DPW110E Planos - Airconditioner DELONGHI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis DPW110E Planos DELONGHI in PDF-formaat.
| Type product | Split-airconditioner |
| Merk | DeLonghi |
| Model | DPW110E Planos |
| Stroomvoorziening | 230 V ~ 50 Hz |
| Functies | Koelen, verwarmen, ontvochtigen, alleen ventilator, automatisch, slaapstand, timer |
| Afstandsbediening | Ja, met LCD-display |
| Batterijen afstandsbediening | 2 x R03 AAA (1,5 V) |
| Timerbereik | Automatisch in- en uitschakelen, instelbaar tot 24 uur (stappen van 30 minuten) |
| Filter | Luchtfilter (wasbaar), optioneel elektrostatisch en actief koolstoffilter |
| Reiniging filter | Met water (max. 45 °C) reinigen, op koele droge plaats laten drogen |
| Koelmiddel | Niet gespecificeerd in de handleiding |
| Veiligheid | Aarding vereist; veiligheidsschakelaar aanbevolen; niet met natte handen bedienen; houd afstand van brandbare stoffen |
| Installatiehoogte binnenunit (min.) | 2,5 m |
| Maximale afstand afstandsbediening | 8 m |
| Beschermingsklasse | IP? (niet vermeld) |
| Geluidsniveau | Niet vermeld in de handleiding |
| Afmetingen binnenunit (B x H x D) | Niet vermeld |
| Gewicht binnenunit | Niet vermeld |
Veelgestelde vragen - DPW110E Planos DELONGHI
Gebruikersvragen over DPW110E Planos DELONGHI
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Airconditioner in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding DPW110E Planos - DELONGHI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. DPW110E Planos van het merk DELONGHI.
GEBRUIKSAANWIJZING DPW110E Planos DELONGHI
Wij verzoeken u vriendelijk om alvorens het apparaat in werking te stellen eerst deze handleiding aandachtig te lezen
| U | I | A | Veiligheidsvoorschriften 2 |
| U | I | A | Benaming van de onderdelen 4 |
| U | I | A | Afstandsbediening 6 |
| U | I | A | AUTO functie 8 |
| U | I | A | TIMER functie 9 |
| U | I | A | DRY functie 9 |
| U | I | A | SLEEP functie 10 |
| U | I | A | Onderhoud 10 |
| U | I | A | Analyse van mogelijke storingen 11 |
| U | I | A | Installatievoorschriften 12 |
| I | A | Installatie van de binnenunit 13 | |
| I | A | Installatie van de buitenunit 15 | |
| I | A | Lucht spuien 19 | |
| I | A | Opmerkingen 19 |

Gebruiker

Installateur

Service

Gebruik de voedingsspanning die op het typeplaatje staat. Bescherm de voedingsschakelaar of -stekker voor vuil. Sluit de voedingskabel op de juiste manier aan en steek de stekker stevig in het stopcontact om op die manier elektrische schokken of het uitbreken van brand te vermijden vanwege onvoldoende contact.

Controleer of het stopcontact geschikt is voor de stekker, laat het stopcontact anders vervangen. Trek niet aan de stekker om het apparaat als het apparaat in werking is uit te schakelen. Hierdoor kan er brand ontstaan vanwege vonken enz.

wire
De gebruiker is er verantwoordelijk voor dat het apparaat aan vakmensen toevertrouwd wordt om het apparaat op een deugdelijke manier te aarden wat in overeenstemming met de geldende voorschriften gedaan moet worden en om een veiligheidsschakelaar te installeren.

De voedingskabel mag niet verbogen worden, er mag niet aan getrokken worden en mag niet ingedrukt worden omdat de kabel hierdoor kapot kan gaan. Eventuele gevallen van elektrische schokken of brand zijn waarschijnlijk te wijten aan een kapotte kabel. De voedingskabel mag uitsluitend door vakmensen vervangen worden.

Er mogen geen voedingskabels gebruikt worden die te lang zijn en ook geen meervoudige contactdozen.

Er mag niet met natte handen aan de airconditioner gekomen worden; hierdoor kunnen elektrische schokken ontstaan.

