste) werkwijze:
Reduceer, indien gewenst, het doorstroomvolume op de smoring van de veiligheidsgroep.
Monteer de afblaasleiding van de veiligheidsgroep met een constante afwaartse helling.
Houd rekening met de instructies in de installmentiehandleiding van de veiligheidsgroep.
Schakel de netspanning in.
Controller de werkmodus van het toestel. Controller eventu-eel de werkking van de snelopwarming.
Gesloten (drukvaste) werkwijze:
controleer de goede werking van de veiligheidsgroep.
Wanneer na de ingebruikname een uitlooptemperatuur van 55^ is bereikt, worden de temperatuur automatisch afgestemd en scha-kelt de verkalkingsidentificatie in. Daar voor worden de opwarming gedurende ca. 5 minuten onderbroken.
11.1.1 Overdracht van het toestel
Leg aan de gebruiker de werkig van het toestel uit en maak hem vertrouwd met het gebruik ervan.
Wijs de gebruiker op möglichke gevaar, met name verbrandingsgevaar.
Geef deze instructies mee.
11.2 Opniew in gebruik nemen
Zie hoofdstuk "Eerste ingebruikname".
12. Installingen

(Zie ook hoofdstuk "Technische gegevens/elektriciteitsschema's en aansluitingen".)
12.1 Commerciele modus inschakelen
Steek de overeenkomstige jumper om teneinde de commercie modus in te schakelen.
S Jumper ECO (energiebesparingmodus)
E ECO Aan (fabrieksinstelling)
A ECO Uit (commerciele modus)
12.2 Regeling Achteruit inschakelen
Steek de jumper om om de regeling Achteruit in te hakhelen.
R Jumper regeling Achteruit
E Regeling Achteruit Aan
A Regeling Achteruit Uit (fabrieksinstelling)
- Verbreek de verbinding:tussen het toestel met de zekering in de huisinstallatie en de netspanning.
Tap het toestel af. Zie hoofdstuk "Onderhoud/toestel aftappen".
14. Storingen verhelpen

Info
Bij temperaturen lager dan -15^ kan de veiligheidstemperatuurbegrenzer worden geactiveerd. Het toestel kan al bij opslag of bij het transport aan deze temperaturen zich blootgesteld.


Weergave servicecode
Roep de weergave van de servicecode in het menu op (zie hoofdstuk "Instellingen/menu-instelingen").
De stekkers worden beschreiben in hoofdstuk "Technische gegevens/elektricitetsschema's en aansluitingen".

