KIL24V21FF - Koelkast BOSCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KIL24V21FF BOSCH in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KIL24V21FF - BOSCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KIL24V21FF van het merk BOSCH.
GEBRUIKSAANWIJZING KIL24V21FF BOSCH
nl Gebruiksaanwijzing
Veiligheidsbepalingen en waarschuwingen 67
Aanwijzingen over de afvoer 69
Omvang van de levering 69
Let op de omgevingstemperatuuren de beluchting 70
Dejuisteplaats 70
Apparaat aansluiten 71
Kennismaking met het apparaat .... 71
Inschakelen van het apparatus 72
Instellen van de temperatuur 72
Netto-inhoud 72
De koelruimte 73
Het vriesvak 73
Maximaleinvriescapaciteit 73
Invriezen en opslaan 74
Verse levensmiddelen invriezen 74
Ontdooien van diepvrieswaren 75
Uitvoering 75
Sticker "OK" 76
Apparaat uitschakelen en buiten
werking stellen 76
Ontdooien 76
Schoonmaken van het apparatus 77
Energie bespare 78
Bedrijfsgeluiden 78
Kleine storingen zelf verhelpen 79
Servicedienst 81
Veiligheidsbepalingen en waarschuwingen
Voordat u het apparaat in gebruik neemt
Lees de gebruiksanaanjwijing en het installmentievoorschrift nauwkeurig door. U vindt waar belangrijke informatatie over plaatsing, gebruik onderhoud van het apparaat.
Bewaar de gebruiksaanwijzing en het montagevoorschrift voor later gebruik of voor een eventuele latere bezitter.
Het apparaat bevat een geringe hoveeelheid van het milieuvriendelijkke maar brandbare koelmiddel R600a. Let erop dat de leidingen van het koelcircuit bij het transport of de installmentiet nicht beschadigd worden. Koelmiddel dat maar buiten spuit kan vlam vatten of tot oogletsel leiden.
Bij beschadiging
Open vuur of andere ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat houden;
Ruimte gedurende een paar minuten goed luchten;
Apparaat uitschakelen en de stekkeruit het stopcontact trekken;
- Contact opnemen met de Servicedienst.
Hoe meer koelmiddel het apparaat bevat,des te groter moet de ruimte+zijn waarin het apparaat worden opgesteld. In een tekleine ruimte kan bij een lek een ontvlambaar mengsel van gas en lucht ontstaan.
Per 8 g koelmiddel要去h vertrek minstens 1m^3 moot zijn. De hoeveelheid koelmiddel in uw apparaat vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat.
Als de aansluitkabel van het apparaat beschadigd raakt, moet deze worden verrangen door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon. Onvakkundige installment en reparations können groot gevaar opleveren voor de bezitter.
Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificierde persoon.
Er mogen alleen originele onderdelen van de fabrikant gelebruikt worden. Alleen bij deze onderdelen garandeert de fabrikant dat ze aan de veiligheidseisen voldoen.
Een verlengsnoer voor de aansluitkabel mag uitsluitend via de klantenservice worden aangeschaff.
Bij het gebruik
Nooit elektrische apparaten in het apparaat gebruiken (bijv. verwarmingsapparaten, elektrische ijsmaker etc.). Gevaar voor explosie!
Het apparaat nooit met een stoomreiniger ontdooien of schoonmaken! De hete stoom kan in de elektrische onderdelen terechtkomen en kortsluitingveroorzaken. Kans op een elektrisch eschok!
nl
Gebruik geen suntige of scherpe voorwerpen om een laag ijs of rijp te verwijderen. Hierdoor Aunt u de koelleidingen beschadigen. Koelmiddel dat maar buiten spuit kan vlam vatten of tot oogletsel leiden.
- Geen producten met brandbare drijfgassen (bijv. spuitbussen) en geen explosieve stoffen in het apparaat opslaan. Gevaar voor explosie!
- Plint, uittrekbare manden of laden, deuren etc. nied als opstapje gebruiken of om op te leunen.
- Om te ontdooien of schoon te make: stekker uit het stopcontact trekken resp. de zekering uitschakelen of losdraaien. Altijd aan de stekker trekken, nooit aan de aansluitkabel.
Dranken met een hoog alcoholpercentage altijd goed afgesloten en staand bewaren.
