Elystar 50cc - Scooter PEUGEOT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Elystar 50cc PEUGEOT in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over Elystar 50cc PEUGEOT
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Scooter in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Elystar 50cc - PEUGEOT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Elystar 50cc van het merk PEUGEOT.
GEBRUIKSAANWIJZING Elystar 50cc PEUGEOT
text_image
ELYSTAR Gebruikershandleiding50 cm ^3
Inhoud
Informatie 2-3
Uitrusting 4
Cockpit 5
Accu / De zekering 9
Verlichting / Lichtsignalen 10
Starten van de motor 11
Besturing / Bougie 12
Integral remsysteem 13
Banden 14
Wij vragen u dan ook de tijd te nemen om deze brochure aandachtig door te lezen.
Informatie
U hebt gekozen voor een PEUGEOT scooter.
Wij danken u voor het vertrouwen, dat u ons door uw aankoop heeft gegeven.
Deze handleiding geeft aanwijzingen over de besturing, de werking en het elementaire onderhoud van uw nieuwe PEUGEOT scooter.
Zoals voor alle technisch geavanceerde machines staan een zorgvuldig gebruik en een nauwgezet onderhoud van uw scooter garant voor optimaal rijplezier en een lange levensduur.
Bij uw PEUGEOT dealer vindt u het antwoord op uw vragen en hij is de aangewezen persoon om het onderhoudsschema uit te voeren om uw machine in perfecte staat te houden.
Uw PEUGEOT dealer kent uw scooter tot in de kleinste details.
Hij heeft oorspronkelijke PEUGEOT onderdelen en gebruikt speciaal gereedschap om het gangbare onderhoud van uw scooter optimaal uit te voeren.
Veiligheid
De veiligheid van het voertuig is in hoge mate afhankelijk van de voorzichtigheid van de bestuurder.
Een te hoge snelheid is een beslissende factor voor veel ongelukken. Het is dan ook nodig de maximumsnelheid aan te houden en uw rijstijl aan de omstandigheden aan te passen.
De wegmarkering die op de grond wordt aangebracht kan slipgevaar opleveren.
Voor elk gebruik van de scooter wordt het aangeraden een algemene controle uit te voeren om na te gaan of de machine in alle veiligheid gebruikt kan worden. De verkeersregels schrijven zowel voor de bestuurder als de passagier het gebruik van een verkeershelm voor. Voor nog grotere veiligheid wordt het tevens aangeraden handschoenen, oogbescherming en fel gekleurde en lichtgevende kleding te dragen.
ledere nieuwe gebruiker van de scooter moet zich vertrouwd maken met de werking van de machine alvorens aan het verkeer deel te nemen.
De bestuurder van de scooter moet zijn aanwezigheid aan de andere verkeersdeelnemers kenbaar maken door :
- Verlichting te voeren
- Niet daar te rijden waar hij onzichtbaar is voor
de andere weggebruikers
- Voorzichtig te rijden
- Extra oplettend te zijn bij kruispunten, parkeergelegenheden, op- en afritten en verbindingslussen.
De scooter is specifiek ontworpen voor de stad en is uitsluitend geschikt voor het gebruik op de verharde weg.
Als accessoires zijn er de bagagedragers en koffers die kunnen worden geleverd. Zijn ontworpen voor het vervoer van lichte voorwerpen. Het gewicht moet gelijkmatig worden verdeeld en de last moet stevig worden vastgezet. Gewicht maximum : 3 kg
De scooter voldoet aan de wettelijke eisen en mag geen enkele wijziging ondergaan, met name aan het uitlaatsysteem.
Uitsluitend de door PEUGEOT aanbevolen brandstof, olie en smeermiddelen gebruiken.
Onderhoudsaanwijzingen
Om de veiligheid en betrouwbaarheid van uw voertuig in stand te houden in geen geval wijzigingen aanbrengen en uitsluitend oorspronkelijke Peugeot onderdelen gebruiken voor onderhoud en reparaties.
Het gebruik van andere onderdelen kan een nadelige invloed op de goede werking van de machine hebben.
