GEBRUIKSAANWIJZING WML15105 BEKO
Gebruiker Handleiding
Lave-linge
1 Belangrijke instructies voor veiligheid en milieu
Dit hoofdstuk bevat veiligheidsinstructies die u zullen helpen beschermen tegen het risico op persoonlijk letsel of materiële schade. Elke garantie vervalt als u deze instructies niet opvolgt.
1.1 Algemene veiligheid
- Dit product kan gebruikt worden door kinderen van 8 jaar en ouder en door personen met fysieke, zintuiglijke of mentale stoornissen of door onervaren of ongeschoolde personen mits zij onder toezicht staan of getraind zijn voor het veilige gebruik van het product en de risico's hiervan kennen. Kinderen mogen niet met het product spelen. Reiniging- en onderhoudswerkzaamheden dienen niet door kinderen te worden uitgevoerd behalve wanneer zij onder toezicht staan.
- Plaats het product nooit op een vloer met vloerbedekking. Anders kunnen de elektrische onderdelen oververhit geraken bij een gebrek aan luchtstroom onder de machine. Dit zal problemen met uw product veroorzaken.
- Indien het product een storing vertoond moet het niet in werking gezet worden zonder dat het gerepareerd is door een Geautoriseerde Onderhoudsmonteur. U kunt een elektrische schok krijgen!
- Dit product is ontworpen om het functioneren te hervatten in het geval van een stroomhervatting na een stroomonderbreking. Indien u het programma wilt annuleren, zie "Annuleren van programma" paragraaf.
- Sluit het product aan op een geaard stopcontact beschermd door een 16-Ampère zekering Zorg ervoor de installatie van de aardleiding door een erkend elektricien wordt uitgevoerd. Ons bedrijf is niet verantwoordelijk voor schades ontstaan uit het gebruik van het product zonder aarding overeenkomstig de locale voorschriften.
- De watertoevoer en afvoerslangen moeten stevig bevestigd zijn en onbeschadigd blijven. Anders bestaat de kans op waterlekkage.
- Open nooit de laaddeur of verwijder nooit het filter als er nog water in de trommel staat. Anders is er een kans op overstroming en letsel door heet water.
- Forceer nooit een vergrendelde laaddeur. De laaddeur kan enkele minuten nadat de wascyclus werd beëindigd worden geopend. In het geval de laaddeur geforceerd wordt geopend, kunnen de deur en het slotmechanisme beschadigd raken.
- Verwijder de stekker uit het stopcontact wanneer het product niet wordt gebruikt.
- Reinig het product nooit door er water overheen te gieten! U kunt een elektrische schok krijgen!
- Raak de stekker nooit aan met natte handen! Trek nooit aan de kabel, trek aan de stekker om deze uit het stopcontact te verwijderen.
- Gebruik slechts wasmiddelen, wasverzachters en supplementen die geschikt zijn voor automatische wasmachines.
- Volg de instructies op het textiellabel en op het wasmiddel.
- De stekker van het product dient uit het stopcontact getrokken te zijn tijdens installatie, onderhoud, reiniging en reparatiewerkzaamheden.
-
Laat de installatie en reparatiewerkzaamheden altijd door een Bevoegd Onderhoudsmonteur uitvoeren. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schades ontstaan door werkzaamheden uitgevoerd door niet-geautoriseerde personen.
-
Als het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon (bij voorkeur een elektricien) of iemand die door de importeur is aangesteld om mogelijke risico's te vermijden.
- Plaats het product op een harde, platte en uitgelijnde ondergrond.
- Plaats de machine niet op een tapijt met lange haren of op gelijkaardige oppervlakken.
- Plaats het product niet op een hoog platform or vlakbij de rand op een gestapeld oppervlak.
- Plaats het product niet bovenop de stroomkabel.
- Gebruik nooit een spons of schrobmaterialen. Deze beschadigen de gelakte, verchroomde en kunststof oppervlakken.
1.2 Beoogd gebruik
- Dit product is ontworpen voor huishoudelijk gebruik. Het is niet geschikt voor commercieel gebruik en dient niet gebruikt te worden waar niet voor bedoeld.
- Het product mag enkel worden gebruikt om wasgoed dat hiervoor gemarkeerd is te wassen en te spoelen.
- De fabrikant onthoudt zich van elke verantwoordelijkheid die voortkomt uit het incorrecte gebruik of transport.
1.3 Veiligheid van kinderen
- Verpakkingsmateriaal is gevaarlijk voor kinderen. Bewaar alle verpakkingsmaterialen op een veilige plaats buiten het bereik van kinderen.
- Elektrische producten zijn gevaarlijk voor kinderen. Houd kinderen uit de buurt van het product tijdens zijn werking. Laat hen niet met het product spelen. Gebruik het kinderslot om te voorkomen dat kinderen het product kunnen manipuleren.
- Vergeet niet de laaddeur dicht te doen als u de kamer verlaat waar het product staat.
- Bewaar alle wasmiddelen en toevoegingen op een veilige plaats buiten het bereik van de kinderen. Sluit het deksel van de wasmiddelcontainer of verzegel de verpakking.


Tijdens het wassen van wasgoed op hoge temperaturen wordt het glas van de laaddeur heet. Houd daarom in het bijzonder kinderen weg bij de laaddeur van de machine als het wasproces aan de gang is.
- De verpakkingsmaterialen van het product worden gemaakt van recyclebare materialen in overeenstemming met onze Nationale Milieuvoorschriften. Voer het verpakkingsmateriaal niet af met huishoudelijk of ander afval. Breng deze naar de inzamelingspunten voor verpakkingsmateriaal zoals aangegeven door de plaatselijke autoriteiten.
1.5 Afvoeren van het product
- Dit product is vervaardigd van kwalitatief hoogwaardige onderdelen en materialen die kunnen worden hergebruikt en geschikt zijn voor recycling. Gooi het product niet weg met het normale huishoudelijke afval op het einde van zijn levensduur. Breng het naar een inzamelpunt voor de recycling van elektrische en elektronische apparatuur. Neem contact op met uw plaatselijke autoriteiten om te weten waar het dichtstbijzijn-de inzamelpunt zich bevindt. Bescherm het milieu en de natuurlijke hulpbronnen door het hergebruik van gebruikte producten. Voor de veiligheid van kinderen snijdt u de
stroomkabel door en forceert u het sluitmechanisme van de laaddeur, zodat deze niet meer functioneert voordat u het product verwijderd.
1.6 Naleving van de WEEE-richtlijn

- Dit product voldoet aan de EU-richtlijn WEEE (2012/19/EU). Dit product is voorzien van een classificatiesymbool voor afvalsortering van elektrische en elektronische apparatuur (WEEE).
Dit product werd vervaardigd uit onderdelen en materialen van hoge kwaliteit die hergebruikt kunnen worden en geschikt zijn voor recycling. Gooi het restproduct aan het einde van zijn levensduur niet weg bij normaal huishoudelijk of ander afval. Breng het naar een verzamelpunt voor recycling van elektrische en elektronische apparatuur. Raadpleeg uw plaatselijke autoriteiten om te weten waar u deze verzamelpunten aantreft.
Voldoet aan de RoHS-richtlijn:
Het door u aangekochte product voldoet aan de EU-richtlijn RoHS (2011/65/EU). Het bevat geen schadelijke en verboden materialen die in deze richtlijn zijn opgenomen.
2 Installatie
Ga naar een Geautoriseerde Onderhoudsmonteur bij u in de buurt voor de installatie van uw product. Om het product gereed te maken voor gebruik dient u de informatie in de gebruikershandleiding door te nemen en u ervan te verzekeren dat de elektriciteit, wateraansluiting en waterafvoersystemen geschikt zijn voor een Geautoriseerde Onderhoudsmonteur te bellen. Indien dit niet het geval is, bel dan een erkende technicus en loodgieter om de nodige werkzaamheden te laten uitvoeren.
 | De voorbereiding van de locatie en elektrische, watertoevoer en -afvoerinstallaties op de plaats van installatie is de verantwoordelijkheid van de klant. |
| Verzeker u ervan dat de watertoevoer- en afvoerslangen als ook de stroomkabel niet gevouwen, gekneld of samengeperst worden als u het product na installatie of reinigingswerkzaamheden op zijn plaats zet. |
 | WAARSCHUWÍNG: Installatie en elektrische aansluitingen van het product moeten uitgevoerd worden door een Geautoriseerde Onderhoudsmonteur. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schades ontstaan door werkzaamheden uitgevoerd door niet-geautoriseerde personen. |
 | WAARSCHUWÍNG:Controleer voor de installatie visueel of het product defecten heeft. Laat het in dat geval niet installeren. Beschadigde producten kunnen risico's voor uw veiligheid veroorzaken. |
2.1 Geschikte installatieplaats
2.2 Verpakkingsversteviging verwijderen
Kantel de machine naar achteren om de verpakkingsversteviging te verwijderen. Verwijder de verpakkingsversteviging door aan het lint te trekken.

