Santo 86378 KG18 - Koelkast AEG-ELECTROLUX - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Santo 86378 KG18 AEG-ELECTROLUX in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Santo 86378 KG18 AEG-ELECTROLUX
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Santo 86378 KG18 - AEG-ELECTROLUX en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Santo 86378 KG18 van het merk AEG-ELECTROLUX.
GEBRUIKSAANWIJZING Santo 86378 KG18 AEG-ELECTROLUX
Lees eerst aandachtig de gebruiksaanwijzing door voordat u uw nieuwe apparaat in gebruik neemt. Hierin staat belangrijke informatie over een veilig gebruik, over het opstellen en over het onderhoud van het apparaat.
De gebruiksaanwijzing s.v.p. bewaren voor latere naslag. Aan eventuele volgende bezitters van het apparaat doorgeven.
Deze gebruiksaanwijzing is voor meerdere, technisch vergelijkbare modellen in diverse uitvoeringen bestemd. S.v.p. alleen op de aanwijzingen letten die op uw apparaat betrekking hebben.

Met de waarschuwingsdriehoek en/of door signaalwoorden (Waarschuwing!, Voorzichtig!, Let op!) wordt de aandacht gevestigd op aanwijzingen die belangrijk zijn voor uw veiligheid of voor het juist functioneren van het apparaat. Hier absoluut op letten.

-
Dit symbool en nummeren voeren u stap voor stap door de bediening van het apparaat.
-
....

Na dit symbool wordt uitleg gegeven over de bediening en het praktisch gebruik van het apparaat.

Met het klaverblad worden tips en aanwijzingen voor een economisch en milieuvriendelijk gebruik van het apparaat gegeven.
Verklaringen van vaktermen die in de gebruiksaanwijzing gebruikt worden, vindt u aan het eind in het Hoofdstuk "Vaktermen".
Voor eventueel optredende storingen staan in de handleiding aanwijzingen om deze zelf op te lossen, zie Hoofdstuk "Wat te doen als...". Als deze aanwijzingen niet voldoende informatie bieden staat onze klantendienst u te allen tijde ter beschikking.
Gedrukt op milieuvriendelijk vervaardigd papier wie ecologisch denkt, handelt ook zo ...
Inhoud
Veiligheid 55
Weggooien 57
Transportbescherming verwijderen 59
Deurgrepen monteren 60
Opstellen 61
Opstelplaats 61
Het apparaat heeft lucht nodig 62
Apparaat uitlijnen 62
Elektrische aansluiting 63
Koolfilter 63
Draairichting van de deur wisselen 64
Beschrijving apparaat 65
Vooraanzicht 65
Diepvriestableau met koude accu 66
Koude-accu 66
Bedieningspaneel 67
Toetsen voor temperatuurinstelling 67
Temperatuurindicatie 68
MODE-toets 69
Tekstindicatie 70
RESET-toets 70
Voor ingebruikneming 70
Ingebruikneming 71
Temperatuur instellen 72
Standen 73
SHOPPING 73
FROSTMATIC 74
COOLMATIC 74
FROSTMATIC en COOLMATIC 75
HOLIDAY 75
Apparaat uitschakelen 76
Het openen van de deur van de diepvriesruimte 77
Controle- en informatiesysteem 78
Stroomuitvalwaarschuwing 78
"Open deur"-waarschuwing 78
Temperatuurwaarschuwing 79
Functiestoringen 80
Tips voor energiebesparing 80
Interieur 81
Legvlakken 81
Variabele binnendeur 81
LONGFRESH 0 °C koelruimte 81
Schap voor snel afkoelen 82
Flessen- en blikjeshouder 82
Verwijderen van flessen- en blikjeshouder 83
Snelkoelfunctie 83
Flessenhouder 83
Juiste manier van bewaren 84
Invriezen 87
Bewaren van diepvriesproducten 88
Symbolen bewaarde producten/Diepvrieskalender 89
Het maken van ijsblokjes 89
Ontdooien 89
Reiniging en onderhoud 91
Apparaat van binnen 91
Apparaat van buiten 92
Wat te doen als ... 93
Hulp bij storingen 93
Lamp verwisselen 95
Geluiden als het apparaat in bedrijf is 96
Doel, normen, richtlijnen 96
Vaktermen 97
Klantenservice 98

Veiligheid
De veiligheid van onze apparaten voldoet aan de Europese en Nederlandse normen. Desondanks zien wij ons genoodzaakt u met de volgende veiligheidsaanwijzingen vertrouwd te maken:
Juist gebruik
- Het apparaat is voor huishoudelijk gebruik bedoeld. Geschikt voor het koelen, invriezen en bewaren van diepgevroren levensmiddelen alsmede voor de bereiding van ijs. Als het apparaat voor andere doeleinden gebruikt wordt kan de fabrikant geen verantwording nemen voor eventuele schaden.
- Het ombouwen van of veranderingen aan het apparaat aanbrengen is uit veiligheidsoverwegingen niet toegestaan.
- Als het apparaat commercieel of voor andere doeleinden dan voor het koelen, invriezen en bewaren van diepgevroren levensmiddelen gebruikt wordt, s.v.p. letten op de hiervoor van kracht zijnde wettelijke bepalingen.
Voordat het apparaat voor de eerste keer in gebruik genomen wordt
- Controleren of het apparaat transportschade heeft. Een beschadigd apparaat in geen geval aansluiten! In geval van schade dient u zich tot de leverancier te wenden.
- Controleer of het elektriciteitssnoer niet klem zit aan de achterzijde van het apparaat, waardoor dit beschadigd zou kunnen raken. Een beschadigd elektriciteitssnoer kan oververhit raken en brand veroorzaken.
- Steek de netstekker nooit in een loszittende of beschadigde contactdoos. Gevaar voor elektrische schokken en brand!
Koelmiddelen
Het apparaat bevat in het koelvloeistofcircuit de koelvloeistof Isobutaan (R600a), een natuurlijk, zeer milieuvriendelijk gas, dat echter wel brandbaar is.
- Waarschuwing - Bij het transport en het opstellen van het apparaat erop letten dat geen onderdelen van het koelvloeistofcircuit beschadigd worden.
- Bij beschadiging van het koelvloeistofcircuit: - open vuur en brandhaarden absoluut vermijden; - het vertrek waar het apparaat staat goed ventileren.
Veiligheid van kinderen
- Verpakkingsonderdelen (bijv. folie, piepschuim) kunnen gevaarlijk zijn voor kinderen. Verstikkingsgevaar! Verpakkingsmateriaal weghouden bij kinderen!
- Apparaten die hun tijd gehad hebben onbruikbaar maken voordat ze weggegooid worden. Stekker er afhalen, netsnoer doorknippen, eventuele snap- of grendelsloten verwijderen of kapotmaken. Hierdoor wordt voorkomen dat spelende kinderen in het apparaat opgesloten worden (verstikkingsgevaar!) of in andere levensgevaarlijke situaties terechtkomen.
- Kinderen zien de gevaren die in het omgaan met huishoudelijke apparaten schuilen vaak niet. Zorg daarom voor het nodige toezicht en laat kinderen niet met het apparaat spelen! Wijs kinderen op mogelijke gevaren en leer hen het apparaat op de juiste manier te gebruiken.
Bij dagelijks gebruik
- Houders met brandbare gassen of vloeistoffen kunnen door bevriezing lek raken. Explosiegevaar! Geen houders met brandbare stoffen, zoals sprays, aanstekervullingen etc. in het apparaat plaatsen.
- Flessen en dozen niet in de diepvriesruimte plaatsen. Deze kunnen springen als de inhoud bevriest - bij koolzuurhoudende inhoud zelfs exploderen! Nooit limonades, sappen, bier, wijn, champagne etc. in de diepvriesruimte bewaren. Uitzondering: Dranken met een hoog alcoholgehalte kunnen wel in de diepvriesruimte bewaard worden.
- Consumptieijs en ijsblokjes niet direct vanuit de diepvriesruimte in de mond stoppen. Zeer koud ijs kan aan de lippen of de tong vastvriezen en verwondingen veroorzaken. Wijs kinderen op dit gevaar!
- Diepgevroren producten niet met natte handen aanraken. De handen kunnen eraan vastvriezen.
- Waarschuwing – Geen electrische apparaten (bijv. electrische ijsmachines, mixers etc.) in het koelapparaat gebruiken.
- Waarschuwing - Ventilatie-openingen in de ommanteling van het apparaat of in inbouwmeubelen niet afsluiten.
- Waarschuwing - Voor bespoedigen van het ontdooiproces geen mechanische voorzieningen of andere kunstmatige middelen gebruiken die niet door de fabrikant worden aanbevolen.
-
Voordat met het schoonmaken van het apparaat begonnen wordt altijd het apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken of de zekering in de woning uitschakelen, er resp. uitdraaien.
-
Als u boven op het apparaat bevroren producten legt, kan zich door de kou in de holle ruimte van de opbergplaat condenswater vormen. In deze holle ruimte zitten elektronische onderdelen. Als er condenswater op deze onderdelen druppelt, kan kortsluiting het apparaat beschadigen. Leg daarom geen bevroren producten boven op het apparaat.
- De netstekker nooit aan het elektriciteitssnoer uit het stopcontact trekken. Een beschadiging van het elektriciteitssnoer kan leiden tot kortsluiting, brand en/of elektrische schokken.
- Plaats geen zware voorwerpen of het apparaat zelf op het elektriciteitssnoer. Gevaar voor kortsluiting en brand!
- Een beschadigd elektriciteitssnoer moet worden vervangen door een gekwalificeerd technicus of de klantenservice.
Bij storing
- Bij storing aan het apparaat eerst in deze handleiding onder "Wat te doen als..." kijken. Als de daar genoemde aanwijzingen niet verder helpen, niet zelf reparaties uitvoeren.
- Elektrische apparaten mogen alleen door vaklieden gerepareerd worden. Door ondeskundige reparaties kunnen grote gevaren ontstaan. Wendt u zich voor reparaties s.v.p. tot de AEG klantenservice.
Weggooien

Verpakkingsmateriaal
De verpakkingsmaterialen zijn niet schadelijk voor het milieu en herbruikbaar. De kunststoffen hebben de volgende aanduidingen, bijv. >PE<, >PS<, enz. Verwijder de verpakkingsmaterialen in overeenstemming met de aanduiding bij de gemeentelijke inzamelplaatsen in de daarvoor bestemde containers.

