AEG L75489FL - Wasmachine

L75489FL - Wasmachine AEG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis L75489FL AEG in PDF-formaat.

📄 68 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 🔧 SAV 💬 AI-vraag 🖨️ Afdrukken
Notice AEG L75489FL - page 2
Bekijk de handleiding : Français FR Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : AEG

Model : L75489FL

Categorie : Wasmachine

Download de handleiding voor uw Wasmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding L75489FL - AEG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. L75489FL van het merk AEG.

GEBRUIKSAANWIJZING L75489FL AEG

NL WASAUTOMAAT GEBRUIKSAANWIJZING 2

FR LAVE-LINGE NOTICE D'UTILISATION 33KLANTENSERVICE

Wanneer u contact opneemt met de klantenservice dient u de volgende gegevens bij de hand te hebben. Deze informatie treft u aan op het typeplaatje. Model Productnummer Serienummer In deze gebruiksaanwijzing worden de volgende symbolen gebruikt: Waarschuwing - Belangrijke veiligheidsinformatie. Algemene informatie en tips Milieu-informatie Wijzigingen voorbehouden INHOUD 4 VEILIGHEIDSINFORMATIE 5 MILIEUBESCHERMING

18 NUTTIGE AANWIJZINGEN EN TIPS

Bedankt dat u voor dit AEG product heeft gekozen. Dit apparaat is ontworpen om vele jaren uitstekend te presteren, met innovatieve technologieën die het leven gemakkelijker helpen maken – functies die gewone apparaten wellicht niet hebben. Neem een paar minuten de tijd om het door te lezen zodat u er optimaal van kunt profiteren.

ACCESSOIRES EN VERBRUIKSARTIKELEN

In de AEG webshop vindt u alles wat u nodig heeft om al uw apparaten van AEG mooi te houden en perfect te laten functioneren. Ook vindt u hier een groot aantal accessoires die zijn ontworpen en gebouwd volgens de hoge kwaliteitsnormen die u verwacht, van speciaal kookgerei tot bestekmandjes en van flessenhouders tot waszakken… Bezoek onze webshop op www.aeg.com/shop Ga naar onze website voor: - Producten - Brochures - Gebruikershandleidingen - Oplossen van problemen - Service-informatie www.aeg.com NEDERLANDS 3VEILIGHEIDSINFORMATIE Lees deze handleiding aandachtig door voordat u het apparaat installeert of ge- bruikt:

  • Voor uw eigen veiligheid en de vei- ligheid van uw eigendommen
  • Voor de correcte werking van het ap- paraat. Bewaar deze instructies altijd bij het ap- paraat, ook wanneer u het verplaatst of aan een ander geeft. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade veroorzaakt door een fou- tieve installatie.
  • Mensen, met inbegrip van kinderen, met beperkte lichamelijke, zintuiglij- ke of verstandelijke vermogens of gebrek aan ervaring en kennis, mo- gen dit apparaat niet bedienen. Zij moeten onder toezicht staan of in- structies krijgen over het gebruik van dit apparaat van iemand die verant- woordelijk is voor hun veiligheid.
  • Houd alle verpakkingsmaterialen uit de buurt van kinderen. Gevaar voor verstikking of letsel.
  • Houd alle reinigingsmiddelen uit de buurt van kinderen.
  • Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat als de deur open is.
  • Voordat u de deur van het apparaat sluit, dient u te controleren dat er geen kinderen of huisdieren in de trommel zitten.
  • Als het apparaat is uitgerust met een kinderbeveiliging, raden wij aan dit te activeren. KINDERBEVEILIGING
  • Als u deze beveiliging activeert, kunt u de deur niet sluiten. Dit voorkomt dat u kinderen of huisdieren in de trommel opsluit. Voor het inschake- len van de kinderbeveiliging ver- plaatst u het draaigedeelte met een muntstuk rechtsom totdat de groef horizontaal staat. Voor het uitschake- len van de kinderbeveiliging ver- plaatst u het draaigedeelte met een muntstuk linksom totdat de groef weer verticaal staat. ALGEMENE VEILIGHEID
  • Gebruik het apparaat niet voor pro- fessioneel gebruik. Dit apparaat is uitsluitend bestemd voor huishoude- lijk gebruik.
  • De specificaties van het apparaat mogen niet worden veranderd. Risico op letsel en beschadiging van het apparaat.
  • Plaats geen ontvlambare producten of items die vochtig zijn door ont- vlambare producten in, bij of op het apparaat. Brand- of explosiegevaar.
  • Volg de veiligheidsinstructies van de verpakking van het wasmiddel om brandwonden aan ogen, mond en keel te voorkomen.
  • Zorg dat u alle metalen onderdelen uit het wasgoed verwijdert. Hard en scherp materiaal kan het apparaat beschadigen.
  • Raak het glas van de deur niet aan als een programma in gebruik is. Het glas kan heet worden (alleen bij ma- chines met laaddeur vooraan).

