WallPerfect W 68 E - Verfspuitpistool WAGNER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis WallPerfect W 68 E WAGNER in PDF-formaat.
| Type product | Elektrisch airless verfspuitpistool |
| Merk | Wagner |
| Model | WallPerfect W 68 E |
| Aanbevolen gebruik | Schilderen van binnenmuren en -plafonds |
| Motortype | Elektrisch, 680 W |
| Voedingsspanning | 230 V / 50 Hz |
| Inhoud reservoir | 1,5 liter |
| Verfafgifte | Tot 0,8 l/min |
| Maximale druk | 100 bar |
| Instelbare straalbreedte | Van 15 tot 30 cm |
| Verfviscositeit | Van 20 tot 100 DIN (verdunning mogelijk) |
| Spuitmond | Verwisselbare spuitmond (ref. 2222007) |
| Afmetingen (L x B x H) | 36 x 28 x 25 cm |
| Gewicht | 4,8 kg |
| Kabellengte | 3 m |
| Geluidsniveau | 75 dB(A) |
| Onderhoud en reiniging | Reinig het systeem na elk gebruik met water of geschikt oplosmiddel |
| Veiligheid | Automatische uitschakeling bij oververhitting, veiligheidstrigger |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | Spuitmonden, afdichtingen, filters en zuigers apart verkrijgbaar |
| Garantie | 2 jaar |
Veelgestelde vragen - WallPerfect W 68 E WAGNER
Gebruikersvragen over WallPerfect W 68 E WAGNER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Verfspuitpistool in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding WallPerfect W 68 E - WAGNER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. WallPerfect W 68 E van het merk WAGNER.
GEBRUIKSAANWIJZING WallPerfect W 68 E WAGNER
Vertaling van de originele gebruiksaanwijzing
Hartelijk gefeliciteerd met de aankoop van uw WAGNER spuitpistool.
U bezit nu een merkproduct, dat voor een storingvrije werking zorgvuldig moet worden gereinigd en onderhouden. Lees voor inbedrijfstelling van het apparaat de gebruikshandleiding nauwkeurig door en neem de veiligheidsaanwijzingen in acht. Bewaar de gebruikshandleiding zorgvuldig.
Uitleg van de gebruikte symbolen
![]() | Dit symbool duidt op een potentieel gevaar voor u, resp. het apparaat. Onder dit symbool vindt u belangrijke informatie over het vermijden van letsel en schade op het apparaat. |
![]() | Gevaar voor een elektrische schok |
![]() | Duidt toepassingstips en andere bijzonder nuttige aanwijzingen aan. |
![]() | Met dit symbool aangeduide apparaten en accessoires zijn geschikt voor de verwerking van dunvloeibare materialen zoals bijvoorbeeld lak, lazuurverf en speciaal daarop ingestelde muurverf. Als het materiaal dit logo heeft is het bijzonder goed geschikt voor het gebruik met het overeenkomstige apparaat. |
![]() | Met dit symbool aangeduide apparaten en accessoires zijn voor de verwerking van speciaal dunvloeibare materialen als bijvoorbeeld lazuurverven, hout beschermende middelen, olie enz. geoptimaliseerd Als het materiaal dit logo heeft is het bijzonder goed geschikt voor het gebruik met het overeenkomstige apparaat. |
![]() | Met dit symbool aangeduide apparaten en accessoires zijn geschikt voor de verwerking van dikvloeibare materialen zoals bijvoorbeeld binnenwandverf (dispersies en latexverf). Als het materiaal dit logo heeft is het bijzonder goed geschikt voor het gebruik met het overeenkomstige apparaat. |
Algemene veiligheidsaanwijzingen
Let op!

