DOLMAR PS-5105C - Zag

PS-5105C - Zag DOLMAR - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis PS-5105C DOLMAR in PDF-formaat.

📄 32 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag 10 vragen ⚙️ Specs
Notice DOLMAR PS-5105C - page 1
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.
MerkDOLMAR
ModelPS-5105C
CategorieKettingzaag
MotortypeLuchtgekoelde tweetaktmotor
Cilinderinhoud50,0 cm³
Max. vermogen2,8 kW bij 10.000 t/min
Max. koppel3,1 Nm bij 7.000 t/min
Stationair toerental2.500 t/min
Max. motortoerental13.800 t/min
Brandstoftankinhoud0,47 liter
Olietankinhoud0,27 liter
Mengverhouding brandstof50:1 (DOLMAR olie of JASO FC/ISO EGD)
Kettingsmelheid (max. vermogen)19,3 / 22,2 m/s
Kettingwielverdeling.325" of 3/8"
Aantal tanden kettingwiel7
Zaaggeleider snijlengte33 / 38 / 45 / 53 cm
Gewicht (zonder brandstof, blad en ketting)5,4 kg
Geluidsdruk LpA,eq101 dB(A) (KpA=2,5)
Geluidsvermogen LWA,eq108,6 dB(A) (KWA=2,5)
Trillingen beugelgreep5,2 m/s² (K=2)
Trillingen achterste handgreep3,7 m/s² (K=2)
OntstekingElektronisch, onderhoudsvrij
BougieNGK BPMR 7A of BOSCH WSR 6F
KettingremHandmatig en inertie (kickback)
HandgreepverwarmingOptioneel (model H)
KatalysatorJa (model C)
CarburateurZAMA membraancarburateur met chokeklep
KettingsmeringAutomatisch, regelbare oliepomp
VeiligheidssperknopJa
AntitrilssysteemJa
Verende starthulp (EasyStart)Ja

Veelgestelde vragen - PS-5105C DOLMAR

Hoe start ik de DOLMAR PS-5105C koud?
Zet de combischakelaar in de chokestand (omhoog). Trek de starterkabel langzaam uit tot weerstand, trek dan krachtig tot een eerste ontsteking. Zet de chokeschakelaar in de ON-stand (midden) en trek opnieuw snel aan de starterkabel. Zodra de motor loopt, de gashendel kort indrukken om de halfgasvastzetter op te heffen.
Hoe stel ik de kettingspanning bij?
Draai de bevestigingsmoeren los, til het zaagblad op en draai de instelschroef met de klok mee tot de ketting tegen de onderkant van het blad ligt. Til het blad verder op en draai de moeren vast. De ketting moet nog met de hand over het blad bewogen kunnen worden.
Welke brandstofmengverhouding moet ik gebruiken?
Gebruik een mengsel van loodvrije benzine (min. 91 ROZ) en tweetaktolie van kwaliteit JASO FC of ISO EGD in een verhouding van 50:1. Voor DOLMAR olie is 50:1 ook voorgeschreven. Gebruik geen kant-en-klare mengsels van benzinestations.
Hoe controleer ik de kettingsmering?
Start de motor en houd de lopende ketting ongeveer 15 cm boven een boomstam of de grond. Bij voldoende smering ontstaat een licht oliespoor door afgeslingerde olie. Controleer ook het oliepeil in de tank.
Wat moet ik doen bij terugslag (kickback)?
De kettingrem wordt automatisch geactiveerd bij voldoende terugslag door massatraagheid. Zorg dat u altijd een stevige stand heeft en de zaag met beide handen vasthoudt. Gebruik nooit het bovenste kwadrant van de zaaggeleider om terugslag te voorkomen.
Hoe vervang ik de zaagketting?
Schakel de motor uit en trek de bougiedop los. Ontkoppel de kettingrem, draai de bevestigingsmoeren los, verwijder de kettingwielbeschermer en de oude ketting. Plaats de nieuwe ketting op het kettingwiel en in de geleidegroef van het blad. Monteer de beschermer en span de ketting zoals beschreven.
Wanneer moet ik de luchtfilter schoonmaken?
Maak de luchtfilter schoon bij merkbaar prestatieverlies of wekelijks bij stoffige omstandigheden. Klop het vliesfilter voorzichtig uit of was het in lauwwarm zeepsop. Een nylonfilter kan met een borstel worden gereinigd. Vervang beschadigde filters onmiddellijk.
Hoe stel ik de carburateur af?
De carburateurafstelling moet door een DOLMAR-servicedienst worden uitgevoerd vanwege emissienormen. Gebruik een toerenteller. Stel stationair toerental in met schroef S, acceleratie met L en max. toerental met H. Het snijgereedschap mag niet meelopen in stationair.
Wat is de juiste slijphoek voor de zaagketting?
De slijphoek α is afhankelijk van het kettingtype: 25° voor type 686 en 099, 30° voor type 086 en 484, 35° voor type 093. Gebruik een ronde vijl met de juiste diameter en een vijlhouder voor de juiste hoek.
Hoe berg ik de zaag op voor langere tijd?
Maak de brandstof- en olietank leeg. Laat de motor drooglopen. Reinig de zaag en olie de ketting licht in. Bewaar de zaag op een droge, koele plaats, buiten bereik van kinderen. Monteer de beschermkap op de zaaggeleider.

Gebruikersvragen over PS-5105C DOLMAR

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

Uw e-mailadres blijft privé: het wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Zag in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding PS-5105C - DOLMAR en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. PS-5105C van het merk DOLMAR.

GEBRUIKSAANWIJZING PS-5105C DOLMAR

Lees voor de eerste inbedrijfname deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door en neem alle veiligheidsvoorschriften in acht!

Gebruiks aan wijzing zorgvuldig bewaren!

DOLMAR PS-5105C - 1

Hartelijk dank voor uw vertrouwen!

Wij feliciteren u met uw nieuwe DOLMAR motorzaag en hopen, dat u met deze moderne machine tevreden zult zijn. DOLMAR is 's werelds oudste fabrikant van benzinemotorzagen (sinds 1927) en heeft daardoor de langste ervaring op dit gebied, ervaring, die ook vandaag de dag iedere DOLMAR motorzaag tot in het kleinste detail ten goede komt.

De PS-4605, PS-5105 modellen zijn bijzonder handige en robuuste motorzagen in een nieuw design.

De automatische kettingsmering met een hoeveelheids regelbare oliepomp, een onderhoudsvrije elektronische ontsteking, het gezondheidsbeschermende antitrilsysteem en de ergonomische vormgeving van grepen en bedienings elementen zorgen voor bediencomfort en praktisch onver moeiend werken met de zaag.

De verende starchulp maakt een vlotte start zonder grote krachtinspanning mogelijk. Een accumulator onder veerdruk ondersteunt hierbij het startproces.

De veiligheidsuitrusting van de DOLMAR motorzagen PS-4605, PS-5105 is op de nieuwste stand van de techniek en vervult alle nationale en internationale veiligheidsvoorschriften. Zij omvat hand bescherm ers aan beide grepen, een gasafsperknop, een kettingvang bout, een veiligheidszaag ketting en een kettingrem, die niet alleen met de hand in werking kan worden gesteld, maar die ook d.m.v. zaaggeleidingsterugslag (kickback), automatisch door een vertragingsmechanisme in werking wordt gesteld.

In het apparaat zijn volgende octrooirechten in de praktijk gebracht: DE 10191359, WO 01/77572, DE 20006638, US 7033149, DE 20219246, US 7204025, EP 1428637, DE 20013210, US 6648161, DE 10132973, DE 10202360, DE 20102076, US 6814192, DE 20314982, US 7191751, DE 10157589, DE 20021316, US 6578543.

Om uw persoonlijke veiligheid te waarborgen en een optimaal functioneren en optimale beschikbaarheid van uw nieuwe motorkettingzaag te garanderen, verzoeken wij u het volgende:

Leest u voor de eerste ingebruikname van de motorzaag deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door en neem beslist alle veiligheidsvoorschriften in acht! Nietinachtneming kan levensgevaarlijke verwondingen veroorzaken!

DOLMAR PS-5105C - Hartelijk dank voor uw vertrouwen! - 1

Inhoudsopgave bladzijde

Verpakking 2

Omvang van de levering 3

Symbolen 3

VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

Algemene voorschriften 4

Persoonlijke beschermingsuitrusting 4

Terugslag (Kickback) 6

Werkomstandigheden en -technieken 6-7

Transport en opslag 8

Onderhoud 8

Eerste Hulp 8

Technische specificaties 9

Benaming van de onderdelen 9

INBEDRIJFNAME

Montage van de zaaggeleiding en zaagketting .....10-11 Zaagketting spannen ..... 11

Controle van de kettingspanning 12

Zaagketting naspannen 12 Kettingrem 12

Brandstoffen 13-14

Tanken 14

Kettingsmering controlleren 15

Kettingsmering afstellen 15

Motor starten 16

Koudstart 16

Warmstart 16

Afzetten van de motor 16

Kettingrem controleren ....17

Gebruik in de winter 17

Handgreepverwarming 17

Carburator afstellen 18

ONDERHOUDSWERKZAAMHEDEN

Zaagketting slijpen 19-20

Reinigen van de remband en

van de kettingwiel binnenruimte 21

Zaaggeleider reinigen 21

Nieuwe zaagketting 22

Luchtfilter schoonmaken 23

Bougie vervangen 24

Controle van de bougievonk 24

Controleren van de uitlaatschroeven 24

Vonken-beschermzeef schoonmaken/vervangen .....24

Startkabel vervangen / Terughaalveer vervangen /

EasyStart-veer vervangen 25

Ventilatorhuis monteren 25

Schoonmaken van de cilinderruimte 26

Benzinefilter vervangen 26

Periodieke onderhouds- en reinigingsvoorschriften ..... 27

Werkplaatsservice, reserve-onderdelen en garantie ....28

Storingzoeken 29

EU-conformiteitsverklaring 29

Uittreksel uit de reserve-onderdeellijst ....30-31

Accessoires ....30-31

Verpakking

Uw DOLMAR motorzaag is ter bescherming tegen transportschades in een karton verpakt.

Karton is een grondstof en is als zodanig geschikt voor hergebruik, of kan in de grondstofkringloop (oudpapier verwerking) teruggebracht worden.

DOLMAR PS-5105C - Verpakking - 1

DOLMAR PS-5105C - Verpakking - 2

Omvang van de levering

Verklaring van de modelbenamingen

H = apparaat met handgreepverwarming
C = apparaat met katalysator

DOLMAR

DOLMAR PS-5105C - DOLMAR - 1

araat met handgreepverwarming araat met katalysator 2 3 4 5 6 7 1 8

  1. Motorkettingzaag
  2. Zaaggeleider
  3. Zaagketting
  4. Beschermkap zaaggeleider
  5. Combisleutel
  6. Haakse schroevedraaier
  7. Schroevedraaier voor het instellen van de carburator
  8. Cilinderribbenreiniger
  9. Gebruiksaanwijzing (niet afgebeeld)

Indien een van de hier afgebeelde onderdelen bij de levering ontbreekt, wendt u zich dan tot uw verkoper!

Symbolen

Op de machine en bij het lezen van de gebruiksaanwijzing treft u de volgende symbolen aan:

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 1

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 2

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 3

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 4

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 5

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 6

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 7

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 8

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 9

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 10

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 11

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 12

Gebruiksaanwijzing lezen en de waarschuwings- en veiligheids-aanwijzingen opvolgen!

Bijzondere attentie!

Verboden!

Veiligheidshelm, ogen- en gehoorbescherming dragen!

Beschermende handschoenen!

Roken verboden!

Geen open vuur!

Motor uitzetten!

Decompressieklep indrukken

Motor starten

Combischakelaar choke/start/stop (I/O)

Veiligheidsstand

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 13

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 14

Attentie, terugslag (Kickback)!

