KG39NXI32 - Koelkast SIEMENS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KG39NXI32 SIEMENS in PDF-formaat.
| Producttype | Koel-vriescombinatie |
| Merk | SIEMENS |
| Model | KG39NXI32 |
| Klimaatklasse | SN, N, ST, T (van +10 °C tot +43 °C) |
| Elektrische voeding | 220-240 V / 50 Hz, beschermingsklasse I |
| Koelmiddel | R600a (brandbaar, milieuvriendelijk) |
| Ontdooiing vriezer | Automatisch (No Frost) |
| Supervriezen | Ja, inschakelen met toets, automatisch uitschakelen na 2,5 dagen |
| Superkoelen | Ja, ongeveer 6 uur |
| Alarmen | Deuralarm (na 1 min), temperatuuralarm |
| Verlichting | LED (onderhoud voorbehouden aan klantenservice) |
| Koelvers gedeelte | Ja, temperaturen onder 0 °C mogelijk |
| Groentelade | Met vochtigheidsregelaar |
| Actief koolstoffilter | Ja, voor luchtzuivering |
| Koudeaccumulator | Meegeleverd, voor langere bewaring bij stroomuitval |
| Verstelbare voeten | Ja, schroefvoeten |
| OK-sticker | Temperatuurcontrole (< +4 °C) |
| Veiligheidsinstructies | Geen elektrische apparaten in de koelkast gebruiken, niet reinigen met stoom, koelcircuit niet beschadigen |
Veelgestelde vragen - KG39NXI32 SIEMENS
Gebruikersvragen over KG39NXI32 SIEMENS
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KG39NXI32 - SIEMENS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KG39NXI32 van het merk SIEMENS.
GEBRUIKSAANWIJZING KG39NXI32 SIEMENS
de Gebrauchsanleitung
en Instruction for Use
fr Mode d'emploi
it Istruzioni per l'uso
nl Gebruiksaanwijzing
KG..N..
Koel-/diepvriescombinatie
Veiligheidsbepalingen en waarschuwingen 80
Aanwijzingen over de afvoer 82
Omvang van de levering 83
Let op de omgevingstemperatuuren de beluchting 83
Apparaat aansluiten 84
Kennismaking met het apparaat .... 85
Inschakelen van het apparatusat 86
Instellen van de temperatuur 86
Energiebesparingsmodus 87
Alarm function 87
Netto-inhoud 87
De koelruimte 88
Super-koelen 88
Diepvriesruimte 88
Maximaleinvriescapaciteit 88
Invriezen en opslaan 89
Verse levensmiddelen invriezen 89
Supervriezen 90
Ontdooien van diepvrieswaren 91
Specialeuitvoering 91
Sticker "OK" 92
Uitschakelen van het apparatus 92
Schoonmaken van het apparatusat .... 93
Verlichting (LED) 94
Energie bespare 94
Bedrijfsgeluiden 95
Kleine storingenzelfverhelpen 96
Servicedienst 98
Veiligheidsbepalingen en waarschuwingen
Voordat u het apparaat in gebruik neemt
Lees de gebruiksaanwijzing en het installmentievoorschrift nauwkeurig door. U vindt waarin belangrijke informatatie over plaatsing, gebruik en onderhoud van het apparaat.
De fabrikant aanvaardt geen
aansprakelijkheid als de aanwijzingen
en waarschuwingen
in de gebruiksaanwijzing nicht in acht
worden genomen. Bewaar
de gebruiksaanwijzing en het
montagevoorschrift voor later gebruik
of voor een eventuele latere bezitter.
Het apparaat bevat een geringe hoveeelheid van het milieuvriendelijkke maar brandbare koelmiddel R600a. Let erop dat de leidingen van het koelcircuit bij het transport of de installmentie nicht beschadigd worden. Koelmiddel dat waar buiten spuit kan vlam vatten of tot oogletsel leiden.
Bij beschadiging
Open vuur of andere ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat houden;
Ruimte gedurende eenaar minuten goed luchten;
Apparaat uitschakelen en de stekkeruit het stopcontact trekken;
- Contact opnemen met de Servicedienst.
Hoe meer koelmiddel het apparaat bevat,des te groter moet de ruimte+zijn waarin het apparaat worden opgesteld. In een tekleine ruimte kan bij een lek een ontvlambaar mengsel van gas en lucht ontstaan.
Per 8 g koelmiddel要去h vertrek minstens 1m^3 moot zijn. De hoeveelheid koelmiddel in uw apparaat vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat.
Als de aansluitkabel van het apparaat beschadigd raakt, moet deze worden verrangen door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon. Onvakkundige installmentie en reparations können groot gevaar opleveren voor de bezitter.
Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon.
Er mogen alleen originele onderdelen van de fabrikant gelebruikt worden. Alleen bij deze onderdelen garandeert de fabrikant dat ze aan de veiligheidseisen voldoen.