Na een botsing moeten de belangrijkste organen, zoals alle onderdelen van het de ophanging en de besturing, zorgvuldig worden nagekeken. Deze controle heeft tot doel de veiligheid van het voertuig te waarborgen.
Na langdurige stilstand wordt het aangeraden de scooter voor een algemene beurt aan te bieden.
Om lichamelijk letsel te voorkomen moet voor onderhoudswerkzaamheden, van welke aard dan ook, de motor worden gestopt en de scooter goed stevig op de standaard op een vlakke ondergrond worden geplaatst.
Voor reparaties, controlebeurten, afstellingen, onderhoudswerkzaamheden of vragen over het gebruik kunt u een beroep doen op een Peugeot dealer.
De carrosserie heeft kunstof delen die van een speciale laklaag zijn voorzien voor gemakkelijk onderhoud zonder de oorspronkelijke staat aan te tasten.
De vervuilde delen reinigen met water waaraan zeep of een zacht reinigingsmiddel is toegevoegd, overvloedig spoelen met proper water en met een zeem afdrogen.
In het algemeen gesproken wordt 2gebruik van hogedrukreinigers, oplosmiddelen als benzine, petroleum of te sterk alkalische reinigingsmiddelen afgeraden.
U kunt altijd een Peugeot dealer raadplegen, die aanwijzingen kan geven over het gebruik van onderhoudsprodukten en eventueel beschadigde of gekraste delen kan herstellen.
Langdurige stilstand
Wanneer het voertuig gedurende langere tijd (meer dan 1 maand) niet wordt gebruikt, moet u uit voorzorg:
- De accu verwijderen en deze plat neerleggen op een droge plaats met een gematigde temperatuur. Indien nodig de accu opladen voor en na het opslaan (zie pag. 55)
Inspectiebeurt voor ingebruikname
Wat U als koper moet doen.
Controleer
- Het brandstofniveau
- Het olieniveau
- Mogelijke lekkages
- De conditie van Uw banden alsmede de bandenspanning
- Het peil van de remvloeistof
- De slijtage van de remboeringen
Controleer de goede werking van
- De voor- en achterremmen
- De gashandle
- De voor- en achterverlichting
- Het remlicht en de indicatorlampjes
- De claxon
Voor de goede werking van de motor uitsluitend de volgende brandstof gebruiken : Ongelode benzine 95 of 98
Peugeot Motocycles streeft naar een voortdurende verbetering van zijn producten en behoudt zich het recht voor alle genoemde onderdelen te wijzigen, te verwijderen of toe te voegen (foto's niet contractueel gebonden)
Reproductie verboden zonder schriftelijke toestemming van Peugeot-Motocycles.
Bescherming van het milieu
Algemeen
- Een versleten bougie, een slecht bevestigd ontstoringssysteem, een vervuilde luchtfilter, een ontregelde carburateur, dit zijn allemaal oorzaken die de levensduur van de katalysator en van de uitlaat aanzienlijk kunnen verkorten.
- Bij demontage moet de afdichting van de cilinderneus na de montage worden gecontroleerd (de dichting moet beslist worden vervangen)
- Elke wijziging aan de specificaties van de motor (ontsteking, carburatie, distributie, ...) kan aanleiding geven tot een snelle slijtage van de uitlaat.
Brandstof / Smering
- Gebruik alleen ongelode brandstof
- Vermijd het leegrijden van de tank tijdens het rijden.
- Gebruik geen toevoegingen aan de brandstof of smeermiddelen.
Ontsteking
- Bij geen vonk of vermogensverlies, gas terugnemen en motor volgens voorschrift uitzetten. Neem contact op met Uw dealer als het probleem blijft bestaan.
Uitzetten van de motor
- Verbreek de ontsteking slechts bij een stationair toerental van de motor.
Het starten van de motor
- Ingeval er zich tijdens het starten van de motor problemen voordoen, gelieve U ter controle contact met Uw dealer op te nemen.
Gebruik
- De temperatuur van de uitlaat bij draaiende motor kan enkele honderden graden bedragen. Wanneer de huid in contact komt met de warme uitlaat, kan dit aanleiding geven tot ernstige brandwonden.
- Rij of parkeer je scooter niet op of in de buurt van ontvlambare materialen (bijv.: droge bladeren, petroleumproducten, ...).