ONDERHOUD EN REINIGING

  • Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact.
  • Gebruik het apparaat niet zonder fil- ters. Zorg dat de filters op de juiste wijze worden geïnstalleerd. Een on- 4juiste installatie leidt tot waterlekka- ge. MONTAGE
  • Het apparaat is zwaar, wees voorzich- tig bij het verplaatsen van het appa- raat.
  • Vervoer uw apparaat niet zonder transportbouten, u kunt anders de in- terne componenten beschadigen en lekkages en defecten veroorzaken.
  • Installeer en sluit geen beschadigd apparaat aan.
  • Zorg dat u alle verpakkingsmateria- len en transportbouten verwijdert.
  • Zorg er tijdens de installatie voor dat de stekker uit het stopcontact is ge- haald.
  • Alleen een erkende persoon mag de elektrische installatie, het loodgie- terswerk en de installatie van het ap- paraat uitvoeren. Dit om het risico op structurele schade of lichamelijk let- sel te voorkomen.
  • Installeer of gebruik het apparaat niet op een plek waar de tempera- tuur onder de 0 °C komt.
  • Als u het apparaat installeert op vloerbedekking, dient u ervoor te zorgen dat er luchtcirculatie is tussen het apparaat en de vloerbedekking. Pas de stelvoeten aan om de nodige ruimte tussen het apparaat en de vloerbedekking te creëren. Aansluiting aan de waterleiding
  • Sluit het apparaat niet aan met oude slangen die al gebruikt zijn. Gebruik alleen nieuwe slangen.
  • Zorg dat u de waterslangen niet be- schadigt.
  • Sluit het apparaat niet op nieuwe lei- dingen aan of op leidingen die lang niet zijn gebruikt. Laat het water en- kele minuten stromen en sluit dan de toevoerslang pas aan.
  • Let er bij het eerste gebruik op dat de watertoevoerslangen en de kop- pelingen niet lek zijn. Aansluiting op het elektriciteitsnet
  • Zorg ervoor dat het apparaat is ge- aard.
  • Controleer of de elektrische informa- tie op het typeplaatje overeenkomt met de stroomvoorziening.
  • Gebruik altijd een correct geïnstal- leerd schokvrij stopcontact.
  • Gebruik geen meerwegstekkers en verlengkabels. Er kan brand ontstaan.
  • Vervang of verander het netsnoer niet zelf. Neem contact op met het servicecentrum.
  • Zorg dat u de hoofdstekker en kabel niet beschadigt.
  • Steek de stekker pas in het stopcon- tact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is.
  • Trek niet aan het snoer om het appa- raat los te koppelen van de netvoe- ding. Trek altijd aan de stekker.

HET APPARAAT AFVOEREN

1. Trek de stekker uit het stopcontact.

2. Snij het netsnoer van het apparaat

3. Verwijder de deurvergrendeling. Dit

voorkomt dat u kinderen of huisdie- ren in de trommel opsluit. Gevaar voor verstikking (alleen bij machines met laaddeur vooraan). MILIEUBESCHERMING VERPAKKINGSMATERIALEN Recycle de materialen met het symbool

Gooi de verpakking in een geschikte verzamelcontainer om het te recyclen. NEDERLANDS 5MILIEUTIPS Gebruik minder water en energie om het milieu te helpen, volg deze instruc- ties:

  • Stel een programma in zonder de voorwasfase om wasgoed dat nor- maal vervuild is te wassen.
  • Start een wasprogramma altijd met de maximum hoeveelheid wasgoed.
  • Gebruik indien nodig een vlekkenver- wijderaar als u een programma met een lage temperatuur instelt.
  • Controleer de waterhardheid om de juiste hoeveelheid wasmiddel te ge- bruiken. Het symbool op het product of op de verpakking wijst erop dat dit product niet als huishoudafval mag worden behandeld, maar moet worden afgegeven bij een verzamelpunt waar elektrische en elektronische apparatuur wordt gerecycled. Als u ervoor zorgt dat dit product op de juiste manier wordt verwijderd, voorkomt u mogelijke negatieve gevolgen voor mens en milieu die zich zouden kunnen voordoen in geval van verkeerde afvalverwerking. Voor gedetailleerdere informatie over het recyclen van dit product, kunt u contact opnemen met de gemeente, de gemeentereiniging of de winkel waar u het product hebt gekocht.

afwasmiddeldoseerbakje

Stelvoetjes 6ACCESSOIRES

Moersleutel Om de transportbouten te verwijde- ren.

Plastic dopjes Voor het afdichten van de gaten aan de achterzijde van het apparaat na- dat u de transportbouten hebt ver- wijderd.

Toevoerslang met geïntegreerd beschermingssysteem tegen wa- teroverlast Om mogelijke wateroverlast te voorkomen.

Plastic slanggeleider Om een afvoerslang op de rand van een gootsteen te bevestigen. BEDIENINGSPANEEL

Toets Tijd Besparen (Tijd Besparen - Gain de Temps)

Toets Vlekken (Vlekken - Taches)

Toets Temperatuur (Temp. ºC)

Druk op deze toets om het apparaat in of uit te schakelen. Er klinkt een geluid als het apparaat wordt ingeschakeld. DeAUTO Stand-by functie schakelt het apparaat automatisch uit om stroom te besparen als:

  • Er een programma is geselecteerd, maar na 5 minuten van de instelling nog niet op de toets is gedrukt.

– Alle instellingen worden geannu- leerd

om het appa- raat weer in te schakelen. – Stel het wasprogramma en alle mogelijke opties weer in.

  • 5 minuten na afloop van het waspro- gramma. Raadpleeg 'Aan het einde van het programma'. PROGRAMMASCHAKELAAR

Draai deze knop om een programma in te stellen. Het bijbehorende program- ma-indicatielampje gaat branden. DISPLAY

A B C D Op het display verschijnt: A • De maximum temperatuur van het programma. B • De standaard centrifugesnelheid van het programma.

Symbolen Beschrijving Wasfase Spoelfases Centrifugefase Kinderbeveiliging U kunt de deur van het apparaat niet openen als het symbool aan is. U kunt de deur van het apparaat openen als het symbool uit gaat. Het symbool blijft aan, maar het programma is voltooid:

  • Er staat water in de trommel.
  • De functie 'Spoelstop' is aan. 8Startuitstel D • De programmatijd Als het programma start, vermindert de tijd in stappen van 1 minuut.
  • De uitgestelde start Als u op de toets startuitstel drukt, toont de display de uitstelde starttijd.
  • Alarmcodes Als het apparaat een storing heeft, toont de display alarmcodes. Raad- pleeg het hoofdstuk "Problemen oplossen".
  • Err Het display toont dit bericht enkele seconden als: – U een functie instelt die niet van toepassing is voor het programma. – U het programma wijzigt als het in werking is. Het lampje van de toets Start/Pauze

Als het programma is voltooid.

