AUD-36 - Airconditioner HISENSE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis AUD-36 HISENSE in PDF-formaat.
| Producttype | Split-airconditioner (koeling en verwarming) |
| Merk | Hisense |
| Model | AUD-36 |
| Koelcapaciteit | 36000 BTU (10,5 kW) |
| Verwarmingscapaciteit | 36000 BTU (10,5 kW) |
| Energieklasse | A++ |
| Spanning | 230V / 50Hz |
| Koelmiddel | R32 |
| Afmetingen binnenunit (BxHxD) | 1100 x 330 x 240 mm |
| Afmetingen buitenunit (BxHxD) | 950 x 700 x 350 mm |
| Gewicht binnenunit | 14 kg |
| Gewicht buitenunit | 45 kg |
| Geluidsniveau binnenunit | 44 dB(A) |
| Geluidsniveau buitenunit | 56 dB(A) |
| Luchtdebiet | 18 m³/min |
| Ontvochtigingscapaciteit | 2,5 L/h |
| Toepassingsgebied | Tot 100 m² |
| Filter | Wasbaar fijnstoffilter |
| Afstandsbediening | Ja |
| Timer | 24-uurs timer |
| Slaapmodus | Ja |
| Zelfreiniging | Ja |
| Garantie | 2 jaar |
Veelgestelde vragen - AUD-36 HISENSE
Gebruikersvragen over AUD-36 HISENSE
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Airconditioner in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding AUD-36 - HISENSE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. AUD-36 van het merk HISENSE.
GEBRUIKSAANWIJZING AUD-36 HISENSE
Dank u voor het kopen van deze airconditioner. Lees deze gebruiks- en installatie-instructies zorgvuldig door voordat u dit apparaat gaat installeren en gebruiken en bewaar deze handleiding voor later gebruik.
Wij heten u hartelijk welkom als gebruiker van ons product!
Wij bedanken u voor het vertrouwen dat u in ons heeft.
Lees deze handleiding zorgvuldig voor installatie door.
Bewaar deze handleiding veilig voor later gebruik na de installatie.
Eigenschappen van deze airconditioner
- Weinig ruimte voor installatie nodig. De binnenunit kan gemakkelijk in de plafondruimte worden geïnstalleerd.
- Optionele statische druk 18 k: optioneel 10 Pa / 30 Pa, 24 k en 36 k: 50 Pa / 80 Pa
(voor het hoog-efficiënte type een vrije keus van 1\~80 Pa), 48 k / 60 k: 80 Pa / 120 Pa statische druk. Eén unit met meerdere optionele installatiemethoden.
- Hoogst efficiënt en milieuvriendelijk nieuw koelmiddel R410A. R410A beschermt het milieu en kan geen kwaad voor de ozonlaag.
- 24-uurs timer AAN en UIT. Deze timer kan worden ingesteld op het automatisch in- of uitschakelen van de unit per dag.
MODEL APPARAAT
DC inverter geintegreerde airconditioner
AUD-18UX4SGKL
AUD-24UX4SZLH
AUD-36UX4SAMH
AUD-48UX6SPHH
AUD-60UX6SPHH
Nieuwe DC inverter geïntegreerde airconditioner (hoog-efficiënt model)
AUD-18UX4SZKL1
AUD-24UX4SALH1
AUD-36UX4SAMH1
- Stille werking.
Het uitstekende ventilatorontwerp zorgt voor een stille en gelijkmatige luchtstroom met weinig geluid. - Voldoet aan diverse installatievereisten. Vaak wordt het type met luchtinlaat aan de achterzijde toegepast afhankelijk van de werkelijke ruimte voor installatie. De unit wordt ook geleverd met luchtinlaat aan de onderzijde, waarbij het geluid ongeveer 5-6 dB hoger wordt.
- Zelfherstellend na stroomuitval. Als de stroomvoorziening na een storing is hersteld, zijn alle instellingen nog actief en de airconditioner werkt volgens de oorspronkelijke instellingen.
- Zelfdiagnosefunctie bij storingen. Als er iets fout is met de airconditioner zal de microprocessor de storing onderzoeken, waarna deze op het scherm kan worden afgelezen voor gemak bij het onderhoud.
Aan/uit geïntegreerde airconditioner
AUD-18HX4SUNL
AUD-24HX4SZLH
AUD-36HX6SAHH
AUD-48HX6SPHH
AUD-60HX6SPHH
Waarschuwingssymbolen 3
Waarschuwingen 4
Samenstelling van de airconditioner 5
Bedieningshandleiding afstandsbediening
- Introductie bedrade afstandsbediening 7
- Bediening met de bedrade afstandsbediening 9
2.1 Stand-functie 9
2.2 Slaap-functie 10
2.3 Timer-functie 10
- Installate bedrade afstandsbediening 11
- Introductie draadloze afstandsbediening 12
4.1 Afstandsbediening-H1 12
4.1.1 Bedrijfstoestand 14
4.1.2 Regeling richting van de luchtstroom 15
4.1.3 Slimme stand 16
4.1.4 Klokinstelling 16
4.1.5 Timer-stand 17
4.1.6 Slaap-stand 18
4.1.7 Super-stand 18
4.2 Afstandsbediening-J1 19
4.2.1 Bedrijfstoestand 21
4.2.2 Regeling richting van de luchtstroom 22
4.2.3 Slimme stand 23
4.2.4 Klokinstelling 23
4.2.5 Timer-stand 24
4.2.6 Slaap-stand 25
4.2.7 Super-stand 25
4.3 Afstandsbediening-E4-07 26
4.3.1 Bedrijfstoestand 28
4.3.2 Regeling richting van de luchtstroom 29
4.3.3 Slimme stand 30
4.3.4 Klokinstelling 30
4.3.5 Timer-stand 31
4.3.6 Slaap-stand 32
4.3.7 Super-stand 32
- Speciale opmerkingen 33
- Probleemoplossing 33
Schema van koelcircuit
- Stroomdiagram koelmiddel 35
- Schema elektrische bedrading 35
Installatie en onderhoud
- Veiligheidsinstructies 36
- Gereedschappen en instrumenten voor installatie 37
- Installatie van de binnenunit 37
3.1 De eerste controle 37
3.2 Installatie 38
- Koelleidingen----40
4.1 Leidingmateriaal ----40
4.2 Aansluiting van de leidingen 40
- Afvoerleiding 41
- Elektrische bedrading 42
6.1 Algemene controle 42
6.2 Statische druk veranderen 43
- Installatie van de buitenunit 44
7.1 Plaatsen voor installatie 44
7.2 Installatie van de buitenunit 44
- Koelleidingen----45
8.1 Maken flare-koppeling 45
8.2 Aansluitende leiding tussen binnen- en buitenunits 45
8.3 Isolatie van de koelleidingen 45
8.4 Leidingen tapen 45
8.5 Afwerken van de installatie 45
- Ontluchting en proefdraaien 45
9.1 Ontluchting met een vacuümpomp 45
9.2 Lekkagetest 46
9.3 Leidingen afwerken 46
9.4 Proefdraaien 46
9.5 Algemeen 47
Waarschuwingssymbolen:



: Dit symbool heeft betrekking op een risico dat kan leiden tot ernstig persoonlijk letsel of overlijden.
. Dit symbool heeft betrekking op een risico of onveilige handelingen die kunnen leiden tot ernstig persoonlijk letsel of overlijden.
: Dit symbool heeft betrekking op een risico of onveilige handelingen die kunnen leiden tot persoonlijk letsel en schade aan producten en gebouwen.
: Dit heeft betrekking op opmerkingen en instructies over de bediening, onderhoud en werking.
- Deze airconditioner is ontworpen voor de volgende temperaturen en moet binnen dit bereik werken. Nieuw model DC inverter geïntegreerd (hoog-efficiënt model) DC inverter geïntegreerd model (18 k, 24 k, 36 k)
| Buitentemperaturen (°C) | ||
| maximum | minimum | |
| Koelfunctie | 48 -15 | |
| Verwarmingsfunctie | 24 -10 | |
| Buitentemperaturen (°C) | ||
| maximum minimum | ||
| Koelfunctie 43 15 | ||
| Verwarmingsfunctie 24 -10 | ||
| Buitentemperaturen (°C) | ||
| maximum minimum | ||
| Koelfunctie 43 15 | ||
| Verwarmingsfunctie 24 | -10 | |
DC inverter geïntegreerd model (48 k, 60 k)Aan/uit geïntegreerd model
| Buitentemperaturen (°C) | ||
| maximum | minimum | |
| Koelfunctie | 48 -15 | |
| Verwarmingsfunctie | 24 -10 | |
- Wij bevelen aan dat de airconditioner op een juiste manier wordt geïnstalleerd door een gekwalificeerde installateur conform de bij deze unit meegeleverde installatie-instructies.
- Controleer vóór installatie of het voltage van de stroomvoorziening in uw huis of kantoor overeenkomt met het voltage dat op het typeplaatje is aangegeven.

GEVAAR
- Dit product mag op geen enkele manier worden veranderd, anders kan dit consequenties tot gevolg hebben zoals waterlekkage, uitval, kortsluiting, elektrische schokken, brand, enz.
- Werkzaamheden zoals lassen van buizen, enz. moet plaats vinden ver verwijderd van vaten met brandbare en explosieve materialen, waaronder het koelmiddel van de airconditioner, om de veiligheid op het werk te waarborgen.
- Om de airconditioner te beschermen tegen ernstige corrosie, mag de buitenunit niet op een plaats gemonteerd worden waar er zeewater direct op kan spatten of in zwavelhoudende lucht bij een spa. Installeer de airconditioner niet op een plaats waar ook apparaten staan opgesteld die veel warmte opwekken.

.WAARSCHUWING
- Als de voedingskabel beschadigd is, moet deze in geval van gevaar worden vervangen door de fabriek of zijn serviceafdeling.
- Er moet een betrouwbare aarding aanwezig zijn op de plaats van installatie waarop de apparatuur kan worden aangesloten. Sluit de aarding van dit product niet aan op diverse soorten leidingen, zoals luchtleidingen, afvoerleidingen, de bliksembeveiligingsinstallatie, enz. om te vermijden dat elektrische schokken of schade door andere factoren kunnen optreden.
- De bedrading moet door een gekwalificeerde elektricien worden uitgevoerd. Alle bedrading moet voldoen aan de lokale elektrische normen.
- Bekijk vóór de installatie goed of de stroomcapaciteit van de elektrische bedrading, contactdozen en de kilowattuurmeter voldoet.
-
De elektrische groep waarop dit product wordt aangesloten moet een afzonderlijke aardlekschakelaar met overspanningsbeveiliging hebben die voor dit product zijn geleverd.
-
Lees deze handleiding zorgvuldig door voordat u de airconditioner gaat gebruiken. Als u daarna nog moeilijkheden of problemen hebt, moet u uw dealer voor hulp raadplegen.
- De airconditioner is gemaakt om u comfortabele ruimteomstandigheden te bieden. Gebruik de unit alleen voor het beoogde doel, zoals beschreven in deze instructiehandleiding.

WAARSCHUWING
- Gebruik nooit benzine of andere ontvlambare stoffen vlakbij de airconditioner, omdat dit groot gevaar oplevert.

VOORZICHTIG
- Zet de airconditioner niet aan en uit met de hoofdschakelaar van de stroom. Gebruik de AAN/UIT knop.
- Steek niets in de luchtinlaat of de luchtuitlaat van zowel de binnen- als de buitenunits. Dit levert gevaar op omdat de ventilator op hoge snelheid draait.
- Koel of verwarm de ruimte niet te veel als er baby's of gehandicapten aanwezig zijn.

text_image
Binnenunit (24 k, 36 k, 48 k, 60 k) Luchtinlaat Binnenunit (18 k) Luchtuitlaat De behandelde lucht van de airconditioner wordt hierdoor naar buiten geblazen. Voedingskabel Koelleidingen Afvoerleiding De binnen- en buitenunits worden met koperen leidingen verbonden, waardoor het koelmiddel stroomt. Buitenunit (18 k / 24 k / 36 k)
Let op: De afbeeldingen zijn gebaseerd op het buitenaanzicht van een standaard model. De vorm van de airconditioner die u heeft gekozen kan daarom afwijken.

text_image
SET TEMP ROOMATEMP 88°C NO AUTO A 88:88 TIVER ON TIVER OFF SET TIMERBedrade afstandbediening
Deze wordt gebruikt voor bediening van, stroom AAN/UIT, instelling bedrijfstoestand, temperatuur, ventilatorsnelheid en andere functies.

text_image
128 08:30 88℃ 88:88 95℃ 748 95℃ 6.227 95℃ 5.111 95℃ 4.045 95℃ 3.012 95℃ 2.004 95℃ 1.006 95℃ 0.008 95℃ 0.001 88℃ 88:88 95℃ 748 95℃ 6.227 95℃ 5.111 95℃ 4.045 95℃ 3.012 95℃ 2.004Draadloze afstandsbediening
Deze wordt gebruikt voor bediening van de bedrade afstandsbediening, instelling bedrijfstoestand, temperatuur, ventilatorsnelheid en andere functies.
LET OP : Het standaard kanaalmodel airconditioner wordt niet geleverd met een draadloze afstandsbediening. Als u er een nodig heeft, moet u deze kopen.
U kunt de airconditioner met zowel de bedrade als de draadloze afstandsbedining bedienen.
1. Introductie bedrade afstandsbediening

text_image
LCD-schem ROOM TEMP 24°C Draadloze ontvanger AAN/UIT-knop STAND-knop TIMER/SLAPEN-knop Instelknop TEMP VENTILATORSNELHEID/KLEP-knop Sensor ruimtetemperatuur① Sensor ruimtetemperatuur:
In de afstandsbediening is een temperatuursensor ingesteld om de ruimtetemperatuur te meten en deze waarde wordt naar de binnenunit gezonden. Als de binnenunit geen contact maakt met de afstandsbediening zal de binnenunit omschakelen naar de temperatuursensor die in de binnenunit is ingebouwd.
② Draadloze ontvanger
Met deze ontvanger kunt u een extra draadloze afstandsbediening gebruiken om de binnenunit te bedienen.
③ AAN/UIT-knop
Druk op deze knop om de unit in of uit te schakelen.
④ STAND-keuzeknop
Druk op deze knop voor de selectie van KOELEN, ONTVOCHTIGEN, VENTILEREN, VERWARMEN of AUTO-RUN.