A - De batterij - en zekeringruimte
B - Identificatieplaatje
© - Zadelslot
D - Handgreep passagier
E - Schijfrem achter
F - Motornummer
G - Hefboom van de standaard
(H) - Centrale standaard met
nefboom
① - Zijstandaard * (met automatisch hefmechanisme)
J - Schijfrem voor
K - Tassen-haak
L - Sleutelcontact
M - Gashendel
N - Technisch luik
- Handschoenencompartiment
P - Het peil van de remvloeistof van de integrale rem
Q - Hendel van de integrale rem (linker handgreep)
R - Het peil van de remvloeistof van de hulprem
S - Hendel van de hulprem (rechter handgreep)
* Afhankelijk van het model

text_image
2 4 3
text_image
1 5 6 7
text_image
8 PEUGEOTCockpit
1 - Snelheidsmeter
De naald geeft de snelheid van het voertuig in km/h - mph aan
② - Waarschuwingslampje voor oliepeil
Wanneer het waarschuwingslampje voor het oliepeil begint te branden, moet de olie hoe dan ook zo snel mogelijk worden bijgevuld. Zonder olie zal de motor worden vernield en deze schade is niet gedekt door de waarborg.
3 - Controlelampje richtingaanwijzers
4 - Controlelampje verlichting
5 - Controlelampje van de automatische motordiagnose
Het LED-lampje op het dashboard geeft aan wanneer het injectiesysteem van het voertuig een defect vertoont.
- LED uit: het systeem werkt normaal
- LED knippert: het voertuig meteen door een PEUGEOT-dealer laten nakijken
- LED aan: ernstige defect, het voertuig tot stilstand brengen en het onmiddellijk door een PEUGEOT-dealer laten nakijken (de motor kan onherstelbaar worden beschadigd)
Opmerking
Het controlelampje gaat branden bij het aanzetten van het contact van het voertuig en moet vanzelf uitgaan wanneer de motor draait
6 - Controlelampje van de acculading
zie pagina 9
7 - Anti-diefstal controlelampje
- (TOTAL) Duidt de totaal afgelegde afstand in Km of in Mijl aan.
- Om van de kilometerteller naar de dagteller of andersom over te schakelen, moet u toets indrukken.
⑨ - Dagteller
- (TRIP) Duidt de afstand die u die dag hebt afgelegd aan in Km of in Mijl.
- De dagteller op nul zetten: houd toets A langer dan 5 seconden ingedrukt terwijl de dagteller wordt weergegeven.
10 - Digitale klok
De klok geeft de uren en de minuten weer, de “:” knipperen. Voor de regeling (moet gebeuren bij stilstand en daarvoor moet de teller op
'TOTAL' worden gezet), moet u toets A langer dan 5 seconden ingedrukt houden, het cijfer dat de uren weergeeft begint dan te knipperen.
Om dat te veranderen moet u toets Ⓐ indrukken. Om naar het volgende cijfer te gaan, moet u toets Ⓐ langer dan 5 seconden ingedrukt houden. Wanneer u het laatste cijfer hebt ingesteld, moet u toets Ⓐ langer dan 5 seconden ingedrukt houden.
11 - Brandstofmeter
De 8 segmenten geven het benzinepeil aan; het voertuig schakelt over op reserve wanneer de eerste twee segmenten B knipperen. U kunt dan nog ongeveer 20 km rijden.
12 - Onderhoudsindicator \*
Op 500 km en daarna telkens om de 5000 km wordt de indicatie “- - - -” gedurende 10 seconden na elke start op het display getoond. Dat betekent dat uw voertuig aan een onderhoudsbeurt toe is. Om de indicatie na het onderhoud opnieuw op nul te zetten, moet u het contact aanzetten en tegelijk toets A indrukken.