Lees alle aanwijzingen goed door. Fouten bij het opvolgen van hieronder vermelde aanwijzingen kunnen leiden tot elektrische schokken, brand en/of ernstig letsel. Met het hieronder gebruikte begrip "elektrisch gereedschap" wordt zowel elektrisch gereedschap op netvoeding (met netkabel) bedoeld als oplaadbaar elektrisch gereedschap (zonder netkabel).
1. Werkplek
Houd uw werkplek schoon en opgeruimd. a) Rommel en slecht verlichte werkplekken kunnen leiden tot ongevallen.
Gebruik het apparaat niet in een explosiegevaarlijke omgeving met b) brandbare vloeistoffen, gassen of stof. Elektrisch gereedschap wekt vonken op die stof of dampen kunnen ontsteken.
Houd kinderen en andere personen tijdens het gebruik van elektrisch c) gereedschap op afstand. Wanneer u wordt afgeleid, kunt u de controle over het apparaat verliezen.
2. Elektrische veiligheid
De netstekker van het apparaat moet passen in de wandcontactdoos. a) De stekker mag op geen enkele manier worden gewijzigd. Gebruik geen stekkeradapter voor geaarde apparaten. Ongewijzigde stekkers en passende wandcontactdozen verminderen het risico van elektrische schokken.
Voorkom contact van uw lichaam met geaarde oppervlakken van b.v. b) buizen, radiatoren, fornuizen en koelkasten. Er bestaat een verhoogd risico op elektrische schokken wanneer uw lichaam is geaard.
Houd het apparaat uit de regen en breng het niet in contact met water. c) In en elektrisch apparaat binnendringend water verhoogd het risico van elektrische schokken.
Gebruik de netkabel niet voor andere doeleinden, b.v. om het apparaat d) aan te dragen, op te hangen of om de stekker uit de wandcontactdoos te trekken. Houd de kabel verwijderd van warmtebronnen, olie, scherpe randen of bewegende delen van apparaten. Beschadigde kabels en kabels die in de war zijn verhogen het risico van elektrische schokken.
Wanneer u buiten met elektrisch gereedschap werkt, dient u uitsluitend e) verlengkabels te gebruiken die voor buitengebruik zijn toegestaan. Het gebruik van voor buitengebruik geschikte verlengkabels vermindert het risico van elektrische schokken.
3. Veiligheid van personen
Wees alert, let op wat u doet en gebruik uw gezond verstand bij het werken a) met elektrisch gereedschap. Gebruik het apparaat niet wanneer u moe bent of onder de invloed bent van drugs, alcohol of medicijnen. Eén moment van onachtzaamheid tijdens het gebruik van het apparaat kan leiden tot ernstig letsel.
Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen en draag altijd een veiligheids-b) bril. Het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals stofmasker, antislip veiligheidsschoenen, veiligheidshelm of gehoorbescherming, afhankelijk van type en gebruik van het elektrisch gereedschap, vermindert het risico van letsel.
Voorkom onbedoeld starten van het gereedschap. Verzeker u ervan c) dat de schakelaar in de stand "UIT" staat, voordat u de netstekker in de wandcontactdoos steekt. Wanneer u tijdens het dragen van het apparaat een vinger op de schakelaar houdt of het apparaat ingeschakeld op de netvoeding
aansluit, kan dit leiden tot ongevallen.
Verwijder afstelgereedschap of moersleutels voordat u het apparaat d) inschakelt. Gereedschap of een moersleutel die zich in een draaiend deel van het apparaat bevindt, kan leiden tot letsel.
Overschat uzelf niet. Zorg voor een goede houding en bewaar op elk e) moment uw evenwicht. Dan kunt u het apparaat in onverwachte situaties beter onder controle houden.
Draag geschikte kleding. Draag geen loszittende kleding of sierraden. f) Houd haren, kleding en handschoenen verwijderd van bewegende delen. Loszittende kleding, sierraden of lange haren kunnen door bewegende delen worden gegrepen.
Dit apparaat is niet bedoeld om te worden gebruikt door personen (inclusief g) kinderen) met beperkte fysieke, zintuiglijke of geestelijke vaardigheden, met onvoldoende ervaring en/of met onvoldoende kennis, tenzij zij onder toezicht staan van een persoon die voor hun veiligheid verantwoordelijk is of zij door deze persoon zijn geïinstrueerd in het gebruik van het apparaat.
Kinderen moeten onder toezicht staan om te voorkomen dat zij spelen met het apparaat.
4. Zorgvuldige omgang met en gebruik van elektrisch gereedschap
Zorg dat u het apparaat niet overbelast. Gebruik voor uw werkzaamheden a) het daarvoor bedoelde elektrische gereedschap. Met het juiste elektrische gereedschap werkt u beter en veiliger binnen het aangegeven vermogensbereik.
Gebruik geen elektrisch gereedschap waarvan de schakelaar defect is. b)
Elektrisch gereedschap dat niet meer kan worden in- of uitgeschakeld, is gevaarlijk en moet worden gerepareerd.
Verwijder de stekker uit de wandcontactdoos voordat u afstellingen aan het c) apparaat uitvoert, accessoires vervangt of het apparaat aan de kant legt.
Deze voorzorgsmaatregel voorkomt dat het apparaat onbedoeld wordt gestart.
Bewaar elektrisch gereedschap, wanneer het niet wordt gebruikt, buiten d) bereik van kinderen. Laat geen personen met het apparaat werken die daar niet mee vertrouwd zijn of die deze aanwijzingen niet hebben gelezen.
Elektrisch gereedschap is gevaarlijk wanneer dit door onervaren personen wordt gebruikt.
Onderhoud het apparaat zorgvuldig. Controleer dat bewegende delen e) correct functioneren en niet klemmen en dat er geen onderdelen zijn gebroken of zodanig beschadigd dat de werking van het apparaat nadelig wordt beïnvloed. Laat beschadigde onderdelen voor gebruik van het apparaat repareren. Veel ongevallen worden veroorzaakt door slecht onderhouden elektrisch gereedschap.
Gebruik elektrisch gereedschap, accessoires, hulpmiddelen enz. in overeen-f) stemming met deze aanwijzingen en zoals voor dit specifieke type apparaat is voorgeschreven. Houd daarbij rekening met de werkomstandigheden en de uit te voeren werkzaamheden. Het gebruik van elektrisch gereedschap voor ander dan het bedoelde gebruik kan leiden tot gevaarlijke situaties.
5. Service
Laat het apparaat uitsluitend repareren door gekwalificeerd technisch a) personeel en uitsluitend met originele onderdelen. Daarmee blijft de veiligheid van het apparaat gewaarborgd.
Wanneer het netsnoer van dit apparaat is beschadigd, moet dit door de b) fabrikant, zijn klantenservice of een gelijkwaardig gekwalificeerd persoon worden vervangen om gevaren te voorkomen.
Veiligheidsaanwijzingen voor spuitpistolen
- Let op! Draag adembescherming: verfnevel en oplosmiddeldampen zijn schadelijk voor de gezondheid. Werk uitsluitend in ruimten met goede natuurlijke ventilatie of gebruik geforceerde ventilatie. Het dragen van werkkleding, veiligheidsbril, gehoorbescherming en handschoenen wordt aanbevolen.

