KA7902I30 - Koelkast NEFF - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KA7902I30 NEFF in PDF-formaat.
| Producttype | Inbouwkoelkast |
| Merk | Neff |
| Model | KA7902I30 |
| Hoogte (cm) | 177 |
| Breedte (cm) | 56 |
| Diepte (cm) | 55 |
| Nettogewicht (kg) | 70 |
| Netto totaalvolume (L) | 280 |
| Energieklasse | A+++ |
| Jaarlijks verbruik (kWh) | 220 |
| Voeding | 220-240 V, 50 Hz |
| Geluidsniveau (dB) | 35 |
| Koeltype | Ventilatie (No Frost) |
| Binnenverlichting | LED |
| Super Cool-functie | Ja |
| Deuralarm | Ja |
| Elektronische bediening | Ja, met touchscreen |
| Aantal legplateaus | 4 van glas |
| Aantal deurvakken | 3 |
| Ontdooitype | Automatisch |
| Aanbevolen reiniging | Zachte doek en zeepwater |
| Kinderslot | Ja (vergrendeling bediening) |
| Reserveonderdelen beschikbaar | Ja, op service.neff.com |
| Repareerbaarheidsindex | 8/10 |
Veelgestelde vragen - KA7902I30 NEFF
Gebruikersvragen over KA7902I30 NEFF
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KA7902I30 - NEFF en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KA7902I30 van het merk NEFF.
GEBRUIKSAANWIJZING KA7902I30 NEFF
Koel-/diepvriescombinatie
[nl] Gebruiksaanwijzing en
installatievoorschrift 79
KA79..

Veiligheids- en waarschuwingsinstructies ..... 79
Instructies betreffende het afvoeren 80
Leveringsomvang 80
Apparaat plaatsen 80
Opstellingsmaten 82
Deuropeningshoek 82
Apparaat aansluiten 83
Deurmontage 85
Apparaat leren kennen 86
Apparaat inschakelen 88
Temperatuur instellen 88
Super-koelen 88
Super-vriezen 89
Toetsblokkering (kinderslot) 89
Alarmfuncties 89
Energiezuinige modus 90
Effectieve inhoud 90
De koelruimte 90
De vriesruimte 90
Max. vriesvermogen 91
Invriezen en bewaren 91
Verse levensmiddelen bevriezen 91
Diepvriesproduct ontdooien 92
Uitrusting 92
Apparaat uitschakelen en uit bedrijf nemen . 93
Ontdooien 93
Apparaat reinigen 94
Geuren 94
Verlichting (LED) 94
Energie besparen 94
Bedrijfsgeluiden 94
Kleine storingen zelf opheffen 95
Servicedienst 95
Veiligheids- en waarschuwingsinstructies
Voordat u het apparaat in gebruik neemt
Lees de gebruiks- en montagehandleiding zorgvuldig door! U vindt daar belangrijke informatie over het opstellen, gebruik en onderhoud van het apparaat.
De fabrikant is niet aansprakelijk, wanneer de aanwijzingen en waarschuwingen zoals vermeld in de gebruikersaanwijzing niet worden aangehouden.
Bewaar alle documenten voor later gebruik of voor de volgende eigenaar.
Het apparaat bevat in geringe hoeveelheid het milieuvriendelijk, maar brandbare koelmiddel R600a. Let erop, dat de leidingen van het koelmiddelcircuit tijdens het transport of de montage niet beschadigd raken. Koelmiddel dat uit het apparaat spuit kan leiden tot oogletsel of kan ontsteken.
Bij beschadiging
■ open vuur of ontstekingsbronnen weg houden van het apparaat,
■ kamer gedurende enkele minuten goed ventileren,
■ apparaat uitschakelen en de netstekker lostrekken,
■ Contact opnemen met de servicedienst.
Hoe meer koelmiddel in een apparaat aanwezig is, des te groter moet de ruimte zijn, waarin het apparaat staat. In te kleine ruimten kan bij een lekkage een brandbaar gas-lucht-mengsel ontstaan.
Per 8 g koelmiddel moet de ruimte minimaal 1 m³ groot zijn. De hoeveelheid koelmiddel in uw apparaat vindt u op de typeplaat in uw apparaat.
Wanneer de aansluitkabel van dit apparaat wordt beschadigd, moet deze door de fabrikant, klantenservice of gelijksoortig gekwalificeerd persoon worden vervangen. Ondeskundige installatie en reparatie kan de gebruiker in gevaar brengen.
Reparaties mogen uitsluitend door de fabrikant, servicedienst of een soortgelijk gekwalificeerd persoon worden uitgevoerd.
Er mogen uitsluitend originele onderdelen van de fabrikant worden benut. Alleen voor deze onderdelen garandeert de fabrikant dat deze voldoen aan de veiligheidsvereisten.
Een verlenging van de aansluitkabel mag uitsluitend worden gekocht via de servicedienst.
Bij gebruik
- Nooit elektrische apparaten in het apparaat gebruiken (bijv. verwarmingstoestellen, elektrische ijsmakers). Explosiegevaar!
-
Nooit het apparaat met een stoomreiniger ontdooien of reinigen! De stoom kan bij de elektrische delen komen en leiden tot een kortsluiting. Gevaar voor elektrocutie!
-
Geen spitse of scherpe objecten gebruiken, om rijpen ijslagen te verwijderen. U kunt daarmee de koelmiddelleidingen beschadigen. Ontsnappend koelmiddel kan oogletsel veroorzaken of ontbranden.
- Geen producten met brandbare drijfgassen (bijv. spuitbussen) en geen explosieve stoffen bewaren. Explosiegevaar!
■ Sokkel, lades, deuren enz. niet als opstapje of als ondersteuning gebruiken.
■ Voor het ontdooien en schoonmaken de netstekker lostrekken of de zekering uitschakelen. Trek aan de stekker, nooit aan de kabel.
■ Middelen met een hoog alcoholpercentage alleen goed afgesloten en staand bewaren.
■ Kunststofdelen en deurafdichting niet met olie of vet verontreinigen. Kunststofdelen en deurafdichting worden anders poreus.
■ Be- en ontluchtingsopeningen voor het apparaat nooit afdekking of afsluiten. - Dit apparaat mag door personen (inclusief kinderen) met beperkte fysische, sensorische of psychische capaciteiten of gebrekkige kennis alleen worden gebruikt, wanneer zij door een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon onder toezicht staan of door deze instructies hebben gekregen, hoe het apparaat moet worden gebruikt.
In de vriesruimte geen vloeistoffen in flessen en verpakkingen opslaan (vooral koolzuurhoudende dranken). Flessen en verpakking kunnen uit elkaar barsten! - Nooit bevroren goederen direct, nadat het uit de vriesruimte is genomen, in de mond nemen. Gevaar voor lichamelijk letsel!
■ Voorkom langer contact met de handen met het bevroren product, ijs of de verdamperleidingen enz. Gevaar voor lichamelijk letsel!
Voorkomen van risico's voor kinderen en mensen met een risico
Personen die gevaar lopen zijn:
■ Kinderen,
■ Personen, die lichamelijk, psychisch of in hun waarnemingen beperkt zijn,
■ Personen die onvoldoende kennis hebben voor het veilig bedienen van het apparaat.
Maatregelen:
■ Zorg er voor dat kinderen en personen die een risico lopen de gevaren begrepen hebben.
■ Een voor de veiligheid verantwoordelijke persoon moet kinderen en personen die een risico lopen bij het apparaat toezicht houden of instructies geven.
■ Alleen kinderen vanaf 8 jaar het apparaat laten gebruiken.
- Bij reiniging en onderhoud toezicht houden op kinderen.
■ Nooit kinderen met het apparaat laten spelen.
Algemene bepalingen
Het apparaat is geschikt
■ voor het koelen en bevriezen van levensmiddelen,
■ voor ijsbereiding.
Dit apparaat is bestemd voor gebruik tot op hoogten van maximaal 2.000 meter boven zeeniveau.
Dit apparaat is bedoeld voor het huishoudelijk gebruik in een privé huishouden en de huiselijke omgeving.
Het apparaat is radio-ontstoord conform de EU-Richtlijn 2004/108/EG.
Het koelcircuit is op lekdichtheid gecontroleerd.
Dit object voldoet aan de geldende veiligheidsbepalingen voor elektrische apparaten (EN 60335-2-24).
Instructies betreffende het afvoeren
Verpakking afvoeren
De verpakking beschermt uw apparaat tegen transportschade. Alle gebruikte materialen zijn milieuvriendelijk en weer herbruikbaar. Help a.u.b. mee: voer de verpakking milieuvriendelijk af.
Informeer over de actuele afvoermethoden bij uw vakhandelaar of gemeente.
Oud apparaat afvoeren
Oude apparaten zijn geen waardeloos afval! Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen.