Een verlengsnoer voor de aansluitkabel maguitsluitend via de klantenservice worden aangeschaft.
Bij het gebruik
Nooit elektrische apparaten in het apparaat gebruiken (bijv. verwarmingsapparaten, elektrische ijsmaker etc.). Gevaar voor explosie!
Het apparaat nooit met een stoomreiniger ontdooien of schoonmaken! De hete stoom kan in de elektrische onderdelen terechtkomen en kortsluitingveroorzaken. Kans op een elektrische schok!
- Gebruik geen suntige of scherpe voorwerpen om een laag ijs of rijp te verwijderen. Hierdoor kut u de koelledingen beschadigen. Koelmiddel dat maar buiten spuit kan vlam vatten of tot oogletsel leiden.
- Geen producten met brandbare drijfgassen (bijv. spuitbussen) en geen explosieve stoffen in het apparaat opslaan. Gevaar voor explosie!
- Plint, uittrekbare manden of laden, deuren etc. nied als opstapje gebruiken of om op te leunen.
- Om te ontdooien of schoon te make: stekker uit het stopcontact trekken resp. de zekering uitschakelen of losdraaien. Altijd aan de stekker trekken, nooit aan de aansluitkabel.
Dranken met een hoog alcoholpercentage altijd goed afgesloten en staand bewaren. - Geen olie of vet gebruiken op kunststof onderdelen en deurdichtingen. Ze können pereus worden.
De be- en ontluchtingsopeningen van het apparatus nooit afdekken.
Personen (inclusief kinderen) met fysieke, sensorische of psychische beperkingen of gebrekkige kennis mogen dit apparaat uitsluitend gebruiken indien ze onder toezicht staan van een person die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of door deze persoon zich ingelicht over de wijze waarop het apparaat dient te worden gebruikt.
Flessen en blikjes met vloeistoffen – vooral koolzuurhoudende dranken – Niet in de diepvriesruimte opslaan. De flessen en blikjes können springen!
Diepvrieswaren nadat u ze uit de diepvriesruimte hebt gehaald, nooit onmiddelijk in de mond nemen. Kans op verbranding!
Vermijd langdurig contact van uw handen met de diepvrieswaren, ijs of de verdamperbuizen enz. Kans op verbranding!
Kinderen in het huishouden
Verpakkingsmaterial en onderden ervan zichn geen spellegoed voor kinderen. Verstikkingsgevaar door opvouwbare kartonnen dozens en folie!
Het apparaat is geen spelelgoed voor kinderen!
Bij een apparaat met deurslot: sleutel buiten het bereik van kinderen bewaren!
Algemene bepalingen
Het apparaat is geschikt
voir het koelen en invriezen van levensmiddelen,
voor het bereiden van ijs.
Dit apparaat is bestemd voor privilegedebruik in het huishouden en de huiselijke omgeving.
Het apparaat is ontstoord volgens EU richtlijn 2004/108/EC.
Het koelcircuit is op dichtheid gecontrolererd.
Dit apparaat voldoet aan de veiligheidsbepalingen voor elektrische apparaten (EN 60335-2-24).
Aanwijzingen over de afvoer
Afvoeren van de verpakking van uw nieuwe apparaat
De verpakking beschermt uw apparaat gegen transportschade. De gebruiktematerialen zijn onschadelijk voor het milieu en kunnen opnieuw worden gebruikt. Helpaarom mee en zorg dat de verpakking milieuvriendelijk worden afgevoerd.
U kunt bij uw leverancier of bij de reinigingsdienst in uw gemeente informeren hoe u uw oude apparaat en het verpakkingsmaterial van het neue apparaat kunt (laten) afvoeren voor een milieuvriendelijkke verwerking.
Afvoeren van uw oude apparaat
Oude apparaten zich geen waardeloos afval! Door een milieuvriendelijkke afvoer{kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen.

Dit apparatus is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlij 2002/96/EG betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). Deze richtlij geeft het kader aan voor een in de EU geldende terugname en verwerking van oude apparaten.
Waarschuwing
Bij afgedankte apparaten
- Stekker uit het stopcontact trekken.
- Aansluitkabel doorknippen en samen met de stekker verwijderen.
- Legplateaus en Voorraadvakken nicht eruit halen om het kinderen moeilijk te maken erin te klimmen!
- Laat kinderen nicht met het afgedankte apparaat spelen. Verstikkingsgevaar!
Koelapparaten bevatten koelmiddelen in de isolatie gas. Die zorgvuldig moeten worden afgevoerd. Met het oog op een doelmatige en milieuvriendelijk afvoer mogen de leidingen van het koelcircuit tot het moment van transport nicht beschadigd worden.
Omvang van de levering
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade.
Voor klachten Aunt u terecht bij de winkel waar u het apparaat hebt aangeschaf of bij once klantenservice.
