FTUI316EF - Koelkast FAGOR - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis FTUI316EF FAGOR in PDF-formaat.
| Producttype | Koelkast |
| Merk | Fagor |
| Model | FTUI316EF |
| Energielabel | E |
| Totaal netto inhoud | 290 L |
| Netto inhoud koelgedeelte | 225 L |
| Netto inhoud vriesgedeelte | 65 L |
| Klimaatklasse | N-ST |
| Geluidsniveau | 38 dB(A) |
| Voeding | 220-240 V ~ 50 Hz |
| Opgenomen vermogen | 100 W |
| Koelmiddel | R600a |
| Afmetingen (H x B x D) | 177 x 54 x 54 cm |
| Netto gewicht | 68 kg |
| Aantal deuren | 1 |
| Installatietype | Inbouw |
| Verlichting | LED |
| Functies | Elektronische regeling, Eco-toets, deuralarm |
| Onderhoud | Reinigen met zachte doek, handmatig ontdooien |
| Garantie | 2 jaar |
Veelgestelde vragen - FTUI316EF FAGOR
Gebruikersvragen over FTUI316EF FAGOR
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding FTUI316EF - FAGOR en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. FTUI316EF van het merk FAGOR.
GEBRUIKSAANWIJZING FTUI316EF FAGOR
FR Notice d'utilisation NL GEBRUIKSAANWIJZING
NL Ingebouwde Koelkast
FTUI316EF
UITPAKKEN 34 VERWIJDERING VAN GEBRUIKTE APPARATUUR 35
BEDIENING 36
BEDIENING VAN HET APPARAAT 36
BEDIENING EN FUNCTIES 37
HET BEWAREN VAN PRODUCTEN IN DE KOELKAST 37
HET INVRIEZEN VAN PRODUCTEN** 37
HOE KAN DE KOELKAST ECONOMISCH GEBRUIKT WORDEN? 39
PRAKTISCHE TIPS 39
WAT BETEKENEN DE STERRETJES? 39
ZONES IN DE KOELKAST 40
LEVENSMIDDELEN DIE NIET IN DE KOELKAST BEWAARD MOGEN WORDEN 40
ONTDOOIEN, WASSEN EN ONDERHOUD 41
ONTDOOIEN VAN DE KOELKAST*** 41
ONTDOOIEN VAN DE DIEPVRIEZER** 41
OM DE VRIESRUIMTE TE ONTDOOIEN HANDELT U ALS VOLGT:** 42
AUTOMATISCH ONTDOOIEN VAN DE KOELKAST**** 42
AUTOMATISCH ONTDOOIEN VAN DE DIEPVRIEZER**** 42
HANDWASSEN VAN DE KOELKAST EN DIEPVRIEZER**** 42
UITHALEN EN INZETTEN VAN DE LEGPLATEAUS***** 42
PLAATSEN EN VERPLAATSEN VAN DE OPBERGVAK***** 42
STORINGEN VINDEN EN VERHELPEN 43
Vanaf vandaag zijn de dagelijkse klusjes eenvoudiger dan ooit tevoren. Het apparaat Amica is een combinatie van uitzonderlijk bedieningsgemak en perfecte effectiviteit. Na het lezen van de gebruiksaanwijzing kent de bediening voor u geen geheimen meer.
Ieder apparaat dat de fabriek verlaat is vóór het inpakken op controleplekken grondig gecontroleerd op veiligheid en functionaliteit.
Wij vragen u deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door te lezen voordat u het apparaat inschakelt. Naleving van de aanwijzingen die erin zijn opgenomen beschermt u tegen onjuist gebruik. Bewaar de gebruiksaanwijzing en zorg dat u hem altijd binnen handbereik heeft.
Volg de gebruiksaanwijzing nauwkeurig op om ongevallen te voorkomen.
Hoogachtend
Amica
AANWIJZINGEN BETREFFENDE VEILIGHEID VAN GEBRUIK
- Het apparaat is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk gebruik.
- De producent behoudt zich het recht voor om wijzigingen aan te brengen die het gebruik van het apparaat niet beïnvloeden.
- Sommige opmerkingen in deze gebruiksaanwijzing zijn hetzelfde voor de verschillende typen koelapparatuur (voor koelkasten, koel-vrieskasten of diepvriezers). U vindt informatie over het type van uw apparaat op de productkaart die is meegeleverd met het product.
- De producent stelt zich niet verantwoordelijk voor de schade die voortvloeit uit het niet naleven van de aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing.
- Wij adviseren deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig te bewaren om deze in de toekomst te kunnen raadplegen of door te geven aan de volgende gebruiker.
- Dit apparaat is niet bestemd voor gebruik door personen met beperkte fysieke, zintuiglijke of geestelijke vermogens (waaronder kinderen) en door personen die geen ervaring of kennis hebben met het apparaat, tenzij dit gebeurt onder toezicht of volgens de gebruiksaanwijzing, die is doorgegeven door personen die verantwoordelijk zijn voor hun veiligheid.
- Wees bijzonder attent op het zelfstandig gebruik van het apparaat door kinderen. Het apparaat is geen speelgoed. Het is verboden om op de uitschuifbare elementen te zitten of aan de deur te hangen.
- De koel-vriescombinatie werkt correct bij de omgevingstemperatuur die is aangegeven in de tabel met technische gegevens. Plaats het apparaat niet in een kelder, een gang of een onverwarmde chalet in de herfst en in de winter.
