GM-D7400M - Ontvanger PIONEER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis GM-D7400M PIONEER in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over GM-D7400M PIONEER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Ontvanger in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding GM-D7400M - PIONEER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. GM-D7400M van het merk PIONEER.
GEBRUIKSAANWIJZING GM-D7400M PIONEER
Inhoudsopgave Alvorens ge
Alvorens gebruik .... 1
Bezoek onze website 2
Bij problemen 2
Over dit product 2
WAARSCHUWING 2
WAARSCHUWING 2
Instellen van dit toestel 3
Versterkingsregelaar 3
Regelaar voor LPF (lage-doorlaatfilter) drempelfrequentie 4
Spanningsindicator (Blauw) 4
Schakelaar voor de regeling van de slagfrequentie (BFC) 4
Ingangsschakelaar 4
Bass Boost regelaar 4
Correct instellen van de Gain (extra versterking) 5
Aansluiten van het toestel 6
Aansluitschema 7
Aansluitingen zonder solderen 8
Aansluiten van het spanningsaansluitpunt ...... 8
Verbinden van de luidsprekeruitgangsaansluitingen .... 9
Gebruik van de luidspreker-ingang 9
Aansluiten van de luidsprekerdraden 9
Installatie 10
Voorbeeld van installatie op de vloermat of op het chassis .... 11
Dank U zeer voor de aanschaf van dit PIONEER-product. Lees deze gebruiks-aanwijzing goed door, voordat het toestel in gebruik genomen wordt.

Deponeer dit product niet bij het gewone huishoudelijk afval wanneer u het wilt verwijderen. Er bestaat een speciaal wettelijk voorgeschreven verzamelsysteem voor de juiste behandeling, het opnieuw bruikbaar maken en de recycling van gebruikte elektronische producten.
In de lidstaten van de EU, Zwitserland en Noorwegen kunnen particulieren hun gebruikte elektronische producten gratis bij de daarvoor bestemde verzamelplaatsen of een verkooppunt (indien u aldaar een gelijkwaardig nieuw product koopt) inleveren.
Indien u zich in een ander dan bovengenoemd land bevindt kunt u contact opnemen met de plaatselijke overheid voor informatie over de juiste verwijdering van het product.
Zodoende zorgt u ervoor dat het verwijderde product op de juiste wijze wordt behandeld, opnieuw bruikbaar wordt gemaakt, t gerecycleerd en het niet schadelijk is voor de gezondheid en het milieu.
Bezoek onze website
Hier vindt u onze site:
http://www.pioneer.nl
- Registreer uw product. Wij bewaren de gegevens van het product dat u heeft aangeschaft zodat u deze eenvoudig kunt opvragen als u die nodig mocht hebben voor de verzekering na bijvoorbeeld verlies of diefstal.
- Op onze website vindt u de laatste informatie over Pioneer Corporation.
Bij problemen
Neem contact op met uw dealer of het dichtstbijzijnde PIONEER service-centrum, wanneer de eenheid niet juist functioneert.
Over dit product
Dit product is een klasse D versterker voor de subwoofer. Als zowel de L (linker) als R (rechter) kanalen zijn aangesloten op de RCA (tulp) ingangsaansluitingen van dit product, zal de geluidsweergave gemengd zijn omdat dit product een mono-versterker is.

