AVR3550 - Audioreceiver HARMAN KARDON - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis AVR3550 HARMAN KARDON in PDF-formaat.
| Type product | Audio/videoreceiver |
| Merk | Harman Kardon |
| Model | AVR3550 |
| Afmetingen (B x H x D) | 440 mm x 166 mm x 390 mm |
| Gewicht | 12,0 kg |
| Netspanning | 220-240 V wisselspanning / 50 Hz |
| Opgenomen vermogen (stand-by) | 72 W (zonder signaal) |
| Opgenomen vermogen (max.) | 580 W (twee kanalen uitgestuurd) |
| Vermogen per kanaal (stereo, FTC) | 2 x 65 watt (8 ohm, 20 Hz-20 kHz, <0,07% THD) |
| Vermogen per kanaal (5-kanaals surround) | Front L/R: 55 W, Center: 55 W, Surround: 55 W (8 ohm) |
| Geluidsdecoders | Dolby Digital, DTS, Dolby Pro Logic II, Logic 7, VMAx |
| Ingangen | 6 analoge audio-ingangen (CD, Tape, DVD, Video 1/2, 6-kanaals direct), 4 digitale ingangen (2 optisch, 2 coax), 3 composiet video-ingangen, 3 S-video-ingangen |
| Uitgangen | Luidsprekeruitgangen voor front, center, surround, subwoofer (lijnniveau), tape-uitgangen, digitale audio-uitgangen (optisch, coax), video-uitgang (composiet en S-video), geschakelde en ongeschakelde netuitgangen |
| Frequentiebereik (audio) | 10 Hz - 100 kHz (+0 dB, -3 dB bij 1 W) |
| Signaal/ruis-afstand (IHF-A) | 95 dB |
| FM-tuner | Bereik 87,5-108 MHz, gevoeligheid 1,3 μV/13,2 dBf |
| MG-tuner | Bereik 522-1620 kHz, gevoeligheid 500 μV (kamerantenne) |
| Afstandsbediening | Programmeerbaar, ingebouwde codes, EzSet-kalibratie, macro's |
| Videoverwerking | PAL/NTSC, composiet en S-video, in-beeld menu |
| Veiligheid | Kans op elektrische schokken: niet openen. Alleen gekwalificeerd onderhoud. |
| Onderhoud en reiniging | Reinig met een zachte, droge doek. Gebruik nooit benzeen, alcohol of schuurmiddelen. |
| Reparatie en reserveonderdelen | Geen gebruikersonderdelen. Laat reparatie over aan erkende technici. |
| Inhoud verpakking | AVR3550, afstandsbediening, batterijen (AAA), FM-antenne, MG-raamantenne, netsnoer, handleiding |
Veelgestelde vragen - AVR3550 HARMAN KARDON
Gebruikersvragen over AVR3550 HARMAN KARDON
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Audioreceiver in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding AVR3550 - HARMAN KARDON en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. AVR3550 van het merk HARMAN KARDON.
GEBRUIKSAANWIJZING AVR3550 HARMAN KARDON
3 Inleiding
4 Veiligheid
4 Opstellen & Uitpakken
5 Bedieningsorganen
7 Display
9 Aansluitingen
11 Afstandsbediening
14 Installeren en aansluiten
14 Audio-apparatuur
14 Video-apparatuur
15 SCART AV-aansluitingen
16 Uitbreiding afstandsbediening
16 Lichtnetuitgangen
17 Luidsprekerkeuze en -opstelling
18 Systeemconfiguratie
18 In gebruik nemen en in-beeld display
18 Instellingen voor elke gebruikte ingang
19 Instelling ingang
19 Opzet surround
19 Instellingen voor andere ingangen
20 Instellingen onafhankelijk van de
gekozen ingang
20 Opzet luidsprekers
21 Vertraging
22 Nachtfunctie
22 Uitgangen
22 Gebruik EzSet
23 Handinstelling uitgangsniveau
25 Bediening
25 Basisbediening
25 Ingangskeuze
25 Gebruik hoofdtelefoon
26 Overzicht surroundfuncties
27 Keuze surroundfuncties
27 Digitale audioweergave
28 Digitale bron kiezen
28 Digitale status
29 Nachtfunctie
29 Opnemen
30 Aanpassen uitgangsniveaus
30 Directe 6-kanaals uitgang
30 Geheugenbeveiliging
31 Gebruik van de tuner
32 RDS
33 Bijzondere functies
33 Helderheid display
33 Volume bij inschakeling
34 Gedeeltelijke in-beeld display
34 Aanpassen in-beeld duur (time-out)
35 Programmeren afstandsbediening
35 Programmeren met codes
35 Macro's programmeren
36 Geprogrammeerde apparaatfuncties
36 Volume doorschakelen
37 Kanaalkeuze doorgeven
37 Transport doorschakelen
37 Resetten geheugen afstandsbediening
38 Functie overzicht
40 Problemen
40 Processor resetten
41 Technische gegevens
VERKLARING VAN CONFORMITEIT

Wij, Harman Consumer International
2 route de Tours, 72500 Château-du-Loir,
Frankrijk
verklaren dat het product dat beschreven wordt in deze handleiding voldoet aan de technische normen:
EN 55013/6.1990
EN 55020/12.1994
EN 60065:1993
EN 61000-3-2/4.1995

Carsten Olesen
Harman Kardon Europe A/S
3/02
Opzet van de handleiding
Om de handleiding optimaal te kunnen gebruiken in combinatie met de afstandsbediening, de bedieningsorganen, de aansluitingen en de display is deze als volgt ingedeeld:
VOORBEELD (vet gedrukt) geeft een toets op de afstandsbediening of de voorzijde aan, dan wel een aansluiting op de achterzijde.
VOORBEELD (display) geeft een aanwijzing in de display aan.
VOORBEELD (vet gedrukt) geeft een oplichtende indicatie in de display op de voorzijde aan.
1 (cijfer in een hokje) verwijst naar een specifieke toets op de voorzijde.
① (cijfer in een cirkel) verwijst naar een aansluiting op de achterzijde.
① (cijfer in een ovaal) verwijst naar een toets op de afstandsbediening.
A (letter in een hokje) verwijst naar een indicatie in de display.
Dank u voor de aanschaf van een Harman Kardon product!
Met de aanschaf van een Harman Kardon AVR 3550 staat u aan het begin van vele jaren luisterplezier. De AVR 3550 is ontworpen om u optimaal te laten genieten van alle spanning en effecten van filmgeluid en alle nuances in de muziek. Dankzij ingebouwde Dolby" Digital en DTS-decoders biedt de AVR 3550 zes audiokanalen die het digitale filmgeluid van de nieuwste DVD- en LD-films, naast digitale televisie uitzendingen op de beste manier tot uitdrukking brengen.
In de AVR 3550 worden complexe digitale schakelingen gebruikt om dit allemaal te verwezenlijken, maar het installeren en bedienen zijn toch heel eenvoudig. Aan kleur herkenbare aansluitingen, een programmeerbare afstandsbediening en in-beeld menu's maken de AVR 3550 zeer gebruiksvriendelijk. Om optimaal plezier te hebben van uw receiver, raden wij u aan even de tijd te nemen deze handleiding in zijn geheel door te lezen. Controleer ook of alle verbindingen met de luidsprekers, bronnen en andere externe apparatuur correct zijn uitgevoerd. Op deze manier raakt u zo snel mogelijk vertrouwd met alle functies en bedieningsorganen en kunt u alle mogelijkheden van de AVR 3550 benutten.
Bewaar de handleiding om deze later nog eens te raadplegen
Beschrijving en functies
De AVR 3550 is een van de veelzijdigste, multifunctionele A/V receivers die er op de markt zijn en biedt talloze luistermogelijkheden. Naast Dolby Digital en DTS decoders voor digitale bronnen is er ook een reeks analoge geluidsfuncties, voor gebruik met CD, VCR, TV de ingebouwde FM/MG tuner van de AVR zelf. Naast de nieuwste Dolby Pro Logic® II decoders, Dolby 3 Stereo, Dolby 3 Stereo en speciale zaal- en theatereffecten bieden alleen de Harman Kardon receivers Logic 7, een bredere en ruimer geluids-effect. Eveneens exclusief voor Harman Kardon is VMAx, dat gebruikt maakt van een eigen processing om een open en ruimtelijk klankbeeld te creëren via slechts twee luidsprekers.
Buiten het grote aantal luistermogelijkheden is de AVR 3550 ook gemakkelijk te configureren voor optimaal resultaat met uw luidsprekers in uw luisterruimte. Via de in-beeld menu's kunnen de luidsprekers, ingangen en vertragingstijden gemakkelijk ingesteld worden, terwijl onze exclusieve EzSet™ afstandsbediening de niveaus van het systeem meet en automatisch kalibreert voor een perfect uitgebalanceerd klankbeeld.
Voor optimale flexibiliteit bezit de AVR 3550 aansluitingen voor drie video apparaten, elk zowel in composiet als S-Video. Er zijn twee extra audio ingangen beschikbaar en in totaal vier digitale ingangen zorgen ervoor dat de AVR 3550 alle moderne digitale audiosignalen kan verwerken. Coax en optisch digitale uitgangen zijn beschikbaar voor directe verbinding met digitale recorders. Een video opname-uitgang, en een zeskanaals ingang maken de AVR 3550 vrijwel toekomstzeker, daar alle faciliteiten voor nieuwe formaten van morgen aanwezig zijn.
De krachtige versterker van de AVR 3550 is gebouwd op de traditionele Harman Kardon technologieën voor de eindversterkers om een optimaal dynamisch bereik te kunnen bieden met elke denkbare programmabron.
Harman Kardon heeft de 'HiFi' receiver meer dan negenenveertig jaar geleden uitgevonden. Met topklasse schakelingen die zich in de loop der tijd hebben bewezen, is de AVR 3550 de beste receiver die Harman Kardon ooit heeft geproduceerd.
■Ingebouwde Dolby Digital en DTS decoders op basis van Crystal® Chip Technology
■Logic 7 en VMAx functies exclusief voor Harman Kardon
■ProLogic II decoder, de nieuwste technologie van Dolby Laboratories.
■Afselsbediening stelt automatisch de optimale niveaus in
■Talloze digitale ingangen en uitgangen
■In-beeld menu en display systeem
■6-Kanaals directe ingang voor gebruik met DVD Audio spelers en andere producten met ingebouwde surround decoders of externe surround decoders.
■Afstandsbediening met ingebouwde codes.

WAARSCHUWING
KANS OP ELEKTRISCHE SCHOKKEN. NIET OPENEN

LET OP: VERMIJD HET RISICO VAN ELEKTRISCHE SCHOKKEN. OPEN NOOIT ZELF DE BEHUIZING. IN HET APPARAAT BEVINDEN ZICH GEEN ONDERDELEN DIE DOOR DE GEBRUIKER ZELF KUNNEN WORDEN ONDERHOUDEN. GEREPAREERD EN/OF VERVANGEN. LAAT ONDERHOUD EN REPARATIE OVER AAN GEKWALIFICEERDE TECHNICI.

Het symbool van de bliksemschicht met pijlpunt en een gelijkzijdige driehoek waarschuwt de gebruiker voor de aanwezigheid van ongeïsoleerde gevaarlijke voltages binnen in de behuizing van het apparaat. Deze voltages kunnen elektrische schokken veroorzaken.

Het uitroepteken in een gelijkzijdige driehoek waarschuwt de gebruiker voor de aanwezigheid van belangrijke informatie aangaande onderhoud en service in de gebruiksaanwijzing.
WAARSCHUWING: VERKLEIN BRANDGEVAAR EN DE KANS OP ELEKTRISCHE SCHOKKEN; STEL HET APPARAAT NIET BLOOT AAN REGEN OF VOCHT.
Belangrijke veiligheidsinformatie
Controleer netspanning voor gebruik
Uw nieuwe AVR 3550 is ontworpen voor gebruik met 220 - 240 volt wisselspanning. Sluit u de receiver op een andere netspanning aan dan waarvoor deze is bedoeld, dan kan dit gevaarlijk zijn en zelfs brand ontstaan. Bovendien kan de receiver hier door beschadigd worden.
Heeft u vragen heeft over de juiste netspanning voor dit specifieke model of over de netspanning in uw omgeving, raadpleeg dan eerst uw leverancier voordat het apparaat met het lichtnet verbindt.
Gebruik geen verlengsnoeren
Gebruik het apparaat alleen met het vaste netsnoer. Het gebruik van verlengsnoeren met dit product wordt afgeraden. Leg, net als bij andere elektrische apparaten, het netsnoer niet onder vloerbedekking of tapijten en zet er geen zware voorwerpen op. Een beschadigd netsnoer onmiddellijk door een erkende technische dienst laten vervangen door een exemplaar dat aan de fabrieksspecificaties voldoet.
Ga voorzichtig met het netsnoer om
Wanneer u het netsnoer uit het stopcontact neemt, trek dan altijd aan de stekker en niet aan het snoer. Wanneer het apparaat voor langere tijd niet zal worden gebruikt, neem dan de stekker uit het stopcontact.
Open de behuizing niet
In dit product bevinden zich geen onderdelen die door de gebruiker gerepareerd kunnen worden. Bij het openen van de behuizing kunt u een schok oplopen en wijzigingen aan het product zullen de garantie ongeldig maken. Mocht water of een metalen voorwerp zoals een paperclip, een nietje of iets dergelijks in het apparaat terechtkomen, neem dan de stekker direct uit het stopcontact en raadpleeg een erkende repa- rateur.
Uitpakken
De doos en overig verpakkingsmateriaal dat gebruikt werd om uw nieuwe receiver tijdens transport te beschermen, zijn speciaal ontworpen om schokken en trillingen te absorberen. Wij adviseren u de doos en het verpakkingsmateriaal te bewaren voor het geval u gaat verhuizen of als het apparaat ooit gerepareerd zou moeten worden.
Om de omvang van de doos te verkleinen kunt u deze plat maken. Dit doet u door het plakband op de bodem helemaal los te maken en de doos plat te drukken. De kartonnen hulpstukken kunnen op dezelfde manier worden bewaard. Verpakkingsmateriaal dat niet samengedrukt kan worden kan in een plastic zak worden bewaard.
Wilt u het verpakkingsmateriaal niet bewaren, is het goed te weten dat de doos en het overige verpakkingsmateriaal gerecycled kunnen worden. Denk aan het milieu en lever dit materiaal in op de daarvoor aangewezen plaats.
Opstelling
Plaats het apparaat, om een goede werking te verzekeren en risico's te vermijden, op een stevige en vlakke ondergrond. Zet u het apparaat op een schap, controleer dan of het schap en de steunen het gewicht kunnen dragen.
■Zorg ervoor dat er voldoende ruimte is voor ventilatie rond het apparaat. Plaatst u dit product in een kast of andere gesloten ruimte, controleer dan of er voldoende ventilatie is. In sommige gevallen kan een ventilator nodig zijn.
■Plaats het apparaat niet op een tapijt of een dergelijke ondergrond, daar dan de ventilatiesleuven worden afgesloten.
■Gebruik het apparaat niet op extreem hete of koude plaatsen, op een plaats waar het blootstaat aan direct zonlicht, of in de nabijheid van een verwarming.
■Plaats het apparaat niet in een vochtige of stoffige omgeving.
■Zorg ervoor dat de ventilatiesleuven in de bovenzijde van het apparaat vrij blijven en plaats er geen voorwerpen op.
Schoonmaken
Maak het apparaat zonodig schoon met een schone, zachte en droge doek. Indien nodig bevochtigt u een zachte doek met lauw sop en daarna met een doek met schoon water. Droog het apparaat onmiddellijk af met een droge doek. Gebruik NOOIT benzeen, reinigingsmiddelen met drijfgassen, verdunner, alcohol of andere vluchtige middelen. Gebruik geen schuurmiddelen, want deze kunnen de afwerking van metalen onderdelen beschadigen. Vermijd het gebruik van insecticiden in de buurt van dit apparaat.
Verplaatsen
Alvorens het apparaat te verplaatsen controleren of alle verbindingen met andere apparaten los-genomen zijn en dat de stekker van het apparaat zelf uit het stopcontact genomen is.

