CF 2456 - Wasmachine ZANKER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CF 2456 ZANKER in PDF-formaat.
| Type product | Lave-linge |
| Model | CF 2456 |
| Merk | Zanker |
| Afmetingen (H x B x D) | 85 x 60 x 60 cm |
| Gewicht | Ongeveer 70 kg |
| Capaciteit | 7 kg |
| Maximale centrifugesnelheid | 1200 tpm |
| Energielabel | A |
| Waterverbruik per cyclus | Gemiddeld 50 liter |
| Spanning | 230 V ~ 50 Hz |
| Aansluitwaarde | 2200 W |
| Waterdruk | 1-10 bar |
| Programma's | Katoen, Synthetisch, Fijne was, Wol, Handwas, Snel 30 min, Eco, Spoelen, Centrifugeren, Pompen |
| Functies | Startuitstel, Kinderslot, Temperatuurkeuze, Centrifugesnelheidkeuze, Halfvol belading |
| Beveiliging | Overloopbeveiliging, Schuimbeveiliging, Onbalanscontrole |
| Onderhoud | Reinig pluisfilter regelmatig, reinig zeepbakje, ontkalken indien nodig |
| Geluidsniveau wassen | 55 dB(A) |
| Geluidsniveau centrifugeren | 75 dB(A) |
| Reparatie en onderdelen | Reserveonderdelen beschikbaar via erkende service |
| Garantie | 2 jaar (standaard) |
Veelgestelde vragen - CF 2456 ZANKER
Gebruikersvragen over CF 2456 ZANKER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Wasmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CF 2456 - ZANKER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CF 2456 van het merk ZANKER.
GEBRUIKSAANWIJZING CF 2456 ZANKER
lees s.v.p. de gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
Let vooral op de veiligheidsaanwijzingen op de eerste bladzijden van deze gebruiksaanwijzing! Bewaar de gebruiksaanwijzing goed om er later nog dingen in na te kunnen slaan. Geef hem door aan de eventuele volgende eigenaar van het apparaat.
Transportschaden
Indien u tijdens de aflevering schade aan het apparaat vastgesteld hebt, meldt u dit dan, vóór u het apparaat installeert en/of in gebruik neemt, direct aan uw leverancier.
Enkele paragrafen in deze handleiding zijn voorzien van symbolen die de volgende betekenis hebben:

Dit symbool vindt u bij belangrijke informatie voor de gebruiksveiligheid van uw machine. Het niet in acht nemen van deze informatie kan schade veroorzaken.

Dit symbool geeft informatie over een juist gebruik van de machine en vertelt u hoe u de beste prestaties van de machine kunt verkrijgen.

Dit symbool geeft belangrijke informatie over milieubescherming.
Onze bijdrage aan het beschermen van het milieu: wij maken gebruik van kringlooppapier.
INHOUD
Waarschuwingen 4-5
Afdanken 5
Tips voor zuinig wassen 5
■ Transportbeveiliging 7
■ Plaatsen 8
■ Watertoevoer 8
■ Waterafvoer 9
■ Elektrische aansluiting 9
Uw nieuwe wasautomaat 10
Beschrijving van de machine 10
■ Controlelampje "deurvergrendeling" 10
■ Wasmiddellade 10
Gebruik 11
■ Bedieningspaneel 11
■ Beschrijving van de bedieningselementen 11-13
■ Het annuleren van een programma 13
■ Wijziging van een draaiend programma 13
■ Deuropening tijdens de programma afwerking 13
■ Adviezen en tips voor het wassen 14
Was niet te lang opsparen 14
Sorteren 14
Temperaturen 14
Hoeveel wasgoed in de trommel? 14
Vóór u het wasgoed in de trommel doet 15
Welke wasmiddelen gebruiken? 15
Traditionele poeder-wasmiddelen 15
Vloeibare wasmiddelen 15
Geconcentreerde poeder-wasmiddelen 16
Wasverzachter 16
Waterontharder 16
■ Volgorde van handelen 17-19
Programmatabel 20-21
Textielbehandelingssymbolen 22
Onderhoud 23
■ De buitenkant 23
■ De wasmiddellade 23
■ Het toevoerfilter 23
■ Het afvoerfilter 24
■ Waterafvoer in noodgevallen 24
■ Voorzorgsmaatregelen bij vorst 24
Eenvoudige storingen 25-27
Deze waarschuwingen zijn bedoeld voor uw en andermans veiligheid. U wordt geacht ze gelezen te hebben, alvorens u het apparaat installeert en/of in gebruik neemt.
Algemene veiligheidsaanwijzingen
- Tracht, in geval van een storing of defect, dit apparaat niet zelf te repareren. Reparaties welke door niet-deskundige personen uitgevoerd worden, kunnen tot schade of letsel leiden. Raadpleeg ELGROEP FABRIEKSSERVICE.
- Netsnoer nooit aan het snoer uit het stopcontact trekken, maar aan de steker.
Installatie
- Alle delen die tot de transportbeveiliging behoren moeten beslist zijn verwijderd, alvorens het apparaat in gebruik te nemen. Ernstige schade aan het apparaat of andere zaken kan het gevolg zijn van het niet of niet geheel verwijderen van de transportbeveiliging.
- Een eventueel noodzakelijke wijziging aan de elektrische huisinstallatie ten behoeve van de installatie van dit apparaat, mag uitsluitend door een daartoe bevoegd persoon uitgevoerd worden.
- Een eventueel noodzakelijke wijziging van de watertoe- en/of afvoervoorzieningen ten behoeve van de installatie van dit apparaat mag uitsluitend door een daartoe bevoegd persoon uitgevoerd worden.
- Overtuig u ervan dat het apparaat na de installatie of het verplaatsen niet op het aansluitsnoer staat.
Gebruik
- Was geen artikelen in de wasautomaat die hier niet voor geschikt zijn. Raadpleeg het textielonderhoudsetiket.
- Overlaad het apparaat niet. Raadpleeg de betreffende adviezen in de gebruiks-aanwijzing.
-
Met vluchtige stoffen, zoals spiritus, benzine, terpentine en dergelijke, gereinigde artikelen mogen niet in de wasautomaat. Indien zulke reinigingsmiddelen gebruikt werden om voortijds vlekken te verwijderen, dan moet met het wassen in de wasautomaat gewacht worden tot het artikel volledig uitgedampt is.
-
Was kleine artikelen, zoals babysokjes, ceintuurs en dergelijke in een sloop. Zulke kleine artikelen kunnen tussen de trommel en de kuip slippen.
- Overtuig u ervan dat, vóór u een kledingstuk in de wasautomaat doet, de borst- en broekzakken leeg zijn, ritssluitingen zijn gesloten en eventueel loshangende knopen verwijderd of eerst aangenaaid zijn. Was geen rafelig of gescheurd goed; herstel het voortijds. Verwijder voortijds verf-, inkt-, roest- en grasvlekken. Was bh's met beugels niet in de wasautomaat.
- Objecten zoals flippo's, munten, veiligheids-spelden, naalden, spijkers, schroeven en andere harde of scherpe materialen behoren niet in de wasautomaat; zij kunnen aanzienlijke schade veroorzaken.
- Wees voorzichtig met wasverzachter. Een te grote dosering kan schade aan het wasgoed toebrengen. Raadpleeg de instructies van de fabrikant van de wasverzachter.
- Kijk, vóór u de vuldeur (voorlader) opent, altijd eerst of het water weggepompt is. Indien dat niet het geval is, laat de machine dan eerst het water afpompen. Raadpleeg in twijfelgeval de gebruiksaanwijzing.
- Laat de vuldeur (voorlader) op een kier staan indien het apparaat niet gebruikt wordt. Dat is beter voor de rubbermanchet en u voorkomt het ontstaan van een muffe lucht.
- Schakel na het gebruik altijd de stroomtoevoer af door, afhankelijk van de wijze van installatie, de steker uit het stopcontact te nemen of de badkamertrekschakelaar op de UIT-stand te schakelen. Draai na het gebruik altijd de watertoevoerkraan dicht.
Bescherming voor kinderen
■Kinderen zien de gevaren in verband met elektrische apparaten vaak niet. Zorg daarom voor toezicht als het apparaat draait en laat kinderen niet met de wasautomaat spelen.
■ Verpakkingsonderdelen (bijv. folie, piepschuim) kunnen voor kinderen gevaarlijk zijn. Verstikkingsgevaar!
Verpakkingsonderdelen weghouden van kinderen.
- De glasdeur kan tijdens het gebruik zeer heet worden. Houd kinderen uit de buurt van het apparaat zolang het in werking is.
- Let erop dat er geen kinderen of kleine dieren in de trommel van het apparaat klimmen. Houd daarom de deur van de wasautomaat gesloten als hij niet gebruikt wordt.
■ Maak het oude apparaat dat u, in afwachting van het weghalen of wegbrengen zolang terzijde zet, onbruikbaar. Knip het netsnoer eraf en verwijder de deursluiting.

