MEDISANA MediTouch 2 - Bloedglucosemeter

MediTouch 2 - Bloedglucosemeter MEDISANA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis MediTouch 2 MEDISANA in PDF-formaat.

📄 140 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag ⚙️ Specs
Notice MEDISANA MediTouch 2 - page 3
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE Nederlands NL
SKIP

Veelgestelde vragen - MediTouch 2 MEDISANA

Gebruikersvragen over MediTouch 2 MEDISANA

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

L'email reste privé : il sert seulement à vous prévenir si quelqu'un répond à votre question.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Bloedglucosemeter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding MediTouch 2 - MEDISANA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. MediTouch 2 van het merk MEDISANA.

GEBRUIKSAANWIJZING MediTouch 2 MEDISANA

Bloedglucosemeter MediTouch 2 voor persoonlijk gebruik

Toestel en bedieningselementen 1 Verklaring tekens 2 Veiligheidsaanwijzingen

2.1 Waarop u zeker dient te letten

2.2 Aanwijzing voor gezondheid

2.3 Aanwijzing voor gebruik van de

bloedglucose teststrips

2.4 Aanwijzing voor gebruik van de

controlevloeistof 3 Wat u moet weten

3.1 Leveringsomvang en verpakking

3.2 Bijzonderheden van de MEDISANA bloed-

4.2 Instellen van datum en uur

5.1 Gebruik van de controlevloeistof

5.2 Bloedglucosetest voorbereiden

5.3 Gebruik van de AST-kap

5.4 Bloedglucosewaarde bepalen

5.5 De gebruikte lancetten met het afval

5.6 Evaluatie van een testresultaat

6.2 Oproepen en verwijderen van de

8.3 Resetten van het toestel

9.1 Garantie en reparatievoorwaarden

Toestel en bedieningselementen Display Batterijvak (achterkant) - Toets voor toegang tot het geheugen om invoeren te bedienen en om testresultaten te bekijken - Toets om invoeren te bevestigen, re- sultaten te wissen of het toestel in te schakelen (ingedrukt houden voor ca. 3 seconden). Invoergleuf voor teststrip Teststrip Aansluiting voor USB kabel

A. Gebied voor bloedafname (absorberende gleuf) B. Reactiecel C. Greep/fixatiegebied D. In de richting van de pijl verwijderen E. Contactelektrode AST-Kap* Kapeinde (afstel- baar)* Activer- ingstoets* Drager* Prikpen* Spanner* Voorbeeldafbeelding Verval- datum

  • Niet meegeleverdNL Display Datum (maand-dag) Tijd (uur: minuut)Meetmodus voor controleoplossingAlarm (voor het eten met alarm na 2 uur voor een test na het eten)Bloedglucose-meetwaardeTeststrip inbrengenBloed of controle-oplossing aanbrengen USB-verbindingAM (voormiddag)PM (namiddag /avond)voor het eten (AC) Na het eten (PC) SysteemfoutOmgevingstempe-ratuur-foutenMeeteenheidBatterijsymbool (zwakke batterij)KetoneWaarschuwing res-pectievelijk van een mogelijke diabetische ketoacidose. Arts raadplegen!

Deze gebruiksaanwijzing behoort bij dit toestel. Deze bevat belangrijke informatie over de ingebruikneming en het gebruik. Lees deze gebruiks- aanwijzing helemaal. Het niet naleven van deze instructie kan zware ver- wondingen of schade aan het toestel veroorzaken. WAARSCHUWING Deze waarschuwingen moeten in acht genomen worden om mogelijk letsel van de gebruiker te vermijden. OPGELET Deze aanwijzingen moeten in acht genomen worden om mogelijke schade aan het toestel te vermijden. AANWIJZING Deze aanwijzingen geven u nuttige aanvullende informatie bij de installatie of het gebruik. LOT-nummer Producent Productnummer Serienummer De volgende tekens en symbolen op het toestel, verpakkingen en in de gebruiksaanwijzingen geven belangrijke informatie:NL 1 Verklaring tekens

<n> Geneeskundig „In vitro“- diagnosetoestel (enkel voor uitwendig gebruik) Deze bloedsuikermeter voldoet aan de EG-richtlijn 98/79 voor „ In Vitro” diagnosetoestellen enkel voor eenmalig gebruik Verfaldatum Bewaartemperatuur Inhoud voldoende voor <n> tests Controlevloeistof 6 maanden na openen niet meer gebruiken8 2 Veiligheidsaanwijzingen BELANGRIJKE AANWIJZINGEN! ABSOLUUT BEWAREN! Lees de gebruiksaanwijzing, in het bijzonder de veiligheidsinstructies, zorvuldig door voordat u het apparaat gebruikt en bewaar de gebruiksaan- wijzing voor verder gebruik. Als u de meter aan derden doorgeeft, geef dan deze gebruiksaanwijzing mee.

2.1 Waarop u zeker dient te letten

Het systeem is bedoeld voor het meten van de glucosewaarden in het bloed uit de vingertop, bij wijze van alterantief kan bij volwassenen ook bloed genomen worden uit de muis van de hand, of uit de onderarm. Het gaat d aarbij om de snelle, elektrochemische bepaling van de bloedglucosespiegel. Dee FAD-bindende glucose-dehydrogenase zet de in het bloed aan- wezige glucose om in gluconolactone. Het meettoestel meet dfe door deze reactide vrijge- komen stroom die in verhouding tot het bloedvolume staat. Het systeem is uitsluitend bedoeld vor uitwendige toepassing (in vitro), het kan worden ingezet bij diabetici voor zelfcontrole of bij de klinische diabetesopvolging door geschoold personeel. Doelmatig gebruik

  • NL 2 Veiligheidsaanwijzingen

Het systeem is niet bedoeld voor de glucosemeting bij kinderen jonger dan 12 jaar. Overleg met uw arts wannener u het systeem wilt gebruiken bij kinderen ouder dan 12 jaar. Het is niet geschikt om de diagnose "diabetes" te stellen en evenmin om het glucosegehalte van pasgeborenen te meten. Contra-indicaties