- Tijdens het opstellen, schuiven en optillen is het
verboden om aan de deurhandgrepen te grijpen, aan de gleuf aan de achterkant van de koelkast te trekken of de compressor aan te raken.
- Tijdens het transport, het optillen of opstellen mag de koel-vriescombinatie niet meer dan 40° van de verticale positie afwijken. Indien dit wel het geval is geweest, kan het apparaat pas 2 uur na het opstellen worden aangezet (tek. 2).
- Voordat u met onderhoudswerkzaamheden begint, haalt u altijd de stekker uit het stopcontact. Trek nooit aan het netsnoer, maar aan de stekker.
- De ongewone of sterkere geluiden ontstaan door het uitzetten en krimpen van de onderdelen als gevolg van temperatuurwisselingen.
- Vanwege de veiligheid is het niet aan te raden om het apparaat zelf te repareren. Reparaties die door onbevoegde personen zijn uitgevoerd, kunnen gevaarlijk zijn voor de gebruikers van het apparaat.
- Ingeval van storing van het koelsysteem is het aangeraden om de ruimte, waarin het apparaat geplaatst werd, enkele minuten te ventileren (deze ruimte dient ten minste 4 m³ te hebben; voor het product met isobutaan/R600a).
- Gedeeltelijk ontdooide producten dient u niet opnieuw in te vriezen.
- Bewaar dranken in blikken en flessen, in het bijzonder koolzuurhoudende dranken, niet in de diepvriezer. Blikken en flessen kunnen barsten.
- Plaats geen pas uit de diepvriezer genomen producten direct in de mond (ijs, ijsblokken, enz.), hun lage temperatuur kan ernstige letsels veroorzaken.
- Let op om het koelsysteem niet te beschadigen, bijvoorbeeld door het prikken in de kanalen van de koelvloeistof in de verdamper of het breken van pijpen. De ingespoten koelvloeistof is brandbaar. In geval van contact met het oog, dient u het met schoon water af te spoelen en onmiddellijk een arts te contacteren.
- Als de voedingskabel beschadigd raakt, dan moet deze vervangen worden door een specialistische service.
- Het apparaat is bestemd voor het bewaren van voedingsmiddelen. Gebruik het niet voor andere doeleinden.
- Koppel het apparaat volledig los van het lichtnet (door de stekker uit het stopcontact te trekken) tijdens werkzaamheden zoals schoonmaken, onderhoud of verplaatsen.
- Dit apparaat mag gebruikt worden door kinderen van 8 jaar en ouder, door personen met een lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke beperking en personen zonder ervaring of kennis van het apparaat, wanneer er op hen gelet wordt of ze geïnstrueerd zijn over het veilig gebruik van het apparaat en ze de gevaren kennen die verband houden met het gebruik van het apparaat. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud mogen niet door kinderen gedaan worden, tenzij ze 8 jaar of ouder zijn en er toezicht wordt gehouden door een daartoe geschikte persoon.
- Om meer ruimte te creëren in de diepvriezer, kunt u de laden verwijderen en de producten direct op de legplanken plaatsen. Dit heeft geen invloed op de thermische en mechanische eigenschappen van het apparaat. De opgegeven inhoud van de diepvriezer is berekend bij afwezigheid van de laden.

WAARSCHUWING: Brandgevaar / brandbare materialen
- Kinderen van 3 tot 8 jaar mogen producten in het koelapparaat zetten en eruit halen.
Om verontreiniging van de voedingsmiddelen te voorkomen, moet u zich houden aan de volgende regels:
- Als u de deur lange tijd opent, kan de temperatuur in de verschillende ruimten van het apparaat aanzienlijk stijgen.
- Maak de oppervlakken die in contact komen met voedingsmiddelen regelmatig schoon, evenals, indien aanwezig, de waterafvoersystemen.
- Bewaar rauw vlees en vis in geschikte containers in
de koelkast, zodat ze niet in contact kunnen komen met andere voedingsmiddelen en niet op andere voedingsmiddelen kunnen lekken.
- Vriesruimten met twee sterren zijn bestemd voor het bewaren van eerder ingevroren voedingsmiddelen, het bewaren of bevriezen van ijs of het bevriezen van ijsblokjes.
- Ruimtes met één ster, twee sterren en drie sterren zijn niet bestemd voor het invriezen van verse voedingsmiddelen.