De levering bestaat uit de volgende onderdelen:
Vrijstaand apparatus
Uitrusting (modelafhankelijk)
Gebruiksaanwijzing
Montagevoorschrift
Klantenserviceboekje
Garantiebjlage
Informatie over energieverbruik en geluiden
Zakje met montagematerialial
Let op de omgevings-temperatuur en de beluchting
Omgevingstemperatuur
Het apparaat is voor een bepaalde klimaatklasse geconstrueree. Afhankelijk van de klimaatklasse kan het apparaat bij de volgende omgevingstemperaturen gebruikt worden.
De klimaatklasse staat op het typeplaatje, afb. 12.
| Klimaatklasse | Toelaatbare omgevingstemperatuur |
| SN | +10 °C tot 32 °C |
| N | +16 °C tot 32 °C |
| ST | +16 °C tot 38 °C |
| T | +16 °C tot 43 °C |
Aanwijzing
Het apparaat is volledig functioneel binnen de binnentemperatuurgrenzen van de aangegeven klimaatklasse. Wanner een apparaat uit klimaatklasse SN worden gezruikt bij een lagere binnentemperatuur, hunnen beschadigingen aan het apparaat worden uitgesloten tot een temperatuur van +5^
Beluchting
Afb. 3
De lucht aan dechterwand en aan de zijwanden van het apparaat worden verwamd. De verwarmde lucht要去 ongehinder afgevoerd hunnen worden. Anders要去 de koelmachine meer presteren waardoor het energieverbruik toeneemt.
De be en ontluchtingsopeningen mogen dan ook nooit worden afgedekt!
Apparaat aansluiten
Na hetplaatsen van het apparaat moet u minimaal 1aar wachten voordat u het apparaat in gebruik neemt. Tijdens het transport kan het gebeuren dat de olie van de compressor in het koelsystem terecht komt.
Vór het eerste gebruik de binnenruimte van het apparaat schoonmaken (zie hoofdstuk „Schoonmaken van het apparaat").
Elektrische aansluiting
Het stopcontact moet zich in de buurt van het apparatusaat bevinden en ook na het opstellen van het apparatusaat goed bereikbaar�.
Het apparaat voldoet aan beschemklasse I. Het apparaat aansluiten op een volgens de voorschriften geinstalleerd 220-240 V/50 Hz wisselstroomstopcontact met aardleiding. Het stopcontact要去en beveiligdat met een zekering van 10 A tot 16 A.
Bij apparaten die in nicht Europese landen
worden gezruikt op het typeplaatje
controleren of de aansluitspanning
en de stroomsoort overeenkomen met
de waarden van uw elektriciteitsnet.
U vindt deze gevevens
op het typeplaatje. Afb. 12

Waarschuwing
Het apparaat mag in geen geval worden aangesloten op elektronische energiebesparingsstekkers.
Voor once apparaten können netvoedingsinverters en sinusinverters worden gezruikt. Netvoedingsinverters worden gezruikt bij fotovoltaische installations die rechtstreeks+zijn aangesloten op het openbare elektriciteitsnet. Bij losstaande systemen (bijv. op schepen of in berghutten) die geen rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet hebben,要去en sinusinverter worden gezruikt.
Kennismaking met het apparaat

De LaTeX bladzijde met de afbeeldingen uiktlappen. Deze gebruiksaanwijzing is op更是 dan een type van toepassing.
De uitrusting van de modellen kan variieren.
Kleine afwijkingen in de afbeeldingen zich mogelijk.
Afb. 1
*Niet bij alle modellen.
1-8 Bedieningselementen
9 Lichtschakelaar
10 Verlichting (LED)
11 Luchtopening
12 Legroosters/plateaus in de koelruimte
13 Flessenrek
14 Groentelade
15 Chillervak
16 Diepvrieslade
17 Vriesrooster
18 Schroefvoetjes
19 Eierrekje
20 Boter en kaasvak *
21 Koolstoffilters
22 Flessenhouser*
23 Vak voor große flessen
24 Koude-accu/Diepvrieskalender *
A Koelruimte
B Diepvriesruimte
Bedieningselementen
Afb. 2
1 Toets Aan/Uit
Om het hele apparaat in en uit te schakelen.
2 Alarmtoets
Om het alarmsignaal UIT te schakelen (zie hoofdstuk „Alarm function").
3 Toets „super" (Diepvriesruimte)
Om het supervriessystem in en uit te schakelen.
4 Insteltoets temperatuur in de diepvriesruimte
Met de toets worden de temperatuur van de diepvriesruimte ingesteld.
5 Temperatuurindicatie Diepvriesruimte
De cijfers komen overeen met de ingestelde temperaturen in de diepvriesruimte in ^ C
6 Toets „super" (Koelruimte)
Om het superkoelsystem in enuit te schakelen.
7 Temperatuurinsteltoets koelruimte
Met de toets worden de temperatuur van de koelruimte ingesteld.