2.3 De transportvergrendelingen verwijderen

WAARSCHUWING: Verwijder de transportvergrendelingen niet voor de verpakkingsversteviging uit te nemen.
WAARSCHUWING: Verwijder de beveiligingsbouten voor transport voordat u de wasmachine in gebruik neemt! Anders raakt het product beschadigd.
- Maak de bouten los met behulp van een passende moersleutel tot ze vrij kunnen draaien (C).

- Verwijder de beveiligingsbouten voor het vervoer door ze voorzichtig te draaien.

- Bevestig de plastic dopjes die zijn meegeleverd in de zak met de gebruikershandleiding in de gaten op het achterpaneel. (P)

text_image
P

Bewaar de beveiligingsbouten voor vervoer op een veilige plaats om ze opnieuw te kunnen gebruiken voor een toekomstig transport.
Verplaats het product nooit zonder de beveiligingsbouten voor vervoer goed op hun plek te hebben bevestigd!
2.4 De watertoevoer aansluiten

De watertoevoerdruk die vereist is om het product te laten werken bevindt zich tussen 1 en 10 bar (0,1 - 1 MPa). Er dient 10-80 liter water per minuut uit de kraan te stromen om uw machine vlot te laten werken. Bevestig een reduceerklep indien de waterdruk te hoog is.
Als u uw product met dubbele watertoevoer gebruikt als enkele (koud) watertoevoereenheid, moet u voor het product te laten werken de meegeleverde stop installeren in de warmwaterinlaatklep. (Van toepassing op de producten met meegeleverde blinde stopgroep.)

WAARSCHUWING: Modellen met enkele watertoevoer mogen niet worden aangesloten op de warmwaterkraan. In dat geval raakt het wasgoed beschadigd of schakelt het product over op de beveiligingsmodus en werkt het niet.
WAARSCHUWING: Gebruik geen oude of gebruikte watertoevoerslangen op uw nieuwe product. Dit kan vlekken op uw wasgoed veroorzaken.
- Sluit de met het product meegeleverde speciale slangen aan op de watertoevoerkleppen op het product. Rode slang (links) (max. 90 °C) is voor warmwatertoevoer, blauwe slang (rechts) (max. 25 °C) is voor koudwatertoevoer.

text_image
90°
25°

WAARSCHUWING: Zorg ervoor dat de koudwater-en warmwaterverbindingen juist zijn uitgevoerd bij de installatie van het product. Anders kan het wasgoed zeer warm zijn aan het einde van het wasproces en verslijten.
- Draai alle moeren van de slang met de hand vast. Gebruik nooit een moersleutel wanneer u de moeren vastdraait.

- Open de kranen volledig nadat de slang is aangesloten om te controleren of er waterlekken zijn aan de aansluitpunten. Als er lekken zijn, draai de kraan dan dicht en verwijder de moer. Draai de moer opnieuw zorgvuldig vast nadat u de dichting gecontroleerd hebt. Om waterlekken en schade die erdoor wordt veroorzaakt te vermijden, houdt u de kranen gesloten wanneer de machine niet in gebruik is.
2.5 Aansluiten op de afvoer
- Het uiteinde van de afvoerslang moet rechtstreeks worden verbonden met de afvalwaterafvoer of met de wasbak.

WAARSCHUWING: Uw vloer zal overspoelen als de slang uit zijn behuizing geraakt tijdens het afvoeren van water. Er is bovendien verbrandingsgevaar door hoge wastemperaturen! Om zulke situaties te voorkomen en zeker te zijn van een vloeiende watertoevoer en -afvoer van de machine bevestigt u het eind van de afvoerslang stevig vast zodat deze niet uit de afvoer kan komen.
- De slang moet worden bevestigd op een hoogte van minstens 40 cm en hoogstens 100 cm.
- In het geval de slang omhoog gebracht wordt nadat ze op grondniveau of dichtbij de grond lag (minder dan 40 cm boven de grond), kan de waterafvoer moeilijker worden en het wasgoed drijfnat uit de machine komen. Volg daarom de hoogtes die in de afbeelding staan vermeld.

- Om te voorkomen dat er vuil water terug in de machine loopt en om het makkelijk weg te laten lopen moet het uiteinde van de slang niet ondergedompeld worden in het vuile water of meer dan 15 cm in de afvoer gestopt worden. Als deze te lang is, kort hem dan in.
- Het uiteinde van de slang mag niet gebogen zijn, er mag niet op worden gestapt en de slang mag niet geklemd zijn tussen de afvoer en de machine.
- Als de slang te kort is, gebruik deze door een originele verlengslang toe te voegen. De slang mag niet langer zijn dan 3,2 m. Om defecten door waterlekken te vermijden, moet de aansluiting tussen de verlengslang en de afvoerslang van het product goed geplaatst zijn met een geschikte klem zodat deze niet loskomt en lekt.
2.6 Poten afstellen

WAARSCHUWÍNG: Ten einde ervoor te zorgen dat uw machine stiller en zonder trillingen werkt, moet deze waterpas en in evenwicht op zijn poten staan. Zet de machine in evenwicht door de poten af te stellen. Anders kan het product van zijn plaats komen en samenpersings- en trilproblemen veroorzaken.

- Draai de borgmoeren op de pootjes met de hand los.
- Stel de poten tot het product waterpas en in evenwicht staat.
- Draai alle borgmoeren weer met de hand vast.

WAARSCHUWING: Gebruik geen gereedschappen om de borgmoeren los te draaien. Anders kunnen deze worden beschadigd.
2.7 Elektrische aansluiting
Sluit het product aan op een geaard stopcontact beschermd door een zekering van 16 ampère. Ons bedrijf is niet verantwoordelijk voor schades ontstaan uit het gebruik van het product zonder aarding overeenkomstig de locale voorschriften.
- De aansluiting moet voldoen aan de nationale regelgeving.
- De stroomkabelstekker moet binnen makkelijk bereik zijn na de installatie.
- Als de huidige waarde van de zekering of stroomonderbreker in het huis lager is dan 16 ampère, laat een bevoegde elektricien dan een zekering van 16 ampère installeren.
- De spanning vermeld in de "Technische specificaties" moet gelijk zijn aan de netspanning.
- Maak geen verbindingen via verlengsnoeren of meerwegstekkers.

WAARSCHUWING: Beschadigde stroomkabels moeten vervangen worden door een Bevoegde Onderhoudsmonteur.
Vervoer van het product
- Koppel het product los voor het te vervoeren.
- Verwijder de waterafvoer- en watertoevoeraansluitingen.
-
Pomp al het water weg dat in het product is achtergebleven.
-
nstalleer de beveiligingsbouten voor vervoer in omgekeerde richting van de verwijderingsprocedure.

Verplaats het product nooit zonder de beveiligingsbouten voor vervoer goed op hun plek te hebben bevestigd!

