SF 6450 - Wasmachine ZANKER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis SF 6450 ZANKER in PDF-formaat.
| Merk | Zanker |
| Model | SF 6450 |
| Type apparaat | Wasmachine, voorlader |
| Afmetingen (h x b x d) | 85 cm x 60 cm x 59 cm |
| Gewicht | Ongeveer 70 kg |
| Netspanning | 220-230 V / 50 Hz |
| Aansluitwaarde | 2200 W |
| Zekering | Minimaal 10 A |
| Maximale belading (katoen) | 5 kg |
| Maximale belading (synthetica) | 2,5 kg |
| Maximale belading (fijne was) | 2,5 kg |
| Maximale belading (wol) | 2 kg |
| Centrifugetoerental (max) | 1400 omw/min |
| Programma's | Witte was, Bonte was, Synthetica, Fijne was, Wol, Snelwas, Spoelen, Pompen, Centrifugeren |
| Extra functies | Voorwas, Extra kort, Derma+, Extra spoelen, Inweken, Starttijdkeuze (uitgestelde start tot 23u), Spoelstop |
| Waterstop-systeem | Ja, op toevoerslang |
| Deurvergrendeling | Ja, met controlelampje |
| Kinderbeveiliging | Deurslot uitschakelbaar (knopje aan binnenkant deur) |
| Watertoevoerdruk | Minimum 50 kPa, maximum 800 kPa |
| Waterafvoer | Afvoerslang maximaal 400 cm, standpijp 65 cm aanbevolen |
| Energieklasse | Niet vermeld (referentieprogramma: Witte was spaar 60°C/ECO) |
| Geluidsniveau | Niet gespecificeerd |
| Onderhoud | Reinig zeepbakje, controleer filter en pomp regelmatig |
| Reparatie | Neem contact op met Elgroep Fabrieksservice |
Veelgestelde vragen - SF 6450 ZANKER
Gebruikersvragen over SF 6450 ZANKER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Wasmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SF 6450 - ZANKER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SF 6450 van het merk ZANKER.
GEBRUIKSAANWIJZING SF 6450 ZANKER
Lees deze gebruiksaanwijzing aandachtig door.
Lees vooral de aanwijzingen m.b.t. de veiligheid op de eerste pagina's van deze gebruiksaanwijzing! Bewaar de gebruiksaanwijzing goed, zodat u nog eens iets kunt nalezen en geef hem door aan een eventuele volgende eigenaar van het toestel.
Transportschaden
Indien u tijdens de aflevering schade aan het apparaat vastgesteld hebt, meldt u dit dan, vóór u het toestel installeert en/of in gebruik neemt, direct aan uw leverancier.
Enkele paragrafen in deze gebruiksaanwijzing zijn voorzien van symbolen die de volgende betekenis hebben:

Met de waarschuwingsdriehoek geven wij aanwijzingen die belangrijk zijn voor uw veiligheid of voor het functioneren van de machine. Let goed op deze aanwijzingen.

Bij dit symbool vindt u aanvullende informatie m.b.t. bediening en praktisch gebruik van het toestel.

Dit symbool staat voor tips en aanwijzingen m.b.t. economisch en milieuvriendelijk gebruik van het toestel.
Onze bijdrage aan het beschermen van het milieu: wij maken gebruik van kringlooppapier.
Inhoud
Waarschuwingen 4-5
Afvalverwerking 5
Milieutips 5
• Transportbeveiliging 7
- Plaatsen 7
- Watertoevoer 8
- Waterafvoer 8
• Elektrische aansluiting 8
Uw nieuwe wasautomaat 9
Beschrijving van de machine 9
- Controlelampje "deurvergrendeling" 9
• Wasmiddellade 9
Gebruik 10
• Bedieningspaneel 10
- Beschrijving van de bedieningselementen 10-13
- Het einde van het programma 13
- Het wijzigen van het programma 13
- Het onderbreken van het programma 13
- Het annuleren van het programma 13
- Het openen van de deur tijdens een lopend programma 13
- Informatie over de programma's 14
- Adviezen en tips voor het wassen 15
Was niet te lang opsparen 15
Sorteren 15
Temperaturen 15
Hoeveel wasgoed in de trommel? 15
Vóór u het wasgoed in de trommel doet 16
Welke wasmiddelen gebruiken? 16
Traditionele poeder-wasmiddelen 17
Vloeibare wasmiddelen 17
Geconcentreerde poeder-wasmiddelen 17
Wasverzachter 17
Waterontharder 17
• Volgorde van handelen 18-19
Textielbehandelingssymbolen 20
Programmatabel 21-22
Onderhoud 23
• De buitenkant 23
- De deur 23
• De wasmiddellade 23
- Het toevoerfilter 23
- Het afvoerpomp 23
● Waterafvoer in noodgevallen 24
- Voorzorgsmaatregelen bij vorst 24
Eenvoudige storingen 25-26
[Non-Text]
⚠️ Aanwijzingen m.b.t. de veiligheid
Deze aanwijzingen zijn bedoeld voor uw en andermans veiligheid. U wordt geacht ze gelezen te hebben, alvorens u het apparaat installeert en/of in gebruik neemt.
Installatie
- Alle delen die tot de transportbeveiliging behoren moeten beslist zijn verwijderd, alvorens het apparaat in gebruik te nemen. Ernstige schade aan het apparaat of andere zaken kan het gevolg zijn van het niet of niet geheel verwijderen van de transportbeveiliging.
- Een eventueel noodzakelijke wijziging aan de elektrische huisinstallatie ten behoeve van de installatie van dit apparaat, mag uitsluitend door een daartoe bevoegd persoon uitgevoerd worden.
- Een eventueel noodzakelijke wijziging van de watertoe- en/of afvoervoorzieningen ten behoeve van de installatie van dit apparaat mag uitsluitend door een daartoe bevoegd persoon uitgevoerd worden.
- Overtuig u ervan dat het apparaat na de installatie of het verplaatsen niet op het aansluitsnoer staat.
Gebruik
- Was geen artikelen in de wasautomaat die hier niet voor geschikt zijn. Raadpleeg het textielonderhoudsetiket.
- Overlaad het apparaat niet. Raadpleeg de betreffende adviezen in de gebruiksaanwijzing.
- Met vluchtige stoffen, zoals spiritus, benzine, terpentine en dergelijke, gereinigde artikelen mogen niet in de wasautomaat. Indien zulke reinigingsmiddelen gebruikt werden om voortijds vlekken te verwijderen, dan moet met het wassen in de wasautomaat gewacht worden tot het artikel volledig uitgedampt is.
-
Was kleine artikelen, zoals babysokjes, ceintuurs en dergelijke in een sloop. Zulke kleine artikelen kunnen tussen de trommel en de kuip slippen.
-
Overtuig u ervan dat, vóór u een kledingstuk in de wasautomaat doet, de borst- en broekzakken leeg zijn, ritssluitingen zijn gesloten en eventueel loshangende knopen verwijderd of eerst aangenaaid zijn. Was geen rafelig of gescheurd goed; herstel het voortijds. Verwijder voortijds verf-, inkt-, roest- en grasvlekken. Was bh's met beugels niet in de wasautomaat.
- Objecten zoals flippo's, munten, veiligheidsspelden, naalden, spijkers, schroeven en andere harde of scherpe materialen behoren niet in de wasautomaat; zij kunnen aanzienlijke schade veroorzaken.
- Wees voorzichtig met wasverzachter. Een te grote dosering kan schade aan het wasgoed toebrengen. Raadpleeg de instructies van de fabrikant van de wasverzachter.
- Kijk, vóór u de vuldeur (voorlader) opent, altijd eerst of het water weggepompt is. Indien dat niet het geval is, laat de machine dan eerst het water afpompen. Raadpleeg in twijfelgeval de gebruiksaanwijzing.
- Laat de vuldeur (voorlader) op een kier staan indien het apparaat niet gebruikt wordt. Dat is beter voor de rubbermanchet en u voorkomt het ontstaan van een muffe lucht.
- Schakel na het gebruik altijd de stroomtoevoer af door, afhankelijk van de wijze van installatie, de stekker uit het stopcontact te nemen of de badkamertrekschakelaar op de UIT-stand te schakelen. Draai na het gebruik altijd de watertoevoerkraan dicht.
Algemene veiligheid
- Tracht, in geval van een storing of defect, dit apparaat niet zelf te repareren. Reparaties welke door niet-deskundige personen uitgevoerd worden, kunnen tot schade of letsel leiden. Raadpleeg ELGROEP FABRIEKSSERVICE.
- Netsnoer nooit aan het snoer uit het stopcontact trekken, maar aan de stekker.
Veiligheid van kinderen
- Kinderen zien de gevaren niet die ontstaan door ondeskundige omgang met elektrische toestellen. Zorg daarom voor het nodige toezicht als de machine aanstaat en laat kinderen niet met de machine spelen - ze zouden zichzelf of andere kinderen in de machine kunnen opsluiten.
- Houd de verpakking uit de buurt van kinderen; vooral folie en styropor kunnen gevaren opleveren. Verstikkingsgevaar!
- Controleer altijd eerst of de trommel leeg is voordat u het wasgoed erin doet. Kinderen of huisdieren kunnen zich in de machine verstoppen. Om dit te voorkomen kunt u sluiting van de deur verhinderen door het knopje aan de binnenkant van de deur naar rechts te draalen zodat de inkeping horizontaal komt. Gebruik hiervoor zonodig een muntstuk.
Om deze beveiliging uit te schakelen en de deur te kunnen sluiten, draait u het knopje naar links zodat de inkeping verticaal komt.

