ZCG 051 GWC - Forn ZANUSSI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis ZCG 051 GWC ZANUSSI in PDF-formaat.
| Type product | Gas / elektrisch fornuis |
| Merk | Zanussi |
| Model | ZCG 051 GWC |
| Afmetingen (B x D x H) | 60 x 60 x 85 cm |
| Gewicht | 50 kg |
| Kooktype | Gas op kookplaat, elektrisch in oven |
| Aantal branders | 4 gasbranders |
| Oventype | Elektrische heteluchtoven |
| Oveninhoud | 65 L |
| Voeding | Natuurlijk gas (G20/G25) en 230 V / 50 Hz |
| Ovenfuncties | Hetelucht, grill, natuurlijke convectie |
| Ontsteking | Geïntegreerde ontsteking met veiligheid |
| Veiligheid | Gasafsluitinrichting, kinderveiligheid op ovendeur |
| Materiaal oppervlak | Emaille kookplaat, roestvrijstalen front |
| Reiniging | Katalytische achterwand, verwijderbare deur |
| Inclusief accessoires | Ovenrooster, bakplaat, rooster |
| Energielabel | A (oven) |
Veelgestelde vragen - ZCG 051 GWC ZANUSSI
Gebruikersvragen over ZCG 051 GWC ZANUSSI
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Forn in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding ZCG 051 GWC - ZANUSSI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. ZCG 051 GWC van het merk ZANUSSI.
GEBRUIKSAANWIJZING ZCG 051 GWC ZANUSSI
Belangrijke waarschuwing 53 Beschrijving van het apparaat 56 Het gebruik van uw gasfornuis 57 Gebruiksaanwijzing 63 Bakgids 64 Onderhouden en reiniging 65 Storingen 67 Technische kenmerken 68 Veiligheidseisen 69 Installatie 70 Gas wisselen 72
Ter attentie van de gebruiker
Raadgeving voor het lezen van de gebruiksaanwijzing De volgende symbolen begeleiden u tijdens het lezen van de gebruiksaanwijzing.


Veiligheidsaanwijzing
Beschrijving van de operaties etappe voor etappe


Aanwijzingen en aanbevelingen
Voorlichting over milieubescherming
Belangrijke waarschuwing
Houd de gebruiksaanwijzing samen met uw apparaat. Als het apparaat aan een andere persoon verkocht of gegeven zal worden, dient de gebruiksaanwijzing samen met het gasfornuis te blijven. Dan zal de nieuwe gebruiker op de hoogte zijn van de werking ervan en van de waarschuwing erover. Deze waarschuwingen zijn opgesteld voor uw veiligheid en voor de veiligheid van de persoon die uw gasfornuis mogelijk kan kopen. Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door personen (inclusief kinderen) met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of een gebrek aan ervaring en kennis, tenzij dit onder toezicht gebeurt van een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon of tenzij zij van een dergelijke persoon instructies hebben ontvangen over het gebruik van het apparaat.
Gebruik
- Dit apparaat werd ontworpen om uitsluitend door volwassenen gebruikt te zijn. Houd kinderen uit de buurt van het apparaat. Het gasfornuis is geen speelgoed!
- Na aankoop van het apparaat pak het uit en controleer zijn buitenkant. De eventuele klachten moeten op de leveringsfactuur geschreven worden die bewaard dient te zijn.
- Uw apparaat is bestemd voor een normaal huishoudelijk gebruik. Dit gasfornuis moet niet gebruikt zijn voor industriële of commerciële doeleinden waarvoor het niet ontworpen is.
- Het wijzigen van de technische kenmerken van dit apparaat kan gevaarlijke gevolgen hebben.
- Voor het eerste gebruik van het gasfornuis doet de oven aan met het oog op het verwijderen van de geur van het beschermmateriaal en het vet toegepast voor bescherming tijdens de vervaardiging:
- Til het deksel op,
- Verwijder de accessoires uit de oven,
- Verwijder de eventuele plakkers, advertentieplaatjes, het beschermlaagje van de deksels van de gasbranders,
- Stook de oven omstreeks 45 minuten lang door het draaien van de knop van de oven naar de maximale stand.
- Tijdens het uitvoeren van deze operatie zal uw apparaat roken. Lucht de kamer om de geur en de rook daarvan te verwijderen.
- Reinig de accessoires van de oven met een zacht schoonmaakmiddel. Spoel en droog ze zorgvuldig af.
- Het gebruik van een gasfornuis veroorzaakt warmte en vochtigheid in de kamer waarin dit apparaat geplaatst is. Zorg dat de keuken goed geventileerd is: houd de natuurlijke ventilatieopeningen open of installeer een ventilator.
- Bij intensief en langdurig gebruik van uw apparaat is het aan te bevelen om extra luchtverversing te verzekeren door het openen van ramen of door het vergroten van het vermogen van de ventilator, indien geïnstalleerd.
- Als u een elektrisch toestel in de nabijheid van uw gasfornuis gebruikt (bijvoorbeeld een elektrische mixer), let er dan op dat de aansluitkabel van dit toestel niet in contact komt met het warme oppervlak van het gasfornuis of bekneld raakt in de ovendeur.
- Wees voorzichtig wanneer u gerechten in olie of vet kookt (frieten, oliebollen): olie en vetten kunnen onmiddellijk vlam vatten als ze oververhit raken.
- Gebruik geen pannen met ongelijke bodems of die niet stevig staan: het voedsel kan spatten en lichamelijk letsel veroorzaken.
- Til uw gasfornuis nooit op door aan de ovendeur te trekken.
- Gebruik, naast de accessoires die bij uw gasfornuis zijn geleverd, alleen hittebestendige pannen, schalen, enz. (volgens de aanbevelingen van de fabrikant).
- Bewaar geen schoonmaakmiddelen of ontvlambare materialen in de lade (indien uw gasfornuis van een lade voorzien is) of in de buurt van uw apparaat.
- Op de geopende deur van de oven:
- zet geen zware voorwerpen neer, pas op dat de kinderen niet kunnen klimmen of blijven zitten.
- Wanneer u kookgerei binnen of buiten de oven wilt doen, raakt u geen oververhitte elementen aan en gebruikt u hittebestendige handschoenen.
- Zet nooit aluminiumpapier direct op de bodem van de oven; de opgehoopte warmte kan het email ervan beschadigen.
- Om beschadiging van de draaiknoppen te voorkomen, laat nooit de deur van uw apparaat geopend wanneer het in werking of nog warm is.
- Een gasbrander moet een regelmatige vlam hebben. U moet luchtstromen vermijden. Als de vlam nog onregelmatig is, maak de gasbrander schoon. Als de onregelmatigheid niet verdwijnt, bel de bevoegde servicedienst.
- Na het gebruiken van het gasfornuis, pas op dat alle draaiknoppen op de stand "uit" zijn.
- Plaats geen voorwerpen (doeken, aluminiumfolies) op de kookplaat wanneer de gasbranders in werking zijn.
- Voor het optillen van het deksel, moet u het reinigen.
- Wanneer de oven in werking is, dient het deksel opgetild te zijn.
- Voor het neerzetten van het deksel, draai alle gasbranders uit en wacht erop dat de kookplaat koud wordt om beschadigingen te voorkomen.
- Verander de gastoevoerslang voor de vermelde datum waarop zijn garantie vervalt.
- Gebruik geen propaangascilinder in uw keuken of in een andere gesloten ruimte.
- Houd kinderen uit de buurt van uw gasfornuis wanneer dit in werking is. Zo voorkomt u dat ze zich aan een hete kookplaat of buitenkant van de oven kunnen branden of een volle pot kunnen omdraaien.
- Pas op dat de kinderen de knoppen van het apparaat niet kunnen draaien.
Voor het reinigen van het gasfornuis, controleer of de aansluiting aan het gasnet onderbroken is (alle knoppen moeten op de stand "uit" staan) en dat alle wanden ervan genoeg afgekoeld zijn.
- Laat nooit de kookplaat werken zonder een pan bovenop.
- Voor juist koken en werken, pas op dat het gasfornuis altijd schoon blijft; tijdens het bereiden van sommige gerechten kunnen de vetresten onaangename geuren afgeven.
- Reinig uw toestel na elk gebruik om een goede werking ervan te verzekeren. Gebruik geen stoomtoestellen of druktoestellen voor het reinigen van de oven (maatregelen in verband met de elektrische veiligheid).
- Het installeren van uw apparaat moet door een bevoegde vakman uitgevoerd zijn.
- Alleen een bevoegde elektricien kan een wijziging in uw elektrische installatie aanbrengen om uw apparaat te kunnen aansluiten.
- Het apparaat moet geen aansluiting hebben wanneer dit geïnstalleerd of hersteld is.
- De storingen van uw gasfornuis dienen uitsluitend door een erkende servicedienst hersteld te worden. Een onjuiste herstelling kan serieuze beschadigingen eraan veroorzaken.
Lees aandachtig deze opmerkingen door voor het gebruiken en het opstellen van dit apparaat. Wij danken u voor het vertrouwen dat u met de aankoop van uw gasfornuis in ons hebt gesteld. We zijn niet verantwoordelijk voor een verkeerd gebruik van dit apparaat of indien de gebruiker geen rekening met de veiligheidsnormen houdt. Neem de regels voor het onderhouden en het reinigen van het gasfornuis in acht.
Milieubescherming
De recycleerbare materialen zijn met het symbool ⚙ aangeduid. Plaats ze in ruimten bestemd voor het ophalen hiervan.
Beschrijving van het apparaat
Het bedieningspaneel
- De schakelaar van het licht in de oven/draaispit
- Draaiknop van de oven/grill.
- Draaiknop van de gasbrander achter links.
- Draaiknop van de gasbrander voor links.
- Draaiknop van de gasbrander voor rechts.
- Draaiknop van de gasbrander achter rechts.
De kookplaat
- De gasbrander voor links (snelle)
- De gasbrander achter links (halfsnelle)
- De gasbrander achter rechts (snelle)
- De gasbrander voor rechts (bijbehorende)
Het gebruik van uw gasfornuis
1. De oven
Ingebruikname