De luchtinlaat of -uitlaat zowel van de binnenunit als van de buitenunit mag niet afgedekt worden.

Langdurige blootstelling aan de koude lucht is schadelijk voor de gezondheid.

In geval er rook uit het apparaat komt of als u een brandlucht ruikt moet de stroom onmiddel- lijk uitgeschakeld worden en moet u contact opnemen met de technische servicedienst.

De eigenschappen van het apparaat mogen op geen enkele manier veranderd of aangetast worden. Voor eventuele reparaties moet u zich uitsluitend tot de erkende servicediensten van de fabrikant wenden. Een verkeerde reparatie kan elektrische schokken enz.tot gevolg hebben.

Er moet gecontroleerd worden of de stroom uitgeschakeld is als het apparaat lange tijd niet gebruikt wordt en voordat er reinigings- of onderhoudswerkzaamheden uitgevoerd worden.

Het apparaat mag niet geinstalleerd worden in ruimten waar gas, olie, zwavel kan zijn of in de buurt van warmtebronnen.

Er moet gecontroleerd worden of de onderkant van de buitenunit stevig geinstalleerd is.

Dit apparaat mag uitsluitend door volwassenen gebruikt worden; men mag kinderen er niet mee laten spelen. Men mag niet boven op de buitenunit gaan staan en er ook geen voorwerpen op leggen.

Er mag nooit een stok of soortgelijk materiaal in het apparaat gestoken worden. Hierdoor kunnen er verwondingen ontstaan.

Het apparaat moet op een afstand van tenminste 50 cm van ontvlambare stoffen (alcohol enz.) of van onder druk staande houders (spuitbussen) gehouden worden.

Door de juiste temperatuur in te stellen kan er schade aan het apparaat voorkomen worden.

De richting van de luchtstroom moet op de juiste manier ingesteld worden. De schoepen moeten tijdens de verwarmingsfunctie naar beneden gericht worden en tijdens de koelfunctie naar boven.

Men mag als de airconditioner lang achter elkaar in werking is de deuren en ramen niet open laten staan.

Men mag de luchtstroom niet rechtstreeks op planten of dieren richten.

Er mag geen water op de airconditioner gespoten worden.

Dit apparaat is gemaakt om het klimaat in huiselijke omgevingen te regelen en mag niet voor andere doeleinden gebruikt worden, zoals het drogen van kleding, het koelen van levensmiddelen enz.

Als het apparaat gebruikt wordt op plaatsen waar geen luchtverversing is dan moeten er maatregelen genomen worden om te vermijden dat eventuele lekken van koelmiddel in de omgeving blijven hangen en brandgevaar veroorzaken.

Er mogen geen zware of hete voorwerpen op het apparaat gelegd worden.

De materialen die voor de verpakking gebruikt zijn kunnen hergebruikt worden. Er wordt dus geadviseerd om het verpakkingsmateriaal in de bakken voor de gescheiden afvalverwerking te werpen. Aan het einde van de levensduur moet u de airconditioner bij de speciale inzamelcentra inleveren.

De airconditioner mag alleen gebruikt worden zoals vermeld in dit boekje. Deze aanwijzingen zijn niet bedoeld om alle mogelijke omscandigheden en situaties te bestrijken die zich kunnen voordoen. Tijdens het installeren, de werking en het bewaren moet er altijd een beroep gedaan worden op het gezonde verstand en moet er op een voorzichtige manier te werk gegaan zoals voor alle huishoudelijke apparaten geldt.
Interval werkingstemperaturen
| Binnenzijde droge voeler °C Buitenzijde droge voeler °C | ||
| Maximum koeling 36 45 | ||
| Minimum koeling 16 18 | ||
| Maximum verwarming 30 27 | ||
| Minimum verwarming 16 -10 | ||
BINNENUNIT

| Front paneel
2 Luchtfilter
3 Elektrostatisch filter (optie)
4 Handbedienings
5 K a b e l p a n e e
6 Actief koolstofffilter
7 Luchtgeleideschoepen
8 Signaalontvanger
9 Leddisplay
10 Voedingsstekker
II Aftapslang
12 Afstandsbediening
13 Handgreep
14 Luchtuitlaatrooster
15 Voorgevulde 4 meter lange slang met snelkoppeling

Luchtuitlaat
BUITENUNIT

De hierboven vermelde afbeelding is uitsluitend een eenvoudige weergave van het apparaat en het kan gebeuren dat deze voor wat de buitenkant betreft niet klopt met de unit die u gekocht heeft.