Alleen beschikbaar voor het programma Centrifugeren / afpompen.

De symbolen verschijnen op de display als de bijbehorende fase of functie is ingesteld.

om het programma te starten of te onderbreken. TOETS STARTUITSTEL

om de start van een programma vanaf 30 minuten tot 20 uur uit te stellen. TOETS TIJDBESPARING

om de program- matijd te verminderen.

  • Druk een keer om een verkort pro- gramma in te stellen voor wasgoed met dagelijks vuil.
  • Druk twee keer voor het instellen van een extra snel programma voor was- goed dat bijna niet vuil is. Sommige programma's accep- teren uitsluitend een van de twee functies.

om spoelfases toe te voegen aan het programma. Gebruik deze functie voor personen die allergisch zijn voor wasmiddelen en in gebieden waar het water erg zacht is. TOETS VLEKKEN

om de vlekkenfase toe te voegen aan het programma. Gebruik deze functie voor wasgoed met vlekken die moeilijk te verwijderen zijn. Als u deze functie instelt, doet u vlek- kenverwijderaar in het vakje

Deze functie verlengt de duur van het wasprogramma. Deze functie is niet beschikbaar bij een temperatuur lager dan 40°C. TOETS CENTRIFUGEREN

Druk op deze toets om:

  • De maximale snelheid van de centri- fugefase te verlagen als u een pro- gramma instelt. De display toont alleen de cen- trifugesnelheden die voor het ingestelde programma beschik- baar zijn. NEDERLANDS 9• Schakel de centrifugefase uit.
  • Schakel de functie 'Spoelstop' in. Stel deze functie in om kreukvorming in stoffen te voorkomen. Het apparaat pompt geen water af als het pro- gramma is voltooid. Centrifugefase is uit. De functie 'Spoelstop' is aan. TEMPERATUURTOETS

om de standaard temperatuur te wijzigen. - - = koud water GELUIDSSIGNALENFUNCTIE U hoort geluidssignalen als:

  • U het apparaat inschakelt.
  • U het apparaat uitschakelt.
  • U op een toets drukt.
  • Het programma is voltooid.
  • Het apparaat ondervindt een storing. Voor het uitschakelen/inschakelen van de geluidssignalen, drukt u tegelijker- tijd op toets

gedurende 6 seconden. Als u de geluidssignalen uit- schakelt, blijven ze alleen wer- ken als u op de toetsen drukt en er een storing optreedt. FUNCTIE KINDERSLOT Deze functie voorkomt dat kinderen spelen met het bedieningspaneel.

  • Druk om de functie te activeren, te- gelijkertijd op toets

totdat de display het symbool toont.

  • Druk om de functie te deactiveren, tegelijkertijd op toets

totdat het symbool uitgaat. U kunt de volgende functie activeren:

  • Voordat u drukt op de toets Start/ Pauze

: kan het apparaat niet star- ten.

  • Nadat u drukt op de toets Start/Pau-

, worden alle toetsen en de programmaschakelaar uitgeschakeld. PERMANENTE EXTRA SPOELFUNCTIE Met deze functie kunt u de extra spoel- functie permanent aan laten als u een nieuw programma instelt.

  • Druk om de functie te activeren, te- gelijkertijd op toets

totdat het lampje van toets

  • Druk om de functie uit te schakelen, tegelijkertijd op toets

totdat het lampje van toets

uit gaat. PROGRAMMA'S Programma Temperatuur Type lading max. gewicht van be- lading Cyclus- beschrijving Functies Katoen –Blanc/ Couleurs Katoen 95° - Koud Wit en bont katoen, normaal vervuild. max. 8 kg Wassen Spoelen Lang centrifuge- ren KORT CENTRIFU- GEREN SPOELSTOP VLEKKEN PLUS EXTRA SPOELING TIJDBESPARING

10Programma Temperatuur Type lading max. gewicht van be- lading Cyclus- beschrijving Functies Katoen + Voor- was Blanc/Cou- leurs + Prélava-

Wol/Zijde – Lai- ne /Soie Wol/Zijde 40° - Koud In de machine wasba- re wol. Met de hand wasbare wol en fijn wasgoed met het symbool «handwas». max. 2 kg Wassen Spoelen Kort centrifugeren KORT CENTRIFU- GEREN SPOELSTOP Dekbed – Couette Deken 60° - 30° Eén synthetische de- ken, dekbed, sprei enz. max. 2 kg Wassen Spoelen Kort centrifugeren KORT CENTRIFU- GEREN NEDERLANDS 11 3Programma Temperatuur Type lading max. gewicht van be- lading Cyclus- beschrijving Functies Centrifugeren/ Pompen – Esso- rage/Vidange

Centrifugeren / afpompen Alle stoffen De maximale bela- ding van wasgoed is afhankelijk van het ty- pe wasgoed. Afvoer van het water Centrifugefase op de maximale snel- heid. KORT CENTRIFU- GEREN NIET CENTRIFU- GEREN Spoelen – Rinça-

Spoelgangen Handwasartikelen. Een keer spoelen met toevoeging Lang centrifuge- ren KORT CENTRIFU- GEREN SPOELSTOP EXTRA SPOE- LEN

Als u twee keer op de toets 6 drukt (functie Supersnel ingesteld), raden wij u aan om de hoeveelheid wasgoed te verkleinen. Het is mogelijk om de volledige lading te gebruiken, maar de wasresultaten zullen minder goed zijn.

De was- en centrifugefase is zacht om te voorkomen dat het wasgoed gaat kreuken. De wasautomaat voegt extra spoelgangen toe.