- Geen olie of vet gebruiken op kunststof onderdelen en deurdichtingen. Ze können pereus worden.
De be- en ontluchtingsopeningen van het apparaat nooit afdekken.
Personen (inclusief kinderen) met fysieke, sensorische of psychische beperkingen of gebrekkige kennis mogen dit apparaat uitsluitend gebruiken indien ze onder toezicht staan van een person die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of door deze persoon zich ingelicht over de wijze waarop het apparaat dient te worden gezruikt.
Flessen en blinkjes met vloeistoffen - vooral koolzuurhoudende dranken - Niet in de vriesruimte opslaan. De flessen en blinkjes können springen!
Diepvrieswaren nadat u ze uit de vriesruimte hebt gehaald, nooit onmiddelijk in de mond nemen. Kans op vrieswonden!
Vermijd langdurig contact van uw handen met de diepvrieswaren, ijs of de verdamperbuizen enz. Kans op vrieswonden!
Kinderen in het huishouden
Verpakkingsmaterial en onderdelen
ervan zich geen spelelgoed voor kinderen.
Verstikkingsgevaar door opvouwbare
kartonnen dozens en folie!
Het apparaat is geen spelelgoed voor kinderen!
Bij een apparaat met deurslot: sleutel buiten het bereik van kinderen bewaren!
Algemene bepalingen
Het apparaat is geschikt
voir het koelen en invriezen van levensmiddelen,
voor het bereiden van ijs.
Dit apparaat is bestemd voor privilegegebruik in het huishouden en de huiselijke omgeving.
Het apparaat is ontstoord volgens EU richtlijn 2004/108/EC.
Het koelcircuit is op dichtheid gecontrolererd.
Dit apparatus voldoet aan de veiligheidsbepalingen voor elektrische apparaten (EN 60335-2-24).
Aanwijzingen over de afvoer
Afvoeren van de verpakking van uw nieuwe apparaat
De verpakking beschermt uw apparaat gegen transportschade. De gebruiktematerialen zijn onschadelijk voor het milieu en kunnen opnieuw worden gebruikt. Helpaarom mee en zorg dat de verpakking milieuvriendelijk worden afgevoerd.
U kunt bij uw leverancier of bij de reinigingsdienst in uw gemeente informeren hoe u uw oude apparaat en het verpakkingsmaterial van het neue apparaat kunt (laten) afvoeren voor een milieuvriendelijkke verwerking.
Afvoeren van uw oude apparaat
Oude apparaten zich geen waardeloos afval! Door een milieuvriendelijkke afvoer{kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen.

Dit apparatus is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlij 2002/96/EG betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). Deze richtlij geeft het kader aan voor een in de EU geldende terugname en verwerking van oude apparaten.
Waarschuwing
Bij afgedankte apparaten
- Stekker uit het stopcontact trekken.
- Aansluitkabel doorknippen en samen met de stekker verwijderen.
- Legplateaus en Voorraadvakken nicht eruit halen om het kinderen moeilijk te maken erin te klimmen!
- Laat kinderen nicht met het afgedankte apparaat spelen. Verstikkingsgevaar!
Koelapparaten bevatten koelmiddelen in de isolatie gas. Die zorgvuldig moeten worden afgevoerd. Met het oog op een doelmatige en milieuvriendelijk fevoer mogen de leidingen van het koelcircuit tot het moment van transport nicht beschadigd worden.
Omvang van de levering
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade.
Voor klachten=kunt u terecht bij de winkel waar u het apparaat hebt aangeschaft of bij once klantenservice.
De levering bestaat uit de volgende onderdelen:
Inbouwapparaat
Uitrusting (modelafhankelijk)
Gebruiksaanwijzing
Montagevoorschrift
Klantenserviceboekje
Garantiebijlage
Informatie over energieverbruik en geluiden
Zakje met montagematerialial
Let op de omgevings-temperatuuren de beluchting
Omgevingstemperatuur
Het apparaat is voor een bepaalde klimaatklassie geconstrueree. Afhankelijk van de klimaatklassie kan het apparaat bij de volgende omgevingstemperaturen gebruikt worden.
