ET675MG21E - Fornuis SIEMENS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis ET675MG21E SIEMENS in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding ET675MG21E - SIEMENS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. ET675MG21E van het merk SIEMENS.
GEBRUIKSAANWIJZING ET675MG21E SIEMENS
é Inhoudsopgave [nl]Gebruiksaanwijzing Veiligheidsvoorschriften39
Oorzaken van schade40
Milieuvriendelijk afvoeren 41
Tips om energie te besparen 41
Het apparaat leren kennen41
Het bedieningspaneel 41
Restwarmte-indicatie 42
Kookplaat instellen42
Kookplaat in- en uitschakelen 42
Kookzone instellen 42
Pan voor de braadsensor 44
Kinderslot in- en uitschakelen 46
Automatisch kinderslot 46
Een kookzone moet automatisch worden uitgeschakeld 46
Automatische timer47
Automatische tijdsbegrenzing 47
Basisinstellingen wijzigen48
Reinigen en onderhouden 49
Omlijsting van de kookplaat 49
Meer informatie over producten, accessoires, onderdelen en
diensten vindt u op het internet: www.siemens-home.com en in
de online-shop: www.siemens-eshop.com
: Veiligheidsvoorschriften
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig
door. Berg de gebruiksaanwijzing, het
installatievoorschrift en de apparaatpas
goed op voor later gebruik of om ze door te
geven aan volgende eigenaren.
Controleer het apparaat na het uitpakken.
Niet aansluiten in geval van
Alleen een daartoe bevoegd vakman mag
apparaten zonder stekker aansluiten. Bij
schade door een verkeerde aansluiting
maakt u geen aanspraak op garantie.
Dit apparaat is alleen bestemd voor
huishoudelijk gebruik en de huiselijke
omgeving. Gebruik het apparaat uitsluitend
voor het bereiden van gerechten en
dranken. Het kookproces moet regelmatig
worden gecontroleerd. Een kort kookproces
moet continu in de gaten worden
gehouden. Gebruik het apparaat alleen in
Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op
hoogten van maximaal 2.000 meter boven
Dek de kookplaat niet af. Dit kan leiden tot
ongevallen, bijv. door oververhitting,
ontbranding of ontploffend materiaal.
Gebruik geen ongeschikte
beveiligingsapparaten of tralies voor de
bescherming van kinderen. Dit kan leiden
Dit toestel kan worden gebruikt door
kinderen vanaf 8 jaar en door personen met
beperkte fysieke, sensorische of geestelijke
vermogens of personen die gebrek aan
kennis of ervaring hebben, wanneer zij
onder toezicht staan van een persoon die
verantwoordelijk is voor hun veiligheid of
geleerd hebben het op een veilige manier
te gebruiken en zich bewust zijn van de
risico's die het gebruik van het toestel met
Kinderen mogen niet met het apparaat
spelen. Reiniging en onderhoud van het
toestel mogen niet worden uitgevoerd door
kinderen, tenzij zij 8 jaar of ouder zijn en
onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan
8 jaar uit de buurt blijven van het toestel of
Hete olie en heet vet vatten snel vlam.
Hete olie en heet vet nooit gebruiken
zonder toezicht. Vuur nooit blussen met
water. Schakel de kookzone uit. Vlammen
voorzichtig met een deksel, smoordeksel
of iets dergelijks verstikken. Risico van brand! ■
De kookzones worden erg heet. Nooit
brandbare voorwerpen op de kookplaat
leggen. Geen voorwerpen op de
kookplaat leggen. Risico van brand! ■
Het apparaat wordt heet. Nooit brandbare
voorwerpen of spuitbussen bewaren in
laden direct onder de kookplaat. Risico van brand! ■
De kookplaat schakelt vanzelf uit en kan
niet meer worden bediend. Hij kan later
per ongeluk worden ingeschakeld.
Zekering in de meterkast uitschakelen.
Contact opnemen met de klantenservice.
Risico van verbranding!
