KGS36V31 BOSCH

KGS36V31 - Koelkast BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis KGS36V31 BOSCH in PDF-formaat.

Page 106
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : BOSCH

Model : KGS36V31

Categorie : Koelkast

Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KGS36V31 - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KGS36V31 van het merk BOSCH.

GEBRUIKSAANWIJZING KGS36V31 BOSCH

NLGebruiksaanwijzing

aannaabbrraassmmooÚÚ,,

Van toepassing als uw nieuwe apparaat

een oud apparaat vervangt.

Oude apparaten zijn geen waardeloos

afval! Door een milieuvriendelijke afvoer

kunnen waardevolle grondstoffen

worden teruggewonnen.

Het afgedankte apparaat onbruikbaar

1. stekker uit het stopcontact trekken;

2. aansluitkabel doorknippen en samen

met de stekker verwijderen;

3. deurslot verwijderen of onklaar

maken. Hiermee voorkomt u dat

kinderen zichzelf tijdens het spelen

in het apparaat opsluiten en in

levensgevaar geraken.

Koelapparaten bevatten koelmiddel en in

de isolatie gas. die zorgvuldig moeten

worden afgevoerd. Met het oog op een

doelmatige en milieuvriendelijke afvoer

mogen de leidingen van het koelcircuit

tot het moment van transport niet

Afvoeren van de ver-

Verpakkingsmateriaal is geen

speelgoed voor kinderen – gevaar voor

verstikking door vouwkarton en folie!

Uw nieuwe apparaat is op weg naar

u beschermd door de verpakking.

De gebruikte materialen zijn onschadelijk

voor het milieu en kunnen opnieuw

worden gebruikt. Help daarom mee en

zorg dat de verpakking milieuvriendelijk

U kunt bij uw leverancier of bij de

reinigingsdienst in uw gemeente

informeren hoe u uw oude apparaat en

het verpakkingsmateriaal van het nieuwe

apparaat kunt (laten) afvoeren voor een

milieuvriendelijke verwerking.

Dit apparaat is gekenmerkt in

overeenstemming met de Europese

richtlijn 2002/96/EG betreffende

afgedankte elektrische en elektronische

apparatuur (waste electrical and

electronic equipment - WEEE).

De richtlijn geeft het kader aan voor de

in de EU geldige terugneming en

verwerking van oude apparaten.

Voordat u het apparaat

Lees de gebruiksaanwijzing en het

installatievoorschrift nauwkeurig door.

U vindt daarin belangrijke informatie over

plaatsing, gebruik en onderhoud van het

De fabrikant aanvaardt geen aanspra-

kelijkheid als de aanwijzingen en waar-

schuwingen in de gebruiksaanwijzing

niet in acht worden genomen. Bewaar de

gebruiksaanwijzing en het

installatievoorschrift voor een eventuele

latere bezitter van het apparaat.

9000141319-141429.qxd 06/02/06 7:32 Page 106107

• Het apparaat bevat een geringe

hoeveelheid van het milieuvriendelijke

maar brandbare koelmiddel R600a.

Let erop dat de leidingen van het

koelcircuit bij het transport of de

installatie niet beschadigd worden.

Koelmiddel dat naar buiten spuit kan

vlam vatten of tot oogletsel leiden.

Let erop als er koelmiddel naar buiten

– dat zich geen open vuur of

ontstekingsbronnen in de buurt van

– Stekker uit het stopcontact trekken

en de ruimte een paar minuten goed

• Hoe meer koelmiddel het apparaat

bevat, des te groter moet de ruimte

zijn waarin het apparaat wordt

opgesteld. In een te kleine ruimte kan

bij een lek een ontvlambaar mengsel

van gas en lucht ontstaan.

• Per 8 g koelmiddel moet de ruimte

minimaal 1 m3 groot zijn. De

hoeveelheid koelmiddel in uw apparaat

vindt u op het typeplaatje aan de

binnenkant van het apparaat.