WAARSCHUWÍNG: Verpakkingsmateriaal is gevaarlijk voor kinderen. Bewaar alle verpakkingsmaterialen op een veilige plaats buiten het bereik van kinderen.
3 Voorbereiding
3.1 Wasgoed sorteren
- Sorteer de was volgens het type stof, kleur, mate van bevuiling en toegestane watertemperatuur.
- Volg altijd de instructies op de kledinglabels.
3.2 Het wasgoed op het wassen voorbereiden
- Wasgoed met metalen delen zoals beugelbeha's, gespen of metalen knopen zullen de machine beschadigen. Verwijder de metalen stukken of was de kleding in een waszak of kussensloop.
- Neem alle substanties uit de zakken zoals munten, pennen en paperclips, en draai de zakken binnenstebuiten en borstel ze uit. Soortgelijke voorwerpen kunnen het product beschadigen of lawaai veroorzaken.
- Doe kleine kledingstukken zoals babysokjes en nylon kousen in een waszak of kussensloop.
- Doe gordijnen erin zonder deze samen te drukken. Verwijder bevestigingshaken van de gordijnen.
- Sluit ritssluitingen, naai losse knopen vast en herstel scheuren.
- "Was machinewasbare of handwasbare producten enkel met een geschikt programma.
- Was geen kleuren en witgoed samen. Nieuwe, donker gekleurde katoenen stoffen geven veel kleur af. Was ze afzonderlijk.
- Hardnekkige vlekken moeten zorgvuldig behandeld worden voor het wassen. Informeer bij een stomerij indien u niet zeker bent.
- Gebruik enkel verfstoffen en antikalkproducten die geschikt zijn voor de wasmachine. Volg altijd de instructies op de verpakking.
- Was broeken en fijn wasgoed binnenstebuiten.
- Leg angora wollen spullen een paar uur in de vriezer voor het wassen. Dit vermindert pluizen.
- Wasgoed bevuild met materialen zoals bloem, kalkstof, melkpoeder enz. moet goed uitgeschud worden voor het in de machine wordt geplaatst. Zulk stof en poeder op het wasgoed kan zich mettertijd opstapelen op de binnendelen van de machine en schade veroorzaken.
3.3 Dingen die u moet doen voor energiebesparing
De volgende informatie zal u helpen het product op een ecologische en energiebesparende manier te gebruiken.
3.4 Eerste gebruik
Verzeker u ervan dat, voordat u het product in gebruik neemt, alle voorbereidingen gemaakt zijn overeenkomstig de instructie in de secties "Belangrijke veiligheidsinstructies" en "Installatie".
Om het product voor te bereiden op het wassen van wasgoed voert u de eerste handeling uit in het Trommelreinigingsprogramma. Als uw product niet is uitgerust met een Trommelreinigingsprogramma, voer dan de procedure voor Eerste Gebruik uit in overeenstemming met de methoden beschreven onder "5.2 Het reinigen van de laaddeur en de trommel" van de handleiding.

Gebruik een antikalkmiddel dat geschikt is voor wasmachines.
Er kan wat water achtergebleven zijn in het product door de kwaliteitscontroleprocessen in de productie. Dit is niet schadelijk voor de machine.
3.5 Juiste laadcapaciteit
De maximum laadcapaciteit hangt af van het type was, de mate van bevuiling en het gewenste wasprogramma. De machine past de hoeveelheid water aan aan het gewicht van de lading wasgoed.

WAARSCHUWING: Volg de informatie in de "Tabel programma en verbruik" op. Indien overladen zal de machineprestatie afnemen. Bovendien kunnen er zich lawaai- en trilproblemen voordoen.
3.6 Het wasgoed laden
- Open de laaddeur.
- Plaats de was losjes in de machine.
- Duw de laaddeur dicht tot u een kliksluiting hoort. Zorg dat er niets tussen de deur is geraakt.

De laaddeur is vergrendeld als een programma draait. De deur kan alleen even nadat het programma is beeindigd, worden geopend.

WAARSCHUWING: Indien het wasgoed niet goed geladen is, kunnen zich lawaai- en trilproblemen voordoen in de machine.
3.7 Wasmiddel en wasverzachter gebruiken

Indien u wasmiddeltabletten, wasverzachter, stijfsel, kleurstof, bleek of antikalk gebruikt, lees dan de instructies van de fabrikant op de verpakking zorgvuldig en volg de doseringswaarden op. Gebruik indien mogelijk een maatbeker
Wasmiddellade
De wasmiddellade bestaat uit drie vakken.
- (1) voor voorwas
- (2) voor hoofdwas
– (3) voor wasverzachter
- (*) bovendien bevindt zich een sifon in het wasverzachtervak.

Wasmiddel, wasverzachter en andere reinigingsmiddelen
- Voeg wasmiddel en wasverzachter toe voor het starten van het wasprogramma.
- Open de wasmiddellade nooit terwijl het wasprogramma bezig is!
- Indien u een programma draait zonder voorwas, doe dan geen wasmiddel in het voorwasvak (vaknr. "1").
- Indien u een programma draait met voorwas, doe dan geen vloeibaar wasmiddel in het voorwasvak (vaknr. "1").
- Selecteer geen programma met voorwas als u een wasmiddelzak of wasmiddelbol gebruikt. Plaats de zak of de bol direct tussen de was in de machine.
- Indien u vloeibaar wasmiddel gebruikt, vergeet dan niet de houder voor vloeibaar wasmiddel in het hoofdwasvak te plaatsen (vaknr. "2").
Het wasmiddeltype kiezen
Het type te gebruiken wasmiddel hangt af van het type en de kleur van de stof.
- Gebruik verschillende wasmiddelen voor gekleurde en witte kleding.
- Was uw fijne kleding met speciale wasmiddelen (vloeibaar wasmiddel, wolwasmiddel, enz.) wat alleen gebruikt wordt voor fijne kleding.
- Voor het wassen van donkere kleding en dekens is het aanbevolen een vloeibaar wasmiddel te gebruiken.
- Was wol met een speciaal wolwasmiddel.

WAARSCHUWING: Gebruik enkel wasmiddelen die specifiek voor de wasmachine zijn bestemd.
WAARSCHUWING: Gebruik geen zeeppoeder.
De hoeveelheid wasmiddel aanpassen
De te gebruiken hoeveelheid wasmiddel hangt af van de hoeveelheid was, de mate van bevuiling en de waterhardheid.
- Gebruik niet meer dan de doseerhoeveelheid aanbevolen op de verpakking van het wasmiddel om problemen te vermijden van buitensporig schuim, slecht spoelen,
financiële besparingen en tenslotte milieubescherming.
- Gebruik minder wasmiddel voor kleine hoeveelheden of lichtbevuilde kleding.
Wasverzachters gebruiken
Plaats de verzachter in het wasverzachtervak van de wasmiddellade.
- Overschrijd het (>max<) niveau in het wasverzachtervak niet.
- Indien de verzachter niet erg vloeibaar meer is, verdun deze dan met water voor u deze in de wasmiddellade plaatst.
Vloeibare wasmiddelen gebruiken
Als het product voorzien is van een houder voor vloeibaar wasmiddel:
- Verzeker u ervan dat u de houder voor vloeibaar wasmiddel in het vaknr. "2".
- Indien het vloeibare wasmiddel niet erg vloeibaar meer is, verdun het dan met water voor u dit in de houder voor vloeibaar wasmiddel doet.