I. Handbedieningsschakelaar
Wordt gebruikt om het apparaat te bedienen als de afstandsbediening niet functioneert*.
2. Indicatie verwarmingsfunctie
Gaat branden als het apparaat op de verwarming-sfunctie staat.
3. Indicatie koelfunctie
Gaat branden als het apparaat op de koelfunctie staat.
4. Werkingsindicatie
Gaat branden als het apparaat in werking is.
5. Signaalontvanger
Ontvangt de signalen van de afstandsbediening.

De vorm en de plaats van de schakelaars en de indicatielampjes kan per model verschillen, maar de werking ervan is hetzelfde.

Stroom ingeschakeld bij openstaand rooster.

In geval van verlies van de afstandsbediening moet als volgt gehandeld worden:
a. Druk als de unit uitgeschakeld is op de on/off toets op de unit om de airconditioner op de AUTO stand in werking te stel-
len; de airconditioner gaat al naargelang de gegevensomstandigheden op de koel- of op de verwarmingsstand staan, om maximaal comfort te geven
b. Om de unit uit te schakelen moet u weer op de toets drukken..
De afstandsbediening stuurt signalen naar het apparaat.

Symbolen van de indicaties op het display met vloeibare kristallen:
AUTO Automatische ventilatiesnelheid
- Lage ventilatiesnelheid
Gemiddelde ventilatiesnelheid
Hoge ventilatiesnelheid
* Indicatie koelfunctie
Indicatie ontvochtigingsfunctie
Indicatie werking alleen ventilator
Indicatie verwarmingsfunctie
Indicatie automatische werkingsfunctie
Indicatie SLEEP functie
SWING Indicatie heen- en weergaande beweging schoepen
I. Display met vloeibare kristallen
Geeft alle werkingsfuncties weer.
- MODE knop
Wordt gebruikt om de werkingsfunctie in te stellen.
- FAN knop
Wordt gebruikt om de snelheid van de ventilator op volgorde op automatisch, laag, gemiddeld, hoog in te stellen.
- SLEEP knop
Wordt gebruikt om de SLEEP werkingsfunctie in te stellen of te annuleren.
- SWING knop
Wordt gebruikt om de heen- en weergaande beweging van de schoepen om de luchtstroom in de verticale richting te leiden te starten of te stoppen.
- T-ON knop (TIMER ON)
Wordt als het apparaat uitgeschakeld is gebruikt om de automatische inschakeling van de airconditioner in te stellen.
7-8. Knoppen voor de INSTELLING VAN DE OMGEVINGSTEMPERATUUR
Worden gebruikt om de omgevingstemperatuur in te stellen.
- T-OFF knop (TIMER OFF)
Wordt als het apparaat in werking is gebruikt om de automatische uitschakeling van de airconditioner in te stellen.
- I/O knop

Wordt gebruikt om het apparaat aan of uit te zetten..

Het display van de afstandsbediening blijft actief ook als de unit niet in werking is.
MANIER WAAROP DE BATTERIJEN ERIN GEDAAN MOETEN WORDEN
- Schuif het klepje van het batterijvakje in de richting van de pijl..
- D oe de nieuwe batterijen erin en let er daarbij op dat de (+) en (-) tekens van de batterij op de juiste manier gecombineerd worden.
- B reng het klepje weer aan en schuif dit weer op zijn plaats.
Gebruik 2 batterijen R03 AAA (1,5 V).

Gebruik geen oplaadbare batterijen.
Vervang verbruikte batterijen door nieuwe van hetzelfde type als het display niet leesbaar meer is.
De duur van de batterijen is ongeveer een jaar.
De batterijen van de afstandsbediening moeten op de juiste manier volgens de wettelijke voorschriften die in de diverse landen gelden weggegooid worden.

De afstandsbediening kan in een steun die aan de muur gemonteerd wordt gezet worden.

De afstandsbedieningshouder is standaard.

