Favorit 60800 - Vaatwasser AEG-ELECTROLUX - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Favorit 60800 AEG-ELECTROLUX in PDF-formaat.
| Type product | Vaatwasser |
| Merk | AEG-Electrolux |
| Model | Favorit 60800 |
| Afmetingen (H x B x D) | 85 x 60 x 60 cm |
| Gewicht | Ongeveer 50 kg |
| Voeding | 220-240 V, 50 Hz, 2200 W |
| Waterverbruik | 12 liter per cyclus |
| Energieverbruik | 1,05 kWh per cyclus |
| Geluidsniveau | 52 dB(A) |
| Capaciteit | 12 couverts |
| Programma's | Eco, Auto, Intensief, Snel, Glas & Bestek, Inweken |
| Uitgestelde start | Ja, tot 24 uur |
| Bestekmand | Derde lade of aparte mand |
| Verstelbare bovenkorf | Ja, in hoogte verstelbaar |
| Zout- en glansspoelindicator | Ja |
| Kinderslot | Ja |
| Waterbescherming | AquaStop |
| Onderhoud | Filter reinigen, sproeiarmen controleren, ontkalken |
| Reparatie en onderdelen | Reserveonderdelen beschikbaar via AEG-service |
| Handleiding | Downloadbare PDF op notice-facile.com |
Veelgestelde vragen - Favorit 60800 AEG-ELECTROLUX
Gebruikersvragen over Favorit 60800 AEG-ELECTROLUX
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Vaatwasser in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Favorit 60800 - AEG-ELECTROLUX en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Favorit 60800 van het merk AEG-ELECTROLUX.
GEBRUIKSAANWIJZING Favorit 60800 AEG-ELECTROLUX
Informatie voor de gebruiker

Lees deze informatie zorgvuldig door.
Lees vooral de aanwijzingen m.b.t. de veiligheid op de eerste pagina's van dit boekje! Bewaar het boekje goed, zodat u nog eens iets kunt nalezen en geef het door aan een eventuele volgende eigenaar van het toestel.

Met de waarschuwingsdriehoek en/of door signaalwoorden (Waarschuwing!, Voorzichtig!, Attentie!) geven wij aanwijzingen die belangrijk zijn voor uw veiligheid of voor het functioneren van de machine. Let goed op deze aanwijzingen.

Dit symbool of genummerde aanwijzingen voeren u stap voor stap door de bediening van het toestel.

Bij dit symbool vindt u aanvullende informatie m.b.t. bediening en praktisch gebruik van het toestel.

Het klaverblad staat voor tips en aanwijzingen m.b.t. economisch en milieuvriendelijk gebruik van het toestel.
Mocht er een storing optreden, dan vindt u onder "Wat is er aan de hand, als..." aanwijzingen om kleine storingen zelf op te heffen.
Mochten deze aanwijzingen niet voldoende zijn, neem dan contact op met onze service-afdeling.
Bij technische problemen kunt u altijd contact opnemen met onze service-afdeling, zie hoofdstuk "Adres Klantenservice".
Zie ook hoofdstuk "Klantenservice" op de achterzijde van dit boekje.

Uw afwasautomaat heeft het nieuwe spoelsysteem "IMPULSSPOELEN".
Om een beter reinigingsresultaat te bereiken, worden bij dit spoelsysteem tijdens een programma het motortoerental en de sproeidruk gevarieerd. Daarom varieert ook het geluidsniveau van het lopende programma.
Gedrukt op milieuvriendelijk geproduceerd papier.
Wie milieubewust denkt, handelt ook zo ...
INHOUD
Gebruiksaanwijzing 5
Aanwijzingen m.b.t. de veiligheid 5
Afvalverwerking 7
Economisch en milieubewust afwassen 7
Frontaanzicht apparaat en bedieningspaneel 8
Bedieningspaneel 9
Vóór het in gebruik nemen 10
Waterontharder instellen 10
Speciaal zout voor de waterontharder doseren 12
Glansmiddel doseren 13
Glansmiddeldosering instellen 14
In het dagelijks gebruik 15
Bestek en servies in de machine zetten 15
Bestek rangschikken 16
Pannen, schalen en grote borden in de machine zetten 18
Kopjes, schoteltjes en glaswerk in de machine zetten 19
Bovenste korf in hoogte verstellen 20
Reinigingsmiddel doseren 22
BIO-programma's en compacte reinigingsmiddelen 23
Programma kiezen (programmatabel) 24
Afwasprogramma starten 25
Programma wijzigen/onderbreken/afbreken 25
Starttijd instellen of wijzigen 26
Beladingsherkenning - sensorlogic 27
Afwasautomaat uitschakelen 27
Machine leeghalen 27
Onderhoud en reiniging 28
Schoonmaken van de zeven 28
Wat is er aan de hand, als... 29
...foutcodes worden aangegeven....30
...er problemen zijn bij het gebruik van de afwasautomaat....31
...het afwasresultaat niet bevredigend is. 31
Aanwijzingen voor testinstituten 33
Opstel- en aansluitaanwijzing 34
Opstellen van de afwasautomaat 34
Vrijstaande apparaten 34
Aansluiten van de afwasautomaat 36
Wateraansluiting 36
Toelaatbare waterdruk 36
Toevoerslang aansluiten 36
Waterafvoer 37
Beveiliging tegen wateroverlast 38
Elektrische aansluiting 38
Aansluittechniek 39
Adres klantenservice 40
Garantiebepalingen 40
Klantenservice 43
GEBRUIKSAANWIJZING