Let op! Gevaar voor letsel! Richt de spuitstraal nooit op personen of dieren!
- Met het spuitpistool mogen uitsluitend lakken en andere vloeistoffen worden verspoten met een vlampunt van 21°C of hoger (zie de informatie op de materiaalverpakking).
- De spuitpistolen mogen niet worden gebruikt voor het verspuiten van brandbare stoffen.
- De spuitpistolen mogen niet worden gereinigd met brandbare oplosmiddelen met een vlampunt lager dan 21°C.
- Houd rekening met gevaren die het gevolg kunnen zijn van het verspoten materiaal en neem tevens de aanwijzingen op de verpakking of van de fabrikant van het materiaal in acht.
- Verspuit geen materialen waarvan u de eventuele gevaren niet kent.
- De spuitpistolen mogen niet worden gebruikt op arbeidsplaatsen, die vallen onder de wetgeving voor plaatsen waar ontploffingsgevaar kan heersen.
- Om explosiegevaar tijdens spuitwerkzaamheden te voorkomen, moet worden gezorgd voor goede natuurlijke of geforceerde ventilatie.
- Tijdens het spuiten mogen zich in de omgeving geen ontstekingsbronnen bevinden, zoals open vuur, brandende sigaretten, vonken, gloeidraden en hete oppervlakken.
- Let erop, dat er geen oplosmiddeldampen door het apparaat worden aangezogen. Spuit niet over het apparaat!
- Het spuitpistool is geen speelgoed. Laat nooit kinderen met het spuitpistool werken of ermee spelen.
- Verwijder voor alle werkzaamheden aan het spuitpistool de netstekker uit de wandcontactdoos.
- Dek de oppervlakken die niet moeten worden gespoten af. Houd er tijdens de werkzaamheden rekening mee dat verfnevel b.v door de wind over grote afstanden kan worden verplaats en daardoor schade kan veroorzaken.
- Het apparaat mag uitsluitend worden gebruikt met goede werkend ventiel. Stop het gebruik van het apparaat wanneer er verf in de ventilatieslang (Afb. 13, Pos. A) omhoog komt!
- Demonteer en reinig de ventilatieslang, het ventiel en het membraan; vervang zonodig het membraan.
- Leg het spuitpistool niet neer.
- Het apparaat is voorzien van een thermische beveiliging die het apparaat bij oververhitting uitschakelt. Schakel in dat geval het apparaat uit, verwijder de netstekker en laat het apparaat tenminste 12 uur afkoelen. Verhelp de oorzaak van de oververhitting, b.v. een
geknikte slang, een vervuild luchtfilter of een afgedekte sleuf voor het aanzuigen van lucht.
Met originele WAGNER accessoires en reserveonderdelen heeft u de garantie dat aan alle veiligheidsvoorschriften is voldaan.
| Technische gegevens | |
| Max. viscositeit. 170 DIN-s | |
| Max. transport hoeveelheid: Binnenwandverf zoals lak, beits, enz. | 375 ml/min200 ml/min |
| Spanning 230 V | ~ |
| Opgenomen vermogen 570 W | |
| Verstuivingsvermogen: 130 W | |
| Dubbel geïsoleerd | |
| Geluidsdrukniveau L | _WA = 77 dB (A); K_WA = 4 dB |
| Geluidsdrukvermogen L | _pA = 90 db (A); K_pA = 4 dB |
| Trillingsniveaus < 2,5 m/s ^2 | |
| Lengte luchtslang 3,5 m | |
| Gewicht ca. 3,0 kg | |
| Beschrijving (Afb. 1) | |
| 1) Luchtkap 2) Spuitkop | |
| 3) Wartel 4) Perfect Spray spuitopzet | |
| 5) Trekker 6) Materiaalregeling | |
| 7) Pistoolgreep | 8) Aan/uit-schakelaar |
| 9) Draaggreep | 10) Luchtregeling |
| 11) Luchtslang | 12) Netsnoer |
| 13) Deksel luchtfiltercompartiment | 14) Luchtfilter |
| 15) Pistoolhouder | 16) Reservoir (800 ml) |
| 17) Ventiel | 18) Ventilatieslang |
| 19) Draagriem 20) WallPerfect spuitopzet | |
| 21) Roerstaaf | 22) Vultrechter (2 stuks) |
| 23) Vervangende mondstukafdichting (3 stuks) | 24) Oefeningsposter |
| 25) Gebruiksaanwijzing | 26) Smeervet (zonder afbeelding) |
Toepassingsbereik
Met de W687 kan een groot aantal coatingmaterialen verwerkt worden.
Afhankelijk van het coatingmateriaal moet een ander spuitopzetstuk gebruikt worden:
| Materiaal Spuitopzet | |
| Dunvloeibare coatingmaterialen: Oplosmiddelhoudende en waterverdunbare lakken, beitsen, grondverven, 2-componentlakken, blanke lakken, autolakken en houtveredelingsmiddelen. Alle coatingmaterialen met rood Perfect Spray-logo | Perfect Spray (antraciet) ![]() |
| Binnenwandverf (dispersies en latexverf) Alle coatingmaterialen met groen Perfect Spray-logo | WallPerfect (wit) ![]() |
2-componentlakken, blanke lakken, autolakken en houtveredelingsmiddelen.
Niet-verwerkbare materialen
Materialen die sterk schurende bestanddelen bevatten, façadeverf, logen en zuurhoudende coatingmaterialen.
Materialen met een vlampunt onder 21°C.
Voorbereiding van de werkplek (bij binnenwandverf)

