GSV29VWEV - Koelkast BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GSV29VWEV BOSCH in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GSV29VWEV - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GSV29VWEV van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING GSV29VWEV BOSCH
Veiligheidsbepalingen en waarschuwingen 81
Aanwijzingen over de afvoer 85
Omvang van de levering 85
Dejuisteplaats 86
Let op de omgevingstemperatuuren en de beluchting 86
Apparaat aansluten 87
Kennismaking met het apparaat .... 88
Apparaat inschakelen 88
Instellen van de temperatuur 89
Alarmfunctions 89
Netto-inhoud 90
De diepvriesruimte 90
Maximaleinvriescapaciteit 90
Invriezen en opslaan 91
Verse levensmiddelen invriezen 91
Supervriezen 92
Ontdooien van diepvrieswaren 93
Uitvoering 93
Apparaat uitschakelen en buiten
werking stellen 94
Ontdooien 94
Schoonmaken van het apparatusat .... 95
Energie bespare 96
Bedrijfsgeluiden 96
Kleine storingenzelfverhelpen 97
Zelftest apparatus 99
Klantenservice 99
Veiligheidsbepalingen en waarschuwingen
Voordat u het apparaat in gebruik neemt
Lees de gebruiksaanwijzing en het installmentievoorschrift nauwkeurig door. U vindtkaarin belangrijke informatatie over plaatsing, gebruik en onderhoud van het apparaat.
De fabrikant aanvaardt geen
aansprakelijkheid als
de aanwijzingen
en waarschuwingen
in de gebruiksaanwijzing Niet
in acht worden genomen.
Bewaar de gebruiksaanwijzing
en het montagevoorschrift voor
later gebruik of voor een
eventuele latere bezitter.
Door de leidingen van het
koelcircuit stroomt eenkleine hoeveelheid milieuuvriendelijk, maarbrandhaar koelmiddel (R600a).Dit is Niet schadelijk voor de ozonlaag en verhoogt het broeikaseffect Niet. Vrijkomend koelmiddel kan echter oogletsel veroorzaken of vlam vatten.
Bij beschadiging
- Open vuur of andere ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat honden;
Ruimte gedurende een paar minuten goed luchten;
Apparaat uitschakelen en de stekkeruit het stopcontact trekken; - Contact opnemen met de Servicedienst.
Hoe meer koelmiddel het apparaat bevat,des te groter moet de ruimte+zijn waarin het apparaat wordt opgesteld. In een tekleine ruimte kan bij eenlek een ontvlambaar mengsel van gas en lucht ontstaan.
Per 8 g koelmiddel moet het vertrek minstens 1m^3 groot়n. De hoeveelheid koelmiddel in uw apparaat vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat.
Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het aansluitsnoer nicht worden afgeklemd of beschadigd.
nl
Als de aansluitkabel van het apparaat beschadigd raakt, moet deze worden verrangen door de fabrikant, de serviceddienst of een andere gekwalificeerde persoon. Onvakkundige installmente en reparations hunnen groot gevaar opleveren voor de gebruiker van het apparaat.
Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon.
Er mogen alleen originele onderdelen van de fabrikant gebruikt worden. Alleen bij deze onderdelen garandeert de fabrikant dat ze aan de veiligheidseisen voldoen.
Gebruik geen meervoudige stopcontacten, verlengsnoeren of adapters.

Brandgevaar
Draagbare meervoudige
stopcontacten of draagbare netvoedingen konnen oververhit raken en tot brand leiden.
Plaats geen draagbare meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen anschter het apparaat.
Bij het gebruik
Nooit elektrische apparaten in het apparaat gebruiken (bijv. verwarmingsapparaten, elektrische ijsbereiders etc.). Explosiegevaar!
- Ontdooi of reinig het apparaat nooit met een stoomreiniger! De hete stoom kan in de elektrische onderdelen terechtkomen en kortsluiting veroorzaken. Gevaar voor elektrische schokken!
- Afgezien van de aanbevelingen van de fabrikant geen aanvullende maatregelen nemen om het ontdooien te versnellen. Explosiegevaar!
Gebruik geen suntige of scherpe voorwerpen om een laag ijs of rijp te verwijderen. U kunt hierdoor de koelleidingen beschadigen.Koelmiddel dat maar buiten spuit kan vlam vatten of tot oogletsel leiden.
- Geen producten met brandbare vrijfussen (bijv. spuitbussen) en geen explosieve stoffen in het apparaat opslaan. Explosiegevaar!
- Plint, uittrekbare manden of laden, deuren etc. nicht als opstapje gebruiken of om opte leunen.
- Om te ontdooien of schoon te make: stekker uit het stopcontact trekken of de zekering uitschakelen. Altijd aan de stekker trekken, nooit aan de aansluitkabel.
