CSE 1835 - Elektrische kettingzaag MC CULLOCH - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis CSE 1835 MC CULLOCH in PDF-formaat.

📄 288 pagina's Nederlands NL 💬 AI-vraag
Notice MC CULLOCH CSE 1835 - page 40
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : MC CULLOCH

Model : CSE 1835

Categorie : Elektrische kettingzaag

Download de handleiding voor uw Elektrische kettingzaag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CSE 1835 - MC CULLOCH en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CSE 1835 van het merk MC CULLOCH.

GEBRUIKSAANWIJZING CSE 1835 MC CULLOCH

10) 11) 12) 13) 14) 15) 16) 17) 18) 19) 20) 21) 22) 23) 24) 25) 26) 27) 28) 29) 30) 31) 32) 33) Achterste handgreep Handbescherming achter Voorste handgreep Handbescherming voor/kettingremhandel Buitenste kettingspanknop Kettingspanschroef Kettingspanpen Olietankdop Kijkvenster olieniveau Ventilatieopeningen Kabel Gebruiksaanwijzing Schakelaar Schakelaarvergrendeling Ketting Aandrijfschakel Snijschakel Dieptesteller 8, 9,14 Snijtand Geleider Kettingwielkast Kettingwiel Kettingvanger Zwaardbevestigingsschroef Binnenste kettingbladknop Kettingbladmoer Neuswiel Geleiderkap Veltand Zitting kettingspanpen Smeergat Geleidergroef Moersleutel/schroevendraaier 6 10, 15 Voorbeeld-etiket

Geluidsvermogen gegarandeerd volgens richtlijn 2000/14/EC Werktuig van Klasse II CE-markering Nominale frequentie Nominaal vermogen Wisselstroom Nominale spanning Type Productcode Bouwjaar Maximale lengte van geleider Naam en adres fabrikant Artikelnummer (Elektrische kettingzaag) Mode Serienummer NEDERLANDS - 1 B. VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

BETEKENIS VAN DE SYMBOLEN

Waarschuwing Gebruiksaanwijzing aandachtig lezen Richting van de snijtand Veiligheidslaarzen Altijd met twee handen gebruiken Gevaar voor terugslag Helm, gehoorbescherming en veiligheidsbril of vizier 10 m Niet blootstellen aan regen of vocht Veiligheidshandschoenen Kettingolie Lange veiligheidsbroek tegen snijwonden Niet doen … Rem uitgeschakeld, ingeschakeld Machine uitschakelen Als het snoer beschadigd of doorgesneden is, dient u de stekker onmiddellijk uit het stopcontact te halen Haal de stekker uit het stopcontact voordat u de machine verstelt of schoonmaakt Houd omstanders uit de buurt Algemene veiligheidswaarschuwingen voor elektrische gereedschappen. WAARSCHUWING Lees alle veiligheidswaarschuwingen en alle instructies. Het niet opvolgen van de waarschuwingen en instructies kan stroomschokken, brand en/of ernstig letsel tot gevolg hebben. Kans op elektrische schok

2) Elektrische veiligheid

a) De stekker van het elektrisch gereedschap moet geschikt zijn voor het stopcontact. Nooit een stekker modificeren. Gebruik geen adapterstekkers in combinatie met geaarde elektrische gereedschappen. Ongemodificeerde stekkers en geschikte stopcontacten reduceren het risico van stroomschokken. Bewaar alle waarschuwingen en instructies voor toekomstig gebruik. b) Vermijd lichaamscontact met geaarde oppervlakken zoals pijpen, radiators, fornuizen en koelkasten. Het Onder de term ‘“elektrisch gereedschap” in de waarschuwingen wordt verstaan uw elektrisch gereedschap met netvoeding (met snoer) of uw elektrisch gereedschap met batterij (zonder snoer). c) Stel elektrische gereedschappen niet bloot aan regen of natte condities. Als er water in een elektrisch

1) Veiligheid op de werkplek

a) Zorg ervoor dat de werkplek schoon en goed verlicht is. Een rommelige of donkere werkplek kan ongelukken veroorzaken. b) Gebruik het elektrisch gereedschap niet in explosieve atmosferen, bijvoorbeeld in aanwezigheid van ontvlambare vloeistoffen, gassen of stof. Elektrische gereedschappen geven vonken af die het stof of de dampen vlam kunnen doen vatten. c) Zorg ervoor dat kinderen en omstanders op een afstand blijven wanneer u een elektrisch gereedschap gebruikt. Als u afgeleid wordt kunt u de controle over het gereedschap verliezen. risico van stroomschokken neemt toe als uw lichaam geaard wordt. gereedschap komt, neemt het risico van stroomschokken toe. d) Misbruik het snoer niet. Gebruik het snoer niet om het elektrisch gereedschap te dragen of naar u toe te trekken, of de stekker uit het stopcontact te trekken. Houd het snoer uit de buurt van warmtebronnen, olie, scherpe randen en bewegende onderdelen. Met een beschadigd of verknoopt snoer neemt het risico van stroomschokken toe. e) Als het elektrisch gereedschap buiten gebruikt wordt, gebruik dan een verlengsnoer dat geschikt is voor gebruik buitenshuis. Het gebruik van een geschikt snoer vermindert het risico van stroomschokken. NEDERLANDS - 2 f) Als gebruik van elektrisch gereedschap op een vochtige plek onvermijdelijk is, gebruik dan een door een aardlekschakelaar (RCD) beschermde voedingsbron. Een RCD vermindert het risico van stroomschokken.