Oud apparaat verwijderen
Het symbool op het product of op de verpakking wijst erop dat dit product niet als huishoudafval mag worden behandeld. Het moet echter naar een plaats worden gebracht waar elektrische en elektronische apparatuur wordt gerecycled. Als u ervoor zorgt dat dit product op de correcte manier wordt verwijderd, voorkomt u mogelijk voor mens en milieu negatieve gevolgen die zich zouden kunnen voordoen in geval van verkeerde afvalbehandeling. Voor meer details in verband met het recyclen van dit product, neemt u het best contact op met de gemeentelijke instanties, het bedrijf of de dienst belast met de verwijdering van huishoudafval of de winkel waar u het product hebt gekocht.

Waarschuwing! Apparaten die hun tijd gehad hebben onbruikbaar maken voordat ze weggegooid worden. Stekker er afhalen, netsnoer doorknippen, eventuele snap- of grendelsloten verwijderen of kapotmaken. Hierdoor wordt voorkomen dat spelende kinderen in het apparaat opgesloten worden (verstikkingsgevaar!) of in andere levensgevaarlijke situaties terechtkomen.
Aanwijzingen voor het weggooien:
- Het apparaat mag niet bij het huis- of grofvuil gezet worden.
- Het koelvloeistofcircuit, in het bijzonder de warmtewisselaar aan de achterkant, mag niet beschadigd worden.
- Informatie over afhaaltijden of inzamelplaatsen zijn te verkrijgen bij de plaatselijke reinigingsdienst of op het gemeentehuis.
Transport apparaat
Om het apparaat te transporteren zijn twee personen noodzakelijk. Voor een betere grip aan de bovenkant van het apparaat zijn twee grepen voorzien. Om schade te voorkomen, moet vóór het transport het sokkelpaneel worden verwijderd.

- Om het sokkelpaneel te verwijderen moet, om de vergrendeling los te stellen, het paneel omlaag worden gekanteld en vervolgens naar voren weggenomen.
Let op: Deurcontact (indien aanwezig) niet beschadigen
- Het apparaat vastpakken aan de grepen op de plaatsen zoals op de tekening afgebeeld en transporteren.
- Om het apparaat op de definitieve plaats te schuiven voorzichtig boven aan de bovenste deur duwen en het apparaat iets naar achteren kantelen. Het
gewicht wordt daardoor naar de achterste rolletjes verplaatst, waardoor het apparaat gemakkelijker te schuiven is.

- Zodra het apparaat op de gewenste plaats staat, de sokkel monteren. Eerst alle haken aan de onderrand vasthaken en daarna het rooster op zijn plaats duwen. Let hierbij op dat het deurcontact (indien aanwezig) niet wordt beschadigd en in de daarvoor bestemde opening op het sokkelpa

Transportbescherming verwijderen
Het apparaat alsmede delen van het interieur zijn voor het transport beschermd.
- Van de binnenkant van de deur de beschermdelen voor de deurafsluiting verwijderen.
i Eventuele plakbandresten kunnen met wasbenzine verwijderd worden.
- Transportbescherming van de deurlagers bij geopende deur verwijderen.

- Transportbeschermdeel van het deurlager bij geopende deur verwijderen.

Transportbeveiliging van de plan- ken verwijderen:
- Beveiligingsdelen tot aan de verdikking aan de rand van de plank naar voren schuiven.
- Plank aan de achterkant omhoog heffen en samen met de beveiligingsdelen zo ver naar voren trekken, tot hij naar beneden gekiept kan worden en de beveiligingsdelen uit de geleidingen genomen kunnen worden.

Om het verpakkings- en transportvolume zo laag mogelijk te houden, zijn de deurgrepen bij de levering niet gemonteerd.

Voorzichtig! Schroeven niet te vast aandraaien (max. 2 Nm), anders kunnen de deurgrepen beschadigen.
De greepstangen zijn separaat verpakt en bevinden zich aan de beklede zijde van de deur, de greepsteun en schroeven treft u in het apparaat aan.
Voor de montage het apparaat eventueel voorzichtig op de rug leggen. Gebruik een gedeelte van de verpakking of een kleed als ondergrond.

- Bovenste greepsteun met de greepstang aan elkaar schroeven (1). Onderste greepsteun aan de onderkant van de deur monteren (2).
Let op: Controleer de juiste positionering van de greepstang
- Bovenste greepsteun aan de bovenkant van de deur monteren (3) en de greepstang d.m.v. schroeven aan de onderste greepsteun verbinden (4).

Het apparaat in een goed geventileerde en droge ruimte neerzetten.
De omgevingstemperatuur heeft invloed op het stroomverbruik en het onberispelijk functioneren van het apparaat.
Het apparaat daarom
- niet aan directe straling van de zon blootstellen;
- niet bij radiatoren, naast een kachel of andere warmtebronnen plaatsen;
- alleen op een plaats neerzetten waarvan de omgevingstemperatuur overeenkomt met de klimaatcategorie waarvoor het apparaat is ontworpen.
De klimaatcategorieën staan op het typeplaatje dat zich links aan de binnenkant van het apparaat bevindt.
De volgende tabel geeft aan welke omgevingstemperatuur bij welke klimaatcategorie behoort:
| Klimaatcategorie voor een omgevingstemperatuur van | |
| SN +10 tot +32 °C | |
| N +16 tot +32 °C | |
| ST +18 tot +38 °C | |
| T +18 tot +43 °C | |
Als het onvermijdelijk is het apparaat naast een warmtebron te plaatsen, aan weerszijden minimaal de volgende afstanden aanhouden:
- tot elektrische kachels 3 cm;
- tot olie- en kolenkachels 30 cm.
Als men zich niet aan deze afstanden kan houden, is een warmte-isolatieplaat tussen kachel en koelapparaat aan te bevelen.
Het apparaat heeft lucht nodig
Lucht wordt onder de deur toegevoerd via de ventilatieopeningen in de sokkel en gaat dan via de ontluchting langs de achterwand naar boven. Deze ventilatieopeningen nooit afdekken of versperren zodat de lucht kan circuleren.
Let op! Als het apparaat bijv. onder een kast geplaatst wordt, dient een afstand van minstens 10 cm tussen de bovenkant van het apparaat en het daarboven aangebrachte meubel aangehouden te worden.

text_image
min. 10 cm- De beide wandafstandhouders die met het apparaat zijn meegeleverd plaatst u conform de afbeelding bovenaan de achterzijde van het apparaat. Op deze manier wordt de benodigde wandafstand gegaran-deerd voor de noodzakelijke ventilatie aan de achterzijde van het apparaat.

Het apparaat moet waterpas staan en een stabiele stand hebben.
- Oneffenheden in het grondoppervlak a.u.b. egaliseren door het in- of uitdraaien van de voorste stelvoeten. Hiervoor is een 13 mm schroeven-draaier meegeleverd. Om het apparaat juist af te stellen moet het sokkelpaneel worden verwijderd (zie hoofdstuk "Apparaat transporteren")

Elektrische aansluiting
Voor de elektrische aansluiting is een overeenkomstig de voorschriften geïnstalleerd, randgeaard stopcontact vereist. De elektrische beveiliging dient minstens 10 Ampère te bedragen.
Als het stopcontact na het opstellen van het apparaat niet meer bereikbaar is, dient een passende maatregel in de elektrische installatie ervoor te zorgen dat het apparaat van het lichtnet afgekoppeld kan worden (bijv. zekering, LS-schakelaar, foutstroomveiligheidsschakelaar e.d. met een contactopeningswijdte van minstens 3 mm).
- Voor ingebruikneming op het typeplaatje van het apparaat controleren of de netspanning en stroomsoort overeenkomen met de waarden van het lichtnet op de plaats waar het apparaat komt te staan.
bijv: AC 220 ... 240 V 50 Hz of
220 ... 240 V\~ 50 Hz
(d.w.z. 220 tot 240 Volt wisselstroom, 50 Hertz)
Het typeplaatje bevindt zich links aan de binnenkant van het apparaat.
Attentie: De netaansluiting mag alleen door een vakman worden vervangen. Wend u in geval van reparatie tot uw vakhandelaar of tot onze service-afdeling.
Waarschuwing: Het apparaat mag in geen geval worden aangesloten aan elektronische „energiezuinige stekkers“ en aan omvormers, die gelijkstroom omzetten in 230 V wisselstroom (bijv. solarinstallaties, scheepsnetten).
Koolfilter
In de achterwand van het koelgedeelte is een koolfilter voorzien. Door onaangename geuren te verbinden reinigt de koolfilter de lucht in het koelgedeelte en in het LONGFRESH 0°C-koelgedeelte.
Informatie: De koolfilter is een onderdeel dat aan slijtage onderhevig is en valt daardoor niet onder de garantie.
Gebruik en vervanging van de koolfilter:
Om een lange levensduur te garanderen is de koolfilter bij de levering in een plastic zakje verpakt. Voor de ingebruikname van het apparaat moet de koolfilter achter het ontluchtingsrooster worden geplaatst.
Bij een normaal gebruik van de koelkast moet de koolfilter, om een goede werking te garanderen, een keer per jaar worden vervangen.
Nieuwe koolfilters zijn bij de vakhandel of de klantenservice verkrijgbaar.

-
Voor het openen van het rooster, de hendel rechts naast het rooster indrukken (1) en het rooster naar voren openklappen (2).
-
Voor het vervangen, de oude koolfilter uit de geleiding trekken (3).
- De nieuwe koolfilter in de geleiding van het rooster plaatsen (3) en het rooster weer terugplaatsen totdat het vastklikt.

De koolfilter voorzichtig behandelen om het loskomen van kooldeeltjes te voorkomen.

