MIELE KM 456 - Forn

KM 456 - Forn MIELE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis KM 456 MIELE in PDF-formaat.

📄 40 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag 10 vragen ⚙️ Specs
Notice MIELE KM 456 - page 7
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.
Type productInductiefornuis
MerkMiele
ModelKM 456
Breedte56 cm
Diepte49 cm
Inbouwhoogte5 cm
Gewichtongeveer 11 kg
Aansluiting230 V / 50 Hz
Totaal vermogen7200 W
Aantal kookzones4
Type kookzonesInductie, autodetectie
BedieningTouchControl via sensorvelden
FunctiesPowerBoost, ComfortCook, Stop & Go, timer
VeiligheidKinderbeveiliging, oververhittingsbeveiliging, restwarmte-indicatie
ReinigingVlakke glaskeramische kookplaat, eenvoudig te reinigen
OnderdelenVervangbare kookzone-eenheden, netkabel
Reparatie-indexReparatie door Miele-service of gecertificeerd monteur
Energie-efficiëntieKlasse A (per kookzone)
Geschikt voorInbouw in werkblad

Veelgestelde vragen - KM 456 MIELE

Hoe zet ik de kinderbeveiliging aan?
Houd het toetsblokkeersymbool 3 seconden ingedrukt tot een geluidssignaal klinkt.
Waarom schakelt mijn kookplaat uit tijdens gebruik?
Dit kan door oververhitting komen. Controleer of de ventilatieopeningen vrij zijn. Schakel de plaat uit en wacht 5 minuten.
Welke pannen zijn geschikt voor inductie?
Gebruik pannen met een magnetische bodem (bijv. gietijzer of roestvrij staal met inductiekenmerk).
Hoe stel ik de timer in?
Selecteer een kookzone en druk op timer. Stel de gewenste tijd in met +/-. Bevestig met OK.
Wat betekent de foutcode F12?
F12 duidt op een communicatiefout. Schakel de plaat 30 seconden uit en weer in. Blijft de fout, bel Miele-service.
Kan ik de kookplaat zelf installeren?
Installatie moet door een erkend elektricien worden uitgevoerd vanwege de hoge vermogensaansluiting.
Hoe reinig ik de glaskeramische plaat?
Gebruik een speciale reiniger voor glaskeramiek en een zachte doek. Nooit schurende middelen.
Wat is PowerBoost?
PowerBoost levert extra vermogen voor snel opwarmen, bijv. water koken. Activeer via het betreffende symbool.
Heeft de Miele KM 456 een restwarmte-indicatie?
Ja, na uitschakeling toont een H in het display welke zones nog heet zijn.
Waar vind ik het typeplaatje?
Het typeplaatje zit aan de onderkant van de kookplaat, na uitbouw zichtbaar.

Gebruikersvragen over KM 456 MIELE

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Forn in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KM 456 - MIELE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KM 456 van het merk MIELE.

GEBRUIKSAANWIJZING KM 456 MIELE

Keramische kookplaat KM 456

Lees beslist de gebruiksaanwijzing

voordat u uw apparaat plaatst,

installeert en in gebruik neemt.

Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt

onnodige schade aan uw apparaat.

Algemeen 4

Kookplaat....4

Bedieningspaneel 4

Sensortoetsen en info-displays 5

Kookzones 6

Veiligheidsinstructies en waarschuwingen....7

Een bijdrage aan de bescherming van het milieu....13

Vóór het eerste gebruik....14

Informatie vooraf 14

Reiniging voor het eerste gebruik 15

Bediening 16

Bedieningspaneel met sensortoetsen 16

Inschakelen 16

Tabel vermogensstanden 17

Koken zonder aankookautomaat....18

Koken met aankookautomaat 18

Panherkenning....20

Pangrootteherkenning 21

Het uitschakelen van de panherkenning 21

Uitschakelen en restwarmte-indicatie 23

De juiste pannen 24

Beveiligingen 25

Vergrendeling. 25

Automatische uitschakeling....26

Oververhittingsbeveiliging....28

Klok 29

Het instelprincipe....29

Het instellen van de kookwekker 29

Automatisch uitschakelen van een kookzone 30

Reiniging en onderhoud 31

Nuttige tips 33

Techniek 35

Elektrische aansluiting 35

①④ Vario-kookzones
②⑤ Gewone kookzones
③ Braadzone
⑥ Bedieningspaneel

Bedieningspaneel

Sensortoetsen:

⑦ Kookzonebediening
⑧ Klok (zie de rubriek "Sensortoetsen en info-displays")
⑩ Kookplaat AAN/UIT
⑪ Vergrendeling

Controlelampje:

⑨ Vergrendeling

MIELE KM 456 - Controlelampje: - 1

⑫ Kookzonevergroting
⑬ Toetsen voor het instellen van de vermogensstand en het uitschakelen van de kookzone

Weergave:

⑭ Kookzonevergroting
⑮ 0 = Klaar voor gebruik 1 t/m 12 = Vermogensstand -, = of ã = Restwarmte

$$ \begin{array}{l} \mathcal {Y} = \text { Geen pan of verkeerde pan } \ \text {(zie de rubriek "Panherkenning")} \ F = \text { Foutmelding (zie de rubriek } \ \text {"Automatische uitschakeling"} \end{array} $$

⑯ Standenindicator: het aantal segmenten dat oplicht komt overeen met de ingestelde vermogensstand (uitzondering: zie de rubriek "Koken met aankookautomaat").