– Ogen uitspoelen en een arts

– Vonken en open vuur buiten bereik

van het apparaat houden.

– Stekker uit het stopcontact trekken

en de ruimte een paar minuten goed

• In de volgende gevallen de stekker uit

het stopcontact trekken resp. de

zekering uitschakelen of losdraaien:

Altijd aan de stekker trekken, nooit aan

• Een (bijv. tijdens het transport)

beschadigd of defect apparaat niet in

gebruik nemen. In geval van twijfel

eerst contact opnemen met uw

• Nooit elektrische apparaten in het

apparaat gebruiken (bijv.

verwarmingsapparaten, elektrische

• Geen producten met brandbare

drijfgassen (bijv. spuitbussen) en geen

explosieve stoffen in het apparaat

opslaan – Explosiegevaar!

• Het apparaat is geen speelgoed voor

• Het apparaat nooit met een stoom-

reiniger ontdooien of schoonmaken!

De hete stoom kan in de onder

spanning staande onderdelen van het

apparaat terechtkomen en kortsluiting

of een elektrische schok veroorzaken.

In acht nemen tijdens het gebruik

• De luchtaanvoer- en luchtafvoerope-

ningen nooit afdekken of dichtmaken!

• Reparaties mogen alleen door een

vakkundig monteur worden uitgevoerd.

Door ondeskundige reparatie kan er

gevaar voor de gebruiker ontstaan.

9000141319-141429.qxd 06/02/06 7:32 Page 107108

deuren etc. niet als opstapje gebruiken

• Dranken met een hoog alcoholpercen-

tage altijd goed afgesloten en staand

• Bij een apparaat met deurslot: sleutel

buiten het bereik van kinderen

• Zorg dat de kunststof delen en de

deurafdichting niet met olie of vet in

aanraking komen. Ze kunnen poreus

• Flessen en blikjes met vloeistoffen –

vooral koolzuurhoudende dranken –

niet in de diepvriesruimte opslaan.

De flessen en blikjes springen!

• IJslollies en ijsblokjes niet direct uit de

diepvriesruimte in de mond nemen.

(gevaar voor verbranding door de

zeer lage temperatuur).

• Diepvrieswaren niet met natte handen

aanraken. Uw handen kunnen eraan

• Een laag rijp en vastgevroren

diepvrieswaren niet met een mes of

een scherp voorwerp afschrapen of

losmaken. Hierdoor kunt u de

koelleidingen beschadigen. Koelmiddel

dat naar buiten spuit, kan vlam vatten

of tot oogletsel leiden.

• Om het ontdooiproces te versnellen

alleen de door de fabrikant aanbevolen

• Draagt u er zorg voor de

ventilatieroosters van de structuur van

de koelkast niet te versperren.

• Gebruikt u geen mechanische

voorzieningen noch enig ander middel

ter versnelling van het ontdooiproces,

anders dan die welke worden

aanbevolen door de fabrikant.

• Draagt u er zorg voor het koelcircuit

niet te beschadigen.

• Gebruikt u voor de koelkast/vriezer

altijd het type inwendige elektrische

componenten als aanbevolen door de

Het apparaat is geschikt

• voor het koelen en invriezen van

• voor het bereiden van ijs.

Het apparaat is bedoeld voor

huishoudelijk gebruik.

Bij gebruik voor bedrijfsdoeleinden de

daarvoor geldende normen en

voorschriften in acht nemen.

Het apparaat is ontstoord volgens

E-U richtlijn 89/336/EEC.

Het koelmiddelsysteem is gecontroleerd

Dit apparaat voldoet aan de veiligheids-

bepalingen voor elektrische apparaten

Afhankelijk van het model zijn kleine

afwijkingen mogelijk – vooral wat betreft

de uitvoering van het interieur.