- Als u het toestel afdankt, maak het dan dadelijk onbruikbaar: stekker uit het stopcontact trekken, aansluitsnoer afsnijden en weggooien. Maak bovendien het deurslot onbruikbaar. Zo kunnen kinderen zichzelf of andere kinderen niet in de machine opsluiten.

Afvalverwerking
Verpakkingsmateriaal
Alle gebruikte verpakkingsmaterialen zijn niet milieu-onvriendelijk en kunnen zonder gevaar bij het afval worden gezet.
De kunststoffen kunnen hergebruikt worden en hebben de volgende aanduidingen:
PE<=voor polyethyleen
PS<=voor polystyreen
PP<=voor polypropyleen
Het karton kunt u het beste in een container voor oud papier deponeren.
Oude machine
Informeer bij uw gemeente naar de mogelijkheden voor afvalverwerking in uw woonplaats.

Milieutips
- Normaal verontreinigd wasgoed hoeft u niet voor te wassen. Zo bespaart u wasmiddel, water en tijd (en u ontziet het milieu).
- De wasautomaat werkt het zuinigst met een volle trommel.
-
Door een geschikte voorbehandeling kunnen vlekken en lichte verontreinigingen verwijderd worden. Dan kunt u op een lagere temperatuur wassen.
-
Doseer het wasmiddel altijd volgens de aanwijzingen van de wasmiddelenfabrikant.
- Was normaal verontreinigde witte was op de Estand.
- Kies voor licht vuile was een kortprogramma.
Technische gegevens
| Afmetingen hoogte 85 cm | |
| breedte 60 cmdiepte 59 cm | |
| Maximum vulgewicht Katoen 5 kg | |
| Synthetica 2,5 kgFijne was 2,5 kgWol (Handwas) 2 kg | |
| Centrifugeertoerental maximum 1200/min. (SF 6250) | |
| 1400/min. (SF 6450)1600/min. (SF 6650) | |
| Netspanning/-Frequentie 220-230 V/50 HzAansluitwaarde 2200 WZekeren met minimaal 10 A | |
| Waterleidingdrukgrenzen minimum 50 kPamaximum 800 kPa | |
CE Dit toestel voldoet aan de EG-richtlijn 89/336/EEG, 73/23/EEG
Installatie
Transportbeveiliging

Het is beslist noodzakelijk dat u de transportbeveiligingen verwijdert voor u de machine in gebruik neemt.
Wij adviseren u de verwijderde delen te bewaren; in geval van verhuizing moeten ze wederom aangebracht worden.
U gaat als volgt te werk:
- Schroef met de sleutel de twee onderste schroeven aan de achterkant van de machine los.
- Verwijder de twee afstandshulzen.
- Leg de machine voorzichtig op de achterkant; zodanig dat de slangen niet kunnen beschadigen.

- Verwijder het polystyreen vulblok uit de onderkant van de machine en maak de 2 plastic zakken aan de voorkant van de machine los.
- Trek de linker plastic zak voorzichtig naar rechts en dan naar beneden om hem te verwijderen.


- Trek de rechter plastic zak voorzichtig naar links en dan naar boven om hem te verwijderen.

- Zet de machine rechtop en verwijder de bovenste schroef uit de achterwand. Verwijder debetreffende huls.
- Dicht de gaten af met de doppen die bij de gebruiksaanwijzing verpakt zijn.

Plaats de machine op een vlakke, harde vloer. Laat een houten vloer met een 5 cm dikke hardhoutenplaat versterken, over tenminste twee draagbalken. De verstevigingsplaat moet aan alle kanten enkele centimeters buiten de machine steken.
Indien de machine op een bovenverdieping geplaatst wordt, neem dan zodanige maatregelen dat bij een eventuele lekkage het water niet naar de verdieping eronder kan lekken.
Raadpleeg uw leverancier/installateur.
Zorg ervoor dat de machine niet tegen de muur of andere keukenmeubels kan leunen.
Wij gaan er van uit dat de waterkraan, de afvoermogelijkheid en de elektriciteitsvoorziening zich binnen het bereik van de machineslangen en het aansluitsnoer bevinden. Als dat niet zo is, dan adviseren wij u uw installateur de kraan en/of de afvoer en/of het stopcontact te laten verplaatsen. Stel de machine waterpas op. Dat doet u door middel van het in- of uitdraaien van de verstelbare voetjes. Als de machine op tapijt staat, stel de voeten dan zodanig in dat de lucht vrij kan circuleren. Zorg ervoor dat de machine op alle vier de voetjes stevig op de vloer staat: ook dat is zeer belangrijk.

Draai de wartel van de meegeleverde toevoerslang stevig op de 3/4" schroefdraad van de kraan. Gebruik alleen nieuwe slangen voor de watertoevoer.
Waterstop-systeem
De watertoevoerslang is met een «waterstop-systeem» uitgerust. Zou, door natuurlijke veroudering, de binnenslang lek raken, dan blokkeert het systeem de watertoevoer.
Het optreden van deze storing kunt u zien aan een rode sector in de venstertjes «A» (links en rechts). Sluit de waterkraan en vervang de slang in z'n geheel tegen een nieuwe.

Het andere eind van de toevoerslang, aan de machinekant, kan naar alle richtingen worden verdraaid. Wartel iets losdraaien, haakse bocht verdraaien en wartel weer stevig vastdraaien.

De toevoerslang mag niet verlengd worden. Mocht de slang te kort zijn en wilt u de kraan niet laten verplaatsen, koop dan een langere, complete, hogedrukslang welke speciaal voor dit doel gemaakt is.
Waterafvoer
De bocht, aan het eind van de afvoerslang, kunt u op drie manieren plaatsen:
Over de rand van een wasbak. U moet er dan voor zorgen dat de bocht niet, door het snel uitstromende water, van de rand kan schieten.
Bijvoorbeeld door de bocht met een touwtje aan de kraan of aan een haak in de muur op te hangen.

In een aftakking van de wasbakafvoer. Die aftakking moet boven de sifon (stankafsluiter) zitten en zodanig dat de bocht van de slang zich op tenminste 60 cm van de vloer bevindt.
In een afvoerpijp. Wij adviseren een standpijp van 65 cm hoogte; in ieder geval niet lager dan 60 cm en niet hoger dan 90 cm.
Het eind van de afvoerslang moet altijd belucht zijn, dat wil zeggen dat de binnendiameter van de pijp groter moet zijn dan de buitendiameter van het slangeind.
U mag de afvoerslang verlengen tot een maximale totale lengte van 400 cm. Gebruik een verlengslang van tenminste dezelfde binnendiameter als de originele slang en gebruik een koppeling die voor dat doel bestemd is.