Kettingrem

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 15

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 16

Brandstofmengsel

Normaal-/winterbedrijf

Handgreepverwarming

Carburatorafstelling

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 17

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 18

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 19

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 20

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 21

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 22

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 23

DOLMAR PS-5105C - Symbolen - 24

Zaagkettingolie

Schroef voor het afstellen van het oliedebiet voor de zaagketting

Eerste hulp

Recycling

CE-norm

VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

Beoogd gebruik

Motorzagen

De motorzaag mag uitsluitend worden gebruikt voor het zagen van hout in openlucht. Al naargelang de motorzaagklasse geschikt voor volgende toepassingen:

  • midden- en professionele klasse: gebruik in dun, middelmatig dik en dik hout, vellen, onttakken, inkorten, uitdunnen van bossen.
  • hobbyklasse: occasioneel gebruik in dun hout, onderhoud van fruitbomen, vellen, onttakken, inkorten.

Niet toegestane gebruikers

Personen die niet vertrouwd zijn met de handleiding, kinderen, jongeren en personen onder invloed van alcohol, drugs of medicijnen mogen het apparaat niet bedienen.

Algemene voorschriften

  • Om een veilig gebruik te garanderen moet degene die het apparaat bedient altijd deze gebruiksaanwijzing te lezen, om zich met de werking ervan vertrouwd te maken. On voldoende geïnstrueerde gebruikers kunnen zichzelf en ande ren door ondeskundig gebruik in gevaar brengen.
  • De motorkettingzaag alleen uitlenen aan personen met ervaring in het gebruik van een motorkettingzaag. De ge bruiksaanwijzing dient daarbij overhandigd te worden.
  • Nieuwe gebruikers moeten zich door de verkoper laten instru- eren, of een wettelijk erkende opleiding volgen, om vertrouwd teraken met het zagen met een motorkettingzaag.
  • Kinderen en jeugdige personen onder 18 jaar mogen de motorkettingzaag niet gebruiken. Voor jeugdigen boven 16 jaar geldt dit verbod niet als zij in het kader van hun opleiding onder toezicht staan van een vakman.
  • Het werken met de motorkettingzaag vereist een hoge mate van concentratie.
  • Werk alleen in goede lichamelijke conditie. Ook vermoeidheid kan onoplettendheid tot gevolg hebben. Van begin tot eind van werkzaamheden is een zeer goede concentratie vereist. Voer alle werkzaamheden rustig en zorgvuldig uit. De gebruiker is verantwoordelijk ten opzichte van derden.
  • Nooit onder invloed van alcohol, drugs of medicijnen werken.
  • Bij het werken in gemakkelijk ontbrandbare begroeiing en bij droogte moet een brandblusser bij de hand zijn.

Persoonlijke beschermingsuitrusting

  • Om bij het zagen verwondingen aan hoofd, ogen, handen of voeten en schade aan het gehoor te vermijden moet de hierna omschreven beschermende uitrusting en be schermende kleding gedragen worden.
  • De kleding moet doelmatig zijn, d.w.z. goed aansluitend, maar mag niet hinderen. Draag geen sieraden of kleding waarmee u achter takken of struiken kunt blijven haken. Bij lang haar een haarnet dragen.
  • Bij alle werkzaamheden in het bos dient een veiligheidshelm (1) te worden gedragen, voor bescherming tegen vallende takken. De veiligheidshelm moet regelmatig op beschadigingen gecontroleerd worden en moet na maximaal 5 jaar vervangen worden. Alleen goedgekeurde helmen gebruiken.
  • De gezichtsbeschermer (2) van de helm (alternatief: veiligheidsbril) beschermt tegen wegspattende zaagspaanders en houtsplinters. Om verwondingen aan de ogen te voorkomen moet bij het werken met de motorkettingzaag altijd oogbescherming resp. gezichtsbescherming gedragen worden.
  • Om gehoorschade te voorkomen moet geschikte persoonlijke gehoorbescherming gedragen worden. (Oorbeschermers (3), oordopjes, oorwatten etc.) Octaafbandanalyse op aanvraag.
  • De bosbouw-veiligheidsjas (4) heeft signaalrode schouderpassen, is comfortabel in het dragen en gemakkelijk in on der houd.

  • De bosbouw-veiligheidsbroek (5) bestaat uit 22 lagen nylonweefsel en beschermt tegen snijwonden. Het gebruik ervan wordt dringend aanbevolen.

  • Werkhandschoenen (6) van een zware kwaliteit leer behoren tot de voorgeschreven uitrusting en moeten bij het werken met de motorkettingzaag altijd gedragen worden.
  • Bij het werken met de motorkettingzaag moeten veilig heidsschoenen of veiligheidslaarzen (7) met profielzool, stalen neus en beenbeschermers gedragen worden. Veilig heidsschoeisel met een beschermende inleg biedt bescher ming tegen snijverwondingen en zorgen ervoor dat men stabiel staat.

DOLMAR PS-5105C - Persoonlijke beschermingsuitrusting - 1

DOLMAR PS-5105C - Persoonlijke beschermingsuitrusting - 2

1
DOLMAR PS-5105C - Persoonlijke beschermingsuitrusting - 3

  • Bij het aftanken van de motorkettingzaag moet de motor worden uitgezet.
  • Roken en iedere vorm van open vuur zijn niet toegestaan (5).
  • Laat de motor afkoelen alvorens te tanken.
  • Brandstoffen kunnen oplosmiddelachtige substanties bevatten. Huid- en oogcontact met mineraalolieprodukten vermijden. Draag bij het aftanken handschoenen. Vervang en reinig beschermende kleding regelmatig. Adem de brandstofdampen niet in. Het inademen van motorbrandstofdampen kan lichamelijk letsel veroorzaken.
  • Mors geen brandstof of kettingolie. Als er toch brandstof of olie gemorst is moet de motorkettingzaag direct schoongemaakt worden. Zorg dat er geen brandstof op uw kleding terechtkomt. Als dat toch gebeurt kleedt u dan direct om.
  • Let erop dat er geen brandstof of kettingolie in de grond wegloopt (bescherming van het milieu). Leg iets op de grond ter bescherming.
  • Tank niet in afgesloten ruimten. Brandstofdampen verzamelen zich op de bodem (explosiegevaar).
  • Sluit de tankdoppen van brandstof- en olietank goed.
  • Start de motorkettingzaag niet op dezelfde plek als waar u getankt heeft (tenminste 3 meter verwijderd van de tankplaats) (6).
  • Brandstof is niet onbeperkt houdbaar. Koop niet meer dan u binnen een redelijke tijd zult gebruiken.
  • Vervoer en bewaar brandstof en kettingolie alleen in goedgekeurde en gewaarmerkte jerrycans. Sla brandstof en kettingolie zo op dat kinderen er niet bij kunnen.

Inbedrijfname

  • Werk niet alleen, in noodgevallen moet er iemand in de buurt zijn (gehoorafstand).
  • Verzeker u ervan dat er zich geen kinderen of andere personen binnen het werkbereik van de motorkettingzaag bevinden. Let ook op dieren (7).
  • Controleer voor aanvang van de werkzaamheden of de motorkettingzaag goed werkt en volgens voorschrift bedrijfs klaar is gemaakt.

Let vooral op of de kettingrem werkt, of de zaaggeleider juist gemonteerd is, of de zaagketting volgens voorschrift geslepen en gespannen is, of de kettingwielbeschermer vastzit, de gashendel soepel beweegt, de sperknop werkt, of de handgrepen droog en schoon zijn, en of Start/Stop schakelaar het doet.

  • De motorkettingzaag pas nadat deze volledig in elkaar gezet is in bedrijf nemen. De motorkettingzaag mag uitsluitend geheel gemonteerd gebruikt worden!
  • Voor het starten moet de bediener van de zaag goed stabiel staan.
  • Start de motorkettingzaag uitsluitend volgens de gebruiksaanwijzing (8). Andere startmethoden zijn niet toegestaan.
  • Bij het starten van de motorkettingzaag moet de machine goed gesteund en stevig vastgehouden worden. De ketting en de zaaggeleider mogen nergens tegenaan komen.
  • Houd tijdens het werken met de motorkettingzaag deze met beide handen vast, met de rechterhand op de achterste handgreep en de linker hand op de beugelgreep. De handgrepen met de duimen eromheen vasthouden.
  • ATTENTIE: Bij het loslaten van de gashendel loopt de ketting nog enige tijd door (vrijloopeffect).
  • Let er voortdurend op dat u stevig staat.
  • De motorkettingzaag moet zodanig gehanteerd worden dat er geen uitlaatgassen ingeademd kunnen worden. Werk niet in gesloten ruimten (vergiftigingsgevaar).
  • Zet de motorkettingzaag direct af bij merkbaar veranderd machine gedrag.
  • Zet de motorzaag af voor het controleren van de ketting-spanning, het naspannen, het verwisselen van de ketting en het opheffen van storingen (9).
  • Als de zaag met stenen, spijkers of andere harde voorwerpen in aanraking is gekomen moet de motor direct afgezet worden en moet de zaaginrichting geïnspecteerd worden.
  • Tijdens werkonderbrekingen en voor het verlaten moet de motorzaag uitgeschakeld worden (9) en zo geparkeerd, dat niemand in gevaar kan geraken.
  • Leg de warme motorkettingzaag niet in droog gras of op brandbare voorwerpen. De uitlaat geeft een aanzienlijke hitte af (brandgevaar).
  • ATTENTIE: Na het uitzetten van de motorkettingzaag kan er olie van de ketting en zaaggeleider in de grond weglopen (bo demverontreiniging)! Leg iets onder de zaag als bescherming.

STOP ● Onderhoud ● Werkonderbreking ● Tanken ● Transport ● Zaagketting slijpen ● Uitbedrijfname

Terugslag (Kickback)

  • Bij het werken met de motorkettingzaag kan gevaarlijke terugslag optreden.
  • Deze terugslag ontstaat als het bovenste kwadrant van de zaaggeleider per ongeluk tegen hout of andere vaste voorwerpen aankomt (10).
  • Daarbij wordt de motorzaag ongecontroleerd en met grote kracht in de richting van de bedieningspersoon geslingerd, resp. versneld (gevaar voor letsel!)

Om terugslag te voorkomen moet op het volgende gelet worden:

  • Insteekwerk (direkt met het uiteinde van de zaaggeleider in het hout aanzetten) mag uitsluitend door speciaal geschoold personeel worden uitgevoerd!
  • De punt van de zaaggeleider moet altijd in het oog gehouden worden. Pas op bij het voortzetten van reeds begonnen zaagsneden.
  • Begin met lopende zaagketting aan de zaagsnede!
  • De zaagketting moet altijd correct geslepen worden. Let daarbij vooral op de juiste hoogte van de dieptebegrenzing.
  • Zaag nooit meerdere takken tegelijkertijd door! Let er bij het verwijderen van takken op dat geen andere tak geraakt wordt.
  • Let bij het afkorten op in de buurt liggende stammen.

Werkomstandigheden en -technieken

  • Werk alleen bij goed zicht en goede verlichting. Let in het bijzonder op gladheid, nattigheid, ijs en sneeuw (uitglijgevaar). Verhoogd gevaar voor uitglijden bestaat op vers ontbast hout (schors).
  • Werk nooit op een onstabiele ondergrond. Let op obstakels op de werkplek, struikelgevaar. Let er voortdurend op dat u stevig staat.
  • Zaag nooit boven schouderhoogte (11).
  • Zaag nooit staande op een ladder (11).
  • Klim nooit met de motorkettingzaag in een boom om werkzaamheden uit te voeren.
  • Niet te ver voorovergebogen werken!
  • Beweeg de motorkettingzaag zodanig dat zich geen lichaam s-delen in het verlengde van het zwenkbereik van de zaagketting bevinden (12).
  • Gebruik de motorkettingzaag uitsluitend voor het zagen van hout.
  • Houd de lopende zaagketting vrij van de grond.
  • Gebruik motorkettingzagen nooit voor het wegtillen en verwijderen van stukken hout en andere voorwerpen.
  • Ontdoe het bereik van de zaagsnede van vreemde voorwerpen zoals zand, stenen, spijkers etc. Vreemde voorwerpen beschadigen de zaag en kunnen gevaarlijke terugslag (kickback) tot gevolg hebben.
  • Gebruik bij het zagen van sprokkelhout en dunne stammen een stabiele bok (indien mogelijk een zaagbok, 13). Het hout mag niet met de voet of door een tweede persoon worden vastgehouden.
  • Rondhout moet tegen verdraaien tijdens het zagen worden geborgd.
  • Bij afkorten moet de getande beugel (13, Z) tegen het te zagen hout worden gezet.
  • Voor het afkorten moet de getande beugel tegen het te zagen hout gezet worden en pas daarna met lopende zaagketting het hout gezaagd worden. De zaag wordt daarbij door middel van de achterste handgreep omhoog getrokken en met de beugelhandgreep geleid. De getande beugel dient daarbij als draaipunt. Het volgen gebeurt met een lichte druk op de beugelgreep. De zaag hierbij iets terugtrekken. Getande beugel lager aanzetten en opnieuw de achterste handgreep omhoog trekken.
  • Steek- en langssneden mogen alleen door speciaal ge- schoold personeel uitgevoerd worden (verhoogd gevaar voor terugslag).
  • Langssneden (14) in een zo klein mogelijke hoek aanzetten. Hier moet bijzonder voorzichtig te werk worden gegaan, daar de getande beugel niet kan grijpen.
  • Trek de zaag alleen met lopende zaagketting uit het hout.
  • Zijn er meerdere zaagsneden nodig dan moet de gashendel tussendoor losgelaten worden.