Klok:

Kookwekker of automatische uitschakeling van de kookzones links achter □ en links voor □

⑰ Tijdweergave
⑱ Sensortoetsen voor het instellen van de klok

Kookzones

Kookzone KM 456
ø in cm Vermogen in Watt bij 230 V
☐ 14,5/ 21,0 1000 / 2000
☐ 14,51100
☐ 17,0/1500 /
17,0 x 26,52600
☐ 12,0/ 18,0 700 / 1700
☐ 14,51100
Totaal: 8500

Het inbouwen en aansluiten van het apparaat

Dit apparaat mag uitsluitend door een vakman worden ingebouwd en aangesloten. Deze is precies op de hoogte van de landelijke voorschriften en van de voorschriften van het gemeentelijke energiebedrijf en houdt zich daar strikt aan. Wanneer er bij het inbouwen en aansluiten van het apparaat fouten worden gemaakt, kan de fabrikant niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die daar eventueel het gevolg van is.

De elektrische veiligheid van het apparaat is alleen dan gewaarborgd als het wordt aangesloten op een volgens de voorschriften geïnstalleerd aardingssysteem. Het is belangrijk dat u dit controleert en in geval van twijfel de huisinstallatie door een vakman laat controleren. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die is ontstaan door een ontbrekende of beschadigde aarddraad (bijvoorbeeld een elektrische schok).

Het apparaat mag niet met behulp van een verlengsnoer op het elektriciteitsnet worden aangesloten, want dan is de veiligheid van het apparaat niet gegarandeerd.

Het apparaat mag niet worden ingebouwd boven vaatwassers, was- en droogapparaten, alsmede koel- en vriesapparatuur. De soms aanzienlijke stralingswarmte van de kookplaat zou de desbetreffende apparaten kunnen beschadigen.

Dit apparaat mag uitsluitend door een vakman op een niet-stationaire locatie (bijvoorbeeld een boot of camper) worden ingebouwd en aangesloten. Hierbij moet aan alle voorwaarden voor een veilig gebruik worden voldaan.

Verantwoord gebruik

Lees de gebruiksaanwijzing aan- dachtig door voordat u uw appa- raat voor het eerst gebruikt. Dat is vei- liger voor uzelf en u voorkomt onnodige schade aan het apparaat.
Gebruik het apparaat alleen als het is ingebouwd. Alleen dan kunt u er zeker van zijn dat u niet met delen in aanraking komt die onder spanning staan.
Dit apparaat is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk gebruik.
Gebruik het apparaat alleen voor het bereiden van gerechten. Gebruik voor andere doeleinden is niet toegestaan en kan gevaarlijk zijn. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die wordt veroorzaakt door gebruik voor andere doeleinden dan hier aangegeven of door foutieve bediening.

Gebruik dit apparaat niet om er een ruimte mee te verwarmen. Door de hoge temperaturen kunnen brandbare voorwerpen in de buurt van het apparaat vlam vatten. Bovendien wordt hierdoor de levensduur van het apparaat verkort.

Als u het apparaat langdurig en intensief gebruikt, kan het bedieningspaneel warm worden. Dat is normal.

Kinderen

Maak gebruik van de vergrendeling, zodat kinderen het apparaat niet onbedoeld kunnen inschakelen of instellingen kunnen wijzigen.
Het apparaat is bedoeld voor gebruik door volwassenen die volledig op de hoogte zijn van de inhoud van deze gebruiksaanwijzing. Kinderen kunnen de gevaren van een apparaat niet altijd goed inschatten. Houd daarom voldoende toezicht.
Oudere kinderen mogen het apparaat alleen gebruiken als ze weten hoe ze het apparaat veilig moeten bedienen. Ze moeten zich bewust zijn van de gevaren van een foutieve bediening.
Laat kinderen niet met het apparaat spelen.
Het apparaat wordt tijdens het gebruik heet en blijft dat ook nog enige tijd nadat het apparaat is uitgeschakeld. Houd kinderen op een afstand, totdat het apparaat voldoende is afgekoeld en er geen verbrandingsgevaar meer bestaat.
Bewaar geen voorwerpen die voor kinderen interessant zijn in kastjes boven of achter het apparaat. De kinderen klimmen anders misschien op het apparaat en kunnen zich er dan aan branden.

Kinderen kunnen ook verbrandingen oplopen als zij pannen van het apparaat trekken. Bij de vakhandelaar is een speciaal rek verkrijgbaar dat ervoor zorgt dat kinderen niet meer bij het apparaat kunnen komen.
Verpakkingsmateriaal (zoals folies en piepschuim) kan gevaarlijk zijn voor kinderen. Verstikkingsgevaar! Bewaar het verpakkingsmateriaal dan ook buiten het bereik van kinderen en zorg dat het zo snel mogelijk wordt afgevoerd.
Als u het apparaat afdankt, trek dan de stekker uit het stopcontact. Maak de stekker en de aansluitkabel onbruikbaar. U voorkomt daarmee dat het apparaat gevaar oplevert, bijvoorbeeld voor spelende kinderen.

Het voorkomen van schade aan het apparaat

Laat geen voorwerpen op de keramische plaat vallen. Zelfs een licht voorwerp, zoals een zoutvaatje, kan scheuren of barsten veroorzaken als het verkeerd terechtkomt.

Gebruik geen pannen of schalen met een niet gepolijste bodem (bijvoorbeeld gietijzer) of met een scherpe bodemrand. Daardoor ontstaan krassen die niet meer te verwijderen zijn. Ook zandkorrels kunnen krassen veroorzaken.

Voorkom dat suiker in vaste of vloeibare vorm, kunststof en aluminiumfolie op hete kookzones terecht-komen. Deze stoffen smelten, kleven vast en kunnen bij afkoeling scheuren, barsten en andere beschadigingen aan de keramische plaat veroorzaken. Komt per ongeluk toch iets op een hete kookzone terecht, vermeng de suikerhou-dende stoffen dan onmiddellijk met water. Schakel vervolgens de kookzone uit en verwijder de resten met een schraper, zolang de plaat nog heet is. Let op dat u daarbij uw handen niet brandt. Reinig de plaat verder als deze is afgekoeld. Gebruik daarvoor een speciaal reinigingsmiddel voor kookplaten.