WAARSCHUWING
- Vervang de zekering in geen geval door één met een hoger vermogen of hogere waarde dan de originele. Gebruik van een verkeerde zekering kan leiden tot oververhitting en rookontwikkeling en tot beschadiging van het product en letsel, bijvoorbeeld brandwonden.
- Gebruikt de meegeleverde inbussleutel om de schroeven of bouten vast te draaien wanneer u de draden aan de aansluitingen bevestigt. Gebruik van een los verkrijgbare, lange inbussleutel kan ertoe leiden dat er teveel kracht wordt gezet, hetgeen de aansluitingen en de bedrading zou kunnen beschadigen.
WAARSCHUWING
- We raden u aan de speciale, los verkrijgbare, rode accudraad en aardedraad [RD-228] te gebruiken. Verbind het accudraad direct met de positieve pool (+) van de autoaccu en het aardedraad met het chassis van de auto.
- Raak de versterker niet met natte handen aan. U zou anders een elektrische schok kunnen krijgen. Raak de versterker tevens niet aan wanneer deze nat is.
- Voor de verkeersveiligheid dient u het volume zodanig in te stellen dat u verkeerssignalen en ander verkeer nog goed kunt horen.
- Controleer de verbindingen van de spannings-toevoer en de subwoofer indien de zekering van de los verkrijgbare accudraad of de zekering van de versterker regelmatig doorbrandt. Zoek de oorzaak en los het probleem op. Plaats vervolgens een nieuwe zekering van hetzelfde formaat en ampèrage.
- Om een onjuiste werking van de versterker en de subwoofer te voorkomen, schakelt het beschermingscircuit van de versterker de spanning naar de versterker uit indien de omstandigheden niet normaal zijn. Schakel in dit geval de spanning van het systeem uit (OFF), controleer de verbinding met de spanningsbron en de subwoofer. Zoek de oorzaak en los het probleem op.
- Raadpleeg de plaats van aankoop indien u de oorzaak niet kunt vinden.
- Om een elektrische schok of kortluiting te voorkomen tijdens het aansluiten en installeren, moet de negative (-) pool van de accu worden ontkoppeld voordat u de eenheid aansluit.
- Controleer of er zich geen onderdelen achter het paneel bevinden wanneer u een gat boort voor de installatie van de versterker. Zorg ervoor dat alle kabels en belangrijke onderdelen zoals brandstofleidingen, remleidingen en de elektrische bedrading beveiligd zijn en niet kunnen worden beschadigd.
- Laat de versterker IN GEEN GEVAL in contact komen met vloeistoffen, bijvoorbeeld als gevolg van de opstelling van de versterker. Dit kan leiden tot elektrische schokken. De versterker en luidsprekers kunnen ook beschadigd raken, rook produceren en oververhit raken door contact met vloeistoffen. Daarbij kan het oppervlak van de versterker en het oppervlak van aangesloten luidsprekers heet worden, hetgeen kan leiden tot lichte brandwonden.
Versterkingsregelaar
Draai de versterkingsregelaar naar rechts indien de weergave te zacht klinkt, zelf wanneer het volume is verhoogd met de auto-stereo die u met deze eindversterker gebruikt. Draai de versterkingsregelaar naar links indien het geluid vervormt wanneer het volume wordt verhoogd.
- Wanneer u een auto-stereo gebruikt met RCA (standaard uitgangsspanning 500 mV), dient u de NORMAL stand in te stellen. Wanneer u een Pioneer auto-stereo met RCA gebruikt, met een maximale uitgangsspanning van 4 V of meer, dient u het niveau aan te passen aan het uitgangsniveau van de auto-stereo.