  • Deze meter meet in mg/dL.
  • Gebruik de meter enkel waarvoor deze bestemd is en volgens de gebruikershandleiding.
  • Bij onbestemd gebruik vervalt de garantie.
  • Enkel toebehoren die aangewezen worden door de fabrikant (teststrips, lancetten*, controlevloei- stof) mogen met de meter gebruikt worden.
  • Deze meter is niet bedoeld voor gebruik door personen (met inbegrip van kinderen) met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke vaardigheden of ontbrekende ervaring en/of ontbrekende kennis tenzij ze door een persoon die instaat voor hun veiligheid begeleid worden of van deze laatste aanwijzingen krijgen over het gebruik van het toestel.
  • Kinderen moeten onder begeleiding zijn om zeker te zijn dat ze niet spelen met de meter.
  • Gebruik de meter niet in de buurt van sterke zendsignalen zoals bv. magnetron- en kortegolftoe- stellen.
  • Gebruik de meter niet als deze niet correct werkt, als deze op de grond gevallen of in het water gevallen is of beschadigd is.
  • Bescherm de meter tegen vochtigheid. Mocht er toch water in de meter zijn gedrongen, moet de accu meteen verwijderd worden en verder gebruik vermeden worden. Neem contact op met de service-desk.10
  • Probeer bij storingen het toestel niet zelf te herstellen, de garantie vervalt hierdoor. Laat de re- paraties enkel door bevoegde service-desks uitvoeren.
  • Houdt de meter schoon en bewaar deze op een veilige plaats. Bescherm de meter tegen directe zonnestralen voor een langere levensduur.
  • Bewaar de meter en de teststrips niet in een voertuig, badkamer of koelkast.
  • Extreem hoge luchtvochtigheid kan invloed hebben op de testresultaten. Een relatieve lucht- vochtigheid van meer dan 90% kan leiden tot foutieve resultaten.
  • Bewaar de meter, de teststrips en de prikhulp* uit de buurt van kinderen en huisdieren.
  • Verwijder de accu als u de meter langer niet gebruikt.
  • Neem contact op met uw arts, alvorens u voor de eerste keer een bloedsuikertest uitvoert met het toestel. 2 Veiligheidsaanwijzingen

2.2 Aanwijzingen voor uw gezondheid

  • Deze bloedglucosemeter is bestemd voor de actieve bloedglucosecontrole van individuele personen. De meting met een bloedglucose- zelftest-systeem vervangt geen professioneel laboratoriumonderzoek.
  • De meter is enkel voor uitwendig gebruik (in vitro) bestemd.
  • Gebruik voor de test enkel vers, capillair bloed van de vingertop.
  • Bij producten voor eigen gebruik en/of ter con- trole mag u de betreffende behandeling enkel aanpassen als u daarvoor vooraf de respectie- velijke scholing hebt gekregen.
  • Wijzig op basis van uw bloedsuiker meet- waarden geen therapeutische maatregelen zonder overleg met uw arts.
  • Dit meettoestel is niet geschikt voor metingen bij ernstig zieke patiënten.
  • Uw systeem heeft slechts een klein bloed- druppeltje nodig om een test te doen. Dit kunt u van uw vingertop afnemen. Gebruik voor elke test een andere plaats. Herhaalde prikken op dezelfde plaats kunnen ontstekingen en ge- voelloosheid veroorzaken.
  • Meetresultaten, onder 60 mg/dl (3,3 mmol/L), zijn een teken voor "Hypoglycemie", te lage bloedglucosespiegel. Liggen de meetresultaten boven 240 mg/dl (13,3 mmol/L), kunnen symp- tomen van een te hoge bloedglucosespiegel ("Hyperglycemie") optreden. Bezoek een arts als uw meetresultaten regelmatig boven of onder deze grenswaarden liggen.
  • Verschijnen de meetresultaten "HI" of "LO", voer dan de meting opnieuw uit. Krijgt u op- nieuw gelijkaardige meetwaarden, neem dan onmiddellijk contact op met uw arts en volg zijn instructies.
  • Is uw aandeel aan rode bloedlichaampjes (hematocrietwaarde) zeer hoog (boven 55%) of zeer laag (onder 30%), dan kan dit uw meet- resultaten beinvloeden. 2 Veiligheidsaanwijzingen• Gebrek aan water of groot verlies van vloeistof (bijv. door zweten) kunnen foutieve meetwaar- den veroorzaken. Als er een vermoeden be- staat dat u onder dehydratatie, dus een gebrek aan vloeistof lijdt, zoek dan zo snel mogelijk een arts op!
  • Als u alle aanwijzingen in deze gebruikershand- leiding hebt gevolgd en er toch nog symptomen optreden, die niet met uw bloedglucosespiegel of uw bloeddruk samenhangen, bezoek dan uw arts.
  • Voor aanvullende aanwijzingen inzake uw ge- zondheid leest u de gebruikershandleiding van de teststrips zorgvuldig door.

WAARSCHUWING voor mogelijk ontstekingsgevaar Gebruikte teststrips en lancetten worden als gevaarlijk, biologisch en niet afbreekbaar afval beschouwd. Bij het wegwerpen moet u erop letten dat bij onzorgvuldig handelen infecties overgedragen kunnen worden. Vraag dit even- tueel na bij uw plaatselijke afvalverwerker, uw arts of uw apotheker.

Werp de gebruikte teststrips en lancetten zorg- vuldig weg. Als u de gebruikte onderdelen bij het afval weg wilt werpen, verpak ze dan mogelijk zo dat een verwonding van en/of een infectie van andere personen uitgesloten is. Medisch personeel en anderen die dit systeem bij meerdere patiënten inzetten, moeten zich ervan bewust zijn dat alle producten en voorwerpen, die met menselijk bloed in contact komen ook na het schoonmaken moeten worden behandeld op een manier alsof ze virussen zouden kunnen overdragen. Gebruik een lancet of de prikhulp nooit samen met andere personen. Gebruik voor elke test een nieuwe steriele lancet en een nieuwe teststrip. Teststrips, lancetten en alcohol-pads zijn bestemd voor eenmalig gebruik. Zorg ervoor dat er geen handlotion, olie of vuil in of op lancetten, prikhulp en teststrips komt.