HOE U DE AFSTANDSBEDIENING MOET GEBRUIKEN
Om de airconditioner in werking te stellen moet u de afstandsbediening op de ontvanger van het signaal richten. De afstandsbediening functioneert tot een maximum afstand van 8 meter van de binnenunit.

Leg of zet de afstandsbediening op een afstand van minimaal 1 m van de televisie of andere elektrische apparaten neer.

WERKINGSSTANDEN
I. Instelling van de werkingsstand
Telkens als er op de MODE knop gedrukt wordt, wordt de werkingsstand op volgorde veranderd:

flowchart
graph TD
A["FULL AUTO"] --> B["COOLING"]
B --> C["DRY"]
C --> D["FAN ONLY"]
D --> E["HEATING"]
E --> A
2. WERKINGSFUNCTIE VAN DE VENTILATOR
Telkens als er op de FAN knop gedrukt wordt, wordt de snelheid op volgorde veranderd:

flowchart
graph LR
A["AUTO"] --> B["LOW MEDIUM HIGH"]
B --> C
3. INSTELLING VAN DE TEMPERATUUR

Druk er één keer op om de ingestelde temperatuur met I°C te verhogen.

Druk er één keer op om de ingestelde temperatuur met I°C te verlagen.
Regelbereik van de beschikbare temperaturen:
VERWARMEN 16°C \~ 30°C
KOELEN 16°C \~ 30°C
ONTVOCHTIGEN 16°C \~ 30°C
SÓ ALLEEN VENTILATOR instelling niet mogelijk
4. Aanzetten
Druk op de knop 1/0.

Bij het aanzetten gaat het apparaat op de laatste functie staan die ingesteld was voordat het apparaat uitgezet werd.
5. Regeling van de luchtstroom
Door op de knop "SWING" te drukken beginnen de schoepen voor de regeling van de luchtstroom automatisch heen en weer te bewegen: door nogmaals op de knop "SWING" te drukken stoppen de schoepen.

Draai de schoepen voor de regeling van de luchtstroom in de verticale richting niet met de hand omdat dit tot een slechte werking kan leiden. Als dit gebeurt moet u het apparaat eerst uitzetten en van het lichtnet afkoppelen en weer aansluiten.
Regeling van de luchtstroom in de horizontale richting (met de hand)
Draai aan de schuiven van de schoepen voor de regeling

van de luchtstroom in de horizontale richting om de hoek van de luchtstroom zoals aangegeven op de afbeelding te veranderen (de afgebeelde unit kan afwijken van de door u gekochte airconditioner).

Regelschuiven van de schoepen voor de regeling van de luchtstroom in de horizontale richting.

Dit moet door vakkundig technisch personeel gedaan worden.
AUTO WERKINGSFUNCTIE
Houd de MODE knop ingedrukt totdat de stand AUTO(△) ;weergegeven wordt; op deze stand worden de temperatuur en de ventilatiesnelheid automatisch op basis van de werkelijke omgevingstemperatuur ingesteld.
De werkingsfunctie en de temperatuur worden bepaald door de omgevingstemperatuur.
Op de AUTO stand is de vooringestelde temperatuur 25°C op de koelstand terwijl de ventilatiesnelheid kan variëren.
Omgevingstemperatuur Functie
| 23°C ~ 26°C ALLEEN VENTILATOR |
| Hoger dan 26°C KOELEN |
| Lager dan 23°C VERWARMEN |

UIA
TIMER FUNCTIE
AUTOMATISCHE START
Nadat u het apparaat uitgeschakeld heeft moet u op de T-ON toets drukken om de inschakeltijd van de airconditioner in te stellen: door nogmaals op de T-ON toets te drukken neemt de tijd 30 minuten toe tot een maximum van 24 uur na de insteltijd van de TIMER.
Bijv.: Als de instelling om 16.00 uur verricht wordt en de TIMER op 2.5 h ingesteld wordt dan zal het apparaat om 18 uur en 30 minuten gaan functioneren.
Bij het aanzetten gaat het apparaat op de laatste functie staan die gekozen was voordat het apparaat uitgezet werd.
AUTOMATISCHE UITSCHAKELING
Als het apparaat nog in werking is moet u op de T-OFF toets drukken om de uitschakeltijd van de airconditioner in te stellen: door nogmaals op de T-OFF toets te drukken neemt de tijd 30 minuten toe tot een maximum van 24 uur na de insteltijd van de TIMER.
Bijv.: Als de instelling om 20 uur en 30 minuten verricht wordt en de TIMER op 3.5 h ingesteld wordt dan zal het apparaat om 24 uur uitschakelen..