Dek alle vlakken en objecten af, die niet gespoten moeten worden of verwijder deze uit het werkbereik.
Silicaatverf tast bij contact glas- en keramiekvlakken aan! Alle overeenkomstige oppervlaken moeten daarom beslist compleet worden afgedekt.

Let op de kwaliteit van het gebruikte afplakband.
Gebruik op behang en geverfde ondergronden niet een te sterk hechtend plakband om beschadigingen bij het verwijderen te vermijden. Verwijder de plakbanden langzaam en gelijkmatig; in geen geval schoksgewijs. Laat de oppervlakken alleen zo lang als nodig is afgeplakt, om mogelijke resten bij het verwijderen te minimaliseren.
Let ook op de instructies van de plakbandfabrikant.
Voorbereiden van het materiaal

a) Bij dunvloeibare coatingmaterialen

Met de meegeleverde spuitopzet kunnen verven, lakken en beitsen onverdund of enigszins verdund worden verspoten. Gedetailleerde informatie vindt u in het technische datablad van de fabrikant (→ downloaden via internet).
- Roer het materiaal door en vul de benodigde hoeveelheid in het verfreservoir.
| Verdunningsadvies | |
| Te verspuiten materiaal | |
| Beits onverdund | |
| Houtveredelingsmiddel, beits, olie, desinfectiemiddel, plantenbeschermingsmiddel | onverdund |
| oplosmiddelhoudende of waterverdunbare lak, grondverf, autolak, hoogviskeuze beits | 5 - 10% verdunnen |
| Muurverf met rood Perfect Spray-logo volgens informatie van de fabrikant verdunnen | |
- Wanneer onvoldoende verf wordt aangevoerd kan stap voor stap 5 - 10% verdunning worden toegevoegd tot de verfaanvoer voldoet aan de wensen.

b) Bij binnenwandverf

Spuitmateriaal minimaal op kamertemperatuur (bijv. met warm water verdund) leidt tot een beter spuitresultaat.
Pas op! Spuitmateriaal niet verwarmen boven 40°C.
Met het bijgesloten spuitopzet kunnen binnenwandverven onverdund of licht verdund verspoten worden. Gedetailleerde informatie vindt u in het technische datablad van de fabrikant (→ downloaden via internet).
Roer het materiaal grondig op en verdun het in het gebinte conform de 1. verdunningsaanbeveling (voor het omroeren wordt een roermachine aanbevolen).
| Verdunningsadvies | |
| Te verspuiten materiaal | |
| Binnenwandverf (dispersies en latexverf) 10 % verdunnen | |
- Als de transporthoeveelheid ook bij maximale hoeveelheidsinstelling te gering is, stap voor stap 5 - 10 % verdunnen tot de transporthoeveelheid voldoet aan uw eisen.
Inbedrijfstelling
Controleer voor aansluiting op het lichtnet dat de netspanning overeenkomt met de gegevens op het typeplaatje.
Plaats het apparaat uitsluitend op een schone, vlakke ondergrond zodat het geen stof kan aanzuigen.
Bevestig de draagriem aan het apparaat. (Afb. 2)1)
Schroef het reservoir los van het spuitpistool. 2)
3) Positioneer de stijgbuis. (Afb. 3)
Bij een juiste stand van de stijgbuis kan de inhoud van het reservoir nagenoeg zonder achterblijvende restanten worden verspoten.
Bij spuitwerkzaamheden op liggende voorwerpen: stijgbuis naar voren draaien. (Afb. 3A)
Bij spuitwerkzaamheden boven het hoofd: stijgbuis naar achteren draaien. (Afb. 3B)