2 VeiligheidsaanwijzingenNL

2.3 Aanwijzingen voor het gebruik van

  • Enkel in combinatie met de MediTouch 2- bloedglucosemeter gebruiken.
  • Bewaar de teststrips in hun oorspronkelijke verpakking.
  • Om alles zo steriel mogelijk te houden, raakt u de teststrips enkel aan met schone, droge handen. Als u de strips uit de verpakking haalt en in de meter wilt plaatsen, raak ze indien mogelijk aan de greep (handgedeelte) aan.
  • Sluit de verpakking meteen daarna zo dat de teststrips droog en stofvrij blijven.
  • Gebruik de teststrips binnen drie minuten nadat u ze uit de verpakking hebt genomen.
  • De teststrip is enkel voor eenmalig gebruik bedoeld. Gebruik deze nooit opnieuw.
  • Schrijf de openingsdatum op het etiket van de verpakking als u deze voor de eerste keer openmaakt. Let op de houdbaarheidsdatum. De teststrips blijven vanaf de opening van de verpakking ca. 6 maanden of tot en met de houdbaarheidsdatum bruikbaar, afhankelijk van welke het eerst optreedt.
  • Gebruik geen teststrips waarvan de houdbaar- heidsdatum reeds overschreden is, omdat deze het meetresultaat beïnvloedt. De houd- baarheidsdatum is geprint op de verpakking.
  • Bewaar de teststrips op een koele en droge plaats, maar niet in de koelkast.
  • Bewaar de teststrips tussen 2 °C en 30 °C (35.6 °F - 86 °F). Vries de teststrips niet in.
  • Bescherm de strips tegen vochtigheid en direct zonlicht.
  • Druppel geen bloed of controlevloeistof op de teststrips, voordat deze in het meettoestel ingevoerd zijn.
  • Breng enkel bloedstalen of de bijgevoegde controlevloeistoffen op het streepje van de teststrip aan. Het aanbrengen van andere substanties leidt tot niet nauwkeurige of foute meetwaarden.
  • De teststrips kunnen zonder gevolg op de test- resultaten worden gebruikt bij hoogten tot op 3048 m. 2 Veiligheidsaanwijzingen14
  • Die teststrips mogen niet gebogen, gesneden of op geen enkele manier veranderd worden.
  • Houdt de verpakking met teststrips verwijderd van kinderen! Door de afsluitdop bestaat ver- stikkingsgevaar. Verder bevat de afsluitdop uitdrogende stoffen, die schadelijk kunnen zijn als ze ingeademd of ingeslikt worden. Hierdoor kunnen huid- en oogirritaties optreden.

2.4 Aanwijzingen voor het gebruik van

  • Gebruik enkel de MediTouch 2-controlevloei- stof.
  • Enkel samen met MediTouch 2- teststrips gebruiken.
  • Schrijf de openingsdatum op het etiket van de verpakking. De controlevloeistof blijft vanaf de opening van de verpakking ca. drie maanden of tot de houdbaarheidsdatum bruikbaar, af- hankelijk van de volgorde.
  • Gebruik de controlevloeistof niet langer dan de houdbaarheidsdatum.
  • De omgevingstemperatuur bij het gebruik van de controlevloeistof mag tussen 10 °C – 40 °C (50 °F – 104 °F) liggen.
  • De maximale temperatuurwaarden voor be- waring en transport van de controlevloeistof liggen tussen 2 °C en 30 °C (35.6 °F – 86 °F). Bewaar de vloeistof niet in de koelkast en vries deze niet in.
  • Het flesje met testvloeistof goed schudden al- vorens deze te openen. Veeg de eerste drup- peltjes af en gebruik het tweede om een goede staal voor exacte meetresultaten te krijgen.
  • Opdat de controlevloeistof niet verontreinigd wordt, veegt u de vloeistofresten met een schoon doekje van de punt van de verpakking alvorens u deze weer afsluit.
  • De controlevloeistof kan vlekken veroorzaken op kleding. Was de vuile kleding indien nodig uit met water en zeep.
  • Overtollige controlevloeistof niet terug in de verpakking doen.
  • Sluit de verpakking goed af na elke gebruik. 2 VeiligheidsaanwijzingenNL 3 Wat u moet weten

Hartelijk dank G voor uw vertrouwen en van harte gefeliciteerd met uw aankoop! Met de bloedglucosemeter

MediTouch 2 hebt u een kwaliteitsproduct van MEDISANA gekocht. Voor een succesvol ge- bruik en lang plezier van uw MEDISANA bloed-

glucosemeter MediTouch 2, raden we u aan om de volgende aanwijzingen vóór het gebruik en het onderhoud zorgvuldig door te lezen.

3.1 Levering en verpakking

Gelieve eerst te controleren of het instrument volledig is en volledig vrij van beschadigingen is. In geval van twijfel neemt u het apparaat niet in gebruik en zendt u het naar een servicepunt.

  • 2 CR2032 lithium-batterijen Het verpakkingsmateriaal kan opnieuw worden gebruikt of gerecycled. Zorg ervoor dat het ge- bruikte verpakkingsmateriaal bij de daarvoor bestemde afvalverwerking terechtkomt. Indien u tijdens het uitpakken transportschade consta- teert, neem dan direct contact op met uw le- verancier. WAARSCHUWING Let er op dat het verpakkingsmateriaal niet in handen komt van kinderen. Zij kunnen er in stikken!
  • 1 gebruiksaanwijzing
  • 1 diabeticus-dagboek16 3 Wat u moet weten

3.2 Bijzonderheden van het MEDISANA

bloedglucosemeter MediTouch 2 Het regelmatige meten van uw bloed- glucosewaarde kan een grote hulp zijn bij de behandeling van uw diabetes. Deze bloed- glucose-meter werd op die manier vervaardigd, zodat u het gemakkelijk, regelmatig en overal kunt gebruiken. De prikhulp* kan individueel ingesteld worden aan de hand van de gevoeligheid van uw huid. Het meegeleverde dagboek voor diabetici helpt u om de invloed op de testresultaten van eetgewoontes, sport of medicatie te herkennen en vast te leggen. Bespreek de testresultaten en behandeling altijd met uw arts. Het meettoestel is voor de actieve bloedglucosecontrole van personen in de private sfeer bedoeld. Het dient niet om diabetes vast te stellen en de bloedglucosebepaling van pasgeborenen. Uw bloedglucose meetsysteem

MediTouch 2 van MEDISANA bestaat uit vijf hoofdcomponenten: De bloedglucosemeter, de prikhulp*, de lan- cetten*, de teststrips en de controlevloeistof. Deze componenten zijn speciaal op elkaar afgestemd en zijn getest op kwaliteit, zodat nauwkeurige testresultaten gegarandeerd zijn. Gebruik voor uw bloedglucose meetsysteem

MediTouch 2 enkel toegelaten teststrips, lancetten* en controlevloeistof. Enkel het correcte gebruik van het systeem kan nauw- keurige testresultaten garanderen. Gebruik voor de test capillair bloed, indien mogelijk van de vingertop. Het toestel meet de bloedglucose met zeer hoge nauwkeurigheid. Het beschikt over een automatische ge- heugencapaciteit voor 480 meetwaarden met datum en tijd. Verder berekent het toestel de gemiddelde waarde, op basis van de bloedglucose meetwaarde van de voorbije 7, 14, 30 en 90 dagen. Zo kunt u de wijzigingen goed volgen en overleggen met uw arts.

  • In België zonder prikhulp en lancettenNL 4 In gebruik nemen

1. Open de afdekking van

het batterijvak op de achterkant door deze naar beneden te trekken in de richting van de pijl.

2. Plaats deze twee passende

batterijen zoals afgebeeld. Het toestel zal na correcte plaatsing een akoestisch signaal laten horen.

3. Sluit de afdekking van het

batterijvak opnieuw - deze klikt overeenkomstig vast.

