R-234W - Magnetron SHARP - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis R-234W SHARP in PDF-formaat.
| Type product | Solo magnetron |
| Merk | Sharp |
| Model | R-234W |
| Capaciteit | 20 liter |
| Afmetingen (L x H x D) | 44 x 26 x 36 cm |
| Netto gewicht | 11,5 kg |
| Magnetronvermogen | 800 W |
| Voeding | 220-240 V ~ 50 Hz |
| Stroomverbruik | 1200 W |
| Type bediening | Draaiknoppen en toetsen |
| Belangrijkste functies | Ontdooien, snel koken, timer, klok |
| Vermogensniveaus | 5 niveaus |
| Draaiplateau | Ja, diameter 24,5 cm |
| Kinderslot | Vergrendeling bedieningspaneel |
| Automatische uitschakeling | Ja, bij geopende deur |
| Materiaal van de holte | Roestvrij staal |
| Deur | Gehard glas met veiligheidssysteem |
| Onderhoud en reiniging | Afnemen met een vochtige doek en mild schoonmaakmiddel |
| Reserveonderdelen beschikbaar | Draaiplateau, zekering, lamp |
| Repareerbaarheidsindex | 7,2 / 10 |
| Inbegrepen accessoires | Rooster, draaiplateau |
| Geluid | 50 dB |
| Kleur | Wit |
Veelgestelde vragen - R-234W SHARP
Gebruikersvragen over R-234W SHARP
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Magnetron in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding R-234W - SHARP en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. R-234W van het merk SHARP.
GEBRUIKSAANWIJZING R-234W SHARP
Deze gebruiksaanwijzing bevat belangrijke informatie die u dient te lezen alvorens u de oven in gebruik neemt. Waarschuwing: Het niet naleven van de gebruiks- en onderhoudsvoorschriften evenals elke ingreep die het mogelijk maakt dat het toestel in niet-gesloten toestand in werking kan gesteld worden, kan leiden tot ernstige gezondheidsletsels.
2 Ovenlamp 3 Deur open-handel 4 Afdekplaatje (voor golfgeleider) 5 Verbindingsstuk 6 Ovenruimte 7 Deurafdichtingen en pasvlakken 8 Ventilatie-openingen 9 Behuizing 10 Netsnoer
Controleer dat de volgende accessoires zijn geleverd: Plaats de draaisteun (12) op de vloer van de ovenruimte. Plaats vervolgens de draaitafel (11) op het verbindingsstuk (13) van de draaisteun.
Om ervoor te zorgen dat de draaitafel niet wordt beschadigd, moeten de borden of schalen goed worden opgetild, zodat ze de rand van de draaitafel niet raken wanneer u ze uit de oven haalt.
Opmerking: Stel uw handelaar of erkend SHARP onderhoudspersoneel bij het nabestellen van accessoires op de hoogte van: de naam en de modelnaam.
ACCESSOIRES
De overeenkomstige indicator boven elk symbool zal gaan knipperen of gaan branden volgens de gebruiksaanwijzing. Wanneer er een indicator knippert, dient u de passende toets in te drukken (met hetzelfde symbool) of de noodzakelijke bewerking uit te voeren.
Roeren Omdraaien KG KG/Gewicht Portie Vermogenniveau-indicator Koken-indicator
3 EXPRES BEREIDEN en EXPRESS
ONTDOOIEN-toetsen
Druk op de toets om één van de 12 automatische kookprogramma's te kiezen.
4 MAGNETRON VERMOGENNIVEAU-toets
5 STOP-toets
6 + 1 min/START-toets
7 TIJDSCHAKELAAR/GEWICHT/PORTIE-knop
BEDIENINGSPANEEL
1 Digitaal display
2 Indicatoren
Laat de magnetronoven tijdens gebruik niet onbeheerd achter. Te hoge niveaus of te lange kooktijden kunnen het voedsel mogelijk oververhitten met brand tot gevolg.
Deze oven is niet geschikt om in een muur of kast te worden ingebouwd.
Steek de stekker van het netsnoer in een gemakkelijk toegankelijk stopcontact zodat u de stekker in een noodgeval snel uit het stopcontact kunt trekken.
Sluit de oven alleen aan op een stopcontact met 230 V, 50 Hz wisselstroom met een minimale 10 A zekering of een minimale 10 A circuitonderbreker.
Het wordt aanbevolen om een apart circuit voor deze oven te gebruiken.
Plaats de oven niet in de buurt van verwarmingselementen, zoals bijvoorbeeld naast een kachel of dichtbij een gasfornuis.
Plaats de oven niet in een zeer vochtige of natte ruimte.
Plaats of gebruik de oven niet buitenshuis.
OPEN NOOIT DE OVENDEUR indien er rook van verwarmd voedsel in de oven komt. Schakel de oven uit, trek de stekker uit het stopcontact en wacht totdat er geen rook meer van het voedsel komt. Het openen van de ovendeur terwijl er rook van het voedsel komt kan brand veroorzaken.
Gebruik alleen bakjes, schalen en dergelijke die geschikt zijn voor magnetronovens. Zie het kookboek voor bruikbare materialen op blz. 64.
Blijf in de buurt van de oven indien u wegwerpplastic, papier of andere brandbare materialen gebruikt.
Reinig het afdekplaatje voor de golfgeleider, de ovenruimte, draaitafel en draaisteun na gebruik. Deze onderdelen dienen droog en vetvrij te zijn. Vet kan mogelijk oververhitten, gaan roken en vlam vatten.
Plaats geen ontvlambare materialen in de buurt van de oven of de ventilatie-openingen.
Blokkeer de ventilatie-openingen niet.
Verwijder alle metalen draadjes, verzegelingen, enz. van het voedsel en de verpakking.
Vonken van metalen voorwerpen kunnen mogelijk brand veroorzaken. Gebruik de magnetronoven
niet voor bakken met olie of het verwarmen van frituurvet. De temperatuur kan namelijk niet worden geregeld en de olie kan mogelijk vlam vatten. Gebruik alleen popcorn dat in een voor magnetronovens geschikt materiaal is verpakt. Bewaar geen voedsel of andere voorwerpen in de magnetronoven. Controleer dat de instellingen van de magnetronoven juist zijn nadat u de oven heeft gestart. Volg de aanwijzingen in deze gebruiksaanwijzing en het kookboek op.
Voorkomen van persoonlijk letsel
WAARSCHUWING:
Gebruik de oven niet indien deze is beschadigd of niet normaal functioneert. Controleer alvorens gebruik het volgende:
a) Controleer dat de deur goed sluit en niet krom is of anderzijds beschadigd. b) Controleer dat de scharnieren en veiligheidsdeurgrendels niet gebroken zijn of los zitten. c) Controleer dat de deurafdichtingen en pasvlakken niet zijn beschadigd. d) Controleer dat er geen deuken in de ovenruimte of in de deur zijn. e) Controleer dat het netsnoer en de stekker niet zijn beschadigd.
De oven nooit zelf repareren en geen onderdelen van de oven aanpassen of vervangen. Niemand, behalve een gekwalificeerde technicus, dient onderhouds- of reparatiewerkzaamheden uit te voeren waarbij een afdekking die bescherming biedt tegen blootstelling aan microgolven, wordt verwijderd. Dit kan gevaarlijk zijn.
Gebruik de oven niet met de deur geopend. Breng geen veranderingen in de veiligheidsdeurgrendels aan.
Gebruik de oven niet indien er een voorwerp tussen de deurafdichtingen en pasvlakken is.
Zorg dat er geen vet of vuil is op de aangrenzende oppervlakken. Volg de aanwijzingen bij "ONDERHOUD EN REINIGEN" op blz. 63 goed op.
Personen met een PACEMAKER dienen een dokter of de fabrikant van de pacemaker te raadplegen aangaande speciale voorzorgsmaatregelen bij gebruik van een magnetronoven.
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSMAATREGELEN

Voorkomen van een elektrische schok
De behuizing mag nooit worden geopend of verwijderd.
Zorg dat er geen vloeistoffen of andere voorwerpen in de openingen van de deurvergrendelingen of ventilatie-openingen komen. Schakel de oven onmiddellijk uit, trek de stekker uit het stopcontact en raadpleeg erkend SHARP onderhoudspersoneel indien er iets in deze openingen terecht is gekomen.
Dompel het netsnoer en de stekker niet in water of andere vloeistoffen onder.
Laat het netsnoer niet over de rand van een tafel of buffet hangen. Houd het netsnoer uit de buurt van warme oppervlakken, zoals ook de achterkant van de oven.
Vervang niet zelf de ovenlamp en laat de lamp niet door ondeskundige, niet door SHARP erkende elektriciens uitvoeren.
Raadpleeg uw handelaar of erkend SHARP onderhoudspersoneel indien de ovenlamp niet meer functioneert.
Indien het netsnoer van dit toestel is beschadigd, dient het door een speciaal snoer te worden vervangen. Laat het vervangen van het snoer aan erkend SHARP onderhoudspersoneel over.
WAARSCHUWING: Voorkomen van een explosie en spatten van kokend voedsel. Vloeistoffen en andere etenswaren moeten niet in afgesloten bakjes worden opgewarmd, aangezien ze kunnen ontploffen.
Gebruik nooit verzegelde containers of bakjes. Verwijder zegels en deksels alvorens gebruik. Verzegelde bakjes en dergelijke kunnen zelfs nadat de oven is uitgeschakeld namelijk ontploffen indien de druk in het bakje te hoog is opgelopen.
Let op bij het bereiden van vloeistoffen met de magnetron. Gebruik altijd flessen of containers met een wijde hals zodat bellen kunnen ontsnappen.
Kook nooit in flessen met een dunne hals, zoals baby-zuigflessen, daar de vloeistof plotseling uit de fles zou kunnen spuiten met brandwonden mogelijk tot gevolg.
Voorkom dat kokende vloeistof uit de fles spat:
1 Roer de vloeistof alvorens het verwarmen/opwarmen door. 2 Steek voor het opwarmen een glazen staaf of dergelijk voorwerp in de vloeistof. 3 Laat de vloeistof na het koken even in de oven staan zodat wordt voorkomen dat de vloeistof later uit de fles spuit.
Kook nooit hele eieren in hun schaal in de magnetron. Ook hardgekookte eieren moeten niet in magnetronovens worden opgewarmd, aangezien ze kunnen ontploffen, zelfs nadat de magnetronoven is uitgezet. Opwarmen van eieren die niet zijn geslagen of op een andere manier zijn verwerkt, dient u ter voorkoming van het ontploffen van het ei het eigeel en het eiwit door te prikken. Pel eieren en snijd hard gekookte eieren in plakjes alvorens deze in de magnetronoven te verwarmen.
Prik ter voorkoming van het ontploffen van voedsel de schil of het vel van aardappelen, worstjes, fruit en dergelijke door alvorens deze te koken.
Voorkomen van brandwonden
Voorkom brandwonden en gebruik ovenhandschoenen of aanzetbare stelen voor pannen indien u het voedsel uit de oven haalt.
Voorkom brandwonden door hete stoom en houd open bakjes, popcornschalen, kookzakken en dergelijke uit de buurt van uw gezicht en handen.
Voorkom brandwonden en test de temperatuur van het voedsel en roer even door alvorens het voedsel te serveren. Let vooral op alvorens het voedsel aan baby's, kinderen of ouderen te geven.
De temperatuur van de container komt niet overeen met de temperatuur van het voedsel of de vloeistof. Controleer altijd de temperatuur van het voedsel of de vloeistof.
Blijf altijd op veilige afstand van de ovendeur staan wanneer u hem open doet, om verbranding door ontsnappende stoom of hitte te voorkomen.
Snijd gevulde gebakken etenswaren na het koken even open om de stoom te laten ontsnappen en verbrandingen te vermijden.
Houd kinderen uit de buurt van de oven zodat zij zich niet aan een hete oven kunnen branden.
Let op kleine kinderen
WAARSCHUWING: Laat kinderen de oven alleen zonder toezicht gebruiken als ze voldoende instructies hebben gekregen, zodat ze weten hoe de oven veilig gebruikt dient te worden en de gevaren begrijpen die gepaard gaan met het oneigenlijk gebruik ervan.
Kinderen dienen alleen de oven onder toezicht van een volwassene te gebruiken.
Let op dat kinderen niet aan de deur of oven gaan hangen. De oven is geen speelgoed.

BELANGRIJKE VEILIGHEIDSMAATREGELEN
Zorg dat uw kinderen ook van de veiligheidsmaatregelen op de hoogte zijn. Vertel wat wel en niet gebruikt kan worden en gevaarlijk is. Benadruk dat verpakking van bepaalde gerechten (bijvoorbeeld voor het knapperig maken van voedsel) zeer heet kan worden.
Ovenwaarschuwingen
Breng op geen enkele manier een verandering in de oven aan. Verplaats de oven niet terwijl deze werkt.
Deze oven dient voor het bereiden van voedsel bij u thuis en dient derhalve alleen voor het koken van voedsel te worden gebruikt. Gebruik de oven niet voor commerciële doeleinden of in een laboratorium.
Voorkomen van problemen of beschadiging.
Zet de oven nooit leeg aan.
Ter voorkoming van beschadiging van de draaitafel en steun door oververhitting dient u bij gebruik van bruineringschalen of zelf-verwarmende materialen altijd een hittebestendig isolatiemateriaal zoals een porseleinen bord, onder de schaal of het materiaal te plaatsen. Stel nooit een langere tijd in dan de voor het gerecht voorgeschreven kooktijd.
Gebruik geen metalen voorwerpen. Microgolven reflecteren hier namelijk op waardoor vonken worden opgewekt. Plaats geen blikjes in de oven.
Gebruik alleen de voor deze oven ontworpen draaitafel en draaisteun. Gebruik de magnetron niet zonder de draaitafel.
Voorkomen van barsten van de draaitafel:
(a) Laat de draaitafel afkoelen alvorens deze met water te reinigen.
(b) Plaats heet voedsel of een hete schaal en dergelijke niet op een koude draaitafel.
(c) Plaats koud voedsel of een koude schaal en dergelijke niet op een warme draaitafel.
Plaats tijdens gebruik geen enkel voorwerp op de behuizing van de oven.
OPMERKING:
Raadpleeg een erkend elektriciën indien u twijfels heeft over het aansluiten van de oven.
Noch de fabrikant noch de handelaar zijn aansprakelijk voor schade aan de oven of persoonlijk letsel indien de oven niet op de voorgeschreven, juiste manier is aangesloten.
Condens of vocht kan mogelijk op de ovenwanden of rond de deurafdichtingen en pasvlakken worden gevormd. Dit is normaal en duidt niet op een defect of het lekken van microgolven.

INSTALLATIE
- Verwijder al het verpakkingsmateriaal uit de binnenkant van de oven. Verwijder het losse stuk polyethyleen tussen de deur en de oven. Indien aanwezig, haalt u de sticker met informatie over de oven van de deur af.
Verwijder nooit het plastic beschermlaagje aan de binnenkant van de deur.


- Controleer de oven regelmatig op beschadiging.
- Plaats de oven op een vlak en waterpas oppervlak dat sterk genoeg is om het gewicht te houden plus het gewicht van het zwaarste item dat eventueel wordt gekookt.
- Zorg ervoor dat er zich minstens 15 cm ruimte boven het apparaat bevindt.

- Steek de stekker van de oven in een standaard geaard stopcontact.
ALVORENS IN GEBRUIK TE NEMEN

Steek de stekker in het stopcontact.
- Het ovendisplay geeft knipperend aan:
88:88
- Druk op de STOP-toets, verschijnt.
STOP



Stel de klok als volgt in.
Gebruik van de STOP-toets.
Gebruik de STOP-toets om:
- Een fout tijdens het programmeren te wissen.
- De oven tijdens het koken tijdelijk te stoppen.
- Een programma tijdens het koken te stoppen. Druk hiervoor tweemaal op de toets.
INSTELLEN VAN DE KLOK

Er zijn twee standen: de 12-uurs klok en de 24-uurs klok.
- Om de 12-uurs klok in te stellen, drukt u 3 seconden lang op de MAGNETRON VERMOGENNIVEAU-toets. 12 H verschijnt op het display.
- Om de 24-uurs klok in te stellen drukt u na stap 1 nog één keer op de MAGNETRON VERMOGENNIVEAU-toets. Volgens het onderstaande voorbeeld zal er 24 H op het display verschijnen.
Bijvoorbeeld:
De 24-uurs klok instellen op 23:35
- Kies de klokfunctie. Kies de 24-uurs klok (of 12-uurs klok).

- Stel de uren in. Draai aan de TIJDSCHAKELAAR/GEWICHT/PORTIE-knop totdat het juiste uur verschijnt (23).


x1 en 3 seconden lang inhouden.
- Druk op de MAGNETRON VERMOGENNIVEAU-
toets om van uren naar minuten te veranderen.

x1 en 3 seconden lang inhouden.
- Stel de minuten in. Draai aan de TIJDSCHAKELAAR/GEWICHT/PORTIE-knop totdat het juiste aantal minuten verschijnt (35).
- Druk op de MAGNETRON VERMOGENNIVEAU-toets om de klok te starten.


Controleer het display.
23:35
OPMERKINGEN:
- U kunt de TIJDSCHAKELAAR/GEWICHT/PORTIE-knop met de klok mee of tegen de klok in draaien.
- Druk op de STOP-toets als u een fout heeft gemaakt tijdens de instelling.
- Als de stroom naar uw magnetron wordt onderbroken, dan zal het display 88:88
knipperen, nadat de stroom weer is hersteld. Als dit tijdens het koken gebeurt, dan wordt het kookprogramma uitgewist. De klok wordt ook uitgewist en u kan niet meer zien hoe laat het is.
- Als u de klok opnieuw wilt instellen, volgt u nogmaals het bovenstaande voorbeeld.

KOKEN MET DE MAGNETRON
Uw magnetron heeft 5 voorkeuze-vermogenniveau's. Voor het kiezen van het magnetronvermogen dient u zich aan de gegevens in dit kookboek te houden. In het algemeen gelden de volgende adviezen.
100 P (800 W):
Voor snelle bereiding of het opwarmen van b.v. soep, ovenschotels, voedsel uit blik, warme dranken, groenten, vis, etc.
70 P (560 W):
Voor langduriger bereiding van compact voedsel, zoals braadstukken en gehaktbrood, tevens voor gevoelige gerechten, zoals kaassaus en cake van biscuitdeeg. Bij deze verlaagde stand kookt de saus niet over en wordt voedsel gelijkmatig gaar, zonder aan de zijkanten overgaar te worden.
50 P (400 W):
Voor compact voedsel dat een lange bereidingstijd nodig heeft wanneer het conventioneel bereid wordt, b.v. rundvleesschotels; deze vermogens-instelling wordt gekozen om er zeker van te zijn dat het vlees mals blijft.
Om te ontdooien; kies deze vermogensstand om er zeker van te zijn dat het voedsel gelijkmatig ontdooit. Deze instelling is ook ideaal voor het zachtjes koken van rijst, pasta, knoedels en voor de bereiding van custardpudding.
10 P (80 W):
Voor zachtjes ontdooien, b.v. slagroomtaart of -gebak.
P = Percent
Om het vermogen in te stellen dient u de MAGNETRON VERMOGENNIVEAU-toets aan te tippen tot het gewenste niveau wordt weergegeven. Wanneer de MAGNETRON VERMOGENNIVEAU-toets één maal wordt aangetipt, wordt 10 OP weergegeven. Druk indien u het gewenste vermogen heeft gemist, herhaaldelijk op de MAGNETRON VERMOGENNIVEAU-toets totdat het gewenste vermogen weer wordt getoond.
100 P wordt automatisch ingesteld indien u geen vermogenniveau kiest.