De kookzones en met name een
eventueel aanwezige kookplaatomlijsting
worden zeer heet. Raak de hete
oppervlakken nooit aan. Zorg ervoor dat
er geen kinderen in de buurt zijn. Risico van verbranding! ■
De kookzone warmt op, maar de indicatie
functioneert niet Zekering in de meterkast
uitschakelen. Contact opnemen met de
Kans op een elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn
gevaarlijk.Reparaties mogen uitsluitend
worden uitgevoerd door technici die zijn
geïnstrueerd door de klantenservice.Is het
apparaat defect, haal dan de stekker uit
het stopcontact of schakel de zekering in
de meterkast uit. Contact opnemen met
de klantenservice. Kans op een elektrische schok! ■
Binnendringend vocht kan een schok
veroorzaken. Geen hogedrukreiniger of
stoomreiniger gebruiken. Kans op een elektrische schok! ■
Een defect toestel kan een schok
veroorzaken. Een defect toestel nooit
inschakelen. De netstekker uit het
stopcontact halen of de zekering in de
meterkast uitschakelen. Contact opnemen
met de klantenservice. Kans op een elektrische schok! ■
Scheuren of barsten in het glaskeramiek
kunnen schokken veroorzaken. Zekering
in de meterkast uitschakelen. Contact
opnemen met de klantenservice.
Wanneer er vloeistof zit tussen de bodem
van de pan en de kookzone kunnen
kookpannen plotseling in de hoogte
springen. Zorg ervoor dat de kookzone en
de bodem van de pan altijd droog zijn.
■ Door ruwe bodems van pannen ontstaan krassen op het
■ U dient te voorkomen dat pannen leeg koken. Hierdoor kan
■ Nooit hete pannen op het bedieningspaneel, het
indicatiegebied of de omlijsting zetten. Hierdoor kan schade
■ Wanneer er harde en puntige voorwerpen op de kookplaat
vallen, kan deze beschadigd raken.
■ Aluminiumfolie of kook- of bakgerei van kunststof smelten op
de hete kookzones. Bakpapier is niet geschikt voor uw
In de volgende tabel vindt u de meest voorkomende schade:
Schade Oorzaak Maatregel
Vlekken Overgelopen etenswaar Verwijder overgelopen etenswaar onmiddellijk met een schraper.
Ongeschikte reinigingsmiddelen Gebruik alleen schoonmaakmiddelen die geschikt zijn voor glaskeramiek.
Krassen Zout, suiker en zand Gebruik de kookplaat niet als plaats om iets neer te zetten of als werkvlak.
Door ruwe bodems van pannen ont-
staan krassen op het glaskeramiek.
Controleer uw kook- en bakgerei.
Verkleuringen Ongeschikte reinigingsmiddelen Gebruik alleen schoonmaakmiddelen die geschikt zijn voor glaskeramiek.
Slijtage van pannen (bijv. aluminium) Til de pannen tijdens het verplaatsen op.
Suiker, zeer suikerhoudende gerech-
Verwijder overgelopen etenswaar onmiddellijk met een schraper.41
Milieuvriendelijk afvoeren
Voer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af.
Tips om energie te besparen ■ Sluit pannen altijd af met een passend deksel. Wanneer u zonder deksel kookt, heeft u vier maal meer energie nodig.
Met een glazen deksel kunt in de pan kijken zonder dat u het
deksel hoeft op te tillen. ■ Gebruik pannen met egale bodems. Niet-egale bodems verhogen het energieverbruik. ■ De diameter van de bodem van de pan dient overeen te komen met de grootte van de kookzone. Vooral te kleine
pannen op de kookzone leiden tot energieverlies. Let op:
fabrikanten geven vaak de diameter van de bovenkant van
de pan aan. Deze is meestal groter dan de diameter van de
bodem. ■ Gebruik voor kleine hoeveelheden een kleine pan. Een grote, slechts weinig gevulde pan heeft veel energie nodig. ■ Kook met weinig water. Dit bespaart energie. Bij groente blijven vitamines en mineralen behouden. ■ Schakel tijdig terug naar een lagere kookstand.■ Maak gebruik van de restwarmte van de kookplaat. Schakel bij langere bereidingstijden al 5-10 minuten voor het einde
van de bereidingstijd de kookzone uit.
Het apparaat leren kennen
Deze gebruiksaanwijzing geldt voor verschillende kookplaten.