4 In gebruik nemen WAARSCHUWING VEILIGHEIDSAANWIJZINGEN T.A.V. DE BATTERIJ

  • Batterijen niet uit elkaar halen!
  • Lege batterijen onmiddellijk uit het toestel verwijderen!
  • Verhoogd uitloopgevaar, contact met huid, ogen en slijmhuid vermijden! Bij contact met accuzuur de betreffende plaatsen onmiddellijk met overvloedig helder water spoelen en onmiddellijk een arts opzoeken!
  • Mocht er een batterij ingeslikt zijn, dan moet onmiddellijk een arts opgezocht worden!
  • Altijd alle batterijen tegelijk vervangen!
  • Alleen batterijen van hetzelfde type gebruiken, geen verschillende types of gebruikte en nieuwe batterijen door elkaar gebruiken!
  • Plaats de batterijen correct, neem de polariteit in acht!
  • Houd het batterijvak goed gesloten!
  • Batterijen bij langer niet-gebruik uit het toestel verwijderen!
  • Batterijen uit de buurt van kinderen houden!
  • Batterijen niet heropladen! Er bestaat explosiegevaar!
  • Niet kortsluiten! Er bestaat explosie- gevaar!
  • Niet in het vuur werpen! Er bestaat explosiegevaar!
  • Bewaar onverbruikte batterijen in de verpakking en niet in de buurt van metalen voorwerpen om een kortsluiting te vermijden!
  • Geef verbruikte batterijen en accu's niet met het gewone huisvuil mee, maar met het speciale afval of in een batterijverza- melstation in de vakhandel!NL De correcte instelling van tijd en datum is in het bijzonder belangrijk als u de geheugenfunctie van het toestel wilt gebruiken.

4.2 Instellen van datum en uur

1. Na het plaatsen van de batterijen schakelt het toestel automatische aan.2. De beide laatste cijfers van het jaartal knipperen op het display. Stel met de correcte waarde in druk op .3. Herhaal stap 2 om datum en tijd in te stellen. Telkens knippert de zone waarin dan een instelling wordt uitgevoerd.4. Deze verschijnt op het display. Het toestel is nu klaar voor de test met de controleoplossing.De maateenheid (mg/dL) is vast in het toestel geïnstalleerd. Als deze moet worden gewijzigd, contacteer dan a.u.b. de klantendienst.

4 In gebruik nemen >20 5 Gebruik

5.1 Gebruik van de controlevloeistof

Waarom moet een test met controlevloeistof uitgevoerd worden? Bij het uitvoeren van een test met controlevloei- stof kunt u vaststellen of uw meter en teststrips correct werken en exacte resultaten leveren. In de volgende gevallen moet een controletest uitgevoerd worden:

  • U gebruikt uw meter voor de eerste keer.
  • U opent een nieuwe teststripverpakking.
  • U vermoedt dat de meter of teststrips niet juist werken.
  • De meter is gevallen.
  • U hebt de test reeds herhaald en de resultaten zijn nog altijd lager of hoger dan u verwacht had.
  • U oefent het testproces. Test met controlevloeistof uitvoeren WAARSCHUWING Als u een test met controlevloeistof uitvoert, lees dan hoofdstuk 2 Veilig- heidsaanwijzingen (p. 8 - 14), in het bijzonder de gedeeltes 2.3 Aan- wijzingen voor het gebruik van de bloedglucose teststrips en 2.4 Aan- wijzingen voor het gebruik van de controlevloeistof.NL

U heeft het toestel, een teststrip en de controleoplossing nodig.1. Voer een teststrip in pijlrichting in het toestel. Het -symbool ver- schijnt automatisch.2. Druk zo vaak op tot het symbool (meetmodus voor controleoplossing) ver- schijnt. Het druppelsymbool knippert. Druk op om de invoer te bevestigen.3. Plaats de meter op een effen vlak, bijv. een tafel.4. Schroef de kap van de doos met oplossing en wis de top van de houder met een schone doek af.De meetgegevens in de meetmodus voor controleoplossing worden niet in het geheugen van de bloedglucosemeetwaarde opgenomen.

5 Gebruik5. Druk de houder zo dat er zich een kleine druppel op de punt van de houder vormt.

6. Breng de druppel op het bloed-

afnamegebied aan het uiteinde van de teststrip aan.

7. Breng geen oplossing op de

bovenkant van de teststrip aan.

8. Als er voldoende controleop-

lossing door de reactiecel opgenomen werd, hoort u een pieptoon en op het display wordt " " weergegeven.

9. Het toestel start een countdown

van ca. 5 sec., die aftellend op het display verschijnt.

10. Op het display verschijnt

een testresultaat. Alvor- ens u de teststrip ver- wijdert, gaat u na of het testresultaat binnen het op de houder van de test- strip aangegeven gebied ligt.

11. Daarna verwijdert u de

teststrip en smijt u deze weg.

Voorbeeldafbeelding voor een weer-gavebereik op de houder van de teststrip 5 Gebruik

Resultaat van controletest evalueren Op het etiket van de teststrip-verpakking wordt het toegelaten waardebereik voor de controle- vloeistof aangegeven. Uw testresultaat moet bin- nen het aangegeven bereik liggen. Verzekert u zich ervan dat u het testresultaat met het juiste waardebereik vergelijkt. Als het resultaat van de controletest binnen het op de teststrip-verpakking aangegeven bereik ligt, werken de meter en de teststrips nauwkeurig. Als het resultaat van de controletest niet binnen het op de teststrip-ver- pakking aangegeven bereik ligt, kunnen de vol- gende mogelijkheden het probleem oplossen: Oorzaak Oplossing Lag de teststrip ergens al geruime tijd geopend? Was de teststrip- verpakking niet goed afgesloten? Herhaal de test met een correct bewaarde teststrip. De teststrips zijn vochtig geworden. Vervang de teststrips. Oorzaak Oplossing Werkt het meet- toestel juist? Is de controlevloei- stof niet schoon of is de houdbaarheids- datum afgelopen? Zijn teststrip en controlevloeistof op een koele, droge plaats bewaard? Hebt u alle test- stappen goed gevolgd? Herhaal de test, zoals beschreven in 5.1. Als u verdere problemen onder- vindt, neemt u dan contact op met de service-desk. Gebruik nieuwe controle- vloeistof, om de werking van het toestel te controleren. Herhaal de controletest met een correct bewaarde vloeistof en strip. Herhaal de test, zoals be- schreven in 5.1. Als u verdere problemen onder- vindt, neemt u dan contact op met de service-desk. 5 Gebruik24

5.2 Bloedglucosetest voorbereiden

Gebruik van de prikhulp Met de prikhulp kunt u eenvoudig, snel, schoon en pijnloos een druppeltje bloed voor de bloed- glucosetest verkrijgen. De prikhulp kan indivi- dueel op de gevoeligheid van uw huid ingesteld worden. De aanpasbare punt is in 6 verschillende prikdieptes instelbaar. Draai het dopuiteinde in de betreffende richting tot de pijl op het cijfer met de gewenste prikdiepte wijst.