Regelaar voor LPF (lage-doorlaatfilter) drempelfrequentie
U kunt een drempelfrequentie van 40 Hz t/m 240 Hz kiezen.
Spanningsindicator (Blauw)
De spanningsindicator licht op wanneer de spanning wordt ingeschakeld.
Schakelaar voor de regeling van de slagfrequentie (BFC)
Als u een slag of dreun hoort bij het luisteren naar een MW/LW (MG/LG)-uitzending op uw autostereo, kunt u de stand van de BFC-schakelaar wijzigen met een kleine schroevedraaier met platte kop.
Ingangsschakelaar
Het is mogelijk signalen te ontvangen van de externe uitgang van een autostereo of de luidspreker-uitgang van een autostereo. Verzet de ingangsschakelaar voor u de stroom inschakelt. Omdat er een zeer hard geluid geproduceerd kan worden via de luidsprekers wanneer u de ingangsschakelaar omzet terwijl de stroom is ingeschakeld, zal de stroom worden uitgeschakeld door een ingebouwde beveiliging. Bij gebruik van een externe uitgang dient u deze schakelaar naar rechts (RCA) te zetten. Voor instructies betreffende de aansluitingen verwijzen we u naar het “Aansluitschema”. Bij gebruik van een luidspreker-uitgang dient u de schakelaar naar links (SP) te zetten. In dit geval is het nodig het meegeleverde luidspreker-ingangssnoer met RCA (tulp) stekkers te gebruiken. Zie voor details de paragraaf “Gebruik van de luidspreker-ingang”.
Bass Boost regelaar
U kunt de lage tonen extra versterken (Bass Boost) met 0 dB, 6 dB of 12 dB.
Correct instellen van de Gain (extra versterking)
- Dit toestel is uitgerust met een beveiliging die bedoeld is om storingen aan het toestel zelf en aan de luidsprekers veroorzaakt door een te hoog uitgangsvermogen, onjuist gebruik of onjuiste aansluitingen te voorkomen.
- Wanneer er geluid wordt gereproduceerd bij een te hoog volume enz. zal deze functie de geluidsweergave binnen een paar seconden onderbreken. Dit duidt echter niet op een storing. Wanneer u het volume van het hoofdtoestel lager zet, zal de geluidsweergave worden hersteld.
- Als de geluidsweergave wordt onderbroken, is het mogelijk dat de 'gain' (extra versterking) van dit toestel incorrect is ingesteld. Om er zeker van te kunnen zijn dat de geluidsweergave niet zal worden onderbroken wanneer het hoofdtoestel met een hoog volume weergeeft, dient u de 'gain' instelling van de versterker op een geschikte stand te zetten in overeenstemming met het maximale pre-out uitgangsniveau van het hoofdtoestel.
'Gain' instelling van dit toestel

text_image
Pre-out niveau: 2 V (Standaard: 500 mV) NORMAL GAIN Pre-out niveau: 4 V Pre-out niveau: 6,5 V 6.5V 0.2V- Op de afbeelding hierboven is de GAIN ingesteld op NORMAL.
Zo is het niet nodig het volume van het hoofdtoestel te verlagen en wordt een te hoog uitgangsniveau voorkomen.
Verhouding tussen de 'gain' van de versterker en het uitgangsvermogen van het hoofdtoestel

flowchart
graph LR
A["Normale 'gain'"] -->|Gelijk vermogen| B["Volumestappen hoofdtoestel 'Gain' versterker (normaal)"]
C["Maximale 'gain'"] -->|Gelijk vermogen| D["Volumestappen hoofdtoestel 'Gain' versterker (maximaal)"]
A <--> C
B <--> C
- Als u de 'gain' (extra versterking) van de versterker op een ongeschikt niveau instelt, zal alleen de vervorming toenemen en zal het vermogen slechts marginaal toenemen.
Golfvorm signaal bij weergave met hoog volume via de 'gain' instelling van de versterker

text_image
Normale 'gain' Gelijk vermogen Maximale 'gain' Golfvorm signaal 'Gain' versterker (normaal) Golfvorm signaal 'Gain' versterker (maximaal)- Bij een hoog uitgangsvermogen wordt de golfvorm van het signaal vervormd, terwijl het vermogen slechts marginaal zal veranderen als u de 'gain' van de versterker hoger instelt.
- Als u het volume van het hoofdtoestel hoger zet en de 'gain' (extra versterking) van de versterker op de juiste stand, maar merkt dat het geluid nog steeds zo nu en dan onderbroken wordt, dan dient u contact op te nemen met uw dichtstbijzijnde erkende PIONEER service-centrum.