Aanwijzingen m.b.t. de veiligheid
De veiligheid van elektrische toestellen van AEG voldoet aan de Europese en Nederlandse normen. Toch zien wij ons als fabrikant genoodzaakt, u en uw eventuele medegebruikers op het volgende te wijzen:
Opstelling, aansluiting, in gebruik nemen
- De afwasautomaat mag alleen rechtop vervoerd worden.
- Controleer de afwasautomaat op transportschade. Een beschadigd toestel in geen geval aansluiten. Wend u in geval van schade tot de leverancier.
- Controleer vóór het in gebruik nemen of de op het typeplaatje aangegeven netspanning en stroomsoort overeenkomen met netspanning en stroomsoort op de plaats van opstelling. Op het typeplaatje vindt u ook de vereiste zekering.
- Hoe de afwasautomaat moet worden opgesteld en aangesloten, leest u in het hoofdstuk "Installatie". Meerwegstekkers, koppelingen en verlengsnoeren mogen niet gebruikt worden. Brandgevaar door oververhitting.
Veiligheid van kinderen
- Kinderen zien de gevaren niet die ontstaan door ondeskundige omgang met elektrische toestellen. Zorg daarom voor het nodige toe-zicht en laat kinderen niet met de machine spelen – ze zouden zich-zelf of andere kinderen in de machine kunnen opsluiten (verstikkingsgevaar!).
- Houd de verpakking uit de buurt van kinderen; vooral folie en styropor kunnen gevaren opleveren. Verstikkingsgevaar!
- Reinigingsmiddelen kunnen verwondingen aan ogen, mond en keelholte veroorzaken en zelfs tot verstikking leiden! Let op de aanwijzingen op de verpakking van reinigingsmiddelen.
- Het water in de afwasautomaat is geen drinkwater. Als zich nog resten van reinigingsmiddel in de machine bevinden, bestaat verwondingsgevaar!
- Als u de afwasautomaat afdankt: stekker uit het stopcontact trekken, aansluitsnoer afsnijden en weggooien. Deurslot onbruikbaar maken, zodat de deur niet meer dicht kan.
Algemene veiligheid
- Reparaties aan elektrische toestellen mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd. Onvakkundige reparaties kunnen tot aanzienlijke risico's voor de gebruiker leiden. Wend u daarom altijd tot onze service-afdeling. Alleen originele AEG-onderdelen voldoen aan alle eisen!
- De afwasautomaat nooit in gebruik nemen, als aansluitsnoer of toe- of afvoerslang beschadigd zijn of als bedieningspaneel, bovenblad of sokkel zo beschadigd zijn, dat de binnenkant van het toestel toegan- kelijk is.
- Bij beschadiging van het aansluitsnoer van de machine moet dit door onze service-afdeling vervangen worden.
- Stekker nooit aan het snoer uit het stopcontact trekken, maar aan de stekker.
- Constructieve wijzigingen of veranderingen aan het toestel zijn uit veiligheidsoverwegingen niet toegestaan.
- Let erop dat de machinedeur, behalve bij vullen en leeghalen, altijd dicht is. Zo voorkomt u dat iemand over de open deur struikelt en zich bezeert.
- Scherpe messen en ander scherp bestek in de bovenste korf leggen of met de scherpe kant naar beneden in de bestekkorf zetten.
Gebruik volgens de voorschriften
- Gebruik de afwasautomaat alleen om huishoudservies af te wassen. Als de machine voor verkeerde doeleinden wordt gebruikt of foutief wordt bediend, wordt eventuele schade niet door de garantiebepalingen gedekt.
- Controleer vóór het gebruik van speciaal zout, reinigingsmiddel en glansmiddel, of volgens de fabrikant van deze producten gebruik ervan in huishoud-afwasautomaten toegestaan is.
- Geen oplosmiddelen in de afwasautomaat doen. Explosiegevaar!
- De beveiliging tegen wateroverlast is een betrouwbaar systeem. Aan de volgende voorwaarden moet echter voldaan worden:
- Ook als het toestel uitgeschakeld is moet het aan het net aangesloten zijn.
- De afwasautomaat moet volgens de voorschriften geïnstalleerd zijn.
-
Waterkraan altijd dichtdraaien als de afwasautomaat langere tijd niet gebruikt wordt, bijv. bij vakantie.
-
Ga niet op de open deur staan of zitten, de machine zou dan kunnen kantelen.
- In geval van storing eerst de waterkraan dichtdraaien, dan de machine uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken. Bij vaste aansluiting: zekering in de huisinstallatie uitschakelen.

Afvalverwerking fvalverwerking
Verpakkingsmateriaal
Alle gebruikte verpakkingsmaterialen van de afwasautomaat zijn niet milieu-onvriendelijk en kunnen hergebruikt worden.
- De kunststof delen zijn voorzien van een internationaal gebruikte codering:
-
PE< voor polyethyleen, bijv. de folieverpakking
-
PS< voor polystyreen, bijv. de hoekbeschermers (volkomen CFK-vrij)
-
POM< voor polyoxymetheen, bijv. kunststof klemmen
- Het karton is van oud papier gemaakt en wij adviseren u dit ook weer in een container voor oud papier te deponeren.
Oude machine
Als u de afwasautomaat afdankt, lever hem dan in bij uw vakhandelaar of informer bij uw gemeente naar de mogelijkheden voor afvalverwerking in uw woonplaats.

Economisch en milieubewust afwassen
- Sluit de afwasautomaat alleen aan warm water aan, als u een hiervoor geschikte warmwaterinstallatie hebt.
- Stel de waterontharder correct in.
- Spoel het servies niet onder stromend water af.
- Als u met geringe belading afwast, berekent de beladingsherkenning de benodigde hoeveelheid water en wordt de programmaduur verkort. Het meest economisch wast u altijd af met volle belading.
- Kies een programma aan de hand van soort servies en mate van verontreiniging.
- Doseer niet meer reinigingsmiddel, speciaal zout en glansmiddel dan door de fabrikant van deze middelen en in deze gebruiksaanwijzing wordt aangegeven.
Frontaanzicht apparaat en bedieningspaneel

Bedieningspaneel

Het bedieningsveld bestaat uit de AAN/UIT-schakelaar en de program-matoetsen met LED-indicaties.
Onthardertoets: met deze toets kan behalve het betreffende programma ook de waterontharder van de machine worden ingesteld.
Het multidisplay kan aangeven,
- op welke hardheidsstand de waterontharder is ingesteld.
- welke starttijd is ingesteld.
- hoe lang een programma waarschijnlijk nog duurt.
- om welke storing het gaat.
De controle-indicaties hebben de volgende betekenis:
| ZOUT speciaal zout bijvullen |
| GLANSMIDDEL glansmiddel bijvullen |
| WATER waterkraan openen |
| ZEEF zeefsysteem van de afwasmachine reinigen |

De controle-indicatie ZEEF herinnert u eraan, dat u regelmatig de zeef moet controleren en indien nodig schoonmaken. De indicatie gaat regelmatig branden, onafhankelijk van de mate van verontreiniging van de zeef.
Vóór het in gebruik nemen
Voordat u de afwasautomaat in gebruik neemt, moeten alle klemmen waarmee de korven voor het transport zijn vastgezet verwijderd worden.
Daarna gaat u als volgt te werk:
- Waterontharder instellen
- Speciaal zout voor de waterontharder doseren
- Glansmiddel doseren
Waterontharder instellen
Om kalkafzetting op het servies en in de afwasautomaat te vermijden, moet het servies met zacht, d.w.z. kalkarm water worden afgewassen. Daarom heeft de afwasautomaat een waterontharder, waarin leidingwater vanaf een hardheid van 4°d met behulp van speciaal zout onthard wordt.

Informatie over de waterhardheid in uw woonplaats kunt u opvragen bij het waterleidingbedrijf.

Waterontharder volgens de tabel instellen op de stand, die overeenkomt met de waterhardheid in uw woonplaats. De waterontharder kan op 10 standen worden ingesteld.
| waterhardheidin °d1) i n m2) lm aor ld /h le l d s -bereik | instellingop stand | indicatie in hetmultidisplay | ||
| 41-50 | 7,3-9,0 | IV | 9 | H 9 |
| 35-40 | 6,3-7,2 | 8 | H 8 | |
| 31-34 | 5,5-6,2 | 7 | H 7 | |
| 27-30 | 4,8-5,4 | 6 | H 6 | |
| 23-26 | 4,1-4,7 | 5 | H 5 | |
| 19-22 | 3,3-4,0 | III | 4 | H 4 |
| 15-18 | 2,6-3,2 | 3* | H 3 | |
| 11-14 | 1,9-2,5 | II | 2 | H 2 |
| 4-10 | 0,7-1,8 | I/II | 1 | H 1 |
| beneden 4 | beneden0,7 | I | 0geen zout nodig | H 0 |
1)(°d) Duitse graden, maat voor de waterhardheid
2)(mmol/l) millimol per liter, internationale eenheid van waterhardheid
*in de fabriek ingestelde stand

-
Afwasmachine moet uitgeschakeld zijn.
-
Functietoets en onthardingstoets tegelijkertijd indrukken en ingedrukt houden.
-
Naast AAN/UIT-schakelaar indrukken. De LED-lampjes van de functietoets en onthardingstoets knipperen.
-
Onthardingstoets nog een keer indrukken. Het multidisplay geeft de ingestelde hardheidsstand aan.
-
Elke keer dat u de onthardertoets indrukt, gaat de hardheidsstand 1 stap omhoog. (Uitzondering: na hardheidsstand 9 komt hardheidsstand 0).
-
Als de hardheidsstand correct is ingesteld, AAN/UIT-schakelaar indrukken. De hardheidsstand is dan opgeslagen.
Speciaal zout voor de waterontharder doseren

Gebruik alleen speciaal zout voor afwasautomaten. Doseer nooit andere zoutsoorten (bijv. kookzout) of reinigingsmiddel in het zoutreservoir. Dat zou de waterontharder onbruikbaar maken.
Controleer voordat u zout gaat doseren of u ook werkelijk het pak speciaal zout in de hand hebt.
Doseer speciaal zout:
- Voordat u de machine in gebruik neemt.
- Als op het bedieningspaneel de controle-indicatie ZOUT brandt.

