XTD 168 USB - Autoradio TAMASHI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis XTD 168 USB TAMASHI in PDF-formaat.
| Type product | Autoradio |
| Merk | TAMASHI |
| Model | XTD 168 USB |
| Afmetingen (BxHxD) | 178 x 50 x 160 mm (standaard DIN) |
| Gewicht | 0,8 kg |
| Stroomvoorziening | 12 V DC (negatieve massa) |
| Maximaal vermogen | 4 x 50 W |
| Ondersteunde media | USB-stick, FM/AM-radio |
| USB-poort | Ja, vooraan (USB 2.0) |
| Frequentiebereik FM | 87,5 - 108 MHz |
| Frequentiebereik AM | 530 - 1710 kHz |
| RDS-functie | Ja |
| Equalizer | Voorinstellingen: Rock, Pop, Classic, Jazz |
| LCD-scherm | Ja, verlicht |
| Afstandsbediening | Ja, meegeleverd |
| Klok | Ja, 12/24 uur instelbaar |
| Installatie | Dashboardmontage, DIN-sleuf |
| Onderhoud | Reinig met zachte, droge doek |
| Veiligheid | Uitschakelbaar frontpaneel (diefstalbeveiliging) |
| Reparatie | Neem contact op met erkende service |
| Garantie | 1 jaar |
Veelgestelde vragen - XTD 168 USB TAMASHI
Gebruikersvragen over XTD 168 USB TAMASHI
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Autoradio in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding XTD 168 USB - TAMASHI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. XTD 168 USB van het merk TAMASHI.
GEBRUIKSAANWIJZING XTD 168 USB TAMASHI
Hoog uitgangsvermogen (4x25W)

GEBRUIKERSHANDLEIDING EN INSTRUCTIES VOOR INSTALLATIE
INHOUDSTAFEL
INHOUDSTAFEL....NL-1....
HULPSTUKKEN. NL-2
VEILIGHEID....NL.-3....
INSTALLATIE....NL-4
GEBRUIK VAN HET AFNEEMBARE VOORPANEEL.NL-7....

Afneembaar
voorpaneel op de autoradio
X 1

Metalen staafje
X 1

Platte borgring
X 1

Borgring veer
X 2

Zelftappende
schroef
X 1

Schroef
X 4

Zeskantmoer
X 1

Montageschroef
X 1

Extractiesleutel
X 2

USB-adapterkabel
X 1

ISO-connector
X 1

Beschermende behuizing
X 1

Afneembaar voorpaneel X 1

Gebruiksaanwijzingen
X 1
VEILIGHEID
Dit toestel werd ontworpen en vervaardigd om uw veiligheid te garanderen. Een fout in de installatie of het gebruik kan echter gevaarlijk zijn. Het wordt dus ten zeerste aanbevolen om aandachtig deze handleiding te lezen en alle richtlijnen erin na te leven.
VEILIGHEIDSRICHTLIJNEN
Om het risico op elektrische schokken te verkleinen, mag u het toestel niet demonteren. In geval van storing moet u beroep doen op een erkend en gekwalificeerd technicus.
Stel het toestel niet aan vocht bloot. Hou het op een afstand van elke bron van vloeistoffen. Hanteer het toestel niet met vochtige handen om het risico op kortsluiting te vermijden.
Tijdens het rijden mag u het volume niet te hoog instellen, u zou verstrooid kunnen raken en een ongeval veroorzaken. Gebruik geen alcohol om het toestel schoon te maken; gebruik alleen een schone, droge en zachte doek.
Indien het toestel werd blootgesteld aan extreme temperaturen of een bijzonder vochtige omgeving, moet u wachten tot de temperatuur van het voertuig opnieuw normaal is alvorens het toestel in werking te stellen.
Gebruik het toestel niet langdurig zonder de motor te laten draaien. De batterij van het voertuig zou kunnen leegraken. Alvorens de installatie van het toestel in het dashboard af te werken, moet u eerst de aansluitingen uitvoeren en de goede werking van het toestel nagaan.
Gebruik alleen de meegeleverde onderdelen voor de installatie van het toestel.
Plaats geen kabels op plaatsen die aan hoge temperaturen zijn onderworpen om te vermijden dat de isolerende mantel smelt.
Controleer bij het vervangen van de zekering of de stroomsterkte voldoet aan de gegevens meegedeeld door de fabrikant.
GEBRUIKSVOORZORGEN
Gebruik geen gekraste, vervormde of beschadigde disks in het toestel. Indien u er niet in slaagt een disk in te brengen, forceer dan niets.
Breng nooit andere voorwerpen dan een disk in de disklader in (geldstukken, naalden, enz.) want dat kan het toestel beschadigen of een kortsluiting veroorzaken.
Gebruik alleen ronde disks met 12 cm diameter.
Indien het toestel wordt losgekoppeld van de batterij worden de gegevens uit het geheugen gewist.
Indien de disk gekrast, vuil, vervormd is of wanneer de opnamekwaliteit matig is, dan zal de klankkwaliteit tijdens het afspelen eveneens matig zijn.
INSTALLATIE
Opmerkingen:
- Kies de plaats van uw toestel zo dat het de chauffeur niet hindert tijdens het rijden.
- Alvorens de installatie van uw autoradio te voltooien, moet u de kabels aansluiten en nagaan of het toestel correct werkt.
- Raadpleeg uw garagist indien u voor de installatie gaten moet boren of andere werken moet uitvoeren aan uw wagen.
- Installeer het toestel zo dat het de chauffeur niet hindert bij het rijden en de passagier niet kwetst bij bruusk stoppen of geval van nood.
- Indien de installatiehoek groter is dan 30° ten opzichte van het horizontale vlak kan het zijn dat het toestel niet correct werkt.