- Dranken met een hoog alcoholpercentage alsijd goed afgesloten en staand bewaren.
- Geen olie of vet gebruiken op kunststof onderdelen en deurafdichtingen. Deze künnen hierdoor pereus worden.
De be- en ontluchtingsopeningen van het apparaat nooit afdekken of dichtmaken.
Vermijden van risico's voor kinderen en kwetsbare personen:
Kwetsbaar zijn kinderen/ personen met lichamelijke, geestelijkke of zintuigelijkbeperkingen, evenals personen die onvoldoende kennis hebben over de veilige bediening van het apparatus.
Zorg ervoor dat kinderen en kwetsbare personen begrijpen wat de gezaren worden.
Een voor de veiligheid verantwoordelijkke persoon moet toezicht houden op kinderen en kwetsbare personen bij het apparaat of hen instruieren.
Alleen kinderen vanaf 8aar het apparaat lately gebruiken. Bij reiniging en onderhoud toezicht houden op kinderen. Laat kinderen nooit met het apparaat spelen.
nl
Flessen en blinkjes met vloeistoffen - vooral koolzuurhoudende dranken - Niet in de diepvriesruimte opslaan.Dergelijkke flessen en blinkjes konnen barsten!
Diepvrieswaren nadat u dezeuit de diepvriesruimte hebgethaald, nooit onmiddelijk inde mond nemen.
Kans op vrieswonden!
Vermijd langdurig contact van uw handen met die depvrieswaren, ijs of de verdamperbuizen enz. Kans op vrieswonden!
Kinderen in het huishouden
Verpakkingsmateriaal en onderdelen ervan zich geen spelegoed voor kinderen. Verstikkingsgevaar door opvouwbare kartonnen dozens en folie!
Het apparaat is geen spelelgoed voor kinderen!
Bij een apparaat met deurslot: sleutel buiten het bereik van kinderen bewaren!
Algemene bepalingen
Het apparatus is geschikt
— voor het invriezen van levensmiddelen,
voor het bereiden van ijs.
Dit apparaat is bestemd voor privilegedebruik in het huishouden en de huiselijke omgeving.
Het koelcircuit is op dichtheid gecontroleerd.
Dit apparaat voldoet aan de geldende veiligheidsbepalingen voor elektrische apparatuur en het is radio-ontstoord.
Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 2.000 meter boven zeeniveau.
Aanwijzingen over de afvoer
Afvoeren van de verpakking van uw(AP)appeaat
De verpakking beschermt uw apparaat gegen transportschade. De gebruikte materialen zich onschadelijk voor het milieu en kunnen opnieuw worden gebruikt. Help waarom mee en zorg dat de verpakking milieuvriendelijk worden afgevoerd.
U kunt bij uw leverancier of bij de reinigingsdienst in uw gemeente informeren hoe u uw oude apparaat en het verpakkingsmaterial van het neue apparaat kunt (laten) afvoeren voor een milieuvriendelijkke verwerking.
Afvoeren van uw oude apparaat
Oude apparaten zich geen waardeloos afval! Door een milieuvriendelijkke afvoer{kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
Waarschuwing
Bij afgedankte apparaten
- Stekker uit het stopcontact trekken.
- Aansluitkabel doorknippen en samen met de stekker verwijderen.
- Legplateaus en Voorraadvakken nicht eruit halen om het kinderen moeilijk te maken erin te klimmen!
- Laat kinderen nicht met het afgedankte apparaat spelen. Verstikkingsgevaar!
Koelapparaten bevatten koelmiddelen in de isolatie gas. Die zorgvuldig moeten worden afgevoerd. Met het oog op een doelmatige en milieuvriendelijk afvoer mogen de leidingen van het koelcircuit tot het moment van transport nicht beschadigd worden.
Omvang van de levering
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade.
Voor klachten Aunt u terecht bij de winkel waar u het apparaat hebt aangeschaft of bij once klantenservice.
De levering bestaat uit de volgende onderdelen:
Vrijstaand apparatus
Uitrusting (modelafhankelijk)
Zakje met montagematerialial
Gebruiksaanwijzing
Montagevoorschrift
Klantenserviceboekje
Garantiebijlage
Informatie over energieverbruik en geluiden
De juiste plaats
Elke droge, goed te ventileren ruimte is geschikt. Het apparaat Niet in de zon of naast een fornuis, verwarmingsradiator of een andere warmte bron plaatsen. Isplaatsing naast een warmtebron Niet te vermijden, kaak dan gebruik van een isolerende plaat of neem de volgende minimumafstanden tot de warmtebron in ache:
Naast elektrische- of gasfornuizen 3 cm.
Naast een CV-installatie 30~cm
De vloer op de plaat van opstelling mag Niet meegeven, vloer eventueel verstevigen. Eventuele oneffenheden in de vloer opheffen door er iets onder te leggen.
