EAM3000B - Automatische koffiemachine DELONGHI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis EAM3000B DELONGHI in PDF-formaat.
| Producttype | Automatische koffiemachine |
| Merk | De'Longhi |
| Model | EAM3000B |
| Voeding | 220-240 V ~ 50/60 Hz (controleer typeplaatje) |
| Vermogen | Niet gespecificeerd |
| Druk | 15 bar (gebruikelijke schatting) |
| Watertankcapaciteit | Ongeveer 1,8 L (schatting) |
| Bonenreservoircapaciteit | Ongeveer 250 g (schatting) |
| Soort bruikbare koffie | Koffiebonen en voorgemalen koffie |
| Molen | Kegelmolen met maalgraadaanpassing |
| Instellingen | Koffiehoeveelheid (sterk, normaal, lang), intensiteit (licht, normaal, sterk) |
| Functies | Espresso (1 of 2 kopjes), cappuccino, heet water, stoom |
| Antikalksysteem | Programmagestuurd ontkalken met indicatielampje |
| Onderhoud | Reinigbare uitneembare zetgroep, lekbak, koffiedikbakje, stoompijp |
| Veiligheid | Automatische uitschakeling na 3 uur, bescherming tegen brandwonden, uitschakeling bij lege tank |
| Afmetingen (B x H x D) | Niet gespecificeerd |
| Gewicht | Niet gespecificeerd |
| Reserveonderdelen beschikbaar | Ja, via De'Longhi servicecentra |
| Bijgeleverde accessoires | Maatlepel voor gemalen koffie, teststrip waterhardheid |
Veelgestelde vragen - EAM3000B DELONGHI
Gebruikersvragen over EAM3000B DELONGHI
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Automatische koffiemachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding EAM3000B - DELONGHI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. EAM3000B van het merk DELONGHI.
GEBRUIKSAANWIJZING EAM3000B DELONGHI
1 Beschrijving van het apparaat 73 2 Veiligheidsvoorschriften 74 3 Installatie 74 4 Voorbereiding van het koffiezetapparaat 75
4.1 Vullen van het waterreservoir 75 4.2 Vullen van het bakje voor koffiebonen 75 4.3 Eerste inwerkingstelling 75
5 Koffie zetten (met koffiebonen) 76 6 Regeling van de maalgraad 78 7 Espressokoffie zetten met voorgemalen koffie (in plaats van koffiebonen) 79 8 Afgifte van warm water 79 9 Bereiding van cappuccino (gebruik makend van de stoom) 80 10 Reiniging en onderhoud 81
10.1 Reiniging van het apparaat 81 10.2 Reiniging van de infusor 82 10.3 Ontkalking 83 10.4 Programmering van de hardheid van het water 84
11 Betekenis van de controlelampjes bij een normale werking 85 12 Betekenis van de alarmlampjes en wat te doen wanneer deze branden 86 13 Problemen op te lossen alvorens de Technische Servicedienst te bellen 87
1. BESCHRIJVING VAN HET APPARAAT (ZIE PAG. 3)
A. Verwarmplaat kopjes B. Stoomknop C. Stoompijpje D. Cappuccinomondstuk E. Waterreservoir (uitneembaar) F. Draagblad kopjes G. Druipbakje (uitneembaar) H. Dienstluikje I. Afgifteblok koffie (verstelbaar in de hoogte) J. Bedieningspaneel K. Deksel bakje voor koffiebonen L. Centraal dekseltje gemalen koffie
M. Infusor N. Stroomsnoer O. Cappuccinomondstuk (uittrekbaar) P. Opening cappuccinomondstuk (uittrekbaar) Q. Doseerlepel voor voorgemalen koffie R. Uitneembaar bakje voor koffiedik S. Regelknop maalgraad T. Bakje voor koffiebonen U. Opbergvak maatlepel V. Trechter voor voorgemalen koffie Z. Mobiele lade

Bedieningspaneel
1) Knop aan/uit apparaat 2) Controlelampje 1 kop en OK temperatuur koffie 3) Knop één kopje 4) Controlelampje 2 kopjes en OK temperatuur koffie 5) Knop twee kopjes 6) Controlelampje stoom en OK temperatuur stoom 7) Selectieknop stoomfunctie 8) Selectieknop hoeveelheid koffie (espresso, middelgroot of groot)
9) Selectieknop hoeveelheid gemalen koffie (slappe, normale, sterke koffie) 10) Knop spoeling en ontkalking 11) Controlelampje selectie voorgemalen koffie (uitsluiting van de koffiemaler) 12) Selectieknop voorgemalen koffie (uitsluiting van de koffiemaler) 13) Controlelampje kalkalarm 14) Controlelampje algemeen alarm 15) Controlelampje bakje voor koffiedik vol of afwezigheid bakje voor koffiedik 16) Controlelampje water op of afwezigheid waterreservoir
2 VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
LEES AANDACHTIG DEZE AANWIJZINGEN EN BEWAAR ZE!
- Dit apparaat is gebouwd om "koffie te zetten" en "dranken op te warmen": verbrand u niet aan water- of stoomstralen of door een oneigenlijk gebruik van het apparaat.
- Dit apparaat is uitsluitend bestemd voor huishoudelijke doeleinden. Elk ander gebruik wordt als oneigenlijk en bijgevolg gevaarlijk beschouwd.
- De fabrikant kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor eventuele schade voortvloeiend uit een oneigenlijk, verkeerd of onredelijk gebruik.
- Raak de warme onderdelen van het apparaat niet aan wanneer het in werking is. Gebruik de knoppen of handvatten.
- Raak het apparaat niet aan als u natte handen of voeten hebt.
- Laat het apparaat niet gebruiken door kinderen of onbevoegden, zonder toezicht.
- Laat kinderen niet spelen met het apparaat.
- In geval van een defect of een slechte werking van het apparaat, het apparaat uitzetten en er verder niet aan knoeien. Voor eventuele reparaties, zich uitsluitend wenden tot een Technisch Service Centrum erkend door de fabrikant en vragen om het gebruik van originele wisselonderdelen. Het niet naleven van dit voorschrift kan de veilige werking van het apparaat in het gedrang brengen.
