ZKC44500X - Magnetrons ZANUSSI - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis ZKC44500X ZANUSSI in PDF-formaat.
| Type product | Inbouw magnetron met grill |
| Merk | Zanussi |
| Model | ZKC44500X |
| Inhoud | 25 liter |
| Magnetronvermogen | 900 Watt |
| Grillvermogen | 1000 Watt |
| Combinatiemodus | Magnetron + grill |
| Afmetingen (BxHxD) | 560 x 380 x 500 mm |
| Inbouwafmetingen (BxHxD) | 560 x 380 x 500 mm |
| Gewicht | 20 kg |
| Voeding | 230 V / 50 Hz |
| Energieklasse | A |
| Geluidsniveau | 53 dB(A) |
| Vermogensniveaus | 5 standen |
| Ontdooifunctie | Automatisch op gewicht |
| Kinderbeveiliging | Ja |
| Deurvergrendeling | Veiligheidsschakelaar |
| Binnenverlichting | Ja |
| Draaiplateau | Ja, 315 mm |
| Reiniging | Veeg binnenkant na gebruik af met een vochtige doek |
| Onderdelen beschikbaar | Ja, via servicedienst |
| Repareerbaarheid | Modulair ontwerp, eenvoudig te repareren |
Veelgestelde vragen - ZKC44500X ZANUSSI
Gebruikersvragen over ZKC44500X ZANUSSI
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Magnetrons in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding ZKC44500X - ZANUSSI en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. ZKC44500X van het merk ZANUSSI.
GEBRUIKSAANWIJZING ZKC44500X ZANUSSI
Veiligheidsinformatie.2
Veiligheidsvoorschriften.4 ____
Beschrijving van het product.6____
Voordat u het apparaat voor de eerste keer gebruikt. Z ____
Dagelijks gebruik_7
Magnetronstand ____9
Klokfuncties_13
Gebruik van de accessoires_14____
Extra functies 15
Aanwijzingen en tips.16 ____
Onderhoud en reiniging.35 ____
Probleemoplossing. 36
Wijzigingen voorbehouden.
⚠️ Veiligheidsinformatie
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor letsel en schade veroorzaakt door een foutieve installatie. Bewaar de instructies van het apparaat voor toekomstig gebruik.
Veiligheid van kinderen en kwetsbare mensen
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met beperkte lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de eventuele gevaren begrijpen.
- Laat kinderen niet met het apparaat spelen.
- Houd alle verpakkingsmaterialen uit de buurt van kinderen.
- Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat als het in werking is of afkoelt. Het apparaat is heet.
- Als het apparaat is uitgerust met een kinderbeveiliging, raden wij aan dit te activeren.
- Reiniging en onderhoud mag niet worden uitgevoerd door kinderen zonder toezicht.
- Houd kinderen jonger dan 3 jaar uit de buurt of onder permanent toezicht.
Algemene veiligheid
- Alleen een erkende installatietechnicus mag het apparaat installeren en de kabel vervangen.
- Van binnen wordt het apparaat heet als het in werking is. Raak de verwarmingselementen in het apparaat niet aan. Gebruik altijd ovenhandschoenen om accessoires of kookgerei te plaatsen of verwijderen.
- Zet de stroomtoevoer uit alvorens onderhoud te plegen.
- Zorg ervoor dat het apparaat is uitgeschakeld voordat u de lamp vervangt om elektrische schokken te voorkomen.
- Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon te maken.
- Gebruik nooit agressieve reinigingsmiddelen of scherpe metalen schrapers om de glazen deur schoon te maken, deze kunnen krassen veroorzaken op het oppervlak, waardoor het glas zou kunnen breken.
- Als de voedingskabel beschadigd is, moet de fabrikant, een erkende serviceverlener of een gekwalificeerd persoon deze vervangen teneinde gevaarlijke situaties te voorkomen.
- Schakel het apparaat niet in als het leeg is. Metalen delen in de ovenruimte kunnen elektrische vonken veroorzaken.
- Als de deur, scharnieren/handgrepen of deurafdichtingen zijn beschadigd, mag het apparaat niet worden gebruikt tot hij is gerepareerd door een vakkundig persoon.
- Alleen een vakkundig persoon kan onderhouds- of reparatiewerkzaamheden uitvoeren waarvoor de afdekking moet worden verwijderd die beschermd tegen blootstelling aan magnetronenergie.
- Verwarm geen vloeistoffen of andere levensmiddelen in afgesloten houders. Deze kunnen dan ontploffen.
- Gebruik alleen hulpstukken die geschikt zijn voor gebruik in de magnetron.
- Let bij het opwarmen van voedsel in plastic of papieren houders op het apparaat vanwege de mogelijkheid tot zelfontbranding.
- Het apparaat is bedoeld voor het opwarmen van voedsel en dranken. Het drogen van levensmiddelen of kleding en het opwarmen van warmhoudpads, slippers, sponzen, vochtige doekjes en dergelijke kan leiden tot letsel, zelfontbranding of brand.
- Als rook wordt waargenomen, zet dan het apparaat uit of trek de stekker uit het stopcontact en houd de deur gesloten om vlammen te doven.
- Het in de magnetron opwarmen van dranken kan ertoe leiden dat het langer duurt voordat het kookpunt wordt bereikt. Pas op als u de houder uit de magnetron haalt.
- De inhoud van melkflesjes en potjes babyvoeding moet worden geroerd of geschud en de temperatuur moet voor consumptie worden gecontroleerd om brandwonden te voorkomen.
- Eieren in de schaal en hele hardgekookte eieren mogen niet in het apparaat worden opgewarmd omdat ze dan kunnen ontploffen, zelfs nadat de magnetronverwarming is beëindigd.
- Het apparaat moet regelmatig worden gereinigd en voedselresten dienen te worden verwijderd.
- Het niet schoonhouden van het apparaat kan leiden tot beschadigingen aan het oppervlak hetgeen weer een negatief effect kan hebben op de levensduur van het apparaat wat weer kan leiden tot een gevaarlijke situatie.
Veiligheidsvoorschriften
Installatie

WAARSCHUWING!
Alleen een erkende installatietechnicus mag het apparaat installeren.
- Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
- Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
- Volg de installatie-instructies op die zijn meegeleverd met het apparaat.
- Wees voorzichtig met het verplaatsen van het apparaat, het is zwaar. Draag altijd veiligheidshandschoenen.
- Trek het apparaat nooit aan de handgreep van zijn plaats.
- Houd de minimumafstand naar andere apparaten en units in acht.
- Zorg ervoor dat het apparaat onder en naast veilige installaties wordt geïnstalleerd.
- De zijkanten van het apparaat moeten naast apparaten of units staan van dezelfde hoogte.
Elektrische aansluiting

WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.
- Alle elektrische aansluitingen moeten door een gediplomeerd elektromonteur worden gemaakt.
- Dit apparaat moet worden aangesloten op een geaard stopcontact.
- Controleer of de elektrische informatie op het typeplaatje overeenkomt met de stroomvoorziening. Zo niet, neem dan contact op met een elektromonteur.
- Gebruik altijd een correct geïnstalleerd, schokbestendig stopcontact.
- Gebruik geen meerwegstekkers en verlengsnoeren.
- Zorg dat u de hoofdstekker en kabel niet beschadigt. Indien de voedingskabel moet worden vervangen, dan moet dit gebeuren door onze Klantenservice.
-
Laat de stroomkabel niet in aanraking komen met de deur van het apparaat, met name niet als deze heet is.
-
De schokbescherming van delen onder stroom en geïsoleerde delen moet op zo'n manier worden bevestigd dat het niet zonder gereedschap kan worden verplaatst.
- Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is.
- Sluit de stroomstekker niet aan op een losse stroomaansluiting.
- Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
- Gebruik alleen de juiste isolatie-apparaten: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen moeten uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers.
- De elektrische installatie moet een isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat moet een contactopening hebben met een minimale breedte van 3 mm.
- Dit apparaat voldoet aan de EU-richtlijnen.
Gebruik

WAARSCHUWING!
Gevaar op letsel, brandwonden, elektrische schokken of een explosie.
- Gebruik dit apparaat uitsluitend in een huishoudelijke omgeving.
- De specificatie van het apparaat mag niet worden veranderd.
- Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet geblokkeerd zijn.
- Laat het apparaat tijdens het gebruik niet onbeheerd achter.
- Schakel het apparaat telkens na gebruik uit.
- Wees voorzichtig met het openen van de deur van het apparaat als het apparaat aan staat. Er kan hete lucht ontsnappen.
- Bedien het apparaat niet met natte handen of als het contact maakt met water.
- Oefen geen kracht uit op een geopende deur.
- Het apparaat mag niet worden gebruikt als werkblad of aanrecht.
- Open de deur van het apparaat voorzichtig. Als u alcoholische toevoegingen gebruikt, kan er alcohol-luchtmengsel ontstaan.
- Houd vonken of open vlammen uit de buurt van het apparaat bij het openen van de deur.
- Plaats geen ontvlambare producten of items die vochtig zijn door ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.