Op pagina 2 vindt u een typenoverzicht met informatie over
Het bedieningspaneel
Wanneer u een symbool aanraakt, wordt de betreffende functie
Aanwijzingen ■ De instellingen blijven onveranderd wanneer u meerdere velden tegelijk aanraakt. U kunt dan overgekookt eten in het
instelbereik wegvegen. ■ Houd de bedieningsvlakken altijd droog. Vocht heeft een nadelige invloed op de werking.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met
de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende
afgedankte elektrische en elektronische apparatuur
(waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU
geldige terugneming en verwerking van oude
V PLQ ORZ PHG PD[PLQ ORZ PHG PD[,QGLFDWLHVYRRUNRRNVWDQG³ÉUHVWZDUPWH¤,QGLFDWLHVYRRUEUDDGVWDQGHQEUDDGVHQVRU,QGLFDWLHPHQXYRRUEUDDGVWDQGHQ,QGLFDWLHVYRRUWLPHU%HGLHQLQJVYODNYRRUKRRIGVFKDNHODDUZULMIEHYHLOLJLQJWLPHUÆDXWRPDWLVFKHSURJUDPPDVEUDDG]RQH,QVWHOEHUHLN9RRUKHWLQVWHOOHQYDQGHNRRNVWDQG9RRUKHWLQVWHOOHQYDQGHWLPHU%HGLHQLQJVYODNYRRU®NRRN]RQHÍNRRN]RQHPHWWZHHULQJHQ6EUDDGVHQVRU Kookzone In- en uitschakelen
Kookzone met één ring
Kookzone met twee ringen
Inschakelen van de kookzone: de grootte die het laatst is ingesteld, wordt automatisch gekozen42
Restwarmte-indicatie
De kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-
indicatie met twee standen.
• op het display, dan is de kookzone nog
heet. U kunt bijv. een klein gerecht warmhouden of couverture
smelten. Koelt de kookzone verder af, dan verandert de
œ. De indicatie verdwijnt wanneer de kookzone
voldoende afgekoeld is.
In dit hoofdstuk leest u hoe u de kookzones kunt instellen. In de
tabel vindt u kookstanden en bereidingstijden voor
verschillende gerechten.
Kookplaat in- en uitschakelen
U schakelt de kookplaat met de hoofdschakelaar in en uit.
Inschakelen: raak het symbool
# aan. Er klinkt een signaal. De
indicatie boven de hoofdschakelaar is verlicht. De kookplaat is
Uitschakelen: raak het symbool
# aan tot de indicatie boven
de hoofdschakelaar verdwijnt. Alle kookzones zijn
uitgeschakeld. De restwarmte-indicatie blijft aan totdat de
kookzones voldoende zijn afgekoeld.
Aanwijzing: De kookplaat gaat automatisch uit wanneer alle
kookzones langer dan 20 seconden uitgeschakeld zijn.
In het instelbereik stelt u de gewenste kookstand in.
Kookstand 1 = laagste vermogen
Kookstand 9 = hoogste vermogen
Elke kookstand heeft een tussenstand. Deze is aangeduid met
De kookplaat dient ingeschakeld te zijn. 1. Het symbool ¤ aanraken om de kookzone uit te kiezen. In de kookstand-indicatie zijn
‹ en het symbool N verlicht
voor de keuze van de kookzone. 2. Over het instelbereik glijden tot de gewenste kookstand in de kookstand-indicatie verschijnt.
De kookzone kiezen en in het instelbereik de gewenste
doorkookstand instellen.
Kookzone uitschakelen
De kookzone kiezen en op 0 zetten.
■ Is de kookzone gekozen, dan is het symbool N verlicht. U
kunt direct instellen. ■ De kookzone regelt de verwarming door in en uit te schakelen. Ook bij het hoogste vermogen kan de verwarming
in- en uitschakelen.
In de volgende tabel vindt u enkele voorbeelden.
De bereidingstijden en kookstanden zijn afhankelijk van de
aard, het gewicht en de kwaliteit van de gerechten. Daarom zijn
afwijkingen mogelijk.
Bij het opwarmen van dikvloeibare gerechten regelmatig
Gebruik voor het aan de kook brengen kookstand 9.