1) Bepaal uw gewenste prikdiepte:

1 - 2 voor zachte of dunne huid,

3 - 4 voor normale huid en

5 - 6 voor dikke of cornea huid.

2) Gebruik de lancet of de prikhulp

nooit samen met andere personen. Gebruik voor elke test een nieuwe steriele lancet. WAARSCHUWING Lancetten zijn bedoeld voor eenmalig gebruik. Gebruikte teststrips en lancetten worden beschouwd als gevaarlijk, bio- logisch niet afbreekbaar afval. Werp de gebruikte teststrips en lancetten zorgvuldig weg. Als u de gebruikte onder- delen bij het afval weg wilt werpen, verpak ze dan mogelijk zo dat een verwonding van en/of een infectie van andere personen uitgesloten is. Aanbrengen van de lancet in de prikhulp Voor het gebruik van de prikhulp, moet u een lancet aanbrengen. WAARSCHUWING Voordat u een bloedglucosetest uitvoert en voor het gebruik van de prikhulp, leest u hoofdstuk 2 Veiligheidsaanwijzingen, in het bijzonder de delen 2.2 Aanwijzingen voor uw gezondheid en 2.3 Aanwijzingen voor het gebruik van de bloedglucose- teststrips grondig door. 5 Gebruik AANWIJZING De prikhulp en lancetten kunt u in België in de apotheek verkrijgen.NL

2. Open de prikpen door de bescherm-

kap naar rechts te draaien en deze af te nemen. Steek de lancet tot aan de aanslag (zonder ze daarbij te draaien) in de prikpen. Draai de beschermhuls van de lancet voor- zichtig af.

3. Plaats de beschermkap

opnieuw op de prikpen en draai deze naar links vast. Bij gebruik van de AST-kap informeert u zich in 5.3 Gebruik van de AST-kap.

1. Was uw handen met zeep en

warm water. Spoel en droog deze grondig af. Indien nodig de huid, waar de bloed- druppel wordt genomen, nog eens afzonderlijk grondig reinigen. 5 Gebruik4. Stel de voor u geschikte prikdiepte in zoals op de vorige pagina beschreven.

5. Span de prikpen op door

deze uit elkaar te trekken tot deze met een 'klik' vast- klikt. Klikt deze niet vast, werd deze waarschijnlijk al bij het plaatsen van de lancet opgespannen. Markering van de prikdiepte

6. De prikpen is voorbereid.

Prik niet in uw vinger, alvorens de meter en test- strip zijn voorbereid.

1) Vind de voor u geschikte prikdiepte: 1-2 voor zachte of dunne huid, 3-4 voor

normale huid en 5-6 voor dikke of vereelte huid.

2) Gebruik een lancet of de prikpen nooit samen met andere personen. Dit kan

leiden tot het overdragen van ziektekiemen via het bloed (zoals bijv. virus- hepatitis). 5 GebruikNL

5.3 Gebruik van de AST-kap*

WAARSCHUWING Bij een lage bloedglucosespiegel (Hypo- glycemie) moet het bloedstaal uit de vingertop genomen worden omdat met een bloedafname uit de vingertop wijzigingen van de bloedglucosespiegel sneller te meten zijn dan op andere lichaamsplaats- en. De metingen aan de vingertop en op een andere plaats op het lichaam kunnen sterke, onderling afwijkende meetwaarden veroorzaken. Het is daarom noodzakelijk dat u praat met uw arts, voordat u een bloedglucosetest met een andere bloed- staal op een andere plaats op het lichaam uitvoert. We raden aan om de meting op een andere plaats op het lichaam (AST) enkel uit te voeren als:

  • minstens 2 uur voorbij zijn na de laatste maaltijd
  • minstens 2 uur voorbij zijn sinds de laatste insuline-inname en/of lichamelijke activiteit Bespreek de testresultaten van een AST-meting met uw arts, als:
  • sterk schommelende glucose- waarden werden gemeten
  • het testresultaat niet met uw gevoel overeenstemt Voor de afname van een bloedstaal voor de bloedglucosetest thuis, wordt in de regel de af- name uit de vingertop aangeraden. Als een bloedafname aan de vingertop niet mogelijk is kunt u met de prikhulp ook een bloedstaal uit een ander lichaamsdeel (AST) zoals handpalm of onderarm bovendij of kuit nemen. In dit geval moet de beschermdop aan de prikhulp door de AST-kap* vervangen worden. Daartoe zet u na het invoeren van de lancet in plaats van de beschermdop, de transparante dop op de prik- hulp en draait u deze vast. Let op dat de AST- kap niet voor de bloedafname aan de vingertop bedoeld is. 5 Gebruik
  • Niet meegeleverd28 Kies een zachte, niet al te sterk be- haarde plaats op het lichaam uit, die niet in de buurt van een gebeente of een ader ligt.

Ter voorbereiding van de huid en voor een betere bloedsomloop, masseert u de plaats zacht.

Houdt de prikhulp enkele seconden tegen de prikplek aan vóór het prikken en druk dan op de druktoets. Wacht tot er zich onder AST-kap een bloeddruppeltje met de diameter van ca. 1,4 mm gevormd heeft.

Neem de prikpen voorzichtig van de huid en ga verder zoals bij gebruik van de normale beschermkap (zie 5.4 "Bloedglucosewaarde bepalen"). Werk als volgt:

WAARSCHUWING Bij gebruik van de AST kap mag NIET de eerste bloeddruppel worden gebruikt voor de bloedglucosemeting.

In plaats van de vingertop kan het bloedstaal ook afgenomen worden aan: Handpalm Onderarm 5 GebruikNL

5.4 Bloedglucosewaarde bepalen

1. Breng een teststrip in pijlrichting in het

toestel. Het -symbool verschijnt auto- matisch.

2. Druk op om (voor het eten),

(na het eten) of (voor het eten met alarm na 2 uur) in te stellen en druk op om de invoer te bevestigen.3. Als het bloeddruppel- symbool op het display knippert, neemt u een druppel bloed van uw vingertop. Masseer de plaats zachtjes om de bloedstroom op te wekken.

4. Plaats de prikpen op een vingertop (het best aan de zijkant) en druk op de activeringstoets. Let erop dat de bloed- druppel niet vuil wordt.

5. Voer de bloeddruppel op het bloedafname-

gebied op het uiteinde van de teststrip. Let erop dat er geen bloed op de bovenkant van de teststrip geraakt. Opdat een correct meetresultaat kan worden bepaald, moet voldoende bloed op het bloedafnamegebied van de teststrip worden aangebracht, zie tekening bovenaan.