AFDANKEN
- Afdanken van de verpakking
Alle met dit symbool gemerkte materialen zijn "milieu-vriendelijk". Ze kunnen zonder bezwaar bij het afval worden gezet.
De kunststoffen kunnen hergebruikt worden en hebben de volgende aanduidingen:
PE< voor polyethyleen
PS< voor polystyreen
PP< voor polypropyleen
Wij adviseren u, het karton in een container voor oud papier te deponeren.
- Afdanken van het apparaat
Informeer bij de gemeente wie het oude apparaat ophaalt of waar u het moet bezorgen, teneinde er zeker van te zijn dat het apparaat zorgvuldig verschrot of gerecycled wordt.

TIPS VOOR ZUINIG WASSEN
- De programma's zonder voorwas zijn bedoeld voor normaal vuil wasgoed. Ze besparen wasmiddel en water in vergelijking met een programma met voorwas.
■ U wast het zuinigst met een volle trommel.
■ Door een geschikte voorbehandeling kunnen vlekken en lichte verontreinigingen verwijderd worden.
■ Doseer het wasmiddel altijd volgens de aanwijzingen van de wasmiddelenfabrikant.
■ Kies voor normaal vuile was het "energiespaar-programma" en voor licht vuile was het kortprogramma.
TECHNISCHE GEGEVENS
| Afmetingen hoogte 85 cm | |
| breedte 60 cmdiepte 60 cm | |
| Maximum vulgewicht Katoen 5 kg | Synthetica 2 kgFijne was 2 kgWol 1 kg |
| Centrifugeertoerental maximum 1000/min. (CF 2056) | |
| 1200/min. (CF 2256)1400/min. (CF 2456) | |
| Netspanning/-Frequentie 220-230 V/50 HzAansluitwaarde 2200 WZekeren met minimaal 10 A | |
| Waterleidingdrukgrenzen | minimum 5 N/cm2maximum 80 N/cm2 |
CE Dit toestel voldoet aan de EG-richtlijn 89/336/EEG, 73/23/EEG
Transportbeveiliging

Het is beslist noodzakelijk dat u de transportbeveiligingen verwijdert voor u de machine in gebruik neemt.
Wij adviseren u de verwijderde delen te bewaren; in geval van verhuizing moeten ze wederom aangebracht worden.
U gaat als volgt te werk:
- Schroef met de sleutel de rechter schroef aan de achterkant van de machine los.
- Leg de machine voorzichtig op z'n achterkant; zodanig dat de slangen niet kunnen beschadigen.

- Verwijder het polystyrene vulblok uit de onderkant van de machine en het plakband waarmee de 2 plastic zakken aan de voorkant van het apparaat bevestigd zijn.
- Trek voorzichtig de rechter plastic zak (1) uit de machine, terwijl hij naar het midden van de machine getrokken wordt. Trek nu ook de linker plastic zak (2) uit de machine.
- Zet de machine rechtop en verwijder de 2 overige schroeven uit de achterwand.
- Verwijder de drie plastic afstandshulzen uit de gaten waar de schroeven in zaten.
- Dicht de vrijgekomen gaten af met de meegeleverde stopsels. U vindt deze stopsels op de achterkant van de machine.

Plaats de machine op een vlakke, harde vloer. Laat een houten vloer met een 5 cm dikke hardhoutenplaat versterken, over tenminste twee draagbalken. De verstevigingsplaat moet aan alle kanten enkele centimeters buiten de machine steken.
Indien de machine op een bovenverdieping geplaatst wordt, neem dan zodanige maatregelen dat bij een eventuele lekkage het water niet naar de verdieping eronder kan lekken. Raadpleeg uw leverancier/installateur. Zorg ervoor dat de machine niet tegen de muur of andere keukenmeubels kan leunen.
Wij gaan er van uit dat de waterkraan, de afvoermogelijkheid en de elektriciteits- voorziening zich binnen het bereik van de machineslangen en het aansluitsnoer bevinden.
Als dat niet zo is, dan adviseren wij u uw installateur de kraan en/of de afvoer en/of het stopcontact te laten verplaatsen.
Stel de machine waterpas op. Dat doet u door middel van het in- of uitdraaien van een of twee van de verstelbare voetjes. Als de machine op tapijt staat, stel de voeten dan zodanig in dat de lucht vrij kan circuleren. Zorg ervoor dat de machine op alle vier de voetjes stevig op de vloer staat: ook dat is zeer belangrijk.