- Installeer het toestel niet op een plaats waar het blootgesteld is aan hoge temperaturen, rechtstreeks zonlicht of een warmtebron. Vermijd ook contact met stof of vuil en overmatige trillingen.
Verwijder de immobilisatieschroeven van het CD-mechanisme alvorens het toestel te verwijderen.
Alvorens tot de installatie over te gaan, moet u de twee schroeven met de vermelding "REMOVE SCREW" verwijderen.

Opening in het dashboard
Dit toestel kan geïnstalleerd worden in elke opening van het dashboard met de volgende afmetingen (DIN-norm):

NL-4
Installatie van de autoradio
Gelieve eerst alle aansluitingen te testen. Volg daarna de stappen die hieronder worden beschreven om uw toestel te installeren.
-
Controleer of de motor afstaat. Ontkoppel daarna de kabel die verbonden is met de negatieve klem van de batterij van uw voertuig.
-
Ontkoppel de dradenbundel en de antenne.
-
Druk op de toetsopENEGEBRIKevANVHETJAFNEEMBAREer details, zie
VOORPANEEL")
-
Duw het bovenste deel van de behuizing naar boven en trek om deze los te maken.
-
Gebruik de twee extractiesleutels om het toestel uit het montageframe te halen.
Plaats de linker (L) en rechter (R) extractiesleutels zo ver mogelijk (met inkeping naar boven) in hun opening in het midden van de linker en rechter zijde van het toestel. Haal vervolgens de autoradio uit het montageframe.

- Om het frame te monteren, plaats u het in het dashboard. Klap de lipjes van het frame in met behulp van een schroevendraaier. Niet alle lipjes maken het mogelijk om het frame in het dashboard te houden. Kies deze die het best passen bij de grootte van de opening in het dashboard. Om het frame te bevestigen, plooit u de juiste lipjes zo dat ze goed in contact zijn met het dashboard.

-
Sluit de dradenbundel en de antenne opnieuw aan en zorg ervoor dat u daarbij geen draad of kabel klemt.
-
Gebruik het meegeleverde metalen staafje om de achterkant van de autoradio te bevestigen. Gebruik het meegeleverde montagemateriaal (zeskantmoer M5mm, borgring veer) om één van de uiteinden van het metalen staafje te bevestigen op de montageschroef op de achterzijde van het toestel. Plooi indien nodig het metalen staafje om het te kunnen inbrengen in het
dashboard. Gebruik vervolgens het meegeleverde montagemateriaal (zelftappende schroef (5x25 mm), platte borgring) om het andere uiteinde van het metalen staafje te bevestigen op een vast metalen onderdeel van het voertuig onder het dashboard.
- Schuifhet toestel in het frame tot het vastzit.
Gelieve het korte stuk van de schroefdraad aan de achterkant van de autoradio vast te maken en het lange stuk aan het metalen staafje.

- Sluit de kabel opnieuw aan op de negatieve klem van de batterij van uw voertuig.
Plaats de behuizing opnieuw en installeer het voorpaneel (zie het onderde Gebruik van het afneembare voorpaneel
Demontage van het toestel
- Controleer of de motor afstaat. Ontkoppel daarna de kabel die verbonden is met de negatieve klem van de batterij van uw voertuig.
- Druk op de toetsOPENafneembare voorpaneel te verwijderen.
- Duw het bovenste deel van het afneembaar voorpaneel naar boven toe en trek om het voorpaneel er af te halen.
- Plaats de twee extractiesleutels in de openingen in het midden van de linker en rechter zijde van het toestel. Haal daarna de autoradio uit het dashboard.
- Haal de metalen staaf weg die eventueel is vastgemaakt aan de achterkant van het toestel.

VERWIJDEREN VAN HET VOORPANEEL
U kunt het voorpaneel verwijderen om diefstal te voorkomen. Gebruik daartoe de meegeleverde behuizing om het paneel op te bergen en te beschermen tegen schade.
- Druk op de toets OPENom het voorpaneel te kantelen.
- Druk licht op de rechter zijde van het voorpaneel naar links en verwijder het voorpaneel van de radio.
- Plaats het voorpaneel in de beschermende behuizing.




PLAATSEN VAN HET VOORPANEEL
Hou het paneel omgekeerd vast met de toetsen naar beneden. Hou het voorpaneel rechts vast, bevestig de linker zijde van het voorpaneel op de autoradio door dit in te brengen in de linker inkeping die daartoe is voorzien.
Duw vervolgens voorzichtig het voorpaneel naar links en bevestig de rechter zijde in de rechter inkeping.
Kantel daarna het voorpaneel naar boven om het te plaatsen.
AANSLUITINGEN

ISO-CONNECTOR:
DEEL A:
A1: Geen aansluiting
A2: Geen aansluiting
A3: Geen aansluiting
A4 : Batterij B+ (geel)
A5: Antenne (blauw)
A6: Geen aansluiting
A7 : Hulpstuk (rood)
A8: Massa B- (zwart)
DEEL B
B1: Rechts achter + (paars)
B2: Rechts achter - (paars/zwart)
B3: Rechts voor + (grijs)
B4: Rechts voor - (grijs/zwart)
B5: Links voor + (wit)
B6: Links voor - (wit/zwart)
B7: Links achter + (groen)
B8: Links achter - (groen/zwart)
BESCHRIJVING VAN DE AUTORADIO
PLAATS VAN DE TOETSEN EN BEDIENINGEN
Voorpaneel:

Autoradio na verwijderen afneembaar voorpaneel:

NL-9
Beschrijving van de bedieningen en andere onderdelen
(1) Toets Onschakelen / uitschakelen )
(2) LCD-scherm
(3) Knop om het volume / de selectie af te stellen
(4) Toets (openen)
(5) Invoerslot voor disks
(6) Toets disk uitwerpen)
(7) Slot voor SD/MMC-geheugenkaart
(8) USB-poort
(9) Toets MODE (modus)
(10) Toets DISP (op scherm afbeelden)
(11) Antidiefstal-LED
(12) RESET (herinitialiseren)
(13) Toets BAND/ LOUD (band / Loudness)
(14) Zendervoorkeuzetoetsen (1-6)
(15) Toets AMS (automatische zenderopslag / doorlopen van opgeslagen zenders)
(16) Toets afstemmen naar boven,
volgende zender / track, snel voorwaarts)
(17) Toets (afstemmen naar omlaag, vorige zender / track, snel achterwaarts)
(18) Toets AF/REG (alternatieve frequenties/regionale modus)
(19) Toets TA (verkeersberichten)
(20) Toets PTY (programmatype)
(21) Toets EQ (equalizer)
(22) Toets 1/►(weergave / pauze)
(23) Toets 2/SCN (intromodus)
(24) Toets 3/RPT (herhalingsmodus)
(25) Toets 4/SHF (willekeurige volgorde)
(26) Toets5/vorigemap
(27) Toets 6/volgende map
(28) AUX IN-ingang (hulpingang)
Het toestel resetten
U moet het toestel resetten indien u het voor het eerst gebruikt, indien u de batterij van het voertuig heeft vervangen of indien u de aansluitingen heeft gewijzigd.
-
Schakel de autoradio uit.
-
Druk op de toetsen verwijder het voorpaneel. Druk vervolgens op RESET balpen of een dergelijk voorwerp om de fabrieksinstellingen te herstellen.
Aan/uit
U kunt de autoradio inschakelen door op eender welke toets te drukken, behalve op of De autoradio wordt ook ingeschakeld indien u een kaart inbrengt in de gleuf of indien u een USB-randtoestel aansluit op de USB-poort. Indien het toestel is ingeschakeld, moet u langdurig op de toetsodrukken om het uit te schakelen.
De klank regelen
- Draai aan de knop volume/selectie om het volume in te stellen.
- Druk herhaaldelijk op de knop volume/selectie om de audioparameter te selecteren die u wil instellen: het volume (« VOL »), de bastonen (« BASS »), de hoge tonen ("TRB"), de balans ("BAL") of de fader ("FAD").
Draai vervolgens aan de knop volume/selectie om de geselecteerde parameter in te stellen.
In de geluidinstelmodus wordt de huidige instelling bewaard Het toestel keert vervolgens terug naar de vorige modus.
Systeeminstelmenu
Houd de de knop volume/selectie meer dan 2 seconden ingedrukt om naar het systeeminstelmenu te gaan.
Druk vervolgens meermaals op de knop volume/selectie om de verschillende menuopties te doorlopen in de volgorde :
Nadat u uw functie heeft gekozen, drukt u op de knop volume/selectie om de instelling uit te voeren.
« TA SEEK »/« TA ALARM » (verkeersinformatie zoeken / alarm verkeersinformatie)
- Modus « TA SEEK » (verkeersinformatie zoeken) :
Wanneer een station waarop u nog maar net heeft afgestemd gedurende 5 seconden geen verkeersinformatie ontvangt, zoekt de radio het volgende station met een andere PI dat verkeersinformatie uitzendt.
Als het toestel tijdens de gekozen tijd om opnieuw af te stemmen (30 sec. om kort opnieuw af te stemmen of 90 sec. om lang opnieuw af te stemmen) er niet meer in slaagt een station op te vangen dat verkeersinformatie uitzendt, begint het te zoeken naar het volgende station met dezelfde PI. Als er na een zoekcyclus geen enkel station is gevonden met dezelfde PI, zoekt de autoradio het volgende station dat verkeersberichten uitzendt.
- Modus "TA ALARM" (alarm verkeersinformatie):
Selecteer deze modus om het automatisch opnieuw afstemmen te deactiveren. De autoradio zal dan enkel nog een dubbele piep uitzenden (alarm).
Als een pas afgestemd radiostation gedurende 5 seconden geen verkeersinformatie uitzendt, krijgt u een piep te horen.
Als het toestel er tijdens de gekozen afstemtijd niet in slaagt het huidige station te ontvangen, krijgt u een piep te horen.
Wanneer een station waarop nog maar pas is afgestemd nog geen RDS-signaal heeft, verschijnt de indicatie "PI SEEK" (PI zoeken).
Opmerking: TP: (Traffic Program) verkeersinformatie. PI: (Program Identification) programma identificeren.
"PI SOUND" / "PI MUTE"
In bepaalde streken zou het kunnen dat twee verschillende stations dezelfde frequentie hebben maar verschillende PI-codes.
Als u de parameter "PI SOUND" kies, zal de zender het nieuwe station met een andere PI enkele seconden uitzenden alvoren terug te keren naar het station dat eerst werd uitgezonden.
Als u de parameter "PI MUTE" kiest, zendt het station het ontvangen station niet uit.
« RETUNEL »/ « RETUNES »(lang/kortopnieuw afstemmen)
Met deze functie kunt u de duur instellen waarna de radio automatisch moet zoeken naar verkeersinformatie of naar het station met een identieke PI.
- Mode "RETUNE L"(lang opnieuw afstemmen): Het automatisch zoeken gebeurt na 90 seconden:
- Mode "RETUNE S"(kort opnieuw afstemmen): Het automatisch zoeken gebeurt na 30 seconden.
"MASK DPI" / "MASK ALL" (DPI verbergen / alles verbergen)
Iedere alternatieve frequentie (AF) met een verschillende PI of met een RDS-signaal dat niet krachtig genoeg is, wordt normaalgezien verborgen bij het controleren van de PI wanneer het toestel een alternatieve frequentie zoekt. Het toestel gaat dus niet automatisch over naar dit type alternatieve frequentie. Want het zou kunnen dat een AF die geen sterk genoeg RDS-signaal uitzendt geen geldige AF is, maar dat het toestel deze ten onrechte beschouwd als een station met een verschillende PI door de interferenties. Daarom biedt de autoradio de gebruiker een optie ("MASK DPI") die de AF die geen krachtig genoeg RDS-signaal uitzenden niet verbergen.
- Modus "MASK DPI" (AF-frequenties met een verschillende PI verbergen):
verbergt enkel de alternatieve frequenties met een verschillende PI-identificatie.
- Modus "MASK ALL" (alles maskeren):
maskeert de alternatieve frequenties met een sterk signaal die een verschillende PI-identificatie hebben of geen sterk genoeg RDS-signaal uitzenden.
« BEEP 2 ^ND » (piep tweede functie), « BEEP ALL » (actieve piep), « BEEP OFF" (piep gedeactiveerd)
Er bestaan 3 piep-modi.
- « B E E P 2 n d(piep tweede functie) : Er klinkt een piep wanneer u lang op een toets met een dubbele functie drukt om zo de tweede functie van deze toets te activeren.