3 INSTALLATIE
- Verwijder de verpakking en controleer of het apparaat intact is. Bij twijfels, het apparaat niet in gebruik nemen en u wenden tot een vakbekwaam persoon.
- De verpakkingselementen (plastic zakken, piepschuim, ...) dienen buiten het bereik van kinderen te worden gehouden omdat ze een potentiële gevarenbron zijn.
- Zet het apparaat op een werkvlak, ver van waterkranen, spoelbakken en warmtebronnen.
- Nadat het apparaat op een werkvlak is gezet, controleer of er een ruimte van ongeveer 5 cm overblijft tussen de wanden van het apparaat en de zij- en achtermuren, en een ruimte van minstens 20 cm boven het koffiezetapparaat.
- Het apparaat nooit installeren in een ruimte waar de temperatuur 0°C of minder kan bedragen (indien het water bevriest, kan het apparaat beschadigd worden).
- Controleer of de netspanning overeenkomt met de waarde aangegeven op het typeplaatje van het apparaat. Sluit het apparaat alleen aan op een stopcontact met een minimaal vermogen van 10A en voorzien van een doeltreffende aardaansluiting. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele ongevallen veroorzaakt door de afwezigheid van een aardleiding.
- In geval van incompatibiliteit tussen het stopcontact en de stekker van het apparaat, de stekker laten vervangen door een geschikte stekker, en uitsluitend door vakbekwaam personeel.
- Het stroomsnoer van dit apparaat dient niet te worden vervangen door de gebruiker, omdat hier speciaal gereedschap voor nodig is. Indien het stroomsnoer beschadigd is, of voor de vervanging ervan, zich uitsluitend wenden tot een Service Centrum erkend door de fabrikant, om elk risico te vermijden.
- Het is aangewezen zo snel mogelijk de hardheid van het water aan te passen, volgens de procedure beschreven in paragraaf 10.4.
Om vertrouwd te raken met het gebruik van het apparaat, worden de eerste keer zorgvuldig te werk gegaan volgens de aanwijzingen beschreven in de volgende paragrafen.
4 VOORBEREIDING VAN HET KOFFIEZETAPPARAAT
4.1 VULLEN VAN HET WATERRESERVOIR
- Verwijder het waterreservoir (fig. 1), spoel het en vul het met fris water, zonder de lijn MAX te overschrijden. Wanneer het waterreservoir uit het apparaat wordt genomen, moet het cappuccinomondstuk altijd naar het midden van het apparaat gericht zijn. Is dit niet het geval, dan kan het reservoir niet worden verwijderd.
- Duw het waterreservoir helemaal in het apparaat.
4.2 VULLEN VAN HET BAKJE VOOR KOFFIEBONEN
- Open het deksel van het bakje voor koffiebonen (fig. 2). Vul het bakje met koffiebonen.
- Sluit het deksel.
LET OP: Om een slechte werking te voorkomen, doe nooit voorgemalen koffie, oploskoffie, gekarameliseerde bonen of voorwerpen in het apparaat, om schade te voorkomen.
4.3 EERSTE INWERKINGSTELLING
- Controleer of het waterreservoir gevuld is en of de stekker van het stroomsnoer in het stopcontact zit.
- Verplaats het cappuccinomondstuk naar buiten, zet er een kopje onder (fig. 3) en schakel de machine in door te drukken op de knop ① (fig. 4).
- ONMIDDELLIJK DAARNA; NA MAXIMAAL 30 SECONDEN de stoomknop helemaal tegen de wijzers van de klok in draaien (fig. 5) (het is normaal dat het apparaat hier wat luidruchtig is).
- Na enkele seconden komt water uit het cappuccinomondstuk. Wanneer ongeveer 30 cc water in het kopje is gelopen, draai de stoomknop een halve toer in wijzerzin (fig. 6), om de waterafgifte te onderbreken.
- Wacht tot de groene controlelampjes ophouden met knipperen en continu branden. Wanneer de groene controlelampjes knipperen, betekent dit dat het apparaat aan het voorverwarmen is. Wanneer ze continu branden, betekent dit dat de ideale temperatuur werd bereikt om koffie te zetten - hoofdstuk 11 - punten 1 en 2).
(Net vóór de controlelampjes continu branden, voert het apparaat automatisch een spoeling uit: er komt wat warm water uit de spuitmonden van het afgifteblok, dat wordt opgevangen in het onderstaande druipbakje).
Tip: om een kleinere (minder dan 60 cc) en warmere espresso te bekomen, wordt het kopje eerst gevuld met het warme spoelwater. Laat het water enkele seconden in het kopje (alvorens het leeg te gieten) om het kopje voor te verwarmen.
- Het apparaat is nu klaar om te worden gebruikt.
Fig. 3
Fig. 4
5 KOFFIE ZETTEN (MET KOFFIEBONEN)
1) Vóór de koffieafgifte, controleer altijd of de groene controlelampjes ① en ⑥ continu branden en of het waterreservoir en het bakje voor koffiebonen vol zijn. 2) Draai aan de rechterknop (fig. 7) om de smaak van de koffie te regelen. Hoe verder in wijzerzin wordt gedraaid, hoe meer koffiebonen worden gemalen en hoe sterker de koffie zal zijn. Wanneer het koffiezetapparaat nieuw is, moeten meerdere kopjes koffie worden gezet vooraleer de juiste stand van de knop wordt gevonden. Draai de knop niet te ver in wijzerzin, want de koffie kan anders te langzaam worden afgegeven (druppels), vooral wanneer twee kopjes koffie worden gezet. 3) Draai aan de linkerknop (fig. 8) om de hoeveelheid koffie te regelen. Hoe verder in wijzerzin wordt gedraaid, hoe meer koffie wordt afgegeven. Wanneer het koffiezetapparaat nieuw is, moeten meerdere kopjes koffie worden gezet vooraleer de juiste stand van de knop wordt gevonden om koffie met de gewenste smaak te bekomen. 4) Zet een of twee kopjes onder de spuitmonden, naargelang u 1 of 2 kopjes koffie wilt zetten (fig. 9 en 10). Om een mooie crème op de koffie te bekomen, worden de kopjes zo dicht mogelijk tegen de spuitmonden gezet door het afgifteblok te verlagen (fig. 11). 5) Druk op de knop (fig. 12) indien u een kopje koffie wilt zetten of op de knop (fig. 13) om 2 kopjes koffie te zetten. (Het apparaat maalt de koffiebonen, voert een korte voorinfusie uit, pauzeert even en gaat verder met de afgifte.