WAARSCHUWING
- Voorkom kortsluiting en beschadiging van de eenheid en ontkoppel de nagatieve (–) accupool van het voertuig.
- Zet de bedrading met kabelklemmen of isoleer-of plakband vast. Bescherm de bedrading door de gedeelten in de buurt van metalen delen met isoleerband af ze dekken.
- Leid de draden niet langs plaatsen die heet worden, bijvoorbeeld in de buurt van de verwarmingselementen. Indien de isolatie van draden heet wordt, zullen de draden worden beschadigd met kortsluiting tot gevolg.
- Zorg dat de bedrading de werking van bewegende of verplaatsbare onderdelen, bijvoorbeeld de versnelling, handrem of stoelverstelmechanismen van het de auto niet hindert.
- Sluit draden niet kort. Het beschermingscircuit werkt anders namelijk niet wanneer het voor de veiligheid zou moeten functioneren.
- Tap het spanningsdraad van dit toestel niet af voor gebruik van andere apparaten. Het vermogen van het draad zou dan namelijk worden overschreden, met oververhitting tot gevolg.
- Vervang de zekering in geen geval door één met een hoger vermogen of hogere waarde dan de originele. Gebruik van een verkeerde zekering kan leiden tot oververhitting en rookontwikkeling en tot beschadiging van het product en letsel, bijvoorbeeld brandwonden.

WAARSCHUWING:
Om beschadiging en/of letsel te voorkomen
- Aard het luidsprekersnoer niet rechtstreeks en sluit evenmin een negatief snoer (–) aan voor verschillende luidsprekers.
- Dit toestel is ontworpen voor auto's met een accu van 12 V en negatieve aarding. Kijk bijgevolg eerst de accuspanning na voor u het toestel installeert in een recreatief voertuig, vrachtwagen of bus.
- De accu raakt mogelijk uitgeput indien de auto-stereo langdurig is ingeschakeld maar de motor stationair draait of is uitgeschakeld. Zet de auto-stereo uit wanneer de motor stationair draait of is uitgeschakeld.
- Als het systeem-afstandbedieningssnoer van de versterker is aangesloten op de spanningsaansluiting via de contactschakelaar (12 V gelijkstroom), is de versterker altijd ingeschakeld wanneer het contact aanstaat, ongeacht of de auto-stereo wel of niet door u is aangezet. Hierdoor raakt de accu mogelijk uitgeput wanneer de motor stationair draait of is uitgeschakeld.
- Sluit GEEN subwoofer aan met een lagere impedantie dan opgegeven onder "Aansluiten van de luidsprekerdraden". Dit kan namelijk leiden tot schade aan de versterker, rookontwikkeling en oververhitting. Ook kan het oppervlak van de versterker heet aanvoelen, hetgeen zelfs kan leiden tot lichte brandwonden.
- U kunt twee soorten subwoofers aansluiten op de versterker; 1: een subwoofer met een nominaal ingangsvermogen van 250 W of meer en een impedantie van 4 Ω, of 2: een subwoofer met een nominaal ingangsvermogen van 420 W of meer en een impedantie van 2 Ω. Als het nominale ingangsvermogen en de impedantie buiten de genoemde waarden ligt, kan de subwoofer vlam vatten, rook uitstoten of kapot gaan.
- Plaats en leid het los verkrijgbare accudraad zo ver als mogelijk uit de buurt van de luidsprekerdraden. Plaats en leid het los verkrijgbare accudraad en aardedraad, luidsprekerdraden en de versterker zo ver als mogelijk uit de buurt van de antenne, antennekabel en tuner.
Aansluitschema
- Dit schema laat de verbindingen zien bij gebruik van een externe uitgang (subwoofer uitgang). Schuif de ingangsschakelaar naar rechts (RCA).