ONTVOCHTIGINGSFUNCTIE
Houd de MODE toets ingedrukt totdat de DRY functie ( ◆ ) weergegeven wordt..
Het apparaat schakelt al naargelang de omgevingstemperatuur en de ingestelde temperatuur in:
- Als de omgevingstemperatuur lager is dan de ingestelde temperatuur dan stoppen de buiten- en binnenunit.
- Als de omgevingstemperatuur ± 2 °C van de ingestelde temperatuur verschilt dan gaat het apparaat op de ontvochtigingsstand staan.
- Als de omgevingstemperatuur + 2 °C hoger is dan de ingestelde temperatuur dan gaat het apparaat automatisch op de koelstand staan.

SLEEP FUNCTIE

SLEEP FUNCTIE
Houd de MODE toets ingedrukt totdat de COOL (*) of de DRY functie ( ◆ ) weergegeven wordt.
Stel de gewenste temperatuur in.
Druk op de SLEEP toets ( ) : de temperatuur zal binnen één uur 1°C toenemen en binnen twee uur 2°C. Het apparaat zal de temperatuur daarna vasthouden totdat het apparaat uitschakelt (na 6 uur).

Haal de stekker uit het stopcontact.

Verwijderen en reinigen van het filter
- Maak het frontpaneel open en houd daarbij de richting van pijl I aan.
- T r ek het frontpaneel er naar boven toe uit.
- Maak het paneel open en houd daarbij de richting van pijl 2 aan.
- Houd het frontpaneel met uw ene hand omhoog en trek met uw andere hand het luchtfilter eruit (zie fig.).
- Maak het filter met water schoon; als het filter besmeurd is met olie kan het met warm water gewassen worden (het water mag niet heter zijn dan 45°C). Laat het filter op een koele en droge plaats drogen.
Installatie van het filter
- Houd het frontpaneel met uw ene hand omhoog en doe met uw andere hand het luchtfilter er weer in (zie fig.).
- Doe het luchtfilter erin.
- Laat het frontpaneel zakken en controleer of de drie haken (A, B en C) op de betreffende plaats vallen.
- Maak het paneel daarna dicht.
STORING IN DE WERKING MOGELIJKE OORZAKEN
Het apparaat functioneert niet

- A Is de airconditioner uitgeschakeld is kan het apparaat ongeveer 3 minuten lang niet opnieuw in werking gesteld worden.
Er is een vreemde geur

- Deze geur kan ook uit iets anders afkomstig zijn zoals meubels e.d..
Er is het geluid van stromend water te horen

- D it komt door het stromen van het koelmiddel in de airconditioner en duidt niet op een storing.
Er komen spatten van verdampt water uit de luchtuitlaat

- D it gebeurt als de lucht in de ruimte erg snel koud wordt, bijvoorbeeld tijdens de werkingsfunctie "KOELEN" of "ONTVOCHTIGEN".
Er is een vreemd geluid

- D it geluid wordt veroorzaakt door het uitzetten of intrekken van het voorpaneel door de warmteschommelingen en duidt niet op een probleem.
Het apparaat functioneert niet

- Is de beveiliging defect of zijn de zekeringen doorgebrand? - Zijn de aansluitingen losgeraakt of is de stekker niet aangesloten? - Soms functioneert de beveiliging niet meer om het apparaat te beschermen. - Is de spanning hoger dan 244V of lager dan 206V? - Is de TIMER ON functie actief?
Er komt niet genoeg koude of warme lucht uit

- Is de temperatuur goed ingesteld? - Zijn de in- en uitlaten van de airconditioner afgedekt? - Is het luchtfilter vuil? - Is de ventilatiesnelheid op het minimum ingesteld? - Zijn er andere warmtebronnen in het vertrek?
Het apparaat reageert niet op de bedieningen