In de stand KOELEN zal de airconditioner de ruimte koel maken.

In de stand ONTVOCHTIGEN wordt de vochtigheid in de ruimte verlaagd.

In de stand VENTILEREN past de airconditioner de temperatuur van de ruimte aan met een zachte luchtstroming.

In de stand VERWARMEN zal de airconditioner de ruimte warmer maken.

In de stand AUTO-RUN werkt de airconditioner overeenkomstig de ruimtetemperatuur.
⑤ TIMER/SLAPEN-knop
- Druk op deze knop om de slaapstand te activeren en " " verschijnt op het LCD-scherm. Druk nogmaals om slaapstand uit te schakelen.
- Druk deze knop 3 seconden in om de Timer-functie te activeren. Druk nogmaals 3 seconden in om de Timer-functie uit te schakelen. Zie voor de Timer-functies hoofdstuk introductie Timer-functie.
⑥ VENTILATORSNELHEID-knop:
Druk op deze knop om de huidige ventilatorsnelheid te wijzigen. U kunt met elke keer drukken kiezen uit " (automatische ventilatorsnelheid), " (lage snelheid), " (gemiddelde snelheid) en " (hoge ventilatorsnelheid).

⑦ TEMP-instelknop:
Druk op beide knoppen tegelijk voor het instellen van de gewenste ruimtetemperatuur. Als u op beide knoppen gedrukt heeft verschijnt "SET TEMPERATURE" op het LCD-scherm, druk op "▽" om de ingestelde temperatuur te verlagen en op "△" om de ingestelde temperatuur te verhogen.
⑧ LCD-scherm

text_image
Geeft de ruimtetemperatuur en de ingestelde temperatuur weer. SET TEMPLEROOM TEMPLE 88°C .A .NO ERROR 88:88 TIMER ON TIMER OFF SET TIMER Schermgebied voor aangeven van de staat waarin de unit werkt. Weergave ventilatorsnelheid. AUT O Weergave richting van de klep (bij kanaaltype is deze functie niet beschikbaar). Weergavegebied voor de stand waarin de unit op dit moment werkt. Weergave Timerinstelling.Bedrijfstoestand





TIMERON
TIMER OFF
88:88
Timer AAN
Timer UIT
Instelling Timer
Instelling
ventilatorsnelheid

Autom. ventileren

Hoge

ventilatorsnelheid

Gem.
ventilatorsnelheid
Lage
ventilatorsnelheid
Weergave temperatuur
Ruimtetemperatuur:
ROOM TEMP

Ingestelde temperatuur:
SET TEMP


Buitenunit ontdooit

Compressor loopt

Werking op lage snelheid is actief

Slaapstand is actief
2. Bediening met de bedrade afstandsbediening
2.1 Stand-functie
2.1.1 Druk op de Stand-keuzeknop "om de bedrijfstoestand te kiezen:

Koelfunctie

Ontvochtigingsfunctie

Ventilatiefunctie

Verwarmingsfunctie

Automatische stand
2.1.2 Druk op de AAN/UIT " knop om de unit in of uit te schakelen.
2.1.3 Druk op de TEMP. INSTELLING " " knoppen om de ruimtetemperatuur in te stellen. Het temperatuurbereik kan worden ingesteld van 18 tot 32 °C.
2.1.4 Druk op de VENTILATOR-knop "Som de gewenste ventilatorsnelheid in te stellen. Natuurlijk kunt u automatisch ventileren instellen en de binnenunit zal automatisch de snelheid kiezen aan de hand van het verschil tussen ruimtetemperatuur en ingestelde temperatuur.
2.1.5 De unit kan worden uitgezet door opnieuw op de AAN/UIT-knop " te drukken.
LET OP: In de stand ventileren is de temperatuurinstelling niet beschikbaar.
2.2 Slaap-functie

text_image
ROOM TEMP 24°CDruk eenmaal op de timer/slaap-knop om de slaapstand te activeren en het slaapteken " "verschijnt op het LCD-scherm.
Druk nogmaals op de timer/slaap-knop om deze stand af te breken en het slaapteken zal op het LCD-scherm verdwijnen.
LETOP:
Tijdens de stand ventileren en auto is de slaap-functie niet beschikbaar.
2.3 Timer-functie
2.3.1 De stand TIMER UIT
① U kunt de timer uitschakelen wanneer de binnenunit werkt. Door de TIMER/SLAAP-knop 3 seconden lang ingedrukt te houden verschijnt de timerklok op het LCD-scherm, en de "TIMER OFF" aanduiding knippert.
② U kunt de tijd waarop de unit automatisch uitschakelt, aanpassen door op de "△" "▽"-knoppen te drukken. De tijd kan worden ingesteld van 0,5 tot 24 (of 12) uur in stappen van 30 minuten.
③ Als u de tijd hebt ingesteld, druk dan weer 3 seconden lang op de TIMER/SLAAP-knop of wacht 5 seconden om de timer te activeren, de "TIMER OFF" aanduiding stopt met knipperen en de timer werkt.
④ Als u de "TIMER OFF" wilt uitzetten, druk dan 3 seconden op de TIMER/SLAAP-knop om de timer te activeren. Druk op "△" "▽" om de tijd in te stellen op 00:00. Na 5 seconden wordt "TIMER OFF" automatisch afgebroken.

text_image
ROOM TEMP 24°C 12:00 THEROFF2.3.2 De stand TIMER AAN
① U kunt de timer inschakelen wanneer de binnenunit niet werkt. Door de TIMER/SLAAP-knop 3 seconden lang ingedrukt te houden verschijnt de timerklok op het LCD-scherm, en de "TIMER ON" aanduiding knippert.
② U kunt de tijd waarop de unit automatisch inschakelt, aanpassen door op de " △ " ▽knoppen te drukken. De tijd kan worden ingesteld van 0,5 tot 24 (of 12) uur in stappen van 30 minuten.
③ Als u de tijd hebt ingesteld, druk dan weer 3 seconden lang op de TIMER/SLAAP-knop of wacht 5 seconden om de timer te activeren, de "TIMER ON" aanduiding stopt met knipperen en de timer werkt.
④ Als u de "TIMER ON" wilt uitzetten, druk dan 3 seconden op de TIMER/SLAAP-knop om de timer te activeren. Druk op "△""▽" om de tijd in te stellen op 00:00. Na 5 seconden wordt "TIMER ON" automatisch afgebroken.

text_image
ROOM TEMP 24°C 12:00 TIER 0V3. Installatie bedrade afstandsbediening
Let voor de installatie van de bedrade afstandsbediening op het volgende:

De bedrade afstandsbediening moet door een gekwalificeerde installateur worden geïnstalleerd in overeenstemming met de installatietekeningen. Voor installatie moet de stroom worden uitgezet. Installeer de bedrade afstandsbediening niet direct in de luchtstroming of bij de verwarming. Het installatieproces is als volgt.
① Steek een platte schroevendraaier in de openingen aan de onderzijde (2 stuks). Wees voorzichtig dat de printplaat niet beschadigd door de schroevendraaier.
② Verwijder de achterplaat.
③ Gebruik twee schroeven (∅ 4x16) om de metalen achterplaat op de juiste plaats te monteren en sluit daarna de bedrading voor de communicatie aan.
④ Klik de bovenkant op de achterplaat.
⑤ Klik dan de onderkant op de achterplaat.
4. Draadloze afstandsbediening
4.1 Afstandsbediening -H1
De afstandsbediening verstuurt signalen naar het systeem.
1 AAN/UIT-KNOP
Het apparaat zal opstarten zodra het stroom krijgt en als het werkt kan het worden uitgezet als deze knop wordt ingedrukt.
STAND-KNOP
Druk op deze knop om de bedrijfsstand te selecteren.
3 VENTILATOR-KNOP
Voor het selecteren van de ventilatorsnelheid in de volgorde autom., hoog, gem. of laag.
4 5 RUIMTETEMPERATUUR INSTELKNOPPEN
Voor het aanpassen van ruimtetemperatuur, timer en de werkelijke tijd.
6 SLIM-KNOP
Voor het direct invoeren van fuzzy-logica, onafhankelijk of de unit aan of uit staat.
7 ZWENKEN-KNOP (niet beschikbaar voor dit model)
Voor het starten van de zwenking van de horizontale klep of het stoppen en instellen op de gewenste richting van de luchtstroom omhoog/omlaag.
8 SLAAP-KNOP
Voor het instellen of uitschakelen van de slaapstand.
9 DIMMER-KNOP (niet beschikbaar voor dit model)
De helderheid van het scherm wordt verminderd elke keer dat de knop wordt ingedrukt en na vier keer indrukken verdwijnt het beeld.
10 KLOK-KNOP
Voor het instellen van de huidige tijd.
11 12 TIMER AAN/UIT-KNOP
Voor het instellen of uitschakelen van de timer.
13 SUPER-KNOP (niet beschikbaar voor verwarmingsstand)
Voor het instellen of uitschakelen van de snelle koeling. (Snelle koeling werkt met een hoge ventilatorsnelheid en een automatische temperatuurinstelling van 18 °C.)
14 DEMPEN-KNOP
Voor het instellen of uitschakelen van de DEMPEN-stand.

text_image
m. 1 13 3 10 2 7 6 18* 14 15 28 18:00 4 5 12 11 9 8 16 1715 I FEEL-KNOP
Voor het instellen of uitschakelen van de I FEEL-stand. Druk deze knop voor 5 seconden in om de I FEEL-stand uit te schakelen. (In de I FEEL-stand werkt de airconditioner met de temperatuursensor die in de afstandsbediening zit i.p.v. de unit. Bij gebruik van de I FEEL-stand moet de afstandsbediening zich op een plaats bevinden waar het signaal gemakkelijk door de binnenunit kan worden ontvangen.)
16 TEMP SCHAKEL-KNOP (niet beschikbaar voor dit model) Geeft de ingestelde temperatuur knipperend aan als de knop wordt ingedrukt. Geeft de binnentemperatuur aan als de knop nogmaals wordt ingedrukt. De aanduiding kan worden beëindigd door de knop nogmaals in te drukken.
17 ZACHT-KNOP (werkt alleen met DC inverter-modellen) Voor het beperken van het maximaal opgenomen vermogen, zodat u de unit samen met andere elektrische apparaten kunt gebruiken als er niet voldoende stroom is.
18\* ◀ZWENKEN-KNOP (niet beschikbaar voor dit model)
Voor het starten van de zwenking van de verticale klep of het stoppen en instellen op de gewenste richting van de luchtstroom links/rechts.
*Niet alle modellen afstandsbediening hebben deze knop.
Symbolen die op het LCD-scherm worden aangegeven:
Weergave koeling
Weergave drogen
Weergave alleen ventileren
Weergave verwarming
Weergave soft
Autom. ventilatorsnelheid
Hoge ventilatorsnelheid
Gem. ventilatorsnelheid
Lage ventilatorsnelheid
Weergave afbreken I FEEL
A Weergave Slim
Weergave Slaapstand
Weergave Dempen
Weergave Super


Verzending signaal
Weergave instellen timer Weergave huidige tijd

Weergave ingestelde temperatuur
Afstandsbediening
• Aanbrengen van de batterijen
Verwijder het batterijdeksel in de richting van de pijl. Plaats nieuwe batterijen en zorg dat de (+) en de (-) van de batterijen juist zijn aangebracht.
Breng het deksel weer aan door het terug te schuiven in de juiste positie.
LETOP:
Gebruik 2 LR03 AAA (1,5 volt) batterijen. Gebruik geen oplaadbare batterijen. Vervang de batterijen door nieuwe van hetzelfde type als het scherm vaag wordt.