8 Temperatuurindicatie Koelruimte
De cijfers komen overeen met de ingestelde temperaturen in de koelruimte in ^ C
Inschakelen van het apparatus
Het apparaat met de insteltoets 2/1 inschakelen.
Er is een alarmsignaal te horen.
De alarmtoets 2/2 knippert.
Druk op de alarmtoets 2/2. Het alarmsignaal worden uitgeschakeld.
De alarmtoets 2/2 brandt tot de ingestelde temperatuur in de diepvriesruimte is bereikt.
Bij geopende deur brandt de verlichting in de koelruimte.
Aanwijzing
Wanneer de lichtschakelaar, afb. 1/9, bij geopende deur worden ingedrukt, gaan de verlichting en deindications van de bedieningselementenuit.
De fabriek advisert de volgende temperaturen:
■ Koelruimte: +4 °C
Diepvriesruimte: -18 °C
Aanwijzingen bij het gebruik
Na het inschakelen kan het een aantal uren duren voordat de ingestelde temperaturen zich bereikt.
Door het volledig automatische No Frost-systeme blijft de vriesruimte ijsvrij. Ontdooien is overbodig.
De voorzijde van het apparaat achefter de deur worden gedeeltelijklicht verwarmd waardoor de vorming van condenswater in de buurt van de deurafdichting worden voorkomen.
Wonneer de deur van de diepvriesruimte na het sluiten nicht direct weeer geopend kan worden, dient u even te wachten tot de onderdruk is verdwenen.
Instellen van de temperatuur
Afb. 2
Koelruimte
De temperatuur is instelbaar van +2^ to +8^ .
Temperatuur-insteltoets 7 net zo vaak indrukken tot de gewenste temperatuur in de koelruimte is ingesteld. De LAST ingestelde waarde worden in het geheugen opgeslagen.
De ingestelde temperatuur worden aangegeven op de temperatuurindicatie 8.
Wij adviseren een temperatuurinstelling van +4^ voor de koelruimte.
Gevoelige levensmiddelen nicht warmer dan bij +4^ bewaren.
Diepvriesruimte
De temperatuur is instelbaar van -16 °C tot -24 °C.
Temperatuur-insteltoets 4 net zo vaak indrukken tot de gewenste temperatuur in de diepvriesruimte is ingesteld. DeIRST ingestelde waarde wordt in het geheugen opgeslagen.
De ingestelde temperatuur worden aangegeven op de temperatuurindicatie 5.
Wij adviseren een instelling van -18 °C voor de diepvriesruimte.
Energiebesparingsmodus
Wonneer het apparaat eenijdje nicht worden gebruikt, worden deindicatie van bedieningselementen op de energiespaarmodus gezet.
Alleen de nooodzakelijkke lampjes branden nog met verminderde Lichtsterkte.
Zodra het apparaat wee in gebruik is, bijv. bij het openen van de deur, schakelt de individatie weeer op de normale verlichting om.
Alarm function
In de volgende gevalen kan het alarm afgaan:
Deuralarm
Het deuralarm worden ingeschakeld als een deur van het apparaat langer dan een minuut openstaat. Door de deur te sluiten worden het alarmsignaal weeitgeschakeld.
Temperatuur-alarm
Het temperatuuralarm worden
ingeschakeld als het in de
diepvriesruimte te warm is waardoor de
diepvrieswaren können ontdooien.
| Alarmtoets | Verklaring |
| brandt | Temperatuurwaarschuwing: De diepvrieswaren lopen geen gevaar. |
| knippert | Ontdooiwaarschuwing: De diepvrieswaren lopen gevaar of waren in gevaar. |
Zonder gevaar voor de diepvrieswaren kan het alarm automatisch inschakelen:
■ bij het in gebruik nemen van het apparaat,
■ bij het inladen van grote hoeveelheden verse levensmiddelen,
als de deur van de diepvriesruimte te lang geopend werd.
Aanwijzing
Half of geheel ontdooide diepvrieswaren nicht opniewu invriezen. Pas na het koken of braden tot een kant-en-klaargerecht konnen ze opniewu worden ingevroren.
De maximale bewaartijd nicht meer ten volle benutten.
Alarm uitschakelen
Afb. 2
Door de alarmtoets 2 in te drukken wordt het alarm uitgeschakeld.
Netto-inhoud
De gegevens over de netto-inhoud vindt u op het typeplaatje in uw apparaat.
Afb. 12
Diepvriesinhoud volledig benutten
Om de maximale hoeveelheid diepvrieswaren aan te brengen, kunden alle diepvriesladen behalve de ondersteuih het apparaat worden genomen. De levensmiddelen kunden direct op de vriesroosters gestapeld worden.