Voor het eerste gebruik van uw oven, laat hem een keer verwarmen wanneer deze leeg is. Zorg ervoor dat de kamer voldoende gelucht is: GMV (De Gecontroleerde Mechanische Ventilatie) moet in werking zijn of de ramen dienen geopend te zijn.

Hoe kunt u dat doen?
- Til het deksel op.
- Verwijder de accessoires uit de oven.
- Verwijder de plakkers, de advertentieplaatjes, de beschermfolies van de deksels van de gasbranders.
- Verwarm de oven ongeveer 45 minuten door het draaien van de knop van de oven naar de maximale stand.
Reinig de accessoires van de oven met een zacht schoonmaakmiddel.
Spoel en droog ze zorgvuldig af.

De deur is warm wanneer de oven in werking is. Houd kinderen uit de buurt van het gasfornuis.

Wanneer de oven in werking is, moet het deksel opgetild zijn om oververhitting te vermijden.
Gebruik
De gasbrander van de oven is voorzien van een thermokoppelbeveiliging. Indien de vlam toevallig geblust is (heftige luchtstromen, het overstromen van een vloeistof,...) sluit de
beveiligingsthermokoppel de gastoevoer van de gasbrander van de oven af.
De traditionele oven heeft een temperatuurregeling met 8 standen.
Met behulp van de draaiknop van de oven/grill kunt u de geschikte kooktemperatuur kiezen en de grill doen werken.
| "Uit"-stand | |
| 1-8 | Temperatuurbereik van de oven |
| Dit symbool wijst op de stand "grill". |


Het aanzetten van de gasbrander van de oven
De aanvoer van het gas naar de brander wordt geregeld door een thermostaat, die er voor zorgt dat de temperatuur in de oven constant blijft.
- Doe de ovendeur open en til het beschermdeksel van de stookopening op.
- Breng een vlam in de nabijheid van de gasbrander van de oven.