Draai, nadat u eerst het filter (A) in de wartel hebt gelegd, de wartel van de toevoerslang stevig op de ^3/4 " schroefdraad van de kraan.
Het andere eind van de toevoerslang, aan de machinekant, kan naar alle richtingen worden verdraaid. Wartel iets losdraaien, haakse bocht verdraaien en wartel weer stevig vastdraaien.
De toevoerslang mag niet verlengd worden. Mocht de slang te kort zijn en wilt u de kraan niet laten verplaatsen, koop dan een langere, complete, hogedrukslang welke speciaal voor dit doel gemaakt is.


De bocht, aan het eind van de afvoerslang, kunt u op drie manieren plaatsen:
Over de rand van een wasbak. U moet er dan voor zorgen dat de bocht niet, door het snel uitstromende water, van de rand kan schieten.
Bijvoorbeeld door de bocht met een touwtje aan de kraan of aan een haak in de muur op te hangen.
In een aftakking van de wasbakafvoer. Die aftakking moet boven de sifon (stankafsluiter) zitten en zodanig dat de bocht van de slang zich op tenminste 60 cm van de vloer bevindt.
In een afvoerpijp. Wij adviseren een standpijp van 65 cm hoogte; in ieder geval niet lager dan 60 cm en niet hoger dan 90 cm.
Het eind van de afvoerslang moet altijd belucht zijn, dat wil zeggen dat de binnendiameter van de pijp groter moet zijn dan de buitendiameter van het slangeind.
De afvoerslang legt u vanaf de machinekant over de vloer en laat u pas bij de afvoermogelijkheid omhoog lopen.
Elektrische aansluiting
De machine is voor 220-230V / 50Hz gemaakt.
De machine is voorzien van een drie-aderig aansluitsnoer en steker met randaarde.
De steker mag u uitsluitend plaatsen in een stopcontact met randaarde; de machine dient deugdelijk geaard te zijn.
Het aansluitsnoer mag u niet verlengen. Indien het snoer te kort blijkt te zijn, laat uw installateur dan of een langer snoer aan de machine monteren of het stopcontact verplaatsen.
Het gebruik van een verlengsnoer of kabelhaspel is niet toegestaan.
In bad- of doucheruimten moet doorgaans een zogeheten «vaste aansluiting» gemaakt worden; raadpleeg uw installateur.

De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade of letsel, ontstaan door het niet voldoen aan bovenstaande veiligheids-voorschriften.
Het aansluitsnoer mag uitsluitend door de ELGROEP FABRIEKSSERVICE vervangen worden.

Deze nieuwe wasmachine voldoet aan alle eisen voor een moderne behandeling van uw wasgoed, met besparing van water, stroom en wasmiddel.
Doordat de wasmachines de laatste jaren steeds zuiniger zijn geworden met energie, is de wastijd langer geworden. U zult echter merken dat het wasresultaat optimaal is.
- De programmakeuzeknop zorgt voor een eenvoudig gebruik van de wasmachine; hiermee worden zowel de programmafuncties als de temperatuur gekozen.
- De programmaverklikker geeft informatie over het programma dat afgewerkt wordt.
- De automatische sopafkoeling voor het afpompen voorkomt dat de was verkreukelt.
■Het speciale wolprogramma wast uw wolwas, dankzij de heel voorzichtige trommelbeweging, veilig en zonder krimpen. - De onbalans beveiliging zorgt voor een goede stabiliteit van de machine tijdens het centrifugeren.
BESCHRIJVING VAN DE MACHINE
1 Wasmiddellade
2 Bedieningspaneel
3 Controlelampje "deurvergrendeling"
4 Deurhandgreep
5 Afvoerfilter
6 Verstelbare voetjes
Controlelampje "deurvergrendeling"
Het lampje brandt zolang de deur vergrendeld is. U kunt de deur pas openen nadat het lampje is uitgegaan.

Wasmiddellade

Voorwasmiddel

Hoofdwasmiddel

Wasverzachter

Het controlelampje gaat branden wanneer de AAN/UIT-toets ingedrukt is.
2 Toets AAN/UIT
Op deze toets drukken om de machine onder spanning te zetten (inschakelen) en er nogmaals op drukken om het apparaat uit te schakelen.
De toetsen en hun functie
De verschillende functies moeten na het instellen van het programma en vóór het inschakelen van de Start/Pauze-toets gekozen worden.
Als een toets wordt ingedrukt, gaat het betreffende lampje branden. Door nogmaals indrukken gaat het lampje weer uit.
Bij een verkeerde keus knipperen de lampjes ongeveer 3 seconden.
3 Toets "EXTRA SPOELEN"
Deze functie kan voor alle programma's behalve het wolwasprogramma gekozen worden. De machine voert 4 in plaats van 3 spoelgangen uit.
Een extra spoelgang kan gewenst zijn in gebieden met heel zacht water of bij allergie voor wasmiddelen.
4 Toets "SPOELSTOP"
Indien u de functie SPOELSTOP voor witte en bonte was kiest, wordt het laatste spoelwater niet afgevoerd om te voorkomen dat de was verkreukelt: het controlelampje van het programmaverloop knippert aan het einde van het programma en waarschuwt zo dat het water geloosd moet worden.
U kunt hiervoor kiezen uit twee mogelijkheden:
■ op START/PAUZE drukken, de machine pompt het water af en centrifugeert overeenkomstig het type wasgoed (u kunt natuurlijk een lagere centrifugesnelheid kiezen met behulp van de toets "CENTRIFUGEREN")
■ het afvoerprogramma POMPEN kiezen om het water zonder centrifugeren af te voeren.
OPGELET! Voor het kiezen van het programma POMPEN moet de programma-keuzeknop op ANNULEREN gedraaid worden.
Als het water niet afgevoerd wordt, loost de machine het automatisch na 18 uur.
Belangrijk!
De programma's voor synthetica en fijne was eindigen automatisch met spoelstop. Door het indrukken van de SPOELSTOP-toets na het kiezen van deze programma's wordt het water afgepompt en de was kort gecentrifugeerd.
5 Toets "KORT"
Door op deze toets in te drukken verkort u de wastijd. Dit programma is geschikt voor wasgoed dat licht verontreinigd is.
Voor wolwas kan deze optie niet gebruikt worden.
6 Toets "VOORWAS"
De machine voert een voorwas op max. 40°C uit. De voorwas eindigt met kort centrifugeren voor de programma's witte en bonte was, synthetica en voert alleen het water af voor de fijne was.
De voorwas kan niet bij het wolwasprogramma ingesteld worden.
Deze optie kunt u kiezen voor erg vuil wasgoed.
7 Toets "START/PAUZE"
Deze toets beschikt over drie functies:
a) Start
Nadat u het gewenste programma gekozen heeft, drukt u op deze toets om het programma te starten; het betreffende lampje stopt met knipperen.
b) Pauze
Om een draaiend programma te onderbreken drukt u op de START/PAUZE-toets: het betreffende lampje knippert.
Als u weer op de START/PAUZE-toets drukt, wordt het programma hervat vanaf het punt van onderbreking.
c) Water afvoer
Na een programma dat eindigt met water in de trommel (optie SPOELSTOP) of het inweekprogramma, op de START/PAUZE-toets drukken om het water te lozen: na het inweken wordt het water slechts afgevoerd, terwijl in de programma's met SPOELSTOP de machine centrifugeert.
8 Toets "CENTRIFUGEREN"
U stelt hiermee de centrifugeersnelheid in, houdt hierbij rekening met:
■ voor katoen (witte en bonte was), programma's "Spoelen", "Wasverzachten" en "Centrifugeren" is de max. snelheid 1000, 1200, 1400 toeren/min;
■ voor synthetica en wol is de max. snelheid 900 toeren/min;
■ voor fijne was en "Snelwas" is de max. snelheid 700 toeren/min.
9 Indicatie van het programma-verloop
Bij het kiezen van een programma geeft de indicatie van het programmaverloop aan, uit welke onderdelen het programma bestaat. Na begin van het programma geeft de indicatie van het programmaverloop aan, met welk deel van het programma de machine bezig is. Het einde van het programma wordt optisch aangegeven: de deur kan geopend worden.