- «BEEP ON»(piep geactiveerd): Er klinkt een piep telkens wanneer een toets wordt ingedrukt.
- «BEEP OFF»(piep gedeactiveerd) : De piep is gedeactiveerd.
Voorinstellingen equalizer
Er bestaan 4 equalizermodi. Druk herhaaldelijk op de toetsom een van de volgende equalizermodi te selecteren: FLAT (normaal) CLASSICS (klassiek) POP M (popmuziek) ROCK M (rockmuziek) DSP OFF (equalizer gedeactiveerd)
De functie Loudness activeren / deactiveren
Houd de toets Loud ingedrukt om de functie loudness te activeren of te deactiveren.
Selectie van de mode
Wanneer het toestel werkt, druk dan herhaaldelijk op de toeMD een mode te kiezen volgens de onderstaande volgorde: «RADIO», «CD» (disk vereist), «USB» (USB-toestel vereist), «SD/MMC» (SD/MMC-kaart vereist), «AUX» (extern toestel verbinden met de hulpingang).
Opslag van de positie van onderbreking
- Indien u tijdens het afspelen van een disk, een USB-randtoestel of een kaart de autoradio uitschakelt of opnieuw inschakelt, wordt het afspelen hervat waar het werd onderbroken.
- Indien u tijdens het afspelen van een disk, een USB-randtoestel of een kaart van mode verandert en daarna terugkeert naar de vorige mode, wordt het afspelen hervat waar het werd onderbroken.
Informatie weergeven
Druk herhaaldelijk op de toets DisP de volgende informatie weer te geven:
Wanneer u een RDS-zender ontvangt :
In radiomodus: Klok -> Programmatype -> Naam van de zender -> Frequentie ->
In CD/USB/SD/MMC-modus: Klok -> Programmatype -> Frequentie -> Naam van de zender -> Informatie over de huidige modus (CD/USB/SD/MMC) ->
* Indien de klok niet ingesteld is of indien geen enkele informatie over het programmatype ontvangen wordt, verschijnen respectievelijk de aanduidingen « NO CLOCK » (klok niet ingesteld) / « PTY NONE » (programmatype niet gekend).
- Wanneer u een niet-RDS-zender ontvangt :
In radiomodus : « NO CLOCK » (klok niet ingesteld) -> « PTY NONE » (programmatype niet gekend) -> « PS NONE » (naam van de zender niet gekend) -> Frequentie ->
In CD/USB/SD/MMC-modus: « NO CLOCK » (klok niet ingesteld) -> « PTY NONE » (programmatype niet gekend) -> Frequentie -> « PS NONE » (naam van de zender niet gekend) -> Informatie over de huidige modus (CD/USB/SD/MMC) -> De gekozen informatie wordt gedurende 5 seconden weergegeven, daarna keert de autoradio terug naar de eerste weergavemode.
Dempingfunctie in telefoonmodus
Wanneer u een telefoonoproep ontvangt, wordt het geluid van de radio of van de huidige weergegeven drager automatisch uitgeschakeld.
Opmerking : Opdat de dempingfunctie in telefoonmodus beschikbaar zou zijn, dient u uw draagbare telefoon met behulp van een geschikte kabel op de autoradio aan te sluiten.
1. Tijdens een oproep
Wanneer u een oproep ontvangt, verschijnt de aanduiding « TEL CALL » en onderbreekt het toestel de huidige modus.
2. Op het einde van een oproep
Schakel de telefoon uit.
Het toestel keert terug naar de vorige modus emaar de vorige geluidsterkte.
ESP-functie (anti-schok)
Dit toestel is uitgerust met een elektronische schokbeveiligingsfunctie. Deze functie laat toe ingeval van schokken de weergave ongestoord verder te zetten, en dit gedurende meerdere seconden :
CD : 40 seconden.
MP3/WMA : 120 seconden.
Antidiefstal-LED
De autoradio is uitgerust met een antidiefstal-LED die als doel heeft potentiële dieven af te schrikken. De rode LED knippert wanneer het toestel uitgeschakeld is en het voorpaneel verwijderd is.
RADIOFUNCTIE
Druk op de toetsM∅Dde radiomode te selecteren.
Keuze van de radioband
Druk in radiomode herhaaldelijk op de toetBANDén van de drie frequentiebanden te kiezen: FM1 FM2 FM3.
Automatisch / manueel afstemmen (per 50 KHz)
- Automatisch afstemmen:
- Gebruik de toets of omautomatisch een station voorwaarts of achterwaarts te zoeken De indicatie « SEARCH » (zoeken) wordt weergegeven.
De frequentie stijgt of daalt tot de autoradio een station met sterk signaal vindt op de huidig geselecteerde band.
- Druk langdurig op de toets af to het bericht « MANUAL » (manueel) verschijnt op het scherm: de autoradio gaat naar het manueel afstemmen.
- Manueel afstemmen:
Druk herhaaldelijk op de toets af omde frequentie te verhogen of te verlagen en probeer zo een radiostation te vinden op de huidige band. Om de frequentie sneller te verhogen of te verlagen, houdt u de toets of ingedrukt.
Indien bij het manueel afstemmen geen van beide toetsen gedurende 5 seconden wordt geactiveerd, gaat de autoradio automatisch over op automatisch afstemmen. Het bericht "AUTO" verschijnt op het LCD-scherm.
Opslaan van stations en beluisteren van opgeslagen stations
U kunt tot 18 stations opslaan (manueel of automatisch).
- Om een station op te slaan:
- Selecteer een band (indien nodig).
- Stel een station in met behulp van de toetsen/ ! (Zie het onderdeel « Automatisch/manueel afstemmen »).
- Druk gedurende minstens 2 seconden op één van de nummertoetsen van 1 tot 6.
- Een opgeslagen station beluisteren:
- Selecteer een band (indien nodig).
- Druk kort op de nummertoets1(6) die overeenstemt met de preselectie van het gewenste station om dit station te beluisteren. In RDS-mode kiest de autoradio de alternatieve frequentie met het sterkste signaal.
Automatisch opslaan / scannen van de preselecties
- Scannen van de preselecties van stations:
Druk op de toetsAMS de verschillende preselecties van stations te scannen. Indien het signaal voldoende sterk is, zendt de autoradio de eerste preselectie gedurende 5 seconden uit en gaat daarna over naar de volgende preselectie tot het toestel alle preselecties heeft gescand. Uiteindelijk stopt de autoradio dan op de preselectie waar het scannen begon. Tijdens het scannen knippert de aanduiding van het preselectienummer op het LCD-scherm. Druk op de toe AMSm het scannen stop te zetten.
Druk langdurig op de toets AMS om het automatisch opslaan te starten. De autoradio vertrekt van de laagste frequenties en bewaart automatisch de 6 sterkste stations onder de preselectienummers. Wanneer de automatische opslag beëindigd is, voert de autoradio een scan uit van de 6 preselecties die net werden opgeslagen.
RDS-SYSTEEM (RADIO DATA SYSTEM)
De functies van het RDS-systeem zijn:
PI (Program Identification) : identificatiecode van het radiostation.