Dit apparaat is overeenkomstig de Europese Richtlijn 2012/19/EG betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE) gemarkeerd.
De richtlijn schrijft het kader voor terugname en verwerking van oude apparaten in de EU voor.
⚠ Waarschuwing
Bij versleten apparaten:
- Netstekker lostrekken.
- Aansluitkabel doorknippen en met de netstekker verwijderen.
- Plateaus en bakken niet uitnemen, om kinderen het naar binnen klimmen te bemoeilijken!
- Kinderen niet met het afgedankte apparaat laten spelen. Verstikkingsgevaar!
Koelapparaten bevatten koelmiddelen en in de isolatie gassen. Koelmiddel en gassen moeten correct worden afgevoerd. Leiding van het koelmiddelcircuit tot en met het afvoeren niet beschadigen.
Leveringsomvang
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade.
Neem in geval van klachten contact op met de winkel waarbij u het apparaat heeft gekocht of met onze Servicedienst.
De levering bestaat uit de volgende onderdelen:
■ Zelfstandig apparaat
■ Uitrusting (afhankelijk van het model)
■ Zak met montagemateriaal
■ Gebruikers- en montagehandleiding
■ Schrift voor servicedienst
Garantiebijlagen
■ Informatie over energieverbruik en geluid
Apparaat plaatsen
Transport
Het apparaat is zwaar en moet bij het transport en bij de montage worden geborgd.
Vanwege het gewicht en de afmetingen van het apparaat en om het risico van letsel of schade aan het apparaat te minimaliseren, zijn er minimaal twee personen nodig om het apparaat op te stellen.
De rollen zijn uitsluitend voor de montage bedoeld. Het apparaat niet m.b.v. de rollen transporteren.
Het apparaat mag niet met de rollen op ongelijke of zachte ondergronden verplaatst worden.
Opstellingsplaats
Voor het opstellen is een droge, ventileerbare ruimte geschikt. De opstelplaats moet niet zijn blootgesteld aan direct zonlicht en moet niet direct in de buurt zijn van een warmtebron zoals fornuis, kachel, etc.
Wanneer het plaatsen naast een warmtebron onvermijdelijk is, gebruik dan een geschikte isolatieplaat of houd de volgende minimale afstanden tot de warmtebron aan:
■ Tot elektrische- en gasfornuizen 3 cm.
■ Tot olie- of kolengestookte kachels 30 cm.
Ondergrond
De bodem op de opstellocatie mag niet meegeven. Indien nodig de bodem versterken.
Het apparaat is zwaar. Zie voor het leeggewicht de volgende tabel.
Basismodel 98 kg
Wandafstand
Om de deuren tot aan de aanslag te kunnen openen, moeten bij het opstellen in een hoek of nis minimale afstanden aan de zijkant worden aangehouden (zie hoofdstuk Opstellingsmaten).
Wanneer de diepte van de naastgelegen keukeninrichtingen groter is dan 65 cm, dan moeten de minimale afstanden aan de zijkant worden aangehouden, om de volledige openingshoek van de deuren te kunnen gebruiken (zie hoofdstuk Deuropeningshoek).
Minimale afstand tot de achterwand
De meegeleverde afstandshouder met de schroeven op de daarvoor voorziene openingen op de achterkant van het apparaat bevestigen.