Het controlelampje ALARM en het controlelampje van de Start/Pauze-toets knipperen om een storing in de functionering van de machine aan te geven. Tegelijkertijd knippert een van de volgende lampjes om het type storing aan te duiden:
■ SPOELSTOP = storing bij de watertoevoer;
■ SPOELEN = storing bij de waterafvoer;
■ HOOFDWAS = deur open.
Raadpleeg het hoofdstuk "Eenvoudige storingen" om het defect op te heffen.
10 Programmakeuzeknop
Deze knop is in 5 sectoren verdeeld:
De programmakeuzeknop kan zowel naar rechts als naar links gedraaid worden.

Symbolen op de keuzeknop
■ E = Energie besparen
- KOUD = De machine wast met koud water.
Het annuleren van een programma
Draai de programmakeuzeknop op "ANNULEREN".
OPLEGET! Na een programma met spoelstopfunctie de programmakeuzeknop op ANNULEREN draaien voordat het programma POMPEN gekozen wordt.
Wijziging van een draaiend programma
Voordat de machine het water begint te verwarmen, d.w.z. binnen de eerste 15 minuten bij een witte en bonte was programma, binnen 10 minuten voor synthetica en fijne was en binnen 5 minuten voor wolwas, kunt u het programma wijzigen.
Om een programma te wijzigen moet u de machine in de PAUZE-stand zetten met behulp van de START/PAUZE-toets.
Draait u dan de programmakiezer op ANNULEREN en daarna op het gewenste programma en drukt u op de Start/Pauze-toets: het programma loopt verder.
Belangrijk!
Wilt u de water van het draaiend programma laten afpompen, dan stelt u eerst ANNULEREN en daarna POMPEN in.
Deuropening tijdens de programma afwerking
De deur kan alleen geopend worden voordat de machine het water begint te verwarmen (binnen 15, 10 of 5 minuten al naar gelang het ingestelde programma - zie vorige paragraaf) en gedurende het spoelprogramma.
Ook hiervoor moet de machine eerst in de PAUZE-stand gezet worden (door op de START/PAUZE-toets te drukken).
Wanneer het betreffende controlelampje op de deur uitgegaan is, kunt u deze opendoen.
Als de deur niet open gaat, betekent dit dat de machine aan het verwarmen is of dat het waterniveau in de machine boven de onderste deurrand uitkomt.
Dit voorkomt dat bij het openen van de deur, het water over de vloer golft.
i Adviezen en tips voor het wassen
Was niet te lang opsparen
In de eerste plaats adviseren wij u wasgoed niet al te lang op te sparen, in ieder geval niet als het vochtig is want het gaat dan schimmelen en veroorzaakt een muffe geur.
Men zegt ook wel dat «het weer er in gekomen is»; weervlekken krijgt u er niet meer uit.
Sorteren
Neemt u vooral even de tijd om de in dit boekje afgedrukte kaart voor de behandelingssymbolen aandachtig te lezen.
Een streep onder de tobbe betekent dat u het artikel niet met de krachtige katoenprogramma's mag wassen.
Was gekleurd goed, met name donker gekleurd, eerst een keer apart. De kans is groot dat het afgeeft.
Sterke kreukherstellende stoffen, zoals polyester/katoen, vallen onder «synthetica».
Tere stoffen, zoals acryl en meestal ook vitrages, vallen onder «fijne was».
Het wolwasprogramma is een speciaal programma voor «zuivere scheerwol». Bij alle andere wolsoorten en mengsels kan niet worden uitgesloten dat deze krimpen en/of vervilten in de wasmachine.
Temperaturen
In principe kiest u voor een bepaalde wasbeurt de soptemperatuur niet hoger dan het gevoeligste stuk wasgoed nog kan verdragen.
95°C: voor witte- of kookecht-gekleurd katoen en linnen, zoals beddegoed, tafellakens, theedoeken, handdoeken, zakdoeken en ondergoed.
Gemakshalve wordt deze groep vaak "witte was" genoemd.
60°C: voor normaal vuile witte was, voor lichtgekleurde bontwas en voor witte- en lichtgekleurde synthetica.
40°C: vrijwel alle textielsoorten kunnen op 40°C gewassen worden.
Ü kiest deze temperatuur ten eerste als dit door het wasetiket aangegeven wordt, bijvoorbeeld voor donkergekleurde textiel en fijne was.
Daarnaast kiest u 40°C als het wasgoed zo weinig vuil is dat het met een lage temperatuur ook nog schoon wordt.
30°C: alhoewel machine-wasbare wol als regel zondermeer op 40°C gewassen mag worden, zult u op het etiket, voorzichtigheidshalve, toch vaak 30°C tegenkomen. Ook bij teer wasgoed, de fijne was, is dat vaak het geval.
Wij adviseren u zich altijd aan de etikettemperatuur te houden.
Hoeveel wasgoed in de trommel?
Wilt u optimale resultaten bereiken, dan adviseren wij u, naast het kiezen van het juiste programma, ook de maximaal toegestane belading van de trommel niet te overschrijden.
Wasgoed droog wegen voor u het in de trommel doet, is erg omslachtig, dus helpen wij u op een andere manier op weg:
- Volle belading (maar niet proppen) voor katoen en linnen.
- Halfvolle of iets meer dan halfvolle belading voor sterke synthetica en mengsels. Ook zogeheten "kreukherstellende stoffen" vallen onder synthetica.
- Eenderde van de trommel voor fijne was en machine-wasbare wol.
In onderstaande tabel geven wij u een indruk wat wasgoed, bestaande uit katoen en linnen, ongeveer weegt.
Voor synthetica, mengsels en fijne was is het onmogelijk om gewichten op te geven, daar deze stoffen zeer verschillend van aard zijn.
Voor machine-wasbare wol geven wij doorgaans een maximum van 1 kilogram op, maar feitelijk bedoelen we dat u wol in "ruim sop" moet wassen.
Tweepersoons laken 700 - 1000 g
Kussensloop 125 - 200 g
Tafellaken 350 - 500 g
Servet 70 - 120 g
Theedoek 75 - 100 g
Badhanddoek 150 - 200 g
Badlaken 700 - 1000 g
Overhemd 200 - 300 g
Schort 150 - 200 g
Vóór u het wasgoed in de trommel doet
Herstel scheuren, gaten en halen voortijds. Naai loshangende knopen eerst aan of knip ze af.
Sluit drukknopen en ritssluitingen.
Was geen rafelig goed; herstel eerst de zomen.
Haal de haken uit vitrage en doe de vitrage in een sloop of linnen zak.
Verwijder voortijds achtergebleven kleine voorwerpen uit borst- en broekzakken.
LET OP
Objecten zoals flippo's, munten, veiligheidsspelden, schroeven en andere harde materialen behoren niet in de wasautomaat; zij kunnen aanzienlijke schade veroorzaken.
Was bh's met beugels niet in de wasautomaat.
Behandel voortijds vlekken die er in de wasautomaat moeilijk of in het geheel niet uit zullen gaan:
Was- en kaarsvet. Zoveel mogelijk met een bot mes voorzichtig afschrapen. Tussen twee papieren zakdoekjes de overgebleven was met de warme strijkbout er uit strijken. Niet te heet bij synthetische stoffen.