PS (Program Service) : naam van het radiostation.
PTY (Program Type) : soort programma. Voorbeelden: nieuws, popmuziek, sport,...
TP (Traffic Program) : code die aangeeft dat een station verkeersinformatie uitzendt.
TA (Traffic Announcement) : functie waarmee verkeersinformatie kan worden uitgezonden.
AF (Alternative Frequencies) : functie waarmee u automatisch kunt zoeken naar de best beschikbare alternatieve frequentie.
Modus AF instellen
Druk kort op de toets AF/REGmodus AF te activeren of te deactiveren (alternatieve frequenties).
Wanneer deze functie geactiveerd is, verschijnt de boodschap "AF" op het scherm.
Wanneer de ontvangst slecht wordt, begint de boodschap "AF" te knipperen en gaat het toestel over op alternatieve frequenties.
De boodschap "ALARM" (alarm) wordt weergegeven wanneer het toestel een nooduitzending ontvangt. De geluidssterkte wordt automatisch luider gezet op het voorafgestelde volume als dit initieel lager was.
Beluisteren van regionale uitzendingen
Druk gedurende 2 seconden op de toetsA5/REG regionale mode in of uit te schakelen. Bepaalde stations kunnen soms regionale uitzendingen geven in de plaats van de normale nationale uitzendingen. Wanneer de regionale mode geactiveerd is, blijven de uitzendingen ongewijzigd. Wanneer de regionale mode uitgeschakeld is, ontvangt de autoradio de regionale variant van deze uitzendingen.
PTY gebruiken om een uitzending te selecteren
Met deze functie kunt u een bepaald type uitzending zoeken. Om een programmatype te selecteren, druk op de toetsy. De boodschap "POP M" (popmuziek) of "NEWS" (nieuws) verschijnt op het LCD-scherm Vervolgens kunt u een type programma selecteren met behulp van de toetsen genummerd van 1 tot 6. De programmatypes zijn onderverdeeld in twee groepen: de groep PTY muziek en de groep PTY praatprogramma's:
TIPS:
Wanneer u een type muziekprogramma kiest, stemmen de toetsen 1 tot 6 overeen met de volgende uitzendingen:
Toets Groep PTY muziek
1 POP M (popmuziek), ROCK M (rockmuziek)
2 « EASY M », (lichte muziek), « LIGHT M » (zachte muziek)
3 « CLASSICS », (klassieke muziek), « OTHER M » ( andere muziek)
4 «JAZZ», «COUNTRY»
5 « NATIONM » (Nederlandstalige liedjes), « OLDIES » (retro)
6 « FOLKM » (folkmuziek)
Wanneer u een type praatprogramma kiest, stemmen de toetsen 1 tot 6 overeen met de volgende uitzendingen:
Toets Groep PTY praatprogramma's
Wanneer u een programmatype heeft gekozen, begint het toestel een station te zoeken dat dit soort programma uitzendt. De autoradio houdt op met zoeken zodra het gewenste programma is gevonden. Wanneer het programma geen station vindt dat het geselecteerde programmatype uitzendt, wordt de indicatie "PTY NONE" gedurende 5 seconden weergegeven en wordt het laatst gespeelde station uitgezonden.
Verkeersinformatie uitzenden
U kunt de autoradio zodanig programmeren dat hij de diskmodus, de hulpmodus of het spelende radiostation onderbreekt wanneer er verkeersinformatie wordt uitgezonden.
Druk kort op toets TA om deze TA-modus te activeren of te deactiveren. Wanneer de TA-modus geactiveerd is, zendt het toestel automatisch de beschikbare verkeersinformatie uit. Om het uitzenden van verkeersinformatie te onderbreken zonder de TA-functie te deactiveren, druk kort op toets TA. Het toestel keert dan terug naar de vorige modus. Druk lang op toets TA om "EON TA LOVAL" (EON lokale stations) te selecteren of "EON TA DX" (EON verre stations).
Wanneer u "EON TA LOCAL" selecteert, wordt enkel de verkeerinformatie op stations met een sterk signaal uitgezonden.
Wanneer u "EON TA DX" selecteert zal alle verkeersinformatie de diskmodus, de hulpmodus of de radio onderbreken.
CD/MP3/WMA AFSPELEN
Druk op de toetsMODE diskmode te selecteren.
Een disk laden/uithalen
- Druk op de toetsom het voorpaneel te doen kantelen en een disk in de gleuf in te brengen, met de bedrukte zijde naar boven. Plaats daarna het voorpaneel opnieuw. Het afspelen van de CD begint automatisch.
- Om de disk te verwijderen, drukt u op de toets om het voorpaneel te doen kantelen en daarna op de toetEJECT
Afspelen / pauze
Druk op de toets om het lezen te onderbreken. Druk opnieuw op deze toets om het afspelen te hervatten.
Over naar de volgende/vorige track
- Druk tijdens het afspelen op de toetsom naar de volgende track te gaan. Het tracknummer wordt weergegeven op het scherm.
- Druk tijdens het afspelen op de toetsom naar de vorige track te gaan. Het tracknummer wordt weergegeven op het scherm.
Snel vooruit/achteruit
Hou tijdens het afspelen de toets af ingedrukt om snel vooruit of achteruit te gaan.
Laat de toets los wanneer het toestel bij de gewenste passage aankomt. De CD wordt opnieuw normaal afgespeeld.
Naar de vorige/volgende map gaan
Druk in modus MP3/WMA op toets 5 of 6 om de vorige of de volgende map te selecteren.
Als er geen mappen op de MP3-disk staan, is deze functie niet beschikbaar.
Intro-functie
U kunt de 10 eerste seconden van iedere track na elkaar beluisteren.
Druk in CD/MP3/WMA-mode, tijdens het afspelen, kort op de toets om de 10 eerste seconden van elke track af te spelen.
Druk opnieuw op deze toetsSCN het zoeken stop te zetten en de huidige track volledig te beluisteren..
Herhaald afspelen
Druk in CD/MP3/WMA-mode, tijdens het afspelen, kort op de toeRRTm de track herhaaldelijk af te spelen. Druk opnieuw op deze toets om het herhaald afspelen stop te zetten en het normaal afspelen te hervatten.
Willekeurig lezen
Druk in CD/MP3/WMA-mode, tijdens het afspelen, kort op de toes om alle tracks van de disk in willekeurige volgorde af te spelen. Druk opnieuw op deze toets om het willekeurig afspelen te annuleren.
Een bestand in MP3/WMA-modus zoeken
Er zijn 4 manieren om naar een bestand te gaan in MP3/WMA-modus:
Zoeken op bestandnummer Zoeken op mapnaam of bestandnaam Zoeken in de hoofdmap Zoeken in de huidige map
Zoeken op bestandnummer:
a) Druk eenmaal op de toets AMSe beginnen zoeken op bestandnummer. De indicatie "MP3 T" verschijnt op het scherm en het symbool*knippert.
b) Draai aan de knop volume/selectie om een bestandnummer te selecteren.
Druk vervolgens op de toetsBAND(ENTER) bevestigen en te beginnen met het afspelen van het geselecteerde bestand.