De klimaatklasse staat op het typeplaatje, afb. 9.
| Klimaatklasse | Toelaatbare omgevingstemperatuur |
| SN | +10 °C tot 32 °C |
| N | +16 °C tot 32 °C |
| ST | +16 °C tot 38 °C |
| T | +16 °C tot 43 °C |
Binnentemperatuurschakelaar
Wanneer de binnentemperatuur bij apparaten uit apparataatklasse SN lager wordt dan 16^ ,kan het in de diepvriesruimte te warm worden. In extreme gevallen kunnen de diepvrieswaren ontdooien. Om dit te voorkomen schakelt u de binnentemperatuurschakelaar in. De koelmachine werkt hierdoor vaker. Het apparaat kan nu worden gezruikt bij een binnentemperatuur tussen +10^ en +16^
Om in te schakelen op de binnentemperatuurschakelaar drukken, die auf. 2/B. Markering „0" is nicht mehr zichtbaar. De verlichting in het apparaat gaat op een lagere stand branden.
Om energia te besparen schakelt u de binnentemperatuurschakelaaruit zodra de binnentemperatuur hoger wordt dan +16^
Beluchting
De lucht aan de achechterzijde van het apparaat wordt warm. De verwarmde lucht要去 ongehinderd afgevoerd hunnen worden. Anders要去 de koelmachine更是 presteren. Waardoor het energieverbruik toeneemt. De be en ontluchtingsopeningen mogen dan ook nooit worden afgedekt!
De juiste plaats
Geschikt voor het opstellen zich droge, ventilierbare vertrekken. Het apparaat liefst Niet in de zon of的那一st een fornuis, verwarmingsradiator of een andere warmtebronplaatsen. Is plaatsing那一est een warmtebron Niet te vermiijden, maak dan gebruik van een isolerende plank of neem de volgende minimumafstanden in acht:
Naast elektrische of gasfornuizen 3 cm.
Naast een CV-installatie 30~cm
Apparaat aansluten
Na hetplaatsen van het apparaat要去 u minimaal 1aar wachten voordat u het apparaat in gebruik neemt. Tijdens het transport kan het gebeuren dat de olie van de compressor in het koelsysteme terecht komt.
Vór het eerste gebruik de binnenruimte van het apparaat schoonmaken (zie hoofdstuk „Schoonmaken van het apparaat").
Elektrische aansluiting
Het stopcontact moet zich in de buurt van het apparatusaat bevinden en ook na het opstellen van het apparatusaat goed bereikbaar�.
Het apparaat voldoet aan beschemklasse I. Het apparaat aansluiten op een volgens de voorschriften geinstalleerd 220-240 V/50 Hz wisselstroomstopcontact met aardleiding. Het stopcontact要去en beveiligd met een zekering van 10 A tot 16 A.
Bij apparaten die in nicht Europese landen
worden gezruikt op het typeplaatje
controleren of de aansluitspanning
en de stroomsoort overeenkomen met
de waarden van uw elektriciteitsnet.
U vindt deze gegevens
op het typeplaatje. Afb. 9
Kennismaking met het apparaat

De LaTeX bladzijde met de afbeeldingen uiktlappen. Deze gebruiksaanwijzing is op meer dan een type van toepassing.
De uitrusting van de modellen kan variieren.
Kleine afwijkingen in de afbeeldingen zich mogelijk.
Afb. 1
1 Temperatuurregelaar/Verlichting
2 Lichtschakelaar
3 Glasplateau in de koelruimte
4 Groentelade
5 Voorraadvak in de deur
6 Vak voor groe flessen
A Het vriesvak
B Koelruimte
Inschakelen van het apparaat
Temperatuurregelaar, afb. 2/A, uit regelstand „0" draaien. Het apparaat begint te koelen. De verlichting is ingeschakeld wonneer de deur open is.
Aanwijzingen bij het gebruik
De temperatuur in de koelruimte worden warmer:
als de deur van het apparaat te vaak geopend werk,
door het inladen van grote hoeveelheden levensmiddelen,
door een hoge omgevingstemperatuur.
Instellen van de temperatuur
Temperatuurregelaar, afb. 2/A, op de gewenste instelling draaien.
Bij een gemiddelde instelling wordt de temperatuur in de koudste zone ca. +4^ . Afb. 3
Hogere instellingen veroorzaken koudere temperaturen in de koelruimte en in het vriesvak.
Wij adviseren:
Gevoelige levensmiddlesen nicht opslaan op een temperatuur lager dan +4^
Een lage instelling voor het kortstondig opslaan van levensmiddelen (energiebesparingsstand).