Onderdelen eruit halen
Om de diepvriesladen eruit te halen: de diepvrieslade tot aan de aanslag uittrekken, aan de voorkant ieits optillen en eruit halen. Afb. 7
De koelruimte
De koelruimte is de ideale bewaarplaats voor klaargemaakte gerechten, brood en banket, conserven, gecondenseerde melk, harde kaas, koudegevoelig fruit en groente en voor zuidvruchten.
Attentie bij het inruimen
- De levensmiddelen goed verpakt of afgedekt inruimen. Hierdoor blijven geur, kleur en versheid behouden. Bovendien worden voorkomen dat de levensmiddelenaar elkaar gaan smaken en de kunststof onderdelen verkleuren.
Warme gerechten en dranken eerst latent afkoelen en pas daarna in het apparaat zetten.
Aanwijzing
Voorkom dat de levensmiddelendechterwand raken. Anders wordtdle luchtcirculatie verminderd.
Levensmiddelen of verpakkingen können aan de hinterwand vastvriezen.
Super-koelen
Tijdens het superkoelen worden de koelruimte ca. 6 uur zo koud möglich gekoeld. Hierna worden automatisch omgeschakeld maar de voór het superkoelen ingestelde temperatuur.
Het superkoelsystemeinschakelen bijv.:
Vóor het inladen van grote hoeveelheden levensmiddelen.
Omdraken snel te koelen.
In- en uitschakelen
Afb. 2
Toets "super" 6 indrukken.
De toets brandt als
het superkoelsystem is ingeschakeld.
Diepvriesruimte
De diepvriesruimte gebruiken
voor het opslaan van diepvriesproducten,
om ijsblokjes temaken,
om levensmiddelen in te vriezen.
Aanwijzing
Let erop dat de deur van het diepvriesruimte goed gesloten is! Bij een open deur ontdooien de diepvrieswaren. In de diepvriesruimte vormt zich veel ijs. Bovendien: energieverspilling door te hoog stroomverbruik!
Maximale invriescapaciteit
Gegevens over de maximale invriescapaciteit binnen 24 uur vindt u op het typeplaatje. Afb. 12
Invriezen en opslaan
Inkopen van diepvriesproducten
De verpakking mag nicht beschadigd zich.
Neem de houdbaarheidsdatum inRCT.
De temperatuur in de verkoop-koelkist moet -18 ^ C of kouder zich.
- De diepvriesproducten liefst in een koeltas transporteren en snel in de diepvriesruimte leggen.
Bij het inruimen
Grote levensminderhoeveelheden bij voorkeur in het bovenste vak invriezen; waar worden ze bijzonder snel en daardoor ook behoedzaam ingevroren. De levensmiddelen naast elkaar in de vakken resp, diepvriesladen leggen. De vers in te vriezen levensmiddelen mogen Niet met de al ingevroren levensmiddelen in aanraking komen. Eventueel de door en door bevroren levensmiddelen in de diepvriesladen omstapelen.
Diepvrieswaren opslaan
Belangrijk voor een goede luchtcirculatie in het apparaat: diepvrieslade tot aan de aanslag inschuiven.
Als er zeer veel levensmiddelen要去en worden ondergebracht, dan kan men alle diepvriesladen, behalve de onderste, uithet apparaat halen en de levensmiddelen direct op de vriesroosters stapelen. Om de diepvriesladen eruit te halen: de diepvrieslade tot aan de aanslag uittrekken, aan de voorkant iets optillen en eruit halen.Afb.7
Verse levensmiddelen invriezen
Gebruikuitsluitend verse levensmiddelen.
Om de voedingswaarde, het aroma en de kleur zo goed möglich te behouden, dient groente geblancheerd te worden voordat het worden ingevroren. Bij aubergines, paprika's, courgettes en asperges is blancheren nichtoodzakelijk.
Literatuur over invriezen en blancheren vindt u in de boekhandel.
Aanwijzing
Al ingevroren levensmiddelen mogen
niet met de nog in te vriezen
levensmiddelen in aanrakingkommen.
Geschikt om in te vriezen: Bakwaren, vis en zeevruchten, vlees, wild, gevogelte, groente, fruit, kruiden, gepelde eieren, melkproducten zoals kaas, boter en kwark, bereide gerechten en kliekjes zoals soep, eenpansgerechten, gaar vlees en gare vis, aardappelgerechten, ovenschotels en zoete toetjes.
Niet geschikt om in te vriezen: Groentesoorten die meestal rauw worden gegeten, zoals kropsla en radijsjes, ongepelde eieren, wijndruiven, hele appels, peren en perziken, hardgekooke eieren, yoghurt, dikke zure melk, zure room, crème fraîche en mayonnaise.
nl
Diepvrieswaren verpakken
De levensmiddleslen luchtdicht verpakken zodat ze nicht uitdrogen of hun smaak verliezen.
- Levensmiddelen in de verpakking leggen.
- Lucht eruit drukken.
- Het geheel van een goede sluiting voorzien.