1 Netschakelaar
2 Standby
3 Lichtnetindicatie
4 Hoofdtelefoonuitgang
5 Insteltoetsen
6 Klankregeling in/uit
7 Surroundfunctie
8 Afstemmen
9 FM/MG
10 Voorkeurposities
11 Ingangskeuze
12 RDS functies
13 Testsignaal
14 Surroundfunctie indicaties
15 Sensor afstandsbediening
16 Lage tonen
17 Balans
18 Hoge tonen
19 Volume
20 Instellen
21 Ingangsindicaties
22 Vertraging
23 Digitale ingangskeuze
24 Display
25 Kanaalkeuze
26 Luidsprekerkeuze
1 Netschakelaar: druk op deze toets om de AVR in te schakelen. Is de schakelaar ingedrukt, dan staat het apparaat in standby, wat wordt aangegeven door de oranje LED 3 rond de standby schakelaar 2. Wanneer deze toets NIET ingedrukt is, werkt het apparaat niet. Om het apparaat geheel uit te schakelen en ook de afstandsbediening te blokkeren, deze schakelaar indrukken zodat deze naar buiten komt en het woord 'OFF' (uit) op de bovenzijde van de schakelaar zichtbaar wordt.
Opmerking: Laat deze schakelaar normaal gesproken in de positie ON (aan) staan.
2 Standby: wanneer de netschakelaar 1 ingedrukt is, drukt u op deze toets om de AVR in te schakelen. Druk deze knop opnieuw in om het apparaat uit (standby) te schakelen. De licht-netindicatie 3 (rond de schakelaar) wordt groen als het apparaat aan staat.
3 Lichtnetindicatie: licht oranje op tijdens standby, als teken dat het apparaat gereed is voor gebruik. Ingeschakeld licht deze groen op.
4 Hoofdtelefoonuitgang: sluit hierop een hoofdtelefoon aan om ongestoord te kunnen luisteren. Gebruik een hoofdtelefoon met een standaard 6,3 jackplug. Zodra de hoofdtelefoon wordt aangesloten, worden de luidsprekers uitgeschakeld.
5 Insteltoetsen: bij het vastleggen van de configuratie kiest u met deze toetsen uit de beschikbare mogelijkheden die in de display 24 worden aangegeven.
6 Klankregeling in/uit: de klankregeling en balans worden ingeschakeld door deze toets in te drukken. De indicatie TONE IN verschijnt in de display 24 en met de regelaars lage tonen 16, hoge tonen 18 en balans 17 kan het signaal naar de luidsprekers worden gecorrigeerd. Staat de indicatie TONE OUT in de display, dan wordt het signaal 'recht' weergegeven.
7 Surroundfunctie: indrukken om door de beschikbare surroundfuncties te schakelen en te kiezen. Niet alle functies zijn altijd beschikbaar, afhankelijk van het type ingang. Zie pagina 26 voor een overzicht van de surroundfuncties.
8 Afstemmen: druk op de linkerzijde van de toets om naar een lagere frequentie te gaan, of op de rechter om naar een hogere te gaan. Wordt een zender met een voldoende sterk sig- naal gevonden dan licht de indicatie TUNED L in de display 24 op. Zie pagina 31 voor nadere informatie over afstemmen.
9 FM/MG keuze: druk op deze toets om tuner als bron van de AVR 3550 te kiezen. Na eenmaal indrukken hoort u de laatst gebruikte zender; nogmaals indrukken schakelt heen en weer tussen AM (= MG) en FM. Houd de toets vast om te schakelen tussen stereo en mono, handafstemming en automatische afstemming. Zie pagina 31 voor nadere informatie.
10 Voorkeurposities: Druk op deze toetsen om voor- of achteruit door het overzicht van de voorkeurzenders te schakelen. Zie pagina 31 voor nadere informatie.
11 Ingangskeuze: druk één of meermaals op deze toets om een andere bron te kiezen.
12 RDS functie: indrukken om de verschillende boodschappen van het RDS-systeem van de AVR tuner op te roepen. Zie pagina 32 voor nadere informatie over RDS.
13 Testsignaal: druk op deze toets om de niveaus van de kanalen in te stellen met de ingebouwde testgenerator als referentie. Voor meer informatie over het instellen van de uitgangsniveaus, zie pagina 23.
14 Surroundfunctie indicaties: een groene LED licht op bij de actieve surroundfunctie.
15 Sensor afstandsbediening: deze sensor ontvangt de bevelen van de afstandsbediening. Richt de afstandsbediening hierop en zorgt dat de sensor niet geblokkeerd wordt, tenzij een externe sensor is aangesloten.
16 Klankregeling laag: draai aan deze knop om de lage frequenties in de linker en rechterkanalen max. 10 dB te versterken of te verzwakken. Stel in naar smaak en afhankelijk van de kamerakoestiek.
17 Balans: draai aan deze knop om beide front kanalen even luid te laten klinken.
Opmerking: Normaal gesproken dient deze regelaar ongeveer in het midden ('12 uur') te staan.
18 Klankregeling hoog: draai aan deze knop om de hoge frequenties in de linker en rechterkanalen max. 10 dB te versterken of te verzwakken. Stel in naar smaak en afhankelijk van de kamerakoestiek.
19 Volume: draai deze knop naar rechts om het niveau te verhogen, of naar links om het niveau te verlagen. Mute (geluid uit) wordt automatisch opgeheven zodra de volumeregelaar wordt verdraaid.
20 Instellen: regelt het instellen en configure- ren van de in de display 24 aangegeven instel- ling, die dan in het geheugen van de AVR wordt opgeslagen. Deze toets wordt ook gebruikt om de helderheid van de display te wijzigen. Zie pagina 33.
21 Ingangsindicatie: een groene LED licht op bij de ingang van de AVR die in gebruik is.
22 Vertragingstijd: druk op deze toets om een vertragingstijd in te stellen. Zie pagina 21 voor nadere informatie over vertragingstijden.
23 Digitale ingangskeuze: druk op deze toets om te kiezen tussen de optische 25 en coax 11 digitale ingangen. Zie pagina 27 en verder voor meer informatie over digitale audio.
24 Display: in de display verschijnen aanwijzingen en indicaties die helpen het apparaat te bedienen. Zie pagina 7 – 8 voor een volledige beschrijving.
25 Kanaalkeuze: indrukken om de verschillende kanalen in te stellen met behulp van een externe audiobron. Voor meer informatie over het instellen van de uitgangsniveaus, zie pagina 30.
26 Luidsprekerkeuze: kiest de luidsprekers die in uw kamer worden gebruikt. Zie pagina 18 voor meer informatie over installatie en configuratie.
![graph TD A["A"] --> DTS["DTS"] A --> PCM["PCM"] DTS --> D["DTS"] D --> D1["DTS"] D --> D2["DTS"] D --> D3["DTS"] D --> D4["DTS"] D --> D5["DTS"] D --> D6["DTS"] D --> D7["DTS"] D --> D8["DTS"] D --> D9["DTS"] D --> D10["DTS"] D --> D11["DTS"] D --> D12["DTS"] D --> D13["DTS"] D --> D14["DTS"] D -->…](/content/2026/05/1118639/images/747abb1b8356c6942c017598e49d8355975d083398d1280fdee701de043cd2ee.jpg)
A Signaal type
B Digitale ingang optisch
C DTS functie
D Dolby Digital
Digitale ingang coax
F Dolby Pro Logic II
G Analoge ingang
H Dolby 3 Stereo
VMAx functie
J DSP Functie
K Logic 7 functie
L Afstemming
M In-beeld display
N Display
O Nachtfunctie
P Automatisch
Q Luidspreker/kanaal functie
R Voorkeurpositie / Sluimerfunctie
S Voorkeurpositie
T Sluimertijd
U Geheugen
V Stereo
W RDS
X Verkeersinformatie
A Signaal type: deze indicaties geven van een digitale ingang aan om welke soort signaal het gaat.
B Digitale ingang optisch: licht op wanneer een optisch digitale ingang is gekozen.
C DTS functie: licht op wanneer de DTS-functie is gekozen.
D Dolby Digital: licht op wanneer Dolby Digital is gekozen.
E Digitale ingang coax: licht op wanneer een coax digitale ingang is gekozen.
F Dolby Pro Logic II: licht op wanneer Dolby Pro Logic II is gekozen.
C Analoge ingang: licht op wanneer een analoge ingang is gekozen.
H Dolby 3 Stereo: licht op wanneer de Dolby 3 Stereo functie is gekozen. Alleen S T (stereo) licht op wanneer 'Surround Off' is gekozen. In dat geval zijn alle Surround functies uitgeschakeld en wordt in stereo weergegeven.
1 VMAx functie: licht op wanneer de VMAx functie is gekozen. VMAx verschijnt wanneer de Far Field VMAx functie is gekozen; VMAxN verschijnt wanneer de Near Field VMAx functie is gekozen. Zie pagina 27 voor nadere informatie over de VMAx functies.
J DSP functie: licht op wanneer één van de surround functies door Digitale Signaal Processing of DSP in gebruik is. Deze functies omvatten Hall 1, Hall 2, de Theater, Surround Off A/D-Mode functie en 5 Kanaals Stereo.
K Logic 7 functie: licht op wanneer de Logic 7 functie is gekozen. LOGIC 7C verschijnt voor Logic 7 Cinema, LOGIC 7M voor Logic 7 Muziek. Zie pagina 26 voor een beschrijving van de Logic 7 functies.
L Afstemming: licht op wanneer een zender met voldoende sterkte binnenkomt en correct is afgestemd.
M In-beeld display: wanneer de in-beeld display ingeschakeld is, licht deze indicatie op om aan te geven dat andere indicaties in de display niet werken.
N Display: hierin verschijnen aanwijzingen over status, ingang, surroundfunctie, tuner, volume en andere aspecten van de bediening.
Nachtfunctie: licht op wanneer de AVR 3550 in de nachtfunctie staat en het dynamisch bereik van het digitale programmamateriaal wordt beperkt.
P Automatisch: geeft aan dat de automatische afstemming van de tuner is ingeschakeld.
Q Luidspreker/kanaal functie: geeft aan welke luidspreker voor elk kanaal gekozen is, of de configuratie van het binnenkomende signaal. De indicaties voor de luidsprekers links, centrum, rechts, links surround en rechts surround bestaan uit drie hokjes, terwijl de subwoofer een enkel hokje is. Het middelste hokje licht op wanneer een 'kleine' luidspreker is gekozen, de buitenste twee wanneer een grote luidspreker is gekozen. Brandt geen enkel hokje voor de kanalen centrum, surround of subwoofer, dan zijn er voor die posities geen luidsprekers gekozen. Zie pagina 19 voor nadere informatie over het configureren van de luidsprekers. De letter in het middelste hokje geeft een actief kanaal aan. Voor standaard analoge bronnen zullen alleen L en R oplichten, wat een stereobron aangeeft. Gaat het om een digitale bron dan geven de indicaties aan welke kanalen op de digitale ingang worden ontvangen. Een knipperende letter geeft een onderbroken digitaal signaal aan. Zie pagina 28 voor nadere informatie over deze indicaties.
R Voorkeurpositie / Sluimerfunctie: bij radio ontvangst geeft het nummer aan welke voorkeurzender wordt beluisterd. Zie pagina 31 voor nadere informatie over voorkeurzenders. Is de sluimerfunctie actief dan geven deze cijfers aan hoeveel minuten nog resteren voordat het apparaat in standby gaat.
Display
S Voorkeurpositie: licht op wanneer de tuner wordt gebruikt om aan te geven dat de indicatie voorkeurpositie/sluimerfunctie R de actieve voorkeurpositie aangeeft. Zie pagina 29 voor meer informatie over voorkeurzenders.
T Sluimerfunctie: licht op wanneer de sluimerfunctie actief is. Het getal in de display geeft aan na hoeveel minuten de AVR in standby zal gaan.
U Geheugen: geeft in twee cijfers aan welke voorkeurpositie in gebruik is of vastgelegd wordt.
V Stereo: licht op als wordt afgestemd op een FM-zender die in stereo uitzendt.
W RDS: licht op wanneer een zender wordt ontvangen die RDS data uitzendt.
X Verkeersinformatie: licht op wanneer de afgestemde zender regelmatig verkeersinformatie uitzendt. Zie pagina 32 voor nadere informatie omtrent RDS.

10 Digitale audio uitgangen
⑪ Coax digitale ingangen
⑫ Subwoofer uitgang
13 TV/monitor uitgang
14 Front/Centrum luidsprekeruitgangen
15 Surround luidsprekeruitgangen
16 Geschakelde lichtnetuitgang
17 Ongeschakelde lichtnetuitgang
18 Netsnoer
19 DVD video ingangen
20 Video 1 video uitgangen
21 Meerkamer IR-ingang
22 Video 2 video ingangen
23 IR-uitgang afstandsbediening
24 Video 1 video ingangen
25 Optisch digitale ingangen
26 Video 2 audio ingangen
① Tape-ingangen: verbind deze ingangen met de Play/Out uitgangen van een audiorecorder.
② Tape-uitgangen: verbind deze uitgangen met de Record/In ingangen van een audiore-corder.
③ Video 1 audio ingangen: verbind deze ingangen met de Play/Out uitgangen van een VCR of andere videobron.
4 MG-antenne: sluit hierop de bijgeleverde MG raamantenne aan. Wordt een externe MG-antenne gebruikt, sluit die dan aan conform de daarbij gevoegde aanwijzingen.
⑤ Video 1 audio uitgangen: verbind deze uitgangen met de Record/Input ingangen van een VCR.
⑥ DVD audio ingangen: verbind deze ingangen met de analoge audio uitgangen op een DVD of andere video bron.
⑦ FM-antenne: sluit hierop de bijgeleverde FM-antenne aan, of een buitenantenne, dan wel een kabelsysteem.
⑧ CD-ingang: verbind deze ingang met de analoge uitgangen van een CD-speler of CD-wisselaar.
⑨ 6 Kanaals directe ingang: verbind deze ingangen met de uitgangen van een externe digitale audiodecoder.
⑩ Digitale audio uitgangen: verbind deze uitgangen met de digitale ingang van een digitale recorder zoals een CD-recorder of een MiniDisc recorder.
⑪ Coax digitale ingangen: verbind deze ingang met de coax digitale uitgang van een DVD-speler, HDTV-receiver, LD-speler, MD- of CD-speler. Het kan een Dolby Digital, DTS of standaard digitaal PCM-signaal zijn. Sluit geen RF digitaal signaal van een LD-speler op deze ingang aan.
12 Subwoofer uitgang: verbind deze uitgang met de lijningang van een actieve subwoofer. Bij gebruik van een losse subwooferversterker wordt deze uitgang met de ingang van die versterker verbonden.
Aansluitingen
13 TV/monitoruitgang: verbind deze uitgang met de composiet- of S-Video ingang van een monitor of videoprojector, zodat ook de in-beeld menu's worden weergegeven en de signaalbron bekeken kan worden die met de videoschakelaar van de receiver is gekozen.
14 Front/Centrum luidsprekeruitgangen: verbind deze uitgangen met de overeenkomstige + en – aansluitingen van de front/centrum luidsprekers. Let bij het aansluiten van luidsprekers altijd goed op de polariteit: de rode + van de AVR komt aan de rode + van de luidspreker en de zwarte – van de AVR komt aan de zwarte – van de luidspreker. Zie pagina 14 voor nadere informatie.
15 Surround luidsprekeruitgangen: verbind deze uitgangen met de overeenkomstige + en - aansluitingen van de linker en rechter surround luidsprekers. Let bij het aansluiten van luidsprekers altijd goed op de polariteit: de rode + van de AVR komt aan de rode + van de luidspreker en de zwarte - van de AVR komt aan de zwarte - van de luidspreker. Zie pagina 14 voor nadere informatie.
16 Geschakelde lichtnetuitgang: voor het voeden van andere apparaten, die dan met standby 2 op de AVR worden ingeschakeld.
17 Ongeschakelde lichtnetuitgang: voor het voeden van andere apparaten, die dan constant van spanning worden voorzien, ook wanneer de AVR in standby staat, maar alleen wanneer de netschakelaar 1 van de AVR ingedrukt is.
Opmerking: Het totale opgenomen vermogen van de apparaten die op de lichtnetuitgangen zijn aangesloten, mag niet hoger zijn dan 100 watt via de ongeschakelde uitgang 17 en 50 watt via de geschakelde uitgang 16.
18 Netsnoer: verbind de stekker met een ongeschakeld stopcontact.
19 DVD video-ingangen: verbind deze ingangen met de composiet of S-video uitgangen van een DVD-speler of andere videobron.
20 Video 1 video uitgangen: verbind deze uitgangen met de RECORD/INPUT composiet of S-video ingang van een VCR.
21 Meerkamer IR-ingang: wanneer de IR-sensor van de AVR geblokkeerd is door een kast of andere obstakels, kan een externe sensor worden gebruikt. Sluit deze op deze ingang aan.
22 Video 2 video ingangen: verbind deze ingangen met de PLAY/OUT composiet of S-video uitgangen van een tweede VCR of andere videobron.
23 IR-uitgang afstandsbediening: via deze aansluiting kan de IR-sensor in de receiver ook andere op afstand bediende apparaten bedienen. Verbind deze uitgang met de 'IR-IN' ingang op andere Harman Kardon of andere geschikte apparaten.
24 Video 1 video ingangen: verbind deze ingangen met de PLAY/OUT composiet of S-video uitgangen van een VCR of andere video-bron.
25 Optisch digitale ingangen: verbind deze ingang met de optisch digitale uitgang van een DVD-speler, HDTV-receiver, LD-speler, MD- of CD-speler. Het kan een Dolby Digital, DTS of standaard digitaal PCM-signaal zijn.
26 Video 2 audio ingangen: verbind deze ingangen met de PLAY/OUT composiet of S-video uitgangen van een VCR of andere video-bron.
Afstandsbediening
1 Inschakelen
2 IR-zender
③ Programma/SPL
4 Uitschakelen
5 Ingangen
6 AVR
7 MG/FM
8 EzSet sensor microfoon
9 Testsignaal
10 Sluimer
11 Surround
12 Nachtfunctie
13 Kanaal
14 ▲/▼
15
16 Instellen
17 Digitale keuze
18 Cijfertoetsen
19 Tuner
20 Direct
21 Afstemmen
22 In-beeld display
23 Macro's
24 Loopwerkfuncties
25 Volgende/vorige
26 RDS
27 Voorkeuze hoger/lager
28 Wissen
29 Geheugen
30 Vertraging/vorig kanaal
31
32 Luidspreker
33 Geen functie
34 Volume hoger/lager
35 TV/Video
36 SPL
37 6-Kanaals directe ingang
38 Muting
Opmerking: de hier gebruikte functienamen slaan op de voor de AVR gebruikte functies. De meeste toetsen hebben meerdere functies wanneer de afstandsbediening voor andere apparaten wordt gebruikt. Zie pagina 38-39 voor een overzicht van deze functies.