Om te voorkomen dat verontreini-gingen inbranden, moet u deze zo snel mogelijk verwijderen. Zorg dat ook de bodem van een te gebruiken pan of schaal schoon, vetvrij en droog is.

Reinig het apparaat nooit met een stoomreiniger. De stoom kan in aanraking komen met onder spanning staande delen en kortsluiting veroorzaken. Door de stoom kunnen ook het oppervlak en onderdelen van het apparaat blijvend beschadigd raken, waarvoor de fabrikant niet aansprakelijk kan worden gesteld.

Gebruik geen kookgerei met een te dunne bodem. Verhit kookgerei nooit leeg, tenzij de fabrikant van het kookgerei een dergelijk gebruik uitdrukkelijk toestaat. De kookplaat kan anders beschadigd raken!

Zet geen hete pannen of schalen op of in de buurt van het bedie-ningspaneel. Hierdoor kunnen de elektronische onderdelen onder het paneel beschadigd raken.

Het voorkomen van brandwon- den

Wanneer u de kookzones gebruikt, worden deze zeer heet. Ook na het uitschakelen blijven ze dat nog enige tijd. De restwarmte-indicator geeft aan of een kookzone nog heet is.

Trek altijd ovenwanten aan of gebruik pannenlappen als u met het hete apparaat werkt. De ovenwanten of pannenlappen mogen niet nat of vochtig zijn, omdat ze de warmte dan beter geleiden. U kunt zich branden!

Verwarm geen dichte blikken en dergelijke op de kookzones, anders ontstaat er overdruk waardoor de blikken uiteenspatten en u zich kunt verwonden.

Gebruik het apparaat niet als werkblad. Als het apparaat per ongeluk wordt ingeschakeld of als het nog heet is, kunnen voorwerpen - afhankelijk van het materiaal - heet worden, smelten of vlam vatten.

Dek het apparaat nooit af met een doek of iets dergelijks. Als het apparaat nog heet is of wordt ingeschakeld, bestaat er brandgevaar.

Houd het apparaat goed in de gaten wanneer u met olie of vetten werkt. Oververhit vet en oververhitte olie kunnen vlam vatten. Daarbij kan ook de afzuigkap in brand raken. Brandgevaar!

Mocht het vet of de olie toch een keer vlam vatten, gebruik dan nooit water voor het blussen! Doof de vlammen met een geschikte deksel, een vochtige doek of iets dergelijks.

Flambeer nooit onder een afzuigkap. Door de vlammen kan de afzuigkap in brand vliegen.

Als het apparaat defect is

Wanneer u een defect aan het apparaat constateert, schakel dan eerst het apparaat uit en daarna de hoofdschakelaar van de huisinstallatie. Draai smeltveiligheden er volledig uit. Is het apparaat niet ingebouwd en heeft het geen vaste aansluiting, trek dan ook de aansluitkabel uit het stopcontact. Pak de aansluitkabel bij de stekker vast.

Bel nu de Technische Dienst. Zorg ervoor dat de hoofdschakelaar niet weer wordt ingeschakeld en dat er geen spanning op het apparaat komt, totdat het defect is verholpen.

Houdt u er rekening mee dat ook bij scheuren en barsten in het apparaat sprake is van een defect. U kunt dan een elektrische schok krijgen!

Reparaties mogen alleen door een vakman worden uitgevoerd. Bij ondeskundig uitgevoerde reparaties loopt de gebruiker grote risico's en kan het apparaat beschadigd raken. Open nooit de ommanteling van het apparaat.

Als dit apparaat binnen de garantieperiode defect raakt, mag het alleen door de Technische Dienst worden gerepareerd, anders vervalt de garantie.

Het voorkomen van andere ge- varen

Als u een stopcontact in de buurt van het apparaat gebruikt, let er dan op dat aansluitkabels van andere apparaten niet in aanraking komen met hete kookzones. De isolatie van de ka- bels kan beschadigd raken, waardoor u een elektrische schok kunt krijgen.

Zorg ervoor dat gerechten altijd voldoende worden verhit. Eventuele bacteriën in het eten worden alleen gedood, wanneer de temperatuur hoog genoeg is (> 70 °C) en lang genoeg wordt aangehouden (> 10 min.).

Gebruik geen serviesgoed van kunststof of aluminiumfolie, want dat smelt bij hoge temperaturen. Brandgevaar!

Als een huisdier op de kookplaat komt, kan het dier een sensortoets aanraken en een kookzone inschakelen. Houd dieren daarom bij het apparaat vandaan.

Wanneer zich onder het apparaat een schuiflade bevindt, zonder tussenbodem, mogen daarin geen licht ontvlambare stoffen of brandbare voorwerpen zoals spuitbussen worden bewaard. Een eventuele bestekbak moet van hittebestendig materiaal zijn.

Het verpakkingsmateriaal

De verpakking beschermt het apparaat tegen transportschade. Het verpakkingsmateriaal is uitgekozen met het oog op een zo gering mogelijke belasting van het milieu en de mogelijkheden voor recycling. Hergebruik van het verpakkingsmateriaal remt de afvalproductie en het gebruik van grondstoffen. Vaak neemt de leverancier de verpakking terug. Als u de verpakking zelf wegdoet, informeer dan bij de reini-gingsdienst van uw gemeente waar u die kunt afgeven.

