H 212 E - Forn MIELE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis H 212 E MIELE in PDF-formaat.
| Merk | Miele |
| Model | H 212 E |
| Producttype | Inbouwfornuis met keramische kookplaat en oven |
| Kookplaat | Keramisch, 4 kookzones met restwarmte-indicatie en kookzonevergroting linksvoor |
| Oven | Elektrisch, 5 inschuifhoogtes, volume ca. 60 liter (geschat) |
| Verwarmingssoorten oven | Hetelucht, Boven- en onderwarmte, Bovenwarmte, Onderwarmte, Grill, Ontdooien |
| Bediening | Functieschakelaar, temperatuurschakelaar, digitale klok met programmeerfuncties |
| Energieaansluiting | 3N~400V, 5-aderige kabel (draaistroom) |
| Vermogen | Maximale aansluitwaarde: zie typeplaatje (ca. 10 kW geschat) |
| Veiligheid | Deurvergrendeling, restwarmte-indicatie, deurcontactschakelaar, automatische uitschakeling |
| Onderhoud oven | CleanEmail (glad) en katalytisch email (zelfreinigend bij >200°C) |
| Onderhoud kookplaat | Speciale reinigingsmiddelen voor keramisch glas, schraper voor aangekoekte resten |
| Accessoires meegeleverd | Rooster met uittrekbeveiliging, braadslede, vetfilter, schraper |
| Verwijderbare onderdelen | Ovendeur, geleiderails, achterwand, bovenste verwarmingselement |
| Ovenlamp | 230 V, 25 W, E14, thermisch belastbaar tot 300 °C |
| Akoestisch signaal | Instelbaar, 3 verschillende tonen |
| Inbouw | Uitsparing in werkblad vereist, fornuis moet worden ingebouwd in onderkast |
| Garantie | Miele Service Verzekering Certificaat optioneel |
| Reparatie | Technische Dienst Miele Nederland B.V. (telefoon: 0347 37 88 88) |
| Handleiding | Verkorte handleiding aan binnenzijde ovendeur |
Veelgestelde vragen - H 212 E MIELE
Gebruikersvragen over H 212 E MIELE
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Forn in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding H 212 E - MIELE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. H 212 E van het merk MIELE.
GEBRUIKSAANWIJZING H 212 E MIELE
Aan de binnenkant van de ovendeur staat een verkorte handleiding.
De volgende symbolen worden daar afgebeeld:
Soort gebak, gerecht
○ ★ ♥ - koekjes
- plaatkoek van gistdeeg
- tulband
- cake
- biscuitgebak
- brood
- krans van gistdeeg
- rund
- wild
- varken
- lam
- gevogelte
- vis
Verwarmingsssoorten
- Hetelucht
- Boven- en onderwarmte
- Braadautomaat
Deze verwarmingssoort bestaat bij dit apparaat niet. Kies in plaats daarvan "Hetelucht ☒".
Gebruiksmogelijkheden
□ ^5 - inschuifhoogtes, van onderen af geteld
- braden met vetfilter
- braden zonder vetfilter
- braden in de pan
- braden op het rooster
Let op de aangegeven temperaturen, inschuifhoogtes en tijdsduur.
Kies gewoonlijk de gemiddelde temperatuur.
Test na afloop van de kortste bereidingstijd of het gerecht gaar is.
Algemeen 4-5
Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu 6
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen 7-11
Veiligheidsvoorziening 12
Voor het eerste gebruik 13-14
Kookzones
Schakelknoppen 15
Algemeen.... 16
Gebruik 17-19
Oven
Verwarmingsssoorten 20
Bediening.... 21-23
Bediening van de digitale klok. 24-27
Gebruiksmogelijkheden
- Bakken, Tabel voor het bakken 28-31
- Braden, Tabel voor het braden 32-34
- Ontdooien 35
- Koken 36
-Inmaken 37
- Grilleren, Tabel voor het gebruik van de grill 38-40
Geteste gerechten 41
Reiniging en onderhoud
- Keramische kookplaat 42-43
– Front, bedieningspaneel, accessoires. 44
– Binnenruimte van de oven 45-50
Nuttige tips. 51-53
Elektrische aansluiting 55
Inbouwinstructies
- Keramische kookplaat 56-57
- Fornuis 58
- Oven....59
H 212 E

①Controlelampje voor de ovenverlichting
②Controlelampje voor de kookzones
③Functieschakelaar voor de oven
④Temperatuurschakelaar voor de oven
⑤Digitale klok
⑥Kookzoneschakelaar: links voor
⑦Kookzoneschakelaar: links achter
⑧Kookzoneschakelaar:rechts achter
⑨Kookzoneschakelaar: rechts voor

⑩Bedieningspaneel
⑪Typeplaatje
⑫Verwarmingselement voor Bovenwarmte en Grilleren met beschermplaat
⑬Aanzuigopening voor de ventilator
⑭Inschuifhoogtes 1, 2, 3, 4, 5
⑮Deurcontactschakelaar
^16 Ovendeur met ventilatierooster en verkorte handleiding
⑰Ovendeurvergrendeling
Accessoires
De braadslede kan tevens als vetop- vangplaat worden gebruikt.
- Rooster met beveiliging tegen uittrekken voor bakken, braden en grille-ren.
- Vetfilter
bij het braden op het rooster met "Hetelucht" of "Braadautomaat" en bij "Grilleren met luchtcirculatie" aanbrengen.