10

DOLMAR PS-5105C - Werkomstandigheden en -technieken - 2

  • Pas op bij het zagen van versplinterd hout. Er kunnen afgezaagde houtsplinters meegetrokken worden (gevaar voor letsel).
  • Bij het zagen met de bovenzijde van de zaaggeleider kan de motorkettingzaag in de richting van de bedieningspersoon gestoten worden als de zaagketting klem komt te zitten. Daarom moet zoveel mogelijk met de onderzijde van de zaaggeleider gezaagd worden, daar in dat geval de zaag altijd van het lichaam weg in de richting van het hout getrokken zal worden (15).
  • Hout onder spanning (16) moet altijd eerst aan de drukzijde (A) ingezaagd worden. Pas daarna kan de scheidingssnede op de trekzijde (B) gemaakt worden. Zo wordt het ingeklemd reken van de zaaggeleider voorkomen.

ATTENTIE: Velwerkzaamheden en verwijderen van takken, alsmede het werken aan omgewaaide bomen mogen alleen uitgevoerd worden door geschoold personeel! Gevaar voor letsel!

  • Steun bij het verwijderen van takken de motorkettingzaag altijd zo dicht mogelijk op de stam. Hierbij mag niet met de voorzijde van de zaaggeleider gezaagd worden (terugslaggevaar).
  • Let vooral goed op bij onder spanning staande takken. Zaag vrijhangende takken niet van onder af door.
  • Ga nooit op een stam staan terwijl u takken verwijdert.
  • Met het vellen van bomen mag pas worden begonnen nadat men zich ervan heeft verzekerd dat:

a) alleen personen die bij het vellen betrokken zijn zich op de werkplek bevinden.
b) ongehinderd uitwijken mogelijk is voor iedereen die betrokken is bij het vellen (de uitwijkruimte dient schuin naar achteren te lopen onder een hoek van ongeveer 45°).
c) de voet van de stam vrij is van alle vreemde voorwerpen, struikgewas en takken. Zorg voor een stabiele werkpositie (struikelgevaar).
d) de dichtsbijgelegen werkplek tenminste twee en een halve boomlengte verwijderd is (17). Vergewist u zich er vóór het vellen van dat er zich geen personen of voorwerpen binnen een afstand van 2 1/2 maal de boomlengte (17) bevinden.

- Beoordeling van de boom:

Overhangrichting - losse of dorre takken - hoogte van de boom - natuurlijke overhang - is de boom rot ?
- Let op de windrichting en windsnelheid. Bij zware windstoten mogen er geen bomen geveld worden.
- Inzagen van de worteluitlopers:
Bij de grootste worteluitloper beginnen. Als eerste de zaagsnede in verticale richting en daarna de zaagsnede in horizontale richting aanbrengen.
- Valkerf (18, A) aanbrengen:

De valkerf geeft de boom de juiste valrichting en stuurt deze. De valkerf wordt haaks op de valrichting aangebracht met een diepte van 1/3 - 1/5 van de stamdoorsnede. De zaagsnede indien mogelijk dicht boven de grond aanbrengen.

  • Eventuele correcties van de valkerf moeten over de gehele breedte van de boom aangebracht worden.
  • De valzaagsnede (19, B) wordt boven de valkerfholte (D) aangebracht. De valzaagsnede moet loodrecht op de stam aangebracht worden. Voor de val-kerf moet ongeveer 1/10 van de stamdoorsnede blijven staan als breukvlak.
  • Het breukvlak (C) werkt als scharnier. Dit mag in geen geval doorgezaagd worden, daar dit het ongecontroleerd vallen van de boom kan veroorzaken. Breng tijdig spie'n aan!
  • De valzaagsnede mag alleen gezekerd worden met kunststof of aluminium spie'n. Het gebruik van ijzeren spie'n is verboden, daar een aanraking ernstige beschadigingen of zaagkettingbreuk tot gevolg kan hebben.
  • Bij het vellen van bomen altijd terzijde van de vallende boom gaan staan.
  • Bij het terugkeren naar de valzaagsnede oppassen voor vallende takken.
  • Bij het werken op hellingen moet de bedieningspersoon boven of terzijde van de te bewerken stam, respectievelijk liggende boom staan.
  • Pas op voor aanrollende boomstammen.

DOLMAR PS-5105C - Werkomstandigheden en -technieken - 3

- Bij het veranderen van werkplek tijdens het werken moet de motorkettingzaag afgezet of de kettingrem ingeschakeld worden om onbedoeld starten en aan - lopen van de zaag ketting te voorkomen.

- Vervoer of draag de motorkettingzaag nooit met lopende zaagketting.

De warmgelopen motorzaag niet afdekken (bijv. met zeil, deken, tijdschriften ...).

De motorzaag laten afkoelen, alvorens ze in een transport-koffer of voertuig te laden. Bij motorzagen met katalysator zijn langere afkoeltijden nodig!

  • Bij vervoer over langere afstanden moet in ieder geval de meegeleverde beschermkap voor de zaaggeleider aan gebracht worden.
  • Draag de motorkettingzaag altijd aan de beugelgreep, waarbij de zaaggeleider naar achterwijst (20). Zorg ervoor datuniet met de uitlaat in aanraking komt (gevaar voor brandwonden!).
  • Tijdens vervoer in personenwagens moet de machine zo geplaatst worden dat er geen brandstof of kettingolie kan uitlekken.
  • De motorkettingzaag moet veilig in een droge ruimte opgeslagen worden. De motorkettingzaag mag niet buiten bewaard worden. Berg de motorkettingzaag ontoegankelijk voor kinderen op.
  • Bij opslag gedurende langere tijd en bij het verzenden van de motorkettingzaag moeten olietank en brandstoftank volledig geleegd zijn.

Onderhoud

  • Bij alle onderhoudswerkzaamheden moet de motorkettingzaag uitgezet (21), en de bougiedop losgetrokken worden!
  • Vóór het begin van de werkzaamheden moet altijd eerst gecontroleerd worden of de motorkettingzaag goed werkt, en speciaal de kettingrem. Let er vooral op of de zaagketting volgens voorschrift geslepen en gespannen is (22).
  • De motorkettingzaag moet met zo weinig mogelijk lawaai en uitlaatgassen gebruikt worden. Let goed op een correcte afstelling van de carburator.
  • Reinig de motorkettingzaag regelmatig.
  • Controleer regelmatig of de tankdoppen goed sluiten.

Neem de veiligheidsvoorschriften van de Arbeidsins pektie enverzekeringsmattschappijen in acht.

Breng in geen geval veranderingen in der constructie van de motorkettingzaag aan. U brengt daarmee uw veilig heid in gevaar.

Onderhouds- en montagewerkzaamheden mogen alleen uitgevoerd worden voorzover deze in deze gebruiksaanwij zing beschreven zijn. Alle overige werkzaamheden moeten door de DOLMAR service uitgevoerd worden.

Gebruik uitsluitend DOLMAR reserve-onderdelen en geautoriseerde accessoires.

Bij gebruik van niet-originele DOLMAR reserve onderdelen, niet-geautoriseerde accessoires of zaaggeleider/ketting combinaties en -lengten is er een verhoogd ongevalsrisico. Bij ongelukken of schade als gevolg van niet-geautoriseerde zaagmechanieken of accessoires vervalt iedere aansprake lijkheid.

Eerste Hulp (E.H.B.O.)

Voor eventuele ongevallen dient altijd een verbanddoos op de werkplek aanwezig te zijn. Vul gebruikt materiaal direct weer aan.

Als u om hulp vraagt, geeft u dan de volgende informatie:

  • Waar gebeurde het
  • Wat gebeurde er
  • Hoeveel gewonden
  • Aard van de verwondingen
  • Noem uw naam!

Aanwijzing: Bij personen met circulatiestoornissen kunnen vaak optredende vibraties tot beschadiging van do bloedvaten of van het zenuwstelsel leiden. Door vibraties aan vingers, handen of polsen kunnen de volgende symptomen optreden: inslapen van lichaamsdelen, prikkelen, pijn steken, verandering van de huidkleur of van de huid. Bij het waarnemen van zulke symptomen moet u een dokter opzoeken.

20

DOLMAR PS-5105C - Eerste Hulp (E.H.B.O.) - 1

Technische specificatiesPS-4605PS-5105
Cilinderinhoud cm3 45,650,0
Boringmm43
Slagmm3
Maximaal vermogen bij toerental 2) kW / 1/min 2,6 / 10.000 2,8 / 10.000
Maximale koppel bij toerental 2) Nm / 1/min 2,8 / 7.000 3,1 / 7.000
Stationair toerental / max. motor toerental met zaaggeleider /ketting 1/min2.500 / 13.8002.500 / 13.800
Koppel toerental 1/min 3.900 3.900
Geluidsdruk (op de werkplek) LpA, eq vlgs. ISO/CD 22868 1) 3)dB(A)101,2 / KpA = 2,5 101 / K pA = 2,5
Geluidsniveau LWA, eq vlgs. ISO/CD 22868 1) 3)dB(A)109,1 / KWA = 2,5108,6 / KWA = 2,5
Trillingen ahv, eq vlgs. ISO 22867 1) 3)
- Beugelgreep m/s2 4,1 / K = 25,2 / K = 2
- Achterste handgreep m/s2 3,6 / K = 23,7 / K = 2
Carburateur (membraan, carburateur met chokeklep)TypeZAMA
OntstekingTypeelectronisch
BougieTypeNGK BPMR 7A
Elektrodenafstandmm0,5
of bougieTypeBOSCH WSR 6F
Brandstofverbruik bij max. vermogen vlgs. ISO 7293 2)kg/h1,21,3
Specifiek verbruik bij max. vermogen vlgs. ISO 7293 2)g/kWh450450
Inhoud brandstoftankI0,47
Inhoud olietankI0,27
Mengverhouding (brandstof : 2-taktolie)
- bij gebruik van DOLMAR olie50 : 1
- bij gebruik van Aspen Alkylat (2-taktbrandstof)50 : 1 (2%)
- bij gebruik van andere olie (kwaliteitsklasse JASO FC of ISO EGD)50:1
Kettingreminwerkingstelling met de hand of door terugslag (kickback)
Kettingsnelheid (Bij max. vermogen)m/s19,3 / 22,219,3 / 22,2
Kettingwielverdelinginch.325 of 3/8
Aantal tandenZ7
Kettingtypezie uittreksel uit de reserveonderdelenlijst
Verdeling / Schakeldikteinch.325 / 0,050, 0,058 of 3/8 / 0,058
Zaaggeleider snijlengtecm33 / 38 / 45 / 53
Zaagggeleidertypezie uittreksel uit de reserveonderdelenlijst
Gewicht motorzaag (lege tank, zonder blad, ketting en toebeh.) kg4)4)

1) Opgaves houden in gelijke delen rekening met de bedrijfstoestanden stationair, volle belasting en maximum toerental.
2) Bij de uitvoering zonder startventiel. 3) Onzekerheid (K=).
4) PS-4605 = 5,3, PS-4605 H = 5,5, PS-5105 = 5,3, PS-5105 C = 5,4, PS-5105 H = 5,5, PS-5105 CH = 5,6.