flowchart
graph TD
A["Doorvoerbuisje"] --> B["Zekering (40 A) × 2"]
B --> C["Aardingssnoer (zwart) [RD-228"] (los verkrijgbaar) Sluit dit snoer aan op de carrosserie of het chassis.]
C --> D["Aansluitsnoer met RCA-penstekkers (los verkrijgbaar)."]
D --> E["Autostereo met RCA-uitgangspenaansluitingen"]
E --> F["RCA-ingangspenaansluiting"]
F --> G["Achterkant"]
G --> H["Luidspreker-aansluitpunt Raadpleeg het hoofdstuk "Aansluiten van de luidsprekerdraden" voor richtlijnen i.v.m. het aansluiten van luidsprekers."]
H --> I["Zekering (25 A) × 2"]
Draad voor systeemafstandsbediening (los verkrijgbaar) Verbind de mannelijke aansluiting van dit draad met de aansluiting voor de systeemafstandsbediening van de autostereo (SYSTEM REMOTE CONTROL). Het vrouwelijke aansluitpunt kan worden aangesloten op het relais-besturingsaansluitpunt van de automatische antenne. Als de autostereo niet beschikt over een systeem-afstandsbedieningsaansluitpunt, sluit dan het mannelijke aansluitpunt aan op het spanningsaansluitpunt via de contactschakelaar.
Aansluitingen zonder solderen
- Sluit geen bedrading met blootliggende geleiderkern aan op de stroomaansluitingen van deze versterker (spanningsaansluitpunt, GND aardeaansluiting, aansluiting voor systeemafstandsbediening). Als de blootliggende geleiderkern van een dergelijke draad los raakt of breekt, zou dit kunnen leiden tot kortsluiting of brand.
- Omdat de draad na verloop van tijd los zal komen te zitten, moet u deze regelmatig controleren en indien nodig opnieuw vastzetten.
- Zet de uiteinden van de draadjes niet vast door ze te solderen of af te binden.
- Let er bij het vastdraaien op dat u de draad niet met de isolatie vastklemt.
- Gebruik de meegeleverde inbussleutel om de schroef van de versterkeraansluiting vast of los te draaien. Zet de draad goed vast met de schroef van de aansluiting. Omdat echter te vast aandraaien van de aansluitingsschroef voor de systeemafstandsbediening het risico met zich meebrengt dat de draad beschadigd raakt, moet u de draad bij het vastdraaien goed in de gaten houden en voorzichtig zijn dat u de schroef niet te vast aandraait.
Aansluiten van het spanningsaansluitpunt
- We raden u aan de speciale, los verkrijgbare, rode accudraad en aardedraad [RD-228] te gebruiken. Verbind het accudraad direct met de positieve pool (+) van de autoaccu en het aardedraad met het chassis van de auto.
- De aanbevolen maten voor de draden (AWG: American Wire Gauge) zijn als volgt. De accudraad en de aarddraad moeten allemaal dezelfde maat hebben.
- Gebruik draad van 10 AWG tot 20 AWG voor de draad voor de systeemafstandsbediening.
Maat voor de accudraad en de aarddraad
| Draadlengte minder dan minder dan minder dan 5,7 m 9,0 m 14,4 m |
| Draadmaat 8 AWG 6 AWG 4 AWG |
1. Trek het accudraad van het motorgedeelte naar de cabine van de auto.
- Sluit, nadat alle andere aansluitingen op de versterker zijn gemaakt, het accusnoeraansluitpunt van de versterker aan op het positieve aansluitpunt (+) van de accu.

text_image
Positieve aansluiting (+) Motor- compartment Interieur van het voertuig Zekering (40 A) × 2 Steek het rubberen O-vormige doorvoerbuisje in de carrosserie van de auto. Boor een gat van 13 mm in de carrosserie van de auto.2. Sluit de draden aan.
- Zet de draden stevig met de schroeven van de aansluitingen vast.

text_image
Aansluiting voor systeemaftstandsbediening Spannings-aansluitpunt (POWER) Accudraad Aansluitpuntschroeven GND aarde-aansluiting Aardingssnoer Draad voor systeemaftstandsbedieningWAARSCHUWING
Als de accudraad niet goed wordt bevestigd aan het aansluitpunt met behulp van de schroef, kan het aansluitpunt oververhit raken, hetgeen kan leiden tot schade en letsel, met inbegrip van lichte brandwonden.
Verbinden van de luidsprekeruitgangsaansluitingen
- G ebruik draad van 10 AWG tot 16 AWG voor luidsprekerdraad.
- Strip ongeveer 10 mm tot 12 mm van de isolatie van het uiteinde van de luidsprekerdraden met een striptang of mes.