19 Sensor koelruimte

1 Toets Aan/Uit voor

Om de koelruimte apart in en uit te

2 Insteltoets ºC voor de

temperatuur in de koelruimte

De temperatuur in de koelruimte is

instelbaar van +2 ºC tot +8 ºC.

De insteltoets een aantal keren

indrukken of ingedrukt houden tot

de gewenste temperatuur door het

brandende lampje wordt

+8 geeft de hoogste temperatuur

in de koelruimte aan (+8 ºC).

+2 geeft de laagste temperatuur

in de koelruimte aan (+2 ºC).

3 Indicatie „super“ voor de

Tijdens het „super“-koelen wordt

koelruimte gedurende ca. 6 uur met

de laagste temperatuur gekoeld.

Daarna wordt automatisch

omgeschakeld naar de ingestelde

temperatuur in de koelruimte. Het

superkoelsysteem is ideaal om

dranken snel te koelen en bij het

inladen van grotere hoeveelheden

Om het superkoelsysteem in te

toets (2) een aantal keren indrukken

of ingedrukt houden tot de indicatie

9000141319-141429.qxd 06/02/06 7:32 Page 109110

4 Insteltoets ºC voor de temperatuur

in de diepvriesruimte

De temperatuur in de

diepvriesruimte is instelbaar van –16

De insteltoets een aantal keren

indrukken of ingedrukt houden tot

de gewenste temperatuur door het

brandende lampje wordt

–16 geeft de hoogste temperatuur in

de diepvriesruimte aan (–16 ºC).

–32 geeft de laagste temperatuur in

de diepvriesruimte aan (–32 ºC).

5 „ “ Alarmindicatie

Alarmindicatie voor te hoge

temperaturen in de diepvriesruimte.

Kans op ontdooien van de

ingevroren levensmiddelen.

Zonder gevaar voor de

diepvrieswaren kan de alarmindicatie

• bij het in gebruik nemen van het

• bij het inladen van grote

• als de deur van de diepvriesruimte

te lang geopend werd.

6 Toets/indicatie „super“ voor

Om het supervriessysteem in en uit

te schakelen. Het brandende lampje

geeft aan dat het supervriessysteem

Het supervriessysteem dient voor

het invriezen van grote hoeveelheden

verse levensmiddelen en moet,

afhankelijk van de hoeveelheid, tot

24 uur vóór het inladen van de

verse levensmiddelen worden

Na het inschakelen van het super-

vriessysteem loopt de koelmachine

permanent. In de diepvriesruimte

wordt een zeer lage temperatuur

Het supervriessysteem wordt

automatisch uitgeschakeld als de

vers ingeladen levensmiddelen

door en door bevroren zijn (bij

levensmiddelen na een paar uur,

bij grote hoeveelheden na

maximaal twee dagen).

Door de toets (6) een aantal keren

in te drukken wordt het

supervriessysteem, indien nodig,

met de hand uitgeschakeld.

7 Toets Aan/Uit voor

Om de diepvriesruimte apart in en

De klimaatklasse staat op het typeplaatje

(Afb. !0). Hierdoor wordt aangegeven

binnen welke omgevingstemperaturen

het apparaat gebruikt kan worden.

klimaatklasse toegestane

Afb. E De lucht aan de achterzijde van het

apparaat wordt warm. De verwarmde

lucht moet ongehinderd afgevoerd

kunnen worden. Anders moet de

koelmachine meer presteren waardoor

het energieverbruik toeneemt.

De be- en ontluchtingsopeningen mogen

dan ook nooit worden afgedekt!

De gegevens over de netto-inhoud vindt

u op het typeplaatje in uw apparaat.

Na het opstellen van het apparaat dient

u het apparaat in gebruik neemt. Tijdens

het transport kan het gebeuren dat de

olie van de compressor in het

koelsysteem terecht komt.