| Kleding |
| Lichte kleuren en witte was(Aanbevolen temperatuur op basis van de vuilgraad: 40-90 °C) |
| Bevuilingsgraden | Zwaarbevuild(moeilijke vlekken zoals gras, koffie, fruit en bloed.) | Mogelijk moeten vlekken worden voorbehandeld of is voorwas nodig. Poederwasmiddelen en vloeibare wasmiddelen aanbevolen voor witte was kunnen in de aanbevolen doses worden gebruikt voor sterk bevuild wasgoed. Het is raadzaam poederwasmiddelen te gebruiken om klei en vuilvlekken en vlekken die gevoelig zijn voor bleekmiddelen schoon te maken. |
| Normaal bevuild(Bijvoorbeeld voor vlekken veroorzaakt door het lichaam op kragen en polsen) | Poederwasmiddelen en vloeibare wasmiddelen aanbevolen voor witte was kunnen in de aanbevolen doses worden gebruikt voor normaal bevuild wasgoed. |
| Lichtbevuild(zonder zichtbare vlekken.) | Poederwasmiddelen en vloeibare wasmiddelen aanbevolen voor witte was kunnen in de aanbevolen doses worden gebruikt voor licht bevuild wasgoed. |
| Kleding |
| Kleuren |
| (Aanbevolen temperatuur op basis van de vuilgraad: koud -40 °C) |
| Bevuilingsgraden | Zwaarbevuild | Poederwasmiddelen en vloeibare wasmiddelen aanbevolen voor gekleurde was kunnen in de aanbevolen doses worden gebruikt voor sterk bevuild wasgoed. Het is raadzaam poederwasmiddelen te gebruiken om klei en vuilvekken en vlekken die gevoelig zijn voor bleekmiddelen schoon te maken. Gebruik wasmiddelen zonder bleekmiddelen. |
| Normaal bevuild | Poederwasmiddelen en vloeibare wasmiddelen aanbevolen voor gekleurde was kunnen in de aanbevolen doses worden gebruikt voor normaal bevuild wasgoed. Gebruik wasmiddelen zonder bleekmiddelen. |
| Lichtbevuild | Poederwasmiddelen en vloeibare wasmiddelen aanbevolen voor gekleurde was kunnen in de aanbevolen doses worden gebruikt voor licht bevuild wasgoed. Gebruik wasmiddelen zonder bleekmiddelen. |
| Donkere kleuren(Aanbevolen temperatuur op basis van de vuilgraad: koud -40 °C) |
| Bevuilingsgraden | Zwaarbevuild | Vloeibare wasmiddelen geschikt voor gekleurde was en donkere kleuren kunnen in de aanbevolen doses worden gebruikt voor sterk bevuild wasgoed. |
| Normaal bevuild | Vloeibare wasmiddelen geschikt voor gekleurde was en donkere kleuren kunnen in de aanbevolen doses worden gebruikt voor normaal bevuild wasgoed. |
| Lichtbevuild | Vloeibare wasmiddelen geschikt voor gekleurde was en donkere kleuren kunnen in de aanbevolen doses worden gebruikt voor licht bevuild wasgoed. |
| Fijne was / wol / zijde(Aanbevolen temperatuur op basis van de vuilgraad: koud -30 °C) |
| Bevuilingsgraden | Zwaarbevuild | Geef de voorkeur aan vloeibare wasmiddelen die speciaal werden ontwikkeld voor fijne was. Wol en zijde moet worden gewassen met speciaal daartoe ontwikkelde wasmiddelen. |
| Normaal bevuild | Geef de voorkeur aan vloeibare wasmiddelen die speciaal werden ontwikkeld voor fijne was. Wol en zijde moet worden gewassen met speciaal daartoe ontwikkelde wasmiddelen. |
| Lichtbevuild | Geef de voorkeur aan vloeibare wasmiddelen die speciaal werden ontwikkeld voor fijne was. Wol en zijde moet worden gewassen met speciaal daartoe ontwikkelde wasmiddelen. |
Als het product niet voorzien is van een houder voor vloeibaar wasmiddel:
- Gebruik geen vloeibaar wasmiddel voor de voorwas in een programma met voorwas.
- Vloeibaar wasmiddel bevlekt uw kleding indien gebruikt met de Uitgestelde Start-functie. Als u de Uitgestelde Start-functie gaat gebruiken, gebruik dan geen vloeibaar wasmiddel.
Gebruik van gel en wasmiddeltabletten
Gebruik de volgende instructies wanneer u een wastablet, gel of gelijkaardige wasmiddelen gebruikt.
- Als het gelwasmiddel vloeibaar is en uw machine niet voorzien is van een speciale houder voor vloeibaar wasmiddel, doe het gelwasmiddel dan in het hoofdwasvak tijdens de eerste watertoevoer. Als uw machine voorzien is van een houder voor vloeibaar wasmiddel, doet u het wasmiddel in deze houder voor u de machine start.
- Als het gelwasmiddel niet vloeibaar is of in een capsule zit, doe deze dan direct in de trommel voor het wassen.
- Doe de wasmiddeltabletten in het hoofdwasvak (vaknr. "2") of direct in de trommel voor het wassen.

Wasmiddeltabletten kunnen resten in het wasmiddelvak achterlaten. Indien u dit verneemt, doe de wasmiddeltabletten dan in het vervolg tussen het wasgoed, dichtbij het onderste gedeelte van de trommel.
Gebruik wasmiddeltabletten of -gel zonder de voorwasfunctie te selecteren.
Het gebruik van stijfsel
- Voeg vloeibaar stijfse, poederstijfse of verfstof in het wasverzachtervak.
- Gebruik wasverzachter en stijfsel niet samen in een wascyclus.
- Neem de binnenkant van de machine met een vochtige en schone doek af na het gebruik van stijfsel.
Gebruik van bleekmiddel
- Selecteer een programma met voorwas en voeg bleekmiddel toe aan het begin van de voorwas. Doe geen wasmiddel in het voorwasvak. Als alternatieve toepassing selecteert u een programma met extra spoeling en voegt u bleekmiddel toe terwijl de machine water neemt van het wasmiddelvak tijdens de eerste spoelfase.
- Gebruik geen bleekmiddel gemengd met wasmiddel.
- Gebruik een kleine hoeveelheid (circa 50 ml) bleekmiddel en spoel de kleding goed uit, want dit veroorzaakt huidirritatie. Giet geen bleekmiddel op de kleding en gebruik het niet op gekleurde kleding.
- Bij gebruik van op zuurstof gebaseerde bleekmiddelen, kies dan een programma met een lagere temperatuur.
- Op zuurstof gebaseerde bleekmiddelen kunnen samen gebruikt worden met wasmiddelen; maar als de consistentie niet gelijk is aan die van het wasmiddel, doe dan het wasmiddel eerst in het vaknr. "2" in de wasmiddellade en wacht tot het wasmiddel weggespoeld wordt terwijl de machine water opneemt. Voeg het bleekmiddel aan hetzelfde vak toe terwijl de machine nog steeds water opneemt.
Antikalkproducten gebruiken
- Gebruik, indien nodig, enkel antikalkmiddelen die speciaal bestemd zijn voor wasmachines.
4.1 Bedieningspaneel