Door de afstandshouder wordt de minimale afstand van 22 mm tot de wand aangehouden en is de ventilatie gewaarborgd.
Let op de kamertemperatuur en de ventilatie
Ruimtetemperatuur
Het apparaat is ontworpen voor een bepaalde klimaatklasse. Afhankelijk van de klimaatklasse kan het apparaat bij de volgende ruimtetemperaturen worden gebruikt.
De klimaatklasse staat op de typeplaat.
| Klimaatklasse Toegestane kamertemperatuur |
| SN +10 °C ... 32 °C |
| N +16 °C ... 32 °C |
| ST +16 °C ... 38 °C |
| T +16 °C ... 43 °C |
Aanwijzing
Het apparaat is binnen de ruimtetemperatuurgrenzen van de vermelde klimaatklasse volledig functioneel. Wanneer een apparaat met klimaatklasse SN bij koudere kamertemperaturen wordt gebruikt, dan kan schade aan het apparaat tot een temperatuur van +5 °C worden uitgesloten.
Ventilatie
De opgewarmde lucht moet ongehinderd kunnen wegtrekken. Het koelapparaat moet anders meer vermogen leveren. Dat verhoogt het stroomverbruik. Daarom: nooit de be- en ontluchtingsopening afdekken of afsluiten!
Opstellingsmaten

Deuropeningshoek

Apparaat aansluiten
Na het opstellen van het apparaat minimaal 1 uur wachten, tot het apparaat in bedrijf wordt genomen. Tijdens het transport kan het gebeuren, dat in de compressor aanwezige olie zich in het koelsysteem afzet.
Voor de eerste ingebruikname de binnenruimte van het apparaat reinigen (zie hoofdstuk Apparaat reinigen).
Sluit het water altijd aan voordat u de elektrische aansluiting maakt.
Verwijder de transportborgingen van de plateaus pas na het opstellen.
Elektrische aansluiting
De contactdoos moet dicht bij het apparaat zitten en ook na het opstellen van het apparaat vrij toegankelijk zijn.
Het apparaat voldoet aan veiligheidsklasse I. Via een conform de voorschriften geïnstalleerde contactdoos met randaarde het apparaat op 220-240 V/50 Hz wisselspanning aansluiten. De contactdoos moet met een 10 A tot 16 A zekering zijn gezekerd.
Bij apparaten, die in niet-Europese landen worden gebruikt, moet worden gecontroleerd, of de opgegeven spanning en stroom overeenkomen met die van het elektriciteitsnet. Deze informatie vindt u op de typeplaat.

Het apparaat mag in geen geval op een elektronische energiespaarstekker worden aangesloten.
Voor het gebruik van onze apparaten kunnen sinus- en netgestuurde omvormers worden gebruikt.
Netgestuurde omvormers worden bij zonne-energie installaties gebruikt, die direct op het openbare stroomnet worden aangesloten. Bij eilandoplossingen (bijv. schepen of berghutten), die geen directe aansluiting op het openbare stroomnet hebben, moeten sinusgeregelde omvormers worden gebruikt.
Apparaat uitlijnen
Aanwijzing
Om te zorgen dat het apparaat optimaal functioneert, moet deze met een waterpas horizontaal worden uitgelijnd.
Wanneer het apparaat scheef staat, dan kan dit tot gevolg hebben, dat de deuren niet meer goed sluiten.
- Apparaat op de daarvoor bedoelde plaats zetten.
- Om er voor te zorgen dat het apparaat niet weg kan rollen, de twee voorste voeten er uit draaien, tot deze vast op de bodem staan.