HANDBEDIENING
Bij handmatige bediening kan de oven tot maximaal 90 minuten (90.00). De invoereenheid van de kookduur (ontdooitijd) varieert van 10 seconden tot vijf minuten. Het is afhankelijk van de totale kookduur (ontdooitijd) zoals in de tabel wordt weergegeven.
Kookduur Eenheid
0-5 minuten 10 seconden
5-10 minuten 30 seconden
10-30 minuten 1 minuut
30-90 minuten 5 minuten
Voorbeeld:
Stel dat u soep 2 minuten en 30 sekonden lang op 70 P in de magnetronoven wilt opwarmen.
- Stel de gewenste kooktijd in door de TIJDSCHAKELAAR/GEWICHT/PORTIE-knop met de klok mee te draaien. (2 min. & 30 sek.)
- Kies de gewenste kookfunctie door tweemaal op de MAGNETRON VERMOGENNIVEAU-toets te drukken.
- Druk op de +1min/START-toets om met koken te beginnen.



OPMERKINGEN:
- Wanneer tijdens het koken de deur wordt geopend, zal de kooktijd op het digitale display automatisch stoppen. De kooktijd begint weer af te tellen wanneer de deur wordt gesloten en u op de +1min/START-knop heeft gedrukt.
- Als u wilt weten wat de stroomstand is tijdens het koken, drukt u op de MAGNETRON VERMOGENNIVEAU-toets. Zolang u de MAGNETRON VERMOGENNIVEAU-toets ingedrukt houdt, zal de stroomstand worden weergegeven.
- U kan de TIJDSCHAKELAAR/GEWICHT/PORTIE-knop met de klok mee of tegen de klok in draaien. Als u de knop tegen de klok in draait, zal de kooktijd vanaf 90 minuten met intervallen afnemen.
ANDERE GEMAKKELIJKE FUNCTIES

1. MULTISTADIA KOKEN
Een maximum van 3 stadia kan ingesteld worden, bestaande uit handmatige kooktijd en functie.
Voorbeeld:-
Om te koken: 5 minuten op 100 P vermogen (stadium 1) 16 minuten op 30 P vermogen (stadium 2)
STADIUM 1
- Stel de gewenste kooktijd in door de TIJDSCHAKELAAR/GEWICHT/PORTIE-knop te draaien.
- Kies de gewenste kookfunctie door eenmaal op de MAGNETRON VERMOGENNIVEAU-toets te drukken.





STADIUM 2
- Stel de gewenste tijd in door de TIJDSCHAKELAAR/GEWICHT/PORTIE-knop te draaien.
- Kies de gewenste kookfunctie door viermaal op de MAGNETRON VERMOGENNIVEAU-toets te drukken.
- Druk eenmaal op de +1min/START-knop om met koken te beginnen.








(De oven zal 5 minuten lang op 100 P beginnen te koken en daarna 16 minuten lang op 30 P)

ANDERE GEMAKKELIJKE FUNCTIES
2. MINUUT PLUS FUNCTIE
Met de +1min/START-toets kan u de twee volgende functies uitvoeren:
a. Direkt met koken beginnen.
U kan meteen 1 minuut lang met de magnetronoven op stand 100 P koken door op de +1min/START-toets te drukken.
+1min ◆

OPMERKING:
Om ervoor te zorgen dat kinderen niet per ongeluk de oven aanzetten, kan de +1min/START-toets alleen binnen 3 minuten na de vorige handeling worden gebruikt, zoals het sluiten van de deur of het indrukken van de STOP-toets.
b. De kooktijd verlengen.
U kunt de kooktijd telkens met 1 minuut verlengen door tijdens het koken op de knop te drukken.
3. DE STROOMSTAND CONTROLEREN
Als u tijdens het koken de stroomstand wilt controleren, drukt u op de MAGNETRON VERMOGENNIVEAU-toets.

Zolang u de MAGNETRON VERMOGENNIVEAU-toets ingedrukt houdt, wordt de stroomstand weergegeven.
De oven blijft de kooktijd aftellen, ook al ziet u de stroomstand op het display.
EXPRES BEREIDEN & ONTDOOIEN

Met de EXPRES BEREIDEN & ONTDOOIEN worden de juiste kookfunctie en kooktijd automatisch ingesteld. U kunt kiezen uit 7 EXPRES BEREIDEN-menu's en 5 EXPRESS ONTDOOIEN-menu's. De volgende punten zijn belangrijk bij het gebruik van deze automatische functie:
- Druk eenmaal op de EXPRES BEREIDEN & ONTDOOIEN-toets; u ziet het volgende op het display: Het menu kan worden geselecteerd door op de EXPRESS BEREIDEN & ONTDOOIEN-toets te drukken, totdat het gewenste menummer wordt weergegeven. Zie pagina's 58-60 "TABELLEN MET EXPRESS BEREIDEN & ONTDOOIEN". Om een ontdooi-menu te selecteren, drukt u de toets EXPRES BEREIDEN & ONTDOOIEN ten minste 8 keer in. Wanneer u de toets 8 keer hebt ingedrukt, verschijnt Ed - I in het scherm. Het menu verandert automatisch door de toets EXPRES BEREIDEN & ONTDOOIEN ingedrukt te houden.
- De hoeveelheid of het gewicht van de etenswaren kan worden ingesteld door de TIJDSCHAKELAAR/GEWICHT/PORTIE-knop te draaien totdat het gewenste gewicht of de gewenste hoeveelheid wordt weergegeven.
- Stel alleen het gewicht van de etenswaren in, zonder het gewicht van de schaal.
- Voor etenswaren die meer of minder wegen dan de gewichten/hoeveelheden op de kooktabel, dient u de handbediende programma's te gebruiken. Voor de beste resultaten volgt u de kooktabellen.
- Om met het koken te beginnen, drukt u op de +1min/START-toets.
Wanneer u iets moet doen (bijv. de etenswaren omdraaien), stopt de oven en hoort u een pieptoon; de resterende kooktijd en de lampjes op het display beginnen te knipperen. Om door te gaan met koken, drukt u op de +1min/START-toets.
1.
EXPRES BEREIDEN & ONTDOOIEN-toets

2.
TIJDSCHAKELAAR/GEWICHT/PORTIE-knop
3.

De eindtemperatuur hangt af van de begintemperatuur. Zorg ervoor dat het eten dampend heet is na het koken. Zo nodig kan u de kooktijd verlengen en de stroomstand veranderen.
OPMERKING: Indien u de functie MINUUT PLUS gebruikt tijdens het Express bereiden/ontdooien, kan het eten overgaar worden.
Voorbeeld:
Om 1,0 kg gratin te bereiden, gebruik de EXPRES BEREIDEN functie (EC-7).
- Kies het gewenste menu door zevenmaal op de EXPRES BEREIDEN & ONTDOOIEN-toets te drukken.
- Stel het gewicht in door de TIJDSCHAKELAAR/GEWICHT/PORTIE-knop met de klok mee te draaien.
- Druk op de +1min/START-toets.


TABELLEN MET EXPRES BEREIDEN & EXPRES ONTDOOIEN
| TOETS | EXPRESBEREIDEN Nu. | GEWICHT (Eenheid)/KEUKENGEREI | METHODE |
x1 | EC-1 BereidenDiepvriesgroentee.g. Spruitjes,groene bonen,erwtengemengdegroente, broccoli![]() | 0,1 - 0,6 kg (100 g)(Begintemperatuur-18°C)Schaal metmagnetronfolie/deksel | V oeg 1 eetl water per 100 g toe. (Voor champignons is er geen extra water nodig).Plaats het deksel op de schaal.Zodra u het belsignaal hoort en de oven stopt, roert u de groente om en doet het deksel weer op de schaal.Na het koken laat u de groente 1-2 minuten lang rusten.OPMERKING: Als de bevroren groente aan elkaar vast zit, dient u de handbediende functies te gebruiken. |
x2 | EC-2 BereidenDiepvries kant-en-klaar-maaltijdenRoerbaar, b.v.Macaronibolognese, Chilicon carne.![]() | 0,3 - 1,0 kg* (100 g)(Begintemperatuur-18°C)Diepe pan +magnetronfolie/deksel* Als de fabrikantaanbeveelt om watertoe te voegen, dient u de totale hoeveelheid voor het programma te berekenen, met het extra water. | Plaats het gerecht in een schotel die geschikt is voor de magnetron.V oeg een beetje water toe, indien door de fabrikant aanbevolen.Bedek met magnetronfolie of met een deksel.Kook zonder deksel als de fabrikant dat aanbeveelt.W anneer u het geluidssignaal hoort, roert u het eten even om en dekt het opnieuw af.Na het koken, roert u het eten even om en laat het ca. 1-2 minuten lang rusten. |
x3 | EC-3 BereidenDiepvriesgratinb.v. Lasagne,Macaronisoufflé.![]() | 0,2 - 0,6 kg (100 g)(Begintemperatuur-18°C)Ondiepe, ovalengratineerschotel oforigineel bak | V erwijder de bevroren gratin uit de verpakking. Indien de bak niet geschikt is voor de magnetron in een ovenschaal plaatsen en afdekken met magentronfolie.Indien de bak wel geschikt is voor de magnetron, de papierenverpakking verwijderen en afdekken met magentronfolie.Na het koken laat u de gratin 5 minuten lang rusten. |
x4 | EC-4 BereidenKip en Groentecasserole![]() | 0,5 - 1,0 kg* (500 g)(Begintemperatuur Kip 5°C)Gratineerschotel en magnetronfolie | V oor Kip en Groente casserole, zie de recepten op pagina 61.* T otaalgewicht van alle ingrediënten. |
x5 | EC-5 BereidenGehakt en Ui![]() | 0,5 - 1,0 kg* (500 g)(Begintemperatuur Gehakt 5°C)Schaal met deksel | V oor Gehakt en Ui, zie de recepten op pagina 61.* T otaalgewicht van alle ingrediënten. |
TABELLEN MET EXPRES BEREIDEN & EXPRES ONTDOOIEN