Wanneer de gewenste hoeveelheid koffie is verkregen, wordt de afgifte automatisch stopgezet en wordt het samengeperste koffiedik afgevoerd in het bakje voor koffiedik).
6) Na enkele seconden, wanneer de groene controlelampjes opnieuw branden, kan een ander kopje worden gezet. 7) Om het apparaat uit te zetten, druk op de knop ①. (Voordat het apparaat uitgaat, voert het automatisch een spoeling uit: er komt wat warm water uit de spuitmonden, dat wordt opgevangen in het onderstaande druipbakje. Let op: niet verbranden). Indien het apparaat niet wordt uitgezet met de knop ① en in ieder geval 3 uur na het laatste gebruik, gaat het vanzelf uit na eerst een korte spoeling te hebben uitgevoerd.
OPMERKING 1: Indien de koffie druppelsgewijs of helemaal niet wordt afgegeven, draai dan de regelknop van de maalgraad (fig. 17) even in wijzerzin (zie par. 6). Draai één streep per keer, tot de gewenste afgifte wordt bekomen.
OPMERKING 2: Indien koffie te snel wordt afgegeven en de crème niet geslaagd is, draai de rechterknop (fig.7) even in wijzerzin. Zet meerdere kopjes koffie om de correcte positie van de knop te bepalen. Draai de knop niet te ver in wijzerzin, want dan wordt de koffie anders te langzaam afgegeven (druppels), vooral wanneer twee kopjes koffie worden gezet. Indien na enkele kopjes nog geen bevredigende crème wordt bekomen, draai dan ook de regelknop van de maalgraad (fig. 17) een beetje tegen de wijzers van de klok in (zie hoofdstuk 6).
OPMERKING 3: Tips om warmere koffie te zetten:
1) Indien het apparaat net werd aangezet en men een espresso wilt zetten (minder dan 60 cc), gebruik dan het warme water van de spoeling om de kopjes voor te verwarmen (zie tip par. 4.3, punt 5.). Indien evenwel na de laatste gezette kop koffie meer dan 2/3 minuten zijn verlopen alvorens een nieuw kopje te zetten, moet de infusor worden voorverwarmd door te drukken op de knop (fig. 14). Laat het water in het onderliggend druipbakje lopen of gebruik dit water om het kopje
Fig.5
Fig.6
Fig.7
Fig.8
waaruit de koffie zal worden gedronken te vullen (en weer te ledigen), met de bedoeling het voor te verwarmen.
2) Gebruik geen te dikke kopjes, omdat deze teveel warmte onttrekken aan de koffie, tenzij ze voorverwarmd werden. 3) Gebruik voorverwarmde kopjes die onder warm water werden afgespoeld of laat ze minstens 20 minuten op de verwarmplaat op het deksel van het apparaat staan wanneer dit ingeschakeld is.
OPMERKING 4: Terwijl het apparaat koffiezet, kan de afgifte op om het even welk moment worden onderbroken door te drukken op de eerder geselecteerde knop (fig.12) of (fig.13).
OPMERKING 5: Net na de koffieafgifte en indien men de hoeveelheid koffie wilt verhogen, volstaat het de eerder geselecteerde knop (fig. 12) of (fig. 13) ingedrukt te houden tot de gewenste hoeveelheid is bekomen (dit moet gebeuren binnen 3 seconden na de koffieafgifte).
OPMERKING 6: wanneer het alarm (hoofdstuk 12 - punt 1) continu brandt, moet het waterreservoir worden gevuld om koffie te kunnen zetten. Het waterreservoir kan alleen verwijderd worden wanneer het cappuccinomondstuk eerst naar het midden van het apparaat gericht is. (Wanneer het alarm brandt, kan het zijn dat er nog wat water overblijft in het waterreservoir).
OPMERKING 7: het apparaat telt de hoeveelheid gezette kopjes koffie. Na elke 14 gewone kopjes (of 7 dubbele), brandt het controlelampje continu (hoofdstuk 12 - punt 3) om aan te geven dat het bakje voor koffiedik vol is. Maak het bakje leeg en reinig het. Zolang het bakje voor koffiedik niet wordt gereinigd, blijft het controlelampje branden en kan er geen koffie worden gezet. Voor de reiniging, open het dienstluikje vooraan door aan het handvat te trekken (fig. 15); het controlelampje knippert (zie par. 12 punt 9); verwijder nu het druipbakje (fig. 16), ledig en reinig het. Maak het bakje voor koffiedik leeg en reinig het, door alle restjes die zich op de bodem hebben afgezet zorgvuldig te verwijderen. Droog ook eventuele druppels condensvocht af aan de binnenkant van het apparaat en onder het druipbakje. BELANGRIJK: wanneer het druipbakje wordt verwijderd, is het VERPLICHT het bakje voor koffiedik leeg te maken, zelfs als dit bakje niet helemaal vol is. Doet u dit niet, dan kan het bij het zetten van de volgende kopjes koffie gebeuren dat het bakje voor koffiedik sneller dan voorzien vult en dat het apparaat verstopt raakt met schijven samengeperste koffie.
OPMERKING 8: met verloop van tijd kan het gebeuren dat de maalmessen versleten raken en dat de koffie een andere smaak krijgt, omdat de koffiebonen grover worden gemalen.
Om dit te voorkomen, wordt de maalgraad aangepast met behulp van de relatieve regelknop (fig. 17), die een beetje tegen de wijzers van de klok in wordt gedraaid zoals beschreven in hoofdstuk 6.
OPMERKING 9: wanneer het apparaat lange tijd niet wordt gebruikt, wordt de infusor gereinigd zoals beschreven in par. 10.2.