De standaard fase van de centrifugesnelheid is gebaseerd op katoenen wasgoed. De centrifugesnelheid instellen. Zorg ervoor dat het geschikt is voor het soort wasgoed.

Stel deze functie om extra spoelingen toe te voegen. Met een lage centrifugesnelheid voert het apparaat behoedzame spoelbeurten uit met kort centrifugeren.

Stel dit programma in om de tijd en het water- en energieverbruik te verlagen.

Stel dit programma in voor een goed wasresultaat en om het stroomverbruik te verlagen. De tijd van het wasprogramma wordt verlengd. 12STOOMPROGRAMMA'S Programma

Type lading Max. bela- ding Opfrissen — Rafraîchir Met stoom opfrissen Dit programma verwijdert luchtjes uit het wasgoed. Stoom verwijdert geen dierenluchtjes. Katoen en synthetica. Stel het Stoomprogramma niet in voor dit type kleding:

  • Kleding waar op het was- voorschrift niet staat of het geschikt is voor de droger.
  • Kleding met veel ingewerkte stukjes plastic, metaal, hout en dergelijke. tot 1.5 kg Ontkreuk — Défroissage Stoom anti-kreuk Dit programma helpt het was- goed te ontkreuken. tot 1.5 kg Stoom kan worden gebruikt voor droge, gewassen of eenmaal gedragen wasgoed. Deze programma's kunnen kreukels en luchtjes verminderen en het wasgoed zachter maken. Gebruik geen wasmiddel. Verwijder vlekken indien nodig door te wassen of plaatselijke vlekverwijderaar te gebruiken. Stoomprogramma's hebben geen hygiënische cyclus.

Als u een stoomprogramma instelt met gedroogde was, zal de was aan het eind van de cyclus vochtig aanvoelen. Het is beter om de kleren aan de lucht te drogen gedurende 10 minuten om de vochtigheid te laten verdampen. Het wasgoed moet zo snel mogelijk uit de trommel worden verwijderd. Na een stoomcyclus kunt u de kleding toch nog strijken, maar dan uiteraard met veel minder moeite! VERBRUIKSWAARDEN Programma

Energieverbruik (kWh)

Waterverbruik (li- ter)

Het katoen 60 °C eco en katoen 40 °C eco zijn de standaard programma's voor katoen die normaal bevuild zijn. Deze programma's zijn geschikt om normaal bevuild katoenen wasgoed te wassen en zijn de meest efficiënt- ste programma's op het vlak van water- en energieverbruik om dit type katoenen wasgoed te wassen. De werkelijke watertemperatuur kan ver- schillen van de aangeduide cyclustemperatuur.

Raadpleeg het display voor de programmatijd. NEDERLANDS 132) De consumptiegegevens die in dit overzicht worden weergegeven, zijn indicatief. De gegevens kunnen verschillen, afhankelijk van de hoeveelheid, het type wasgoed, de temperatuur van de watertoevoer en de omgevingstemperatuur.

Dit is het programma voor testinstituten. Het is overeenkomstig met EN60456.

VOOR HET EERSTE GEBRUIK

1. Giet 2 liter water in het vakje voor

het hoofdwasmiddel van de was- middellade om het afvoersysteem te activeren.

2. Giet een klein beetje wasmiddel in

het vakje van het hoofdwasmiddel van de wasmiddellade. Stel het pro- gramma voor katoen in op de hoog- ste temperatuur zonder wasgoed en start het programma. Dit verwijdert al het mogelijke vuil uit de trommel en de kuip.

2. Steek de stekker in het stopcontact.

om het apparaat in te schakelen.

4. Plaats het wasgoed in de machine.

5. Gebruik de juiste hoeveelheid was-

middelen en toevoegingen.

6. U dient het juiste programma in te

stellen en te starten voor het type lading en de mate van vervuiling.

WASGOED IN DE MACHINE DOEN

1. Open de deur van het apparaat.

2. Plaats het wasgoed een voor een in

de trommel. Schud de items voor u ze in de wasautomaat plaatst. Zorg ervoor dat u niet te veel was in de trommel plaatst.

Zorg ervoor dat er geen wasgoed tus- sen de deur blijft klemmen. Er kan wa- terlekkage of beschadigd wasgoed ont- staan.

14WASMIDDELEN EN TOEVOEGINGEN GEBRUIKEN

Het wasmiddelvakje van de voorwasfase en het inweekprogram- ma. Voeg inweek- en voorwasmiddelen toe voordat u het programma start. Het vakje voor het wasmiddel van de wasfase. Als u een vloeibaar wasmiddel gebruikt, dient u dit direct voor het starten van het programma te plaatsen. Vakje voor vloeibare nabehandelingsmiddelen (wasverzachter, stijfsel). Plaats het product in het vakje voordat u het programma start. Dit is het maximale niveau voor vloeibare nabehandelingsmidde- len. Het vakje voor de vlekverwijderaar. Plaats het product in het vakje en stel de vlekfunctie in voordat u het programma start. Klepje voor poeder of vloeibaar wasmiddel. Draai het klepje (omhoog of omlaag) in de juiste stand om poeder of vloeibaar wasmiddel te gebruiken. Volg altijd de instructies op de verpakking van de wasmiddelen. De stand van de klep controleren

1. Trek de wasmiddeldoseerlade uit

2. Druk de hendel in om de lade uit te

trekken. NEDERLANDS 153. Draai de klep omhoog om poeder- wasmiddel te gebruiken.

4. Draai de klep omlaag om vloeibaar

wasmiddel te gebruiken. Met de klep in de stand OM- LAAG: – Gebruik geen gelatineachtige of dikke vloeibare wasmidde- len. – Giet niet meer vloeibaar was- middel in het vakje dan de li- miet op de klep. – Stel de voorwasfase niet in. – Stel de startuitstelfunctie niet in.