text_image
A B C 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40Contactsleutels en
sloten
Het voertuig wordt met 2 genummerde sleutels geleverd.
Het verdient aanbeveling deze sleutels gescheiden te bewaren en de gegevens te noteren.
Met de sleutel kan :
- Het contact worden aangezet
- Het zadelslot worden ontgrendeld
- Het zadelslot worden vergrendeld en het linker handschoenencompartiment
① - Contactslot
A - Motor AF
B - Elektrisch contact. De functies starten en lichtsignalen kunnen worden gebruikt
C - Het zadelslot worden vergrendeld
② - Verlichtings- schakelaar
D - Verlichting uit Als de motor loopt
E - Verlichting parkeerlicht,
snelheidometer en
achterlicht, nummerplaat.
- Groot of dinlicht afhankelyk van de grand van de lichtschakelaar, snelheidsmeter en achterlicht, nummerplaat
3 - Startdrukknop
De startmethode van pagina 11 aanhouden.
④ - Schakelaar dim
licht-grootlicht
⑤ - Omzetting richtingaanwijzersschakelaar
Om een wijziging van richting aan te geven:
- Naar rechts, de schakelaar op plaatsen G
- Naar links, de schakelaar op plaatsen H
Het knipperen wordt gestopt door op de middelste knop te drukken
6 - Claxon drukknop
⑦ - Lichtsignaalknop

beveelt de volgende oliesoorten aan

2T SPECIAL(semi synthétische) 2-T SYNTHETIC
Zadel
Openen
- De contactsleutel in het slot links achter steken, een kwart slag naar rechts draaien en het zadel optillen.
Sluiten
de achterzijde van het zadel indrukken
De zadelruimte geeft toegang tot :

- Bergruimte voor de valhelm

- De benzinetank

- De vulopening voor de tweetaktolie
Geen spuitbussen opbergen in de zadelopbergruimte
Leg geen brandbare producten of materialen in de kofferbak onder het zadel
B - Brandstof
Voor de goede werking van de motor uitsluitend de volgende brandstof gebruiken : Ongelode benzine 98 of 95
Tijdens het vullen geen water of vuil in de tank laten komen.
Attentie
Benzine is een licht ontvlambare stof die in bepaalde omstandigheden kan ontploffen. Benzine mag alleen worden getankt in een goed geventileerde ruimte en met uitgeschakelde motor. Niet roken, vuur of vonken bij de motor of in de nabijheid van het pompsysteem. De tank niet overvullen. De benzine mag niet de hals van de vulopening bereiken. Na het tanken de dop weer goed afsluiten.
Benzine is een gevaarlijke stof die bij inname tot de dood kan leiden. Elk herhaald of langdurig contact met de huid en inademen van de dampen vermijden. Buiten bereik van kinderen houden. Als benzine is ingeslikt niet laten overgeven en onmiddelijk een arts waarschuwen.
© - Oliepeil
Het oliepeil regelmatig controleren. Als het olielampje tijdens het gebruik gaat branden, moet het reservoir onmiddelijk worden bijgevuld.
Voor een goede smering van de motor, moet u verplicht de volgende olie gebruiken :
- Halfsynthetische olie voor tweetaktmotoren met aparte smering
Belangrijk
Alleen met aanbevolen olie vullen.
Het gebruik van andere olie kan tot overmatige koolafzetting in de motor en de uitlaat leiden, wat verlies aan vermogen en beschadiging van de motor tot gevolg kan hebben.
De tank niet overvullen. De olie mag niet de hals van de vulopening bereiken. Na het tanken de dop weer goed afsluiten.
Met een volledig leeg oliereservoir verder rijden kan de motor onherstelbaar worden beschadigd. Laat de scooter naar een dealer vervoeren. Het oliecircuit moet na vulling ontlucht worden, dit is zeer belangrijk voor het verder goed functioneren van de motor.