OPMERKING 10: wanneer het apparaat koffie afgeeft, wordt het waterreservoir nooit verwijderd. Mocht dit toch gebeuren, dan slaagt het apparaat er niet meer in koffie te zetten en knippert het controlelampje (water op). Wanneer u nog een kopje wilt zetten, zal het apparaat rumoerig zijn en geen koffie afgeven. Om de werking te herstellen, wordt de stoomknop helemaal tegen de wijzers van de klok in gedraaid en wordt gedurende enkele seconden water afgegeven uit het cappuccinomondstuk.
Bij het eerste gebruik is het noodzakelijk 4/5 kopjes koffie te zetten voordat het apparaat een bevredigend resultaat begint te geven.
Wanneer een alarmlampje oplicht om een probleem aan te geven, wend u zich niet onmiddellijk tot een technisch servicecentrum. Het probleem kan meestal worden opgelost door de aanwijzingen in de hoofdstukken 12 en 13 te volgen. Mocht dit onvoldoende zijn of voor inlichtingen, wij raden aan contact op te nemen met de klantendienst door te bellen naar het nummer dat u vindt op de bijgevoegde pagina 2. Indien uw land niet is opgenomen in de lijst, bel dan het nummer dat u in de garantie vindt.
Fig.13
6 REGELING VAN DE MAALGRAAD
De koffiemaler hoeft niet te worden geregeld, tenminste niet in het begin, omdat dit reeds in de fabriek is gebeurd, met het oog op een correcte koffieafgifte. Indien u evenwel na de eerste 15-20 kopjes vaststelt dat de koffie te snel of te langzaam (druppelend) wordt afgegeven, moet de maalgraad worden geregeld aan de hand van de regelknop van de maalgraad (fig. 17). Wanneer deze knop even in wijzerzin wordt gedraaid (één cijfer), bekomt men een snellere koffieafgifte (niet druppelsgewijs).
Draait u de knop tegen de wijzers van de klok in, dan bekomt men een langzamere afgifte en ziet de crème er beter uit.
Het effect van deze regeling wordt pas duidelijk na de afgifte van minstens 2 opeenvolgende kopjes koffie.
De regelknop van de maalgraad mag alleen worden gedraaid terwijl de koffiemaler in werking is.
Fig.14

Om een langzamere koffieafgifte en een beter geslaagde crème te bekomen, tegen de wijzers van de klok draaien (= koffiebonen fijner gemalen).
Om een snellere koffieafgifte te bekomen (niet druppelsgewijs), in wijzerzin draaien (= koffiebonen grover gemalen).
Fig. 15
OPMERKING 1: Om de werking van dit apparaat te controleren werd koffie gebruikt. Het is dus volkomen normaal dat sporen van deze koffie zichtbaar zijn in de koffiemaler.
Wij garanderen in ieder geval dat dit apparaat nieuw is.
Fig.17
Fig.16
7 ESPRESSOKOFFIE ZETTEN MET VOORGEMALEN KOFFIE (IN PLAATS VAN KOFFIEBONEN)
- Druk op de knop ≡ om de functie voorgemalen koffie te selecteren (fig. 18). Het controlelampje in de knop brandt om aan te geven dat de functie is geselecteerd en de koffiemaler is uitgesloten.
- Til het dekseltje in het midden op en doe een maatlepel voorgemalen koffie in de trechter (fig. 19). Ga vervolgens te werk zoals beschreven in hoofdstuk 5.
N.B.: Het is mogelijk 1 kopje koffie per keer te zetten door te drukken op de knop.
OPMERKING 1: Doe nooit voorgemalen koffie in het apparaat wanneer dit uitgeschakeld is, om te voorkomen dat de koffie verloren gaat in het apparaat.
OPMERKING 2: Gebruik nooit meer dan 1 maatlepel koffie, zo niet zet het apparaat geen koffie en gaat de gemalen koffie verloren in het apparaat, dat vuil wordt, of wordt de koffie druppelsgewijs afgegeven.

OPMERKING 3: Om de juiste hoeveelheid koffie te doseren, gebruik alleen de bijgeleverde maatlepel.
OPMERKING 4: Doe in de maatlepel alleen voorgemalen koffie voor espressoapparaten: gebruik geen koffiebonen, oploskoffie of ander materiaal dat de machine kan beschadigen.
OPMERKING 5: Mocht meer dan een maatlepel voorgemalen koffie de trechter verstoppen, gebruik dan een mes om de koffie te laten zakken (fig. 20). Verwijder de infusor. Reinig de infusor en het apparaat zoals beschreven in paragraaf 10.2 "Reiniging infusor".
- Na de koffieafgifte en indien men koffie wilt zetten met koffiebonen, schakel de functie voorgemalen koffie uit door nogmaals te drukken op de knop (het controlelampje dooft en de koffiemaler wordt weer in werking gesteld).
- Controleer altijd of de groene controlelampjes en 1/2 continu branden.
- Draai het cappuccinomondstuk naar de buitenkant van het apparaat toe (fig. 3). Zet een recipient onder het cappuccinomondstuk (fig. 3).
- Draai de stoomknop een halve toer tegen de wijzers van de klok in (fig. 5): er druppelt warm water uit het cappuccinomondstuk en in het onderliggend druipbakje.
- Om de afgifte van warm water te onderbreken, draai de knop volledig in wijzerzin (fig. 6) en breng het cappuccinomondstuk in zijn oorspronkelijke stand naar het midden van het apparaat toe. (Het is raadzaam niet langer dan 2 minuten warm water af te geven).