3) Persoonlijke veiligheid

a) Blijf alert, let op wat u doet en gebruik uw gezond verstand bij gebruik van elektrisch gereedschap. Gebruik elektrische gereedschappen niet als u moe of onder invloed van drugs, alcohol of geneesmiddelen bent. Zelfs als u één ogenblik niet oplet tijdens gebruik van elektrisch gereedschap, kan dit ernstig persoonlijk letsel veroorzaken. b) Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen. Draag altijd oogbescherming. Beschermingsmiddelen zoals een stofmasker, slipvrije veiligheidsschoenen, een helm of oorbescherming in bepaalde condities verminderen het risico van persoonlijk letsel. c) Voorkom dat u de apparatuur per ongeluk opstart. Controleer of de schakelaar in de uit-stand staat voordat u de stekker in het stopcontact steekt, een batterij aansluit of het gereedschap oppakt. Het dragen van elektrisch gereedschap met uw vinger op de schakelaar of het inschakelen van elektrisch gereedschap dat aanstaat kan ongelukken veroorzaken. d) Verwijder stelsleutels voordat u het elektrisch gereedschap aanzet. Het laten zitten van een sleutel in een draaiend deel van het elektrisch gereedschap kan persoonlijk letsel veroorzaken. e) Reik niet te ver. Zorg dat u altijd stevig staat en in balans blijft. U heeft dan beter controle over het elektrisch gereedschap in onverwachte situaties. f) Draag geschikte kleding. Draag geen loszittende kleding of sierraden. Houd haar, kleding en handschoenen uit de buurt van bewegende onderdelen. Loszittende kleding, sierraden of lang haar kan verstrengeld raken in bewegende onderdelen. g) Als er inrichtingen zijn voor het afzuigen of verzamelen van stof, zorg er dan voor dat deze op de juiste manier aangesloten en gebruikt worden. Het gebruik van stofverzamelingsapparatuur kan risico's in verband met stof verminderen.

4) Gebruik en verzorging van elektrische

gereedschappen a) Forceer het elektrisch gereedschap niet. Gebruik het juiste elektrisch gereedschap voor het betreffende doeleinde. Het juiste elektrisch gereedschap levert betere resultaten op en is veiliger voor het doel waarvoor het ontworpen werd. b) Gebruik het elektrisch gereedschap niet als het niet met de schakelaar aan en uit te zetten is. Een elektrisch gereedschap dat niet via de schakelaar te bedienen is, is gevaarlijk en moet gerepareerd worden. e) Houd het elektrisch gereedschap goed bij. Controleer op foutuitlijning of vasthaken van bewegende onderdelen, kapotte onderdelen en andere condities die de werking van het gereedschap kunnen aantasten. Indien het elektrisch gereedschap beschadigd is, repareer het dan alvorens het weer te gebruiken. Veel ongelukken worden veroorzaakt door slecht onderhouden elektrische gereedschappen. f) Houd snijgereedschappen scherp en schoon. Goed onderhouden snijgereedschappen met scherpe snijranden blijven minder snel haken en zijn gemakkelijker te bedienen. g) Gebruik het elektrisch gereedschap, de hulpstukken en bitten etc. in overeenstemming met deze instructies. Houd tevens rekening met de werkcondities en het doeleinde. Het gebruik van het elektrisch gereedschap voor andere doeleinden dan die waarvoor het bedoeld is, kan tot gevaarlijke situaties leiden.

a) Laat het elektrisch gereedschap door een bevoegde monteur onderhouden, uitsluitend met gebruik van identieke vervangingsonderdelen. Zo wordt de veiligheid van het elektrisch gereedschap gehandhaafd. Veiligheidswaarschuwingen:

  • Houd alle lichaamsdelen uit de buurt van de ketting wanneer de kettingzaag wordt gebruikt. Voordat u de kettingzaag start, moet u ervoor zorgen dat de ketting nergens contact mee maakt. Een moment van onoplettendheid tijdens het gebruik van de kettingzaag kan ervoor zorgen dat uw kleding of uw lichaam met de ketting in contact komt.
  • Houd de kettingzaag altijd met uw rechterhand aan het achterste handvat vast en met uw linkerhand aan het voorste handvat. Als u de kettingzaag omgekeerd vasthoudt, vergroot u de kans op lichamelijk letsel. Doe dit dus noot.
  • Het elektrische gereedschap alleen aan de gečsoleerde oppervlakken vasthouden, want de zaagketting kan contact maken met verborgen bedrading of het eigen snoer. Als de zaagketting contact maakt met een stroomvoerende draad, kan dit blootliggende metalen delen van het elektrische gereedschap stroomvoerend maken en de gebruiker een elektrische schok geven.
  • Draag een veiligheidsbril en oorbeschermers. Aanbevolen wordt ook uw hoofd, handen, benen en voeten te beschermen. Goede beschermende kleding verlaagt de kans op lichamelijk letsel door rondvliegende deeltjes of contact met de ketting.
  • Gebruik de kettingzaag niet in een boom. Als u de kettingzaag gebruikt wanneer u in een boom bent geklommen, loopt u kans op lichamelijk letsel. c) Neem de stekker uit het stopcontact en/of de batterij uit het elektrisch gereedschap voordat u instellingen verandert, hulpstukken verwisselt of het gereedschap opbergt. Dergelijke voorzorgsmaatregelen
  • Zorg er altijd voor dat u een stevige voetensteun hebt en gebruik de kettingzaag alleen wanneer u op een stabiel, veilig en horizontaal oppervlak staat. d) Bewaar elektrische gereedschappen buiten het bereik van kinderen en laat ze niet bedienen door personen die niet vertrouwd zijn met het gereedschap of deze instructies. Elektrische gereedschappen zijn
  • Wanneer u een tak afzaagt die onder spanning staat, moet u oppassen voor de terugvering. Wanneer de verminderen het risico dat het elektrisch gereedschap per ongeluk opstart. gevaarlijk in de handen van onervaren gebruikers. Glibberige of instabiele oppervlakken, zoals ladders, kunnen ervoor zorgen dat u uw evenwicht verliest en de controle over de kettingzaag verliest. spanning in de houtvezels wordt afgelaten, kan de tak u met kracht raken en/of ervoor zorgen dat u de controle over de kettingzaag verliest.
  • Wees heel voorzichtig wanneer u kreupelhout en jonge boompjes afzaagt. Dit dunne hout kan de ketting raken en vooruit in uw richting worden getrokken of u uit uw evenwicht trekken. NEDERLANDS - 3
  • Draag de kettingzaag bij het voorste handvat wanneer de ketting uitgezet is en houd de zaag uit de buurt van uw lichaam. Wanneer u de kettingzaag vervoert of opbergt, moet u altijd de kap over de geleider van de zaagketting doen. Als de kettingzaag goed wordt gebruikt, loopt u minder risico dat u per ongeluk contact maakt met de ketting.

Voorzorgsmaatregelen.