Het afdanken van het apparaat

Oude elektrische en elektronische apparaten bevatten vaak nog waardevolle materialen. Ze bevatten echter ook schadelijke stoffen die voor het functioneren en de veiligheid van het apparaat nodig waren. Als u het apparaat bij het gewone afval doet of bij verkeerde behandeling kunnen deze stoffen schadelijk zijn voor de gezondheid en het milieu. Verwijder het afgedankte apparaat dan ook nooit met het gewone afval.

MIELE KM 456 - Het afdanken van het apparaat - 1

Lever het apparaat in bij een gemeentelijk inzameldepot voor elektrische en elektronische apparatuur.

Het afgedankte apparaat moet tot die tijd buiten het bereik van kinderen worden opgeslagen. Hierover vindt u meer informatie in het hoofdstuk "Veiligheids-instructies en waarschuwingen".

Informatie vooraf

De kookplaat is voorzien van pan- en pangrootteherkenning. De kookzones functioneren alleen als u geschikte metalen pannen gebruikt of als u de pan- en pangrootteherkenning uitschakelt (zie de rubriek "Het uitschakelen van de panherkenning").

Bij het apparaat wordt een tweede typeplaatje geleverd. Plak dit typeplaatje op de aangegeven plaats achter in uw gebruiksaanwijzing.

Bewaar de gebruiksaanwijzing zorgvuldig en geef deze door aan een eventuele volgende eigenaar van het apparaat.

Reiniging voor het eerste gebruik

Wij raden u aan het apparaat met een vochtige doek te reinigen en daarna weer droog te wrijven, voordat u het voor het eerst gebruikt.

Gebruik voor het reinigen van de keramische plaat geen afwasmiddel, omdat daardoor blijvende blauwe vlekken kunnen ontstaan.

De metalen delen van het apparaat zijn voorzien van een speciaal beschermlaagje, waardoor bij het eerste gebruik geurtjes kunnen ontstaan. Wanneer er geurtjes en damp vrijkomen, betekent dat niet dat het apparaat defect is of verkeerd is aangesloten. Ze verdwijnen na korte tijd.

Bedieningspaneel met sensortoetsen

Het bedieningspaneel van uw kera-mische kookplaat is voorzien van elek-tronische sensortoetsen. Deze reage-ren op vingercontact. U kunt de kook-zones bedienen door met uw vinger de juiste toetsen aan te tippen. De kook-plaat reageert daarop telkens met een akoestisch signaal.

Bedien nooit meer dan één toets tegelijk (behalve bij het uitschakelen van een kookzone of de klok) en houd het bedieningspaneel altijd vrij en schoon, anders reageren de toetsen niet of u activeert onbedoeld functies. Ook kan de kookplaat dan automatisch worden uitgeschakeld (zie de rubriek "Automatische uitschakeling"). Zet nooit hete pannen op het bedieningspaneel om beschadiging van de elektronische onderdelen te voorkomen.

Inschakelen

Om de kookzones te kunnen gebruiken, moet u eerst de kookplaat inschakelen.

Zo schakelt u de kookplaat in:

■ Druk op de Aan/Uit-toets ①.

In de displays van alle kookzones verschijnt een 0, in de displays van de klokken 00. Voert u daarna geen waarden in, dan wordt de kookplaat om veiligheidsredenen na ca. 30 seconden weer uitgeschakeld.

Zo schakelt u een kookzone in:

■ U kunt een kookzone inschakelen door de desbetreffende - of + toets aan te tippen. Kies een vermogensstand tussen 1 en 12.

Als u daarbij met - begint, kiest u koken met aankookautomaat. Als u met + begint, kiest u koken zonder aan-kookautomaat (zie de desbetreffende rubrieken).

Wilt u nog een kookzone inschakelen, waarvan de 0 al uit het display is ver dwenen, raak dan één keer kort de bijbehorende - of + toets aan. De 0 verschijnt en u kunt een vermogensstand kiezen, met of zonder aankookauto- maat.

Tabel vermogensstanden

Deze standen gelden voor alle kookzones:

Bereiding Vermogens-stand
Boter, chocolade, etc. smeltenGelatine oplossenYoghurt maken1 - 2
Saus maken van eigeel en boterKleine hoeveelheden vloeistof opwarmenGerechten warmhouden die snel aankoekenRijst wellen1 - 3
Gerechten verwarmen die veel vocht bevattenGebonden saus of roomsaus maken, bijv. witte-wijnsaus of sauce hollandaiseRijstepap, havermoutpap makenOmelet, eieren zonder korstje bakkenFruit blancheren3 - 5
Diepvriesproducten ontdooienGroente, vis stovenDeegwaren, noten wellenGraan wellen4 - 6
Aankoken en doorkoken van grote hoeveelheden 7
Vis, schnitzel, braadworst, eieren, etc. behoedzaam bakken (zonder oververhitting van het vet)8 - 9
Pannenkoeken, rösti, etc. bakken 9 - 11
Grote hoeveelheden water kokenAankoken11 - 12

De aangegeven standen zijn slechts algemene richtlijnen. Ze hebben betrekking op normale porties voor 4 personen. Als u extra hoge pannen gebruikt, zonder deksel kookt of grotere hoeveelheden bereidt, moet een hogere stand worden ingesteld. Kies een lagere stand, als u kleinere hoeveelheden bereidt.

Koken zonder aankookautomaat

Ga als volgt te werk:

■ Schakel de kookzone met de sensor-toets + in. Druk op de toets, totdat de gewenste vermogensstand in het display verschijnt, bijvoorbeeld: 4.

MIELE KM 456 - Ga als volgt te werk: - 1

De vermogensstand is ook te herkennen aan het aantal segmenten van de standenindicator ⑯. Bij vermogensstand 4 zijn dat vier segmenten.

Koken met aankookautomaat

Als de aankookautomaat geactiveerd is, wordt de desbetreffende kookzone een bepaalde tijd op het hoogste vermogen ingeschakeld. Daarna wordt naar de doorkookstand teruggeschakeld. De aankooktijd hangt af van de ingestelde doorkookstand (zie tabel).