WAARSCHUWING!
Risico op schade aan het apparaat.
- Om schade of verkleuring van het email te voorkomen:
- zet geen kookgerei of andere voorwerpen direct op de bodem van het apparaat.
- leg geen aluminiumfolie op de bodem van het apparaat.
- Plaats geen water direct in het hete apparaat.
- haal vochthoudende schotels en eten uit het apparaat als u klaar bent met koken.
- Wees voorzichtig bij het verwijderen of bevestigen van accessoires.
- Verkleuring van het email heeft geen ongewenst effect op de werking van het apparaat. Dit is geen defect dat geldt voor het recht op garantie.
- Gebruik een diepe braadpan voor vochtige taarten. Fruitsappen kunnen permanente vlekken maken.
- Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken. Het mag niet worden gebruikt voor andere doeleinden, zoals het verwarmen van een kamer.
- Alle bereidingen moeten worden uitgevoerd met gesloten deur.
Onderhoud en reiniging

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, brand en schade aan het apparaat.
- Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoudshandelingen verricht.
- Zorg ervoor dat het apparaat is afgekoeld. Er bestaat een risico dat de glasplaten kunnen breken.
- Vervang direct de glazen deurpanelen als deze beschadigd zijn. Neem contact op met de service-afdeling.
- Zorg ervoor dat de ovenruimte en de deur na elk gebruik worden afgeveegd. Stoom geproduceerd tijdens de werking van het apparaat condenseert op de wanden en kan roest veroorzaken.
-
Reinig het apparaat regelmatig om te voorkomen dat het materiaal van het oppervlak achteruitgaat.
-
Resterend vet of voedsel in het apparaat kan brand veroorzaken.
- Maak het apparaat schoon met een vochtige, zachte doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
- Raadpleeg als u een ovenspray gebruikt eerst de aanwijzingen op de verpakking.
- Reinig niet het katalytisch email (indien van toepassing) met een schoonmaakmiddel.
Binnenverlichting
- De gloeilampen of halogeenlampen in dit apparaat zijn uitsluitend bedoeld voor gebruik in huishoudelijke apparaten. Gebruik deze niet voor andere doeleinden.

WAARSCHUWING!
Gevaar voor elektrische schokken!
Beschrijving van het product
Algemeen overzicht

text_image
1 3 642 5 7 8 9 10 11 12 4 3 2 1- Voordat u het lampje vervangt, dient u de stekker van het apparaat uit het stopcontact te halen.
- Gebruik alleen lampjes met dezelfde specificaties.
Verwijdering

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of verstikking.
- Haal de stekker uit het stopcontact.
- Snij het netsnoer van het apparaat af en gooi dit weg.
- Verwijder de deurgreep om te voorkomen dat kinderen en huisdieren opgesloten raken in het apparaat.
1 Bedieningspaneel
2 Stroomlampje/symbool/indicatielampje
3 Knop voor ovenfuncties
4 Elektronische tijdschakelklok
5 Temperatuurlampje/magnetronstroomlampje/symbool/indicatielampje
6 Temperatuurknop / magnetronvermogen
7 Verwarmingselement
8 Magnetrongenerator
9 Lampje
10 Ventilator
11 Rekframe, verwijderbaar
12 Rekstanden
Accessoires
Bakrooster

Voor kookgerei, bak- en braadvormen.
Bakplaat

Voor gebak en koekjes.
Voordat u het apparaat voor de eerste keer gebruikt

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
Eerste reiniging
Verwijder alle accessoires en verwijderbare inschuifrails uit het apparaat.

Zie het hoofdstuk 'Onderhoud en reiniging'.
Reinig het apparaat voor het eerste gebruik. Zet de accessoires en verwijderbare inschuifrails terug in de beginstand.
Tijd instellen
Na de eerste aansluiting op het elektriciteitsnet, blijven alle symbolen op het display enkele seconden branden. In de volgende seconden toont het display de softwareversie.
Nadat de softwareversie is verdwenen, toont het display en "12:00". "12" knippert.
- Druk op of op om het huidige uur in te stellen.
Dagelijks gebruik
- Druk op om te bevestigen. Dit is alleen nodig de eerste keer dat u de tijd instelt. Later wordt de nieuwe tijd automatisch opgeslagen na 5 seconden.
Het display toont en het ingestelde uur. "00" knippert.
-
Druk op op om de huidige minuten in te stellen.
-
Druk op om te bevestigen. Dit is alleen nodig de eerste keer dat u de tijd instelt. Later wordt de nieuwe tijd automatisch opgeslagen na 5 seconden.
Op het display verschijnt de nieuwe tijd.
Tijd veranderen
U kunt de dagtijd alleen wijzigen als de oven is uitgeschakeld.
Druk op
De ingestelde tijd en het symbool knipperen op het display.
Zie "De duur instellen" om een nieuwe tijd in te stellen.

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
Het apparaat aan- en uitzetten

Het hangt van het model of uw apparaat knopsymbolen, indicatielampjes of lampjes heeft:
- Het indicatielampje gaat aan wanneer de oven opwarmt.
- Het lampje gaat aan als het apparaat in werking is.
-
Het symbool geeft aan of de knop de kookzones, de ovenfuncties of de temperatuur bedient.
-
Zet de functieknop van de oven op een ovenfunctie. Hiermee wordt het apparaat automatisch geactiveerd met de standaardinstellingen.
- Draai de knop voor de temperatuur / magnetronvermogen om de temperatuur in te stellen.
- Draai, om het apparaat uit te schakelen, de functieknop van de oven op de uitstand.
Ovenfuncties
| Ovenfunctie Applicatie | ||
![]() | Uit-stand Het apparaat staat uit. | |
![]() | Binnenverlichting Het lampje activeren zonder een bereidingsfunctie. | |
![]() | Magnetron Creëert de warmte direct in het eten. Gebruik de magnetron voor het verwarmen van kant-en-klare maaltijden en drankjes, het ontdooien van vlees of fruit en het bereiden van groenten en vis. | |
![]() | Multi hetelucht Om op 2 rekstanden te bakken en tegelijk voedsel te dro-gen.Stel de temperatuur 20 - 40 °C lager in dan bij Boven- en onderwarmte. | |
![]() | Pizza hetelucht Om gerechten op één niveau te bakken met intensief bruinen en een krokantere korst. Stel de temperatuur 20 - 40 °C lager in dan voor Boven + onderwarmte. | |
![]() | Conventionele functie (Boven + Onderwarmte) | Voor het bakken en braden op 1 ovenniveau. |
![]() | Onderwarmte Voor het bakken van cake met een knapperige bodem en voor het inmaken van voedsel. | |
![]() | Ontdooien Om bevroren gerechten te ontdooien. | |
![]() | Grill Om vlak voedsel te grillen en te toasten. | |
![]() | Grill intens Voor het roosteren van plat voedsel in grote hoeveelheden en voor het maken van toast. | |
Ovenfunctie Applicatie

Circulatiegrill Voor het braden van grotere stukken vlees of gevogelte met botten op 1 niveau. Ook om te gratineren en te bruinen.
Weergave

text_image
A B C 88:88 hr min G F E DA) Timer
B) Opwarmen en restwarmte-indicatie
C) Magnetronfunctie
D) Vleesthermometer (alleen geselecteerde modellen)
E) Deurslot (alleen geselecteerde modellen)
F) Uren/minuten
G) Klokfuncties
Toetsen
| Knop -functie | Omschrijving | |
| ➊ | KLOK De klokfunctie instellen. | |
| - | MIN De tijd instellen. | |
| ➌ | MAGNETRON De magnetronfunctie instellen. Houd de knoplanger dan 3 seconden ingedrukt om de ovenlamp in of uit te schakelen. | |
| + | PLUS De tijd instellen. | |
| °C | TEMPERATUUR De oventemperatuur of de temperatuur van de vleesthermometer (indien van toepassing).Alleen gebruiken indien er een ovenfunctie in werking is. | |
Controlelampje bij voorverwarmen
Als u een ovenfunctie inschakelt, gaan de balkjes op het display ≡ een voor een branden.
De balkjes geven aan dat de oventemperatuur toeneemt of afneemt.
Magnetronstand
De magnetronfunctie instellen
Stel het apparaat nooit in werking als er zich geen voedsel in bevindt.
- Draai aan de functieknop van de oven om een magnetronfunctie te selecteren.
Het display toont een standaard magnetronvermogen en een standaardwaarde voor de duurtijd-functie.
- Druk op en draai aan de knop voor instelling van temperatuur/magnetronvermogen om de instellingen van het magnetronvermogen te wijzigen. Het
vermogen kan worden gewijzigd in stappen van 100 W.
- Druk op en dan op / am de bereidingsduur in te stellen.
Het apparaat begint na enkele seconden automatisch te werken. Als de ingestelde duurtijd is verstreken, weerklinkt er een geluidssignaal en schakelt de magnetron automatisch uit.
- Draai de knop voor de ovenfuncties naar de uit-stand.
Als de magnetronfunctie geactiveerd is, kunt u:
- het vermogen wijzigen.
- het vermogen controleren. Druk op .