6. Als er voldoende bloed door de reactiecel werd

opgenomen, hoort u een pieptoon en op het display wordt " " weergegeven.

7. Het toestel start een countdown van ca. 5 sec.,

die aftellend op het display verschijnt. Aan- sluitend verschijnt op het display 'OK' en dan een testresultaat. 5 Gebruik >NL

1. Open de prikpen door de

beschermkap af te draaien.

2. Verwijder de gebruikte lancet

door deze (zonder deze aan te raken) in de bijbehorende beschermhoes te steken.

3. Beweeg dan de schuiver, die

op de tegenoverliggende zijde van de activeringstoets aan- gebracht is, naar boven en werp zo de lancet in een be- treffende afvalbak. Verwijder de lancet zorgvuldig om letsel van andere personen te ver- mijden.

4. Was uw handen vervolgens

zorgvuldig met water en zeep.

5.5 De gebruikte lancetten met het afval verwijderen

5 Gebruik AANWIJZING De prikhulp en lancetten kunt u in België in de apotheek verkrijgen.5.6 Evaluatie van een testresultaat WAARSCHUWING Wijzig nooit op eigen initiatief de voor- geschreven hoeveelheid medicatie of een therapie op basis van één enkel testresultaat van uw bloedglucosemeting.

De MediTouch 2 bloedglucoseteststrips werken met een verbeterde technologie (GDH-FAD) om het glucosegehalte nauwkeuriger te kunnen be- palen. Ze zijn zo gekalibreerd dat de waarden makkelijker met de labowaarden kunnen worden vergeleken.

De normale bloedglucosewaarde van een vol- wassene zonder diabetes ligt tussen 70 en 120 mg/dl (3,9 - 6,7 mmol/L). Twee uren na een maaltijd moet ligt de bloedglucosewaarde van volwassenen zonder diabetes bij minder als 140 mg/dl (7,8 mmol/L). Voor personen met diabetes geldt: Bespreek met uw arts het bereik van de bloedglucosewaarde dat voor u van toepassing is.

Bijzondere testresultaten

1. Voer de controletest uit, hoofdstuk 5.1 "Ge-

bruik van de controlevloeistof".

2. Herhaal de bloedglucosetest, hoofdstuk 5.4

"Bloedglucosewaarde bepalen”.

3. Als uw testresultaat naar uw gevoel nog

steeds afwijkt, neem dan contact op met uw arts. Als uw testresultaat niet met uw verwachtingen overeenkomt, doet u het volgende: AANWIJZINGEN

  • Extreem hoge luchtvochtigheid kan invloed hebben op de testresultaten. Een relatieve luchtvochtigheid van meer dan 90% kan leiden tot foutieve resultaten.
  • Is het aandeel van de rode bloedlichaamp- jes (Hematocrietwaarde) heel hoog (boven 55%) of zeer laag (onder 30%), dan kan dit de meetresultaten negatief beïnvloeden. 5 GebruikNL 5 Gebruik AANWIJZINGEN
  • Studies hebben aangetoond dat elektro- magnetische velden invloed kunnen hebben op de testresultaten. Voer de test niet uit in de buurt van toestellen die sterke elektromagnetische straling kunnen afgeven (bij voorbeeld magne- tron-golven, mobiele telefoons etc.). Vergelijkbaarheid van uw testresultaten met een laboratoriumresultaat Een vaakgestelde vraag is hoe men de bloed- glucosewaarde van de meter met de resultaten van het laboratorium vergelijkt. Uw bloedglucose- waarde kan heel snel veranderen, vooral na het eten, na het innemen van medicatie en lichame- lijke inspanning. Uw bloedglucose is onderhevig aan diverse invloeden en toont respectievelijk op verschillende tijdstippen van de dag verschillende waarden. Wilt u het testresultaat van uw meter met de resultaten van het laboratorium, vergelijk- en, moet u bij de uitvoering van uw bloedglucose- test nuchter zijn (lege maag). U kunt dit het best's morgens doen. Neem uw meter mee naar uw arts en test uzelf binnen vijf minuten, voor- of nadat het medisch personeel bloed werd afgenomen.

Vergeet niet dat de technologie van het labora- torium niet dezelfde is als die van uw meter en dat de bloedglucosemeter voor het persoonlijke gebruik in de regel meer afwijkende waarden dan die in het laboratorium kunnen vertonen. Voor correctheid en nauwkeurigheid en om de voor u belangrijke informatie te garanderen, leest u ook de aanwijzingen bij de bloedglucose-teststrips. AANWIJZING Bij het bijhouden van uw diabetici dagboek, is het belangrijk, dat u uw testresultaten steeds met datum en tijd aangeeft en deze met de respectievelijke symbolen voor: voor het eten , na het eten markeert.

335.7 Typische symptomen hoge of lage

bloedglucose Om de testresultaten beter te kunnen herken- nen, vindt u hier enkele typische symptomen voor lage en hoge bloedglucose. In elk geval moet u bij het optreden van één of meerdere symptomen met uw arts over de evt. vereiste therapie spreken.

Het resultaat is hoger dan 240 mg/dL: Dit resultaat ligt boven het normale referentie- waardebereik (70 - 130 mg/dL). Mogelijke symptomen kunnen zijn: Vermoeidheid, toegenomen eetlust of dorst, drang om te plassen, onscherp zicht, hoofdpijn, algemene pijn, braken. Wat moet je doen:

  • Test opnieuw uw bloedglucosegehalte
  • Komt het resultaat niet overeen met uw ge- voel, volg dan de stappen onder "Bijzondere testresultaten" (p. 32)
  • Neem contact op met uw arts Het resultaat is lager dan 60 mg/dL: Dit resultaat ligt onder het normale referentie- waardebereik (70 - 130 mg/dL). Mogelijke symptomen kunnen zijn: Zweten, beven, onscherp zicht, hartkloppingen, tintelingen, gevoelloosheid in de mond of vingers. Wat moet je doen:
  • Test opnieuw uw bloedglucosegehalte
  • Komt het resultaat niet overeen met uw gevoel, volg dan de stappen onder "Bijzondere testresultaten" (p. 32)
  • Neem contact op met uw arts 5 Gebruik 34NL 6 Geheugen

Uw meter bewaart tot en met 480 meetresultaten met datum en tijd van de test. U kunt deze waar- den altijd oproepen.