Reparatie en onderhoud.

  • Volg de aanwijzingen voor smering, kettingopspanning en het verwisselen van accessoires. Onjuist opgespannen of gesmeerde kettingen breken of vergroten de kans op terugslag.
  • Houd de handvatten droog, schoon en vrij van olie en vet. Vettige, olieachtige handvatten zijn glibberig en kunnen ervoor zorgen dat u de controle over de machine verliest.
  • Zaag alleen hout met deze machine. Gebruik de kettingzaag nooit voor iets anders dan het beoogde doel. Bijvoorbeeld: gebruik de kettingzaag niet voor het zagen van plastic, steen of constructiemateriaal dat niet van hout is gemaakt. Als u de kettingzaag gebruikt voor iets anders dan het beoogde doel, kan een gevaarlijke situatie ontstaan. De oorzaak van terugslag en hoe dit voorkomen kan worden: Terugslag gebeurt wanneer de neus of punt van de geleider een voorwerp raakt (afb. B3) of wanneer het hout de ketting tijdens het zagen vastklemt. Dit contact met de punt kan een plotselinge omgekeerde reactie veroorzaken, waardoor de geleider omhoog en naar achteren, naar de gebruiker wordt geduwd. Als de ketting langs de bovenkant van de geleider wordt vastgeknepen, kan de geleider ineens snel naar de gebruiker worden geduwd. Beide reacties kunnen ervoor zorgen dat u de controle over de kettingzaag verliest, wat tot ernstig lichamelijk letsel kan leiden. Vertrouw niet uitsluitend op de veiligheidsfuncties van de kettingzaag zelf. Als gebruiker van de kettingzaag, moet u enkele stappen ondernemen om ervoor te zorgen dat er bij uw werk geen ongelukken of ongevallen voorkomen. Terugslag is het gevolg van onjuist gebruik van het gereedschap en/of onjuiste bedrijfsprocedures of omstandigheden en kan worden vermeden door de onderstaande voorzorgsmaatregelen te treffen.
  • Handhaaf een stevige greep op de machine, Waarbij de duimen en vingers de handvatten van de kettingzaag omvatten. Houd de kettingzaag met beide handen vast, en plaats uw lichaam en arm zo, dat u de terugslagkracht kunt weerstaan. De terugslagkracht kan door de gebruiker worden weerstaan als de juiste voorzorgsmaatregelen worden getroffen. Laat de kettingzaag nooit los.
  • Strek niet te ver vooruit en zaag niet boven schouderhoogte. Dit helpt te voorkomen dat de punt van de ketting per ongeluk ergens tegenaan stoot en zorgt ervoor dat u de kettingzaag in een onverwachte situatie beter onder controle kunt houden.
  • Gebruik alleen geleiders en kettingen die door de fabrikant worden aangeraden. Onjuist vervangen geleiders en kettingen kunnen ervoor zorgen dat de ketting breekt en/of terugslaat.
  • Volg de slijp- en onderhoudsaanwijzingen van de fabrikant. Als de snijdiepte wordt verminderd, kan dit tot meer terugslag leiden. Aanvullende veiligheidsaanbevelingen

1. Handleiding. Iedereen die deze machine gebruikt,

moet de handleiding zorgvuldig doorlezen. De handleiding moet bij de machine worden meegeleverd als iemand anders de kettingzaag koopt of leent. Zorg ervoor dat niemand deze machine gebruikt die niet precies weet wat er in de handleiding staat. Onervaren mensen moeten eerst worden getraind (alleen met een zaagbok). Controleer de machine zorgvuldig voor elk gebruik, vooral als hij zwaar werk heeft moeten leveren of als u het idee hebt dat zich een storing heeft voorgedaan. Voer alle handelingen uit die staan beschreven in het hoofdstuk "Onderhoud en opslag – voorafgaand aan elk gebruik". Alle machineonderdelen die vervangen kunnen worden, staan duidelijk beschreven in het hoofdstuk "Assemblage / demontage". Alle andere machineonderdelen mogen alleen vervangen worden door een erkend reparatiecentrum. Wanneer deze machine wordt gebruikt, moet de gebruiker de volgende goedgekeurde persoonlijke beschermende kleding dragen: nauw aansluitende beschermende kleding, veiligheidsschoenen met antislipzolen, kreukelvrije teenbeschermers en snijbestendige bescherming, snijbestendige trillingsvrije handschoenen, veiligheidsbril of vizier, oorbescherming en helm (als er kans is op vallende voorwerpen). Deze bescherming is verkrijgbaar van een werkkledingleverancier. onmiddellijke omgeving bestaan. Langdurig gebruik van de machine stelt de operator bloot aan trillingen die zogenaamde 'dode vingers' (fenomeen van Raynaud), carpale tunne-syndroom en soortgelijke aandoeningen kunnen veroorzaken.

Gezondheidswaarschuwingen – Chemische stoffen. Gebruik de soort olie die door de fabrikant wordt aanbevolen.

Gezondheidswaarschuwingen – Hitte.

WAARSCHUWING! Dit apparaat produceert een Tijdens het gebruik bereiken het tandwiel en de ketting erg hoge temperaturen. Raak deze onderdelen dus niet aan wanneer ze heet zijn. elektromagnetisch veld tijdens gebruik. Dit veld mag onder geen beding storing veroorzaken met actieve of passieve implantaten. Om het risico van ernstige of dodelijke verwondingen te voorkomen, raden wij personen met medische implantaten aan om hun arts en de fabrikant van het implantaat te raadplegen alvorens dit apparaat te gebruiken. Voorzorgsmaatregelen voor transport en opslag. (afb. 2) Telkens wanneer van werklocatie wordt veranderd, moet de stekker uit het stopcontact worden gehaald en moet de remhendel wordt gebruikt. Breng de geleiderkap aan, telkens wanneer de kettingzaag wordt vervoerd of opgeborgen. Draag de machine altijd met de hand met de geleider naar achteren gekeerd. Als de machine in een voertuig wordt vervoerd, moet hij altijd goed worden vastgezet, om schade te voorkomen. Terugslag. (afb. 3) Terugslag bestaat uit een plotselinge harde beweging van de geleider naar boven en naar achteren, richting gebruiker. Dit gebeurt meestal wanneer het bovenste deel van de geleiderneus (ook wel de 'terugslagzone' genoemd - zie de rode markeringen op de geleider), contact maakt met een voorwerp of als de ketting in het hout komt vast te zitten. Door deze terugslag raakt de operator de controle over de machine kwijt, wat tot ernstig en zelfs fataal letsel kan leiden. De remhendel en andere veiligheidsfuncties zijn onvoldoende om de gebruiker tegen lichamelijk letsel te beschermen: de gebruiker moet zich goed bewust zijn van de omstandigheden waarin terugslag voorkomt en deze vermijden door de aandacht erbij te houden, op basis van zijn ervaring, en door de machine verstandig en juist te gebruiken (bijvoorbeeld: zaag nooit meerdere takken tegelijkertijd, omdat deze per ongeluk in contact kunnen komen met de 'terugslagzone'. NEDERLANDS - 4 Veiligheid in het werkgebied