| Soorten ruim-ten | Uitein-delijke bewaar-tempera-tuur [°C] | Geschikte voedingsmiddelen | |
| 1 | Koelkast | +2 ≤ +8 | Eieren, gekookte voedingsmiddelen, verpakte voedingsmiddelen, vruchten en groenten, zuivel, gebak, dranken en overige producten die niet geschikt zijn om in te vriezen. |
| 2 | Diepvriezer*** | ≤-18 | Zeevruchten (vis, garnalen, mosselen), zoetwaterproducten en vleesproducten (aanbevolen 3 maanden, hoe langer de bewaartijd, hoe minder smakelijk en voedzaam het product zal zijn), geschikt voor ingevroren verse producten. |
| 3 | Diepvriezer*** | ≤-18 | Zeevruchten (vis, garnalen, mosselen), zoetwaterproducten en vleesproducten (aanbevolen 3 maanden, hoe langer de bewaartijd, hoe minder smakelijk en voedzaam het product zal zijn), niet geschikt voor bevroren verse producten. |
| 4 | Diepvriezer** | ≤-12 | Zeevruchten (vis, garnalen, mosselen), zoetwaterproducten en vleesproducten (aanbevolen 2 maanden, hoe langer de bewaartijd, hoe minder smakelijk en voedzaam het product zal zijn), niet geschikt voor bevroren verse producten. |
| 5 | Diepvriezer* | ≤-6 | Zeevruchten (vis, garnalen, mosselen), zoetwaterproducten en vleesproducten (aanbevolen 1 maand, hoe langer de bewaartijd, hoe minder smakelijk en voedzaam het product zal zijn), niet geschikt voor bevroren verse producten. |
| 6 | Ruimte zonder sterren | -6≤0 | Vers varkensvlees, rundvlees, vis, kip, sommige ver-pakte, verwerkte producten etc. (aanbevolen wordt deze dezelfde dag nog te eten, maar uiterlijk binnen 3 dagen). Gedeeltelijk verpakte, verwerkte producten (producten die niet geschikt zijn om in te vriezen) |
| 7 | Koelruimte 2≤+3 | Vers/bevroren varkensvlees, rundvlees, kip, zoetwaterproducten etc. (7 dagen onder 0°C, boven 0°C wordt aanbevolen deze nog dezelfde dag te eten, maar uiterlijk binnen 2 dagen). Zeevruchten (onder 0°C gedurende 15 dagen, bij voorkeur niet bewaren bij temperaturen hoger dan 0°C) | |
| 8 | Ruimte voor het bewaren van verse voedings-middelen | 0≤+4 | Vers varkensvlees, rundvlees, vis, kip, gekookte producten etc. (aanbevolen wordt deze dezelfde dag nog te eten, maar uiterlijk binnen 3 dagen). |
| 9 | Ruimte voor het bewaren van wijn | +5≤+20 | Rode, witte, mousserende wijnen etc. |
- Opgelet: bewaar de producten in overeenstemming met de aanbevelingen voor de verschillende ruimten en de aanbevolen bewaartemperatuur van het product.
- Als u het koelapparaat niet gebruikt en het langere tijd leeg zal staan, moet u het uitschakelen, ontdooien, schoonmaken, drogen en de deur open laten staan om te voorkomen dat er in het apparaat schimmel ontstaat.
- Reinigen van de waterdispenser (voor producten met waterdispenser): Reinig de watertanks als ze 48 uur niet zijn gebruikt; als het water gedurende 5 dagen niet is afgetapt, spoel dan het watersysteem dat op de waterleiding is aangesloten door.
- De minimumperiode waarin reserveonderdelen die nodig zijn om het apparaat te repareren beschikbaar blijven, bedraagt 7 of 10 jaar, afhankelijk van het type en het doel van het reserveonderdeel, en is in overeenstemming met Verordening (EU) 2019/2019 van de Commissie.
- De lijst met reserveonderdelen en de bestelprocedure zijn beschikbaar op de websites van de fabrikant, importeur of de officiële vertegenwoordiger.
- Meer informatie over het product vindt u in de Europese productdatabase voor energie-etikettering EPREL op de website https://eprel.ec.europa.eu.
| Model | Website | QR-code |
| FTUI316EF | https://eprel.ec.europa/qr/651231 | ![]() |
INSTALLATIE EN WERKOMSTANDIGHEDEN VAN HET APPARAAT
Dit koelapparaat is bedoeld voor gebruik als inbouwapparaat.
Installatie voor de eerste ingebruikname
- Pak het product uit en verwijder de veiligheidsbanden van de deur en uitrusting (Tek. 4). De restanten van het lijm kunt u met een zacht reinigingsmiddel verwijderen.
- Gooi de piepschuim elementen van de verpakking niet weg. Ingeval van een toekomstig transport, dient de koel-vriescombinatie nog een keer met behulp van piepschuim elementen, folie en plakband beveiligt te worden.
- Was de binnenkant van de koelkast en de diepvriezer met een zacht warm water met een afwasmiddel en daarna droog het met een doek en wacht tot het droog wordt.
- Plaats de koel-vriescombinatie op een ondergrond, die vlak, waterpas en stabiel is, in een droge en regelmatig geventileerde ruimte, niet in direct zonlicht of naast andere warmtebronnen, zoals een gasfornuis, CV-radiator, CV-buis of warme water installatie enz.
- Op de buitenoppervlakken van het product kan zich beschermende folie bevinden welke verwijderd dient te worden.
- Het apparaat moet waterpas geplaatst zijn, wat u kunt bereiken door op een juiste manier 2 voorvoetjes op te schuiven (tek. 3).
- Om de deur vrijuit te kunnen openen, dient de afstand tussen de zijwand van het product (aan de kant van de deurscharnieren) en de muur in overeenstemming te zijn met afbeelding 5*.
- De ruimte dient regelmatig geventileerd te worden en de lucht dient onbelemmerd van alle zijden van het apparaat te circuleren (tek. 6*).
Minimale afstanden van warmtebronnen
- van elektrische fornuizen, gasfornuizen en andere fornuizen - 30 mm,
- van olie- of steenkoolkachels - 300 mm, • van ingebouwde fornuizen - 50 mm
Indien het behouden van deze afstanden niet mogelijk is, dient u een juiste isolatieplaat te gebruiken.
Attentie:
- De achterwand van de koelkast en in het bijzonder de condensor en andere elementen van het koelingssysteem mogen de andere elementen niet aanraken, in het bijzonder elementen die defecten kunnen veroorzaken (CV-buis en wateraanvoerbuis).