De vetdruppels worden opgevangen door het vetfilter. De binnenruimte van de oven en de ruimte achter de oven blijven hierdoor schoner.
Typeplaatje van de kookplaat
Het typeplaatje van de kookplaat is niet meer te zien als de oven is ingebouwd. Daarom wordt er een tweede typeplaat-je meegeleverd.
Plak dit in de gebruiksaanwijzing onder de rubriek "Technische Dienst". U heeft de gegevens die op dit typeplaatje staan vermeld nodig wanneer u contact opneemt met de Technische Dienst.
Het verpakkingsmateriaal
De verpakking beschermt het apparaat tegen transportschade.
Het verpakkingsmateriaal is uitgekozen met het oog op een geringe belasting van het milieu en de mogelijkheden voor afvalverwerking.
Hergebruik van het verpakkingsmateriaal remt de afvalproductie en het gebruik van grondstoffen. Vaak neemt de leverancier de verpakking terug. Als u de verpakking zelf wegdoet, informeer dan bij de reinigingsdienst van uw gemeente waar u die kunt afgeven.
Wat te doen met een afgedankt apparaat
Van een afgedankt apparaat kunnen de onderdelen vaak nog waardevol zijn. Zorg er daarom voor dat uw oude apparaat via de dealer of via de gemeente gerecycled kan worden (zorgt u ervoor dat het afgedankte apparaat tot die tijd buiten het bereik van kinderen wordt opgeslagen). U kunt hierover meer informatie vinden in de rubriek "Veiligheidsinstructies en waarschuwingen".
Dit apparaat voldoet aan de voorge- schreven veiligheidsbepalingen. Als het apparaat echter niet wordt gebruikt voor het doel waarvoor het is bestemd, of als het op een ver- keerde manier wordt bediend, kun- nen personen letsel oplopen en kan er materiële schade ontstaan.
Lees eerst aandachtig de gebruiks- aanwijzing door voordat u uw oven / fornuis voor het eerst gebruikt. U vindt hierin belangrijke instructies voor het inbouwen, de veiligheid, het gebruik en het onderhoud van het apparaat. Dat is veiliger voor uzelf en voorkomt onnodige schade aan uw apparaat.
Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig en geef deze door aan een eventuele volgende eigenaar van het apparaat.
Efficiënt gebruik
Dit fornuis / deze oven is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk gebruik, en wel voor het bakken, bra-den, ontdooien, koken, inmaken, dro-gen en grilleren van levensmiddelen. Gebruik voor andere doeleinden is voor eigen risico en kan gevaarlijk zijn. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die wordt veroor-zaakt door gebruik voor andere doelein-den dan hier aangegeven of door een foutieve bediening.
Voordat u het fornuis / de oven aansluit, dient u de aansluitgegevens (spanning en frequentie) op het typeplaatje met de waarden van het elektriciteitsnet te vergelijken. Deze gegevens moeten beslist overeenkomen.
De elektrische veiligheid van het apparaat is uitsluitend gegarandeerd als het is aangesloten op een aardingssysteem dat volgens de geldende veiligheidsbepalingen is geïnstalleerd. Laat de huisinstallatie bij twijfel door een vakman inspecteren. De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die is ont-staan door een ontbrekende of beschadigde aarddraad (bijv. een elektrische schok).
Gebruik het fornuis / de oven alleen als deze is ingebouwd. Dit om te voorkomen dat u per ongeluk elektrische onderdelen aanraakt.
Open in geen geval de ommanteling van het apparaat. Wanneer onderdelen die onder stroom staan worden aangeraakt of als elektrische of mechanische delen worden veranderd, levert dit gevaar op voor de gebruiker. Dit kan er ook toe leiden dat het apparaat niet meer goed functioneert.
Ondeskundig uitgevoerde installatie- en onderhoudswerkzaamheden, alsmede ondeskundig uitgevoerde reparaties leveren gevaar op voor de gebruiker.
De fabrikant kan daarvoor niet aansprakelijk worden gesteld. Laat installatie- en onderhoudswerkzaamheden en re- paraties uitsluitend uitvoeren door er- kende vakmensen.
Er staat alleen dan geen elektrische spanning op het apparaat, als aan één van de volgende voorwaarden is voldaan:
- als de aansluitkabel niet op het elektriciteitsnet is aangesloten;
- als de zekering van de huisinstallatie is uitgeschakeld;
- als de hoofdschakelaar van de huis-installatie is uitgeschakeld.
Het apparaat mag niet via een verlengsnoer op het elektriciteitsnet worden aangesloten. Met verlengsnoeren kan een veilig gebruik van het apparaat niet worden gewaarborgd.
Gebruik
Pas op! Verbrandingsgevaar! De oven / het fornuis wordt zeer warm!
Zorg ervoor dat kinderen van het apparaat afblijven als het in werking is.
Niet alleen de kookzones worden warm, maar ook bijv. de ovendeur, het deel bij de afzuiging, de handgreep en het bedieningspaneel.
Oven
Draag altijd ovenwanten als u gerechten in de oven zet of eruit haalt, of als u de binnenkant van de oven aanraakt.
Wanneer u "Boven- en onderwarmte" of bijv. de grill gebruikt, worden de bovenste verwarmingselementen en de beschermplaat zeer heet. U kunt zich hieraan verbranden!
Als u de bovenwand van de oven wilt reinigen, laat dan eerst het verwarmingselement afkoelen voordat u het naar beneden laat zakken. Anders kunt u zich eraan verbranden.
Duw het verwarmingselement voor de grill niet met geweld omlaag, want daardoor kan het beschadigen.
Gebruik bij inmaken in de oven nooit conservenblikken.
Deze kunnen door overdruk uit elkaar springen en de oven beschadigen.
Schuif geen pannen e.d. over de bodem van de oven heen en weer, anders beschadigt u de oppervlakte van de bodem
Als de ovendeur open is, ga daar dan niet op zitten of staan, en zeter ook geen zware voorwerpen op; u kunt het apparaat hiermee beschadigen. 10 kg is het maximum gewicht dat de deur kan dragen.
Dek de gerechten altijd af als ze in de oven worden bewaard. Het vocht uit de gerechten kan corrosie veroorzaken. Bovendien voorkomt u door het afdekken dat de gerechten uitdrogen.
Als u gerechten die al klaar zijn in de oven laat staan om ze warm te houden, of als u gebruik wilt maken van de restwarmte, stel dan de laagste temperatuur in. Laat de functieschakelaar op de gekozen verwarmingsssoort staan.
Schakel het apparaat in geen geval uit. De luchtvochtigheid stijgt en leidt ertoe dat het bedieningspaneel beslaat, dat zich onder het werkblad druppels vormen of dat het meubelfront beslaat. Door condens kan de kastombouw / het werkblad beschadigen en kan er corrosie in het apparaat ontstaan.
Leg geen diepvriesproducten (zoals pizza e.d.) op de bakplaat of de braadslede om ze te verwarmen of te koken. De bakplaat kan zodanig krom trekken, dat deze niet meer uit de oven gehaald kan worden als hij heet is. Bij elk volgend gebruik trekt de plaat weer krom. Gebruik daarom het rooster en leg daar bakpapier op.
Keramische kookplaat
De kookzones worden heet zodra ze worden ingeschakeld. De restwarmte-aanduiding geeft aan of een kookzone heet is.
Schakel de kookplaat onmiddellijk uit als deze scheurtjes e.d. vertoont. Door de scheuren kunnen etensresten en overgekookt vocht bij elektrische delen geraken, waardoor kortsluiting ontstaat.
Trek de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering uit. Waarschuw de Technische Dienst van Miele Nederland B.V.
Gebruik de kookplaat niet als werkblad. Leg er dus geen voorwerpen op, want als er nog restwarmte is, of als er nog een kookzone aanstaat, kan er brand ontstaan.
Laat geen voorwerpen op de keramische plaat vallen. Zelfs een licht voorwerp als een zoutvaatje kan, als het verkeerd terecht komt, scheuren of barsten in de plaat veroorzaken.
Voorkom dat er suiker in vaste of vloeibare vorm, kunststof en aluminiumfolie op warme kookzones terecht-komen. Dit kan bij afkoeling scheuren en barsten in de keramische plaat veroorzaken. Komt er per ongeluk toch iets op een hete kookzone terecht, schakel deze dan uit en verwijder de resten onmiddellijk met een schraper zolang de kookzone nog warm is. Let daarbij op dat u uw handen niet brandt.
Gebruik op de keramische kookplaat geen pannen of schalen met een scherpe rand aan de bodem. Daardoor ontstaan krassen die niet meer te verwijderen zijn.
Algemeen
Gebruik voor het reinigen van de oven, het fornuis en de kookplaat nooit een stoomreiniger. Stoom kan in aanraking komen met delen van het apparaat die onder spanning staan en zo kortsluiting veroorzaken.
Houd de oven goed in de gaten als u met olie en/of vetten werkt. Olie en vet kunnen in brand raken!
Gebruik in geen geval aluminiumfolie of serviesgoed dat van kunststof is vervaardigd, omdat dit bij hoge temperaturen smelt.
Bij de keramische kookplaat bestaat tevens het gevaar dat de keramische plaat wordt beschadigd.
Gebruik het fornuis niet om een ruimte te verwarmen. Door de hoge temperatuurontwikkeling in de ovenruimte kunnen licht ontvlambare voorwerpen, die zich in de buurt van de oven bevinden, gaan branden.
Als u een stopcontact in de buurt van de oven gebruikt, let er dan op dat de aansluitkabel van de oven niet tussen de hete ovendeur beklemd raakt. De aansluitkabel kan beschadi-gen en u loopt zo het risico een elektri-sche schok te krijgen.
Zorg ervoor dat voedsel altijd voldoende verwarmd wordt. De tijd die daarvoor nodig is hangt af van verschillende factoren, zoals de temperatuur van de ingrediënten op het moment dat het gerecht in de oven wordt gezet, de hoeveelheid, het soort voedsel, de kwaliteit ervan en eventuele wijzigingen in het recept. Eventuele bacteriën in het eten worden alleen gedood wanneer de temperatuur hoog genoeg is (> 70°C) en lang genoeg wordt aangehouden (> 10 min.). Wanneer u twijfelt of een gerecht voldoende verwarmd is, kies dan liever een iets langere tijd.
Het is belangrijk dat de temperatuur in het gerecht gelijkmatig wordt verdeeld en bovendien hoog genoeg is. Roer de gerechten daartoe regelmatig door of draai ze om.
Gebruik van accessoires
Schuif na het gebruik van de schra- per altijd het mes weer naar bin- nen, anders bestaat er gevaar voor ver- wondingen!
Het afdanken van het apparaat
Haal de stekker uit het stopcontact en maak deze samen met de aan-sluitkabel onbruikbaar.
Hiermee voorkomt u dat de oven verkeerd wordt gebruikt.
Als de veiligheidsinstructies niet worden opgevolgd kan de fabrikant niet verantwoordelijk worden gesteld voor schade die daar eventueel het gevolg van is.
Vergrendeling van de ovendeur
In de deur bevindt zich een vergrendeling, die het voor kinderen moeilijker maakt om de ovendeur te openen.
De vergrendeling moet eerst geactiveerd worden.
■ Open de deur.

■ Druk het hendeltje naar onderen (zie afbeelding hierboven).
De vergrendeling komt nu naar boven en is geactiveerd.
Als u de deur sluit, klikt de vergrendeling automatisch vast.

Om de deur te openen moet u het hen- deltje onder de handgreep naar rechts schuiven.
De deur is dan ontgrendeld en kan wor- den geopend.
Als u de vergrendeling niet meer no- dig heeft:
■ Open de deur.
■ Duw de vergrendeling naar links in de oorspronkelijke positie.
Digitale klok