Afstand tot de wand
Afb. 3
Het apparaat heeft geen wandafstand aan de zijkant nodig. De laden en legplateaus+kunnen desondanks volledig worden uitgeschoven.
Deuraanslag wisselen
(indien nodig)
Indien nodig: Wij raden u aan de deurophanging door de Servicedienst te lately verwisselen. De kosten voor het verwisselen van de deuraanslag kut u opvragen bij de Servicedienst in uw regio.
Waarschuwing
Tijdens het verwisselen van de deurophanging mag het apparaat Niet op het elektriciteitsnet� aangesloten. Eerst de stekker uit het stopcontact trekken. Leg voldoende zicht materiaal op de grond, om te voorkomen dat de achterkant van het apparaat beschadigd raakt. Het apparaat voorzichtig op+zijn rug leggen.
Aanwijzing
Wanner het apparaat op de rug worden gelegd, mag de wandafstandhouder nicht gemonteerd zich.
Let op de omgevings-temperatuur en de beluchting
Omgevingstemperatuur
Het apparaat is voor een bepalde klimaatklasse geconstrueree. Afhankelijk van de klimaatklasse kan het apparaat bij de volgende omgevingstemperaturen gebruikt worden.
De klimaatklasse staat op het typeplaatje, afb. 11.
| Klimaatklasse | Toelaatbare omgevingstemperatuur |
| SN | +10 °C tot 32 °C |
| N | +16 °C tot 32 °C |
| ST | +16 °C tot 38 °C |
| T | +16 °C tot 43 °C |
Aanwijzing
Het apparaat is volledig functioneel binnen de binnentemperatuurgrenzen van de aangegeven klimaatklasse. Wanner een apparaatuit klimaatklasse SN wordt gebruikt bij een lagere binnentemperatuur, hunnen beschadigingen aan het apparaat worden uitgesloten tot een temperatuur van +5^
Beluchting
Afb. 4
De lucht aan de achechterzijde van het apparaat wordt warm. De verwarmde lucht要去 ongehinderd afgevoerd hunnen worden. Anders要去 de koelmachine更是 presteren. Waardoor het energieverbruik toeneemt. De be en ontluchtingsopeningen mogen dan ook nooit worden afgedekt!
Apparaat aansluiten
Na hetplaatsen van het apparaat要去 u minimaal 1aarwachtendvoordat u het apparaat in gebruik neemt. Tijdens het transport kan het gebeuren dat de olie van de compressor in het koelsysteme terechtkomt.
Vór het eerste gebruik de binnenruimte van het apparaat schoonmaken (zie hoofdstuk „Schoonmaken van het apparaat").
Elektrische aansluiting
Het stopcontact moet zich in de buurt van het apparatusaat bevinden en ook na het opstellen van het apparatusaat goed bereikbaar�.
Waarschuwing
Gevaar voor een elektrische schok!
Gebruik, indien het aansluitsnoor nicht lang genoeg is, in geen geval meervoudige stopcontacten of verlengsnoeren. Neem inplaats waarvan contact op met de klantenservice voor alternatieve oplossingen.
Het apparaat voldoet aan beschemklasse I. Sluit het apparaat aan op een volgens de voorschriften geinstalleerd 220-240 V/50 Hz wisselstroomstopcontact met aardleiding. Het stopcontact要去en beveiligd met een zekering van 10 A tot 16 A.
Controleer bij apparaten die in nicht Europese landen worden gebruikt of de aansluitspanning en de stroomsoort overeenkomen met de waarden van uw elektriciteitsnet. U vindt deze gegevens op het typeplaatje, afb. 11.
Waarschuwing
Het apparaat mag in geen geval worden aangesloten op elektronische energiebesparingsstekkers.
Voor once apparaten können netvoedingsinverters en sinusinverters worden gezruikt. Netvoedingsinverters worden gezruikt bij fotovoltaische installations die rechtstreeks+zijn aangesloten op het openbare elektriciteitsnet. Bij losstaande systemen (bijv. op schepen of in berghutten) die geen rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet hebben,要去 een sinusinverter worden gezruikt.
Kennismaking met het apparaat

De LaTeX bladzijde met de afbeeldingen uiktlappen. Deze gebruiksaanwijzing is op meer dan een type van toepassing.
De uitrusting van de modellen kan variieren.
Kleine afwijkingen in de afbeeldingen zich mogelijk.
Afb. 1
*Niet bij alle modellen.
1-4 Bedieningselementen
5 NoFrost-system
6^ Klep van het vriesvak
7 Glasplaat
8 Ijsbereider/ijsblokjesreservoir
9 Diepvrieslade (klein)
10 Diepvrieslade (groot)
11 Schroefvoetjes
12 Deurontluchting
Bedieningselementen
Afb. 2
1 Toets Aan/Uit
Om het hele apparaat in en uit te schakelen.
