GI7416CE0 - Kookplaat NEFF - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GI7416CE0 NEFF in PDF-formaat.
| Producttype | Inbouwvriezer |
| Merk | NEFF |
| Model | GI7416CE0 |
| Nisafmetingen (B x D x H) | Minimale breedte 560 mm, minimale diepte 550 mm (aanbevolen 560 mm) |
| Gewicht | Tot 50 kg |
| Elektrische voeding | 220-240 V, 50/60 Hz, wisselstroom |
| Klimaatklasse | SN (10°C tot 32°C), N (16°C tot 32°C), ST (16°C tot 38°C), T (16°C tot 43°C) |
| Temperatuurbereik vriesvak | -16°C tot -24°C (aanbevolen -18°C) |
| Vriescapaciteit | Aangegeven op het typeplaatje |
| Ontdooisysteem | Automatisch NoFrost |
| Functies | Automatische en handmatige Supervriezen, deur- en temperatuuralarm, zelftest |
| Weergave | Digitale temperatuurweergave |
| Meegeleverde accessoires | Koudeaccumulator, ijsblokjesbak |
| Reiniging en onderhoud | Reinigen met warm water en neutraal afwasmiddel; geen stoomreiniger gebruiken |
| Veiligheid | Kinderslot niet vermeld; veiligheid: automatische uitschakeling? niet gespecificeerd |
| Onderdelen en repareerbaarheid | Reserveonderdelen minimaal 10 jaar beschikbaar; reparaties alleen door gekwalificeerd personeel |
| Algemene informatie | Gebruiksaanwijzing van 132 pagina's; klantenservice beschikbaar |
Veelgestelde vragen - GI7416CE0 NEFF
Gebruikersvragen over GI7416CE0 NEFF
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Kookplaat in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GI7416CE0 - NEFF en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GI7416CE0 van het merk NEFF.
GEBRUIKSAANWIJZING GI7416CE0 NEFF
Algemene aanwijzingen 107
Bestemming van het apparaat..... 107
Inperking van de gebruikers.....107
Veiliger transport 108
Veilige installatie. 108
Veilig gebruik. 109
Beschadigd apparaat 111
Het voorkomen van materiële schade 113
Milieubescherming en besparing 113
Afvoeren van de verpakking 113
Energie besparen 113
Opstellen en aansluiten 114
Leveringsomvang 114
Apparaat opstellen en aansluiten. 114
Criteria voor de opstellocatie..... 115
Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden 115
Apparaat elektrisch aansluiten..... 115
Uw apparaat leren kennen. 116
Apparaat 116
Bedieningselementen 116
Uitrusting 116
Klep van het vriesvak. 116
Accessoires 116
De bediening in essentie 117
Apparaat inschakelen 117
Opmerkingen bij het gebruik ....117
Machine uitschakelen 117
Temperatuur instellen 117
Extra functies 117
Automatisch Supervriezen. 117
Handmatig Supervriezen 118
Alarm 118
Deuralarm 118
Temperatuuralarm 118
Vriesvak 119
Invriescapaciteit 119
Vriesvakvolume volledig gebruiken 119
Tips voor het inkopen van diepvrieskost 119
Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak 120
Kleinere hoeveelheid levensmiddelen snel bevriezen 120
Tips voor het bevriezen van verse levensmiddelen 120
Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij -18 °C 121
Diepvrieskalender 121
Ontdooimethodes voor diepvrieswaren 121
Ontdooien 122
Ontdooien in het vriesvak
Reiniging en onderhoud
Apparaat voorbereiden voor reiniging.
Apparaat schoonmaken
Onderdelen eruit halen
Storingen verhelpen
Functiestoringen
Aanwijzingen op het display
Temperatuurprobleem
Geluiden
Geurtjes
Apparaatzelftest uitvoeren.
Opslaan en afvoeren
Apparaat buiten gebruik stellen.
Afvoeren van uw oude apparaat.
Servicedienst. 128
Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD) 128
Houd de informatie omtrent veiligheid aan, zodat u het apparaat veilig kunt gebruiken.
Algemene aanwijzingen
Hier vindt u algemene informatie over deze gebruiksaanwijzing.
- Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Alleen dan kunt u het apparaat veilig en efficiënt gebruiken.
- Deze gebruiksaanwijzing is bestemd voor de gebruiker van het apparaat.
- Neem de veiligheidsvoorschriften en waarschuwingen in acht.
- Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor later gebruik of voor volgende eigenaren.
- Controleer het apparaat na het uitpakken. Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
Bestemming van het apparaat
Om het apparaat veilig en op de juiste manier te gebruiken dient u de aanwijzingen over het beoogd gebruik in acht te nemen.
Dit apparaat is uitsluitend voor de inbouw bedoeld.
Gebruik het apparaat uitsluitend:
- volgens deze gebruiksaanwijzing.
- om levensmiddelen in te vriezen en voor ijsbereiding.
- voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving.
- tot een hoogte van 2000 m boven zeeniveau.
Inperking van de gebruikers
Voorkom risico's voor kinderen en kwetsbare personen.
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen indien deze niet onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel kunnen komen.
Kinderen vanaf 3 jaar en jonger dan 8 jaar mogen de koelkast/diepvriezer vullen en legen.