Draairichting van de deur wisselen
De draairichting van de deur kan omgezet worden, als dat voor de opstellingsplaats nodig is.
Attentie! De deurstuiter mag alleen door een gekwalificeerde vakman worden verwisseld. Neem indien nodig contact op met onze service-afdeling of uw vakhandel.

Waarschuwing! Tijdens het verwisselen van de deurdraairichting mag het apparaat niet op het elektriciteitsnet aangesloten zijn. Trek tevoren de stekker uit het stopcontact.
Beschrijving apparaat
Vooraanzicht
(diverse modellen)

① Bedieningspaneel en controle-elementen
② Boter-/kaasvak met klep
③ Deurvakken
④ Flessenvak
⑤ LONGFRESH 0 °C koelruimte
⑥ Legvlakken
⑦ Schap voor snel afkoelen
⑧ Flessen- en blikjeshouder
⑨ Typeplaatje
⑩ Ontluchtingsrooster met regelaar
⑪ Lade voor diepvriesproducten (alleen voor bewaren)
Bij het ontdooien dient de onderste lade ook als dooiwateropvang
⑫ Laden voor diepvriesproducten (voor bewaren en invriezen)
⑬ Diepvriesplateau
Diepvriestableau met koude accu
Onder de bovenste lade in de vriesruimte bevindt zich een vriestableau. Dit plateau kan zowel boven de bovenste als de tweede lade worden geplaatst

Op het vriestableau kunt u bijv. bessen apart invriezen.
Voordeel: de bessen worden niet platgedrukt, ze behouden hun natuurlijke vorm. De bevroren bessen kunt u daarna, in porties verpakt, in de laden leggen.
Koude-accu
(niet bij alle modellen)
In het apparaat bevindt zich een koude-accu.

Bij stroomuitval of een storing aan het apparaat verlengt de koude accu de tijd tot de bevoren levensmiddelen te zeer in temperatuur gestegen zijn met meerdere uren.
De koudeaccu koelt het best als deze in de bovenste lade bovenop de vriesproducten wordt gelegd. Bij een slechts gedeeltelijk beladen vriesruimte, de vriesproducten zo dicht mogelijk bij elkaar plaatsen, zodat in geval van een stroomuitval de kou langer in de vriesproducten blijft.
Bij het invriezen van levensmiddelen de koudeaccu op het reeds ingevroren vriesgoed leggen, om het ontdooien als gevolg van de warmte van de in te vriezen producten te voorkomen.
Bij het ontdooien van het apparaat, de koudeaccu boven op de diepgevroren levensmiddelen leggen, gedurende de tijd dat deze buiten het apparaat geplaatst zijn.
De koude accu kunt u ook tijdelijk als koelelement voor koeltassen gebruiken.
Lees voor het invriezen van de koude accu hoofdstuk "Voor ingebruik-neming".
Bedieningspaneel

text_image
+ 5 - 18 ① + - MODE RESET + - 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 121 Toets AAN/UIT
2 Indicatie koelruimte
3 Temperatuurindicatie voor de koelruimte (niet voor LONGFRESH 0 °C-koelgedeelte)
4 Toetsen voor de temperatuurinstelling voor het koelgedeelte
5 Thermometerindicatie voor het koelgedeelte (bij COOLMATIC)
6 Toets MODE voor de instelling van de werking
7 Tekstweergave
8 RESET-toets
9 Indicatie vriesruimte
10 Temperatuurindicatie voor de vriesruimte
11 Toetsen voor de temperatuurinstelling voor het vriesgedeelte
12 Thermometerindicatie voor het vriesgedeelte (bij FROSTMATIC)
Toetsen voor temperatuurinstelling

De temperatuur wordt ingesteld via de toetsen „+“ (WARMER) en „-“ (WARMER).
De toetsen staan in verbinding met de temperatuurindicatie.
- Door te drukken op één van de twee toetsen „+“ (WARMER) of „-“ (WARMER) wordt de temperatuurindicatie van de WERKELIJKE temperatuur (temperatuurindicatie brandt) op de GEWENSTE temperatuur (temperatuurindicatie knippert) omgeschakeld.
- Met elke verdere druk op één van beide toetsen wordt de GEWENSTE temperatuur 1 °C verder gesteld.
- Als geen toets wordt ingedrukt, schakelt de temperatuurindicatie na korte tijd (ca. 5 sec.) automatisch weer op de WERKELIJKE temperatuur terug.
GEWENSTE temperatuur betekent:
De temperatuur die in de koel- resp. vriesruimte moet heersen. De GEWENSTE temperatuur wordt met knipperende cijfers aangegeven.
WERKELIJKE temperatuur betekent:
De temperatuurindicatie geeft de temperatuur aan die op dat moment werkelijk in de koel- resp. vriesruimte heerst. De WERKELIJKE temperatuur wordt met brandende cijfers aangegeven.

Bij een ingeschakelde COOLMATIC- of FROSTMATIC-functie kan er geen wijziging van de temperatuurinstelling voor de koel- of vriesruimte worden uitgevoerd.
Temperatuurindicatie

De temperatuurindicatie kan meerdere soorten informatie aangeven.
- Bij de normale werking wordt in het koelgedeelte de gemiddelde temperatuur aangegeven (WERKELIJKE temperatuur). De temperatuurfluctuaties in de totale koelruimte zijn gering.
- In de vriesruimte wordt de warmste temperatuur aangegeven (WERKELIJKE-temperatuur). Bij een volledige belading bevindt de warmste zone zich in het algemeen in het bovenste deel, aan de voorkant, van het vriesgedeelte. Afhankelijk van de belading zijn de temperaturen in andere delen van de vriesruimte lager.
- Tijdens de temperatuurinstelling wordt de op dat moment ingestelde temperatuur van de koel- en vriesruimte knipperend aangegeven (GEWENSTE-temperatuur).
Informatie: Bij een verandering van vooringestelde temperatuur ca. 24 uur wachten tot de temperatuurindicatie gestabiliseerd is.
- Bij een temperatuurwaarschuwing geeft de temperatuurindicatie bij het indrukken van de RESET-toets gedurende 5 seconden de hoogste temperatuur aan die de diepvriesproducten hebben bereikt.
- Als er sprake is van een storing aan het apparaat, verschijnt in de temperatuurindicatie:
- voor een storing in de koelruimte een vierkant of een letter in de temperatuurindicatie voor de koelruimte;
- voor een storing in de vriesruimte een vierkant of een letter in de temperatuurindicatie voor de vriesruimte.
MODE-toets
MODE
Met de MODE-toets kunnen verschillende standen worden ingesteld.
De volgende standen kunnen worden gekozen:
- SHOPPING: Koelruimtetemperatuur - standaard 3 °C gedurende 6 uur, koeling voor de diepvriesruimte loopt ononderbroken gedurende 1 uur.
- FROSTMATIC: De koeling voor de diepvriesruimte loopt gedurende 52 uur ononderbroken.
- COOLMATIC: koelruimtetemperatuur - standaard 3 °C gedurende 6 uur.
- FROSTMATIC en COOLMATIC: De koeling voor de diepvriesruimte loopt 52 uur ononderbroken, de koelruimtetemperatuur - standaard 3 °C gedurende 6 uur.
- HOLIDAY: Koelruimtetemperatuur -standaard 14 °C.
-
: Volgens normale werking ingestelde normtemperaturen.
-
MODE-toets 1x indrukken. In het display wordt de stand SHOPPING knipperend aangegeven.
-
Na ca. 4 seconden stopt de indicatie met knipperen, de stand SHOPPING is ingesteld.
- Als een andere stand ingesteld moet worden, moet voor het aflopen steeds 4 seconden de MODE-toets zo vaak worden ingedrukt, tot de gewenste stand in het display wordt aangegeven. Na ca. 4 seconden stopt de indicatie met knipperen, de stand is ingesteld. Als de MODE-toets opnieuw wordt ingedrukt, verschijnt de volgende stand in de indicatie.
Om naar de normale stand terug te keren, zo vaak de MODE-toets indrukken, tot in het display de woorden (" ") niet meer verschijnen.
Tekstindicatie
SHOPPING In de tekstindicatie verschijnen de begrippen voor de verschillende met de MODE-toetsen instelbare standen zoals Alarm, Stroomuitval of Functiestoring.
- Standen: SHOPPING, FROSTMATIC, COOLMATIC, FROSTMATIC and COOLMATIC, HOLIDAY, leeg veld bij standaard werking.
- Alarm: DOOR OPEN bij te lang geopende apparaatdeuren, TEMPERATURE bij een temperatuuralarm
• Na stroomuitval: Indicatie POWER
• Functiestoring: Indicatie SERVICE
RESET-toets
RESET
Met de toets WAARSCHUWING UIT kan het akoestische waarschuwingssignaal uitgeschakeld worden, bijv. de "Open Deur"-waarschuwing als gedurende langere tijd diepvriesproducten in- of uitgeladen worden.
Bij een temperatuurwaarschuwing geeft de temperatuurindicatie bij het indrukken van de RESET-toets gedurende 5 seconden de hoogste temperatuur aan die de diepvriesproducten hebben bereikt.
Voor ingebruikneming

Laat het apparaat, voordat u het op het elektriciteitsnet aansluit en voor de eerste ingebruikname, 30 minuten staan, als het rechtop vervoerd is. Als het liggend vervoerd is, moet het apparaat voor ingebruikname eerst 4 uur staan, zodat de olie naar de compressor kan terugstromen. Anders kan de compressor beschadigd worden.