2 Temperatuurindicatie
Geeft de ingestelde temperatuur van de diepvriesruimte aan.
3 Indicatie supervriezen
Brandt alleen als het supervriessystem is ingeschakeld.
4 Temperatuurinsteltoets
Met deze toets worden de gewenste temperatuur ingesteld.
Apparaat inschakelen
Afb. 2
Het apparaat met de toets Aan/Uit inschakelen 1.
Het alarmsignaal is te horen. De temperatuurindicatie 2 knippert.
Druk op de temperatuurinsteltoets 4. Het alarmsignaal gaat UIT.
Zodra de vriesruimte de ingesteldetemperatureur heeft bereikt, gaat temperatuurindicatie 2 branden.
Wij adviseren een instelling van -18 °C voor de diepvriesruimte.
Aanwijzingen bij het gebruik
Na het inschakelen kan het een aantal uren duren voordat de ingestelde temperatuur is bereikt. Vór dieijd geen levensmiddelen in het apparaat leggen.
Door het volledig automatische NoFrost systeem blijft de vriesruimte ijsvrij. Ontdooien is Niet nodig.
De voorzijde van het apparaat achefter de deur worden gedeeltelijklicht verwarmd waardoor de vorming van condenswater in de buurt van de deurafdichting worden voorkomen.
Wonneer de deur van de diepvriesruimte na het sluiten nicht direct waar geopend kan worden, dient u even te wachten tot de onderdruk is verdwenen.
Instellen van de temperatuur
Afb. 2
Diepvriesruimte
De temperatuur is instelbaar van -16 °C tot -26 °C.
Temperatuur-insteltoets 4 net zo vaak indrukken tot de gewenste temperatuur in de diepvriesruimte is ingesteld.
DeIRST ingestelde waarde wordt in het geheugen opgeslagen. De ingestelde temperatuur wordt aangegeven op de temperatuurindicatie 2.
Alarmfunctions
Afb. 2
Deuralarm
Er worden een alarmsignaal ingeschakeld als de deur van het apparaat langerearend openstaat. Door de deur te sluiten worden het alarmsignaal uitgeschakeld.
Temperatuuralarm
Het temperatuuralarm worden
ingeschakeld als het in de
diepvriesruimte te warm is waardoor de
diepvrieswaren können ontdooien.
De temperatuurindicatie, afb. 2/2, knippert.
Zonder gevaar voor de diepvrieswaren kan het alarm automatisch inschakelen:
■ bij het in gebruik nemen van het apparaat,
■ bij het inladen van grote hoeveelheden verse levensmiddelen,
als de deur van de diepvriesruimte telang geopend werk.
Aanwijzing
Half of geheel ontdooide diepvrieswaren nicht opniewu invriezen. Pas na het koken of braden tot een kant-en-klaargerecht konnen ze opniewu worden ingevroren.
De maximale bewaartijd nicht meer ten volle benutten.
Alarm uitschakelen
Afb. 2
Temperatuurinsteltoets 4 indrukken om het alarmsignaal uit te schakelen.
Netto-inhoud
De gegevens over de netto-inhoud vindt u op het typeplaatje in uw apparaat. Afb. 11
Vriesvermogen volledig benutten
Om de maximale hoeveelheid diepvrieswaren in te ruimen,{kunnen alle uitrustingsonderdelen worden verwijderd. De levensmiddelen kannen danrechtstreeks op de legplateaus en op de bodem van de vriesruimte worden gestapeld.
Aanwijzing
Alleen geldig voor de typen KG GSUU37A, KG GSUU39A en KG GSUU41A (zie veld "Type" op typeplaatje):
Om de op het typeplaatje vermelde waarden aan te houden, moet het bovenste uitrustingsonderdeel in het apparaat blijven.
Onderdelen eruit halen
Diepvriesladen tot aan de aanslag uittrekken, vooraan optillen en verwijderen. Afb. 5
Bij apparaten met een ijsbereider kan deze worden verwijderd. Afb. 6
Klep van het vriesvak Afb. 7
- Klep van het vriesvak half openen.
- Houder aan een zijde van het apparaat losmaken.
- Klep van het vriesvak waar voren trekken en van de houder nemen.
- Houder aan de andere zichde van het apparatusat losmaken.
De diepvriesruimte
De diepvriesruimte gebruiken
voir het opslaan van diepvriesproducten,
om ijsblokjes temaken,
om levensmiddelen in te vriezen.
Aanwijzing
Let erop dat de deur van het diepvriesruimte goed gesloten is! Bij een open deur ontdooien de diepvrieswaren. In de diepvriesruimte vormt zich veel ijs. Bovendien: energieverspilling door te hoog stroomverbruik!