- Het is verboden om aan de onderdelen van het aggregaat te manipuleren. In het bijzonder mag het capillair niet defect zijn, die u bij de compressor ziet. Het capillair mag niet gevouwen, getrokken of gerold worden.
- Het beschadigen van het capillair door de gebruiker maakt de garantie ongeldig (tek. 8).
- In geselecteerde modellen bevindt zich de deurhendel aan de binnenkant van het product en dient het vastgeschroefd te worden met een schroevendraaier.
Aansluiten op het elektriciteitsnet
- Zet de temperatuurregelaar in de stand "OFF" of een andere stand die het apparaat uitschakelt (zie de pagina met de beschrijving van de bediening) voordat u het aansluit.
- Sluit het apparaat aan op het elektriciteitsnet met wisselstroom 220-240V, 50Hz, met behulp van een correct geïnstalleerd stopcontact dat geaard is en over een zekering van 10A beschikt.
- De aansluiting op het elektriciteitsnet met een aarding moet volgens de wettelijke voorschriften worden uitgevoerd. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade aan personen of voorwerpen als gevolg van het niet naleven van dit voorschrift.
- Het is verboden om verloopstekkers, verdeelstekkers en verlengsnoeren te gebruiken. Als u toch een verlengsnoer moet gebruiken, moet dit voorzien zijn van een beschermring, slechts één stopcontact hebben en beschikken over een VDE/GS-veiligheidskeurmerk.
- Als u een verlengsnoer gebruikt (met een beschermring en veiligheidsmarkering), moet het uiteinde zich op een veilige afstand van waterbakken bevinden en mag het niet in contact kunnen komen met water of ander afvalwater.
- De gegevens staan op het typeplaatje, dat zich onderaan de binnenwand van de koelkast bevindt.
Uitschakelen
Het apparaat moet op elk moment van het elektriciteitsnet kunnen worden losgekoppeld door de stekker eruit te halen of de dubbelpolige schakelaar uit te zetten (afb. 9).
Klimaatklasse
Informatie over de klimaatklasse staat op het typeplaatje. Deze geeft aan bij welke omgevingstemperatuur (d.w.z. de ruimte waarin het apparaat staat) het product optimaal (correct) werkt.
| Klimaatklasse | Toelaatbare omgevingstemperatuur | |
| SN uitgebreid gematigd | Het koelapparaat is bestemd voor gebruik bij omgevingstemperaturen binnen een bereik van 10°C tot 32°C | |
| N gematigd | Het koelapparaat is bestemd voor gebruik bij omgevingstemperaturen binnen een bereik van 16°C tot 32°C | |
| ST subtropisch | Het koelapparaat is bestemd voor gebruik bij omgevingstemperaturen binnen een bereik van 16°C tot 38°C | |
| T tropisch | Het koelapparaat is bestemd voor gebruik bij omgevingstemperaturen binnen een bereik van 16°C tot 43°C | |
UITPAKKEN

Het apparaat is beveiligd tegen transportschade. Na het uitpakken moet het verpakkingsmateriaal op een zodanige manier worden afgevoerd dat er geen risico voor het milieu ontstaat.
Al het materiaal dat voor de verpakking is gebruikt, is milieuvriendelijk;
het kan voor 100% worden hergebruikt en is voorzien van het bijbehorende symbool.
Attentie! Het verpakkingsmateriaal (polyethyleenzakjes, stukken polystyreen etc.) bij het uitpakken buiten het bereik van kinderen houden.
VERWIJDERING VAN GEBRUIKTE APPARATUUR

Dit product is overeenkomstig met de Europese richtlijn 2012/19/EG. Dit merkteken informeert dat dit apparaat na afloop van zijn levensduur niet samen met ander huishoudelijk afval verwijderd mag worden.
De gebruiker is verplicht om het aan te bieden bij een inzamelpunt voor gebruikte elektrische en elektronische apparatuur. De inzamelende instanties, waaronder lokale inzamelpunten, winkels en gemeentelijke instanties vormen een geschikt systeem voor de inzameling van deze apparatuur.
De juiste behandeling van gebruikte elektrische en elektronische apparatuur leidt tot het vermijden van consequenties die schadelijk zijn voor de menselijke gezondheid en de natuurlijke omgeving en voortkomen uit de aanwezigheid van gevaarlijke bestanddelen en verkeerde opslag en verwerking van dergelijke apparatuur.
BEDIENING
Bediening van het apparaat
Het bedieningspaneel staat weergegeven op afbeelding 10. Om het u makkelijk te maken staat het ook hieronder:

Tiptoets temperatuurwijziging (A)
Deze tiptoets gebruikt u om de temperatuur in apparaat te wijzigen. Raak de tiptoets eenmaal aan om de temperatuurwijziging te starten. Raak de tiptoets enkele malen aan om de temperatuur te veranderen. Het instelbereik loopt van 1 (warmst) tot 6 (koudst).
Opmerking: Vermijd het instellen van niveau 6 gedurende de volledige gebruikstijd.
Scherm temperatuurinstelling (B)
Dit scherm toont de actuele temperatuur in de ruimte. Een temperatuur-wijziging is zichtbaar op dit scherm.
Tiptoets voeding (C)
Raak aan om het apparaat in of uit te schakelen (Stand-by). De tiptoets is verlicht als het apparaat is uitgeschakeld.