Benaming van de onderdelen

Typeplaatje (15)

Bij bestellen van eserveonderdelen opgeven!

DOLMAR PS-5105 2011 123456 SERienummer Bouwjaar CE DOLMAR GmbH, 22015 Hamburg, Germany Made in Germany 000.000.000 T##14

1 Handgreep
2 Afdekkap
3 Kapklem
4 Beugelgreep
5 Handbeschermer

(tevens inertieschakelaar voor de kettingrem)

6 Uitlaatdemper
7 Getande beugel (klauwgreep)
8 Instelschroef voor kettingspanner
9 Bevestigingsmoeren

10 Kettingvanger
11 Kettingwielbeschermer
12 Afstelschroef voor oliepomp (onderzijde)
13 Afstelschroef voor de carburator
14 Schakelaar voor handgreepverwarming (alleen bij apparaten met modelbenaming "H")
15 Typeplaatje
16 Startergreep
17 Combischakelaar (choke/start/stop)
18 Gashendel
19 Veiligheids-sperknop
20 Achterste handbeschermer
21 Tankdop brandstoftank
22 Ventilatorhuis met startinrichting
23 Tankdop olietank
24 Zaaggeleider
25 Zaagketting (snijwerktuig)

05 H = 5,5, PS-5105 CH = 5,6. Ilen opgeven! Summer aar 15 4 2 3 5 6 7 8 9 14 13 12 11 10

24 25 16 17 18 19 23 22 21 20

STOP

A

INBEDRIJFNAME

ATTENTIE:

Bij alle werkzaamheden aan zaaggeleider en zaagketting te allen tijde de motor afzetten, de bougiestekker eraf trekken (zie Bougie ver vangen) en beschermende handschoenen dragen!

ATTENTIE:

De motorkettingzaag mag pas gestart worden na volledig te zijn samengebouwd en controle!

( ) 1 2 3 B

Montage van de zaaggeleiding en zaagketting

Gebruik de bijgeleverde combisleutel voor de hierna ge - noemde werkzaamheden.

Plaats de motorkettingzaag op een stabiele ondergrond en voer de volgende stappen uit voor de montage van de zaagketting en de zaaggeleider uit:

Ontkoppel de kettingrem door aan de beschermingshendel (1) te trekken, in de richting van de pijl.

Bevestigingsmoeren (2) eraf draaien.

Verwijder de kettingwielbeschermer (3).

6 5 4 C

De kunststof transportbeschermer (*) erafnemen en in de afval gooien.

De instelschroef voor de kettingspanner (4) naar links draaien (tegen de klok in), tot de tap (5) van de kettingspanner onder de bout (6) staat.

D 5 7

Het zaagblad (7) monteren. Erop letten dat de tap (5) van de kettingspanner in het gat van het zaagblad steekt.

De zaagketting (9) op kettingwiel (8) leggen.

LET OP!

De zaagketting niet tussen het kettingwiel en het blad steken.

De zaagketting bovenaan ca. tot de helft in de geleidegroef (10) van het zaagblad leggen.

De zaagketting onderaan op de kettingvanger (11) leggen.

ATTENTIE:

De snijkanten van de zaagketting moeten aan de geleiderbo- venkant in de richting van de pijl wijzen!

9 8 11 10 E

Voer de zaagketting (9) om de omlegschijf (12) van de zaaggeleider, en trek daarbij de zaagketting licht in de richting van de pijl.

9 12 F

De kettingwielbeschermer (3) weer aanbrengen.

De bevestigingsmoeren (2) eerst handvast aandraaien.

2 3 G

Zaagketting spannen

De instelschroef (4) naar rechts draaien (met de klok mee), tot de zaagketting in de geleidegroef aan de onderkant van het blad grijpt (zie cirkeltje).

Het zaagblad licht optillen en de instelschroef (4) naar rechts draaien (met de klok mee), tot de zaagketting weer tegen de onderkant van het blad ligt (zie cirkeltje).

Het voorste einde van de zaaggeleider verder omhoog tillen en de bevestigingsmoeren (2) met de combisleutel vast aandraaien.

DOLMAR PS-5105C - Zaagketting spannen - 1

Controle van de kettingspanning

De zaagketting is juist gespannen wanneer de zaagketting tegen de onderzijde van de zaaggeleider aanligt en de zaagketting nog gemakkelijk met de hand bewogen kan worden over de zaaggeleider.

Hierbij moet de kettingrem gelost zijn.

Controleer regelmatig de kettingspanning, omdat nieuwe zaagkettingen na verloop van tijd uitrekken en langer worden!

Daarom de kettingspanning regelmatig bij afgezette motor controleren.

ADVIES:

IIn de praktijk wordt geadviseerd 2-3 zaagkettingen afwissel end te gebruiken.

Voor een gelijkmatige slijtage van de zaaggeleidergroef moet bij het verwisselen van een ketting de zaaggeleider omgekeerd worden (onderzijde boven en bovenzijde onder).

Zaagketting naspannen

De bevestigingsmoeren (2) met de combisleutel ca. een omwenteling losdraaien. Het zaagblad licht optillen en de instelschroef (4) naar rechts draaien (met de klok mee), tot de zaagketting weer tegen de onderkant van het blad ligt (zie cirkeltje).

Het zaagblad verder optillen en de bevestigingsmoeren (2) met de combisleutel weer stevig aandraaien.

DOLMAR PS-5105C - Zaagketting naspannen - 1

De DOLMAR motorzagen PS-4605/PS-5105 zijn standaard met een vertragings veroor zakende kettingrem uitgerust. Ontstaat er een terugslag (kickback) doordat de punt van de zaaggeleider met het hout in aanraking komt (zie hoofdstuk „VEILIGHEIDSVOOR-SCHRIF TEN”, blz. 6), wordt bij voldoende terugslag de kettingrem door massatraagheid in werking gesteld. In een fractie van een seconde wordt de zaagketting stilgezet.

De kettingrem is bedoeld voor noodgevallen en voor het blokkeren van de zaagketting voor het starten.

ATTENTIE: In geen geval (behalve bij de controle, zie hoofdstuk „Kettingrem controleren”) de motorzaag bij ingeschakelde kettingrem bedienen, daar anders in zeer korte tijd aanzienlijke schade aan de motorzaag kan optreden!

Vóór het begin van de werkzaamheden onvoorwaardelijk de kettingrem vrijzetten!

DOLMAR PS-5105C - Zaagketting naspannen - 2

C 1 2 1

Inschakeling van de kettingrem (blokkeren)

Als de terugslagkracht sterk genoeg is, dan zal de plotselinge versnelling van de beugelgreep in combinatie met de inertie van de handbescherming (1) de rem automatisch aanzetten.

Druk voor handbediening de handbeschermer (1) met de linker hand in de richting van de voorzijde van de zaaggeleider (pijl 1).

Kettingrem lossen

De handbeschermer (1) in de richting van de beugelgreep (pijl 2) trekken tot deze voelbaar aangrijpt. De kettingrem is gelost.

Brandstoffen

LET OP:

De machine wordt met mineraalolieproducten (benzine en olie) bedreven!

Bij de omgang met benzine is verhoogde waakzaamheid geboden.

Roken en open vuur zijn verboden (ontploffingsgevaar).

Brandstofmengsel

De motor van deze machine is een hoogwaardige, luchtgekoelde tweetaktmotor. De motor werkt op een mengsel van benzine en tweetaktolie.

De motor is ontworpen voor gebruik van normale loodvrije benzine met een minimaal octaangetal van 91 ROZ. Is deze brandstof niet beschikbaar, dan kunnen ook brandstoffen met een hoger octaangetal gebruikt worden. Hierdoor ontstaat geen schade aan de motor.

Gebruik voor een optimale motorwerking en ter be -scher ming van gezondheid en leefmilieu alleen loodvrije brandstof !

Voor de smering van de motor wordt synthetische tweetaktmotorolie voor luchtgekoelde tweetaktmotoren (kwaliteitsklasse JASO FC of ISO EGD) gebruikt; deze wordt bij de benzine gemengd. De motor is ontworpen voor DOLMAR tweetaktolie met een milieuvriendelijke mengverhouding van 50:1. Hierdoor wordt een lange levensduur en een betrouwbare, rookarme werking van de motor gewaarborgd.

DOLMAR kwaliteitstwee-takt olie is afhankelijk van het ver bruik leverbaar in de volgende verpakkingen:

1 | Bestelnummer 980 008 107

100 ml Bestelnummer 980 008 106

Indien er geen DOLMAR tweetaktolie beschikbaar is moet een mengverhouding van 50:1 bij gebruik van andere tweetaktoli'n aangehouden worden, aan anders problemen kunnen optreden.

DOLMAR PS-5105C - Brandstofmengsel - 1

ntie: geen kant en klaar mengsel van benzine- stations gebruiken!

Het verkrijgen van de juiste mengverhouding:

50:1 Bij gebruik van DOLMAR tweetaktolie, d.w.z. 50 delen brandstof mengen met 1 deel olie.

50:1 Bij gebruik van andere synthetische tweetaktoli'n (kwaliteitsklasse JASO FC of ISO EGD), d.w.z. 50 delen brandstof mengen met 1 deel olie.

ADVIES: Voor het verkrijgen van het juiste benzine/olie mengsel wordt de olie voorgemengd met de helft van de totaal benodigde hoeveelheid benzine, waarna de rest van de brandstof wordt toegevoegd. Voor het vullen van de tank van de motorkettingzaag eerst het mengsel goed schudden.

DOLMAR PS-5105C - ntie: geen kant en klaar mengsel van benzine- stations gebruiken! - 1

DOLMAR PS-5105C - ntie: geen kant en klaar mengsel van benzine- stations gebruiken! - 2

DOLMAR PS-5105C - ntie: geen kant en klaar mengsel van benzine- stations gebruiken! - 3

Brandstof
DOLMAR PS-5105C - ntie: geen kant en klaar mengsel van benzine- stations gebruiken! - 4

Het is niet zinvol uit overdreven veiligheidsbewustzijn het olie-aandeel in het tweetaktmengsel te vergroten ten opzichte van de aangegeven mengverhouding. Dit veroorzaakt nl. meer verbrandingsresten. Deze belasten het milieu en verstoppen het uitlaatkanaal in de cilinder evenals de geluidsdemper. Ook stijgt hierdoor het brandstofverbruik en neemt het vermogen af.

Opslag van brandstof

Brandstoffen zijn slechts in beperkte mate geschikt voor opslag. Brandstof en brandstofmengsels verouderen door verdamping, vooral onder invloed van hoge temperaturen. Te lang bewaarde brandstoffen en brandstofmengsels kunnen zo tot startproblemen en motorschade leiden. Koop niet meer brandstof in dan in enkele maanden wordt verbruikt. Bij hogere temperaturen dienen brandstoffen binnen de 6-8 weken te worden opgebruikt.

Bewaar brandstoffen uitsluitend in goedgekeurde bussen op een droge, koele en veilige plaats!

HUID- EN OOGCONTACT VERMIJDEN!

Minerale olieprodukten, ook oli'n, ontvetten de huid. Bij her haaldelijk en langdurig contact droogt de huid uit. Diverse huidziekten kunnen hiervan het gevolg zijn. Bovendien zijn allergische reacties bekend.

Contact van de ogen met olie veroorzaakt irritaties. Bij oogcontact direct het betreffende oog met schoon water uitspoelen.

Bij aanhoudende irritatie direct een arts bezoeken!

D

Zaagkettingolie

DOLMAR PS-5105C - Zaagkettingolie - 1

Voor het smeren van de zaagketting en de zaaggeleider moet zaagkettingolie met een hechtmiddeltoevoeging gebruikt worden. De hechtmiddeltoevoeging in de zaagkettingolie voor -komt een te snel wegslingeren van de olie.

Om het milieu te sparen wordt het gebruik van biologisch af -breek bare zaagkettingolie aangeraden. In sommige plaatselijke verordeningen wordt het gebruik van biologisch afbreekbare olie verplicht gesteld.

De door DOLMAR aangeboden zaagkettingolie BIOTOP wordt op basis van geselecteerde plantenoli'n vervaardigd en is 100% biologisch afbreekbaar. BIOTOP is bekroond met de blauwe milieu-engel (RAL UZ 48).