Na het aansluiten van het apparaat verschijnen "0•00" en "AUTO" knipperend in het display.
Dagtijd instellen
(24-uurs weergave)
■ Druk de toetsen "→" en "→" tegelijk in.
In het display blijven knipperen "0.00" en "AUTO".
■ Voer de dagtijd met de +/- toets in (uren•minuten)
Zodra de +/- toets wordt ingedrukt, verschijnt " ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈" in het display.
Na het invoeren loopt de dagtijd per minuut af.
Oven
■ Neem de ovenruimte af met warm water en een mild reinigingsmiddel. Wrijf de ovenruimte daarna met een schone doek droog.
Sluit de ovendeur pas wanneer de binnenruimte droog is.
■ Plaats de meegeleverde geleiderails in de oven.
Bij nieuwe apparaten ontstaat altijd een onaangename geur als ze voor het eerst worden gebruikt. Door een hoge temperatuur verdwijnt deze geur snel- ler.
Zet de oven daarom minstens één uur aan:
■ Draai de functieschakelaar op "Hete-lucht 🔒".
■ Stel met de temperatuurschakelaar de hoogste temperatuur in.
U kunt dit ook m.b.v. de digitale klok automatisch laten beëindigen.
Zorg ervoor dat er voldoende lucht kan worden toegevoerd als de oven aanstaat.
Keramische kookplaat
Reinig de keramische kookplaat eerst een keer grondig en daarna regelmatig. Reinig de plaat alleen als deze handwarm of koud is.
Bij het eerste gebruik kan er even een geur vrijkomen; het water in de isole-ring verdampt.
De kookzones worden m.b.v. energieschakelaars bestuurd.
Draai de kookzoneschakelaars alleen rechtsom en maximaal tot aan de aanslag.
De schakelaars gaan anders kapot.
Zodra een schakelaar op een bepaal- de stand wordt gedraaid, gaat het con- trolelampje voor de kookzones bran- den. Dit lampje gaat uit zodra de schakelaar op "0" wordt gedraaid.
Zo gebruikt u de keramische kookplaat
■ Kies een hoge stand voor het aan de kook brengen of aanbraden van een gerecht.
■ Zodra er stoom onder de rand van de pan vandaan komt, moet de kook-zoneschakelaar teruggedraaid worden op een lagere stand.
Als u de schakelaar op tijd terugdraait
- voorkomt u dat gerechten overkoken;
- voorkomt u dat gerechten aanbranden;
- bespaart u energie.
Tabel voor het instellen van de kookzoneschakelaars
| stand | |
| boter smeltenchocolade smeltengelatine oplossenyoghurt maken | 1 - 2 |
| gerechten warm houdenkleine hoeveelheden opwarmensaus maken | 1 - 3 |
| diepvriesproducten ontdooiengroente/fruit blancherenvis stovenbouillon trekken | 3 - 5 |
| vlees/vis/groente kokenaardappels/eenpansgerechten/soep kokenjam maken | 4 - 6 |
| vlees bradenieren bakken | 7 - 10 |
| pannenkoeken bakkenbiefstuk bakkenfrituren in vet | 9 - 12 |
De getallen in deze tabel zijn richtlijnen. Ze hebben betrekking op normale porties voor 4 personen. Als u hogere pannen gebruikt, zonder deksel kookt of grotere hoeveelheden bereidt, moet een hogere stand worden ingesteld. Als u kleinere hoeveelheden bereidt, moet een lagere stand worden ingesteld.
Keramische kookplaat
Doorsnede kookzones
De kookzones zijn duidelijk zichtbaar in de kookplaat aangebracht.
Alleen de ingeschakelde kookzone wordt verwarmd. De rest van het oppervlak blijft relatief koud.
Restwarmte-indicator
ledere kookzone heeft een controlelampje voor de restwarmte. Wanneer de kookzone na het inschakelen een be-paalde temperatuur heeft bereikt, gaat dit lampje branden.
Het lampje gaat weer uit als de kookzone niet meer warm is.
Kookzonevergroting ©
De vergroting van de kookzone links voor wordt met de betreffende kookzoneschakelaar ingeschakeld.
Deze functie is gekoppeld aan een controlelampje in het display. Dit lampje gaat branden zodra de vergroting van de kookzone is ingeschakeld.
Draai de schakelaar alleen rechts- om tot aan de aanslag.
De schakelaar gaat anders kapot.
■ Draai de schakelaar alleen rechtsom - door stand 12 heen - op het symbool "◎".
■ Stel vervolgens de gewenste stand in.
Als de kookzoneschakelaar vervolgens op "0" wordt gedraaid, gaan zowel de kookzone als de vergroting ervan uit.
De juiste pannen
Als u de volgende adviezen opvolgt - bespaart u zoveel mogelijk energie; - voorkomt u dat overkokend vocht in- brandt.
De bodem van de pan

De pannen moeten een stabiele onderkant hebben die iets naar binnen buigt. Als de bodem heet wordt, staat deze vlak op de kookzone. Gebruik pannen die geschikt zijn voor koken op een keramische kookplaat.
De grootte van de pan

De doorsnede van de pan moet iets groter zijn dan die van de kookzone.
Het deksel

Een deksel op de pan voorkomt dat de warmte ontsnapt.
Let op het volgende
Om onnodig energieverbruik te voorkomen moet u altijd een pan op de kookzone zetten voordat u deze inschakelt.
Zowel de kookzone als de pan moet schoon en droog zijn. Hierdoor hoeft u na het koken minder schoon te maken.
Zorg ervoor dat er geen zand op de kookzones ligt.
Als er zand tussen pan en kookzone komt, kan dit krassen veroorzaken.
De bodem van de pan mag geen scherpe randen hebben.
Als u een pan met scherpe randen verschuift, ontstaan er krassen op de keramische kookplaat.
Schuif niet met bakplaten of braadsledes over de kookplaat.
Hierdoor ontstaan krassen!
Pannen van aluminium en pannen van roestvrij staal met een aluminium bodem kunnen parelmoerachtige vlekken op de kookplaat veroorzaken.
Deze vlekken kunt u het beste onmiddellijk verwijderen met een speciaal reinigingsmiddel (zie de rubriek "Reiniging en onderhoud").
Laat op warme kookzones geen suiker in vaste of vloeibare vorm te-rechtkomen en leg er geen kunst-stof of aluminiumfolie op.
Dit kan bij afkoeling scheuren en barsten in de keramische plaat veroorza-ken. Komt er toch per ongeluk iets op een hete kookzone terecht, schakel deze dan uit en verwijder de resten onmiddellijk met een schraper zolang de kookzone nog warm is. Let daarbij op dat u uw handen niet brandt.
Als de bevuilde kookzone afkoelt zonder dat deze van tevoren is gereinigd, ontstaan er kraterachtige gaten in de keramische plaat.
Hetelucht
Deze verwarmingsssoort werkt met een hete luchtstroom.
De ventilator aan de achterkant zuigt de lucht uit de oven, leidt deze langs het ringvormige verwarmingselement en blaast de verwarmde lucht door de openingen in de achterwand weer terug.
Omdat de gerechten direct worden verwarmd is voorverwarmen van de oven niet nodig.
Uitzondering: voor het braden van rosbief of filet moet de oven wèl worden voorverwarmd.
Bij het gebruik van "Hetelucht" kan er op verschillende niveaus tegelijk worden gebakken en gebraden. Door de hete luchtstroom kan er bij deze verwarmingsssoort met lagere temperaturen gewerkt worden dan bij "Boven- en onderwarmte".
Ontdooien
Er wordt zonder verwarming ontdooid. De ventilator aan de achterkant zorgt voor constante circulatie van de koude lucht.
Boven- en onderwarmte
Bij deze conventionele verwarmingssoort wordt het gerecht van boven en van onderen verwarmd.
Voorverwarmen van de oven is alleen nodig
- voor het bakken van gebak met een korte baktijd;
- voor het braden van rosbief / filet.
Grilleren
Het binnenste gedeelte van het verwarmingselement voor Bovenwarmte wordt gebruikt voor het grilleren. Enkele minuten na inschakeling wordt het rood-gloeiend en zorgt voor de infrarood-straling die voor het grilleren nodig is.
Verwarm het grillelement ca. 5 minuten voor. Houd hierbij de ovendeur gesloten.
Bedieningsknoppen
De oven heeft twee bedieningsknoppen: de functieschakelaar en de temperatuurschakelaar.
Functieschakelaar

Met de functieschakelaar kiest u de ge- wenste verwarmingsssoort.
De schakelaar kan zowel links- als rechtsom gedraaid worden.
- Verlichting
Om de ovenverlichting apart in te schakelen.
- Hetelucht
Voor bakken en koken op meerdere niveaus tegelijk.
- Boven- en onderwarmte
Voor het bakken en braden van traditionele gerechten, soufflé.
- Bovenwarmte
Voor het gratineren van gerechten.
- Onderwarmte
Aan het einde van de baktijd kiezen als een taart aan de onderkant bruiner moet worden.
- Ontdooien
Om diepvriesproducten behoedzaam te ontdooien.
- Grilleren 📌
Voor het grilleren van vlees, zoals karbonade, biefstuk, gevogelte, saté.
Temperatuurschakelaar

Met de temperatuurschakelaar stelt u de temperatuur voor de bereiding in.
Draai de temperatuurschakelaar alleen rechtsom tot aan de aanslag en weer terug. De schakelaar gaat anders kapot.
Ontdooien * Stel bij deze verwarmingssoort geen temperatuur in.
De temperatuur kan traploos worden ingesteld.
Zodra er een temperatuur is ingesteld, brandt het controlelampje boven de temperatuurschakelaar. Dit lampje brandt altijd als de verwarming is ingeschakeld.
Als de ingestelde temperatuur is bereikt, wordt de verwarming automatisch uitgeschakeld. Zodra de temperatuur onder de ingestelde waarde daalt,
wordt de verwarming weer ingeschakeld.
De oven kan alleen met de schakelaars worden ingeschakeld als het symbool "###" in het display te zien is. Druk hiertoe de toets "###" in.
Oven voorverwarmen
De oven hoeft slechts in enkele gevallen te worden voorverwarmd:
Bij "Hetelucht":
- voor het braden van rosbief, filet.
Bij "Boven- en onderwarmte ☐":
- voor het bakken van taart met een korte baktijd;.
- voor het braden van rosbief, filet.
Voorverwarmen
■ Draai de functieschakelaar op de gewenste stand.
■ Stel met de temperatuurschakelaar de juiste temperatuur in.
■ Plaats de gerechten in de oven zo- dra het controlelampje voor de eer- ste keer uitgaat.
Rooster met beveiliging tegen uittrekken
Deze beveiliging voorkomt dat het rooster helemaal uit de oven glijdt, terwijl het er slechts gedeeltelijk uitgetrokken had moeten worden.

Let er daarom bij het inschuiven altijd op dat de beveiliging tegen uittrekken aan de achterkant zit.
Het rooster kan nu alleen uit de oven worden gehaald als het wordt opgetild.