Belangrijk: de afstandsbediening van de AVR 3550 kan geprogrammeerd worden om maximaal 7 apparaten, inclusief de AVR 3550 zelf, te besturen. Voordat u de afstandsbediening in gebruik neemt eerst met ingangen ⑤ het apparaat kiezen dat u wilt gebruiken. Af fabriek is de afstandsbediening van de AVR 3550 ingesteld op het bedienen van de AVR 3550 en de meeste Harman Kardon CD en DVD-spelers en cassettedecks. De afstandsbediening kan ook een reeks andere producten bedienen via de codes die al aanwezig zijn. Voordat u de afstandsbediening in gebruik neemt met andere producten, eerst de aanwijzingen op pagina 35 over het programmeren van bevelen uitvoeren.
Aan veel toetsen van de afstandsbediening kunnen functies toegewezen worden die afhankelijk zijn van het product dat met de ingangskeuze geactiveerd is. In deze paragraaf worden in de eerste plaats de functies van de afstandsbediening voor de AVR 3550 beschreven. Zie pagina 38 voor informatie over andere functies voor de toetsen van de afstandsbediening.
① Inschakelen: druk op deze toets om de netspanning in te schakelen van het apparaat in te schakelen dat met de ingangskeuze ⑤ is gekozen.
2 IR-zender: richt dit op de sensor van de AVR 3550 bij het indrukken van een toets, zodat de infrarood signalen goed worden ontvangen.
3 Programma/SPL-indicatie: deze drie-kleurige indicatie leidt u door het programmeren van de afstandsbediening en wordt tevens gebruikt als niveau indicatie bij gebruik van de EzSet functie. Zie pagina 22 voor het instellen van uitgangsniveaus en pagina 35 voor informatie over het programmeren van de afstands-bediening.
4 Uitschakelen: druk op deze toets om de AVR of een gekozen apparaat in standby te zetten.
⑤ Ingangen: door één van deze toetsen in te drukken gebeuren er drie dingen: staat de AVR niet aan, dan wordt deze ingeschakeld; ook wordt de bron overeenkomend met de ingedrukte toets geactiveerd, en tenslotte wordt de afstandsbediening omgeschakeld, zodat deze de gekozen bron bedient. Nadat u op deze toets gedrukt hebt, drukt u op AVR ⑥ om de functies van de AVR met de afstandsbediening te activeren.
6 AVR: hiermee schakelt u de afstandsbedie- ning om, zodat deze de functies van de AVR bedient. Staat de AVR op standby, dan wordt deze ingeschakeld.
7 MG/FM: druk op deze toets om de tuner van de AVR als bron te kiezen. Drukt u op deze toets terwijl de tuner al gekozen is, dan wordt omgeschakeld tussen MG en FM. Zie pagina 26.
8 EzSet sensor microfoon: achter deze uitsparing bevindt zich de microfoon voor de EzSet. Bij gebruik van de afstandsbediening om de luidsprekerniveaus met EzSet te kalibreren opletten dat u deze opening niet afdekt. Zie pagina 26 voor informatie over het gebruik van EzSet.
9 Testsignaal: druk hierop om het configure- ren van de uitgangsniveaus van de AVR te starten. Zie pagina 22 voor nadere informatie over het kalibreren van de AVR.
10 Sluimer: druk op deze toets om de slui-merfunctie te activeren. Na de in de display aangegeven tijd zal de AVR automatisch in standby gaan. Telkens wanneer op deze toets wordt gedrukt zal de tijd veranderen in deze volgorde:

Houd de toets twee seconden ingedrukt om de sluimerfunctie uit te schakelen. Denk er aan dat deze toets ook wordt gebruikt om een ander kanaal te kiezen op TV, VCR en SAT.
Merk op dat deze toets ook gebruikt wordt om kanalen te kiezen op uw TV, VCR, AUX en SAT ontvanger wanneer die gekozen zijn.
Wanneer de afstandsbediening van de AVR geprogrammeerd is op de codes van een ander apparaat, wordt deze toets tevens gebruikt bij 'Automatisch Zoeken'. Zie pagina 39 voor nade-re informatie omtrent het programmeren van de afstandsbediening.
11 Surround: druk op deze toets om de surroundfunctie te wijzigen. Vervolgens kiest u met de toetsen ▲/▼ 14 de gewenste surroundfunctie. Zie pagina 27 voor nadere informatie. Merk op dat deze toets ook gebruikt wordt om kanalen te kiezen op de TV, VCR, AUX en SAT-ontvanger, wanneer deze gekozen zijn met de ingangskeuze 5. Wanneer de afstandsbediening van de AVR 3550 geprogrammeerd is met de codes van een ander apparaat, wordt deze toets ook gebruikt voor de functie 'Automatisch zoeken'. Zie pagina 26 voor nadere informatie over het programmeren van de afstandsbediening.
12 Nachtfunctie: schakelt de nachtfunctie in. Bedoeld voor digitale bronnen en zorgt ervoor dat ook op laag volume de dialoog in het centrum kanaal verstaanbaar blijft. Zie pagina 29 voor nadere informatie.
13 Kanaal: hiermee activeert u het instellen van de uitgangsniveaus van de AVR met een externe bron. Na eenmaal op deze toets gedrukt te hebben kan met de toetsen ▲/▼ 14 het kanaal worden gekozen, waarna met instellen 16 en dan opnieuw met de ▲/▼ het niveau kan worden ingesteld. Zie pagina 30 voor aanvullende informatie.
14 ▲/▼: worden voor meerdere functies gebruikt, bijvoorbeeld om een surroundfunctie te kiezen. Druk daarvoor eerst op surround ▼
11 en vervolgens gaat u met de toetsen ▲/▼ door de verschillende surroundfuncties die in de display 24 verschijnen. Deze toetsen worden ook gebruikt om de uitgangsniveaus te wijzigen wanneer het apparaat met het testsignaal of een externe bron wordt ingesteld. Tenslotte om de vertraging in te stellen, nadat op vertraging 30 is gedrukt.
Wanneer de afstandsbediening van de AVR 3550 geprogrammeerd wordt op de codes van een ander apparaat, wordt deze toets ook gebruikt bij 'Automatisch zoeken'. Zie pagina 35 voor nadere informatie omtrent het programmeren van de afstandsbediening.
15 ◀: om het menu-item of –instelling te wijzigen wanneer een menugestuurd apparaat (TV, VCR, DVD, enz.) is gekozen.
16 Instellen: deze toets wordt gebruikt om instellingen in het geheugen van de AVR op te slaan. Tevens voor het invoeren van de vertragingstijd, instelling van de luidsprekerconfiguratie en het uitgangsniveau van de zender.
⑰ Digitaal: druk op deze toets om een van de digitale ingangen ⑲ te kiezen. Zie pagina 28 voor nadere informatie over het gebruik van de digitale ingangen.
18 Cijfertoetsen: met deze tien cijfertoetsen kan de frequentie van een radiozender of een programma op TV of satellietontvanger, dan wel een nummer op CD, DVD, of LD worden ingevoerd, afhankelijk van de gekozen bron en de programmering van de afstandsbediening.
19 Tuner: wanneer de tuner actief is kan met deze toets worden gekozen uit automatische of handafstemming. Drukt u op deze toets en dooft daarop de indicatie AUTO P, dan gaat de frequentie telkens wanneer u op afstemmen
21 8 drukt een stap omhoog of omlaag. Is FM gekozen en brandt de indicatie AUTO P dan wordt met deze toets naar mono geschakeld voor betere ontvangst van zwakke zenders. Zie pagina 31.
20 Direct: indrukken wanneer de tuner actief is om de frequentie van een zender direct in te toetsen. Voer vervolgens met de cijfertoetsen
18 de frequentie in. Zie pagina 31 voor nadere informatie.
21 Afstemmen hoger/lager: met deze toetsen kunt u de afgestemde frequentie van de tuner binnen het gekozen bereik verhogen of verlagen. Is tuner 19 ingedrukt en brandt de indicatie AUTO P en drukt u op deze toets dan zoekt de tuner naar de eerstvolgende zender die een goed signaal geeft. Licht de AUTO P indicatie NIET op dan gaat de afstemming met elke druk op deze toets één stap verder of terug. Zie pagina 31 voor aanvullende informatie.
22 In-beeld display/info: indrukken om aanwijzingen in beeld te zien en te kiezen. Zie pagina 22.
23 Macro's: druk op deze toetsen om een 'macro' op te slaan of op te roepen. Een macro is een vastgelegde reeks bevelen. Zie pagina 35 voor informatie over het opslaan en oproepen van macro's.
24 Loopwerkfuncties: deze toetsen hebben geen enkele functie voor de AVR, maar kunnen wel geprogrammeerd worden voor het voor- of achteruit afspelen van CD- of DVD-spelers, en audio- of videocassetterecorders (zie pagina 35 voor aanvullende informatie over het programmeren van de afstandsbediening).
25 Volgende/vorige: deze toetsen hebben geen functie voor de AVR, maar worden afhankelijk van de programmering gebruikt voor CD, DVD, audio- of videorecorders om naar een volgend of voorgaand nummer te gaan. Zie pagina 38 voor aanvullende informatie.
26 RDS: indrukken om RDS boodschappen op te roepen van de AVR 3550. Zie pagina 32 voor nadere informatie over RDS.
27 Voorkeuze hoger/lager: bij gebruik van de tuner drukt u op deze toets om door het overzicht van de geprogrammeerde zenders in het geheugen van de AVR te gaan. Is CD of DVD gekozen met de ingang 5 dan functioneert deze toets als vertraagd voor/achteruit (DVD) of +10 (CD).
28 Wissen: druk op deze toets om verkeerde instellingen te wissen wanneer u met de afstandsbediening de frequentie van de zender invoert.
29 Geheugen: druk op deze toets om een radiozender op een voorkeurpositie in het geheugen van de AVR op te slaan. De indicatie geheugen U begint te knipperen waarna binnen vijf seconden de gewenste geheugenpositie met de cijfertoetsen 18 kan worden ingevoerd. Zie pagina 31 voor aanvullende informatie.
30 Vertraging/Voorgaande zender: druk op deze toets om de vertragingstijd in te stellen, die door de AVR bij surround gebruikt. Voer vervolgens de tijd in door op instellen 16 te drukken en dan met ▲/▼ 14 in te stellen. Druk nogmaals op instellen 16 om het proces af te ronden. Zie pagina 21 voor aanvullende informatie.
31 ▶: indrukken om de menu-instelling of keuze te wijzigen nadat een menugestuurd apparaat (TV, VCR, DVD, e.a.) is gekozen.
32 Luidspreker: indrukken om het Bass Management Systeem van de AVR 3550 te configureren op het door u gebruikte luidsprekersysteem. Vervolgens gebruikt u de ▲/▼ toetsen 14 om het kanaal te kiezen dat u wilt instellen. Druk op instellen 16 en kies het type luidspreker. Zie pagina 19 voor aanvullende informatie.
33 Geen functie: deze toets heeft geen functie in de bediening van de AVR 3550, maar kan gebruikt worden om een meerkamer systeem van een andere Harman Kardon AV-receiver met die functie in/uit te schakelen, net als de Sub-functie op dvd-spelers.
34 Volume hoger/lager: verhoogt of verlaagt het afspeelniveau van het systeem.
35 TV/Video: deze toets heeft op de AVR 3550 geen functie, maar bij gebruik van een geschikte VCR, DVD of satellietontvanger met een TV/Video functie, schakelt deze toets tussen het signaal van de speler of receiver en de externe video input van de speler. Raadpleeg de handleiding van de speler of receiver voor details over deze functie.
36 SPL: activeert de EzSet functie van de AVR 3550 om snel en nauwkeurig de uitgangs-niveaus te kalibreren: indrukken, drie seconden vasthouden en loslaten. Denk er aan dat het testsignaal beurtelings aan alle kanalen wordt toegevoerd en dat de programma/SPL 3 van kleur verandert. Tijdens deze procedure stelt EzSet automatisch alle niveaus van alle kanalen in tot deze gelijk zijn, waarop de
programma/SPL ③ van elk kanaal groen wordt.
37 6-Kanaals directe ingang: druk op deze toets om de component die op de 6-kanaals directe ingang 9 is aangesloten als bron te kiezen.
38 Muting: druk hierop om het geluid van de AVR of de TV (afhankelijk van het apparaat dat gekozen is) tijdelijk uit te schakelen.
Wanneer de afstandsbediening van de AVR geprogrammeerd is voor gebruik met een ander apparaat, kan deze toets samen met Ingang
⑤ worden ingedrukt om het programmeren te activeren. Zie pagina 35 voor informatie over het programmeren van de afstandsbediening.
Opmerking: drukt u op een toets waarvan de functie overeenkomt met een op het gekozen apparaat, dan knippert de overeenkomstige keuzetoets 5 6 kort om de keuze te bevestigen.
Plaats het apparaat nadat het uitgepakt is op een stevige ondergrond en controleer of deze het gewicht kan dragen. Vervolgens dient het apparaat aangesloten te worden op de overige audio- en videoapparatuur.
Aansluiten audioapparatuur
Wij raden u aan uitsluitend signaalkabels van goede kwaliteit te gebruiken om achteruitgang van het signaal te voorkomen.
Het is een goede gewoonte om bij het maken of veranderen van de verbindingen tussen audio-apparatuur of luidsprekers altijd de stekker uit het stopcontact te nemen. Daarmee wordt voorkomen dat er onbedoeld een schakelpuls o.i.d. naar de luidsprekers gaat, waardoor deze beschadigd zouden kunnen worden.
Belangrijk: om alle aansluitingen gemakkelijk te kunnen onderscheiden en zo het aansluiten te vereenvoudigen, zijn alle aansluitingen van de AVR 3550 conform de nieuwe EIA/CEA-863 richtlijn op de volgende wijze kleurgecodeerd: Luidsprekers en audio in/uitgangen: wit (links, luidsprekers front) en rood (rechts, luidsprekers front). Luidsprekers: groen (centrum), blauw (links surround) en grijs (rechts surround). Audio uitgang: paars (subwoofer). Composiet video in/uitgangen: geel. Digitale audio in/uitgangen: oranje.
- Sluit de analoge uitgang van een CD-speler op de CD-ingang ⑧ aan.
OPMERKING: als de CD-speler zowel een vaste als variabele audio-uitgang heeft, kunt u het beste de vaste uitgang gebruiken, tenzij het signaal om wat voor reden dan ook in niveau aangepast dient te worden aan dat van andere bronnen.
-
Verbind de analoge uitgangen PLAY/OUT van en cassettedeck, MD, CD-R of andere audiorecorder met de tape ingang ①. Verbind de analoge ingangen RECORD/IN met de uitgangen Tape uitgang ② op de AVR.
-
Verbind de uitgang van elke digitale bron met de juiste ingang van de AVR 3550. Let erop dat de optisch en Coax digitale ingangen 25 1 kunnen worden gebruikt met een Dolby Digital of DTS-bron, dan wel met een PCM-signaal (S/P-DIF) van een traditionele CD-, MD- of LD-speler.
-
Verbind de Coax of Optisch digitale uitgangen 10 op de achterzijde van de AVR met de overeenkomstige digitale ingangen van een CD-R of MiniDisc recorder.
-
Installeer de bij het apparaat geleverde MG kamerantenne als hieronder aangegeven. Sluit deze aan op de schroefklemmen AM en GND 4