DOLMAR PS-5105C - Zaagkettingolie - 2

BIOTOP zaagkettingolie is leverbaar in de volgende verpak kingsgroottes:

1 I Bestelnummer 980 008 210

51 Bestelnummer 980 008 211

20 I Bestelnummer 980 008 213

Biologisch afbreekbare kettingolie is slechts beperkt houdbaar en dient binnen 2 jaar na de fabricagedatum die op de verpakking staat gedrukt te worden opgemaakt.

E

Belangrijke aanwijzing aangaande bio-olie voor zaag kettingen

Bij een bultenbedrijfsstelling op langere duur moet de olietank worden leeggemaakt, waama er een kleine hoeveelheid motorolie (SAE 30) moet worden ingegoten. Daarop de zaag enige tijd laten lopen, om alle resten bio-olie uit de tank, het olieleidingssysteem en de zaaginrichting te spoelen. Deze maatregel is noodzakelijk, omdat verschillende bio-olies ertoo noigen plakkerig te worden, waardoor schade aan de oliepomp of aan oliegeleidende machinedelen kan optreden. Bij hernieuwde ingebruikname weer met BIOTOP-zaagkettingolie vullen. Bij schade veroorzaakt door het gebruik van afgewerkte of ongeschikte zaagkettingoli'n vervalt iedere aanspraak op garantie.

Uw vakhandelaar informeert u graag over gebruik en toepassing van zaagkettingolie.

Afgewerkte olie

GEBRUIK NOOIT AFGEWERKTE OLIE!

Afgewerkte olie is zeer schadelijk voor het milieu ! Afgewerkte olie bevat hoge concentraties van stoffen waarvan bewezen is dat ze kankerverwekkend zijn. De vervuiling in afgewerkte olie veroorzaakt verhoogde slijtage aan de oliepomp en het zaagmechaniek.

Bij schade veroorzaakt door het gebruik van afgewerkte of ongeschikte zaagkettingoli'n vervalt iedere aanspraak op garantie.

Uw vakhandelaar informeert u graag over gebruik en toepassing van zaagkettingolie.

HUID- EN OOGCONTACT VERMIJDEN!

Minerale olieprodukten, ook oli'n, ontvetten de huid. Bij herhaaldelijk en langdurig contact droogt de huid uit. Diverse huidziekten kunnen hiervan het gevolg zijn. Bovendien zijn allergische reacties bekend.

Contact van de ogen met olie veroorzaakt irritaties. Bij oogcontact direct het betreffende oog met schoon water uitspoelen.

Bij aanhoudende irritatie direct een arts bezoeken!

A

STOP Zaagkettingolie Brandstof en tweetaktolie B

Tanken

DOLMAR PS-5105C - Tanken - 1

De omgang met brandstoffen vereist een voorzichtige en zorgvuldige handelwijze.

Uitsluitend bij uitgeschakelde motor!

Rondom de vulopeningen goed schoonmaken, zodat er geen vuil in de tanks komt.

De tankdop afschroeven (evt. met de combisleutel losdraaien, zie afbeelding) en het brandstofmengsel resp. de zaagkettingolie tot de onderkant van de vulopening bijvullen. Voorzichtig ingieten, om geen brandstofmengsel of zaagkettingolie te morsen.

De tankdop met de hand tot de aanslag opschroeven.

Tankdop en omgeving na het tanken reinigen!

Smering van de zaagketting

DOLMAR PS-5105C - Smering van de zaagketting - 1

Om de zaagketting voldoende te smeren, moet altijd voldoende zaagkettingolie in de tank voorhanden zijn. De tankinhoud volstaat voor ongeveer 1/2 uur continubedrijf. Tijdens het werk controleren of er nog voldoende kettingolie in de tank is en indien nodig bijvullen. Alleen bij een uitgeschakelde motor!

De tankdop met de hand tot de aanslag aandraaien.

B

Kettingsmering controleren

Zaag nooit met onvoldoende kettingsmering. Hiermee verkort u de levensduur van de zaaginrichting!

Controleer vóór het begin van de werkzaamheden altijd het oliepeil in de tank en de controleer ook de olietoevoer.

De olietoevoer kan op als volgt gecontroleerd worden:

Start de motorkettingzaag (zie hoofdstuk „Motor starten”).

Houd de lopende zaagketting ongeveer 15 cm boven een boomstam of de grond (leg er iets onder als bescherming).

Bij voldoende smering vormt zich een licht oliespoor door de afgeslingerde olie. Bij voldoende smering ontstaat door afspattende olie een geringe oliespoor. Let op de windrichting en stelt u zich niet onnodig aan de smeeroliemist bloot!

Aanwijzing:

Na het buitenbedrijfstellen van het apparaat is het normaal, dat gedurende enige tijd nog resten van kettingolie eruitlopen, die nog in het olieleidingssysteem en aan de zaaggeleider en de ketting voorhanden zijn. Hierbij is geen sprake van een defect!

Gebruik een geschikte onderlegger.

DOLMAR PS-5105C - Aanwijzing: - 1

Uitsluitend bij uitgeschakelde motor!

DOLMAR PS-5105C - Uitsluitend bij uitgeschakelde motor! - 1

De olietoevoerhoeveelheid kan met de afstelschroef (1) worden geregeld. De instelschroef vindt u aan de onderkant van kast.

De oliepomp is in de fabriek op een gemiddelde pompcapacit teit afgesteld.

Om de toevoerhoeveelheid te veranderen, met een kleine schroevendraaier de instelschroef met

  • een draai naar rechts op een grotere
  • een draai naar links op een kleinere toevoerhoeveelheid instellen.

Al naargelang de bladlengte een van de drie instellingen kiezen.

Tijdens de werkzaamheden controleren of er voldoende kettingolie in de tank zit. Indien nodig bijvullen.

Instelbereik ca. 90° 1 D

Voor een probleemloze werking van de oliepomp moeten de olietoevoergroef in het krukashuis (2) en de olietoevoerboring in de zaaggeleider (3) regelmatig gereinigd worden.

Aanwijzing:

Na het buitenbedrijfstellen van het apparaat is het normaal, dat gedurende enige tijd nog resten van kettingolie eruitlopen, die nog in het olieleidingssysteem en aan de zaaggeleider en de ketting voorhanden zijn. Hierbij is geen sprake van een defect!

Gebruik een geschikte onderlegger.

DOLMAR PS-5105C - Aanwijzing: - 1

De motorkettingzaag mag pas gestart worden na volledig te zijn samengebouwd en controle!

Op minstens 3 m afstand van de plek waar getankt wordt.

Zorg dat u stabiel staat en leg de motorkettingzaag zo op de grond leggen dat de zaaginrichting vrij van de grond blijft.

Kettingrem inschakelen (blokkeren).

Houd de beugelgreep stevig met één hand vast en druk de motorkettingzaag tegen de grond.

Plaats de punt van de rechter voet in de achterste handbeschermer.

Koudstart (Choke) Warmstart (ON) Afzetten van de motor Combischakelaar in veiligheidsstand (ontstekingsstroom onderbroken, noodzakelijk bij onderhouds- en montagewerkzaamheden)

Koudstart:

De combischakelaar (1) naar boven drukken (chokestand). Hierbij wordt tegelijkertijd de halfgasvergrendeling geactiveerd.

Trek de starterkabel (2) langzaam uit tot u weerstand voelt (de zuiger staat nu voor het bovenste dode punt).

Trek de kabel nu snel en krachtig verder uit tot er een eerste hoorbare ontsteking volgt.

ATTENTIE: De starterkabel niet meer dan ca. 50 cm uittrek ken en altijd langzaam met de hand terugbrengen.

De combischakelaar (1) in de middelste stand (ON) drukken. Opnieuw snel en krachtig aan de starterkabel trekken. Zodra de motor loopt, de handgreep omvatten (de veiligheidsblokkeertoets (3) wordt met de handpalm bediend) en de gashendel (4) aantippen. De halfgasvastzetter wordt opgeheven en de motor loopt stationair.

Attentie: de motor moet na het aanlopen direct teruggebracht worden naar het stationaire toerental, daar anders schade kan ontstaan aan de kettingrem.

Nu de kettingrem lossen.

DOLMAR PS-5105C - Koudstart: - 1

Warmstart:

Zoals beschreven onder koudstart, maar voor het starten de combischakelaar (1) naar boven drukken (chokestand) en meteen weer in de middelste stand (ON) drukken, om alleen de halfgasvergrendeling te activeren. Als de motor na 2 tot 3 pogingen niet draait, het complete startproces herhalen, zoals beschreven onder koudstart.

Afzetten van de motor

De combischakelaar (1) naar beneden drukken in de stand

DOLMAR PS-5105C - Afzetten van de motor - 1

OPMERKING: De combischakelaar keert na het omlaagdrukken terug naar de stand "ON". De motor is uitgeschakeld, maar kan ook zonder de combischakelaar opnieuw te bedienen, worden gestart.

LET OP! Om de ontstekingsstroom te onderbreken, dient de combischakelaar volledig omlaag te worden gedrukt, voorbij de weerstand tot in de stand ( ).

B

Kettingrem controleren

De kettingrem moet elke keer vóór werkbegin worden gecontroleerd.

De motor zoals beschreven starten (een vellige stand innemen en de motorzaag zodanig op de grond zetten, dat het zaagwerk vrij staat).

De beugelgreep met één hand stovig omvatten, de andere hand aan de handgreep.

De motor op halve toeren laten lopen en met de rug van de hand de handbeschermer (6) in de richting van de pijl drukken tot de kettingrem blokkeert. Nu moet de zaagketting onmiddel- lijk tot staan komen.

De motor onmiddellijk in zijn vrij zetten en de kettingrem weer loszetten.

Let op! Mocht de zaagketting bij deze controle niet onmiddellijk tot stilstand komen, de motor onmiddellijk uitschakelen. Met de motorzaag mag in dit geval niet gezaagd worden. Neem a.u.b. contact op met een DOLMAR-atelier.

DOLMAR PS-5105C - Kettingrem controleren - 1

Gebruik in de winter

Ter voorkoming van ijsafzetting in de carburator, die bij lage temperaturen en hoge luchtvochtigheid optreedt, en om bij temperaturen onder + 5°C sneller op bedrijfstemperatuur te komen, kan warme lucht van de cilinder worden aangezogen.

De afdekkap wegnemen (zie luchtfi iter reinigen).

De inzet (7) uittrekken en voor het winterbedrijf inzetten zoals afgebeeld.

Bij temperaturen boven + 5°C moet steeds koude lucht worden aangezogen. Bij het niet tijdig uitschakelen kan schade aan de cilinder en zuigers ontstaan!

Bij temperaturen boven +5 °C de inzet 180° draaien, zodat na het inzetten de aanzuigopening (8) wordt afgesloten.

Opmerking: Bij werkzaamheden in de sneeuw kan de inzet (7) door een speciale inzet met nylon filter worden vervangen, om het binnendringen van poedersneeuw te verhinderen. Deze is als toebehoren verkrijgbaar onder het bestelnr. 957 173 250.

DOLMAR PS-5105C - Gebruik in de winter - 1

Symbool bij inzetten boven - normaalbedrijf Symbool bij inzetten boven - winterbedrijf

DOLMAR PS-5105C - Gebruik in de winter - 2

(alleen bij apparaten met de modelbenaming "H")

De elektrische handgreepverwarming wordt met de schakelaar

(9) in- of uitgeschakeld.

Ingeschakeld: schakelaar beneden indrukken

Uitgeschakeld: schakelaar boven indrukken

DOLMAR PS-5105C - Gebruik in de winter - 3

Het instellen van de carburateur mag pas gebeuren na de volledige montage en controle van het apparaat! Instellingen zonder toerenteller zijn niet toegestaan!

Het instellen van de carburateur dient ter verkrijging van een optimaal functioneren, een zuinig verbruik en bedrijfsveiligheid. De instelling moet gebeuren bij een warme motor, zuivere luchtfi liter en correcte montage van het snijgereedschap. U dient de instelling van de carburateur in elk geval door een DOLMAR-servicedienst te laten uitvoeren, daar verkeerde instellingen tot motorschade kunnen leiden.