1 Resetknop veiligheidstemperatuurbegrenzer
2 Veiligheidstemperatuurbegrenzer
| Storing Code Oorzaak Oplossing | |||
| Geen weergave | Er is geen spanning. | Breng de stroomvoorziening tot stand. | |
| Er is geen verbinding met de elektronische mo- dule Bediening. | Controler of stekker X2 er op de juiste wijze is ingestoken. | ||
| De elektronische module Bediening is defect. | Controler de elektronische module Bediening en verrang deze eventueel. | ||
| Het symbool Verkalking "CA"verschijnt. | De verwarmingsflens is verkalkt. | Ontkalk de verwarmingsflens. Het symbool worden automatisch geset. | |
| Het symbool Service/ storing verschijnt. | 2Constante weergave van nomi- nale temperatuur | De temperatuursensor heeft een storing. | Controler of stekker X10 er op de juiste wijze is ingestoken. |
| 4 | De gelijskspanningsanode heeft een storing. | Controler de temperatuursensor. | |
| 16 | De gelijskspanningsanode heeft een storing. | Controler of stekker X7 er op de juiste wijze is ingestoken. Controler de gelijskspanningsa- node en de bedrading. | |
| 128De LAST ingestelde nominale waardenijken actief, eventuele constante weergave 128. | De communicatieussen de elektronische mo- dules Regeling en Bediening heeft een storing. | Controler of stekker X2 op de juiste wijze is ingestoken in beiden modules. | |
| Controler de modules en de aansluitkabel. | |||
| Het symbool Service/ storing knippert en het water worden nicht warm. | 6Constante weergave van nomi- nale temperatuur | De temperatuursensor is defect. | Controler of stekker X10 er op de juiste wijze is ingestoken. |
| Controler de temperatuursensor. | |||
| 8Het symbool Verwarmen worden Niet getoond. | De veiligheidstemperatuurbegrenzer is geacti- veerd, waar dat de regelaar defect is. | Los de oorzaak van de storing op. Vervang deeiligheidstemperatuurbegrenzer. | |
| De veiligheidstemperatuurbegrenzer is geacti- tiveerd, waar dat de temperatuur lager is dan -15 °C. | Druk op de resettoets (zie afbeelding). | ||
| De snelopwarming schakelt Niet in. | Controler de toets. | ||
| De verwarmingsflens is defect. | Vervang de verwarmingsflens. | ||
| 32Bescherming gegen drooglopen | Er zit geen water in de boiler. | Vul de boiler. | |
| Er is geen anodesroom. | Controler of stekker X7 er op de juiste wijze is ingestoken. Controler de gelijskspanningsa- node en de bedrading. | ||
| De verwisselbare smeltzekering is geactiveerd. | Controler de verwisselbare smeltzekering. | ||
| 64 | Het relais is defect. | Vervang de elektronische module Regeling. | |
15. Onderhoud

WAARSCHUWING Elektrische schok
Scheid alle polen van het toestel van het elektriciteitsnet voor aanvang van alle werkzaamheden.
Voor enkele onderhoudswerkzaamheden is hetoodzakelijk de onderste kap te verwijderen.
Wanner het toestel bovendien moet worden afgetapt, raadpleeg dan het hoofdstuk "Toestel aftappen".
Neem de dompeldiepte van de veiligheidstemperatuurbegrenzen in acht (zie hoofdstuk "Afmetingen en aansluitingen").
15.1 Veiligheidsgroep
Het is verplicht de veiligheidsgroep periodiek te testen.
15.2 Het toestel aftappen

WAARSCHUWING Verbranding Tijdens het aftappen kan er heet water uitlopen.
Indien de Boiler voor onderhoudswerkzaamheden of bij vorstgevaar要去en afgetapt voor de bescherming van de volledige installmentie, gaat u als volgt te werk:
sluit de afluitklep in de koudwateraanvoerleiding.
Open de warmwaterklep van alle aftappunten.

1 Kap aftapkraan
Schroef het kapje van de aftapkraan eraf.
15.3 Ontkalken
- Ontkalk de flens pas wanner deze is gedemonteerd en behandel het oppervlak van de boiler en de gelijkspanningsanode Niet met ontkalkingsmiddelen.
15.4 Veiligheidswearstand gegen corrosie
Zorg ervoor dat bij servicewerkzaamheden de veiligheids- weerstand gegen corrosie op de isolatieplaat Niet worden beschadigd of worden verwijderd.
Monteer de veiligheidswieberstand gegen corrosie na verran- ging weeer conform de voorschriften.

1 Veiligheidswunderstand gegen corrosie
2 Drukplaat
3 Isolatieplaat
4 Koperen verwarmingsflens
16.1 Afmetingen en aansluitingen