Voor het eenvoudiger coaten van plafonds en liggende objecten adviseren wij de 60cm lange HVLP-handgreepverlenging (Best. nr. 2307 678)
4) Plaats het reservoir op een stuk papier en vul deze met het voorbereide materiaal.
Draai het reservoir stevig aan het spuitpistool vast.
Koppel voor- en achterstuk van het pistool aan elkaar. (Afb. 5)5)
Monteer de luchtslang (Afb. 4, a + b). Steek de luchtslang stevig in de aansluiting op 6) het apparaat en op de pistoolgreep. De stand van de slang kan daarbij willekeurig worden gekozen.
Hang het apparaat met de draagriem om.7)
Bedien de AAN/UIT-schakelaar op het apparaat.8)
Op het spuitpistool kunnen afhankelijk van toepassing en object drie verschillende spuitstraalvormen worden ingesteld.
Spuitstraalvorm
Afb. 6 A = verticale vlakke straal → voor het horizontaal opbrengen van verf
Afb. 6 B = horizontale vlakke straal → voor het verticaal opbrengen van verf
Afb. 6 C = ronde straal → voor hoeken en randen en voor moeilijk bereikbare oppervlakken
Instelling van de gewenste spuitstraalvorm (Afb. 7)
Draai de wartel (1) iets los en draai de luchtkap (2) in de gewenste
spuitvormstand (pijl). Draai vervolgens de wartel weer vast.

WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel! Haal nooit de trekker over tijdens het afstellen van de luchtkap.
Instelling van de materiaalhoeveelheid (Afb. 8)
Bepaal de materiaalhoeveelhid door de stelschroef op de trekker van het pistool te verdraaien.
- naar links draaien → minder materiaal
+ naar rechts draaien → meer materiaal
Instelling van de luchthoeveelheid (Afb. 9)
Afhankelijk van de viscositeit (vloeibaarheid) van het te verspuiten materiaal en de aard van het te coaten object kan het zinvol zijn de luchthoeveelheid te variëren. Zeer dunvloeibare materialen, zoals waterige beits, hoeven niet met de maximale luchthoeveelheid te worden verstoven. Het is aan te raden daarbij de luchthoeveelheid te reduceren en daardoor de spuitnevel te minimaliseren.
Dat geldt ook bij gebruik van de spuitopzet voor kleine hoeveelheden en de radiator-/detailspuitopzet (accessoires).
- naar rechts draaien → minder lucht
+ naar links draaien → meer lucht
Spuittechniek

a) Bij dunvloeibare coatingmaterialen

- Het spuitresultaat wordt grotendeels bepaald door hoe glad en schoon het te spuiten oppervlak vooraf is gemaakt. Behandel het oppervlak daarom zorgvuldig voor en houd het stofvrij.
- Dek oppervlakken die niet moeten worden gespoten af.
- Dek schroefdraden en dergelijke aan het spuitobject af.

Een spuitproef op karton of iets dergelijks is aan te bevelen om de juiste instelling voor het spuitpistool te bepalen.
Belangrijk: Begin buiten het te spuiten oppervlak en voorkom onderbrekingen binnen het te spuiten oppervlak.
- Een spuitproof op karton of iets dergelijks is aan te bevelen om de juiste instelling voor het spuitpistool te bepalen.
Belangrijk: Begin buiten het te spuiten oppervlak en voorkom onderbrekingen binnen het te spuiten oppervlak.
- De spuitbeweging moet niet met de pols worden uitgevoerd, maar met de arm. Zo blijft tijdens het spuiten de afstand tussen het spuitpistool en het oppervlak altijd gelijk. Kies een afstand van 5 - 15 cm, afhankelijk van de gewenste straalbreedte.
Afb. 10 A: GOED gelijkmatige afstand tot het object.
Afb. 10 C: FOUT ongelijkmatige afstand leidt tot een ongelijkmatig resultaat.
- Beweeg het spuitpistool gelijkmatig heen en weer of op en neer, afhankelijk van de instelling van de spuitstraalvorm.
- Gelijkmatige bewegingen met het spuitpistool geven een uniforme oppervlaktekwaliteit.
- Reinig spuitkop en luchtkap met oplosmiddel resp. water wanneer zich daarop materiaal heeft opgebouwd.

b) Bij binnenwandverf
- Dek oppervlakken die niet moeten worden gespoten af.

De bijgevoegde oefeningsposter is ideaal, om zich met de bediening van het spuitpistool vertrouwd te maken. Na deze eerste sproeipogingen, moet doelmatig op karton of soortgelijke ondergrond een spuitproef uit te voeren, om de materiaal- en luchthoeveelheid voor een optimaal spuitbeeld vast te stellen. Belangrijk: Op de rand van het spuitvlak beginnen. Eerst met de spuitbeweging beginnen en dan de handbeugel indrukken. Onderbrekingen binnen het spuitvlak vermijden.
- De spuitbeweging moet niet met de pols worden uitgevoerd, maar met de arm. Zo blijft tijdens het spuiten de afstand tussen het spuitpistool en het oppervlak altijd gelijk. Kies een afstand van 20 - 30 cm (Pistoollengte is ca. 25 cm), afhankelijk van de gewenste straalbreedte.
Afb. 10 B: GOED gelijkmatige afstand tot het object.
Afb. 10 C: FOUT ongelijke afstand heeft een ongelijke verfaanbrenging als resultaat.
- Beweeg het spuitpistool gelijkmatig heen en weer of op en neer, afhankelijk van de instelling van de spuitstraalvorm.
- Gelijkmatige bewegingen met het spuitpistool geven een uniforme oppervlaktekwaliteit.
- Reinig spuitkop en luchtkap met water resp. oplosmiddel wanneer zich daarop materiaal heeft opgebouwd.