- Is de afstandsbediening dicht genoeg bij de binnenunit? - Zijn de batterijen van de afstandsbediening leeg? - Zijn er obstakels tussen de afstandsbediening en de signaalontvanger op de binnenunit?
Schakel de airconditioner onmiddellijk uit en ha stekker uit het stopcontact in één van de volgende len:

- Vreemde geluiden tijdens de werking. - Zekeringen of schakelaars defect. - Waterspatten of voorwerpen in het apparaat. - Kabels of stekkers oververhit. - Erg sterke luchtjes afkomstig uit het apparaat.
INSTALLATIESCHEMA


De hierboven vermelde afbeelding is uitsluitend een eenvoudige weergave van het apparaat en het kan gebeuren dat deze voor wat de buitenkant betreft niet klopt met het apparaat dat u gekocht heeft.
KEUZE VAN DE BESTE PLAATS
Geschikte plaatsen voor de installatie van de binnenunit
- Geen obstakels in de buurt van de luchtuitlaat zodat de lucht zich makkelijk in de hele ruimte kan verspreiden.
- O p punten waar de leidingen aangelegd kunnen worden en waar makkelijk gaten in de muur geboord kunnen worden.
- Bekijk de aangegeven afstanden van het plafond en de wand en volg het bedradingsschema.
- Op een punt waar het luchtfilter makkelijk verwijderd kan worden.
- P laats de unit en de afstandsbediening op 1 meter afstand of meer van de televisie, de radio enz.
- Houd het apparaat zover mogelijk van tl-lampen af om schadelijke effecten te voorkomen.
- Plaats geen voorwerpen in de buurt van de luchtinlaat om te voorkomen dat de luchtinlaat afgedekt wordt
• Op een plaats die het gewicht kan verdragen en waar het geluid en de trillingen tijdens de werking niet toenemen.

Minimum installatiehoogte van de binnenu-nit (min. 2,5 m).
Geschikte plaatsen voor de installatie van de buitenunit
- Installeer de unit op een geschikte en goed geventileerde plaats; installeer de unit niet op plaatsen waar mogelijke lekken van brandbare gassen kunnen ontstaan.
- Houd de aangegeven afstand van de muur aan.
- Installeer de buitenunit niet in ruimten waar vuil of vet is, in de buurt van de uitstoot van vulkanisatiegassen of erg zilte stranden.
- I installeer de unit ook niet aan de rand van een weg waar de unit in aanraking kan komen met modderwater.
- Op een vaste ondergrond waardoor het werkingsgeluid niet toeneemt.
- O p een punt waar de luchtuitlaat niet afgedekt wordt.

De unit mag niet in werking gesteld worden voordat het apparaat volledig op zijn gebruiksplaats gemonteerd is.
De installatie en het onderhoud van het apparaat mag uitsluitend door vakkundig technisch personeel gedaan worden.
Het apparaat moet volgens de voorschriften die in de diverse landen gelden geïnstalleerd worden.
Alvorens het apparaat te starten moet eerst gecontroleerd worden of het apparaat deugdelijk geaard is volgens de voorschriften die in de diverse landen gelden.

flowchart
graph TD
A["Binnenunit"] --> B["Process Unit"]
B --> C["Buitenunit"]
C --> D["Output"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#ccf,stroke:#333
style C fill:#cfc,stroke:#333

I A
I. INSTALLATIE VAN DE BEVESTIGINGSPLAAT
Kies een punt om de bevestigingsplaat te installeren op basis van de plaats waar de binnenunit zich bevindt en de richting waarin de leidingen lopen.
Zorg ervoor dat de bevestigingsplaat vlak is en gebruik daarbij een liniaal of schietlood.
Boor 32 mm diepe gaten in de muur om de plaat te bevestigen.
Steek de plastic pennen in de gaten en maak daarna de bevestigingsplaat met de zelftappende schroeven die bij de unit geleverd worden vast.
Controleer of de bevestigingsplaat op de juiste manier en stevig bevestigd is zodat de plaat berekend is op het gewicht van een volwassene van 60 kg.