D000021508
| SHZ 30 LCD SHZ 50 LCD SHZ 80 LCD SHZ 100 | LCD | SHZ 120 LCD | SHZ 150 LCD | |||||
| a10 | Toestel | Hoopte | mm | 770 | 740 | 1050 | 1050 | 1210 |
| a20 | Toestel | Breedte | mm | 410 | 510 | 510 | 510 | 510 |
| a30 | Toestel | Diepte | mm | 420 | 510 | 510 | 510 | 510 |
| b02 | Doorvoer elektr.kabels I | |||||||
| b03 | Doorvoer elektr.kabels II | |||||||
| c01 | Koudwatertoevoer | Buitendraad | G 1/2 A | G 1/2 A | G 1/2 A | G 1/2 A | G 1/2 A | |
| c06 | Warmwateruitloop | Buitendraad | G 1/2 A | G 1/2 A | G 1/2 A | G 1/2 A | G 1/2 A | |
| i14 | Wandbevestiging I | Hoopte | mm | 700 | 600 | 900 | 900 | 900 |
| Max.Ø bevestigingsschroef | mm | 12 | 12 | 12 | 12 | 12 | ||
| i15 | Wandbevestiging II | Hoopte | mm | 300 | 300 | |||
| Max.Ø bevestigingsschroef | mm | 12 | 12 | |||||
16.1.1 Veiligungstemperatuurbegrenzer dompeldiepte

INSTALLATIE
Technische gegevens
16.2 Elektriciteitsschakelschema en aansluitingen

1 Elektronische module Bediening
2 Temperatuursensor
3 Gelijkspanningsanode
4 Afstandsbediening voor snelopwarming (willekeurige fase kan worden aangesloten, zonder vermogensoverdracht)
5 EVU-contact (willekeurige fase kan worden aangesloten, zonder vermogensoverdracht)
6 Netaansluitklem
7 Schakelaar voor vermogen
8 Schakelaar voor werkwijze
9 Jumper ECO (energiebesparingmodus)
10 Jumper regeling Achteruit
11 Elektronische module Regeling
12 Veiligheidstemperatuurbegrenzer
13 Verwarmingselementen elk 2kW 230V
INSTALLATIE
Technische gegevens
16.2.1 Tweekringwerking meting met een meter met EVU-contact

1 Contact van de stroomregeling

16.2.2 Eénkring- en boilerwerking
INSTALLATIE
Technische gegevens
16.2.3 Tweekringwerking
meting met twee meters met EVU-contact, eénfasig

1/N/PE ~ 230 V

1 Contact van de stroomregeling
2Nachtstroom
3 Dagtarief
Speciale schakeling zonder externe schakelcontactgevers voor de tariefomschakeling

Wonneer externe schakelcontactgevers voor de tarief-omschakeling ontbreken, loopt de vermogensafrekening ookijdens de nachttariefperiode via de meter voor het hoge tarief.

1/N/PE 230V

2Nachtstroom
3 Dtagarithief
Als de elektrische installmentie anschraf nicht kan worden uitgebreid met de overeenkomstige schakelcontactgevers, is een bijkomende scheiding laag tarief-hoog tarief op de elektrische toestelaansluiting absolutut vereist (ombouwkit Relais,zie hoofdstuk "Toestelbeschrijving/Toebehoren").
INSTALLATIE
Technische gegevens
Aanpassingswerk aansluitvariant 1:

Info
Op de schakelaar voor het vermogen is instelling 3 Niet toegelaten.


1/2 kW 1/N/PE ~ 230 V

2/2 kW 1/N/PE ~ 230 V

2Nachtstroom
3 Dagtarief
4 Toebehoren "Ombouwkit Relais" (zie hoofdstuk "Toestelbeschrijving/Toebehoren")
Aanpassingswerk aansluitvariant 2:

Info
Op de schakelaar voor het vermogen is instelling 3 Niet toegelaten.