Voordat u het apparaat voor het eerst

in gebruik neemt de binnenkant van

het apparaat schoonmaken

Het stopcontact moet gemakkelijk te

bereiken zijn. Het apparaat uitsluitend

via een volgens de voorschriften aange-

bracht, randgeaard stopcontact met

een zekering van 10 ampère of meer,

op 220–240 V/50 Hz wisselstroom aan-

Bij apparaten die in niet Europese

landen worden gebruikt op het

typeplaatje controleren of de aan-

sluitspanning en de stroomsoort

overeenkomen met de waarden van

uw elektriciteitsnet. Het typeplaatje

bevindt zich links onderaan in het

Een eventueel noodzakelijke

vervanging van de aansluitkabel mag

alleen door een vakkundig monteur

Het apparaat mag nooit worden aan-

gesloten op elektronische energiebe-

sparende stekkers (bijv. Ecoboy; Sava

Plug) of op omvormers die

gelijkstroom omzetten in 230 V

wisselstroom (bijv. installaties voor

zonneënergie of netwerken voor

Afb. W De koel- en diepvriesruimte kunnen

apart worden ingeschakeld.

• Voor het in gebruik nemen van de

koelruimte: de toets Aan/Uit (1)

De binnenverlichting in de koelruimte

brandt bij het openen van de deur.

• Voor het in gebruik nemen van de

diepvriesruimte: de toets Aan/Uit

• De alarmindicatie (afb. W/5) brandt tot

de bedrijfstemperatuur is bereikt.

Afb. W In de fabriek zijn de volgende

basisinstellingen ingesteld:

temperatuur in de koelruimte +4 ºC

temperatuur in de diepvriesruimte–18 ºC

9000141319-141429.qxd 06/02/06 7:32 Page 111112

De instelwaarden kunnen gewijzigd

worden, zie de beschrijving bij het

2 temperatuur voor de koelruimte

4 temperatuur voor de diepvriesruimte

Aanwijzingen bij het

• De ventilator (afb. Q/18) in de

koelruimte wordt, indien nodig, in- of

• De voorzijde van het apparaat achter

de deur wordt gedeeltelijk licht

verwarmd waardoor de vorming van

condenswater in de buurt van de

deurafdichting wordt voorkomen.

• Terwijl de koelmachine loopt, vormen

zich dooiwaterdruppels of een laagje

rijp op de achterwand van de

koelruimte. Dit is normaal. U hoeft de

dooiwaterdruppels niet af te wissen of

de rijp af te schrapen. De achterwand

wordt automatisch ontdooid. Het

dooiwater loopt via het afvoergootje

(afb. I/A) naar de koelmachine, waar

• Bij een hoge luchtvochtigheid kan zich

condenswater vormen in de koelruimte,

vooral op glazen legplateaus. Als dit

het geval is, dient u de levensmiddelen

verpakt te bewaren en een lagere

koelruimtetemperatuur te kiezen.

• Als de deur van de diepvriesruimte na

het sluiten niet meteen weer geopend

kan worden: twee tot drie minuten

wachten tot de ontstane onderdruk is

• Door het koelsysteem kan zich op de

vriesroosters op sommige plaatsen al

snel een laagje rijp afzetten. Dit heeft

geen invloed op het functioneren van

het apparaat of op het stroomverbruik.

Ontdooien is pas nodig als zich op het

hele oppervlak van het vriesrooster

een laag rijp of ijs met een dikte van

meer dan 5 mm heeft gevormd.

• Zorg dat de kunststof delen in het

apparaat of de deurafdichting niet met

olie of vet in aanraking kome. Ze

kunnen poreus worden.

• Geen levensmiddelen plaatsen in de

nabijheid van de sensor van de

koelruimte (fig. Q/19); op deze wijze

wordt een optimale werking van uw

buiten werking stellen

Apparaat uitschakelen

Afb. W De koel- en diepvriesruimte kunnen

apart worden uitgeschakeld.

• Om de koelruimte uit te schakelen:

toets Aan/Uit (1) indrukken.