BEDIENING EN FUNCTIES
Het bewaren van producten in de koelkast
- Bewaar de producten op borden, in dozen of in voedselfolie verpakt. Plaats ze gelijkmatig op de oppervlakte van de platen.
- Levensmiddelen mogen niet met de achterwand in aanraking komen; indien dit wel gebeurt, kunnen ze bederven of vochtig worden.
- Het is verboden om warme voedingsmiddelen in de koelkast te plaatsen.
- Producten die gemakkelijk geuren opnemen, zoals boter, melk, kwark, en producten met een sterke geur, zoals vlees, vis en kaas, dienen verpakt te worden in folie of in goed gesloten dozen.
- Groenten die rijk zijn aan water veroorzaken condensvorming in de groentelade; dit verstoort de correcte werking van de koelkast niet.
- Droog de groenten voordat u ze in de koelkast plaatst.
- Een te grote hoeveelheid vocht verkort de bewaartijd, vooral voor bladgroenten.
- Bewaar de groenten zonder ze te wassen. Wassen verwijdert hun beschermende laag; daarom is het aan te raden ze vlak voor het eten te wassen.
- Plaats de producten in de korven (laden) 1, 2, 3* (zie afb. 11).**
- verpakte producten
- Verdamperplaat / kast
- Normaal laadniveau
- * * * *
- Het is toegestaan om producten op de draadroosters van de verdamper van de diepvriezer te plaatsen*
- Het is toegestaan dat producten 20-30 mm voorbij de natuurlijke laadgrens worden geschoven.**
- U kunt de onderste mand verwijderen om meer laadruimte te creëren. U stapelt de producten op de bodem van de diepvriezer tot de maximale hoogte.*
Het invriezen van producten**
- Bijna alle levensmiddelen kunnen worden ingevroren, met uitzondering van groenten die rauw worden gegeten, bv. sla.
- Alleen producten van uitstekende kwaliteit kunnen worden ingevroren, verpakt in afgemeten porties die op een keer kunnen worden gebruikt.
- Gebruik materialen zonder geur om producten te verpakken, die geen lucht noch vocht toelaten en vet niet doorlaten. Het meest geschikt zijn: zakjes, platen van polyetheenfolie, aluminiumfolie.
- De verpakking dient goed te worden gesloten en bij het product te passen. Glazen verpakkingen zijn verboden.
- Breng verse en warme levensmiddelen (in de omgevingstemperatuur) die gaan worden ingevroren, niet in contact met reeds ingevroren producten.
- Aanbevolen wordt om per etmaal eenmalig niet meer dan de aanbevolen hoeveelheid verse levensmiddelen in de diepvriezer te plaatsen die staat vermeld in de technische specificatie van het apparaat.
- Om de goede kwaliteit van de ingevroren producten te garanderen, is het aangeraden om de reeds ingevroren producten te verplaatsen opdat ze niet in contact met verse producten komen.
- De ingevroren producten dienen op de ene kant van de diepvriezer geplaatst worden en de verse producten aan de andere kant, zo dicht mogelijk bij de achter- en zijwand.
- Gebruik voor het invriezen van producten de ruimte die is aangeduid met * * * *.
- De temperatuur in de koelkast wordt onder andere bepaald door: omgevingstemperatuur, het aantal geplaatste levensmiddelen, frequentie van deuropening, de hoeveelheid rijp, de stand van de thermostaat.
- Indien na het sluiten van de koelkast de deur niet direct opnieuw opengaat, wacht 1 tot 2 minuten, zodat de ontstane onderdruk gecompenseerd wordt.
De bewaartijd van ingevroren producten is afhankelijk van hun kwaliteit voor het invriezen en de bewaringstemperatuur. Bij een bewaringstemperatuur van -18°C zijn de volgende bewaartijden aanbevolen:
Producten Manden
| Rundvlees 6-8 |
| Kalfsvlees 3-6 |
| Inwendige organen 1-2 |
| Varkensvlees 3-6 |
| Kippenvlees 6-8 |
| Eieren 3-6 |
| Vissen 3-6 |
| Groenten 10-12 |
| Fruit 10-12 |
De ruimte voor snelkoeling is niet geschikt voor het bewaren van bevroren voedsel. In deze ruimte kunt u ijsblokjes maken en bewaren.
Opgelet: Als het apparaat geen ruimte met * *** heeft, betekent dit dat dit koelapparaat niet geschikt is voor het invriezen van voedingsmiddelen.
HOE KAN DE KOELKAST ECONOMISCH GEBRUIKT WORDEN?
Praktische tips
- Plaats de koelkast of de vrieskast niet in de nabijheid van radiatoren, ovens en stel ze niet rechtstreeks bloot aan zonnestralen.
- Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet bedekt zijn. Ze moeten een- tot tweemaal per jaar gereinigd en ontstoft worden.
- De gepaste temperatuur kiezen: een temperatuur van 6 tot 8 °C in de koelkast en -18 °C in de vrieskast is voldoende.
- Als u op vakantie vertrekt, dient u de temperatuur in de koelkast te verhogen.
- Open de deur van de koelkast of de vriezer enkel als dit noodzakelijk is. Het is goed om te weten welke levensmiddelen er in de koelkast bewaard worden en waar ze zich precies bevinden. Ongebruikte levensmiddelen dienen zo snel mogelijk terug in de koelkast of de vriezer geplaatst te worden, voordat ze opwarmen.