text_image
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
1 - Programmakeuzeknop
2 - Temperatuurseselectieleds
3 - Selectieleds centrifugeersnelheid
4 - Informatiescherm tijdsduur
5 - Led kinderslot ingeschakeld
6 - Instellingsknop eindtijd
7 - Led deurslot ingeschakeld
8 - Indicatorleds programmaverloop
9 - Aan- / Uit-knop
10 - Start- / Pauze-knop
11 - Hulpfunctieknoppen
12 - Knop voor centrifugeersnelheidaanpassing
13 - Knop voor temperatuuraanpassing
14 - Programmakeuzeleds
4.2 Programmakeuze
1 Bepaal het geschikte programma voor het type, de hoeveelheid en de bevuilingsgraad van de was overeenkomstig met de "Tabel programma en verbruik".
2 Selecteer het gewenste programma met de knop "Programmakeuze".
| De programma's zijn beperkt tot de hoogste centrifugeersnelheid die geschikt is voor dat bepaalde type stof. |
| Bij het kiezen van het programma dient u altijd rekening te houden met het type materiaal, de kleur, bevuilingsgraad en toegestane watertemperatuur. |
| Verkies altijd de laagst mogelijke temperatuur die geschikt is voor uw type wasgoed. Hogere temperaturen betekenen een hoger stroomverbruik. |
4.3 Programma's
- Katoen
Gebruik het voor uw katoenen wasgoed (zoals lakens, dekbedhoes- en kussensloopsets, handdoeken, badjassen, ondergoed, enz.) Uw wasgoed zal met krachtige wasbewegingen worden gewassen tijdens een langere wascyclus.
- Synthetisch
Gebruik het om uw synthetische kleding te wassen (overhemden, bloezen, synthetisch/katoenmengsels, enz.). Het programma wast met langzamere bewegingen en heeft een kortere wascyclus in vergelijking met het programma "Katoen".
Gebruik voor gordijnen en voile het programma "Synthetisch 40°C" met voorwas en antikreukfuncties geselecteerd. Omdat hun netweefsel overmatig schuimen veroorzaakt, wast u de vitrages/voile met een kleine hoeveelheid
wasmiddel in het hoofdwasvak. Doe geen wasmiddel in het voorwasvak.
• Wol
Gebruik het om uw wollen kleding te wassen. Selecteer de geschikte temperatuur overeenkomstig de labels in uw kleding. Gebruik een wolwasmiddel voor wol.
- Katoen Eco
Gebruik het om uw normaal bevuilde, duurzaam katoenen en linnen wasgoed te wassen. Hoewel het wasprogramma langer duurt dan alle andere programma's, levert het een grote energie- en waterbesparing op. De werkelijke watertemperatuur kan afwijken van de vermelde wastemperatuur. Als u de machine met minder wasgoed vult (bijv. ½ capaciteit of minder) kan de programmatijd automatisch korter worden. Op deze manier wordt het verbruik van energie en water verminderd en zorgt zo voor een economisch wasbeurt. Dit programma is beschikbaar op modellen met de resttijdindicator.
- BabyProtect
Gebruik dit programma voor uw wasgoed waar u een anti-allergie en hygiënisch wasprogramma voor wilt op hoge temperaturen met intensieve en lange wascycli.
- Delicaat 20°
Gebruik het om uw fijne was te wassen. Het programma wast vergeleken met het programma "Synthetisch" met langzamere bewegingen zonder tussentijds centrifugeren. Het is bedoeld voor wasgoed waar fijn wassen voor wordt aanbevolen.
- Handwas
Gebruik het om uw wol/fijne was met het label "niet machinewasbaar" waarvoor handwas aanbevolen is, te wassen. De was wordt met zeer langzame wasbewegingen gewassen om het wasgoed niet te beschadigen.
• Daily Xpress (Mini)
Gebruik dit programma om uw lichtvervuilde katoenen kleding snel te wassen.
• Xpress Super Short (Mini 14)
Gebruik het om uw licht bevuilde of vlekkeloze katoenen kleding snel te wassen.
- Donker Textiel
Gebruik dit programma om uw donkergekleurde was te wassen of gekleurde was waarvan u de kleur niet wilt vervagen. Het wassen wordt uitgevoerd met weinig mechanische beweging en bij lage temperaturen. Het wordt aanbevolen om vloeibaar wasmiddel of wolwasmiddel te gebruiken voor donkergekleurde was.
- Mix 40
Gebruik dit programma om uw katoenen en synthetische wasgoed samen te wassen zonder deze te sorteren.
- Hemden
Gebruik het om katoenen en synthetische overhemden, evenals gemengd synthetische stoffen samen te wassen.
- Aqua 40° / 40'
Gebruik dit programma om uw licht bevuilde of vlekkeloze katoenen kleding snel te wassen.
Gebruik dit programma om de geur te verwijderen uit wasgoed dat een maal is gedragen en geen vlekken of vuil bevat.
- Spoelen
Gebruik het wanneer u afzonderlijk wilt spoelen of stijven.
- Centrifugeren+Pompen
Gebruik het om het water in de machine weg te pompen.
4.4 Temperatuurkeuze
Telkens wanneer een nieuw programma is geselecteerd, verschijnt de aanbevolen temperatuur voor dat geselecteerde programma op de temperatuurindicator. Om de temperatuur te verlagen, drukt u opnieuw op de knop "Aanpassing Temperatuur". De temperatuur zal geleidelijk afnemen.

Als het programma het verwarmingsproces nog niet heeft bereikt, kunt u de temperatuur aanpassen zonder de machine in de Pauze-stand te zetten.
4.5 Selectie centrifugeersnelheid
Wanneer een nieuw programma is geselecteerd, wordt de aanbevolen centrifugeersnelheid van het geselecteerde programma weergegeven op de indicator van de centrifugeersnelheid.
Om de centrifugeersnelheid te verminderen, drukt u op de knop Aanpassing Centrifugeren. De centrifugeersnelheid zal geleidelijk verminderen.
Dan verschijnen, afhankelijk van het productmodel, "Spoelstop" en "Niet Centrifugeren" opties op het scherm. Zie "Hulpfunctiekeuze" paragraaf voor uitleg van deze opties.

Als het programma het centrifugeerproces nog niet heeft bereikt, kunt u de snelheid aanpassen zonder de machine in de Pauze-stand te zetten
| Indicatieve waarden voor synthetische programma's (FL) |
| Lading (kg) | Waterverbruik (l) | Energieverbruik (kWu) | Programmadaur (min)* | Resterend vochtgehalte (%) **≤ 1000 rpm | Resterend vochtgehalte (%) **> 1000 rpm |
| Synthetisch 60 | 3 | 52 | 1.10 | 01:57 | 45 | 40 |
| Synthetisch 40 | 3 | 49 | 0.60 | 01:57 | 45 | 40 |
| * U kunt de wastijdsduur van het geselecteerde programma zien op het scherm van de machine. Het is normaal dat zich kleine veranderingen voordoen tussen de aangegeven tijd op het scherm en de werkelijke wastijd. |
| ** Waarden van het resterend vochtgehalte kunnen verschillen van de geselecteerde centrifugeersnelheid. |
4.6 Tabel programma en verbruik
| FL | | Hulpfunctie | |
| Programma (°C) | Max. Lading (kg) | Waterbruik (l) | Energieverbruik (kWh) | Max. Snelheid*** | Voorwas | Express Wassen | Extra Spoelen | Spoelstop | Selecteerbaar temperatuurbereik in °C |
| Katoen Eco | 60** | 7 | 44 | 0.97 | 1600 | | | | | Koud-60 |
| 60** | 3.5 | 38 | 0.59 | 1600 | | | | | Koud-60 |
| 40** | 3.5 | 38 | 0.59 | 1600 | | | | | Koud-60 |
| Katoen | 90 | 7 | 70 | 2.20 | 1600 | ● | ● | ● | ● | Koud-90 |
| 60 | 7 | 70 | 1.55 | 1600 | ● | ● | ● | ● | Koud-90 |
| 40 | 7 | 67 | 0.90 | 1600 | ● | ● | ● | ● | Koud-90 |
| Synthetisch | 60 | 3 | 52 | 1.10 | 1200 | ● | ● | ● | ● | Koud-60 |
| 40 | 3 | 49 | 0.60 | 1200 | ● | ● | ● | ● | Koud-60 |
| Daily Xpress | 90 | 1.5 | 49 | 0.25 | 1200 | | | | ● | Koud-90 |
| 60 | 1 | 40 | 0.25 | 1200 | | | | | Koud-90 |
| 30 | 7 | 85 | 1.90 | 1600 | | | | * | Koud-90 |
| Xpress Super Short | 30 | 3 | 60 | 0.60 | 1000 | ● | ● | ● | * | Koud-30 |
| Hemden | 60 | 3.5 | 57 | 1.00 | 800 | ● | ● | * | ● | Koud-60 |
| Wol | 40 | 3.5 | 60 | 0.70 | 1000 | ● | ● | ● | | Koud-40 |
| Handwas | 30 | 7 | 45 | 0.60 | 1400 | | | | | Koud-30 |
| Donker Textiel | 40 | 3.5 | 45 | 0.15 | 1200 | | | ● | ● | Koud-40 |
| Aqua 40'/40° | 40 | 2 | 95 | 0.40 | 1600 | | | | * | Koud-40 |
| Mix 40 | 40 | 2 | 35 | 0.15 | 1400 | | | | ● | Koud-40 |
| BabyProtect | 60 | 7 | 67 | 2.00 | 1400 | | | | ● | 90-30 |
| Hygiene 20° | 20 | 7 | 67 | 1.10 | 1400 | | | | ● | 20 |
| Delicaat 20° | 20 | 7 | 67 | 0.25 | 1400 | | | | ● | 20 |
• : Selecteerbaar.
* : Automatisch geselecteerd, kan niet worden geannuleerd.
** : Energielabelprogramma (EN 60456 Ed.3)
*** : Als de maximale centrifugeersnelheid van de machine lager is als deze waarde, kunt u enkel tot de maximale centrifugeersnelheid selecteren.
**** : Het programma neemt het type en de hoeveelheid wasgoed dat u in de machine heeft geplaatst waar en past automatisch het waterverbruik, energieverbruik en programmaduur aan.
- : Zie de programmabeschrijving voor maximale lading.
 | ** "Katoen eco 40°C en katoen eco 60°C zijn de standaard programma's." Deze programma's staan bekend als 'standaard programma katoen 40°C' en 'standaard programma katoen 60°C' en zijn op het paneel aangeduid met de symbolen 40^ 60^ . |
| [c5DK] | De hulpfuncties in de tabel kunnen verschillen afhankelijk van het model van uw machine. |
| Het water- en stroomverbruik kan afwijken door veranderingen in de waterdruk, waterhardheid en watertemperatuur, omgevingstemperatuur, type en hoeveelheid was, selectie van hulpfuncties en centrifugeersnelheid en schommelingen in de netspanning. |
| U kunt de wastijdsduur van het geselecteerde programma zien op het scherm van de machine. Het is normaal dat zich kleine veranderingen voordoen tussen de aangegeven tijd op het scherm en de werkelijke wastijd. "Keuzepatronen voor hulpfuncties kunnen door de fabrikant gewijzigd worden. Nieuwe keuzepatronen kunnen worden toegevoegd of verwijderd." "De centrifigueersnelheid van uw machine kan afhankelijk van het programma verschillen, echter kan deze snelheid de maximale snelheid van uw machine niet overschrijden." |
| "De fabrikant behoudt zich het recht voor om aanpassingen te maken in de programma's en hulpfuncties die in de tabel worden gegeven. Hoewel deze aanpassingen de machinewerking niet wijzigen, kunnen programmastappen en tijdsduur wijzigen." |
4.7 Selectie van hulpfuncties
Selecteer de gewenste hulpfuncties voor u het programma start.
Als een programma wordt gekozen of als een relevante hulpfunctie wordt gekozen, gaat de gerelateerde indicator branden.