De binnenverlichting in de koelruimte

• Om de diepvriesruimte uit te

schakelen: toets Aan/Uit (7)

9000141319-141429.qxd 06/02/06 7:32 Page 112113

Apparaat buiten werking

Als het apparaat lange tijd niet wordt

• Koel- en diepvriesruimte uitschakelen

zoals hierboven beschreven.

• Stekker uit het stopcontact trekken.

• Het apparaat laten ontdooien en

• deur van het apparat open laten.

van de binnenruimte.

Bij het inzetten de laden op de

uittrekbare rails plaatsen en naar binnen

schuiven. Glasplaat naar voren trekken,

iets laten zakken en aan de zijkant

(afb. R). Voorraadvak iets optillen en

eruit halen (afb. T).

(niet bij alle modellen)

Afb. Y De flessenhouder voorkomt dat de

flessen kantelen bij het openen en

sluiten van de deur.

Let op de koudezones in

Door de luchtcirculatie in de koelruimte

verschillende koudezones.

bevinden zich aan de achterwand tussen

de aan de zijkant afgebeelde pijl en de

glasplaat eronder (afb. !1) of tussen de

twee pijlen (afb. !2), afhankelijk van het

in de koudste zones gevoelige

levensmiddelen opslaan zoals vis, worst

bevindt zich helemaal bovenaan in de

Attentie! In de warmste zone bijv. boter

en kaas bewaren. Tijdens het serveren

behoudt de kaas zijn aroma en de boter

Attentie bij het inruimen

De levensmiddelen goed verpakt of

afgedekt inruimen. Hierdoor blijven geur,

kleur en versheid behouden. Bovendien

wordt voorkomen dat de levensmiddelen

naar elkaar gaan smaken en de

kunststof onderdelen verkleuren.

Levensmiddelen als volgt

• Op de legroosters/plateaus in de

koelruimte (van boven naar beneden):

brood en gebak, klaargemaakte

gerechten, zuivelproducten, vlees en

• In de deur (van boven naar beneden):

boter, kaas, eieren, tubes, kleine

flesjes, grote flessen, melk, pakken

Gegevens over de maximale

invriescapaciteit volgens de actuele

norm vindt u op het typeplaatje.

De maximale capaciteit voor het

diepvriezen van verse levensmiddelen

in 24 uur (verdeeld over de diepvries

roosters) vindt men op de plaat met

de kenmerken (in kg/24uur),

De levensmiddelen moeten zo snel

mogelijk door en door worden

ingevroren. De maximale

invriescapaciteit niet overschrijden zodat

vitamine, voedingswaarde, uiterlijk en

smaak behouden blijven.

Tijdens het invriezen in de

diepvriesladen neemt de maximale

invriescapaciteit iets af.

Als er al levensmiddelen in de diepvries-

ruimte liggen, dan moet een paar uur

vóór het inladen van verse

levensmiddelen het supervriessysteem

worden ingeschakeld.

Gebruik uitsluitend verse

levensmiddelen. De levensmiddelen

luchtdicht verpakken zodat ze niet

uitdrogen of hun smaak verliezen.

Zo verpakt u op de juiste

3. Het geheel van een goede sluiting

4. Vermeld op de pakjes inhoud en

Niet geschikt voor verpakking:

pakpapier, vetvrij papier, cellofaan,

vuilniszakken en gebruikte

Voor verpakking geschikt:

kunststof-, polyetheen- en

aluminiumfolie, diepvriesdozen.

Deze producten zijn in de handel

Als sluiting geschikt:

elastiekjes, clips van kunststof, touwtjes,

koudebestendig plakband e.d.

Zakjes en folie van polyetheen kunnen

met een folie-lasapparaat worden

De verpakking mag niet beschadigd zijn.

Let op de houdbaarheidsdatum.

In de winkel moet de temperatuur in

de diepvrieskist –18 °C of lager zijn.

De diepvriesproducten liefst in een

koeltas transporteren en snel in de

diepvriesruimte leggen.