Als de waterhardheid in uw woonplaats onder 4°d ligt, hoeft u geen speciaal zout te doseren.

-
Deur openen, onderste korf uit de machine nemen.
-
Dop van het zoutreservoir linksom losdraaien.
- Alleen de eerste keer dat u de machine in gebruik neemt:
zoutreservoir met water vullen.
- Meegeleverde trechter op de opening van het zoutreservoir zetten.
Speciaal zout via de trechter in het zoutreservoir gieten. Inhoud afhankelijk van de korrelgrootte 1,0-1,5 kg.
Doe niet te veel speciaal zout in het reservoir.


Het bij het vullen verplaatste water loopt uit het zoutreservoir naar de bodem van de kuip. Dit kan geen kwaad, omdat het water bij de start van het volgende programma weggepompt wordt.
- Zoutresten van de opening van het zoutreservoir wegvegen.
- Dop rechtsom zo ver mogelijk vastdraaien, omdat er anders zout in het spoelwater terechtkomt. Glaswerk kan daardoor dof worden. Daarom na het doseren van zout een programma laten lopen. Daardoor worden overgelopen zout water en zoutkorreltjes weggespoeld.

Afhankelijk van de korrelgrootte van het zout kan het enkele uren duren, voordat het zout in het water is opgelost en de indicatie ZOUT weer uitgaat.
De instelling van de waterontharder en daarmee het zoutverbruik zijn afhankelijk van de plaatselijke waterhardheid.
Glansmiddel doseren
Dankzij het glansmiddel krijgt u glanzend servies zonder vlekken en heldere glazen.

Gebruik alleen speciaal glansmiddel voor huishoud-afwasmachines. Nooit andere middelen (bijv. azijnessence) of reinigingsmiddel in het glansmiddelreservoir doseren. Dat kan de machine beschadigen.
Glansmiddel doseren:
- Voordat u de machine in gebruik neemt.
- Als op het bedieningspaneel de controle-indicatie GLANSMIDDEL gaat branden.
Het reservoir voor glansmiddel bevindt zich aan de binnenzijde van de machinedeur.

-
Deur openen.
-
Met uw vinger de ontgrendelingsknop van het voorraadreservoir indrukken.
- Deksel van het voorraadreservoir helemaal openklappen.

- Glansmiddel precies tot aan de stip-pellijn "max" doseren; dat komt over-een met ca. 140 ml.
- Deksel terugklappen en dichtdrukken, tot het dichtklikt.
- Eventueel gemorst glansmiddel met een doekje wegvegen. Anders wordt tijdens het afwassen te veel schuim gevormd.

Glansmiddeldosering instellen

Bij het afwassen wordt uit het voorraadreservoir glansmiddel in het spoelwater gespoeld. De dosering kunt u van 1-6 instellen. In de fabriek is de dosering op "4" ingesteld. Dosering alleen veranderen als op glazen en servies vegen, melkachtige vlekken of opgedroogde waterdruppels te zien zijn.
(zie onder "Wat is er aan de hand als ...").

-
Machinedeur openen.
-
Met uw vinger de ontgrendelingsknop van het voorraadreservoir indrukken.
-
Deksel van het voorraadreservoir helemaal openklappen.
-
Dosering instellen.
-
Deksel terugklappen en dichtdrukken, tot het dichtklikt.
-
Eventueel gemorst glansmiddel met een doekje wegvegen.

In het dagelijks gebruik
- Moet speciaal zout of glansmiddel worden bijgevuld?
- Bestek en servies in de machine zetten
- Reinigingsmiddel doseren
- Geschikt programma kiezen
- Afwasprogramma starten
Bestek en servies in de machine zetten

Sponzen, vaatdoekjes en alle voorwerpen die zich met water kunnen volzuigen, mogen niet in de afwasautomaat gereinigd worden.
Voor machinaal afwassen is het volgende bestek/servies
| niet geschikt: beperkt geschikt: | |
| bestek met heften van hout, hoorn, porselein of parelmoerniet hittebestendige kunststofouder bestek met temperatuurgevoelige li Jamaica gelijmd servies of bestektin en koperkrist almetaal dat kan roestenhouten plankenkunstnijverheidsartikelen | Aardewerk alleen in de machine afwassen, als het van de aanduiding "geschikt voor de afwasautomaat" voorzien is.Versieringen die op het glazuur zijn aangebracht kunnen door zeer vaak machinaal afwassen verbleken.Zilver en aluminium kunnen bij machinaal afwassen verkleuren. Etensresten als eiwit, eigeel en mosterd veroorzaken vaak verkleuringen of vlekken op zilver. Zilver daarom altijd goed schoon spoelen, als het niet direct na gebruik wordt afgewassen.Sommige glassoorten kunnen na vele malen machinaal afwassen dof worden. |
- Voordat u het servies in de machine zet, moet u:
- grove etensresten verwijderen.
- pannen met ingebrande etensresten weken.
- Let bij het in de machine zetten van servies en bestek op het volgende:
- servies en bestek mogen de sproeiarmen niet blokkeren.
- hol serviesgoed zoals kopjes, glazen, pannen enz. met de opening naar beneden neerzetten, zodat zich in de openingen geen water kan verzamelen
- servies en bestek mogen niet in elkaar liggen of elkaar afdekken
- om beschadiging te voorkomen mogen glazen elkaar niet raken - kleine voorwerpen (bijv. deksels) in de bestekkorf leggen
Bestek rangschikken

Lange, scherpe bestekdelen die in de bestekkorf staan, kunnen vooral voor kinderen gevaarlijk zijn (zie Aanwijzingen m.b.t. de veiligheid). Ze moeten daarom in de bovenste korf gelegd worden.
Messen, kleine lepels en kleine vorken in de besteklade leggen.

Vorken en lepels die niet in de besteklade passen, in de bestekkorf zetten. Om ervoor te zorgen dat het water alle bestekdelen bereikt, moet u
- het roostertje op de bestekkorf zetten
- korte messen, vorken en lepels met het heft naar beneden in het rooster-tje van de bestekkorf zetten.

Om de bestekkorf makkelijk te kunnen leeghalen, kunt u bij sommige modellen de bestekkorf openklappen.
Als u het roostertje gebruikt, kan de bestekkorf niet opengeklapt worden.

Om ervoor te zorgen dat de bestek- korf bij het uit de machine nemen niet kan openklappen, moet u hem bij de tweedelige greep pakken.

-
Bestekkorf op tafel of aanrechtblad zetten.
-
De twee delen van de greep open-klappen.
-
Bestek eruitnemen.
-
De twee delen van de greep weer dichtklappen.

Groot en sterk verontreinigd servies in de onderste korf zetten.

Om groter servies makkelijk neer te zetten, kan bij sommige modellen het rechter bordenrek worden neergeklapt:
- Rechter bordenrek aan de achterkant iets optillen.

- Bordenrek naar links neerklappen.

Kopjes, schoteltjes en glas- werk in de machine zetten
Klein, teer serviesgoed en lange, scherpe bestekdelen in de bovenste korf plaatsen.