De afvoerslang mag niet geknikt zijn.
Voor een goede werking van de machine moet de afvoerslang worden vastgehaakt op de steun die zich bovenaan de achterzijde van het apparaat bevindt.
Elektrische aansluiting
De machine is voor 220-230V / 50Hz gemaakt. De machine is voorzien van een drie-aderig aansluitsnoer en stekker met randaarde.
De stekker mag u uitsluitend plaatsen in een stopcontact met randaarde; de machine dient deugdelijk geaard te zijn.
Het aansluitsnoer mag u niet verlengen. Indien het snoer te kort blijkt te zijn, laat uw installateur dan of een langer snoer aan de machine monteren of het stopcontact verplaatsen.
Het gebruik van een verlengsnoer of kabelhaspel is niet toegestaan. In bad- of doucheruimten moet doorgaans een zogeheten «vaste aansluiting» gemaakt worden; raadpleeg uw installateur.

De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade of letsel, ontstaan door het niet voldoen aan bovenstaande veiligheidsvoorschriften.
Het aansluitsnoer mag uitsluitend door de ELGROEP FABRIEKSSERVICE vervangen worden.
Het aansluitsnoer moet gemakkelijk te bereiken zijn nadat de machine geïnstalleerd is.
Uw nieuwe wasautomaat
Deze nieuwe wasmachine voldoet aan alle eisen voor een moderne behandeling van uw wasgoed, met besparing van water, stroom en wasmiddel. Doordat de wasmachines de laatste jaren steeds zuiniger zijn geworden met energie, is de wastijd langer geworden. U zult echter merken dat het wasresultaat optimaal is.
- De indicatie van het programmaverloop geeft informatie over het programma dat afgewerkt wordt.
- De automatische sopafkoeling op 60° C in het witte was-programma voor het afpompen voorkomt dat kunststof afvoerbuizen vervormen.
- Het speciale wolprogramma behandelt wollen goed uiterst voorzichtig.
- Stabilisatie-controlesysteem: stabiliteit en rustige loop.
- De "spaarklep" zorgt ervoor dat het wasmiddel geheel wordt gebruikt en reduceert het waterverbruik; zo wordt energie bespaard.
Beschrijving van de machine
1 Wasmiddellade
2 Bedieningspaneel
3 Controlelampie "deurvergrendeling"
4 Deurhandgreep
5 Afvoerpomp
6 Verstelbare voetjes
Controlelampje "deurvergrendeling"
De deur blijft gedurende het gehele wasprogramma vergrendeld. De deur kan alleen geopend worden onder bepaalde omstandigheden en als het deurlampje uit is (zie blz. 13).
Wasmiddellade
W Voorwasmiddel
Hoofdwasmiddel
Wasverzachter


Gebruik
Bedieningspaneel

1 Wasmiddellade
Keuzetoetsen
Afhankelijk van het programma kunnen verschillende functies met elkaar gecombineerd worden.
Deze moeten worden gekozen nadat het programma is ingesteld en voordat toets START/PAUZE wordt ingedrukt.
Als een toets wordt ingedrukt, gaat het betreffende lampje branden. Als de toets nogmaals wordt ingedrukt, gaat het lampje uit.
Als het lampje ca. 2 seconden knippert, betekent dat dat een onjuiste keuze is gemaakt: in het multidisplay verschijnt code Err.
2 Programmakiezer
Deze knop is in 5 sectoren verdeeld:
De programmakiezer kan zowel naar rechts als naar links gedraaid worden.

Symbolen op de keuzeknop
• ECO = Energie besparen
- KOUD = D e machine wast met koud water.
- UIT = Programma annuleren, machine uitschakelen.
Aan het einde van het programma moet de programmakiezer op UIT gedraaid worden.
3 CENTRIFUGEREN ©
Door indrukken van deze toets kunt u het maximale centrifugetoerental voor het ingestelde programma reduceren of functie SPOELSTOP kiezen.
Het lampje dat overeenkomt met de gekozen stand, gaat branden.
De centrifugetoerentallen zijn aangepast aan de betreffende textielsoort.
SF 6250 - SF 6450 - SF 6650
- Witte en bonte was:
500/700/900 max 1200 of 1400 resp.
1600 toeren/min.
• Synthetica/Wol: 500/700 max 900 toeren/min. - Fijne was: 500 max 700 toeren/min.
SPOELSTOP
Als u deze optie kiest blijft het wasgoed in het laatste spoelwater liggen; het wordt niet gecentrifugeerd.
Na beëindiging van het programma brandt het lampje "spoelstop" in de indicatie van het programmaverloop.
Het lampje START/PAUZE gaat uit en het lampje
voor de olie blijft branden. Om het programma te stoppen, moet u de toets tot UIT draaien en dan het programma POMPEN of de programma's KORT CENTRIFUGEREN of LANG CENTRIFUGEREN kiezen.
4 VOORWAS
Voorwassen op max. 30°C vóór de automatisch volgende hoofdwas (kan niet bij instelling WOL gekozen worden).
De voorwas eindigt met een korte centrifugegang bij de programma's witte/bonte was en synthetica en met alleen pompen bij fijne was.
5 EXTRA KORT
Als u deze toets indrukt, worden de wastijden als volgt verminderd:
• 46 minuten voor witte was op 95°C
• 46 minuten voor bonte was op 60°C
- 23 minuten voor synthetica op 60°C
- 25 minuten voor fijne was op 40°C
Dit programma is geschikt voor wasgoed dat licht verontreinigd is. Deze functie kan niet bij instelling WOL en bij de energie-spaarprogramma's ECO gekozen worden.
6 DERMA +
De DERMA + functie kan alleen geselecteerd worden voor katoenen en synthetische programma's. De wasmachine spoelt een extra keer en reduceert de beweging tijdens het wassen.
7 EXTRA SPOELEN
In alle programma's mogelijk behalve voor WOL. De machine voert 2 extra spoelgangen uit. Aanbevolen voor personen die allergisch zijn voor wasmiddelen en in gebieden met heel zeacht water.
8 INWEKEN
Tijsduur van het inweken: omgeveer 30 minuten bij 30°C. Met de toets STARTTIJDKEUZE kunt u de in weektijd verlengen tot maximaal 10 uur, hierna voert de machine automatisch de hoofdwas uit. Deze optie kan niet gekozen worden bij het programma WOL em samen met de functie VOORWAS. Het inweken eindigt met een korte centrifugegang bij de programma's witte/bonte was en synthetica en met alleen pompen bij de fijne was programma's.
Dit display geeft de volgende informatie:
Duur van het ingestelde programma - uitgestelde starttijd - foutieve keuze - fout code.
Duur van het gekozen programma
Nadat u het programma gekozen heeft, toont het display de duur van het programma in uren en minuten (bijvoorbeeld 2.05).

De duur is berekend op de maximum belading voor elk type wasgoed.
Na het starten van het programma (nadat u op START/PAUZE gedrukt heeft) loopt de tijd per minuut terug.
De duur van het programma is afhankelijk van verschillende factoren zoals de hoeveelheid wasgoed, de watertemperatuur en de schuimvorming. Deze gegevens worden elektronisch geregistreerd en de overblijvende tijd wordt hieraan aangepast.
Wanneer het programma beëindigd is en de deur ontgrendeld, knippert op het display het cijfer nul.
STARTTIJDKEUZE
De uitgestelde starttijd (maximaal 23 uur) wordt door middel van de betreffende toets ingesteld en 3 seconden lang op het display aangegeven, hiema verschijnt opnieuw de duur van het gekozen programma. De starttijd telt eerst terug in stappen van 30'-60'-90' en /of 1 uur.