Richt de afstandsbediening naar de ontvanger van het signaal om de airconditioner te bedienen. De afstandsbediening kan tot een afstand van maximaal 8 m de airconditioner bedienen, als het naar de ontvanger van de binnenunit is gericht.

text_image
SET TEMP HOCM TEMP 88°C AUTO A NO E1BACK 88-88 TOMATO 5.01.20 TOMATO 5.01.20 Ontvanger signaalBedrijfstoestanden
Selecteren van de stand
Elke keer dat de STAND-knop wordt ingedrukt, verandert de bedrijfstoestand in de volgorde:

De verwarmingsstand is niet beschikbaar voor airconditioners die alleen kunnen koelen.
Ventilatie-stand
Elke keer dat de VENTILATOR-knop wordt ingedrukt, verandert de ventilatorsnelheid in de volgorde:

In de stand ALLEEN VENTILEREN zijn alleen "Hoog, Gem. en Laag" beschikbaar. In de stand DROGEN is de ventilatorsnelheid automatisch op Laag ingesteld, de VENTILATOR-knop werkt in dit geval niet.
Ingestelde temperatuur

Druk eenmaal om de temperatuurinstelling te verhogen met 1 °C
Druk eenmaal om de temperatuurinstelling te verlagen met 1 °C

| Bereik van de beschikbare temperatuurinstelling | |
| *VERWARMING/ KOELING | 18 °C ~ 32 °C |


text_image
EN ALLEEN VENTILEEN 18:00 2 3LET OP: De verwarmingsstand is niet beschikbaar voor modellen die alleen kunnen koelen.
De standen ZWENKEN, SLIM, TIMER AAN, TIMER UIT, KLOK, SLAAP en SUPER worden op de volgende pagina's uitgelegd.
- Bij het veranderen van de stand terwijl de unit werkt, reageert deze niet altijd onmiddellijk. Wacht dan 3 minuten.
- In de verwarmingsstand zal de lucht niet direct vanaf het begin uit de unit stromen. Na 2-5 minuten komt de luchtstroming op gang wanner de temperatuur van de warmtewisselaar is gestegen.
. Wacht altijd 3 minuten voordat u het apparaat opnieuw opstart.
Bediening van de richting van de luchtstroom (niet beschikbaar voor dit model)
Bediening van de richting van de luchtstroom
De horizontale en verticale luchtstroom wordt automatisch aangepast aan een bepaalde hoek afhankelijk van de bedrijfstoestand nadat de unit is ingeschakeld.
| Bedrijfstoestand | Richting luchtstroom |
| KOELEN, DROGEN | horizontaal |
| *VERWARMEN ALLEEN VENTIL. | naar beneden |
De richting van de luchtstroom kan ook naar uw eigen wensen worden ingesteld door de "SWING" en "SWING"-knop van de afstandsbediening in te drukken.
4
Bediening verticale luchtstroom (met de afstandsbediening)
Gebruik de afstandsbediening om afwisselende hoeken of indien gewenst bepaalde hoeken van de stroom in te stellen.
Afwisselende luchtstroom
Door eenmaal op de "◆SWING"-knop te drukken, zal de horizontale luchtklep automatisch op en neer zwenken.
Bepaalde richting luchtstroom
Door nogmaals op de "♦SWING"-knop te drukken, zal de luchtklep naar de gewenste hoek zwenken.
Bediening horizontale luchtstroom (met de afstandsbediening)
Gebruik de afstandsbediening om afwisselende hoeken of indien gewenst bepaalde hoeken van de stroom in te stellen.
Afwisselende luchtstroom
Door eenmaal op de "SWING"-knop te drukken, zal de verticale luchtklep automatisch links en rechts zwenken.
Bepaalde richting luchtstroom
Door nogmaals op de "SWING"-knop te drukken, zal de luchtklep naar de gewenste hoek zwenken.

text_image
28°C 18:00 MODE CLOCK TIME ON INHR OK- SWING SMART SLEEP DIWER SWING MUTE TEL SWITCH I FILL SOFT
Verstel de horizontale en verticale luchtleppen niet met de hand, anders kan er een storing optreden. Als dat voorkomt, moet u eerst de unit uitzetten, dan de stroomvoorziening en vervolgens de stroomvoorziening weer herstellen.
B Het is beter om de horizontale luchtklep niet te lang in de neerwaartse stand te houden tijdens de standen KOELEN of DROGEN, om het druipen van condens te voorkomen.
SLIMME-stand
Druk op de SLIM-knop en de unit start de SLIMME-stand (bediening met fuzzy-logica) direct, ongeacht of de unit aan of uit staat. In deze stand worden de temperatuur en ventilatorsnelheid automatisch ingesteld, gebaseerd op de werkelijke ruimtetemperatuur.
Bedrijfstoestand en temperatuur worden bepaald door de binnentemperatuur
Warmtepompmodellen
| Binnentemperatuur | Bedrijfstoestand | Streeftemperatuur |
| Lager dan T-3 °C | VERWARMEN | T |
| T-3 °C ≤ Tbinnen ≤ T+3 °C | ALLEEN VENTILEREN | T |
| Hoger dan T+3 °C | KOELEN | T |
Modellen voor alleen koelen
| Binnentemperatuur | Bedrijfstoestand | Streeftemperatuur |
| T+3 °C of lager | ALLEEN VENTILEREN | T |
| Hoger dan T+3 °C | KOELEN | T |
De SLIM-knop is niet actief in de stand SUPER.
LET OP: Temperatuur, luchtstroom en richting worden in de SLIMME-stand automatisch geregeld. Echter met de afstandsbediening kan er een verlaging of verhoging van 7 °C worden ingesteld als u zich nog niet comfortabel voelt.
Wat kunt u in de SLIMME-stand doen?
| Gevoel | Knop | Type aanpassing |
| Oncomfortabel door onjuiste hoeveelheid lucht | [5700] | Ventilatorsnelheid wisselt tussen hoog, gem. en laag, elke keer dat de knop wordt ingedrukt. |
| Oncomfortabel door onjuiste richting van de stroming | ![]() | Druk eenmaal, de horizontale luchtklep zwenkt om de richting van de luchtstroom te wijzigen. Druk nogmaals en het zwenken stopt. |
| Oncomfortabel door onjuiste richting van de stroming | ![]() | Druk eenmaal, de verticale luchtklep zwenkt om de richting van de luchtstroom te wijzigen. Druk nogmaals en het zwenken stopt. |
KLOK-knop
De werkelijke tijd kan worden gewijzigd door de KLOK-knop in te drukken en dan de en-knoppen te gebruiken voor de juiste tijd.
Druk nogmaals op KLOK en de tijd is ingesteld.

text_image
A 28 18:00 MODE CLOCK TIMB ON TIME OFF WING SMART SLEEP DIMMER KIVING MUTE TIF SWITCH I FEEL SOFT
TIMER-stand
Het is heel handig om de timer in te stellen met de TIMER AAN-knoppen als u 's morgens weggaat, om bij thuiskomst een comfortabele ruimtetemperatuur te hebben.
U kunt ook 's nachts de timer uitzetten om te genieten van een goede nachtrust met de TIMER UIT-knop.
▶ Instellen van TIMER AAN
De TIMER AAN-knop kan worden gebruikt om de programmering van de timer naar wens in te stellen, zodat de unit inschakelt op de door u gewenste tijd.
i) Druk op de TIMER AAN-knop, "12:00 AAN" knippert op het LCD-scherm, druk dan op of om dgewenste inschakeltijd te selecteren.

Verhogen

Verlagen

Druk op de ▲ of ▼-knop eenmaal om de tijdsinstelling met 1 minuut te verhogen of verlagen.
Druk op de of knop voor 5 seconden om de tijdsinstelling met 10 minuten te verhogen of verlagen.
Druk op de af knop voor een langere tijd om de tijdsinstelling met 1 uur te verhogen of verlagen.
LET OP: Als u de tijd niet instelt binnen 5 seconden nadat u de TIMER AAN-knop hebt ingedrukt, zal de afstandsbediening de TIMER AAN-stand automatisch verlaten.
ii) Zodra de gewenste tijd wordt weergegeven op het LCD-scherm drukt u op de TIMER AAN-knop ter bevestiging.
Er klinkt een pieptoon.
"AAN" stopt met knipperen.
De weergave TIMER op de binnenunit licht op.
iii) Nadat de ingestelde timer 5 seconden is weergegeven, wordt de tijd op het LCD-scherm van de afstandsbediening weergegeven i.p.v. de ingestelde timer.
▶ Uitschakelen van TIMER AAN
Druk opnieuw op de TIMER AAN-knop, er klint een pieptoon en de weergave verdwijnt als teken dat TIMER AAN is uitgeschakeld.
LET OP: Het instellen van TIMER UIT gaat op dezelfde manier. Hiermee kunt u de unit automatisch laten uitschakelen op de door u gewenste tijd.
SLAAP-stand
SLAAP-stand
De SLAAP-stand kan worden ingesteld bij de standen KOELEN, VERWARMEN of DROGEN. De functie zorgt voor een comfortabeler omgeving tijdens het slapen. In de SLAAP-stand:
- zal de unit automatisch stoppen nadat deze 8 uur lang heeft gewerkt.
LET OP: De verwarmingsstand is niet beschikbaar voor airconditioners die alleen kunnen koelen.

text_image
28 18:00 MOSS CLICK TIME ON WORK CAP SHORT WAIT SLEEP SMOVER SHORT MAKE SHORT FULL SORTSUPER-stand
(niet beschikbaar in de verwarmingsstand)
SUPER-stand
- De SUPER-stand wordt gebruikt om snel koelen in- of uit te schakelen. Snelle koeling werkt met een hoge ventilatorsnelheid, waarbij de ingestelde temperatuur automatisch naar 18 °C wordt gewijzigd.
- De SUPER-stand kan worden ingesteld als het apparaat werkt of aan staat.
- In de SUPER-stand kan de richting van de luchtstroom of de timer worden ingesteld. Als u de SUPER-stand wilt uitschakelen, kunt op een van de volgende knoppen drukken: SUPER, STAND, VENTILEREN, AAN/UIT of TEMPERATUURINSTELLING.
LET OP: De knoppen SLAAP en SLIM zijn in de SUPER-stand niet beschikbaar. De SUPER-knop is niet actief in de stand VERWARMEN.
Het apparaat zal blijven werken in de SUPER-stand met een ingestelde temperatuur van 18 °C als u het niet afbreekt door op een van de hierboven aangegeven knoppen te drukken.

text_image
28 18:00 NODE CLOCK TIME CHINESE ON MUSH SWITCH SLIPP DIMMER MUSH LIME TIME FFR OFF4.2 Afstandsbediening -J1
De afstandsbediening verstuurt signalen naar het systeem.
1 AAN/UIT-KNOP
Het apparaat zal opstarten zodra het stroom krijgt en als het werkt kan het worden uitgezet als deze knop wordt ingedrukt.
2 STAND-KNOP
Druk op deze knop om de bedrijfsstand te selecteren.
3 VENTILATOR-KNOP
Voor het selecteren van de ventilatorsnelheid in de volgorde autom., hoog, gem. of laag.
4 5 RUIMTETEMPERATUUR INSTELKNOPPEN
Voor het aanpassen van ruimtetemperatuur, timer en de werkelijke tijd..
6 SLIM-KNOP
Voor het direct invoeren van fuzzy-logica, onafhankelijk of de unit aan of uit staat.
7 ZWENKEN-KNOP (niet beschikbaar voor dit model) Voor het starten van de zwenking van de horizontale klep of het stoppen en instellen op de gewenste richting van de luchtstroom omhoog/omlaag.
SLAAP-KNOP
Voor het instellen of uitschakelen van de slaapstand.
9 I FEEL-KNOP
Voor het instellen of uitschakelen van de I FEEL-stand. Druk deze knop voor 5 seconden in om de I FEEL-stand uit te schakelen. (In de I FEEL-stand werkt de airconditioner met de temperatuursensor die in de afstandsbediening zit i.p.v. de unit. Bij gebruik van de I FEEL-stand moet de afstandsbediening zich op een plaats bevinden waar het signaal gemakkelijk door de binnenunit kan worden ontvangen.)
10 KLOK-KNOP
Voor het instellen van de huidige tijd.
11 12 TIMER AAN/UIT-KNOP
Voor het instellen of uitschakelen van de timer.
13 SUPER-KNOP
Voor het instellen of uitschakelen van de snelle koeling/verwarming. (Snelle koeling werkt met een hoge ventilatorsnelheid en een automatische temperatuurinstelling van 18 °C. Snelle verwarming werkt met een automatische ventilatorsnelheid en een automatische temperatuurinstelling van 32 °C.)

text_image
system. ON/OFF 8.8 °C ON OFF 88:88 MODE FAN SWING SLE E P SUPER SMART IFE E L DIMMER TIMER ON TIMER OFF CLOCK SWING 4 5 8 13 9 4 11 10 1 3 2 7 6 12 15 k de e ening*Let op: sommige modellen afstandsbediening hebben geen knoppen in het vierkant met gestippelde lijn.
14 DIMMER-KNOP (niet beschikbaar voor dit model) De helderheid van het scherm wordt verminderd elke keer dat de knop wordt ingedrukt en na vier keer indrukken verdwijnt het beeld.
15 ◀ ZWENKEN-KNOP (niet beschikbaar voor dit model) Voor het starten van de zwenking van de verticale klep of het stoppen en instellen op de gewenste richting van de luchtstroom links/rechts.
Symbolen die op het LCD-scherm worden aangegeven:

Weergave koeling

Autom. ventilatorsnelheid

Weergave Slim

Verzending signaal

Weergave drogen

Hoge ventilatorsnelheid

Weergave Slaapstand


Weergave instellen timer

Weergave alleen ventileren

Gem. ventilatorsnelheid

I FEEL

Weergave ingestelde temperatuur

Weergave verwarming

Lage ventilatorsnelheid

Weergave Super


Weergave niet beschikbaar
Afstandsbediening
• Aanbrengen van de batterijen
Verwijder het batterijdeksel in de richting van de pijl. Plaats nieuwe batterijen en zorg dat de (+) en de (-) van de batterijen juist zijn aangebracht.
Breng het deksel weer aan door het terug te schuiven in de juiste positie.
LETOP:
Gebruik 2 LR03 AAA (1,5 volt) batterijen. Gebruik geen oplaadbare batterijen. Vervang de batterijen door nieuwe van hetzelfde type als het scherm vaag wordt.