Eenpansgerecht (bijv. linzenschotel)
Ontdooien en opwarmen
Gaarstoven, zachtjes laten koken
Witte sauzen, bijv. bechamelsaus
Geklopte sauzen, bijv. saus Bearnaise, saus Hollandaise
Rijst (met dubbele hoeveelheid water)
Eenpansgerecht, soepen
Garen in de snelkookpan
Schnitzel, on/gepaneerd
Schnitzel, diepvries
Kotelet, on/gepaneerd
Borst van gevogelte (2 cm dik)
Borst van gevogelte, diepvries
Vis en visfilet, ongepaneerd
Vis en visfilet, gepaneerd
Vis en visfilet, gepaneerd en diepvries, bijv. vissticks
Diepvriesproducten, bijv. frites, chicken nuggets
Vlees, bijv. kipstukken
Vis, gepaneerd of in bierdeeg
Groente, paddenstoelen, gepaneerd of in bierdeeg
Klein gebak, bijv. beignets, Berliner bollen, fruit in bierdeeg
Braadsensor Wanneer u de kookzone met de braadsensor gebruikt, regelt een sensor de temperatuur in de pan.Uw voordelen bij het bakken en bradenDe kookzone warmt alleen op wanneer dat nodig is. Dit bespaart energie. Olie en vet raken niet oververhit.Aanwijzingen■ Verhit nooit vet of olie zonder erbij te blijven.■ Zet de pan in het midden van de kookzone. Let erop dat de bodem van de pan de juiste diameter heeft.■ Leg geen deksel op de pan. Dan functioneert de regelaar niet. U kunt een zeef met spatbescherming gebruiken, dan functioneert de regelaar.■ Gebruik alleen vet dat geschikt is om te bakken en braden. Voor boter, margarine, olijfolie of varkensreuzel kiest u de braadstand min Pan voor de braadsensor Systeempan als extra toebehorenEen pan die optimaal geschikt is voor het braden en bakken met de braadsensor kunt u ook kopen in de vakhandel of op www.siemens-eshop.com: HZ390230De beschikbaarheid van de pan en de mogelijkheid om deze online te bestellen is per land verschillend.De hierna genoemde braadstanden zijn afgestemd op de systeempan.Aanwijzing: De braadsensor kan ook met al beschikbare pannen functioneren. Test de pannen eerst met de lage braadstanden en verander eventueel de braadstand. Bij hogere braadstanden kan de pan oververhit raken. De braadstanden
Braadsensor instellen Kies de juiste braadstand in de tabel. Zet de pan op de kookzone.De kookplaat dient ingeschakeld te zijn. 1. Het symbool S aanraken. De ‘ op het display is verlicht. In het indicatiemenu verschijnen de mogelijke braadstanden.2. In de volgende 10 seconden in het instelbereik de juiste braadstand kiezen. De braadsensor is geactiveerd. De grote kookzone met twee ringen is automatisch ingeschakeld.Het temperatuursymbool is verlicht tot de braadtemperatuur bereikt is. Dan klinkt er een signaal. Het temperatuursymbool verdwijnt.3. Doe nu de braadboter of -margarine en vervolgens het gerecht in de pan.Keer het gerecht zoals gewoonlijk, zodat er niets aanbrandt.Braadsensor uitschakelenIn het instelbereik op 0 zetten. Braadstand Temperatuur geschikt voormax hoog bijv. aardappelpannenkoekjes, gebakken aardappels en steaks rare (saignant) med gemiddeld hoog bijv. dunne producten, zoals schnitzels, gepaneerde diepvriesproducten, in reepjes gesneden vlees in saus, groente low laag gemiddeld bijv. dikke producten, zoals gehaktballen en worstjes, vis min laag bijv. omeletten, gerechten die in boter, olijfolie of margarine worden gebakken
PLQ ORZ PHG PD[ PLQ ORZ PHG PD[
In de tabel kunt u zien welke braadstand voor welk gerecht
geschikt is. De braadtijd kan afhangen van de soort, het
gewicht, de dikte en de kwaliteit van de levensmiddelen.