Inkt en ballpoint: Deppen met spiritus. De kleur van de stof kan aangetast worden door zowel de inkt als de spiritus.
Weer- en schroeivlekken. Bleken met een verdunde oplossing van bleekwater of chloorbleekmiddel.
Roest. Verwijderen met citroenzuur of een speciaal behandelingsmiddel. Eerst koud spoelen en daarna wassen. Geen wasmiddel met bleekmiddel gebruiken.
Kauwgom. Wegwrijven met ijsblokjes. Restant verwijderen met nagellak-remover. Pas op met remover bij synthetische stoffen.
Verf. Geef de vlek geen kans om op te drogen. Met witte schone katoenen doek en een oplosmiddel (terpentine, wasbenzine of thinner) behandelen.
Lippenstift. Deppen met spiritus. Met fijnwasmiddel nawassen.
Nagellak. Verwijderen met nagellak-remover. Dit is niet mogelijk bij stoffen als acetaat, triacetaat en chloorvezel.
Olie en teer. Met boter insmeren en laten intrekken. Daarna met terpentine deppen.
Gras. Met spiritus vochtig maken en met een zeepoplossing deppen. Als de kleur of de stof er tegen kan, nableken met bleekwater.
Chocolade, thee, wijn, koffie en vruchtensap.
Voorweken in warm water met een biologisch voorweekmiddel. Als het nodig is en de kleur of de stof er tegen kan, nableken met bleekwater.
Vuile kragen of manchetten. Aanstrijken met zeep of een speciaal daarvoor bedoelde spray of pasta. Dan gewoon wassen.
Bloed. Verse vlekken met lauw water uitspoelen. Oude vlekken voorweken met een biologisch voorweekmiddel.
Transpiratie- en deodorantvlekken. Verse vlekken met sodawater deppen. Oude vlekken met azijn of spiritus deppen.
Hars. Met een speciale vlekkenoplosser behandelen. Sterke stoffen, zoals katoen en linnen, met terpentine, wasbenzine of spiritus behandelen.
Het gebruik van verdampende middelen, zoals terpentine, wasbenzine, spiritus, thinner, aceton en dergelijke is gevaarlijk; niet roken en geen open vuur gebruiken.
Doe het karweitje buiten en laat het kledingstuk eerst uitdampen voor u het in de wasautomaat of de droogautomaat doet.
De fabrikant van uw was- of droogautomaat is niet aansprakelijk voor schade of letsel ontstaan door het gebruik van gevaarlijke stoffen.
Welke wasmiddelen gebruiken?
Een gouden regel is: gebruik altijd machine-wasmiddelen, dus nooit handwasmiddel of zeep in de machine.
Een nauwelijks minder belangrijke regel is: probeer gewoon uit welk wasmiddel u het beste bevalt.
Houdt u aanvankelijk aan de doseringen die de fabrikant van het wasmiddel op z'n verpakking aangeeft en let daarbij op de waterhardheid (kunt u opvragen bij het waterleidingbedrijf). Het is de moeite waard om daarna uit te proberen of bij minder doseren uw wasgoed ook nog voldoende schoon wordt. In ieder geval kunt u bij een klein wasje aanzienlijk minder doseren. Er zijn totaal-wasmiddelen voor kook- of bontwas, bleekvrije wasmiddelen voor bontwas, speciale fijnwasmiddelen, machine-wolwasmiddelen en biologische voorwas- of voorweekmiddelen.
Traditionele poeder-wasmiddelen
Deze wasmiddelen doet u in de vakjes Lvoor de voorwas en Lvoor de hoofdwas.
Vloeibare wasmiddelen
Gebruikt u een vloeibaar wasmiddel, dan mag u dat, mits u geen voorwas doet, direct in het vakje Lbor het hoofd wasmiddel gieten. Wel meteen daarna de machine starten.
Vloeibare wasmiddelen zijn zeer geschikt voor lage wastemperaturen, dus 30°C en 40°C. Voor hogere temperaturen, 60°C tot 95°C, adviseren wij u een poedervormig wasmiddel te gebruiken.
Geconcentreerde poeder-wasmiddelen (ULTRA's, MICRO's en dergelijke).
Geconcentreerde wasmiddelen kunt u op dezelfde manier als vloeibare wasmiddelen doseren. Uiteraard past u de hoeveelheid aan, omdat u van deze wasmiddelen minder nodig hebt.
Uw nieuwe machine is van een sopcirculatie- systeem voorzien, waardoor het wasmiddel uitstekend en zonder verspilling verdeeld wordt.
Wasverzachter
Tijdens de laatste spoelgang doseert de machine automatisch een hoeveelheid vloeibare wasverzachter. U hoeft geen wasverzachter te gebruiken maar dit kan soms toch wenselijk zijn. Bijvoorbeeld als u katoen binnenshuis droogt: het wasgoed voelt dan minder stug aan. Of als u synthetisch wasgoed in de machine droogt: het wordt dan niet statisch (knetteren, kleven).
Houdt u aan de aanwijzingen van de fabrikant van de wasverzachter, maar de hoeveelheid wasverzachter mag nooit hoger dan het filternet in het doseervakje of de maximum aanduiding komen.
Erg dikke vloeistof voortijds met wat water verdunnen.
Waterontharder
Water is «harder» naarmate er meer calcium en magnesium in voorkomt. In Nederland wordt de hardheid aangegeven in «DH» (Duitse graden). Op de verpakking van het wasmiddel vindt u, in drie globale zones verdeeld, hoeveel wasmiddel u moet doseren. U ziet dat dat meer is naarmate de hardheid hoger is.
Waterhardheid
| Bereik | Eigenschap | Duitse schaal | Franse schaal |
| 1 | zacht | 0-7 | 0-1,3 |
| 2 | gemiddeld | 8-14 | 1,4-2,5 |
| 3 | hard | 15-21 | 2,6-3,8 |
| 4 | zeer hard | meer dan 21 | meer dan 3,8 |
Kalk slaat uit het water neer op zowel het wasgoed als op machinedelen. Bekend is onder andere het stug worden van wasgoed en het verkalken van het verwarmingselement.
Om dat te voorkomen doet de wasmiddelfabrikant een «kalkbindende» stof in het wasmiddel. Voorheen was dat fosfaat.
Tegenwoordig, om redenen van milieutechnische aard, een fosfaatvervanger.
Het wasmiddel bestaat echter uit vele ingrediënten. Gaat u meer doseren, dan doet u dat feitelijk slechts om meer kalkbindende stoffen aan het water toe te voegen.
Automatisch doseert u dan eigenlijk teveel van al die andere actieve stoffen. U kunt dat verhelpen door minder wasmiddel te doseren en het verschil op te vangen door een onthardingsmiddel, zoals Calgon, mee te doseren. Houdt u zich aan de aanwijzingen van de fabrikant van het onthardingsmiddel.
i Volgorde van handelen
Voer een wasgang zonder wasgoed uit, opdat vetresten (die bij de fabricage zijn ontstaan) uit de wastrommel en de kuip worden verwijderd. Programma: bonte was 60°C, met een halve maatbeker wasmiddel.
1. Doe het wasgoed in de trommel
Open de vuldeur. Doe de stukken wasgoed één voor één in de trommel. Haal opgevouwen wasgoed eerst uit elkaar. Sluit de vuldeur; druk hem goed in het slot.