Foutieve keuze
Als u een functie kiest die niet met het gekozen programma gecombineerd kan worden, verschijnt in het display Err.

Einde programma
Aan het einde van het programma (ook als er nog water in de trommel staat vanwege de SPOELSTOP functie) laat het display een flikkerende NUL zien.

Foutcode
Sommige storingen worden in de vorm van foutcodes op het display aangegeven. Dit is nuttig voor de klant en voor de servicemonteurs, zoals bijvoorbeeld "E20" (zie hoofdstuk "Eenvoudige storingen").

10 STARTTIJDKEUZE
Met deze toets kan het starten van het programma 30'-60'-90' en tot MAX 23 uur worden uitgesteld. Zo kunt u in de voordeeluren wassen. Deze functie kan niet ingeschakeld worden voor de programma's POMPEN en KORT/LANG CENTRIFUGEREN.
Instellen van "Uitgestelde start"
• Wasautomaat inschakelen
- Het programma kiezen.
- Uitgestelde start instellen.
• START/PAUZE toets indrukken.
De starttijd telt terug in stappen van 1 uur. Na twee uur vermindert de uitstel-tijd steeds met 30 minuten.
Het programma start wanneer de ingestelde tijdsperiode verstreken is.
Wijzigen of annuleren van de starttijd
• START/PAUZE toets indrukken.
- De uitstel-tijd kan alleen geannuleerd worden. Om te wijzigen dient het programma opnieuw ingesteld te worden.
- Op de toets éénmal drukken als u de ingestelde periode wilt annuleren: het display toont "Oh" (0 uur)
- Om de ingestelde tijd te annuleren éénmaal op de toets drukken: het display toont "0" h (0 uur). Het wasgoed kan geladen worden wanneer de pauzefunctie is ingeschakeld.
- Opnieuw op de START/PAUZE toets drukken.
11 "START/PAUZE"

Deze toets heeft 2 functies: Start - Pauze
Start
Door op de toets te drukken, wordt het gekozen programma gestart en het lampje van de START/PAUZE toets knippert niet meer maar brandt continu tijdens de duur van het programma.
Als de functie STARTTIJDKEUZE gekozen is, begint nu het terugstellen.
Het display toont de duur van het gekozen programma of de uitgestelde starttijd.
Pauze
Bij het drukken op deze toets, wordt het lopende programma onderbroken; druk opnieuw op de toets en het programma wordt vervolgd. Tijdens de pauze knippert het lampje van de START/PAUZE toets.
12 Indicatie van het programma-verloop
Bij het kiezen van een programma geeft de indicatie van het programmaverloop aan, uit welke onderdelen het programma bestaat.
Na begin van het programma geeft de indicatie van het programmaverloop aan, met welk deel van het programma de machine bezig is.
Het einde van het programma wordt optisch aangegeven: de deur kan geopend worden.