- Vermeld op de pakjes inhoud en invriesdatum.
Voor verpakking geschikt:
Kunststof-, polyetheen- en aluminiumfolie, diepvriesdozen. Deze producten zich in de handel verkrijgbaar.
Niet geschikt voor verpakking:
pakpapier, vetvrij papier, cellofaan, vuilniszakken en gebruikte boodschappentasjes.
Als sluiting geschikt:
elastiekjes, clips van kunststof, touwtjes, koudebestendig plakband e.d.
Zakjes en folie van polyetheen+kunnen met een folielasapparaat worden dichtgelast.
Houdbaarheid van de diepvrieswaren
Deze hangt af van het soort levensmiddelen.
Op een temperatuur van -18 °C:
Vis, worst, klaargemaakte gerechten brood en banket: tot 6 maanden.
Kaas, gevogelte, vlees: tot 8 maanden.
Groente, fruit: tot 12 maanden.
Supervriezen
De levensmiedelen zo snel möglichk door en door invriezen zodate vitamine, voedingswaarden, uiterlijk en smoak behouden blijven.
Om te voorkomen dat bij het inladen van verse levensmiddelen de temperatuur ongewenst stijgt: eenaar uur voor het inladen van verse levensmiddelenhet supervriessysteminschaken. Doorgaans is 4-6 uur van tevoren voldoende.
Als u het max. vriesvermogen wilt gebruiken, dient u 24 uur voor het inladen van de verse waar het supervriezen in te schaken.
Kleinere hoeveelheden levensmiddelen (max. 2 kg) können zonder gebruik van het supervriessystem worden ingevroren.
Aanwijzing
Als het supervriessystem is ingeschakeld,konnen de bedrijfsgeluiden toenemen.
In- en uitschakelen
Afb. 2
Toets "super" 3 indrukken.
Is super vriezen ingeschakeld, danlicht de toets op.
Het supervriessystem wordt na 21 / 2 davon automatischuitgeschakeld.
Ontdooien van diepvrieswaren
Afhankelijk van soort en vereidingswijze van de levensmiddelen kut u kiezen uit de volgende möglichkheden:
■ bij omgevingstemperatuur
in de koelkast
in de elektrische oven, met/zonder heteluchtventilator
in de magnetron

Attentie
Half of geheel ontdooide diepvrieswaren nicht opniew invriezen. Pas na het koken of braden tot een kanten-klaargerecht können ze opniew worden ingevroren.
De maximale bewaartijd worden hierdoor bekort.
Speciale UITvoering
(niet bij alle modellen)
Legplateaus en Voorraadvakken
U kunt de legplateaus en de Voorraadvakken in de deur maar wens verplaatsen. Legplateauaar voren trekken,ietslaten zakken en aan de zijkant uitzwenken.Voorraadvakietsoptillen en eruit halen.
Flessenrek
Afb. 4
In de flessenrek können flessen weilig worden bewaard. De houder is variabel.
Groentelade met vochtigheidsregelaar
Afb. 5
Om een optimaal klimaat voor het bewaren van groente, salute en fruit te scheppen, kan de luchtvochtigheid in de groentelade worden geregeld afhankelijk van de te bewaren hoeveeelheid.
Door de vochtigheidscontrole{kunnen verse levensmiddelen met behoud van hun versheid tot tweemaal langer bewaard worden dan in de normale koelzone.
Kleine hoeveelheden levensmiddelen - Regelaar maar links schuiven.
Grote hoeveelheden levensmiddelen – Regelaar maar rechts schuiven.
Chillervak
Afb. 1/15
In het chillervak heersen lagere temperaturen dan in de koelruimte. Er können ook temperaturen onder 0^ optreden.
Ideaal voor het bewaren van vis, vlees en worst. Niet geschikt voor salades, groente en koudegevoelige levensmiddelen.
nl
Diepvrieskalender
Afb. 1/24
Om vermindering van de kwaliteit van de diepvrieswaren te voorkomen, is het belangrijk dat de toelaatbare bewaartijd Niet worden overschreden. De bewaartijd is afhankelijk van het soort levensmiddelen. De cijfers bij de symbolen gezven in maanden de toelaaatbare bewaartijd voor de diepvrieswaren aan. Bij Kant en kaar gekocht de diepvriesproducten altijd letten op de op de verpakking aangegeven invriesdatum of de houdbaarheidsdatum.
Koude-accu
Afb. 6
De koude-accu vertraagt bij het uittvallen van de stroom of bij een storing het verwarmen van de opgeslagendiepvrieswaren. De langste bewaartijd wordt bereikt als u de accu direct op de levensmiddelen in het bovenstevak legt.
Om ruimte te besparen kan de accu in hetvakinde deurbewaard worden.
De koude-accu kan ook voor hetijdelijk koelhonden van levensmiddelen (bijv. in een koeltas) eruit genomen worden.