Veilig transport
Houd de veiligheidsaanwijzingen aan wanneer u het apparaat transporteert.
WAARSCHUWING - Gevaar voor letsel!
Het hoge gewicht van het apparaat kan bij het optillen letsels veroorzaken.
▸ Het apparaat niet alleen optillen.
Veilige installatie
Houd deze veiligheidsaanwijzingen in acht bij de installatie van het apparaat.
WAARSCHUWING - Gevaar voor een elektrische schok!
- Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.
▷ Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de gegevens op het typeplaatje. - Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wisselstroom aansluiten. ▷ Het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie moet conform de elektrotechnische voorschriften zijn geïnstalleerd. - Nooit het apparaat via een externe schakelinrichting voeden, bijvoorbeeld een tijdschakelaar of besturing op afstand.
▷ Wanneer het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de netaansluitkabel vrij toegankelijk zijn, of wanneer vrije toegang niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een alpolige scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften worden ingebouwd. Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het netsnoer niet wordt afgeklemd of beschadigd.
- Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit het aansluitsnoer met warmtebronnen in contact brengen.
- Nooit het aansluitsnoer met scherpe punten of randen in contact brengen. ▷ Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen of veranderen.
- Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk.
- Geen verlengsnoeren of meervoudige stopcontacten gebruiken.
- Als het netsnoer te kort is, contact opnemen met de servicedienst. Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters gebruiken.
- Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen kunnen oververhit raken en tot brand leiden.
Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen niet aan de achterkant van de apparaten plaatsen.
Veilig gebruik
Neem bij gebruik van het apparaat de veiligheidsaanwijzingen in acht.
WAARSCHUWING - Gevaar voor een elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes. Stel het apparaat nooit bloot aan grote hitte en vochtigheid.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
WAARSCHUWING - Verstikkingsgevaar!
- Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden. Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
- Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden. Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
- Mechanische inrichtingen of andere middelen kunnen de koudekringloop beschadigen, brandbaar koudemiddel kan lekken en exploderen.
- Gebruik voor het versnellen van het ontdooien geen andere mechanische inrichtingen of andere middelen dan diegene die door de fabrikant worden aanbevolen.
- Producten met brandbare gassen en explosieve stoffen kunnen exploderen, bijv. spuitbussen.
Bewaar geen producten met brandbare gassen en explosieve stoffen in het apparaat.
Elektrische apparaten binnenin het apparaat kunnen tot een brand leiden, bijv. verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders.
- Gebruik geen elektrische apparaten binnenin het apparaat.
WAARSCHUWING - Gevaar voor letsel!
Flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank kunnen barsten.
- Geen flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank in het vriesvak bewaren.
- Letsel aan de ogen door lekkend brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen.
- De buizen van de koudemiddelkringloop en de isolatie niet beschadigen.
Contact met diepvrieswaren en koude oppervlakken kan tot brandwonden door koude leiden.
- Nooit diepvrieswaren in de mond nemen nadat deze uit het vriesvak zijn genomen.
- Voorkom dat de huid langdurig in contact komt met diepvrieswaren, ijs en de buizen in het vriesvak.
VOORZICHTIG - Gezondheidsrisico!
Houd de volgende aanwijzingen aan om verontreiniging van levensmiddelen te voorkomen.
- Wanneer de deur langere tijd wordt geopend, kan dit leiden tot een aanzienlijke temperatuurstijging in de vakken van het apparaat. Maak de oppervlakken, die met levensmiddelen en toegankelijke afvoersystemen in contact komen, regelmatig schoon. Wanneer het koel-/vriesapparaat langere tijd leeg staat, het apparaat uitschakelen, ontdooien, reinigen en de deur open laten, om schimmelvorming te voorkomen.
Beschadigd apparaat
Neem deze veiligheidsvoorschriften in acht als uw apparaat beschadigd is.
WAARSCHUWING - Gevaar voor een elektrische schok!
- Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
▷ Nooit een beschadigd apparaat gebruiken. - Nooit een apparaat met gescheurd of gebroken oppervlak gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken. Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen. Neem contact op met de servicedienst. → Pagina 128. Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
Alleen waarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren. Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat. ▸ Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontbranden.
Houd vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat. Ventileer de ruimte. ▸ Het apparaat uitschakelen. → Pagina 117. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen. Neem contact op met de service-afdeling. → Pagina 128.
Het voorkomen van materiële schade
Ter voorkoming van materiële schade aan het apparaat, de accessoires of keukenvoorwerpen dient u de aanwijzingen in acht te nemen.
LET OP!
- Door verontreinigingen met olie of vet kunnen kunststofdelen en deurafdichtingen poreus worden. Houd kunststofdelen en deurafdichtingen olie- en vetvrij.
- Door het gebruik van de plint, laden of apparaatdeuren als zitvlak of opstapje kan het apparaat beschadigd raken. Niet op de plint, laden of deuren staan of leunen.
Milieubescherming en besparing
Bescherm het milieu door het apparaat op een hulpbronnenbesparende manier te gebruiken en herbruikbare materialen op de juiste manier af te voeren.
Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Energie besparen
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.
Keuze van de opstellingslocatie
Houd deze aanwijzing aan wanneer u het apparaat plaatst.
Stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht. Plaats het apparaat zo ver mogelijk van radiatoren, fornuis en andere warmtebronnen.
- Houd 30 mm afstand aan tot elektrische- of gasfornuizen.
- Houd 30 cm afstand aan tot olie- en kolenfornuizen.
- Het apparaat hoeft bij lagere omgevingstemperaturen minder vaak te koelen.
Een nisdiepte van 560 mm gebruiken. Ventilatieopeningen niet afdekken of blokkeren. Ventileer de ruimte dagelijks. De lucht aan de rechterwand van het apparaat kan beter ontsnappen, het apparaat warmt niet zo sterk op.
Het apparaat hoeft minder vaak te koelen.
Energie besparen bij het gebruik.
Houd deze aanwijzing aan wanneer u uw apparaat gebruikt.
Aanwijzing: De plaatsing van de uitrustingsonderdelen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat.
Opstellen en aansluiten
- Ventilatieopeningen niet afdekken of blokkeren.
- De lucht aan de achterwand van het apparaat kan beter ontsnappen, het apparaat warmt niet zo sterk op.
- Open de ovendeur slechts kort. Transporteer gekoelde levensmiddelen in een koeltas en leg ze snel in het apparaat.
- Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen. Leg om de koude van de diepvriesproducten te benutten, deze ter ontdooiing in het koelvak.
- De lucht in het apparaat warmt niet zo sterk op. Het apparaat hoeft minder vaak te koelen. Laat altijd wat ruimte tussen de levensmiddelen en de achterwand. Verpak de levensmiddelen luchtdicht.
- De lucht kan circuleren en de luchtvochtigheid blijft constant. Deur van het vriesvak slechts kortstondig openen en zorgvuldig sluiten.
- Een gesloten deur van het vriesvak beschermt het vriesvak tegen sterke verijzing.
Opstellen en aansluiten
Waar en hoe u het apparaat het beste opstelt, komt u hier te weten. Bovendien komt u te weten hoe u het apparaat op het elektriciteitsnet aansluit.
Leveringsomvang
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.
Neem bij klachten contact op met uw dealer of onze servicedienst → Pagina 128.
De levering bestaat uit:
Inbouw - Uitrusting en accessoires 1 Montagemateriaal Montagehandleiding - Gebruiksaanwijzing Klantenserviceboekje Garantiebijlage Energielabel Productgegevensblad - Informatie over energieverbruik en geluiden
Apparaat opstellen en aansluiten
Voorwaarde: De leveringsomvang van het apparaat is gecontroleerd. → Pagina 114
- Houd de criteria aan voor de opstellocatie van het apparaat. → Pagina 115
- Het apparaat conform meegeleverde montagehandleiding installeren.
- Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden. → Pagina 115
- Het apparaat elektrisch aansluiten. → Pagina 115
Criteria voor de opstellocatie
Houd deze aanwijzing aan wanneer u het apparaat plaatst.
Wanneer het apparaat in een te kleine ruimte staat, kan er bij een lek van het koudecircuit een brandbaar gasluchtmengsel ontstaan.
Stel het apparaat uitsluitend op in een ruimte, welke tenminste een volume heeft van 1 m³ per 8 g koudemiddel. De hoeveelheid van het koudemiddel staat op het typeplaatje. → Afb. 1/4
Het gewicht van het apparaat kan afhankelijk van het model tot 50 bedragen.
De ondergrond moet stabiel genoeg zijn om het gewicht van het apparaat te dragen.
Toegestane ruimtetemperatuur
De toegestane kamertemperatuur is afhankelijk van de klimaatklasse van het apparaat.
De klimaatklasse vindt u op het typeplaatje. → Afb. 1/4
| Klimaatklasse | Toegestane ruimtetemperatuur |
| SN | 10 °C...32 °C |
| N | 16 °C...32 °C |
| ST | 16 °C...38 °C |
| T | 16 °C...43 °C |
Het apparaat is volledig functioneel binnen de toegestane binnentemperatuur.
Wanneer u een apparaat van de klimaatklasse SN gebruikt bij lagere kamertemperaturen, dan kunnen beschadigingen aan het apparaat tot een kamertemperatuur van 5 °C worden uitgesloten.
Nismaten
Neem de nisafmetingen in acht als u uw apparaat in de meubelnis inbouwt. Bij afwijkingen kunnen problemen optreden tijdens de installatie van het apparaat.
Nisdiepte
Bouw het apparaat in de aanbevolen nisdiepte van 560 mm in.
Bij een kleinere nisdiepte wordt het energieverbruik iets hoger. De nisdiepte moet minimaal 550 mm bedragen.
Nisbreedte
Voor het apparaat is een meubelnis met een binnenbreedte van minimaal 560 mm nodig.
Als u naast dit apparaat een ander apparaat met vriesvak wilt gebruiken, moet u tussen de apparaten minimaal een tussenafstand van 150 mm aanhouden.
Als u de minimale tussenafstand niet in acht neemt, kunt u dit apparaat alleen naast 556 mm brede apparaten zonder vriesvak opstellen.
Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden
- Haal het informatiemateriaal eruit.
- Verwijder de beschermfolie en transportborgingen, bijv. plakstrips en karton.