- Het interieur van het apparaat en alle accessoires schoonmaken voor het eerste gebruik (zie hoofdstuk "Reiniging en Onderhoud").
- Voordat het voor de eerste keer in gebruik wordt genomen dient het apparaat aan de hand van hoofdstuk "Opstellen en Aansluiten" juist opgesteld te worden. Let er in het bijzonder op dat de netspanning en netfrequentie met de gegevens van het apparaat overeenstemmen.
- Pak de koude-accu van het apparaat.
- Leg de koude-accu pas na het bereiken van de optimale bewaartemperatuur van -18°C in een lade en laat hem dan bevriezen.
- Leg dan na ca. 24 uur de koude-accu voor op de bovenste lade.
- Vries een ontdooide koude-accu op dezelfde wijze weer in, bijv. na het schoonmaken van het apparaat.
Ingebruikneming
-
Stekker in het stopcontact stoppen.
-
Toets AAN/UIT ingedrukt houden. De temperatuurindicatie en de achtergrondverlichting branden, het apparaat start. Er klinkt een waarschuwingssignaal, in de display verschijnt TEMPERATURE en een knipperend rode achtergrondverlichting.
- Waarschuwingssignaal en rode achtergrondverlichting met de toets RESET uitschakelen. De indicatie TEMPERATURE dooft als de temperatuur in het apparaat onder de waarschuwingstemperatuur is gedaald.
In de fabriek vooringestelde temperatuurinstelling: +5 °C voor de koelruimte, -18 °C voor de diepvriesruimte.
- Gewenste temperatuur voor de koelruimte instellen (zie Hoofdstuk "Temperatuur instellen").
i Aangezien de opslagtemperatuur in de koelruimte snel bereikt wordt, kunnen na inschakeling producten opgeborgen worden.
Als de diepvriesruimte in werking is, kan bij een uitgeschakelde koelruimte deze door middel van het indrukken van een van de koelruimte-toetsen "+" of "-" worden ingeschakeld.
- Temperatuur op -18°C of kouder instellen (zie Hoofdstuk "Temperatuur instellen").
i Pas diepvriesproducten in het apparaat doen als een temperatuur in de diepvriesruimte van -18 °C is bereikt, resp. tot het rode waar- schuwingslampje uit is.
Temperatuur instellen
Met de betreffende toetsen voor temperatuurinstelling kunnen de gewenste temperatuur in de koelruimte en in de diepvriesruimte apart van elkaar ingesteld worden.
In de LONGFRESH 0 °C koelruimte wordt de temperatuur automatisch geregeld. Deze blijft constant ca. 0 °C, een instelling is niet vereist. Informatie: Uw apparaat is voorzien van een dynamische circulatiekoeling voor de koelruimte en het LONGFRESH 0 °C-koelgedeelte. Hierdoor ontstaan diverse, waarneembare vormen van ventilatiegeluiden. Dat is normaal, het is geen storing of defect.
- Druk op de toetsen „+“ (WARMER) of „-“ (KOUDER).
De temperatuurindicatie schakelt om en geeft knipperend de op dat moment ingestelde GEWENSTE temperatuur aan.
- Gewenste temperatuur door indrukken van de toetsen „+“ (WARMER) en „-“ (KOUDER) instellen (zie hoofdstuk "Toetsen voor temperatuurinstelling"). De temperatuurindicatie geeft direct de gewijzigde instelling aan.
Met elke druk op de toets wordt de temperatuur 1 °C hoger ingesteld.
Instelbereik voor de vriesruimte: van -15 °C tot -24 °C.
Instelbereik voor de koelruimte: van +3 °C tot +8 °C, (vakantieschakeling: 14 °C).
Een bewaartemperatuur van ca. +5 °C in de koelruimte en -18 °C in de diepvriesruimte is in de regel koud genoeg.
- Als na het instellen van de temperatuur de toetsen niet meer ingedrukt worden, schakelt de temperatuurindicatie na korte tijd (ca. 5 sec.) om en geeft weer de in de koelruimte c.q. in de vriesruimte aanwezige WERKELIJKE temperatuur aan. De indicatie wisselt van knipperende naar voortdurend brandende cijfers.
Aanwijzing: als de instelling veranderd wordt, start de compressor niet direct als op dat ogenblik automatisch wordt ontdooid.
De displayverlichting schakelt na het indrukken van een willekeurig toets in. Als geen toets wordt ingedrukt, schakelt de displayverlichting na ca. 1 min. uit.
Belangrijk! Regelmatig via het rode alarmlampje en de temperatuur-indicatie de juiste bewaartemperatuur controleren.
Aanwijzing:
De instelling van het apparaat kan niet veranderd worden, als de stekker uit het stopcontact getrokken is of als er anderszins geen elektriciteit aanwezig is.
Na aansluiting op het elektriciteitsnet start het apparaat weer op de stand waar het voor de stroomonderbreking op stond.
Standen
Met de toets MODE kunnen verschillende standen worden gekozen. De standen worden na de betreffende duur automatisch uitgeschakeld, maar kunnen op elk gewenst moment ook handmatig worden uitgeschakeld. Druk daarvoor zo vaak op de toets MODE tot in de display geen woorden mee verschijnen. Na afloop van de standen loopt het apparaat op de eerder ingestelde WERKELIJKE-temperaturen verder.
Als de cijfers van de temperatuurindicatie na de instelling van de WERKELIJKE-temperatuur nog knipperen, kan met de toets MODE nog geen bedrijfsstand worden ingesteld.
SHOPPING
SHOPPING De functie SHOPPING is geschikt voor het snel afkoelen van grote hoeveelheden van aan bederf onderhevige levensmiddelen, evenals voor kleine hoeveelheden diepvriesproducten in de diepvriesruimte, bijv. na het inkopen van grote hoeveelheden.
Daarvoor is voor de koelruimte gedurende 6 uur automatisch een normtemperatuur van +3 °C standaard ingesteld. De koeling voor de diepvriesruimte loopt gedurende 1 uur ononderbroken.
- De MODE-toets zo vaak indrukken tot in het display SHOPPING knippert.
Na ca. 4 seconden is de stand SHOPPING geactiveerd, de indicatie SHOPPING brandt. De beide thermometerindicaties in het display geven een dalende temperatuurbalk aan.
De SHOPPING-functie wordt na 6 uur automatisch uitgeschakeld. De indicatie SHOPPING dooft.
FROSTMATIC
FROSTMATIC
De FROSTMATIC-functie versnelt het invriezen van verse levensmiddelen en beschermt tegelijkertijd de reeds ingevroren waren tegen ongewenste verwarming. De koeling voor de diepvriesruimte loopt gedurende 52 uur ononderbroken.
- De MODE-toets zo vaak indrukken tot in het display FROSTMATIC knippert.
Na ca. 4 seconden is de stand FROSTMATIC geactiveerd, de indicatie FROSTMATIC brandt. De beide thermometerindicaties in het display voor de diepvriesruimte geven een dalende temperatuurbalk aan.
De stand FROSTMATIC wordt afhankelijk van de belading, ten laatste na ca. 52 uur automatisch uitgeschakeld. De indicatie FROSTMATIC dooft.
COOLMATIC
COOLMATIC
De stand COOLMATIC is geschikt voor het snel afkoelen van grote hoeveelheden aan bederf onderhevige levensmiddelen in de koelruimte, bijv. drank, salades voor een feest of trouwerij.
- De MODE-toets zo vaak indrukken tot in het display COOLMATIC knippert.
Na ca. 4 seconden is de stand COOLMATIC geactiveerd, de indicatie COOLMATIC brandt. De beide thermometerindicaties in het display voor de koelruimte geven een dalende temperatuurbalk aan.
De COOLMATIC-functie zorgt nu voor intensief koelen. Daarbij wordt automatisch een GEWENSTE temperatuur van +3 °C ingesteld. Na verloop van 6 uur wordt de COOLMATIC-functie automatisch beëindigd.
Het gele lampje gaat uit. De oorspronkelijk ingestelde GEWENSTE temperatuur geldt dan weer en de temperatuurindicatie geeft weer de temperatuur aan die op dat moment in de koelruimte heerst.
FROSTMATIC en COOLMATIC
Bij de combinatie van de functies FROSTMATIC en COOLMATIC is voor de koelruimte gedurende 6 uur automatisch een normtemperatuur van +3 °C standaard ingesteld. De koeling voor de diepvriesruimte loopt gedurende 52 uur ononderbroken.
- De MODE-toets zo vaak indrukken tot in het display gelijktijdig FROSTMATIC en COOLMATIC knipperen.
Na ca. 4 seconden is de stand FROSTMATIC en COOLMATIC geactiveerd, de indicaties FROSTMATIC en COOLMATIC branden. De beide thermometerindicaties in het display geven een dalende temperatuurbalk aan.
De functies FROSTMATIC en COOLMATIC worden automatisch uitgeschakeld: COOLMATIC na 6 uur, FROSTMATIC na maximaal 52 uur. De indicaties doven dienovereenkomstig.
HOLIDAY
In de stand HOLIDAY (vakantie-instelling) is de vooringestelde normtemperatuur voor de koelruimte +14 °C. Daardoor bestaat de mogelijkheid - zonder dat geur- of schimmelvorming optreedt - gedurende langere afwezigheid (bijv. vakantie) de lege koelruimte in plaats van open ook gesloten te houden. Voordeel: onopzettelijke dichtvallen van de deur resp. bij vergissing dichtdrukken van de deur door personen die tijdens Uw afwezigheid toegang tot de woning hebben, is niet meer mogelijk. Zonder de vakantiestand zou dit geur- of schimmelvormin g ten gevolge hebben.