-
Sluit de bijgeleverde FM-antenne aan op FM (75 ohm) ingang ⑦. De FM-antenne kan een externe dakantenne, een draadantenne binnens-huis zijn, of een aansluiting op het kabelsysteem. Als de antenne is aangesloten via een lint-kabel van 300 ohm, dient een 300 ohm/75 ohm adapter gebruikt te worden.
-
Sluit de luidsprekers aan op de front, centrum en surround luidsprekeruitgangen 14 15. Voor een optimale signaaloverdracht naar de luidsprekers, adviseren wij luidsprekerkabels van goede kwaliteit te gebruiken. Er zijn vele merken kabels leverbaar en de keuze van een kabel kan worden beïnvloed door de afstand tussen uw luidsprekers en de receiver, het type luidsprekers dat u gebruikt, uw persoonlijke voorkeur en andere factoren. Uw leverancier of installateur kan u helpen bij het kiezen van de juiste kabel. Een kabel met een doorsnede van 1,5 mm² kan voor korte afstanden (minder dan 4 m) worden gebruikt. Wij raden aan om geen kabels met een doorsnede van 1 mm² of minder te gebruiken, vanwege vermogensverlies en de teruggang in prestatie die zich zal voordoen.
Kabel die door een muur gaat dient van een keurmerk voorzien te zijn, ten teken dat deze aan alle eisen voldoet. Wend u zonodig tot uw installateur of een erkend elektriciën die op de hoogte is van de plaatselijke bouwvoorschriften met vragen over kabel die door de muur wordt gevoerd. Bij het aansluiten van de luidsprekers vooral goed letten op de juiste polariteit. Verbind de "negatieve" / "zwarte" draad met dezelfde aansluiting op zowel de receiver als de luidspreker.
Op dezelfde manier verbind u de "positieve" / "rode" draad met de aansluitingen van dezelfde kleur op de AVR en luidsprekers.
OPMERKING: hoewel de meeste luidsprekerfabrikanten zich houden aan de industriële standaard waarbij zwarte aansluitingen voor de negatieve draad en rode voor de positieve draad worden gebruikt, kunnen sommige fabrikanten van deze configuratie afwijken. Om een goede fase en optimale prestaties te verzekeren, het typeplaatje op uw luidspreker of de handleiding van de luidsprekers controleren op de polariteit. Als u niet weet wat de polariteit van uw luidspreker is, vraag dan uw leverancier om advies voordat u verder gaat met de aansluiting, of raadpleeg de fabrikant/importeur van de luidsprekers.
Gebruik ook bij voorkeur identieke kabellengten voor het aansluiten van de luidsprekerparen. Gebruik bijvoorbeeld dezelfde lengte voor de luidsprekers linksvoor en rechtsvoor en voor surround links en surround rechts, ook als de luidsprekers op verschillende afstanden van de AVR staan.
- De subwoofer wordt gewoonlijk aangesloten op de lijnniveau subwooferuitgang 12 en de lijningang van een subwoofer met ingebouwde versterker. Wordt een passieve subwoofer gebruikt, verbind dan deze uitgang met de ingang van een eindversterker, waarop dan één of meer subwoofers worden aangesloten. Wordt een actieve subwoofer gebruikt zonder lijnniveau ingang, lees dan de instructies die bij de luidspreker zijn gevoegd voor de juiste aansluiting.
Opmerking: een luidsprekerset met twee satellieten en een passieve subwoofer wordt aangesloten op de uitgangen front luidsprekers 14, en NIET op de subwooferuitgang.
Aansluitingen van videoapparatuur
Videoapparatuur wordt op dezelfde manier aangesloten als audiocomponenten. Het gebruik van signaalkabel van goede kwaliteit is belangrijk voor het behoud van de signaalkwaliteit.
-
Verbind de audio- en video Play/Out uitgangen met de Video 1 of Video 2 In ingangen ③ 22 24 26 op de achterzijde. De audio en video Record/In ingangen van de VCR worden verbonden met de Video 1 Out uitgangen ⑤ 20 van de AVR 3550.
-
Verbind de analoge audio- en video-ingangen van een satellietontvanger, kabelconverter, televisie of andere videobron met de Video 2 22 25 (indien niet in gebruik) ingangen.
-
Verbind de analoge audio- en video-uitgangen van een DVD- of laserdiscspeler met de DVD-ingang 619.
-
Verbind de aansluitingen Video Monitor out 13 van de receiver met de composiet- en S-video ingang van de televisiemonitor of videoprojector.
Opmerking over video aansluitingen:
- S-Video of Composiet videosignalen kunnen alleen in hun oorspronkelijke vorm worden bekeken en worden niet omgezet naar andere formaten. De in-beeld display is echter in elk formaat zichtbaar, ongeacht of de video dan wel S-video ingang op de TV is gekozen.
Scart A/V-aansluitingen
Voor alle hiervoor omschreven verbindingen gebruikt uw videoapparaat cinch-aansluitingen en/of S-video aansluitingen, zowel voor de audio- als de videosignalen: elk normaal video-apparaat (niet S-VHS of High 8) gebruikt voor alleen afspelen 3 cinch verbindingen; videorecorders voor afspelen en opnemen zelfs 6 cinch verbindingen. Alle S-video-apparaten (S-VHS, High 8) hebben 2 cinch (audio) en 1 S-video verbinding nodig voor afspelen, of 4 cinch (audio in/uit) en 2 S-video (video in/uit) verbindingen als het een videorecorder betreft.
Veel Europese videoapparaten zijn maar ten dele voorzien van cinch of S-video aansluitingen, niet voor alle audio- en video in- en -uitgangen die nodig zijn als eerder beschreven, maar via een zogeheten Scart of Euro-AV connector, een vrijwel haakse plug met 21 pennen, zie afbeelding. In dat geval zijn de volgende scart/cinch-adapters of kabels nodig:
- Voor weergave van satellietontvangers, cam-corders, DVD- of LD-spelers, een adapter van scart naar 3 cinch pluggen, zie afbeelding 1 (normale videoapparaten), of van scart naar 2 cinch +1 S-video stekkers, zie afbeelding 4 (S-videoapparaten).
- HiFi-videorecorders hebben een adapter van scart naar 6 cinch pluggen nodig, zie afbeelding 2 (normale video), of van scart naar 4 audio +2 S-video pluggen, zie afbeelding 5 (S-video VCR). Lees de instructies bij de adapter zorgvuldig, om vast te stellen welke van de zes stekkers voor het opnamesignaal is (aansluiten op de uitgangen van de AVR) en welke voor het weergavesignaal van de videorecorder (aansluiten op de Ingangen van de AVR). Maak onderscheid tussen audio- en videosignalen. Aarzel niet uw leverancier te raadplegen indien u twijfels heeft.
- Gebruikt u uitsluitend normale videoapparaten, dan is voor de TV-monitor een adapter van 3 cinch pluggen naar scart nodig (zie afbeelding 3). Gebruikt u ook S-video apparaten, dan is een extra adapter van 2 cinch + 1 S-video plug naar scart nodig (afbeelding 6), verbonden met de scart-ingang van uw TV, geschikt voor S-video.
Alleen de videopluggen (de 'gele' cinch pluggen in afbeelding 3 en de S-video plug in afbeelding 6) worden aangesloten op de TV/Monitor
Uitgang 13 en het volume van de TV wordt geheel teruggedraaid.
Belangrijke opmerking over adapterkabels
Wanneer de cinch aansluitingen van de adapter die u gebruikt gemarkeerd zijn, sluit de audio en video ingangspluggen dan altijd aan op de audio en video uitgangen van de AVR en omgekeerd. Is dat niet het geval, let dan op de signaalrichting zoals die is aangegeven in boven-
Afbeelding 1: Scart/cinch adapter voor weergave; Richting: scart → cinch
Afbeelding 2: Scart/cinch adapter voor opnemen en weergeven; Richting: scart ↔ cinch
Afbeelding 3: Cinch/scart adapter voor weergave: Richting: cinch → scart
Afbeelding 4: Scart/S-video adapter voor weergave: Richting: scart → cinch
Afbeelding 5: Scart/S-video adapter voor opname en weergave: Richting: scart < >cinch
Afbeelding 6: Scart/S-video adapter voor weergave: Richting: cinch → scart




![graph TD A["Connector"] --> B["Zwart"] A --> C["Rood"] A --> D["Blauw (1)"] A --> E["Geel"] A --> F["S-video in"] A --> G["S-video uit"]](/content/2026/05/1118639/images/3390eb4866bac0da52c9a7787c963b2791e521704cbdfb1ff428b71cfb4c5562.jpg)

Ook andere kleuren mogelijk, B.V. bruin en grijs
staande afbeeldingen en in de aanwijzingen bij de adapter. Heeft u twijfels, aarzel dan niet uw leverancier om inlichtingen te vragen.
Belangrijke opmerkingen over S-video
-
Alleen de S-video in/uit van S-video appara- tuur mag verbonden worden met de AVR, NOOIT zowel de normale als de S-video aansluitingen, uitgezonderd de TV, zie punt 2.
-
Net als alle normale AV apparatuur zet de AVR 3550 het composiet videosignaal niet om naar S-video of omgekeerd. Wanneer zowel video als S-video bronnen gebruikt worden, dienen dus beide verbindingen van de AVR 3550 naar de TV gemaakt worden, waarbij ook de juiste ingang op de TV gekozen wordt.
Belangrijk bij gebruik van scart/cinch adapters
Wanneer videobronnen op de TV aangesloten zijn via een scartkabel worden naast de audio/videosignalen ook stuursignalen naar de TV gezonden. Met deze signalen werkt bijvoorbeeld de automatische bronkeuze, zodat de TV automatisch naar de juiste bron schakelt zodra de videobron wordt gestart. En bij DVD-spelers schakelt het signaal de TV automatisch tussen 4:3/16:9 formaten - bij 16:9 TV's of bij 4:3 TV's die naar 16:9 omschakelbaar zijn - en wordt de RGB en wordt de RGB videodecoder van de TV in/uitgeschakeld, afhankelijk van de instelling van de DVD-speler. Bij gebruik van een adapterkabel gaan deze signalen verloren en dient de TV met de hand in de juiste positie gezet te worden.
Uitbreiding afstandsbediening
Wanneer de ontvanger in een gesloten kast staat of achter donker glas, dan kan dat er toe leiden dat de sensor van de afstandsbediening geen bevelen ontvangt. In dat geval kan de afstandsbedieningsensor van een ander Harman Kardon, of geschikt apparaat, die wel ontvangst heeft, worden gebruikt. Hiervoor kan ook een extra sensor gebruikt worden.
Verbind de IR-uitgang voor afstandsbediening van dat apparaat, of de uitgang van de afstandsbedieningsensor aan op de ingang IR afstandsbediening 21.
Wanneer ook andere componenten geen bevelen van de afstandsbediening ontvangen, is maar één sensor nodig. Gebruik eenvoudig de sensor van dit apparaat, of een extra sensor door een verbinding te maken van uitgang IR afstandsbediening 23 naar de aansluiting afstandsbediening ingang op de Harman Kardon of andere geschikte apparatuur.
Lichtnetuitgangen
Dit apparaat is voorzien van twee ② lichtnetuitgangen voor andere apparatuur. Het is belangrijk dat geen apparatuur wordt aangesloten die veel vermogen opneemt, zoals eindversterkers of monitoren. Het totale opgenomen vermogen mag per uitgang niet boven de 100 watt liggen.
De geschakelde lichtnetuitgang 16 voert alleen spanning wanneer het apparaat geheel is ingeschakeld. Gebruik deze uitgang voor apparaten die geen netschakelaar hebben, of een mechanische netschakelaar die continu ingeschakeld kan blijven.
OPMERKING: veel audio- en videoproducten gaan over op standby wanneer deze met geschakelde lichtnetuitgangen worden gebruikt en kunnen via zo'n uitgang niet worden geactiveerd, zonder gebruik van de afstandsbediening van dat product.
De ongeschakelde lichtnetuitgang 17 voert alleen spanning zolang de AVR op het lichtnet is aangesloten en de lichtnetschakelaar 1 ingedrukt is.
Tenslotte wordt, nadat alle aansluitingen tot stand gebracht zijn, de stekker van het netsnoer in een spanning voerend stopcontact van 220-240 V. De AVR 3550 is dan bijna gereed voor gebruik!
Luidsprekerkeuze
Welk merk luidsprekers ook wordt gebruikt, neem altijd hetzelfde merk en type voor de front luidsprekers links, midden en rechts. Zo ontstaat een consistent front geluidsbeeld en wordt voorkomen dat zich vervelende bijeffecten voordoen, zoals bij front luidsprekers die niet goed bij elkaar passen. Harman kardon adviseert luidsprekers van JBL of Infinity.
Opstelling van de luidsprekers
De opstelling van de luidsprekers in een home theater systeem met meerdere kanalen heeft een aanzienlijke invloed op de bereikte geluidskwaliteit.
Afhankelijk van het type centrum luidspreker en uw televisietoestel, dient u uw centrale luidspreker ofwel direct op of onder de TV opgesteld te worden, dan wel in het midden achter een akoestisch doorzichtig projectiescherm.
Nadat de centrum luidspreker is geïnstalleerd, worden de front luidsprekers links en rechts opgesteld en wel op een onderlinge afstand die gelijk is aan de afstand tussen de centrum luidspreker en de gewenste luisterpositie. Idealiter dienen de front luidsprekers zo te worden opgesteld dat de tweeters zich niet meer dan 60 cm boven of onder de tweeter in de centrum luidspreker bevinden.
Houd de front luidsprekers minimaal op een afstand van 0,5 meter van de TV, tenzij de luidsprekers magnetisch afgeschermd zijn om vervorming van het TV-beeld te voorkomen. Denk er aan dat de meeste luidsprekers niet magnetisch zijn afgeschermd, zelfs die in complete surround sets, meestal is alleen de centrum luidspreker wel afgeschermd.
Afhankelijk van de kamerakoestiek en het type luidsprekers dat wordt gebruikt, kan het resultaat worden verbeterd door de front luidsprekers links en rechts ten opzichte van de centrum luidspreker iets naar voren te plaatsen. Corrigeer zo mogelijk alle front luidsprekers zo dat deze op oorhoogte staan wanneer u zich op uw luisterpositie bevindt. Aan de hand van deze uitgangspunten kunt u experimenteren met de opstelling van de front luidsprekers in uw systeem. Aarzel niet de onderdelen te verplaatsen, net zo lang tot het systeem een optimaal resultaat laat horen. Verplaats de luidsprekers tot de audioovergangen van de front luidsprekers gebalanceerd klinken. Surround luidsprekers dienen tegen de zijwanden van de kamer te worden opgesteld, ter hoogte van of iets achter de luisterpositie. Het hart van de luidspreker wordt op de kamer gericht. Wanneer het niet mogelijk is de luidsprekers tegen de zijwanden op te stellen, kunnen de luidsprekers tegen de achterwand worden geplaatst, achter de luisterpositie. De luidsprekers bij voorkeur niet meer dan 2 meter achter de luisterpositie opstellen.
Subwoofers produceren grotendeels niet gericht geluid en kunnen bijna overal in de ruimte worden opgesteld. De opstelling dient te worden gebaseerd op de afmetingen en vorm van het vertrek en het type subwoofer dat wordt gebruikt. Een methode om de optimale locatie voor een subwoofer te vinden is deze eerst in het front van de kamer te zetten, ongeveer 15 cm van een muur, of in de buurt van een hoek. Een andere methode is de subwoofer tijdelijk op de plaats te zetten waar u gewoonlijk zult zitten en vervolgens in de kamer rond te lopen totdat u een plaats vindt waar de subwoofer het beste klinkt. Zet de subwoofer dan op die plaats. Volg ook de instructies van de fabrikant van de subwoofer op, of experimenteer om de beste locatie voor een subwoofer in de luisterruimte te vinden.

A) Opstelling van de front luidsprekers bij een TV-toestel of een projector achter het scherm.

B) De afstand tussen de linker en rechter luidsprekers dient gelijk te zijn aan de afstand tussen de luisterpositie en het scherm. Experimenteer met de opstelling van de front luidsprekers door deze iets dichterbij te zetten dan de centrum luidspreker.
In gebruik name en in-beeld display
Zijn de luidsprekers in de kamer eenmaal opgesteld en aangesloten zijn, dient het geheugen van de systeem geconfigureerd te worden. De AVR 3550 beschikt over twee soorten geheugens, individuele geheugens die verbonden zijn met de gekozen ingang, B.V. surroundfuncties, en andere die onafhankelijk zijn van de gekozen bron, zoals de uitgangsniveaus van de luidsprekers of vertragingstijden die door de surround processor gebruikt worden.
Schakel de AVR nu in, zodat deze laatste instellingen kunnen worden uitgevoerd.
- Steek de stekker van het netsnoer 18 in een ongeschakeld stopcontact.
- Druk op de netschakelaar 1 zodat deze ingedrukt blijft staan. Controleer of de lichtnet-indicatie 3 oranje wordt, ten teken dat het apparaat in standby staat.
- Installeer de drie bijgeleverde AAA batterijen in de afstandsbediening, als in de afbeelding aangegeven. Let op de polariteit (+) en (−), die op de bodem van het batterijvakje staat aangegeven.