De digitale klok kan
- de dagtijd aangeven;
- de oven automatisch uitschakelen of in- en uitschakelen.
Druktoetsen
Met de druktoetsen kunt u

- een kookwekkertijd instellen;

- de duur van een bereiding instellen;

- het einde van een bereiding instellen;

- een ingestelde bereiding wissen;

- de tijden instellen / veranderen.
Symbolen in het display
De volgende symbolen verschijnen in het display:

- als er een kookwekkertijd is ingesteld;
AUTO
- als een bereiding is voorgeprogrammeerd;
- (knipperend) als de bereidingstijd is afgelopen;
AUTO en
- als de bereiding wordt uitgevoerd;

- als de oven onafhankelijk van de digitale klok kan worden ingeschakeld.
Dagtijd
(24-uurs weergave)
Na het aansluiten van het apparaat of nadat de stroom is uitgevallen
knipperen "0•00" en "AUTO" in het display.
Dagtijd instellen
■ Druk de toetsen "→" en "→" tegelijk in.
In het display blijven "0.00" en "AUTO" knipperen.
■ Voer de dagtijd met de +/- toets in (uren•minuten).
Zodra de +/- toets wordt ingedrukt, verschijnt " ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈ ̈" in het display.
Na het invoeren loopt de dagtijd per minuut af.
Dagtijd veranderen
Het veranderen van de dagtijd geschiedt net zo als het instellen ervan:
■ Druk de toetsen "→" en "→" tegelijk in.
■ Verander de dagtijd met de +/- toets (uren•minuten).
Als er een bereiding was ingesteld, dan wordt deze door het veranderen van de dagtijd gewist.
Kookwekker
U kunt een kookwekkertijd instellen voor externe bereidingen, zoals het ko- ken van eieren.
De kookwekkertijd kan onafhankelijk van de ingestelde bereiding worden ingesteld.
Kookwekkertijd instellen
■ Druk de toets "⚠" in.
■ Stel de gewenste tijd met de + toets in (uren•minuten).
In het display verschijnt "⚠".
Na afloop van de kookwekkertijd
- klinkt ca. 7 minuten lang een akoestisch signaal.
Dit akoestische signaal kan door het indrukken van de toets "⚠" worden beëindigd.
Bereiding automatisch uitschakelen
■ Draai de functieschakelaar en de temperatuurschakelaar op de gewenste stand.
■ Druk de toets "→" in.
In het display verschijnt "0•00".
■ Stel met de + toets de gewenste tijd in (uren•minuten).
In het display brandt "AUTO".
Bereiding voorprogrammeren
■ Draai de functieschakelaar en de temperatuurschakelaar op de gewenste stand.
Stel eerst de bereidingsduur in:
■ Druk de toets "→" in.
In het display verschijnt "0•00".
■ Stel met de + toets de gewenste tijd in (uren•minuten).
In het display brandt "AUTO".
Stel nu de eindtijd in:
■ Druk de toets "→I" in.
In het display verschijnen nu de dagtijd en de ingestelde bereidingsduur.
■ Stel met de + toets de eindtijd in.
De oven wordt uitgeschakeld en in het display verschijnt "AUTO".
Let op het volgende
Als u een taart of brood wilt bakken, kunt u de bereiding beter niet al te lang van tevoren programmeren.
Het deeg kan uitdrogen en de werking van het rijsmiddel kan minder worden.
Einde van een bereiding
Na afloop van een ingestelde bereiding
- wordt de ovenverwarming automatisch uitgeschakeld;
- klinkt ca. 7 minuten lang een akoestisch signaal;
- knippert "AUTO".
■ Druk de toets "2" in.
Het optische en het akoestische sig- naal worden uitgeschakeld.
Zodra de toets "2" wordt ingedrukt, gaat de ovenverwarming weer aan. Schakel het apparaat daarom altijd uit.
■ Draai de functieschakelaar en de temperatuurschakelaar op "0".
Controleren en veranderen van de ingestelde tijden
De tijden die voor een bepaalde bereiding zijn ingesteld en de kookwekkertijd kunnen op elk gewenst moment gecontroleerd of veranderd worden.
Controleren
■ Druk de toets in waarvan u de tijd wilt controleren.
"g"
De ingestelde bereidingstijd of de resterende tijd van een bereidingsproces wordt weergegeven.
")"
De eindtijd van de bereiding wordt weergegeven.
"l"
De resterende kookwekkertijd wordt weergegeven.
Veranderen
■ Druk op de toets waarvan u de tijd wilt veranderen.
■ Stel met de +/- toets de gewenste tijd in.
Zodra het bereidingsproces is gewist, gaan de verwarming en de verlichting van de oven aan.
Akoestisch signaal veranderen
U kunt kiezen uit drie verschillende akoestische signalen.
■ Druk de - toets in.
Bij elke druk op de - toets klinkt een ander akoestisch signaal.
Verander het akoestische signaal alleen als de oven is uitgeschakeld.
Voor het bakken bevelen wij de volgen- de verwarmingsssoorten aan:
- Hetelucht 📁
- Boven- en onderwarmte
Zo bakt u met "Hetelucht 🔒"
U kunt alle hittebestendige bakvormen gebruiken, ook als ze van lichte dunne materialen zijn vervaardigd.
U kunt op meerdere niveaus tegelijkertijd bakken. Wij raden het volgende aan:
1 bakplaat ..... 1 ^e inschuifhoogte
2 bakplaten . . . 1 ^e en 3 ^e inschuifhoogte
3 bakplaten 1 ^e , 2 ^e en 5 ^e inschuifhoogte
Als u vochtig gebak, taart of brood bakt, gebruik dan niet meer dan 2 bakplaten tegelijk.
Bij "Hetelucht ☒" ligt de baktemperatuur lager dan bij "Boven- en onderwarmte ☐".
Zo bakt u met "Boven- en onderwarmte ☐"
In de volgende bakvormen wordt het gebak regelmatig gebruind: matte en donkergekleurde bakvormen; hittebestendige glazen of kunststof bakvormen.
Gebruik geen lichte, dunne bakvormen. Hierin wordt het gebak niet gelijkmatig gebruind.
Voorverwarmen van de oven: alleen voor het bakken van taart/gebak met een korte baktijd.
Kies de inschuifhoogte afhankelijk van hetgeen u wilt bakken:
hoog gebak . . . 1^e of 2^e inschuifhoogte plat gebak . . . . 2^e of 3^e inschuifhoogte
Let op het volgende

Plaats een cakeblik of een langwerpi- ge bakvorm dwars in de oven.
Bak diepvriesproducten zoals pizza's e.d. op het rooster met daarop bakpapier.
Let op de temperaturen, inschuif-hoogtes en baktijden in de tabel op de volgende pagina's.
Het gebak wordt regelmatig gebruind als
- de gemiddelde temperatuur wordt aangehouden;
Vaak wordt er voor het bakken een te hoge temperatuur ingesteld. Het gebak is dan weliswaar sneller klaar, maar het is niet mooi regelmatig gebruind.
- de inschuifhoogte wordt aangepast aan het soort gebak en de verwarmingsssoort;
- na afloop van de kortste baktijd wordt getest of het gebak gaar is.
Prik met een breinaald in het deeg. Als er niets aan de breinaald blijft kleven, is het gebak gaar.
Bakken in de oven
| Hetelucht 1 | |||
| temperatuur in °C | aanbevolen inschuifhoogte | tijd in min. | |
| cakebeslag | |||
| zandtaart | 150-170 | 1 | 50-60 |
| tulband | 150-170 | 1 | 70-80 |
| notencake | 150-170 | 1 | 60-70 |
| taartbodem 1) | 150-170 | 1 | 25-30 |
| cakejes 1) | 150-170 | 1, 2, 5 | 20-25 |
| biscuitdeeg | |||
| taart 1) | 160-180 | 1 | 25-30 |
| taartbodem 1) | 160-180 | 1 | 20-25 |
| biscuitrol 1) | 160-180 | 1 | 20-25 |
| kneeddeeg | |||
| taartbodem | 150-170 | 1 | 20-25 |
| kruimeltaart | 150-170 | 1 | 40-50 |
| koekjes 1) | 150-170 | 1, 2, 5 | 15-25 |
| kwarktaart | 150-170 | 1 | 75-85 |
| appeltaart 1) | 150-170 | 1 | 50-60 |
| hartige taart | 170-190 | 1 | 60-70 |
| gistdeeg | |||
| kruimeltaart | 150-170 | 1 | 35-45 |
| kerststol | 150-170 | 1 | 45-65 |
| witbrood | 160-180 | 1 | 40-50 |
| bruinbrood 2) | 190-210 | 1 | 60-70 |
| pizza 1) | 170-190 | 1 | 40-50 |
| uienbrood 1) | 150-170 | 1 | 35-45 |
| appelflappen | 150-170 | 1, 3 | 25-30 |
| soezendeeg 1)roomsoezen 160-180 1, 3 30-40 | |||
| bladerdeeg 1) | 170-190 1, 3 20-25 | ||
| eiwitgebak 1)bitterkoekjes 120-140 1, 2, 5 30-50 | |||
De tijden gelden voor een oven die niet is voorverwarmd.
Bij een voorverwarmde oven zijn de tijden ca. 10 minuten korter.
1) Verwarm de oven bij "Boven- en onderwarmte ☐" voor.
2) Verwarm de oven bij "Hetelucht ☒" en "Boven- en onderwarmte ☐" voor.
De getallen in de tabel zijn richtlijnen.
| Boven- en onderwarmte | |||
| temperatuur in °C | aanbevolen inschuifhoogte | tijd in min. | |
| cakebeslag | |||
| zandtaart | 160-180 | 1 | 50-60 |
| tulband | 160-180 | 1 | 70-80 |
| notencake | 160-180 | 1 | 60-70 |
| taartbodem 1) | 180-200 | 1 of 2 | 15-20 |
| cakejes 1) | 180-200 | 2 | 12-15 |
| biscuitdeeg | |||
| taart 1) | 180-200 | 1 | 20-30 |
| taartbodem 1) | 180-200 | 1 | 15-20 |
| biscuitrol 1) | 190-210 | 1 of 2 | 15-20 |
| kneeddeeg | |||
| taartbodem | 180-200 | 1 of 2 | 15-20 |
| kruimeltaart | 180-200 | 1 of 2 | 40-50 |
| koekjes 1) | 180-200 | 2 | 10-15 |
| kwarktaart | 180-200 | 1 | 75-85 |
| appeltaart 1) | 180-200 | 1 | 45-55 |
| hartige taart | 190-200 | 1 | 60-70 |
| gistdeeg | |||
| kruimeltaart | 180-200 | 1 of 2 | 35-45 |
| kerststol | 170-190 | 1 of 2 | 45-65 |
| witbrood | 190-210 | 1 of 2 | 40-50 |
| bruinbrood 2) | 210-230 | 1 of 2 | 60-70 |
| pizza 1) | 190-210 | 1 of 2 | 40-50 |
| uienbrood 1) | 190-210 | 1 of 2 | 35-45 |
| appelflappen | 170-190 | 1 of 2 | 20-25 |
| soezendeeg 1)roomsoezen 190-210 1 of 2 20-25 | |||
| bladerdeeg 1) | 200-220 1 of 2 15-20 | ||
| eiwitgebak 1)bitterkoekjes | 130-150 | 2 30-50 | |
De tijden gelden voor een oven die niet is voorverwarmd.
Bij een voorverwarmde oven zijn de tijden ca. 10 minuten korter.
1) Verwarm de oven bij "Boven- en onderwarmte ☐" voor.
2) Verwarm de oven bij "Hetelucht ⚠" en "Boven- en onderwarmte ☐" voor.
De getallen in de tabel zijn richtlijnen.
Voor het braden bevelen wij de volgen- de verwarmingsssoorten aan:
- Hetelucht 📁
- Boven- en onderwarmte
Hetelucht 📁:
Plaats voordat u op het rooster gaat braden altijd het vetfilter voor de aanzuigopening van de ventilator.
Het is handig om in een pan te braden:
- er blijft genoeg fond over om een saus van te maken;
- de oven blijft schoner dan bij braden op het rooster.