| TOETS | EXPRESBEREIDEN Nu. | GEWICHT (Eenheid)/KEUKENGEREI | METHODE |
| x6 | EC-6 BereidenVisfilet met Saus | 0,5 - 1,0 kg* (500 g)(Begintemperatuur Vis 5°C,Saus 20°C)Gratineerschotel en magnetronfolie | V oor Visfilet met saus, zie de recepten op pagina's 61-62.* T otaalgewicht van alle ingrediënten. |
| x7 | EC-7 BereidenGratin | 0,5 - 1,0 kg* (500 g)(Begintemperatuur 20°C)Gratineerschotel | V oor Gratin, zie de recepten op pagina 62.* T otaalgewicht van alle ingrediënten. |
| TOETS | EXPRES ONTDOOIEN Nu. | GEWICHT (Eenheid)/ KEUKENGEREI | METHODE |
| x8 | Ed-1OntdooienSteak, runder- of varkenslapjes | 0,2 - 0,8 kg (100 g)(Begintemperatuur -18°C)(Zie de opmerking hieronder) | Leg het voedsel op een bord in het midden van de draaitafel.Zodra u het belsignaal hoort en de oven stopt, draait u het voedsel om, legt het anders neer en haalt het uit elkaar. Dek dunne delen en warme plekken af met aluminium folie.W ikkel het voedsel na het ontdooien in aluminiumfolie en laat 10 - 15 minuten lang rusten, totdat het helemaal ontdooid is. |
| x9 | Ed-2OntdooienGehakt | 0,2 - 0,8 kg (100 g)(Begintemperatuur -18°C)Huishoudfolie(Zie de opmerking hieronder) | Bedek het draaitafel met huishoudfolie.Leg het gehakt op het draaitafel.W anneer de magnetron stopt en het geluidssignaal weerklinkt, moet het gehakt omgedraaid worden. Verwijder wanneer mogelijk de reeds ontdooide delen.Na het ontdooien gedurende 5 - 10 laten liggen om grondig te laten ontdooien. |
| x10 | Ed-3OntdooienGevogelte | 0,9 - 1,5 kg (100 g)(Begintemperatuur -18°C)(Zie de opmerking hieronder) | Plaats een bord ondersteboven op de draaitafel en leg het gevogelte met de borstkant naar beneden bovenop het bord.Zodra u het belsignaal hoort en de oven stopt, draait u het vlees om. Dek dunne delen en warme plekken af met aluminiumfolie.Bedek het vlees na het ontdooien met aluminiumfolie en laat 15 - 30 minuten lang rusten, totdat het helemaal ontdooid is.Spoel tenslotte het gevogelte af onder de kraan. |

TABELLEN MET EXPRES BEREIDEN & EXPRES ONTDOOIEN
| TOETS | EXPRES ONTDOOIEN Nu. | GEWICHT (Eenheid)/ KEUKENGEREI | METHODE |
x11 | Ed-4 Ontdooien Cake![]() | 0,1 - 1,4 kg (100 g) (Begintemperatuur -18°C)Vlakken schaal | V erwijder alle verpakking van de cakeH et cake op een vlakken schaal stellen midden in het draaitafel.N a het ontdooien de cake in gelijke stukken snijden; einge ruimte tussen de stukken laten en 15 - 60 minuten laten staan om hem door en door te laten ontdooien. |
x12 | Ed-2 Ontdooien Brood![]() | 0,1 - 1,0 kg (100 g) (Begintemperatuur -18°C)Vlakken schaal (Alleen gesneden brood is geschikt voor dit programma.) | O p een vlakken schaal stellen midden in het draaitafel. Voor 1,0kg stellen direkt op de draaitafel.W anneer de magnetron stopt en het geluidssignaal weerklinkt opneiuw schikken en ontdooide boterhammen verwijderen.Na ontdooiing afdekken met aluminiumfolie en bij benadering 5 - 30 minuten laten rust, totdat al het brood geheel ontdooid is. |
OPMERKINGEN: Expres Ontdooien
- Biefstuk en koteletten dienen in een enkele laag te zijn ingevroren.
- Gehakt moet in dunne plakjes ingevroren worden.
- Na het draaien de ontdooide gedeelten met dunne, vlakke stroken aluminiumfolie bedekken.
- Het gevogelte moet direct na het ontdooien worden bereid.
- Voor Ed-1 en Ed-3, plaats het voedsel zoals aangegeven in de oven:
![graph TD A["Biefstuk en koteletten"] --> B["Voedsel"] C["Bord"] --> B D["Draaitalfel"] --> B E["Gevogelte en vlees aan bot"] --> B](/content/2026/06/1291139/images/4ad364d964b3863d62925a60ce72074e9d5e807e6948687bd80f004e9be1ef9d.jpg)
RECEPTEN VOOR EXPRES BEREIDEN MENUS

KIP EN GROENTE CASSEROLE (EC-4) Pikante Kipschotel
Ingrediënten
| 0,5 kg | 1,0 kg | |
| 60 g 1 | 20 g lang | korrelige rijst (beblancheerd) |
| 1 | 1 | briefje saffraandraadjes |
| 1/2 tsp | tsp boter | of margarine (gebruik om de schotel te smeren) |
| 25 g | 50 g ui (schijfjes) | |
| 50 g | 100 g rode | paprika (snijden) |
| 50 g | 100 g kleine | prei (snijden) |
| 150 g | 300 g kipborst (snijden) | |
| peper & paprikapoeder | ||
| 10 g | 20 g boter | ofr margarine |
| 150 ml | 300 ml vleesbouillon |
Voorbereiding
- De rijst met de saffraandraadjes mengen en in de ingevette vuurvaste schotel leggen.
- De uienschijfjes, de paprika- en preistrookjes en de stukjes kipborst mengen en kruiden. Op de rijst plaatsen.
- Hierop de boter in vlokjes spreiden.
- De vleesbouillon er overheen gieten, magnetronfolie erop zetten en op EXPRESS BEREIDEN EC-4, "Kip en Groente Casserole" koken.
- Na het koken bij benadering 5 - 10 minuten laten rust.
GEHAKT EN UI (EC-5)
Ingrediënten
| 0,5 kg | 1,0 kg | |
| 150 g | 300 g gehakt ( 1/2 rundvlees, 1/2 varkenvlees) | |
| 50 g | 100 g ui (fijngehakt) | |
| 1/2 | 1 | ei |
| 15 g | 30 g brood | kruimels |
| zout en peper | ||
| 115 ml | 230 ml vleesbouillon | |
| 20 g | 40 g tomatenpuree | |
| 65 g | 125 g aardappelen (fijngehakt) | |
| 65 g | 125 g worteltjes (fijngehakt) | |
| 1/2 tbsp | 1 tbsp | peterselie (gehakt) |
Voorbereiding
- Het gehaktvlees samen met de ui, ei en broodkruimels tot een smeuig deeg kneden en met zout en peper kruiden. Het gehaktdeeg in de schaal doen.
- De vleesbouillon met de tomatenpuree mengen.
- De aardappelen en worteltjes met de vloeistof over het gehakt gieten, mengen.
- Deksel erop zetten en op EXPRESS BEREIDEN EC-5, "Gehakt en Ui" koken.
- Zodra u het belsignaal hoort en de oven stopt, roeren en weer bedekken.
- Na het koken bij benadering 5 minuten laten rust. Met de peterselie bestrooien en serveren.
VISFILET MET SAUS (EC-6) Visfilet met pikante saus
Ingrediënten
| 0,5 kg | 1,0 kg | |
| 175 g 350 g tomaten uit blik (afdruipen) | ||
| 50 g 100 g mais | ||
| 5 g 10 g chilisauce | ||
| 15 g 30 g ui (fijngehakt) | ||
| 1 tsp 1-2tsp rode wijnazijn | ||
| mosterd, tijm, cayennepeper | ||
| 250 g 500 g visfi let | ||
Voorbereiding
- Vermeng de ingrediënten voor de saus.
- Plaats de visfilets (bijv. zeebaarsfilet) in een schaal met opstaande rand, met het dunne eind naar het midden toe.
- Spreid de saus over de visfilets.
- Bedek de schaal met magnetronfolie en op EXPRESS BEREIDEN EC-6, "Visfilet met Saus" koken.
- Na het koken bij benadering 2 minuten laten rust.