- Voor het inschakelen van de vakantie-instelling zo vaak de MODE-toets indrukken tot in het display HOLIDAY knippert.
Na ca. 4 seconden is de stand HOLIDAY geactiveerd, de indicatie HOLIDAY brandt.
Let op! Geen producten in de koelruimte opslaan als het apparaat op de vakantiestand staat. De temperatuur tijdens de vakantiestand wordt op ongeveer +14 °C gezet. Dit is te warm voor levensmiddelen.
Als tijdens de afwezigheid de kamertemperatuur gedurende langere tijd tot onder de 15 °C zou dalen, dient de koelruimte niet in de stand HOLIDAY ingesteld te worden, maar dient het uitgeschakeld te worden en dient de deur opengesteld te worden.
Om de koelruimte weer in de standaard instelling in te stellen, moet de MODE-toets zo vaak worden ingedrukt tot er geen woorden meer in het display worden aangegeven.
Apparaat uitschakelen
i Koelruimte en diepvriesruimte kunnen apart van elkaar uitgezet worden.
- Voor het uitschakelen van het gehele apparaat dient de toets AAN/UIT ingedrukt gehouden te worden. Bij beide temperatuurindicaties verschijnt een zogenaamde "Count down", waarbij van "3" naar "1" wordt geteld. Na het bereiken van "1" wordt korte tijd OF aangegeven, daarna schakelt de koel- en vriesruimte uit. De temperatuurindicaties doven.
☑ Voor de afloop van de "Count downs" kan de uitschakelprocedure door middel van het loslaten van de toets AAN/UIT worden afgebroken.
Koelruimte uitschakelen bij een ingeschakelde vriesruimte:
Gelijktijdig de toetsen "+" en "-" voor de koelruimte ingedrukt houden. Een "Count down" van "3" naar "1" volgt, daarna verschijnt in de temperatuurindicatie "OFF". De koelruimte schakelt uit.
i Om de koelruimte weer in te schakelen, de toets "+" of "-" indrukken.
Koelruimte uitschakelen bij uitgeschakelde vriesruimte:
- Gelijktijdig de toetsen "+" en "-" voor de koelruimte ingedrukt houden. Een "Count down" van "3" naar "1" volgt, daarna verschijnt in de temperatuurindicatie "OFF". De koelruimte of het gehele apparaat schakelt uit.
☐ Voor afloop van de "Count downs" kan de uitschakelingprocedures door het loslaten "+" en "-" toetsen worden afgebroken.
Bij een uitgeschakelde koelruimte kan tijdens de werking van de vriesruimte alleen de stand FROSTMATIC worden geactiveerd.
Vriesruimte uitschakelen bij een ingeschakelde koelruimte:
- Gelijktijdig de toetsen "+" en "-" voor de vriesruimte ingedrukt houden. In de temperatuurindicatie voor de vriesruimtes, verschijnt een "Count down", waarbij van "3" naar "1" wordt geteld. Daarna verschijnt "OFF" in de temperatuurindicatie. De vriesruimte schakelt zich uit.
i Om de vriesruimte weer in te schakelen, de toets "+" of "-" indrukken.
Vrieskast uitschakelen bij uitgeschakelde koelruimte:
- Gelijktijdig de toetsen "+" en "-" voor de vriesruimte ingedrukt houden. Een "Count down" van "3" naar "1" volgt, daarna verschijnt in de temperatuurindicatie "OFF". De vriesruimte of het gehele apparaat schakelt uit.
De stroomtoevoer is pas volledig verbroken wanneer de stekker uit het stopcontact is getrokken.
Als het apparaat gedurende langere tijd buiten bedrijf wordt gesteld:
- Apparaat uitschakelen, daartoe AAN/UIT toets ingedrukt houden (zie boven).
- Stekker uit het stopcontact halen of zekering uitschakelen, er resp. uit-halen.
- Diepvriesruimte ontdooien en apparaat grondig reinigen (zie hoofdstuk "Reiniging en Onderhoud").
- Deuren daarna open laten ter vermijding van reukvorming.
Het openen van de deur van de diepvries- ruimte
Als het apparaat ingeschakeld is en de deur van de diepvriesruimte gesloten wordt, kan hij niet direct weer geopend worden omdat er onderdruk in de diepvriesruimte ontstaat die de deur gesloten houdt tot de druk weer gelijk is. Na een paar minuten kan de deur weer geopend worden.
Controle- en informatiesysteem
Het controle- en informatiesysteem bestaat uit temperatuuraanwijzingen, optische waarschuwingsaanwijzing en akoestische waarschuwingen.
Het systeem waarschuwt:
- bij stroomuitval;
- bij geopende apparaatdeuren;
- als de temperatuur in de koel- of diepvriesruimte te hoog oploopt;
- bij functiestoringen aan het apparaat.
Stroomuitvalwaarschuwing
Na een stroomonderbreking wordt in het display POWER aangegeven en wordt de actuele WERKELIJKE -temperatuur aangegeven. Het apparaat functioneert weer met de eerder gekozen instellingen. De indicatie POWER dooft zodra een willekeurige toets wordt ingedrukt.
"Open deur"-waarschuwing
Bij een geopende deur van de koel- of diepvriesruimte klinkt een waarschuwingssignaal en de indicatie DOOR OPEN en een rode achtergrondverlichting knipperen:
- bij een geopende deur van de diepvriesruimte na ca. 1,5 minuut,
-
bij een geopende deur van de koelruimte na ca. 5 minuten.
-
Als u voor het in- of uitruimen van aan bederf onderhevige producten of diepvriesproducten meer tijd nodig hebt, kunt u het waarschuwingssignaal en de rood knipperende achtergrondverlichting onderbreken door de toets RESET in te drukken. Bij doorlopend geopende deuren start het alarm na het verloop van 10 minuten (geopende koelruimtedeur) of 3 minuten (geopende diepvriesruimtedeur) nogmaals.
-
Met de toets RESET kunt u het waarschuwingssignaal en de rood knipperende achtergrondverlichting nogmaals voor een periode van 10 minuten (geopende koelruimtedeur) of 3 minuten (geopende diepvriesruimtedeur) onderbreken. Bij doorlopend geopende deuren start het alarm nogmaals.
-
Als de toets RESET voor de derde keer is ingedrukt, schakelt het deuralarm definitief uit.
De indicatie DOOR OPEN dooft bij het sluiten van de deur of deuren.
Temperatuurwaarschuwing
Voor de koelruimte:
Er klinkt een waarschuwingssignaal en de indicatie TEMPERATURE en een rode achtergrondverlichting knipperen, zodra de temperatuur in de koelruimte boven de 12 °C komt.
Als de temperatuur in de koelruimte tot onder 12 °C daalt, schakelt het waarschuwingssignaal automatisch uit. De indicatie TEMPERATURE en de rode achtergrondverlichting blijven knipperen.
- Met de toets RESET kunt u het waarschuwingssignaal en de waarschuwingsindicatie uitschakelen.
De temperatuurindicatie voor de koelruimte geeft gedurende 5 seconden de hoogste temperatuur aan die tijdens het temperatuuralarm in de koelruimte werd bereikt. Vervolgens stopt de temperatuurindicatie met knipperen en schakelt weer naar de actuele koelruimtetemperatuur. De indicatie TEMPERATURE blijft zolang het temperatuuralarm bestaat, knipperen.
Voor de diepvriesruimte:
Er klinkt een waarschuwingssignaal en de indicatie TEMPERATURE en een rode achtergrondverlichting knipperen, zodra de temperatuur in de vriesruimte tot boven -11 °C stijgt.
Als de temperatuur in de vriesruimte weer tot onder -11 °C daalt, schakelt het waarschuwingsignaal automatisch uit. De indicatie TEMPERATURE en de rode achtergrondverlichting blijven knipperen.
- Met de toets RESET kunt u het waarschuwingssignaal en de rode achtergrondverlichting uitschakelen.
De temperatuurindicatie voor de vriesruimte geeft gedurende 5 seconden de warmste temperatuur aan, die tijdens het temperatuuralarm in de vriesruimte werd bereikt. Daarna stopt de temperatuurindicatie met knipperen en schakelt weer naar de actuele temperatuur van de vriesruimte over. De indicatie TEMPERATURE blijft zolang het temperatuuralarm bestaat, knipperen.
Als er een alarm van een stroomuitval wordt aangegeven, start het apparaat zodra de stroomtoevoer hervat is, met een akoestisch en optisch alarmsignaal.
Let op! Als de verdenking bestaat dat de levensmiddelen ontdooid zijn, naargelang de temperatuurstijging, de kwaliteit en het verdere gebruik ervan controleren.
Een temperatuurstijging kan eventueel veroorzaakt worden door:
- de deur vaak of langdurig te openen;
- grote hoeveelheden warme levensmiddelen op te slaan;
- hoge omgevingstemperatuur;
- een defect aan het apparaat.
Functiestoringen
Als de elektronica van het apparaat een technische storing detecteert die door de service-afdeling verholpen moet worden, klinkt een waarschuwingssignaal en de indicatie SERVICE verschijnt met een rood knipperende achtergrondverlichting.
De temperatuurindicatie geeft aan:
- voor een storing in de koelruimte een vierkant of een letter in de temperatuurindicatie voor de koelruimte;
-
voor een storing in de vriesruimte een vierkant of een letter in de temperatuurindicatie voor de vriesruimte.
-
Met de toets RESET kunt u het waarschuwingssignaal en de rood knipperende achtergrondverlichting uitschakelen. De indicatie SERVICE blijft branden totdat de functiestoringen verholpen zijn.