Batterij- en zekering
1 - Accu
Onderhoudsvrije accu
Een onderhoudsvrije accu mag nooit worden geopend; er mag geen water of elektroliet worden bijgevuld.
Klassieke accu
Elektrolyt
Het peil controleren en tussen "UPPER" (maximum boven) en "LOWER" (maximum onder) houden.
Tijdens de controle van het elektrolyt, peil of de toevoeging van gedistilleerd water moet worden nagegaan dat de luchtslang goed is aangesloten op de accu.
Uitsluitend gedistilleerd water gebruiken : het gebruik van leidingwater vermindert de levensduur van de accu. Bij overmatig elektrolytverlies een PEUGEOT dealer raadplegen.
Aansluiting van de draden op de accu :
- De rode draad op de (+) van de accu aansluiten,
- De groene draad op de (-) van de accu aansluiten.
Lading van de accu
Het vloeistofniveau van de accu altijd controleren voordat deze wordt opgeladen.
De accu moet worden oppeladen met een aangepaste acculader die maximaal 0,4 tot 1 ampère h afgeeft : deze ingreep aan de dealer toevertrouwen.
N.B. : het gebruik van een te sterke acculader kan de accu onherroepelijk beschadigen.
Gevaar
De accu bevat zwavelzuur. Vermijd elk contact met de huid, de ogen of de kleding.
Wat u dan meteen moet doen :
- Uitwendig contact: schoonspoelen met water en onmiddellijk een dokter raadplegen
- Bij inneming : niet drinken en ook niet laten braken. Bel meteen een dokter of het dichtstbijzijnde antigifcentrum op.
- Ogen : schoonspoelen met water en meteen een dokter raadplegen
Niet in de nabijheid van vonken, vlammen of sigaretten gebruiken. Tijdens het laden of het gebruik in een afgesloten ruimte voor goede ventilatie zorgen.
Bij werkzaamheden in de buurt van een accu moeten de ogen worden beschermd.
Berg een accu altijd buiten het bereik van kinderen op. Een versleten accu moet hoe dan ook naar een erkend recyclagepark worden gebracht.
Controlelampje voor de acculading
Wanneer het controlelampje tijdens het rijden gaat branden, duidt dit op een storing in de lading of in de accu.
Informatie
Het controlelampje gaat branden bij het aanzetten van het contact van het voertuig en moet vanzelf uitgaan wanneer de motor draait
2 - De zekering
De elektrische installatie wordt door een zekering tegen kortsluiting of overbelasting in het circuit beveiligd.
De zekering is in een houder naast de accu geplaatst.
De zekering smelt en verbreekt de stroomkring zodra een storing in de installatie optreedt.
- 1 dienstzekering van 7,5A
- 1 hoofdzekering van 15A
Voorzorgs maat regelen
Een gesmolten zekering geeft een storing in het elektrische circuit aan : raadpleeg een PEUGEOT dealer !!!
Uitsluitend standaard zekeringen gebruiken.
Een doorgebrande zekering vervangen door een zekering van gelijke stroomsterkte.

Een goed werkende lichtinstallatie is een elementaire veiligheidsfactor.
Voor vertrek en tijdens gebruik van de scooter moet de bestuurder nagaan dat de verschillende lampen naar behoren functioneren.
- Lampgegevens
Groot licht/dimlicht ...... HSI 35/35W
Achterlicht en remlicht ...... P 21/5W BAY15d
Richtingaanwijzers R10W BA5S
Tellerverlichting en ...... W1,2W T5 (zonder fitting)
Nummerbordverlighting W5W(T10)
Zijlampen W5W(T10)
Alle lampen zijn 12-volt
Bij een storing in de werking van een van de lampen onmiddelijk een PEUGEOT dealer raadplegen.
- Vervangen van de lampen
VOORLAMPEN :
- Draai de 5 schroeven Alos van het voorste spatbord
- Kantel de kuip
- De koplamp vervangen B
- De lampjes van de stadslichten vervangen
- De lampjes van de knipperlichten vervangen
- De carrosseriedelen opnieuw correct monteren
(onderdelen aanbrengen)
- De 5 schroeven opnieuw vastschroeven
Voor het afstellen van de koplamp : het bakje onderin het linker opbergvak losclippen en de regelschroef E verdraaien voor de verticale afstelling.
ACHTER :
- Verwijder de 2 schroeven F en het glas
- Vervang de lamp
Knipperlichten :
- Verwijder de schroef G en het glas
- Vervang de lamp
Starten van de motor
Er is een minimale batterijspanning vereist om het injectiesysteem te voeden en om het voertuig te kunnen starten.
- Elektrische start
Denk aan uw veiligheid
- De scooter op de standaard plaatsen.
De elektrische starter werkt alleen als de linker remhendel wordt bediend
Om de motor te starten
- De contactsleutel op draaien