1. Laat de machine nooit gebruiken door kinderen of

mensen die de gebruiksaanwijzingen niet kennen. Plaatselijke regels kunnen beperkingen opleggen aan de leeftijd van de gebruiker.

2. Gebruik het product alleen op de manier en voor de

doeleinden die in deze aanwijzingen staan beschreven.

3. Controleer het hele werkgebied zorgvuldig op

mogelijke gevaren (bijv. wegen, paden, elektrische kabels, gevaarlijke bomen, enz.)

4. Houd alle omstanders en dieren uit de buurt van het

werkgebied (zet zo nodig het gebied af en plaats waarschuwingsborden). Zorg voor een minimum afstand van 2,5 x de stamhoogte; nooit minder dan tien meter.

5. De operator is verantwoordelijk voor ongelukken of

gevaarlijke situaties voor andere mensen en hun eigendommen. Elektrische beveiliging

1. Aanbevolen wordt dat u een aardlekschakelaar

gebruikt met een uitschakelstroom van niet meer dan 30 mA. Zelfs met een aardlekschakelaar kan de veiligheid niet 100% worden gegarandeerd en moet men te allen tijde de veiligheidsrichtlijnen toepassen. Controleer uw aardlekschakelaar telkens wanneer u hem gebruikt.

2. Vóór elk gebruik inspecteert u het snoer op

beschadiging. Vervang het snoer als het beschadigd of versleten is.

3. Gebruik het product niet als de elektrische snoeren

beschadigd of versleten zijn.

4. Als het snoer wordt doorgesneden of als de isolatie is

beschadigd, moet de netstroom onmiddellijk van de kettingzaag worden afgehaald. Raak het elektriciteitssnoer niet aan totdat de stroom is uitgeschakeld. Repareer een doorgesneden of beschadigd snoer niet. Neem het product mee naar een erkend reparatiecentrum en laat het snoer vervangen.

5. Het verlengsnoer moet zijn afgerold of

afgewikkeld. Opgerolde of niet afgewikkelde snoeren kunnen oververhit raken en het vermogen van de grasmaaier verminderen.

6. Zorg er altijd voor dat het (verleng)snoer achter de

gebruiker blijft, waarbij het geen gevaar voor de gebruiker of andere mensen mag opleveren. Zorg ervoor dat het snoer niet kan worden beschadigd (door hitte, scherpe voorwerpen, scherpe randen, olie, enz.)

7. Houd het snoer zo vast dat het tijdens het zagen niet

achter takken e.d. blijft haken.

8. Schakel de machine altijd bij de netstroom uit voordat

u een stekker, contact of verlengsnoer verwijdert.

9. Schakel de machine uit, haal de stekker uit het

stopcontact en inspecteer het stroomsnoer op beschadiging of slijtage voordat u het snoer oprolt. Een beschadigd snoer mag niet gerepareerd worden. Neem het product mee naar een erkend reparatiecentrum en laat het snoer vervangen. 10.Haal de stekker uit het stopcontact voordat u het product enige tijd onbeheerd achterlaat. 11.Wikkel het snoer altijd voorzichtig op. Het mag niet geknikt worden. 12.Gebruik alleen de wisselstroomspanning die op het productlabel staat aangegeven. 13.De kettingzaag is dubbel gečsoleerd volgens EN60745 en EN60745-2-13. Onder geen beding mag een aarde aan enig onderdeel van het product worden verbonden. Snoeren

1. Stroom- en verlengsnoeren zijn verkrijgbaar bij een

erkend reparatiecentrum.

2. Gebruik alleen goedgekeurde verlengsnoeren.

3. Verlengsnoeren en kabels mogen alleen worden

gebruikt als ze geschikt zijn voor gebruik buitenshuis.

4. Als u een verlengsnoer met dit product wilt gebruiken,

mogen alleen de volgende snoerafmetingen worden gebruikt: Model CSE1835, CSE1935S:

SCHAKELAARVERGRENDELING Op uw machine is een inrichting (fig.1) gečnstalleerd die, indien niet geactiveerd, verhindert dat de schakelaar kan worden ingedrukt, om per ongeluk starten van de machine te voorkomen.

KETTINGREM BIJ LOSLATEN VAN DE SCHAKELAAR

Uw machine is voorzien van een inrichting die de ketting onmiddellijk blokkeert wanneer de schakelaar wordt losgelaten; mocht deze beveiliging niet goed werken dan mag u de machine niet gebruiken en moet u hem direct naar een erkende servicewerkplaats brengen.