-
Voeten draaien, tot het apparaat exact horizontaal staat. De deuren van het apparaat als referentievlak gebruiken.
-
Vriesruimtedeur is dieper:

- Koelruimtedeur is dieper: Wanneer het apparaat exact horizontaal is gesteld,

maar echter één apparaatdeur dieper staat:
- Apparaatdeuren openen.
- 3 schroeven er uit draaien en de plint verwijderen.
- Moer losdraaien.

- Instelmoer draaien, totdat de apparaatdeuren horizontaal zijn gesteld.

- Vriesruimtedeur is dieper: Instelmoer linksom draaien.
- Koelruimtedeur is dieper: Instelmoer rechtsom draaien.
- Moer vastdraaien.
- Plint aanbrengen en met 3 schroeven bevestigen.

Door het eigen gewicht en de belading van de deur met levensmiddelen kan het voorkomen dat de deur van de koelruimte helt, zelfs wanneer het apparaat recht staat. De deurspleet is boven en onder niet even groot.

Wanneer de deurspleet boven en onder niet gelijk is:

- Scharnierschroeven losdraaien. Schroeven niet helemaal er uit draaien!
- Hellingshoek van de deur van de koelruimte instellen.
- Scharnierschroeven vastdraaien.
- Scharnierafdekking plaatsen en met 2 schroeven bevestigen.
Deurmontage
Wanneer het apparaat niet door de deur van de woning past, kunnen de deurgrepen of deuren van het apparaat gedemonteerd worden.
Aanwijzing
De demontage van de deurgrepen of apparaatdeuren mag uitsluitend door de servicedienst worden gedaan. De kosten daarvoor kunt u opvragen bij uw verantwoordelijke servicedienst.
Apparaat leren kennen
Apparaat
De uitrusting van de modellen kan variëren. Afwijkingen van de afbeeldingen zijn mogelijk.

A Koelruimte B Vriesruimte (4 sterren)
1 Bedieningselementen 2 Deurvakjes (2-sterren vak)
Aanwijzing
Alleen deze deurvakjes hebben 2 sterren, de overige vriesruimte heeft 4 sterren.
3 Deurvakjes
4 Bakje voor ijsblokjes
5 Glasplateaus vriesruimte
6 Vriesruimte-schuifdladen
7 Vakje
8 Glasplateaus koelruimte
9 Eierhouder
10 Groentelade
11 Vruchtenlade
12 Boter- en kaasvak
13 Deurvak met klep
Bedieningselementen

1 Toets „freezer/super“
■ Temperatuur in vriesruimte instellen.
■ Functie „Super-vriezen“ in- en uitschakelen.
2 Toets „Alarm uit“
■ Weergave van het temperatuuralarm uitschakelen.
3 Toets „Blokkeren“
■ Toetsenblokkering (kinderslot) in- en uitschakelen.
4 Toets „fridge/super“
■ Temperatuur in koelruimte instellen.
■ Functie „Super-koelen“ in- en uitschakelen.
5 Display koelruimte
■ Temperatuur in koelruimte.
■ Symbool „super“ bij ingeschakelde functie „Super-koelen“.
■ Symbool „alarm“ bij aanwezig alarm in de koelruimte.
6 Display vriesruimte
■ Temperatuur in vriesruimte.
■ Symbool „super“ bij ingeschakelde functie „Super-vriezen“.
■ Symbool „alarm“ bij aanwezig alarm in vriesruimte.
7 Symbolen op het display

Toetsblokkering (kinderslot)
Toetsblokkering is ingeschakeld.
Apparaat inschakelen
De stekker in het stopcontact steken.
Het apparaat begint te koelen.
Bij het eerste gebruik is de alarmfunctie gedeactiveerd todat het apparaat de ingestelde temperatuur heeft bereikt. Wanneer het apparaat weer in gebruik wordt genomen nadat het langere tijd uitgeschakeld is geweest, kan het temperatuuralarm in werking treden.
De temperatuurindicaties knipperen en op het display wordt het „alarm“ symbool weergegeven, tot het apparaat de ingestelde temperatuur bereikt heeft.
Door indrukken van de toets „Alarm uit" wordt de weergave van het temperatuuralarm uitgeschakeld.
De verlichting gaat aan bij geopende apparaatdeuren.
Af fabriek worden de volgende temperaturen aanbevolen en vooringesteld:
■ Koelruimte +4 °C
■ Vriesruimte -18 °C.
Gebruiksinstructies
- Na het inschakelen kan het meerdere uren duren voordat de ingestelde temperaturen zijn bereikt. Daarvoor geen levensmiddelen in het apparaat leggen.
■ Door het volautomatische Nofrost-systeem blijft de vriesruimte ijsvrij. Ontdooien is niet meer nodig. - De kopse zijden van de behuizing worden deels licht verwarmd, dit voorkomt condenswatervorming bij de deurafdichting.
■ Kan de deur van de vriesruimte na het sluiten niet direct weer geopend worden, wacht dan een moment, tot de ontstane onderdruk is vereffend.
Temperatuur instellen
Koelruimte
De temperatuur van worden ingesteld van +2 °C tot +8 °C.
De toets „fridge/super“ net zo vaak indrukken, tot de gewenste temperatuur van de koelruimte is ingesteld.