2. Doe wasmiddel in het vakje
Trek de wasmiddellade uit het bedieningspaneel tot hij stuit.
Meet de gewenste hoeveelheid wasmiddel in een maatbekertje af en giet het in het vakje voor het hoofdwasmiddel
Gaat u ook voorwassen, doe dan een biologisch voorwasmiddel in het vakje Ⓞ

3. Doe, eventueel, wasverzachter in het vakje
Giet, indien gewenst, wasverzachter in het daarvoor bestemde vakje ✿
Overschrijd het niveau MAX niet.

Toets AAN/UIT indrukken om de machine in te schakelen; het lichtnet-controlelampje gaat branden.

5. Het gewenste programma kiezen
Draai de programmaknop op het gewenste programma. De indikatie van het programmaverloop geeft aan, uit welke onderdelen het programma bestaat.


6. De centrifugeersnelheid kiezen
Op de knop drukken tot het bereiken van de gewenste centrifugeersnelheid; het betreffende controlelampje gaat branden.


7. Afhankelijk van het type wasgoed en de verontreiniging hiervan eventueel de functie VOORWAS of KORT kiezen
Het betreffende controlelampje gaat branden.
8. Eventueel de functie EXTRA SPOELEN en/of SPOELSTOP kiezen
Het betreffende controlelampje gaat branden.

9. Het programma starten
Op de START/PAUZE-toets drukken om het ingestelde programma te starten; het betreffende lampje knippert niet meer en het controlelampje van de programmafase, die de machine op dat moment uitvoert, blijft ingeschakeld. Het controlelampje van de deur gaat branden om aan te geven dat de deurbeveiliging werkt. Het programma start na ongeveer 15 seconden.