Als u de deur van de oven opent, stopt de functie. Raak aan om de functie weer te starten.
Combifunctie instellen
- Verdraai de functieknop om de ovenfunctie te selecteren.
In het display verschijnt een standaardtemperatuur.
-
Verander de temperatuur.
-
Activeer de magnetronfunctie. Zie "Magnetronfunctie instellen" en begin bij punt 2.
Als de ingestelde tijd is afgelopen klinkt er een geluidsignaal en gaan de ovenfunctie en de magnetronfunctie automatisch uit.
- Draai de functieknop naar de uit-stand.
Magnetron
Informatie over bediening
Algemeen:
- Laat het voedsel na het uitschakelen van het apparaat enkele minuten rusten. Zie de magnetronbereidingstabellen: rusttijd.
- Verwijder de verpakking van aluminiumfolie, metalen bakjes, enz. voordat u het voedsel bereidt.
Bakken:
- Kook het eten zo mogelijk bedekt met materiaal dat geschikt is voor gebruik in de magnetron. Bereid voedsel slechts zonder het te bedekken als u een korst wilt behouden.
- Zorg dat u de gerechten niet te lang kookt, door het vermogen en de tijd te hoog in te stellen. Het voedsel kan uitdrogen,
verbranden of op sommige plekken hard worden.
- Gebruik het apparaat niet om eieren in hun schaal en slakken te beriden, omdat ze kunnen barsten. Bij gebakken eieren, moet u het eigeel eerst doorprikken.
- Prik eten met 'vel' of 'schil', zoals aardappelen, tomaten, worstjes, een paar keer met een vork in voordat u het in de magnetron plaatst, zodat het eten niet barst.
- Voor gekoeld of bevroren eten is een langere bereidingstijd nodig.
- Gerechten met saus moeten van tijd tot tijd worden geroerd.
- Groenten met een stevige structuur, zoals wortel, doperwten of bloemkool, moeten in water worden gekookt.
- Draai grotere stukken halverwege de bereidingstijd om.
- Snij groenten zo mogelijk in stukjes van gelijke grootte.
- Gebruik platte, brede schalen of borden.
- Gebruik geen kookgerei gemaakt van porselein, keramisch materiaal of aardewerk met kleine gaatjes, bijv. op handgrepen of ongeglazuurde bodems. Er kan vocht in de openingen komen, waardoor het kookgerei bij verhitting kan barsten.
Vlees, gevogelte, vis ontdooien:
- Plaats het bevroren, uitgepakte voedsel op een klein omgekeerd bord met een bakje eronder of op een ontdooirek of plastic zeef, zodat de dooivloeistof kan weglopen.
- Draai het voedsel halverwege de ontdooitijd om. Verdeel de stukken zo mogelijk opnieuw en verwijder de stukken die al zijn ontdooid.
Boter, gebakjes, kwark ontdooien:
- Ontdooi nooit volledig in het apparaat, maar bij kamertemperatuur. Dit geeft een meer gelijkmatig resultaat. Verwijder metalen of aluminium verpakking of onderdelen volledig voordat u begint te ontdooien.
Fruit, groenten ontdooien:
- Ontdooi fruit en groenten, die verder als rauw bereid worden, nooit volledig in het apparaat. Laat ze bij kamertemperatuur ontdooien.
- U kunt een hoger magnetronvermogen gebruiken om fruit en groenten te bereiden zonder ze eerst te ontdooien.
Kant-en-klaarmaaltijden:
- Kant-en-klaarmaaltijden in metalen verpakking of plastic bakjes met metalen afdekking mogen alleen in de magnetron
worden ontdooid of verwarmd, als ze speciaal zijn voorbestemd voor gebruik in de magnetron.
- U moet de op de verpakking afgedrukte instructies van de fabrikant opvolgen (bijv.
metalen afdekking verwijderen en plastic folie doorprikken). Tips voor de magnetron
| Resultaat oplossing | |
| U kunt de gegevens over de hoeveelheid voedselbereiding niet vinden. | Zoek naar gelijkaardig eten. Verhoog of verlaag de bereidingstijd aan de hand van deze richtlijn: verdubbel de hoeveelheid = ca. verdubbeling van de bereidingstijd, halveer de hoeveelheid = halveer de tijd |
| Het eten is te droog. Verlaag de bereidingstijd of selecteer een lager magnetronvermogen. | |
| Het eten is nog steeds niet ontdooid, heet of gekookt nadat de bereidingstijd is verstreken. | Stel een langere bereidingstijd in of selecteer een hoger magnetronvermogen. Merk op dat grotere gerechten een langere bereidingstijd nodig hebben. |
| Als de bereidingstijd is verstreken, is het eten aan de rand verbrand, maar in het midden nog steeds niet gaar. | Kies de volgende keer een lager vermogen en een langere bereidingstijd. Roer vloeistoffen halverwege de bereidingstijd even door, bijv. soepen. |
Geschikt kookgerei en materialen
| Materiaal van de pannen Magnetron Grill | ||||
| Ont-dooien | Verwar-men | Berei-den | ![]() | |
| Ovenbestendig glas en porselein (zonder metalen onderdelen, bijv. Pyrex, hittebestendig glas) | ||||
| Niet-ovenbestendig glas en porselein 1) | -- -- -- | |||
| Glas en glaskeramiek gemaakt van oven-bestendig/vriesbestendig materiaal (bijv. Arcoflam), grillrooster | ||||
| Keramisch materiaal 2), aardewerk2) | -- | |||
| Hittebestendig plastic tot 200 °C 3) | -- | |||
| Karton, papier -- -- -- | ||||
| Huishoudfolie -- -- -- | ||||
| Bakpapier met magnetronveilige afdichting 3) | -- | |||
| Ovenschotels gemaakt van metaal, d.w.z. email, gietijzer | -- -- -- X | |||
| Bakvormen, zwarte lak of siliconenlaag 3) | -- -- -- X | |||
| Bakplaat X X X X | ||||
| Braadkookgerei, bijv. Crostino of Crunch-bord | -- X X -- | |||
| Kant-en-klare maaltijden in de verpakking 3) | X X X X | |||
1) Zonder zilveren, gouden, platinum of metalen laag/versieringen
2) Zonder quartz of metalen onderdelen, of glas dat metalen bevat
3) U dient de instructies van de fabrikant over de maximum temperaturen na te leven.
X geschikt
-- niet geschikt
Overige zaken om rekening mee te houden...
- Voedsel heeft verschillende vormen en eigenschappen. Het wordt bereid in verschillende hoeveelheden. Om deze reden kan de benodigde tijd en het vermogen voor ontdooien, verwarmen of bereiden variëren. Als grove richtlijn: dubbele hoeveelheid = bijna dubbele bereidingstijd.
- De magnetron creëert de warmte direct in het voedsel. Daarom kunnen niet alle plaatsen tegelijkertijd worden verwarmd. U
dient de verwarmde schotels te roeren en draaien, in het bijzonder bij grotere hoeveelheden voedsel.
- De rusttijd wordt in de tabellen gegeven. Laat het eten rusten, in het apparaat of erbuiten, zodat de warmte gelijkmatiger wordt verdeeld.
- U krijgt betere resultaten met rijst als u een platte, brede schaal gebruikt.
Voorbeelden van kooktoepassingen voor de instellingen van het vermogen
De gegevens in de volgende tabel dienen slechts als richtlijn.
| Vermogeninstelling Gebruik | |
| 1000 Watt900 Watt800 Watt700 Watt | Verwarmen van vloeistofDichtschroeien aan het begin van het kookprocesKoken van groentenSmelten van gelatine en boter |
| 600 Watt500 Watt | Ontdooien en verwarmen van bevroren maaltijdenEen maaltijd op een bord verwarmenStoofpot sudderenEiergerechten koken |
| 400 Watt300 Watt200 Watt | Maaltijden door laten kokenDelicaat voedsel kokenBabyvoeding verwarmenRijst laten sudderenDelicaat voedsel verwarmenKaas smelten |
| 100 Watt • Vlees, vis en brood ontdooien | Kaas, room en boter ontdooienFruit en cake ontdooien (gebak)Gistdeeg laten rijzenKoude gerechten en drankjes verwarmen |
Klokfuncties
Tabel klokfuncties
| Klokfunctie Applicatie | ||
| ➊ | DAGTIJD Met deze functie kunt u de tijd regelen. Zie "De tijd instellen". | |
| ➁ | KOOKWEKKER Gebruik de kookwekker om de tijd af te tellen (maximaal 23 uur 59 minuten). Deze functie heeft geen invloed op de werk-ing van het apparaat. U kunt de KOOKWEKKER op elk ge-wenst moment instellen, ook als het apparaat uit staat. | |
| |→| | DUUR Instellen hoe lang het apparaat in werking is. Gebruik dit alleen wanneer een ovenfunctie is ingesteld. | |
| →| | EINDE Instellen wanneer het apparaat wordt uitgeschakeld. Gebruik dit alleen wanneer een ovenfunctie is ingesteld. Bereidings-duur en einde kunnen gelijktijdig worden gebruikt (tijdvertrag-ing), als het apparaat op een later tijdstip automatisch wordt in- en uitgeschakeld. | |

Druk opnieuw op ⏻ om tussen de klokfuncties te schakelen.