- Servies op en onder de uitklapbare kopjesrekken versprongen neerzetten, zodat het water overal goed kan komen.
- U kunt de kopjesrekken omhoogklappen om hoog servies neer te zetten.
- Wijn-, champagne- en cognacglazen kunt u in de uitsparingen van de kopjesrekken zetten resp. han-gen.
- Glazen, bekers enz. kunnen ook op de twee rijen spijltjes links in de bovenste korf worden gezet.

Bovenste korf in hoogte verstellen
| Maximale hoogte van het servies in de bovenste korf onderste korf | ||
| als de bovenste korf op de hoogste stand staat | 22 cm 31 cm | |
| als de bovenste korf op de laagste stand staat | 24 cm 29 cm | |

De hoogte kan ook versteld worden als de korven gevuld zijn.
Afhankelijk van het model is het apparaat met bovenkorf "variant 1" of "variant 2" uitgerust:
Lager plaatsen van de bovenste korf:
- Bovenste korf helemaal naar buiten trekken.
- Bovenste korf achter optillen en laten zakken.
Hoger plaatsen van de bovenste korf:
-
Bovenste korf helemaal naar buiten trekken.
-
Bovenste korf rechts achter optillen, licht naar voren trekken en in de bovenste stand laten vastklikken.

Lager plaatsen van de bovenste korf: Variant 2
- Bovenste korf helemaal naar buiten trekken.
- Bovenste korf zo ver mogelijk optillen en loodrecht laten zakken. De bovenste korf valt nu in de laagste stand.
Hoger plaatsen van de bovenste korf:
-
Bovenste korf helemaal naar buiten trekken.
-
Bovenste korf zo ver mogelijk optillen en loodrecht laten zakken. De bovenste korf valt nu in de hoogste stand.

Reinigingsmiddel doseren

Gebruik alleen reinigingsmiddelen voor afwasautomaten.
Doseer reinigingsmiddel:
- Vóór het begin van een programma (niet bij het programma voorspoelen). Reinigingsmiddel wordt tijdens het programma automatisch ingespoeld.

Let op de aanwijzingen m.b.t. doseren en bewaren op de verpakking van het reinigingsmiddel.
Het reservoir voor reinigingsmiddel bevindt zich aan de binnenzijde van de deur.

- Als het deksel gesloten is: ontgrendelingsknop (1) indrukken. Het deksel springt open.

- Reinigingsmiddel in het reservoir voor reinigingsmiddel doen. Als doseerhulpje dienen de markeringslijnen:
"20" komt overeen met ca. 20 ml reinigingsmiddel, "30" komt overeen met ca. 30 ml reinigingsmiddel.
- Deksel terugklappen en dichtdrukken, tot het dichtklikt.

Bij zeer sterk verontreinigd servies bovendien reinigingsmiddel in het extra vakje (2) doseren. Dit reini-gingsmiddel werkt al tijdens het voorspoelen.

BIO-programma's en compacte reinigingsmiddelen
Reinigingsmiddelen voor afwasmachines kunnen aan de hand van hun chemische samenstelling in twee types verdeeld worden:
– traditionele, alkalische reinigingsmiddelen met bijtende bestanddelen
- laag-alkalische compacte reinigingsmiddelen met natuurlijke enzymen.

BIO-programma's in combinatie met compacte reinigingsmiddelen ontzien het milieu en uw servies, want BIO-programma's zijn speciaal afgestemd op de vuil oplossende eigenschappen van de enzymen in compacte reinigingsmiddelen. Daarom bereiken BIO-programma's in combinatie met compacte reinigingsmiddelen al bij 50°C dezelfde reinigingsresultaten die anders alleen met 65°C-programma's bereikt worden.
Bij BIO-programma's wordt het water korte tijd over 50°C verhit, opdat de actieve zuurstof kan werken.

Sommige fabrikaten reinigingstabletten lossen zo langzaam op, dat ze in korte programma's niet hun volle reinigingswerking bereiken.
Gebruik reinigingstabletten daarom liever bij normale programma's met voorspoelen.
Programma kiezen (programmatabel)
Kies aan de hand van deze tabel het geschikte programma: 1)
| Soortservies | Groot servies en pannen Klein servies | ||||
| bovendien | -- met temperatuurgevoelig servies | met teer glas-werk | |||
| Soort ver-ontreiniging | •sterkverontreinigd•aangeketensresten, vooral eiwit en zetmeel | •normaalverontreinigd•angetoekteetensresten | •normaaverontreinigd | •normaaverontreinigd | •lichtverontrei-nigd |
| bijzonder geschiktbij gebruik van compacte reinigingsmiddelen | |||||
| Geschiktprogramma: | ↓↓↓↓↓↓ | ||||
| INTENSIEF70°C | NORMAAL65°C | NORMAAL BIO50°C2) | E - STAND50°C2) 5) | QUICK 40°C | |
| Programma-verloop3) | voorspoelen reinigen2 x tussenspoe-lennaspolen drogen | voorspoelen reinigen tussenspolennaspolen drogen | voorspoelen reinigen tussenspolennaspolen drogen | voorspoelen reinigen tussenspolennaspolen drogen | -reinigen tussenspolennaspolen- |
| Verbruiks-waarden:4) | ↓↓↓↓↓↓ | ||||
| duur | 110 - 120 min. | 85 - 95 min. | 80 - 90 min. | 139 - 159 min. | 28 min. |
| energie | 1,9 - 2,1 kWh | 1,15 - 1,35 kWh | 0,95 - 1,15 kWh | 0,95 - 1,05 kWh | 0,75 kWh |
| water | 18 - 20 liter | 13 - 15 liter | 13 - 15 liter | 13 - 15 liter | 11 liter |
1) Naast de in de tabel genoemde programma's is er het speciale programma VOORSPOELEN. Dit programma is bedoeld voor gebruikt servies, dat in de machine wordt verzameld en pas later afgewassen. Het programma VOORSPOELEN duurt 10 minuten en verbruikt 4 liter water en minder dan 0,1 kWh energie.
2) Bij BIO-programma's wordt het water korte tijd over 50°C verhit, opdat de actieve zuurstof kan werken.
3) De verschillende programma-onderdelen klinken niet allemaal hetzelfde, omdat bij sommige onderdelen voor een beter reinigingsresultaat korte tijd krachtiger wordt afgewassen.
4) De verbruikswaarden zijn onder normomstandigheden bepaald. Ze zijn afhankelijk van de belading van de servieskorven. Afwijkingen zijn daarom in de praktijk mogelijk.
5) Het afwasprogramma E-STAND reinigt normaal verontreinigd servies bij zeer laag energieverbruik. Als het servies snel moet worden afgewassen, kan als alternatief programma NORMAAL BIO 50°C worden gekozen.
Afwasprogramma starten
- Controleer of servies en bestek zodanig zijn opgesteld, dat de sproeiarmen vrij kunnen draaien.
- Waterkraan geheel opendraaien.
- Deur sluiten.
- Toets AAN/UIT indrukken. De indicatie gaat branden.
- Programmatoets van het gewenste programma indrukken (zie "Programmatabel"). De programma-indicatie gaat branden. Na ongeveer 6 seconden begint het gekozen programma. In het multidisplay wordt de berekende resterende looptijd van het programma (afhankelijk van de belading van de korven) aangegeven.
Bij automatische programma-aanpassing kan door de sturing van de afwasautomaat (hoeveelheid servies, verontreinigingsgraad enz.) deze telling van de resterende looptijd eventueel worden stilgezet of gecorrigeerd.
Als na de programmastart in het multidisplay foutcodes worden aangegeven, moet u hoofdstuk "Wat is er aan de hand, als..." lezen.
Programma wijzigen/onderbreken/afbreken
Wijzig of onderbreek een lopend programma alleen, als dat beslist noodzakelijk is. Na het weer sluiten van de machinedeur wordt de binnengestroomde lucht sterk verhit en verspreid. Daardoor kan water in de kuip terechtkomen en kan eventueel de beveiliging tegen water-overlast in werking treden.
Programma wijzigen
Als u binnen 6 seconden na kiezen van het programma het programma wilt wijzigen, drukt u even de toets van het gewenste programma in. Als u op een later tijdstip het programma wilt wijzigen, gaat u als volgt te werk:
-
Toets van het nieuwe programma indrukken en ingedrukt houden. Nu knipperen de indicaties van beide programma's.
-
Na enkele seconden knippert alleen nog de indicatie van het nieuwe programma. Programmatoets loslaten, het nieuwe programma begint.
Programma onderbreken door de machinedeur te openen