Omwille van nieuwe emissienormen worden de instelschroeven (H) en (L) van de carburateur van begrenzingen voorzien. Door de zo beperkte instelmogelijkheid (ca. 180 graden) wordt een te vette carburateurinstelling verhinderd. Dit garandeert dat de emissienormen worden aangehouden en tevens een optimaal motorvermogen en zuinig brandstofverbruik.

Voor een optimale instelling is een toerenteller (Bestel-nr. 950 233 210) benodigd, daar een overschrijden van het hoogst toelaatbare toerental tot overhitting en tekort aan smeerolie leidt. Gevaar van motorschade!

Fabrieksinstelling van de instelschroeven (H) en (L): tot kort voor de aanslag (tegen de klok in) uitgedraaid.

Het instellen van de carburateur gebeurt met een schroevendraaier (kopbreedte 4 mm, bestelnummer 944 340 001).

Voor een juiste instelling zijn de volgende arbeidsstappen nodig:

DOLMAR PS-5105C - Gebruik in de winter - 4

Controle van de instelschroef (H)

Alvorens te starten, dient u zich ervan te vergewissen dat de instelschroef (H) tegen de klok in tot de voelbare aanslag is uitgedraaid. De begrenzingen beschermen de motor niet tegen verarming!

  1. Motor starten en warm laten lopen (3-5 minuten)
  2. Stationairgang instellen
  3. Acceleratie controleren
  4. Het hoogst toelaatbaar toerental instellen
  5. Stationairgangstoerental controleren

DOLMAR PS-5105C - Controle van de instelschroef (H) - 1

2. Stationairgang instellen

Het stationairgangstoerental overeenkomstig de technische gegevens instellen.

Draaien naar rechts van de instelschroef (S): het stationairgangstoerental stijgt aan. Naar links draaien (tegen de wijzers van de klok in): het stationairgangstoerental neemt af. Het snijgereedschap mag niet meelopen!

3. Controleren van de acceleratie

DOLMAR PS-5105C - Controleren van de acceleratie - 1

Bij bediening van de gashendel moet de motor zonder overgang van stationairgang op hoge toerentallen accele- reren.

De instelschroef (L) in kleine stappen tegen de klok in uitdraaien, tot de goede acceleratie gegeven is.

DOLMAR PS-5105C - Controleren van de acceleratie - 2

S HL

DOLMAR PS-5105C - Controleren van de acceleratie - 4

4. Instellen van het hoogste toerental

Het hoogste toerental instellen door minimaal regelen van instelschroef (H) volgens de technische gegevens. Erin draaien van instelschroef (H) met de wijzers van de klok mee (rechtsom): het toerental neemt toe. In geen geval het maximaal toelaatbare toerental overschrijden!

Opmerking voor apparaten met een elektronische toerentalbegrenzer: Bij deze apparaten is het niet mogelijk op de toerenteller het maximumtoerental correct af te lezen. Als het maximumtoerental wordt bereikt, treden hier duidelijk hoorbare ontstekingsweigeringen op!

5. Controleren van het stationairgangstoerental

DOLMAR PS-5105C - Controleren van het stationairgangstoerental - 1

Na het instellen van het hoogst toelaatbare toerental het stationairgangstoerental controleren (Het snijgereedschap mag niet meelopen!).

Het instelproces vanaf punt 2 herhalen totdat het stationairgangstoerental, goede acceleratie en het hoogst toelaatbare toerental bereikt zijn.

ONDERHOUDSWERKZAAMHEDEN

Zaagketting slijpen

ATTENTIE: Bij alle werkzaamheden aan zaaggeleider en zaagketting te allen tijde de motor afzetten, de bougiestekker eraf trekken (zie Bougie vervangen) en beschermende handschoenen dragen!

De zaagketting moet worden geslepen, wanneer:

zaagselachtige spaanders ontstaan bij het zagen van vochtig hout.

de ketting ook bij grote druk slechts met moeite in het hout trekt.

de snijkant zichtbaar beschadigd is.

Het zaagmechaniek in het hout eenzijdig naar links of rechts verloopt. De oorzaak hiervan is een ongelijkmatige scherpte van de zaagketting.

Belangrijk: vaak slijpen, weinig materiaal afslijpen!

Voor eenvoudig naslijpen zijn in de meeste gevallen twee tot drie streken van de vijl voldoende.

Nadat men de ketting meerdere malen zelf nageslepen heeft moet de zaagketting in de servicewerkplaats nageslepen worden.

STOP

A

Slijpkriteria:

ATTENTIE: Uitsluitend voor deze motorzaag toegelaten kettingen en zaaggeleiders gebruiken (zie uittreksel uit de reserve onder delenlijst)!

Alle zaagtanden moeten even lang zijn (maat a). Verschillen in hoogte van de zaagtanden betekenen een ongelijkmatige loop van de ketting en kunnen kettingbreuk veroorzaken!

Minimumlengte zaagtand = 3 mm. Wanneer de minimumlengte bereikt is, de kettingzaag niet meer slijpen. Er moet dan een nieuwe kettingzaag worden opgelegd (zie uittreksel uit de reserveonderdelenlijst en het Hoofdstuk „Nieuwe zaagketting“).

De afstand tussen de dieptebegrenzers (ronde neus) en de snijkant bepaalt de spaandikte.

De beste zaagresultaten worden bereikt met een afstand van 0,64 (.025") tussen de dieptebegrenzers.

ATTENTIE: Een te grote afstand vergroot het gevaar van terugslag!

DOLMAR PS-5105C - Slijpkriteria: - 1

0,64 mm (.025") a 0,64 mm (.025") a min. 3 mm (0.11") a

B

De slijphoek (α) moet bij alle zaagtanden absoluut gelijk zijn.

25° bij kettingtype 686, 099

30° bij kettingtype 086, 484

35° bij kettingtype 093

De juiste borsthoek van de zaagtand (β) ontstaat bij gebruik van de juiste ronde vijl vanzelf.

60° bij kettingtype 686, 099

85° bij kettingtype 086,093,484

Verschil in de hoeken veroorzaakt een ruwe en onregelmatige kettingloop, vergroot de slijtage en kan leiden tot kettingbreuk!

α α β β

C

90°

Kettingtype 093

DOLMAR PS-5105C - Slijpkriteria: - 5

Welke vijl en hoe deze te gebruiken

Het slijpen dient te gebeuren met een speciale ronde vijl voor zaagkettingen. Normale rondvijlen zijn ongeschikt. Zie de accessoirelijst voor het bestelnummer.

Typ 086, 484, 686: De eerste helft van de zaagtand met een ø 4,8 mm zaagkettingrondvijl vijlen, daarna met ø 4,5 mm.

Typ 093, 099: De eerste helft van de zaagtand met een ø 5,5 mm zaagkettingrondvijl vijlen, daarna met ø 4,5 mm.

De vijl mag alleen bij de voorwaartse streek (pijl) vijlen. De vijl moet bij het terughalen vrij van het materiaal gehouden worden.

De kortste snijtand wordt als eerste geslepen. De lengte van deze tand is dan de uitgangsmaat voor alle andere snijtanden van de zaagketting.

Nieuw ingezette snijtanden moeten precies aan de vorm van de gebruikte tanden aangepast zijn, ook aan de loopvlakken.

De vijl overeenkokmstig het kettingtype gebruiken (90° resp. 10° op het zaagblad).

D

α 4/5

E

De vijlhouder vergemakkelijkt de vijlgeleiding, hij is voorzien van markeringen voor de korrekte slijphoek van:

α = 2 5 ^ °

α = 3 0 ^ °

α = 3 5 ^ °

(de markeringen parallel aan de zaagketting laten lopen) en begrenst de insteekdiepte (4/5 van de vijl doorsnee). Zie de accessoirelijst voor het bestelnummer.

DOLMAR PS-5105C - E - 1

Aansluitend op het naslijpen de hoogte van de diepte begrenzers controleren met de kettingmaatlat. Zie de acces soirelijst voor het bestelnummer.

Ook de geringste uitsteekhoogte met een speciale vlakke vijl verwijderen (1). Zie de accessoirelijst voor het bestel nummer.

Dieptebegrenzer aan de voorzijde opnieuw afronden (2).

Reinigen van de remband en van de kettingwiel- binnenruimte

ATTENTIE: Bij alle werkzaamheden aan zaaggeleider en zaagketting te allen tijde de motor afzetten, de bougiestekker eraf trekken (zie Bougie vervangen) en beschermende handschoenen dragen!

ATTENTIE: De motorkettingzaag mag pas gestart worden na volledig te zijn samengebouwd en controle!

Kettingwielbeschermer (1) afnemen (zie Hoofdstuk „INBEDRI-JFNAME“ B) binnenruimte met een kwast schoonmaken.

De kettingspannerschroef (2) naar links draaien (tegen de klok in), tot de tap (3) van de kettingspanner onder de bout (4) staat.

Zaagketting (5) en zaaggeleider (6) eraf nemen.

OPMERKING

Erop letten dat er geen restanten in de oliegeleidegroef (7) en aan de kettingspanner (3) achterblijven.

Voor montage van zaaggeleider, zaagketting en kettingwielbeschermer zie Hoofdstuk „INBEDRIJFNAME“.

ADVIES:

De kettingrem is een zeer belangrijke veiligheids voorziening en is zoals ieder onderdeel onderhevig aan slijtage.

Regelmatige controle en onderhoud is in het belang van uw eigen veiligheid en dient door een DOLMAR servicewerkplaats te worden uitgevoerd.

STOP 1 2 3 4 5 6 7 DOLMAR SERVICE

A

Zaaggeleider reinigen

ATTENTIE: Beslist werkhandschoenen dragen.

De loopvlakken van de zaaggeleider moeten regelmatig op beschadigingen worden gecontroleerd en met daartoe geschikt gereedschap worden schoongemaakt.

STOP B

Nieuwe zaagketting

ATTENTIE: Uitsluitend voor deze motorzaag toegelaten kettingen en zaaggeleiders gebruiken (zie uittreksel uit de reserveonder delenlijst)!

Bij verandering van kettingtype moet het kettingwiel (12) aan het kettingtype worden aangepast. Evt. dient het kettingwiel te worden vervangen.

BELANGRIJK: Gebeurt een verandering van kettingtype van .325" naar 3/8", dan dient een aanpassing van de spaandeflector te gebeuren. Zie onder "Instructie voor de verandering van kettingtype".

STOP 8

9 11 12

14 13 C

Voordat een nieuwe zaagketting omgelegd wordt moet aller eerst de staat van het kettingwiel gecontroleerd worden.

Ingelopen kettingwielen (8) kunnen bescha digingen van de nieuwe zaagketting veroorzaken en moeten vervangen te worden.

Kettingwielbeschemer afnemen (zie Hoofdstuk „INBEDRIJF-NAME“ B)

Zaagketting en zaaggeleider eraf nemen.

De borgschijf (9) afnemen.

VOORZICHTIG: De borgschijf springt uit de gleuf. Houd de schijf met uw duimen tegen, om te verhinderen dat ze wegspringt.

De komschijf (11) afnemen.

Het ingekrompen kettingwiel (8) door een nieuw kettingwiel (12) vervangen (Bestelnummer zie „Uittreksel uit de reservedelenlijst“).

Nieuw kettingwiel, nieuwe aanloopschijf en nieuwe borgschijf (9) monteren (bestelnummers, zie "Uittreksel uit de reserveonderdelenlijst").

Voor montage van zaaggeleider, zaagketting en kettingwielbeschermer zie Hoofdstuk „INBEDRIJFNAME A-H“.

WENK: Geen nieuwe ketting op een ingelopen kettingwiel gebruiken. Het kettingwiel ten laatste na twee opgebruikte kettingen vervangen. De nieuwe ketting enkele minuten met halfgas laten lopen, zodat de zaagkettingolie zich gelijkmatig verdeelt.

De kettingspanning vaak controleren, daar nieuwe zaagkettingen uitrekken (zie Controle van de kettingspanning)!

De koppelingstrommel eveneens na twee opgebruikte kettingwielen vervangen.

Instructie voor de verandering van kettingtype

Draag in elk geval veiligheidshandschoenen!