De opgegeven braadstanden zijn afgestemd op de
systeempan. Bij andere pannen kunnen de braadstanden
Braadstand Totale braadtijd vanaf het
Vlees Schnitzel, on/gepaneerd
Steaks medium of well done (3 cm dik)
Borst van gevogelte (2 cm dik)
Worstjes gekookt of rauw
Hamburgers / Gehaktballen
Reepjes vlees in gebonden saus, gyros
Visfilet, on/gepaneerd
Kaiserschwarrn (Zuid-Duitse pannenkoeken)
Aardappels Gebakken aardappels van gekookte aardappels
Gebakken aardappels van ongekookte aardappels*
Geglazuurde aardappels
Visfilet, on/gepaneerd
Droge kant-en-klaargerechten met toevoeging van water, bijv.
Amandelen, noten, pijnboompitten roosteren*
* In de onverwarmde pan doen46
Braadprogramma's Gebruik de braadprogramma's uitsluitend met de systeempan. Met het braadprogramma kunt u de volgende gerechten klaarmaken.Braadprogramma's instellenDe kookzone kiezen. 1. Het symbool ˜ aanraken. In de kookstand-indicatie is ‹ verlicht In de programmaindicatie is ˜ verlicht. 2. In de volgende 10 seconden in het instelbereik het gewenste braadprogramma kiezen.Het braadprogramma is ingeschakeld.Het temperatuursymbool is verlicht tot de braadtemperatuur bereikt is. Dan klinkt er een signaal. Het temperatuursymbool verdwijnt.Doe nu de braadboter of -margarine en vervolgens het gerecht in de pan. Keer het gerecht zoals gewoonlijk, zodat er niets aanbrandt.Braadprogramma uitschakelenIn het instelbereik op 0 zetten. Kinderslot Met het kinderslot kunt u voorkomen dat kinderen de kookplaat inschakelen. Kinderslot in- en uitschakelen De kookplaat dient uitgeschakeld te zijn.Inschakelen: raak het symbool # ca. 4 seconden aan. Het symbool @ is 10 seconden lang verlicht. De kookplaat is geblokkeerd.Uitschakelen: raak het symbool # ca. 4 seconden aan. De blokkering is opgeheven. Automatisch kinderslot Met deze functie wordt het kinderslot altijd automatisch geactiveerd wanneer u de kookplaat uitschakelt.In- en uitschakelenIn het hoofdstuk Basisinstellingen kunt u nalezen hoe u het automatische kinderslot inschakelt. Timer De timer kan op 2 verschillende manieren worden gebruikt:■ Een kookzone moet automatisch worden uitgeschakeld■ Als kookwekker. Een kookzone moet automatisch worden
uitgeschakeld Voer een tijdsduur voor de gewenste kookzone in. Na afloop van de tijdsduur schakelt de kookzone automatisch uit.Tijdsduur instellen1. Kookstand instellen 2. Het symbool 0 aanraken. De indicatie x van de gewenste kookzone is verlicht. In de timer-indicatie is ‹‹ verlicht. Om een andere kookzone te kiezen het symbool 0 zo vaak aanraken tot de indicatie x van de gewenste kookzone verlicht is.3. In het instelbereik de gewenste vooraf ingestelde waarde aanraken. De mogelijke vooraf ingestelde waarde is van links naar rechts 1, 2, 3 tot 10 minuten. In de volgende 10 seconden zo vaak over het instelbereik glijden tot de gewenste tijdsduur bereikt is.De tijd loopt af. Wanneer u voor meerdere kookzones een tijdsduur heeft ingesteld, kunt u elke tijdsduur laten weergeven. Hiervoor het symbool 0 zo vaak aanraken tot de indicatie x van de gewenste kookzone helder verlicht is.Braadpro-grammaGerechtP1 SchnitzelsP2 Borst van gevogelte, cordon bleuP3 Steak rare (saignant)P4 Steak medium of well doneP5 VisP6 Pangerechten / Pangroente, diepvriesP7 Oven – frites, diepvriesP8 PannenkoekenP9 Omeletten, eieren
Automatische instelling
Raakt u in het instelbereik de vooraf ingestelde waarde 1 tot 5
seconden langer aan, dan gaat de tijdsduur automatisch
omlaag naar één minuut.