De hoge doorkookstanden (geschikt voor braden) hebben kortere aankooktijden. Deze zijn voldoende om de gebruikte pannen en schalen snel te verhitten.

Doorkookstand Aankooktijd in minuten
1 0,5
2 2,0
3 2,5
4 3,0
5 4,0
6 6,0
7 9,0
8 2,0
9 2,0
10 2,5
11 2,5
12-

Het activeren van de aankookauto- maat:

■ Schakel de kookzone met de sensor-toets - in. Druk op de toets, totdat de gewenste doorkookstand in het display verschijnt, bijvoorbeeld: 3.

Gedurende de aankooktijd branden de 12 segmenten van de standenindicator ⑯. Na de aankooktijd komt het aantal segmenten overeen met de ingestelde doorkookstand.

Voorbeeld:

gedurende de aankooktijd:

3 - + 16

gedurende de doorkooktijd:

MIELE KM 456 - Het activeren van de aankookauto- maat: - 2

Gedurende de aankooktijd kunt u de doorkookstand op elk moment met de + of - toets verhogen of verlagen. De aan- kooktijd verandert dan.

Panherkenning

De panherkenning zorgt voor optimale veiligheid. De kookzone werkt niet,

  • als u een kookzone zonder pan of met een ongeschikte (niet-metalen) pan inschakelt.
  • als u de pan van een ingeschakelde kookzone haalt.

In dat geval verschijnen in het display van de kookzone afwisselend het symbool en de ingestelde vermogensstand dan wel een 0 .

Als u binnen 3 minuten een geschikte pan op de kookzone zet, verdwijnt het symbool en kunt u gewoon doorgaan.

Als u geen (geschikte) pan op de kookzone zet, wordt de kookzone c.q. de kookplaat na 3 minuten automatisch uitgeschakeld.

De panherkenning voorkomt

  • dat kookzones onbedoeld worden ingeschakeld, bijvoorbeeld door kinderen.
  • dat brandgevaarlijke situaties ontstaan, als men na het weghalen van een pan vergeet de kookzone uit te schakelen.

De panherkenning reageert alleen op metalen pannen. Als u toch glazen of ander (hittebestendig) kookgerei wilt gebruiken, kunt u de panherkenning uitschakelen (zie de rubriek "Het uitschakelen van de panherkenning").

De panherkenning reageert ook op andere metalen voorwerpen. Schakel een kookzone daarom na gebruik uit.

Pangrootteherkenning

De pangrootteherkenning schakelt automatisch de kookzonevergroting in, als u een grote metalen pan op de betreffende kookzone zet.

Dat de kookzonevergroting is ingeschakeld, ziet u aan het korte segmentje ⑭ links boven in het betreffende display.

14 5 - +

Het uitschakelen van de panherkenning

Om met glazen en ander (hittebestendig) kookgerei te kunnen werken, kunt u de panherkenning en daarmee tevens de pangrootteherkenning uitschakelen.

Zo schakelt u de panherkenning uit:

■ Schakel de gewenste kookzone in door de toets - of + aan te tippen.

In het display van de kookzone verschijnen afwisselend de waarde 0 en symbool 2.

■ Druk zolang op - of + totdat het symbool ♡ verdwijnt. Daarna kunt u een vermogensstand instellen.

Als u de kookzone uitschakelt, wordt de uitgangssituatie hersteld. De pan- en pangrootteherkenning zijn bij een volgend gebruik weer actief.

Bediening

Als u de pan- en daarmee ook de pan-grootteherkenning heeft uitgeschakeld, kunt u de kookzonevergroting ook handmatig instellen als u grote pannen wilt gebruiken.

Ga als volgt te werk:

- Nadat u de panherkenning heeft uitgeschakeld en een vermogensstand heeft ingesteld, activeert u de kookzonevergroting met de toets Ⓞ.

14 5 - +

Dat de kookzonevergroting is ingeschakeld, ziet u aan het korte segmentje ⑭ links boven in het betreffende display.

U schakelt de kookzonevergroting weer uit door opnieuw toets Ⓞ aan te tippen. U kunt ook de vermogensstand van de kookzone op 0 zetten. Daarna verdwijnt het korte segmentje 14 uit het display.

Uitschakelen en restwarmte-indicatie

Zo schakelt u een kookzone uit:

■ Druk tegelijk op de - en + toets van de betreffende kookzone.

In het display verschijnt gedurende enige seconden een 0. Is de kookzone nog heet, dan geven liggende streepjes de restwarmte weer.

MIELE KM 456 - Zo schakelt u een kookzone uit: - 1

Zo schakelt u de kookplaat uit:

■ Druk op de Aan/Uit-toets ①.

Nu zijn alle kookzones uitgeschakeld. In de displays van de kookzones die nog heet zijn, wordt de restwarmte aangegeven.

De streepjes van de restwarmte-indicatie verdwijnen één voor één als de kookzone afkoelt. Het laatste streepje verdwijnt als de kookzo- ne zover is afgekoeld dat deze zonder gevaar kan worden aangeraakt.

Raak de kookzones niet aan zolang de restwarmte-indicator brandt. Leg er ook geen hittegevoelige voor- werpen op. Doet u dat wel, dan be- staat het risico dat u zich brandt of dat voorwerpen vlam vatten!

Na een stroomstoring worden de streepjes knipperend weergegeven.

De juiste pannen

- De pannen moeten een stabiele onderkant hebben die iets naar binnen buigt. Als de bodem heet wordt, staat deze vlak op de kookzone. Is de bodem niet vlak, dan neemt de bereidingstijd toe.