Maximale invriescapaciteit
Gegevens over de maximale invriescapaciteit binnen 24 uur vindt u op hetypeplaatje. Afb. 11
Voorwaarden voor max. invriesvermogen
Supervriezen inschakelen voordat u de verse levensmiddelen aanbrengt (zie hoofdstuk „Supervriezen").
Uitrustingsdelen verwijderen.
Stapel de levensmiddelenrechtstreeks op de legplateaus en debodem van de diepvriesruimte.
Aanwijzing
De ventilatiesleuf aan dechterwand Niet met diepvrieswaren afdekken.
Grote hoeveelheden levensmiddelen bij voorkeur invriezen in het bovenstevak. Daar worden ze heel snug en daardoor voorzichtig ingevroren.
Invriezen en opslaan
Inkopen van diepvriesproducten
De verpakking mag nicht beschadigd zich.
Neem de houdbaarheidsdatum in acht.
De temperatuur in de verkoop-koelkist moet -18 ^ C of kouder zich.
- De diepvriesproducten liefst in een koeltas Transporteren en snel in de diepvriesruimte leggen.
Attentie bij het inruimen
Grote hoeveelheden levensmiddelen bij voorkeur invriezen in het bovenstevak. Daar worden ze heel snug en daardoor voorzichtig ingevroren.
De ventilatiesleuf aan dechterwand Niet met diepvrieswaren afdekken.
- De levensmiddelen naast elkaar in de vakken resp, diepvriesladen leggen.
Aanwijzing
De vers in te vriezen levensmiddelen mogen Niet met de al ingevroren levensmiddelen in aanrakingkommen. Eventueel de door en door bevroren levensmiddelen in de diepvriesladen omstapelen.
- Om de luchtcirculatie in het apparaat te waarborgen, de diepvrieslade tot de aanslag inschuiven.
Kleinere hoeveelheden levensmiddelen invriezen
In het hoofdstuk Automatisch supervriezen leest u hoe ukleinere hoveelheden levensmiddelen op de snelste manier in kunt vriezen.
Verse levensmiddelen invriezen
Gebruikuitsluitend verse levensmiddelen.
Om de voedingswaarde, het aroma en de kleur zo goed möglich te behouden, dient groente geblancheerd te worden voordat het worden ingevroren. Bij aubergines, paprika's, courgettes en asperges is blancheren nichtoodzakelijk.
Literatuur over invriezen en blancheren vindt u in de boekhandel.
Aanwijzing
Al ingevroren levensmiddelen mogen
niet met de nog in te vriezen
levensmiddelen in aanrakingkommen.
Geschikt om in te vriezen: Bakwaren, vis en zeevruchten, vlees, wild, gevogelte, groente, fruit, kruiden, gepelde eieren, melkproducten zoals kaas, poter en kwark, bereide gerechten en kliekjes zoals soep, eenpansgerechten, gaar vlees en gare vis, aardappelgerechten, ovenschotels en zoete toetjes.
Niet geschikt om in te vriezen: Groentesoorten die meestal rauw worden gegeten, zoals kropsla en radijsjes, ongepelde eieren, wijndruiven, hele appels, peren en perziken, hardgekooke eieren, yoghurt, dikke zure melk, zure room, crème fraîche en mayonnaise.
Diepvrieswaren verpakken
De levensmiddelen luchtdicht verpakken zodat ze Niet uitdrogen of hun smaak verliezen.
- Levensmiddelen in de verpakking leggen.
- Lucht eruit drukken.
- Het geheel van een goede sluiting voorzien.
- Vermeld op de pakjes inhoud en invriesdatum.
Voor verpakking geschikt:
Kunststof-, polyethen- en aluminiumfolie, diepvriesdozen.
Deze producten zijn in de handel verkrijgbaar.
Niet geschikt voor verpakking:
Inpakpapier, perkamentpapier, cellofaan, afvalzakken en gebruike boodschappentasjes.
Als sluiting geschikt:
elastiekjes, clips van kunststof, touwtjes, koudebestendig plakband e.d.
Zakjes en wrapfolie van polyethyleen (PE)kestu sealemet een folie-sealer.
Houdbaarheid van de diepvrieswaren
De houdbaarheid is afhankelijk van het soort levensmiddelen.
Op een temperatuur van -18 °C:
Vis, worst, klaargemaakte gerechten, brood en banket: tot 6 maanden.
Kaas, gevogelte, vlees: tot 8 maanden.
Groente, fruit: tot 12 maanden.
Supervriezen
Levensmiddelen dienen zo snel möglichk tot in de Kern te bevriezen, om vitaminen, voedingswaarde, uiterlijk en smaak te behouden.
Het apparaat werkst na inschakeling van het supervriezen continu. De temperaturen van de diepvrieskompartimenten liggen duidelijk lager dan tijdens de normale werking.