- Verbind de luidsprekerdraden met de luidsprekeruitgangsaansluiting.
- Zet de luidsprekerdraden goed met de schroeven van de aansluiting vast.
Aansluitpuntschroeven
Luidspreker- uitgangsaansluiting

text_image
ng Luidspre ② ③ ④ ⑤Luidsprekerdraad
Gebruik van de luidspreker-ingang
Sluit de uitgangsdraden van de autostereo aan op de versterker via de meegeleverde luidspreker-ingangsdraad met RCA (tulp) stekkers.
- Schuif de ingangsschakelaar naar links (SP).
■Verbindingen bij gebruik van de luidspreker-ingang

flowchart
graph TD
A["Autostereo"] --> B["Luidspreker-ingang"]
B --> C["With: Zwart: Zwart: Rood: Links ⊕ Links ⊖ Rechts ⊖ Rechts ⊕"]
C --> D["Luidspreker-ingangsdraad met RCA (tulp) stakkers"]
Naar de RCA-ingangsaansluiting van dit toestel.
Aansluiten van de luidsprekerdraden
Sluit de luidsprekersnoeren aan zoals aangegeven in de onderstaande afbeeldingen.

- Niet installeren op:
—Plaatsen waar het de bestuurder of passagiers zou kunnen verwonden wanner de auto plotseling stopt.
—Plaasten waar de bestuurder door de eenheid tijdens het rijden zou kunnen worden gehinderd, zoals bijvoorbeeld op de vloer voor de bestuurdersstoel.
- Kontroleer dat draden niet in de weg van de stoelverstelmechanismen zitten. Dit zou namelijk kortsluiting kunnen veroorzaken.
- Controleer of er zich geen onderdelen achter het paneel bevinden wanneer u een gat boort voor de installatie van de versterker. Zorg ervoor dat alle kabels en belangrijke onderdelen zoals brandstofleidingen, remleidingen en de elektrische bedrading beveiligd zijn en niet kunnen worden beschadigd.
- Plaats lapse schroeven zodanig dat de kop van de schroef niet in aanraking met draden komt. Dit is belangrijk en voorkomt dat draden door trillingen van het voertuig door worden gesneden met brand tot gevolg.
- Laat de versterker IN GEEN GEVAL in contact komen met vloeistoffen, bijvoorbeeld als gevolg van de opstelling van de versterker. Dit kan leiden tot elektrische schokken. De versterker en luidsprekers kunnen ook beschadigd raken, rook produceren en oververhit raken door contact met vloeistoffen. Daarbij kan het oppervlak van de versterker en het oppervlak van aangesloten luidsprekers heet worden, hetgeen kan leiden tot lichte brandwonden.
- Gebruik de bijgeleverde onderdelen op de manier die is beschreven om de installatie uit te voeren zoals het hoort. Als andere onderdelen dan diegene die zijn bijgeleverd worden gebruikt, is het mogelijk dat inwendige onderdelen van de versterker schade oplopen of loskomen, zodat de versterker niet meer werkt.
- Vervang de zekering in geen geval door één met een hoger vermogen of hogere waarde dan de originele. Gebruik van een verkeerde zekering kan leiden tot oververhitting en rookontwikkeling en tot beschadiging van het product en letsel, bijvoorbeeld brandwonden.