Koolstoffilters
Afb. 1/21
Het actief koolstofffilter verrangt en zuivert de lucht in het apparaat.
Sticker „OK”
(niet bij alle modellen)
Met de „OK“-temperatuurcontrolle
kunnen temperaturen onder +4^ worden geregisteerd. Stel
de temperatuur trapsgewijs kouder in als
de sticker nicht „OK“ aangeeft.
Aanwijzing
Bij ingebruikneming van het apparaat kan het tot 12 uur duren voor de temperatuur is bereikt.

Correcte instelling
Uitschakelen van het apparaat
Afb. 2
Toets Aan/Jit 1 indrukken. Koelmachine wordenuitgeschakeld.
Buiten werking stellen van het apparatus
Als u het apparaat langerearend Niet gebruikt:
- Uitschakelen van het apparaat.
- Stekker uit het stopcontact trekken of de zekering losdraaien resp. uitschakelen.
- Schoonmaken van het apparaat.
- Deur van het apparat open lately.
Schoonmaken van het apparaat
Attentie
- Gebruik geen schoonmaak of oplosmiddelen die zand, chloride of zuren bevatten.
Geenschursponsjesgebruiken.
Op de metalen oppervlakken kan corrosie ontstaan.
De legplateaus en voorraadvakken\
mogen Niet in de afwasmachine\
gereinigd worden.
de openingsssleuf aan de voorkant in de bodem van het vriesvak,
de bedieningselementen en
deverlichting.
U gaat als volgt te werk:
- Vór het schoonmaken het apparaat uitschakelen.
-
Stekker uit het stopcontact trekken of de zekering losdraaien resp.uitschakelen!
-
De diepvrieswaren eruit halen en op een koele plaats bewaren. Koudeaccu (indien aanwezig) op de levenmiddelen leggen.
- Het apparaat schoonmaken met een zachte doek en lauw water met een scheutje pH neutraal schoonmaakmiddel. Het sop mag Niet in de verlichting terechtkomen.
- Deurafdichting alleen met schoon water schoonmaken en grondig droogwrijven.
- Na het schoonmaken apparaat wee aansluiten en inschakelen.
- Diepvrieswaren wee in het apparaat leggen.
Uitvoering
Voor het reinigen kannen alle variabele onderdelen van het apparaat worden verwijderd.
Glasplateaus eruit halen
De glasplateaus waar voren trekken en verwijderen.
Glasplateau en groentelade verwijderen
Afb. 9
Voordat het glasplateau kan worden verwijderd, de groentelade uittrekken.
De glasplaat kan eruit gehald worden om schoon te make.
nl
Glazen legplateau koelvak
(niet bij alle modellen)
Aanwijzing
Glazen legplateau van het koelvak nicht onder stromend water reinigen.
De groentelade en het koelvak verwijderen voordat u het glazen legplateau verwijdert.
Afb. 10
Houlders geleijktijdig indrukken, glazen legplateau optillen en waar voren trekken.
Lades in de koelruimte
Afb. 8
Lade helemaal uittrekken, iets optillen en eruit halen.
Om erin te zetten: lade aan de voorkant op de uittrekbare rails zetten en in het apparaat schuiven. De lade klikt vast door hem omlaag te drukken.
Aanwijzing
Voordat de groentelade kan worden verwijderd, moet het glasplateau erboven worden verwijderd.
Diepvrieslade verwijderen
Afb. 7
Diepvriesladen tot aan de aanslag uittrekken, vooraan optillen en verwijderen.
Verlichting (LED)
Het apparaat is voorzien van een onderhoudsvrije LED verlichting.
Reparaties aan deze verlichting mogen alleen door de Servicedienst of een erkendvakman worden uitgevoerd.
Energie bespare
Het apparaat in een droge, goed te ventileren ruimte plaatsen! Het apparaat Niet direct in de zon of in de buurt van een warmtebron plaatsen zoals een verwarmingsradiator of een fornuis.
Gebruik eventueel een isolatieplaat.
Warme gerechten en dranken eerst laden afkoelen, daarna in het apparaatplaatsen!
- De diepvrieswaren om te ontdooien in de koelruimte leggen. Hierdoor benut u de koude van de diepvrieswaren voor het koelen van de levensmiddelen.
- Deuren van het apparaat zo kort möglich openen!
- Om een verhoogd stroomverbruik te vermijden, dient de achechterkant van het apparaat af en toe gereinigd te worden.
- Indien aanwezig: Wandafstandhouser monteren om de geplande energieopname van het apparaat te bereiken (zie montagehandleiding). Een Kleinere afstand tot de muur heeft geen nadelige invloed op de werkking van het apparaat. De energieopname kan dan wel iets veranderen. De afstand van 75mm mag nicht worden overschreden.
Bedrijfsgeluiden
Heel normale geluiden
Brommen
De motoren lopen (bijv. koelaggregaten, ventilator).