5. Meet het wasmiddel en wasverzach-

6. Sluit de wasmiddeldoseerlade voor-

zichtig. Zorg bij het sluiten van de lade dat de klep geen blokkering veroorzaakt.

HET PROGRAMMA INSTELLEN EN STARTEN

1. Draai de programmaschakelaar. Het

bijbehorende programma-indicatie- lampje gaat branden.

Het lampje van toets

knippert in het rood.

3. Op het display verschijnt de stan-

daard temperatuur en centrifuge- snelheid. Om de temperatuur en/of de centrifugesnelheid te wijzigen, drukt u op de bijbehorende toet- sen.

4. Stel de beschikbare functies in. Het

lampje van de ingestelde functie gaat aan, of de display toont het bij- behorende symbool.

om het program- ma te starten. Het lampje van toets

is aan. EEN PROGRAMMA ONDERBREKEN

drukt: Het indi- catielampje knippert.

Als u opnieuw op toets

drukt. Het wasprogramma gaat verder. 16EEN PROGRAMMA ANNULEREN

om het program- ma te annuleren en om het appa- raat uit te schakelen.

Druk opnieuw op toets

om het apparaat in te schakelen. U kunt nu een nieuw wasprogramma kiezen. Het apparaat pompt geen water weg.

EEN FUNCTIE WIJZIGEN

U kunt slechts enkele functies wijzigen voordat ze gaan werken.

drukt: Het indi- catielampje knippert.

2. De ingestelde functie wijzigen.

Druk herhaaldelijk op toets

tot het aantal minuten of uren op de display verschijnt. De bijbehorende symbolen gaan branden.

, het apparaat be- gint met aftellen van de uitgestelde start. Nadat het aftelproces voltooid is, wordt het wasprogramma automa- tisch gestart. Voordat u op toets

drukt om het apparaat te starten, kunt u de instelling van de uitgestelde start annuleren of wijzigen. U kunt de uitgestelde start niet instellen bij het Stoom pro- gramma.

drukt: Het bij- behorende indicatielampje knip- pert.

Druk herhaaldelijk op toets

drukt: Het pro- gramma wordt gestart. DEUR OPENEN Als een programma of het startuitstel in werking is, is de deur van de wasmachi- ne vergrendeld. De deur van het apparaat openen:

. Het deurvergren- delingssymbool in de display gaat uit.

2. Open de deur van het apparaat.

3. Sluit de deur van de machine en

. Het programma of startuitstel gaat verder. Als de temperatuur en het wa- terpeil in de trommel te hoog zijn, blijft het symbool voor de deurvergrendeling aan en kunt u de deur niet openen. U opent in dat geval de deur als volgt:

1. Schakel het apparaat uit.

2. Wacht enkele minuten.

3. Zorg ervoor dat er zich geen

water in de trommel bevindt. Als u het apparaat uit zet, dient u het programma opnieuw in te stellen.

AAN HET EINDE VAN HET PROGRAMMA

  • Het apparaat stopt automatisch.

In de display gaat het symbool aan.

  • Het indicatielampje van de toets Start/Pauze
  • Het deurvergrendelingssymbool gaat uit.

om het apparaat uit te schakelen. Vijf minuten na het ein- de van het programma wordt het ap- paraat door de energiebesparende functie automatisch uitgeschakeld. NEDERLANDS 17Als u het apparaat weer inscha- kelt, wordt het einde van het als laatste ingestelde programma in de display weergegeven. Draai de programmaknop om een nieuwe cyclus in te stellen.

  • Haal het wasgoed uit de wasmachi- ne. Zorg ervoor dat de trommel leeg is.
  • Laat de deur iets open staan om de vorming van schimmel en onaange- name luchtjes te voorkomen.
  • Draai de waterkraan dicht. Het wasprogramma is voltooid, maar er staat water in de trommel: – De trommel draait regelmatig om kreukvorming van het wasgoed te voorkomen. – De deur blijft vergrendeld. – U moet het water afvoeren om de deur te kunnen openen. Het water wegpompen:

Druk op de toets Start/Pauze

Het apparaat voert het water af en centrifugeert.

3. Als het programma is voltooid, gaat

het deurvergrendelingssymbool uit en kunt u de deur openen

4. Schakel het apparaat uit.

Na ongeveer 18 uur begint het apparaat automatisch met het afvoeren van water en centrifu- geren.