WAARSCHUWING:
Om slechte werking en/of letsel te voorkomen
- Zorg dat de ventiltie van de versterker niet wordt gehinderd, en let derhalve op de volgende punten tijdens het installeren.
—Zorg dat er voor een goede vrije ruimte boven de versterker is.
—Bedek de versterker niet met een vloermat of kleed.
- Laat de versterker IN GEEN GEVAL in contact komen met vloeistoffen, bijvoorbeeld als gevolg van de opstelling van de versterker. Dit kan leiden tot elektrische schokken. De versterker en luidsprekers kunnen ook beschadigd raken, rook produceren en oververhit raken door contact met vloeistoffen. Daarbij kan het oppervlak van de versterker en het oppervlak van aangesloten luidsprekers heet worden, hetgeen kan leiden tot lichte brandwonden.
- Installeer de versterker niet op onstabiele plaatsen, zoals op de reservebandhouder.
- De beste installatieplaats is verschillend afhankelijk van het automerk en model en uw wensen. Plaats de versterker echter beslist stevig op een stabiele plaats.
- Maak eerst voorlopige aansluitingen en ga na of de versterker en het systeem naar behoren werken.
- Na het installeren van de versterker, moet u controleren dat het reservewiel, de krik en het gereedschap nog gemakkelijk kunnen worden verwij-derd.
Voorbeeld van installatie op de vloermat of op het chassis
-
Zet de versterker op de plaats waar hij moet worden geïnstalleerd. Steek de bijgeleverde tapschroeven (4 mm × 18 mm) in de schroefgaten. Druk met een schroevendraaier op de schroeven zodat ze een inkeping maken op de plaats waar de gaten voor de installatie moeten komen.
-
Boor gaten met een diameter van 2,5 mm op de plaatsen die zijn gemerkt en installeer de versterker, ofwel op de vloermat ofwel rechtstreeks op het chassis.

text_image
Tapschroef (4 mm × 30 mm) Vloermat of chassisBoor een gat met een diameter van 2,5 mm
Technische gegevens
Spanningsbron 14,4 V gelijkstroom (10,8 V t/m 15,1 V toelaatbaar)
Aarding ...... Negatieve klem aan massa
Stroomverbruik 17,0 A (met continu spanning, 4 Ω)
Gemiddeld stroomverbruik* 5,0 A (4 Ω voor een kanaal)
10,0 A (2 Ω voor een kanaal)
Zekering 25 A × 2
Afmetingen 225 mm (B) × 56 mm (H) × 200 mm (D)
(Exclusief aansluitingen)
Gewicht 2,6 kg (Excl. bedrading)
Maximale spanningsuitvoer 400 W × 1 (4 Ω) / 800 W × 1 (2 Ω)
Continu vermogen (14,4 V) 4 Ω, 20 Hz t/m 240 Hz, ≤ 1,0 % THV, 200 W × 1
2, 50Hz, ≤ 1,0% THV, 400W × 1
Aansluitimpedantie 4 Ω (2 Ω t/m 8 Ω toelaatbaar)
Frequentieweergave 10 Hz t/m 240 Hz (+0 dB, -3 dB)
Signaal/ruisverhouding 80 dB (IEC-A netwerk)
Vervorming 0,3% (10 W, 100 Hz)
Laag-doorlaatfilter ...... Afsnijfrequentie: 40 Hz t/m 240 Hz
Afsnijsteilheid: -12 dB/oct
Extra versterking lage tonen ...... Frequentie: 50 Hz
Helling: 0 dB / 6 dB / 12 dB
Versterkingsregelaar .... RCA: 200 mV t/m 6,5 V
Luidspreker: 0,8 V t/m 26 V
Maximale ingangsniveau / -impedantie RCA: 6,5 V / 22 kΩ
Luidspreker: 26 V / 90 kΩ
Opmerking:
- Technische gegevens en ontwerp zijn ter productverbetering zonder voorafgaande kennisgeving wijzigbaar.
\*Gemiddeld stroomverbruik
- Het gemiddelde stroomverbruik is zo goed als gelijk aan het maximale stroomverbruik van dit toestel bij ontvangst van een audiosignaal. Gebruik deze waarde bij het uitrekenen van het totale stroomverbruik van meerdere vermogensversterkers.