HANDBESCHERMING VOOR/KETTINGREMHANDEL

De handbescherming voor (fig.2) voorkomt (mits u de machine op de juiste wijze vasthoudt) dat uw linker hand in contact komt met de ketting. De handbescherming voor fungeert bovendien als kettingrem, een inrichting die werd ontwikkeld om de ketting binnen enkele milliseconden te blokkeren in geval van terugslag. De kettingrem wordt uitgeschakeld door de handbescherming voor naar achteren te trekken en te vergrendelen (de ketting kan bewegen). De kettingrem wordt ingeschakeld wanneer de handbescherming voor naar voren wordt geduwd (de ketting is geblokkeerd). De kettingrem kan geactiveerd worden met de linkerpols door naar voren te duwen, of wanneer de pols in contact komt met de voorste handbescherming door een terugslag. Wanneer de machine gebruikt wordt met het kettingblad in horizontale positie, bijvoorbeeld bij het omhakken van een boom, dan biedt de kettingrem minder bescherming. (fig.3) OPMERKING: Wanneer de kettingrem is geactiveerd, koppelt een veiligheidsschakelaar de stroom naar de motor af. Het loslaten van de kettingrem, terwijl de schakelaar wordt vastgehouden, zal het product starten. KETTINGVANGER Deze machine is uitgerust met een kettingvanger (fig.4) geplaatst onder het kettingwiel. Dit mechanisme is bedoeld om de achterwaartse kettingbeweging te stoppen wanneer de ketting breekt of uit de groef loopt. Deze situaties kunt u vermijden door ervoor te zorgen dat u de ketting op de juiste wijze spant (Zie hoofdstuk "D. In elkaar zetten/uit elkaar halen"). HANDBESCHERMING ACHTER Deze dient ter bescherming (fig.5) van de rechter hand in geval breuk of aflopen van de ketting. NEDERLANDS - 5

De montageprocedure verschilt afhankelijk van het machinemodel, raadpleeg dus de afbeeldingen en het machinetype dat op het productetiket is aangegeven, let goed op dat u de montage correct uitvoert.

1. Controleer of de kettingrem niet ingeschakeld is, is dit het geval schakel hem dan uit

2a.Schroef de borgmoer van de stang los en verwijder het deksel van het aandrijfkettingwiel. 2b. Schroef de borgknop van de stang los en verwijder het deksel van het aandrijfkettingwiel. 3 Plaats de ketting over de stang, te beginnen bij het kettingwiel en leid hem in de daarvoor bestemde groef. Let op! Zorg dat de scherpe kant van de snijtanden naar voren is gericht op het bovenste gedeelte van de stang. Handschoenen drage 4a. Zorg dat de pen die de ketting spant zo ver mogelijk naar achteren naar het aandrijfkettingwiel toe zit. Bevestig de stang op de borgschroef en de pen die de ketting spant en plaats de ketting over het kettingwiel. 4b. Draai het metalen wieltje zo ver mogelijk linksom. Bevestig de stang op de borgschroef en plaats de ketting over het kettingwiel. Zet het deksel weer op zijn plaats en controleer dat de aandrijftanden van de ketting in het kettingwiel en de groef ineengrijpen. 5a. Schroef de kettingbladmoer met de hand vast totdat hij losjes vastzit. 5b. Schroef de kettingbladknop vast totdat hij losjes vastzit. 6a. Om de ketting te spannen, schroeft u de kettingspanschroef met de bijgeleverde moersleutel/ schroevendraaier met de klok mee vast. Om de spanning te verminderen, schroeft u tegen de klok in. (wanneer u deze handeling uitvoert, moet omhoog houden) 6b. Om de ketting te spannen, schroeft u de buitenste kettingspanknop met de klok mee vast. Om de spanning te verminderen, schroeft u tegen de klok in. (wanneer u deze handeling uitvoert, moet u de neus van het kettingblad omhoog houden) 7. Span de ketting totdat hij de juiste spanning heeft bereikt. Trek de ketting van het kettingblad en zorg ervoor dat de ruimte ongeveer 2-3 mm is. 8a. Zet de kettingbladmoer vast met de bijgeleverde moersleutel/schroevendraaier. 8b. Zet het kettingblad stevig vast. Indien de ketting te strak wordt gespannen kan de motor overbelast en beschadigd raken, en indien hij niet onvoldoende wordt gespannen kan hij losraken, terwijl een correct gespannen ketting de beste resultaten en een langere levensduur oplevert. Controleer regelmatig de kettingspanning omdat de ketting tijdens het gebruik uitrekt (met name als hij nieuw is; bij de eerste montage moet de spanning na 5 minuten werken opnieuw gecontroleerd worden). Span de ketting in elk geval niet direct na gebruik maar wacht tot hij is afgekoeld. Indien de ketting gespannen moet worden draai dan altijd eerst de zwaardbevestigingsmoeren/knop los alvorens de kettingspanschroef/knop bij te stellen; regel de spanning en zet de zwaardbevestigingsmoeren/knop weer vast.

E. STARTEN EN STOPPEN

Begin: pak beide handgrepen stevig vast, maak de kettingremhendel los terwijl u ervoor zorgt dat uw hand nog steeds op de voorste handgreep ligt, druk het schakelblok in en houdt dit ingedrukt; druk dan de schakelaar in (u kunt nu het schakelblok loslaten). PAS OP! De machine stopt wanneer u de schakelaar loslaat. Indien de machine niet tot stilstand komt, de kettingrem inschakelen, de kabel van het voedingsnet afkoppelen en de machine naar een erkende servicewerkplaats brengen.

F. SMEREN VAN ZWAARD EN KETTING

Een gebrekkige smering kan breuk van de ketting tot gevolg hebben en ernstig of zelfs dodelijk letsel veroorzaken. De smering van zwaard en ketting wordt door een automatische pomp gegarandeerd. Controleer volgens de aanwijzingen in “Onderhoud“ of de juist hoeveelheid kettingolie wordt afgegeven. Keuze van de kettingolie Stoppen: Gebruik uitsluiten nieuwe olie (speciaal type voor kettingen) met een goede viscositeitsgraad: hij moet een goede kleefkracht hebben en zowel ‘s zomers als ‘s winters goede glij-eigenschappen garanderen. Indien geen kettingolie beschikbaar is kunt u EP 90 transmissie-olie gebruiken. Gebruik nooit afgewerkte olie omdat dit schadelijk is voor u, voor de machine en voor het milieu. Controleer of de olie geschikt is voor de omgevingstemperatuur van de plaats van gebruik: bij lagere temperaturen dan 0°C worden sommige oliesoorten dikker, waardoor de pomp overbelast raakt en schade kan optreden. Neem voor advies over de beste oliesoort contact op met een erkende servicewerkplaats. Olie bijvullen Draai de olietankdop open, vul te tank zonder olie te morsen (mocht dit toch gebeuren reinig de machine dan zorgvuldig) en draai de dop goed vast. NEDERLANDS - 6