Tips voor energiebesparing
- Het apparaat niet bij kachels, verwarmingen of andere warmtebronnen zetten. Bij een hoge omgevingstemperatuur werkt de compressor vaker en langer.
- Zorgen voor voldoende be- en ontluchting aan de onder- en achterkant van het apparaat. Ventilatieopeningen nooit afdekken.
- Geen warme spijzen in het apparaat zetten. Warme spijzen eerst laten afkoelen.
- Deur slechts zolang open laten staan als nodig is.
- De temperatuur niet kouder instellen dan nodig is.
- Diepvriesproducten om te ontdooien in de koelkast leggen. De koude van de diepvriesproducten wordt zo voor koeling van de koelkast gebruikt.
- De condensor aan de achterkant van het apparaat altijd schoon houden.
Interieur
Legvlakken
De legvlakken zijn in hoogte ver- stelbaar:
-
Daartoe het legvlak zover naar voren trekken tot het naar boven of onderen bewogen kan worden en eruit gehaald kan worden.
-
Om de legvlakken op een andere hoogte te zetten in omgekeerde volgorde te werk gaan.

Afhankelijk van de vereisten kunnen de indelingen van de deurvakken (afhankelijk van het model) naar boven uitgenomen worden en in andere inkepingen worden geplaatst.
LONGFRESH 0 °C koelruimte
De LONGFRESH 0 °C koelruimte bestaat uit twee laden die van een schuifregelaar voor het instellen van de luchtvochtigheid zijn voorzien. In de LONGFRESH 0 °C koelruimte wordt de temperatuur automatisch geregeld. Deze blijft constant ca. 0 °C, een instelling is niet vereist. Als gevolg van de lage opslagtemperatuur van ca. 0 °C en een tussen de ca. 45% en 90% instelbare luchtvochtigheid, ontstaan voor de verschillende levensmiddelen optimale opslagcondities.
In vergelijking met een normale koelruimte kunnen verse levensmiddelen in de LONGFRESH 0 °C koelruimte daarom, op een gelijkblijvende kwaliteit, tot 3 x langer worden bewaard.
Smaak, versheid, vitaminen en mineralen blijven in hoge mate behouden. Het gewichtsverlies van fruit en groenten verminderd. De voeding kan op een hoogwaardig voedingsfysiologisch niveau plaatsvinden.
De LONGFRESH 0 °C koelruimte is tevens voor het langzaam ontdooien van bevoren levensmiddelen geschikt. In dit geval zijn de ontdooide levensmiddelen in de LONGFRESH 0 °C koelruimte nog tot twee dagen houdbaar.
Om het maximale volume van de koelruimte te kunnen gebruiken, kunnen de laden uit het apparaat worden genomen. De bewaarcondities komen dan overeen met de instelling "droog" (alleen voor verpakte levensmiddelen).
Luchtvochtigheid instellen
De beide laden kunnen volgens de gewenste opslagcondities onafhankelijk van elkaar met een hogere of lagere luchtvochtigheid worden gebruikt.
De luchtvochtigheid kan met behulp van schuifmechanismen aan de voorkant van iedere lade, worden ingesteld:
- Droog: een lage relatieve luchtvochtigheid van minder dan 50% wordt bereikt als de beide schuifmechanismen in de stand △ worden geschoven, d.w.z. de ventilatieopeningen zijn geheel geopend.
- Vochtig: een hoge relatieve luchtvochtigheid tot 90% wordt bereikt als de beide schuifmechanismen in de stand ⚠ worden geschoven, d.w.z. de ventilatieopeningen zijn geheel gesloten.
De luchtvochtigheid in de laden is afhankelijk van het vochtpercentage van de opgeslagen levensmiddelen en van het aantal keren dat de deur wordt geopend.
Schap voor snel afkoelen
Het ondiepe schap voor snel afkoelen kan in een van de bovenste gleuven geplaatst worden. Voor de best mogelijke werking moet de schap in de tweede gleuf van boven worden gezet.
Flessen- en blikjeshouder
De flessen- en blikjeshouder is zij- delings verplaatsbaar zodat het mogelijk is de blikjes en flessen flexibel voor het rooster te plaat- sen.
Om de zijdelingse verplaatsing van de houder te vergemakkelijken, moet u de houder naar achteren drukken.
De flessensteun kunt u uitklappen wanneer er een grote fles gekoeld moet worden.

Verwijderen van flessen- en blikjeshouder

- Haak de snelkoelplank met de houder uit de kast.
- Om de houder van de plank los te maken moet u de haken die om de achterkant van de plank zitten naar buiten toe buigen.

De snelkoelfunctie kan worden gebruikt voor het snel afkoelen van dranken in blik of flessen op de snelkoelplaats of voor het snel afkoelen van grotere hoeveelheden levensmiddelen op kamertemperatuur. Het ingebouwde koolfilter vermindert de ontwikkeling van geurtjes.
Snelkoelen van blikjes of flessen
Blikjes of flessen in de houder op de snelkoelplaats vóór het ontluchtingsrooster plaatsen. Regelaar op maximale beluchting instellen en de functie COOLMATIC instellen.

text_image
MIN MAXSnelkoelen van levensmiddelen
Levensmiddelen in de koelruimte leggen.
Regelaar op maximale opening instellen en de functie COOLMATIC instellen.
Zijn de dranken of levensmiddelen voldoende afgekoeld, de functie COOLMATIC uitschakelen. Regelaar op minimale opening instellen.
Flessenhouder
Sommige modellen hebben een flessenhouder. Hij dient als bescherming tegen het omvallen van losse flessen en kan aan de zijkant verschoven worden worden.

Juiste manier van bewaren
Levensmiddelen altijd afgedekt of verpakt in de koelruimte zetten om te voorkomen dat ze uitdrogen en de geur of smaak op andere producten overgebracht wordt.
Voor het verpakken zijn geschikt:
- vershoudzakken en -folies van polyethyleen;
- plastic dozen met deksel;
- speciale plastic kappen met rubberband;
- aluminiumfolie.
Voor kou gevoelige levensmiddelen mogen niet in de LONGFRESH 0 °C koelruimte worden opgeslagen:
- voor kou gevoelige zuidvruchten, bijv. ananas, bananen, grapefruit, meloen, mango, papaya, sinaasappel, citroen, kiwi.
- kaas, aardappelen, voor kou gevoelige groenten zoals komkommers, paprika, aubergines, avocado's, halffrijpe tomaten, bonen, zucchini.

Let op! Geen vochtig fruit of vochtige groenten in het LONGFRESH 0°-koelgedeelte plaatsen
Richtwaarde voor de bewaartijd
Een aantal levensmiddelen in de LONGFRESH 0 °C koelruimte: Bij een droge opslag:
| Levensmiddelen Bewaartijd | |
| Boter tot 30 dagen | |
| Kaas, zacht tot 30 dagen | |
| Melk, vers tot 7 dagen | |
| Worst, gesneden vleeswaren tot 7 dagen | |
| Vis tot 4 dagen | |
| Schaaldieren tot 3 dagen | |
| Gevogelte tot 5 dagen | |
| Varkensvleesgrotere portiesklein gesneden | tot 7 dagentot 5 dagen |
| Rundvlees, wild tot 7 dagen |
Bij een vochtige opslag:
| Groenten, sla Bewaartijd | |
| Artisjok tot 21 dagen | |
| Bloemkool tot 21 dagen | |
| Broccoli tot 14 dagen | |
| IJsbergslag, veldsla tot 21 dagen | |
| Erwten tot 10 dagen | |
| Groene kool | tot 14 dagen |
| Wortelen tot 150 dagen | |
| Kool | tot 14 dagen |
| Prei | tot 60 dagen |
| Paddestoelen tot 7 dagen | |
| Radijsjes | tot 14 dagen |
| Asperges tot 7 dagen | |
| Spinazie tot 7 dagen | |
| Fruit Bewaartijd | |
| Abrikozen tot 14 dagen | |
| Peren tot 120 dagen | |
| Bramen tot 8 dagen | |
| Dadels (vers) tot 60 dagen | |
| Aardbeien tot 5 dagen | |
| Bosbessen tot 14 dagen | |
| Frambozen tot 5 dagen | |
| Kersen tot 14 dagen | |
| Perziken tot 30 dagen | |
| Pruimen tot 21 dagen | |
| Rabarber tot 21 dagen | |
| Kruisbessen tot 21 dagen | |
| Wijndruiven tot 21 dagen |
Tips:
- Let bij het inkopen op de versheid van het levensmiddel. Kwaliteit en versheid zijn bepalend voor de bewaartijd.
- Vlees en vis altijd verpakt en droog bewaren.
- Eiwitrijke levensmiddelen zijn sneller aan bederf onderhevig: Schaaldieren zijn sneller aan bederf onderhevig dan vis en vis bederft sneller dan vlees. Door deze producten in het vak met 0°C te bewaren kan ook bij deze levensmiddelen de houdbaarheidsduur, zonder aan kwaliteit te verliezen, tot het drievoudige worden verlengd.
- Alle levensmiddelen die in de LONGFRESH 0 °C koelruimte worden bewaard, moeten 15 – 30 minuten voor de consumptie uit de laden worden genomen. Bij een omgevingstemperatuur komen aroma, smaak en genotswaarde op een hoger niveau.
Invriezen
Behalve de onderste lade, die alleen voor opslag bestemd is, kunnen alle andere vakken en laden in de diepvriesruimte voor invriezen gebruikt worden.
Let op!
- Voor het invriezen van levensmiddelen moet de IST-temperatuur in de diepvriesruimte -18 °C of kouder zijn.
- Bij het invriezen van grote hoeveelheden in te vriezen producten, de bevroren koudeaccu in de middelste lade, voor in de vriesruimte, op de reeds bevroren producten leggen.
- Let op het vriesvermogen op het merk- en type-aanduidingsplaatje. Het vriesvermogen is de maximale hoeveelheid verse producten die binnen 24 uur ingevroren kan worden. Neem slechts 2/3 tot 3/4 van de hoeveelheid die aangegeven staat op het merk- en type-aanduidingsplaatje als er gedurende meerdere dagen achter elkaar ingevroren wordt.
-
Eenmaal ontdooide levensmiddelen zonder verdere verwerking (bereiden tot panklare gerechten) in geen geval een tweede keer invriezen.
-
De verpakte bevroren levensmiddelen in de onderste lade leggen. Zo dicht mogelijk bij elkaar plaatsen om het verwarmen te voorkomen, en de bevroren koudeaccu bovenop de producten leggen.
Voorzichtig! Diepgevroren producten niet met natte handen aanraken. De handen zouden aan het product vast kunnen vriezen.
- Alle in te vriezen levensmiddelen voor het invriezen luchtdicht verpakken, zodat de producten niet uitdrogen, geen smaakverlies zullen hebben en geen smaak op andere diepgevroren producten kunnen overbrengen. De in te vriezen levensmiddelen in de bovenste lade leghen. Niet ingevroren producten mogen niet in aanraking komen met reeds bevroren producten, omdat mogelijk de bevroren producten kunnen ontdooien.
Bij gebruik van het max. vriesvermogen, 24 uur – bij kleinere hoeveelheden 4 tot 6 uur – vóór het invriezen de stand FROSTMATIC instellen.
Bij kleinere invrieshoeveelheden tot 3 kg is FROSTMATIC niet noodzakelijk.
De elektronica van het apparaat schakelt de stand FROSTMATIC na ca. 52 uur automatisch uit. U kunt de stand FROSTMATIC ook handmatig beëindigen door het apparaat op de normale stand in te stellen.
Tips:
- Geschikt voor het verpakken van diepvriesproducten zijn:
- diepvrieszakken en -folie van polyethyleen;
- speciale diepvriesdozen;
- aluminiumfolie, extra sterk.
- Voor het sluiten van zakken en folie zijn geschikt: plastic klemmen, elastiekjes of plakband.
- Voor het sluiten de lucht uit zakken en folie strijken, omdat lucht het uitdrogen van de diepvriesproducten bevordert.
- Maak platte pakjes, deze bevriezen sneller.
- Diepvriesdozen niet tot aan de bovenrand vullen met (half)vloeibare diepvriesproducten omdat vloeistof tijdens het invriezen uitzet.
Aanwijzing voor keuringsbureaus:
Stapelschema's ter vaststelling van de diepvriesprestatie resp. opwarmtijd kunnen direct bij de fabrikant aangevraagd worden.
Bewaren van diepvriesproducten
Let op! Voordat voor de eerste keer reeds bevoren diepvriesproducten in de diepvriesruimte worden gedaan, moet de vereiste bewaartemperatuur van -18 °C bereikt zijn.
- Alleen verpakte diepvriesproducten bewaren opdat ze niet uitdrogen, de smaak niet verloren gaat en de geur- of smaak niet op andere producten overgedragen wordt.
- Let op de bewaartijd resp. houdbaarheidsdatum van de diepvriesproducten.
- Bij een slechts voor de helft beladen vriesruimte, de ingevroren producten zo dicht mogelijk bij elkaar plaatsten. Daardoor blijft de kou in de bevroren producten in geval van stroomuitval, langer behouden.