- Schakel de AVR in door op Standby 2 te drukken, of met de ingangskeuze 11 op de voorzijde, dan wel op de afstandsbediening op AVR keuze 6, of op een van de toetsen Ingangskeuze 5 7 te drukken. De lichtnetindicatie 3 wordt nu groen ten teken dat het apparaat ingeschakeld is en de display 24 licht op.
Gebruik van de in-beeld display
Het maken van de volgende instellingen gaat het eenvoudigste via de in-beeld display van het TV toestel of projectiescherm. Zo kan de huidige status van de AVR 3550 gemakkelijk worden afgelezen, wat prettig is bij het kiezen van de luidsprekers, de vertraging en andere instellingen. Om de in-beeld display te activeren dient een verbinding gemaakt te zijn tussen de video monitor uitgang op de achterzijde naar de composiet- of S-video ingang van uw TV of projector. Om de in-beeld informatie van de AVR te kunnen zien, dient ook op de monitor/projector de juiste videobron gekozen te zijn.
BELANGRIJK: bij het bekijken van de in-beeld informatie op een op een projectie-TV is het van belang om deze niet te lang op het scherm te laten staan. Zoals bij alle videoschermen, maar
in het bijzonder bij projectoren, kan het continu weergeven van statische beelden als deze menu's, of beelden van videospelletjes, permanent 'inbranden' van de beeldbuis of projector veroorzaken. Dergelijke schade valt niet onder de garantie van de AVR en vrijwel zeker ook niet onder die van de TV of projector.
De AVR 3550 heeft twee in-beeld weergavefuncties: 'Semi-OSD' (gedeeltelijk) en 'Full-OSD' (volledig). Bij het configureren raden wij u aan Full-OSD functie te gebruiken. De volledige status en de opties verschijnen dan in beeld, wat het gemakkelijker maakt uit de beschikbare mogelijkheden te kiezen en instellingen te maken. De Semi-OSD functie gebruikt slechts één regel. Denk er aan dat bij het Full-OSD (volledig inbeeld) de gekozen menu's niet in de display
24 N verschijnen. Wordt het Full-OSD (volledig) menusysteem gebruikt, dan verschijnt de aanwijzing O S D O N in de display N en licht inbeeld display M op ten teken dat een videodisplay gebruikt dient te worden.
Wordt het Semi-OSD systeem (gedeeltelijk inbeeld) gebruikt met de afzonderlijke configuratie-toetsen, dan in-beeld een enkele regel tekst met de huidige menukeuze te zien zijn. Deze keuze zal ook aangegeven worden in de Display N.
In-beeld display kiezen
Het Full-OSD (volledig) systeem is steeds beschikbaar door op de OSD 22 te druk-ken. Wanneer u op deze toets drukt zal het hoofd-menu MASTER MENU (Afb. 1) verschijnen en kunnen instellingen gemaakt worden vanuit de individuele menu's. Denk er aan dat de menu's na de laatste handeling gedurende 20 seconden zichtbaar zullen blijven, waarna uit beeld verdwijnen. Deze tijd kan verlengd worden tot 50 seconden door naar het ADVANCED SELECT menu te gaan en het item FULL OSD TIME OUT te wijzigen (zie pag. 34).
De Semi-OSD is ook beschikbaar als standaard systeeminstelling en kan worden uitgeschakeld via het ADVANCED SELECT menu. Zie pagina 34. Met het semi-OSD systeem kunnen direct correcties worden gemaakt, door op de toetsen op het frontpaneel of de afstandsbediening te drukken om de gekozen instelling te maken als verderop uitgelegd wordt. Denk er aan dat directe correcties alleen gemaakt kunnen worden wanneer de volledige in-beeld display uitgeschakeld is.
* MASTER MENU *
▶ INPUT SETUP SURROUND SETUP SPEAKER SETUP OUTPUT ADJUST CHANNEL ADJUST ADVANCED EXIT
Afbeelding 1
Instellingen per gebruikte ingang
De AVR 3550 heeft een modern geheugensysteem waarmee verschillende instellingen voor de digitale ingang en de surround functie per ingang gemaakt kunnen worden. Deze flexibilitieit biedt de kans de manier waarop u elke bron wilt gebruiken in de AVR vast te leggen. Zo kunt u verschillende surround functies aan analoge en digitale ingangen en verschillende bronnen koppelen. Nadat deze instellingen zijn gemaakt zullen deze automatisch opgeroepen worden zodra een bron wordt gekozen.
Bij de standaard fabrieksinstellingen van de AVR 3550 zijn alle ingangen ingesteld op een analoge bron, met stereo als de surroundfunctie, plus de aanwezigheid van een subwoofer. Voordat het apparaat in gebruik wordt genomen, zullen de instellingen voor de meeste ingangen waarschijnlijk gewijzigd dienen te worden, om ze correct te configureren voor het gebruik met digitale of analoge ingangen, en de aan de ingang gekoppelde surround functie. Denk eraan dat deze instellingen voor elke gebruikte ingang gemaakt dienen te worden, aangezien het geheugensysteem van de AVR 3550 de instellingen voor elke ingang afzonderlijk opslaat. Anderzijds zullen eerst nieuwe instellingen gemaakt dienen te worden nadat de systeemcomponenten gewijzigd zijn.
Om dit proces snel en eenvoudig uit te voeren raden wij aan het Full-OSD (volledig) systeem met menu's in beeld te gebruiken en stap voor stap alle ingangen te doorlopen.
De volgende items beschrijven de afzonderlijke instellingen voor elke ingang. Onthoud dat na het maken van de instellingen voor één ingang, deze alleen voor die ingang gelden en voor alle andere gebruikte ingangen afzonderlijke instellingen gemaakt moeten worden.
Instelling ingang
De eerste stap bij het configureren van de AVR 3550 is het kiezen van een ingang. Doe dit door zo vaak op ingangskeuze 11 op de voorzijde te drukken, tot de naam van de gewenste ingang in de display N verschijnt en de groene LED naast de naam van de ingang bij de ingangsindicatie 21 oplicht. De ingang kan ook gekozen worden door op de overeenkomstige ingangskeuze 5 7 37 op de afstandsbediening te drukken.
Wanneer u het Full-OSD (volledig in-beeld) systeem gebruikt om instellingen te maken, drukt u eenmaal op OSD 22 waarop het hoofdmenu MASTER MENU (Afb. 1) verschijnt. Denk er aan dat de ▶ cursor naast de regel van de INPUT SETUP staat. Druk op instellen 16 om het menu te openen, waarna het INPUT SETUP menu (Afb. 2) in beeld verschijnt. Druk op ◀▶ 15 31 tot de gewenste ingang gemarkeerd wordt en ook door een groene LED oplicht bij de ingangsindicatie 21 op de voorzijde. Als de ingang gebruik maakt van de standaard links/rechts analoge ingang is er geen verdere instelling nodig.

Afbeelding 2
Indien een van de digitale ingangen gekoppeld moet worden aan de gekozen bron drukt u op ▼ 14 op de afstandsbediening terwijl het menu INPUT SETUP (Afb. 2) in beeld staat en de cursor gaat naar beneden, naar de regel DIGITAL IN. Druk zo vaak op ▶ 15 31 tot de naam van de gewenste digitale ingang verschijnt. Om terug te gaan naar de ANALOG ingang, drukt u op deze toetsen tot het woord 'ANALOG' verschijnt. Staat de gewenste ingang in beeld, druk dan weer op ▼ 14 tot de u cursor naast RETURN TO MENU, en druk op instellen 16.
Om de digitale ingang die gekoppeld is aan de gekozen ingang kunnen op elk moment de discrete functietoetsen worden gebruikt en het semi-OSD systeem: druk op digitale ingangskeuze 23 17 op het frontpaneel of op de afstandsbediening. Binnen vijf seconden wordt nu de ingang gekozen met instellen 5 op de voorzijde, of met ▲/▼ 14 op de afstandsbediening tot de gewenste digitale of analoge ingang in de display N en in het onderste deel van de videodisplay die op de AVR is aangesloten. Druk tenslotte op instellen 16 om de nieuwe digitale instelling op te slaan.
Opzet Surround
Is de instelling van de ingang voltooid, dan dient nog de gewenste surround functie voor die ingang gekozen te worden. Aangezien de surroundfuncties een kwestie zijn van persoonlijke smaak, bent u vrij in uw keuze – die bovendien later gewijzigd kan worden. Het Surround Functie Overzicht op pagina 26 kan u helpen de functie te kiezen die het beste past bij de gekozen ingang. Het is het eenvoudigste om aanvankelijk voor de meeste analoge ingangen van de AVR Dolby Pro Logic II te kiezen en Dolby Digital voor de digitale ingangen. Voor ingangen zoals CD-speler, tape deck of tuner kan het best de stereofunctie worden gekozen, wanneer dat tenminste de luisterfunctie is die voor de standaard stereobronnen wordt gebruikt. Voor die bronnen is het onwaarschijnlijk dat er materiaal met surroundcodering zal worden afgespeeld. Denk er aan dat er twee stereofuncties zijn, de gewone STEREO functie en de A/D MODE. In de STEREO functie zijn zowel de surround processor als de laagbewerking uitgeschakeld. Gebruik deze functie voor stereo wanneer de front luidsprekers op Large (groot) staan.
In de A/D MODE is de surround processor uitgeschakeld, maar de laagbewerking is actief. Gebruik deze instelling wanneer de luidsprekers die zijn aangesloten op de Front Luidspreker Uitgangen 14 op Small (klein) staan, in combinatie met een actieve subwoofer op de Subwooferuitgang 12. Als alternatief kan de 5 Kanaals Stereo of Logic 7 Music functie worden gekozen voor stereo programmamateriaal.
De surround instellingen worden het gemakkelijkst gemaakt via de Full-OSD (volledig) menu's in beeld. Druk vanuit het hoofdmenu MASTER MENU (Afb. 1) op de▼ 14 tot de cursor ▶ naast het SURROUND SETUP menu staat. Druk op instellen 16 tot het SURROUND SETUP menu (Afb. 3 of 4) in beeld verschijnt.

Afbeelding 3

Afbeelding 4
Aangezien de fabrieksinstelling voor alle ingangen Stereo is zullen de woorden SURR OFF (surround uit) in eerste instantie gemarkeerd zijn (Afb. 3), tenzij er voor de zojuist geselecteerde ingang een andere surroundfunctie gekozen is. Om de surroundfunctie te wijzigen terwijl de cursor u naast de surroundregel staat, drukt u zo vaak op ▶1531 tot de naam van de gewenste surroundfunctie gemarkeerd wordt. Terwijl de functie gewijzigd wordt, licht eveneens een groene LED op naast de naam van de functie bij surround functie indicaties 14 op het frontpaneel.
Merk op dat in de regels naast de items in de display cijfers of streepjes verschijnen, afhankelijk van de vraag of deze parameter instelbaar is. Bijvoorbeeld, de vertraging 'midden' en de nachtfunctie zijn alleen bij Dolby Digital instelbaar, en de vertragingstijd is alleen bij Dolby Digital en Dolby Pro Logic II instelbaar. De kantelfrequentie is in alle functies instelbaar. Merk eveneens op dat Dolby Digital en DTS alleen verschijnen als een keuzemogelijkheid is (Afb. 4), dit echter pas nadat er eerst een digitale ingang gekozen is. Deze instellingen voor vertraging en nachtfunctie, die onafhankelijk zijn van de gekozen ingang, worden in de volgende paragraaf op deze pagina beschreven.
Om de surroundfunctie die is gekoppeld aan de gekozen ingang op een willekeurig moment te wijzigen, drukt u op Surroundfunctie 7 op het frontpaneel tot de gewenste functie in de display wordt aangegeven, of u drukt op Surround 11 en u kiest de gewenste surroundfunctie met ▲/▼ 14.
Instellingen voor andere ingangen
Nadat één ingang is ingesteld op analoge of digitale signalen en de surround functie, keert u terug naar de INPUT SETUP regel in het MASTER MENU en voert u de instellingen voor elke te gebruiken ingang in.
Instellingen onafhankelijk van de gekozen ingang
Nadat de bovengenoemde instellingen voor alle gebruikte ingangen in het systeem zijn gemaakt, blijven blijven de nu volgende instellingen, feitelijk onafhankelijk van de gekozen ingang, ongeacht met welke ingang ze worden gemaakt.
Opzet luidsprekers
In dit menu wordt vastgelegd welk type luidsprekers met de AVR worden gebruikt en is belangrijk, daar deze instelling bepaalt welke luidsprekers de lage frequenties (bas) toegevoerd zullen krijgen. Gebruik voor elke instelling hier de positie LARGE (groot) wanneer traditionele luidsprekers worden aangesloten die geschikt zijn voor frequenties beneden 100 Hz. Gebruik de instelling SMALL (klein) voor kleinere, satellietachtige luidsprekers die geen frequenties beneden 100 Hz kunnen weergeven. Denk er aan dat bij toepassing van kleine luidsprekers voor front links en rechts, een subwoofer onmisbaar is voor het weergeven van de lage frequenties. Bij twijfel over de categorie waarin de luidsprekers thuishoren, de technische gegevens in de handleiding van de luidsprekers, of uw leverancier raadplegen.
Bij het maken van de luidsprekerinstellingen kunt u het beste Dolby Pro Logic II gebruiken. Druk daarvoor op op Surround 7 op de voorzijde tot een Dolby Pro Logic II functie in de display wordt aangegeven, of druk op Surround 11 en kies een Pro Logic II functie met A/V ▲/▼ 14. Denk er aan dat met de gekozen ingang alle luidsprekerinstellingen ook naar de andere surround functies gekopieerd worden (zover mogelijk) en bij andere functies niet herhaald hoeven te worden, maar wel met elke gebruikte ingang.
- Het wordt aanbevolen de juiste luidsprekerinstellingen te maken via het SPEAKER SETUP menu (Afb. 5). Staat dat menu nog niet in beeld van de voorgaande instellingen, druk dan op in-beeld display 22 om het MASTER MENU (Afb. 1) op te roepen, en druk tweemaal op ▼ 14 zodat de cursor naar de regel SPEAKER SETUP gaat. Druk vervolgens op instellen 16] om het SPEAKER SETUP menu op te roepen (Afb. 5).