- Het apparaat voor de eerste keer reinigen. → Pagina 122
Apparaat elektrisch aansluiten
- De netstekker van het aansluitsnoer van het apparaat in een stopcontact in de omgeving van het apparaat steken.
Uw apparaat leren kennen
De aansluitgegevens van het apparaat staan op het typeplaatje. → Afb. 1/4
- De netstekker op vastheid controleren. Het apparaat is nu gereed voor gebruik.
Uw apparaat leren kennen
Lees meer over de onderdelen van uw apparaat.
Apparaat
Hier vindt u een overzicht van de onderdelen van uw apparaat.
→ Afb. 1
| 1 | Bedieningselementen |
| 2 | Vriesvaklegplateau |
| 3 | Klep van het vriesvak |
| 4 | Typeplaatje |
Aanwijzing: Verschillen tussen uw apparaat en de afbeeldingen zijn mogelijk op basis van uitrusting en grootte.
Bedieningselementen
Via de bedieningselementen kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.
→ Afb. 2
| 1 | Alarm schakelt het alarmsignaal UIT. |
| 2 | 〈〉stell de temperatuur van het vries-vak in. |
| 3 | Toont de ingestelde temperatuur van het vriesvak in °C. |
| 4 | Super schakelt Supervriezen in of UIT. |
| 5 | ① schakelt het apparaat in of UIT. |
Uitrusting
Hier krijgt u een overzicht van de accessoires behorende bij uw apparaat en de manier waarop ze worden gebruikt.
De uitrusting van uw apparaat is modelafhankelijk.
Klep van het vriesvak
Op het legplateau achter de klep van het vriesvak kunt u vaak gebruikte of kortstondig te bewaren levensmiddelen bewaren.
Accessoires
Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn speciaal op uw apparaat afgestemd. Hier krijgt u een overzicht van de accessoires behorende bij uw apparaat en de manier waarop ze worden gebruikt.
De accessoires van het apparaat zijn afhankelijk van het model.
Koude-accu
Gebruik de koude-accu voor het tijdelijk koel houden van levensmiddelen, bijv. in een koeltas.
Tip: De koude-accu vertraagt bij het uitvallen van de stroom of bij een storing het verwarmen van de opgeslagen diepvrieswaren.
IJsblokjesschaal
Gebruik de ijsblokjesschaal om ijsblokjes te maken.
IJsblokjes maken
- De ijsblokjesschaal voor 3/4 met water vullen en in het vriesvak plaatsen.
Vastgevroren ijsblokjesschaal alleen met een bot voorwerp, bijv. steel van een lepel, losmaken.
- Om de ijsblokjesschaal los te maken, de ijsblokjesschaal iets verbuigen of kort onder stromend water houden.
De bediening in essentie
Hier wordt de bediening van het apparaat in essentie beschreven.
Apparaat inschakelen
- ① indrukken.
Het apparaat begint te koelen. Er klinkt een waarschuwingssignaal en Alarm brandt omdat het vriesvak nog te warm is. 2. Het waarschuwingssignaal met Alarm uitschakelen. Alarm gaat UIT zodra de ingestelde temperatuur is bereikt. 3. De gewenste temperatuur instellen. → Pagina 117
Opmerkingen bij het gebruik
- Wanneer u het apparaat heeft ingeschakeld, wordt de ingestelde temperatuur pas na enkele uren bereikt. Geen levensmiddelen in het apparaat doen voordat de temperatuur is bereikt.
- De kopzijden van de behuizing worden tijdelijk licht verwarmd. Dit voorkomt vorming van condenswater in de zone van de deurafdichting.
- Als u de deur van het vriesvak sluit, kan een onderdruk ontstaan en u kunt de deur van het vriesvak niet direct opnieuw openen. Wacht een ogenblik tot de onderdruk wordt gecompenseerd.
Machine uitschakelen
① indrukken. Het apparaat koelt niet meer.
Temperatuur instellen
Nadat u het apparaat heeft ingeschakeld, kunt u de temperatuur instellen.
Vriesvaktemperatuur instellen
Druk zo vaak op < / > tot de temperatuurindicatie de gewenste temperatuur toont.
De aanbevolen temperatuur in het vriesvak bedraagt -18 °C.
Extra functies
Kom te weten over welke instelbare extra functies uw apparaat beschikt.
Automatisch Supervriezen
Het automatisch Supervriezen schakelt bij het inruimen van warme levensmiddelen automatisch in. Bij het automatisch Supervriezen koelt het vriesvak duidelijk op een lagere temperatuur dan bij de normale werking. Hierdoor bevriezen levensmiddelen snel tot in de kern. Als het automatische Supervriezen is ingeschakeld, brandt Super en er kunnen meer geluiden ontstaan. Het apparaat schakelt na het verstrijken van het automatisch Supervriezen op normale werking.
Automatisch Supervriezen annuleren
Super indrukken. De voordien ingestelde temperatuur wordt op de indicatie aangegeven.
Handmatig Supervriezen
Bij het Supervriezen koelt het vriesvak zo koud mogelijk. Hierdoor bevriezen levensmiddelen snel tot in de kern.
Schakel Supervriezen 4 tot 6 uur voor het inladen van een hoeveelheid levensmiddelen vanaf 2 kg in het vriesvak in.