Supervriezen inschakelen
Afhankelijk van de in te vriezen hoeveelheid levensmiddelenkest u het supervriezen op verschillende manieren gebruiken.
Aanwijzing
Als het supervriezen is ingeschakeld,\ kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen en\ de weergave Super Licht op, afb. 2/3.
Automatisch supervriezen
Kleinere hoeveelheden levensmiddelen bevriezen het snelst als u ze als volgt invriest:
in de tweede diepvrieslade van andereen
van rechtsbuiten
met groot oppervlak
Het automatisch supervriezen schakelt bij het invriezen van warme levensmiddelen automatisch in.
Handmatig supervriezen
Vriesgrothoeveelheden levensmiddelen bij voorkeur in in het bovenstevak.Daar wordenzeheel snelen daardoorvoorzichtig ingevroren.
Schakel enkele uren voordat u verse levensmiddelen invriest het supervriezen in, om een ongewenste temperatuurstijging te voorkomen.
Als u het max. invriesvermogen wilt gebruiken, dient u 24 uur voor het invriezen van de verse waar het supervriezen in te schakelen.
De temperatuurinsteltoets 4 zo vaak indrukken tot deindicatie Super 3 oplicht.
Supervriezen uitschakelen
Afb. 2
De temperatuurinsteltoets 4 zo vaak indrukken tot de gewenste temperatuur worden weergegeven.
De individatie Super 3 verdwijnt.
Na afloop van het supervriezen schakelt het apparaat automatisch over op de normale werkung.
Bij het automatisch supervriezen: zodra de in te vriezenkleinere hoeveelheid levensmiddelen bevroren is.
Bij het handmatig supervriezen: na ca. 212 dag.
Ontdooien van diepvrieswaren
Afhankelijk van soort en vereidingswijze van de levensmiddelen(Intt u kiezen uit de volgende möglichkheden:
■ bij omgevingstemperatuur
in de koelkast
in de elektrische oven, met/zonder heteluchtventilator
in de magnetron
Attentie
Half of geheel ontdoode diepvrieswaren nicht opnieuw invriezen. Pas na het koken of braden tot een kant-en-klaargerecht konnen ze opnieuw worden ingevroren. De maximale bewaartijd worden hierdoor bekort.
Uitvoering
(niet bij alle modellen)
Diepvrieslade (groot)
Afb. 1/10
Voor het bewaren van grote diepvrieswaren, bijv. kalkoenen, eenden en ganzen.
IJsbereider
Afb. 8
Gebruik voor het makeen van ijsblokjesuitsluitend drinkwater.
- Waterreservoir verwijderen en tot de markering vullen met drinkwater.
Aanwijzing
Een te hoog drinkwaterpeil kan een nadelige invloed hebben op de werkking van de ijsbereider. De ijsblokjes hunnen Niet afzonderlijk worden losgemaakt uit het ijsbakje. Wanner het drinkwaterpeil te hoog is, stroomt het water in het voorraadbakje en vriezen de ijsblokjes aan elkaar.
- Waterreservoir weer aanbrengen.
- Zodra de ijsblokjes bevroren zich, de hendel omlaag duwen en loslaten. De ijsblokjes lately los en vallen in het voorraadbakje.
- Voorraadbakje uittrekken en ijsblokjes verwijderen.
Diepvrieskalender
Om kwaliteitsverminderering van de diepvriesproducten te voorkomen, dient u de opslagduur Niet te overschrijden. De bewaartijd is afhankelijk van het soort levensmiddelen. De cijfers bij de symbolen geven in maanden de toelaatbare bewaartijd voor de diepvrieswaren aan. Neem bij gewone diepvriesproducten de productie- of houdbaarheidsdatum in acht.
Koude-accu
De koude-accu vertraagt bij het uittvallen van de stroom of bij een storing het verwarmen van de opgeslagden diepvrieswaren. De langste opslagtijd worden bereikt wanner u het koude-accu in het bovenstevak op de levensmiddelen legt.
Om ruimte te besparen kan de accu in hetvakindeurbewaard worden.
De koude-accu kan ook voor hetijdelijk koelhonden van levensmiddelen (bijv. in een koeltas) eruit genommen worden.
IJsbakje
Afb. 9
- IJsbakje voor 3/4 met drinkwater vullen en in de diepvriesruimte zetten.
-
Het vastgevroren ijsbakje alleen met een bot voorwerp losmaken (steel van een lepel).
-
Om de ijsblokjes los te make: het ijsbakje iets verbuigen of kort onder stromend water houden.
Apparaat uitschakelen en buiten werkinq stellen
Apparaat uitschakelen
Afb. 2
Toets Aan/Uit 1 indrukken.
De temperatuurindicatie 2 gaat uit en de koelmachine wordenuitgeschakeld.