U kunt het volgende serviesgoed gebruiken:
braadpan, braadslede, vuurvaste schaal, römertopf.
De handgrepen van het servies- goed moeten hittebestendig zijn.
Plaats het servies op het rooster.
Het vlees moet in de oven gezet worden als deze nog koud is.
Uitzondering: voor het braden van rosbief/filet moet de oven voorverwarmd worden op de temperatuur die in het recept wordt vermeld.
Kies voor het braden de 1 ^e inschuifhoogte.
Uitzondering: kies voor het braden van gevogelte tot 1 kg, rosbief, filet of vis de 2 ^e inschuifhoogte.
Bij "Hetelucht 🔒" moet de temperatuur ca. 40 °C lager zijn dan bij "Boven- en onderwarmte 🔒".
Hoe groter het stuk vlees, hoe lager de temperatuur. Stel de temperatuur vanaf 3 kg. ca. 10 °C lager in dan aangegeven in de tabel voor het braden.
Het braden duurt dan weliswaar iets langer, maar het vlees wordt gelijkmatig gaar en de korst wordt niet te dik.
Bij het braden op het rooster
moet de temperatuur ca. 20 °C lager ingesteld worden dan bij het braden in de pan 😊.
De bereidingstijd wordt bepaald door het soort vlees, de grootte en de dikte van het vlees.
Zo kunt u de bereidingstijd berekenen:
Hoogte van het vlees x de tijd per cm voor de betreffende vleessoort.
| vleessoort | tijd per cm hoogte |
| rund/wild | 15-18 min. |
| varken/kalf/lam | 12-15 min. |
| rosbief/filet | 8-10 min. |
Voorbeeld:
rundvlees, 8 cm hoog
8 x 15 min. per cm = 120 min. bereidingstijd.
Let op het volgende
Stel de temperatuur niet hoger in dan aangegeven. Het vlees wordt dan wel bruin, maar niet gaar.
Het vlees wordt aan het einde van de bereidingstijd bruin. Het vlees wordt extra bruin als u op de helft van de braadtijd het deksel van de schaal af-haalt.
Na afloop van de bereiding
Haal het vlees uit de oven, wikkel het in aluminiumfolie en laat het ca. 10 minu- ten staan. Op deze manier loopt er bij het aansnijden van het vlees minder vocht weg.
Tips voor de bereiding
Braden in de pan

Kruid het vlees en leg het in de pan. Leg er kleine stukjes boter of margarine op of giet er olie overheen. Voeg aan grote magere stukken vlees (2 tot 3 kg.) en vet gevogelte ongeveer 1/8 liter water toe.
Braden op het rooster

Kruid het vlees en leg het op het rooster of in de braadslede. Leg er kleine stukjes boter of margarine op en laat het vlees gaar worden. Giet tijdens het braden wat vocht (water, bouillon, room) over het vlees.
Gevogelte braden
Het vel wordt knapperig als u het gevo- gelte 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd bestrijkt met licht gezou- ten water.
Diepgevroren vlees braden
Diepgevroren vlees met een gewicht tot ca. 1,5 kg kunt u braden zonder het van tevoren te ontdooien. De bereidingstijd wordt per kilo ca. 20 minuten langer.
Tabel voor het braden
| Hetelucht ^1) | Boven- en onderwarmte | ||||
| aanbe-volen inschuif-hoogte | temperatuur in °C in de braad-pan ^2) | tijd in min. | temperatuur in °C in de braad-pan ^2) | tijd in min. | |
| rundvlees ca. 1 kg 1 180-200 100-1 | 20 220-240 | 100-120 | |||
| runderfilet,rosbief ^2) ca. 1 kg 1 | ^4) | 190-210 35-45 220-240 | 35-45 | ||
| wild ca. 1 kg 1 180-200 90-120 220-240 90-120 | |||||
| varkensvlees,nekstuk ca. 1 kg 1 170-190 100-120 210-230 100-120 | |||||
| varkensfilet,karbonade ca. 1 kg 1 170-190 60-80 200-220 60-80 | |||||
| casselerrib ca. 1 kg 1 170-190 60-70 210-230 60-70 | |||||
| gehaktbrood ca. 1 kg 1 170-190 50-60 | |||||
| kalfsvlees ca. 1 kg 1 170-190 100-120 210-230 100-120 | |||||
| lamsbout ca. 1,5 kg | 1 170- | 190 90-120 210-230 90-120 | |||
| gevogelte 0,8-1 kg | ^1^4) | 170-190 50-60 200-220 | 50-60 | ||
| gevogelte ca. 2 kg | 1 170- | 190 120-150 200-220 120-150 | |||
| gevogelte ca. 4 kg | 1 160- | 180 150-180 190-210 150-180 | |||
| moot vis ca. 1,5 kg | ^1^4) | 160-180 35-55 200-220 | 35-55 | ||
De tijden gelden, tenzij anders aangegeven, voor een oven die niet is voorverwarmd.
1) Plaats het vetfilter bij gebruik van "Hetelucht ☐".
2) Als het vlees op het rooster wordt bereid: temperatuur 20 °C lager instellen.
3) Verwarm de oven voor als u "Hetelucht ☒" of "Boven- en onderwarmte ☐" gebruikt.
4) 2 ^e inschuifhoogte bij "Boven- en onderwarmte ☐".
De getallen in de tabel zijn richtlijnen.
■ Draai de functieschakelaar op "Ontdooien ☐".
Stel voor het ontdooien geen temperatuur in.
- Haal het diepgevroren product uit de verpakking en leg het op een schaal of bakplaat.
- Voor het ontdooien van gevogelte is het aan te bevelen om het rooster te gebruiken en daaronder een schaal te plaatsen. Zo komt het gevogelte niet in het vocht te liggen.
Let bij het ontdooien van gevogelte extra op de hygiëne. Gebruik het vocht dat bij het ontdooien vrijkomt niet. De kans op bacteriën is groot!
- Vlees, gevogelte en vis hoeven niet helemaal ontdooid te zijn voor verde-re bereiding. Het is voldoende als de buitenlaag zo zacht is geworden, dat de kruiden goed worden opgeno-men.
Tijden voor het ontdooien
(op kamertemperatuur)
De tijden hangen af van soort en gewicht van het voedsel dat wordt ontdooid.
Voor het koken in de oven zijn de volgende verwarmingsssoorten aan te bevelen:
- Hetelucht
- Boven- en onderwarmte
U kunt het volgende serviesgoed gebruiken:
vuurvaste glazen schaal, porseleinen serviesgoed, römertopf, pan met hittebestendige handvatten.
■ Schuif het rooster op de 1 ^e inschuif-hoogte in de oven en plaats het serviesgoed er op.
■ Stel de verwarmingsssoort en de temperatuur in.
Hetelucht 📁.... 170-190°C
Boven- en onderwarmte ☐ . 190-210°C
Tijden voor het koken
menu 70-90 min.
ovenschotel 40-60 min.
Let op het volgende
Dek de gerechten af
als ze gesmoord of geblancheerd moe- ten worden.
Daardoor voorkomt u dat het gerecht uitdroogt. Als u geen geschikt deksel heeft, gebruik dan bijv. aluminiumfolie.
Dek de gerechten niet af
als ze een korstje moeten krijgen.
Tip voor het koken
Het is mogelijk om pannen of schalen op elkaar te zetten. Leg dan het deksel van de onderste pan/schaal op kop.
Zet de gerechten die bruin moeten worden bovenop.
Voor het inmaken in de oven bevelen wij de verwarmingsssoort "Hetelucht 🔒" aan.
De volgende potten zijn geschikt voor het inmaken:
- weckpotten (bereid deze op de gewone manier voor);
- glazen potten met schroefdeksel (gebruik alleen die potten die speciaal voor inmaken geschikt zijn; deze zijn verkrijgbaar in de speciaalzaak).
Gebruik geen conservenblikken!
■ Schuif de braadslede op de 1 ^e in-schuifhoogte in de oven en plaats de potten/glazen er op.