Spuit bij slecht dekkende verf of sterk zuigende ondergrund in "kruisgang" (afb. 11).

Binnenwandverf in krachtige tinten minstens tweemaal aanbrengen (eerste verflaag eerst laten drogen). Daardoor word een dekkende aanbrenging bereikt.
Werkonderbreking van maximaal 4 uur
• Schakel het apparaat uit.
- Bij langere pauzes reservoir door kort opendraaien en vervolgens weer afsluiten ontluchten.
- Na de werkonderbreking mondstukopeningen reinigen.
- Bij het verwerken van 2-componentenlakken moet het apparaat direct worden gereinigd.
Buiten bedrijf stellen en reinigen
Deskundige reiniging is een voorwaarde voor een storingsvrij gebruik van het verfopbrengapparaat. Bij niet of ondeskundig uitgevoerde reiniging vervalt elke aanspraak op garantie.
Schakel het apparaat uit. Ontlucht het reservoir bij lange werkonderbrekingen en bij 1) het beëindigen van de werkzaamheden. Dit kan worden gedaan door het reservoir
kort open te draaien en weer af te sluiten of door de trekker in te drukken en de verf terug te laten lopen in de verfemmer.
Demonteer het pistool. Druk de haak (Afb. 5 "klik") iets omlaag. Verdraai het voorstuk 2) van het pistool en de pistoolgreep ten opzichte van elkaar.
Draai het reservoir los. Giet het resterende materiaal terug in het verfblik.3)
4) Maak reservoir en stijgbuis met een kwast zo ver mogelijk schoon. Reinig de ontluchtingsboring (Afb. 12 A).
Vul het reservoir met oplosmiddel resp. water. Draai het reservoir weer vast. 5)
Gebruik uitsluitend oplosmiddelen met een vlampunt boven 21 °C.
Zet het pistool weer in elkaar. (Afb. 5)6)
Schakel het apparaat in en spuit het oplosmiddel resp. het water in een reservoir of 7) op een doek.
Herhaal dit proces tot er helder oplosmiddel resp. water uit de spuitkop komt.8)
Schakel het apparaat uit en demonteer het pistool.9)
10) Draai het reservoir los en maak het leeg. Verwijder de stijgbuis met reservoirafdichting.
LET OP! Reinig nooit afdichtingen, membraan en spuit- of lucht- openingen van het spuitpistool met spitse metalen voorwerpen.
Luchttoevoerslang en membraan zijn slechts beperkt oplosmiddelbestendig. Niet in oplosmiddel leggen, maar alleen afvegen.
11) Trek de ventilatieslang (Afb. 13, A) boven van het pistoollichaam af. Draai het ventieldeksel (B) los. Verwijder het membraan (C). Reinig alle delen zorgvuldig.
12) Draai de wartel los en verwijder luchtkap en spuitkop. Reinig luchtkap, spuitkopafdichting en spuitkop met kwast en oplosmiddel resp. water (Afb. 14)
13) Maak de buitenzijde van spuitpistool en reservoir schoon met een in oplosmiddel resp. water gedrenkte doek.
14) Zet alle delen weer in elkaar (zie "Montage").
Montage
Het apparaat mag uitsluitend met onbeschadigd membraan (Afb. 13, C) worden gebruikt. Plaats het membraan met de stift naar boven op het onderste deel van het ventiel. Zie daarvoor ook de markering op het pistoollichaam. Breng voorzichtig het ventieldeksel aan en draai het vast. Steek de ventilatieslang op het ventieldeksel en op de nippel op het pistoollichaam. Schuif de spuitkopafdichting (Afb. 15, A) met de groef (sleuf) naar voren in de spuitkop (Afb. 15, B). Breng de spuitkop aan op het pistoollichaam en zoek de juiste positie door deze te draaien. Breng de luchtkap aan op de spuitkop en draai deze met de wartel vast.
Steek de reservoirafdichting van onder af op de stijgbuis en schuif deze door tot over de kraag. Draai de reservoirafdichting daarbij licht heen en weer. Steek de stijgbuis met reservoirafdichting in het pistoollichaam.
Onderhoud
Afhankelijk van de vervuiling de luchtfilters vervangen. Verwijder de afdekking van het luchtfilter. (afb. 16, A). Beide luchtfilters (afb. 16, B) vervangen. Klik de afdekking weer vast in het apparaat.
Belangrijk! Gebruik het apparaat nooit zonder luchtfilter omdat eventueel aangezogen vuil de werking van het apparaat kan beïnvloeden.
Om het pistool gemakkelijker te kunnen monteren, kunt u na het reinigen een ruime hoeveelheid smeervet (bijgeleverd) aanbrengen op de O-ring van het voorstuk van het pistool (Afb. 14, A).
Reserveonderdelenlijst (Afb. 17)
| Pos. | Benaming Bestelnr. | |
| 1 | Wartel (Perfect Spray) | 0417 319 |
| Wartel (WallPerfect) | 0417 471 | |
| 2 | Luchtkap (Perfect Spray) | 2305 129 |
| Luchtkap (WallPerfect) | 0417 470 | |
| 3 | Spuitkop (Perfect Spray) | 2305 131 |
| Spuitkop (WallPerfect) | 0417 468 | |
| 4 | Spuitkopafdichting (Perfect Spray) | 0417 706 |
| Spuitkopafdichting (WallPerfect) | 0417 465 | |