MIELE KM 456 - De juiste pannen - 1

- De diameter van de pan moet overeenkomen met die van de kookzone of iets groter zijn, zodat geen energie verloren gaat.

Houdt u er rekening mee dat pan- nenfabrikanten vaak de diameter aan de bovenkant vermelden. Van be- lang is echter alleen de (meestal kleinere) bodemdiameter.

MIELE KM 456 - De juiste pannen - 2

- Kook bij voorkeur met een deksel op de pan. Op die manier voorkomt u dat er onnodig warmte ontsnapt.

MIELE KM 456 - De juiste pannen - 3

zonder deksel met deksel

- Schakel bij een lange bereidingstijd de kookzone 5 tot 10 minuten voor het einde uit. U maakt dan optimaal gebruik van de restwarmte.

Vergrendeling

Om te voorkomen dat de kookplaat of kookzones per ongeluk worden ingeschakeld of instellingen worden gewijzigd, is dit apparaat voorzien van een vergrendeling.

De vergrendeling kan worden geactiveerd, als de kookplaat is uitgeschakeld, maar ook als het apparaat in gebruik is.

Wordt de vergrendeling geactiveerd, als de kookplaat uitgeschakeld is, dan kan deze niet meer worden ingeschakeld.

Wordt de vergrendeling geactiveerd, als de kookplaat in gebruik is, dan kan deze alleen nog beperkt worden bediend:

  • De vermogensstanden van de kookzones en de instellingen van de klokken kunnen niet worden gewijzigd.
  • De kookzones en de kookplaat kunnen wel worden uitgeschakeld, maar daarna niet weer worden ingeschakeld.

Zo activeert u de vergrendeling:

■ Druk zo lang op de vergrendelings-toets o— tot het bijbehorende contro-lelampje verschijnt.

Na korte tijd gaat het controlelampje automatisch uit.

Het gaat weer branden, zodra u

  • de vergrendelingstoets o— aanraakt.
  • iets wilt instellen.

Zo schakelt u de vergrendeling uit:

■ Druk zo lang op de toets voor de vergrendeling ⚫ tot het controlelampje uitgaat.

Houdt u er rekening mee dat de vergrendeling bij een stroomstoring wordt uitgeschakeld.

Automatische uitschakeling

... als een kookzone te lang aanstaat

De kookplaat is voorzien van een beveiliging die de plaat automatisch uitschakelt als u vergeet deze uit te zetten.

Is een kookzone langdurig ingeschakeld geweest (zie tabel), zonder dat de vermogensstand is gewijzigd, dan wordt de kookzone automatisch uitgeschakeld. In het display verschijnt de restwarmte-indicator.

■ Als u een kookzone weer wilt inschakelen, doet u dat zoals gebruikelijk.

VermogensstandMaximale bedrijfsduur in uren
110
25
35
44
54
64
73
83
92
102
112
121

... als er iets op het bedieningspaneel ligt

De kookplaat wordt automatisch uitgeschakeld als één of meer sensortoetsen langer dan 10 seconden bedekt zijn, bijvoorbeeld als u uw hand erop legt, een gerecht overkookt of als er voor-werpen op liggen.

Tegelijk hoort u om de 30 seconden een akoestisch signaal (gedurende maximaal 10 minuten) en knippert in de displays van de bedekte sensortoetsen een F:

■ Reinig het bedieningspaneel c.q. verwijder de voorwerpen.

Het signaal gaat uit en de F verdwijnt uit het display.

■ Schakel de kookplaat weer in met de Aan/Uit-toets ①. U kunt het apparaat nu weer in gebruik nemen.

MIELE KM 456 - ... als er iets op het bedieningspaneel ligt - 1

Oververhittingsbeveiliging

Alle kookzones zijn voorzien van een oververhittingsbeveiliging (temperatuurbegrenzer). Deze schakelt de kookzone automatisch uit, als de keramische plaat te heet wordt. Zodra de plaat weer voldoende is afgekoeld, wordt de kookzone weer ingeschakeld.

De oververhittingsbeveiliging reageert, wanneer

  • een kookzone bij uitgeschakelde panherkenning wordt ingeschakeld, zonder dat er een pan op staat.
    – leeg kookgerei verhit wordt.
  • de bodem van de pan niet gelijkmatig op de kookzone aansluit.
  • de pan de warmte niet goed geleidt.

Dat de oververhittingsbeveiliging actief is, ziet u daaraan dat de kookzone ook op de hoogste vermogensstand in- en uitgeschakeld wordt.

De kookplaat heeft twee klokken die aan de kookzones links achter ☐ en links voor ☐ zijn toegewezen. U kunt de klokken als kookwekker of voor het automatisch uitschakelen van de betreffende kookzone gebruiken.

Het instelprincipe

U kunt op elke klok een tijd instellen tussen 1 en 99 minuten. Met de toets - verlaagt u de tijd tot een waarde tussen 99 en 00. Met de toets + verhoogt u de tijd tot een waarde tussen 00 en 99.

U kunt de klok voor afloop van de ingestelde tijd uitschakelen door tegelijk op de toetsen - en + te drukken.

Het instellen van de kookwekker

U kunt de kookwekkerfunctie van beide klokken alleen gebruiken, als de kookplaat ingeschakeld, maar de bij de klok behorende kookzone uitgeschakeld is. De kookwekker functioneert als een gewone mechanische kookwekker.

Ga als volgt te werk:

■ Druk als de kookplaat is ingeschakeld op de toets - of + totdat de gewenste tijd wordt weergegeven, bijvoorbeeld 15 minuten.

MIELE KM 456 - Ga als volgt te werk: - 1

De ingestelde tijd loopt in stappen van een minuut af. U kunt de resterende tijd in het display aflezen en op elk moment veranderen met de toets - of +.