Indicatorlampjes van de hulpfuncties die niet gekozen kunnen worden met het huidige programma zullen knipperen en er wordt een geluidssignaal weergegeven.
U kunt ook hulpfuncties kiezen of annuleren die geschikt zijn voor het programma dat draait nadat de wascyclus start. Als de wascyclus een punt heeft bereikt dat er geen hulpfunctie gekozen kan worden, wordt een geluidswaarschuwing gegeven en zal het gerelateerde lampje van de hulpfunctie knipperen.

Sommige functies kunnen niet samen worden geselecteerd. Indien voordat de machine start een tweede hulpfunctie niet samen blijkt te gaan met de eerste geselecteerde, zal de eerst geselecteerde functie geannuleerd worden en de tweede hulpfunctie in werking blijven. Indien u bijvoorbeeld Kort Wassen wilt selecteren nadat u Extra water heeft geselecteerd, zal Extra water geannuleerd worden en Kort Wassen in werking blijven.
Een hulpfunctie die niet compatibel is met het programma, kan niet worden geselecteerd. (Zie "Tabel programma en verbruik")
Bepaalde programma's hebben hulpfuncties die tegelijkertijd moeten worden gebruikt. Deze functies kunnen niet worden geannuleerd. Het kader van de hulpfunctie brandt niet, alleen het binnenste deel licht op.
- Voorwas
A Voorwas is enkel nuttig bij zeer vuile was. Als u geen voorwas gebruikt, bespaart u energie, water, wasmiddel en tijd.
- Express Wassen
Deze functie kan worden gebruikt voor programma's voor katoen en synthetische stoffen. Ze vermindert de wastijd en ook het aantal spoelcycli voor licht bevuild wasgoed.

Telkens wanneer u deze functie selecteert, laadt u de machine met de helft van de maximale hoeveelheid wasgoed die aangegeven staat in de programmatabel.
Deze functie laat de machine een extra spoelbeurt uitvoeren naast de spoelbeurt die al is uitgevoerd na de hoofdwas.
Zo kan het risico voor de gevoelige huid (baby's, allergische huid, enz.) als gevolg van de minimale wasmiddelresten op het wasgoed worden gereduceerd.
4.8 Eindtijd
Met de Eindtijd-functie kan het starten van het programma tot 24 uur uitgesteld worden. Nadat u op de knop
Eindtijd hebt gedrukt, wordt de geschatte eindtijd van het programma weergegeven. Als de Eindtijd wordt aangepast, brandt de Eindtijd-indicator.
Om de Eindtijd-functie te activeren en het programma op een bepaald moment te laten eindigen, moet u de na instelling
van de tijd de knop Start / Pauze indrukken.
Indien u de Eindtijdfunctie wilt annuleren, drukt u op de knop Aan / Uit om de machine uit en aan te zetten.

Gebruik geen vloeibare wasmiddelen als u de Eindtijdfunctie activeert! Er bestaat een risico op bevlekking van de kleding.
1 Open de laaddeur, plaats het wasgoed en doe er wasmiddel in, enz.
2 Selecteer het wasprogramma, temperatuur, centrifugeersnelheid en, indien gewenst, de hulpfuncties.
3 Stel de gewenste eindtijd in door op de knop Eindtijd te drukken. Eindtijd-indicator brandt.
4 Druk op de knop Start / Pauze. Aftellen van de tijd begint. “:” teken in het midden van de eindtijd op het scherm begint te knipperen.

Tijdens de aftelling van de Eindtijd kan extra wasgoed worden geladen. Aan het eind van de aftelling verdwijnt de Eindtijd-indicator, begint de wascyclus en verschijnt de tijd van het gekozen programma op het scherm.
Wanneer de Eindtijdkeuze is afgerond, verschijnt de tijd op het scherm. Deze bestaat uit de eindtijd plus de duur van het gekozen programma.
4.9 Het programma starten
- Druk op de knop Start / Pauze om het programma te starten.
- Het programmaverlooplampje dat het opstarten van het programma weergeeft, begint te branden.

Als binnen 1-10 minuten tijdens het programmakeuzeproces er geen programma wordt gestart of geen enkele knop wordt ingedrukt, schakelt de machine naar de UIT-stand. Scherm en alle indicatoren zijn uit.
Als u op de knop Aan / Uit drukt, worden de geselecteerde programmagegevens weergegeven.
4.10 Laaddeurvergrendeling
De laaddeur van de machine heeft een vergrendelingssysteem dat voorkomt dat de deur opent indien het waterniveau dat niet kan toelaten.
Led van de deurvergrendeling verschijnt in het paneel wanneer de laaddeur wordt vergrendeld.
4.11 De keuzes wijzigen nadat het programma gestart is
Nadat het programma gestart is kunt u de volgende wijzigingen doorvoeren:
4.11.1 Het programma in de pauzemodus zetten:
Druk tijdens het draaien van het programma op de knop Start/Pauze om de machine over te schakelen op de pauzestand. Het lampje dat de Start / Pauze-status en de programmastap aangeeft gaat knipperen op de programmaverloopindicator om aan te geven dat de machine op de pauzemodus gezet is. Ook zal het laaddeurlampje knipperen totdat de deur geopend kan worden. Als de deur geopend kan worden, gaat het laaddeurlampje uit en gaat de programmastapindicator en het Start / Stop-led knipperen.
Als de deur geopend kan worden, gaat naast het programmastaplampje ook het laaddeurlampje uit.
4.11.2 Veranderen van de hulpfunctie, snelheid en temperatuur
Afhankelijk van de programmastap die bereikt is kunt u de hulpfuncties annuleren of selecteren. Zie "Selectie van hulpfuncties".
U kunt ook de snelheid- en temperatuurinstellingen wijzigen. Zie "Centrifugeersnelheidkeuze" en "Temperatuurkeuze".

Als de wijziging niet toegestaan is zal het relevante lampje 3 keer knipperen.
4.11.3 Toevoegen of uitnemen van wasgoed
- Druk op de knop Start / Pauze om de machine over te schakelen op de pauzemodus. Het lampje van het relevante programma, waarin de machine zich bevond toen deze in de pauzestand werd gezet, zal knipperen.
- Wacht tot de laaddeur geopend kan worden.
- Open de laaddeur en voeg wasgoed toe of neem wasgoed uit.
- Sluit de laaddeur.
- Wijzig, indien nodig, de hulpfuncties, temperatuur en snelheidsinstellingen.
- Druk op de knop Start/Pauze om het programma te starten.
4.12 Kinderslot
Gebruik de Kinderslotfunctie om te voorkomen dat kinderen aan de machine komen. Zo kunt u voorkomen dat er zich wijzigingen in een draaiend programma voordoen.