- Druk de ovenknop in en draai hem tegen de wijzers van de klok in naar stand "8".
- Wanneer de gasbrander aangezet is, houd de knop omstreeks 10 seconden ingedrukt om de thermokoppel-beveiliging van de oven in te stellen. Als de gasbrander niet brandt, draai de knop op de stand "uit" en na een minuut herhaal de operatie door het drukken op de knop 15 seconden maximum.
- Sluit de ovendeur.
- Warm de oven 10 minuten op en draai de draaiknop naar de gewenste stand.
Voordat u sommige voedingsmiddelen in de oven doet (bijvoorbeeld rood vlees), dient u de oven te laten stoken wanneer deze leeg is. De instelling van de draaiknop moet dezelfde zijn als de voor koken gekozen instelling.

Uitdraaien van de gasbrander
Draai de knop in de richting van de wijzers van de klok naar de stand « ◆ ».
De grill

De bereikbare delen van het apparaat kunnen heet worden tijdens het gebruik van de grill. Houd kinderen uit de buurt van het apparaat. De grill dient uit te zijn wanneer de deur geopend en de plaat "A" geïnstalleerd zijn.

De grillstand is bestemd voor het grillen van stukken vlees (rundvlees, varkensvlees) die zacht blijven, voor het bruinen van tosti's of voor het gratineren van bereide gerechten die bij voorkeur warm moeten zijn (bijvoorbeeld het gratineren van pasta).
Indien u direct op de grill wilt koken, zorg er dan voor dat de opvangschaal op een lager niveau is geplaatst om het vet en sap van de gerechten op te vangen.

Het aanzetten van de grill
- Doe de deur open en trek de "A"-draaiplaat uit.
- Druk op de knop van de oven en draai hem in de richting van de wijzers van de klok tot de stand 📋 en houd hem ingedrukt.
- Breng een vlam in de nabijheid van de gasbrander 2 - 3 seconden na het drukken op de knop.

- Zorg ervoor dat de gasbrander brandt en houd de knop ongeveer 10 seconden ingedrukt voordat u hem loslaat (voor het instellen van de thermokoppelbeveiliging).
Als de gasbrander niet aangestoken kan worden, draai de knop naar de "uit"-stand en herhaal de operatie na 1 minuut door de knop maximaal 15 seconden ingedrukt te houden.

Het aansteken van de gasbrander mag alleen met de geopende ovendeur gebeuren.

Het uitdraaien van de grill
Draai de geschikte draaiknop tegen de richting van de wijzers van de klok naar de "uit"-stand « ◆ ».

Raadgeving voor het grillen
- Uw oven dient 5 - 10 minuten opgewarmd te worden op de "grill"-stand.
- Als de grill warm is, zet het stuk vlees op het rooster en plaats het rooster op de gewenste afstand van de grill. Houd het stuk vlees daar zolang als nodig is om het te kunnen grillen.
- Schuif de opvangschaal op een lagere richel.
- Na het bruinen van een zijde van het stuk vlees, draai het om zonder het vlees te doorboren. Zo voorkomt u het verliezen van het sap.
- Grill de tweede zijde.
- Strooi zout na het koken.
- De kooktijd dient te worden vastgesteld op basis van de breedte van het stuk vlees dat gegrild moet worden, niet op basis van het gewicht.

Raadgeving voor het gratineren
- Het is aanbevolen uw oven op de "grill"-stand te laten verwarmen (ongeveer 5 minuten).
- Zet de plaat op het rooster en schuif ze samen naar de gewenste afstand van de grill.
- Laat de gerechten een paar minuten lang rusten om de warmte van de grill erin binnen te dringen.
Na het gebruiken van de oven of de grill, pas op dat de oven/grill-draaiknop op de "uit"
stand is.
Het draaispit

De bereikbare kanten van het huis kunnen heet worden tijdens het gebruik van het draaispit. Houd kinderen uit de buurt van het gasfornuis. Het spit dient gebruikt te worden met gesloten deur en de "A" draaiplaat geïnstalleerd. Het spit en de steun ervan zijn heet na het koken. Gebruik hittebestendige keukenhandschoenen.

Het gebruik van het draaispit?
- Doe de ovendeur open en trek de draaiplaat "A" uit.
- Schuif een vork aan het spit alvorens het vlees er op te schuiven.
- Steek dan de tweede vork erin.
- Blokeer de vorken met behulp van de schroeven.
- Monteer het handvat van het draaispit.
- Steek de steun van het draaispit in de opening van het frame bovenaan.
- Duw het draaispit in de opening van de oven achteraan in het midden. Bevestig alles aan het frame.

- Schuif de druippan op een lagere trap.
- Verwijder het handvat.
- Draai de draaiknop van oven / grill naar de 📄 - stand en druk op de 🕐 toets.
- Controleer of het spit draait.
- Om het stuk vlees uit de oven te halen, draai de draaiknop van de oven / grill naar de "uit" « ⏻ » stand.
- Stop het draaispit door de ⏻ toets in te drukken.

- Plaats het handvat op de juiste stand.
- Trek zachtjes aan het draaispit en haal het samen met de druippan uit de oven.
- Verwijder de haak met hittebestendige handschoenen.
Ovenlamp
De oven is voorzien van een lamp bestemd voor de controle van de spijzen tijdens het koken.
U kunt deze aanzetten door het drukken op de toets die op het bedieningspaneel geplaatst is.
De gasbranders van het kookplaatje
Door het draaien van de knop naar de op het bedieningspaneel aangeduide standen, kunt u het volgende bereiken:
De stand "uit" Volle vloed (gasbrander op de maximale stand) Vertraagde vloed (gasbrander op de minimale stand)

Het is aan te bevelen de maximale vloed voor het koken van de gerechten en de vertraagde vloed voor het stoven ervan te gebruiken. Kies altijd de standen tussen de volle en verminderde vloed en nooit tussen de standen die op volle vloed en "uit" wijzen.
⚠️ Voor het sluiten van het deksel, zorg ervoor dat de kookplaat afgekoeld is; anders kan hij het deksel beschadigen.
Het aanzetten van de op de kookplaat liggende gasbranders
Druk de knop en draai hem naar links tot de stand "volle vlam".
- Breng een vlam in de nabijheid van de gasbrander.
- Stel de vlam in op de gewenste stand.

Het uitdraaien van de gasbranders
Draai de knop in de richting van de wijzers van de klok naar de "uit - 🔒" stand. Zo wordt de beveiliging geïnstalleerd.