Richt de afstandsbediening naar de ontvanger van het signaal om de airconditioner te bedienen. De afstandsbediening kan tot een afstand van maximaal 8 m de airconditioner bedienen, als het naar de ontvanger van de binnenunit is gericht.

text_image
SET TEMF ROOM TEMP 88°C NO ERROR A 88:88 TIM 30V SET CLOCK TWER OF SET TIMER Ontvanger signaalBedrijfstoestanden
Selecteren van de stand
Elke keer dat de STAND-knop wordt ingedrukt, verandert de bedrijfstoestand in de volgorde:

De verwarmingsstand is niet beschikbaar voor airconditioners die alleen kunnen koelen.
Ventilatie-stand
Elke keer dat de VENTILATOR-knop wordt ingedrukt, verandert de ventilatorsnelheid in de volgorde:

In de stand ALLEEN VENTILEREN zijn alleen "Hoog, Gem. en Laag" beschikbaar. In de stand DROGEN is de ventilatorsnelheid automatisch op Laag ingesteld, de VENTILATOR-knop werkt in dit geval niet.
Ingestelde temperatuur

Druk eenmaal om de temperatuurinstelling te verhogen met 1 °C

Druk eenmaal om de temperatuurinstelling te verlagen met 1 °C

| Bereik van de beschikbare temperatuurinstelling | |
| *VERWARMING/ KOELING | 18 °C ~ 32 °C |
| ALLEEN VENTILEREN instelling niet mogelijk | |

text_image
1 LEEN DROGEN ALLEEN VENTILEREN 88 °C ON OFF 88:88 ON/OFF 2 MODE FAN SWING SLE E P SUPER SMART IFEEL DIMMER TIME R ON TIME R OFF CLOCK SWING 3LET OP: De verwarmingsstand is niet beschikbaar voor modellen die alleen kunnen koelen.
De standen ZWENKEN, SLIM, TIMER AAN, TIMER UIT, KLOK, SLAAP en SUPER worden op de volgende pagina's uitgelegd.
- Bij het veranderen van de stand terwijl de unit werkt, reageert deze niet altijd onmiddellijk. Wacht dan 3 minuten.
- In de verwarmingsstand zal de lucht niet direct vanaf het begin uit de unit stromen. Na 2-5 minuten komt de luchtstroming op gang wanner de temperatuur van de warmtewisselaar is gestegen.
. Wacht altijd 3 minuten voordat u het apparaat opnieuw opstart.
Bediening van de richting van de luchtstroom (niet beschikbaar voor dit model)
Bediening van de richting van de luchtstroom
De horizontale en verticale luchtstroom wordt automatisch aangepast aan een bepaalde hoek afhankelijk van de bedrijfstoestand nadat de unit is ingeschakeld.
| Bedrijfstoestand | Richting luchtstroom |
| KOELEN, DROGEN | horizontaal |
| *VERWARMEN ALLEEN VENTIL. | naar beneden |
De richting van de luchtstroom kan ook naar uw eigen wensen worden ingesteld door de "SWING" en "SWING"-knop van de afstandsbediening in te drukken.
4
Bediening verticale luchtstroom (met de afstandsbediening)
Gebruik de afstandsbediening om afwisselende hoeken of indien gewenst bepaalde hoeken van de stroom in te stellen.
Afwisselende luchtstroom
Door eenmaal op de "◆SWING"-knop te drukken, zal de horizontale luchtklep automatisch op en neer zwenken.
Bepaalde richting luchtstroom
Door nogmaals op de "♦SWING"-knop te drukken, zal de luchtklep naar de gewenste hoek zwenken.
Bediening horizontale luchtstroom (met de afstandsbediening)
Gebruik de afstandsbediening om afwisselende hoeken of indien gewenst bepaalde hoeken van de stroom in te stellen.
Afwisselende luchtstroom
Door eenmaal op de "SWING"-knop te drukken, zal de verticale luchtklep automatisch links en rechts zwenken.
Bepaalde richting luchtstroom
Door nogmaals op de "SWING"-knop te drukken, zal de luchtklep naar de gewenste hoek zwenken.

text_image
ON/OFF MODE FAN SWING SLEE P SUPER R SMART IFE EL DIMMER TIMER ON TIMER OFF CLOCK SWING
A Verstel de horizontale en verticale luchtleppen niet met de hand, anders kan er een storing optreden. Als dat voorkomt, moet u eerst de unit uitzetten, dan de stroomvoorziening en vervolgens de stroomvoorziening weer herstellen.
B Het is beter om de horizontale luchtklep niet te lang in de neerwaartse stand te houden tijdens de standen KOELEN of DROGEN, om het druipen van condens te voorkomen.
SLIMME-stand
Druk op de SLIM-knop en de unit start de SLIMME-stand (bediening met fuzzy-logica) direct, ongeacht of de unit aan of uit staat. In deze stand worden de temperatuur en ventilatorsnelheid automatisch ingesteld, gebaseerd op de werkelijke ruimtetemperatuur.
Bedrijfstoestand en temperatuur worden bepaald door de binnentemperatuur
Warmtepompmodellen
| Binnentemperatuur | Bedrijfstoestand | Streeftemperatuur |
| Lager dan T-3 °C | VERWARMEN | T |
| T-3 °C ≤ Tbinnen ≤ T+3 °C | ALLEEN VENTILEREN | T |
| Hoger dan T+3 °C | KOELEN | T |
Modellen voor alleen koelen
| Binnentemperatuur | Bedrijfstoestand | Streeftemperatuur |
| T+3 °C of lager | ALLEEN VENTILEREN | T |
| Hoger dan T+3 °C | KOELEN | T |
De SLIM-knop is niet actief in de stand SUPER.
LET OP: Temperatuur, luchtstroom en richting worden in de SLIMME-stand automatisch geregeld. Echter met de afstandsbediening kan er een verlaging of verhoging van 7 °C worden ingesteld als u zich nog niet comfortabel voelt.

text_image
- 12:50 ON/OFF MODE FAN SWING SLEEP SUPER SMART IFE EL DIMMER TIMER ON TIMER OFF CLOCK SWINGWat kunt u in de SLIMME-stand doen?
| Gevoel | Knop | Type aanpassing |
| Oncomfortabel door onjuiste hoeveelheid lucht | ![]() | Ventilatorsnelheid wisselt tussen hoog, gem. en laag, elke keer dat de knop wordt ingedrukt. |
| Oncomfortabel door onjuiste richting van de stroming | ![]() | Druk eenmaal, de horizontale luchtklep zwenkt om de richting van de luchtstroom te wijzigen. Druk nogmaals en het zwenken stopt. |
| Oncomfortabel door onjuiste richting van de stroming | ![]() | Druk eenmaal, de verticale luchtklep zwenkt om de richting van de luchtstroom te wijzigen. Druk nogmaals en het zwenken stopt. |
KLOK-knop
De werkelijke tijd kan worden gewijzigd door de KLOK-knop in te drukken en dan de en-knoppen te gebruiken voor de juiste tijd.
Druk nogmaals op KLOK en de tijd is ingesteld.

TIMER-stand
Het is heel handig om de timer in te stellen met de TIMER AAN-knoppen als u 's morgens weggaat, om bij thuiskomst een comfortabele ruimtetemperatuur te hebben.
U kunt ook 's nachts de timer uitzetten om te genieten van een goede nachtrust met de TIMER UIT-knop.
▶ Instellen van TIMER AAN
De TIMER AAN-knop kan worden gebruikt om de programmering van de timer naar wens in te stellen, zodat de unit inschakelt op de door u gewenste tijd.
i) Druk op de TIMER AAN-knop, "12:00 AAN" knippert op het LCD-scherm, druk dan op of om degewenste inschakeltijd te selecteren.
Verhogen
Verlagen

Druk op de △ of ▽ -knop eenmaal om de tijdsinstelling met 1 minuut te verhogen of verlagen. Druk op de ▽f ▽knop voor 5 seconden om de tijdsinstelling met 10 minuten te verhogen of verlagen. Druk op de ▽f ▽knop voor een langere tijd om de tijdsinstelling met 1 uur te verhogen of verlagen.
LET OP: Als u de tijd niet instelt binnen 10 seconden nadat u de TIMER AAN-knop hebt ingedrukt, zal de afstandsbediening de TIMER AAN-stand automatisch verlaten.
ii) Zodra de gewenste tijd wordt weergegeven op het LCD-scherm drukt u op de TIMER AAN-knop ter bevestiging.
Er klinkt een pieptoon.
"AAN" stopt met knipperen.
De weergave TIMER op de binnenunit licht op.
iii) Nadat de ingestelde timer 5 seconden is weergegeven, wordt de tijd op het LCD-scherm van de afstandsbediening weergegeven i.p.v. de ingestelde timer.
▶ Uitschakelen van TIMER AAN
Druk opnieuw op de TIMER AAN-knop, er klint een pieptoon en de weergave verdwijnt als teken dat TIMER AAN is uitgeschakeld.
LET OP: Het instellen van TIMER UIT gaat op dezelfde manier. Hiermee kunt u de unit automatisch laten uitschakelen op de door u gewenste tijd.
SLAAP-stand
SLAAP-stand
De SLAAP-stand kan worden ingesteld bij de standen KOELEN, VERWARMEN of DROGEN. De functie zorgt voor een comfortabeler omgeving tijdens het slapen. In de SLAAP-stand:
- zal de unit automatisch stoppen nadat deze 8 uur lang heeft gewerkt.
LET OP: De verwarmingsstand is niet beschikbaar voor airconditioners die alleen kunnen koelen.

text_image
25°C 8:30 ON/OFF MODELAN SWING SUPER SURF SMART EFFL DIMMER TIME ON TIME OFF CLOCK SWINGSUPER-stand
SUPER-stand
- De SUPER-stand wordt gebruikt om snel koelen in- of uit te schakelen. Snelle koeling werkt met een hoge ventilatorsnelheid, waarbij de ingestelde temperatuur automatisch naar 18 °C wordt gewijzigd. Snelle verwarming werkt met een automatische ventilatorsnelheid, waarbij de ingestelde temperatuur automatisch naar 32 °C wordt gewijzigd.
- De SUPER-stand kan worden ingesteld als het apparaat werkt of aan staat.
- In de SUPER-stand kan de richting van de luchtstroom of de timer worden ingesteld. Als u de SUPER-stand wilt uitschakelen, kunt op een van de volgende knoppen drukken: SUPER, STAND, VENTILEREN, AAN/UIT, SLAAP of TEMPERATUURINSTELLING.
LET OP: De SLIM-knop is in de SUPER-stand niet beschikbaar. Het apparaat zal blijven werken in de SUPER-stand als u het niet afbreekt door op een van de hierboven aangegeven knoppen te drukken.
snelle koeling

snelle verwarming

4.3 Afstandsbediening -E4-07
De afstandsbediening verstuurt signalen naar het systeem.
1 AAN/UIT-KNOP
Het apparaat zal opstarten zodra het stroom krijgt en als het werkt kan het worden uitgezet als deze knop wordt ingedrukt.
2 STAND-KNOP
Druk op deze knop om de bedrijfsstand te selecteren.
3 VENTILATOR-KNOP
Voor het selecteren van de ventilatorsnelheid in de volgorde autom., hoog, gem. of laag.
4 5 RUIMTETEMPERATUUR INSTELKNOPPEN
Voor het aanpassen van ruimtetemperatuur, timer en de werkelijke tijd.
6 SLIM-KNOP
Voor het direct invoeren van fuzzy-logica, onafhankelijk of de unit aan of uit staat.
7 ZWENKEN-KNOP (niet beschikbaar voor dit model)
Voor het starten van de zwenking van de horizontale klep of het stoppen en instellen op de gewenste richting van de luchtstroom omhoog/omlaag.
8 SLAAP-KNOP
Voor het instellen of uitschakelen van de slaapstand.
9 I FEEL-KNOP
Voor het instellen of uitschakelen van de I FEEL-stand.
10 KLOK-KNOP
Voor het instellen van de huidige tijd.
11 12 TIMER AAN/UIT-KNOP
Voor het instellen of uitschakelen van de timer.

text_image
88°C ON 88:88 FAN WODE SMART SPRING CLOCK IFEEL TIME ON FOR OFF 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 4013 SUPER-KNOP
Voor het instellen of uitschakelen van de snelle koeling. (Snelle koeling werkt met een hoge ventilatorsnelheid en een automatische temperatuur-instelling van 18 °C.)
Symbolen die op het LCD-scherm worden aangegeven:

Weergave koeling

Weergave drogen

Weergave alleen ventileren

Weergave verwarming

Autom. ventilatorsnelheid

Hoge ventilatorsnelheid

Gem. ventilatorsnelheid

Lage ventilatorsnelheid

Weergave Slim

Weergave Slaapstand

I FEEL

Weergave Super

Verzending signaal

38:88
Weergave instellen timer Weergave huidige tijd

Weergave ingestelde temperatuur
LET OP:
Als u de batterijen voor de eerste keer in de afstandsbediening zet, verschijnen alle aanduidingen enkele seconden op het LCD-scherm en dan verschijnen achtereenvolgens de "Koeling" en "Verwarming" aanduidingen, waarbij u "Verwarming" kunt kiezen voor warmtepompmodellen en "Koeling" voor alleen koelen-modellen.
Elke stand met de relevante functies worden op de volgende pagina's nader uitgelegd.
Afstandsbediening
• Aanbrengen van de batterijen
Verwijder het batterijdeksel in de richting van de pijl. Plaats nieuwe batterijen en zorg dat de (+) en de (-) van de batterijen juist zijn aangebracht.
Breng het deksel weer aan door het terug te schuiven in de juiste positie.
LET OP:
Gebruik 2 LR03 AAA (1,5 volt) batterijen. Gebruik geen oplaadbare batterijen. Vervang de batterijen door nieuwe van hetzelfde type als het scherm vaag wordt.

Richt de afstandsbediening naar de bedrade afstandsbediening om de airconditioner te bedienen. De afstandsbediening kan de bedrade afstandsbediening tot een afstand van maximaal 8 m bedienen, als het naar de ontvanger van de bedrade afstandsbediening is gericht.