Om het invriesvermogen te benutten, gebruikt u Supervriezen.
Zie "Voorwaarden voor invriesvermogen", Pagina 119
Aanwijzing Als Supervriezen is ingeschakeld, kan er meer geluid ontstaan.
Handmatig Supervriezen inschakelen
Super indrukken. Super brandt.
Aanwijzing Na ca. 60 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.
Handmatig Supervriezen uitschakelen
Super indrukken. De vooraf ingestelde temperatuur wordt op de indicatie aangegeven.
Alarm
Uw apparaat beschikt over alarmfuncties.
Deuralarm
Als de deur van het apparaat langere tijd openstaat, wordt het deuralarm ingeschakeld.
Waarschuwingssignaal (deuralarm) uitschakelen
De apparaatdeur sluiten of op Alarm drukken. Het waarschuwingssignaal is uitgeschakeld.
Temperatuuralarm
Wanneer het te warm is in het vriesvak, wordt het temperatuuralarm geactiveerd.
VOORZICHTIG Gezondheidsrisico!
Bij het ontdooien kan er bacterievorming optreden en kunnen de diepvrieswaren bederven.
Half of geheel ontdooide diepvrieswaren niet opnieuw invriezen. - Het voedsel pas na het koken of braden opnieuw invriezen. De maximale bewaartijd niet meer ten volle benutten.
Zonder gevaar voor de diepvrieswaren kan het temperatuuralarm in volgende gevallen inschakelen:
- Het apparaat wordt in gebruik genomen. Er worden grote hoeveelheden verse levensmiddelen ingeruimd.
- De deur van het vriesvak is te lang geopend.
Waarschuwingssignaal (temperatuuralarm) uitschakelen
Alarm indrukken. De temperatuurindicatie geeft kort de warmste temperatuur weer die in het vriesvak heeft geheerst. Daarna toont de temperatuurindicatie opnieuw de ingestelde temperatuur. Vanaf dit moment worden de warmste temperatuur opnieuw bepaald en in het geheugen opgeslagen. Het alarm brandt als de ingestelde temperatuur opnieuw is bereikt.
Vriesvak
In het vriesvak kunt u diepvrieswaren bewaren, levensmiddelen bevriezen en ijsblokjes maken.
De temperatuur is van -16°C tot -24°C instelbaar.
Langdurig bewaren van levensmiddelen moet bij een temperatuur van -18°C of lager gebeuren.
Door het invriezen kunt u bederfelijke levensmiddelen gedurende lange tijd bewaren. De lage temperaturen vertragen of stoppen het bederven.
De tijd die nodig is om verse levensmiddelen volledig diep te vriezen is afhankelijk van verschillende factoren:
Ingestelde temperatuur, levensmiddel (grootte en soort), bewaarde hoeveelheid, reeds bewaarde hoeveelheid levensmiddelen
Invriescapaciteit
Het invriesvermogen geeft aan welke hoeveelheid levensmiddelen in hoeveel uur tot in de kern kan worden ingevroren.
Informatie over het invriesvermogen vindt u op het typeplaatje. → Afb. 1/4
Voorwaarden voor invriesvermogen
- Ca. 24 uur voor het inladen van verse levensmiddelen, Supervriezen inschakelen. → "Handmatig Supervriezen inschakelen", Pagina 118
- Eerst het voorste gedeelte van het bovenste vak met levensmiddelen vullen. Daar bevriezen de levensmiddelen het snelst.
- Als het voorste gedeelte van het bovenste vak niet volstaat, de resterende hoeveelheid in het daaronder liggende vak bewaren.
Vriesvakvolume volledig gebruiken
Kom te weten hoe u de maximale hoeveelheid diepvriesproducten in het vriesvak onderbrengt.
- Alle uitrustingsdelen verwijderen. → Pagina 123
- Levensmiddelen rechtstreeks op de legplateaus en de bodem van het vriesvak bewaren.
Tips voor het inkopen van diepvrieskost
Neem de tips in acht terwijl u diepvrieskost inkoopt.
Op onbeschadigde verpakking letten. Op de houdbaarheidsdatum letten.
Vriesvak
- De temperatuur in de supermarkt-vriezer moet -18 °C of kouder zijn.
- De diepvriesketen niet onderbreken. Diepvriesproducten liefst in een koeltas transporteren en snel in het vriesvak leggen.
Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak
Neem de tips in acht als u levensmiddelen in het vriesvak inruimt.
- Om grotere hoeveelheden verse levensmiddelen snel en voorzichtig in te vriezen, deze in de bovenste diepvrieslade leggen.
- De levensmiddelen naast elkaar in de vakken of diepvriesladen leggen. In te vriezen levensmiddelen niet in aanraking brengen met ingevroren levensmiddelen. Indien nodig diepgevroren levensmiddelen in het vriesvak van positie veranderen. Voor een goede luchtcirculatie in het apparaat de diepvrieslade tot aan de aanslag inschuiven.
Kleinere hoeveelheid levensmiddelen snel bevriezen
Neem de aanwijzingen in acht als u een kleinere hoeveelheid levensmiddelen snel wilt bevriezen.
- De levensmiddelen van rechts beginnend in de tweede diepvrieslade van onderen leggen.