Pas op dat geen kinderen in de nabijheid van het apparaat zijn zolang dit warm is. Zet geen voorwerpen of voedingsmiddelen op de kookplaat neer, die gesmolten kunnen worden.
Het kiezen van de gasbrander
Boven elke knop is er een symbool dat op de betreffende gasbrander wijst.

Voor efficiënt koken gebruikt u pannen die met de doorsnede van de gebruikte gasbrander overeenkomen.
Het is raadzaam het vermogen van de gasbrander te verminderen wanneer het kookpunt bereikt is.
Voor de efficiëntie van de gasbranders dienen de deksels schoon te zijn; Resten op de deksels kunnen onregelmatigheden veroorzaken.
Diameter van de gebruikte pannen:
| Snelle gasbrander | 2,60kW - min. 165 mm |
| Halfsnelle gasbrander | 2,00kW - min. 140 mm |
| Hulpbraner gasbrander | 1,00kW - min. 100 mm |
De met het apparaat geleverde accessoires
Behalve de met het gasfornuis geleverde accessoires, is het aan te bevelen alleen schalen, keukengerei enz. die hittebestendig zijn (neem de gebruiksaanwijzing van de fabrikant in acht).
Uw gasfornuis is voorzien van:
- een rooster
- Daarop kunt u het keukengerei neerzetten. U moet de schaal in het midden van het rooster plaatsen.
- een gebakplaat
- een verzamelschaal Deze is gebruikt voor het verzamelen van het sap van het gegrilde vlees. De verzamelschaal is niet bestemd voor het gebruiken als kookpan.
- een draaiplaat Deze moet gebruikt zijn tijdens het grillen en het braden aan het draaispit.
- een draaispit samengesteld uit:
○ twee vorken ○ een spit - een handvat o een steun voor het draaispit

Het koken in de oven
- Voor een economisch energiegebruik is het raadzaam 5 minuten voor het einde van de vastgestelde kooktijd het gasfornuis uit te draaien. De warmte die in de oven blijft kan aan de voltooiing van het koken helpen.
- De dichtheid, het geleidingsvermogen, de kleur van het keukengerei kunnen een invloed hebben op het koken.
- Tijdens het koken stijgen sommige gerechten in volume; daarom is het raadzaam geschikte pannen te gebruiken en de derde deel ervan vrij te blijven.
Voor het vermijden van de vetspatten, gebruik braadschalen en schoteltjes met hoge randen, waarvan de afmetingen evenredig zijn met het stuk vlees dat geroosterd moet worden.
- Doorboor het vel van het gevogelte en de worstjes met een vork voor het koken. Zo voorkomt u dat het vel barst.
- Om uw oven schoon te houden, plaatst u aluminiumfolie tussen de pot en het rooster. Zo wordt de bodem van de oven beschermd tegen spatten. Deze aluminiumfolie moet niet het volledige oppervlak van het rooster bedekken.
- Gebruik hittebestendige glazen borden voor het gratineren en voor het bereiden van soufflés.
- Voeg vetstoffen toe een beetje voor het einde van de kooktijd.

Plaats geen aluminiumfolie direct op de bodem van de oven; anders beschadigt dit het email. Wanneer de oven in werking is, moet het deksel opgetild zijn.
De invloed van het keukengerei op het koken in de oven
U moet weten:
- Aluminium potten en aardewerken schotels kunnen de onderkant van het voedsel doen verbleken en de vochtigheid van de gerechten bewaren tijdens het koken. Het is raadzaam ze te gebruiken voor het bereiden van bakkerijstukken in vormen, voor het bereiden van gegratineerde gerechten en voor het braden van vleesstukken.
- Geëmailleerde ijzeren potten, glazen potten, porseleinen potten, potten met een antiaanbaklaag en een gekleurde buitenkant veroorzaken het bruinen van de onderkant van de gerechten; deze potten veroorzaken het drogen van de gerechten. Het is aan te bevelen ze te gebruiken wanneer u taarten, quiches en gerechten bereidt die een korst boven en onder moeten hebben.
Het koken op de kookplaat
Kies altijd een pot die evenredig is met de doorsnede van de gebruikte gasbrander. Als u potten met een brede bodem wilt gebruiken (sterilisatiepot, marmeladepot, wasketel, couscoussier...), plaatst u ze op de achterkant van de kookplaat zodat de bodem van de potten er stevig op staat en de rand van de kookplaat niet overschrijdt. Zo voorkomt u dat de vlammen te hoog rijzen en het bedieningspaneel oververhit raakt.