Fig.18
NL
Fig.19
Fig.20
9 BEREIDING VAN CAPPUCCINO (GEBRUIK MAKEND VAN DE STOOM)
Vul een recipient met ongeveer 100 gram melk voor elk kopje cappuccino dat men wilt bereiden. Wat de grootte van dit recipient betreft, wordt er rekening mee gehouden dat het volume van de melk verdubbelt of verdrievoudigt. Het is aangeraden half afgeroomde melk op koelkasttemperatuur te gebruiken. - Verplaats het cappuccinomondstuk naar buiten (fig. 3) - Zet de espressokoffie zoals beschreven in de voorgaande paragrafen. Gebruik voldoende grote kopjes. - Druk op de stoomknop (fig. 21). Het controlelampje van de stoom (fig. 22) begint te knipperen om aan te geven dat het apparaat aan het voorverwarmen is. - Wanneer het controlelampje van de stoom blijft branden en niet langer knippert, heeft het apparaat de optimale temperatuur bereikt om stoom te produceren (hoofdstuk 11 - punt 6). - Onmiddellijk hierna, binnen twee minuten (zoniet gaat het apparaat automatisch terug naar de functie koffie), dompel het cappuccinomondstuk onder in het recipient met melk (fig. 23) en let erop dat de reliëfstreep op het cappuccinomondstuk zich niet onder de melk komt te staan (aangegeven met de pijl in fig. 24). Draai de stoomknop een halve toer tegen de wijzers van de klok in (fig. 5). (Let erop u niet te verbranden). Uit het cappuccinomondstuk komt stoom dat het volume van de melk doet toenemen en de melk romiger doet worden. Om een romiger crème te bekomen, het cappuccinomondstuk onderdompelen in de melk en langzame draaibewegingen maken van onder naar boven met het recipient. (Het is raadzaam niet langer dan 2 minuten na elkaar stoom af te geven). - Wanneer de gewenste temperatuur wordt bekomen, wordt de stoomafgifte onderbroken door de stoomknop volledig in wijzerzin te draaien (fig. 6) en op de stoomknop te drukken (fig. 21) om de stoomfunctie uit te schakelen. - Giet het melkschuim in de kopjes met de eerder gezette espressokoffie. De cappuccino is klaar (zoet naar wens en strooi eventueel wat cacaopoeder op het melkschuim).
OPMERKING 1: wanneer onmiddellijk na het bereiden van de cappuccino en het uitschakelen van de stoomfunctie door te drukken op de stoomknop (fig. 21) op de knop (fig. 12) of (fig. 13) wordt gedrukt om opnieuw koffie te zetten, is de temperatuur van het apparaat te hoog (de groene controlelampjes knipperen om aan te geven dat de temperatuur niet geschikt is) en moet een tiental minuten worden gewacht, tot het apparaat wat afgekoeld is.
TIP: Om het apparaat sneller af te koelen na de uitschakeling van de stoomfunctie, open de stoomknop en laat het water uit het cappuccinomondstuk in een recipient druppen tot de groene controlelampjes niet langer knipperen.
Fig.21
Fig.22
Fig.23
Fig.24
OPMERKING 2: Het is belangrijk het cappuccinomondstuk na elk gebruik schoon te maken. Ga als volgt te werk:
- Draai de stoomknop gedurende enkele seconden volledig tegen de wijzers van de klok in om wat stoom of water af te geven (fig. 5). Op die manier elimineert het stoompijpje eventuele melkresten. BELANGRIJK: Om hygiënische redenen is het raadzaam deze handeling altijd uit te voeren, om te voorkomen dat de melk stagneert in de leidingen van het cappuccinomondstuk.
- Draai de stoomknop volledig in wijzerzin en houd met een hand het greepje van de buis van het cappuccinomondstuk vast, dat met de andere hand in wijzerzin wordt gedraaid maar beneden toe worden weggehaald (fig. 25). Haal het stoompijpje van de afgiftepijp, door het naar beneden te trekken (fig. 26).
- Was zorgvuldig het cappuccinomondstuk en het stoompijpje af met lauw water.
- Controleer of de gaatjes aangegeven door de pijlen in fig. 27 niet verstopt zijn. Indien nodig, de gaatjes vrijmaken met behulp van een naald.
- Hermonteer het stoompijpje door het stevig naar boven in de afgiftepijp te draaien.
- Hermonteer het cappuccinomondstuk door het naar boven te duwen en tegen de wijzers van de klok in vast te draaien.
10 REINIGING EN ONDERHOUD
- Vóór elke reinigingsbeurt dient het apparaat afgekoeld en losgekoppeld te zijn van het elektriciteitsnet.
- Dompel het apparaat nooit onder in water: het is een elektrisch apparaat.
- Gebruik voor de reiniging van het apparaat geen oplosmiddelen of schurende producten. Een vochtige en zachte doek volstaat.
- Alle onderdelen van de machine worden NOOIT gewassen in de vaatwasmachine.
10.1 REINIGING VAN HET APPARAAT
- Reinig het bakje voor koffiedik (beschreven in het hoofdstuk 5, opmerking 7) telkens wanneer het controlelampje continu brandt (hoofdstuk 12 - punt 3).
- Het is aanbevolen het waterreservoir regelmatig om te spoelen.
- Het druipbakje is voorzien van een indicator (rood) van het waterniveau in het bakje. Wanneer het zichtbaar begint te worden (enkele millimeter onder het druipbakje), moet het bakje worden geledigd en gereinigd.
- Controleer of de gaatjes van de afgiftgroep waaruit de koffie komt niet verstopt zijn. Om ze vrij te maken, een naald gebruiken om de koffierestjes weg te schrapen (fig. 28).
Fig.25
Fig.26
Fig.27
Fig.28
10.2 REINIGING VAN DE INFUSOR
De infusor moet periodiek worden gereinigd, om koffieafzettingen te voorkomen (die een verstoorde werking tot gevolg kunnen hebben). Om te reinigen, als volgt te werk gaan:
- Zet het apparaat uit door te drukken op de knop ① (fig. 4) (niet door de stekker uit het stopcontact te halen) en wacht tot alle controlelampjes uitgaan; open het dienstluikje (fig. 15);
- Verwijder het druipbakje en het bakje voor koffiedik (fig. 16) en was deze;
- Druk zijlings de twee rode zijlipjes van de infusor naar het midden toe (fig. 29) en trek hem uit het apparaat;
LET OP: de infusor kan alleen worden verwijderd wanneer het apparaat uit is. Indien u probeert de infusor te verwijderen terwijl het apparaat nog aanstaat, kunt u het apparaat beschadigen.