NUTTIGE AANWIJZINGEN EN TIPS

  • Verdeel het wasgoed in: wit, bont, synthetisch, fijne was en wol.
  • Volg de wasinstructies die u op de waslabels van het wasgoed vindt.
  • Was witte en bonte artikelen niet sa- men.
  • Sommige bonte weefsels kunnen uit- lopen als zij de eerste keer worden gewassen. We raden daarom aan om dit soort kleding de eerste keer dan ook apart te wassen.
  • Knoop kussenslopen dicht, sluit rit- sen, haakjes en drukknopen. Maak riemen vast.
  • Maak alle zakken leeg en vouw alle artikelen open.
  • Draai meerlagige stoffen, wollen en kleding met geverfde opdrukken bin- nenstebuiten.
  • Verwijder hardnekkige vlekken.
  • Was delen met zware vervuiling met een speciaal wasmiddel.
  • Wees voorzichtig met de gordijnen. Verwijder de haken of stop de gordij- nen in een zak of kussensloop.
  • Niet in de machine wassen: – Wasgoed zonder zomen of met scheuren – Beugelbeha's. – Gebruik een waszakje om kleine stuk wasgoed te wassen.
  • Een zeer kleine lading kan proble- men veroorzaken bij de centrifugefa- se. Als dit gebeurt, kunt u de artike- len handmatig verdelen in de trom- mel en de centrifugefase opnieuw starten. HARDNEKKIGE VLEKKEN Voor sommige vlekken is water en was- middel niet voldoende. We raden u aan om deze vlekken te verwijderen voordat u deze artikelen in de machine stopt. Er zijn speciale vlekverwijderaars ver- krijgbaar. Gebruik een speciale vlekver- wijderaar die geschikt is voor het type vlek en stof. WASMIDDELEN EN NABEHANDELINGSMIDDELEN
  • Gebruik alleen wasmiddelen en na- behandelingsproducten die bedoeld zijn voor gebruik in een wasauto- maat.
  • Vermeng geen verschillende soorten wasmiddel met elkaar. 18• Gebruik niet meer dan de benodigde hoeveelheid wasmiddel om het mili- eu te beschermen.
  • Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van deze produc- ten.
  • Gebruik de juiste producten voor het type en de kleur stof, de programma- temperatuur en de mate van vervui- ling.
  • Stel geen voorwasfase in als u vloei- bare wasmiddelen gebruikt.
  • Als uw machine geen wasmiddellade heeft met klepje, voeg dan het vloei- bare wasmiddel toe met een doseer- bal. WATERHARDHEID Als de waterhardheid in uw gebied hoog of gemiddeld is, raden we u het gebruik van waterverzachter voor was- automaten aan. In gebieden waar de waterhardheid zacht is, is het gebruik van een waterverzachter niet nodig. Neem contact op met de plaatselijke waterautoriteit voor de waterhardheid in uw gebied. Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van de producten. Gelijkwaardige eenheden meten de waterhardheid:
  • Duitse graden (°dH).
  • mmol/l (millimol per liter - een inter- nationale eenheid voor de hardheid van water).

WAARSCHUWING! Haal de stekker uit het stopcontact voordat u het apparaat reinigt. ONTKALKEN Het water dat wij gebruiken, bevat kalk. Als het nodig is dient u waterverzachter te gebruiken om deze kalk te verwijde- ren. Gebruik een speciaal product voor was- automaten. Volg altijd de instructies die u vindt op de verpakking van de produ- cent. Doe dit apart van het wassen van was- goed. BUITENKANT REINIGEN Het apparaat alleen schoonmaken met zeep en warm water. Maak alle opper- vlakken volledig droog. LET OP! Gebruik geen brandspiritus, op- losmiddelen of chemische pro- ducten. ONDERHOUDSWASBEURT Bij programma's met lage temperatu- ren is het mogelijk dat er wat wasmid- del achterblijft in de trommel. Voer re- gelmatig een onderhoudswas uit. Om dit te doen:

  • Haal al het wasgoed uit de trommel. NEDERLANDS 19• Stel het heetste wasprogramma in voor katoen
  • Gebruik de juiste hoeveelheid poe- derwasmiddel met biologische ei- genschappen. Houd de deur enige tijd open na elke wasbeurt, om schimmels te voorkomen en onprettige geurtjes te verwijderen. DEURRUBBER Controleer het deurrubber regelmatig en verwijder voorwerpen uit de binnen- kant. TROMMEL Controleer de trommel regelmatig om kalk en roestdeeltjes te voorkomen. Gebruik alleen speciale producten om roestdeeltjes uit de trommel te verwij- deren. Ga als volgt te werk:
  • Reinig de trommel met een speciaal product voor roestvrij staal.
  • Start een kort programma voor ka- toen op de maximale temperatuur met een kleine hoeveelheid wasmid- del. WASMIDDELDOSEERLADE De wasmiddeldoseerlade reinigen:

2. Trek de doseerlade naar buiten.

3. Verwijder het bovenste gedeelte

van het vakje voor vloeibare nabe- handelingsmiddelen.

4. Maak alle onderdelen schoon met

205. Maak de ruimte van de wasmiddel-

doseerlade schoon met een borstel.

6. Plaats de wasmiddeldoseerlade te-

rug in de ruimte. AFVOERPOMP Controleer de afvoerpomp re- gelmatig en zorg dat deze schoon is. De pomp schoonmaken als:

  • Het apparaat geen water wegpompt.
  • De trommel niet kan draaien.
  • Het apparaat een ongebruikelijk ge- luid maakt door een blokkade in de afvoerpomp.
  • De display een alarmcode weergeeft door een probleem met de wateraf- voer. WAARSCHUWING!

1. Trek de stekker uit het stop-

2. Verwijder het filter niet als

het apparaat in gebruik is. Reinig de afvoerpomp niet als het water in de machine heet is. Het water moet koud zijn voordat u de afvoer- pomp kunt reinigen. De afvoerpomp reinigen:

1. Open het afvoerpompdeurtje.

2. Trek de klep naar voren om hem te

3. Plaats een bak onder de uitsparing

van de afvoerpomp om het uitstro- mende water op te vangen.

4. Druk de twee hendels in en trek het

afvoerkanaal naar voren om het wa- ter eruit te laten stromen. NEDERLANDS 211

5. Als de bak vol met water is, duwt u

het afvoerkanaal terug en leegt u de bak. Herhaal stap 4 en 5 tot er geen water meer uit de afvoerpomp stroomt.

6. Duw het afvoerkanaal terug en draai

het filter om het te verwijderen.

7. Verwijder stof en voorwerpen uit de

8. Zorg dat het schoepenrad op de

juiste wijze kan draaien. Neem als dit niet lukt, contact op met de klan- tenservice.

9. Reinig het filter onder de water-

kraan en plaats het terug in de spe- ciale geleiders van de pomp.

Zorg ervoor dat het filter stevig vast- zit om waterlekkage te voorkomen.

Plaats de klep terug en sluit het af- voerpompdeurtje.

KLEPFILTER Het kan nodig zijn filters te reinigen als:

  • Het apparaat niet met water wordt gevuld.