Bij het openen van de deur kan hete stoom naar buiten komen. Verbrandingsgevaar! Deur voorzichtig openen.
-
Machinedeur openen. Het programma stopt.
-
De indicatie van het lopende programma gaat uit.
- Deur sluiten. Het programma loopt verder.
Programma afbreken
- Toets van het lopende programma indrukken en ingedrukt houden. De programma-indicatie van het lopende programma knippert enkele seconden en gaat dan uit.
- Programmatoets loslaten, het programma is afgebroken.

Door uitschakelen van de afwasautomaat wordt een gekozen programma alleen onderbroken, niet afgebroken. Als u de machine weer inschakelt, wordt het programma voortgezet.
Starttijd instellen of wijzigen
U kunt max. 19 uur van te voren programmeren, wanneer het programma moet starten.
Starttijd instellen:
-
Toets AAN/UIT indrukken.
-
Toets STARTTIJD zo vaak indrukken, tot het multidisplay het aantal uren (knipperend) tot de gewenste start aangeeft.
- Toets voor het gewenste programma indrukken. Het multidisplay geeft nu constant het aantal uren tot de start aan. Deze tijd is nu ook opgeslagen.
- Na afloop van de ingestelde tijd start het programma automatisch.
Starttijd wijzigen:
Zolang het programma nog niet begonnen is, kunt u door indrukken van toets STARTTIJD de ingestelde starttijd nog wijzigen.
Als u een programma start, terwijl er in de bovenste en/of onderste korf maar weinig servies staat, past een intelligente elektronica de hoeveelheid water en de duur van het programma aan de hoeveelheid servies aan. Daardoor kunt u ook weinig servies snel en economisch afwassen. Bij halve belading (6 standaardcouverts) bespaart u zo'n 2 liter water en 0,2 kWh stroom.
Afwasautomaat uitschakelen
Machine pas uitschakelen als het multidisplay "0" als resterende loop- tijd van het programma aangeeft.
- Toets AAN/UIT indrukken. De indicatie van de toets gaat uit.

Bij het openen van de deur, direct na beëindiging van het programma, kan hete stoom naar buiten komen. Daarom:
- Deur voorzichtig openen.
Machine leeghalen

- Heet servies is zeer gevoelig. Daarom vóór het leeghalen laten afkoelen.
- Laat na beëindiging van het programma het servies nog ca. 15 minuten in de machine staan. Het droogt dan beter.
- Eerst de onderste korf leeghalen, dan de bovenste korf. Zo voorkomt u dat restwater van de bovenste korf op het servies in de onderste korf druppelt en watervlekken achterlaat.
Onderhoud en reiniging

In geen geval onderhoudsmiddelen voor meubels of agressieve reini- gingsmiddelen gebruiken.
- Bedieningselementen van de afwasautomaat alleen met een zachte doek en schoon warm water schoonmaken.
- De sproeiarmen hoeven niet gereinigd te worden.
- Kuip, deurafdichting en watertoevoer regelmatig controleren en eventueel schoonmaken.
Schoonmaken van de zeven

De zeven in de kuipbodem zijn in hoge mate zelfreinigend.
Toch moet u de zeven af en toe con- troleren en eventueel schoonmaken. Verontreinigde zeven hebben een nadelige invloed op het afwasresul- taat.

-
Deur openen, onderste korf uit de machine nemen.
-
Het zeefsysteem van de afwasauto-maat bestaat uit een grove/fijne zeef, microfilter en vlakke zeef. M.b.v. de greep van het microfilter het zeefsysteem ontgrendelen en uit de machine nemen.
-
Greep ongeveer een kwart slag linksom draaien en uitnemen.
-
Grove/fijne zeef (1/2) aan het oogje pakken en uit het microfilter (3) trekken.
-
Alle zeven onder stromend water grondig schoonmaken.
-
Vlakke zeef (4) uit de kuipbodem nemen en aan beide kanten grondig schoonmaken.

- Vlakke zeef weer in de kuipbodem zetten.
- Grove/fijne zeef in het microfilter zetten en in elkaar drukken.
- Zeefcombinatie weer inzetten en door rechtsom draaien van de greep vergrendelen. Let erop dat de vlakke zeef niet boven de kuipbodem uitsteekt.

Zonder zeven mag de machine in geen geval gebruikt worden.