De laatst ingestelde waarde wordt opgeslagen. De ingestelde temperatuur wordt op het display van de koelruimte weergegeven.
Vriesruimte
De temperatuur van worden ingesteld van -16 °C tot -22 °C.
De toets „freezer/super“ net zo vaak indrukken, totdat de gewenste vriesruimte-temperatuur is ingesteld.

De laatst ingestelde waarde wordt opgeslagen. De ingestelde temperatuur wordt op het display van de vriesruimte weergegeven.
Super-koelen
Bij super-koelen wordt de koelruimte ca. 40 minuten lang zo koud mogelijk gekoeld. Daarna wordt de temperatuur automatisch op +4 °C ingesteld.
Het super-koelen inschakelen bijv.
■ voor het plaatsen van grote hoeveelheden levensmiddelen
■ Voor het snelkoelen van dranken.
Aanwijzing
Is super-koelen ingeschakeld, dan kan dit leiden tot meer bedrijfsgeluid.
Inschakelen
De toets „fridge/super“ net zo vaak indrukken tot op het display van de koelruimte „super“ wordt weergegeven.

Uitschakelen
De toets „fridge/super“ indrukken.
Aanwijzing
Op het display dooft „super“. De temperatuur wordt automatisch op +4 °C ingesteld.
Super-vriezen
Levensmiddelen moeten zo snel mogelijk tot in de kern worden bevroren, zodat vitamines, voedingswaarde, uiterlijk en smaak behouden blijven.
Schakel enkele uren voor het plaatsen van de verse levensmiddelen Super-vriezen in, om een ongewenste temperatuurstijging te voorkomen.
Over het algemeen is 4 - 6 uur afdoende.
Het apparaat werkt na het inschakelen continu. Daardoor wordt in de vriezer een zeer lage temperatuur bereikt.
Super-vriezen schakelt automatisch uit na ca. 48 uur.
Moet het maximale vriesvolume worden gebruikt, dan moet Super-vriezen 24 uur voorafgaande aan het plaatsen van de verse levensmiddelen worden ingeschakeld.
Kleinere hoeveelheden levensmiddel (tot max.2 kg) kunt u zonder Super-vriezen invriezen.
Aanwijzing
Wanneer Super-vriezen is ingeschakeld, dan kan dit leiden tot meer bedrijfsgeluid.
Inschakelen
De toets „freezer/super“ net zo vaak indrukken tot op het display van de vriesruimte „super“ wordt weergegeven.

Op het display dooft „super“. Daarna wordt automatisch overgeschakeld naar de temperatuur die voor super-vriezen is ingesteld.
Toetsblokkering (kinderslot)
Bij ingeschakelde toetsblokkering zijn alle toetsen geblokkeerd.
Bij ingeschakelde toetsenblokkering kan bij een waarschuwingssignaal met de toets „Alarm uit“ het waarschuwingssignaal worden uitgeschakeld.
Inschakelen
De toets „Blokkeren“ indrukken.

Op het display wordt het symbool „toetsblokkering“ weergegeven.
Uitschakelen
De toets „Blokkeren“ 3 seconden indrukken.
Alarmfuncties
Deuralarm
Het deuralarm schakelt in, wanneer een apparaatdeur langer dan één minuut open staat. De waarschuwingstoon herhaalt elke 60 seconden gedurende 5 minuten. Door het sluiten van de deur schakelt de alarmtoon weer uit.
Temperatuuralarm
Het display geeft het temperatuuralarm aan, wanneer het in de koel- of vriesruimte te warm is en de levensmiddelen in gevaar komen.
Op het betreffende display wordt de hoogste temperatuur aangegeven en „alarm“.
Koelruimte
Wanneer het in de koelruimte te warm is geworden, het opgewarmde product voor de consumptie verwarmen. Rauwe levensmiddelen in geval van twijfel niet meer gebruiken.
nl
Vriesruimte
Ontdooide waren niet weer invriezen. Pas na het verwerken in een gerecht (gekookt of gebraden) kan het opnieuw ingevroren worden.
De maximale bewaarduur niet meer geheel benutten.
Zonder gevaar voor het ingevroren product kan het alarm inschakelen:
- bij de inbedrijfstelling van het apparaat,
- bij het plaatsen van grote hoeveelheden verse levensmiddelen,
- bij te lang geopende vriesruimte-deur.
Alarm uitschakelen
Toets „Alarm uit“ indrukken.