Gebruik om de instellingen voor de klokfuncties te bevestigen of wacht 5 seconden op een automatische bevestiging.
De DUUR of het EINDE instellen
- Druk herhaaldelijk op tot het display
of toont.
|→| of → knippert op het display.

- Druk op om de waarden in te stellen en druk op om te bevestigen.
Voor de Duur stelt u eerst de minuten en dan de uren in, voor Einde stelt u eerst de uren en dan de minuten in.
Er klinkt twee minuten een geluidssignaal nadat de tijd is afgelopen. |→| symbool- en tijdsinstelling knipperen in het display. De oven stopt. - Draai de knop voor de ovenfuncties naar de uit-stand.
- Druk op een willekeurige knop of open de deur van de oven om het geluid te stoppen.
Als u op de knop ① drukt terwijl u het uur instelt voor de DUUR |→| gaat het apparaat naar de instelling van de functie EINDE →|
De KOOKWEKKER instellen
-
Druk steeds opnieuw op tot op het display verschijnt en "00" knippert.
-
Druk op om de KOOKWEKKER in te stellen. U moet eerst seconden en dan minuten en uren instellen. Eerst wordt de tijd berekend in minuten en seconden. Als de ingestelde tijd langer is dan 60 minuten, dan verschijnt het symbool hr op het display.
Het apparaat berekent nu de tijd in uren en minuten.
- De KOOKWEKKER start automatisch na vijf seconden. Na 90% van de ingestelde tijd klinkt er een geluidssignaal.
Gebruik van de accessoires
- Wanneer de ingestelde tijd is verlopen, klinkt er gedurende twee minuten een geluidssignaal. "00:00" en knipperen op het display. Druk op een willekeurige knop of open de deur van de oven om het geluid te stoppen.
Als u de KOOKWEKKER instelt als DUUR of EINDE lopen, gaat het symbool aan op het display.
Timer met optelfunctie
Gebruik de timer met optelfunctie om bij te houden hoe lang de oven werkt. Deze wordt onmiddellijk ingeschakeld wanneer de oven begint met opwarmen.
Houd om de timer met optelfunctie te resetten + en ingedrukt. De timer gaat weer optellen.
De timer met optelfunctie kan niet worden gebruikt met de functies: Duur |→Inde . →|

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
Accessoires plaatsen
Bakrooster:
Plaats het rooster tussen de geleidestangen van de roostersteun en zorg ervoor dat de pootjes omlaag staan.

Schuif de bakplaat tussen de geleidestangen van de roostersteun.

Bakrooster en bakplaat samen:
Schuif de bakplaat tussen de geleidestangen van de roostersteun en het rooster op de roostersteun er boven.

- Alle accessoires hebben links en rechts bovenaan kleine inkepingen om de veiligheid te verhogen. Deze inkepingen zorgen er ook voor dat ze niet omkantelen.
- Door de verhoogde lijst die om het rooster loopt, is kookgerei beveiligd tegen wegglijden.
Extra functies
Het kinderslot gebruiken
Het kinderslot voorkomt dat het apparaat per ongeluk in werking wordt gesteld.
-
Stel geen ovenfunctie in.
-
Houd en gedurende ten minste 2 seconden samen ingedrukt.
Er klinkt een geluidssignaal. SAFE gaat aan op het display.
Herhaal stap 2 om het kinderslot uit te schakelen.
Gebruik van de Toetsblokkering.
U kunt de Toetsblokkering alleen inschakelen als het apparaat in werking is.
Toetsblokkering voorkomt dat de temperatuur en de tijdinstelling van een lopende een ovenfunctie per ongeluk worden gewijzigd.
-
Selecteer een ovenfunctie en stel het in volgens uw voorkeur
-
Houd ⚙️ en gedurende ten minste 2 seconden samen ingedrukt.
Er klinkt een geluidssignaal. Loc gaat aan op het display.
Herhaal stap 2 om de toetsblokkering uit te schakelen.

Loc gaat aan op het display als u aan de temperatuurknop draait of op een knop indrukt. Als u aan de knop voor de ovenfuncties draait, gaat het apparaat uit.

Als u het apparaat uitschakelt terwijl de toetsblokkering aan is, schakelt de toetsblokkering automatisch over naar kinderslot. Raadpleeg "Het kinderslot gebruiken".
Restwarmte-indicatie
Wanneer u het apparaat uitschakelt, geeft het display de restwarmte aan als de temperatuur in de oven hoger is dan 40 °C. Draai de knop voor de temperatuur naar links of rechts om de oventemperatuur weer te geven.
Automatische uitschakeling
Om veiligheidsredenen wordt het apparaat na een tijdje automatisch uitgeschakeld als een ovenfunctie werkt en u geen instellingen wijzigt.
| Temperatuur (°C) Uitschakeltijd (u) | |
| 30 - 115 12.5 | |
| 120 - 195 8.5 | |
| 200 - 230 5.5 | |
Druk na een automatische uitschakeling op een willekeurige knop om het toestel opnieuw te activeren.

De automatische uitschakeling werkt niet met de functies: licht, duur, einde.
Koelventilator
Als het apparaat in werking is, wordt de koelventilator automatisch ingeschakeld om de oppervlakken van het apparaat koel te houden. Na het uitschakelen van het apparaat kan de ventilatie doorgaan totdat het apparaat is afgekoeld.