Als het geheugen vol is en er een nieuw test- resultaat toegevoegd moet worden, wordt de oudste waarde automatisch verwijderd. Daarom is het belangrijk dat u de datum en tijd juist in uw meter invoert. AANWIJZINGEN

  • De opgeslagen gegevens gaan niet ver- loren als u de accu vervangt. U moet wel controleren of de tijd en datum nog juist ingesteld zijn. Het kan voorkomen dat na het vervangen van de accu de tijd en datum opnieuw ingesteld moeten worden. Lees daarvoor 4.2 "Instellen van datum en uur".
  • Als het geheugen 480 meetresultaten bevat en er een nieuw testresultaat toe- gevoegd moet worden, wordt de oudste opslagwaarde automatisch verwijderd.
  • Gemiddelde waarde: Op basis van de bloedsuiker-meetwaarden van de voorbije 7, 14, 30 en 90 dagen be-

rekent het MediTouch2-toestel de gemid- delde waarde, gemeten vanaf het recentste (480) tot en met het eerste (001) testresultaat en die van alle AC (voor het eten)- en PC (na het eten)-testresultaten van de voorbije 30 dagen.

6.2 Oproepen en verwijderen van de

testresultaten U kunt de testresultaten altijd oproepen, zonder een teststrip in te voeren. Testresultaten, die aan de hand van bepaalde criteria zijn ontstaan, worden met de respectievelijke symbolen ge- toond. Bij het oproepen van opgeslagen test- resultaten kan een selectie met betrekking tot deze criteria gemaakt worden, als u het res- pectievelijke symbool selecteert: voor het eten na het eten Voor het eten met alarm na 2 uur na het eten6 Geheugen

1. Druk op om het gemid-

delde van 30 dagen uit de onder opgeslagen test- resultaten op te roepen. Op- nieuw drukken op roept het gemiddelde van 30 dagen onder op, dan de gemid- delde waarde van de afgelopen 7/14/30/90 dagen. Drukken en inhouden van gedurende 2 sec. verlaat deze oproepmodus.

oproepmodus voor af- zonderlijke meetwaarden te geraken. Door te druk- ken op kunnen na elkaar alle opgeslagen testresultaten van 482 tot 001 worden opgeroep- en, d.w.z. de recentste in- voer wordt eerst weerge- geven en de oudste het laatste.

3. Om een testresultaat te wissen,

drukt u op en tegelijk en dit 3 seconden lang. Op het dis- play verschijnt "dEL".

4. Druk op om het testresultaat

te wissen. Op het display ver- schijnt "OK".

5. Met kunt u verder in de opge-

slagen testresultaten bladeren. Drukken en inhouden van ge- durende 2 sec. verlaat de modus. Als u voor 1,5 minuut geen toets indrukt, schakelt het toestel zich automatisch uit.

6 Geheugen / 7 Integratie op VitaDock online

1. Ga naar www.medisana.de/software

2. Kies "MediTouch 2" als uw toestel uit.

4. U vindt op de website een handleiding, hoe u

de software kunt installeren en gebruiken.

MEDISANA MediTouch 2 biedt de mogelijk- heid om uw meetgegevens via USB-kabel in het online bereik resp. de VitaDock App over te dragen. Hiervoor hebt u de VitaDock software voor uw computer nodig. U kunt de software gewoon op www.medisana.de/software down- loaden:

Om gegevens van het toestel van MediTouch 2 op uw computer over te zetten, is het eender of het toestel aan- of uitgeschakeld is. Verschijnt bij de geheugenoproep het onder- staande display, heeft het toestel tot dusver geen meetwaarden opgeslagen. Voer eerst een meting uit zodat het toestel een testresultaat kan opslaan. mg/dL38

7 Integratie op VitaDock online

1. Verbind de meter met

behulp van de USB-kabel met uw computer. Het - symbool verschijnt op het display.

2. De overdracht van de

gegevens in het online

bereik resp. de VitaDock software gebeurt automa- tisch, voor zover de soft- ware overeenkomstig ingesteld werd (zie vorige pagina).

3. Na voltooide overdracht van

de gegevens verschijnt "OK" op het display en het toestel geeft een akoestisch signaal. >>>NL 8 Diversen

  • De betekenis van de afgebeelde symbolen vindt u aan het begin van deze gebruiks- aanwijzing
  • Het toestel kan ook door het inbrengen van de teststrip worden ingeschakeld. Foutweergaven G Neem op basis van een foutweergave nooit een eigen beslissing voor de opheffing ervan. Bij twijfel neemt u contact op met de servicedienst.

Het toestel controleert bij elk inschakelen auto- matisch zijn eigen systemen en toont u een eventuele onregelmatigheid op het display. Om zeker te zijn dat het display volgens voorschrift werkt, schakel dan het toestel in. Druk en houd de -toets voor ca. 3 seconden in om het complete display te kunnen zien. Alle weergave- elementen moeten duidelijk herkenbaar zijn en met de hiernaast staande afbeelding overeen- komen. Als dit niet van toepassing is, neem dan contact op met de servicedienst. >Oorzaak Oplossing Vochtige / gebruikte teststrips Een nieuwe teststrip gebruiken. Zwakke accu Vervangen door een nieuwe accu. Bij een batterijwissel worden opgeslagen gegevens niet gewist. Opslagfout Eerst een nieuwe accu plaatsen. Als opnieuw fout 005 getoond wordt, dan neemt u contact op met de service- desk. Systeemfout Eerst een nieuwe accu plaatsen. Als opnieuw fout 001 getoond wordt, dan neemt u contact op met de service- desk.

8 DiversenNL Testresultaat is hoger dan 630 mg/dL Herhaal de test. Als het resultaat niet verandert, neemt u dan contact op met uw arts. Testresultaat is lager dan 20 mg/dL Herhaal de test. Als het resultaat niet verandert, neemt u dan contact op met uw arts. Testresultaat is hoger dan 250 mg/dL Herhaal de test. Als het resul- taat niet verandert, neemt u dan contact op met uw arts. De waarde wijst op een diabe- tische ketoacidose. Het woord "Ketone" (ketoon) verschijnt eveneens op het display.

8 DiversenBloedhoeveelheid of hoeveelheid van de controlevloeistof is ontoereikend. Herhaal de test met een nieuwe teststrip en voldoende testhoeveelheid. Als het resultaat niet wijzigt, neem dan contact op met de service.