- Reinig de binnenkant van de koelkast regelmatig met een doekje met zacht detergent. Toestellen zonder automatische ontdooifunctie dienen regelmatig ontdooid te worden. Vermijd dat er een rijmlaag van meer dan 10 mm dik gevormd wordt.
- De afdichting rond de deur moet rein gehouden worden. Anders zal de deur niet meer volledig sluiten. Een beschadigde afdichting moet altijd vervangen worden.
Wat betekenen de sterretjes?

Een temperatuur van niet meer dan -6 °C volstaat om ingevroren levensmiddelen gedurende ongeveer een week te bewaren. Lades of vakken die aangeduid zijn met één sterretje vindt men (meestal) in goedkopere koelkasten.

Bij een temperatuur van minder dan -12 °C kan men gedurende één tot twee weken levensmiddelen bewaren zonder dat ze hun smaak verliezen. Dit is niet voldoende om levensmiddelen in te vriezen.

Hoofdzakelijk gebruikt om levensmiddelen in te vriezen bij een temperatuur van minder dan -18 °C. Laat toe om verse levensmiddelen met een gewicht tot 1 kg in te vriezen.

Zo'n toestel laat toe om levensmiddelen bij een temperatuur van minder dan -18 °C te bewaren en grotere hoeveelheden levensmiddelen in te vriezen.
Zones in de koelkast
Door de natuurlijke luchtcirculatie ontstaan er in het koelvak verschillende temperatuurzones.
- De koudste zone bevindt zich rechtstreeks boven de groentelades. In deze zone dienen delicate en snel bederfbare levensmiddelen bewaard te worden zoals:
- vis, vlees, gevogelte,
- vleeswaren, kant-en-klare maaltijden,
- gerechten of gebak met eieren of room,
- verse deeg, cakemengsels,
- verpakte groenten en andere verse levensmiddelen waarvan het etiket een bewaartemperatuur van ongeveer 4 °C aangeeft.
- De warmste zone bevindt zich bovenaan in de deur. Hier dient boter en kaas bewaard te worden.
Levensmiddelen die niet in de koelkast bewaard mogen worden
- Niet alle levensmiddelen mogen in de koelkast bewaard worden. Dit zijn onder andere:
- groenten en fruit die gevoelig zijn voor lage temperaturen, bijvoorbeeld bananen, avocado, papaja, passievrucht, aubergine, paprika, tomaat en komkommer.
- Onrijpe vruchten,
- Aardappelen
Attentie:
Voorbeeld van productplaatsing in het apparaat (Afb. 12).
Om voedingsmiddelen zo lang mogelijk te kunnen bewaren en verspilling te voorkomen, plaatst u de producten zoals weergegeven op Afb. 12. Bovendien toont deze afbeelding de verdeling van laden, manden en planken die zorgt voor het meest efficiënte energiegebruik van het koelapparaat.
Het bewaren van voedingsmiddelen onder de juiste omstandigheden en bij de juiste temperatuur verlengt de houdbaarheid en optimaliseert het elektriciteitsverbruik. Het juiste temperatuurbereik moet op de verpakking of etiketten van voedselproducten zijn vermeld.
ONTDOOIEN, WASSEN EN ONDERHOUD
Gebruik nooit oplosmiddelen of agressieve, schurende schoonmaakmiddelen (bv. schuurpoeders of reinigingsmelk) voor het schoonmaken van de behuizing en de plastic onderdelen van het product! Gebruik alleen milde vloeibare schoonmaakmiddelen en een zacht doekje. Gebruik geen sponsjes.
Ontdooien van de koelkast***
- Aan de achterwand van de koelkast ontstaat rijp, die automatisch ontdooit. Tijdens het ontdooien van de rijp, tezamen met de druppeltjes kunnen ook ontreinigingen door de opening voortvloeien. Dit kan het verstoppen van de opening veroorzaken. In zo'n geval moet de opening met plunjer gereinigd worden (tek. 13).
- Het apparaat werkt in cyclusfazen: eerst koelen (aan de achterwand ontstaat rijp) en daarna ontdooien van de rijp (druppeltjes aan de achterwand).
- Voor het beginnen met reinigen dient het apparaat van het elektriciteitsnet uitgeschakeld worden, door de stekker eruit te halen, uitschakeling of losdraaien van de zekering. Het water mag niet in contact met het bedieningspaneel of verlichting komen.
- Gebruik bij het ontdooien geen ontdooisprays. Ze kunnen explosieve mengsels vormen en oplossers bevatten die de kunststof onderdelen van het apparaat beschadigen en zelfs voor de gezondheid schadelijk zijn.
- Het water die bij het wassen gebruikt wordt mag niet door de opening naar de verdamper vloeien.
- Was het apparaat met een zachte detergent, behoudens de dichting in de deur. De dichting in de deur was met schoon water en droog met een doek.
- Reinig nauwkeurig alle elementen van de uitrusting (groentevakken, rekken, glazen platen enz.).
Ontdooien van de diepvriezer**
- Het is aangeraden om het ontdooien van de diepvriezer tezamen met het wassen van het product uit te voeren.
- Grote hoeveelheid ijs op de vriesoppervlakten verstoort de werking van het apparaat en vergroot het energieverbruik.
- Het is aangeraden om het apparaat ten minste een of twee keer per jaar te ontdooien. Wanneer er veel ijs ontstaat, moet u het apparaat vaker ontdooien.