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

De temperaturen en baktijden in de tabellen zijn slechts als richtlijn bedoeld. Deze zijn afhankelijk van de recepten en de kwaliteit en de hoeveelheid van de gebruikte ingrediënten.
Bakken
- Uw nieuwe oven kan een andere bak-/braadverhouding hebben dan het apparaat dat u tot nu toe gebruikt heeft. Pas uw normale instellingen (temperatuur, gaartijden) en de ovenniveaus aan de tabelwaarden aan.
-
De fabrikant raadt u aan de eerste keer een lagere temperatuur in te stellen.
-
Als u geen concrete aanwijzingen kunt vinden voor een speciaal recept, kijkt u bij een soortgelijk product.
- Bij het bereiden van cake op meerdere niveaus kan de baktijd ca. 10 - 15 minuten langer zijn.
- Als de cake niet overal even hoog is, wordt de cake in het begin van het bakproces niet overal even bruin. Verander in dit geval de temperatuurinstelling niet. De verschillen verminderen tijdens het bakproces.
- Bij langere baktijden kunt u de oven ca. 10 minuten voor het einde van de baktijd uitschakelen en profiteren van de restwarmte Wanneer u bevroren gerechten gebruikt, kunnen de bakplaten in de oven tijdens het bakken vervormen. Wanneer de bakplaten afkoelen, verdwijnt de vervorming.
Baktips
| Bakresultaat Mogelijke oorzaak oplossing | ||
| De onderkant van de cake is niet voldoende gebruik. | De rekstand is incorrect. Plaats de cake op een lagere rekstand. | |
| De cake zakt in en wordt klef, klonterig, streperig. | De oventemperatuur is te hoog. | De volgende keer dat u een cake bakt, stelt u de baktemperatuur lager in. |
| De cake zakt in en wordt klef, klonterig, streperig. | Te korte baktijd. Baktijd verlengen. | U kunt de baktijd niet verlagen door een hogere temperatuur in te stellen. |
| De cake zakt in en wordt klef, klonterig, streperig. | Er zit te veel vloeistof in het mengsel. | Minder vocht gebruiken. Let op de kneedtijden, vooral bij het gebruik van keukenmachines. |
| De cake is te droog. De oventemperatuur is te laag. De volgende keer dat u een cake bakt, stelt u de baktemperatuur hoger in. | ||
| De cake is te droog. Te lange baktijd. De volgende keer dat u een cake bakt, gebruikt u een kortere baktijd. | ||
| De cake wordt ongelijkmatig bruin. | De oventemperatuur is te hoog en de baktijd te kort. | De baktemperatuur lager instellen en de baktijd verlengen. |
| Bakresultaat Mogelijke oorzaak oplossing | ||
| De cake wordt ongelijkmatig bruin. | Het deeg is niet gelijkmatig verdeeld. | Verdeel het deeg gelijkmatig over de bakplaat. |
| De cake wordt niet gaar binnen de aangegeven baktijd. | De oventemperatuur is te laag. | De volgende keer dat u een cake bakt, stelt u de baktemperatuur een beetje hoger in. |
Bakken op één gebruiksniveau
Bakken in een bakblik
| Gerecht Functie Temper- | atuur(°C) | Tijd (min) Rooster-hoogte | |
| Tulband of brioche Multi hetelucht 150 - | 160 | 50 - 70 2 | |
| Moskovisch gebak/vruch-tencake | Multi hetelucht 140 -160 | 70 - 90 2 | |
| Sponge cake / Cake,zacht | Multi hetelucht 140 -150 | 35 - 50 2 | |
| Sponge cake / Cake,zacht | Boven + on-derwarmte | 160 35 - 50 2 | |
| Taartbodem van zand-taartdeeg 1) | Multi hetelucht 170 -180 | 10 - 25 2 | |
| Taartbodem - zacht cake-deeg | Multi hetelucht 150 -170 | 20 - 25 2 | |
| Apple pie / Appeltaart (2vormen ∅ 20 cm, diagonaal geplaatst) | Multi hetelucht 160 70 - 90 2 | ||
| Apple pie / Appeltaart (2vormen ∅ 20 cm, diagonaal geplaatst) | Boven + on-derwarmte | 180 70 - 90 1 | |
| Kwarktaart, bakplaat 2) | Boven + on-derwarmte | 160 -170 | 60 - 90 1 |
1) Oven voorverwarmen.
2) Gebruik de braadpan.
Gebak op bakplaat
| Gerecht Functie Tempera- | tuur (°C) | Tijd (min) Rooster-hoogte |
| Vlechtbrood/broodkrans Boven + on-derwarmte | 170 - 190 30 - 40 2 |
| Gerecht Functie Tempera- | tuur (°C) | Tijd (min) Rooster-hoogte | |
| Kerststol1) | Boven + on-derwarmte | 160 - 180 50 - 70 2 | |
| Brood (roggebrood)1) | Boven + on-derwarmte | 2 | |
| eerst 230 20 | |||
| dan 160 - 180 30 - 60 | |||
| Roomsoezen /Eclairs1) | Boven + on-derwarmte | 190 - 210 20 - 35 2 | |
| Biscuitrol1) | Boven + on-derwarmte | 180 - 200 10 - 20 2 | |
| Kruimeltaart (droog) Multi hetelucht 150 - 160 20 - 40 3 | |||
| Boter-/Suikerkoek1) | Boven + on-derwarmte | 190 - 210 20 - 30 2 | |
| Vruchtentaart (bereid met gistdeeg/sponsdeeg)2) | Multi hetelucht 150 - 160 35 - 55 3 | ||
| Vruchtentaart (bereid met gistdeeg/sponsdeeg)2) | Boven + on-derwarmte | 170 35 - 55 1 | |
| Vruchtentaart met kruimel-deeg | Multi hetelucht 160 - 170 40 - 80 3 | ||
| Plaatkoek met kwetsbare garnering (bijvoorbeeld kwark, room, puddingvul-ling)1) | Boven + on-derwarmte | 160 - 180 40 - 80 2 | |
1) Oven voorverwarmen.
2) Gebruik de braadpan.
Koekjes
| Gerecht Functie Tempera- | tuur (°C) | Tijd (min) Rooster-hoogte | |
| Zandkoekjes Multi hetelucht 150 - 160 10 - 20 3 | |||
| Short bread / Zandtaart-deeg/ Deegreepjes | Multi hetelucht 140 20 - 35 3 | ||
| Short bread / Zandtaart-deeg/ Deegreepjes1) | Boven + on-derwarmte | 160 20 - 30 2 | |
| Koekjes gemaakt van sponsdeeg | Multi hetelucht 150 - 160 15 - 20 2 | ||
| Eiwitgebak, schuimgebak Multi hetelucht 80 - 100 120 - 150 1 | |||
| Bitterkoekjes Multi hetelucht 100 - 120 30 - 50 3 | |||
| Koekjes gemaakt van gist-deeg | Multi hetelucht 150 - 160 20 - 40 3 | ||
| Klein bladerdeeggebak 1) | Multi hetelucht 170 - 180 20 - 30 3 | ||
| Broodjes1) | Boven + on-derwarmte | 190 - 210 10 - 25 2 | |
| Small cakes Kleine cakes 1) | Multi hetelucht 160 20 - 35 3 | ||
| Small cakes Kleine cakes 1) | Boven + on-derwarmte | 170 20 - 35 2 | |
1) Oven voorverwarmen.
Ovenschotels en gegratineerde gerechten
| Gerecht Functie Temperatuur | (°C) | Tijd (min) Roosterhoogte |
| Pastaschotel Boven + onderwarmte | 180 - 200 45 - 60 | 1 |
| Lasagne | Boven + onderwarmte | 1 |
| Groentegratin 1) | Circulatiegrill 160 - 170 15 - 30 | 1 |
| Stokbroden be-dekt met ges-molten kaas | Multi hetelucht | 1 |
| Zoete ovenscho-tels | Boven + onderwarmte | 1 |
| Visschotels | Boven + onderwarmte | 1 |
| Gevulde groente | Multi hetelucht | 30 - 60 |
1) Oven voorverwarmen.
Bakken op meerdere niveaus
Gebruik de functie Multi hetelucht.
Gebak op bakplaat
| Gerecht Temperatuur (°C) Tijd (min) Rooster- | hoogte | ||
| Roomsoezen /Eclairs 1) | 160 - 180 25 - 45 1 / 3 | ||
| Kruimeltaart 150 - 160 30 - 45 1 / 3 | |||
1) Oven voorverwarmen.
Klein gebak/cakejes/gebak/broodjes
| Gerecht Temperatuur (°C) Tijd (min) Rooster- | hoogte | |
| Zandkoekjes 150 - 160 20 - 40 1 / 3 | ||
| Short bread / Zandtaart-deeg/ Deegreepjes | 140 25 - 45 1 / 3 | |
| Koekjes gemaakt van sponsdeeg | 160 - 170 25 - 40 1 / 3 | |
| Eiwitgebak, schuimge-bak | 80 - 100 130 - 170 1 / 3 | |
| Bitterkoekjes 100 - 120 40 - 80 1 / 3 | ||
| Koekjes gemaakt van gistdeeg | 160 - 170 30 - 60 1 / 3 |
Pizza hetelucht
| Gerecht Temperatuur (°C) Tijd (min) Roosterhoogte | |||
| Pizza (dun) | 200 - 230 | 15 - 20 | 3 |
| Pizza (met veel garnering) 1) | 180 - 200 | 20 - 30 | 3 |
| Taarten | 180 - 200 | 40 - 55 | 3 |
| Spinazietaart | 160 - 180 | 45 - 60 | 3 |
| Quiche Lorraine (hartige taart) | 170 - 190 | 45 - 55 | 3 |
| Zwitserse flan 170 - 190 | 45 - 55 | 3 | |
| Kwarktaart | 140 - 160 | 60 - 90 | 3 |
| Appeltaart, bedekt | 150 - 170 | 50 - 60 | 3 |
| Groentetaart | 160 - 180 | 50 - 60 | 3 |
| Ongedesemd brood | 230 | 10 - 20 | 3 |
| Bladerdeegtaart | 160 - 180 | 45 - 55 | 3 |
| Gerecht Temperatuur (°C) Tijd (min) Roosterhoogte | ||
| Flammekuchen 230 12 - 20 3 | ||
| Piroggen (Russische var-iant op calzone) | 180 - 200 15 - 25 3 | |
1) Gebruik braadpan.
Braden
- Grote braadstukken kunt u direct in de diepe braadpan braden of op een bakrooster boven een braadpan (indien aanwezig).
- Braad mager vlees in een braadpan met deksel. Op die manier blijft het vlees sappiger.
- Alle soorten vlees die een korst moeten krijgen, kunt u in de braadschaal zonder deksel braden.
- Gebruik hittebestendig servies om te braden (lees de instructies van de fabrikant).
- Grote braadstukken kunt u direct in de diepe braadpan braden (indien aanwezig) of op een rooster boven de braadpan.
-
Braad mager vlees in een braadpan met deksel. Op die manier blijft het vlees sappiger.
-
Alle soorten vlees die een korst moeten krijgen, kunt u in de braadschaal zonder deksel braden.
- Wij raden u aan vlees en vis vanaf 1 kg in het apparaat te bereiden.
- Giet een beetje vloeistof in de braadpan om het aanbranden van vleessap of vet te voorkomen.
- Indien nodig het braadstuk (na 1/2 - 2/3 van de gaartijd) keren.
- Besprenkel grote braadstukken en gevogelte diverse keren tijdens het braden met het eigen vleessap. Hiermee bereikt u een beter braadresultaat.
- U kunt het apparaat ongeveer 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitschakelen om de restwarmte te gebruiken.
Tabel braadstukken
Rundvlees
| Gerecht Functie Aantal Vermo- | gen(Watt) | Temperatuur (°C) | Tijd (min) Rooster-hoogte | ||
| Stoofv-lees | Boven+ on-der-warmte | 1 - 1,5 kg 200 | 230 60 - 80 | 1 | |
Varkensvlees
| Gerecht Func-tie | Aantal Vermo-gen (Watt) | Tempera-tuur (°C) | Tijd (min) | Rooster-hoogte |
| Schou-derstuk,nekstuk,hamlap | Circu-latie-grill | 1 - 1,5 kg 200 | 160 - 180 50 - 70 | 1 |
| Gerecht Func-tie | Aantal Vermo-gen(Watt) | Tempera-tuur (°C) | Tijd (min) Rooster-hoogte | |
| Gehakt-brood | Circu-latie-grill | 750 g - 1 kg | 200 160 - 170 35 - 50 1 | |
| Varkens-schenkel(voorge-kookt) | Circu-latie-grill | 750 g - 1 kg | 200 150 - 170 60 - 75 1 | |
Kalfsvlees
| Gerecht Func-tie | Aantal Vermo-gen(Watt) | Tempera-tuur (°C) | Tijd (min) Rooster-hoogte | |
| Geroos-terdkalfsvlees | Circu-latie-grill | 1 kg 200 160 - 180 50 - 70 1 | ||
| Kalfs-schenkel | Circu-latie-grill | 1,5 - 2 kg 200 160 - 180 75 - 100 1 | ||
Lamsvlees
| Gerecht Func-tie | Hoeveel-heid (kg) | Vermogen(Watt) | Temperatuur (°C) | Tijd (min) Roos-ter-hoogte |
| Lamsbout,geroosterdlamsvlees | Circu-latie-grill | 1 - 1.5 200 | 150 - 170 50 - 70 | 1 |
Gevogelte
| Gerecht | Func-tie | Aantal | Vermogen (Watt) | Temperatuur (°C) | Tijd (min) | Rooster-hoogte |
| Stukken gevogelte | Circu-latie-grill | 200 – 250 g p.p. | 200 | 200 - 220 | 20 - 35 | 1 |
| Halve kip Circu-latie-grill | 400 – 500 g p.p. | 200 | 190 - 210 | 25 - 40 | 1 | |
| Gerecht Func-tie | Aantal Vermo-gen(Watt) | Tempera-tuur (°C) | Tijd (min) Rooster-hoogte | ||
| Kip,haantje | Circu-latie-grill | 1 - 1,5 kg | 200 190 - 210 | 30 - 45 1 | |
| eend Circu-latie-grill | 1,5 - 2 kg | 200 180 - 200 | 180 - 200 1 | ||
Vis (gestoomd)
| Gerecht Func-tie | Hoeveel-heid (kg) | Vermogen(Watt) | Temperatuur (°C) | Tijd (min) Rooster-hoogte |
| Hele vis Boven+ onder-warmte | 1 - 1.5 200 | 210 - 220 | 30 - 45 | 1 |
Gerechten
| Gerecht Func-tie | Hoeveel-heid (kg) | Vermogen(Watt) | Temperatuur (°C) | Tijd (min) Rooster-hoogte |
| Zoete gerechten | Multi hete-lucht | - 200 160 - 180 20 - 35 1 | ||
| Gekruide gerechten met ge-kookte ingrediënten(noodles, groente) | Multi hete-lucht | - 400 - 600 | 160 - 180 20 - 45 1 | |
| Gekruide gerechten met rauwe ingrediënten(aar-dappelen, groente) | Multi hete-lucht | - 400 - 600 | 160 - 180 30 - 45 2 |
Grill
- Grill alltijd met de maximale temperatuurinstelling.
- Rooster in de rekstand plaatsen, zoals aangeraden in grilleertabel.
-
Altijd de pan plaatsen om vet op te vangen op de eerste rekstand.
-
Alleen platte stukken vlees of vis grillen.
- Lege oven met grilfuncties altijd 5 minuten voorverwarmen.