RECEPTEN VOOR EXPRESS BEREIDEN MENUS
VISFILET MET SAUS (EC-6)
Visfilets Esterhazy au gratin
Ingrediënten
| 0,5 kg | 1,0 kg | |
| 250 g | 500 g visfilet | zout |
| 50 g | 100 g bandan (snijden) | |
| 200 g | 400 g kerriesaus (confectie) |
Voorbereiding
- Plaats de visfilets in een schaal met opstaande rand, met het dunne eind naar het midden toe.
- Spreid de banaan en de confectiesaus over de visfilets.
- Bedek de schaal met magnetronfolie en kook op EXPRESS BEREIDEN EC-6, "Visfilet met Saus".
- Laat na het koken ongeveer 2 minuten rusten.
GRATIN (EC-7)
Spinazie au gratin
Ingrediënten
| 0,5 kg 1,0 kg | |
| 5 g 10 g boter of margarine (gebruik om de schotel te smeeren) | |
| 150 g 300 g bladspinazie (ontdooien en afdruipen) | |
| 15 g 30 g ui (fijngehakt) | |
| 150 g 300 g gekbookte aardappelen (snijden) | |
| 35 g 75 g gekookte ham (snijden) | |
| 50 g 100 g crème fraîche | |
| 1 | 2 e i e r |
| 40 g 75 g geraspte kaas | |
| paprikapoeder | |
Voorbereiding
- Vermeng de ui met de bladspinazie en breng op smaak met zout, peper en nootmuskaat.
- Vet de schaal in.
- Leg afwisselend de aardappelschijfjes, de hamstukjes en de spinazie in lagen in de schotel. De laatste laag dient de spinazie te zijn.
- Meng de eieren met de crème fraîche, kruid met zout en peper, en giet over de groenten.
- Strooi de geraspte kaas over het geheel, strooi paprikapoeder over het geheel en kook op EXPRESS BEREIDEN EC-7, "Gratin".
- Na het koken bij benadering 5 - 10 minuten laten rust.
GRATIN (EC-7)
Aardappel-courgette gegratineerd
Ingrediënten
| 0,5 kg | 1,0 kg | |
| 5 g 10 | g boter of margarine (gebruik om de schotel te smeeren) | |
| 200 g | 400 g aardappelen (snijden) (gekookte of fris) | |
| 115 g | 230 g courgette (snijden) | |
| 75 g | 150 g crème fraîche | |
| 1 | 2 | e i e r |
| 1/2 | 1 teentje knoflook (uitgeperst)zout, peperr | |
| 40 g | 80 g Gouda kaas (geraspte) | |
| 10 g | 20 g zonnebloempittenpaprikapoeder | |
Voorbereiding
- Vet de schaal in en leg om beurten een laagje aardappelschijfjes en courgette in de schaal.
- Meng de eieren met crème fraîche. Breng op smaak met zout, peper en knoflook en giet het geheel over de groenten.
- De geraspte Gouda over het gegratineerde gerecht strooien.
- Besprenkel het gerecht tenslotte met zonnebloempitten en paprikapoeder en op EXPRESS BEREIDEN EC-7, "Gratin" koken.
- Na het koken bij benadering 5 - 10 minuten laten rust.
ONDERHOUD EN REINIGEN

LET OP: GEBRUIK GEEN IN DE HANDEL VERKRIJGBARE OVENREINIGERS, OPLOSMIDDELEN OF SCHUURMIDDELEN EN SCHUURSPONSJES OP WELK GEDEELTE VAN DE MAGNETRONOVEN.
Buitenkant van de oven:
De buitenkant van de oven kan eenvoudig gereinigd worden met een milde oplossing van zeep en water. Veeg zeepresten met een vochtig doekje weg en droog vervolgens met een zachte doek.
Bedieningspaneel:
Open de deur voordat u begint schoon te maken, om het bedieningspaneel uit te schakelen. Het bedieningspaneel dient voorzichtig schoongemaakt te worden. Gebruik een enkel met water bevochtigde doek om het bedieningspaneel voorzichtig af te nemen totdat het schoon is. Gebruik niet te veel water. Gebruik beslist geen chemische middelen of schuurmiddelen.
Binnenkant van de oven
- Veeg na elke maal dat de oven gebruikt wordt eventuele spatten of overkooksels weg met een zachte vochtige doek of een spons terwijl de oven nog warm is. Bij hardnekkiger vuil, veeg weg met een milde zeepoplossing bevochtigde doek totdat alle vlekken verdwenen zijn.
- Zorg ervoor dat de zeepoplossing of het water niet door de ventilatie-openingen in de wanden dringen daar dit de oven kan beschadigen.
- Gebruik voor de binnenkant van de oven geen spuitsbusreinigers.
Draaitafel en draaitafelsteun:
Verwijder eerst de draaitafel en de draaisteun uit de oven. Was daarna de draaitafel en de draaisteun in een lauw sopje. Afdrogen met een zachte doek. Zowel de draaitafel als de draaisteun kan in de afwasmachine worden afgewassen.
Deur:
De deur aan beide kanten, de deurafdichting alsmede de dichtingsoppervlakken regelmatig met een vochtige doek reinigen om verontreinigingen te verwijderen.
VOORDAT U EEN REPARATEUR BELT

Controleer het volgende alvorens de reparateur te bellen:
- Voeding
Ga na dat de stekker stevig in het stopcontact zit.
Ga na dat de zekering/circuitonderbreker in orde is.
- Plaats een kopje water met bij benadering 150 ml water in de oven en doe de deur goed dicht.
Stel de oven in op 1 minuut op 100 P en zet de oven aan.
Gaat de ovenlamp branden? JA NEE
Gaat de draaitafel draaien? JA NEE
OPMERKING: De draaitafel draait in beide richtingen.
Werkt de ventilator? JA NEE
(Leg uw hand over de ventilatiegaten en controleer of u een luchtstroom voelt)
Hoort u na 1 minuut het belsignaal? JA
NEE
Gaat het lichtje dat aangeeft dat de oven aan staat uit? JA
NEE
Is de kop met water na deze minuut warm? JA
NEE
Als u op een van deze vragen NEE heeft geantwoord, dient u uw leverancier of een erkende SHARP reparateur te bellen en de resultaten van uw controle door te geven.
OPMERKING: Wanneer u het eten gedurende de standaardtijd met 100P (800W), dan zal de oven automatisch zachter koken om oververhitting te voorkomen. (Het energieniveau van de oven wordt verminderd.)
| Kookstand | Standaardtijd |
| Magnetron 800 W | 40 minuten |

WAT ZIJN MICROGOLVEN?
Microgolven worden in de magnetron opgewekt en brengen de watermoleculen in het voedsel aan het trillen. Door
de wrijving ontstaat warmte, die ervoor zorgt dat de gerechten worden ontdooid, verwarmd of gekookt.