- Indien in de diepvriezer bevinden zich ingevroren levensmiddelen, stel de draaiknop op max. ong. 4 uur voor het geplande ontdooien in. Daardoor gaat het mogelijk zijn om de ingevroren producten in de kamertemperatuur te bewaren.
- Plaats de ingevroren producten in een kan, omgevouwen met krantenpapier en deken en houd ze in een koele plek.
- Het ontdooien van de diepvriezer dient zo snel mogelijk uitgevoerd worden. Het te lange bewaren van de producten in de kamertemperatuur verkort hun houdbaarheid.
Om de vriesruimte te ontdooien handelt u als volgt:**
- Schakel het apparaat uit met behulp van het bedieningspaneel en trek vervolgens de stekker uit het stopcontact.
- Open de deur en haal de producten eruit.
- Afhankelijk van het model trekt u het afvoerkanaaltje naar buiten dat zich in het onderste gedeelte van de diepvries in de basis van het apparaat bevindt.
- Laat de deur openstaan, hierdoor versnelt u het ontdooiproces. U kunt ook een schaal met heet (niet kokend) water in de vriesruimte plaatsen.
- Maak de binnenkant van de diepvriezer schoon en droog hem af.
- Schakel het apparaat in volgens de gebruiksaanwijzing.
Automatisch ontdooien van de koelkast****
De koelkast is voorzien van automatisch ontdooien. Toch kan er aan de achterwand van de koelkast rijp ontstaan. Dit gebeurt wanneer er veel verse producten in de koelkast worden bewaard.
Automatisch ontdooien van de diepvriezer****
De diepvriezer is voorzien van automatisch ontdooien (no-frost). Voedsel wordt ingevroren met behulp van koude, circulerende lucht en het vocht uit de diepvriezer wordt naar buiten afgevoerd. Hierdoor ontstaan er geen grote hoeveelheden ijs en rijp in de diepvriezer en vriezen de producten niet aan elkaar.
Handmatig reinigen van de koelkast en diepvriezer****
Het wordt aanbevolen om de koelkast en diepvriezer ten minste een keer per jaar te reinigen.
Dit voorkomt de vorming van bacteriën en onaangename geuren. Schakel het apparaat uit met de knop (1), maak het leeg en was het met water en een mild schoonmaakmiddel. Droog het daarna af met een doek.
Verwijderen en plaatsen van de legplateaus*****
Til het legplateau op en schuif het eruit. Schuif het daarna terug totdat u niet verder kunt en de vergrendeling van het legplateau in de geleider zit (Afb. 15).
Plaatsen en verplaatsen van het opbergvak
Druk het opbergvak omhoog en neem het naar voren en zet het op de gewenste hoogte terug (Afb. 16).
Het is te allen tijde verboden om de diepvriezer te ontdooien met behulp van een elektrische radiator of haardroger.
STORINGEN OPSPOREN EN VERHELPEN
Verschijnselen | Mogelijke redenen | Herstellingswijze
| Het apparaat werkt niet | Onderbreking in de electris-sche installatie | - controleer of de stekker goed in het stopcontact zit- controleer of de span-ningskabel niet beschadigt is- controleer of er spanning op het stopcontact staat door bv. een ander toe-stel aan te sluiten bv. een nachtlamp- controleer of het apparaat aan staat door de ther-mostaat op meer dan 0 te zetten |
| Binnenverlichting werkt niet | De gloeilamp is los of door-gebrand ( In apparaten met gloeilampen verlichting). | - Controleer het vorige punt „Het apparaat werkt niet"-draai de gloeilamp aan of vervang de doorgebrande (In apparaten met gloei-lampen verlichting). |
| Het apparaat werkt conti-nue | Slechte instelling van de temperatuurregelaar | - temperatuur met de draaiknop naar beneden draaien |
| Andere redenen in het punt „Vries-/koeltemperatuur is niet laag genoeg” | - controleren volgens punt „Vries-/koeltemperatuur is niet laag genoeg” | |
| Er ontstaat water in de on-derste deel van de koelkast | De waterafvoeropening is verstopt | - maak de verstopte open-ing schoon (zie hoofd-stuk - „Ontdooien van de koelkast”) |
| De ventilatie binnen de cel is belemmerd | - controleer of de levens-middelen en dozen de achterwand van de koelkast niet aanraken | |
| Ongewone of sterkere geluiden | Het apparaat staat niet waterpas en stabiel | - het apparaat waterpas opstellen |
| Het apparaat raakt aan wanden, meubels of andere elementen | - het apparaat zo opstellen, dat er geen andere elementen aanraakt en zelfstandig staat |
Verschijnselen | Mogelijke redenen | Herstellingswijze
| Vries-/koeltemperatuur is niet laag genoeg | Slechte instelling van de temperatuurregelaar | - draai de draaiknop op een hogere positie |
| De omgevingstemperatuur is hoger of lager dan de temperatuur welke aan-gegeven staat op de tabel met technische gegevens van het apparaat. | Het apparaat is bestemd voor werking in een tempe-ratuur welke aangegeven is op de tabel met technische gegevens van het apparaat. | |
| Het apparaat staat in de zon of te dicht bij een warmtebron | - verander de opstelling van het apparaat volgens de gebruiksaanwijzing | |
| In het apparaat werd te grote hoeveelheid warme levensmiddelen per een keer gelegd | - 72 uur wachten tot de producten gekoeld (in-gevroren) worden en de temperatuur terug naar het gewenste niveau gaat | |
| De ventilatie binnen de cel is belemmerd | - controleer of de levens-middelen en dozen de achterwand van de koelkast niet aanraken | |
| De ventilatie aan de ach-terkant van het apparaat is belemmerd | - van de wand schuiven voor de afstand van min. 30 mm | |
| De deur van de koelkast/vriezer wordt te vaak geo-pend of blijft te lang open staan | - de deur minder vaak openen en/of de tijd van open staan verkorten | |
| De deur is niet goed ge-sloten | - levensmiddelen en vak-ken zo leggen, dat ze het sluiten van de deur niet belemmeren | |
| De compressor werkt niet vaak genoeg | - controleer of de omge-vingstemperatuur niet lager is dan het bereik van de klimaatklasse. | |
| De dichting van de deur zit los | - dichting vastmaken |
Bij het normale gebruik van het koeltoestel kunnen er verschillende soorten geluiden ontstaan, die geen enkele invloed hebben op de correcte werking van de koelkast.