Er kunnen maximaal 6 potten/glazen tegelijk in de oven.
■ Giet ongeveer 1 liter water op de braadslede.
■ Stel de temperatuur in op 150-170°C.
Deze temperatuur is nodig totdat de inhoud gaat borrelen (gelijkmatig opstijgen van luchtbelletjes).
Als de inhoud begint de borrelen
- fruit en komkommer
■ Draai de temperatuurschakelaar op "0°C" en laat de functieschakelaar op "Hetelucht ☒" staan.
Laat de potten nog 25 tot 30 minuten in de oven staan.
- groente
■ Stel de temperatuur in op 100°C.
Laat de groente verder koken: asperges, worteltjes . . . 60-90 minuten erwten, bonen . . . . . . 90-120 minuten
- Draai de temperatuurschakelaar op "0°C" en laat de functieschakelaar op "Hetelucht 🔒" staan.
Laat de potten nog 25 tot 30 minuten in de oven staan.
Na het inmaken
Haal de potten/glazen uit de oven en laat ze ca. 24 uur op een tochtvrije plaats staan.
Verwijder de klemmen en controleer of alle potten/glazen goed gesloten zijn.
Verwarm het grillelement ongeveer 5 minuten voor. Laat hierbij de ovendeur dicht.
Tijdens het grilleren moet de ovendeur gesloten blijven. Dit bespaart energie en vermindert het ontsnappen van geuren.
Vlees voorbereiden
Spoel het vlees af met koud water en droog het goed af. Zout het vlees niet voor het grilleren, anders verliest het zijn vocht.
Bestrijk mager vlees met een beetje olie. Andere soorten vet worden snel te donker of zorgen voor rookontwikkeling. Kip kan met boter bestreken worden.
Platte vissen en moten vis kunt u zou- ten en met een beetje citroensap be- sprenkelen.
Grilleren op het rooster

■ Zet de grillinrichting in elkaar zoals op de afbeelding hierboven.
■ Leg het vlees op het rooster.
■ Draai de functieschakelaar op "Grilleren ☐".
■ Stel de temperatuur in:
| soort vlees | temperatuur |
| plat | |
| bijv. karbonade, biefstuk 275°C | |
| dik | |
| gevogelte, rollade 240°C |
Als tijdens de bereiding van grotere stukken vlees de buitenkant al behoorlijk bruin is geworden en de binnenkant is nog niet gaar, dan kunt u op een lagere temperatuur verder grilleren.
De inschuifhoogte wordt bepaald door de hoogte van het vlees:
plat vlees ..... 4^e of 5^e inschuifhoogte dik vlees..... 1^e of 2^e inschuifhoogte
Tijden voor het grilleren
plat vlees/vis. ..... 5-6 min. per kant dikkere stukken ..... iets langer rollade etc. ..... 10 min. per cm dikte
Tips voor het grilleren
Als u wilt vaststellen in hoeverre het vlees al gaar is, druk dan met een lepel op het vlees.
– Als het nog veerkrachtig aanvoelt,
dan is het vlees van binnen nog rood.
- Als het een beetje meegeeft, dan is het vlees van binnen roze ("medium").
- Als het bijna niet meegeeft, dan is het door en door gaar ("doorbakken").
U kunt het beste stukken vlees die ongeveer even groot zijn tegelijk grilleren, zodat de bereidingstijden niet teveel uiteenlopen.
Draai het vlees halverwege de bereidingstijd om.
Grillkwast

Om het vlees gemakkelijk in te kunnen vetten is er een grillkwast verkrijgbaar bij de Miele vakhandel of rechtstreeks bij Miele Nederland B.V.
Tabel voor het grilleren
Verwarm het grillelement ca. 5 minuten voor; laat hierbij de ovendeur dicht.
| gerechten | inschuifhoogte grillinrichting | temperatuur in °C | totale bereidingstijd in min. * |
| platte gerechten | |||
| biefstuk 3 of 4 275 10-16 | |||
| schaschlik 3 of 4 275 12-16 | |||
| schnitzel 3 of 4 275 12-18 | |||
| lever 3 of 4 275 8-12 | |||
| braadworst 3 of 4 275 6-10 | |||
| visfilet 3 of 4 275 12-16 | |||
| forel 3 of 4 275 16-20 | |||
| tosti 4 of 5 275 2-4 | |||
| tosti Hawaii 3 of 4 275 4-6 | |||
| tomaten | 3 of 4 275 6-8 | ||
| dikke gerechten | |||
| kip (ca. 1 kg) | 1 of 2 240 50-60 | ||
| rollade, ∅ 7 cm (ca. 1 kg) | 1 | 240 | 70-80 |
* Draai het gerecht op de helft van de tijd om.
De getallen in de tabel zijn richtlijnen.
Gerechten getest volgens DIN 44 547
| gebak bakvorm /bakplaat aantal | verwarmingssoort | inschuif-hoogte van onderen | temperatuur-instelling in °C | bereidings-tijdin min. |
| sprits 1 bakplaat Hetelucht 1 150 28-32 | ||||
| 2 bakplaten Hetelucht 1, 3 150 30-34 | ||||
| 3 bakplaten Hetelucht 1, 2, 5 150 32-36 | ||||
| 1 bakplaat Boven- en onderwarmte | 2 | 1 voor-verwarmd | 16-20 + voor-verwarmen | |
| zacht biscuitdeeg | springvorm Hetelucht 1 170 25-30 | |||
| springvorm Boven- en onderwarmte | 2 | 1 voor-verwarmd | 29-25 + voor-verwarmen | |
Andere geteste gerechten
| gerecht bakvorm /bakplaat aantal | verwarmings-soort | inschuif-hoogte van onderen | temperatuur-instelling in °C | bereidings-tijdin min. | |
| cake cakeblik Hetelucht 1 160 | 50-60 | ||||
| Boven- enonderwarmte | 1 170 | 55-65 | |||
| eend1700 g | rooster op braadslede | Hetelucht 1 160 | 100-120 | ||
| Boven- enonderwarmte | 1 200 100-120 | ||||
| varkensvlees1500 g | rooster op braadslede | Hetelucht 1 160 | 100-120 | ||
| Boven- enonderwarmte | 1 200 100-120 | ||||
| toast rooster | Grilleren | 5 275 Voorverwar- | men: 20 min.Grilleren:max. 90 sec. | ||
Keramische kookplaat
Voor het reinigen van een keramische kookplaat gelden in principe dezelfde richtlijnen als voor het reinigen van een glazen oppervlak.
Gebruik in geen geval schurende of agressieve middelen zoals grill- en ovensprays, roestverwijderaars, schuurmiddelen of schuursponsjes.
Reinig de kookplaat na ieder gebruik
Lichte, niet vastgekoekte vervuiling verwijdert u met een vochtige doek of zachte spons zonder reinigingsmiddel. U kunt ook niet-schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
Als u voor het reinigen afwasmiddel gebruikt, kunnen hardnekkige blauwe vlekken ontstaan die zelfs met een speciaal reinigingsmiddel moeilijk te verwijderen zijn.