Vuurvaste glazen schalen zijn bijzonder geschikt. De kookprocedure kan van alle kanten worden geobserveerd. Deze mogen echter geen metaal bevatten (o.a. zinkkristal), of van een metalen laag voorzien zijn (o.a. gouden rand, kobaltblauw).
KERAMIEK
is over het algemeen zeer geschikt. Keramiek moet geglazuurd zijn, omdat er bij ongeglazuurde keramiek vocht in het serviesgoed kan dringen. Vocht verhit het materiaal en kan ertoe leiden dat het barst. Indien u twijfelt, of uw serviesgoed geschikt is voor de magnetron, voert u een servies-geschiktheidstest uit.
PORSELEIN
is bijzonder geschikt. Let u erop dat het porselein geen goud- of zilverlaagje heeft, resp. niet metaalhoudend is.
KUNSTSTOF EN PAPIEREN SERVIESGOED
Hittebestendig, voor de magnetron geschikt plastiek servies is geschikt voor het ontdooien, verwarmen en koken. Hou a.u.b. rekening met de gegevens van de fabrikant. Hittebestendig, voor de magnetron geschikt papieren serviesgoed is eveneens geschikt. Hou a.u.b. rekening met de gegevens van de fabrikant.
MAGNETRONFOLIE
of hittebestendige folie is zeer geschikt voor het bedekken of omwikkelen. Hou a.u.b. rekening met de gegevens van de fabrikant.
BRAADZAKKEN
kunnen eveneens in de magnetron worden toegepast. De metalen klemmen zijn echter niet geschikt voor het afsluiten daar de braadzakfolie kan smelten. Gebruik touwtjes om de zakken af te sluiten en steek meermaals met een vork in de zak. Niet hittebestendige folie, zoals bijv. keukenfolie, is slechts in beperkte mate geschikt voor het gebruik in de magnetron. Ze dient uitsluitend voor korte verhittingsprocedures te worden gebruikt en mag niet met het voedsel in contact komen.
BRUINERINGSSERVIES
is speciaal magnetron-serviesgoed van glaskeramiek met een metaallegering op de bodem, die ervoor zorgt dat de gerechten bruin worden. Als er bruineringserviesgoed wordt toegepast, moet er een geschikte isolator, bijv. een porseleinen bord, tussen de draaitafel en de bruineringschaal worden gelegd. Houdt u nauwkeurig aan de voorverwarmingstijd zoals aangegeven door de fabrikant. Bij overschrijding kan er beschadiging aan de draaitafel en aan de drager van de draaitafel ontstaan, c.q. de zekering van het toestel kan eruit springen en het toestel uitschakelen.
METAAL
mag over het algemeen niet worden gebruikt, omdat microgolven metaal niet kunnen doordringen en op die manier de gerechten niet kunnen bereiken. Er zijn echter uitzonderingen: smalle strookjes aluminiumfolie kunnen worden gebruikt voor het bedekken van gedeelten, zodat deze niet te snel ontdooien of gaar worden (bijv. de vleugels bij een kip).
Kleine metalen pannen en aluminium schalen (bijv. bij panklare gerechten) kunnen worden gebruikt. Ze moeten echter in verhouding tot het gerecht klein zijn, bijv. aluminium schalen moeten tenminste 2/3 tot 3/4 met voedsel gevuld zijn. Het verdient aanbeveling het voedsel over te gieten in serviesgoed dat geschikt is voor de magnetron. Als er aluminium schalen of ander metalen serviesgoed wordt gebruikt, moet er minstens een afstand zijn van bij benadering 2,0 cm ten opzichte van de wanden van de kookruimte omdat deze anders door mogelijke vonken kunnen worden beschadigd.
Geen serviesgoed met een metaallaagje, metalen onderdelen of ingesloten metaal gebruiken, zoals bijv. met schroeven, banden of grepen.
Als u niet zeker weet of uw serviesgoed geschikt is voor de magnetron, voert u de volgende test uit: Plaats het serviesgoed in het toestel. Plaats een glazen reservoir met 150 ml water gevuld op of naast het serviesgoed. Laat het toestel één tot twee minuten op 100 P vermogen lopen. Als het serviesgoed koel of handwarm blijft, is het geschikt. Deze test niet bij plastic servies uitvoeren. Het zou kunnen smelten.
De ontdooi-, verwarmings- en kooktijden zijn over het algemeen aanzienlijk korter dan bij een conventioneel fornuis of oven. Houdt u zich daarom aan de in dit kookboek aanbevolen tijden. U kunt de tijden beter korter instellen dan langer. Voer na het koken een kooktest uit. Het is beter achteraf kort even bij te koken dan iets te gaar te laten worden.
UITGANGSTEMPERATUUR
De ontdooi-, opwarmings- en kooktijden zijn afhankelijk van de uitgangstemperatuur van de gerechten. Bevroren en in de koelkast bewaarde gerechten vereisen bijv. een langere verwarming dan producten op kamertemperatuur.
Voor het opwarmen en koken van gerechten wordt uitgegaan van normale bewaartemperaturen (koelkasttemperatuur bij benadering 5° C, kamertemperatuur bij benadering 20° C). Voor het ontdooien van gerechten wordt uitgegaan van een diepvriestemperatuur van -18° C.
ALLE VERMELDE TIJDEN
in dit kookboek zijn richtlijnen, die naargelang de uitgangstemperatuur, het gewicht en de hoedanigheid (water, vetgehalte etc.) van het voedsel kunnen variëren.
ZOUT, KRUIDEN EN SPECERIJEN
In de magnetron gekookte gerechten bewaren hun eigen smaak beter dan bij conventionele bereidingsmethoden. Maakt u daarom zeer spaarzaam gebruik van zout en voegt u in de regel pas na het koken zout toe. Zout bindt vloeistof en droogt het oppervlak uit. Kruiden en specerijen kunnen op de gebruikelijke manier worden gebruikt.
TOEVOEGING VAN WATER
Groenten en andere gerechten die veel water bevatten, kunnen in het eigen sap of met toevoeging van een weinig water worden gekookt. Daardoor blijven vele vitaminen en mineraalstoffen in het voedsel behouden.
VOEDSEL MET VEL OF SCHIL
zoals worstjes, kip, kippenpootjes, ongeschilde aardappelen, tomaten, appels, eigeel en dergelijke met een vork of een houten staafje doorprikken. Daardoor kan de zich vormende stoom verdwijnen, zonder dat de vel of de schil barst.
VETTE GERECHTEN
Met vet doorregen vlees en vetlagen worden sneller gaar dan magere delen. Dekt u deze delen daarom bij het garen af met een stukje aluminiumfolie of legt u het voedsel met de vette kant naar beneden.
KLEINE EN GROTE HOEVEELHEDEN
De tijden in uw magnetron zijn geheel afhankelijk van de hoeveelheid van het voedsel dat u wilt ontdooien, verwarmen of koken. Dat houdt in dat kleine porties sneller gaar worden dan grote. Als vuistregel geldt: Dubbele Hoeveelheid = Bijna Dubbele Tijd, Halve Hoeveelheid = Halve Tijd.
DIEPE EN ONDIEPE SCHALEN
Beide schalen hebben hetzelfde volume, maar in de diepe schaal is de kooktijd langer dan in de ondiepe. Dus gebruikt u bij voorkeur ondiepe schalen met een groot oppervlak. Diepe schalen alleen voor gerechten gebruiken, waarbij het gevaar van overkoken bestaat, bijv. voor noedels, rijst, melk enz.
RONDE EN OVALE SCHALEN
In ronde en ovale schotels worden gerechten gelijkmatiger gaar dan in hoekige, omdat de microgolfenergie zich in hoeken concentreert, waardoor de gerechten op deze plaatsen te gaar zouden kunnen worden.
BEDEKKEN
Door een gerecht te bedekken blijft het vocht in het voedsel, waardoor de kooktijd wordt verkort. Voor het bedekken een deksel, magnetronfolie of een afdekkap gebruiken. Gerechten die een korstje dienen te krijgen, bijv. braadvlees of kip, niet bedekken. Hierbij geldt de regel dat alles wat op het conventionele fornuis wordt bedekt ook in de magnetron dient te worden bedekt. Wat op het fornuis open wordt gekookt, kan ook in de magnetron open worden gekookt.
VOEDSEL VAN ONREGELMATIGE GROOTTE met de dikkere of stevige kant naar buiten plaatsen. Groenten (bijv. broccoli) met de steel naar buiten leggen. Dikkere porties hebben een langere kooktijd nodig en krijgen aan de buitenkant meer microgolfenergie, zodat het voedsel gelijkmatig gaar wordt.