Aanwijzing
Zodra de ingestelde temperatuur weer bereikt is, dooft „alarm“ op het display.
Energiezuinige modus
20 seconden nadat de deuren zijn gesloten of de laatste toetsen zijn bediend, schakelt het display naar de energiezuinige modus. Het display gaat uit, gedimd branden alleen nog de woorden „freezer“ en „fridge“.
Zodra een deur wordt geopend, of een toets bediend wordt, schakelt het display in met normale verlichtingssterkte.
Effectieve inhoud
Informatie over de effectieve inhoud van uw apparaat vindt u op de typeplaat.
Vriesvolume volledig gebruiken
Om de maximale hoeveelheid aan vriesgoed onder te kunnen brengen, kunt u alle indelingsonderdelen uitnemen. De levensmiddelen kunt u dan direct in de vakjes en op de bodem van de vriesruimte stapelen.
Het uitnemen en plaatsen van de indelingsonderdelen is omschreven in het hoofdstuk Uitrusting.
De koelruimte
De koelruimte is de ideale bewaarlocatie voor bereide gerechten, gebak, conserven, melk en kaas.
Opletten bij het plaatsen
■ Plaats verse, ongeschonden levensmiddelen. Zo blijft de kwaliteit en versheid langer bewaard.
Bij bereide producten en gebottelde producten de door de producent aangegeven minimale houdbaarheids- of gebruiksdatum aanhouden.
- Om aroma, kleur en versheid te behouden, de levensmiddelen goed verpakt of afgedekt plaatsen. Overdracht van smaak en verkleuringen van kunststof delen in de koelruimte worden daardoor vermeden.
■ Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen en dan pas in het apparaat plaatsen.
Aanwijzing
Voorkom contact tussen levensmiddelen en de achterwand. De luchtcirculatie wordt anders beïnvloed. Levensmiddelen of verpakkingen kunnen aan de achterwand vastvriezen.
Houd rekening met de koudezones in de koelruimte
Door de luchtcirculatie in de koelruimte ontstaan zones van een verschillende koudegraad:
■ De koudste zone bij de achterwand.
■ De warmste zone is bij de deur, helemaal bovenin.
Aanwijzing
Bewaar in de warmste zone bijv. kaas en boter. Kaas kan zo haar aroma verder ontwikkelen, de boter blijft smeerbaar.
De vriesruimte
De vriesruimte gebruiken
■ Voor het opslaan van diepvriesproducten.
■ Voor het maken van ijsblokjes.
■ Voor het bevriezen van levensmiddelen.
Aanwijzing
Let erop dat de deur van de vriesruimte altijd gesloten is! Bij een geopende deur ontdooien de bevroren waren en treedt er sterke ijsvorming op. Bovendien: Energieverspilling door hoog stroomverbruik!
Aanwijzing
De 2 sterren deurvakken kunnen worden gebruikt voor het kort bewaren van ijs en levensmiddelen bij -12 °C. De rest van de vriesruimte heeft 4 sterren.
Max. vriesvermogen
Informatie over de maximale invriescapaciteit in 24 uur vindt u op de typeplaat.
Vereisten voor maximale vriescapaciteit
■ Super-vriezen voor het plaatsen van verse producten inschakelen (zie hoofdstuk Super-vriezen).
■ Uitrustingsonderdelen verwijderen.
■ Stapel de levensmiddelen direct in de vakjes en op de bodem van de vriesruimte.
Aanwijzing
De ventilatiesleuven op de achterwand niet met product afdekken.
■ Grotere hoeveelheden levensmiddelen bij voorkeur in het bovenste vak invriezen. Daar worden ze bijzonder snel en dus ook zorgvuldig ingevroren.
Invriezen en bewaren
Diepvriesproducten inkopen
■ De verpakking mag niet beschadigd zijn.
■ Houdbaarheidsdatum aanhouden.
■ Temperatuur in de verkoopkist moet -18 °C of kouder zijn.
■ Diepvriesproducten indien mogelijk in isolerende tas transporteren en zo snel mogelijk in de vriezer doen.
Let op bij het indelen
■ Grotere hoeveelheden levensmiddelen bij voorkeur in het bovenste vak invriezen. Daar worden ze bijzonder snel en dus ook zorgvuldig ingevroren.
■ De levensmiddelen ruim over de vakken, resp. invriesruimten verdelen.
Aanwijzing
Al ingevroren levensmiddelen mogen niet met de vers in te vriezen levensmiddelen in contact komen. Eventueel ingevroren levensmiddelen in andere lade stapelen.
Vriesproduct bewaren
Vrieslade tot de aanslag inschuiven om een probleemloze luchtcirculatie te waarborgen.
Verse levensmiddelen bevriezen
Gebruik voor het invriezen alleen verse levensmiddelen.
Om voedingswaarde, aroma en kleur zo goed mogelijk te behouden, moeten groenten voor het invriezen geblancheerd worden.
Bij aubergines, paprika, courgettes en asperges is blancheren niet nodig.
Boeken over invriezen en blancheren vindt u in de boekwinkel.
Aanwijzing
Laat in te vriezen levensmiddelen niet in contact komen met al bevroren levensmiddelen.
Geschikt om in te vriezen zijn:
Gebak, vis en zeevruchten, vlees, wild, gevogelte,
groenten, fruit, kruiden, eieren zonder schaal,
melkproducten zoals kaas, boter en kwark, bereide
gerechten en etensresten zoals soep,
eenpansgerecht, klaargemaakt vlees en
klaargemaakte vis, aardappelgerechten,
ovenschotels en zoete gerechten.
Niet geschikt om in te vriezen zijn:
Groenten die doorgaans rauw worden gegeten,
zoals sla, radijsjes, eieren in de schaal, druiven, hele
appels, peren en perziken, hardgekookte eieren,
yoghurt, zure-melk, zure room, crème fraîche en
mayonaise.
Vriesproducten verpakken
Verpak levensmiddelen luchtdicht, zodat deze geen smaak verliezen of uitdrogen.
- Levensmiddel in de verpakking doen.
- Lucht er uit drukken.
- Verpakking dicht afsluiten.
- Inhoud en invriesdatum op de verpakking schrijven.
Als verpakking geschikt:
Kunststoffolie, polyethyleen slangfolie, aluminiumfolie, invriesdozen. Deze producten vindt u in de vakhandel.
Niet geschikt als verpakking:
Pakpapier, perkament, cellofaan, vuilniszakken en gebruikte plastic winkeltassen.
Geschikt voor het afsluiten zijn:
Rubber ringen, kunststof clips, sluiters, koudebestendige tape, etc.
Zakken en slangfolie van poly-ethyleen kunnen met een folielasapparaat worden gelast.
nl
Houdbaarheid van het diepvriesproduct
De houdbaarheid is afhankelijk van het soort levensmiddel.
Bij een temperatuur van -18 °C:
■ Vis, wordt, bereide gerechten, brood en gebak: tot max. 6 maanden
■ Kaas, gevogelte, vlees: tot max. 8 maanden
■ Groenten, fruit: tot max. 12 maanden.
Diepvriesproduct ontdooien
Afhankelijk van het soort en het gebruiksdoel kunt u kiezen uit de volgende mogelijkheden:
bij kamertemperatuur
in de koelkast
■ in elektrische oven, met/zonder heteluchtventilator
in magnetron.