Het lampje van toets

knippert en de display het bijbehorende alarm weergeeft. Raadpleeg het hoofdstuk "Problemen oplossen en service". WAARSCHUWING! Trek de stekker uit het stopcon- tact. 22De watertoevoerfilters schoonmaken:

1. Draai de waterkraan dicht.

2. Verwijder de watertoevoerslang van

3. Reinig het filter in de toevoerslang

met een harde borstel.

4. Verwijder de toevoerslang achter de

5. Reinig het filter in de klep met een

harde borstel of een handdoek. 45° 35°

6. Installeer de watertoevoerslang op-

nieuw. Zorg ervoor dat de koppelin- gen stevig vast zitten om lekkage te voorkomen.

7. Draai de waterkraan open.

NOODAFVOER Het apparaat kan geen water afvoeren door een storing. Als dit optreedt, voert u stap (1) tot en met (6) van "De afvoerpomp reinigen" uit. Maak de pomp zo nodig schoon. Plaats het afvoerkanaal terug en sluit de afvoerpompklep. Als u het water afvoert met de noodaf- voerprocedure, dient u het afvoersys- teem opnieuw te activeren:

1. Giet 2 liter water in het vakje voor

het hoofdwasmiddel van de was- middeldoseerlade.

2. Start het programma om water af te

voeren. VOORZORGSMAATREGELEN BIJ VORST Als het apparaat is geïnstalleerd in een gebied waar de temperatuur lager is dan 0 °C, dan dient u het resterende water uit de afvoerslang en de afvoer- pomp te verwijderen.

1. Trek de stekker uit het stopcontact.

2. Draai de waterkraan dicht.

3. Verwijder de watertoevoerslang.

4. Plaats de twee uiteinden van de

toevoerslang in een bak en laat het water uit de slang stromen.

5. Leeg de afvoerpomp. Raadpleeg de

noodafvoerprocedure.

6. Als de afvoerpomp leeg is, instal-

leert u de toevoerslang opnieuw. WAARSCHUWING! Zorg ervoor dat de temperatuur hoger is dan 0 °C voordat u het apparaat opnieuw gebruikt. De fabrikant is niet verantwoor- delijk voor schade die door lage temperaturen is veroorzaakt.

NEDERLANDS 23PROBLEMEN OPLOSSEN EN SERVICE

Het apparaat start niet of stopt tijdens het programma. Probeer eerst het probleem zelf op te lossen (zie tabel). Indien dit niet lukt, neem contact op met de service afde- ling. Bij sommige problemen werken de geluidssignalen en toont de display een alarmcode:

- Het apparaat wordt niet ge- vuld met water.

- Het apparaat pompt geen water weg.

- De deur is open of niet goed gesloten.

- Anti-overstromingsbeveiliging is aan. WAARSCHUWING! Schakel het apparaat uit voordat u controles uitvoert. Probleem Mogelijke oorzaak Mogelijke oplossing Het apparaat neemt geen water. De waterkraan is dicht. Draai de waterkraan open. De watertoevoerslang is beschadigd. Controleer of de watertoevoers- lang niet is beschadigd. De filters in de watertoe- voerslang zijn verstopt. Reinig de filters Zie het hoofd- stuk "Onderhoud en reiniging". De waterkraan is verstopt of aangezet met kalkaan- slag. Maak de waterkraan schoon. De aansluiting van de watertoevoerslang is niet correct. Zorg dat de aansluiting altijd cor- rect is. De waterdruk is te laag. Neem contact op met het water- leidingbedrijf. Het apparaat pompt geen water weg. De waterafvoerslang is beschadigd. Controleer of de waterafvoers- lang niet is beschadigd. Het filter in de afvoer- pomp is geblokkeerd. Reinig het filter of maak de af- voerpomp schoon. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reini- ging". De aansluiting van de waterafvoerslang is niet correct. Zorg dat de aansluiting altijd cor- rect is. Er is een wasprogramma zonder afvoerfase inge- steld. Stel het afvoerprogramma in. De functie 'Spoelstop' is aan. Stel het afpompprogramma in. De deur is open of niet goed geslo- ten. Sluit de deur goed. 24Probleem Mogelijke oorzaak Mogelijke oplossing Anti-overstro- mingsbeveilliging is aan.

  • Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stop- contact.
  • Draai de waterkraan dicht.
  • Neem contact op met het ser- vicecentrum. Het apparaat cen- trifugeert niet. De centrifugafase is uit. Stel het centrifugeprogramma in. Het filter in de afvoer- pomp is geblokkeerd. Reinig het filter of maak de af- voerpomp schoon. Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reini- ging". Balansproblemen met de waslading. Verdeel de artikelen handmatig in de trommel en start de centri- fugefase opnieuw. Het programma start niet. De stekker zit niet goed in het stopcontact. Steek de stekker in het stopcon- tact. De zekering in de meter- kast is doorgebrand. Vervang de zekering. U heeft niet op toets