Diepvrieswaren opslaan

• Belangrijk voor een optimale

luchtcirculatie in de diepvriesruimte:

de diepvriesladen tot de aanslag erin

• Als er zeer veel levensmiddelen

moeten worden ondergebracht, dan

kan men alle diepvriesladen, behalve

de onderste, uit het apparaat halen en

de levensmiddelen direct op de

vriesroosters stapelen. Om de

diepvriesladen eruit te halen: de laden

tot aan de aanslag uittrekken, aan de

voorkant iets optillen en eruit halen.

Om vermindering van de kwaliteit van de

diepvrieswaren te voorkomen mag de

toelaatbare bewaartijd bij –18 ºC niet

overschreden worden.

De bewaartijd is afhankelijk van het soort

levensmiddelen. Bij kant en klaar

gekochte diepvriesproducten altijd letten

op de op de verpakking aangegeven

invriesdatum of de houdbaarheidsdatum.

en banket tot 6 maanden;

vlees tot 8 maanden;

Geen elektrische ijsmachine in de

diepvriesruimte gebruiken.

(niet bij alle modellen)

IJsbakjes zijn in de winkel verkrijgbaar.

in de diepvriesruimte zetten. Om het

vriesproces te versnellen de bovenste

diepvrieslade gebruiken.

Om de ijsblokjes los te maken: het

ijsbakje iets verbuigen of kort onder

stromend water houden (Afb. U).

Opdat uw ijsblokjes sneller klaar zijn,

moet u de ijsbakjes in de eerste lade

plaatsen (afb. Q/17)

Kans op een elektrische schok

Geen stoomreiniger gebruiken. Door de

hete stoom kunnen de onder spanning

staande onderdelen kortsluiting of een

elektrische schok veroorzaken.

Voor het verwijderen van rijp geen mes

of scherp voorwerp gebruiken.

De leidingen van het koelcircuit niet

Koelmiddel dat naar buiten spuit, kan tot

oogletsel leiden en is brandbaar.

Geen elektrische apparaten of open vuur

in het apparaat gebruiken.

Een dikke laag ijs op de vriesroosters

vermindert de vriescapaciteit van het

apparaat waardoor het energieverbruik

diepvriesruimte ontdooid worden. In elk

geval één tot twee keer per jaar, het

liefst als er weinig of geen

diepvrieswaren in het apparaat liggen.

Ca. 4 uur vóór het ontdooien het super-

vriessysteem inschakelen zodat de

levensmiddelen een zeer lage tempera-

tuur bereiken waardoor ze langere tijd bij

omgevingstemperatuur bewaard kunnen

• Stekker uit het stopcontact trekken.

• Diepvriesladen met de levensmiddelen

op een koele plaats bewaren. Koude-

accu (indien aanwezig) op de

levenmiddelen leggen.

• Om het dooiwater op te vangen de

middelste lade uitruimen maar in het

• Na het ontdooien het opgevangen

dooiwater weggieten. Het resterende

dooiwater op de bodem van de

diepvriesruimte met een spons

• Diepvriesruimte weer inschakelen.

• Diepvrieswaren er weer in leggen.

Tip bij het ontdooien

Een pan met heet water op een

onderzetter in de diepvriesruimte zetten.

Let op de aanwijzingen van de fabrikant

gassen ontwikkelen, oplosmiddelen die

kunststof beschadigen of drijfgassen

bevatten of schadelijk zijn voor de

• Stekker uit het stopcontact trekken.

• Met water en een scheutje

afwasmiddel schoonmaken.

• Na het schoonmaken de stekker weer

in het stopcontact steken of de

zekering inschakelen resp.

Geen schoonmaakmiddelen gebruiken

die zand of zuren resp. oplosmiddelen

Deurdichting uitsluitend reinigen met

schoon water en goed afdrogen!