Het controlelampje EINDE knippert om een storing in de functionering van de machine aan te geven.
Tegelijkertijd knippert een van de volgende lampjes en een alarmcode om het type storing aan te duiden:
● E10 = storing bij de watertoevoer;
● E20 = storing bij de waterafvoer;
● E40 = deur open.
Raadpleeg het hoofdstuk "Eenvoudige storingen" om het defect op te heffen.
Als aan het einde van het programma het lampje POMP knippert, is het afvoerfilter verstopt.
Het einde van het programma
Wanneer het lampje van de deur uitgaat, kunt u de deur openen. Op het display knippert het cijfer nul. Het lampje EINDE gaat branden.
De programmakiezer op stand "UIT" zetten en het wasgoed eruit halen.
Het wijzigen van het programma
Het programma kan gewijzigd worden zolang u nog niet op de START/PAUZE toets gedrukt heeft. Als het programma al gestart is, kunt u het alleen veranderen door eerst de programmakiezer op stand "UIT" te zetten. Kies het nieuwe programma en druk opnieuw op START/PAUZE-toets.
Het onderbreken van het programma
Druk op de START/PAUZE toets, het betreffende lampje knippert. Om het programma verder af te werken drukt u opnieuw op de START/PAUZE toets.
Het annuleren van het programma
Draai de programmakiezer op stand "UIT" voor het annuleren van een ingesteld programma. U kunt nu een ander programma kiezen.
Het openen van de deur tijdens een lopend programma
De deur kan geopend worden, nadat u de machine in PAUZE gezet hebt, mits:
- de machine het water niet boven 55°C aan het verwarmen is
- het watermiveau niet hoog is
• de trommel niet in beweging is
Als dit niet het geval is, gaat het deurlampje uit als de machine in PAUZE komt en kan de deur geopend worden.
Indien de deur niet geopend kan worden (zie boven) en dit absoluut noodzakelijk is, schakelt u de machine uit (programmakiezer op stand UIT draaien).
Na ongeveer 3 minuten kunt u de deur openen.
Denk om het waterniveau en de soptemperatuur!
Informatie over de programma's
Wol (HANDWAS)
Met dit programma kunt u niet alleen wollen goed wassen dat geschikt is voor machinewas en voorzien is van het etiket "Zuiver scheerwol" maar ook wol en alle andere textiel met het symbool "Handwas". Ook heel fijne was hoeft u niet meer met de hand te wassen.
KORT CENTR.
Kort centrifugeren op toerental MAX 700 toeren/min voor synthetische/fijne en wolwas.
Spoelen
Dit is een apart programma dat het spoelen en centrifugeren van katoenen handwas mogelijk maakt. De machine voert 3 spoelgangen uit en centrifugeert het wasgoed met de maximale snelheid. U kunt de centrifugeersnelheid bepalen met behulp van de toets "CENTRIFUGEREN" ©.
Wasverzachten
Met de hand gewassen katoenen textiel kan met wasverzachter behandeld worden. Het apparaat voert 1 spoelgang uit en centrifugeert het wasgoed met de maximale snelheid. U kunt de centrifugeersnelheid verminderen met behulp van de toets "CENTRIFUGEREN"
Pompen
U kunt het aparte afvoerprogramma gebruiken aan het einde van een programma met spoelstop voor het wegpompen van het laatste spoelwater. Draai eerst de programmakiezer op stand "UIT" en kies vervolgens het programma POMPEN. Druk op de START/PAUZE toets.
Centrifugeren
Dit programma centrifugeert het wasgoed op de maximum snelheid.
Afhankelijk van het type wasgoed kunt u een lagere centrifugeersnelheid uitkiezen met behulp van de toets "Centrifugeren"
SNELWAS
Dit is een volledig programma dat met de volgende functies gecombineerd kan worden:
Optioneel: verminderen centrifugeren 6 SPOELSTOP en STARTTIJDKEUZE.
Dit programma kan gebruikt worden voor wasgoed dat niet erg vuil is bijvoorbeeld sportkleding die slechts een keer gebruikt is of om textiel op te frissen (behalve WOL).
Maximum belading 2,5 kg.
De wastemperatuur is 30°C.
Het programma duurt 30 minuten.
De centrifugeersnelheid is 700 toeren/min.
UIT=Annuleren/Machine uitschakelen
Als u een reeds ingesteld programma wilt annuleren, draait u de programmakiezer op stand "UIT" en kiest vervolgens een ander programma.
Aan het einde van het programma draait u de programmakiezer op stand UIT om de machine uit te schakelen.
i Adviezen en tips voor het wassen
Was niet te lang opsparen
In de eerste plaats adviseren wij u wasgoed niet al te lang op te sparen, in ieder geval niet als het vochtig is want het gaat dan schimmelen en veroorzaakt een muffe geur.
Men zegt ook wel dat «het weer er in gekomen is»; weervlekken krijgt u er niet meer uit.
Sorteren
Neemt u vooral even de tijd om de in dit boekje afgedrukte kaart voor de behandelingssymbolen aandachtig te lezen.
Een streep onder de tobbe betekent dat u het artikel niet met de krachtige katoenprogramma's mag wassen.
Was gekleurd goed, met name donker gekleurd, eerst een keer apart. De kans is groot dat het afgeeft.
Sterke kreukherstellende stoffen, zoals polyester/katoen, vallen onder «synthetica». Tere stoffen, zoals acryl en meestal ook vitrages, vallen onder «fijne was».
Het wolwasprogramma is een speciaal programma voor «zuivere scheerwol». Bij alle andere walsoorten en mengsels kan niet worden uitgesloten dat deze krimpen en/of vervilten in de wasmachine.
Temperaturen
In principe kiest u voor een bepaalde wasbeurt de soptemperatuur niet hoger dan het gevoeligste stuk wasgoed nog kan verdragen.
95°C: voor witte- of kookecht-gekleurd katoen en linnen, zoals beddegoed, tafellakens, theedoeken, handdoeken, zakdoeken en ondergoed.
Gemakshalve wordt deze groep vaak "witte was" genoemd.
60°C: voor normaal vuile witte was, voor lichtgekleurde bontwas en voor witte- en lichtgekleurde synthetica.
40°C: vrijwel alle textielsoorten kunnen op 40°C gewassen worden.
U kiest deze temperatuur ten eerste als dit door het wasetiket aangegeven wordt, bijvoorbeeld voor donkergekleurde textiel en fijne was.
Daarnaast kiest u 40°C als het wasgoed zo weinig vuil is dat het met een lage temperatuur ook nog schoon wordt.
30°C: alhoewel machine-wasbare wol als regel zondermeer op 40°C gewassen mag worden, zult u op het etiket, voorzichtigheidshalve, toch vaak 30°C tegenkomen. Ook bij teer wasgoed, de fijne was, is dat vaak het geval.
Wij adviseren u zich altijd aan de etiket-temperatuur te houden.
Hoeveel wasgoed in de trommel?
Wilt u optimale resultaten bereiken, dan adviseren wij u, naast het kiezen van het juiste programma, ook de maximaal toegestane belading van de trommel niet te overschrijden.
Wasgoed droog wegen voor u het in de trommel doet, is erg omslachtig, dus helpen wij u op een andere manier op weg:
- Volle belading (maar niet proppen) voor katoen en linnen.
- Halfvolle of iets meer dan halfvolle belading voor sterke synthetica en mengsels. Ook zogeheten "kreukherstellende stoffen" vallen onder synthetica.
- Eenderde van de trommel voor fijne was en machine-wasbare wol.
In onderstaande tabel geven wij u een indruk wat wasgoed, bestaande uit katoen en linnen, ongeveer weegt.
Voor synthetica, mengsels en fijne was is het onmogelijk om gewichten op te geven, daar deze stoffen zeer verschillend van aard zijn.
Voor machine-wasbare wol geven wij doorgaans een maximum van 1 kilogram op, maar feitelijk bedoelen we dat u wol in "ruim sop" moet wassen.
Tweepersoons laken 700 - 1000 g
Kussensloop 125 - 200 g
Tafellaken 350 - 500 g
Servet 70 - 120 g
Theedoek 75 - 100 g
Badhanddoek 150 - 200 g
Badlaken 700 - 1000 g
Overhemd 200 - 300 g
Schort 150 - 200 g
Vóór u het wasgoed in de trommel doet
Herstel scheuren, gaten en halen voortijds. Naai loshangende knopen eerst aan of knip ze af. Sluit drukknopen en ritssluitingen. Was geen rafelig goed; herstel eerst de zomen. Haal de haken uit vitrage en doe de vitrage in een sloop of linnen zak. Verwijder voortijds achtergebleven kleine voorwerpen uit borst- en broekzakken.
LET OP
Objecten zoals flippo's, munten, veiligheidsspelden, schroeven en andere harde materialen behoren niet in de wasautomaat; zij kunnen aanzienlijke schade veroorzaken.
Was bh's met beugels niet in de wasautomaat.
Behandel voortijds vlekken die er in de wasautomaat moeilijk of in het geheel niet uit zullen gaan:
Was- en kaarsvet. Zoveel mogelijk met een bot mes voorzichtig afschrapen. Tussen twee papieren zakdoekjes de overgebleven was met de warme strijkbout er uit strijken. Niet te heet bij synthetische stoffen.
Inkt en ballpoint: Deppen met spiritus. De kleur van de stof kan aangetast worden door zowel de inkt als de spiritus.
Weer- en schroelvlekken. Bleken met een verdunde oplossing van bleekwater of chloorbleekmiddel.
Roest. Verwijderen met citroenzuur of een speciaal behandelingsmiddel. Eerst koud spoelen en daarna wassen. Geen wasmiddel met bleekmiddel gebruiken.
Kauwgom. Wegwrijven met ijsblokjes. Restant verwijderen met nagellak-remover. Pas op met remover bij synthetische stoffen.
Verf. Geef de vlek geen kans om op te drogen. Met witte schone katoenen doek en een oplosmiddel (terpentine, wasbenzine of thinner) behandelen.
Lippenstift. Deppen met spiritus. Met fijnwasmiddel nawassen.
Nagellak. Verwijderen met nagellak-remover. Dit is niet mogelijk bij stoffen als acetaat, triacetaat en chloorvezel.
Olie en teer. Met boter insmeren en laten intrekken. Daarna met terpentine deppen.
Gras. Met spiritus vochtig maken en met een zeepoplossing deppen. Als de kleur of de stof er tegen kan, nableken met bleekwater.
Chocolade, thee, wijn, koffie en vruchtensap. Voorweken in warm water met een biologisch voorweekmiddel. Als het nodig is en de kleur of de stof er tegen kan, nableken met bleekwater.
Vuile kragen of manchetten. Aanstrijken met zeep of een speciaal daarvoor bedoelde spray of pasta. Dan gewoon wassen.
Bloed. Verse vlekken met lauw water uitspoelen. Oude vlekken voorweken met een biologisch voorweekmiddel.
Transpiratie- en deodorantvlekken. Verse vlekken met sodawater deppen. Oude vlekken met azijn of spiritus deppen.
Hars. Met een speciale vlekkenoplosser behandelen. Sterke stoffen, zoals katoen en linnen, met terpentine, wasbenzine of spiritus behandelen.
Het gebruik van verdampende middelen, zoals terpentine, wasbenzine, spiritus, thinner, aceton en dergelijke is gevaarlijk; niet roken en geen open vuur gebruiken.
Doe het karweitje buiten en laat het kledingstuk eerst uitdampen voor u het in de wasautomaat of de droogautomaat doet.
De fabrikant van uw was- of droogautomaat is niet aansprakelijk voor schade of letsel ontstaan door het gebruik van gevaarlijke stoffen.
Welke wasmiddelen gebruiken?
Een gouden regel is: gebruik altijd machine-wasmiddelen, dus nooit handwasmiddel of zeep in de machine.
Een nauwelijks minder belangrijke regel is: probeer gewoon uit welk wasmiddel u het beste bevalt.
Houdt u aanvankelijk aan de doseringen die de fabrikant van het wasmiddel op z'n verpakking aangeeft en let daarbij op de waterhardheid (kunt u opvragen bij het waterleidingbedrijf). Het is de moeite waard om daarna uit te proberen of bij minder doseren uw wasgoed ook nog voldoende schoon wordt. In ieder geval kunt u bij een klein wasje aanzienlijk minder doseren.
Er zijn totaal-wasmiddelen voor witte of bonte was, bleekvrije wasmiddelen voor bonte was, speciale fijnwasmiddelen, machine-wolwasmiddelen en biologische voorwas- of voorweekmiddelen.
Traditionele poeder-wasmiddelen
Deze wasmiddelen doet u in de vakjes voor de voorwas en voor de hoofdwas.
Vloeibare wasmiddelen
Gebruikt u een vloeibaar wasmiddel, dan mag u dat, mits u geen voorwas doet, direct in het vakje Ⓤ voor het hoofdwasmiddel gieten. Wel meteen daarna de machine starten.
Vloeibare wasmiddelen zijn zeer geschikt voor lage wastemperaturen, dus 30°C en 40°C. Voor hogere temperaturen, 60°C tot 95°C, adviseren wij u een poedervormig wasmiddel te gebruiken.
Geconcentreerde poeder-wasmiddelen (ULTRA's, MICRO's en dergelijke)
Geconcentreerde wasmiddelen kunt u op dezelfde manier als vloeibare wasmiddelen doseren.
Uiteraard past u de hoeveelheid aan, omdat u van deze wasmiddelen minder nodig hebt.
Uw nieuwe machine is van een sopcirculatie- systeem voorzien, waardoor het wasmiddel uitstekend en zonder verspilling verdeeld wordt.
Wasverzachter
Tijdens de laatste spoelgang doseert de machine automatisch een hoeveelheid vloeibare wasverzachter. U hoeft geen wasverzachter te gebruiken maar dit kan soms toch wenselijk zijn. Bijvoorbeeld als u katoen binnenshuis droogt: het wasgoed voelt dan minder stug aan. Of als u synthetisch wasgoed in de machine droogt: het wordt dan niet statisch (knetteren, kleven). Houdt u aan de aanwijzingen van de fabrikant van de wasverzachter, maar de hoeveelheid wasverzachter mag nooit hoger dan het filternet in het doseervakje of de maximum aanduiding komen. Erg dikke vloeistof voortijds met wat water verdunnen.
Waterontharder
Water is «harder» naarmate er meer calcium en magnesium in voorkomt. In Nederland wordt de hardheid aangegeven in «DH» (Duitse graden). Op de verpakking van het wasmiddel vindt u, in drie globale zones verdeeld, hoeveel wasmiddel u moet doseren. U ziet dat dat meer is naarmate de hardheid hoger is.
Waterhardheid
| Bereik | Eigenschap | Duitse schaal | Franse schaal |
| 1 | zacht | 0-7 | 0-15 |
| 2 | gemiddeld | 8-14 | 16-25 |
| 3 | hard | 15-21 | 26-37 |
| 4 | zeer hard | meer dan 21 | meer dan 37 |
Kalk slaat uit het water neer op zowel het wasgoed als op machinedelen. Bekend is onder andere het stug worden van wasgoed en het verkalken van het verwarmingselement.
Om dat te voorkomen doet de wasmiddelfabrikant een «kalkbindende» stof in het wasmiddel. Voorheen was dat fosfaat. Tegenwoordig, om redenen van milieutechnische aard, een fosfaatvervanger.
Het wasmiddel bestaat echter uit vele ingrediënten. Gaat u meer doseren, dan doet u dat feitelijk slechts om meer kalkbindende stoffen aan het water toe te voegen.
Automatisch doseert u dan eigenlijk teveel van al die andere actieve stoffen. U kunt dat verhelpen door minder wasmiddel te doseren en het verschil op te vangen door een onthardingsmiddel, zoals Calgon, mee te doseren. Houdt u zich aan de aanwijzingen van de fabrikant van het onthardingsmiddel.
i Volgorde van handelen
Giet vóór het in gebruik nemen 2 liter water in het vakje (d) de wasmiddellade om de spaarklep te activeren. Voer dan een wasgang zonder wasgoed uit, opdat vetresten (die bij de fabricage zijn ontstaan) uit de wastrommel en de kuip worden verwijderd. Programma: bonte was 60°C, met een halve maatbeker wasmiddel.
1. Wasgoed in de machine doen
Open de vuldeur. Doe de stukken wasgoed één voor één in de trommel. Haal opgevouwen wasgoed eerst uit elkaar. Sluit de vuldeur; druk hem goed in het slot.