| 5 | Perfect Spray spuitopzet compl. met reservoir 800 ml | 2315 861 |
| WallPerfect spuitopzet compl. met reservoir 1800 ml | 2301 734 | |
| 6 | Draagriem 0414 204 | |
| 7 | Pistoolgreep 2303 300 | |
| 8 | Luchtslang 2303 410 | |
| 9 | Deksel luchtfiltercompartiment (rechts en links) 2316 052 | |
| 10 | Luchtfilter (2 stuks) 2318 585 | |
| 11 | Ventilatieslang | |
| 12 | Ventieldeksel | 2304 027 |
| 13 | Membraan | |
| 14 | Stijgbuis (Perfect Spray) | 0417 357 |
| Stijgbuis (WallPerfect) | 0417 473 | |
| 15 | Reservoirafdichting (Perfect Spray) | 0417 358 |
| Reservoirafdichting (WallPerfect) | 0417 474 | |
| 16 | Reservoir (800 ml) met deksel 0420 708 | |
| 17 | Reservoir (1800 ml) met deksel 2304 025 | |
| 18 | O-ring spuitopzet 0417 308 | |
| 19 | Roerstaaf 2304 419 | |
| 20 | Vultrechter (3 stuks) | 2304 028 |
| 21 | Smeervet | 9892 550 |
Het nieuwe CLICK&PAINT SYSTEM biedt met het juist opzetstuk en diverse toebehoren voor elke klus het juiste gereedschap.
Accessoires (niet bij levering inbegrepen)
| Benaming | Bestelnr. |
| HVLP-handgreepverlengingVoor het eenvoudig aanbrengen van verf op plafonds en liggende objecten | 2307 678 |
| Reservoir 800 ml met dekselVoorkomt het uitdrogen van de verf en het verdampen van het oplosmiddel. | 0413 909 |
| Brilliant-spuitopzet incl. reservoir 600 mlGeoptimaliseerd mondstuk en luchtgeleiding voor briljante lakresultaten | 0417 932 |
| Perfect Spray Spuitopzet incl. reservoir 800 mlVoor het snel wisselen van verf. Voor middelgrote en grote voorwerpen en meubels. | 0417 914 |
Accessoires (niet bij levering inbegrepen)
| Spuitopzet voor kleine hoeveelheden incl. reservoir 250 mlFoor filigreine voorwerpen, gedetailleerd en creatief werk. | 0417 918 |
| Perfect Spray Spuitopzet incl. reservoir 1400 mlVlot werken op grote voorwerpen zoals blokhutten, garagedeuren. enz. | 0417 917 |
| Detail- en radiatorsputopzet met verlengstuk incl. reservoir 600 mlVoor moeilijk bereikbare plaatsen, b. v. radiatoren, hoekjes in kasten, nissen, enz. | 0417 915 |
| WallPerfect Spuitopzet incl. reservoir 1800 mlVoor de verwerking van binnenwandverf en dikvloeibare coatingmaterialen.Wij adviseren om het WallPerfect spuitopzetstuk niet met de W550/W560/W610 te gebruiken. | 2301 734 |
Meer informatie over de productenreeks van WAGNER voor renovatiewerkzaamheden onder www.wagner-group.com
Verhelpen van storingen
| Storing Oorzaak Oplossing | ||
| Er komt geen materiaal uit de spuitkop | Spuitkop verstoptStelschroef materiaalhoeveelheid te ver naar rechts gedraaid (-)Geen drukopbouw in het reservoirReservoir leegStijgbuis losStijgbuis verstoptOntluchtingsboring (Afb. 12 A) verstopt | Reinigen →Naar links draaien (+) →Reservoir vastdraaien →Bijvullen →Insteken →Reinigen →Reinigen → |
| Materiaal druppelt na uit de spuitkop | Ophoping van materiaal op luchtkap, spuitkop of naaldSpuitkop losSpuitkopafdichting versletenSpuitkop versleten | Reinigen →Wartel vastdraaien →Vervangen →Vervangen → |
| Te grove verstuiving | Materiaalhoeveelheid te hoog Stelschroef materiaalhoeveelheid te ver naar links gedraaid (+)Dputkop vuilMateriaal te dikvloeibaarTe lage drukopbouw in het reservoirLuchtfilter sterk vervuildTe geringe luchthoeveelheid | Stelschroef →materiaalhoeveelheid naar rechts draaien (-)Reinigen →Verder verdunnenReservoir vastdraaienVervangen →Draai de luchtregeling naar links (+) |
| Spuitstraal pulseert | Materiaal in het reservoir is bijna opSpuitkopafdichting versletenLuchtfilter sterk vervuild | BijvullenVervangen →Vervangen → |
| Storing Oorzaak Oplossing | Oplossing | |
| Materiaal vormt tot uitlopers | •Teveel materiaal opgebracht. | Stelschroef → materiaalhoeveelheid naar rechts draaien (-) |
| Teveel materiaalnevel (Overspray) | •Afstand tot het spuitobject te groot•Materiaalhoeveelheid te hoog•Te grote luchthoeveelheid | Spuitafstand verkleinen → Stelschroef → materiaalhoeveelheid naar rechts draaien (-)Draai de luchtregeling → naar rechts (-) |
| Verf in de ventilatieslang | •Membraan vuil•Membraan defect | Membraan reinigen → Membraan vervangen → |
| Het apparaat werkt niet | •Het apparaat is oververhit | Verwijder de netstekker, → laat het apparaat ca. 30 minuten afkoelen, slang niet knikken, luchtfilter controleren, aanzuigsleuven niet afdekken |
| Slechte dekkracht aan de wand | •Spuitmateriaal te koud•Sterk zuigende ondergrond of verf met slechte dekkracht•Afstand te groot | Spuitmateriaal verwarmen (tot max. 40°C)In kruisgang spuiten (afb. 11)Dichter bij het object → |
Milieu