Afbeelding 5
2. Zodra het SPEAKERSETUP menu verschijnt staat de cursor ▶ bovenaan de reeks luidsprekerposities, wijzend naar de regel LEFT/RIGHT (links/rechst) voor de instel-
ling van de linker en rechter front luidsprekers. Om de instelling van de front luidsprekers te veranderen drukt u op ◀▶ 15 31 zodat LARGE (groot) of SMALL (klein) verschijnt, overeenkomend met de eerdere omschrijving.
Wanneer SMALL wordt gekozen, zullen de lage tonen voor de front kanalen alleen naar de subwooferuitgang gestuurd worden. Denk er aan dat bij deze instelling en zonder een subwoofer geen lage tonen van de front kanalen hoorbaar zullen zijn. Deze instelling is niet beschikbaar voor de stereo functie om een zo zuiver mogelijke weergave te krijgen door de wisselfilters van de DSP te passeren.
Wordt LARGE gekozen, dan wordt een full-range signaal naar de linker en rechter front kanalen gestuurd. Afhankelijk van de keuze voor het item SUBWOOFER in dit menu (zie below), kan het laag voor front links en rechts ook naar een subwoofer worden gestuurd.
Belangrijk: bij gebruik van een luidsprekerset met twee front satellieten en een passieve subwoofer, aangesloten op de front luidsprekeruitgangen 14, dan dienen de front luidsprekers ingesteld worden op LARGE.
-
Zodra de keuze voor de front luidsprekers is gemaakt drukt u op ▼14 op de afstandsbedie- ning om de cursor naar CENTER te verplaatsen.
-
Druk op ◀▶ 15 31 op de afstandsbedie- ning om de optie te kiezen die het beste de gebruikte centrum luidspreker omschrijft, als elders op deze pagina aangegeven.
Wordt SMALL gekozen, dan zullen de lage tonen voor het centrum kanaal naar de front kanalen gestuurd worden, mits deze zijn ingesteld op LARGE en de subwoofer is uitgeschakeld. Is de subwoofer ingeschakeld, dan zullen de lage tonen van het centrum kanaal uitsluitend naar de subwoofer gestuurd worden.
Is LARGE gekozen, dan wordt een volledig signaal naar de centrum uitgang gestuurd en bij analoge en digitale surround functies (uitgezonderd bij Pro Logic II Music) wordt geen laag van het centrum kanaal naar de subwoofer uitgang gestuurd.
Is NONE gekozen (geen) dan wordt geen signaal naar de centrum uitgang gestuurd. De receiver staat dan in de 'fantoom' centrum functie en de informatie van het centrum kanaal wordt naar de linker en rechter front uitgangen gestuurd, terwijl het laag naar de subwoofer uitgang wordt gezonden, mits SW L/R+LFE op de SUBWOOFER regel is gekozen (zie hieronder).
Deze functie is nodig wanneer geen centrum luidspreker wordt gebruikt. Denk er aan dat voor gebruik van de Logic 7C surround functie een centrum luidspreker noodzakelijk is, maar Logic 7M werkt prima zonder.
-
Nadat de keuze voor het centrum kanaal is gemaakt, drukt u op ▼ 14 op de afstandsbediening om de cursor te verplaatsen naar SURROUND.
-
Druk op ◀▶ 15 31 op de afstandsbedie- ning om de optie te kiezen die het beste de sur round luidsprekers in uw systeem omschrijft, op basis van de definities op deze pagina.
Is SMALL gekozen (klein), dan zal bij alle digitale surround functies en uitgeschakelde subwoofer het laag voor surround naar de front luidsprekers gestuurd worden; of naar de subwoofer uitgang wanneer deze is ingeschakeld. Bij analoge surround functies wordt de uitgang waar het laag achter naartoe wordt gestuurd bepaald door de gekozen functie en de instelling van de subwoofer en de front luidsprekers.
Wanneer LARGE is gekozen wordt het volledige frequentiebereik naar de surround kanalen gestuurd (bij alle analoge en digitale surround-functies) en, met uitzondering van de Hall en Theater functies, wordt geen laag van de surround kanalen naar de subwoofer gestuurd.
Wanneer NONE gekozen, dan zal de surround informatie verdeeld worden over de uitgangen links front en rechts front. Merk op dat voor optimale weergave zonder surround luidsprekers gekozen dient te worden voor de Dolby 3 Stereo functie i.p.v. Dolby Pro Logic II.
-
Zijn de instellingen voor de surround kanalen gereed, druk dan op ▼ 14 op de afstandsbediening om de cursor te verplaatsen naar SUBWOOFER.
-
Druk op ◀▶ 15 31 op de afstandsbedie- ning om de optie te selecteren die best uw sys- teem omschrijft.
De beschikbare keuzes voor de opstelling van de subwoofer worden bepaald door de instellingen voor de andere luidsprekers, vooral de front links en rechts posities. Wanneer de front links/rechts luidsprekers op SMALL staan wordt de subwoofer automatisch op SUB gezet, wat betekent dat deze actief is. Wanneer de front links/rechts luidsprekers op LARGE staan, zijn drie opties beschikbaar:
- Is geen subwoofer aangesloten op de AVR, druk dan op ◄ 15 31 op de afstandsbediening, zodat NONE in het in-beeld menu verschijnt. Wordt deze optie gekozen, dan wordt alle laag informatie naar de front links/rechts 'hoofd-luidsprekers' gestuurd.
- Is wel een subwoofer aangesloten op de AVR, dan bestaat de optie de front links/rechts 'hoofd' luidsprekers het laag in alle gevallen te laten weergeven en de subwoofer alleen te activeren wanneer de AVR 3550 wordt gebruikt met een digitale bron die een speciaal Low Frequency Effects, of LFE geluidsspoor omvat. Dan kunnen zowel de hoofdluidsprekers als de subwoofer
gebruikt worden voor het speciale laag van bepaalde films. Die optie wordt gekozen door op ◀▶ 15 31 op de afstandsbediening te drukken zodat S ⬆ (LFE) in het in-beeld menu verschijnt.
- Wanneer een subwoofer is aangesloten en deze wordt gebruikt voor de laagweergave in combinatie met de hoofdluidsprekers front links/rechts, ongeacht het type programmabron of de gekozen surroundfunctie, druk dan op ◀ / 15 31 op de afstandsbediening waarop S w L/R+LFE in het in-beeld menu verschijnt. Is deze optie gekozen, dan wordt een 'compleet' signaal naar de front links/rechts 'hoofd' luidsprekers gestuurd en krijgt de subwoofer de lage frequenties van de front links en rechts beneden de frequentie die bij de hierna volgende instelling in dit menu wordt gekozen.
-
Wanneer alle luidsprekerkeuzes zijn gemaakt drukt u op ▼ 14 en vervolgens op instellen 16 om terug te gaan naar het hoofdmenu.
-
De luidsprekerinstelling kan op elk moment gewijzigd worden zonder het Full-OSD (volledig) menu in beeld op te roepen, door op luidsprekerkeuze 26 op het frontpaneel of op 32 op de afstandsbediening te drukken. Dan verschijnt FNT SPKR onderin het beeld en in de display N.
Druk nu binnen vijf seconden op ◀/▶ 5 of op ▲/▼ 14 op de afstandsbediening om een andere luidsprekerpositie te kiezen, of druk op instellen 20 16 om de instelling van de front luidsprekers links en rechts te wijzigen.
Nadat op instellen 2016 is gedrukt en het systeem gereed is voor het wijzigen van de instelling voor de front luidsprekers, geven de inbeeld display en de display N F-LARGE of F-SMALL aan, afhankelijk van de huidige instelling. Druk op instellen 5 op het frontpaneel, of op de ▲/▼14 op de afstandsbediening tot de gewenste instelling wordt aangegeven, gebruik makend van de eerder gegeven aanwijzingen omtrent 'grote' en 'kleine' luidsprekers, en druk dan op instellen 2016.
Indien nog een ander luidsprekerpositie dient te worden gewijzigd, drukt u op ◀/► 5 op het frontpaneel of op ▲/▼ 14 op de afstandsbediening om een andere luid-sprekerpositie te kiezen, vervolgens drukt u op instellen 20 16 en dan op instellen 5 op het frontpaneel, of op de ▲/▼ 14 op de afstandsbediening tot de gewenste luidsprekerpositie wordt aangegeven, en tenslotte weer op instellen 20 16 om de keuze te bevestigen.
Om u te helpen bij het maken van deze instellingen veranderen de indicaties luidspreker/kanaal functie 🔒 telkens wanneer een luidsprekertype voor een bepaalde positie kiest. Licht alleen het binnenste symbool op dan is op SMALL ingesteld. Wanneer het middelste vakje en de twee buitenste vakjes met cirkeltjes erin verlicht zijn, dan is de luidspreker op LARGE ingesteld. Wanneer geen indicatie voor een luidsprekerpositie verschijnt, dan is die positie op NONE of 'geen luidspreker' ingesteld.
Opmerking: deze symbolen zijn niet zichtbaar bij het corrigeren terwijl het volledig in-beeld luidspreker setupmenu actief is.
Als voorbeeld zijn in Afbeelding 6 hieronder, de luidsprekers links en rechts vooraf ingesteld op LARGE, de centrum, links surround en rechts surround luidsprekers staan op SMALL en de subwoofer is actief.

Afbeelding 6
Vertraging
Alleen voor de Dolby Digital of Dolby Pro Logic II functies dient de vertragingstijd ingesteld te worden. Denk er aan dat de vertragingstijd voor andere functies niet instelbaar is.
Belangrijk: is de vertragingstijd eenmaal voor een bepaalde ingang ingesteld, dan geldt die ook voor alle andere ingangen. De surround vertragingstijd wordt alleen ingesteld voor de Dolby Pro Logic II of de Dolby Digital functie. De overige instellingen worden automatisch gemaakt.
Vanwege de verschillende afstanden van de luisterpositie tot de front luidsprekers en de surround luidsprekers, is ook de tijd die het geluid nodig heeft om uw oren te bereiken verschillend. Door gebruik te maken van de vertraging kunnen deze verschillen in luidsprekerpositie en kamerakoestiek in uw luisterruimte of home theater gecompenseerd worden.
De fabrieksinstelling is geschikt voor de meeste luisterkamers, maar in sommige gevallen zijn de afstanden tussen de front en de surround luidsprekers ongebruikelijk en dat kan tot gevolg hebben dat het geluid van de front kanalen geen eenheid meer vormt met de surround kanalen.
Om de eenheid tussen front, centrum en surround te herstellen gaat u als volgt te werk:
- Meet de afstand in meters tussen de luister/kijk-positie tot de front luidsprekers.
- Meet de afstand tussen de luister/kijkpositie tot de surround luidsprekers.
- Bereken het verschil tussen de afstand tot de front luidsprekers en de afstand tot de surround luidsprekers en vermenigvuldig dit met 3.
a. De optimale vertragingstijd voor Dolby Digital surround is het resultaat van dat sommetje. Voorbeeld: de front luidsprekers staan op 3 m afstand en de surround luidsprekers op 1 m. De optimale vertraging wordt nu berekend als (3-1) x 3 = 6. De vertraging voor Dolby Digital wordt in dit voorbeeld ingesteld op zes milliseconden.
b. Bij het instellen van de vertraging voor Dolby Pro Logic II, neemt u het resultaat van bovenstaande berekening en u telt daar 15 bij op voor de optimale vertragingstijd. Als de front luidsprekers bijvoorbeeld op een afstand van 3 m staan en de surround luidsprekers op 1 m, wordt de optimale vertraging berekend als (3-1) x 3 + 15 = 21. In dit voorbeeld zal de Dolby Pro Logic II vertraging dus worden ingesteld op (afgerond) twintig milliseconden.
OPMERKING: De DTS, Logic 7, 5 Kan. Stereo, Hall en Theater functies maken gebruik van een vaste, niet instelbare vertragingstijd.
De Dolby Digital functie omvat ook een afzonderlijke instelling voor de vertraging van het centrum kanaal, aangezien de individuele aard van deze signalen de opstelling van de centrum kanaal luidspreker kritischer maakt. Om de vertraging voor het centrum kanaal te berekenen, meet u de afstand vanaf favoriete luisterpositie in het midden van de kamer tot zowel de centrum kanaal luidspreker, en de linker of rechter front luidspreker.
Zijn de afstanden gelijk, dan is geen verdere instelling nodig en kan de centrum vertraging op nul blijven staan. Is de afstand tot de front luidsprekers groter dan de afstand tot de centrum luidspreker, dan kan het nodig zijn dat u de luidsprekers verplaatst door de front luidsprekers links en rechts dichter bij de luisterpositie, dan wel de centrum luidspreker verder van de luisterpositie af te zetten.
Wanneer verplaatsen van de luidsprekers niet mogelijk is, corrigeer dan de vertragingstijd voor de centrum luidspreker door een milliseconde toe te voegen voor elke 30 cm die de centrum luidspreker dichter bij de luisterpositie staat dan de front luidsprekers. Voorbeeld: wanneer de front luidsprekers links en rechts elk 3 m van de luisterpositie af staan en de centrum luidspreker 2,4 m, dan wordt de vertraging berekend als 300 cm -240 cm = 60 cm, waardoor dus een optimale centrum vertraging van 2 milliseconden wordt aanbevolen.
Om de vertragingstijd in te stellen gaat u uit van het hoofdmenu, MASTER MENU (Afb. 1). Staat het systeem nog niet in dat menu, druk dan op in-beeld display 22 om het hoofdmenu op te roepen. Om de vertraging voor de Dolby Digital functie in te stellen (inclusief de centrum vertraging en de automatische instelling van de surround vertraging voor Dolby Pro Logic II), druk op instellen 16 en kies een willekeurige digitale ingang en de Dolby Digital surround functie
(de surround functie gecombineerd met elke gekozen ingang wordt aangegeven met de surround functie indicaties 14 op de voorzijde), en keer terug naar het hoofdmenu. Druk op ▼ 14 en op instellen 16 om het surround menu op te roepen en druk eenmaal op ▼ 14.
Zodra de Dolby Digital functie is gekozen staat de cursor u op CENTER DELAY. Druk op 1531 tot de uitkomst van de eerder uitgevoerde berekening in de display staat. Nadat de CENTER DELAY (centrum vertraging) is ingevoerd drukt u eenmaal op 14 om naar de SURR DELAY regel te gaan om de vertraging voor de surround luidsprekers in te stellen. Druk op 1531 tot het eerder berekende cijfer voor de Dolby Digital surround functie in de display verschijnt verschijnt. Zie pagina 21. Is de instelling van de vertragingen voltooid, druk dan op 14 om naar het volgende item te gaan (Nachtfunctie, zie verderop).
Denk er aan dat de instelling van de vertraging op elk gewenst moment gecorrigeerd kan worden wanneer Dolby Digital of Dolby Pro Logic II in gebruik zijn, door op vertraging (delay) 22 op de voorzijde, of 30. Druk vervolgens op ◄▶5 op het front of op ▲/▼ 14 op de afstandsbediening om het centrum kanaal of de achter kanalen voor correctie te kiezen, en druk dan op Instellen 20 op de afstandsbediening, gevolgd door instellen 5 op de voorzijde tot de gewenste waarde in de display N verschijnt.
Nachtfunctie
De nachtfunctie is een functie van Dolby Digital die een speciale bewerking gebruikt om het dynamisch bereik en de verstaanbaarheid van het filmgeluid te behouden, terwijl het piekniveau begrensd wordt. Zo wordt voorkomen dat plotseling pieken anderen storen, zonder dat de impact van de digitale bron al te zeer wordt aangetast. Merk op dat de nachtfunctie alleen beschikbaar is bij weergave van Dolby Digital surround.
Om de nachtfunctie vanuit het menu in te stellen, wordt de cursor u naar de regel Night (nacht) van het SURROUND SETUP menu verplaatst. Druk vervolgens op ◀▶ 15 31 om te kiezen uit de volgende instellingen:
OFF (uit): wanneer OFF (uit) is gemarkeerd, werkt de nachtfunctie niet.
MID (medium): wanneer MID (medium) gemarkeerd is wordt een geringe compressie toegepast worden.
MAX: wanneer MAX gemarkeerd is wordt een sterke compressie toegepast.
Bij gebruik van de nachtfunctie raden wij u aan de MID (medium) instelling als uitgangspunt te kiezen en later, indien nodig, om te schakelen op MAX.
Denk er aan dat de nachtfunctie op elk moment direct kan worden gecorrigeerd mits Dolby Digital is gekozen met Nachtfunctie 12. Door op deze toets te drukken verschijnt D - R (Dynamic Range) onderin beeld en in de display N. Druk binnen vijf seconden op ▲/▼ 14 om de gewenste instelling te kiezen en druk dan op Instellen 16 om de keuze te bevestigen.
Wanneer alle instellingen voor de surroundfunctie gemaakt zijn drukt u op ▲/▼ 14 zodat de u cursor naast RETURN TO MENU staat en u drukt op instellen 16 om terug te gaan naar het hoofdmenu.
Uitgangsniveau
Het instellen van de uitgangsniveaus is een belangrijk onderdeel van het configuratieproces bij een surround sound product. Het is in het bijzonder belangrijk bij een Dolby Digital ontvanger als de AVR, aangezien de juiste uitgangssignalen ervoor zorgen dat het filmgeluid met de juiste richting en intensiteit wordt weergegeven.
OPMERKING: luisteraars zijn vaak onzeker over werking van de surround kanalen. Sommigen menen dat er altijd geluid uit alle luidsprekers moet komen, terwijl er juist voor het merendeel van de tijd weinig of geen geluid uit de surround kanalen komt. Dat komt omdat ze alleen gebruikt worden wanneer een regisseur of geluidstechnicus daar specifiek een geluid toevoegt om een klankbeeld te creëren, een geluidseffect of een actie te laten bewegen van het front van de kamer naar de achterzijde. Wanneer de uitgangsniveaus correct zijn ingesteld, is het normaal dat de surround luidsprekers slechts zo nu en dan actief zijn. Het volume van de achter luidsprekers extra verhogen kan juist de illusie van een omringend klankbeeld teniet doen, in afwijking van de manier waarop het geluid in een bioscoop of concertzaal wordt ervaren.
BELANGRIJK: Het uitgangsniveau kan apart worden ingesteld voor elke digitale en analoge surround functie. Daarmee kunnen niveauverschillen tussen de luidsprekers gecompenseerd worden, en tevens kunnen verschillen afhankelijk van de gekozen surround functie, of het niveau van bepaalde luidsprekers naar eigen inzicht verhoogd of verlaagd worden, afhankelijk van de gekozen surround functie. Denk er aan dat correcties voor een willekeurige surroundfunctie ook effectief zijn met alle ingangen die gebruik maken van dezelfde surroundfunctie.
Voor het instellen van de uitgangsniveaus er voor zorgen dat alle luidsprekers correct zijn aangesloten. Het systeemvolume dient aanvankelijk geheel terug draaien. Zorg er tenslotte voor dat balans 17 in het midden staat 'op 12 uur'.
Gebruik EzSet
Met de exclusieve EzSet afstandsbediening van Harman Kardon kunnen de uitgangsniveaus van de AVR 3550 snel en nauwkeurig worden ingesteld, zonder gebruik te hoeven maken van een geluidsdrukmeter, hoewel ook een handinstelling beschikbaar is. Voor een snelle en gemakkelijke instelling de onderstaande procedure volgen terwijl u op de luisterpositie heeft plaatsgenomen:
- Controleer of alle luidsprekers op de juiste manier zijn geconfigureerd op LARGE en SMALL als eerder beschreven en schakel zonodig de inbeeld display uit.
- Stel het volume zo in dat -1.5 wordt aangegeven, als aangegeven in de in-beeld display en de display N.
- Kies een ingang met de Dolby Pro Logic II surroundfunctie. Vergeet niet dezelfde correcties te maken met alle andere surroundfuncties gecombineerd met de gebruikte ingangen.
- Maak eerst een niet-automatische test: schakel het interne testsignaal in door op test-signaal 9 te drukken. U hoort een testsignaal (ruis) dat in de richting van de klok van de ene naar de andere luidspreker wordt geschakeld.
Luister goed of het geluid uit de positie van de luidspreker komt die in de display N wordt aangegeven, terwijl de luidsprekers een voor een in de display worden aangegeven, als aangegeven in het Output Adjust Menu, zie afbeelding 7 op de volgende pagina. Klopt het hoorbare geluid NIET met de aangegeven positie, schakel de AVR dan uit met de netschakelaar 1 en controleer de luidsprekeraansluitingen om er zeker van te zijn dat elke luidspreker met de juiste uitgang is verbonden. Aan het einde van het instellen schakelt u het testsignaal uit door nogmaals op Testsignaal 9 te drukken. - Houd de afstandsbediening voor u op armlengte om er zeker van te zijn dat de EzSet sensor microfoon 39 niet wordt afgedekt. De microfoon bevindt zich op de voorzijde van de afstandsbediening en richt hem op de AVR, niet verticaal zoals u met een gewone microfoon zou doen.
- SPL indicatie 36 3 seconden indrukken en vasthouden. Loslaten zodra de programma/SPL indicatie 3 niet meer knippert en het testsignaal uit de linker front luidspreker komt.
-
Op dat moment neemt EzSet over en wordt het uitgangsniveau van elk kanaal ingesteld zodat ze allen gelijk zijn en op de referentie zijn ingesteld. Dit proces duurt een paar minuten, afhankelijk van de benodigde correcties.
-
Tijdens het instellen kan het kanaal dat wordt gecorrigeerd, worden afgelezen in zowel de in-beeld display (indien actief) als in de display
N, met een indicatie van de instelling ten opzichte van het gekozen volume. Bij het instellen worden een paar zaken geregeld:
- De kanaalpositie die gecorrigeerd wordt knippert in de luidspreker/kanaal functie e. Hoort u het signaal uit een andere luidspreker dan die welke wordt aangegeven, dan is er een fout gemaakt bij het aansluiten van de luidsprekers. In dat geval drukt u TWEEMAAL op test-signaal 9 om het instellen te stoppen.
Schakel het apparaat vervolgens uit en controleer alle luidsprekeruitgangen 14 15. - Wanneer om te beginnen het linker front kanaal wordt ingesteld zal EzSet het basisniveau instellen, als aangegeven met de indicatie F L in de display N en in beeld, voor het basisni-veau. Tijdens het instellen hoort u het testsignaal pulseren of klikken wanneer EzSet het niveau wijzigt. Dit is normaal.
- Bij het instellen van de overige kanalen verschijnen het bewuste kanaal en de instelling in de in-beeld display (indien actief) en in de display N. Terwijl het niveau wordt aangepast verandert de kleur van de programma/SPL
indicatie 3 in relatie tot het verschil met de referentie. Rood geeft aan dat het niveau te hoog is, amber is te laag. Groen tenslotte geeft aan dat het niveau juist is en het testsignaal gaat naar het volgende kanaal. - Terwijl de instellingen worden gemaakt knippert de rode LED onder de AVR keuze 6. Dat is normaal en geeft aan dat EzSet actief is.
- Nadat het testsignaal eenmaal alle kanalen heeft behandeld, gaat het nogmaals rond om het niveau van alle kanalen te controleren.
- Bij het afsluiten van de kanaalinstellingen knippert AVR keuze 6 tweemaal en dooft, het testsignaal wordt uitgeschakeld en de AVR keert terug naar normaal gebruik.
Handinstelling uitgangsniveau
De uitgangsniveaus kunnen ook met de hand worden ingesteld, hetzij om ze met een SPL meter zelf in te stellen, dan wel om fijninstellingen te maken ten opzichte van de niveaus die de EzSet afstandsbediening heeft gemaakt. Handinstelling is het gemakkelijkst via het
OUTPUT ADJUST menu (Afb. 7). Staat het hoofdmenu nog in beeld druk dan op ▼ 14 tot de in-beeld ▶ cursor naast OUTPUT
ADJUST staat. Bent u niet in het hoofdmenu, druk dan op in-beeld display 22 om het
MASTER MENU (Afb. 1) op te roepen en druk vervolgens driemaal op ▼ zodat de ▶ cursor u op de regel uitgangsniveaus staat. Druk op instellen 16 om het OUTPUT
ADJUST menu in beeld te laten verschijnen.