Vastgekoekte vervuiling verwijdert u met een schraper.
Behandel het oppervlak vervolgens met een vochtige doek of een zachte spons.
Vlekken verwijderen
Lichte parelmoerkleurige vlekken (aluminiumvlekken) verwijdert u met een speciaal reinigingsmiddel, zodra de kookzone is afgekoeld.
Kalkafzetting (veroorzaakt door overgekookt water of nat serviesgoed) verwijdert u met azijn of een speciaal reinigingsmiddel.
Suiker, suikerhoudend voedsel, kunststof, aluminiumfolie verwijderen
Komt er per ongeluk toch iets op een hete kookzone terecht, schakel deze dan uit en verwijder de resten onmiddellijk met een schraper zo- lang de kookzone nog warm is. Let daarbij op dat u uw handen niet brandt.
Reinig de afgekoelde kookzone met een speciaal reinigingsmiddel.
Reinigingsmiddel
Gebruik alleen speciale reinigingsmiddelen die geschikt zijn voor keramische kookplaten.
Wanneer u een reinigingsmiddel gebruikt, let dan op de aanwijzingen van de fabrikant.
Gebruik geen reinigingsmiddel op hete kookzones.
Verwijder de resten van het reini- gingsmiddel altijd met een vochtige doek van de kookplaat.
Als de resten warm worden kunnen deze irritatie veroorzaken.
In de speciaalzaak zijn reinigingsmiddelen verkrijgbaar die een beschermend siliconenlaagje op de keramische plaat vormen. Hierdoor oogt de kookplaat gladder en wordt enigszins water- en vuilafstotend.
Dit siliconenlaagje is echter niet be- stand tegen hoge temperaturen en moet daarom steeds opnieuw worden aangebracht.
Wanneer u de kookplaat met een speciaal reinigingsmiddel reinigt, voorkomt u schade door suiker, suikerhoudend voedsel en aluminiumfolie.
Front, bedieningspaneel
Neem het front en het bedieningspaneel met een mild reinigingsmiddel of met een beetje afwasmiddel in water af.
Wrijf ze daarna met een zachte doek droog.
Gebruik geen schuurmiddelen, want deze veroorzaken krassen.
Het is aan te raden om bij een apparaat met een wit front na ieder gebruik de handgreep van de deur met een mild vetoplossend reinigingsmiddel zoals afwasmiddel af te nemen. Zo voorkomt u dat vet of andere resten inbranden.
Roestvrijstalen front
Gebruik nooit schurende middelen of middelen die soda, zuren of chloriden bevatten!
Deze middelen tasten het oppervlak aan.
Voor het onderhoud van het front kunt u een niet-schurend reinigingsmiddel voor roestvrij staal gebruiken.
U kunt het front extra tegen vervuiling beschermen door het in te wrijven met een speciaal onderhoudsmiddel (bijv. Neoblank, te verkrijgen bij de afdeling Onderdelen van Miele Nederland B.V., bestelnr. 4565110).
Smeer een kleine hoeveelheid van het middel met een zachte doek gelijkmatig over het gehele oppervlak uit.
Accessoires
Geleiderail
in warm water met afwasmiddel of met een reinigingsmiddel voor roestvrij staal reinigen.
Bakplaat, braadslede, rooster
na elk gebruik afspoelen en afdrogen.
Moeilijk afwasbare resten verwijdert u
– van roestvrij staal: met een reinigingsmiddel voor roest- vrij staal;
– van email: met een zachte borstel nadat u het in warm water heeft laten weken.
Vetfilter
in warm water met afwasmiddel of in de afwasautomaat reinigen.
Binnenruimte
De ovenruimte is bekleed met
① Clean Email
en
② katalytisch email.

Reinig de oven elke keer nadat u hem gebruikt heeft. Als u te lang wacht met schoonmaken, wordt het moeilijker en kunt u sommige vlekken misschien helemaal niet meer verwijderen.
Verwijder eerst het vuil van het Clean Email, reinig vervolgens het katalytische email met de reinigings-hulp zoals beschreven op de vol-gende pagina's.
Behandel de emaillagen nooit met harde borstels, schuursponsjes, messen of schuurmiddelen. Deze kunnen het email beschadigen!
① Clean Email
Dit is een bijzonder hard soort email met een extra glad oppervlak.
Daardoor kunnen de meeste voedsel- resten met een spons, warm water en afwasmiddel worden verwijderd.
Aangekoekte resten kunt u met een schraper verwijderen. Reinig het email vervolgens nog met een sponsje met niet-schurend reinigingsmiddel of met een reinigingsmiddel voor roestvrij staal.
Vruchtensap en deeg kunt u het best verwijderen als de oven nog warm is.
Vruchtensap kan verkleuring veroorza- ken. Ook kunnen na het braden doffe plekken op de braadslede ontstaan.
Let bij het gebruik van ovenspray altijd op de aanwijzingen van de fabrikant.
Zorg ervoor dat er geen ovenspray op het katalytische email kan komen! De spray kan het email beschadigen.
② Katalytisch email
Omdat door de luchtcirculatie met name de achterwand met olie- en vet-spatten wordt vervuild, is deze voorzien van een laag katalytisch email.
Dit email is in staat om olie- en vetspatten bij temperaturen boven 200 °C te verwijderen. Hoe hoger de temperatuur, des te beter werkt dit proces. Resten van kruiden en suiker worden niet verwijderd door de katalyse.
Katalytisch email mag niet met har- de borstels, schuursponsjes, mes- sen of schuurmiddelen behandeld worden. Gebruik ook geen oven- spray!
Wacht niet te lang met het schoonma- ken, want elke keer dat de oven weer wordt gebruikt, komen de olie-, vet- en voedselresten vaster te zitten.
Het katalytische email kan bij normale vervuiling zonder, en bij erge vervuiling met reinigingshulp gereinigd worden.
Reinigen van het katalytische email zonder de reinigingshulp
Laat de oven eerst afkoelen. Neem vervolgens de achterwand met een vochtige doek af. Gebruik daarvoor warm water met afwasmiddel en een doekje, een sponsje of een zachte borstel.
Gebruik geen schuurmiddelen!
Reinig daarna de bovenkant, de zijwanden en de bodem van de ovenruimte.
Reinigen van het katalytische email met de reinigingshulp
Reinig vóór het inschakelen van de reinigingshulp het Clean Email.
Zo gebruikt u de reinigingshulp:
■ Draai de functieschakelaar op "Hete-lucht ☒".
■ Stel met de temperatuurschakelaar de hoogste temperatuur in.
Laat de oven ongeveer een uur aan- staan. De benodigde tijd hangt af van de mate van vervuiling.
Stel voor dit reinigingsproces de kookwekker in, zodat u niet vergeet de oven op tijd uit te schakelen.
Reinig daarna de bovenkant, de zijwanden en de bodem van de ovenruimte.
Elke keer dat de oven met hoge temperaturen wordt gebruikt, verdwijnen eventueel achtergebleven voedselresten.
Mocht de katalytische emaillaag door onjuist onderhoud of door sterke vervuiling niet meer (goed) werken, dan kunt u bij de Miele vakhandelaar of rechtstreeks bij Miele Nederland B.V. een nieuwe plaat verkrijgen.
Reiniging en onderhoud
Om de oven makkelijker te kunnen reinigen kunt u de ovendeur, de geleiderails en/of de achterwand verwijderen. Het bovenste verwarmingselement kunt u laten zakken.
Ovendeur verwijderen
■ Open de deur helemaal.

■ Klap de vergrendelingsbeugels van de deurscharnieren naar beneden; de scharnieren zijn nu geblokkeerd.

■ Doe de deur half dicht en trek hem naar boven toe eruit.
Ovendeur terugplaatsen
■ Steek de geblokkeerde scharnieren in de openingen en klap de deur helemaal open.
■ Klap de vergrendelingsbeugels omhoog.
De vergrendelingsbeugels moeten na het reinigen beslist omhoog geklapt worden, anders raken de scharnieren weer los bij het sluiten van de deur.
Geleiderails verwijderen
■ Draai de functieschakelaar op de stand "Verlichting ⚙".
De verwarmingselementen van de oven moeten uitgeschakeld zijn. Anders bestaat er gevaar voor verbrandingen!

■ Trek de bevestigingsknop uit.

■ Haal de geleiderails uit de oven.
Het terugplaatsen van de onderdelen geschiedt in omgekeerde volgorde. Monteer de onderdelen zorgvuldig.
Achterwand verwijderen

■ Draai de schroeven in de achterwand los en verwijder de achterwand.
De oven mag niet gebruikt worden als de achterwand niet is ingebouwd. Er bestaat anders een groot gevaar voor verwondingen!
Het terugplaatsen van de onderdelen geschiedt in omgekeerde volgorde. Monteer de onderdelen zorgvuldig.
Bovenste verwarmingselement laten zakken
■ Draai de functieschakelaar op de stand "Verlichting ⚙".
De verwarmingselementen van de oven moeten uitgeschakeld zijn. Anders bestaat er gevaar voor verbrandingen!
Laat het verwarmingselement pas zakken als het koud is. Anders be- staat er gevaar voor verbrandingen!
■ Haal de geleiderails uit de oven.

■ Trek de bevestigingsknop van het verwarmingselement uit.

■ Laat het verwarmingselement zakken.
Druk het verwarmingselement niet met geweld omlaag. U kunt het verwarmingselement anders beschadigen.
Afhankelijk van de mate van vervuiling kan ook de beschermplaat worden verwijderd.

■ Houd de beschermplaat vast en draai de moertjes los.
■ Verwijder de beschermplaat.
Het terugplaatsen van de onderdelen geschiedt in omgekeerde volgorde. Monteer de onderdelen zorgvuldig.
Installatie en reparaties van elektrische apparaten mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd. Ondeskundige installatie en/of reparaties kunnen een groot gevaar voor de gebruiker veroorzaken.
De volgende storingen kunt u echter zelf verhelpen:
Wat te doen als ...
... de kookzones na het inschakelen niet heet worden?
Controleer
■ of de zekering van de huisinstallatie is doorgebrand. Waarschuw indien nodig een elektricien of de Technische Dienst van Miele Nederland B.V.
... de oven niet heet wordt?
Controleer
■ of u een verwarmingsssoort én een temperatuur heeft ingesteld;
■ of in het display van de digitale klok "AUTO" brandt.
De oven kan alleen met de schakelknoppen onafhankelijk van de klok worden ingeschakeld, als in het display "###" brandt.
Druk hiertoe de toets "2" in.
■ of de zekering van de elektrische huisinstallatie is doorgebrand. Waarschuw indien nodig een elektricien of de Technische Dienst van Miele Nederland B.V.
... de ovenverwarming wel werkt, maar de verlichting niet?
Zo kunt u de lamp vervangen:
■ Trek de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering van de huisinstallatie uit.
■ Verwijder het geleiderail.