- De levensmiddelen over een groot oppervlak verdelen.
Tips voor het bevriezen van verse levensmiddelen
Neem de tips in acht als u verse levensmiddelen invriest.
Alleen verse en onberispelijke levensmiddelen bevriezen. Voor het verbruik gekookte, gebraden of gebakken levensmiddelen zijn geschikter dan rauw te eten levensmiddelen. - Om voedingswaarde, aroma en kleur te behouden, moet u bepaalde levensmiddelen voorbereiden om in te vriezen.
- Groente: wassen, kleiner maken, blancheren.
- Fruit: wassen, ontpitten en eventueel schillen, eventueel suiker of ascorbinezuuroplossing toevoegen.
Meer aanwijzingen vindt u in de desbetreffende literatuur.
Over het invriezen van geschikte levensmiddelen
Brood en banket, vis en zeevruchten, vlees, wild en gevogelte, groente, fruit en kruiden, eieren zonder schaal, melkproducten zoals kaas, boter en kwark, bereide gerechten en kliekjes zoals soep, stoofschotels, gaar vlees en gare vis, aardappelgerechten, ovenschotels en zoete toetjes.
Over het invriezen van ongeschikte levensmiddelen
Groentesoorten die meestal rauw worden gegeten, zoals kropsla en radijsjes, ongepelde of hardgekookte eieren, wijndruiven, hele appels, peren en perziken.
Yoghurt, dikke zure melk, zure room, crème fraîche en mayonnaise.
Diepvrieswaren verpakken
Als u geschikt verpakkingsmateriaal en de juiste soort verpakking kiest, kunt u de productkwaliteit in hoge mate behouden en vriesbrand vermijden.
- De levensmiddelen in de verpakking leggen.
Geschikte verpakking:
Kunststoffolie van polyethyleen, buisfolie van polyethyleen, diepvrieszakjes van polyethyleen, diepvriesdozen.
Niet geschikt als verpakking:
- (in)pakpapier
- Permanentpapier
- Cellofaan, aluminiumfolie
- Vuilniszakken en gebruikte plastic zakken
- De lucht eruit drukken.
- De verpakking luchtdicht afsluiten om te voorkomen dat de levensmiddelen hun smaak verliezen of uitdrogen.
- De verpakking met de inhoud van de invriesdatum voorzien.
Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij -18 °C
Neem de bewaartijden in acht als u levensmiddelen invriest.
| Levensmittel | Bewaartijd |
| Vis, worst, klaargemaakte gerechten, brood en ban-ket | Tot 6 maanden |
| Gevogelte, vlees | Tot 8 maanden |
| Levensmittel | Bewaartijd |
| Groente, fruit | Tot 12 maanden |
Diepvrieskalender
De erop gedrukte vrieskalender geeft de maximale bewaartijd in maanden aan bij een constante temperatuur van -18 °C.
Ontdooimethoden voor diepvrieswaren
Om de productkwaliteit zo goed mogelijk te behouden, de ontdooimethode aan levensmiddel en gebruiksdoel aanpassen.
VOORZICHTIG Gezondheidsrisico!
Bij het ontdooien kan er bacterievorming optreden en kunnen de diepvrieswaren bederven.
Half of geheel ontdooide diepvrieswaren niet opnieuw invriezen. - Het voedsel pas na het koken of braden opnieuw invriezen. De maximale bewaartijd niet meer ten volle benutten.
| Ontdooimethode | Levensmiddel |
| Koelvak | Dierlijke levensmidde- len, zoals vis, vlees, kaas, kwark |
| Omgevingstempe- ratuur | Brood |
| Magnetron | Levensmiddelen voor di- recte consumptie of di- recte toebereiding |
| Oven of fornuis | Levensmiddelen voor di- recte consumptie of di- recte toebereiding |
Ontdooien
Houdt u de informatie aan wanneer u uw apparaat wilt ontdooien.
Ontdooien in het vriesvak
Door het volledig automatische "NoFrost"-systeem blijft het vriesvak vorstvrij. Ontdooien is niet nodig.
Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om ervoor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
De reiniging van ontoegankelijke plaatsen moet door de servicedienst worden uitgevoerd. Aan de reiniging door de servicedienst kunnen kosten verbonden zijn.
Apparaat voorbereiden voor reiniging
Informatie over de wijze waarop u uw apparaat voorbereidt voor reiniging
- Het apparaat uitschakelen. → Pagina 117
- Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Haal alle levensmiddelen uit het apparaat en bewaar deze op een koele plek. Indien beschikbaar, koelelementen op de levensmiddelen leggen.
- Neem alle uitrustingsdelen uit het apparaat. → Pagina 123
Apparaat schoonmaken
Maak het apparaat schoon zoals voorgeschreven, zodat het niet door een verkeerde reiniging of ongeschikte schoonmaakmiddelen beschadigd raakt.
WAARSCHUWING
Gevaar voor een elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. - Geen stoomreiniger of hoge-drukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen. Vloeistof in de verlichting kan gevaarlijk zijn. - Het sop mag niet in de verlichting terechtkomen.
LET OP!
- Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.
- Geen harde schuur- of afwassponsjes gebruiken.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Wanneer u uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigt, kunnen deze vervormen of verkleuren.