Uw bevestigingsplaat kan een andere vorm hebben dan die hierboven afgebeeld is maar de installatiemethode is hetzelfde.
2. EEN GAT VOOR DE LEIDING BOREN
Bepaal de plaats waar u het gat voor de leiding moet boren op basis van de plaats van de bevestigingsplaat.
Boor het gat in de muur Het gat moet naar beneden geneigd zijn en naar buiten gericht zijn.
Installeer een mof via het gat in de muur om de muur te beschermen en om de muur schoon te houden.
3. INSTALLATIE VAN DE LEIDINGEN VAN DE BINNENUNIT
Doe de pijp (voor vloeistoffen en gas) via de buitenkant in het gat in de muur of monteer de pijp via de binnenkant nadat de slangen aangelegd zijn en de kabels aan de binnenkant aangesloten zijn, zodat de leiding op de buitenunit aangesloten kan worden.
Bepaal op basis van de richting van de leiding of u het plastic segment wilt verwijderen.
Aansluiting van de leidingen
Als u de pijp in richting 1, 2 of 4 bevestigt moet u het betreffende plastic segment van de onderkant van de binnenunit verwijderen.
Nadat u de leiding volgens de aanwijzingen aangesloten heeft moet u de aftapslang installeren. Nu moeten de voedingskabels geïnstalleerd worden. Na de aansluiting moeten de leiding, de kabels en de aftapslang met het warmte-isolatiemateriaal bedekt worden.

Bedek de verbindingen van de leidingen met warmte-isolatiemateriaal en wikkel er vinyl tape om heen.


Verwijder het plastic segment langs het kanaal




Warmte-isolatie

Bedekt met vinyl tape

Leidingen van de warmte-isolatie
- Plaats de aftapslang onder de leiding.
- Isolatiemateriaal: polyetheenschuim met een dikte van meer dan 6 mm.

De aftapslang moet verzorgd worden door de gebruiker.
- De aftapslang moet naar beneden gedraaid worden om de afvoer te vergemakkelijken.
- Buig de aftapslang niet, zorg dat er geen uitsteeksels aan zitten, zorg ervoor dat hij niet in de war raakt en dompel het uiteinde ervan niet onder in water. Als er een verlengslang op de aftapslang aangesloten wordt moet u controleren of deze van warmte-isolatie voorzien is als u hem in de binnenunit laat lopen.
- Als de leiding naar rechts geleid wordt moeten de leiding, de voedingskabel en de aftapslang van warmte-isolatie voorzien worden en met een slangkoppeling aan de achterkant van de unit vastgemaakt worden.
I. Doe de slangkoppeling in de behuizing.
- Druk erop om de slangkoppeling aan de onderkant vast te maken.


Op dit punt vast-
maken
Binnenunit Buitenunit

flowchart
graph TD
A["Geel/Groen"] --> B["Zwart"]
A --> C["Blauw"]
A --> D["Vermogenskabel"]
E["N1"] --> F["Paars"]
E --> G["Oranje"]
H["3"] --> B
I["2"] --> B
J["1"] --> F
K[" "] --> G

Alle elektrische aansluitingen moeten door vakkundig technisch personeel uitgevoerd worden in overeenstemming met de geldende voorschriften in de diverse landen.
Houd de volgorde en de kleur van de kabels aan als de twee meegeleverde connectoren gebruikt worden.
I A
INSTALLATIE VAN DE BUITENUNIT
1. Installeer de aftapkoppeling en de aftapslang (alleen bij het model met warmtepomp)
De condens stroomt uit de buitenunit als het apparaat tijdens de verwarmingsfunctie functioneert. Om de buren niet te hinderen en rekening te houden met het milieu moet er een aftapkoppeling en een aftapslang geïnstalleerd worden om het condenswater af te voeren. Het is voldoende om de aftapkoppeling en het rubberen ringetje op de ombouw van de buitenunit te installeren en er daarna een aftapslang op aan te sluiten zoals afgebeeld op de figuur.
2. Installatie en bevestiging van de buitenunit
De unit moet stevig met bouten op een vlakke en stevige vloer bevestigd worden. Als men de unit aan de muur of op het dak wil installeren moet erop gelet worden dat de steun stevig vastgezet wordt om te voorkomen dat deze door sterke trillingen of harde wind beweegt.
3. Aansluiting van de leidingen van de buitenunit
Verwijder het kapje van de twee- en driewegkleppen. Sluit de leidingen afzonderlijk aan op de twee- en driewegkleppen op basis van het vereiste aanhaalmoment.
4. Aansluiting van de kabel van de buitenunit (zie vorige bladzijde)