Trek de wasmiddellade uit het bedieningspaneel tot hij stuit.
Meet de gewenste hoeveelheid wasmiddel in een maatbekertje af en giet het in het vakje voor het hoofdwasmiddel Ⓗ.
Indien u ook wil voorwassen of wanneer u de functie INWEKEN kiest, gebruik dan een biologisch voorwasmiddel.
3. Wasverzachter doseren
Giet, indien gewenst, wasverzachter in het daarvoor bestemde vakje
Overschrijd het niveau MAX niet.

4. Het gewenste programma kiezen
Draai de programmakiezer op het gewenste programma. De indicatie van het programmaverloop geeft aan, uit welke onderdelen het programma bestaat.


Op het display verschijnt de tijdsduur van het gezoken programma.
5. Centrifugetoerental instellen
Toets CENTRIFUGEREN ⑨drukken tot het gewenste toerental of de spoelstop functie ingesteld is; het betreffende controlelampje gaat branden.

6. Eventueel extra functies kiezen
Het betreffende controlelampje gaat branden.

7. De functie STARTUITSTEL kiezen
Voordat u het programma start, als u de machine op een ander tijdstip wilt laten beginnen, drukt u op de "STARTTIJDKEUZE" toets totdat u de gewenste starttijd bereikt; op het display ziet u de ingestelde tijd 3 seconden lang.
Na het inschakelen van de START/PAUZE-toets begint de machine af te tellen.

U kunt de deur tijdens de uitstelperiode dus nog openen om bijvoorbeeld wasgoed toe te voegen. Zet u eerst de machine in PAUZE met de START/PAUZE toets. Na het sluiten van de deur drukt u opnieuw op de START/PAUZE-toets.
8. Het programma starten
Op de START/PAUZE-toets drukken om het ingestelde programma te starten; het betreffende lampje knippert niet meer en het controlelampje van de programmafase, die de machine op dat moment uitvoert, blijft ingeschakeld.
Het controlelampje van de deur gaat branden om aan te geven dat de deurbeveiliging werkt. Het programma start.