Een gemiddelde instelling voor het langdurig opslaan van levensmiddelen.
Een hoge instelling alleen voor korte tijd instellen wonneer de deur vaak wordt geopend en wonneer er grote hoeveelheden levensmiddelen worden opgeslagen in de koelruimte.
Koelcapaciteit
De temperatuur in de koelruimte kan door het inladen van grotere hoeveelheden levensmiddelen of dranken tijdelijk warmer worden.
Daarom moet de temperatuurkiezer voor ca. 7aar op een hoge instelling gedraaid worden.
Het vriesvak
De temperatuur in het vriesvak is afhankelijk van de temperatuur in de koelruimte.
Netto-inhoud
De gegevens over de netto-inhoud vindt u op het typeplaatje in uw apparaat.
De koelruimte
De koelruimte is de ideale bewaarplaatsvoor klaargemaakte gerechten, brood enbanket, conserven, gecondenseerdemelk, harde kaas, koudegevoelig fruit engroente en voor zuidvruchten.
Attentie bij het inruimen:
De levensmiddlesen goed verpakt of afgedekt inruimen. Hierdoor blijven geur, kleur en versheid behouden. Bovendien wordt voorkomen dat de levensmiddlesen maar elkaar gaan smaken en de kunststof onderdelen verkleuren.
Aanwijzing
Voorkom dat de levensmiddelendechterwand raken. Anders wordtdle luchtcirculatie verminderd.
Levensmiddelen of verpakkingen können aan de hinterwand vastvriezen.
Let op de koudezones in de koelruimte!
Door de luchtcirculation in de koelruimte verschillende koudezones:
De koelste zone bevindt zich tussen de aan de zijkant afgebeelde pijl en de glasplaat eronder. Afb. 3
Aanwijzing
In de koudste zones gevoelige levensmiddelen opslaan zoals vis, worst en vlees.
De warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur.
Aanwijzing
In de warmste zone bijv. boter en kaas bewaren. Tijdens het serveren behoudt de kaas+zijn aroma en de boter blijft smeerbaar.
Het vriesvak
Gebruik van het vriesvak
■ voor het opslaan van diepvriesproducten,
om ijsblokjes te make,
■ voor het invriezen vankleine hoeveelheden levensmiddelen.
Aanwijzing
Let erop dat de deur van het vriesvak goed gesloten is! Bij een open deur ontdooien de diepvrieswaren. In het vriesvak vomt zich eenDICke laag ijs. Bovendien: energieverspilling door te hoog stroomverbruik!
De deur van het vriesvak sluit met een hoorbare klik.
Maximale invriescapaciteit
Gegevens over de maximale invriescapaciteit binnen 24 uur vindt u op het typeplaatje (zie hoofdstuk „Servicedienst").
Invriezen en opslaan
Inkopen van diepvriesproducten
De verpakking mag nicht beschadigd zich.
Neem de houdbaarheidsdatum inRCT.
De temperatuur in de verkoop-koelkist要去 18^ of kouder zich.
De diepvriesproducten liefst in een koeltas transporteren en snel in het vriesvak leggen.
Verse levensmiddelen invriezen
Gebruikuitsluitend verse levensmiddelen.
Om de voedingswaarde, het aroma en de kleur zo goed möglich te behouden, dient groente geblancheerd te worden voordat het wordt ingevroren. Bij aubergines, paprika's, courgettes en asperges is blancheren nicht noodzakelijk.
Literatuur over invriezen en blancheren vindt u in de boekhandel.
Aanwijzing
Al ingevrøren levensmiddelen mogen
niet met de nog in te vriezen
levensmiddelen in aanrakingkommen.
Geschikt om in te vriezen: Bakwaren, vis en zeevruchten, vlees, wild, gezogelte, groente, fruit, kruiden, gepelde eieren, melkproducten zoals kaas, boter en kwark, bereide gerechten en kliekjes zoals soep, eenpansgerechten,kaar vlees en gare vis, aardappelgerechten, ovenschotels en zoete toetjes.
Niet geschikt om in te vriezen: Groentesoorten die meestal rauw worden gegeten, zoals kropsla en radijsjes, ongepelde eieren, wijndruiven, hele appels, peren en perziken, hardgekooke eieren, yoghurt, dikke zure melk, zure room, crème fraîche en mayonnaise.