Wat is er aan de hand, als...
Aan de hand van onderstaande aanwijzingen kunt u kleine storingen aan het toestel zelf opheffen. Als u toch voor één van de hier vermelde storingen of vanwege foutieve bediening onze service-afdeling inschakelt, wordt dit bezoek ook tijdens de garantietermijn niet door onze garantiebepalingen gedekt.
...foutcodes worden aangegeven.
- Geeft het multidisplay de foutcode [2] aan of gaat de indicatie WATER branden, dan kunt u de storing eventueel zelf opheffen. Na opheffen van de storing [2] en de storing met indicatie WATER de toets van het begonnen programma indrukken. Het programma loopt verder. Als de foutcode opnieuw wordt aangegeven, moet u contact opnemen met onze service-afdeling.
- Bij alle andere aangegeven foutcodes: contact opnemen met onze service-afdeling en opgeven om welke foutcode het gaat.
| Storing Mogelijke | oorzaak Oplossing | |
| Programma-indicatie van het gekozen programma knippert en de indicatie WATER gaat branden: er wordt geen water toegevoerd. | Waterkraan is verstopt of verkalkt. | Waterkraan schoonmaken. |
| Zeef (indien aanwezig) in de slangkoppeling aan de waterkraan is ver-stopt. | Zeef in de slangkoppeling schoonmaken. | |
| Watertoevoerslang ligt niet goed. | Slang controleren en evt. goed leggen. | |
| Multidisplay geeft de fout-code [2] aan. | De sifon is verstopt. Sifon | schoonmaken. |
| Programma-indicatie van het gekozen programma knippert. | Waterafvoerslang ligt niet goed. | Slang controleren en evt. goed leggen. |
| Multidisplay geeft de fout-code [3] aan. | De beveiliging tegen wateroverlast is in wer-king getreden. | Waterkraan dichtdraaien encontact opnemen met onze service-afdeling. |
| De indicatie ZEEF gaat bran-den. | Deze indicatie herinnert u eraan, dat u regelmatig de zeef moet controleren en indien nodig schoon-maken. De indicatie gaat regelmatig branden, onafhankelijk van de mate van verontreiniging van de zeef. | De indicatie gaat automa-tisch uit als het volgende afwasprogramma wordt gestart. |
...er problemen zijn bij het gebruik van de afwasautomaat.
| Storing Mogelijke oorzaak Oplossing | ||
| Het programma begint niet. | De machinedeur is niet goed gesloten. | Deur sluiten. |
| De stekker zit niet in het stopcontact. | Stekker in het stopcontact steken. | |
| Zekering in de huisinstallatie is niet in orde. | Zekering vervangen. | |
| Bij modellen met starttijd-keuze:U hebt een starttijd gekozen. | Als servies direct moet worden afgewassen, bij apparaten- met multidisplay de starttijd op 0 uur instellen.- zonder multidisplay de starttijdkeuze wissen. | |
| In de kuip zijn roest-vlekken zichtbaar. | De kuip is van roestvrij staal.Roestvlekken zijn een gevolg van vreemd roest (roestdeeltjes uit de waterleiding, van pannen, bestek enz.). Verwijder zulke vlekken met een speciaal reinigingsmiddel. | Alleen geschikt bestek en servies afwassen. |
| Deksel van het zoutreservoir stevig vastdraaien. | ||
| Fluitend geluid bij het afwassen. | Het fluiten kan geen kwaad. | Ander merk reinigingsmid-del gebruiken. |
...het afwasresultaat niet bevredigend is.
Het servies wordt niet schoon.
- U hebt niet het juiste programma gekozen.
- Het servies is zodanig neergezet, dat het water niet overal kon komen. De servieskorven mogen niet overbeladen zijn.
- De zeven in de kuipbodem zijn niet schoon of verkeerd in de machine geplaatst.
- U hebt geen goed reinigingsmiddel gebruikt of te weinig gedoseerd.
- Bij kalkaanslag op het servies: het zoutreservoir is leeg of de water-onthardingsinstallatie is verkeerd ingesteld.
- De afvoerslang ligt niet goed.
Het servies is niet droog en glanst niet.
- U hebt geen goed glansmiddel gebruikt.
- Het glansmiddelreservoir is leeg.
Op glazen en servies zijn vegen, strepen, melkachtige vlekken of blauwachtige aanslag te zien.
- Glansmiddeldosering lager instellen.
Op glazen en servies zijn opgedroogde waterdruppels te zien.
- Glansmiddeldosering hoger instellen.
- Het reinigingsmiddel kan de oorzaak zijn. Neem contact op met de fabrikant van het reinigingsmiddel.
Technische gegevens
| capaciteit: 12 standaardcouverts inclusief dienbestek | |
| toelaatbare waterdruk: | 1-10 bar (=10-100 N/cm2 = 0.1-1.0 MPa) |
| elektrische aansluiting: Gegevens over de elektrische aansluiting vindt u op het typeplaatje aan de rechter binnenrand van de deur. | |
| Afwasautomaten: vrijstaande toestellen | |
| afmetingen: 850 x 600 x 600 (h x b x d in mm) | |
| max. gewicht: 54 kg | |
| Geïntegreerde en onderbouwtoestellen | |
| afmetingen: 820 - 880 x 596 x 570 (h x b x d in mm) | |
| max. gewicht: 50 kg | |
| Volledig geïntegreerde toestellen | |
| afmetingen: 820 - 880 x 596 x 546 - 550 (h x b x d in mm) | |
| max. gewicht: 50 kg | |
C€ Dit toestel voldoet aan de volgende EU-richtlijnen:
- 73/23/EEG van 19.02.1973 - laagspanningsrichtlijn
- 89/336/EEG van 03.05.1989
(incl. wijzigingsrichtlijn 92/31/EEG) – EMC-richtlijn
Aanwijzingen voor testinstituten
De test volgens EN 60704 moet bij volle belading met het testprogramma (zie programmatabel) worden uitgevoerd.
De tests volgens EN 50242 moeten met vol zoutreservoir van de waterontharder, met vol voorraadreservoir voor glansmiddel en met het testprogramma (zie programmatabel) worden uitgevoerd.
| Volle belading:12 standaardcouvertsincl. dienbestek | Halve belading:6 standaardcouverts incl. dienbestek,elke tweede plek vrijlaten | |
| Dosering reinigings-middel: | 5 g + 25 g (type B) 20 g (type B) | |
| Glansmiddelinstelling: | 4 (type III) 4 (type III) |
Beladingsvoorbeelden:
bovenste korf zonder besteklade bovenste korf met besteklade

onderste korf met bestekkorf

OPSTEL- EN AANSLUITAANWIJZINGL- EN AANSLU
Opstellen van de afwasautomaat
- De afwasautomaat moet stabiel en waterpas op een vlakke vloer worden opgesteld.
- Schroefvoeten met de schroefsleutel uitdraaien om oneffenheden in de vloer te compenseren en de hoogte van het apparaat aan andere meubelen aan te passen : - met een schroevendraaier

- Afvoerslang, toevoerslang en aansluitsnoer moeten binnen de sokkeluitsparing achter vrij beweeglijk liggen, opdat de slangen en het snoer niet geknikt of platgedrukt worden.
Vrijstaande apparaten

- kunnen zonder extra bevestiging worden opgesteld. Als de afwasautomaat direct naast een gas- of kolenfornuis wordt opgesteld, moet tussen fornuis en afwasautomaat een warmte-isole- rende, niet brandbare plaat vlak tegen de bovenkant van het werk- blad (diepte 57,5 cm) worden aangebracht. Deze plaat moet aan de kant van het fornuis van aluminiumfolie voorzien zijn.
- Als de afwasautomaat onder een werkblad moet worden ingebouwd, moet het originele bovenblad van het apparaat als volgt worden verwijderd:
- Schroeven (1) uit de hoekstukken aan de achterzijde draaien.
- Bovenblad van het apparaat ca. 1 cm naar achteren schuiven (2), aan de voorkant iets optillen (3) en wegnemen.
- Op de in de afbeelding aangegeven plaats(4) van het bevestigingsnokje van het bovenblad drukken en het nokje schuin naar achteren uittrekken (5).

- De afwasautomaat moet bovendien vast aan het doorlopende werkblad of aan de meubelen ernaast geschroefd worden. Deze maatregel is absoluut noodzakelijk, opdat de volgens de voorschriften vereiste kiepveiligheid gewaarborgd is.

Als de afwasautomaat later weer als vrijstaand apparaat wordt gebruikt, moet het originele bovenblad van het apparaat weer worden aangebracht.

De sokkel van vrijstaande apparaten is niet verstelbaar.
Aansluiten van de afwasautomaat
Wateraansluiting
De machine is uitgerust met veiligheidsvoorzieningen die verhinderen dat spoelwater in het drinkwaternet kan terugstromen en voldoen aan de betreffende watertechnische veiligheidsvoorschriften.
- De afwasautomaat kan aan koud water en aan warm water tot max. 60 °C worden aangesloten.
- De afwasautomaat mag niet aan open heetwatertoestellen en doorstroomtoestellen worden aangesloten.
Toelaatbare waterdruk
| Minimaal toelaatbare waterdruk:1 bar (=10 N/cm2=100 kPa) | Als de waterdruk lager dan 1 bar is, dient u uw installateur te raadplegen. |
| Maximaal toelaatbare waterdruk:10 bar (=100 N/cm2=1 MPa) | Bij meer dan 10 bar waterdruk moet een reduceerventiel worden geïnstalleerd (verkrijgbaar bij de vakhandel) |
Toevoerslang aansluiten

De toevoerslang mag bij het aansluiten niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld zijn.

Toevoerslang met de slangkoppeling (ISO 228-1:2000) aan een water- kraan met buitenschroefdraad (3/4") aansluiten. De moer van de slang- koppeling alleen met de hand aandraaien.