Attentie
Ontdooide waren niet weer invriezen. Pas na het verwerken in een gerecht (gekookt of gebraden) kan het opnieuw ingevroren worden.
De maximale bewaartijd van het product niet meer volledig opgebruiken.
Uitrusting
Glasplateaus
De glasplateaus kunnen worden uitgenomen en op verschillende hoogtes worden geplaatst.
Uitnemen
Glasplateau van achter optillen en er uit trekken.

Glasplateau de geleiderail naar achteren schuiven, totdat deze naar onderen inklikt.
Glasplateau boven de lade
De glasplateaus kunnen worden verwijderd.
De glasplateaus er uit trekken en naar boven toe verwijderen.

De deurvakjes kunnen worden verwijderd.
De deurvakjes naar boven er uit trekken.

Bakje voor ijsblokjes
De bakjes voor ijsblokjes dienen voor het maken en bewaren van ijsblokjes.
De bakjes voor ijsblokjes er uit trekken.

De laden kunnen worden verwijderd.
De lade tot de aanslag er uit trekken, aan de voorzijde optillen en volledig er uit trekken.

Voor het bewaren van drankblikjes.

Dit vak kan worden verwijderd.
Het vak naar boven er uit trekken.

Apparaat uitschakelen en uit bedrijf nemen
Apparaat uitschakelen
Netstekker lostrekken of zekering uitschakelen.
Koelmachine en verlichting schakelen uit.
Wanneer het apparaat uitgeschakeld moet worden, zonder de netstekker er uit te halen (bijv. tijdens de vakantie):
De toetsen „freezer/super“ en „fridge/super“
5 seconden drukken. Wanneer het apparaat is uitgeschakeld, geven de temperatuurindicaties „-“ aan. De rest van het display is uitgeschakeld.

Apparaat inschakelen:
De toetsen „freezer/super“ en „fridge/super“
5 seconden drukken.
Apparaat stil zetten
Wanneer u het apparaat langere tijd niet gebruikt:
- Alle levensmiddelen uit het apparaat nemen.
- Apparaat uitschakelen.
- Apparaat reinigen.
- Deur van het apparaat open laten.
Ontdooien
Koelruimte
Terwijl het apparaat in bedrijf is, vormen zich op de achterwand van de koelruimte dauwwaterdruppels of rijp. Omdat de achterwand automatisch ontdooit, is het niet nodig rijp of dauwwaterdruppels te verwijderen.
Vriesruimte
Door het volautomatische Nofrost-systeem blijft de vriesruimte ijsvrij. Ontdooien is niet meer nodig.
Apparaat reinigen