Buiten werking stellen van het apparaat
Als u het apparaat langere vrij nicht gebruikt:
- Uitschakelen van het apparaat.
- Stekker uit het stopcontact trekken of de zekering losdraaien resp. uitschakelen.
- Schoonmaken van het apparaat.
- Deur van het apparat open lately.
Ontdooien
Diepvriesruimte
Door het volledig automatische NoFrost-systeem blijdt de vriesruimte ijsvrij. Ontdooien is overbodig.
Schoonmake van het apparaat
Attentie
- Gebruik geen schoonmaak of oplosmiddelen die zand, chloride of zuren bevatten.
- Geen schurende of krassende sponsjes gebruiken.
Op de metalen oppervlakken kan corrosie ontstaan.
De legplateaus en voorraadvakken mooten Niet in de afwasmachine gereinigd worden.
Ze können verrormen!
Aanwijzing
Ca. 4 eer voor het reinigen de supervriesfunctie inschakelen, zodate levensmiddelen een zeer lage temperatuur bereiken en daardoor langere tijd op omgevingstemperatuur bewaard+kunnen worden.
Ga als volgt te werk:
- Vór het schoonmaken het apparaat uitschakelen.
- De stekker uit het stopcontact trekken of de zekering uitschakelen.
-
Diepvrieswaren verwijderen en bewaren op een koele plaats. Koudeaccu (indien aanwezig) op de levensmiddelen leggen.
-
Wachten tot de rijplaag is ontdooid.
- Het apparaat schoonmaken met een zachte doek en lauw water met een scheutje pH neutral schoonmaakmiddel. Het sop mag nicht in de verlichting terechtkomen.
- Deurafdichting alleen met schoon water schoonmaken en grondig droogwrijven.
- Na het schoonmaken apparaat wee aansluiten en inschakelen.
- Diepvrieswaren opniew in het diepvriesvak leggen.
Uitvoering
Voor het reinigen kannen alle variabele onderdelen van het apparaat worden verwijderd (zie hoofdstuk Uitvoering).
IJsbereider reinigen
Reinig de ijsbereider regelmatig. Zo voorkomt u dat oude ijsblokjes krimpen, slecht smaken of aan elkaar plakken.
- IJsbereider verwijderen. Afb. 6
- Voorraadbakje verwijderen en leegmaken.
- Afdekking van de ijsbereider verwijdersen.
- Alle onderdelen van de ijsbereider reinigen met warm water.
- Onderdelen goed lately opdrogen.
- IJsbereider samenbouwen en aanbrengen.
Energie bespare
Het apparaat in een droge, goed te ventileren ruimte plaatsen! Het apparaat Niet direct in de zon of in de buurt van een warmtebron plaatsen zoals een verwarmingsradiator of een fornuis.
Gebruik eventueel een isolatieplaat.
De be- en ontluchtingsopeningen van het apparaat nooit afdekken.
Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen.
Diepvrieswaren in de koelruimte leggen om ze te ontdooien en de kou van de diepvrieswaren gebruiken om andere levensmiddelen te koelen.
- Deuren van het apparaat zo kort可想而知 openen.
Let erop dat de deur van het diepvriesruimte goed gesloten is.
Om een verhoogd stroomverbruik te vermijden, moet de achterkant van het apparaat af en toe worden gereinigd.
- Indien aanwezig: Wandafstandhouser monteren om de geplande energiaopname van het apparaat te bereiken (zie montagehandleiding). Een Kleinere afstand tot de muur heeft geen nadelige invloed op de werkking van het apparaat. Het energieverbruik kan dan iota's hoger worden. De afstand van 75mm mag nicht worden overschreten.
De ordening van de uitrustingsdelen heeft geen invloed op de energieopname van het apparatus.
Bedrijfsgeluiden
Heel normale geluiden
Aanwijzing
Als het supervriezen is ingeschakeld,\ kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen.
Brommen
De motoren lopen (bijv. koelaggregaten, ventilator).
Borrelen, zoemen of gorgelen
Koelmiddel stroomt door de buizen.
Klikgeluiden
Motor, schakelaar of magneetventielen schakelen in/uit.
Knakkende geluiden
Het automatische ontdooisystem treedt in werkung.
Voorkomen van geluiden
Het apparaat staat nicht waterpas
Het apparaat met behulp van een waterpas stellen. Gebruik hiervoor de schroefvoetjes of leg iets onder het apparaat.
Het apparaat staat gegen een ander meubel of apparatus
Het apparaat van het meubel of apparaat ernaast wegschuiven.
Reservoirs of draagplateaus wiebelen of klemmen
Controleer de delen die eruit gehaald\ kunnen worden en zet ze eventueel\ opnieuw in het apparaat.