Het sop mag niet in het

bedieningspaneel of in de verlichting

terechtkomen en ook niet door het

afvoergaatje (afb. I/B) van het

dooiwatergootje lopen.

De legroosters/plateaus,

voorraadvakken en laden mogen niet in

de afwasautomaat gereinigd worden. Ze

• Het apparaat in een droge, goed te

ventileren ruimte plaatsen. Niet direct

in de zon of in de buurt van een

warmtebron (verwarmingsradiator,

fornuis etc.). Anders een isolerende

• Warme gerechten en dranken buiten

het apparaat laten afkoelen.

• De diepvrieswaren om te ontdooien in

de koelkast leggen. De koude van de

diepvrieswaren benutten om

levensmiddelen te koelen.

• Deur van het apparaat zo kort mogelijk

• De achterkant van het apparaat af en

toe met met een stofzuiger of borstel

reinigen om toename van het

energieverbruik te voorkomen.

Heel normale geluiden

Gebrom – de koelmachine loopt

Geborrel, gebruis of geklok – het

koelmiddel stroomt door de leidingen.

Geklik – de motor wordt in- of

Geluiden die gemakkelijk

Het apparaat staat niet waterpas

Het apparaat met behulp van een

waterpas stellen. Gebruik hiervoor de

schroefvoetjes of leg iets onder het

Het apparaat staat tegen een ander

Het apparaat van het meubel of

apparaat ernaast wegschuiven.

Laden, manden of legroosters/-

plateaus wiebelen of klemmen

Controleer de delen die eruit gehaald

kunnen worden en zet ze eventueel

opnieuw in het apparaat.

Flessen of serviesgoed raken elkaar

De flessen of het serviesgoed los van

9000141319-141429.qxd 06/02/06 7:32 Page 117118

Kleine storingen zelf verhelpen

Voordat u de klantenservice belt:

Controleer eerst of u aan de hand van de volgende punten de storing kunt verhelpen.

Als u om een monteur vraagt, en het blijkt dat hij alleen maar een advies (bijv. over de

bediening of het onderhoud van het apparaat) hoeft te geven om de storing te verhelpen,

dan moet u, ook in de garantietijd, de volledige kosten van dat bezoek betalen.

De binnenverlichting

functioneert niet; de

Stroomuitval; de zekering is

uitgeschakeld; de stekker zit

niet goed in het stopcontact.

Storing – in de diepvriesruimte

• De be- en ontluchtings-

openingen zijn afgedekt.

• Er werden te veel levensmid-

delen in één keer ingeladen

• De deur van de diepvries-

Na het verhelpen van de

storing gaat na een tijdje de

Het lampje is kapot.

De lichtschakelaar klemt

(afb O.1/A) / (afb O.2/A)

De dooiwaterafvoerbuis

(afb. I/B) is verstopt.

Controleer of er stroom is. De zekering moet zijn

Afdekking verwijderen.

Max. invriescapacitiet niet overschrijden.

Gloeilampje vervangen (afb. O)

1. Stekker uit het stopcontact trekken resp.

zekering uitschakelen of losdraaien.

2. Schijfje (C) aan de binnenverlichting tegen

de wijzers van de klok in draaien en de

afdekking (B) eraf halen.

3. Gloeilampje vervangen (220–240 V wissel-

stroom, fitting E14, voor wattage zie het

Controleer of er beweging in zit.

Dooiwatergootje en afvoergaatje (afb. I/B)

Adres en telefoonnummer van de

Servicedienst in uw omgeving kunt

u vinden in het telefoonboek of in de

meegeleverde brochure met service-

adressen. Geef a.u.b. aan de

Servicedienst het E-nummer en het

FD-nummer van het apparaat op.

U vindt deze gegevens op het

typeplaatje (afb. !0).

Door deze nummers aan de

Servicedienst door te te geven voorkomt

u onnodig heen en weer rijden van de

monteur en de hieraan verbonden

Wijzigingen voorbehouden