  • Bij het gebruik van een 3/8"-zaagketting dient u absoluut vooraf het gemarkeerde deel van de spaandeflector (13) uit te snijden!
  • Snijd hiertoe eerst met een scherp mes langs de markering (14) en maak vervolgens met een dwarse snede het stuk los.

OPMERKING

Bij een ombouw naar hettingtype .325" moet een nieuwe spaandefl ector worden gemonteerd (bestelnummer zie "Uittreksel uit de reserveonderdelenlijst").

Luchtfi Iter schoonmaken

DOLMAR PS-5105C - Luchtfi Iter schoonmaken - 1

DOLMAR PS-5105C - Luchtfi Iter schoonmaken - 2

DOLMAR PS-5105C - Luchtfi Iter schoonmaken - 3

ATTENTIE: Wanneer voor het schoonmaken perslucht wordt gebruikt, te allen tijde een veiligheidsbril dragen, om ogenverwondingen te vermijden.

Luchtfi Iter niet met brandstof schoonmaken.

De kapklem (1) met de combisleutel losmaken en de afdekkap (2) verwijderen.

De combischakelaar (3) naar boven drukken (chokestand), om te verhinderen dat vuildeeltjes in de carburateur komen.

De klem (4) met de vinger of combisleutel in de richting van de pijl uithaken.

Luchtfilter (5) naar boven heen wegnemen.

Voorfilter (5a) uit de afdekkap (2) verwijderen.

ATTENTIE: Aanzuigopening met een zuivere lap afdekken om te verhin deren, dat er vuildeeltjes in de carburator terechtkomen.

Gebruik van de filters: Het vliesfilter wordt bij droge of stoffige werkomstandigheden gebruikt. Het nylonfi Iter (als toebehoren verkrijgbaar) wordt bij vochtige werkomstandigheden gebruikt. Het voorfilter houdt zaagsel tegen en verhindert het binnendringen van poedersneeuw in de winter.

Boven- en onderdeel van de luchtfi Iter uiteen nemen zoals in Afb. wordt getoond.

Schoonmaken van het vliesfilter: Voorzichtig uitkloppen of van binnen met perslucht uitblazen. Niet met een borstel schoonmaken, daar anders vuil in het weefsel wordt gedrukt. Sterk vervuilde vliesfilters in lauwwarm zeepsop, zoals dit in gewone vaatwasmachines gebruikt, uitwassen. Het vliesfi Iter moet eerst dan worden schoongemaakt, wanneer tijdens het werken een aanmerkelijk prestatieverlies optreedt. Indien na het schoonmaken geen merkbare prestatieverbetering intreedt, moet het fi Iter worden vervangen.

Schoonmaken van het nylonfilter: Met een penseel, zachte borstel of van binnen behoedzaam met perslucht doorblazen. Een sterk vervuild nylonfilter in lauwwarm zeepsop zoals in gewone vaatwasmachines gebruikt, uitwassen. Bij grove vervuiling vaker schoonmaken (meermaals per dag), daar alleen een zuivere luchtfi liter het volle motorvermogen garanderen.

Reiniging van het voorfilter: Het vervuilde voorfilter in een lauw zeepsopje met een gewoon afwasmiddel uitwassen.

Luchtfi Iter goed droogmaken.

Boven- en onderdeel weer samenvoegen.

Het voorfi Iter weer in de afdekkap plaatsen.

Vóór het aanbrengen van de luchtfilter de chokeklep op mogelijk erin gevallen vuildeeltjes controleren. Zo nodig met een kwast verwijderen.

ATTENTIE: Beschadigte lucht onmiddelijk vervangen! Afgescheurde stukken weefsel en grof vuil kunnen de motor onherstelbaar beschadigen.

De luchtfilter (5) inzetten en de kapklem (4) in de richting van de pijl drukken tot ze inklikt.

De combischakelaar (3) naar beneden drukken en de gashendel (6) eenmaal volledig indrukken om de halfgasstand uit te schakelen.

De afdekkap (2) weer opzetten en met de kapklem (1) bevestigen.

DOLMAR PS-5105C - Luchtfi Iter schoonmaken - 4

Bougie of bougiedop mogen niet bij lopende motor aangeraakt worden (hoogspanning!).

Onderhoudswerkzaamheden uitsluitend bij uitgeschakelde motor uitvoeren. Bij hete motor gevaar van verbranding. Beschermhand schoenen dragen!

Bij beschadiging van de isolator, sterke verbranding van de elektroden, of sterk vervuilde electroden, moet de bougie vervangen worden.

Kap erafnemen (zie bij „Luchtfi Iter schoonmaken“).

Bougiestekker (7) van de bougie af trekken. De bougie uitsluitend met de meegeleverde combisleutel eruitnemen.

Elektroden afstand

De elektrodenafstand moet 0,5 mm zijn.

ATTENTIE: Bij vervanging uitsluitend de bougies BOSCH WSR 6F of NGK BPMR 7A gebruiken.

8 9 C

Controle van de bougievonk

DOLMAR PS-5105C - Controle van de bougievonk - 1

De eruitgedraaide bougie (8) met de vast eropgestoken bougiestekker met een geisoleerde tang tegen de combisleutel drukken (weg van het bougiegat!).

De combischakelaar (9) in de stand ON drukken.

De starterkabel krachtig doortrekken.

Bij een correct functioneren moet er een vonk zichtbaar zijn tussen de elektroden.

10 11 12 16 17 D

Controleren van de uitlaatschroeven

STOP

De bevestigingsplaat (10) afnemen; hiertoe de schroeven (11, kort) en (12, lang) uitdraaien.

De geluiddemperschroeven zijn nu door de zakgaten toegankelijk en kunnen op hun stevige zitting worden gecontroleerd. Indien los, met de hand vastdraaien. (Let op: niet te vast aandraaien).

Vonken-beschermzeef schoonmaken/vervangen (bij modellen met katalysator)

Attentie: voor het reinigen van de zeef geen scherpe of puntige voorwerpen gebruiken. Hierdoor kan de vonkenbeschermzeef wordenbeschadigd of vervormd. Laat de motor in elk geval afkoelen!

De vonken-beschermzeef moet regelmatig schoongemaakt en op beschadigingen worden gekontroleerd. Indien nodig de vonken-beschermzeef vervangen.

Beide schroeven (16) uitdraaien en de vonken-beschermzeef (17) verwijderen. Montage in omgekeerde volgorde.

Startkabel vervangen / Terughaalveercassette vervangen / Startveer vervangen

De vier schroeven (1) uitdraaien.

Het ventilatorhuis (2) wegnemen.

De luchtgeleider (3) uit het ventilatorhuis nemen.

ATTENTIE: Gevaar van letsel! Schroef (7) alleen bij ont- spande terughaalveer eruit draaien!

Wanneer de startkabel vervangen wordt ofschoon deze niet defect is, moet men eerst de terughaalveer van de kabeltrommel (13) ontspannen.

Daartoe de kabel bij de startgreep geheel uit het ventilatorhuis trekken.

De kabeltrommel met de ene hand vasthouden en met de andere hand de kabel in de uitsparing (14) drukken.

Laat de kabeltrommel zich voorzichtig draaien, tot de terughaalveer volledig zonder spanning is.

De schroef (7) uitdraaien en de meenemer (8) en veer (6) wegnemen.

De kabeltrommel voorzichtig aftrekken.

Resten van de oude kabel verwijderen.

Een nieuw kabel (ø 3,5 mm, 1100 mm lang) inrijgen zoals op de afbeelding getoond (schijf (10) niet vergeten) en aan de beide einden een knoop leggen.

Knoop (11) in de kabeltrommel (5) trekken.

Knoop (12) in de startgreep (9) trekken.

De kabeltrommel opzetten, deze daarbij iets draaien tot de terughaalveer grijpt.

De veer (6) in de meenemer (8) plaatsen en samen in de ka- beltrommel (5) plaatsen met een lichte draai tegen de klok in.

De schroef (7) weer aanbrengen en vastdraaien.

Het koord in de uitsparing (14) van de koordtrommel steken en de koordtrommel met het koord driemaal met de klok mee draaien.

De kabeltrommel met de linker hand vasthouden en met de rechter hand de verdraaing van de kabel opheffen, de kabel strak trekken en vasthouden.

De kabeltrommel voorzichtig los laten. De kabel wordt door de veerkracht op de kabeltrommel gewikkeld.

De werkwijze eenmaal herhalen. De startgreep moet nu recht op het ventilatorhuis staan.

OPMERKING: Bij geheel uitgetrokken startkabel moet de kabeltrommel minstens 1/4 toer tegen de veerkracht in verder kunnen worden gedraaid.

ATTENTIE: Gevaar van letsel! De uitgetrokken startgreep vastmaken, daar deze terugschiet als de kabeltrommel per ongeluk losgelaten wordt.

Terughaalveercassette vervangen

Het ventilatorhuis en de kabeltrommel afnemen (zie boven).

ATTENTIE: Gevaar van letsel! De terughaalveer kan weg- springen! Absoluut een veiligheidsbril en veiligheidshandschoenen dragen!

Het ventilatorhuis met het hele steunvlak van de holle kant voorzichtig tegen een houten voorwerp slaan en daarbij vasthouden. Het ventilatorhuis nu voorzichtig en stapsgewijze optillen, want zo kan de uitgevallen terughaalveercassette (13) zich gecontroleerd ontspannen, als de terughaalveer uit de kunststof cassette is gesprongen.

De nieuwe terughaalveercassette voorzichtig aanbrengen en omlaagdrukken tot ze vastklikt.

De koordtrommel weer opzetten en daarbij licht draaien, tot de terughaalveer pakt.

De veer (6) en meenemer (8) monteren en met de schroef (7) vastschroeven.

De veer opspannen (zie hierboven).

Startveer vervangen

OPMERKING: Is de veer (6) van de verende starthulp gebroken, dan is een grotere krachtinspanning nodig om de motor te starten, en dan is bij het trekken aan de startgreep een grotere weerstand voelbaar. Wordt deze verandering in het startproces vastgesteld, dan dient de veer (6) gecontroleerd en indien nodig vervangen te worden.

DOLMAR PS-5105C - Startveer vervangen - 1

De luchtgeleider (3) in het ventilatorhuis zetten en daarbij de drie uitsparingen (4) laten inklikken.

Het ventilatorhuis juist in de kast passen, licht indrukken en daarbij aan de starterkabel trekken tot de startinrichting aanzet.

Schroeven (1) vastdraaien.

DOLMAR PS-5105C - Startveer vervangen - 2

Schoonmaken van de cilinderruimte

STOP

Bij langer gebruik van de zaag kan zich vuil en zaagsel aan de cilinder vastzetten, wat tot een oververhitting van de motor kan leiden. De cilinderribbenreiniger dient om afzettingen tussen de cilinderribben of tussen de cilinder en de houdplaat te verwijderen.

De afdekkap wegnemen.

Het ventilatorhuis wegnemen.

DOLMAR PS-5105C - Schoonmaken van de cilinderruimte - 2

ATTENTIE: Wanneer voor het schoonmaken perslucht wordt gebruikt, te allen tijde een veiligheidsbril dragen, om ogenverwondingen te vermijden.

De gehele vrijgemaakte omgeving (14) kan met een borstel of met perslucht worden schoongemaakt.

Met de cilinderribbenreiniger de ruimte tussen de cilinderribben en tussen de cilinder en de houdplaat reinigen.

Geen geweld gebruiken. Erop letten dat de kortsluitkabel en ontstekingskabel niet worden beschadigd.

DOLMAR PS-5105C - Schoonmaken van de cilinderruimte - 3

Het filtervilt (15) van de benzine filter kan tijdens het gebruik uitzetten. Om een probleemloze brandstoftoevoer naar de carburator te garanderen moet het filtervilt ongeveer eens per drie maanden vervangen worden.

Om de zuigkop te vervangen, deze met een draadhaak of punttang door de tankopening trekken.

Periodieke onderhouds- en reingingsvoorschriften

Voor een lange levensduur alsook ter voorkoming van schades en ter waarborging van het volledig functioneren van de veiligheidsvoorzieningen moeten de hierna beschreven onderhoudstaken regelmatig uitgevoerd worden. Garantieclaims worden alleen dan toegelaten, indien deze taken regelmatig en zoals voorgeschreven uitgevoerd zijn. Bij niet-inachtneming bestaat er gevaar voor ongelukken!