Reinig nooit plateaus en houders in de vaatwasser.
- Apparaat voorbereiden voor reiniging. → Pagina 122
- Het apparaat, de uitrustingsdelen en de deurafdichting met een vaatdoek, lauwwarm water en een beetje pH-neutraal afwasmiddel reinigen.
- Met een zachte, droge doek grondig nadrogen.
- Plaats de uitrustingsdelen in het apparaat.
- Het apparaat elektrisch aansluiten.
- Het apparaat inschakelen.
→ Pagina 117
- Doe de levensmiddelen in het apparaat.
Onderdelen eruit halen
Neem wanneer u de uitrustingsdelen grondig wilt reinigen deze uit het apparaat.
Klep van het vriesvak verwijderen
De klep van het vriesvak openen en van de houder losmaken.
→ Afb. 3
Vriesvaklegplateau verwijderen
Het vriesvaklegplateau uittrekken en verwijderen. → Afb. 4
Diepvrieslade verwijderen
- De diepvrieslade tot aan de aanslag uittrekken.
- De diepvrieslade vooraan optillen
① en eruit halen ② → Afb. 6
Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING
Gevaar voor een elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
Alleen door geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat worden uitgevoerd. - Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat. - Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
Functiestoringen
| Storing | Oorzaak | Verhulpen van storingen |
| Apparaat werkt nicht. Er brandt geen enkele indi- catie. | De stekker zit nicht goed in het stopcontact. | Sluit de stekker aan. |
| Dezekering is geactiveerd. | Controleer dezekeringen. | |
| De stroom is uitgevallen. | 1. Controler of er stroom is. 2. Koude-accu's, indien voorhanden, op de dievrieswaren leggen. | |
| Apparaat koelt nicht, induca- ties en verlichting branden. | Het presentatielicht is inge- schakeld. | Voer de apparaatzelftest uit. → Page 127 ✓ Na het verstrijken van de apparaat- zelftest gaat het apparaat waar over op normale werkung. |
| De koelmachine schakelt va- ker en langer in. | Apparaatdeur werk vaak ge- opend. | Open de apparaatdeur nicht onno- dig. |
| De ventilatieoppeningen+zijn afgedekt. | Verwijder blokkades voor de venti- latie-oppeningen | |
| Automatisch Supervziezen schakelt nicht in. | Geen fout. Apparaat beslist zelfstandig of het automa- tisch Supervziezen nodig is en schakelt het automatisch in of uit. | Geen handeling vereist.Geen hande- ling vereist. |
Aanwijzingen op het display
| Storing | Oorzaak | Verhulpen van storingen |
| Melding met "D" of "E" ver-schijnt op het display. | De elektronica heeft een fout geconstasteerd. | ➢ Neem contact op met de klanten-service. → "Servicedienst", Pgina 128 |
| De temperatuurindicatie knippert. | Verschillende oorzaken zijn möglichk. | ➢ Druk op Alarm. ➢ Schakel het alarm UIT. |
| Deur van het apparaat is open. | ➢ Sluit de deur van het apparaat. | |
| De ventilatieoppeningen zijn afgedekt. | ➢ Verwijder blokkades voor de venti-latie-oppeningen | |
| Erijken grotere hoeveelheden verse levensmiddelen inge-ruimd. | ➢ Overschrijd het vriesvermogen Niet. → "Invriescapaciteit", Pgina 119 | |
| Temperatuurindicatie knip-pert, waarschuwingssignaal werkblinkt en Alarm brandt. | Verschillende oorzaken zijn möglichk. | ➢ Druk op Alarm. ➢ Schakel het alarm UIT. |
| Deur van het apparaat is open. | ➢ Sluit de deur van het apparaat. | |
| De ventilatieoppeningen zijn afgedekt. | ➢ Verwijder blokkades voor de venti-latie-oppeningen | |
| Erijken grotere hoeveelhedenen verse levensmiddelen inge-ruimd. | ➢ Overschrijd het vriesvermogen Niet. → "Inviescapaciteit", Pgina 119 |
Temperatuurprobleem
| Storing | Oorzaak | Verhelpen van storingen |
| Temperatuur wijkt erg af van de instelling. | Verschillende oorzakenসn möglichk. | 1. Schakel het apparaat uit. → Page 1172. Schakel het apparaat na ca. 5 minu- ten opnieuw in.→ Page 117- Als de temperatuur te hoog is, controlleren dan de tempe- ratuur na eenaar uur op- nieuw.- Als de temperatuur te laag is, controlleren de temperatuur dan de volgende dag op- nieuw. |
Geluiden
| Storing | Oorzaak | Verhulpen van storingen |
| Apparaat bromt. | Geen storing. Een motor draaït, bijv. koelaggregaat, ventilator. | Geen handeling vereist. Geen handeling vereist. |
| Apparaat borrelt, zoemt of gorgelt. | Geen storing. Er stroomt koudemiddel door de bui-zen. | Geen handeling vereist. Geen handeling vereist. |
| Apparaat klikt. | Geen storing. Motor, schake-laars of magnetoventielen schakelen in- of uit. | Geen handeling vereist. Geen handeling vereist. |
| Apparaat kraakt. | Geen fout. Het automatische ontdooisystem treedt in werkung. | Geen handeling vereist. Geen handeling vereist. |
| Apparaat produeert gelui-den. | Het apparaat staat nicht wa-terpas. | Stel het apparaat horizontaal met behulp van een waterpas. Leg er zo nodig iets onder. |
| Uitrustingsdelen wiebelen of klemmen. | Controller de uitenombare utrus-tingsdelen en zet ze eventueel op-nieuw in het apparaat. | |