LET OP!
Tijdens het grillen moet de ovendeur altijd gesloten zijn.
Grill
| Gerecht Temperatuur(°C) | Tijd (min) Roosterhoogte | ||
| 1e kant 2e kant | |||
| Biefstuk, medium | 210 - 230 30 - 40 30 - 40 1 | ||
| Runderfilet, medium | 230 20 - 30 20 - 30 1 | ||
| Varkensrug 210 - 230 30 - 40 30 - 40 1 | |||
| Kalfsrug 210 - 230 30 - 40 30 - 40 1 | |||
| Lamsrug 210 - 230 25 - 35 20 - 35 1 | |||
| Hele vis, 500 - 1000 g | 210 - 230 15 - 30 15 - 30 1 | ||
Tweekrings grill
| Gerecht Tijd (min) Roosterhoogte | |||
| 1e kant 2e kant | |||
| Burgers / Burgers 9 - 13 8 - 10 3 | |||
| Varkenshaas 10 - 12 6 - 10 2 | |||
| Worstjes | 10 - 12 6 - 8 | 3 | |
| Runderfilet / kalfsbief-stukken | 7 - 10 6 - 8 | 3 | |
| Toast / Geroosterd brood | 1 - 3 | 1 - 3 | 3 |
| Brood met iets erop | 6 - 8 | - | 2 |
Bevroren voedsel
- Haal het voedsel uit de verpakking. Doe het voedsel op een bord.
- Gebruik voor het afdekken geen borden of schotels. Hierdoor kan de ontdooitijd worden verlengd.
Gebruik de functie Multi hetelucht.
| Gerecht Temperatuur (°C) Tijd (min) Roosterhoogte | ||
| Pizza, bevoren 200 - 220 15 - 25 3 | ||
| American pizza, bevro-ren | 190 - 210 20 - 25 3 | |
| Pizza, gekoeld 210 - 230 13 - 25 3 | ||
| Pizza snacks, bevoren 180 - 200 15 - 30 3 | ||
| Patat, dun ^1) | 210 - 230 20 - 30 3 | |
| Patat, dik ^1) | 210 - 230 25 - 35 3 | |
| Aardappelpartjes / -kro-ketjes ^1) | 210 - 230 20 - 35 3 | |
| Rösties 210 - 230 20 - 30 3 | ||
| Lasagne/Cannelloni,vers | 170 - 190 35 - 45 2 | |
| Lasagne / Cannelloni,bevroren | 160 - 180 40 - 60 2 | |
| Kippenvleugels 190 - 210 20 - 30 3 | ||
1) Patat tussendoor 2 tot 3 keer keren.
Tabel voor diepvries- en kant-en-klaargerechten
| Gerecht Functie Tempera- | tuur (°C) | Tijd (min) Roosterhoogte | ||
| Diepvriespizza1) | Boven + onder-warmte | volgens aanwijzingen van de fabrikant | volgens aanwijzingen van de fabrikant | 2 |
| Patates frites2)(300 - 600 g) | Boven + onder-warmte of Circulatiegrill | 200 - 220 volgens aanwijzingen van de fabrikant | 2 | |
| Baguettes1) | Boven + onder-warmte | volgens aanwijzingen van de fabrikant | volgens aanwijzingen van de fabrikant | 2 |
| Vruchtencake Boven + onder-warmte | volgens aanwijzingen van de fabrikant | volgens aanwijzingen van de fabrikant | 2 | |
1) Oven voorverwarmen.
2) Patat tussendoor 2 tot 3 keer keren.
Ontdooien
- Haal het gerecht uit de verpakking en plaats het op een bord.
- Gebruik het eerste roosterniveau vanaf de bodem.
- Bedek het bord niet met een kom of ander bord, aangezien het ontdooien hierdoor langer kan duren.
| Gerecht Aantal Ontdooitijd (min.) | Nadooitijd (min) | Opmerkingen | |
| Kip 1 kg | 100 - 140 20 - 30 Kip op een omgedraaid schoteltje in een groot bord leggen. Halverwege de bereidingstijd omdraaien. | ||
| Vlees 1 kg | 100 - 140 20 - 30 Halverwege de bereidingstijd om-draaien. | ||
| Vlees 500 g | 90 - 120 20 - 30 Halverwege de bereidingstijd om-draaien. | ||
| Forel 150 g | 25 - 35 10 - 15 - | ||
| Aard-beien | 300 g 30 - 40 10 - 20 - | ||
| Boter 250 g | 30 - 40 10 - 15 - | ||
| Room 2 x | 200 g 80 - 100 10 - 15 Klop de nog licht bevoren slagroom. | ||
| Gebak 1,4 kg | 60 60 - | ||
Inmaken - Onderwarmte
- Gebruik alleen weckpotten van dezelfde afmetingen.
- Gebruik geen weckpotten met een draai- of bajonetsluiting en metalen bakken.
- Gebruik het eerste rek van de bodem van deze functie.
- Zet niet meer dan zes wekflessen van 1 liter op het bakrooster.
-
Vul de glazen potten gelijkmatig en sluit ze af met een klem.
-
De weckpotten mogen elkaar niet raken.
- Vul ca. 1/2 liter water op de bakplaat, zodat er voldoende vocht in de oven ontstaat.
- Als de vloeistof in de weckpotten begint te borrelen (na ca. 35 - 60 minuten bij weckpotten van 1 liter), stop de oven of verlaag de temperatuur tot 100 °C (raadpleeg de tabel).
Zachte vruchten
| Gerecht Temperatuur (°C) | Inmaken/wecken tot het parelen be-gint (min) | Door blijven koken op 100 °C (min.) |
| Aardbeien / bosbes-sen / frambozen / rijpe kruisbessen | 160 - 170 | 35 - 45 |
Steenvruchten
| Gerecht Temperatuur (°C) Inmaken/wecken | tot het parelen begint (min) | Door blijven koken op 100 °C (min.) |
| Peren / kweeperen / pruimen | 160 - 170 35 - 45 10 - 15 |
Groenten
| Gerecht Temperatuur (°C) Inmaken/wecken | Door blijven koken op 100 °C (min.) | |
| tot het parelen be-gint (min) | ||
| Wortels 1) | 160 - 170 50 - 60 5 - 10 | |
| Komkommers 160 - 170 50 - 60 - | ||
| Gemengde augurken 160 - 170 50 - 60 5 - 10 | ||
| Koolrabi / erwten / as-perges | 160 - 170 50 - 60 15 - 20 | |
1) Na uitschakeling in de oven laten staan.
Drogen - Multi hetelucht
| Gerecht Temperatuur (°C) Tijd (u) Roosterhoogte | |||
| Bonen 60 - 70 6 - 8 3 | |||
| Paprika's 60 - 70 5 - 6 3 | |||
| Soepgroenten 60 - 70 5 - 6 3 | |||
| Paddenstoelen 50 - 60 6 - 8 3 | |||
| Kruiden 40 - 50 2 - 3 3 | |||
| Pruimen 60 - 70 8 - 10 3 | |||
| Abrikozen 60 - 70 8 - 10 3 | |||
| Schijfjes appel | 60 - 70 6 - 8 3 | ||
| Peren | 60 - 70 6 - 9 3 | ||
Bereidingstabels voor de magnetron
Vlees ontdooien
| Gerecht Vermogen(Watt) | Hoeveelheid(g) | Tijd (min) Rusttijd(min) | Opmerkin-gen |
| Hele stukken vlees | 200 500 10 - 12 10 - 15 Halverwege | de berei-dingstijd om-draaien. | |
| Steak 200 200 3 - 5 5 - 10 Halverwege | de berei-dingstijd om-draaien, ont-dooide delen verwijderen. | ||
| Half-om-half gehakt | 200 500 10 - 15 10 - 15 Halverwege | de berei-dingstijd om-draaien, ont-dooide delen verwijderen. | |
| Goulash 200 500 10 - 15 10 - 15 Halverwege | de berei-dingstijd om-draaien, ont-dooide delen verwijderen. |
Gevogelte ontdooien
| Gerecht Vermogen(Watt) | Hoeveelheid(g) | Tijd (min) Rusttijd(min) | Opmerkin-gen |
| Kip 200 1000 25 - 30 10 - 20 Halverwege | de berei-dingstijd om-draaien, ont-dooide delen met alumi-niumfolie be-dekken. | ||