c)U kunt ook het gezochte bestandnummer selecteren met behulp van de volgende toetsen :
| Toets | Overeenstemmend nummer | Toets | Overeenstemmend nummer |
| 1 | 1 | 6 | 6 |
| 2 | 2 | MODE of PTY | 7 |
| 3 | 3 | of TA | 8 |
| 4 | 4 | of AF | 9 |
| 5 | 5 | DISP of ⏻ | 0 |
Druk vervolgens op de toets BAND (ENTER) te bevestigen en te beginnen met het afspelen van het geselecteerde bestand.
Op mapnaam of bestandnaam zoeken:
a) Druk tweemaal op de toetsAMS weergave « » knippert op het scherm.
b) Draai aan de knop volume/selectie om het teken te selecteren dat knippert. De volgende tekens zijn beschikbaar: « A-Z », «
0-9 », « _ », « - », « + ». Druk op de knop volume/selectie om uw keuze te bevestigen. Het volgende teken knippert.
c)U kunt ook het gezochte bestandnummer selecteren met behulp van de volgende toesten :
| Toets | Overeenstemmend nummer | Toets | Overeenstemmend nummer |
| 1 | A, B, C, 1 | MODE of PTY | S, T, U, 7 |
| 2 | D, E, F, 2 | ◄◄ of TA | V, W, X, 8 |
| 3 | G, H, I, 3 | ►► of AF | Y, Z, spatie, 9 |
| 4 | J, K, L, 4 | DISP of ⏻ | _, -, +, 0 |
| 5 | M, N, O, 5 | Knop volume/ selectie | A-Z, spatie0-9,_,-,+ |
| 6 | P,Q,R,6 |
d Druk nadat u de bestandnaam geselecteerd heeft op de toetsBAND(ENTER)en. Het toestel zoekt de bestanden en de mappen met een naam die overeenstemt met wat u heeft ingegeveWanneer het toestel een bestand of een map vindt met deze naam, begint het deze automatisch af te spelen. Als het toestel geen enkel bestand vindt, wordt de boodschap "NO FOUND" (geen resultaat) weergegeven. Wanneer het om een map gaat, gebruik dan de toets AMS om er naar toe te gaan. Draai aan de knop volume/selectie om een bestand te selectereDruk vervolgens op de toetsBAND (ENTER) om uw keuze te bevestigen en te beginnen met het afspelen van het geselecteerde bestand.
In de hoofdmap zoeken:
a) Druk drie maal op de toets AMS te beginnen zoeken in de hoofdmap. De naam van de eerste map wordt weergegeven. b) Draai aan de knop volume/selectie om de verschillende mappen van de hoofdmap te doorlopen en druk vervolgens op de toets BAND (ENTER)lecteren. Als er geen mappen op de drager staan, wordt de boodschap "ROOT"
(hoofdmap) weergegeven.
c) Draai aan de knop volume/selectie om een bestand te selecteren en druk vervolgens op de toeBAND (ENTER) bevestigen.
In de huidige map zoeken:
a)Druk vier maal op de toetsAmSeen bestand te zoeken in de huidige map.
b) Draai aan de knop volume/selectie om de inhoud van de huidige map te doorlopen. Druk vervolgens op de toBAND (ENTER) om uw keuze te bevestigen en te beginnen met het afspelen van het geselecteerde bestaWanneer het om een map gaat, gebruik dan de toets AMS om er naar toe te gaan. Draai aan de knop volume/selectie om een bestand te selecteren. Druk vervolgens op de toetsBAND(ENTER) te bevestigen en te beginnen met het afspelen van het geselecteerde bestand.
U kunt met dit toestel CDs afspelen die zowel CD-tracks als MP3/WMA-bestanden bevatten.
Wanneer u een disk in het compartiment stopt, begint de speler de CD-tracks automatisch af te spelen.
Deze werkwijze is dezelfde voor CD/MP3
Als u van CD-tracks wilt overgaan naar MP3-bestanden of andersom, druk dan lang op toets 5 of 6.
Gebruik van een SD/MMC-kaart:
Wanneer u een SD/MMC-kaart in de gleuf plaatst, begint de autoradio automatisch deze kaart af te spelen. Indien u een disk in het toestel plaatst tijdens het afspelen van een SD/MMC-kaart, begint de autoradio automatisch het disk af te spelen. U kunt op de toetMOKkken om de kaartmode te selecteren. De gebruikswijze van een SD/MMC-kaart is dezelfde als voor CD/MP3/WMA-disks.
Opmerkingen:
- Tijdens het afspelen van een geheugenkaart mag u de kaart niet aanraken of verwijderen.
- Indien de autoradio de kaart niet kan afspelen hoewel u de bovenstaande richtlijnen heeft gevolgd, dan moet u controleren of de kaart in goede toestand is. U kunt deze ook verwijderen en opnieuw in de kaartgleuf inbrengen.
GEBRUIK VAN USB-RANDAPPARATUUR
Gebruik van een USB-randapparaat:
Wanneer u een randapparaat inbrengt in de USB-poort zoekt de autoradio de MP3/WMA-bestanden erop en begint automatisch het afspelen ervan.
Indien u een disk in het toestel plaatst tijdens het afspelen van een USB-apparaat, begint de autoradio automatisch de disk af te spelen. U kunt op de toetMDkken om de USB-mode te selecteren.
Opmerkingen:
- Gebruik indien nodig de USB-adapterkabel.
- Het afspelen van MP3/WMA-bestanden op een USB-randtoestel is identiek met het afspelen van MP3/WMA-bestanden in CD/MP3/WMA-mode.
- Tijdens het afspelen van een USB-randapparaat mag u dit niet aanraken of verwijderen.
- Indien de autoradio het USB-apparaat niet kan afspelen hoewel u de bovenstaande richtlijnen heeft gevolgd, dan moet u controleren of het in goede toestand is. U kunt het ook verwijderen en opnieuw in de USB-poort inbrengen.
- Dit toestel ondersteunt enkel de standaard USB-randapparaten.
- De MP3 USB-spelers worden niet altijd als standaard beschouwd, want een merk of een model van toestel kan zijn eigen normen hanteren. Daarom ondersteunt deze autoradio niet alle MP3-spelers.
- Indien u een MP3-speler wil aansluiten die één of meerdere normale batterijen bevat (niet herlaadbaar) moet u de batterij(en) uit de MP3-speler halen alvorens deze aan te sluiten op de USB-poort. Indien u dat niet doet, kunnen de batterijen ontploffen.
- Gelieve tijdens het afspelen van een USB-randapparaat dit niet uit de USB-poort te halen (verander eerst van mode).
GEBRUIK VAN DE HULPINGANG
Dit systeem beschikt over een hulpingang waarmee u muziek kunt beluisteren op externe toestellen die aangesloten zijn op de autoradio. Druk op de toets om de AUX-mode te selecteren.MOD
OPMERKINGEN OVER DISKS
A. Opmerkingen over disks :
-
Gebruik geen disks die niet overeenstemmen met het standaardformaat (voorbeeld: vierkante, stervormige of hartvormige disks). Deze laatste zouden het toestel kunnen beschadigen. Gebruik uitsluitend ronde disks.
-
Kleef geen etiket op het oppervlak van de disks, dat zou storingen kunnen veroorzaken.
Vuile, bestofte, gekraste of vervormde disks kunnen storingen veroorzaken.
B. Opmerkingen bij CD-R (opneembare compact disks) / CD-RW (opnieuw beschrijfbare disks):
- Gebruik uitsluitend disks met de volgende opschriften:



-
Het toestel leest geen CD-R's en CD-RW's die niet gefinaliseerd werden. (Gelieve voor meer details over het finaliseren van CD's uw handleiding van de CD-R/CD-RW-brander of uw brandsoftware te raadplegen).
-
Afhankelijk van de opnamemode, de disks en het materiaal dat gebruikt werd voor de opname kunnen sommige CD-R/CDRW's niet geschikt zijn voor het toestel. (zie *1)
*1: Volg de onderstaande aanbevelingen voor een beter afspeelresultaat:
a. Gebruik CD-RW's waarvan de snelheid tussen 1x en 4x ligt en brand aan een snelheid tussen 1x en 2x.
b. Gebruik CD-RW's waarvan de snelheid tussen 1x en 8x liqt en brand aan een snelheid tussen 1x en 2x.
c. Gebruik geen CD-RW die al meer dan 5 keer werd gebrand.
d. De autoradio ondersteunt disks die voldoen aan de norm ISO 9660 niveau 1 of niveau 2 of de norm Joliet of Romeo.
C. Opmerkingen bij MP3-bestanden
-
Wanneer u een MP3-bestand een naam geeft, moet u controleren of de extensie van het bestand wel degelijk ".mp3" is.
-
Indien het geen MP3-bestand betreft, ook al is de extensie ".mp3", kan het toestel de inhoud niet herkennen.
D. Hanteren en onderhoud
- Vuile, bestofte, gekraste of vervormde disks kunnen storingen veroorzaken.
- Kleef geen etiketten op de disks en kras er niet in.
- Vervorm de disks niet.
- Plaats de disks altijd in hun doosjes om ze te beschermen.
-
Plaats de disks niet:
-
in direct zonlicht;
-
op een vuile, stoffige of vochtige plaats;
-
in de buurt van het verwarmingssysteem van een auto;
-
op de zetels of het dashboard.
Reinigen
Neem een zachte, droge doek om het oppervlak schoon te maken. Gebruik, indien de disk erg vuil is, een zachte doek die licht gedrenkt werd in isopropylalcohol (gedenatureerd). Gebruik nooit oplosmiddelen zoals benzeen, verdunners of schoonmaakproducten voor vinylplaten want deze zouden het oppervlak van de disk kunnen beschadigen.
Opmerking :
Naargelang de manier waarop hij gebruikt wordt en de omgevingsomstandigheden kan een disk gekrast raken. Ondanks deze krassen kan de disk nog steeds werken. De aanwezigheid van deze krassen betekent niet dat de autoradio defect is.