Attentie
- Gebruik geen zand-, chloor- of zuurhoudende schoonmaak- en oplosmiddelen.
- Geen schurende of krassende sponzen gebruiken. Op metalen oppervlakken kan corrosie ontstaan.
- Nooit plateaus en bakken in de vaatwasser reinigen. De delen kunnen vervormen!
Ga als volgt te werk:
- Vóór het reinigen het apparaat uitschakelen.
- Netstekker lostrekken of zekering uitschakelen.
- Levensmiddelen uit het apparaat halen en op een koele plaats bewaren. Koelelement (indien beschikbaar) op de levensmiddelen leggen.
- Wachten tot de rijplaag is ontdooid.
- Reinig het apparaat met een zachte doek, lauwwarm water en wat pH-neutraal afwasmiddel. Het schoonmaakwater mag niet in de verlichting of door het afvoergat in de verdampingsschaal komen.
- De deurafdichting alleen met schoon water afvegen en daarna grondig droog wrijven.
- Na het schoonmaken het apparaat weer aansluiten en inschakelen.
- Levensmiddelen weer in het apparaat doen.
Uitrusting
Voor de reiniging kunnen alle variabele onderdelen van het apparaat worden uitgenomen (zie hoofdstuk Uitrusting).
Geuren
Wanneer u onaangename geuren constateert:
- Netstekker losmaken of zekering uitschakelen.
- Alle levensmiddelen uit het apparaat nemen.
- Binnenruimte reinigen (zie hoofdstuk Apparaat reinigen).
- Alle verpakkingen reinigen.
- Sterk ruikende levensmiddelen luchtdicht verpakken om geurvorming te voorkomen.
- Apparaat weer inschakelen.
- Levensmiddelen in het apparaat doen.
- Na 24 uur controleren of er opnieuw geurvorming optreedt.
Verlichting (LED)
Uw apparaat is uitgevoerd met een onderhoudsvrije LED-verlichting.
Reparaties aan deze verlichting mogen uitsluitend door de Servicedienst of geautoriseerde vakkrachten worden uitgevoerd.
Energie besparen
■ Apparaat in een droge, geventileerde ruimte plaatsen. Het apparaat mag niet direct in de zon of in de nabijheid van een warmtebron staan (bijv. radiator, open haard).
Gebruik eventueel een isolatieplaat.
■ Warme levensmiddelen en dranken eerst laten afkoelen, dan pas in het apparaat zetten.
■ Diepvriesproducten voor het ontdooien in de koelruimte plaatsen en de koude van het diepvriesproduct voor de koeling van levensmiddelen benutten.
■ Apparaat zo kort mogelijk openen.
- Om te voorkomen dat bij een eventuele stroomuitval of storing de levensmiddelen snel opwarmen, koelementen in het bovenste vak direct op de levensmiddelen leggen.
- Let er op dat de deur van de vriesruimte altijd gesloten is.
■ De plaatsing van de indelingselementen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat.
- Om een verhoogd stroomverbruik te vermijden, de be- en ontluchtingsopeningen af en toe met een kwast of stofzuiger reinigen.
Bedrijfsgeluiden
Normale geluiden
Brommen
Motoren draaien (bijv. koelaggregaat, ventilator).
Borrelende, zoemende of gorgelende geluiden
Koelmiddel stroomt door de buizen.
Klikken:
Motor, schakelaar, of magneetventielen schakelen in of uit.
Geluiden vermijden
Het apparaat staat niet horizontaal
Stel het apparaat horizontaal m.b.v. een waterpas. Gebruik daarvoor de schroefvoeten van het apparaat of leg er iets onder.
Het apparaat staat ergens tegen aan
Zet het apparaat los van andere meubels of apparaten.
Vakken of plateaus wiebelen of klemmen
Controleer de uitneembare delen en plaats deze eventueel opnieuw.
Verpakkingen komen met elkaar in contact
Haal de verpakkingen iets uit elkaar.
Kleine storingen zelf opheffen
Voordat u contact opneemt met de klantenservice:
Controleer of u de storing aan de hand van de volgende instructies kunt verhelpen.
U moet de kosten voor de klantenservice zelf dragen – ook tijdens de garantieperiode!
Apparaat
| Storing Mogelijke oorzaak Oplossing | ||
| Het apparaat heeft geen koelvermogen. | Netspanningsuitval. Controleer of de spanning aanwezig is. | |
| Zekering is uitgeschakeld. Zekering controleren. | ||
| De verlichting werkt niet. | Netstekker zit niet goed vast. Controleer, of de netstekker goed vast zit. | |
| Het display gaat niet aan. | ||
| De compressor schakelt steeds vaker en langer in. | Frequent openen van het apparaat. Apparaat niet onnodig openen. | |
| De be- en ontluchtingsopeningen zijn bedekt. | Hindernissen wegnemen. | |
| Plaatsen van grotere hoeveelheden verse levensmiddelen. | Super-koelen resp. Super-vriezen inschakelen. | |
| In de koelruimte of vriesruimte is het te koud. | Temperatuur is te koud ingesteld. Temperatuur warmer instellen. | |
| De Verlichting (LED) werkt niet. | De LED-verlichting is defect. Zie hoofdstuk verlichting (LED). | |
| Lichtschakelaar klemt. Controleer of de lichtschakelaar bewogen kan worden. | ||
| Apparaat was te lang geopend. De verlichting wordt na ca. 10 minuten uitgeschakeld. | Na het sluiten en openen van het apparaat is de verlichting weer aan. | |
| Onaangename geuren zijn waarneembaar. | Sterk geurende levensmiddelen zijn niet luchtdicht verpakt. | Apparaat reinigen. Sterk geurende levensmiddelen luchtdicht verpakken (zie hoofdstuk Geuren). |
| Waarschuwingstoon klinkt, temperatuurindicatie knippert. In de vriesruimte is het te warm! Gevaar voor het diepvriesproduct. | Deur van de vriesruimte is geopend. Zie hoofdstuk alarmfuncties. | |
| Er zijn te veel levensmiddelen in één keer voor bevriezen geplaatst. | ||
Servicedienst
Een servicedienst in uw omgeving vindt u in het telefoonboek of in de servicedienst-index. Geef aan de Servicedienst het typenummer (E-Nr.) en het fabricagenummer (FD-Nr.) van het apparaat door.
U vindt deze op de typeplaat.

Help mee om onnodige voorrijkosten te voorkomen door het artikel- en fabricagenummer door te geven. U bespaart de daaraan verbonden extra kosten.
Reparatie-opdracht en advies bij storingen
De contactgegevens van alle landen vindt u in het bijgaande Servicedienst-overzicht.
NL 088 424 4040
B 070 222 143