1/4 kW
1/N/PE ~ 230 V

2/4 kW
1/N/PE ~ 230 V

2Nachtstroom
3 Dtagtarief
4 Toebehoren "Ombouwkit Relais" (zie hoofdstuk "Toestelbeschrijving/Toebehoren")
Plaats de brug 8-L2. De snelopwarmingijdens de vrijgave van het nachttarief worden gemengd afgerekend via hoog tarief en laag tarief.
INSTALLATIE
Technische gegevens
16.2.4 Tweekringwerking
meting met twee meters met EVU-contact,meerfasig

1/N/PE ~ 230 V
2/N/PE 400V

2/N/PE 400V
3/N/PE 400V

1 Contact van de stroomregeling
2Nachtstroom
3 Dagtariief
16.3 Verwarmingsgrafiek
De opwarmtijd is afhankelijk van de Boilerinhoud, van de koudwaternperatuur en van het verwarmingsvermogen.
Grafiek met koudwatertemperatuur van 15^
Nominale temperatuur instellen op 65^


Nominate temperatuur instellen op 85^
X Nominale inhoud in I
Y Duur in uur
11kW
2.2kW
3 3 kW
4 4 kW
56kW
16.4 Storingssituations
Bij een storing kuren er temperaturen tot 95^ bij 0,6 MPa voorkomen.
16.5 Gegevens over het energieverbruik
De productgeveens voldoen aan de EU-verordeningen betreffende de richtlij voor milieuvriendelijkke vormgeving van energiegerateerde producten (ErP).
| SHZ 30 LCD | SHZ 50 LCD | SHZ 80 LCD | SHZ 100 LCD | SHZ 120 LCD | SHZ 150 LCD | ||
| 231251 | 231252 | 231253 | 231254 | 231255 | 231256 | ||
| Fabrikant | STIEBEL ELTRON | STIEBEL ELTRON | STIEBEL ELTRON | STIEBEL ELTRON | STIEBEL ELTRON | STIEBEL ELTRON | |
| Lastprofiel | S | M | M | L | XL | XL | |
| Energieklasse | A | B | B | C | C | C | |
| Energetisch rendement | % | 38 | 40 | 40 | 39 | 38 | 40 |
| Jaarliks stroomverbruik | kWh | 489 | 1286 | 1223 | 2611 | 4382 | 4086 |
| Temperatuurinstelling af fabriek | °C | 85 | 85 | 85 | 85 | 85 | 85 |
| Geluidsniveau | dB(A) | 15 | 15 | 15 | 15 | 15 | 15 |
| Mogelijkheid voor exclusieve werkung tijdens daluren | - | - | - | - | - | - | |
| Smart-functie | X | X | X | X | - | X | |
| Wekelijks stroomverbruik met Smart | kWh | 12,217 | 23,177 | 22,723 | 49,746 | 82,096 | |
| Wekelijks stroomverbruik zonder Smart | kWh | 14,960 | 25,904 | 27,414 | 54,239 | 89,632 | |
| Dagelijks stroomverbruik | kWh | 2.773 | 6.548 | 6.618 | 13,042 | 20.219 | 20.161 |
| Boilervolume | l | 30 | 50 | 80 | 100 | 120 | 150 |
| Mengwatervolume 40 °C | l | 59 | 97 | 159 | 198 | 235 | 292 |
De informatie betreffende het energierendement en het Jaarlijkse stroomverbruik geldt uitsluitend bij geactiveerde intelligente regeling (Smart-functie).
16.6 Gegevenstabel
| SHZ 30 LCD SHZ 50 LCD SHZ 80 LCD | SHZ 100 LCD SHZ 120 | LCD SHZ 150 LCD | |||||
| 231251 | 231252 | 231253 | 231254 | 231255 | 231256 | ||
| Hydraulische gegevens | |||||||
| Nominate inhoud | I | 30 | 50 | 80 | 100 | 120 | 150 |
| Mengwatervolume van 40 °C (15 °C/65 °C) | I | 59 | 97 | 159 | 198 | 235 | 292 |
| Elektrische gegevens | |||||||
| Aansluitvermögen ~ 230 V | kW | 1-4 | 1-4 | 1-4 | 1-4 | 1-4 | 1-4 |
| Aansluitvermögen ~ 400 V | kW | 1-6 | 1-6 | 1-6 | 1-6 | 1-6 | 1-6 |