Raakt u in het instelbereik de vooraf ingestelde waarde 6 tot 10
langer aan, dan gaat de tijdsduur automatisch omhoog naar 99
Aan het einde van de ingestelde tijd
Na afloop van de tijdsduur wordt de kookzone uitgeschakeld. U
hoort een signaal en op het display is
‹‹ 10 seconden verlicht.
x is helder verlicht. Raak het symbool 0 aan. De
indicaties en het signaal verdwijnen.
Tijdsduur corrigeren of wissen
0 zo vaak aanraken tot de gewenste indicatie x
helder verlicht is. In het instelbereik de tijdsduur kiezen of op
Timerfunctie bij de braadsensor
Gebruikt u de braadsensor, dan start de ingestelde tijdsduur
pas wanneer de temperatuur voor het gekozen gebied is
Aanwijzing: U kunt een tijdsduur tot 99 minuten instellen.
Met deze functie kunt u vooraf een tijdsduur voor alle
kookzones instellen. Na het inschakelen van een kookzone
loopt dan de vooraf ingestelde kookzone af. Na afloop van de
tijdsduur schakelt de kookzone automatisch uit.
In het hoofdstuk Basisinstellingen kunt u nalezen hoe u de
automatische timer inschakelt.
Aanwijzing: U kunt de tijdsduur voor een kookzone veranderen
of de automatische timer voor de kookzone uitschakelen
0 zo vaak aanraken tot de gewenste indicatie x
helder verlicht is. In het instelbereik de tijdsduur kiezen of op
Met de kookwekker kunt u een tijd tot 99 minuten instellen.
Deze is onafhankelijk van alle andere instellingen.
1. Het symbool 0 zo vaak aanraken tot de indicatie U voor de
kookwekker verlicht is. In de timer-indicatie is
2. In het instelbereik de gewenste tijd instellen.
Na enkele seconden loopt de tijd af.
Aan het einde van de ingestelde tijd
Na afloop van de ingestelde tijd hoort u een signaal. In de
‹‹ verlicht. De indicatie U voor de
0 zo vaak aanraken tot de indicatie U voor de
kookwekker helder verlicht is. Stel opnieuw in .
Automatische tijdsbegrenzing
Is een kookzone lange tijd in gebruik en heeft u de instelling
niet veranderd, dan wordt de automatische tijdsbegrenzing
Het verwarmen van de kookzone wordt onderbroken. In de
kookzone-indicatie knipperen afwisselend
Wanneer u een willekeurig bedieningsveld aanraakt, verdwijnt
de indicatie. U kunt opnieuw instellen.
Het tijdstip waarop de tijdsbegrenzing actief wordt, is
afhankelijk van de ingestelde kookstand (1 tot 10 uur).
Als u over het bedieningspaneel wrijft wanneer de kookplaat
ingeschakeld is, kunnen de instellingen veranderen.
Om dit te voorkomen heeft uw kookplaat een
wrijfbeveiligingsfunctie. Raak het symbool
# aan. Er klinkt een
signaal. Het bedieningspaneel is gedurende 30 seconden
geblokkeerd. U kunt over het bedieningspaneel gaan zonder
de instellingen te veranderen.
Aanwijzing: De hoofdschakelaar is uitgezonderd van de
wrijfbeveiligingsfunctie. U kunt de kookplaat op elk moment
Uw apparaat heeft verschillende basisinstellingen. U kunt deze
instellingen aanpassen aan uw gewoonten.
Basisinstellingen wijzigen
De kookplaat dient uitgeschakeld te zijn. 1. De kookplaat inschakelen.2. In de volgende 10 seconden het symbool 0 4 seconden lang aanraken.
Op het linkerdisplay verschijnt
™‚, op het rechterdisplay ‹.
3. Het symbool 0 zo vaak aanraken tot op het linkerdisplay de
gewenste indicatie verschijnt. 4. In het instelbereik de gewenste waarde instellen.5. Het symbool 0 4 seconden lang aanraken. De instelling is geactiveerd.
Om de basisinstelling te verlaten de kookplaat met de
hoofdschakelaar uitschakelen en opnieuw instellen.
‹ Bevestigingssignaal en het signaal verkeerde bediening uitgeschakeld.