Aanwijzing
Bij het invriezen van verse levensmiddelen is de looptijd van de vriesmachine langer. Onder omstandigheden kan daardoor ook de koelruimtetemperatuur te laag worden. Stel een hogere temperatuur voor de koelruimte in.
Diepvrieswaren verpakken
De levensmiddelen luchtdicht verpakken zodat ze Niet uitrogen of hun smaak verliezen.
- Levensmiddelen in de verpakking leggen.
- Licht eruit drukken.
- Het geheel van een goede sluiting voorzien.
- Vermeld op de pakjes inhoud en invriesdatum.
Voor verpakking geschikt:
Kunststof-, polyetheen- en aluminiumfolie, diepvriesdozen. Deze producten zich in de handel verkrijgbaar.
Niet geschikt voor verpakking:
pakpapier, vetvrij papier, cellofaan, vuilniszakken en gebruikte boodschappentasjes.
Als sluiting geschikt:
elastiekjes, clips van kunststof, touwtjes, koudebestendig plakband e.d.
Zakjes en folie van polyetheen+kunnen met een folie-lasapparaat worden dichtgelast.
Houdbaarheid van de diepvrieswaren
Deze hangt af van het soort levensmiddelen.
Op een temperatuur van -18 °C:
Vis, worst, klaargemaakte gerechten, brood en banket: tot 6 maanden.
Kaas, gevogelte, vlees: tot 8 maanden.
Groente, fruit: tot 12 maanden.
Ontdooien van diepvrieswaren
Afhankelijk van soort en bereidingswijze van de levensmiddelen(Int) kiezen uit de volgende möglichkheden:
■ bij omgevingstemperatuur
in de koelkast
in de elektrische oven, met/zonder heteluchtventilator
in de magnetron
Aanwijzing
Half of geheel ontdooide diepvrieswaren nicht opniew invriezen. Pas na het koken of braden tot een kanten-klaargerecht konnen ze opniew worden ingevroren.
De maximale bewaartijd worden hierdoor bekort.
Uitvoering
(niet bij alle modellen)
Glasplateaus
Afb. 4
U kunt de plateaus en Voorraadvakken in de binnenruimteaar wens verplaatsen: Plateau optillen,haar voren trekken,laten zakken en zichwaartsaar buiten draaien.
Flessenrek
Afb. 5
In de flessenrek kuren flessen veilig worden bewaard. De houder is variabel.
Sticker „OK”
(niet bij alle modellen)
Met de „OK“-temperatuurcontrolle kuren temperaturen onder +4^ worden geregisteerd. Stel de temperatuur trapsgewijs kouder de sticker nicht „OK" aangeeft.
Aanwijzing
Bij ingebruikneming van het apparaat kan het tot 12 uur duren voor de temperatuur is bereikt.

Correcte instelling
Apparaat uitschakelen en buiten werkung stellen
Uitschakelen van het apparaat
Temperatuurregelaar, afb. 2/A, op stand „0" draaien. Koelmachine en verlichting worden uitgeschakeld.
Buiten werking stellen van het apparatus
Als u het apparaat langere vrijd nicht gebruikt:
- Uitschakelen van het apparaat.
- Stekker uit het stopcontact trekken of de zekering losdraaien resp. uitschakelen.
- Schoonmaken van het apparaat.
- Deur van het apparat openCTX.
Ontdooien
De koelruimte worden volautomatisch ontdooid
Als de koelmachine loopt, vormen zich dooiwaterdruppels of een laagje rijp op dechterwand van de koelruimte. Dit is normal. U hoeft de waterdruppels Niet af te wissen of de rijp af te schrapen. Dechterwand wordt automatisch ontdooid. Het dooiwater loopt via het dooiwatergootje, afb. 6. Het dooiwater loopt van het dooiwatergootje maar de koelmachine waar het verdampt.
Aanwijzing
Dooiwatergootje en afvoergaatje regelmatig schoonmaken, zodat het dooiwater kan weglopen.
Het vriesvak
Het vriesvak worden nicht automatisch ontdooid. Een te dikke laag rijp of ijs verminder de afgifte van koude aan de diepvrieswaren en verhoogt het energieverbruik. Het vriesvak regelmatin gontdooien.