G. ONDERHOUD EN OPSLAG

Haal de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoudsof schoonmaakwerkzaamheden gaat uitvoeren. PAS OP! In geval van werk in een bijzonder vuile of stoffige omgeving, moeten de beschreven werkzaamheden met kortere intervallen worden uitgevoerd dan hier aangegeven. Voor elk gebruik Controleer of de kettingoliepomp goed werkt: richt het zwaard op een licht oppervlak, op een afstand van ca. twintig centimeter; nadat de machine een minuut heeft gewerkt moet het oppervlak duidelijke oliesporen vertonen (fig.1). Controleer of het in- en uitschakelen van de kettingrem niet te moeizaam of te gemakkelijk gaat en of hij niet geblokkeerd is. Controleer vervolgens de werking ervan als volgt: schakel de kettingrem uit, pak de machine op de juiste wijze vast en start hem, schakel de kettingrem in door de handbescherming voor met uw linker pols/arm naar voren te duwen, maar zonder de handgrepen los te laten (fig.2). Als de kettingrem correct werkt, moet de ketting onmiddellijk geblokkeerd worden. Controleer of de ketting scherp is (zie hieronder), in goede staat verkeert en correct is gespannen, indien hij onregelmatig gesleten is of een snijtand heeft van slechts 3mm, moet hij worden vervangen (fig.3). Reinig de ventilatieopeningen regelmatig om oververhitting van de motor te voorkomen. (fig 4). Controleer de werking van de schakelaar en de schakelaarvergrendeling (uit te voeren bij uitgeschakelde kettingrem): bedien de schakelaar en de schakelaarvergrendeling en controleer of ze in de ruststand terugkomen zodra ze worden losgelaten; controleer of het onmogelijk is de schakelaar te bedienen zonder dat de schakelaarvergrendeling is ingedrukt. Controleer of de kettingvanger en de handbescherming achter in perfecte staat verkeren en geen defecten vertonen, zoals beschadigingen van het materiaal. Elke 2-3 werkuren Controleer het zwaard, en reinig indien nodig zorgvuldig de smeergaten (fig.5) en de kettinggeleider (fig.6); indien deze versleten is of diepe putten vertoont moet hij worden vervangen. Maak het kettingwiel regelmatig schoon en zorg ervoor dat het niet te veel is versleten. (fig.7). Smeer het neuswiel van het zwaard met lagervet via de aangegeven opening (fig.8). Vijlen van de ketting (wanneer nodig) Als de ketting niet zaagt zonder dat men het zwaard tegen het hout drukt en als het zaagsel zeer fijn is, is dit een teken dat de ketting niet goed scherp is. Als de snede geen zaagsel produceert, dan is de snijkant van de ketting volledig afgesleten en wordt het hout bij het zagen verpulverd. Een goed geslepen ketting gaat moeiteloos door het hout en vormt grof, lang zaagsel. Het snijdende gedeelte van de ketting wordt gevormd door de snijschakel (fig.9), met een snijtand (fig.10) en een dieptesteller (fig.11). Het hoogteverschil hiertussen bepaalt de zaagdiepte; om een goede scherpte te verkrijgen zijn een vijlgeleider en een ronde vijl met een diameter van 4mm vereist. Ga als volgt te werk: met de ketting gemonteerd en correct gespannen, de kettingrem inschakelen en de vijlgeleider loodrecht op het zwaard plaatsen zoals in de afbeelding getoond (fig.12). Vijl de snijtand met de aangegeven hoek (fig.13), steeds van de binnenkant naar de buitenkant en met afnemende druk bij de teruggaande beweging (het is van groot belang dat deze aanwijzingen worden opgevolgd: een overmatige of onvoldoende slijphoek of een verkeerde vijldiameter verhoogt de kans op terugslag). Om een betere precisie op de zijhoeken te verkrijgen wordt aangeraden de vijl zo te plaatsen dat hij verticaal ca. 0,5 mm over de bovenste snijkant steekt. Vijl eerst alle tanden aan de ene kant, draai daarna de machine om en vijl de tanden aan de andere kant. Zorg ervoor dat een gelijke lengte van alle tanden wordt verkregen en dat de hoogte van de dieptestellers 0,6mm lager is dan de bovenste snijkant: controleer de hoogte met behulp van een kaliber en vijl (met een platte vijl) het uitstekende gedeelte af, en werk het voorste gedeelte van de dieptesteller rond af (fig.14), waarbij u erop moet letten dat u NIET ook de terugslagbeschermingstand afvijlt (fig.15). Elke 30 werkuren Breng de machine naar een erkende servicewerkplaats voor een algemene nakijkbeurt en een controle van de remonderdelen. Opslag Sla het product op een koele, droge plaats op, buiten het bereik van kinderen. Niet buiten opslaan. H. ZAAGTECHNIEKEN Voorkom het volgende tijdens gebruik: (fig.1) Tijdens het gebruik: (fig.1) -- zaagwerk in situaties waarbij de stam tijdens het zagen kan breken (hout onder spanning, droge dode bomen, etc.): een onverwachte breuk kan zeer gevaarlijk zijn. - Indien u op hellend terrein werkt, blijf dan boven de stam, zodat deze u niet kan raken mocht hij naar benden rollen. - dat het zwaard of de ketting in de snede geklemd raakt: mocht dit gebeuren, de machine van het voedingsnet afkoppelen en probeer de stam op te tillen door een geschikt middel als hefboom te gebruiken; tracht de machine niet te bevrijden door schudden of trekken, omdat u hiermee schade of letsel kunt veroorzaken. - Na beëindiging van elke snede voelt u een aanzienlijke verandering in de kracht die nodig is om de machine vast te houden. Wees zeer voorzichtig zodat u de controle over de machine niet verliest. - situaties die de kans op terugslag kunnen verhogen. Zagen met getrokken ketting (van boven naar beneden) (fig.2), waarbij het risico bestaat van een plotselinge beweging van de machine naar de stam toe met als gevolg controleverlies, gebruik indien mogelijk de veltand tijdens het zagen. - het product boven schouderhoogte te gebruiken - hout te zagen waarin vreemde objecten zoals spijkers zitten - Bij het vellen van bomen het werk altijd afmaken: een gedeeltelijk gevelde boom kan breken. In de onderstaande tekst wordt verwezen naar de volgende twee zaagmethodes: NEDERLANDS - 7 Zagen met geduwde ketting (van onder naar boven) (fig.3): hierbij bestaat het