Na afloop van de ingestelde tijd verschijnt in het tijddisplay 00. Tegelijkertijd klinkt er gedurende ca. 10 seconden een akoestisch signaal. Na ca. 30 seconden verdwijnen de nullen 00.

Let op! Als u de kookzone die bij de kookwekker hoort inschakelt, schakelt u de kookwekkerfunctie uit. Met het inschakelen van de kookzone wordt de kookwekkertijd gewist en verschijnt in het display 00.

Automatisch uitschakelen van een kookzone

U kunt de kookzones links achter ☐ en links voor ☐ automatisch laten uitschakelen. Om deze functie te kunnen gebruiken, moet u eerst een vermogensstand instellen.

Ga als volgt te werk:

■ Stel op de gebruikelijke manier een vermogensstand in voor de betreffen-de kookzone.
■ Druk zo lang op de toets - of + van de betreffende klok totdat de gewenste tijd wordt weergegeven, bijvoorbeeld 15 minuten.

4 o - + ⊕ - 15 +

De ingestelde tijd loopt in stappen van een minuut af. U kunt de resterende tijd in het display aflezen en op elk moment veranderen met de toets - of +. Ook de vermogensstand van de kookzone kunt u op elk moment wijzigen.

Na afloop van de ingestelde tijd wordt de kookzone automatisch uitgeschakeld. In het display van de kookzone verschijnt 0, in het tijddisplay 00. Tegelijkertijd klinkt er gedurende ca. 10 seconden een akoestisch signaal. Na ca. 30 seconden verdwijnen alle nullen.

Gebruik nooit een stoomreiniger voor het reinigen van dit apparaat. De stoom kan in aanraking komen met onder spanning staande delen en zo een kortsluiting veroorzaken. Bovendien kunnen door de stoom het oppervlak en onderdelen van het apparaat blijvend beschadigd raken, waarvoor de fabrikant niet aansprakelijk kan worden gesteld.

Gebruik geen puntige voorwerpen, zodat de dichtingen tussen de keramische plaat en de lijst dan wel tussen lijst en werkblad niet beschadigd raken.

Gebruik nooit zand-, soda-/alkali-, zuur- of chloridehoudende reinigingsmiddelen, dan wel ovenspray, reinigingsmiddelen voor vaatwassers, staalwol, ruwe sponzen of harde borstels. Gebruik ook geen sponzen of andere hulpmiddelen die nog resten schuurmiddel bevatten. Deze tasten het oppervlak aan.

Gebruik voor het reinigen van de keramische plaat geen afwasmiddel, omdat daardoor blijvende blauwe vlekken kunnen ontstaan.

Als u een speciaal reinigingsmiddel voor keramische platen gebruikt, houdt u zich dan aan de aanwijzingen van de fabrikant.

Wis de kookzones vervolgens met een vochtige doek af. Er mogen geen resten reinigingsmiddel op de plaat achterblijven, omdat deze de kookplaat kunnen aantasten.

Om te voorkomen dat verontreini- gingen inbranden, moet u deze zo snel mogelijk verwijderen. Zorg dat ook de bodem van een te gebruiken pan of schaal schoon, vetvrij en droog is.

Wrijf het apparaat na elke vochtige reiniging droog. Zo voorkomt u kalkafzetting.

Reinig het apparaat regelmatig, bij voorkeur na elk gebruik. Laat de kookplaat eerst voldoende afkoelen.

Verwijder alle grove verontreinigingen met een vochtige doek. Vastgekoekte verontreinigingen verwijdert u met een schraper.

Reinig de plaat vervolgens grondig met een speciaal reinigingsmiddel voor keramische platen en met keukenpapier of een schone doek. Ook kalkresten (van overgekookt water) en aluminiumvlekken worden zo verwijderd.

Wis het oppervlak daarna met een vochtige doek af en wrijf de plaat weer droog.

Eventueel kunt u een speciaal middel gebruiken dat een water- en vuilafstotend laagje vormt.

Komt suiker, suikerhoudend voedsel, kunststof of aluminiumfolie op een hete kookzone terecht, vermeng de suikerhoudende stoffen dan onmiddellijk met water. Schakel vervolgens de kookzone uit en verwijder de resten met een schraper, zolang de plaat nog heet is. Let op dat u daarbij uw handen niet brandt. Reinig de plaat verder als deze is afgekoeld. Ga daarbij te werk zoals in het voorgaande is beschreven.

Reparaties aan elektrische apparaten mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd. Ondeskundig uitgevoerde reparaties leveren gevaar op voor de gebruiker.

Wat moet u doen als ...

... de kookplaat respectievelijk de kookzones niet kunnen worden ingeschakeld?

Controleer of

  • de vergrendeling geactiveerd is. Is dat het geval, hef deze dan op (zie de rubriek "Vergrendeling").
  • een niet-metalen pan op de kookzone staat, terwijl de panherkenning is ingeschakeld (zie de rubriek "Panherkenning").
  • de zekering van de huisinstallatie doorgeslagen is.

Is het probleem dan nog niet opgelost, haal dan ca. 1 minuut de elektrische spanning van het apparaat en wel als volgt:

  • Schakel de hoofdschakelaar van de huisinstallatie uit c.q. draai de desbetreffende stop eruit of
  • schakel de aardlekschakelaar uit.

Nadat de zekering, de hoofd- of de aardlekschakelaar weer is ingeschakeld, kunt u het apparaat weer normaal gebruiken. Waarschuw een elektricien of de Technische Dienst als u de storing niet zelf kunt verhelpen.

... in het display van een kookzone afwisselend een ♀ en een ♂ (of een vermogensstand) verschijnen?

De kookzone is ingeschakeld, terwijl er geen pan of een ongeschikte pan op staat (zie de rubriek "Panherkenning").