Geluiden die gemakkelijk verholpen kunnen worden:
- Lawaai doordat de koelkast niet waterpas staat – regel de opstelling met behulp van de regelvoetjes vooraan. Leg eventueel zacht materiaal onder de wieltjes achteraan, in het bijzonder bij een tegelvloer.
- Wrijving tegen de aanpalende meubelen – verschuif de koelkast.
- Knarsen van schuiven of schappen – neem de schuif of het schap weg en plaats het daarna terug.
- Geluid van tegen elkaar stotende flessen – plaats de flessen uit elkaar.
Geluiden die hoorbaar zijn tijdens het normale gebruik van het toestel, worden veroorzaakt door de werking van de thermostaat, de compressor (aanslaan), het koelsysteem (krimpen en uitzetten van het materiaal onder invloed van temperatuurverschillen en doorstroom van koelvloeistof).
GARANTIE, SERVICE
Garantie
De garantieverplichtingen blijken uit het garantiebewijs. De producent is niet aansprakelijk voor schade die is veroorzaakt door oneigenlijk gebruik van het product.
Service
- De producent van het apparaat raadt aan om alle reparaties en afstelwerkzaamheden uit te laten voeren door de fabrieksservice of de geautoriseerde service van de producent. Om veiligheidsredenen mag u het apparaat niet zelf repareren.
- Reparaties die zijn uitgevoerd door personen die niet over de vereiste kwalificaties beschikken, kunnen een ernstig gevaar opleveren voor de gebruiker van het apparaat.
- De garantie van de fabrikant geldt voor dit toestel voor een periode van 2 jaar.
- In geval van een storing tijdens deze periode moeten alle claims worden ingediend bij de service-afdeling van uw dealer.
- Het apparaat verliest zijn garantie als gevolg van eigenhandige aanpassingen, wijzigingen, schending van de verzegeling of andere beveiligingen van het apparaat of onderdelen daarvan, en andere eigenhandige interventie in de apparatuur die niet in overeenstemming is met de gebruiksaanwijzing.
Verklaring van de producent
Hierbij verklaart de producent, dat het product aan de eisen van de onderstaande Europese richtlijnen voldoet:
• Laagspanningsrichtlijn 2014/35/EC - Richtlijn elektromagnetische compatibiliteit 2014/30/EC • Richtlijn 2009/125/EC • Richtlijn RoHS 2011/65/EC
en over de certificering en de conformiteitsverklaring voor organen die toezicht op de markt houden beschikt.
OMDRAAIEN VAN DE DRAAIRICHTING VAN DE DEUR
OMDRAAIEN VAN DE DRAAIRICHTING VAN DE DEUR (Afb. 20)
- Om de draairichting van de deur te veranderen het apparaat loskoppelen van het lichtnet en alle levensmiddelen eruit halen.
- Demonteer de afsluitdopjes met een platte schroevendraaier.
- Demonteer het bovenste scharnier met een kruiskopschroevendraaier en houd tegelijkertijd de deur tegen (Afb. 20.1).
- Demonteer het middelste scharnier met een kruiskopschroevendraaier en houd tegelijkertijd de bovendeur tegen*.
- Zet de deur op een veilige plaats.
- Kantel het apparaat (maximaal 40 graden) zodanig, dat u toegang heeft tot het onderste scharnier (Afb. 20.2).
- Demonteer het onderste scharnier met een kruiskopschroevendraaier.
- Monteer het onderste scharnier aan de andere kant van het apparaat (Afb. 20.3).
- Plaats de deur zódanig dat de pin van het onderste scharnier zich in de bijbehorende opening van de deur bevindt.
- Bevestig het middelste scharnier aan de andere kant van apparaat, zodanig dat de onderste pin van het middelste scharnier zich in de bijbehorende opening van de bovenkant van de deur bevindt. Plaats de tweede deur zodanig, dat de bovenste pin van het middelste scharnier zich in de bijbehorende opening van de onderkant van de tweede deur bevindt*.
- Bevestig het bovenste scharnier aan de andere kant van apparaat, zodanig dat de pin van het bovenste scharnier zich in de bijbehorende opening van de bovenkant van de deur bevindt (Afb. 20.4).
- Controleer of de deur juist in het apparaat is geplaatst.
- Monteer de afsluitdopjes van de scharnieren.
- Schakel het apparaat in volgens de gebruiksaanwijzing.
* Deze stap betreft alleen apparaten met twee ruimten, een koel- en een vriesruimte.