| Kippenborst 200 100 - 200 3 - 5 10 - 15 Halverwege | de berei-dingstijd om-draaien, ont-dooide delen met alumi-niumfolie be-dekken. | ||
| Kippen-boutjes | 200 100 - 200 3 - 5 10 - 15 Halverwege | de berei-dingstijd om-draaien, ont-dooide delen met alumi-niumfolie be-dekken. | |
| Eend 200 2000 45 - 60 20 - 30 Halverwege | de berei-dingstijd om-draaien, ont-dooide delen met alumi-niumfolie be-dekken. | ||
Vis ontdooien
| Gerecht Vermogen(Watt) | Hoeveelheid(g) | Tijd (min) Rusttijd(min) | Opmerkin-gen |
| Hele vis 100 500 10 - 15 15 - 20 Halverwege | de berei-dingstijd om-draaien. | ||
| Visfilets 100 500 10 - 12 15 - 20 Halverwege | de berei-dingstijd om-draaien. |
Worstjes ontdooien
| Gerecht Vermogen(Watt) | Hoeveelheid(g) | Tijd (min) Rusttijd(min) | Opmerkin-gen |
| Gesnedenworst | 100 100 2 - 4 20 - 40 Halverwege | de berei-dingstijd om-draaien. |
Zuivelproducten ontdooien
| Gerecht Vermogen(Watt) | Hoeveelheid(g) | Tijd (min) Rusttijd(min) | Opmerkin-gen |
| Kwark 100 250 10 - 15 25 - 30 Aluminium- | delen verwij-deren, hal-verwege de bereiding-stijd om-draaien. | ||
| Boter 100 250 3 - 5 15 - 20 Aluminium- | delen verwij-deren, hal-verwege de bereiding-stijd om-draaien. | ||
| Kaas 100 250 3 - 5 30 - 60 Aluminium- | delen verwij-deren, hal-verwege de bereiding-stijd om-draaien. | ||
| Room 100 200 7 - 12 20 - 30 Aluminium | deksel ver-wijderen,halverwege de berei-dingstijd roe-ren. |
Cake/gebak ontdooien
| Gerecht Vermogen(Watt) | Aantal Tijd(min) Rusttijd | (min) | Opmerkin-gen |
| Gistdeeg 100 1 stuk 2 - 3 15 - 20 Bord halver- | wege de be-reidingstijd omdraaien. | ||
| Kwarktaart 100 1 stuk 2 - 4 15 - 20 Bord halver- | wege de be-reidingstijd omdraaien. | ||
| Cake (ge-bak) | 100 1 stuk 1 - 2 15 - 20 Bord halver- | wege de be-reidingstijd omdraaien. | |
| Droge cake 100 1 stuk 2 - 4 15 - 20 Bord halver- | wege de be-reidingstijd omdraaien. | ||
| Vruchten-cake | 100 1 stuk 1 - 2 15 - 20 Bord halver- | wege de be-reidingstijd omdraaien. | |
| Brood 100 1.000 g 15 - 20 10 - 15 Halverwege | de berei-dingstijd om-draaien. | ||
| Gesneden brood | 100 500 g 8 - 12 10 - 15 Halverwege | de berei-dingstijd om-draaien. | |
| Broodjes 100 4 broodjes 5 - 8 5 - 10 Halverwege | de berei-dingstijd om-draaien. |
Fruit ontdooien
| Gerecht Vermogen(Watt) | Hoeveelheid(g) | Tijd (min) Rusttijd(min) | Opmerkin-gen |
| Aardbeien 100 300 8 - 12 10 - 15 Bedekt ont-Pruimen, kersen, frambozen, bramen, abrikozen | 100 250 8 - 10 10 - 15 Bedektont- | dooien, hal-verwege de bereiding-stijd roeren.dooien, hal-verwege de bereiding-stijd roeren. |
Koken/smelten
| Gerecht Vermogen(Watt) | Hoeveelheid(g) | Tijd (min) Rusttijd(min) | Opmerkin-gen |
| Chocolade /chocolade-laagje | 600 150 2 - 3 - Halverwege | de berei-dingstijd roe-ren. | |
| Boter 200 100 2 - 4 - Halverwege | de berei-dingstijd roe-ren. |
Ontdooien, verwarmen
| Gerecht Vermogen(Watt) | Aantal Tijd (min) Rusttijd | (min) | Opmerkin-gen |
| Babyvoeding in potjes | 300 200 g 2 - 3 - Halverwege | de berei-dingstijd roe-ren. Controleer de temperatuur. | |
| Babymelk (fles, 180 ml) | 1000 200 g 0:20 - 0:40 - Lepel in de | fles steken, roeren en temperatuur controleren. | |
| Kant-en-klaargerecht | 600 400 – 500 g 14 - 20 5 Aluminium | afdekking verwijderen, halverwege de berei-dingstijd om-draaien. | |
| Bevrorenkant-en-klaarmaaltij-den | 400 400 - 500 g 4 - 6 5 Aluminium | afdekkingverwijderen,halverwegede berei-dingstijd om-draaien. | |
| Melk 1000 1 kopje, on- | geveer 200ml | 1:15 - 1:45 - Lepel in het | bakje doen. |
| Water 1000 1 kopje, on- | geveer 200ml | 1:30 - 2 - Lepel in het | bakje doen. |
| Saus 600 200 ml 1 - 2 - Halverwege | de berei-dingstijd roe-ren. | ||
| Soep 600 300 ml 2 - 4 - Halverwege | de berei-dingstijd roe-ren. |
Bereidingstabel
| Gerecht Vermogen(Watt) | Aantal Tijd (min) Rusttijd | (min) | Opmerkin-gen |
| Hele vis 500 500 g 8 - 10 | - Afgedekt ko- | ken, hetbakje tijdenshet bereidenmeerderemalen om-draaien. | |
| VisfiletsGroenten met een korte berei- dingstijd,vers 1) | 500 500 g 6 - 8 - Afgedekt ko-600 500 g 12 - 16 - Ongeveer 50 | ken, hetbakje tijdenshet bereidenmeerderemalen om-draaien.ml water toe- voegen, af- gedekt be- reiden, hal- verwege de bereiding- stijd roeren. | |
| Groenten met een korte berei- dingstijd,bevroren 1) | 600 500 g 14 - 18 - Ongeveer 50 | ml water toe- voegen, af- gedekt be- reiden, hal- verwege de bereiding- stijd roeren. | |
| Groenten met een lange berei- dingstijd,vers 1) | 600 500 g 14 - 20 - Ongeveer 50 | ml water toe- voegen, af- gedekt be- reiden, hal- verwege de bereiding- stijd roeren. | |
| Groenten met een lange berei- dingstijd,bevroren 1) | 600 500 g 18 - 24 - Ongeveer 50 | ml water toe- voegen, af- gedekt be- reiden, hal- verwege de bereiding- stijd roeren. | |
| Aardappelen in de schil | 1000 800 g + 600 ml | 5 - 7 300 W / 15- 20 | Bedekt be- reiden, hal- verwege de bereiding- stijd roeren. |
| Rijst 1000 300 g + 600Popcorn 1000 - 3 - 4 - Doe de pop- | ml | 4 - 6 - Bedekt be- | reiden, hal- verwege de bereiding- stijd roeren.corn op een bord op het laagste ni-veau. |
1) Alle groenten afgedekt in de container koken.
Tabel voor de Combi-functie
- Uitsluitend voor bepaalde modellen.
- Verwarm de Crostino-schaal voor: 4 minuten op 700 Watt.
- Gebruik de Magnetron + grillfuncties.
| Gerecht Ovengerei Ver | mo-gen (Wat t) | Tem-pera-tuur (°C) | Tijd (min ) | Roos ter-hoog te | Opmerkin-gen |
| 2 kippenhelf-ten (2 x 600 g) | Glazen schotel met zeef 300 220 40 2 Na 20 min. | omdraaien, dan 5 min. laten rusten. | |||
| gratinaardap-pelen (1 kg) | Gratinschotel 300 200 40 2 10 min. laten | rusten. | |||
| Varkens-braadstuk, hals (1100 g) | Glazen schotel met zeef 300 200 70 1 Regelmatig | omdraaien, 10 min. laten rusten. | |||
Onderhoud en reiniging