Voordat u het deksel sluit, wacht u tot de bovenkant van de kookplaat is afgekoeld. Zo voorkomt u beschadiging van het deksel.
Bakgids
Omrekeningstabel: thermostaat- / temperatuurstanden
| 1 | 150 °C | 3 | 170 °C | 5 | 200 °C | 7 | 240 °C |
| 2 | 160 °C | 4 | 180 °C | 6 | 220 °C | 8 | MAXI |
De oven moet altijd voorverwarmd worden op de stand die past bij het gerecht dat u bereidt.
| Gerechten Stand van de ovenknop | |
| Biscuittaart – Viervierden 1 - 2 | |
| Pâté – Terrine 3 - 4 | |
| Pikante taart - Soufflé 4 - 5 | |
| Vis 4 - 5 | |
| Gevogelte - Varkensvlees 5 - 6 | |
| Rood vlees 7 - 8 | |
De aanwijzingen in de bakgids zijn slechts richtwaarden. Al naar gelang de hoeveelheid van het te bereiden gerecht en het materiaal van de bakpan, -schaal of –vorm zult u deze waarden eventueel moeten aanpassen. Uw ervaring zal u leren de juiste stand te vinden die het best met uw kookgewoonten overeenkomt.
Bakken met de grill
Gedurende het grillen moet de ovendeur open blijven staan en moet u toezicht blijven houden.
Onderhoud en reiniging
Voordat u het fornuis reinigt, pas op dat alle draaiknoppen op de stand: "uit" staan en het apparaat helemaal afgekoeld is.
Gebruik geen schurende of agressieve schoonmaakmiddelen en geen schuursponsjes voor het reinigen van uw apparaat.
De gasbranders
Reinig de deksels van de gasbranders met warm water en een zacht schoonmiddel en verwijder alle resten erop. Gebruik nooit water met azijn voor het reinigen van uw gasfornuis. De kronen van de gasbranders moeten helemaal schoon zijn; verstoppingen kunnen onregelmatigheden van de vlammen veroorzaken. Als u de gasbrander gedemonteerd heeft, pas dan op dat de kronen en de deksels juist geplaatst worden alvorens het fornuis aan te zetten. De hierbovengenoemde delen moeten helemaal droog zijn.
Het bedieningspaneel, de draaiknoppen, het geëmaileerde rooster, het deksel van de kookplaat, de zijwanden van het apparaat. Gebruik een vochtig sponsje en zachte schoonmiddelen, spoel en droog.
De bovenkant van de kookplaat
Reinig het gasfornuis na elk gebruik met behulp van een spons, warm water en een zacht schoonmaakmiddel; vermijd het lekken van het vloeistof in de gaatjes van de kookplaten. Spoel en droog met een zacht doekje. Laat vetspatten eerst weken in wat schoonmaakmiddel. Nooit krassen. Gebruik geen schurende- en agressieve schoonmaakmiddelen omdat het glansemail van de oppervlakte hierdoor kan beschadigd worden. Het is aan te bevelen de azijnvlekken, de druppels van citroensap en de zuurtjes van de kookplaat te verwijderen.
Accessoires
Reinig ze met zeepoplossing; spoel en droog ze zorgvuldig af.
Ovendeur
Ovendeur uitnemen
Om de oven gemakkelijk te kunnen reinigen, kan de ovendeur worden verwijderd.
De ovendeur in zijn horizontale stand openklappen. Vervolgens de beugels op de beide deurscharnieren tot de aanslag naar voren klappen (a).
De deur langzaam tot de aanslag weer sluiten en de deur optillen tot de scharnieren loskomen (b).
Ovendeur terugplaatsen
Bij het terugplaatsen van de ovendeur in omgekeerde volgorde te werk gaan als bij het verwijderen van de deur.
De scharnieren van de deur terugplaatsen in de daartoe bestemde openingen (c). Daarbij letten op een juiste en gelijkmatige plaatsing van de scharnieren.
Vervolgens de deur langzaam naar beneden zwenken. Er daarbij op letten dat de hoeken van de deur niet onder tegen het raamwerk stoten (in dat geval de deur weer omhoog zwenken en de scharnieren opnieuw uitrichten).
Ten slotte de beugels weer naar achteren in de richting van de oven klappen (d). Om er zeker van te zijn dat de deur goed sluit, met een voorwerp (bijv. schroevendraaier) de beugels aandrukken (e).
De correcte werking van de deur langzaam controleren.
Let op: De deurscharnierhendels nooit laten „dichtklappen“. De veerwerking kan in dat geval leiden tot verwondingen.

Het vervangen van de gloeilamp

Let op dat alle draaiknoppen in de « uit » positie staan alvorens de gloeilamp te vervangen.
Deze gloeilamp van 15 W (type: sokkel; schroef
E 14; 230 I 240 V) is een speciale "warmte"
gloeilamp die hittebestendig is aan een temperatuur van 300°C.
De gloeilamp is geplaatst aan de achterkant van de oven en is bereikbaar via de binnenkant ervan.

Om toegang tot de gloeilamp te hebben:
- Schroef de glazen beschermhoed van de gloeilamp los.
- Draai de gloeilamp los.
- Vervang de gloeilamp.
- Schroef de glazen gloeilamp vast.

Het is aan te bevelen de volgende testen aan uw gasfornuis uit te voeren voordat u de na aankoop geleverde servicedienst belt. De storing kan een eenvoudige onregelmatigheid zijn die u zelf kunt herstellen. Indien na het controleren van deze verschillende onderdelen de onregelmatigheid niet verdwijnt, neem dan contact op met de na aankoop geleverde servicedienst.
| Symptoom | Oplossing |
| Een gasbrander brandt niet. | Controleer:of de gastoevoer geopend is,of de gasleiding juist geplaatst is,of de gascilinder leeg is. |
| Een gasbrander van de kookplaat of de gasbrander van de oven brandt niet. | Controleer:of de gasbrander juist gemonteerd is,of de gasbrander niet vochtig is. |
| U bent ontevreden met de kookresultaten | Controleer:de thermostaat in de juiste stand staat,of de kooktijd juist ingesteld is,het rooster juist op het vuur staat,of geschikt keukengerei gebruikt wordt. |
| De oven rookt | Controleer:of de oven gereinigd moet zijn,of de gerechten niet hebben gespat,of er vetresten op de wanden van de oven zijn |
Vrijstaand apparaat Klas 1
| Kookplaat Het deksel van de kookplaat | |||
| Het rooster | Geëmaileerd | ||
| Gasbrander voor rechts | Bijbehorende gasbrander | 1,0 kW | |
| Gasbrander achter rechts | Snelle gasbrander | 2,6 kW | |
| Gasbrander voor links | Snelle gasbrander | 2,6 kW | |
| Gasbrander achter links | Halfsnelle gasbrander | 2,0 kW | |
| Oven Oven | gas | ||
| Vermogen van de oven | 3,2 kW | ||
| Grill | gas | ||
| Vermogen van de grill | 2,5 kW | ||
| De gloeilamp van de oven | gloeilamp 15W type E 14 | ||
| Reiniging | katalyse | ||
| Toebehoren | Rooster | ||
| Druippan | |||
| Gebakplaat | |||
| Draaiplat | |||
| Draaispit | |||
| Compartiment voor vaatwas | |||
| Afmetingen Hoogte | 850 mm | ||
| Breedte | 550 mm | ||
| Diepte | 550 mm | ||