Het apparaat met accessoires dient milieubewust te worden gerecycled. Deponeer het apparaat niet bij het huisvuil. Bescherm het milieu en lever het apparaat in bij een lokaal inzamelpunt of informeer bij de winkel.
Belangrijke aanwijzing m.b.t. productaansprakelijkheid!
Op basis van een sinds 01.01.1990 geldende EU-verordening is de fabrikant uitsluitend aansprakelijk voor zijn product, wanneer alle onderdelen van hem afkomstig zijn of door hem zijn vrijgegeven, resp. wanneer de apparatuur correct is gemonteerd en wordt gebruikt. Bij gebruik van niet-originele accessoires en reserveonderdelen kan de aansprakelijkheid geheel of gedeeltelijk vervallen.
2 jaar garantie
De garantie bedraagt 2 jaar, gerekend vanaf de dag van verkoop (kassabon). Deze garantie omvat en is beperkt tot het gratis verhelpen van eventuele gebreken, die aantoonbaar te wijten zijn aan het gebruik van niet onberispelijk materiaal bij de fabricage of montagefouten of tot het kosteloos vervangen van de defecte onderdelen. De garantie geldt niet in geval van beschadigingen te wijten aan ondeskundig gebruik of ondeskundige inbedrijfname. Degarantie vervalt bij zelfstandig uitgevoerde montages of reparaties, die niet in onze bedieningshandleiding zijn vermeld. De aan normale slijtage onderhevige onderdelen zijn eveneens uitgesloten van garantie. Industriële toepassingen zijn van aansprakelijkheid uitgesloten. Wij behouden ons het recht op garantieclaim uitdrukkelijk voor. De garantie vervalt indien het apparaat door andere personen dan het Wagner-personeel wordt geopend. Transportschade, onderhoudswerkzaam heden evenals schade en storingen door ondeskundige onderhoudswerkzaamheden zijn uitgesloten van garantie. De garantie geldt alleen als het aankoopbewijs en de volledig ingevulde garantiekaart kunnen worden voorgelegd. Tenzij de Wet anders oordeelt, zijn garantieclaims uitgesloten voor alle persoonlijke ongelukken, materiële schade of verdere schade voortvloeiend uit een schadegeval, in het bijzonder indien het apparaat voor een andere toepassing dan in de bedieningshandleiding beschreven werd gebruikt, niet volgens onze bedieningshandleiding in bedrijf werd genomen of onderhouden, of indien reparaties zelfstandig door niet deskundigen werden uitgevoerd. Wij behouden ons alle reparaties en reparaties in onze werkplaats voor, die buiten het aangegeven bestek van deze handleiding vallen.
Indien het een garantie of reparatie betreft, richt u zich tot de desbetreffende dealer.

CE Conformiteitsverklaring
Wij verklaren dat dit product voldoet aan de volgende normen:
2006/42/EG; 2004/108 EG; 2002/95/EG; 2002/96/EG
En normatieve dokumenten:
EN 55014-1: 2006, EN 55014-2: 2001, EN 61000-3-2: 2006,
EN 61000-3-3: 2005, EN 60335-1: 2008, EN 62233: 2008; EN 50144-2-7: 2000
π. WuG
J. Caeid
Documentatieverantwoordelijke
WAGNER®