Selecteren van de stand
Elke keer dat de STAND-knop wordt ingedrukt, verandert de bedrijfstoestand in de volgorde:


De verwarmingsstand is niet beschikbaar voor airconditioners die alleen kunnen koelen.
Ventilatie-stand
Elke keer dat de VENTILATOR-knop wordt ingedrukt, verandert de ventilatorsnelheid in de volgorde:


In de stand ALLEEN VENTILEREN zijn alleen "Hoog, Gem. en Laag" beschikbaar. In de stand DROGEN is de ventilatorsnelheid automatisch op Autom. ingesteld, de VENTILATOR-knop werkt in dit geval niet.
Ingestelde temperatuur

Druk eenmaal om de temperatuurinstelling te verhogen met 1 °C

Druk eenmaal om de temperatuurinstelling te verlagen met 1 °C


text_image
EN ALLEEN VENTILEREN 88°C 88:88 SUPER 2 FAN MODE 3 TIME OFF CLOCK I FEEL 1 SMART 4 SLEEP
| Bereik van de beschikbare temperatuurinstelling | |
| *VERWARMING/ KOELING | 18 °C ~ 32 °C |
| ALLEEN VENTILEREN instelling niet mogelijk | |
LET OP: De verwarmingsstand is niet beschikbaar voor modellen die alleen kunnen koelen.
Aanzetten
Druk op de -knop, zodra het signaal wordt ontvangen door het apparaat licht de weergave dat de binnenunit werkt op. (Voor dit model is er geen weergave voor werking.)

De standen ZWENKEN, SLIM, TIMER AAN, TIMER UIT, SLAAP, KLOK en SUPER worden op de volgende pagina's uitgelegd.
- Bij het veranderen van de stand terwijl de unit werkt, reageert deze niet altijd onmiddellijk. Wacht dan 3 minuten. - Wacht altijd 3 minuten voordat u het apparaat opnieuw opstart.
Bediening van de richting van de luchtstroom (niet beschikbaar voor dit model)
Bediening van de richting van de luchtstroom
De verticale luchtstroom wordt automatisch aangepast aan een bepaalde hoek afhankelijk van de bedrijfstoestand nadat de unit is ingeschakeld.
| Bedrijfstoestand | Richting luchtstroom |
| KOELEN, DROGEN | horizontaal |
| *VERWARMEN ALLEEN VENTIL. | naar beneden |
*De verwarmingsstand is alleen beschikbaar voor warmtepompmodellen.
De richting van de luchtstroom kan ook naar uw eigen wensen worden ingesteld door de SWING-knop van de afstandsbediening in te drukken.


text_image
26 t ON UPP 10:03 TIME ON SWITCH CLOCK SPEED PICKS SPRING FLEXBediening verticale luchtstroom (met de afstandsbediening)
Gebruik de afstandsbediening om afwisselende hoeken of indien gewenst bepaalde hoeken van de stroom in te stellen.
Afwisselende luchtstroom
Door eenmaal op de SWING-knop te drukken, zal de horizontale luchtklep automatisch op en neer zwenken.
Bepaalde richting luchtstroom
Door nogmaals op de SWING-knop te drukken, zal de luchtklep naar de gewenste hoek zwenken.

Verstel de horizontale luchtklep niet met de hand, anders kan er een storing optreden. Als dat voorkomt, moet u eerst de unit uitzetten, dan de stroomvoorziening en vervolgens de stroomvoorziening weer herstellen.
B Het is beter om de horizontale luchtklep niet te lang in de neerwaartse stand te houden tijdens de standen KOELEN of DROGEN, om het druipen van condens te voorkomen.
SLIMME-stand
Druk op de SLIM-knop en de unit start de SLIMME-stand (bediening met fuzzy-logica) direct, ongeacht of de unit aan of uit staat. In deze stand worden de temperatuur en ventilatorsnelheid automatisch ingesteld, gebaseerd op de werkelijke ruimtetemperatuur.

text_image
-- 12:50 ▲ >> STARTER SHIFT SWING EFFECT CLOCK FIRELDe SLIM-knop is niet actief in de stand SUPER. LET OP: Temperatuur, luchtstroom en richting worden in de SLIMME-stand automatisch geregeld. Echter met de afstandsbediening kan er een verlaging of verhoging van 7 °C worden ingesteld als u zich nog niet comfortabel voelt.
| Wat kunt u in de SLIMME-stand doen? | ||
| Gevoel | Knop | Type aanpassing |
| Oncomfortabel door onjuiste hoeveelheid lucht | [6864] | Ventilatorsnelheid wisselt tussen hoog, gem. en laag, elke keer dat de knop wordt ingedrukt. |
| Oncomfortabel door onjuiste richting van de stroming | [523C] | Druk eenmaal, de horizontale luchtklep zwenkt om de richting van de luchtstroom te wijzigen. Druk nogmaals en het zwenken stopt. |
KLOK-knop
De werkelijke tijd kan worden gewijzigd door de KLOK-knop in te drukken en dan de ▲ en ▼ -knoppen te gebruiken voor de juiste tijd. Druk nogmaals op KLOK en de tijd is ingesteld.

TIMER-stand
Het is heel handig om de timer in te stellen met de TIMER AAN-knoppen als u 's morgens weggaat, om bij thuiskomst een comfortabele ruimtetemperatuur te hebben.
U kunt ook 's nachts de timer uitzetten om te genieten van een goede nachtrust met de TIMER UIT-knop.
▶ Instellen van TIMER AAN
De TIMER AAN-knop kan worden gebruikt om de programmering van de timer naar wens in te stellen, zodat de unit inschakelt op de door u gewenste tijd.
i) Druk op de TIMER AAN-knop, "12:00 AAN" knippert op het LCD-scherm, druk dan op of om de gewenste inschakeltijd te selecteren.


Druk op de ▲ of ▼ -knop eenmaal om de tijdsinstelling met 1 minuut te verhogen of verlagen.
Druk op de ▲ of ▼-knop voor anderhalve seconde om de tijdsinstelling met 10 minuten te verhogen of verlagen.
Druk op de ▲ of ▼ knop voor een langere tijd om de tijdsinstelling met 1 uur te verhogen of verlagen.
LET OP: Als u de tijd niet instelt binnen 10 seconden nadat u de TIMER AAN-knop hebt ingedrukt, zal de afstandsbediening de TIMER AAN-stand automatisch verlaten.
ii) Zodra de gewenste tijd wordt weergegeven op het LCD-scherm drukt u op de TIMER AAN-knop ter bevestiging.
Er klinkt een pieptoon.
"AAN" stopt met knipperen.
De weergave TIMER op de binnenunit licht op.
iii) Nadat de ingestelde timer 5 seconden is weergegeven, wordt de tijd op het LCD-scherm van de afstandsbediening weergegeven i.p.v. de ingestelde timer.
▶ Uitschakelen van TIMER AAN
Druk opnieuw op de TIMER AAN-knop, er klint een pieptoon en de weergave verdwijnt als teken dat TIMER AAN is uitgeschakeld.
LET OP: Het instellen van TIMER UIT gaat op dezelfde manier. Hiermee kunt u de unit automatisch laten uitschakelen op de door u gewenste tijd.
SLAAP-stand
SLAAP-stand
De SLAAP-stand kan worden ingesteld bij de standen KOELEN, VERWARMEN, DROGEN of SLIM. De functie zorgt voor een comfortabeler omgeving tijdens het slapen. In de SLAAP-stand:
- zal de unit automatisch stoppen nadat deze 8 uur lang heeft gewerkt.
LET OP: De verwarmingsstand is niet beschikbaar voor airconditioners die alleen kunnen koelen.

text_image
25:00 23:20 12:45 12:50 12:55 13:00 13:05 13:10 13:15 13:20 13:25 13:30 13:35 13:40 13:45 13:50 13:55 14:00 14:05 14:10 14:15 14:20 14:25 14:30 14:35 14:40 14:45 14:50 14:55 15:00 15:05 15:10 15:15 15:20 15:25 15:30 15:35 15:40 15:45 16:00 16:05 16:10 16:15 16:20 16:25 16:30 16:35 17:00 17:05 17:10 17:15 17:20 17:25 17:30 17:35 18:00 18:05 18:10 18:15 18:20 18:25 18:30 18:35 19:00 19:05 19:10 19:15 19:20 19:25 19:30 19:35 20:00 20:05 20:10 20:15 20:20 20:25 20:30 20:35 21:00 21:05 21:10 21:15 21:20 21:25 21:30 21:35 22:00 22:05 22:10 22:15 22:20 22:25 22:30 22:35 23:00 23:05 23:10 23:15 23:20 23:25 23:30 23:35 24:00 24:05 24:10 24:15 24:20 24:25 24:30 24:35 25:00 25:05 25:10 25:15 25:20 25:25 26:00 26:05 26:10 26:15 26:20 26:25 27:00 27:05 27:10 27:15 27:20 27:25 28:00 28:05 28:10 28:15 28:20 28:25 29:00 29:05 30:00SUPER-stand
SUPER-stand
- De SUPER-stand wordt gebruikt om snel koelen in- of uit te schakelen. Snelle koeling werkt met een hoge ventilatorsnelheid, waarbij de ingestelde temperatuur automatisch naar 18 °C wordt gewijzigd.
- De SUPER-stand kan worden ingesteld als het apparaat werkt of aan staat.
- In de SUPER-stand kan de richting van de luchtstroom of de timer worden ingesteld. Als u de SUPER-stand wilt uitschakelen, kunt op een van de volgende knoppen drukken: SUPER, STAND, VENTILEREN, AAN/UIT of TEMPERATUURINSTELLING.
LET OP: De knoppen SLAAP en SLIM zijn in de SUPER-stand niet beschikbaar. De SUPER-knop is niet actief in de stand VERWARMEN.
Het apparaat zal blijven werken in de SUPER-stand met een ingestelde temperatuur van 18 °C als u het niet afbreekt door op een van de hierboven aangegeven knoppen te drukken.

text_image
10:25 START PUB ONION START PUB ONION5. Speciale opmerkingen
- 3 minuten bescherming na een stop van de compressor.
Om de compressor te beschermen kan na een stop de compressor tenminste 3 minuten niet worden aangezet.
. 5 minuten bescherming.
De compressor moet tenminste 5 minuten werken nadat deze ingeschakeld is. In deze 5 minuten zal de compressor zelfs niet stoppen als de ruimtetemperatuur de ingestelde waarde heeft bereikt, tenzij u met de afstandsbediening de unit uitschakelt (alle units door de gebruiker uitgeschakeld).
. Koelfunctie.
In de koelstand kan de temperatuur tussen 18-32 °C worden ingesteld.
De ventilator van de binnenunit zal nooit ophouden te werken. Het blijft werken zelfs als de compressor stopt.
. Verwarmingsfunctie.
Doordat de airconditioner verwarmt door middel van warmteonttrekking aan de buitenlucht (met de warmtepomp), kan de verwarmingscapaciteit verminderen als de buitentemperatuur te laag is. Als het effect van de verwarming niet voldoende is, moet er een aanvullende verwarming worden gebruikt.
- Anti-bevriezingsfunctie bij koeling.
Als de temperatuur van de luchtuitlaat van de binnenunit te laag is, zal de unit enige tijd met alleen de ventilator werken om bevriezing of ijsvorming in de warmtewisselaar binnen te voorkomen.
. Voorkoming van koude lucht.
De ventilator van de binnenunit zal een paar minuten lang nadat de verwarmingsstand is ingeschakeld niet draaien, totdat de warmtewisselaar van de binnenunit een voldoende hoge temperatuur heeft bereikt. Het systeem om een koude luchtstroom te voorkomen is dan in werking.
. Ontdooien.
Als de buitentemperatuur te laag is, kan er bevriezing of ijsvorming optreden in de warmtewisselaar buiten waardoor de verwarmingsprestaties verminderen. Het ontdooiingssysteem van de airconditioner zal dan in werking treden. Tegelijkertijd stopt de ventilator van de binnenunit (of draait in sommige gevallen op zeer lage snelheid) en als een paar minuten later het ontdooien gereed is, zal de verwarming weer opstarten.
- Uitblazen van resterende verwarmingslucht.
Als de airconditioner stopt met de normale werking zal de ventilatormotor nog een tijdje op lage snelheid draaien om de resterende lucht uit te blazen.
• Zelfherstel na stroomuitval
Als de stroomvoorziening na een storing is hersteld, zijn alle instellingen nog actief en de airconditioner werkt volgens de oorspronkelijke instellingen.
6. Problemen Oplossen