Niet plooien.

Veeg de disk van het midden naar buiten toe.
E. Voorzorgsmaatregelen i.v.m. het gebruik van nieuwe disks
Een nieuwe disk kan onregelmatigheden bevatten. Soms moet u deze verwijderen met een balpen of potlood. Zie de illustratie.

Voeding....DC 12 V, negatieve klem op de massa
Afmetingen van het toestel....178 (L) x 160 (Pr.) x 50 (H) mm
Instelling van de klank....- Bassen (tot 100 Hz) +/- 10 dB
- Hoge tonen (tot 10 KHz) +/- 10 dB
Maximaal uitgangsvermogen....4 x 25 W
Nominaal uitgangsvermogen....4 x 16 W (r.m.s.)
Stroomsterkte....15 A (max.)
2. CD-SPELER
Signaal/volumeverhouding ....> 55 dB
Scheiding van de sporen ....> 40 dB
Frequentiereactie 40 Hz -18 KHz
Audio-uitgang (RCA)....1,5 Vrms+/-0,3V 10KΩ
Compatibele formaten en bestanden....CD-DA, CD-R/RW, MP3, WMA
3. RADIO
FM
Frequentiebereik....87,5-108 MHz
Tussenfrequentie....10,7 MHz
Gevoeligheid (signaal/volume = 30 dB)....4μV
Signaal/volumeverhouding ....55 dB (mono)
Maximale capaciteit ondersteund door de USB-poort 2 GB
Maximale capaciteit ondersteund door de slot voor SD/MMC-kaart....1 GB
PROBLEMEN EN OPLOSSINGEN
| Problemen | Oorzaken | Oplossingen |
| Het toestel start niet. | Het contact van de wagen is verbroken. | Zet de contactsleutel op “Accessory” zodat het toestel stroom krijgt. |
| De aansluitingen zijn niet correct. | Controleer de aansluitingen. | |
| Eén van de zekeringen van het voertuig is gesprongen. | Controleer de zekeringen van het voertuig. | |
| De zekering achteraan het toestel is defect. | ||
| Onmogelijk de disk te laden of uit te werpen. | Er bevindt zich al een andere disk in de lezør. | Verwijder de disk en plaats de nieuwe. |
| U brengt de disk verkeerd in. Plaats een CD met de bedrukte zijde naar boven. | ||
| Het oppervlak van de disk is vuil, vervormd of gekrast. | Reinig de disk of probeer een andere te spelen. | |
| De temperatuur binnenin het voertuig is te hoog. | Laat de omgevingslucht afkoelen tot een normaal niveau. | |
| Condensatie | Zet de autoradio zonder spanning gedurende ongeveer een uur.Schakel daarna de spanning weer in. | |
| Geen klank. | Het volumeniveau is op het minimum ingesteld. | Stel het volume in op het gewenste niveau. |
| De aansluitingen zijn niet correct. | Controleer de aansluitingen. | |
| De klank verspringt. | De installatiehoek is groter dan 30°. De montagehoek moet kleiner zijn dan 30°. | |
| Het oppervlak van de disk is vuil, vervormd of gekrast. | Reinig de disk of probeer een andere te spelen. | |
| De bedieningen reageren niet. | 1. De ingebouwde microprocessor werkt niet correct omwillie van elektrische storing. | 1. Druk op RESET. |
| 2. Het voorpaneel is niet correct geïnstalleerd. | 2. Plaats het voorpaneel correct. | |
| Geen radio-ontvangst. | De antennekabel is niet correct aangesloten. | Plaats de antennekabel stevig in de antennestekker van de autoradio. |
| Bij het automatisch afstemmen vindt de radio het station niet. | De signalen zijn te zwak. | Selecteer manueel een station.Controleer de aansluiting van de antennestekker. |

Indien u dit toestel in de toekomst wil wegwerpen, hou er dan rekening mee dat elektrische toestellen niet bij het huishoudelijk afval thuishoren. Vraag na waar het dichtstbijzijnde recyclagecentrum is. Raadpleeg uw stadsbestuur of uw verkoper voor meer details (richtlijn elektrisch en elektronisch afval).