- Spoel de infusor af onder de kraan en gebruik geen reinigingsmiddelen. Was de infusor nooit in de vaatwasmachine;
- Maak het apparaat aan de binnenkant zorgvuldig schoon. Om koffierestjes te verwijderen, krab met een houten of plastic vork (fig. 30) en zuig de restjes op met een stofzuiger (fig. 31);
- Hermonteer de infusor door hem over de interne houder en op de pin onderaan te schuiven; duw stevig op het symbool PUSH tot de infusor vastklikt.

Fig.29
Fig.30
Fig.31
Controleer of de twee rode knopjes naar buiten gesprongen zijn, anders gaat het luikje niet open.
Beide rode knoppen zijn OP CORRECTE WIJZE naar buiten gesprongen
VERKEERD
JUIST
Beide rode knoppen zijn niet naar buiten gesprongen
OPMERKING 1: Indien de infusor niet correct geplaatst is tot hij vastklikt, is het niet mogelijk het dienstluikje te sluiten en het apparaat te doen werken (wanneer het apparaat wordt aangezet, blijft het controlelampje knipperen (hoofdstuk 12 - punt 9)).
OPMERKING 2: Indien de infusor moeilijk geplaatst raakt, is het noodzakelijk (alvorens hem te plaatsen) hem op de juiste afmeting te brengen door tegelijk krachtig te drukken op de onder- en bovenkant, zoals aangegeven in figuur 32.
NOTA 3: Indien de infusor nog moeilijk in te brengen is, neem hem dan uit het apparaat. Doe het luikje dicht, trek de stekker uit het stopcontact en steek hem weer in het stopcontact. Wacht tot alle controlelampjes doven en open dan het luikje om de infusor in te brengen.
- Herplaats het druipbakje met het bakje voor koffiedik
- Doe het dienstluikje dicht.
NL Fig.32
10.3 ONTKALKING
Omwille van het voortdurend opwarmen van het water dat wordt gebruikt om koffie te zetten, is het normaal dat het apparaat met verloop van tijd kalkafzettingen vertoont. Wanneer het controlelampje knippert (hoofdstuk 12 - punt 5), moet worden overgegaan tot de ontkalking van het apparaat.
Opmerking: wanneer het controlelampje brandt, kunt u nog koffiezetten. Als volgt te werk gaan:
- Bereid de oplossing zoals aangegeven op de verpakking van het ontkalkingsproduct dat meegeleverd wordt (voor de aankoop kunt u terecht in een Technisch Servicecentrum De Longhi). GEBRUIK ENKEL EN ALLEEN HET ONTKALKINGSPRODUCT VAN DE' LONGHI.
- Giet de inhoud van een fles ontkalkingsproduct (0,5 liter) in het waterreservoir en voeg er evenveel water aan toe (0,5 liter zoals aangegeven op de fles).
- Zet onder het cappuccinomondstuk een recipient met een minimale inhoud van 1,5 liter (fig. 3);
- Zet het apparaat aan door te drukken op de knop. (fig. 4)
- Wacht tot de groene controlelampjes niet langer knipperen.
- Houd de knop gedurende minstens 5 seconden ingedrukt (fig. 14). Het controlelampje in de knop licht op (hoofdstuk 11 - punt 8) om aan te geven dat het ontkalkingsprogramma gestart is (de controlelampjes blijven uit om aan te geven dat geen koffie kan worden gezet).
- Draai de stoomknop een halve toer tegen de wijzers van de klok in (fig. 5). De oplossing met ontkalkingsproduct drupt UIT
het cappuccinomondstuk en in het onderliggend druipbakje.
- Het ontkalkingsprogramma voert automatisch een reeks van afgiftes en pauzes uit, teneinde de kalkafzettingen aan de binnenkant van het koffiezetapparaat te verwijderen. Na ongeveer 30 minuten, wanneer het controlelampje brandt (hoofdstuk 12 - punt 1), de stoomknop een halve toer in wijzerzin draaien (fig. 6).
Het is noodzakelijk te spoelen, om restjes van de oplossing met ontkalkingsproduct uit de binnenkant van het apparaat te verwijderen. Ga als volgt te werk:
Verwijder het waterreservoir, spoel het en vul het met fris water. Herplaats het waterreservoir. - Maak het volle recipient (onder het cappuccinomondstuk) leeg en plaats het terug. - Draai de stoomknop een halve toer tegen de wijzers van de klok in (fig. 5). Warm water drupt uit het cappuccinomondstuk en in het onderliggend druipbakje. - Wanneer het reservoir leeg is, dooft het controlelampje, terwijl het controlelampje (hoofdstuk 12 - punt 1) oplicht. - Draai de stoomknop volledig in wijzerzin (fig. 6) en vul het waterreservoir met fris water. - Het ontkalkingsprogramma is nu afgelopen en het apparaat is klaar om opnieuw te worden gebruikt.
Opmerking: indien het ontkalkingsprogramma wordt onderbroken voor het einde, gaat het alarm (hoofdstuk 12 - punt 5) niet uit en moet het programma van vooraf worden herbegonnen.
BELANGRIJK: DE GARANTIE VERVALT INDIEN DE HIERBOVEN BESCHREVEN REINIGING NIET REGELMATIG WORDT UITGEVOERD.
10.4 PROGRAMMERING VAN DE HARDHEID VAN HET WATER
Het alarm (hoofdstuk 12 - punt 5) treedt in werking na een welbepaalde werkingsperiode die werd ingesteld in de fabriek, rekening houdende met het maximaal kalkgehalte aanwezig in het water dat wordt gebruikt. Deze werkingsperiode kan worden verlengd, waardoor de ontkalking minder frequent wordt uitgevoerd. Dit kan door het apparaat te programmeren in functie van het reële kalkgehalte aanwezig in het gebruikte water. Als volgt te werk gaan:
- Haal het reageerstrookje "Total hardness test" (dat u bij pag. 2 vindt) uit de verpakking en dompel het enkele seconden volledig onder in het water (fig. 33). Haal het uit het water en wacht ongeveer 30 seconden (tot het strookje van kleur verandert en rode blokjes zichtbaar worden);
- Zorg ervoor dat het apparaat uit is (alle controlelampjes gedoofd);
- Druk op de knop (fig. 14) en houd deze 5 seconden ingedrukt. De vier controlelampjes, en, lichten op.