Borrelen, zoemen of gorgelen
Koelmiddel stroomt door de buizen.
Klikgeluiden
Motor, schakelaar of magnetoventielen schakelen in/uit.
Knakkende geluiden
Het automatische ontdooisystem treedt in werkung.
Voorkomen van geluiden
Het apparaat staat nicht waterpas
Het apparaat met behulp van een waterpas stellen. Gebruik hiervoor de schroefvoetjes of leg iets onder het apparaat.
Het apparaat staat gegen een ander meubel of apparaat
Het apparaat van het meubel of apparaat ernaastwegschuiven.
Reservoirs of draagplateaus wiebelen of klemmen
Controller de delen die eruit gehaald\ kunnen worden en zet ze eventueel\ opniew in het apparaat.
Flessen of serviesgoed raken elkaar
De flessen of het serviesgoed los van elkaar zetten.
Voordat u de hulp van de Servicedienst inroept:
Controleer eerst of u aan de hand van de volgende punten de storing kurz verhelpen.
Als u om een monteur vraagt, en het blijkt dat hij alleen maar een advies (bijv. over de bediening of het onderhoud van het apparaat) hoeft te gezven om de storing te verhelppen, dan moet u, ook in de garantietijd, de volledige kosten van dat bezoek betalen!
| Storing | Eventuele oorzaak | Oplossing |
| De temperatuur wijkt erg af van deinstelling. | In sommige geallen is het voldoende om het apparaat gedurende 5 minutes uit te schakelen.Als de temperatuur te warm is: na enkele uren controleren of de temperatuur de temperatuurinstelling genaderd is.Als de temperatuur te koud is: de volgende dag de temperatuur nogmaals controleren. | |
| De verlichting functioneert nicht.Afb. 1/10 | De lichtschakelaarklemt. | Controler of er beweging in de lichtschakelaar zit. Afb. 1/9 |
| De verlichting is defect. | Zie hoofdstuk „Verlichting". | |
| In de koelruimte is het te koud. | Koudere temperaturen in de diepvriesruimtekunnen ook leiden tot koudere temperaturen in de koelruimte. Dit is normaal. | De temperatuur in de koelruimte iets warmer instellen.Als dit Niet voldoende is, bijv. odomdat de binnentemperatuur te laag is,(Int)kunt u ook de temperatuur van de diepvriesruimte hoger instellen. |
| Gedimde verlichting van de bedieningselementen. | Wanner het apparaat eenijdje nicht worden bediend, worden de indicate van het bedieningspaneel op de energiespaarmodus gezet. | Zodra het apparaat waar in gebruik is, bijv. bij het openen van de deur, schakelt de indicatieeer op de normale verlichting om. |
| Geen enkele indicatebrandt. | Stroomuitval;de zekering isuitgeschakeld;de stekker zich nicht goed inhet stopcontact. | Stekker in het stopcontact steken.Controler of er stroom is.Controler de zekeringen. |
| De temperatuur inde diepvriesruimte iste warm. | De deur vanhet apparaat werden te vaak geopend. | Deur van het apparaat zich onnodigopenen. |
| De be ontluchtingsopeningenzijn afgedekt. | Afdekkingen verwijderen. | |
| Invriezen van groterehoeveelheden verselevensmiddelen. | Max. invriescapaciteit zichoverschrijden. | |
| De deur vande diepvriesruimtestand te lang open;de temperatuur wordeniet meer bereikt. | Er zit zo veel ijs op de verdamper dathet No Frost-systeennietmeervolautomatischontdooit. | Om de verdamper te ontdooien:de laden met diepvrieswaren eruithalen en goed geïsoleerd op eenkoeleplaatsbewaren.Apparaat uitschaken en vande wandwegschuiven. Deur vanhet apparat open lately.Na ca. 20 minuten beginthet dooiwater inde dooiwateropvanschaal aandechterwand van het apparaatte lopen.Afb. Om te voorkomen datde dooiwateropvanschaaloverloopt: het dooiwater met eenspons opnemen.Als er geen dooiwatereerinde opvangschaal loopt, isde verdamper ontdooid.Binnenkantvan de diepvriesruimteschoonmaken. Het apparaat waar inwerking stellen. |
Servicedienst
Adres en telefoonnummer van de Servicedienst in uw omgeving kut u vinden in het telefoonboek of in de meegeleverde brochure met service-adressen. Geef a.u.b. aan de Servicedienst het E-nummer (E-Nr.) en het FD-nummer (FD) van het apparatus op.
U vindt deze gegevens op het typeplaatje. Afb. 12
Door deze nummers aan de Servicedienst door te Geven voorkomt u onnodig heen en weeer rijden van de monteur en de hieraan verbonden Kosten. En de hieraan verbonden kosten.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
NL 0884244020
B 070222142


1
2

3

4

5

6

7

8



9
10


11
12