| Fasen | 1/N/PE, 2/N/PE, 3/N/PE | 1/N/PE, 2/N/PE, 3/N/PE | 1/N/PE, 2/N/PE, 3/N/PE | 1/N/PE, 2/N/PE, 3/N/PE | 1/N/PE, 2/N/PE, 3/N/PE | 1/N/PE, 2/N/PE, 3/N/PE | |
| Nominate spanning | V | 230/400 | 230/400 | 230/400 | 230/400 | 230/400 | 230/400 |
| Frequentie | Hz | 50-60 | 50-60 | 50-60 | 50-60 | 50-60 | 50-60 |
| Werkwijze éénkring | X | X | X | X | X | X | |
| Werkwijze tweekring | X | X | X | X | X | X | |
| Werkwijze boiler | X | X | X | X | X | X | |
| Werkingsgebied | |||||||
| Temperatuurinstelbereik | °C | 20-85 | 20-85 | 20-85 | 20-85 | 20-85 | 20-85 |
| Max. toegelaten druk | MPa | 0,6 | 0,6 | 0,6 | 0,6 | 0,6 | 0,6 |
| Testdruk | MPa | 0,78 | 0,78 | 0,78 | 0,78 | 0,78 | 0,78 |
| Max. toegelaten temperatuur | °C | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 | 95 |
| Max. doorstroomvolume | l/min | 18 | 18 | 18 | 18 | 18 | 18 |
| Geleidhaarheid drinkwater min./max. | μS/cm | 100-1500 | 100-1500 | 100-1500 | 100-1500 | 100-1500 | 100-1500 |
| Energiegegevens | |||||||
| Energieverbruik in stand-by/24 uur bij 65 °C | kWh | 0,46 | 0,54 | 0,67 | 0,86 | 0,99 | 1,16 |
| Energieendementsklasse | A | B | B | C | C | C | |
| Uitvoeringen | |||||||
| Beschermingsgraad (IP) | IP25 | IP25 | IP25 | IP25 | IP25 | IP25 | |
| Uitvoering gesloten | X | X | X | X | X | X | |
| Uitvoering open | X | X | X | X | X | X | |
| Kleur | wit | wit | wit | wit | wit | wit | |
| Afmetingen | |||||||
| Hoopte | mm | 770 | 740 | 1050 | 1050 | 1210 | 1445 |
| Breedte | mm | 410 | 510 | 510 | 510 | 510 | 510 |
| Diepte | mm | 420 | 510 | 510 | 510 | 510 | 510 |
| Gewichten | |||||||
| Gevuld gewicht | kg | 53 | 78 | 118 | 140 | 165 | 203 |
| Leeg gewicht | kg | 22,9 | 27,6 | 37,6 | 39,5 | 42,4 | 52 |
Garantie
Voor toestellen die buiten Duitsland zich gekocht, gelden de garantievoorwaarden van onze Duitse ondernemingen Niet. Bovendien kan in landen waar een van onze dochtermaatschappijen verantwoordelijk is voor de verkoop van onze producten, alleen garantie worden verleend door deze dochtermaatschappij. Een dergelijk garantie worden alleen verstrecht, wanner de dochtermaatschappij eigengarantievoorwaarden heeft gepubliceerd. In andere situatuies worden er geen garantie verleend.
Voor toestellen die in landen worden gekocht waar wij geen dochtermaatschappijen hebben die once producten verkopen, verlenen wij geen garantie. Een eventuele door de importeur verzekerde garantie blijft onverminderd van kracht.
Milieu en recycling
Gooi het toestel en de materialien na gebruik weg conform de nationale voorschriften.

Wanneer op het toestel een doorgestrepte vuilcontainer is afgebeeld, brengt u het toestel voor hergebruik en recyclingaar de gemeente lijke inzamelpunten of terugnamepunter in de handel.

Dit document bestaatuitrecyclebaarpapier.
Gooi het document na de levenscylus van het toestel overeenkomstig de nationale voorschriften weg.
NOTITIES