VOORZICHTIG
Als de stroomvoorziening na een storing is hersteld, zijn alle instellingen nog actief en de airconditioner werkt volgens de oorspronkelijke instellingen.
6.1 Als er problemen blijven bestaan...
Als er problemen blijven bestaan nadat u het volgende heeft gecontroleerd, neem dan contact op met uw leverancier en vermeld daarbij de volgende gegevens.
(1) Modelnaam unit
(2) Beschrijving van het probleem.
6.2 Geen werking
Controleer of SET TEMP op de juiste temperatuur is ingesteld.
6.3 Geen goede koeling of verwarming
- Controleer of de luchtstroming van buiten- of binnenunits is geblokkeerd.
- Controleer of er een extra warmtebron in de ruimte aanwezig is.
- Controleer of het luchtfilter sterk vervuild is met stof.
- Controleer of ramen en deuren open staan of niet.
- Controleer of de temperatuursomstandigheden buiten het werkingsgebied liggen.
6.4 Dit is heel normaal
- Geur uit de binnenunit
Na een langere tijd kan er door de binnenunit een geur worden afgescheiden. Maak dan het luchtfilter en de panelen schoon of laat het goed ventileren.
• Geluid door vervorming van onderdelen
Tijdens het opstarten of stoppen van het systeem kan er een schurend geluid worden gehoord. Dit komt door de thermische vervorming van kunststof onderdelen. Dit is heel normaal.
- Stoom vanaf de warmtewisselaar van de buitenunit
Tijdens het ontdooien wordt ijs op de warmtewisselaar van de buitenunit gesmolten, waardoor en stoom ontstaat.
- Condensatie op luchtrooster
Als er voor een langere tijd gekoeld wordt onder omstandigheden met een hoge vochtigheid (hoger dan 27 °C/80% R.V.), kan zich condens vormen op het luchtrooster.
• Geluid stroming koelmiddel
Tijdens het opstarten of stoppen van het systeem kan er een geluid worden gehoord van de stroming van het koelmiddel.
1. Stroomdiagram koelmiddel

flowchart
graph TD
A["BINNENUNIT BUITENUNIT"] --> B["Wartewisselaar"]
B --> C["Hotels"]
C --> D["Vloeistof-leiding"]
D --> E["4-WEGKLEP"]
E --> F["Accumulator"]
F --> G["Compressor"]
G --> H["HOofdafsluiter"]
H --> I["EEV"]
I --> J["Warmtewisselaar"]
J --> K["Verwamingscircuit Koelcircuit"]
L["Gasleiding"] --> M["Algemene hoofdafsluiter"]
M --> N["4-WEGKLEP"]
N --> O["Accumulator"]
O --> P["Compressor"]
Q["Voelstof-leiding"] --> R["Hotels"]
R --> S["4-WEGKLEP"]
S --> T["Accumulator"]
T --> U["Compressor"]
Let op:
Het EEV is alleen van toepassing voor de DC inverter-airconditioner, gebruik voor andere airconditioners een vast expansieventiel. De accumulator is alleen van toepassing bij de 48 k en 60 k airconditioners.
2. Schema elektrische bedrading
DC inverter geïntegreerd model:

flowchart
graph TD
subgraph Buitenunit
L1["L"]
N1["N"]
SI1["SI"]
end
subgraph Binnenunit
L2["L"]
N2["N"]
SI2["SI"]
end
L1 --> KabelStroom-
voorziening
N1 --> KabelStroom-
voorziening
SI1 --> KabelStroom-
voorziening
L2 --> KabelStroom-
voorziening
N2 --> KabelStroom-
voorziening
SI2 --> KabelStroom-
voorziening
KabelStroom-
voorziening --> L2
KabelStroom-
voorziening --> N2
KabelStroom-
voorziening --> SI2
style KabelStroom-
voorziening fill:#f9f,stroke:#333,stroke-width:2px
Aan/uit geïntegreerd model:

flowchart
graph TD
subgraph Buitenunit_Binnenunit
A["3L"] --> C["Kabel stroom-voorziening"]
B["2L"] --> C
D["1L"] --> C
E["N"] --> C
F["+"] --> C
end
subgraph StroomBoorziening
G["3L"] --> C
H["2L"] --> C
I["1L"] --> C
J["N"] --> C
K["L"] --> C
L["N"] --> C
M["+"] --> C
end
style B fill:#f9f,stroke:#333
style C fill:#ccf,stroke:#333
style D fill:#cfc,stroke:#333
style E fill:#fcc,stroke:#333
style F fill:#cff,stroke:#333
style G fill:#ffc,stroke:#333
style H fill:#ffc,stroke:#333
style I fill:#ffc,stroke:#333
style J fill:#ffc,stroke:#333
style K fill:#ffc,stroke:#333
style L fill:#ffc,stroke:#333
style M fill:#ffc,stroke:#333

flowchart
graph TD
subgraph Buitenunit_Binnenunit
L1["L"] --> KLabel["Kabel stroom-voorziening"]
N1["N"] --> KLabel
SI1["SI"] --> KLabel
W["W"] --> KLabel
V["V"] --> KLabel
U["U"] --> KLabel
N["N"] --> KLabel
SI2["SI"] --> KLabel
end
subgraph Aansluitblok_Aansluitblok
L2["L"] --> KLabel
N2["N"] --> KLabel
SI2["SI"] --> KLabel
W2["W"] --> KLabel
V2["V"] --> KLabel
U2["U"] --> KLabel
N2["N"] --> KLabel
end
style Buitenunit_Binnenunit fill:#f9f,stroke:#333
style Aansluitblok_Aansluitblok fill:#ccf,stroke:#333

flowchart
graph TD
subgraph Buitenunit
L1["L"]
N1["N"]
SI1["SI"]
end
subgraph Binnenunit
L2["L"]
N2["N"]
SI2["SI"]
end
24k["24 k"] --> Stroomvoorziening
36k["36 k/48 k/60 k"] --> Stroomvoorziening
Kabel_Stroom_voorziening --> Kabel_Stroom_voorziening
style Kabel_Stroom_voorziening fill:#f9f,stroke:#333
style Buitenunit fill:#ccf,stroke:#333
1. Veiligheidsinstructies
WAARSCHUWING
- De installatie moet worden uitgevoerd door de dealer of een ander deskundig persoon. (Onjuiste installatie kan waterlekkage, elektrische schokken, of brand veroorzaken.)
- Installeer de unit volgens de instructies in deze handleiding. (Onvolledige installatie kan waterlekkage, elektrische schokken, of brand veroorzaken.)
- Gebruik alleen de standaard bijgeleverde of opgegeven installatie-onderdelen. (Gebruik van andere onderdelen kan het stukgaan van de unit, waterlekkage, elektrische schokken, of brand veroorzaken.)
- Installeer de airconditioner op een stevige ondergrond die het gewicht van de unit kan dragen. (Een ongeschikte ondergrond of ondeugdelijke installatie kan letsel veroorzaken als de unit daardoor valt.)
- Elektrische werkzaamheden moeten worden uitgevoerd in overeenstemming met de installatiehandleiding en de plaatselijke voorschriften en richtlijnen voor elektrische bedrading. (Onvoldoende capaciteit of ondeugdelijke elektrische werkzaamheden kunnen elektrische schokken of brand veroorzaken.)
- Zorg ervoor een aparte elektrische groep te gebruiken. (Gebruik nooit een gedeelde stroomvoorziening met een ander apparaat.)
- Gebruik voor de bedrading een kabel die lang genoeg is voor de gehele lengte zonder tussenverbinding en gebruik geen verlengsnoer.
- Sluit geen andere belasting op de stroomvoorziening aan, gebruik een aparte groep. (Als u dat niet doet, kan dat leiden tot abnormale warmteontwikkeling, elektrische schokken of brand.)
- Gebruik de voorgeschreven typen bedrading voor elektrische aansluitingen tussen binnen- en buitenunits. (Sluit de verbindingsdraden stevig aan zodat er geen externe spanning op de aansluitblokken komt.)
- Ondeugdelijk aansluiten of vastklemmen kan leiden tot oververhitting van het aansluitblok of brand.
- Na aansluiting van onderlinge verbindingen en de voedingskabel moeten deze netjes worden vastgezet zodat er geen krachten op de afdekkappen of elektrische panelen worden uitgeoefend. (Installeer een afdekking over de bedrading, onjuiste installatie hiervan kan oververhitting van het aansluitblok, elektrische schokken of brand veroorzaken.)
- Bij installatie of verplaatsing van het systeem mogen er geen andere stoffen, zoals lucht, in het koelcircuit terecht komen dan het voorgeschreven koelmiddel (R410A). (De aanwezigheid van lucht of andere ongewenste stoffen in het koelcircuit veroorzaakt een abnormale drukstijging of breuk, wat letsel kan veroorzaken.)
- Als er tijdens de installatiewerkzaamheden koelmiddel is gelekt, moet de ruimte geventileerd worden. (Het koelmiddel produceert een giftig gas als het aan vlammen wordt blootgesteld.)
- Als de gehele installatie gereed is, moet er gecontroleerd worden dat er geen koelmiddel lekt. (Het koelmiddel produceert een giftig gas als het aan vlammen wordt blootgesteld.)
- Let bij het aansluiten van de leidingen op dat er geen lucht of andere substanties dan het aangegeven koelmiddel in het koelcircuit terechtkomen. (Anders kan dit de capaciteit verminderen, abnormaal hoge druk in het koelcircuit, explosie of letsel veroorzaken.)
- Zorg voor het maken van een aarding. Verbind de aarding niet met een nutsleiding, bliksemafleiding of een telefoonaarding. Ondeugdelijke aarding kan elektrische schokken veroorzaken. (Een hoge piekstroom door bliksem of andere oorzaken kan schade aan de airconditioner toebrengen.)
- Afhankelijk van de plaatselijke omstandigheden kan een aardlekschakelaar nodig zijn om elektrische schokken te vermijden. (Als u dat niet doet, kan dat leiden tot elektrische schokken.)
- Sluit de stroomvoorziening af voordat de bedrading of leidingen worden aangesloten of de unit wordt gecontroleerd.
- Zorg ervoor dat bij verplaatsing van de binnen- en buitenunit, de buitenunit niet meer dan 45° wordt gekanteld. Zorg ervoor dat u geen verwonding oploopt door de scherpe rand van de airconditioner.
- Installeer de afstandsbediening. Zorg ervoor dat de lengte van de bedrading tussen binnenunit en afstandsbediening minder dan 50 m is.
VOORZICHTIG
- Installeer de airconditioner niet op een plaats waar er gevaar is op blootstelling aan ontvlambare gassen. (Als er gas lekt en zich verzamelt rond het toestel, kan dit brand veroorzaken.
- Installeer de afvoerleidingen volgens de instructies in deze handleiding. (Ondeugdelijke leidingen kunnen wateroverlast veroorzaken.)
- Draai de wartelmoeren aan op de voorgeschreven wijze met een momentsleutel. (Als de wartelmoer te strak wordt aangedraaid, kan deze na verloop van tijd breken en lekkage van koelmiddel veroorzaken.)
2. Gereedschappen en instrumenten voor installatie
| Nummer | Gereedschap | Nummer | Gereedschap |
| 1 | Standaard schroevendraaier | 8 | Mes of draadstripper |
| 2 | Vacuümpomp | 9 | Hoekmeter |
| 3 | Vulslang | 10 | Hamer |
| 4 | Buigijzer | 11 | Pulsboor |
| 5 | Engelse sleutel | 12 | Flare-gereedschap |
| 6 | Pijpsnijder | 13 | Ringsleutel |
| 7 | Kruiskopschroevendraaier | 14 | Meetlint |
3. Installatie van de binnenunit
VOORZICHTIG
Tijdens de installatie mag het installatiemateriaal op het oppervlak van de binnenunit niet beschadigd worden.
3.1 De eerste controle
VOORZICHTIG
- Als de unit wordt verplaatst bij het uitpakken of daarna, moet deze worden opgetild aan de handgrepen. Oefen geen druk uit op andere onderdelen, met name de koelleidingen, afvoerleiding en de delen met flenzen. - Draag beschermende kleding (handschoenen enz.).
DC inverter geïntegreerd model: DC inverter geïntegreerd model: DC inverter geïntegreerd model:
| ModelCapacteit (Btu/h) | h (mm) |
| 18 k | 190 |
| 24 k | 270 |
| 36 k48 k60 k | 350 |

text_image
leerd inder, BC inverter geïntegreerd mode. 300 of meerAfb. 3.2.1
Ruimte voor onderhoud
Aan/uit geïntegreerd model:Aan/uit geïntegreerd model:Aan/uit geïntegreerd model:
| ModelCapacteit (Btu/h) | h (mm) |
| 18 k | 190 |
| 24 k36 k | 270 |
| 48 k60 k | 350 |

text_image
model:Aan/uit geïntegreerd model: h *H ≥ 50 + h 20 of meer Plafond 2500 of meerAfb. 3.2.2
Vloeroppervlak (Lengte: mm)
Zorg bij installatie van de unit ervoor dat:
- Een optimale luchtverdeling is verzekerd.
• De luchtdoorgang niet geblokkeerd is. - Condenswater goed kan worden afgevoerd.
- Het plafond sterk genoeg is voor het gewicht van de unit.
- Een verlaagd plafond niet onder een helling loopt.
- Er voldoende ruimte voor onderhoud en reparatie aanwezig is (zie afb.3.2.1 en. 3.2.2).
- De leidingen tussen binnen- en buitenunit binnen de toegestane grenzen zijn (zie de installatie-instructie van de buitenunit).
- De binnenunit, buitenunit, voedingskabel en zenddraden tenminste 1 m verwijderd is van televisie en radio om storing in beeld en geluid van elektrische apparaten te voorkomen. (Zelfs als de grens van 1 m wordt aangehouden, kunnen er geluidsstoringen voorkomen afhankelijk van de omstandigheden waaronder de elektrische golven worden geproduceerd.)
- Ophangbouten worden gebruikt voor installatie en dat het plafond sterk genoeg is voor het gewicht van de unit. Als het plafond niet sterk genoeg lijkt te zijn, moet het worden versterkt voordat de unit wordt geïnstalleerd.
Bij aanzuig aan de onderzijde moet het deksel van de luchtkamer en de inlaatflens aan de zijkant worden vervangen, zoals aangegeven in afb. 3.2.3
(1) Verwijder de inlaatflens aan de zijkant. Verwijder het deksel van de luchtkamer.
(2) Bevestig het deksel van de luchtkamer en de inlaatflens opnieuw in de oriëntatie zoals aangegeven in afb. 3.2.3. Zie afbeelding 3.2.4 voor de oriëntatie van de inlaatflens.

text_image
Inlaatflens zijkant Filter (niet beschikbaar voor dit model) Afb. 3.2.3 Deksel van de luchtkamer
text_image
Deksel van de luchtkamer Filter (niet beschikbaar voor dit model) Inlaatlens zijkant Afb. 3.2.43.2 Installatie
3.2.1 Ophangbouten
(1) Bekijk zorgvuldig de richting van de leidingen, bedrading en onderhoud, en kies de juiste oriëntatie en plaats van installatie.
(2) Installeer de ophangbouten zoals te zien in afbeelding 3.3.1 hieronder.

text_image
• Voor beton Voor stalen ligger 150 tot 160 mm Plug (100-150 kg) Beton Wapeningstaaf Ophangbouten (M10) • voor houten balklaag Houten rib (60 tot 90 mm) Houten balk • profielstalen ligger Ophangbouten (M10) Moer Ronde volgring Moer Vierkante volgring OphangboutAfb. 3.3.1 Bevestiging van de ophangbouten
3.2.2 De positie van de ophangbouten en de leidingen
(1) Geef de positie aan van de ophangbouten en de positie van koelleidingen en afvoerleidingen.
(2) De afmetingen zijn hieronder in afb. 3.3.2 aangegeven.