| Serviesgoed raakt elkaar. | Zet het serviesgoed verder uit el-kaar. | |
| Supervriezen is ingeschakeld. | Geen handeling vereist. Geen handeling vereist. |
Geurtjes
| Storing | Oorzaak | Verhelpen van storingen |
| Het apparaat ruikt onaange- naam. | Verschillende oorzaken+zijn mogelijk. | 1. Bereide het apparaat voor om te rei-nigen.→Pagina 1222. Reinig het apparaat.→Pagina 1223. Reinig alle levensmiddelenverpak-kingen.4. Verpak sterk ruikende levensmid- delen luchtdicht om geurvorming te voorkomen.5. Controller en 24aar opnieuw of er luchtjes+zijn ontstaan. |
Apparaatzelftest uitvoeren
- Het apparaat uitschakelen. → Pagina 117
- Het apparaat na ca. 5 minuten opnieuw inschakelen. → Pagina 117
- Binnen 10 seconden na het inschakelen Alarm gedurende 3 tot 5 seconden ingedrukt houden tot er een akoestisch signaal klinkt. De apparaatzelftest start. Tijdens de apparaatzelftest klinkt tussendoor een lang akoestisch signaal. Als na het einde van de apparaatzelftest 2 akoestische signalen klinken en de temperatuurindicatie de ingestelde temperatuur toont, is uw apparaat in orde. Het apparaat gaat over op de normale werking. Als na het einde van de apparaatzelftest 5 akoestische signalen klinken en Alarm gedurende 10 seconden knippert, contact opnemen met de service.
Opslaan en afvoeren
Hier krijgt u uitleg over de manier waarop u het apparaat voorbereidt voor de opslag. Daarnaast leggen we u uit hoe u oude apparaten dient af te voeren.
Apparaat buiten gebruik stellen
- Het apparaat uitschakelen. → Pagina 117
- Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Het apparaat ontdooien. → Pagina 122
- Het apparaat reinigen. → Pagina 122
- Laat de deur van het apparaat open.
Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken.
- Om te voorkomen dat kinderen in het apparaat kruipen, legplateaus en lades niet uit het apparaat nemen.
- Kinderen uit de buurt van een afgedankt apparaat houden.
Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koelmiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontbranden.
De buizen van de koelmiddelkringloop en de isolatie niet beschadigen. 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken. 2. Het netsnoer doorknippen. 3. Het apparaat milieuvriendelijk afvoeren.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugname en verwerking van oude apparaten.
Servicedienst
Als u vragen hebt, een storing aan het apparaat niet zelf kunt verhelpen of als het apparaat moet worden gerepareerd, neem dan contact op met onze servicedienst.
Veel problemen kunt u via de informatie voor het verhelpen van storingen in deze gebruiksaanwijzing of op onze website zelf verhelpen. Als dit niet het geval is, neem dan contact op met onze servicedienst.
We vinden altijd een passende oplossing en proberen onnodig bezoek van de servicetechnicus te vermijden.
We zorgen ervoor dat het apparaat zowel binnen de garantieperiode als na het verstrijken van de fabrieksgarantie met originele reserveonderdelen door geschoolde servicetechnici wordt gerepareerd.
Om veiligheidsredenen mag alleen geschoold vakpersoneel reparaties aan het apparaat uitvoeren. De garantieclaim vervalt indien reparaties of ingrepen worden uitgevoerd door personen die daartoe niet door ons zijn gemachtigd, dan wel indien onze apparaten worden voorzien van vervangende onderdelen, aanvullende onderdelen of accessoires die geen originele onderdelen zijn en daardoor een defect worden veroorzaakt.
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Aanwijzing: Het inschakelen van de servicedienst is in het kader van de plaatselijk geldende fabrieksgarantievoorwaarden gratis. De minimumduur van de garantie (fabrieksgarantie voor particuliere gebruikers) in de Europese Economische Ruimte bedraagt 2 jaar (behalve in Denemarken en Zweden waar de duur 1 jaar bedraagt) in overeenstemming met de geldende plaatselijke garantievoorwaarden. De garantievoorwaarden doen geen afbreuk aan eventuele andere rechten of claims die u op grond van het plaatselijk recht heeft.
Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website.
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website.
Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
→ Afb. 1/4
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
Technische gegevens
Koudemiddel, netto inhoud en overige technische gegevens bevinden zich op het typeplaatje.
→ Afb. 1/4
Overige informatie over uw model vindt u op het internet onder https://energylabel.bsh-group.com. Dit webadres bevat een link naar de officiële EU-productdatabase EPREL, waarvan de URL ten tijde van het drukken nog niet was gepubliceerd. Volg dan de aanwijzingen bij het zoeken naar het model. De modelidentificatie bestaat uit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Alternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.