10. Einde van het programma
De machine stopt automatisch.
Het lampje EINDE, de lampjes van de gezoken centrifugeersnelheid en van gezoken functie blijven branden.
Als u voor de optie SPOELSTOP gekozen heeft, dan knippert het betreffende controlelampje van het programmaverloop en het lampje van de START/PAUZE-toets. U moet het water afpompen voordat u de deur kunt openen.
De machine is uitgerust met een veiligheids- voorziening die ervoor zorgt dat de deur pas 2 à 3 minuten na het beëindigen van het programma geopend kan worden. Wanneer het betreffende controlelampje op de deur uitgegaan is, kunt u deze opendoen.
Het openen van de deur wordt ook aangegeven door geluidssignalen.
Draai de programmakeuzeknop op ANNULEREN.
Schakel de machine uit door de AAN/UIT-toets in te drukken. Het lichtnet-controlelampje gaat uit.
Open de vuldeur en neem het wasgoed uit de trommel.
Controleert u of de trommel helemaal leeg is, anders zou wasgoed bij de volgende wasbeurt kunnen beschadigen (bijv. doorlopen) of op ander wasgoed kunnen afgeven.
Laat de vuldeur enige tijd op een kier staan, zodat de machine uit kan dampen.
PROGRAMMATABEL
WASPROGRAMMA'S
| Soort textiel | Temperatuur | Wasprogramma | Eventuele aanvullende functies | Max. belading | Verbruikswaarden* | ||
| Energie kWh | Water liter | Tijd min. | |||||
| Witte was | 95°-60° | Witgoed, bijvoorbeeld werkkleding die normaal verontreinigd is, bedde-, tafel- en ondergoed, handdoeken | VOORWAS KORT EXTRA-SPOELEN CENTRIFUGEREN SPOELSTOP | 5 kg 2,1 | 58 145 | ||
| Witte was SPAAR E | 60° | Witgoed SPAAR, bijvoorbeeld beddegoed dat kort gebruikt is, licht vuil linnengoed, enz | VOORWAS EXTRA-SPOELEN CENTRIFUGEREN SPOELSTOP | 5 kg 1,4 | 55 135 | ||
| Bonte was | 60°-50°40°-30°KOUD | Normaal gekleurd wasgoed, van linnen of katoen, overhemden, ondergoed, badstof | VOORWAS KORT EXTRA-SPOELEN CENTRIFUGEREN SPOELSTOP | 5 kg 1,15 | 55 130 | ||
| Synthetica | 60°-50°40°-30°KOUD | Synthetica, ondergoed, gekleurde textiel, no-iron overhemden | VOORWAS KORT EXTRA-SPOELEN CENTRIFUGEREN SPOELSTOP | 2 kg 0,8 | 55 85 | ||
| Fijne was | 40°-30° | Voor alle fijne textiel, bijvoorbeeld gordijnen | VOORWAS KORT EXTRA-SPOELEN CENTRIFUGEREN SPOELSTOP | 2 kg 0,45 | 50 65 | ||
| Wol | 40°-30°KOUD | Wol en heel fijn wasgoed met het opschrift "handwas" | CENTRIFUGEREN | 1 kg 0,35 | 40 50 | ||
ENERGIE BESPAREN
In plaats van het programma witte was 95°C kan bij licht tot normaal verontreinigd wasgoed het programma ENERGIE BESPAREN E gekozen worden. De temperatuur wordt op 67°C begrensd en daardoor wordt energie bespaard. De wastijd blijft gelijk.
Het programma Bonte was 60°C is het referentie programma voor de gegevens op het verbruiksetiket, volgens EEGnorm 92/75.
* De verbruikswaarden zijn indicatieve waarden en hangen af van het type en de hoeveelheid wasgoed, van de temperatuur van het leidingwater en van de omgevingstemperatuur. Deze waarden hebben betrekking op de hoogste soptemperatuur welke voor het programma voorzien is.
PROGRAMMATABEL
EXTRA PROGRAMMA'S
| Programma-knop op | Programma voor | Korte beschrijving | Eventuele aanvullende functies | Max. belading | Verbruikswaarden* | ||
| Energie kWh | Water liter | Tijd min. | |||||
| Inweken | Voor erg vuil wasgoed behalve wol | Inweken 40°C SpoelstopAfpompen: START/PAUZE-toets indrukken. Na 18 uur inweken wordt het water automatisch weggepompt | 5 kg 0,7 | 24 30 | |||
| Spoelen | Op de hand gewassen goed kan met dit programma uitgespoeld worden | Compleet spoelprogramma eventueel met wasverzachter. Centrifugeren | CENTRIFUGEREN SPOELSTOP EXTRA SPOELEN | 5 kg 0,12 | 37 (42 voor CF2056) | 50 | |
| Was-verzachten | Voor gewassen textiel dat gesteven moet worden | 1 maal spoelen met wasverzachter Centrifugeren | CENTRIFUGEREN SPOELSTOP | 5 kg 0,05 | 15 (17 voor CF2056) | 18 | |
| Pompen | Waterafvoer van de laatste spoelgang voor de wasprogramma's die eindi-gen met water in de trommel | Water afvoeren | / - - 3 | ||||
| Centrifuge-ren | Aparte centrifugegang voor alle textiel | Centrifugeren | CENTRIFUGEREN | 5 kg 0,03 | - 8 | ||
| Snelwas 30 | Voor licht verontreinigd wasgoed behalve wol | Wassen 30°C 2 maal spoelen Kort centrifugeren 700 toeren/min. | SPOELSTOP CENTRIFUGEREN | 2 kg 0,25 | 30 30 | ||
| Annuleren | Programma annuleren | / | --- | ||||
* De verbruikswaarden zijn indicatieve waarden en hangen af van het type en de hoeveelheid wasgoed, van de temperatuur van het leidingwater en van de omgevingstemperatuur.
WASSEN | 95 95 | 60 60 | 40 40 | 40 | 12 | 13 | |||
| Gewoonprogramma | Anti-kreuk-programma | Gewoonprogramma | Anti-kreuk-programma | Gewoonprogramma | Anti-kreuk-programma | Wolwas-programma | Alleen snellehandwas | Niet wassen, ook niet weken | |
| De getallen in de tobben geven de hoogst toelaatbare temperaturen aan: deze niet overschrijden.Tot de gewone wasprogramma's behoren ook E-, spaar- en halve wasprogramma's.Anti-kreukprogramma's: voor artikelen die synthetische vezels bevatten en/of kreukherstellend zijn gemaakt; machine beladen met de helft van het maximale gewicht. Handwas lauw of koud.Wolwas in de machine: uitsluitend Superwash en alleen met door het internationaal Wol Secretariaat (IWS) goedgekeurdeprogramma's. Belading: 12 tot 12 van het maximale gewicht. | |||||||||
BLEKEN | Koud bleken met bleekwater of geconcentreerd chloorbleekmiddel in verdunde oplossing mogelijk Niet mogelijk | 2 | |||||||
STRIJKEN | Heet strijken | Warm strijken | Lauw strijken | Niet strijken | |||||
| De punten verwijzen naar de punten op de regelknop van het strijkijzer. | |||||||||
CHEMISCHREINIGEN=STOMEN=DRY CLEANING | A P Gewone reiniging | P Speciale reiniging Niet chemisch reinigen | 2 | ||||||
| Artikelen met P of F in de cirkel kunnen meestal niet wordenontvlektmet tetra of tri.De letters zijn vooral bestemd voor de chemisch reiniger. Zij geven het te gebruiken oplosmiddel aan. Reiniging met F is nauwellijks mogelijk.De streep onder de cirkel betekent: lichte belading, hoge vlotverhouding, weinig mechanische beweging, korte reinigings, -spoel- encentrifugeertijden; en vooral: geen water toevoegen. | |||||||||
TROMMEL-DROGEN | Normale textiel | Hittegevoelige textiel | Niet drogen in droogtrommel | ||||||
Meer informatie in het boekje «Textiel ABC», te verkriljgen door overmaking van f 16.25 op glironummer 666402 van VTWS, Delft. Telefoon (015) 261 12 05
ONDERHOUD
1. De buitenkant
De buitenkant van de machine kunt u, naar behoefte, reinigen met een vochtige doek en een neutraal huishoudschoonmaakmiddel.
Moderne schoonmaakmiddelen drogen doorgaans streeploos op.
Nalappen met schoon water en daarna droogzemen.
Belangrijk: Gebruik nooit spiritus, terpentine en dergelijke oplosmiddelen.
2. De wasmiddellade
Wasmiddelen en wasverzachter koeken na verloop van tijd aan.
Maak de wasmiddellade af en toe schoon onder de stromende kraan. U kunt daartoe de lade geheel uit de machine nemen door op de pal, links achterin, in te drukken.
De bovenkant van het vakje voor de wasverzachter kunt u, ten behoeve van het schoonmaken, verwijderen.
Ook in de behuizing van de wasmiddellade kan zich op den duur wasmiddel verzamelen. Maak de binnenkant met een oude tandenborstel schoon.
Plaats de lade terug in z'n behuizing en laat de machine, zonder wasgoed, een spoelgang doen.

3. Het toevoerfilter
Wanneer u merkt dat de machine langer over het wateropnemen gaat doen, verdient het aanbeveling om het toevoerfilter te controleren op verstopping.
Daartoe draait u eerst de kraan dicht en vervolgens draait u de slangwartel van de kraan af.
Trek nu het filter uit z'n behuizing.
Reinig het met een borsteltje en plaats het weer terug.
Het afvoerfilter is bedoeld voor het opvangen van grove pluis en rafels. Raakt het filter verstopt, dan zal onherroepelijk programmastoring optreden.
Controleer regelmatig of het filter schoon is. Open het klepje.
Plaats een schaaltje onder het filter en schroef het filter linksom los.
Trek het filter uit het filterhuis.
Reinig het filter onder de stromende kraan.