gedrukt. Als u op de toets

drukt: De uitgestelde start is in- gesteld. Annuleer de uitgestelde start om het programma direct te starten. Het kinderslot is geacti- veerd. Het kinderslot uitschakelen. Er ligt water op de vloer. Lekkages van de koppe- lingen van de waterslan- gen. Zorg dat de koppelingen goed zijn aangedraaid. Lekkages van de afvoer- pomp. Zorg dat het filter van de afvoer- pomp goed is bevestigd. De waterafvoerslang is beschadigd. Verzeker u ervan dat de water- toevoerslang niet is beschadigd. U kunt de deur van het apparaat niet openen. Het wasprogramma is bezig. Laat het wasprogramma beëindi- gen. Er staat water in de trom- mel. Kies het programma Pompen of Centrifugeren. Het apparaat maakt een abnor- maal geluid. Het apparaat staat niet waterpas. Het apparaat waterpas afstellen. Raadpleeg "Installatie". De verpakking en/of de transportbouten zijn niet verwijderd. Verwijder de verpakking en/of de transportbouten. Raadpleeg "In- stallatie". NEDERLANDS 25Probleem Mogelijke oorzaak Mogelijke oplossing De lading is erg klein. Meer wasgoed in de machine doen. Het apparaat vult zich met water en pompt het direct weer af. Het uiteinde van de af- voerslang is te laag. Zorg dat de afvoerslang op de juiste hoogte staat. Het wasresultaat is niet bevredigend. Het door u gebruikte wasmiddel was niet cor- rect of onvoldoende. Gebruik meer wasmiddel of ge- bruik een ander middel. U heeft de hardnekkige vlekken niet voor het wassen uit het wasgoed gehaald. Gebruik speciale producten om hardnekkige vlekken te verwijde- ren. Onjuiste temperatuur in- gesteld. Zorg dat u de juiste temperatuur instelt. Te veel wasgoedbela- ding. Verminder de hoeveelheid was- goed. Schakel het apparaat na de controle in. Het programma gaat verder vanaf het punt waar het werd onderbroken. Als het probleem opnieuw optreedt, neem dan contact op met onze service afdeling. Indien het display andere alarmcodes meldt, neem dan contact op met onze service afdeling. SERVICE

  • Raadpleeg de met dit apparaat mee- geleverde informatie voor de garan- tievoorwaarden en het contactpunt. De benodigde informatie voor de klantenservice staat op het typepla- tje. Wij adviseren u om de informatie hier te noteren: Model (MOD.)

TECHNISCHE GEGEVENS Afmeting Breedte / hoogte / diepte 600 / 850 / 605 mm Totale diepte 640 mm 26Aansluiting aan het elek- triciteitsnet: Spanning Totale stroom Zekering Frequentie 230 V 2200 W 10 A 50 Hz Waterdruk Minimaal 0,5 bar (0,05 MPa) Maximaal 8 bar (0,8 MPa) Watertoevoer

Sluit de slang aan op een kraan met 3/4”-schroefdraad. MONTAGE UITPAKKEN

1. Gebruik de handschoenen. De ex-

terne folie eraf trekken. Gebruik zo nodig een mes.

2. Verwijder de kartonnen bovenkant.

3. Verwijder de piepschuim verpak-

NEDERLANDS 275. Open de deur. Verwijder het piep- schuim blok van de deur en alle an- dere onderdelen uit de trommel.

6. Kantel het apparaat achterover.

Plaats het apparaat met de achter- zijde voorzichtig op het kartonnen deksel. Zorg dat u de slangen niet beschadigt.

7. Verwijder de piepschuim bescher-

ming van de onderkant.

8. Zet het apparaat weer rechtop.

9. Verwijder het aansluitsnoer en de

afvoerslang van de slanghouders.

Draai de drie transportbouten los. Gebruik de bij het apparaat gele- verde moersleutel.

Trek de bouten met de plastic tus- senstukken eruit.

Vervang de plastic tussenstukken door de plastic doppen. U vindt de- ze doppen in de zak van de gebrui- kershandleiding. WAARSCHUWING! Verwijder alle transportbouten en verpakking voordat u het ap- paraat installeert. Wij raden u aan om alle trans- portbouten en verpakking te bewaren voor als u het apparaat gaat verplaatsen.

  • Installeer het apparaat op een vlakke harde vloer.
  • Zorg ervoor dat de vloerbedekking de luchtcirculatie onder het apparaat niet stopt.
  • Zorg ervoor dat het apparaat geen muren of andere apparaten raakt.
  • Gebruik de stelvoetjes om het appa- raat waterpas te zetten. Een juiste af- stelling van het apparaat voorkomt trillingen en lawaai en het bewegen van het apparaat als deze in bedrijf is. NEDERLANDS 29• Het apparaat moet waterpas en sta- biel staan. LET OP! Plaats geen karton, hout of ver- gelijkbare materialen onder de voeten van het apparaat om de- ze waterpas te stellen. DE TOEVOERSLANG
  • Sluit de slang aan op het apparaat. Draai de toevoerslang alleen naar links of rechts. Maak de ringmoer los om hem in de juiste stand te zetten.
  • Sluit de watertoevoerslang aan op een koudwaterkraan met 3/4-schroef- draad. LET OP! Zorg ervoor dat de koppelingen niet lekken. Gebruik geen verlengslang als de toevoerslang te kort is. Neem contact op met de klan- tenservice voor vervanging van de toevoerslang. 30Waterstop

De watertoevoerslang is voorzien van een waterstop. Dit toestel voorkomt lekkage in de slang door natuurlijke slij- tage. Het rode gedeelte in het venster «A» toont deze storing. Als dit gebeurt, draait u de kraan dicht en neemt u contact op met de klanten- service om de slang te laten vervangen. WATERAFVOER Er zijn verschillende procedures om de afvoerslang aan te sluiten: Met de plastic slanggeleider.

  • Op de rand van een gootsteen.
  • Zorg dat de plastic geleider niet kan bewegen als het apparaat water af- voert. Bevestig de geleider op de waterkraan of wand.
  • Op een standpijp met ventilatieope- ning. Raadpleeg de illustratie. Rechtstreeks in een afvoerpijp op een hoogte van niet minder dan 60 cm en niet meer dan 100 cm. Het einde van de af- voerslang moet altijd geventileerd zijn, d.w.z. dat de binnendiameter van de afvoerpijp groter moet zijn dan de buitendiameter van de af- voerslang. NEDERLANDS 31Zonder de plastic slanggeleider.
  • Op een gootsteenafvoer. Raadpleeg de illustratie. Plaats de af- voerslang in de gootsteenafvoer en draai vast met een clip. Zorg dat de afvoerslang een bocht maakt om te voorkomen dat resterende deeltjes uit de gootsteen in het apparaat ko- men.