Diepvriesproducten zo mogelijk naar soort apart in de laden leggen. Daardoor heeft men een beter overzicht, staat de deur niet te lang open en wordt stroom bespaard.
Symbolen bewaarde producten/Diepvrieska-lender
(niet bij alle modellen)
- De symbolen op de laden geven de diverse soorten diepvriesproducten aan.
- De getallen geven voor ieder soort diepvriesproduct de bewaartijd in maanden aan. Of de hoogste of de laagste waarde van de aangegeven bewaartijd geldt, hangt af van de kwaliteit van de levensmiddelen en de behandeling vooraf-gaand aan het invriezen. Voor levensmiddelen met een hoog vetge-halte geldt altijd de laagste waarde.

Het maken van ijsblokjes
-
Ijsbakje voor 3/4 met koud water vullen en op het diepvriesplateau of in een la plaatsen en laten bevriezen.
-
Als de ijsblokjes klaar zijn kunnen ze uit het ijsbakje gehaald worden door de schaal om te draaien of kort onder de kraan te houden. Let op! Als het ijsbakje vastgevroren zit nooit met puntige of scherpe voorwerpen losmaken. Een pollepel of iets dergelijk gebruiken.
Ontdooien
Koelruimte en LONGFRESH 0 °C koelruimte
Koelruimte en LONGFRESH 0 °C-koelgedeelte ontdooien automatisch. Het dooiwater wordt in de opvangbak naar de compressor getransporteerd en daar verdampt.
Diepvriesruimte ontdooien
Als het apparaat in gebruik is en als de deur geopend wordt, slaat vocht in de diepvriesruimte, voornamelijk boven in het midden, als rijp neer. Deze rijp van tijd tot tijd met een zachte schraper van kunststof, bijv. een deegkrabber verwijderen. Nooit harde of puntige voorwerpen daar- voor gebruiken.
Het apparaat ontdooien als de rijplaag een dikte van ca. 4 mm bereikt heeft; in ieder geval minimaal één maal per jaar. Een goed tijdstip om te ontdooien is als het apparaat leeg of praktisch leeg is.

Waarschuwing!
- Geen elektrische verwarmingsapparaten en andere mechanische of kunstmatige hulpmiddelen gebruiken om het ontdooien te versnellen, met uitzondering van de hulpmiddelen die in deze gebruiksaanwijzing aanbevolen worden.
-
Geen ontdooisprays gebruiken; deze kunnen gevaar voor de gezondheid opleveren en/of voor kunststof gevaarlijke stoffen bevatten.
-
Ca. 12 uur voor ontdooien de stand FROSTMATIC instellen om in de diepvriesproducten genoeg koudereserve op te slaan voor het tijdelijk uitschakelen van het apparaat.
Voorzichtig! Niet met natte handen aan diepvriesproducten komen. De handen kunnen eraan vastvriezen.
-
De diepvriesproducten eruit halen, in een aantal lagen krantenpapier wikkelen en afgedekt op een koele plaats leggen, bijv. in de koelkast.
-
Koel- en diepvriesruimte uitschakelen en de stekker uit het stopcontact halen of de zekering uitschakelen, er resp. uithalen.
-
Haal alle laden eruit. Zet de onderste lade als opvang voor dooiwater direct voor het apparaat. De afvoergeul voor condenswater uit de uitsparing in de bodem van het apparaat verwijderen en volgens de afbeelding in het afvoerkanaal voor condenswater plaatsen.

Tip: Om het ontdooien te versnellen een pan met heet water in de diepvriesruimte plaatsen. Afgevallen ijsstukken reeds voor het volledige ontdooien verwijderen.
- Na het ontdooien de diepvriesruimte met onderdelen grondig reinigen (zie hoofdstuk "Reiniging en Onderhoud").
Reiniging en onderhoud
Om hygiënische redenen dient het apparaat aan de binnenkant met toebehoren geregeld gereinigd te worden.

Waarschuwing!
- Het apparaat mag tijdens het schoonmaken niet op het lichtnet aangesloten zijn. Gevaar voor elektrische schok! Voor het schoonmaken het apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact halen of de zekering uitschakelen er resp. uithalen.
- Het apparaat nooit met stoomapparaten schoonmaken. Er zou anders vocht in de elektrische onderdelen kunnen komen, gevaar voor elektrische schokken! Hete damp kan de kunststof onderdelen beschadi-gen.
- Het apparaat dient droog te zijn voordat het weer in gebruik genomen wordt.
Let op!
- Etherische oliën en organische oplosmiddelen kunnen kunststof onderdelen aantasten, bijv.
- sap van de schil van citroenen of sinaasappels;
- boterzuur;
- schoonmaakmiddelen die azijnzuur bevatten.
Dergelijke substanties niet met de apparaatonderdelen in contact brengen. - Geen schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
Apparaat van binnen

Als alleen de koelruimte schoongemaakt moet worden, een paar uur tevoren de stand FROSTMATIC instellen, om voor de stroomonderbreking voor genoeg koudereserve in de diepvriesruimte te zorgen. Deur van diepvriesruimte daarna niet meer openen.

- Ca. 12 uur voor ontdooien de stand FROSTMATIC instellen om in de diepvriesproducten genoeg koudereserve op te slaan voor het tijdelijk uitschakelen van het apparaat.
Voorzichtig! Niet met natte handen aan diepvriesproducten komen. De handen kunnen eraan vastvriezen.
-
De koel- en diepvriesproducten eruit halen. Diepvriesproducten in een aantal lagen krantenpapier wikkelen en afgedekt op een koele plaats leggen. Koudeaccu boven op de vriesproducten leggen.
-
Diepvriesruimte voor het schoonmaken ontdooien (zie Hoofdstuk "Ont-dooien").
- Koel- en diepvriesruimte uitschakelen en de stekker uit het stopcontact halen of de zekering uitschakelen, er resp. uithalen.
- Apparaat binnen met een doek en lauwwarm water schoonmaken. Eventueel een beetje normaal afwasmiddel toevoegen.
Het onderste legplateau die de koelruimte van de LONGFRESH 0 °C koelruimte scheidt, kan voor het reinigen worden uitgenomen. Hiervoor wordt het plateau recht uitgetrokken.
De afdekking van de onderste lade kan voor het reinigen worden verwijderd. Na de reiniging dient de afdekking weer teruggeplaatst te worden, opdat de functie van het LONGFRESH 0 °C-koelgedeelte blijft behouden.
-
Daarna met schoon water afnemen en droogmaken.
-
Controleer en reinig de magnetische deurvergrendelingen regelmatig.
Apparaat van buiten
- Apparaat buiten met een doek en lauwwarm water schoonmaken. Eventueel een beetje normaal afwasmiddel toevoegen.
- Daarna met schoon water afnemen en droogmaken.
Let op: Gebruik geen reinigingsmiddel voor roestvrij staal en ook geen andere agressieve of schurende reinigingsmiddelen. De beschermende laklaag van het roestvrij stalen oppervlak kan daardoor worden aangetast.
De aanwezige laklaag beschermt tegen vingerafdrukken, extra reinigings- of onderhoudsmiddelen zijn daarom niet meer vereist.
Stof op de condensor vermindert het koelvermogen en verhoogt het energieverbruik. Daarom eenmaal per jaar de condensor aan de achterkant van het apparaat met een zachte borstel of met de stofzuiger voorzichtig schoonmaken.
- Als alles droog is het apparaat weer in gebruik nemen.
Wat te doen als ...
Hulp bij storingen
Het kan zich bij een storing om een klein defect handelen dat zelf met behulp van de volgende aanwijzingen opgelost kan worden. Geen verdere actie ondernemen als de volgende informatie in concrete gevallen niet verder helpt.