Attentie
Een laag rijp of ijs Niet met een mes of een scherp voorwerp aftschrapen. U kunt hierdoor de koelleidingen beschadigen. Koelmiddel dat maar buiten spuit kan vlam vatten of tot oogletsel leiden.
U gaat als volgt te werk:
Aanwijzing
Draai ca. 4aar voor het ontdooien de temperatuurregelaar op de hoogste stand, zodat de temperatuur van de levensmiddelen zeer laag worden en ze langer op de binnentemperatuur bewaard+kennen worden.
- Diepvrieswaren eruit halen en op een koele plek bewaren.
- Apparaat uitschakelen.
- Stekker uit het stopcontact trekken resp. de zekering uitschakelen of losdraaien.
- Om het ontdooiprocesse te versnellen een pan met heet water op een onderzetter in het apparaat zetten.
- Dooiwater met een spons of doeke afwissen.
- Wrijf het vriesvak droog.
- Apparaat weer inschakelen.
- Diepvrieswaren wee in het apparaat leggen.
Schoonmaken van het apparaat
Attentie
Gebruik geen schoonmaak of oplosmiddelen die zand, chloride of zuren bevatten.
- Geen schuursponsjes gebruiken. Op de metalen oppervlakken kan corrosie ontstaan.
De legplateaus en Voorraadvakken.mogen Niet in de afwasmachine gereinigd worden. Ze{kunnen verrormen!
U gaat als volgt te werk:
- Vóor het schoonmaken het apparaat uitschakelen.
- Stekker uit het stopcontact trekken of de zekering losdraaien resp.uitschakelen!
- De diepvrieswaren eruit halen en op een koele plaatsbewaren.
- Het apparaat schoonmaken met een zachte doek en lauw water met een Scheutje pH neutraal schoonmaakmiddel. Het sop mag niet in de verlichting terechtkommen.
- Deurafdichting alleen met schoon water schoonmaken en grondig droogwrijven.
- Het sop mag Niet via het afvoergaatje in het verdampingsgedeelte terechtkommen.
- Na het schoonmaking apparaat waar aansluiten en inschakelen.
- Diepvrieswaren wee in het apparaat leggen.
Uitvoering
Voor het reinigen konnen alle variabele onderdelen van het apparaat worden verwijderd.
Glasplateaus eruit halen
Afb. 4
De glasplateaus optillen, waar voren trekken, lately zakken en zichwaarts verwijdersen.
Dooiwatergoot
Afb. 6
De dooiwatergoot en het afvoergat regelmatig reinigen met wattenstaafjes o.i.d., zodate het dooiwater goed kan weglopen.
nl
Legplateausuitde deur nemen
Afb. 8
Legplateaus optillen en verwijderen.
Energie bespare
Het apparaat in een droge, goed te ventileren ruimte plaatsen! Het apparaat Niet direct in de zon of in de buurt van een warmtebron plaatsen zoals een verwarmingsradiator of een fornuis.
Gebruik eventueel een isolatieplaat.
Warme gerechten en dranken eerst laden afkoelen, daarna in het apparaatplaatsen!
- De diepvrieswaren om te ontdooien in de koelruimte leggen. Hierdoor benut u de koude van de diepvrieswaren voor het koelen van de levensmiddelen.
- Deuren van het apparaat zo kort可想而知,
- maybe it's a good idea to have a little more time.
Een laag rijp of ijs in de vriesruimte regelmatig lately ontdooien.
Een laag rijp of ijs vermindert de afgithe van koude aan de diepvrieswaren en verhoogt het energieverbruik.
Let erop dat de deur van het vriesvak goed gesloten is.
Dechterkant van het apparaat af en toe met met een stofzuiger of borstel reinigen om toename van het energieverbruik te voorkomen.
Bedrijfsgeluiden
Heel normale geluiden
Brommen
De motoren lopen (bijv. koelaggregaten, ventilator).
Borrelen, zoemen of gorgelen
Koelmiddel stroomt door de buizen.
Klikgeluiden
Motor, schakelaar of magneetventielen schakelen in/uit.
Voorkomen van geluiden
Het apparaat staat nicht waterpas
Het apparaat met behulp van een waterpas stellen. Gebruik hiervoor de schroefvoetjes of leg iets onder het apparaat.