Aftapkoppeling
Aftapslang (hier moet de gebruiker voor zorgen)
| Te verrichten handelingen | Foto |
| Draai de met de pijl aangegeven bout los. | ![]() |
| Druk de grote knop naar beneden en trek hem uit. | ![]() |
| Vóór de installatie moet de gebruiker de op de figuur afgebeelde veiligheidssluitingen verwijderen. | ![]() |
| Verwijder de bevestigingsplaat van de snelconnector (mannetje). | Draaibare stekker Bevestigingsplaat |
| Trek de bevestigingskabel naar de binnenzijde zoals aangegeven met de pijl. | Bevestigingskabel |
| Operações a fazer | Foto |
| Steek de snelconnector (mannetje) in de vrouwtjes aansluiting en breng tegelijkertijd de bevestigingskabel weer aan.NB: De draaibare stekker moet naar beneden geplaatst worden. | ![]() |
| Draai de bevestigingsplaat en druk hem naar de onderkant. NB: Het is moeilijk om de bevestigingsplaat naar de onderkant te duwen als de bevestigingskabel niet helemaal opnieuw aangebracht is. | Bevestigingsplaat |
| Steek na het sluiten van de snelkoppeling de veiligheidsstekker in het speciale op de figuur aan-gegeven gat. | ![]() |
| Sluit het uiteinde van de kabel aan. Installeer een draadklem om de verbindingskabel vast te zetten. | Draadklem Verbindingsklem |
| Monteer de grote knop. | ![]() |
Belangrijke waarschuwing
Om de unit met koelmiddel te vullen moet u de kap en het paneel van de buitenunit verwijderen en het koelmiddel in het vulmondstuk voor het freon doen.

-Vulmondstuk voor het freon
OPMERKINGEN
- Lees de handleiding alvorens het apparaat te installeren en in gebruik te nemen.
- Controleer of de lucht niet in de koelinstallatie komt en of er geen koelmiddellekken zijn als u de airconditioner verplaatst.
- V oer na de installatie van de airconditioner een testcyclus uit en noteer de werkingsgegevens.
- Het type zekering dat in de inwendige bedieningseenheid geïnstalleerd is heeft de volgende nominale specificaties: 3.15 A,T, 250V.

- De gebruiker moet de hele unit van een zekering voorzien die geschikt is voor de maximum ingaande stroom of in plaats daarvan een beschermingsinrichting tegen overbelasting.
- De stekker moet ook na installatie van het apparaat bereikbaar blijven zodat de stekker uit het stopcontact gehaald kan worden.
- A is de voedingskabel beschadigd is moet deze door de fabrikant of door een medewerker van de technische servicedienst of iemand anders die ook vakkundig is vervangen worden om elk risico te voorkomen.

BELANGRIJKE INFORMATIE VOOR DE CORRECTE VERWERKING VAN HET PRODUCT IN OVEREEN-STEMMING MET DE EUROPESE RICHTLIJN 2002/96/EC
Aan het einde van zijn nuttig leven mag het product niet samen met het gewone huishoudelijke afval worden verwerkt. Het moet naar een speciaal centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden gebracht, of naar een verkooppunt dat deze service verschaft. Het apart verwerken van een huishoudelijk apparaat voorkomt mogelijke negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid die door een ongeschikte verwerking ontstaan en zorgt ervoor dat de materialen waaruit het apparaat bestaat teruggewonnen kunnen worden om een aanmerkelijke besparing van energie en grondstoffen te verkrijgen. Om op de verplichting tot gescheiden verwerking van elektrische huishoudelijke apparatuur te wijzen, is op het product het symbool van een doorgekruiste vuilnisbak aangebracht.



Draaibare stekker Bevestigingsplaat
Bevestigingskabel
Bevestigingsplaat
Draadklem Verbindingsklem