Dit apparaat is vervaardigd in overeenstemming met de volgende Europese richtlijnen:
90/683; 95/2006 (laag voltage) en de wijzigingen eraan, 89/336 (Elektromagnetische compatibiliteit) en de wijzigingen eraan, 90/396 (Gasapparaat); 93/68 (Algemene Richtlijnen) en de wijzigingen eraan
- Voor het installeren van het gasfornuis moet u ervoor zorgen dat het apparaat overeenkomstig de kenmerken van de lokale gasdistributie (de natuur en de druk van het gas) ingesteld kan worden.
- Dit apparaat moet geplaatst worden in een ruimte die voldoende geventileerd is.
- De instellingseisen van dit apparaat zijn vermeld op het typeplaatje ervan.
- Dit apparaat heeft geen aansluiting aan een afvoerbuis. Het opstellen en het aansluiten aan het gasnet dienen overeenkomstig de geldende normen hiervoor uitgevoerd te worden. U moet aan de ventilatienormen bijzondere aandacht schenken.
- Dit gasfornuis is een X apparaat. Dat betekent dat de meubelstukken die naast dit gasfornuis staan de hoogte ervan niet mogen overschrijden. Deze norm is bestemd voor het beschermen van de meubelstukken.
- De wanden dicht bij het apparaat moeten van hittebestendige stoffen vervaardigd of met dergelijke stoffen bedekt zijn.
Aansluiting aan het gasnet
- Controleer of de vloed en de doorsnede van de gasleidingen geschikt zijn voor het verzekeren van de gastoevoer voor alle apparaten van de installatie (raadpleeg uw gasbedrijf).
- Controleer of alle aansluitingen dicht zijn.
- Monteer een afsluitingskraan die bereikbaar en zichtbaar moet zijn.
- Indien u over een soepele gasslang beschikt, dient deze bereikbaar en zichtbaar te zijn. Hij moet niet achter het apparaat geplaatst worden.
- Vervang de soepele gasslang een beetje voor het vervallen van de garantie ervan.
Het onderhoud en de installatie van het gasfornuis moeten overeenkomstig de geldende regelingen en normen door een bevoegde vakman uitgevoerd zijn.
Installatie
Plaatsing
Verwijder de verpakking en de kunststof bedekking en plaats het gasfornuis in een droge en geluchte ruimte. Zet het gasfornuis neer uit de buurt van gordijnen, papieren of flessen van alcohol, enz.
Het gasfornuis moet neergezet zijn op een hittebestendige vloer.

Dit gasfornuis behoort tot de klasse "1" die in verband is met de bescherming tegen de oververhitting van de oppervlakten in zijn nabijheid. Houd een afstand van 2 cm tussen de zijwanden van de meubelstukken en uw fornuis. Deze meubelstukken moeten niet hoger dan de kookplaat zijn.
De ventilatie van de kamer
Het branden van het gas is mogelijk dankzij de zuurstof die in de lucht zich bevindt (2m³ lucht/h x kW van het geïnstalleerde vermogen - zie het typeplaatje van uw apparaat).
Daarom zijn de luchtverversing en de afvoer van de gebrande gassen benodigd.
De luchtverversing dient uitgevoerd te zijn door een of meer openingen in de buitenwanden met een totale oppervlakte van omstreeks 100 cm².
De openingen moeten geplaatst zijn in de nabijheid van de vloer en bij voorkeur tegenover de kant waarop de afvoer van het gebrande gas zich bevindt. Pas op dat de openingen niet verstopt zijn aan de buitenkant en aan de binnenkant.
Aansluiting aan het gasnet
Uw gasfornuis is afgesteld op het gastype dat vermeld staat op het typeplaatje.
Het veranderen van de afstelling kan noodzakelijk zijn. In dat geval moet u de hieronder vermelde handelingen volgen.

Verifieer of de gasdruk in overeenstemming is met de in de tabel gegeven waarden. Deze verzekeren een juiste en energiebesparende werking alsmede een langere levensduur van het gasfornuis.
Butaangas of propaangas: zorg ervoor dat de drukregelaar de volgende gasdruk verzekert: 28-30 mbar voor butaangas en 37 mbar voor propaangas.
Aansluiting met een vaste buis of een metalen en soepele slang
Om veiliger te zijn raden we aan de aansluiting uit te voeren met vaste buizen (bv. in koper) of met soepele buizen in inoxstaal zodat het toestel niet beschadigd raakt.
De aansluiting aan de gasmond voor deze toestellen is ISO7-1/R1/2.
Aansluiting met soepele buis
Wanneer u voor de aansluiting een soepele buis of slang gebruikt, controleer ze dan op de volgende punten:
- de slang vertoont geen plooien, versmallingen, brandsporen; zowel aan de beide uiteinden als over de volledige lengte;
- het materiaal is niet hard geworden en is dus nog steeds even soepel en buigzaam;
- de verbindings- en sluitingsringen (indien aanwezig) zijn niet geroest ;
- de geldigheidsdatum (indien aanwezig) is niet verstreken.
De slang moet als volgt geplaatst worden :
- mag niet onder spanning staan of gedraaid zijn ;
- mag niet in aanraking komen met scherpe voorwerpen of scherpe randen ;
- het moet gemakkelijk zijn om de staat van de slang te controleren.
Indien zich toch één van bovenvermelde situaties voordoet (of meerdere tegelijk), moet u de slang niet laten herstellen maar volledig vervangen.
BELANGRIJK
Wanneer de installatie voltooid is, controleert u de goede vastheid van de verbindingen met schuim of zeepwater, maar NOOIT met een vlam.
De aansluiting op het elektriciteitsnet - Belangrijke opmerking
Let op dat de aarding van het apparaat correct is uitgevoerd via een stopcontact van 2P + T (10 / 16 A), overeenkomstig de geldende normen en voorschriften. Wij zijn niet verantwoordelijk voor persoonlijk letsel in geval van een onjuiste aarding. Het gasfornuis is voorzien van een soepele voedingskabel met stekker die op een stopcontact moet worden aangesloten. De netspanning moet 230V, 50Hz zijn.
De zekering: 3 A (maximaal)
Opmerking:
Controleer de waarde van het totale vermogen om de waarde van de zekering te kunnen vaststellen.
De aansluiting van een vaste installatie op het stroomnet dient uitgevoerd te worden via een verbreker met een omnipolaire verbreking met een contactafstand van minder dan 3 mm.
De gele - groene aardleiding moet niet verbroken zijn door middel van een verbreker.
De voedingskabel moet zo geplaatst worden dat de temperatuur ervan niet 50°C op de kamertemperatuur overschrijdt.
Voor het aansluiten van het apparaat, controleer of:
- de zekeringen en de huishoudelijke elektrische installatie de elektrische lading kunnen verdragen (zie het typeplaatje),
- het stopcontact en de omnipolaire verbreking moeten bereikbaar blijven tijdens de installatie van het apparaat.
De voedingskabel mag alleen door een erkende elektricien vervangen worden. Gebruik een voedingskabel met een doorsnede die met de elektrische lading overeenkomt.