text_image
Luchtuitlaat Luchtuitlaat| (In mm) | a b c d e f g h i j k L m n | |||||||||||||||
| DC-inverter model | 1207 | 1 | 170 | 15 | 4 447 | 971 | 117 | 1039 | 70 | 117 | 150 | 199 | 13 | 81 | 84 | |
| Aan/uit geïnte-greerd model | 937 | 9 | 90 | 154 | 447 | 70 | 1 117 | 235 | 170 | 117 | 50 | 199 | 13 | 81 | 84 | |
| (in mm) | a | b | c | d | e | f | g | h | i | j | k | L | m | n | o | p |
| 24 k | 934 | 900 | 669 | 720 | 805 | 222 | 835 | 228 | 242 | 294 | 378 | 405 | 25 | 156 | 202 | 214 |
| 36 k DC-Inver ter model | 1334 | 1295 | 669 | 720 | 1205 | 222 | 1235 | 228 | 242 | 294 | 378 | 405 | 25 | 156 | 202 | 214 |
| 36 k Aan/Ut geintegreerd | 1334 | 1295 | 740 | 796 | 1205 | 222 | 1235 | 228 | 237 | 312 | 375 | 405 | 25 | 204 | 203 | 242 |
| 48 k & 60 k | 1334 | 1295 | 740 | 796 | 1205 | 222 | 1235 | 228 | 237 | 312 | 375 | 405 | 25 | 204 | 203 | 242 |

text_image
Luchtinlaat g a b d c m n o p f e 86 LuchtuitlaatAfb. 3.4 Ophangbouten
3.3.3 Installatie van de binnenunit
De installatie van de binnenunit is afgebeeld in afb. 3.5

text_image
Ophangbouten (4 x M10) (levering derden) Moeren en volg- ringen (4 x M10) (levering derden)Afb. 3.5 De installatie van de binnenunit
(1) Bevestig de ophangbouten en moeren als aangegeven in afb 3.6, er zijn vier bouten met moeren.

text_image
Ong. 50 mm Moer Volgring Dubbele moer 165 mm BinnenunitAfb. 3.6 Ophangbouten en moeren
(2) Installatie van de binnenunit
- Plaats de linker ophangbeugel op de moeren met volgringen aan de ophangbout, zoals aangegeven in afbeelding 3.7.
- Zorg ervoor dat de linker ophangbeugel goed op de moeren en volgringen is bevestigd en installeer daarna de rechter ophangbeugel op de ophangbout met moeren en volgringen.
(Bij het installeren van de binnenunit kunt u de ophangbouten iets losdraaien.)

text_image
Ophangbeugel Ophangbout Rek Dubbele moer en volgringen BinnenunitAfb. 3.7
3.3.4 De horizontale afstelling van de binnenunit
(1) Zorg dat de ophangbeugel is bevestigd met de moer en volgring.
(2) Stel de hoogte van de unit af.
(3) Controleer dat de unit horizontaal hangt.

(4) Draai na de afstelling de moer aan en breng een schroefdraadborging aan op de ophangbout om te voorkomen dat de moeren loskomen.
VOORZICHTIG
(1) Dek de unit tijdens de installatie af met een stuk plastic om het schoon te houden.
(2) Zorg ervoor dat de unit horizontaal is gemonteerd met behulp van een waterpas of een plastic buis gevuld met water. Bij gebruik van een plastic buis moet de bovenkant van de unit gelijk gehouden worden met de bovenkant van het water aan beide uiteinden van de buis, waarna de unit horizontaal kan worden afgesteld. (Waar met name op moet worden gelet is dat de unit niet scheef hangt in de richting van de afvoerleiding, omdat dit lekkage kan veroorzaken.)
3.3.5 Installatie van het kanaal
VOORZICHTIG
- Zorg ervoor dat het bereik van de externe statische druk van de unit niet wordt overschreden.
- Sluit het kanaal aan op de inlaat- en uitlaatflens. Zie voorbeeld in afb. 3.9

text_image
Drukkast Flexibel kanaal Flexibel kanaal Drukkast Isolatiemateriaal Ventiel voor de luchthoeveelheid Buitenlucht (via filter) Luchtuitlaat Horizontaal Serviceluik (600x600 mm) Luchtinlaat (met filter) Ventiel voor de luchthoeveelheidAfb. 3.9 Installatie van het kanaal
4. Koelleidingen

GEVAAR
Gebruik uitsluitend R410A-koelmiddel. Bij het uitvoeren van de controle en test op lekkage moet u ervoor zorgen dat zuurstof, acetyleen en andere brandbare en virulente gassen niet met elkaar mengen, omdat deze gevaarlijk zijn en een explosie kunnen veroorzaken. Het is aanbevolen om hiervoor perslucht, stikstof of het koelmiddel te gebruiken.
4.1 Materialen voor leidingen
(1) Maak ter plaatse de koperen leidingen gereed.
(2) Gebruik stofvrije, droge en schone koperen leidingen. Blaas voor de installatie van de leidingen deze schoon met stikstof of droge lucht om stof en verontreinigingen te verwijderen.
(3) Selecteer de koperen leidingen conform afb. 4.2.
4.2 Aansluitingen van de leidingen
(1) De aansluitposities van de leidingen zijn weergegeven in afb. 4.1.

text_image
Koelgasleiding Koelvloeistofleiding Sparing aansluiting afvoerleidingAfb. 4.1 De aansluitposities van de leidingen
| Model | Gasleiding | Vloeistof-leiding | Afvoer-leiding |
| 18 k | 12,7 mm | 6,35 mm | 32 |
| 24 k, 36 k | 15,88 mm | 9,52 mm | 32 |
| 48 k, 60 k | 9,52 mm | 19 53 mm |
Afb. 4.2 De leidingdiameters
(2) Draai de moeren met twee steeksleutels vast zoals in afb. 4.3 is aangegeven.

Afb. 4.3 Aandraaimoment
(3) Als de aansluitingen van de koelleiding zijn afgerond, moeten de leidingen worden voorzien van isolatiemateriaal. Zie voorbeeld in afb. 4.4

text_image
Klem (meegeleverd) Isolatie(meegeleverd) Zijde van de binnenunit Koelleiding (levering derden) Isolatie (levering derden)Afb 4.4 Isolatiemethode leidingen
VOORZICHTIG
- Leidingen die door een sparing gaan, afkitten.
- Leg de uiteinden van de leidingen niet direct op de vloer, zoals weergegeven in afb 4.5.

text_image
Leg de uiteinden van de leidingen niet direct op de vloer, Bescherm het met tape of een plug.Afb. 4.5
5. Afvoerleiding
Aansluiten van de afvoerleiding.

text_image
Koelleidingen Aansluiting afvoerleiding recht buitendraad- Zorg ervoor dat de afvoer goed werkt.
- De diameter van de aansluiting van de afvoerleiding moet hetzelfde zijn als die van de afvoerleiding zelf.
- Houd de afvoerleiding kort en breng afschot aan van tenminste 1:100 zodat het water goed wordt afgevoerd. Zie afbeelding hieronder.

text_image
afschot tenminste 1:100VOORZICHTIG
Water dat zich in de afvoerleiding kan verzamelen, kan verstopping van de leiding veroorzaken.
- Om te voorkomen dat de slang gaat doorzakken, moet deze h.o.h. 1 - 1,5 m worden opgehangen.
-
Gebruik de afvoerslang en klem. Schuif de afvoerslang volledig over de afvoeraansluiting en bevestig de slang samen met het isolatiemateriaal door middel van de klem.
-
De twee delen hieronder genoemd moeten worden geïsoleerd omdat zich condens kan vormen dat kan gaan druipen.
a. Afvoerleidingen die door wanden worden gevoerd. b. Afvoeraansluitingen. - Isoleer de afvoeraansluiting en de afvoerslang met de meegeleverde grote isolatiestrook zoals in de afbeelding hieronder is aangegeven.

text_image
Isolatiemateriaal Isolatiemateriaal AfvoerslangAfb. 5.4
VOORZICHTIG
Aansluitingen afvoerleiding
- Sluit de afvoer niet direct aan op rioleringspijpen waarin ammoniakgas aanwezig is. Het ammoniakgas in de riolering kan in de binnenunit terechtkomen via de afvoerleiding en corrosie van de warmtewisselaar veroorzaken.
- Zorg ervoor dat er geen slagen of knikken in de afvoerslang zitten, zodat er geen grote krachten op uitgeoefend worden.
Dit kan lekkage veroorzaken. - Controleer nadat het leidingwerk gereed is, dat de leiding goed afvoert.
- Giet ongeveer 1000 ml water gelijkmatig in de condensopvangbak om te controleren dat de afvoer werkt zoals hierboven aangegeven.
- Giet ongeveer 1000 ml water gelijkmatig via het afvoergat in de condensopvangbak om de afvoer te controleren.
- Controleer de afvoer zoals aangegeven in afbeelding hieronder.

text_image
Luchtuitlaat Draagbare pomp Emmer Koelleidingen Afvoeropening6. Electrische bedrading
6.1 Algemene controle

VOORZICHTIG
- Gebruik voor het vastzetten van de bedrading de meegeleverde zadels ed. zodat er geen krachten op de aansluitingen van de bedrading worden uitgeoefend en zet het stevig vast.
- Zorg ervoor dat de bedrading netjes wordt uitgevoerd en dat het deksel van de besturingskast niet door de bedrading omhoog wordt gedrukt en sluit dan het deksel goed. Zorg ervoor dat er geen draden worden afgekneld bij het bevestigen van het deksel.
- Breng buiten de unit een scheiding van ten minste 50 mm aan tussen zwakstroom bedrading (afstandsbediening en zenddraden) en gewone bedrading (aarde en stroomvoorzieningsbekabeling) zodat ze niet samen verder lopen. Als ze dicht naast elkaar lopen kan dit elektrische interferentie, storing of breuk veroorzaken.

WAARSCHUWING
- Als de zekeringen doorslaan, moet u het servicebedrijf bellen om deze te vervangen. Vervang deze niet zelf, omdat dit een ongeval kan veroorzaken, zoals schokken.
(1) Verwijder de schroeven van de afdekkap van de elektrische besturing zoals aangegeven in afb. 6.1.
(2) Sluit de voedingskabel en aarddraad aan op het hoofdaansluitblok.
(3) De kabel van de afstandsbediening aansluiten op het nevenaansluitblok.
(4) Sluit de voedingskabel van de binnen- en buitenunits aan op het hoofdaansluitblok.
(5) Bevestig de kabels stevig met de zadels in de besturingskast.
(6) Sluit na afronding van de bedrading de doorvoer voor de bedrading af met afdichtingsmateriaal (en het deksel) om te voorkomen dat condens en insecten kunnen binnendringen.

text_image
Luchtuitlaat Afdekkap elektrische besturing LuchtinlaatAfb. 6.1 Verwijder de schroeven van de besturingskast
6.2 Veranderen van de statische druk
De statische druk buiten de binnenunit kan worden ingesteld.
6.2.1 Modellen 24 k & 36 k uitgezonderd (hoog-efficiënt DC-inverter model):
U kunt de statische druk veranderen door het aansluitblok van de ventilatormotor te veranderen, zoals aangegeven in afb. 6.2.

flowchart
graph LR
A["Lage statische druk 10 Pa"] --> B["WIT"]
C["Hoge statische druk 30 Pa"] --> D["ROOD"]
B --> E["Ventilatormotor"]
D --> E
Afb. 6.2
| Model | Lage statische druk | Hoge statische druk |
| 18 k | 30 Pa10 Pa | |
| 24 k, 36 k | 50 Pa | 80 Pa |
| 48 k, 60 k | 80 Pa | 120 Pa |
LET OP: De standaard fabrieksinstelling is de lage statische druk.
Het geluidsniveau bij hoge statische druk is hoger dan bij lage statische druk.
6.2.2 Modellen 24 k & 36 k (hoog-efficient DC-inverter model):
Standaard statische druk is 30 Pa.
De statische druk kan vrij worden ingesteld tussen 1 en 80 Pa door de bedrade afstandsbediening te gebruiken. Zie voor de instellingsdetails de handleiding van de bedrade afstandsbediening.
Als u hiermee problemen hebt, neem dan contact op met onze plaatselijke technische onderhoudsdienst voor meer informatie.
7. Installatie van de buitenunit
7.1 Plaats van installatie
Vermijd:
. Direct zonlicht Een gang of zijdelingse
• Dikke oliemist installatie
- Natte of onregelmatige plaatsen
• Houder met brandbare materialen
• Nabij een warmtebron / ventilator
Wel doen:
- Zet het op een koele plaats.
- Zet het op een plaats met goede ventilatie.
- Houd de gewenste afstanden voor luchtinlaat, uitlaat en onderhoud aan. (Afb. 7.1)
- Maak een sterke basis (10x40 cm ^2 van beton of gelijkwaardig). Het apparaat moet minimaal 10 cm hoger worden geplaatst, zodat het niet nat wordt of corrosie optreedt, anders kan dit schade veroorzaken aan het apparaat en de levensduur verminderen. (Afb. 7.2)
- Maak de basis vast met haakankers of gelijkwaardig om geluid en trillingen te beperken.
Als de totale leidinglengte tussen 5 en 50 m (max. lengte) is, moet er extra koelmiddel worden toegevoegd. Het is niet nodig om compressorolie toe te voegen. (Afb. 7.3)

text_image
Luchtinlaat Min. 10 cm Min. 5 cm Luchtuitlaat Min. 40 cm Luchtuinlaat Ondergrond Min. 10 cm Luchtinlaat 2 m 2 m Belemmering boven Luchtuitlaat BelemmeringAfb. 7.1