Gebruikers van motorkettingzagen mogen alleen de onderhouds- en reinigingswerkzaamheden uitvoeren die beschreven zijn in deze gebruiksaanwijzing. Alle overige werkzaamheden mogen alleen worden uitgevoerd door een DOLMAR service werkplaats.

Bladzijde

Algemeen Gehele motorzaag Van buiten schoonmaken en op beschadigingen controleren.Bij beschadigingen direct een vakkundige reparatie latentuitvoeren.Zaagketting Regelmatig naslijpen, tijdig vernieuwen. 19-20Kettingrem Regelmatig in de servicewerkplaats laten controleren.Zaaggeleider Omdraaien, opdat de belaste loopvlakken gelijkmatig ver-slijten. Tijdig vernieuwen. 12, 21Startkabel Controleren op beschadigingen. Bij beschadigingvernieuwen.
Voor iedereinbedrijfnameKettingsmeringlaar, gashendelOlietankdopZaagkettingZaaggeleiderWerking controleren.KettingremCombischakelaar,veiligheids sperschake-Werking controleren.Brandstof- enControleren op goede afsluiting.Op beschadigingen en scherpte controleren.Kettingspanner controleren.Controleren op beschadigingen.Werking controleren.151719-201217
DagelijksZaaggeleider Controloren op beschadigingen, Olietoevoerboring reinigen. 21Zaaggeleider montagevlakReinigen, in het bijzonder de olietoevoergroef. Stationair toerental Controleren (ketting mag niet meelopen). 182315, 21
WekelijksSchroeven en moerenVentilatorhuisCilinderruimteBougieGeluidsdemperVonken-beschermzeefKettingvangerToestand en vastzitten controlerenSchoonmaken, om een ongehinderde toevoer van koellucht te waarborgen.Schoonmaken, om een ongehinderde toevoer van koellucht te waarborgen.Werking en staat controleren, indien nodig vervangen.Op slijtage (aanvreten) controleren, schroeven controleren.Reinigen en indien nodig vervangen.Controleren.249, 242411
ledere 3 maandenBrandstof- en olietankBenzine filterReinigenVervangen26
JaarlijksGehele motorzaag Door een vakwerkplaats laten nakijken
OpslagBij beschadigingen direct een vakkundige reparatie latentuitvoeren.Zaagketting en demonteren, reinigen en licht inoli'nZaaggeleider Brandstof- en olietankGehele motorzaagDirect een vakkundige reparatie Demonteren, reinigen en Geleidingsgroef van de Leegmaken en reinigen CarburatorVan buiten schoonmaken en op beschadigingen controleren.latenuitvoeren.21Leeg draaien

WERKPLAATSSERVICE, RESERVEDELEN EN GARANTIE

Onderhoud en reparaties

Onderhoud en reparatie van moderne motorkettingzagen evenals de veiligheidsgevoelige hoofdonderdelen vereisen een gekwalificeerde vakopleiding en een van speciaal gereedschap en testapparatuur voorziene gespecialiseerde werkplaats.

Alle niet in deze handleiding beschreven werkzaamheden moeten door een DOLMAR-atelier worden uitgevoerd.

De vakman beschikt over de noodzakelijke opleiding, ervaring en uitrusting om u steeds met zo weinig mogelijk kosten een oplossing te bieden en helpt u met raad en daad.

Bij reparatiepogingen door derden of niet-geautoriseerde personen vervalt de garantie.

Reserveonderdelen

Betrouwbaarheid, levensduur en veiligheid van uw machine is ook afhankelijk van de kwaliteit van de gebruikte reserveonderdelen.

Alleen originele DOLMAR-reserveonderdelen gebruiken, die door het teken

DOLMAR PS-5105C - Reserveonderdelen - 1

Alleen de originele onderdelen komen uit dezelfde fabriek als de machine en garanderen daarom de beste kwaliteit van materiaal, maatvastheid, werking and veiligheid.

Originele reserveonderdelen en accessoires zijn verkrijgbaar bij uw vakhandelaar. Deze beschikt over de noodzakelijke reserveonderdelenlijsten en wordt doorlopend op de hoogte gehouden van verbeteringen en veranderingen in het aanbod van reserveonderdelen.

Een lijst met DOLMAR-dealers vindt u onder: www.dolmar.com

Houdt u ook rekening met het feit dat, bij gebruik van niet originele DOLMAR onderdelen, het verlenen van garantie door de DOLMAR-organisatie niet mogelijk is.

Garantie

DOLMAR garandeert een uitstekende kwaliteit en vergoedt de kosten van verbeteringen door vervanging van de beschadigde onderdelen in geval van materiaal- of fabricagefouten die binnen de garantie na de datum van aankoop optreden.

Houdt u er rekening mee dat in sommige landen specifieke garantievoorwaarden gelden. Vraagt u dit na bij de verkoper in geval van twijfel. Deze is als verkoper van het produkt verantwoordelijk voor de garantie.

De volgende schadeoorzaken vallen buiten de garantie. Wij vragen hiervoor uw begrip:

  • Niet opvolgen van de gebruiksaanwijzing.
  • Achterwege laten van noodzakelijke onderhouds- en reinigingswerkzaamheden.
  • Schade als gevolg van een onjuiste carburatorinstelling.
  • Duidelijke overbelasting door aanhoudende overschrijding van de maximaal toegestane belasting.

- Gebruik van niet goedgekeurde zaaggeleiders en zaagkettingen.

- Gebruik van niet goedgekeurde zaaggeleider- en zaagkettinglengten.

- Gebruik van geweld, onoordeelkundige behandeling, misbruik of ongevallen.

- Schade door oververhitting als gevolg van vervuiling van het ventilatorhuis.

- Ingrepen door ondeskundige personen of ondeskundige reparatiepogingen.

- Gebruik van ongeschikte reserveonderdelen, resp. niet-originele DOLMAR onderdelen, voorzover deze schade kunnen veroorzaken.

- Gebruik van ongeschikte of te lang opgeslagen brandstoffen.

- Schade die terug te voeren is tot voorwaarden bij verhuur.

- Schade veroorzaakt door het niet tijdig aandraaien van uitwendige schroef-verbindingen.

Reinigings-, onderhouds- en afstelwerkzaamheden vallen niet onder de garantie. Alle voorkomende garantiewerkzaamheden moeten worden uitgevoerd door een DOLMAR vakhandelaar.

Storingzoeken

StoringSysteem Constatering Oorzaak
Ketting loopt niet Kettingrem Motor loopt Kettingrem ingeschakeld
Motor start niet of zeer onwilligOntstekings installatieBrandstof toevoerCompressie systeemMechanischOntstekingsvonk aanwezigGeen ontstekingsvonkBrandstoftank is volBinnenin de motorkettingzaagBuitenzijde van de motorkettingzaagStarter grijpt niet aanFout in de brandstoftoevoer, compressiesysteem, mechanisch defect.STOP-schakelaar bediend, fout of kortsluiting in de bedrading, bougiestekker, bougie defect.Combischakelaar in chokestand, carburator defect, benzine filter vervuild, brandstofleiding geknikt of onderbroken.Cilindervoetpakking defect, beschadigde radiale afdichtringen, cilinder- of zuigerringen beschadigd.Bougie dicht niet goed afVeer in de starter gebroken, kapotte onderdelen binnenin de motor.
Problemen bij warme startCarburatorBrandstof in de tank en ontstekingsvonk aanwezigFoute carburatorafstelling.
Motor slaat aan maar slaat diect weer afBrandstoffoevoerBrandstof in de tankStationaire toerental fout afgesteld, benzine filter of carburator vervuild.Tankbeluchting defect, brandstofleiding onderbroken, kabel beschadigd, combischakelaar beschadigd
Onvoldoende vermogenEr kunnen meerdere systemen tegelijkertijd betrokken zijnMotorkettingzaag loopt stationairLuchtfilter vervuild, foute carburatorafstelling geluiddemper verstopt, uitlaatkanaal in de cilinder vernauwd, Vonken-beschermzeef vervuild.
Geen kettingsmeringOlietank, OliepompGeen kettingolie op deOlietank leeg zaagketting Olietoevoerboring vervuildAfstelschroef voor oliepomp versteld.

EU-conformiteitsverklaring

De ondergetekenden Tamiro Kishima en Rainer Bergfeld gemachtigd door DOLMAR GmbH, verklaren hiermede, dat de apparaten van het merk DOLMAR,

vervaardigd door DOLMAR GmbH, Jenfelder Str. 38, D-22045 Hamburg, aan de fundamentele veiligheids- en gezondheidseisen van de desbetreffende, EU-richtlijnen voldoen:

EU-machinerichtlijn 2006/42/EG, EU-EMV-richtlijn 2004/108/EG, Geluidsemissie 2000/14/EG.

Ter vakkundige realisering van de in deze EU-richtlijnen vervatte eisen zijn doorslaggevend de volgende normen als grondslag genomen: EN 11681-1, EN ISO 14982, CISPR 12.

Het conformiteitsbeoordelingsprocédé 2000/14/EG is volgens appendix V doorgevoerd. Het gemeten peil van geluidsvermogen (L wa ) bedraagt 111 dB(A). Het gegarandeerde peil van geluidsvermogen (L d ) is 112 dB(A).

De EU-typekeuring werd uitgevoerd door: DEKRA Testing and Certification GmbH (2140), Enderstraße 92 b, D-01277 Dresden.

De technische documentatie wordt bewaard bij DOLMAR GmbH, Jenfelder Straße 38, Abteilung FZ, D-22045 Hamburg.

Hamburg, 16.12.2011

Voor DOLMAR GmbH

DOLMAR PS-5105C - EU-conformiteitsverklaring - 1

Tamiro

Directeur

Kishima

Directeur

DOLMAR PS-5105C - EU-conformiteitsverklaring - 2

Rainer

Bergfeld

Uittreksel uit de reserve-onderdelenlijst

Alleen originele DOLMAR-reserveonderdelen gebruiken. Voor reparaties en ver vanging van andere onderdelen is uw DOLMAR service-werkplaats verantwoordelijk.

PS-4605

PS-5105

DOLMAR

DOLMAR PS-5105C - DOLMAR - 1

DOLMAR PS-5105C - DOLMAR - 2

3952 010 1301Zaagbladbescherming voor 33-38 cm
952 020 1401Zaagbladbescherming voor 45 cm
952 020 1501Zaagbladbescherming voor 53 cm
41812132011Kettingwielbeschermer kompleet
59232080042Zeskantmoer M8
69417191311Combisleutel SW 19/13
79408270001Haakseschroevendraaier
89443400011Carburatorschroevendraaier
99636011221Benzine fi liter
101811142011Brandstoftankdop kompleet
119632290361O-Ring 29,3x3,6 mm
121701141001Olietankdop kompleet
139632250301O-Ring 25x3 mm
149656030211Bougie
151811640201Startkabel 3,5x1100 mm
161811732401Luchtfi liter (nylon)
161811731901 Luchtfi liter (vlies)
171811630501Terughaalveercassette compleet
181811630801 Veer
191811630901 Meenemer
200262240101Kettingwiel 3/8“, (voor 093, 099), 7 tanden
1812240401Kettingwiel .325“, (voor 086, 484, 686), 7 tanden
211812230621Koppelingstrommel
229274080001Borgschijf
231811744701 Vonken-beschermzeef

Accessoires (niet meegeleverd)

259531000901Kettingmeetkaliber
269530040101Vijlheft
279530031001Rondvijl ø 4,5 mm
289530030701Rondvijl ø 4,8 mm
299530030401Rondvijl ø 5,5 mm
309530030601Vlakke vijl
319530300301Vijlhouder 3/8"
329530300301Vijlhouder .325"
339502332101Toerenteller
-9490000351Combi-jerrycan (voor 5l brandstof, 2,5l zaagkettingolie)

Een lijst met DOLMAR-dealers vindt u onder:

www.dolmar.com

Inhoudsopgave Klik op een titel om deze te openen
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : DOLMAR

Model : PS-5105C

Categorie : Zag