9. Einde van het programma
De machine stopt automatisch.
Het lampje START/PAUZE gaat uit en het lampje voor de olie blijft branden. Om het programma te stoppen, moet u de toets tot UIT draaien en dan het programma POMPEN of de programma's KORT CENTRIFUGEREN of LANG CENTRIFUGEREN kiezen.
Wanneer het controlelampje op de deur uitgegaan is, kunt u deze opendoen.
Het openen van de deur wordt ook optisch aangegeven (het lampje EINDE licht op).
Draai de programmakiezer op stand "UIT".
Open de vuldeur en neem het wasgoed uit de trommel.
Controleert u of de trommel helemaal leeg is, anders zou wasgoed bij de volgende wasbeurt kunnen beschadigen (bijv. doorlopen) of op ander wasgoed kunnen afgeven.
Laat de vuldeur enige tijd op een kier staan, zodat de machine kan drogen.
| WASSEN | 95 95 | 60 60 | 40 40 | 40 | |||||
| Gewoonprogramma | Anti-kreuk-programma | Gewoonprogramma | Anti-kreuk-programma | Gewoonprogramma | Anti-kreuk-programma | Wolwas-programma | Alleen snellehandwas | Niet wassen,ook niet weken | |
| De getallen in de tobben geven de hoogst toelaatbare temperaturen aan: deze niet overschrijden.Tot de gewone wasprogramma's behoren ook E-, spaar- en halve wasprogramma's.Anti-kreukprogramma's: voor artikelen die synthetische vezels bevatten en/of kreukherstellend zijn gemaakt; machinebeladen met de helft van het maximale gewicht. Handwas lauw of koud.Wolwas in de machine: uitsluitend Superwash en alleen met door het internationaal Wol Secretariaat (IWS) goedgekeurdeprogramma's. Belading: 1⁄2 tot 1⁄4 van het maximale gewicht. | |||||||||
| BLEKEN | Koud bleken met bleekwater of geconcentreerd chloorbleekmiddel in verdunde oplossing mogelijk | Niet mogelijk | |||||||
| STRIJKEN | Heet strijken | A | B | Niet strijkenLauw strijkenW | |||||
| De punten verwijzen naar de punten op de regelknop van het strijkijzer. | |||||||||
| CHEMISCHREINIGEN=STOMEN=DRY CLEANING | A P Gewone reiniging | P - F Speciale reiniging Niet chemisch reinigen | X | ||||||
| Artikelen met P of F in de cirkel kunnen meestal niet worden ontvlekt met tetra of tri.De letters zijn vooral bestemd voor de chemisch reiniger. Zij geven het te gebruiken oplosmiddel aan. Reiniging met F is nauwellijks mogelijk.De streep onder de cirkel betekent: lichte belading, hoge vlotverhouding, weinig mechanische beweging, korte reinigings, -spoel- encentrilugeertijden; en vooral: geen water toevoegen. | |||||||||
| TROMMEL-DROGEN | Normale textiel | Hittogevoelige textiel | Niet drogen in droogtrommel | ||||||
Meer informatie in het boekje «Textiel ABC», te verkrijgen door overmaking van f 16,25 op gironummer 666402 van VTWS, Delft. Telefoon (015) 261 12 05
Programmatabel
WASPROGRAMMA'S
| Soort textiel | Temperatuur | Wasprogramma voor | Eventuele aanvullende functies | Max. belading | Verbruikswaarden* | ||
| Energie kWh | Water liter | Zeit min. | |||||
| Witte was | 95° | Witgoed, bijvoorbeeld werkkleding die normaal verontreinigd is, bedde-, tafel- en ondergoed, handdoeken | VOORWAS, EXTRA KORT, DERMA+, INWEKEN, SPOELSTOP, EXTRA-SPOELEN, CENTRIFUGEREN | 5 kg | 2,0 53 | 145 | |
| Witte was SPAAR | ECO 60° | Witgoed SPAAR, bijvoorbeeld beddegoed dat kort gebruikt is, licht vuil linnengoed, enz | VOORWAS, DERMA+, INWEKEN, SPOELSTOP, EXTRA-SPOELEN, CENTRIFUGEREN | 5 kg | 0,85 49 | 146 | |
| Bonte was | 60° | Bont wasgoed, van linnen of katoen, overhemden, ondergoed, badstof. Lichte kleuren | VOORWAS, EXTRA KORT, DERMA+, INWEKEN, SPOELSTOP, EXTRA-SPOELEN, CENTRIFUGEREN | 5 kg | 1,2 49 | 120 | |
| Bonte was SPAAR | ECO 40° | Bonte was spaar, bijvoor-beeld donker gekleurde was, herenover hemden, blouses, ondergoed | VOORWAS, DERMA+, INWEKEN, SPOELSTOP, EXTRA-SPOELEN, CENTRIFUGEREN | 5 kg | 0,95 49 | 140 | |
| Bonte was | 30°-40°-KOUD | Donkere kleuren, bijv. overhemden, blouses, ondergoed | VOORWAS, EXTRA KORT, DERMA+, INWEKEN, SPOELSTOP, EXTRA-SPOELEN, CENTRIFUGEREN | 5 kg | 0,55 49 | 117 | |
| Synthetica | 30°-40°-60°-KOUD | Synthetica, ondergoed, gekleurde textiel, no-iron overhemden | VOORWAS, EXTRA KORT, DERMA+, INWEKEN, SPOELSTOP, EXTRA-SPOELEN, CENTRIFUGEREN | 2,5 kg | 0,9 54 | 89 | |
| Synthetica SPAAR | ECO 60° | Synthetica spaar, bijvoor-beeld licht vuile synthetica, overhemden, blouses | VOORWAS, DERMA+, INWEKEN, SPOELSTOP, EXTRA-SPOELEN, CENTRIFUGEREN | 2,5 kg | 0,55 54 | 90 | |
| Fijne was | 30°-40° | Voor alle fijne textiel, bijvoorbeeld gordijnen | VOORWAS, EXTRA KORT, INWEKEN, SPOELSTOP, EXTRA-SPOELEN, CENTRIFUGEREN | 2,5 kg | 0,5 55 | 60 | |
| Wol | 30°-40° KOUD | Wol en bijzonder teer wasgoed | SPOELSTOP CENTRIFUGEREN | 2 kg | 0,35 55 | 55 | |
ENERGIE BESPAREN
Het programma WITTE WAS SPAAR 60°C/ECO is het referentie programma voor de gegevens op het verbruiksetiket, volgens EEGnorm 92/75.
* De verbruikswaarden zijn indicatieve waarden en hangen af van het type en de hoeveelheid wasgoed, van de temperatuur van het leidingwater en van de omgevingstemperatuur. Deze waarden hebben betrekking op de hoogste soptemperatuur welke voor het programma voorzien is.
Programmatabel
EXTRA PROGRAMMA'S
| Programma-knop op | Programma voor | Korte beschrijving | Eventuele aanvullende functies | Max. belading | Verbruikswaarden* | ||
| Energie kWh | Water liter | Zeit min. | |||||
| SNELWAS | Voor licht verontreinigd wasgoed, behalve wol | Wassen 30°C2 maal spoelenKort centrifugeren700 toeren/min. | SPOELSTOPCENTRIFUGEREN | 2,5 kg | 0,340 | 30 | |
| Lang centrifugeren | Aparte lang centrifugegang voor alle textiel | Lang centrifugeren | CENTRIFUGEREN | 5 kg | - | - | 10 |
| Pompen | Waterafvoer van de laatste spoelgang voor de wasprogramma's die eindigen met water in de trommel (functie SPOEL- STOP) | Water afvoeren | / | - | - | 2 | |
| Was-verzachten | Voor gewassen textiel dat met een wasverzachter behandeld moet worden | 1 maal spoelen met wasverzachterLang centrifugeren | SPOELSTOPCENTRIFUGEREN | 5 kg | - | 18 | 21 |
| Spoelen | Op de hand gewassen goed kan met dit programma uitgespoeld worden | Compleet spoelprogramma eventueel met wasverzachter.Lang centrifugeren | DERMA+EXTRA-SPOELENCENTRIFUGEREN | 5 kg 0,05 | 52 | 45 | |
| Kort centrifugeren | Aparte kort centrifugegang | Kort centrifugeren | CENTRIFUGEREN | 5 kg | - | - | 6 |
| UIT | Programma annuleren Machine uit-schakelen | / | - | - | - | ||
* De verbruikswaarden zijn indicatieve waarden en hangen af van het type en de hoeveelheid wasgoed, van de temperatuur van het leidingwater en van de omgevingstemperatuur.
Onderhoud
1. De buitenkant
De buitenkant van de machine kunt u, naar behoefte, reinigen met een vochtige doek en een neutraal huishoudschoonmaakmiddel. Moderne schoonmaakmiddelen drogen doorgaans streeploos op.
Nalappen met schoon water en daarna droogzemen.
Belangrijk: Gebruik nooit spiritus, terpentine en dergelijke oplosmiddelen.
2. De deur
Regelmatig controleren of zich aanslag of vreemde voorwerpen in de rubber manchet achter de deur bevinden.

Wasmiddelen en wasverzachter koeken na verloop van tijd aan.
Maak de wasmiddellade af en toe schoon onder de stromende kraan. U kunt daartoe de lade geheel uit de machine nemen door op de pal, links achterin, in te drukken.
De bovenkant van het vakje voor de wasverzachter kunt u, ten behoeve van het schoonmaken, verwijderen.

Ook in de behuizing van de wasmiddellade kan zich op den duur wasmiddel verzamelen. Maak de binnenkant met een oude tandenborstel schoon. Plaats de lade terug in z'n behuizing en laat de machine, zonder wasgoed, een spoelgang doen.

4. Het toevoerfilter
Wanneer u merkt dat de machine langer over het wateropnemen gaat doen, verdient het aanbeveling om het toevoerfilter te controleren op verstopping. Daartoe draait u eerst de kraan dicht en vervolgens draait u de slangwartel van de kraan af. Reinig het filter met een borsteltje. Draai de wartel weer stevig op de kraan.