gevaar van een plotselinge beweging van de machine naar de gebruiker toe, met het risico dat deze geraakt wordt, of stoten van de risicozone tegen de stam met als gevolg terugslag; bij deze zaagmethode is grote voorzichtigheid geboden. De meest veilige methode om de machine te gebruiken is met het hout op de zaagbok geblokkeerd, van boven naar onder zagend en op het gedeelte buiten de steun. (fig.4) Gebruik van de veltand Gebruik wanneer mogelijk de veltand om veiliger te werken: plant hem in de schors of het stamoppervlak, zodat u gemakkelijker de controle over de machine bewaart. Hieronder worden de standaard procedures beschreven die in bepaalde situaties moeten worden toegepast. U dient echter van keer tot keer te beoordelen of deze procedures al dan niet op uw geval van toepassing zijn, om een methode te kiezen die zo min mogelijk risico’s met zich meebrengt. Stam aan de grond (Risico dat de grond aan het eind van de snede met de ketting wordt geraakt). (fig.5) Zaag van boven naar onder door de hele stam. Werk voorzichtig aan het eind van de snede om te voorkomen dat de ketting de grond raakt. Stop indien mogelijk op 2/3 van de dikte van de stam, draai hem om en zaag het resterende gedeelte van boven naar onder, om het risico van contact met de grond te voorkomen. Stam aan één kant ondersteund breekt tijdens het zagen) (fig.6) (Risico dat de stam Begin de snede van onder tot op circa 1/3 van de diameter, en zaag vervolgens van bovenaf tot u bij de ondersnede uitkomt. Stam aan beide uiteinden ondersteund de ketting geklemd raakt.) (fig.7) (Risico dat Begin de snede van bovenaf tot op circa 1/3 van de diameter, en zaag vervolgens van onderaf tot u bij de bovensnede uitkomt. Een boomstam die tegen een helling aan ligt Ga altijd aan de hogere kant van de boomstam staan. Wanneer u de boomstam doorzaagt, bewaart u controle over de kettingzaag door de snijdruk tegen het einde van de zaagbeweging wat af te laten, zonder dat u uw greep op de handvatten van de kettingzaag ontspant. Zorg ervoor dat de ketting niet in contact komt met de grond. Bomen vellen PAS OP!: Probeer geen bomen te vellen wanneer u hier niet de nodige ervaring mee heeft, en vel in geen geval een boom die een grotere diameter heeft dan de lengte van het zwaard! Deze operatie mag alleen door deskundigen en met geschikte uitrustingen worden uitgevoerd. Bij het vellen van een boom is het de bedoeling hem in de meest geschikte positie te laten vallen voor het latere onttakken en in stukken zagen. (Voorkom dat een vallende boom in een andere boom verstrikt raakt: een verstrikte boom laten vallen is een zeer gevaarlijke operatie). PAS OP! Tijdens het vellen van een boom in kritieke omstandigheden, na het zagen altijd direct de gehoorbescherming afnemen om ongewone geluiden en eventuele waarschuwingssignalen te kunnen horen. Voorbereidende werkzaamheden en bepalen van de vluchtroute Verwijder eventuele takken die het werk hinderen (fig.8), van boven naar onder werkend, en houd de stam tussen u en de machine terwijl u vervolgens de moeilijkere takken één voor één verwijdert. Verwijder de begroeiing rond de boom en let op eventuele aanwezige obstakels (stenen, wortels, greppels etc.) bij het plannen van uw vluchtroute (te benutten tijdens het vallen van de boom); zie de afbeelding (fig.9) voor de te kiezen richting (A voorziene valrichting van de boom. B. Vluchtroute C. Risicozone) VELTECHNIEK (fig.10) Om de controle over de vallende boom te verzekeren moeten de volgende sneden worden uitgevoerd: De valkerf, die het eerst moet worden gemaakt en dient om de valrichting van de boom te bepalen: maak eerst de BOVENSNEDE van de valkerf aan de kant waarnaar de boom moet vallen. Blijf rechts van de boom en zaag met getrokken ketting; maak vervolgens de ONDERSNEDE van de valkerf, die op hetzelfde punt moet eindigen als de bovensnede. De diepte van de valkerf moet 1/4 van de stamdiameter bedragen, met een hoek tussen de boven- en ondersnede van tenminste 45°. Het ontmoetingspunt tussen de twee sneden wordt “valkerflijn” genoemd. Deze lijn moet perfect horizontaal zijn en een rechte hoek (90°) vormen met de valrichting. De velsnede, die het doel heeft de boom te doen vallen, moet op 3-5 cm boven het ondervlak van de valkerf worden gemaakt, en moet eindigen op een afstand van de valkerf die overeenkomt met 1/10 van de stamdiameter. Blijf links van de boom en zaag met getrokken ketting, met gebruik van de veltand. Controleer of de boom zich niet in een andere richting beweegt dan de beoogde valrichting. Steek zodra dit mogelijk is een wig in de zaagsnede. Het ongezaagde stuk van de stam wordt scharnierpunt genoemd, en dient om de valrichting van de boom te sturen. Als het scharnierpunt te klein is, niet recht is of geheel is doorgezaagd, is het niet meer mogelijk de vallende boom te sturen (zeer gevaarlijk!). Daarom moeten de diverse sneden met grote precisie worden uitgevoerd. Wanneer de zaagsneden zijn voltooid, begint de boom te vallen en kan eventueel worden geholpen met een wig of velhevel. Onttakken Wanneer de boom is geveld moet de stam van zijn takken worden ontdaan. Onderschat dit werk niet, want de meeste ongelukken als gevolg van terugslag vinden juist in deze fase plaats. Let dus goed op de positie van de neus van het zwaard tijdens het zagen en werk aan de linkerkant van de stam. U moet de juiste valrichting bepalen door het volgende te beoordelen: wat zich rond de boom bevindt, de helling en kromming van de boom, de windrichting en de dichtheid van de takken. Houd ook rekening met de aanwezigheid van dode of gebroken takken die af kunnen breken tijdens het vellen en een gevaar kunnen vormen. NEDERLANDS - 8

I. ECOLOGISCHE INFORMATIE

In dit hoofdstuk vindt u nuttige informatie voor het behoud van de ecologische kenmerken die in de ontwikkelingsfase van de machine werden vastgesteld, een correct gebruik van de machine en de verwerking van de olie.