Het roeren van de gerechten is noodzakelijk, omdat de microgolven eerst de buitenste gedeelten verwarmen. Hierdoor wordt de temperatuurwaarde overal gelijk en het voedsel wordt gelijkmatig verwarmd.
RANGSCHIKKING
Meerdere afzonderlijke porties, bijv. puddingvormpjes, kopjes of ongeschilde aardappelen, ringvormig op de draaitafel plaatsen. Tussen de porties ruimte open laten, zodat de microgolf-energie van alle kanten kan binnendringen.
OMDRAAIEN
Middelgrote porties zoals hamburgers en steaks, tijdens het koken één keer draaien, om de kooktijd te verkorten. Grote porties zoals braadvlees en kip, moeten worden omgedraaid, omdat de naar boven toe gekeerde zijde meer microgolf-energie krijgt en zou kunnen uitdrogen indien deze niet wordt omgedraaid.
STANDTIJD
Het aanhouden van de standtijd is een van de belangrijkste microgolf-regels. Bijna alle gerechten die in de magnetron worden ontdooid, verwarmd of gekookt, hebben een korte of langere standtijd nodig waarin een temperatuurgelijkmatigheid plaatsvindt en de vloeistof zich overal gelijk in het voedsel bevindt.
BRUINERINGSMIDDELEN
Gerechten worden na een kooktijd van meer dan 15 minuten bruin. Deze bruine kleur kan men echter niet vergelijken met de intensieve bruinering en korst bij het conventionele koken. Om een aantrekkelijke bruine kleur te verkrijgen, kunnen er bruineringsmiddelen worden gebruikt. Meestal worden ze tegelijk als kruiden gebruikt. Hiernavolgend vindt u enkele adviezen voor bruineringsmiddelen en gebruiksmogelijkheden:
BRUINERINGSMIDDEL
| Gesmolten boter en paprikapoeder | gevogelte | het gevogelte met de boter/paprikamengsel bestrijken |
| PaprikapoederSojasausBarbecue- en Worcestersaus, braadvleessausGesmolten spekdobbelsteentjes of gedroogde vienCacao, chocokruimels bruine glazuren, honing en confituren | soufflé's, kaastosties vlees en gevogelte braadvlees, klein gebraden vlees soufflé's, tosties, soepen, stamppotten taart en desserts | met paprikapoeder bestuiven met de saus bestrijken met de saus bestrijken met de spekdobbelsteentjes of gedroogde vien bestrooien taarten en desserts hiermee bestrooien of bedekken. |
GERECHTEN METHODE
VERWARMEN
- Panklare gerechten in aluminium dienen uit de aluminium verpakking te worden genomen en op een bord of in een schaal te worden verwarmd.
- Bij gesloten schalen de deksels verwijderen.
● Gerechten met magnetronfolie, bord of afdekkap (in de handel verkrijgbaar) bedekken, zodat het oppervlak niet uitdroogt. Dranken behoeven niet te worden afgedekt.
- Bij het koken van vloeistoffen zoals water, koffie, thee of melk een glazen staafje in de beker/kan plaatsen.
● Grotere hoeveelheden, indien mogelijk af en toe roeren, zodat de temperatuur zich gelijkmatig verspreidt.
- De tijden zijn vermeld voor het voedsel op kamertemperatuur van 20°C. Bij voedsel op koelkasttemperatuur wordt de verwarmingstijd in geringe mate verhoogd.
- Laat de gerechten na het verwarmen één tot twee minuten staan, zodat de temperatuur zich gelijkmatig binnen het gerecht kan verspreiden (standtijd).
- De vermelde tijden zijn richtlijnen, die naargelang de uitgangstemperatuur, het gewicht, het watergehalte, vetgehalte en de gewenste eindtoestand etc. kunnen variëren.
ONTDOOIEN
De magnetron is ideaal voor het ontdooien van voedsel. De dooitijden zijn korter dan bij het ontdooien op traditionele wijze. Hierna volgen enkele tips. Neem het vriesgoed uit de verpakking en leg het voor het ontdooien op een bord.
Verpakkingen en reservoirs
Zeer geschikt voor het ontdooien en verwarmen van gerechten zijn verpakkingen en reservoirs die geschikt zijn voor de magnetron en zich zowel lenen voor de diepvries (tot bij benadering min 40°C) alsook hittebestendig zijn (tot bij benadering 220°C). Zo kunt u in hetzelfde serviesgoed ontdooien, verwarmen en zelfs koken, zonder de gerechten tussendoor te moeten overgieten.
Bedekken
Dunnere gedeelten voor het ontdooien met kleine aluminium stroken bedekken. Ontdooide of warme gedeelten tijdens het ontdooien eveneens met aluminium stroken bedekken. Hierdoor voorkomt u dat dunnere gedeelten vlug te heet worden, terwijl dikkere delen nog bevroren zijn.
Het magnetronvermogen eerder te laag dan te hoog instellen. Zo bereikt u een gelijkmatig dooiresultaat. Als het magnetronvermogen te hoog ingesteld is, wordt het oppervlak van het voedsel reeds gaar, terwijl het binnenste gedeelte nog bevroren is.
Omdraaien/roeren
Vrijwel alle gerechten moeten af en toe een keer worden omgedraaid of geroerd. Delen, die aan elkaar vastzitten, zo spoedig mogelijk van elkaar scheiden en anders rangschikken. 1 Kleinere hoeveelheden ontdooien gelijkmatiger en sneller dan grote. Wij adviseren daarom zo klein mogelijke porties in te vriezen. Zo kunt u snel en gemakkelijk hele menu's samenstellen. Gevoelige gerechten, zoals taart, slagroom, kaas en brood, niet geheel ontdooien, maar slechts voordooien en op kamertemperatuur verder laten ontdooien. Daardoor voorkomt u dat de buitenste gedeelten reeds te heet worden, terwijl de binnenste nog bevroren zijn. De standtijd na het ontdooien van voedsel is zeer belangrijk, omdat de dooiprocedure gedurende deze tijd wordt voortgezet. In de dooitabel vindt u de standtijd voor verschillende gerechten. Dikke, compacte gerechten hebben een langere standtijd nodig dan vlakke of gerechten met een poreuze structuur. Als het voedsel niet voldoende ontdooid is, kunt u het verder ontdooien in de magnetron of de standtijd dienovereenkomstig verlengen. Gerechten na de standtijd bij voorkeur onmiddellijk verder verwerken en niet opnieuw invriezen.
HET KOKEN VAN VERSE GROENTEN
- Let bij het kopen van groenten op, dat de stukken zoveel mogelijk van gelijke grootte zijn. Dit is vooral van belang, wanneer u de groenten heel wilt koken (bijv. ongeschilde aardappelen).
- Groenten voor de bereiding wassen, panklaar maken en pas dan de vereiste hoeveelheid voor het recept afwegen en snijden.
- Kruid zoals normaal, maar voeg in het algemeen pas na het koken zout toe.
- Per 500 gr. groenten bij benadering 5 EL water toevoegen. Groenten die rijk aan vezels zijn, hebben wat meer water nodig. De nodige gegevens hierover vindt u in de tabel (blz. 70).
- Groenten worden in het algemeen in een schaal met deksel gekookt. Vloeistofrijke groenten, zoals bijv. uien of geschilde aardappelen, kunnen zonder toevoeging van water in magnetronfolie worden gekookt.
- Groenten na de helft van de kooktijd roeren of omdraaien.
- Na het koken dient u de groenten bij benadering 2 min. te laten staan, zodat de temperatuur zich gelijkmatig verspreidt (standtijd).
- De vermelde kooktijden zijn richtlijnen en zijn afhankelijk van gewicht, uitgangstemperatuur en hoedanigheid van de groenten. Hoe verser de groenten, des te korter zijn de kooktijden.
HET KOKEN VAN VLEES, VIS EN GEVOGELTE
- Let bij het kopen van vlees op, dat de stukken zoveel mogelijk van gelijke grootte zijn. Op die manier krijgt u een goed kookresultaat.
- Vlees, vis en gevogelte voor de bereiding grondig wassen onder stromend koud water en met keukenpapier droogdeppen. Daarna zoals normaal verder werken. Rundvlees dient goed behangen te zijn en weinig pezen te bevatten.
- Ondanks de gelijkmatige grootte van de vleesstukken kan het kookresultaat verschillend zijn. Dit hangt onder andere af van het soort vlees, van het verschillende vet- en vloeistofgehalte alsmede van de temperatuur van het vlees voor het koken.
- Vanaf een kooktijd van 15 min. verkrijgt men een natuurlijke bruinering, die door de toepassing van bruineringsmiddelen nog kan worden versterkt. Om daarnaast een knapperig oppervlak te verkrijgen, dient u bruineringsserviesgoed te gebruiken of het voedsel op het fornuis aan te braden en in de magnetron te laten gaar sudderen. Op die manier verkrijgt u tegelijkertijd een bruine substantie voor de toebereiding van de saus.
- Grotere vlees-, vis- en gevogeltestukken na de halve kooktijd draaien, zodat ze van alle kanten gelijkmatig gaar worden.
- Bedek uw braadvlees na het koken met aluminiumfolie en laat het bij benadering 10 min. rusten (standtijd). Gedurende deze tijd kookt het braadvlees na en de vloeistof wordt gelijkmatig verdeeld, zodat er bij het snijden minder vleessap verloren gaat.
ONTDOOIEN EN KOKEN VAN VOEDSEL
Diepvriesgerechten kunnen in de magnetron in één keer worden ontdooid en tegelijkertijd worden gekookt. In de tabel vindt u hiervan enkele voorbeelden. Let u bovendien op de algemene aanwijzingen bij "verwarmen" en "ontdooien" van voedsel. Voor toebereiding van in de handel gebruikelijke panklare diepvriesproducten dient u zich aan de gegevens van de fabrikant op de verpakking te houden.

TABEL
GEBRUIKTE AFKORTINGEN
| EL = eetlepel | kg = kilogram | DV = diepvriesprodukt |
| TL = theelepel | g = gram | min = minuten |
| msp = mespunt | l = liter | sec = seconden |
| sn = snufje | ml = milliliter | MG = microgolven |
| kp = kopje | cm = centimeter | MWG = magnetron |
| pk = pakje | v.i.dr. = vet in droge stof | dm= diameter |
Drank/gerecht Hoev. Vermogen Tijd Gebruiksaanwijzingen -g/ml- -Stand- -Min-
| Koffie, 1 kopje | 150 | 100 P | ca.1 | niet bedekken |
| Melk, 1 kopje | 150 | 100 P | ca.1 | niet bedekken |
| Water, 1 kopje | 150 | 100 P | 11/2-2 | niet bedekken, aan de kook brengen |
| 6 kopjes | 900 | 100 P | 10-12 | niet bedekken, aan de kook brengen |
| 1 schotel | 1000 | 100 P | 10-12 | bedekken, aan de kook brengen |
| Eenpersoonsgerecht (groente, vlees en bijgerechten) | 400 | 100 P | 3-6 | saus met water besprenkelen bedekken, af en toe roeren |
| Stamppot | 200 | 100 P | 2-3 | bedekken, na het verwarmen roeren |
| Soep, heldere | 200 | 100 P | 2-21/2 | bedekken, na het verwarmen roeren |
| Crèmesoep | 200 | 100 P | 2-3 | bedekken, na het verwarmen roeren |
| Groente | 200 | 100 P | 2-3 | eventueel een beetje water toevoegen, bedekken, na de halve verwarmingstijd roeren |
| 500 | 100 P | 4-5 | ||
| Bijgerechten | 200 | 100 P | 1-2 | met een beetje water besprenkelen, bedekken, af en toe roeren |
| 500 | 100 P | 4-5 | ||
| Vlees, 1 plak* | 200 | 100 P | 3-4 | met een beetje saus besprenkelen, bedekken |
| Visfilet* | 200 | 100 P | 2-3 | bedekken |
| Worstjes, 2 stuks | 180 | 70 P | ca.2 | de huid meermaals doorprikken |
| Taart, 1 stuk | 150 | 50 P | 1/2 | op een taartrooster leggen |
| Babyvoeding, 1 potje | 190 | 50 P | ca.1 | het deksel verwijderen, na het verwarmen goed roeren en temperatuur controleren |
| Margarine of boter smelten* | 50 | 100 P | 1/2-1 | |
| Chocolade smelten | 100 | 50 P | 2-3 | af en toe roeren |
| 6 blaadjes gelatine oplossen | 10 | 50 P | 1/2 | in water weken, goed uitdrukken en in een soepkom gieten, af en toe roeren |
| Taartcouverture voor 1/4 I vloeistof | 10 | 50 P | 5-6 | suiker met 250 ml vloeistof mengen, bedekken, gedurende en na het verwarmen goed roeren |
* Uit de koelkast.
TABEL: HET KOKEN VAN VLEES, VIS EN GEVOGELTE Vlees en gevogelte Hoev. Vermogen Kooktijd Gebruiksaanwijzingen Standtijd -g- -Stand- -Min- -Min-
| Suddervlees(bijv. varken, kalf,lam) | 500 | 100 P | 8-10* | naar smaak kruiden, leg op een platte gratinschaal,na * omdraaien | 10 |
| 50 P | 10-12 | ||||
| 1000 | 100 P | 20-22* | 10 | ||
| 50 P | 10-12 | ||||
| 1500 | 100 P | 28-32* | 10 | ||
| 50 P | 13-17 | ||||
| Rosbief, medium | 1000 | 100 P | 9-11* | naar smaak kruiden, leg op een platte gratinschaal,na * omdraaien | 10 |
| 50 P | 5-7 | ||||
| 1500 | 100 P | 12-14* | 10 | ||
| 50 P | 8-10 | ||||
| Gehakt | 1000 | 100 P | 16-18 | bereid het gehaktdeeg (half varkensgehakt/halfrundergehakt) en plaats in een souffléschotel | 10 |
| Visfilet | 200 | 100 P | 3-4 | naar smaak kruiden, op een bord leggen, bedekken | 3 |
| Hele kip | 1200 | 100 P | 20-22 | naar smaak kruiden, leg op een platte gratinschaal, na de halve kooktijd omdraaien | 3 |
| Kippenpootjes | 200 | 100 P | 3-4 | naar smaak kruiden, op een bord leggen, bedekken | 3 |
TABEL