U kunt de machine aan of uit zetten met de Aan
/ Uit-knop terwijl het Kinderslot ingeschakeld is.
Als u de machine weer aanzet zal het programma verdergaan waar het was gestopt.
4.12.1 Om het kinderslot te activeren:
- Houd knop 2 Hulpfunctie gedurende 3 seconden ingedrukt. In het programmakeuzescherm op het paneel gaat het lampje "Kinderslot ingeschakeld" aan. Laat knop 2 Hulpfunctie los als deze waarschuwing wordt weergegeven.
4.12.2 Om het kinderslot uit te schakelen:
- Houd knop 2 Hulpfunctie gedurende 3 seconden ingedrukt. In het programmakeuzescherm op het paneel gaat het lampje "Kinderslot ingeschakeld" uit.
4.13 Het programma annuleren
Het programma wordt geannuleerd wanneer de machine wordt uit- en ingeschakeld. Druk de knop Aan / Uit in en houd deze gedurende 3 seconden ingedrukt.

Wanneer u Aan / Uit-knop indrukt terwijl het Kinderslot ingeschakeld is, wordt het programma niet geannuleerd. U moet eerst het Kinderslot uitschakelen.
Indien u de laaddeur wilt openen nadat u het programma heeft geannuleerd, maar dit blijkt niet mogelijk door een te hoge waterstand, draai dan de Programmakeuzeknop op het
Pomp+Centrifugeer-programma en laat het water uit de machine lopen.
4.14 Einde van het programma
Het led voor einde verschijnt op het display als het programma beëindigd is.
Als u gedurende 10 minuten geen enkele knop indrukt, gaat de machine UIT (OFF-modus). Scherm en alle indicatoren zijn uit.
Voltooide programmastappen worden weergegeven als u op de knop Aan / Uit drukt.
4.15 Uw machine heeft een "Stand-by-modus".
Als u uw machine heeft ingeschakeld met de Aan/Uitknop en er geen programma wordt gestart of er geen andere procedure wordt uitgevoerd bij de selectiestap of er binnen circa 10 minuten na beëindiging van het gekozen programma geen actie wordt ondernomen, schakelt uw machine automatisch naar de UIT-stand. Scherm en alle indicatoren zijn uit. Als u op de knop Aan / Uit drukt, worden de geselecteerde programmagegevens weergegeven. Controleer voordat u het programma start of u de juiste keuzes hebt gemaakt. Herhaal ze, indien nodig. Dit is geen defect.
5 Onderhoud en reiniging
Indien op regelmatige basis gereinigd zal de levensduur van het product worden verlengd en veelvoorkomende problemen verminderd.
5.1 Schoonmaken van de wasmiddellade
Reinig het wasmiddelbakje regelmatig (om de 4-5 wascycli) zoals hieronder wordt aangegeven, om de ophoping van poederwasmiddel op langere termijn te voorkomen.

Til voor verwijdering het achtergedeelte van de sifon op, zoals afgebeeld.

Als zich meer dan een normale hoeveelheid water en wasverzachtermengsel in het wasverzachtervak verzamelt, moet de sifon worden gereinigd.
2 Reinig de wasmiddellade en de sifon met voldoende lauw water in een wasbak. Draag beschermende handschoenen of gebruik een geschikte borstel om te vermijden dat de resten in het bakje bij het reinigen in aanraking komen met uw huid.
3 Na het reinigen plaatst u de sifon terug op zijn plek en drukt u zijn voorste gedeelte naar beneden om zeker te zijn dat de vergrendellip vast zit.
5.2 Het reinigen van de laaddeur en de trommel
Resten van wasverzachter, wasmiddel en vuil kunnen zich met de tijd ophopen in uw machine en onaangename geuren en wasklachten veroorzaken. Gebruik om dit te voorkomen het Trommelreinigingsprogramma. Als uw machine niet is uitgerust met het Trommelreiningsprogramma gebruikt u het Katoen-90-programma en selecteert u tevens de hulpfuncties Aanvullend Water of Extra Spoelen. Draai het programma zonder enig wasgoed in de machine. Voor het programma te starten doet u max. 100 g antikalkpoeder in het hoofdwasmiddelvak (vaknr. 2). In geval het een antikalktablet betreft, doe dan een tablet in vak nr. 2. Droog de binnenkant van de machine met een schone doek nadat het programma beëindigd is.

Herhaal het trommelreiningsproces elke 2 maanden.
Gebruik een antikalkmiddel dat geschikt is voor wasmachines.
Zorg na elke wasbeurt dat er geen vreemde stof in de trommel achterblijft.

Als de gaten in het manchet zoals getoond in de afbeelding verstopt zijn kunt u deze openen met een tandenstoker.

Vreemde metalen stoffen veroorzaken roestvlekken in de trommel. Reinig de vlekken op het trommeloppervlak met een reinigingsmiddel voor roestvrij staal. Gebruik nooit staalwol of een pannenspons.

WAARSCHUWING: Gebruik nooit een spons of schuurmaterialen. Deze beschadigen de gelakte en plastic oppervlakken.
5.3 Het reinigen van de kast en het bedieningspaneel
Neem de kast van de machine af met water en zeep of indien nodig met een niet-schurende milde reinigingsgel, en droog met een zachte doek.
Gebruik enkel een zachte en vochtige doek om het bedieningspaneel te reinigen.
5.4 Het reinigen van de watertoevoerfilters
Er bevindt zich een filter aan het uiteinde van elke watertoevoerklep aan de achterkant van de machine en ook aan het uiteinde van elke watertoevoerslang waar deze aangesloten zijn op de kraan. Die filters voorkomen dat vreemde substanties en vuil in het water in de wasmachine terecht kommen. De filters moeten worden gereinigd omdat ze vuil worden.

1 Sluit de kranen.
2 Verwijder de moeren van de watertoevoerslangen om bij de filters op de watertoevoerkleppen te komen. Reinig ze met een geschikte borstel. Als de filters te vuil zijn, verwijdert u ze met een buigtang om ze te reinigen.
3. Verwijder de filters op de platte uiteinden van de watertoevoerslangen met de pakkingen en reinig ze zorgvuldig onder stromend water.
4 Bevestig de pakkingen en filters zorgvuldig terug op hun plaats en draai de moeren van de slang met de hand dicht.
5.5 Resterend water wegpompen en het pompfilter reinigen
Het filtersysteem in uw machine verhindert dat stukken zoals knopen, munten en stofvezels de pomprotor verstoppen tijdens het wegpompen van het water. Zo zal het water zonder problemen weglopen en zal de levensduur van de pomp verlengen.
Indien de machine het water niet kan wegpompen, is de pompfilter verstopt. Het filter dient gereinigd te worden als het verstopt is of minimaal om de 3 maanden. Het water moet eerst weggepompt zijn om de pompfilter te reinigen. Bovendien dient, voordat de machine wordt vervoerd (bijv. als u verhuist) en in geval van bevriezing van het water, het water volledig weggepompt te zijn.

WAARSCHUWING: Vreemde substanties die in het pompfilter achterblijven kunnen uw machine beschadigen of vreemde geluiden veroorzaken.
WAARSCHUWING: Als het product niet in gebruik is, draai dan de kraan dicht, koppel de toevoerslang af en voer het water in de machine af om bevriezing te voorkomen, afhankelijk van de regio van installatie.
WAARSCHUWING: Draai na ieder gebruik de kraan van de toevoerslang van het product dicht.
Ten einde de vuile filter te reinigen en het water weg te pompen:
1 Verwijder de stekker van de machine uit het stopcontact.

WAARSCHUWING: De watertemperatuur in de machine kan oplopen tot 90 °C. Om kans op verbranding te voorkomen, reinigt u het filter nadat het water in de machine is afgekoeld.
2 Open het filterdeksel.