... in de displays van alle ingeschakelde kookzones de restwarmte-indicator knippert?

Er is een stroomstoring geweest. De kookplaat is uitgeschakeld.

U kunt de kookplaat gewoon weer in gebruik nemen. Controleer voordat u dat doet eerst hoe ver de gerechten zijn.

... het apparaat tijdens het gebruik wordt uitgeschakeld en in het display van ten minste één kookzone de restwarmte-indicator of een knipperende F verschijnt en er eventueel een akoestisch signaal te horen is?

Waarschijnlijk was een kookzone te lang ingeschakeld of lag er iets op de sensortoetsen (zie de rubriek "Automatische uitschakeling").

... de verwarming van een kookzone op de hoogste vermogensstand in- en uitgeschakeld wordt?

De oververhittingsbeveiliging is geactiveerd (zie de rubriek "Oververhittingsbeveiliging").

... de inhoud van een pan niet of nauwelijks begint te koken, hoewel u de aankookautomaat heeft ingeschakeld?

De oorzaak kan zijn dat

  • de pan de warmte niet goed geleidt.
  • grote hoeveelheden worden verhit.

Kies de volgende keer een hogere doorkookstand of stel eerst de hoogste vermogensstand in en schakel daarna handmatig terug naar een lagere stand.

... de gevoeligheid van de sensor-toetsen te groot of te klein is?

De instelling van de sensortoetsen is veranderd. U kunt dit als volgt corrigeren:

  • Zorg eerst dat zon- of kunstlicht niet direct op de kookplaat valt. De omgeving van de kookplaat mag echter ook niet te donker zijn.
  • Er mogen zich geen voorwerpen op de kookplaat en de sensortoetsen bevinden. Verwijder eventueel kookgerei en reinig de kookplaat indien dat nodig is.
  • Onderbreek vervolgens de stroom- voorziening van de kookplaat gedu- rende ca. 1 minuut.

Zodra u de stroomvoorziening herstelt, wordt de gevoeligheid van de sensor-toetsen opnieuw ingesteld.

Mocht het probleem daarna nog niet zijn verholpen, neem dan contact op met de Technische Dienst.

Elektrische aansluiting

Dit apparaat mag uitsluitend door een erkend elektricien op het elektriciteits-net worden aangesloten. Deze is op de hoogte van de landelijke voorschriften en de voorschriften van het plaatselijke energiebedrijf en neemt ze zorgvuldig in acht.

Dit apparaat mag alleen worden aangesloten op een huisinstallatie die volgens NEN 1010 is geïnstalleerd. Een aansluiting op een voor het apparaat geschikt stopcontact wordt aanbevolen, omdat dat eventuele werkzaamheden voor de Technische Dienst makkelijker maakt. Als de gebruiker niet meer bij het stopcontact kan komen of als er sprake is van een vaste aansluiting, moet het apparaat via een schakelaar met alle polen van de netspanning kunnen worden losgekoppeld. De contactopening in uitgeschakelde toestand moet minimaal 3 mm bedragen. Geschikt zijn zelfuitschakelaars, zekeringen en relais (EN 60 335).

Voordat u het apparaat aansluit, dient u de aansluitgegevens (spanning en frequentie) op het typeplaatje te vergelijken met de waarden van het elektrici- teitsnet. Deze gegevens moeten beslist overeenkomen.

Dit apparaat mag slechts aan één zijkant en aan de achterkant aansluiten op meubels of wanden die hoger zijn dan het apparaat zelf (zie de bijgevoegde montagehandleiding).

Technische gegevens

Aansluitwaarde:

Zie typeplaatje.

Aansluiting op:

AC 230 V / 50 Hz

Zekering: 16 A

Voor de aansluitmogelijkheden zie ook de bijgevoegde montagehandleiding.

Aardlekschakelaar:

Om extra veiligheid te kunnen garanderen, wordt in de EU-voorschriften en -richtlijnen voor Nederland geadviseerd de huisinstallatie van een aardlekschakelaar (30 mA) te voorzien.

Bij een beveiliging ≤ 100 mA kan het voorkomen dat de aardlekschakelaar reageert, als het apparaat wordt ingeschakeld, nadat het enige tijd niet is gebruikt.

Technische Dienst

Voor storingen die u niet zelf kunt verhelpen, waarschuwt u

  • uw Miele-vakhandelaar of
    – de Technische Dienst van Miele Nederland B.V.

Het adres en de telefoonnummers van Miele Nederland B.V. en de diverse afdelingen vindt u op de achterzijde van deze gebruiksaanwijzing.

Voor een goede en vlotte afhandeling moet de Technische Dienst weten welk type apparaat u heeft en welk serienummer het heeft. Beide gegevens vindt u op het typeplaatje.

Miele-Service-Verzekering-Certificaat

Voor informatie over het Miele-Service-Verzekering-Certificaat kunt u zich wenden tot uw Miele-vakhandelaar of de bijgaande folder raadplegen.

Typeplaatje

Plak hier het bijgevoegde typeplaatje. Controleer of de gegevens op het typeplaatje overeenkomen met de gegevens op het titelblad van deze gebruiksaanwijzing.

U kunt zich wenden tot Miele Nederland B.V.:

Bij storingen:

Voor onderdelenleveranties:

- afdeling Onderdelen -

Telefoon: (03 47) 37 88 80*

Voor overige informatie:

- afdeling Consumentenbelangen -

Telefoon: (03 47) 37 88 87*

MIELE NEDERLAND B.V.

Postbus 166

4130 ED Vianen

Kantoor en Infocentrum Miele-inbouwapparaten:

De Limiet 2

4131 NR Vianen

*) meerdere lijnen

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : MIELE

Model : KM 456

Categorie : Forn