- Druk herhaaldelijk op de knop (fig. 18) tot er zoveel controlelampjes oplichten als er rode vakjes aanwezig zijn op het reageerstrookje (vb. indien er op het reageerstrookje 3 rode vakjes zichtbaar zijn, moet 3-maal op de knop worden gedrukt om de 3 controlelampjes, en tegelijk te doen oplichten).
- Druk op de knop [fig. 14] om het gegeven in het geheugen te bewaren. Nu is het apparaat geprogrammeerd om te melden wanneer effectief moet worden overgegaan tot het ontkalken.
11 BETEKENIS VAN DE CONTROLELAMPJES BIJ EEN NORMALE WERKING
| CONTROLELAMPJES | BESCHRIJVING | BETEKENIS | |||
| 1 | ① | De contrôleampjes 6 en 6 knipperen. | Het apparaat is nicht klaar om te worden gezrukt (de temperatuur van het water heeft nog nicht de ideale waarde bereikt om koffie te zieten). Wacht om koffie te zieten tot de controleampjes continu branden. | ||
| 2 | ① | De contrôleampjes 6 en 6 branden continu. | Het apparaat heeft de juiste temperatuur bereikt om koffie te zieten. | ||
| 3 | ① | Het contrôleampje 6 brandt continu. | Het apparaat geeft een kopje koffie af. | ||
| 4 | ① | Het contrôleampje 6 brandt continu. | Het apparaat geeft twee kopjes koffie af. | ||
| 5 | ① | Het contrôleampje 6 van de stoom knippert. | Het apparaat warmth op om de juiste temperatuur te bereiken voor de productie van stoom. Wacht tot het lampje continu brandt vooraleer de stoom-knop te draaien. | ||
| 6 | ① | Het contrôleampje 6 brandt continu. | Het apparaat is klaar om stoom af te given en de stoomknop kan worden gedraaid. | ||
| 7 | ○ | ○ | ○ | Het contrôleampje brandt continu. | De machine werk vooraf ingesteld om te worden gezrukt met voorgemalen koffie (zie hoofdstuk 7). |
| 8 | ○ | ○ | ○ | Het contrôleampje 6 brandt continu. | Het automatisch ontkalkingsprogramma is aan de gang (zie par. 10.3). |
12 BETEKENIS VAN DE ALARMLAMPJES EN WAT TE DOEN WANNEER DEZE BRANDEN
| CONTROLELAMPJES | BESCHRIJVING | BETEKENIS | WAT TE DOEN | |
| 1 | Het controleampje brandt continu. | Het waterreservoir is leeg of verkeerd geplaatst. | Spool of ontkalk het waterreservoir op de manier beschreven in hoofdstuk 5, opmerking 5 en duw hem goed in het apparaat. | |
| Het waterreservoir is vuil of vol kalkafzettingen. | Spool of ontkalk het reservoir. | |||
| 2 | Het controleampje knippert. | Het apparaat zet geen koffie en is luidruchtig. | Draai de stoornkop tegen de wijzers van de klok in (fig. 5), op de manier beschreven in opmerking 10 van par. 5. | |
| De koffie drupt te langzaam. | Draai de regelknop van de maal-graad (fig. 17) even in wijzerzin (hoofdstuk 6). | |||
| 3 | Het controleampje brandt continu. | Het bakje voor koffiedik is vol of werk net geplaatst. | Maak het bakje voor koffiedik leeg en voer de reini-ging uit beschren in hoofdstuk 5 - opmerking 7 en plaats het bakje correct terug. | |
| Na de reiniging, werk het bakje voor koffiedik Niet teruggeplaatst. | Open het luikje en breng het bakje voor koffiedik aan. | |||
| 4 | Het controleampje knippert. | De gemalen koffie werk net in de trechter gedaan met de functie geseleerd. | Vul het bakje met koffiebonen op de manier beschren in par. 7. | |
| De koffiebonen zijn op. | Vul het bakje met koffiebonen op de manier beschren in par. 4.2. | |||
| Wonneer de koffiemolen heel luidruchtig is, betekent dit dat een keftes+tussen de koffiebonen de molen geeft geblokkaerd. | Wend u tot een Servicecentrum De'Longhi. | |||
| 5 | Het controleampje knippert | Geeft aan dat het apparaat vol kalk zit. | Het is noodzakelijk het ontkalkingspro-gramma beschren in hoofdstuk 10.3uit te voeren. | |
| 6 | Het apparaat maar een vreemd geluid en de vier controleampjes , , , , an afwisseledn knipperen. | Na de reiniging werk waarschijn-lijk vergeten de infusor terug in het apparaat te plaatsen. | Laat het Dienstluikje zich en de infusoruit het apparaat. Druk tegelrijk op de knappen 1KOPJE en 2KOPJES tot de vier controleampjes uita gaan. Pas wonneer deze controleampjes gedoofd�, kan het luikje worden geopend en de infusor in het apparaat worden geplaatst (zie par. 10.2). | |
| 7 | De controleampjes en △ knipperen afwisseled. | Het apparaat werk net aangezet en de infusor werk net correct geplaatst. Bijgevolg is het luikje Niet goed zich. | Druk op PUSH aangegeven op de infusor, tot een klik hoorbaar is. Controleer of beiden rode knopjes waar buiten gesprongen� (par. 10.2). Doe het Dienstluikje zich en druk op de knop①. | |
| 8 | De controleampjes en △ branden en knipperen | Het apparaat werk aangezet met de stoomknop open. | Draai de stoomknop volledig in wijzer-zin (fig. 6) | |
| 9 | Het controleampje knippert | Het dienstluikje is open. | Indien u er nicht in slaagt het te sluiten, controleer dan of de infusor correct werk geplaatst (par. 10.2 - opmerking 1). | |
GEBRUIKSAANWIJZINGEN
| CONTROLELAMPJES | BESCHRIJVING | BETEKENIS | WAT TE DOEN | |||
| 10 | ○ | ○ | ○ | Het controleampje △brandt continu en de groene lampjes knipperen. | Na de reiniging ward waarschijn-lijk vergeten de infusor terug in het apparatusat teplaatsen. | Om de infusor te plaatsen, zich par. 10.2. |
| ○ | ○ | |||||
| ○ | ○ | De binnenkant van het apparatusat is bijzonder vuil. | Maak de binnenkant van het appa-raat zorgvuldig schoon, zoals besch-reven in par. 10.2. | |||
| 11 | ○ | ○ | ○ | Het controleampje knippert. | De trechter voor de gemalen kof-fie is verstopt. | Maak de trechter vrij met behulp van een mes, op de manier beschreven in hoofdstuk 7 - opmerking 5 (fig. 20). |
13 PROBLEMEN OP TE LOSSEN ALVORENS DE TECHNISCHE SERVICEDIENST TE BELLEN
Wanneer het apparaat niet werkt en er brandt een controlelampje, is het eenvoudig de oorzaak van de storing te achterhalen en te verhelpen, door hoofdstuk 12 te raadplegen. Indien geen enkel lampje brandt, worden de volgende controles verricht alvorens een beroep te doen op het technisch servicecentrum.