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
Opmerkingen over schoonmaken
- Maak de voorkant van het apparaat schoon met een zachte doek en een warm sopje.
- Gebruik voor metalen oppervlakken een universeel reinigingsmiddel.
- Reinig de binnenkant van het apparaat na elk gebruik. Vetophoping of andere voedingsresten kunnen brand veroorzaken.
-
Verwijder hardnekkig vuil met een speciale ovenreiniger.
-
Reinig alle accessoires na elk gebruik en laat ze drogen. Gebruik een zachte doek en een warm sopje en een reinigingsmiddel.
- Toebehoren met antiaanbaklaag mogen niet worden schoongemaakt met een agressief reinigingsmiddel, voorwerpen met scherpe randen of een afwasautomaat. Dit kan de antiaanbaklaag beschadigen.
Verwijderen van de geleiders
Zorg ervoor dat het apparaat is afgekoeld voordat u onderhoud verricht. Gevaar voor brandwonden.
Om het apparaat te reinigen, verwijder de inschuifrails.
- Inschuifrails voorzichtig naar boven toe uit de voorste ophanging trekken.

text_image
1 2 3- Trek de inschuifrail bij de voorkant uit de zijwand.
- Geleiders uit de achterste ophanging trekken.
Installeer de geleiders in de omgekeerde volgorde.
Het lampje vervangen
Leg een doek op de bodem van de binnenkant van het apparaat. Dit voorkomt schade aan het afdekglas en de ovenruimte.
Probleemoplossing

WAARSCHUWING!
Gevaar voor elektrocutie! Haal de zekering weg alvorens u de lamp vervangt. De lamp en het afdekglas kunnen heet zijn.

LET OP!
Houd de halogeenlamp altijd met een doek vast om te voorkomen dat er vetrestjes op de ovenlamp verbranden.
- Schakel het apparaat uit.
- Verwijder de zekeringen in de zekeringenkast, of schakel de stroomonderbreker uit.
De bovenlamp
- Draai het afdekglas van de lamp naar rechts en verwijder het.
- Reinig het afdekglas.
- Vervang de lamp door een geschikte 300 °C hittebestendige lamp.
- Plaats het afdekglas terug.

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
Problemen oplossen
| Probleem Mogelijke oorzaak oplossing | |
| De oven wordt niet warm. De oven is uitgeschakeld. Schakel de oven in. | |
| De oven wordt niet warm. De klok is niet ingesteld. Stel de klok in. | |
| De oven wordt niet warm. De benodigde kookstanden zijn niet ingesteld. | Zorg ervoor dat de instellingen correct zijn. |
| De oven wordt niet warm. De automatische uitschakeling is actief. | Raadpleeg "Automatisch uit-schakelen". |
| De oven wordt niet warm. Het kinderslot is geactiveerd. Raadpleeg "Het kinderslot ge-bruiken". | |
| De oven wordt niet warm. De zekering is doorgebrand. Controleer of de zekering de oorzaak van de storing is. Als de zekeringen keer op keer doorslaan, neemt u contact op met een erkende installateur. | |
| Probleem Mogelijke | oorzaak oplossing | |
| Het lampje brandt niet. Het lampje is stuk. Vervang het lampje. | ||
| De bereiding van de gerechten duurt te lang of de gerechten worden te snel gaar. | De temperatuur is te laag of te hoog. | Pas indien nodig de temperatuur aan. Volg het advies in de handleiding op. |
| Stoom en condens slaan neer op de gerechten en in de ovenruimte. | Het gerecht heeft te lang in de oven gestaan. | Laat gerechten na het bereiden niet langer dan 15 - 20 minuten in de oven staan. |
| Het display toont een foutcode die niet in deze lijst voorkomt. | Er is een elektrische fout. | • Schakel de oven uit via de huiszekering of de veiligheidsschakelaar in de zeker-ingkast en schakel deze weer in• Neem contact op met de klantenservice wanneer de foutcode opnieuw wordt weergegeven. |
Onderhoudgegevens
Als u niet zelf het probleem kunt verhelpen, neem dan contact op met uw verkoper of de serviceafdeling.
De contactgegevens van het servicecentrum staan op het typeplaatje. Het typeplaatje bevindt zich voor aan de binnenkant van het apparaat. Verwijder het typeplaatje niet uit de ovenruimte.
Wij adviseren u om de gegevens hier te noteren:
| Model (MOD.) | |
| Productnummer (PNC) | |
| Serienummer (S.N.) |
MILIEUBESCHERMING
Recycle de materialen met het symbool Gooi de verpakking in een geschikte verzamelcontainer om het te recyclen. Help om het milieu en de volksgezondheid te beschermen en recycle het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.