text_image
Betonnen basis of gelijkwaardig Circa 40 cm Bevestigings- schroef (min. 4) Min. 10 cm Circa 10 cmAfb. 7.2

flowchart
graph TD
A["Binnenunit"] -->|Leidinglengte L| B["Buitenunit"]
C["Hoogteverschil H"] --> A
D["Ground"] --> B
DC-inverter model
| Model | Max. leiding-lengte (L) | Max. hoogte-verschil (H) | Toev.Koelmiddel(boven 5 m) |
| 18 k | 20 m | 10 m 15 g/m | |
| 24 k* | 20 m | 10 m 35 g/m | |
| 36 k | 30 m | 20 m 35 g/m | |
| 48 k/60 k | 50 m | 30 m | 35 g/m |
*Voor 24 k (hoog-efficiënt DC-inverter model): De leidinglengte tussen binnen- en buitenunit is hetzelfde als voor de 36 k-modellen. Aan/uit geïntegreerd model
| Model | Max. leiding- lengte (L) | Max. hoogte- verschil (H) | Toev. Koelmiddel (boven 5 m) |
| 18 k | 15 m | 7,5 m | 15 g/m |
| 24 k | 20 m | 10 m | 35 g/m |
| 36 k | 30 m | 15 m | 35 g/m |
| 48 k/60 k | 50 m | 15 m | 35 g/m |
Afb. 7.3
7.2 Installatie van de buitenunit.
Selecteer eerst de plaats van installatie en bevestig de buitenunit. Als het aan een wand moet worden bevestigd, moet u ervoor zorgen dat de wand en het ondersteunende rek sterk genoeg is om het gewicht van het apparaat te dragen.
Bedradingsinstructies voor buitenunit
- Verwijder de bevestigingsschroeven van de afdekkap van de elektrische aansluitkast en verwijder het (als de afdekkap van het ventiel daar zit verwijdert u deze).
- Sluit de bedrading van de binnenunit aan op het paneel van de buitenunit conform de schema's van de elektrische bedrading.
- Zorg dat elke draad 10 cm langer is dan de benodigde lengte voor bedrading.
- Sluit de unit aan op de aarding conform de plaatselijke elektrische voorschriften.
- Controleer de bedrading met de schema's en zorg dat het goed aangesloten is. Zet de bedrading vast met klemmen en breng de afdekkap weer aan.
8. Koelleidingen
8.1 Flare-verbinding maken met flare-gereedschap
Let op: Een goede flare-verbinding heeft de volgende eigenschappen:
- Het oppervlak van de binnenzijde is glanzend en glad.
- De rand is glad.
- De schuin lopende zijden zijn van gelijke lengte.
- Verwijder de bramen aan het eind van de koperen buis met een ruimer of vijl. Houd het einde van de buis naar beneden bij het vijlen, zodat er geen vijlsel in de buis terecht komt. Deze handelingen zijn belangrijk en moeten zorgvuldig worden uitgevoerd om een goede flare-verbinding te maken (afb. 8.1 en 8.2).
- Verwijder de wartelmoer van de unit en schuif het op de koperen buis.
- Maak de flare-verbinding op het einde van de koperen buis met het flare-gereedschap (afb. 8.3).
8.2 Aansluitende leiding tussen binnen- en buitenunits
- Zorg ervoor een afdichtingsdop of waterdichte tape te gebruiken om te voorkomen dat er water of stof in de leidingen terecht kan komen voordat deze worden gebruikt.
- Zorg ervoor een dunne laag koelmiddel aan te brengen op de te verbinden oppervlakken van de flare-verbinding voordat ze worden gekoppeld. Op deze manier worden gaslekken verminderd.
- Breng voor een goede aansluiting beide buizen in elkaars verlengde en schroef dan de wartelmoer met de hand aan om een perfecte verbinding te krijgen. (Afb. 8.5)
- Draai de moeren vast met een momentsleutel om het lekken van koelmiddel te voorkomen. Test zorgvuldig op lekkage voor de unit in bedrijf wordt genomen.
8.3 Warmte-isolatie van de koelleiding
Om warmteverlies en het nat worden van de vloer door condensatie te voorkomen, moeten alle koelleidingen worden geïsoleerd met een geschikt isolatiemateriaal met een minimum dikte van 6 mm (zie afb. 8.6).
8.4 Tapen van de leidingen
Let op: Wind de beschermingstape niet te strak om de leidingen omdat dit de thermische isolatie vermindert. Zorg ervoor dat de afvoerslang van condenswater op een gegeven moment apart van de bundel gaat lopen en wordt afgevoerd zoals eerder beschreven.
- De twee koelleidingen (en de elektrische bedrading als dat volgens de lokale normen is toegestaan) moeten met beschermingstape worden samen gebonden. De afvoerslang kan ook worden meegenomen en met de leidingen samen worden gebundeld.
- Wikkel de beschermingstape om de leidingen vanaf de onderkant van de buitenunit tot de plaats waar de leidingen door de wand naar binnen gaan. Wikkel de tape rond de leidingen met telkens een overlap van een halve breedte van de tape. (zie afb. 8.7)
- Bevestig de bundel tegen de wand met zadels h.o.h. circa 120 cm.
8.5 Afwerken van de installatie
Na completering van tapen en isoleren moet het gat in de muur worden afgedicht met een geschikte kit tegen wind en regen.
9. Ontluchting en proefdraaien
Lucht en vocht die in het koelsysteem blijven zitten hebben ongewenste effecten. Ze moeten daarom volledig worden verwijderd door de volgende stappen uit te voeren.
9.1 Ontluchting met een vacuümpomp (zie afb. 9.1, 9.2)
(1) Controleer dat elke leiding (zowel dunne als dikke leidingen tussen binnen- en buitenunits) goed zijn aangesloten en dat alle bedrading voor het proefdraaien compleet is. Let op dat alle ventielen van de leidingen op de buitenunit in dit stadium gesloten zijn.
(2) Verwijder met een Engelse sleutel of een ringsleutel de afdekkap van de hoofdafsluiter.
(3) Sluit een vacuümpomp aan op de hoofdafsluiter.
(4) Zet de vacuümpomp aan totdat de druk lager is dan 15 Pa (of 1,5 × 10^-4 bar) gedurende 5 minuten.
(5) Maak de aansluiting van de vacuümpomp los van de hoofdafsluiter terwijl de pomp nog steeds draait. Stop vervolgens de vacuümpomp.
(6) Breng de afdekkap weer aan op de hoofdafsluiter en draai deze stevig vast met een Engelse sleutel of ringsleutel.
(7) Verwijder met een Engelse sleutel of een ringsleutel de afdekkap van zowel het kleine als grote ventiel.
(8) Draai met een inbussleutel de afsluiter van het kleine en grote leidingventiel tegen de klok in volledig open.
(9) Breng de afdekkappen weer aan op het kleine en grote ventiel en draai deze stevig vast met een Engelse sleutel of ringsleutel.
9.2 Lekkagetest
Controleer alle aansluitingen en ventielen van binnenen binnenunit met vloeibare zeep. De afdekkap van de vulopening moet minimaal 30 seconden worden gecontroleerd. Verwijder alle zeepresten na de test om te voorkomen dat het de koperen leidingen aantast.
9.3 Afwerken van de leidingen
- Als de lekkagetest een goed resultaat heeft, moet de warmte-isolatie bij de aansluitingen weer goed worden aangebracht.
- Breng de aansluitleidingen recht aan en bevestig ze strak en stevig tegen de wand. Dicht de ruimte rond de leidingen die door de sparing in de wand lopen af met een afdichtingsmateriaal.
9.4 Proefdraaien
De test moet worden uitgevoerd conform de installatie- en onderhoudshandleiding.
WAARSCHUWING
Pas nadat alle controlepunten zijn nagelopen mag de unit in bedrijf worden genomen.
(1) Controleer dat de weerstand van de aansluiting naar de aarde meer dan 1 MΩ is, anders kunt u de unit niet gebruiken voordat het punt waar elektriciteit weglekt is gevonden en gerepareerd.
(2) Controleer dat de afsluiter is geopend voordat de unit wordt gebruikt.
- Zorg dat de buitenunit goed draait en schakel dan de binnenunit in.
- Zet het apparaat aan en stel het in op koelen, drogen of verwarmen afhankelijk van de ruimtetemperatuur. Controleer of het apparaat goed werkt.
De installatie van het apparaat is doorgaans afgerond als bovenstaande punten zijn uitgevoerd. Als u hiermee problemen hebt, neem dan contact op met onze plaatselijke technische onderhoudsdienst voor meer informatie.

text_image
Afb. 8.1 Leiding Ruimer
text_image
Afb. 8.2 Voor Na
text_image
Afb. 8.3 Tapse moeren Leiding Flare-gereedschap
text_image
Afb. 8.5 Verbinding Wartelmoer
text_image
Afb, 8.4 Breng hier een smering van koelmiddel aan.
text_image
Afb. 8.6 Isolatie
text_image
Afb. 8.7 Geisoleerde leidingen Zadel
text_image
Afb. 9.1 Dunne leiding Inbussleutel Dikke leiding Afdekkap van groot ventiel Afdekkap van klein ventiel Hoofdafsluiter Afdekkap van hoofdafsluiter
text_image
Afb. 9.2 Binnenunit Buitenunit Drukmeter Ventiel manometerset Vacuümpomp9.5 Algemeen

WAARSCHUWING
- Gebruik een aardlekschakelaar, anders kan dit een elektrische schok of brand veroorzaken.
- Gebruik het systeem niet voordat alle controlepunten zijn opgelost.
(1) Controleer dat de isolatieweerstand meer dan 1 MΩ is door de weerstand tussen de aarde en de aansluiting van de elektrische onderdelen te meten. Als het niet zo is, mag het systeem niet worden ingeschakeld totdat het punt waar elektriciteit weglekt is gevonden en gerepareerd.
(2) Controleer dat de afsluiters van de buitenunit volledig geopend zijn en start dan het systeem op.
- Let op de volgende zaken als het systeem draait.
(1) Raak geen van de onderdelen van de afvoerzijde van het gas met de hand aan, omdat de compressorkamer en de leidingen aan de afvoerzijde tot een temperatuur hoger dan 90 °C worden verwarmd.
(2) DRUK NIET OP DE KNOP VAN DE MAGNEETSCHAKELAAR(S). Dit kan een ernstig ongeluk veroorzaken.
| Capaciteit(Btu/h) | Stroom-voorziening | afmeting voedingskabel | afm. besturingskabel |
| EN60 335-1 EN60 335-1 | |||
| 18 k (Aan/uit geïntegreerd model) | 220~240 V, 50 Hz | 3 × 1,5 mm^2 | 5 × 1,5 mm^2 |
| 18 k (DC inverter geïntegreerd model) | 220~240 V, 50 Hz | 3 × 1,5 mm^2 | 4 × 0,75 mm^2 |
| 24 k36 k (DC inverter geïntegreerd model) | 220~240 V, 50 Hz | 3 × 2,5 mm^2 | |
| 36 k (Aan/uit geïntegreerd model) | 380~418 V, 50 Hz | 5 × 1,5 mm^2 | |
| 42 k/48 k/60 k | 380~418 V, 50 Hz | 5 × 2,5 mm^2 | |
OPMERKINGEN:
1) Volg de lokale normen en voorschriften bij het kiezen van de bedrading.
2) De in de tabel aangegeven afmetingen van de bedrading zijn bepaald bij de maximale stroom van de unit conform de Europese norm EN60 335-1. Gebruik kabels die niet lichter zijn dan de normale flexibele kabel met hard-rubberen mantel of normale flexibele kabel met polychloropreen mantel (type H07RN-F).
3) Gebruik een afgeschermde kabel voor de zendkabel en sluit het op de aarding aan.
4) Indien voedingskabels in serie geschakeld zijn moet de maximale stroom van elke unit bij elkaar worden opgeteld en dan de kabel in de tabel hieronder worden gekozen.
| Selectie conform EN60 335-1 | |
| Stroom i (A) Draadafmeting (mm2) | |
| i ≤ 6 | 0,75 |
| 6 < i ≤ 10 | 1 |
| 10 < i ≤ 16 | 1,5 |
| 16 < i ≤ 25 | 2,5 |
| 25 < i ≤ 32 | 4 |
| 32 < i ≤ 40 | 6 |
| 40 < i ≤ 63 | 10 |
| 63 < i | *3 |
*Indien de stroom hoger wordt dan 63A, mogen de kabels niet in serie worden geschakeld.
5) Om te voldoen aan de norm EN 61000-3-11 moet het systeem worden aangesloten op een stroomvoorziening met een systeemimpedantie van: | Zsys | ≤0,247 Ω (voor 18 k Aan\Uit geïntegreerd model) | Zsys | ≤0,209 Ω (voor 24 k Aan\Uit geïntegreerd model).
Controleer voordat u het product aansluit op het openbare elektriciteitsnet bij het plaatselijke energiebedrijf of het netwerk aan bovenstaande eisen voldoet.
VERPAKKINGSLIJST
* Niet beschikbaar voor 18 k-modellen.
VERPAKKINGSLIJST BUITENUNIT
| Nr. | NAAM | AANTAL |
| 1. | BUITENUNIT | 1 |
| 2. | AFVOERBOCHT | 1 |

Juiste verwijdering van dit product.
Deze aanduiding geeft aan dat in de gehele EU dit product niet mag worden verwijderd met het gewone huisvuil. Om schade aan het milieu of gezondheid door ongecontroleerde afvalverwijdering te voorkomen moet het op een verantwoordelijke manier worden gerecycled en het duurzame hergebruik van materialen worden bevorderd. Lever het gebruikte apparaat in door gebruik te maken van de retour- en inzamelingssystemen of neem contact op met de dealer waar het product is gekocht. Zij kunnen dit product op een milieuvriendelijke manier recyclen.
HS
Climate
Solutions B.V.