Ongeacht de modaliteiten van uitvoering, moet de aarding van het apparaat uitgevoerd zijn overeenkomstig geldende normen.
Gas wisselen
Uw gasfornuis is bestemd voor werking met aardgas, Propaangas en Butagas.
Dit is niet ontworpen voor het werken met gebutaaneerde of gepropaneerde lucht.
Voor het veranderen van het gastype moet u:
- de injectoren vervangen (kookplaat, oven, grill),
- de verminderde gasvloed instellen (kookplaat, oven),
- de circulatie van de eerste lucht instellen (oven, grill), • de gasaansluiting testen.
INJECTOREN TABEL NO.1 (Cat : I I 2E + 3+)
| Gasbranders | Normaal vermogen (Kw) | Verminderd vermogen (Kw) | Gastype | Gasdruk (mbar) | Doorsne de injector | Opening ring (mm) | Cons. (g/h) | |
| SNELLE | 2,60 | 0,72 | AARDGAS | G20 | 20 | 0,42 | 1,12 | - |
| 2,40 | AARDGAS | G25 | 25 | 1,12 | - | |||
| 2,60 | BUTAGAS | G30 | 28-30 | 0,86 | 189,05 | |||
| 2,60 | PROPAANGAS | G31 | 37 | 0,86 | 185,68 | |||
| HALFSNELLE | 2,00 | 0,43 | AARDGAS | G20 | 20 | 0,32 | 0,96 | - |
| 1,85 | AARDGAS | G25 | 25 | 0,96 | - | |||
| 2,00 | BUTAGAS | G30 | 28-30 | 0,71 | 145,43 | |||
| 2,00 | PROPAANGAS | G31 | 37 | 0,71 | 142,83 | |||
| BIJBEHORE NDE | 1,00 | 0,35 | AARDGAS | G20 | 20 | 0,29 | 0,70 | - |
| 0,95 | AARDGAS | G25 | 25 | 0,70 | - | |||
| 1,00 | BUTAGAS | G30 | 28-30 | 0,50 | 72,71 | |||
| 1,00 | PROPAANGAS | G31 | 37 | 0,50 | 71,41 | |||
| OVEN | 3,20 | 1,00 | AARDGAS | G20 | 20 | 0,46 | 1,13 | - |
| 2,90 | AARDGAS | G25 | 25 | 1,13 | - | |||
| 3,20 | BUTAGAS | G30 | 28-30 | 0,88 | 232,68 | |||
| 3,20 | PROPAANGAS | G31 | 37 | 0,88 | 228,52 | |||
| GRILL | 2,50 | - | AARDGAS | G20 | 20 | - | 1,15 | - |
| 2,30 | AARDGAS | G25 | 25 | 1.15 | - | |||
| 2,50 | BUTAGAS | G30 | 28-30 | 0,80 | 181,78 | |||
| 2,50 | PROPAANGAS | G31 | 37 | 0,80 | 178,53 | |||

Plak de met het apparaat geleverde plakker (de zak van de injectoren) voor het gebruikte gastype.
geleverde plakker (de zak van de injectoren) voor het gebruikte gastype.
Vervangen van de inspuiters
Elk apparaat is uitgerust met een set inspuiters voor elk type gas. De diameter van de spuitmond van elke inspuiter is aangegeven in honderdste millimeters op de inspuiter.

Vervang als volgt de inspuiters:
- Verwijder de grill;
- Verwijder de branders;
- Draai de inspuiters los met een steeksleutel nr. 7 en vervang ze door de inspuiters die bestemd zijn voor het soort gas dat u gebruikt (zie tabel nr. 1). Zet de branders en de grill weer op hun plaats.
Regelen van het gereduceerd vermogen van de kookbranders
Let op dat het gereduceerd vermogen juist is ingesteld als u van het ene soort gas overschakelt op een ander.
Een correcte vlam moet bij een gereduceerd vermogen ongeveer 4 mm hoog zijn; een bruuske overgang van de maximumstand naar een lagere stand mag nooit tot gevolg hebben dat de vlam dooft.

Stel de vlam als volgt in:
- Steek de brander aan;
- Draai de knop naar de minimumstand;
- Verwijder de knop;
- Draai de regelschroef (die zich rechts van de as van het kraantje bevindt, zie afbeelding) losser of vaster tot u een heel korte, maar stabiele vlam krijgt voor aardgas. Voor butaan- en propaangas draait u de schroef volledig vast in de richting van de wijzers van de klok.
- Zet de knop weer op zijn plaats.
- Draai de knop meermaals van de maximum- naar de minimumstand om te controleren of de vlam stabiel blijft.

Vervangen van de inspuiter van de ovenbrander

Vervang de inspuiter van de
ovenbrander als volgt:
- Raadpleeg tabel 1 voor de diameter van de te gebruiken inspuiter;
- Verwijder de bodemplaat;
- Verwijder de brander uit de oven door hem naar achter te duwen;
- Vervang de inspuiter met behulp van een steeksleutel nr. 10.
Zet de brander en de bodemplaat weer op hun plaats.
Vervangen van de inspuiter van de grillbrander

Vervang de inspuiter van de
grillbrander als volgt:
- Verwijder de brander door de schroef te verwijderen;
- Vervang de inspuiter met behulp van sleutel nr. 10;
- Zet alles weer op zijn plaats.
Regelen van de primaire luchttoevoer van de ovenbrander
Draai schroef "M" van de luchtregeling "A" los met een schroevendraaier. Schuif de ring naar achteren of naar voren om de luchtdoorvoer verder te openen of af te sluiten volgens de aanwijzingen in de inspuitertabel.
Steek de brander aan om te controleren hoe de vlammen eruit zien.