De afvoerpomp moet regelmatig worden
gecontroleerd en vooral als
- de machine niet pompt en/of centrifugeert
- de machine tijdens het pompen een ongewoon geluid maakt dat wordt veroorzaakt door voorwerpen als veiligheidsspelden, munten e.d. die de pomp blokkeren.
Ga als volgt te werk:
- Trek de stekker uit het stopcontact.
- Wacht, indien nodig, tot het water is afgekoeld.
- Open het pompdeurtje.

- Zet een bak op de vloer om evt. water op te vangen.
- Trek de noodaftapslang uit zijn plaats, leg hem in het bakje en verwijder de dop.
- Als er geen water meer uitkomt, draai dan het pompdeksel los.

- Verwijder vreemde voorwerpen uit het schoepenrad van de pomp door hem te draaien.
- Zet de dop weer op de noodaftapslang en plaats de slang terug.


- Draai het pompdeksel volledig vast.
- Sluit het pompdeurtje.
6. Waterafvoer in noodgevallen
Als het water niet wordt weggepompt gaat u als volgt te werk om de machine te legen:
- Trek de stekker uit het stopcontact.
- Draai de waterkraan dicht.
- Wacht, indien nodig, tot het water is afgekoeld.
- Open het pompdeurtje.
- Zet een bak op de vloer en leg het einde van de noodaftapslang in de bak. Verwijder de dop. Het water moet door de zwaartekracht in de bak lopen. Als de bak vol is, zet u de dop weer op de slang. Herhaal de procedure tot er geen water meer uitkomt.
- Maak de pomp eventueel schoon zoals eerder beschreven.
- Zet de dop weer op de noodaftapslang en plaats de slang terug.
- Draai het pompdeksel vast en sluit het deurtje.
7. Voorzorgsmaatregelen bij vorst
Indien de wasautomaat wordt blootgesteld aan temperaturen onder 0°C moeten enkele voorzorgsmaatregelen worden getroffen.
- Trek de stekker uit het stopcontact.
- Draai de waterkraan dicht en draai de watertoevoerslang van de kraan los.
- Zet een bak op de vloer, leg het uiteinde van de noodaftapslang en van de toevoerslang in de bak en laat het water uit de machine lopen.
- Schroef de watertoevoerslang weer op de kraan, zet de dop weer op de noodaftapslang en plaats de slang terug.
Het water dat in de leidingen is achtergebleven, wordt op deze manier afgevoerd en hiermee wordt voorkomen dat er ijsvorming optreedt die de machine kan beschadigen.
Controleer, wanneer u de wasautomaat opnieuw wilt gebruiken, of de omgevingstemperatuur hoger dan 0°C is.
Belangrijk!
Elke keer dat u m. b.v. de noodaftapslang water aftapt, moet u 2 liter water in het vak voor hoofdwasmiddel in de wasmiddellade gieten en dan programma "pompen" instellen. Hierdoor wordt de "spaarklep" geactiveerd en wordt voorkomen dat bij de volgende wasbeurt wasmiddel ongebruikt achterblijft.
Eenvoudige storingen
Ga, alvorens de Servicedienst in te schakelen, eerst even na of u de storing zelf kunt verhelpen.
Tijdens de werking van het apparaat kan het gebeuren dat het lampje EINDE en een van de volgende alarmcodes knipperen:
E10: Storing tijdens de watertoevoer
E20: Storing bij de waterafvoer
E40: Deur open
Nadat u eventuele oorzaken verwijderd heeft, drukt u op de START/PAUZE-toets om het onderbroken programma te hervatten. Indien de storing niet opgeheven kan worden, contact opnemen met het servicecentrum.
| Storingen Mogelijke oorzaken | |
| •De machine start niet: | Is de vuldeur goed gesloten? (E40)Is de betreffende groepzekering heel?Is de START/PAUZE-toets ingedrukt?Staat de waterkraan open?Er is een uitstel-tijd gekozen. |
| •De machine neemt geen water op: | Staat de waterkraan open? (E10)Geeft de kraan water?Probeert u dat even uit. (E10)Toevoerslang bekneld of geknikt geraakt? (E10)Toevoerfilter verstopt? (E10)Vuldeur goed gesloten? (E40) |
| •De machine neemt wel water op, maar dat stroomt er door de afvoer weer uit: | Het uitstroomeind van de afvoerslang bevindt zich op een te laag punt, ten opzichte van de vloer waarop de machine staat. Raadpleeg het betreffende hoofdstuk. |
| •De machine pompt niet af en/of centrifugeert niet: | Afvoerslang bekneld of geknikt geraakt? (E20)Programma met SPOELSTOP-optie gekozen? Het laatste spoelwater wordt niet automatisch afgepompt.Afvoerpomp verstopt? (E20) |
| •Er ligt water op de vloer: | Teveel wasmiddel gebruikt?Wasmiddel is ongeschikt omdat het teveel schuimt? Teveel schuim veroorzaakt lekkage.Een van de toevoerslangwartels lekt? U ziet nauwelijks dat er water langs de slang loopt; voelt u dus even of de slang nat is.Afvoerslang beschadigd?Is de wasmiddellade schoon?Is de noodaftapslang gesloten? |
| •De machine dreunt of is erg luidruchtig: | Zijn alle transportbeveiligingen verwijderd?Leunt de machine ergens tegenaan?Staan alle stelvoeten stevig op de vloer?Wasgoed niet goed verdeeld in de trommel? |
| •In de trommel is geen water te zien: | Moderne wasmachines werken heel zuinig met lage waterniveaus. Was- en spoelresultaat zijn desondanks uitstekend. |
Storingen Mogelijke oorzaken
| •De deur kan niet geopend worden: | •Is de machine in bedrijf?•Is de deur nog vergrendeld? Het deur-controlelampje brandt nog.•Het waterniveau in de machine komt boven de onderkant van de deur uit.•De machine is aan het verwarmen. |
| •Het centrifugeren begint traag of het wasgoed wordt niet gecentrifugeerd: | •Het elektronische stabilisatie-controlesysteem is in werking getreden. Het wasgoed wordt, doordat de draairichting van de trommel gewijzigd wordt, losgemaakt, beter verdeeld en er wordt opnieuw met centrifugeren begonnen. Dit kan herhaaldelijk het geval zijn, totdat de onbalans opgeheven is en het centrifugeren definitief afgewerkt kan worden. Indien het wasgoed na 10 minuten niet losgemaakt is, wordt het niet gecentrifugeerd. In dit geval moet u zelf het wasgoed beter in de trommel verdelen en het centrifugeerprogramma kiezen. |
| •De machine maakt een ongewoon geluid: | •De machine heeft een modern aandrijfsysteem, dat in vergelijking met oudere wasautomaten een afwijkend geluid maakt. Het nieuwe aandrijfsysteem maakt de trage aanloop bij centrifugeren mogelijk. Hierdoor wordt de stabiliteit verbeterd. |
| •Het wasresultaat is niet als gewoonlijk: | •Misschien hebt u te weinig of te veel wasmiddel gedoseerd.Onderdosering leidt tot vergrauwing van het wasgoed en tot kalkaanslag in het toestel. Nauwkeuriger doseren!•Hebt u bijzondere vlekken voorbehandeld?•Hebt u het juiste programma en de juiste temperatuur gekozen?•Is de machine overbeladen? |
| •Na beëindiging van het programma zijn op het wasgoed witte wasmiddelresten te zien: | •Hierbij gaat het meestal om onoplosbare bestanddelen van moderne wasmiddelen. Ze zijn niet het gevolg van een onvoldoende spoeleffect. Mogelijke oplossingen: uitborstelen of uitschudden, evt. ook het wasgoed binnenste buiten wassen. |
| •Na de laatste spoelgang is nog schuim zichtbaar: | •Moderne wasmiddelen kunnen ook in het laatste spoelwater nog schuim veroorzaken, wat echter geen invloed op het spoelresultaat heeft. |
Kunt u de storing niet zelf opsporen of verhelpen, raadpleegt u dan de servicedienst. Noteer, voor u gaat telefoneren, even merk, modelnummer en aankoopdatum van uw machine; de servicedienst zal u er om vragen.