■ Verwijder het kapje dat voor de lamp zit.
■ Vervang de gloeilamp: 230 V, 25 W, E 14, thermisch belastbaar tot 300 °C, kaarslampje.
■ Plaats het kapje en het geleiderail weer terug.
... de ovendeur tijdens de bereiding wordt geopend en er geen geluid te horen is?
Dit is geen storing!
Als de ovendeur tijdens de bereiding geopend wordt, dan schakelt de deur-contactschakelaar de ovenverwarming en, afhankelijk van de gekozen verwarmingsssoort, de hetelucht-ventilator uit.
... na de bereiding een geluid te ho- ren is?
Dit is geen storing!
De koudelucht-ventilator blijft nog een tijdje lopen. Als de temperatuur beneden een bepaalde waarde komt, wordt de ventilator automatisch uitgeschakeld.
... het gerecht na de ingestelde bereidingstijd nog niet gaar is?
Controleer
■ of u de juiste temperatuur heeft ingesteld;
■ of u het recept heeft veranderd. Als het deeg vochtiger is door bijv. het toevoegen van eieren of melk, dan is een langere bereidingstijd nodig;
■ of het vetfilter is geplaatst bij het bakken met "Hetelucht 🔒". In dat geval moet de bereidingstijd ongeveer 10 à 15 minuten langer zijn.
... het gerecht niet overal even bruin is?
Een gerecht wordt nooit helemaal gelijkmatig gebruind. Als het verschil erg groot is, controleer dan
- bij het bakken met "Hetelucht 📁"
■ of de ingestelde temperatuur niet te hoog is geweest;
■ of het vetfilter voor de ventilator is geplaatst; - bij het bakken met "Boven- en onderwarmte ☐"
■ van welk materiaal de bakvorm is vervaardigd en welke kleur deze heeft. Bakvormen van licht, helder en dun materiaal zijn niet zo geschikt.
... zich op het katalytische email roestkleurige vlekken bevinden?
- Bij het braden op het rooster worden deeltjes van kruiden door de luchtstroom meegevoerd; deze blijven soms aan de binnenwanden vastkleven. Zulke vlekken worden door de katalyse niet verwijderd; u kunt ze met warm water met afwasmiddel en een zachte borstel verwijderen.
... de stroom is uitgevallen en in het display van de digitale klok in plaats van de dagtijd "0·00" en "AUTO" knipperen?
Alle ingestelde tijden zijn door het uitvallen van de stroom gewist.
■ Stel de dagtijd en de eventueel ingestelde bereidingstijden opnieuw in.
... bij het uitschakelen van het akoestische signaal "0·00" in het display van de digitale klok verschijnt?
Dit is geen storing!
Na enige tijd verschijnt de dagtijd in het display.
... in het display van de digitale klok "AUTO" knippert?
Dit kan duiden op een fout bij het instellen
- als een bereidingsproces op onlogische manier is ingesteld;
- als de dagtijd is veranderd terwijl er een bereidingsproces was voorgeprogrammeerd;
- als het akoestische signaal door het indrukken van de toetsen "→" en "→" wordt uitgeschakeld.
Voor storingen die u niet zelf kunt ver- helpen, waarschuwt u
- uw Miele-vakhandelaar
of
– de Technische Dienst van Miele Nederland B.V.
Het adres en de telefoonnummers van Miele Nederland B.V. en de diverse afdelingen vindt u op de achterzijde van deze gebruiksaanwijzing.
Voor een goede en vlotte afhandeling is het noodzakelijk dat de Technische Dienst weet welk type oven / fornuis u heeft en welk nummer deze heeft. Beide gegevens vindt u op de type-plaatje dat zich rechts onder het bedieningspaneel bevindt.
Miele Service Verzekering Certificaat
- Voor informatie over het Miele Service Verzekering Certificaat kunt u zich wenden tot uw Miele-vakhandelaar of de bijgaande folder raadplegen.
De extra accessoires zijn verkrijgbaar bij de Miele-vakhandelaar of bij de Technische Dienst van Miele Nederland B.V.
De telescopische ovenwagen met 5 in-schuifhoogtes kan helemaal uit de oven worden getrokken.
Hierdoor kunt u de gerechten in de oven goed bekijken.
Dit apparaat mag alleen door een erkend elektricien op het elektrici- teitsnet worden aangesloten. Hierbij moeten de landelijke voorschriften en de voorschriften van het plaats- lijk energiebedrijf in acht genomen worden.
Dit apparaat mag uitsluitend worden aangesloten op een huisinstallatie die volgens NEN 1010 is geïnstalleerd.
Aansluiting op een contactdoos is aan te bevelen, aangezien dit eventuele werkzaamheden voor de Technische Dienst vergemakkelijkt.
Als de contactdoos voor de gebruiker niet meer bereikbaar is, of als er een vaste aansluiting is, dan dient ter plaatse een dubbelpolige schakelaar geïnstalleerd te worden, waarvan de contactopening bij uitgeschakelde toestand 3 mm moet bedragen. Hiertoe behoren zelf-uitschakelaars, zekeringen en relais (EN 60 335).
Voordat u de oven aansluit, dient u de aansluitgegevens (spanning en frequentie) op het typeplaatje met de waarden van het elektriciteitsnet te vergelijken. Deze gegevens moeten beslist overeenkomen.
Ter verhoging van de veiligheid moet de groep van de huisinstallatie waarop het apparaat wordt aangesloten voorzien zijn van een aardlekschakelaar (30 mA).
Vermeld altijd het voltage en het type-en serienummer als u contact opneemt met Miele Nederland B.V.
Inbouwfornuis
Het inbouwformuis is uitgerust met een 5-aderige kabel van ca. 1,5 meter voor de aansluiting aan draaistroom (3N\~400 V).
Bij aansluiting op wisselstroom moet u een speciale kabel bestellen bij Miele Nederland B.V.
Maximale aansluitwaarde: zie typeplaatje.
Combinatiemogelijkheden
Het inbouwformuis kan alleen met de kookplaat KM 212 worden gecombineerd.
Keramische kookplaat
Deze kookplaat behoort tot de warmtebeveiligingsklasse "Y", d.w.z. dat er tegen één van de zijkanten en aan de achterkant meubels van willekeurige hoogte geplaatst mogen worden. Aan de andere zijkant mag geen meubel of apparaat worden geplaatst dat hoger is dan de kookplaat.

In verband met de warmte die de kookplaat uitstraalt moet u de volgende afstanden aanhouden:
- minstens 40 mm tussen de kook- plaat en een daarnaast geplaatste hoge kast;
- minstens 50 mm tussen de kook- plaat en de achterwand.
Inbouw

*Ruimte voor bevestiging en aansluitkabel
■ Maak de uitsparing in het werkblad zoals op de afbeelding.

①isolatieband
②kookplaat
③werkblad
④klemmen
⑤schroef
■ Draai de schroeven ⑤ los.

Gebruik nooit voegmiddel tussen de kookplaat en het werkblad!
Dit bemoeilijkt onderhoudswerkzaamheden en reparaties. Bovendien kunnen het werkblad en het frame van de kookplaat worden beschadigd. Het isolatieband ① onder de rand van de kookplaat zorgt voor voldoende isolatie tussen de plaat en het werkblad ③.
■ Plaats de kookplaat ② in de uitsparing in het werkblad. De naam "Miele" moet aan de voorkant te zien zijn.
■ Draai de klemmen ④ en draai de schroeven ⑤ aan.
■ Controleer of de kookplaat ② goed aansluit.
Fornuis

Haal de spanning van het elektrici- teitsnet.
■ Sluit het fornuis op het elektrici-teitsnet aan.
■ Plaats het fornuis voor de onderkast.
■ Steek de stekker van de kookplaat in de koppeling.
■ Schuif het inbouwformuis tot aan de wasemlijst in de onderkast en stel het.

■ Open de ovendeur en schroef het fornuis met 2 schroeven aan de zijwanden van de onderkast vast.
Het apparaat mag alleen worden gebruikt als het is ingebouwd.
Oven

Haal de spanning van het elektrici- teitsnet.
■ Sluit de oven op het elektriciteitsnet aan.
■ Schuif de oven tot aan de wasemlijst in de kast en stel de oven.

■ Open de ovendeur en schroef de oven met 2 schroeven aan de zijwanden van de kast vast.
Het apparaat mag alleen worden gebruikt als het is ingebouwd.
U kunt zich wenden tot Miele Nederland B.V.:
Bij storingen:
- afdeling Technische Dienst - telefoon: (03 47) 37 88 88*
Voor onderdelen leveranties:
- afdeling Onderdelen - telefoon: (03 47) 37 88 80*
Voor overige informatie:
- afdeling Consumentenbelangen - telefoon: (03 47) 37 88 87*
MIELE NEDERLAND B.V.
Postbus 166 4130 ED Vianen
Kantoor en toonzaal voor keukenmeubelen en inbouwapparaten:
De Limiet 2 (industrieterrein Hagestein-Vianen)
*) meerdere lijnen
Wijzigingen voorbehouden / 22 NL - 1197