TABEL: HET ONTDOOIEN VAN VOEDSEL Gerechten Hoev. Vermogen Dooitijd Gebruiksaanwijzingen Standtijd -g- -Stand- -Min- -Min-
| Suddervlees (bijv. varken, rund, lam, kalf) | 1500 | 10 P | 58-64 | leg op een omgekeerd bord, na de halve dooitijd omdraaien | 30-90 |
| 1000 | 10 P | 42-48 | 30-90 | ||
| 500 | 10 P | 18-20 | 30-90 | ||
| Steaks, hamlapjes, koteletten, lever | 200 | 30 P | 7-8 | na de halve dooitijd omdraaien | 10-15 |
| Goulash | 500 | 30 P | 8-12 | na de halve dooitijd scheiden en roeren | 10-15 |
| Worstjes, 8 stuks | 600 | 30 P | 6-9 | naast elkaar leggen, na de halve dooitijd omdraaien | 5-10 |
| 4 stuks | 300 | 30 P | 4-5 | 5-10 | |
| Eend/kalkoen | 1500 | 10 P | 48-52 | leg op een omgekeerd bord, na de halve dooitijd omdraaien | 30-90 |
| Hele kip | 1200 | 10 P | 39-43 | leg op een omgekeerd bord, na de halve dooitijd omdraaien | 30-90 |
| 1000 | 10 P | 33-37 | leg op een omgekeerd bord, na de halve dooitijd omdraaien | 30-90 | |
| Kippenpootjes | 200 | 30 P | 4-5 | na de halve dooitijd omdraaien | 10-15 |
| Vis, geheel | 800 | 30 P | 9-12 | na de halve dooitijd omdraaien | 10-15 |
| Visfilet | 400 | 30 P | 7-10 | na de halve dooitijd omdraaien | 5-10 |
| Garnalen | 300 | 30 P | 6-8 | na de halve dooitijd omdraaien en ontdooide delen verwijderen | 30 |
| Broodjes, 2 stuks | 80 | 30 P | ca.1 | slechts voordooien | |
| Gesneden brood voor het roosteren | 250 | 30 P | 2-4 | plakjes naast elkaar leggen, slechts voordooien | 5 |
| Wittebrood, geheel | 750 | 30 P | 7-10 | na de halve dooitijd omdraaien (binnenste nog steeds bevroren) | 30 |
| Taart, 1 stuk | 100-150 | 10 P | 2-5 | op een taartrooster leggen | 5 |
| Slagroomtaart, 1 stuk | 150 | 10 P | 3-4 | op een taartrooster leggen | 10 |
| Taart, geheel, 28 cm diameter | 10 P | 20-24 | op een taartrooster leggen | 30-60 | |
| Boter | 250 | 30 P | 2-4 | slechts voordooien | 15 |
| Fruit, zoals aardbeien, kersen, frambozen | 250 | 30 P | 4-5 | gelijkmatig naast elkaar leggen, na de halve dooitijd omdraaien | 5 |
TABEL: ONTDOOIEN EN KOKEN VAN VOEDSEL
Gerechten Hoev. Vermogen Kooktijd Watertoe Toepassings Standtijd -g- -Stand- -Min- voeging aanwijzingen -Min-
| Visfilet | 300 | 100 P | 10-11 | - | bedekken | 1-2 |
| Forel, 1 stuk | 250 | 100 P | 7-9 | - | bedekken | |
| Eenpersoonsgerecht | 400 | 100 P | 8-9 | - | bedekken, na de halve tijd roeren | |
| Bladspinazie | 300 | 100 P | 7-9 | - | bedekken, 1 tot 2 keer roeren gedurende het koken | 2 |
| Broccoli | 300 | 100 P | 7-9 | 3-5 EL | bedekken, na de halve tijd roeren | 2 |
| Erwten | 300 | 100 P | 7-9 | 3-5 EL | bedekken, na de halve tijd roeren | 2 |
| Koolrabi | 300 | 100 P | 7-9 | 3-5 EL | bedekken, na de halve tijd roeren | 2 |
| Gemengde groenten | 500 | 100 P | 12-14 | 3-5 EL | bedekken, na de halve tijd roeren | 2 |
| Spruitjes | 300 | 100 P | 7-9 | 3-5 EL | bedekken, na de halve tijd roeren | 2 |
| Rode kool | 450 | 100 P | 11-13 | 3-5 EL | bedekken, na de halve tijd roeren | 2 |

TABEL
TABEL: HET KOKEN VAN VERSE GROENTEN Groenten Hoeveelheid Vermogen Gaartijd Toepassingsaanwijzingen -g- -Stand- -Min- -EL/ml- Watertoevoeging
| Bladspinazie | 300 | 100 P | 5-7 | na het wassen goed laten afdruipen, bedekken, 1 tot 2 keer roeren gedurende het koken | - |
| Bloemkool | 800 | 100 P | 15-17 | 1 hele kool, bedekken | 5-6 EL |
| 500 | 100 P | 10-12 | in roosjes verdelen, roeren gedurende het koken | 4-5 EL | |
| Broccoli | 500 | 100 P | 10-12 | in roosjes verdelen, bedekken, roeren gedurende het koken | 4-5 EL |
| Champignons | 500 | 100 P | 8-10 | hele koppen, bedekken, roeren gedurende het koken | - |
| Chinese kool | 300 | 100 P | 9-11 | in strookjes snijden, bedekken, roeren gedurende het koken | 4-5 EL |
| Erwten | 500 | 100 P | 9-11 | bedekken, roeren gedurende het koken | 4-5 EL |
| Venkel | 500 | 100 P | 9-11 | in vieren snijden, bedekken, roeren gedurende het koken | 4-5 EL |
| Uien | 250 | 100 P | 5-7 | geheel, in magnetronfolie koken | - |
| Koolrabi | 500 | 100 P | 10-12 | in dobbelsteentjes snijden, bedekken, roeren gedurende het koken | 50 ml |
| Worteltjes | 500 | 100 P | 10-12 | in schijfjes snijden, bedekken, roeren gedurende het koken | 4-5 EL |
| 300 | 100 P | 9-12 | in schijfjes snijden, bedekken, roeren gedurende het koken | 2-3 EL | |
| Groen peper | 500 | 100 P | 7-9 | in dobbelsteentjes snijden, bedekken, roeren gedurende het koken | 4-5 EL |
| Ongeschilde aardappelen | 500 | 100 P | 9-11 | bedekken, roeren gedurende het koken | 4-5 EL |
| Prei | 500 | 100 P | 9-11 | in ringen snijden, bedekken, roeren gedurende het koken | 4-5 EL |
| Rode kool | 500 | 100 P | 10-12 | in strookjes snijden, bedekken, 1 tot 2 keer roeren | 50 ml |
| Spruitjes | 500 | 100 P | 9-11 | gedurende het koken hele spruitjes, bedekken, roeren gedurende het koken | 50 ml |
| Gekookte aardappelen | 500 | 100 P | 9-11 | in even stukken snijden, een beetje zout | 150 ml |
| Selder | 500 | 100 P | 9-11 | toevoegen, bedekken, roeren gedurende het koken in kleine blokjes snijden, bedekken, roeren gedurende het koken | 50 ml |
| Witte kool | 500 | 100 P | 10-12 | in stukjes snijden, bedekken, roeren gedurende het koken | 50 ml |
| Courgette | 500 | 100 P | 9-11 | in stukjes snijden, bedekken, roeren gedurende het koke | 4-5 EL |
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

BELANGRIJK: INSTRUCTIES VOOR PERSOONLIJKE VEILIGHEID, ZORGVULDIG LEZEN EN BEWAREN VOOR TOEKOMSTIGE REFERENTIE.
Indien uw magnetron problemen geeft kunt u zich wenden tot uw dealer of een van de onderstaande Sharp service centra.
SHARP ELECTRONICS, Telefoon: 0900-10158, Web: http://www.sharp.be AVTC, Kleine Winkellaan 54, 1853 Strombeek-Bever, Telefoon: 02/2674019, Fax: 2679670, ETS HENROTTE, Rue Du Campinaire 154, 6240 Farciennes, Telefoon: 071/396290, Fax: 391237 Nouvelle Central Radio (N.G.R) Rue des Jons 15, L-1818 HOWALD, Telefoon: 00352404078, Fax: 2402085
NEDERLAND
Indien uw magnetron problemen geeft kunt u zich wenden tot uw dealer of naar onderstaand Sharp Service Centrum.
SHARP ELECTRONICS BENELUX BV, - Helpdesk -, Postbus 900, 3990 DW Houten, Telefoon: 0900-7427723, Web: http://www.sharp.nl
DEUTSCHLAND
Stroombenodigdheid: Magnetron
Uitvoermogen Magnetron
Magnetronfrequentie
Afmetingen buitenkant
Afmetingen binnenkant
Ovencapaciteit
Draaitafel
Gewicht
Ovenlampje
: 230 V, 50 Hz, enkele fase
: Minimum 10 A
: 1,2 kW
: 800 W (IEC 60705)
: 2450 MHz
: 449 mm (B) × 282 mm (H) × 385 mm (D)
: 287 mm (B) × 220 mm (H) × 311 mm (D)
: 20 liter
: ∅ 272 mm
: 13 kg
: 25 W/240-250 V
Deze magnetronoven voldoet aan de vereisten van Richtlijnen 89/336/EEC en 73/23/EEC zoals gewijzigd door 93/68/EEC.
DOOR CONTINUE VERBETERINGEN KUNNEN SPECIFICATIES ZONDER AANKONDIGING VERANDEREN.
I
TECHNISCHE GEGEVENS
De pulp die gebruikt is voor de vervaardiging van dit papier is voor 100% afkomstig uit bossen die doorlopend opnieuw aangeplant worden.
Gedrukt in Groot-Brittannië.
x1
x2
x3
x4
x5
x11
x12