8 Diversen “Ht” / “Lt” verschijnt. Omgevingstempera- tuur is te hoog of te laag, d.w.z. niet binnen het bereik van de noodzakelijke 10 °C - 40 °C (50 °F - 104 °F). De gebruiker wordt ge- waarschuwd voor een mogelijk foutief test- resultaat, indien de test uitgevoerd wordt. Gebruik de meter op een plaats met een tem- peratuur tussen 10 °C en 40 °C (50 °F - 104 °F).NL

Uw bloedglucosemeter MediTouch 2 is een precisieinstrument. Behandel het met zorg om de elektronica niet te beschadigen en om functie- storingen te vermijden. Om uw meter te onder- houden is geen speciale reiniging nodig, als het niet met bloed of controlevloeistof in aanraking komt. Bescherm de meter tegen vuil, stof, bloed- en watervlekken. Let op volgende aanwijzingen:

  • Controleer of de meter uitgeschakeld is.
  • Het toesteloppervlak kunt u reinigen met een licht bevochtigde doek (met een oplossing van 70-75% ethanol).
  • Gebruik nooit hardnekkige schoonmaakmid- delen of harde borstels.
  • Besproei de meter nooit met schoonmaakmid- delen.
  • De meter niet in water onderdompelen. Er mag geen water of andere vloeistof in de meter binnen dringen. Na het schoonmaken de meter afdrogen met een pluisvrije handdoek.
  • Let op dat er geen vuiligheid, stof, bloed, con- trolevloeistof, water of alcohol door de gleuf van de teststrip of aan de toetsen in de binnen- kant van de meter terecht komt.
  • De meter niet blootstellen aan extreme tem- peraturen.
  • Bewaar de meter na elk gebruik in het mee- geleverde etui.
  • Bewaar de meter en de teststrips niet in de auto, badkamer of koelkast.
  • Verwijder de accu, als u de meter een maand of langer niet gebruikt. Prikhulp (niet meegeleverd) G De prikhulp kunt u met een vochtige doek (met water en een mild schoonmaakmiddel) reinigen. Dompel het niet in water of een andere vloeistof en laat in geen geval water of een andere vloei- stof in de binnenkant van de prikhulp lopen. Om de beschermdop te ontsmetten, legt u deze een- maal per week na de reiniging gedurende 10 minuten in 70% - 75% reinigingsalcohol. Laat de beschermdop na de ontsmetting goed drogen in de open lucht. 8 Diversen44 8 Diversen

8.3 Resetten van het toestel

Resetknop Om het toestel te resetten (opgelet: hierbij gaat alle opgeslagen informatie verloren!), open de afdekking van het batterijvak op de achter- kant van het toestel. Druk erop en houd de re- setknop gedurende min. 3 seconden in om de reset uit te voeren.

Naam en model: Meetmethode: Meetbereik: Meetduur: Geheugen: Gebruiksvoorwaarden: Opslag- en transport- voorwaarden: Staalvolume: Staalmateriaal: Hematocrietwaarde: Stroomvoorziening: Accu-werkingsduur: Automatische uitschakeling: MEDISANA Bloedglucosemeter

ca. 5 seconden 480 testresultaten met tijd en datum Temperatuur 10°C – 40°C (50°F – 104°F), relatieve luchtvochtigheid tot 90 % Temperatuur 2°C – 30°C (35.6°F - 86°F), relatieve luchtvochtigheid 40-85 % 0,6 µL vers bloed van de vinger- top, handoppervlak of arm (capillair bloed) (Htc) 30 – 55 % 2 x 3V CR2032 lithium- accu voor ca. 2.000 metingen na ca. 1,5 minutenNL

In het kader van onze voortdurende inspan- ningen naar verbeteringen, behouden wij ons het recht voor om qua vormgeving en op technisch gebied veranderingen aan ons product door te voeren.

Elektromagnetische veiligheid: g Het toestel voldoet aan de vereisten van de norm EN 60601-1-2 voor elektromagnetische veilig- heid. Details over deze meetgegevens kunnen bij MEDISANA opgevraagd worden. De meter is volgens de normen van de EG-richtlijn 98/79 voor “In Vitro” diagnostische toestellen gecertificeerd.

Vraag dit bij uw specialist of uw service-centrum na of bestel het via blutzucker-shop@medisana.de:

Dit apparaat mag niet samen met het huishoudelijk afval worden aangebo- den. Iedere consument is verplicht, alle elektrische of elektronische apparaten, ongeacht of deze schadelijke stoffen bevatten of niet, bij een milieudepot in zijn stad of bij de handelaar af te geven, zodat ze op een milieuvriendelijke manier kunnen worden verwerkt. Haal de batterijen uit het apparaat voor- dat u het apparaat weggooit. Gooi gebruikte batterijen niet bij het huisvuil, maar breng deze naar de daarvoor bestemde afvalverwerking of lever deze in bij een speciaal daarvoor bestemd inzamelstation bij de supermarkt of elektrowinke- lier. Wendt u zich inzake afvalbeheer tot uw ge- meente of handelaar. Teststrips en lancetten* G Werp de teststrips en lancetten altijd weg zodat een verwonding of een infectie van andere per- sonen uitgesloten is. Als u vragen hebt over het wegwerpen, neemt u contact op met de plaatse- lijke instantie of uw handelaar.

  • De prikhulp en lancetten kunt u in België in de apotheek verkrijgen.
  • 100 MediTouch 2-Lancetten* Art.-nr. 79001
  • 1 MediTouch 2-Prikhulp* Art.-nr. 7900246 9 Garantie Wendt u zich voor garantiegevallen altijd tot uw leverancier of tot onze klantendienst. Moet u het apparaat opsturen, stuur het dan samen met de klacht en een kopie van de aankoopbon naar onze klantendienst. Voor garantie gelden de volgende voorwaarden:

9.1 Garantie en reparatievoorwaarden

1. Voor de producten van MEDISANA geldt een

garantietermijn van drie jaar vanaf de datum van aankoop. Deze kan door middel van de verkoopbon of factuur worden aangetoond.

2. Alle klachten, die het gevolg zijn van materiaal

of fabricagefouten worden binnen de garantie- termijn gratis verholpen.

3. Een geval van garantie leidt niet tot automa-

tische verlenging van de garantietermijn, noch voor het apparaat zelf noch voor de vervangen onderdelen.

4. Uitgesloten van garantie zijn:

a. Alle schade die ontstaan is door ondeskun- dige behandeling, b.v. het niet op de juiste wijze volgen van de gebruiksaanwijzing b. Beschadigingen, die zijn ontstaan door reparaties door de koper of een ander on- bevoegd persoon. c. Transportschade, die is ontstaan op weg van de verkoper naar de verbruiker of tijdens het opsturen naar de klantendienst. d. Toebehoor-onderdelen die normale slijtage hebben, zoals accu, prikhulp en artikelen voor eenmalig gebruik etc..

5. De fabrikant neemt geen verantwoording voor

directe of indirecte vervolgschade die door het apparaat veroorzaakt wordt. Ook niet als de schade aan het apparaat als garantiegeval erkend is. MEDISANA AG Jagenbergstraße 19 41468 NEUSS Duitsland eMail:info@medisana.de Internet: www.medisana.com www.meditouch.euNL 9 Garantie

Handleidingassistent
Powered by Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : MEDISANA

Model : MediTouch 2

Categorie : Bloedglucosemeter