de linker-remhendel indrukken
- Haal de hendel aan de van de integral rem of van de hulprem
- De drukknop loslaten zodra de motor start
De gashendel gesloten houden
Voorzorgsmaatregelen
De motor nooit in een afgesloten ruimte laten draaien. Uitlaatgassen bevatten koolmonoxyde en giftige gassen.
- Kickstart
Denk aan uw veiligheid
- De scooter op de standaard plaatsen
Om de motor te starten
- De contactsleutel op draaier

- Haal de hendel aan de van de integral rem of van de hulprem
- Druk de pedaal in tot tegen de aanslag
De gashendel gesloten houden
- De hevel na gebruik weer inklappen.
Als de motor niet start na herhaald intrappen van de kick of na 3 of 4 pogingen met de starter, de gashendel enigszins verdraaien en het kickpedaal met een snelle en ononderbroken beweging intrappen.
- Startproblemen-spoeling van de motor
Na herhaalde pogingen om het voertuig te starten, kan het nodig zijn om het teveel aan brandstof aanwezig in de cilinder, te verwijderen.
- Contact aanzetten
- Gashendel volledig opendraaien (vlinderklep volledig open)
- De startknop enkele seconden indrukken
- Gashendel volledig dichtdraaien en de normale startprocedure
hernemen.
Stoppen van de motor en parkeren
Wanneer de motor in vrijloop draait
- De contactsleutel op draaien

- Het voertuig op de standaard plaatsen
- Draai de sleutel in stand

(stuurslot) om eventuele diefstal
te voorkomen.
- De sleutel verwijderen om diefstal te voorkomen
- Plaatsen op de standaard
- Vermijd het rijden of parkeren op gemakkelijk ontvlambare materialen (Bijv.: droge bladeren, ...)
Voor gemakkelijk gebruik is de standaard met een hefboom uitgerust.
- Aan de linkerzijde van de scooter gaan staan
- Met het stuur en de greep achter aan het zadel de scooter vasthouden
- Met de rechtervoet op de hefboom van de standaard drukken en het
voertuig met het stuur en de zadelgreep licht naar achteren trekken.
- Plaatsing op zijstandaard \*
De zijstandaard is voorzien van een automatisch hefmechanisme: let hierop bij iedere verplaatsing van het voertuig.
Attentie
De op de standaard getrokken scooter moet goed vlak worden neergezet : omvallen kan lichamelijk letsel of schade aan de scooter tot gevolg hebben.
* Afhankelük van model

Het inrijden is van doorslaggevende betekenis voor de goede werking, het vermogen en de levensduur van de motor. Tijdens de eerste 500 kilometer mag het voertuig nooit maximaal worden belast, vooral niet met koude motor en bij afdalingen.
- Besturing van de scooter
Met draaiende motor op de standaard :
- De linker integrale rem ingeknepen houden om het achterwiel te blokkeren
- De gashendel niet openen
- De standaard inklappen
- Op de scooter plaatsnemen
- Het achterwiel vrijzetten (de rem loslaten)
- Wegrijden en de snelheid opvoeren (geleidelijk de gashendel opendraaien)
- Om de snelheid te verlagen de gashendel in tegengestelde richting draaien.
Attentie
Als de standaard wordt ingeklapt moet het achterwiel zijn geblokkeerd.
U kunt de controle over het voertuig verliezen als het draaiende achterwiel met de grond in aanraking komt.
- Niet met horten en stoten rijden (door snel de gashendel te openen en weer te sluiten).
- Nooit de scooter met draaiende motor onbeheerd achterlaten.
Onderhoud en afstellingen
Relaiskast
(Periodiciteit : zie onderhoudsboekje)
- Bougie resistief (NGK CPR8E)
Het is aan te raden daarbij strikt de montagevoorschriften van Peugeot te volgen.
Wanneer u een niet aanbevolen bougie gebruikt of met een onvoldoende vast ingedraaide bougie rijdt, kunnen de motor en de elektronica kapot raken.
- De bougie met de ring handmatig vastdraaien,
- Aandraaien met behulp van een bougiesleutel: 1/4 slag bij een nieuwe bougie, 1/8 tot 1/4 slag bij een gebruikte bougie.