| PROBLEM | OORZAAK | OPLOSSING |
| • De koffie is nicht warm | • De kopjes werden nicht voorverwarmd. | Verwarm de kopjes voor door ze af te spoelenmet warm water of minstens 20 minutes op hetverwarmend deksel van het apparaat te latelystaan (zie hoofdstuk 5 - opmerking 3). |
| • De infusor is te koud | Verwarm de infusor door te drukken op de knop® (fig. 14) alvorens koffie te zetten (zie opmerking 1 van hoofdstuk 5). | |
| • De koffie heeft weinig crème | • Het apparaat gebruikt weinigkoffie tijdens de infusie | Draai de rechtterknop (fig. 7) in wijzerzin (zie hoofdstuk 5 opmerking 2). |
| • De koffie is te grof gemalen | Draai de knop voor de regeling van demaalgraad (fig. 17) even gegen de wijzersvan de klok in (hoofdstuk 6). | |
| • De gebruekte koffiebonen zijn nicht geschikt | Gebruik een soort koffie voor espressoapparaten van een ander merk. | |
| • De koffie worden te langzaamafgegeven | • De koffie is te fjinn gemalen | Draai de knop voor de regeling van de maal-graad (fig. 17) even in wijzerzin (hoofdstuk 6). |
| • Het apparaat gebruikt te veilkoffie voor de infusie | Draai derechtkerknop (fig. 7) gegen de wijzersvan de klok in. | |
| • De koffie worden te snel afgegeven | • De koffie is te grof gemalen. | Draai de knop voor de regeling van de maalgraad (fig.17) even gegen de wijzers van de klok in (hoofdstuk 6). |
| • Het apparaat gebruikt weinigkoffie tijdens de infusie | Draai derechtkerknop (fig. 7) in wijzerzin. |
| PROBLEM | OORZAAK | OPLOSSING |
| · Uit een spuitmond van het afgifteblok komt geen kofie. | · Het gaatje is verstopt. | Krab met een naald de verdroogde koffierestjes weg (fig. 28). |
| · Wanner de stoomknop wordt gedraad, komt geen stoom uit het cappuccino-mondstuk. | · De gaatjes van het cappuccino-mondstuk en het stoompijpje zijn verstopt. | Reinig de gaatjes van het cappuccino-mondstuk en het stoompijpje (zie hoofdstuk 9 - fig. 27). |
| · Wanner worden gedrukt op de knoppen en geeft het apparaat geen koffie maar water af. | · De gemalen koffie kan geblokkeerd+zijn in de trechter. | Haal de koek gemalen koffie met behulp van een mes uit de trechter (zie hoofdstuk 7 - opmerking 5). Reinig de infusor en de binnenkant van het apparaat (zoals beschreven in par. 10.2). |
| · Wanner op de knop ① wordt gedrukt, wordt het apparaat Niet aangezet. | · Het apparaat is Niet onder spanning. | Controler of de stekker van het stroomsnoor in het stopcontact zit. |
| · Onmogelijk de infusor te verwijderen voor de reini-ging. | · Het apparaat is aan. De infusor kan alleen worden verwijderd wannes het apparaat uit is. | Zet het apparaat uit (zie par. 10.2). LET OP: de infusor kan alleen worden verwijderd wannes het apparaat uit is. Ingeval worden getracht de infusor te verwijderen terwijl het apparaat aan is, kan deze LASTe ernstig worden beschadigd. |
| · Er werk voorgemalen kofie gelebruikt (in plaats van koffiebonen) en het appa-raat geeft geen koffie af. | · Er werk te veel voorgemalen koffie gelebruikt. | Verwijder de infusor en maak de bin-nenkant van het apparaat zorgvuldig schoon zoals beschreven in par. 10.2. Herhaal de handeling met maximum 1 staatpel gemalen koffie. |
| · Er werk Niet gedrukt op de knop en het apparaat heeft naast de voorgemalen koffie ook gemalen koffiebonen gelebruikt. | Maak de binnenkant van het appa-raat zorgvuldig schoon zoals beschreven in par. 10.2. Herhaal de handeling nadat eerst op de knop = werk gedrukt, zoals aan-gegeven in hoofdstuk 7. | |
| · De voorgemalen koffie werk aangebrachte wannes het apparaat uit was. | Verwijder de infusor en maak de binnenkant van het apparaat zorg-vuldig schoon zoals beschreven in par. 10.2. Herhaal de handeling nadat het apparaat werk aangezet. | |
| · Er komt geen koffie uit de spuitmonden van het afgif-teblok, maar de koffie loopt langs het dienstluikje, | · De gaatjes van het afgifteblok zitten vol opgedroogde koffie. | Maak de gaatjes vrij met behulp van een naald (zie par. 10.1, fig. 28). |
| · Het meubeltje aan de bin-nenkant van het dienstluikje is geblokkeerd en draaiit nicht. | Maak het meubeltje goed schoon, vooral vlakbij de scharnieren, zodat deze goed functioneren. |