- Om de mogelijkheden om in de keuken water te tappen niet te beperken, adviseren wij u een extra waterkraan te installeren of aan de aanwezige kraan een aftakking te bouwen.
- Als u een langere toevoerslang nodig hebt, moet u één van de volgende in de handel verkrijgbare VDE-goedgekeurde complete slangsets gebruiken:
- slangset "WRflex 100" (E-nr.: 911 239 034)
- slangset "WRflex 200" (E-nr.: 911 239 035)
Waterafvoer
Afvoerslang

De afvoerslang mag niet geknikt, platgedrukt of ineengestrengeld zijn.
• Aansluiting van de afvoerslang:
- maximaal toelaatbare hoogte: 1 meter.
- minimaal vereiste hoogte 30 cm boven de onderkant van de machine.
Verlengslangen
- Verlengslangen zijn verkrijgbaar bij de vakhandel of onze service-afdeling. De binnendiameter van de verlengslangen moet 19 mm bedragen, opdat het functioneren van de machine niet gestoord wordt.
- Verlengslangen mogen maximaal 3 meter horizontaal liggen en de maximaal toelaatbare hoogte voor de aansluiting van de afvoerslang bedraagt dan 85 cm.

Sifonaansluiting
- De tuit van de afvoerslang (∅ 19 mm) past op alle gangbare types sifons. De buitendiameter van de sifonaansluiting moet minimaal 15 mm zijn.
- De afvoerslang moet met de meegeleverde slangklem aan de sifonaansluiting worden bevestigd.
Waterafvoer bij hoog ingebouwde afwasautomaat
Wanneer bij een hoog ingebouwde afwasautomaat de aansluiting van de afvoerslang zich minder dan 30 cm boven de onderkant van de machine bevindt, moet montageset ET 111099520 door de klantenservice worden gemonteerd.
Waterafvoer in een gootsteen (alleen mogelijk bij vrijstaande toestellen)
Als u de afvoerslang in een gootsteen wilt hangen, moet u een slang-houder gebruiken. Deze is te bestellen bij onze service-afdeling onder ET-nr. 646 069 190.

-
Slanghouder op de afvoerslang steken.
-
Zorg ervoor dat de afvoerslang niet van de gootsteenrand kan wegglijden. Als u een koord door het gat trekt, kunt u de houder aan de muur of aan de waterkraan bevestigen.
Beveiliging tegen wateroverlast
De afwasautomaat is uitgerust met het AQUA CONTROL SYSTEM, een beveiliging tegen wateroverlast.
In geval van storing onderbreekt het veiligheidsventiel in de machine direct de watertoevoer en de afvoerpomp wordt ingeschakeld. Daardoor kan er geen water uit- of overlopen. Restwater dat zich nog in het toestel bevindt wordt automatisch weggepompt.

Het AQUA CONTROL SYSTEM functioneert ook, als het toestel uitgeschakeld is – het mag echter niet van het stroomnet gescheiden zijn.
Elektrische aansluiting

Volgens de voorwaarden van de elektriciteitsbedrijven mag een vaste aansluiting aan het elektriciteitsnet alleen door een erkend elektro-installateur worden uitgevoerd.
Bij de aansluiting moet aan de algemeen en plaatselijk geldende voorschriften van het elektriciteitsbedrijf strikt de hand worden gehouden. Na de inbouw mogen volgens EN 60335/DIN VDE 0700 spanning voerende onderdelen en geïsoleerde leidingen niet aanraakbaar zijn.
Gegevens voor de elektrische aansluiting vindt u op het typeplaatje op de rechter binnenrand van de deur. Als het toestel omschakelbaar is uitgevoerd, dient u zich bovendien aan de aanwijzingen op het omschakelschema te houden dat zich in de snoeraansluitdoos bevindt.
Controleer vóór het aansluiten, of de op het typeplaatje aangegeven netspanning en stroomsoort overeenkomen met netspanning en stroomsoort op de plaats van opstelling. Op het typeplaatje vindt u ook de vereiste zekering.
Om de afwasautomaat van het net te scheiden, stekker uit het stopcontact trekken.
Attentie: de stekker moet na opstelling van het apparaat bereikbaar blijven.
Is het toestel d.m.v. een vaste aansluiting met het net ver-bonden, dan moet het door maatregelen in de installatie met een inrichting die alle polen (N, L1) onderbreekt (bijv. aardlekschakelaar) met een contactopening van > 3 mm van het net worden gescheiden.
Aansluittechniek
Toevoer- en afvoerslang en aansluitsnoer moeten aan de zijkant van de machine worden aangesloten, omdat daarvoor achter het toestel geen plaats is.
Het hier gegeven voorbeeld van water- en elektrische installatie is slechts een richtlijn, omdat de situatie ter plaatse van opstelling (aanwezige aansluitingen, plaatselijke en algemeen geldende aansluitvoorschriften) maatgevend is.