Integraal remsysteem (SBC)
Voor uw VEILIGHEID raadt PEUGEOT aan :
- Controleer het remvloeistofpeil
- De remblokken of -voeringen
- De werking van zowel de voor- als de achterremmen
regelmatig te controleren
- De afstel- en onderhoudswerkzaamheden aan een
PEUGEOT dealer toe te vertrouwen zodra dit nodig blijkt te zijn
- Uitsluitend originele PEUGEOT onderdelen te
gebruiken.
Het hydraulische circuit is gevuld met een vloeistof die voldoet aan de normen PEUGEOT.
- Het vloeistofpeil in het hydraulische circuit,
- De dichtheid van het circuit,
- De toestand van de remblokken+schijven
bepalen de doelmatigheid van het remmen.
Indien de remmen te ver moeten worden aangetrokken, moet u het remsysteem zo snel mogelijk door een verdeler van PEUGEOT laten nakijken.
Werking
- Voor de voertuigen uitgerust met een integraal remsysteem, volstaat het de linker remhendel te bedienen wat een gelijktijdige werking van de voor- en achterrem tot gevolg heeft. De rechterhand dient voor het accelereren en de linkerhand voor het remmen. De rechter remhendel is nog aanwezig voor de veiligheid maar wordt beschouwd als noodrem.
Opgelet
- Het gebruik van de rechter noodrem is enkel bedoelt om het voertuig af te remmen en volstaat niet als gewone rem.
In geval van storing van het integraal systeem, dient men zijn snelheid te minderen en zich onmiddellijk naar de Peugeot dealer te begeven.
- Om een optimaal resultaat te bekomen adviseert Peugeot Motocycles de originele banden montage te respecteren.
Waarschuwing
- Voor uw veiligheid raden wij u aan de wielen na het vervangen van banden te laten balanceren.
Banden
De spanning regelmatig controleren en eventueel aanpassen.
De volgende gegevens aanhouden :

Een onjuiste bandenspanning geeft abnormale slijtage van het loopvlak en heeft een nadelige invloed op het rijgedrag. Met versleten banden rijden is gevaarlijk en een overtreding van de wet. Het gebruik van versleten banden heeft een invloed op het sturen, het remmen, de trekkracht en de wegligging en kan eventueel de oorzaak zijn van een ongeval.
- Wielen
De scooter is met banden tubless uitgerust. De aanduiding Tubeless op het zijvlak van de banden en de velg geeft aan dat dit geheel speciaal is ontworpen voor gebruik zonder binnenband.
De velgen zijn van ventielen voorzien.
Bij vervanging uitsluitend banden en velgen met de aanduiding Tubeless gebruiken.
- Laat een verdeler van PEUGEOT of een specialist uw banden herstellen of vervangen!
Let op
Monteer nooit een binnenband in een tubeless-band en ook geen tubeless-band op een klassieke velg. Een gesprongen band of een van de velg gelopen band kan een ongeval veroorzaken.
- Om een optimaal resultaat te bekomen adviseert Peugeot Motocycles de originele banden montage te respecteren.

text_image
1
- Verwijderen van de anti-diefstal
Steek de sleutel in het slot en draai deze zodat U de anti-diefstal kunt verwijderen.

- Vergrendelen van de anti-diefstal
(de sleutel moet in het slot blijven)
Ontgrendel het stuk ① van de zitting, schuif het over de kabel en bevestig deze rond een vast punt. (metalen paal, boom, ander voertuig,...)
- Draai de sleutel en bevestig stuk ^1 met stuk ②, draai de sleutel, verwijder de sleutel en controleer of beschermklep goed op zijn plaats zit.
- Pbergen van de an-diefstal
- Steek de sleutel in het slot, draai deze en ontkoppel stuck ① en ②.