‚ Alleen het signaal verkeerde bediening ingeschakeld.
ƒ Bevestigingssignaal en het signaal verkeerde bediening ingeschakeld.*
‚-ŠŠ Tijdsduur waarna de kookzones worden uitgeschakeld
Tijdsduur van het timer-einde signaal
ƒ Laatste instelling voor het uitschakelen van de kookzone.*
Keuzetijd van de kookzone
‹ Onbegrensd: u kunt de laatst gekozen kookzone altijd instellen zonder deze opnieuw te selecteren.*
‚ u kunt de laatst gekozen kookzone 10 seconden na de selectie instellen, daarna moet u de kookzone voor het
instellen opnieuw selecteren.
Terugzetten naar de basisinstelling
Reinigen en onderhouden
De aanwijzingen in dit hoofdstuk helpen u bij het onderhoud
Geschikte reinigings- en onderhoudsmiddelen kunt u kopen via
de klantenservice of in onze e-shop.
Reinig de kookplaat altijd na gebruik. Zo branden kookresten
Reinig de kookplaat pas wanneer deze voldoende is afgekoeld.
Gebruik alleen schoonmaakmiddelen die geschikt zijn voor
glaskeramiek. Houd u aan de schoonmaakinstructies die op de
■ onverdunde afwasmiddelen
■ reinigingsmiddelen voor de vaatwasmachine
■ agressieve reinigingsmiddelen, zoals ovensprays of middelen
om vlekken te verwijderen
■ hogedrukreinigers of stoomstraalapparaten
Sterk vuil verwijdert u het best met een in de handel
verkrijgbare schraper. Neem de aanwijzingen van de fabrikant
Een geschikte schraper verkrijgt u ook via de klantendienst of
Omlijsting van de kookplaat
Om schade aan de omlijsting van de kookplaat te voorkomen,
dient u zich te houden aan de aanwijzingen:
■ Gebruik alleen warm zeepsop.
■ Was nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik goed uit.
■ Gebruik in geen geval bijtende of schurende
reinigingsproducten.
■ Gebruik geen schrapermesjes.
Storingen worden vaak veroorzaakt door een kleinigheid. Neem
alstublieft de volgende aanwijzingen in acht voor u de
klantenservice belt.
Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze
servicedienst voor u klaar.
E-nummer en FD-nummer
Geef wanneer u contact opneemt met de servicedienst altijd
het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.)
van het apparaat op. Het typeplaatje met de nummers vindt u
op het identificatiebewijs van het apparaat.
Let erop dat het bezoek van een technicus van de servicedienst
in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de
garantietijd kosten met zich meebrengt.
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst
met Servicedienstadressen.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen
Vertrouw op de competentie van de fabrikant. Dan bent u ervan
verzekerd dat de reparatie wordt uitgevoerd door ervaren
technici die gebruikmaken van de originele reserveonderdelen
Indicatie Fout Maatregel
Geen De stroomtoevoer is onderbroken. Controleer de zekering van het apparaat. Controleer aan de hand van andere
elektronische apparaten of er sprake is van een stroomonderbreking.
Het bedieningsvlak is vochtig of er ligt
Droog het bedieningsvlak of verwijder het voorwerp.
Storing in het elektronisch systeem. Schakel het apparaat altijd via de zekering of de veiligheidsschakelaar in de
meterkast uit en na 30 seconden weer in. Neem contact op met de klanten-
service wanneer de indicatie weer verschijnt.
de betreffende kookzone is uitgescha-
Wacht tot de elektronica voldoende afgekoeld is. Raak dan een bedienings-
vlak van de kookzone aan.*
De elektronica is oververhit, waardoor
alle kookzones zijn uitgeschakeld.
Wacht tot de elektronica voldoende afgekoeld is. Raak dan een willekeurig
bedieningsvlak aan.*
Braadsensor defect. Bevestig de foutmelding door een bedieningsvlak aan te raken. U kunt zon-
der braadsensor koken. Neem contact op met de klantenservice.
De kookzone is te lang in gebruik
geweest en is daarom uitgeschakeld.
U kunt de kookzone direct weer inschakelen.
* Plaats geen hete pannen tegen of op het bedieningspaneel
Notice-Facile