Het apparaat staat gegen een andermeubel of apparatus
Het apparaat van het meubel of apparaat ernaat wegschuiven.
Reservoirs of draagplateaus wiebelen of klemmen
Controller de delen die eruit gehaald\ kunnen worden en zet ze eventuel opniew in het apparaat.
Flessen of serviesgoed raken elkaar
De flessen of het serviesgoed los van elkaar zetten.
Voordat u de hulp van de Servicedienst inroept:
Controller er erst of u aan de hand van de volgende punten de storing kunt verhelpen.
Als u om een monteur vragt, en het blijkt dat hij alleen maar een advies (bijv. over de bediening of het onderhoud van het apparaat) hoeft te gezven om de storing te verhelppen, dan moet u, ook in de garantietijd, de volledige kosten van dat bezoek betalen!
| Storing | Eventuele oorzaak | Oplossing |
| De verlichting functioneert nicht. | Het lampje is kapot. | Lampje verrangen. Afb. 7/B 1. Apparaat uitschakelen. 2. Stekkeruit het stopcontact trekken of de zekering losdraaien resp. uitschakelen. 3. Afdekking maar voren eraf trekken. 4. Lampje verrangen. (Reservelamp: 220-240 V wisselstroom, fitting E14, voor wattage zich het kapotte lampje.) |
| De lichtschakelaar klemt. | Controleer of er beweging in zit. Afb. 7/A | |
| Diepvrieswaren zijn vastgevroyen. | De diepvrieswaren met een bot voorwerp losmakers. Niet met een mes of een scherp voorwerp losmakers. | |
| Het vriesvak heeft een dikke laag rijp. | Ontdooien van het vriesvak. Zie hoofdstuk „Ontdooien". Zorg er.altijd voor dat de deur van het vriesvak gezodicht is. | |
| De bodem van de koelruimte is nat. | De dooiwatergoten of het afvoergat+zijn verstoot. | De dooiwatergoten en het afvoergaatje schoonmaken (zie „Schoonmaken van het apparaat"). Afb. 6 |
| In de koelruimte is het te koud. | Deur van het vriesvak is geopend. | Deur van het vriesvak sluiten. De deur van het vriesvak sluit met een hoorbare klik. |
| Er werden te veel levensmiddelen in eén keer ingeladen om in te vriezen. | Max. invriescapacitet nicht overschrijden. | |
| De temperatuurregelaar is te hoog ingesteld. | Temperatuurregelaar lager instellen. | |
| De koelmachine wordt steeds vaker en langer ingeschakeld. | De deur van het apparaat werk te vaak geopend. | Deur van het apparaat nicht onnodig openen. |
| De be en ontluchtingsopeningen zich afgedekt. | Afdekkingen verwijderen. | |
| Invziezen van grotere hoeveelheden verse levensmiddelen. | Max. invriescapacitet nicht overschrijden. | |
| De diepvrieswaren ontdooien. | De omgevingstempera tuur is kouder dan +16 °C. De koelmachine sla minder vaak aan. | Vertrek verwarmen (warmer dan +16 °C). Afb. 2/B Apparaten met binnentemperatuurschakelaar: Om in te schaken op de binnentemperatuurschakelaar drukken. Markering „0" is nicht meer zichtaar. De verlichting in het apparaat gaat op een lagere stand branden. |
| Het apparaat koelt Niet. | De temperatuurregelaar staat op de stand „0". | Temperatuurregelaar uit stand „0" draaien. Afb. 2/A |
| ■ Stroomuitval. | Controller of er stroom is. | |
| ■ Dezekering isuitgeschakeld. | Controller dezekeringen. | |
| ■ De stekker zit Niet goed in het stopcontact. |
Servicedienst
Adres en telefoonnummer van de Servicedienst in uw omgeving kut u vinden in het telefoonboek of in de meegeleverde brochure met service-adressen. Geef a.u.b. aan de Servicedienst het E-nummer (E-Nr.) en het FD-nummer (FD) van het apparatus op.
U vindt deze gegevens op het typeplaatje. Afb. 9
Door deze nummers aan de Servicedienst door te Geven voorkomt u onnodig heen en weer rijden van de monteur en de hieraan verbonden kosten. En de hieraan verbonden kosten.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
NL 0204303430
B 070222141


1
2

3

4

5

6


7

8

9
SimpelGids