- Duw het geheel volledig in ①, achteraan de ② Scooter.
- Verwijder de sleutel en controleer of de beschermklep goed gesloten is.
Goede raad
- Bij het bevestigen van het anti-diefstal moet men vermijden dat deze de grond raakt.
- Bij het wassen van Uw Scooter, vermijdt U best het rechtstreeks contact met de waterstraal.
- Onderhoud van het plaatwerk - gebruik een reinigingsprodukt voor kunststof op basis van siliconen.
Opgepast
- Niet vergeten het an-diefstal zorgvuldig weg te bergen voor het gebruik van het voertuig.
Transponder
De startsleutels zijn uitgerust met een transponder (chip). Dit is een electronisch onderdeeltje, dat in het zwarte kunstof gedeelte van de sleutel is ingebouwd.
Dit anti-diefstal systeem stelt de berijder in staat de motor te starten, dank zij een "antenne-systeem", dat de sleutel omringt en het signaal van de transponder electronisch herkent.
Alle elementen, die benodigd zijn om de motor te starten, worden bepaald door de herkenning van een ELECTRONISCHE CODE, die wordt afgegeven door de rode sleutel. Dit houdt in dat de scooter niet eenvoudigweg gestart kan worden door het simpel verwisselen van een startsleutel.
Een LED indicator lampje op het bedieningspaneel knippert om aan te tonen dat het systeem is geactiveerd (diefstal preventie effect).
Om de battery te sparen, stopt het knipperen van het LED indicator lampje na 48 uren, hoewel systeem nog steeds operationeel is.
Herinnering
- Wij raden u dan ook de Master Sleutel (rode sleutel) niet te gebruiken voor dagelijks gebruik maar deze op te bergen op een veilige plaats, samen met het nummer van de sleutels.
- Alleen met deze transponder kan uw antidiefstalsysteem opnieuw worden geprogrammeerd: wanneer u uw transponder verliest, moet het gehele systeem worden vervangen. Dit is niet door de garantie gedekt.
- Nuttig voor de dealer wanneer deze aan het systeem werkt.
Technische gegevens
Afmetingen (mm)
Totale lengte 1900
Totale breedte (met spiegels) 720
Totale hoogte (met spiegels) 1230
Wielbasis 1360
Gewicht (kg)
Met volle tanks 100
Inhoudsmaten (L)
Oliereservoir 1,4
Benzinetank 9
Motorblok
Boring x slag 40x39,1
Compressieverhouding 10,9 tot 1
Cilinderinhoud (cm³) .... Overbrenging door middel van V-snaar met dubbele variomaat en eindtransmissie
Elektrische installatie
Accu 12V-7Ah
Ontsteking .... Magnetisch wiel
Zekering 7,5/15A
Vermijd :
- Geluidsoverlast, elektrische storingen, uitlaat rook en walm, ...
Wijzig bijgevolg niets aan uw voertuig (bijvoorbeeld : de originele uitlaat).
Elke wijziging aan de technische kenmerken zal automatisch de annulering van uw garantie en de niet-naleving van het eenvormigheidsattest (homologatie van het voertuig door de overheid) voor gevolg hebben. Bovendien zult u, in geval van een ongeval, niet langer door uw verzekering gedekt zijn.
En vergeet niet dat een PEUGEOT scooter wordt onderhouden door een PEUGEOT dealer. Omdat hij een vakman is die de eigenschappen van uw machine door en door kent en de originele onderdelen en het speciale gereedschap van PEUGEOT gebruikt.
Omdat hij net als wij volledig tot uw dienst staat.

text_image
NEDERLANDSbeveelt de volgende oliesoorten aan

text_image
Esso
text_image
ELYSTARBetriebsanleitung
50 cm ^3
Inhalt
Informationen 2-3
Ausrüstung 4
Instrumententafel 5