Als de machine niet leegpompt (afvoerpomp geblokkeerd of afvoerleiding verstopt) moet u als volgt te werk gaan om het water uit de machine te lozen:
■ haal de steker uit het stopcontact
■ draai de waterkraan dicht
■ wacht (indien nodig) totdat het zeepsop afgekoeld is
- plaats een bakje onder het filter om het water op te vangen
- draai het filter voorzichtig los zodat het water rustig uit de machine kan stromen.
6. Voorzorgsmaatregelen bij vorst
Indien de wasautomaat wordt blootgesteld aan temperaturen onder 0°C moeten enkele voorzorgsmaatregelen worden getroffen.
■ Draai de waterkraan dicht en schroef de toevoerslang los.
■ Leg het uiteinde van de toe- en afvoerslang in een bak.
■ Stel het programma "POMPEN" in en laat de machine tot aan het einde draaien.
■ Draai de programmakeuzeknop op ANNULEREN.
- Schakel de machine uit. - Draai de wartel van de toevoerslang weer stevig op de kraan en breng ook de afvoerslang weer op zijn plaats aan.
Het water dat in de leidingen is achtergebleven, wordt op deze manier afgevoerd en hiermee wordt voorkomen dat er ijsvorming optreedt die de machine kan beschadigen.
Controleer, wanneer u de wasautomaat opnieuw wilt gebruiken, of de omgevingstemperatuur hoger dan 0°C is.
EENVOUDIGE STORINGEN
Ga, alvorens de Servicedienst in te schakelen, eerst even na of u de storing zelf kunt verhelpen. Tijdens de werking van de machine kan het ALARM controlelampje, het lampje van de Start/Pauze-toets en een van de volgende lampjes gaan knipperen:
SPOELSTOP: Storing tijdens de watertoevoer
SPOELEN: Storing bij de waterafvoer
HOOFDWAS: Deur open
Nadat u eventuele oorzaken verwijderd heeft, drukt u op de START/PAUZE-toets om het onderbroken programma te hervatten. Indien de storing niet opgeheven kan worden, contact opnemen met het servicecentrum.
| Storingen Mogelijke oorzaken | |
| -De machine start niet: | Is de vuldeur goed gesloten?Is de betreffende groepzekering heel?Is de START/PAUZE-toets ingedrukt?Is de programmakiezer juist ingesteld? |
| -De machine neemt geen water op: | Staat de waterkraan open?Geeft de kraan water? Probeert u dat even uit.Toevoerslang bekneld of geknikt geraakt?Toevoerfilter verstopt?Vuldeur goed gesloten? |
| -De machine neemt wel water op, maar dat stroomt er door de afvoer weer uit: | Het uitstroomeind van de afvoerslang bevindt zich op een te laag punt, ten opzichte van de vloer waarop de machine staat. Raadpleeg het betreffende hoofdstuk. |
| -De machine pompt niet af en/of centrifugeert niet: | Afvoerslang bekneld of geknikt geraakt?Programma met spoelstop gekozen?Afvoerfilter verstopt?Wasgoed niet goed verdeeld in de trommel? |
| -Er ligt water op de vloer: | Teveel wasmiddel gebruikt?Wasmiddel is ongeschikt omdat het teveel schuimt? Teveel schuim veroorzaakt lekkage.Een van de toevoerslangwartels lekt? U ziet nauwelijks dat er water langs de slang loopt; voelt u dus even of de slang nat is.Is de wasmiddellade schoon? |
| -De machine dreunt of is erg luidruchtig: | Zijn alle transportbeveiligingen verwijderd?Leunt de machine ergens tegenaan?Staan alle stelvoeten stevig op de vloer?Wasgoed niet goed verdeeld in de trommel? |
| •De deur kan niet geopend worden: | Is de machine in bedrijf?Is de deur nog vergrendeld? Het deur-controlelampje brandt nog.Het waterniveau in de machine komt boven de onderkant van de deur uit.De machine is aan het verwarmen. |
| •Het centrifugeren begint traag of helemaal niet: | Het elektronische stabilisatie-controlesysteem is in werking getreden. Het wasgoed wordt, doordat de draairichting van de trommel gewijzigd wordt, losgemaakt, beter verdeeld en er wordt opnieuw met centrifugeren begonnen. Dit kan herhaaldelijk het geval zijn, totdat de onbalans opgeheven is en het centrifugeren definitief afgewerkt kan worden, eventueel met een lager toerental als het wasgoed nog niet goed verdeeld is.Indien het wasgoed na 15 minuten niet losgemaakt is, wordt het niet gecentrifugeerd. In dit geval moet u zelf het wasgoed beter in de trommel verdelen en opnieuw het centrifugeerprogramma kiezen. |
| •De machine maakt een ongewoon geluid: | De machine heeft een modern aandrijfsysteem, dat in vergelijking met oudere wasautomaten een afwijkend geluid maakt. Het nieuwe aandrijfsysteem maakt de trage aanloop bij centrifugeren mogelijk. Hierdoor wordt de stabiliteit verbeterd. |
| •In de trommel is geen water te zien: | Moderne wasmachines werken heel zuinig met lage waterniveaus. Was- en spoelresultaat zijn desondanks uitstekend. |
| •Het wasresultaat is niet als gewoonlijk: | Misschien hebt u te weinig of te veel wasmiddel gedoseerd.Onderdosering leidt tot vergrauwing van het wasgoed en tot kalkaanslag in het toestel. Nauwkeuriger doseren!Hebt u bijzondere vlekken voorbehandeld?Hebt u het juiste programma en de juiste temperatuur gekozen?Is de machine overbeladen? |
| •Na beëindiging van het programma zijn op het wasgoed witte wasmiddelresten te zien: | Hierbij gaat het meestal om onoplosbare bestanddelen van moderne wasmiddelen. Ze zijn niet het gevolg van een onvoldoende spoeleffect.Mogelijke oplossingen: uitborstelen of uitschudden, evt. ook het wasgoed binnenste buiten wassen. |
| •Na de laatste spoelgang is nog schuim zichtbaar: | • Moderne wasmiddelen kunnen ook in het laatste spoelwater nog schuim veroorzaken, wat echter geen invloed op het spoelresultaat heeft. |
Kunt u de storing niet zelf opsporen of verhelpen, raadpleegt u dan de servicedienst. Noteer, voor u gaat telefoneren, even merk, modelnummer en aankoopdatum van uw machine; de servicedienst zal u er om vragen.

WASSEN
BLEKEN
STRIJKEN
CHEMISCHREINIGEN=STOMEN=DRY CLEANING
TROMMEL-DROGEN