GEBRUIK VAN DE MACHINE

De werkzaamheden voor het vullen van de olietank moeten zo worden uitgevoerd dat geen lozing van de kettingolie in het milieu wordt veroorzaakt.

LANGE PERIODES VAN STILSTAND

Maak de olietank altijd leeg in geval van langdurige opslagperiodes. SLOOP Voorkom lozing in het milieu van de afgedankte machine; lever hem in bij de aangewezen instellingen voor afvalverwerking volgens de geldende wettelijke voorschriften. Het symbool op het product of de verpakking betekent dat dit product niet mag worden behandeld als gewoon huishoudelijk afval, maar in plaats daarvan moet worden ingeleverd bij het punt voor recycling van elektrische en elektronische apparatuur. Door dit product correct te verwijderen helpt u om de negatieve gevolgen die een verkeerde verwerking van dit product kan hebben voor het milieu en de gezondheid te voorkomen. Voor verdere informatie over recycling van dit product kunt u contact opnemen met uw gemeente, de relevante dienst voor de verwerking van huishoudelijk afval of de winkel waar u het product hebt gekocht.

J. TABEL VOOR STORINGSOPSPORING

De motor start niet Controleer of er stroom op het net staat VControleer of de stekker goed in het stopcontact is gestoken Controleer de voedingskabel en de verlengkabel op beschadigingen Controleer of de kettingrem niet is ingeschakeld Controleer of de ketting goed aangebracht en gespannen is Controleer de smering van de ketting zoals beschreven in hoofdstuk F en G Controleer of de ketting scherp is Controleer of de stroomonderbrekingsschakelaar s geactiveerd Wend u tot een erkende servicewerkplaats 35cm 40cm Ketting Geleider Ketting Geleider

De motor draait slecht of verliest vermogen

De machine start wel maar zaagt niet goed De motor draait op ongewone wijze

K. Reserveonderdelen 91PJ052XN 91PJ056XN De draaiende ketting wordt niet goed door het remmechanisme geblokkeerd

Onderdeelnummer.: Onderdeelnummer.: Onderdeelnummer.: Onderdeelnummer.: NEDERLANDS - 9

Husqvarna AB, S-561 82, Huskvarna, Sweden Verklaren op eigen verantwoording dat het(de) product(en); Benaming.......................................Chainsaw - Kettingzaag Typebenaming(en)..........................CSE1835, CSE1935S, CSE2040, CSE2040S Identificatie van serie......................Zie Productlabel Bouwjaar.........................................Zie Productlabel Voldoet(voldoen) aan de essentiële eisen en voorzieningen van de volgende EG-richtlijnen: 2006/42/EC, 2004/108/EC, 2000/14/EC, 2011/65/EU gebaseerd op de volgende toegepaste binnen de EU geharmoniseerde standaarden: EN60745-1, EN60745-2-13, EN55014-2, EN55014-1, EN61000-3-2, EN61000-3-11 Erkend lichaam dat het EG-typeonderzoek heeft uitgevoerd in overeenstemming met artikel 8 sectie 2c....................... TÜV Rheinland LGA Products GmbH Tillystraße 2 D-90431 Nürnberg Germany Certificaatnr.. ..................................................................... BM 50268379 Het maximale A-gewogen geluidsdrukniveau LpA aan het werkstation, gemeten volgens EN60745-2-13, vindt u in de tabel. De maximale gewogen waarde voor hand-arm trillingen ah, gemeten volgens EN60745-2-13 op een monster van bovenstaand(e) product(en), vindt u in de tabel. De vermelde totale trillingswaarde is gemeten in overeenstemming met een standaardtestmethode en kan worden gebruikt om gereedschappen met elkaar te vergelijken. De vermelde totale trillingswaarde kan tevens worden gebruikt bij een voorlopige beoordeling van blootstelling. Waarschuwing: De trilling die dit elektrisch gereedschap tijdens het gebruik veroorzaakt, kan afwijken van de vermelde totale trillingswaarde, afhankelijk van de manier waarop het gereedschap gebruikt wordt. Gebruikers moeten veiligheidsmaatregelen treffen om zichzelf te beschermen, die zijn gebaseerd op een geraamde blootstelling onder de werkelijke gebruiksomstandigheden (naast het eigenlijke gebruik ook rekening houdend met alle fasen van de gebruikscyclus, zoals keren dat het gereedschap wordt uitgeschakeld en tijd dat het stationair draait). 2000/14/EC: Het Gemeten Geluidsvermogen LWA en het Gegarandeerde Geluidsvermogen LWA komen overeen met de cijfers uit de tabel. Controleprocedure conformiteit.......................................... Annex V Ulm 12/02/2013 P. Lamelli Wereldwijd directeur O&O - Handheld Houder van technische documentatie Type (CSE____) Droog gewicht (Kg) Vermogen (kW) Inhoud olietank (cm3) Maximale lengte van geleider (cm) Kettingsteek (mm) Kettingmaat (mm) Gemeten geluidsvermogen LWA (dB(A)) Gegarandeerd geluidsvermogen LWA (dB(A)) Geluidsdruk LpA(dB(A)) Onzekerheid KpA (dB(A)) Hand-armtrillingen ah (m/s2) Onzekerheid Kah (m/s2) Voedingsimpedantie Zmax (Ohm)

EN 61000-3-11 Verklaring van overeenkomstigheid Al naar gelang de kenmerken van het plaatselijke stroomnetwerk kan het gebruik van dit product voor een kort spanningsverlies zorgen, zodra het wordt ingeschakeld. Dit kan van invloed zijn op andere elektrische apparatuur, bijv. een lamp die tijdelijk dimt. Als de impedantie van uw stroomnetwerk lager is dan de waarde in de tabel (die voor uw model geldt), dan hebt u geen last van dit effect. De waarde van de netwerkimpedantie kan wordt vastgesteld door contact op te nemen met uw elektriciteitsbedrijf. NEDERLANDS - 10