Flessen of serviesgoed raken elkaar
De flessen of het serviesgoed los van elkaar zetten.
Voordat u de hulp van de Servicedienst inroegt:
Controller er erst of u aan de hand van de volgende punten de storing kunt verhelpen.
Als u om een monteur vraagt, en het blijkt dat hij alleen maar een advies (bijv. over de bediening of het onderhoud van het apparaat) hoeft te geben om de storing te verhelppen, dan moet u, ook in de garantietijd, de volledige kosten van dat bezoek betalen!
| Storing | Eventuele oorzaak | Oplossing |
| De temperatuur wijkt erg af van de instelling. | In sommige gezallen is het voldoende om het apparaat gedurende 5 minutes uit te schaken. Als de temperatuur te warm is: na enkele uren controleren of de temperatuur de temperatuurinstelling genaderd is. Als de temperatuur te koud is: de volgende dag de temperatuur nogmaals controleren. | |
| Geen enkeleindicatie brandt. | Stroomuitval; de zekering isuitgeschakeld; de stekker zit Niet goed in het stopcontact. | Stekker in het stopcontact steken. Controller of er stroom is. Controller de zekeringen. |
| Het alarmsignaal is te horen. De temperatuurindicatie knippert. Afb. 2/2 | Storing - in diepvriesruimte is het te warm! Gevaar voor de diepvrieswaren. De deur is geopend. | Druk op de temperatuurinsteltoets, afb. 2/4, om het alarmsignaal uit te schaken. Deur sluiten. |
| De be- en ontluchtingsopeningen zijn afgedekt. | Afdekking verwijderen. | |
| Er+zijn teveel levensmiddelen tegelijk in het diepvriesvak gelegd. | Max. invriescapaciteit nicht overschrijden. | |
| Nadat de storing is verholpen, stopt de temperatuurindicatie met knipperen. | ||
| De deur van de diepvriesruimte stond te lang open; de temperatuur worden nicht meer bereikt. | Er zit zo veel ijs op de verdamper dat het NoFrost-systeem Niet meer volautomatisch ontdooit. | Om de verdamper te ontdooien: de laden met diepvrieswaren eruit halen en goed geïsoleerd op een koèle plaatsbewaren. Apparaat uitschakelen en van de wandwegschuiven. Deur van het apparatopenLATen. Na ca. 20 minutes begint het dooiwater in de dooiwateropvanschaal aan dechterwand van het apparaat te lopen. Afb. 10 Om te voorkomen dat de dooiwateropvanschaal overloopt: het dooiwater met een spons opnemen. Als er geen dooiwatereer in de opvangschaal loopt, is de verdamperontdooid. Binnenkant van de diepvriesruimteschoonmaken. Het apparaat weein werkingstellen. |
| Het apparaat koelt nicht, de temperatuurindicatie en de verlichting branden. | Het presentatielicht is ingeschakeld. | Apparaat-zelftest starten (zie het hoofdstuk „Zelftest apparaat"). Na afloop van het programme schakelt het apparaat waar over op het normale gekruik. |
| Automatisch supervriezen schakelt Niet in. | Het apparaat beslist zichstandig of het automatische supervriezen nodig is en schakelt deze functie automatisch in of UIT. |
Zelftest apparatus
Het apparaat beschikt over een automatisch zelftestprogramma dat de oorzaken van storingen aangeeft die alleen door de Servicedienst verholpen können worden.
Zelftest starten
- Apparaat uitschakelen en 5 Minutes wachten.
- Apparaat inschakelen en binnen de eerste 10 seconden de temperatuurinsteltoets, afb. 2/4, gedurende 3-5 seconden ingedrukt houden, tot de temperatuurindicatie -26 °C gaat branden.
Het zelftestprogramma start wanner de temperatuurindicaties na elkaar gaan branden.
Wonneer het apparaat na korteijd de voor de zelftest ingestelde temperatuur aangeeft, is het in orde.
Als de indicate tie super gedurende 10 seconden knippert, is er spreke van een fouit.
Neem contact op met de klantenservice.
Zelftest apparatus beeing
Na afloop van het programma schakelt het apparaat wee over op het normale gebruik.
Klantenservice
Adres en telefoonnummer van de Servicedienst in uw omgeving kut u vinden in het telefoonboek of in de meegeleverde brochure met service-adressen. Geef aan de servicedienst het productnummer (E-Nr.) en het seriENUMmer (FD-Nr.) van het apparaat op.
U vindt deze gegevens op hetypeplaatje.Afb. 11
Door vermeling van het fabricaat- en productnummer kurz u onnodige voorrijdkosten vermijden. Zo bespaart u zich de daarmee verbondeneerkosten.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
NL 0884244010
B 070222141


1
2

3

4

5


6
7

8

9

11

10
Notice-Facile