Waarschuwing! Reparaties aan het koelapparaat mogen alleen door vakmensen uitgevoerd worden. Door verkeerd uitgevoerde reparaties kunnen grote gevaren voor de gebruiker ontstaan. Zich voor reparaties tot de handelaar of onze klantendienst wenden.
| Storing Mogelijke | oorzaak Hulp | |
| Apparaat werkt niet, de temperatuurindicaties zijn donker. | Apparaat is niet ingeschakeld. | Apparaat inschakelen. |
| Stekker zit niet in stopcontact of zit los. | Stekker in stopcontact steken. | |
| Zekering zit los of is kapot. | Zekering controleren, eventueel vernieuwen. | |
| Stopcontact is kapot. | Storingen in het lichtnet door Uw electrovakman laten verhelpen. | |
| In het display wordt "POWER" aangegeven. | De stroom was uitgevallen | Controleer of de stekker op de juiste manier in het stopcontact is gestoken of dat er een zekering is gesprongen (zie tevens de paragraaf "Controle- en informatiesysteem"). Kwaliteit van de levensmiddelen controleren |
| Temperatuurindicatie laat een vierkant of een letter zien. In het display wordt "SERVICE" aangegeven. | Er is sprake van een func-tiestoring. | Contact opnemen met onze service-afdeling, apparaatdeur niet meer openen. |
| Waarschuwingssignaal klinkt en een rode achter-grondverlichting knippert. In het display knippert "TEMPERATURE". | Temperatuurwaarschu-wing voor vries- of koel-ruimte. | Zie hoofdstuk "Controle-en informatiesysteem". |
| Er klinkt een waarschuwingssignaal. In het display knippert "DOOR OPEN" en een rode achtergrondverlichting. | De diepvriesruimtedeur en /of de koelruimtedeur is te lang geopend. | Zie de paragraaf "Bedienings- en informatiesysteem". De deuren niet langer dan noodzakelijk geopend laten. |
| De koel- of diepvries-temperatuur is niet voldoende. | Temperatuur is niet juist ingesteld. | Nalezen in hoofdstuk "Temperatuur instellen". |
| Deur heeft langere tijd opengestaan. | Deur niet langer openlaten dan nodig is. | |
| Tijdens de laatste 24 uur zijn grotere hoeveelheden warme levensmiddelen opgeslagen. | Stand COOLMATIC of FROSTMATIC instellen. | |
| Het apparaat staat naast een warmtebron. | Nalezen in hoofdstuk "Opstelplaats". | |
| Apparaat koelt te sterk. | Temperatuur is te koud ingesteld. | Kies tijdelijk een warmere temperatuurinstelling. |
| Binnenverlichting werkt niet. | Lamp is kapot.Attentie: na 7 minuten schakelt de binnenverlich-ting automatisch uit. | Nalezen in dit hoofdstuk onder "Lamp verwisselen". |
| Water op de bodem van de koelruimte of op de plan-ken. | Ontdooiwaterafvoer is ver-stopt. | Zie hoofdstuk "Reiniging en Onderhoud". |
| Sterke rijpvorming in het apparaat, eventueel ook op de deurafsluiting. | Deurafdichting is lek (eventueel na verwisseling van deurstopper). | Op lekkende plaatsen de deurafsluiting voorzichtig met een haardroger verwarmen (niet warmer dan ca. 50 °C).Tegelijkertijd de verwarmde deurafsluiting met de hand in zodanige vorm trekken dat hij weer correct past. |
| Na het instellen van een andere stand of na het wijzigen van de temperatuurinstelling start de compressor niet onmiddellijk. | Dit is normaal, het betreft geen storing. | De compressor start na enige tijd automatisch. |
| Ongewone geluiden. | Apparaat staat niet recht. | Voorste stelvoetjes bijstellen. |
| Apparaat staat tegen de muur of tegen andere voorwerpen aan. | Apparaat iets wegtrekken. | |
| Een onderdeel, bijv. een buis, aan de achterkant van het apparaat maakt contact met een ander onderdeel van het apparaat of met de muur. | Eventueel dit onderdeel voorzichtig wegbuigen. | |
| Ventilator loopt. | Normaal werkingsgeluid. De ventilator zorgt voor een gelijkblijvende temperatuurverdeling in het apparaat. |
Lamp verwisselen

De binnenverlichting wordt bij geopende deur om veiligheidsredenen na 7 minuten automatisch uitgeschakeld. Als de deur de volgende keer weer geopend wordt, wordt hij weer ingeschakeld.

Waarschuwing! Gevaar voor elektrische schok! Voor het verwisselen van de lamp het apparaat uitzetten en de stekker uit het stopcontact trekken of de zekering uitschakelen c.q. eruit draaien.
Lampgegevens: 220-240 V, max. 25 W, fitting: E 14

- Apparaat uitschakelen, daartoe AAN/UIT toets ingedrukt houden.
- Stekken uit het stopcontact trekken.
- Voor het verwisselen van de lamp de kruiskopschroef eruit draaien en de lampbehuizing er naar beneden toe afnemen.
- Defecte lamp verwisselen.
- Lampbehuizing er weer opplaatsen en de kruiskopschroef aan-draaien.

Geluiden als het apparaat in bedrijf is
De volgende geluiden zijn karakteristiek voor koelapparaten:
- Klikken
Altijd als de compressor in- of uitgeschakeld wordt, is een klikgeluid te horen.
- Zoemen
Zodra de compressor werkt, is een zoemgeluid te horen.
- Borrelen/kabbelen
Als koelvloeistof door dunne buisjes stroomt, is een borrelend of kabbelend geluid te horen. Ook na het uitschakelen van de compressor is dit geluid nog korte tijd te horen.
• Ruis
Door de ventilator opgewekte luchtstromen kan een ruisend geluid ontstaan.
Doel, normen, richtlijnen
Het koelapparaat is voor huishoudelijk gebruik bestemd en is met inachtneming van de voor deze apparaten geldende normen gemaakt. Bij de fabricage zijn speciaal die maatregelen genomen die vereist zijn volgens de Duitse wet op de veiligheid van toestellen (GSG), de Duitse voorschriften ter voorkoming van ongevallen bij koude-installaties (VBG 20) en de bepalingen van de vereiniging van Duitse elektrotechnici (VDE).
De koudecirculatie is op dichtheid getest.
C € Dit apparaat voldoet aan de volgende EU-richtlijnen:
- 73/23/EEG van 19.2.1973 - Laagspanningsrichtlijn
- 89/336/EEG van 3.5.1989
(met inbegrip van Wijzigingsrichtlijn 92/31/EWG) - EMC-richtlijn
Vaktermen
- Koelmiddelen
Vloeistoffen die voor het opwekken van koude gebruikt kunnen worden noemt men koelmiddelen. Ze hebben een verhoudingsgewijs laag kookpunt, zo laag, dat de warmte van de in het koelapparaat opgeslagen levensmiddelen het koelmiddel tot koken resp. verdampen kan brengen.
- Koelmiddelcircuit
Gesloten circuit, waarin zich het koelmiddel bevindt. Het koelmiddel-circuit bestaat in principe uit een verdamper, een compressor, een condensor en pijpleidingen.
- Verdamper
In de verdamper verdampt het koelmiddel. Deze warmte wordt aan het interieur van het apparaat onttrokken, dat daardoor afkoelt. Net als alle vloeistoffen hebben koelmiddelen warmte nodig om te verdampen. Daarom zit de verdamper binnen in het apparaat of direct achter de binnenwand en is daardoor niet zichtbaar.
- Compressor
De compressor heeft de vorm van een kleine ton. Hij wordt door een ingebouwde eletromotor aangedreven en is aan de achterkant van de sokkel geplaatst. De taak van de compressor is dampvormige koelmiddelen aan de verdamper te onttrekken, samen te persen en verder naar de condensor te leiden.
- Condensor
De condensor heeft meestal de vorm van een rooster. In de condensor wordt het door de compressor samengeperste koelmiddel vloeibaar gemaakt. Daarbij komt warmte vrij, die via het oppervlak van de condensor aan de omringende lucht wordt afgegeven. De condensor wordt daarom aan de buitenkant, meestal aan de achterkant van het apparaat geplaatst.
Klantenservice
Als bij een storing geen oplossing in deze gebruiksaanwijzing gevonden kan worden, gelieve men zich tot de handelaar of tot onze klantenservice te wenden. Adressen en telefoonnummers staan in bijgevoegde boekje "Garantievoorwaarden/Klantendienst".
Een gerichte onderdeelvoorbereiding kan onnodige moeite en kosten besparen. Vermeld daarom de volgende gegevens van het apparaat:.
- Model naam
• Productnummer (PNC)
• Productienummer (S-No.)

Deze gegevens staan op het merk- en type-aanduidingsplaatje aan de binnenkant van het apparaat. Aanbevolen wordt deze gegevens hier in te vullen om ze snel bij de hand te hebben.
Aanwijzing: Voor het ten onrechte contact opnemen met de klantendienst tijdens de garantieperiode worden kosten berekend.
Klantenservice (Nederland)
Als u vragen hebt waar deze gebruiksaanwijzing geen antwoord op geeft, kunt u de volgende afdelingen raadplegen:
AEG fabrieksservice
Postbus 120
2400 AC Alphen aan den Rijn
Consumentenbelangen tel. 0172 - 468 172
(voor algemene, product- of gebruiksinformatie) fax 0172 - 468 470
Storingen / reparaties tel. 0172 - 468 300
(voor bezoek servicetechnicus) fax 0172 - 468 255
Onderdelenverkoop tel. 0172 - 468 400
fax 0172 - 468 376
www.aeg-huishoudelijk.nl
Belangrijk!
Houd bij het opgeven van een storing altijd het PNC- en S-nummer van uw apparaat bij de hand. Deze nummers vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat en kunt u het beste hieronder en voorop deze gebruiksaanwijzing noteren.
- Model naam
• Productnummer (PNC)
• Productienummer (S-No.)

Aan de hand van deze nummers kan onze service afdeling de juiste voorbereidingen treffen, zodat de machine bij het eerste bezoek van de servicetechnicus weer hersteld kan worden. Op deze manier hoeft u slechts één maal thuis te blijven.
Als u toch voor één van de in deze gebruiksaanwijzing vermelde storingen of vanwege foutieve bediening de AEG service-afdeling inschakelt, wordt dit bezoek ook tijdens de garantietermijn niet door onze garantiebepalingen gedekt.
Elektrische toestellen van AEG voldoen aan de betreffende veiligheidsbepalingen. Reparaties aan elektrische toestellen mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd. Onvakkundige reparaties kunnen tot aanzienlijke risico's voor de gebruiker leiden. Wend u daarom altijd tot de AEG service-afdeling. Voor reparaties uitgevoerd door anderen kan AEG geen aansprakelijkheid aanvaarden. Alleen originele AEG-onderdelen voldoen aan alle eisen!
Onze service-afdeling voert reparaties uit overeenkomstig de voorwaarden die tussen de Consumentenbond en de VLEHAN (Vereniging Leveranciers Elektrotechnische Huishoudelijke Apparaten Nederland) zijn overeengekomen.
SimpelGids