ADRES KLANTENSERVICECE
AEG fabrieksservice
Postbus 120
2400 AC Alphen aan den Rijn
Consumentenbelangen tel. 0172-468 172
(voor algemene, product- of fax. 0172-468 470
gebruiksinformatie)
Storingen/reparaties tel. 0172-468 300
(voor bezoek servicetechnicus) fax. 0172-468 255
Onderdelenverkoop tel. 0172-468 400
fax. 0172-468 376
GARANTIEBEPALINGEN
Garantiebepalingen
- Indien AEG Huishoudelijke Apparaten binnen 12 (twaalf) maanden na aflevering, onder overlegging van de aankoopfacturen, in kennis wordt gesteld van gebreken aan de geleverde toestellen die hun oorzaak vinden in materiaal- of constructiefouten, verbindt AEG zich genoemde gebreken te herstellen en wel onder de volgende voorwaarden:
- Arbeids-, voorrij- en materiaalkosten zullen de cliënt niet in rekening worden gebracht; de kosten van een volgens AEG noodzakelijke verzending komen voor rekening van AEG, mits deze verzending geschiedt in overleg met en met instemming van AEG.
- De garantietijd is beperkt tot 6 maanden, indien het toestel industrieel of in gemeenschappelijke ruimten wordt gebruikt.
- Voor hermetisch gesloten koelsystemen (motorcompressor, koellichaam, koelleiding en condensor) gelden de volgende garantiebepalingen:
- Gedurende de eerste 12 maanden na aankoop, volledige garantie, conform artikel 1.
- Gedurende het tweede tot en met het vijfde jaar, na aankoop, wordt naast het arbeidsloon en voorrijkosten resp. 20%, 40%, 60% en 80% van de materiaalkosten berekend.
- Na het vijfde jaar volgt volledige berekening.
-
Indien een binnen de garantietermijn opgetreden defect niet binnen 2 maanden kan worden hersteld, volgt kosteloze omruiling van het toestel.
-
Alle garantieverplichtingen vervallen:
- Indien het toestel niet volgens de gebruiksaanwijzing en voor andere dan gewone huishoudelijke doeleinden is gebruikt.
- Indien aan het toestel door anderen dan AEG op ondeskundige wijze reparaties zijn verricht of veranderingen zijn aangebracht.
- Indien de nummers van het toestel zijn verminkt of verwijderd.
- Indien geen fabrieksoriginele onderdelen zijn gemonteerd.
- Indien beschadigingen of defecten zijn opgetreden ten gevolge van niet volgens de voorschriften uitgevoerde aansluiting, niet deskundig gebruik, alsmede het niet opvolgen van de inbouwvoorschriften en gebruiksaanwijzingen.
- Indien binnen de garantietermijn door AEG reparaties worden verricht, wordt de oor-spronkelijke garantietermijn niet verlengd.
- Op reparaties buiten de garantietermijn, door AEG verricht, en op de hierbij geleverde, betaalde en gemonteerde onderdelen verleent AEG Huishoudelijke Apparaten 1 jaar garantie.
- Indien na driemaal uitvoeren van eenzelfde reparatie, hetzelfde defect opnieuw optreedt en geen afdoend resultaat van het opnieuw uitvoeren van een reparatie verwacht mag worden, zal een nieuw exemplaar of soortgelijk toestel worden aangeboden. De aanbieding geschiedt tegen bijbetaling op basis van een te bepalen jaarlijks afschrijvingspercentage.
- Voor reparaties, zowel binnen als buiten de garantietermijn, kunt u zich rechtstreeks wenden tot: AEG fabrieksservice tel. 0172-468 300.
Voor reparaties uitgevoerd door anderen, kan AEG geen produktaansprakelijkheid aanvaarden.
AEG fabrieksservice
Vennootsweg 1
2404 CG Alphen aan den Rijn
Reparatievoorwaarden
Onze reparatievoorwaarden zijn conform de afspraak tussen de Consumentenbond en Vlehan*.
Art. 1 Aan de consument zal na een melding van een storing zo mogelijk direct, doch uiterlijk binnen één werkdag worden medegedeeld op welke dag het bezoek van de technicus zal plaatsvinden.
De reparatie zal als regel binnen zeven werkdagen na de melding zijn uitgevoerd.
Art. 2
a) Alvorens de reparatie wordt verricht zal de technicus een onderzoek uitvoeren naar de vermoedelijke oorzaak van de gemelde storing. Aan de hand hiervan zal hij een zo nauwkeurig mogelijke, gespecificeerde begroting maken van de totale reparatiekosten inclusief voorrijkosten en diagnose-kosten. Desgevraagd zal deze begroting door de technicus schriftelijk worden vastgelegd.
b) Indien de consument met het begrote bedrag niet akkoord gaat, zal op verzoek het te repareren toestel worden teruggebracht in de staat waarin het aan de technicus werd aangeboden. Nadat dit is geschied, zullen alleen de kosten van voorrijden en arbeidsloon in rekening worden gebracht op basis van de werkelijk bestede tijd, danwel van een vooraf vastgesteld tarief.
Art. 3 Indien tijdens het uitvoeren van de reparatie duidelijk wordt dat:
a) de oorspronkelijke reparatie door redelijkerwijs niet te voorziene omstandigheden niet tegen het begrote bedrag kan worden uitgevoerd, of
b) ook andere dan in de begroting voorziene reparaties noodzakelijk zijn, zal overleg met de consument plaatsvinden en een herziene kostenbegroting worden gemaakt. In geval de consument daarmee alsnog niet akkoord gaat, geldt eveneens het in artikel 2b bepaalde.
Art. 4 De reparatie zal zoveel mogelijk tijdens het eerste bezoek worden uitgevoerd. Indien om het toestel in werkende staat te brengen een tweede bezoek noodzakelijk is, zal:
a) direct, doch uiterlijk binnen één werkdag door de betreffende service-organisatie of door de technicus met de consument de datum voor een tweede bezoek worden afgesproken.
b) een herhalingsbezoek zal als regel binnen tien werkdagen na de melding plaatsvinden.
c) voor een tweede of daaropvolgend bezoek zal geen voorrijtarief in rekening worden gebracht, tenzij de noodzaak voor een herhalingsbezoek aan de consument is toe te schrijven.
Art. 5 De consument ontvangt een gespecificeerde rekening met vermelding van type en serienummer van het apparaat, omschrijving van de diagnose, toegepaste tarieven, gebruikte onderdelen en materialen en een korte omschrijving van de verrichte werkzaamheden. De betaling van de rekening dient tegen afgifte van een reparatienota direct contant of door middel van een gegarandeerd betaalmiddel plaats te vinden.
Art. 6 Op elke uitgevoerde en betaalde reparatie zal bij normaal huishoudelijk gebruik een volledige garantie van minimaal 3 maanden worden gegeven. Deze garantie omvat het kosteloos uitvoeren van een hernieuwde reparatie. Op de uitgewisselde en betaalde onderdelen geldt een garantietermijn van 12 maanden.
Bij een beroep op garantie op de reparatie dient de consument op verzoek de gespecificeerde rekening van de voorgaande reparatie aan de technicus te overleggen.
Art. 7 Indien na driemaal uitvoeren van eenzelfde reparatie hetzelfde defect bij normaal huishoudelijk gebruik opnieuw optreedt binnen de onder art. 6 bedoelde garantietermijn en redelijkerwijs een afdoend resultaat bij het opnieuw uitvoeren van de reparatie niet verwacht kan worden, zal aan de consument een nieuw exemplaar of soortgelijk toestel van hetzelfde merk worden aangeboden tegen bijbetaling op basis van een per product te bepalen jaarlijks afschrijvingspercentage.
Art. 8 Vervangen onderdelen stelt de technicus weer ter beschikking van de consument, met uitzondering van de onder garantie of tegen een gereduceerde prijs vervangen onderdelen.
Art. 9 Een reparatie dient op zodanige wijze te worden uitgevoerd, dat een toestel daarna weer volledig voldoet aan de veiligheidsvoorschriften, die op grond van een van fabriekswege aangebracht veiligheidskeurmerk gelden, danwel bij het ontbreken daarvan, aan de wettelijke vereisten terzake.
Dit houdt ondermeer in, dat reparaties moeten worden uitgevoerd met originele en door de fabrikant ook terzake van veiligheidskeurmerken en -voorschiften gegarandeerde onderdelen.
*) Vereniging Leveranciers van Huishoudelijke Apparaten in Nederland.
KLANTENSERVICE
Als u vragen hebt waar deze gebruiksaanwijzing geen antwoord op geeft, kunt u contact opnemen met AEG.

Houd bij het opgeven van een storing altijd het PNC- en S-nummer van uw toestel bij de hand. Deze nummers vindt u op het typeplaatje (op de rechter binnenrand van de deur) en kunt u het beste hieronder en voorop deze gebruiksaanwijzing noteren.
Modelaanduiding
PNC
S-No
Aan de hand van deze nummers kan onze service-afdeling de juiste voorbereidingen treffen, zodat de machine bij het eerste bezoek van de servicetechnicus weer hersteld kan worden. Op deze manier hoeft u slechts één maal thuis te blijven.
Als u toch voor één van de in deze gebruiksaanwijzing vermelde storingen of vanwege foutieve bediening de service-afdeling inschakelt, wordt dit bezoek ook tijdens de garantietermijn niet door onze garantiebepalingen gedekt.
Elektrische toestellen van AEG voldoen aan de betreffende veiligheidsbepalingen. Reparaties aan elektrische toestellen mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd. Onvakkundige reparaties kunnen tot aanzienlijke risico's voor de gebruiker leiden. Wend u daarom altijd tot
onze service-afdeling. Voor reparaties uitgevoerd door anderen kan AEG geen aansprakelijkheid aanvaarden. Alleen originele AEG-onderde- len voldoen aan alle eisen!
Onze service-afdeling voert reparaties uit overeenkomstig de voorwaarden die tussen de Consumentenbond en de VLEHAN (Vereniging Leveranciers Elektrotechnische Huishoudelijke Apparaten Nederland) zijn overeengekomen.
AEG Hausgeräte GmbH
Postfach 1036
D-90327 Nürnberg
822 945 255 - 00 - 1101 Wijzigingen voorbehouden