3 Sommige van onze producten hebben een noodafvoerslang en sommige niet. Volg de stappen hieronder om het water weg te pompen.
Wegpompen van het water als het product voorzien is van een noodafvoerslang:

a Trek de noodafvoerslang van zijn plaats
b Zet een grote container bij het uiteind van de slang. Voer het water af in de container door de plug aan het uiteinde van de slang te verwijderen. Blokkeer de toevoer van de slang door de plug terug te plaatsen wanneer de container vol is. Herhaal de bovenstaande procedure nadat de container is geledigd om het water volledig uit de machine te laten lopen.
c Als het water afgevoerd is sluit u het einde weer met de plug en bevestigt u de slang op zijn plaats.
d Draai het pompfilter om het uit te nemen.
Wegpompen van het water als het product niet voorzien is van een noodafvoerslang:

a Plaats een grote container voor de filter om het water uit de filter op te vangen.
b Draai het pompfilter los (tegen de klok in) tot het water eruit begin te lopen. Leid het lopende water in de container die u voor de filter hebt gezet. Houd altijd een doekje bij de hand om gemorst water te absorberen.
c Als het water uit de machine gepompt is neemt u het filter volledig uit door deze te draaien.
4 Reinig alle resten in het filter alsook vezels, indien aanwezig, rondom de pomprotor.
5 Installeer het filter.
6 Als het filterdeksel uit twee stukken bestaat, sluit u het filterdeksel door op het lipje de drukken. Als het een stuk is, plaatst u eerst de lipjes in het lage gedeelte op hun plek en duwt u daarna op het bovendeel om het te sluiten.
Naleving van de door de commissie gedelegeerde reglementering (EU) nr. 1061/2010
| Naam leverancier of handelsnaam | Beko |
| Modelnaam | WMY 71483 LMB2 |
| Nominaal vermogen (kg) | 7 |
| Energie-efficiëntieklasse / Schaal van A+++ (hoogste efficiëntie) tot D (laagste efficiëntie) | A+++ |
| Jaarlijks energieverbruik (kWh) (1) | 169 |
| Energieverbruik van het standaard 60°C katoenprogramma bij volle lading (kWh) | 0.968 |
| Energieverbruik van het standaard 60°C katoenprogramma bij gedeeltelijke lading (kWh) | 0.590 |
| Energieverbruik van het standaard 40°C katoenprogramma bij gedeeltelijke lading (kWh) | 0.590 |
| Stroomverbruik in 'off(uit)-modus' (W) | 0.500 |
| Stroomverbruik in 'left-on(aanlaat)-modus' (W) | 0.500 |
| Jaarlijks waterverbruik (l) (2) | 9020 |
| Centrifugeer-efficiëntieklasse / Schaal van A (hoogste efficiëntie) tot G (laagste efficiëntie) | B |
| Maximale centrifugeersnelheid (rpm) | 1400 |
| Resterende vochtigheid (%) | 53 |
| Standaard katoenprogramma (3) | Katoen Eco 60°C en 40°C |
| Programmaduur van het standaard 60°C katoenprogramma bij volle lading (min) | 208 |
| Programmaduur van het standaard 60°C katoenprogramma bij gedeeltelijke lading (min) | 183 |
| Programmaduur van het standaard 40°C katoenprogramma bij gedeeltelijke lading (min) | 183 |
| Duur van de left-on(aanlaat)-modus (min) | N/A |
| Akoestische luchtgeluidsuitstoot wassen/centrifugeren (dB) | 54/75 |
| Inbouw | Nee |
| Maximale capaciteit droge was (kg) | 7 |
| Hoogte (cm) | 84 |
| Breedte (cm) | 60 |
| Diepte (cm) | 54 |
| Nettogewicht (±4 kg) | 70 |
| Enkele waterinlaat / Dubbele waterinlaat | |
| • Beschikbaar | • / - |
| Elektrische stroom (V/Hz) | 230 V / 50Hz |
| Totale stroom (A) | 10 |
| Totaal vermogen (W) | 2200 |
| Modelcode | 1010 |
(1) Energieverbruik gebaseerd op 220 standaard wasbeurten voor katoenprogramma's op 60°C en 40°C bij volle en gedeeltelijke lading, en het verbruik van lage stroom-modi. Werkelijk energieverbruik hangt af van hoe het apparaat wordt gebruikt.
^2 Waterverbruik gebaseerd op 220 standaard wasbeurten voor katoenprogramma's op 60°C en 40°C bij volle en gedeeltelijke lading. Werkelijk waterverbruik hangt af van hoe het apparaat wordt gebruikt.
(3) "Standaard 60°C katoenprogramma" en het "standaard 40°C katoenprogramma" zijn de standaard wasprogramma's waar de labelinformatie en fiche betrekking op hebben en deze programma's zijn geschikt om normaal bevuild katoenen wasgoed te wassen. Dit zijn de meest efficiënte programma's ten opzichte van gecombineerde energie- en waterverbruik.
Technische specificaties kunnen zonder voorafgaande kennisgeving gewijzigd worden om de kwaliteit van het product te verbeteren.
Programma kan niet worden gestart of geselecteerd.
- De wasmachine is mogelijk overgeschakeld op de zelfbeschermingsmodus vanwege een voedingprobleem (zoals lijnspanning, waterdruk, enz.). >>> Om het programma de annuleren draait u de Programmakeuzeknop om een ander programma te kiezen. Het vorige programma wordt geannuleerd. (Zie "Annuleren van het programma")
- Er kan wat water achtergebleven zijn in het product door de kwaliteitscontroleprocessen in de productie. >>> Dit is geen fout; water is niet schadelijk voor de machine.
Machine trilt of maakt lawaai.
- De machine staat mogelijk uit evenwicht. >>> Stel de poten om de machine waterpas te zetten.
- Er kan iets hards in het pompfilter terechtgekomen zijn. >>> Reinig de pompfilter.
- De transportbeveiligingsbouten zijn niet verwijderd. >>> Verwijder de transportbeveiligingsbouten.
- De hoeveelheid wasgoed in de machine kan te weinig zijn. >>> Voeg meer was toe aan de machine.
- De machine kan overladen zijn met wasgoed. >>> Neem wat wasgoed uit de machine of verdeel het beter met de hand voor meer evenwicht in de machine.
- De machine leunt op een onbuigzaam voorwerp.. >>> Zorg ervoor dat de machine nergens op leunt.
De machine is gestopt kort nadat het programma werd gestart.
- De machine kan tijdelijk gestopt zijn omwille van een lage spanning. >>> De machine zal het draaien hervatten wanneer de spanning terug op het normale niveau is.
Programmatijd loopt niet terug. (Op modellen met scherm)
- Tijdschakelaar stopt tijdens toevoer van water. >>> Tijdschakelaarindicator loopt niet terug voordat de machine voldoende water heeft. De machine zal wachten tot er voldoende water is om slechte wasresultaten te vermijden omwille van een gebrek aan water. De tijdschakelaarindicator zal het teruglopen hierna hervatten.
- Tijdschakelaar stopt tijdens verwarming. >>> De tijdschakelaarindicator loopt niet terug voordat de machine de geselecteerde temperatuur heeft bereikt.
- Tijdschakelaar stopt tijdens centrifugeren. >>> Het automatische waarnemingssysteem voor onevenwichtige lading kan geactiveerd zijn door een onevenwichtige verdeling van het wasgoed in de trommel.
- De machine schakelt niet naar de centrifugeerfase wanneer het wasgoed niet evenwichtig verdeeld is in de trommel om schade aan de machine en zijn omgeving te vermijden. Het wasgoed moet worden herverdeeld en opnieuw gecentrifugeerd worden.
Er komt schuim uit de wasmiddellade.
- Er is teveel wasmiddel gebruikt. >>> Meng 1 eetlepel verzachter en 1/2 l water en giet in het hoofdwasvak van de wasmiddellade.
- Plaats een dusdanige hoeveelheid wasmiddel in de machine geschikt voor de programma's en maximale lading zoals aangegeven in "Tabel programma en verbruik". Indien u chemische producten toevoegt (vlekverwijderaars, bleekmiddelen enz.) dient u de hoeveelheid wasmiddel te verminderen.
Wasgoed blijft nat na het beëindigen van het programma
- Er kan overmatig schuimvorming hebben plaatsgevonden en het automatische schuimabsorptiesysteem kan ingeschakeld zijn door het gebruik van te veel wasmiddel. >>> Gebruik de aanbevolen hoeveelheid wasmiddel.
- De machine schakelt niet naar de centrifugeerfase wanneer het wasgoed niet evenwichtig verdeeld is in de trommel om schade aan de machine en zijn omgeving te vermijden. Het wasgoed moet worden herverdeeld en opnieuw gecentrifugeerd worden.

WAARSCHUWING: Als u het probleem, desondanks het volgen van de instructies in deze sectie, niet kunt oplossen, raadpleeg dan uw dealer of een bevoegde onderhoudsmonteur. Probeer nooit zelf een niet-werkend product te repareren.