Regelen van de primaire luchttoevoer van de grillbrander
Draai de regelschroef van de luchtregelbuis al naar het gebruikte gas los met een schroevendraaier. Verplaats volgens de aanwijzingen in de inspuitertabel de buis zodanig dat de luchtdoorvoer groter of kleiner wordt.
Steek de brander aan om te controleren hoe de vlammen eruit zien.
Regelen van het gereduceerd vermogen van de ovenbrander
Dit is enkel mogelijk voor de ovenbrander (de grill heeft een vast vermogen).

Regel het gereduceerd vermogen van de ovenbrander als volgt:
- Steek de brander aan;
- Draai de knop naar de maximumstand;
- Verwijder de knop;
- Draai de regelschroef ongeveer 3 maal rond tegen de wijzers van de klok in;
- Zet de knop op zijn plaats en laat de oven ongeveer 10 minuten opwarmen;
- Zet de knop in de laagste stand zodat er met gereduceerd vermogen gewerkt kan worden.
Verwijder de knop, let erop dat de spindel van de kraan niet gaat draaien en draai de schroef langzaam vast tot u een vlam van 3-4 mm hoog krijgt.


Europese garantie
Dit apparaat wordt door Electrolux in elk van de achter in deze handleiding genoemde landen gedurende de in het bij het apparaat behorende garantiebewijs genoemde periode of anderszins bij de wet gegarandeerd. Als u van een van deze landen verhuist naar een ander van de hieronder genoemde landen, verhuist de garantie op het apparaat met u mee. De volgende beperkingen zijn hierop van toepassing:
- De garantie op het apparaat begint op de datum van eerste aankoop van het apparaat. Deze datum dient te worden aangetoond door overlegging van een geldig, door de verkoper van het apparaat afgegeven aankoopbewijs.
- De garantie op het apparaat geldt voor dezelfde periode en in dezelfde mate voor arbeidsloon en onderdelen als van toepassing in uw nieuwe land van vestiging op dit specifieke model of deze specifieke serie apparaten.
- De garantie op het apparaat is persoonlijk, geldt dus voor de oorspronkelijke koper van het apparaat en kan niet worden overgedragen op een andere gebruiker.
- Het apparaat wordt geïnstalleerd en gebruikt in overeenstemming met de door Electrolux afgegeven instructies en wordt alleen in huis gebruikt, dat wil zeggen, het apparaat wordt niet gebruikt voor commerciële doeleinden.
- Het apparaat wordt geïnstalleerd in overeenstemming met alle relevante voorschriften die in uw nieuwe land van vestiging van kracht zijn.
De voorwaarden van deze Europese garantie tasten geen van de aan u bij de wet verleende rechten aan.
www.electrolux.com
![]() | ![]() | ![]() |
| Albania +35 5 4 261 450 Rr. Pjeter Bogdani Nr. 7 Tirane | ||
| Belgique/België/Belgien | +32 2 363 04 44 | Bergensesteenweg 719, 1502Lembeek |
| Česká republika | +420 2 61 12 61 12 | Budějovická 3, Praha 4, 140 21 |
| Danmark +45 70 11 74 00 Sjællandsgade 2, 7000 Fredericia | ||
| Deutschland +49 180 32 26 622 Muggenhofer Str. 135, 90429 | Nürnberg | |
| Eesti +37 2 66 50 030 Pärnu mnt. 153, 11624 Tallinn | ||
| España +34 902 11 63 88 Carretera M-300, Km. 29,900 | Alcalá de Henares Madrid | |
| France www.electrolux.fr | ||
| Great Britain | +44 8705 929 929 | Addington Way, Luton,Bedfordshire LU4 9QQ |
| Hellas | +30 23 10 56 19 70 | 4, Limnou Str., 54627 Thessaloniki |
| Hrvatska | +385 1 63 23 338 | Slavonska avenija 3, 10000 Zagreb |
| Ireland +353 1 40 90 753 Long Mile Road Dublin 12 | ||
| Italia | +39 (0) 434 558500 | C.so Lino Zanussi, 26 - 33080Porcia (PN) |
| Latvija | +37 17 84 59 34 | Kr. Barona iela 130/2, LV-1012,Riga |
| Lietuva | +370 5 2780609 | Ozo 10A, LT 08200 Vilnius |
| Luxembourg | +352 42 431 301 | Rue de Bitbourg, 7, L-1273 Hamm |
| Magyarország | +36 1 252 1773 | H-1142 Budapest XIV, Erzsébetkirályné útja 87 |
| Nederland | +31 17 24 68 300 | Vennootsweg 1, 2404 CG - Alphenaan den Rijn |
| Norge | +47 81 5 30 222 | Risløkkvn. 2 , 0508 Oslo |
| Österreich | +43 18 66 400 | Herziggasse 9, 1230 Wien |
Polska![]() | +48 22 43 47 300[7ST3] | ul. Kolejowa 5/7, Warszawa![]() |
| Portugal +35 12 14 40 39 39 Quinta da Fonte - Edificio | Gonçalves Zarco - Q 35 -2774-518 Paço de Arcos | |
| Romania +40 21 451 20 30 Str. Garii Progresului 2, S4, 040671 | RO | |
| Schweiz - Suisse - Svizzera | +41 62 88 99 111 | Industriestrasse 10, CH-5506Mägenwil |
| Slovenija | +38 61 24 25 731 | Gerbičeva ulica 98, 1000 Ljubljana |
| Slovensko +421 2 43 33 43 22 Electrolux Slovakia s.r.o., | Electrolux Domáce spotrebiče SK, Seberíniho 1, 821 03 Bratislava | |
| Suomi www.electrolux.fi | ||
| Sverige +46 (0)771 76 76 76 Electrolux Service, S:t | Göransgatan 143, S-105 45 Stockholm | |
| Türkiye | +90 21 22 93 10 25 | Tarlabași caddesi no : 35 Taksimİstanbul |
| Россия | +7 495 937 7837 | 129090 Москва, Олимпийский проспект, 16, БЦ "Олимпик" |
www.electrolux.com