Afbeelding 7
Zodra het menu verschijnt zult een testsignaal (ruis) in de kamer horen. Deze testruis gaat van luidspreker naar luidspreker, met de klok mee. De testruis zal gedurende twee seconden op elke luidspreker te horen zijn, voordat deze verder gaat, tevens zal er een knipperende cursor in beeld, naast de naam van elke luidsprekerpositie verschijnen wanneer het geluid bij die luidspreker is. Draai nu het volume omhoog tot u de ruis goed kunt horen.
BELANGRIJK: omdat dit testsignaal een veel lager niveau heeft dan normale muziek dient u het volume, na de instelling van alle kanalen, terug te nemen. Het juiste volume dient weer hersteld te zijn VOORDAT u terugkeert in het hoofdmenu en het testsignaal uitgeschakeld wordt.
Nadat u de luidsprekerposities gecontroleerd heeft, laat u het testsignaal weer rondgaan en luistert u of een kanaal luider klinkt dan de andere. Met de front luidspreker links als referentie drukt u op ▲/▼ 14 op de afstandsbediening om alle luidsprekers op hetzelfde niveau te brengen. Merk op dat drukken op ◀/▶
15 31 het testsignaal op dat kanaal zal blijven om de tijd te geven de afregeling te maken. Laat u de toets los dan gaat de ruis na vijf seconden weer rond. De cursor ▶ u in beeld kan ook direct naar de af te regelen luidspreker verplaatst worden met de ▲/▼ 14 toetsen op de afstandsbediening.
Ga door met het regelen van de afzonderlijke luidsprekers tot ze alle hetzelfde volume hebben. Merk op dat de regelingen alleen gemaakt dienen te worden met ◀/► 15 31 op de afstandsbediening, NIET met de volumeregeling.
U kunt de uitgangsniveaus ook met de hand instellen en gebruik maken van de niveau indicatie op de EzSet afstandsbediening. Om de sensor en de indicatie te activeren drukt u op SPL
indicatie 36 op de afstandsbediening terwijl het testsignaal rondgaat. De programma/SPL indicatie 3 verandert van kleur om het niveau aan te geven.
Stel het niveau in als hierboven aangegeven tot de LED groen oplicht voor alle kanalen. Rood betekent dat het niveau te hoog is en amber is te laag. Druk op SPL 36 om de sensor en de indicatie uit te schakelen.
OPMERKING: het uitgangsniveau van de subwoofer kan niet gecorrigeerd worden met behulp van het testsignaal. Om het niveau van de subwoofer te corrigeren volgt u de stappen voor het instellen van het uitgangsniveau op pagina 30.
Wanneer alle kanalen hetzelfde niveau hebben is de afregeling gereed. Zet nu met volume 19 34 het niveau op ca. -40 dB, anders zal het afspeelniveau te hoog zijn zodra de muziek begint te spelen. Om dit menu te verlaten drukt u op ▲/▼ 14 tot de cursor ▶ u in beeld naast de regel RETURN TO MENU staat en u drukt op instellen 16 om het testsignaal uit te schakelen en terug te keren naar het hoofd-menu. De uitgangsniveaus kunnen ook afgere-geld worden door de afzonderlijke toetsen en het Semi-OSD systeem te gebruiken. Om op deze manier de uitgangsniveaus te regelen drukt u op testsignaal 13 9 . Vanaf het moment dat u op de toets drukt gaat het testsignaal, zoals eerder beschreven, rond. Het juiste kanaal vanwaar u het testsignaal wilt horen, wordt aangegeven in het onderste derde deel van het beeld en in de display N. Als een extra aanwijzing wordt het juiste kanaal, terwijl het testsignaal rond-gaat, ook aangegeven door de luidspreker/kanaal keuze Q, door een knip-perende letter in het correcte kanaal. Draai het volume 19 34 hoger tot u de ruis duidelijk kunt horen.
Om het uitgangsniveau te regelen drukt u op insteltoetsen 5 op het frontpaneel of op de ◀▶ 15 31 tot het gewenste niveau in de display of in beeld wordt aangegeven. Zodra u de toetsen loslaat gaat het testsignaal na vijf seconden opnieuw rond.
Wanneer alle kanalen hetzelfde uitgangsniveau hebben, zet u met volume 19 34 het niveau op ca. -40 dB, anders zal het afspeelniveau te hoog zijn zodra de muziek begint te spelen. Daarna drukt u op testsignaal 13 9 om de testtoon uit te schakelen en het proces af te ronden.
BELANGRIJK: De afregeling van het uitgangs-niveau zal niet effectief zijn voor alle ingangen, maar alleen voor de werkelijk geselecteerde surroundfuncties. Om ook effectief te zijn voor een andere functie, kiest u die functie (met welke ingang dan ook) en u herhaalt de boven omschreven inregeling. Zo kunt u verschillen in niveaus tussen luidsprekers, die per surround-functie kunnen verschillen, compenseren, of het niveau van bepaalde luidsprekers opzettelijk ver-hogen of verlagen, e.e.a. afhankelijk van de gekozen surroundfunctie.
OPMERKING: niveau inregeling is niet beschikbaar voor de VMAx of Surround uit functie, aangezien er geen surround luidsprekers gebruikt worden (en er dus geen niveauverschillen kunnen optreden tussen luidsprekers in dezelfde kamer). Maar om niveauverschillen te compenseren tussen stereo, VMAx en andere surround-functies (onafhankelijk van de gekozen ingang) kunnen de uitgangen ingeregeld worden met de procedure voor fijnregeling van de niveaus, zie pagina 30, ook voor de Surround uit en VMAx functies. Zodra de op de vorige pagina beschreven instellingen zijn gemaakt kan de AVR gebruikt worden. Hoewel er nog extra instellingen gemaakt kunnen worden, dient dit bij voorkeur te gebeuren nadat naar meerdere bronnen heeft geluisterd met verschillende soorten bronmateriaal. Deze geavanceerde instellingen worden op pag. 33-34 van deze handleiding beschreven. Bovendien kan elke instelling die u in het begin gemaakt heeft, later gewijzigd worden.
Bij het toevoegen van nieuwe of andere bronnen of luidsprekers, of u wilt de instelling corrigeren naar uw eigen smaak, volg dan eenvoudig de aanwijzingen voor het veranderen van de parameter als hiervoor beschreven. Denk er aan dat alle wijzigingen op elk moment ook bij gebruik van afzonderlijke toetsen in het geheugen van de AVR, ook wanneer deze geheel wordt uitgeschakeld, tenzij deze wordt gereset (zie pagina 40). De instellingen worden bepaald door de gekozen ingang (analoge/digitale ingangskeuze, surroundfunctie) of door de gekozen surroundfunctie (luidsprekerniveau), als op de voorgaan-de pagina's beschreven.
Nu u klaar bent met de instelling en configuratie van de AVR staat u op het punt het beste in muziek en home theater weergave te beleven. Veel plezier!
Basisbediening
Nadat u de installatie en de configuratie van de AVR 3550 heeft voltooid, kan het apparaat in gebruik worden genomen en kunt u ervan gaan genieten. Voor optimaal plezier van uw nieuwe receiver gaat u als volgt te werk:
Inschakelen van de AVR
Wanneer u de AVR voor het eerst in gebruik neemt drukt u netschakelaar 1 op het frontpaneel in om het apparaat in te schakelen. Het apparaat komt dan in de standby positie, als aangegeven door de oranje kleur van de lichtnetindicatie 3. Vanuit de standby positie kan het apparaat worden ingeschakeld door op standby 2 of op ingangskeuze 11 op het frontpaneel te drukken, of op AVR keuze 6. Merk op dat de lichtnetindicatie 3 groen wordt. Het apparaat schakelt nu in op de laatst gebruikte bron. Het apparaat kan ook ingeschakeld worden door op één van de ingangskeuze 5 7 37 toetsen te drukken op de afstandsbediening.
OPMERKING: na op ingangskeuze 5 gedrukt te hebben, drukt u op AVR keuze 6 om de afstandsbediening de AVR functie te laten besturen.
Om het apparaat uit te schakelen aan het einde van een luistersessie drukt u eenvoudig op standby 2 op het frontpaneel of op uitschakelen 4 op de afstandsbediening. De voeding naar een apparaat op de geschakelde lichtnetuitgang 16 op de achterzijde is aangesloten, zal spanningsloos worden en de lichtnetindicatie 3 wordt oranje. Als de afstandsbediening gebruikt wordt om het apparaat uit te schakelen, gaat het systeem eigenlijk in standby, als wordt aangegeven door de oranje kleur van de lichtnetindicatie 3. Bent u gedurende langere tijd afwezig, dan is het verstandig om het apparaat helemaal uit te zetten met de netschakelaar 1.
OPMERKING: alle voorkeurposities in het geheugen kunnen verloren gaan wanneer het apparaat langer dan twee weken spanningloos blijft of de netschakelaar 1 uit staat.
Gebruik sluimerfunctie
- Om de AVR 3550 te programmeren voor automatische uitschakeling, drukt u op sluimerfunctie 10 op de afstandsbediening. Telkens wanneer op deze toets wordt gedrukt wordt de tijd tot het uitschakelen verkorten in de volgende reeks:

De sluimerfunctie wordt aangegeven onder voorkeurpositie/sluimertijd R en telt terug tot de tijd verstreken is.
Wanneer de ingestelde sluimertijd is verstreken wordt het apparaat automatisch uitgeschakeld (standby). Denk er aan dat de helderheid van de display wordt gehalveerd zodra een sluimertijd is geprogrammeerd. Om de sluimerfunctie te laten vervallen drukt u op sluimerfunctie 10 tot de display terugkeert naar de normale sterkte en de indicatie Sluimer in de display N weer op "0" staat.
Ingangskeuze
- Om een bron te kiezen drukt u op een van de ingangskeuze 5 7 37 op de afstandsbediening.
OPMERKING: na op ingangskeuze ⑤ gedrukt te hebben, drukt u op AVR keuze ⑥ om de afstandsbediening de AVR functie te laten besturen.
- De bron kan ook gewijzigd worden door op ingangskeuze 11 op het frontpaneel te drukken. Telkens wanneer u de toets indrukt zal de volgende bron in de reeks beschikbare bronnen gekozen worden.
- Wanneer een andere ingang wordt gekozen schakelt de AVR 3550 automatisch naar de digitale ingang (indien gekozen) en de surround-functie het configureren voor die bron is geprogrammeerd.
- Wanneer er een andere bron wordt gekozen, zal de naam van deze bron tijdelijk onderin beeld verschijnen. De naam verschijnt ook in de display N, en een groene LED licht op naast de naam van de bron bij de ingangsindicatie 21.
- Wanneer een pure audiobron (tuner, CD, tape, 6 kanaals directe ingang) wordt gekozen, blijft de laatst gebruikte video ingang verbonden met de video 1 uitgangen 20 en video monitor uitgang 13. Zo kan tegelijkertijd naar verschillende bronnen worden gekeken en geluisterd.
Gebruik hoofdtelefoon
- Stel het volume naar wens in met volume 19 op het frontpaneel of volume hoger/lager 34 op de afstandsbediening.
- De regelaar balans 17 wordt gebruikt om de onderlinge klankbalans tussen de front luidsprekers links en rechts in te stellen.
- Om alle luidsprekers tijdelijk uit te schakelen druk u op de toets muting 38. Dit zal het signaal naar alle luidsprekers en de hoofdtelefoon onderbreken, maar heeft geen invloed op een lopende opname of kopiëren. Druk nogmaals op muting 38 om het geluid weer in te schakelen.
- Tijdens het luisteren kunt u de klankregeling laag 16 en de klankregeling hoog 18 gebruiken het geluid naar eigen smaak in te stellen of de kamerakoestiek te compenseren. Merk op dat deze regelaars geen invloed hebben bij gebruik van de 6-kanaals directe ingang.
- Om een 'rechte' frequentiekarakteristiek te krijgen en de klankregeling en de balans van de AVR uit te schakelen drukt u op klankregeling in/uit 6 zodat de indicatie TONE OUT tijdelijk in de display N verschijnt. Om de regeling weer in te schakelen drukt u nogmaals op klankregeling in/uit 6 zodat TONE IN tijdelijk in de display N verschijnt.
- Om alleen te luisteren sluit u een hoofd-telefoon met 6,3 mm stereo jackplug aan op de hoofdtelefoonuitgang 4 op het frontpaneel. Merk op dat wanneer de plug van de hoofdtelefoon wordt aangesloten, het woord HEADPHONE kort door de displayN loopt en dat alle luidsprekers uitgeschakeld worden. Wanneer de plug wordt uitgetrokken zullen de luidsprekers weer ingeschakeld worden.
Overzicht Surroundfuncties
FUNCTIE EIGENSCHAPPEN BEREIK VERTRAGINGSTIJD
| DOLBY DIGITAL Alleen beschikbaar met digitale bronnen, Dolby Digital gecodeerd. Maximaal vijf Midden: 0 – 5 ms audiokanalen en een speciaal kanaal voor Low-Frequency Effects. Standaard: 0 ms | Surround: 0 – 15 msStandaard: 0 ms | |
| DTS | Alleen met digitale bronnen DTS gecodeerd. Beschikbaar op speciale DVD, LD en audiodiscs. Maximaal vijf audiokanalen en een speciaal kanaal voor Low Frequency Effects. | Vertragingstijd niet instelbaar. |
| Dolby Pro Logic II | Dolby Pro Logic II is de nieuwste versie van de baanbrekende surround technologie van Dolby Laboratories en decodeert een breedband en discreet signaal voor links, centrum, rechts, rechts surround en links surround van zowel matrix surround gecodeerde programma's als conventionele stereobronnen. De Dolby Pro Logic II Movie functie werkt optimaal bij filmgeluid dat is opgenomen met een matrix systeem, doordat echte links, centrum en rechts achter signalen worden gebruikt. De Pro Logic II Music functie is bedoeld voor gebruik bij muziek, opgenomen in matrix of in stereo, met discrete links en rechts kanalen. De Pro Logic Emulation functie zorgt voor een vijkanaals surround weergave van conventionele stereobronnen. | Film en Emulation:10 ms - 25 ms,Standaard instelling - 10 ms,Muziek:0 ms - 15 ms,Standaard instelling - 0 ms |
| LOGIC 7 CLOGIC 7 M benut. Bij surround materiaal is de plaatsing nauwkeuriger, overgangen en bewegingen rustiger en realistischer dan bij andere decodertechnieken. Logic 7 vergroot de ruimtelijkheid en vergroot het toneel bij conventionele stereo- en muziekprogramma's door de natuurlijke informatie in stereo-opnamen te gebruiken. Logic 7C of Cinema is bedoeld voor filmgeluid. Logic 7M of Muziek is bedoeld voor muziek. | Een nieuwe functie die in elke opname, stereo of surround, de surroundinformatie optimaal | Vertragingstijd niet instelbaar. |
| DOLBY 3 STEREO Gebruikt de informatie van een surround of tweekanaals stereoprogramma om het Geen surround kanalen.centrumkanaal te creëren. Bovendien de achter surround informatie zorgvuldig gemixt met de front kanalen links en rechts, voor meer realisme. Voor gebruik zonder surround-luidsprekers, maar met een centrum luidspreker. | ||
| THEATER | De THEATER functie zorgt voor een geluidsbeeld dat overeenkomt met het standaard akoestische klankbeeld in een theater met stereo en zelfs puur mono bronnen. | Vertragingstijd niet instelbaar. |
| HALL 1HALL 2 | De beide zaalfuncties komen overeen met een kalne zaal (HALL 1) en een middelgrote concertzaal (HALL 2), met stereo en zelfs puur mono bronnen. | Vertragingstijd niet instelbaar. |
| VMAx NearVMAx Far VMAx een driedimensionaal beeld met de illusie van fantoom luidsprekers op centrum en surround posities. VMAx N (near field) is voor luisteren op minder dan 1,5 meter van de luidsprekers; VMAx F (far field) voor luisteren op meer dan 1,5 meter afstand. | Bij gebruik van alleen de beide front luidsprekers biedt de gepatenteerde Harman Kardon | Geen surround kanalen. |
| 5 Kanaals stereo | Maakt gebruik van meerdere luidsprekers om een stereosignaal zowel voor als achter in de kamer te positioneren. Ideaal bij een party, plaatst hetzelfde geluid in front links als surround links, en in front rechts en surround rechts. Het centrum kanaal krijgt een mono somsignaal van het in-fase material van links en rechts. | Geen vertraging in deze functie. |
| Surround uit(stereo) | Deze functie schakelt alle surround processing en de laagbewerking uit. Dit zorgt voor pure links/rechts weergave van tweekanaals stereoprogramma's wanneer de front luidsprekers op large (groot) staan. | Geen surround kanalen. |
| Surround uit(A/D MODE) | Deze functie schakelt alle surround processing uit, maar houdt de laagbewerking actief.Dat betekent dat de instelling van de front luidsprekers (large of small – groot of klein) behouden blijft. Gebruik deze instelling wanneer de front luidsprekers op small (klein) staan in combinatie met een actieve subwoofer. | Geen surround kanalen. |
Keuze Surround Functies
Eén van de belangrijkste eigenschappen van de AVR 3550 is de mogelijkheid een volledig meerkanaals surround klankbeeld weer te geven van digitale bronnen, analoge matrix gecodeerde programma's en standaard stereo en zelfs mono programma's. Alles bij elkaar zijn vijftien luisterfuncties beschikbaar op de AVR 3550.
Het kiezen van de surroundfunctie is in wezen een persoonlijke zaak, net als het soort programma dat u gebruikt. Films, CD's en TV-programma's met de logo's van een van de belangrijke surround processen, zoals Dolby Surround, worden afgespeeld in Dolby Pro Logic II Movie (films) of Music (bij muziek) surround of met de exclusieve Harman Kardon Logic 7 Movie functie, zodat een breedbandig en discreet 5.1 kanaals surround signaal van de surround gecodeerde programma's ontstaat met een stereo links/rechts signaal, net als in werkelijkheid. In dat geval hoort u geluid dat van links komt alleen links, zie details op pagina 26. Wanneer geen achter luidsprekers worden gebruikt dient Dolby 3 Stereo gekozen te worden bij alle surround opnamen. Denk er aan dat bij gebruik van Dolby Digital 2.0 signalen (bijvoorbeeld 'D.D. 2.0' nummers van een DVD) die gecodeerd zijn met Dolby Pro Logic informatie, binnenkomend via een willekeurige digitale ingang, automatisch Dolby Pro Logic II gekozen zal worden (als aanvulling op de Dolby Digital functie) en ook van deze opnamen een volledig 5.1 surround sound zal decoderen (zie ook 'Dolby Digital' op pagina 28).
Om een volledig omringend geluidsbeeld te krijgen met allerlei bewegende effecten bij alle analoge stereo opnamen, kiest u Dolby Pro Logic II Music of Emulation, dan wel de exclusieve Harman Kardon Logic 7 Music functie voor een dramatische verbetering ten opzichte van Dolby Pro Logic (I) van voorheen.
OPMERKING: wanneer een programma is gecodeerd met matrix surround informatie blijft deze informatie behouden zolang het programma in stereo wordt uitgezonden. Films met surround geluid kunnen dus gedecodeerd worden met elke analoge surround functie, zoals Pro Logic of Logic 7, wanneer deze door conventionele TV-zenders, betaal-TV of satellieten worden uitgezonden. Bovendien worden er steeds meer TV-programma's, sportuitzendingen, hoorspelen en muziek-CD's opgenomen met surround geluid. U kunt een overzicht van deze programma's bekijken op het web van Dolby Laboratories: www.dolby.com.
Zelfs wanneer een programma niet wordt aangegeven als drager van standaard surround informatie, zult u merken dat de Dolby Pro Logic II, Dolby 3 Stereo of Logic 7 functies vaak een omringend surround klankbeeld leveren, gebruik makend van de natuurlijke surround informatie die in alle stereo opnamen aanwezig is. Probeer daarom bij stereoprogramma's zonder surround informatie de Theater, Hall en 5 kanaals stereo functies (5 kanaals stereo is vooral effectief met oude, extreem-stereo opnamen) en met monoprogramma's raden we aan de Theater of Hall functies te proberen. En bij gebruik van uitsluitend twee front luidsprekers bevelen wij het door Harman gepatenteerde VMAx aan, waarmee een nagenoeg driedimensionaal ruimtebeeld wordt bereikt met slechts twee luidsprekers. Surroundfuncties worden met de toetsen op het frontpaneel of op de afstandsbediening geselecteerd. Om een surroundfunctie op het frontpaneel te kiezen, drukt u op surroundfunctie 7 om door het overzicht van beschikbare functies te lopen. Om een surroundfunctie te kiezen met de afstandsbediening drukt u op surroundfunctie 11 en vervolgens op de ▲/▼ 14 om de functie te wijzigen. Wanneer u op deze toetsen drukt verschijnt de naam van de surroundfunctie in de display N en tevens licht een afzonderlijke indicatie C D F H I J K M op. Wanneer de surroundfunctie wordt gewijzigd zal een groene LED naast de huidige surroundfunctie indicaties 14 op het frontpaneel oplichten.
OPMERKING: de naam van elke surroundfunctie verschijnt onderin beeld en in de display N zodra deze wordt gekozen. Om te voorkomen dat het kiezen van de surroundfunctie onbedoeld wordt verlaten, drukt u op ▲/▼ 14 terwijl de functie nog zichtbaar is.
Merk op dat de functies Dolby Digital en DTS slechts gekozen kunnen worden wanneer een digitale bron gekozen is. Bovendien zal de AVR bij aanwezigheid van een digitale bron automatisch naar de juiste functie (Dolby Digital of DTS) overschakelen, e.e.a. onafhankelijk van de tevoren gekozen functie. Voor meer informatie over het kiezen van digitale bronnen in het volgende hoofdstuk van deze handleiding.
Om naar een programma te luisteren in traditioneel tweekanaals stereo met alleen de front luidsprekers links en rechts (en de subwoofer indien geïnstalleerd en geconfigureerd), volgt u de hierboven gegeven aanwijzingen voor de afstandsbediening tot SURR OFF in de display verschijnt.
Digitale audioweergave
Digitale surround is een belangrijke vooruitgang ten opzichte van de vroegere analoge matrix surround systemen. Het beschikt over vijf gescheiden kanalen: front links, midden, front rechts, links surround en rechts surround. Elk kanaal reproduceert het volledige frequentiebereik (20 Hz tot 20 kHz) en bezit een aanzienlijk groter dynamisch bereik en ruimere signaal/ruis-afstand. Bovendien hebben digitale surround systemen de mogelijkheid een extra kanaal te leveren dat speciaal bedoeld is voor lage frequenties. Dit is het '.1' kanaal waarnaar wordt verwezen wanneer u deze systemen beschreven ziet als '5.1' bijvoorbeeld. Het baskanaal is gescheiden van de andere kanalen, maar aangezien de bandbreedte opzettelijk beperkt is, hebben technici er die specifieke benaming aan gegeven.
Dolby Digital
Dolby Digital (aanvankelijk bekend als AC-3®) is een standaard onderdeel van DVD, en beschikbaar op speciaal gecodeerde laserdiscs en satellietuitzendingen. Het maakt deel uit van het nieuwe high-definition televisie (HDTV) systeem.
Merk op dat er een extra, externe RF demodulator nodig is om de AVR 3550 te gebruiken met de Dolby Digital soundtracks op laserdiscs. Sluit de RF uitgang van de LD-speler aan op de demodulator en sluit vervolgens de digitale uitgang van de demodulator aan op de optische of coax ingangen 2511 van de AVR. Voor DVD-speler en DTS-gecodeerde laserdiscs is geen demodulator nodig.
DTS
DTS is een ander digitaal audio systeem dat 5.1 audio kan leveren. Hoewel zowel DTS als Dolby Digital digitaal zijn, maken ze gebruik van andere methoden om de signalen te coderen en hebben daarom andere decoders nodig om de digitale signalen weer naar analoog om te zetten.
DTS-gecodeerd materiaal is op bepaalde DVD's en LD's beschikbaar, en op speciale alleen voor audio bestemde DTS CD's. U kunt elke LD, DVD of CD-speler, voorzien van een digitale uitgang, gebruiken om DTS-gecodeerde speciale audio-CD's met de AVR af te spelen, maar DTS-LD's en DTS-DVD's kunnen alleen op resp. LD-spelers en op DVD-spelers worden afgespeeld. Sluit zo'n speler aan op de optisch of coax digitale ingang 25 11.
Om DVD's die DTS zijn gecodeerd te beluisteren dient de DVD-speler compatibel zijn met het DTS-signaal, wat wordt aangegeven met het DTS-logo op het voorpaneel van de speler. Merk op dat sommige vroegere DVD-spelers misschien niet in staat zijn om DTS-gecodeerde DVD's af te spelen. Dit wijst niet op een probleem met de AVR 3550, want sommige spelers kunnen het DTS-signaal niet doorgeven via de digitale uitgangen. Indien u eraan twijfelt of uw DVD-speler DTS DVD's kan afspelen, raadpleeg dan de handleiding van de speler.
Denk er aan dat sommige DVD-spelers geleverd worden, ingesteld op uitsluitend Dolby Digital voor de digitale uitgang. Om ervoor te zorgen dat ook DTS signalen naar de AVR gaan, dient u het menusysteem van de DVD-speler te controle-ren.
PCM Audio afspelen
PCM (Puls Code Modulation) is een niet-gecomprimeerd digitaal audiosysteem dat gebruikt wordt voor compact discs, niet-Dolby Digital/DTS Laserdiscs en sommige speciaal PCM gecodeerde DVD's. De digitale schakelingen in de AVR 3550 kunnen digitaal-naar-analoog omzetten in hoge kwaliteit en kunnen rechtstreeks worden verbonden met de digitale audio-uitgang van uw CD- of LD-speler. (LD alleen voor PCM- of DTS-programma's, voor Dolby Digital discs is een RF-adapter nodig, zie pagina 'Dolby Digital').
Coax en Optisch digitale ingangen 25⑪ kunnen op de achterzijde worden aangesloten.
Om naar een PCM digitale bron te luisteren eerst de ingang (b.v. CD) kiezen om het videosignaal (indien aanwezig) naar de TV. Druk vervolgens op de digitale ingangskeuze 23 17 en gebruik vervolgens de ▲/▼ 14 op de afstandsbediening of instellen 5 op het frontpaneel, tot de gewenste keuze OPTICAL of COAX in de display N verschijnt. Druk op instellen 20 16 om de gewenste keuze in te voeren.
Wanneer een PCM bron speelt, zal de PCM-indicatie A oplichten. Tijdens PCM weergave kunt u elke surroundfunctie kiezen als beschreven op pagina 26 en 27, uitgezonderd Dolby Digital of DTS.
Digitale bron kiezen
Om een digitale functie te gebruiken dient een digitale bron correct op de AVR 3550 te zijn aangesloten. Sluit de digitale uitgangen van de DVD-spelers, HDTV-ontvangers, satellietsystemen en CD-spelers aan op de een optisch of coax digitale ingang 25 op de achterzijde aan. Om ook analoog te kunnen opnemen, dienen de analoge uitgangen van de digitale bron te worden verbonden met de juiste ingangen op de achterzijde van de AVR (voorbeeld: sluit de analoge stereo uitgang van een DVD-speler aan op de DVD-ingang 6 op de achterzijde, naast de digitale uitgangen van de bron).
Voor het afspelen van een digitale bron als DVD, kiest u eerst de ingang via de afstandsbediening of op de voorzijde, als in deze handleiding beschreven, om het videosignaal (indien aanwezig) naar de TV-monitor te sturen en het analoge audiosignaal voor opname beschikbaar te hebben. Wanneer de digitale ingang van de DVD-speler niet automatisch wordt gekozen (als gevolg van eerder gemaakte instellingen bij de configuratie van het systeem, zie pagina 19), kies dan de digitale bron met de digitale ingangskeuze 17 23 en gebruik ▲/▼ 14 op de afstandsbediening of de insteltoetsen 5 op de voorzijde om de OPTICAL of COAXIAL ingangen te kiezen, zoals deze in de display N indicatie 8 E of de in-beeld display verschijnen.
Speelt een digitale bron, dan zal de AVR automatisch signaleren of het om een meerkanaals Dolby Digital, DTS bron of een conventioneel PCM signaal, het standaard signaal van CD-spelers gaat. De signaaltype indicatie A licht op in de display 24 ter bevestiging dat het digitale signaal Dolby Digital, DTS of PCM is.
Denk er aan dat een digitale ingang (b.v. coax) gekoppeld blijft met de analoge ingang (b.v. DVD) zodra het is gesignaleerd, zodat het digitale signaal niet opnieuw gekozen hoeft te worden telkens wanneer een bepaalde ingang, bijvoorbeeld DVD, wordt gekozen.
Digitale status
Wanneer een digitale bron speelt, herkent de AVR het type bitstream data. Gebruik makend van deze informatie wordt de juiste surroundfunctie automatisch gekozen. Voorbeeld: bij DTS bitstream activeert het apparaat de DTS-decoder en bij Dolby Digital de Dolby Digital decoder. Bij binnenkomst van PCM data van CD's en LD's en sommige muziek DVD's of bepaalde nummers op normale DVD's, kan de juiste surroundfunctie met de hand worden gekozen. Daar de beschikbare surroundfuncties worden bepaald door het type digitale data, maakt de AVR gebruik van een aantal indicaties waaraan u kunt zien om wat voor signaal het gaat. Dit verheldert de keuze van functies en ingangen afhankelijk van het materiaal op de disc.
Wanneer een digitale bron speelt zal de bitstream indicatie A oplichten ten teken om welk signaal het gaat:
: Wanneer de Dolby D indicatie oplicht wordt een Dolby Digital bitstream ontvangen. Afhankelijk van het gekozen audionummer op de speler en het aantal kanalen op de disc zijn verschillende surroundfuncties mogelijk. Merk op dat het mogelijk is dat er maar één kanaal zonder subwoofer, aangeduid als '1.0' audio, kan zijn opgenomen op digitale surround audionummers, of juist alle vijf kanalen met subwoofer ('5.1' audio), en alle denkbare tussenvormen. Wanneer het Dolby Digital slechts uit twee kanalen bestaat ('2.0'), dan bevatten deze twee kanalen (links en rechts) vaak Pro Logic surround informatie. Bij zulke nummers schakelt de AVR automatisch naar Dolby Pro Logic II Movie (naast de normale Dolby Digital functie), maar u kunt ook de VMAx functie kiezen. Bevat het D.D. 2.0 signaal geen Pro Logic informatie, dan wordt automatisch normaal Dolby Digital gekozen, hoewel u zelf elke Pro Logic II functie kunt kiezen (gebruik in dat geval alleen Music of Emulation) of elke gewenste VMAx functie.
DTS: wanneer de DTS indicatie oplicht wordt een DTS bitstream ontvangen. Wordt dit type gegevens detecteert, dan kan alleen de DTS functie gebruikt worden.
PCM: wanneer de PCM indicatie oplicht wordt er een standaard Pulse Code Modulation of PCM signaal ontvangen. Dit is het type digitale audio dat gebruikt wordt op conventionele compact disc en laserdisc opnamen. Wanneer een PCM bitstream aanwezig is, dan zijn alle functies uitgezonderd Dolby Digital en DTS, beschikbaar. Merk op dat het PCM signaalformaat op de DVD-speler voor elke audionummer kan worden, zelfs voor Dolby Digital tracks (maar niet met Dolby Digital decodering). Er kunnen, indien gekozen, zelfs '2.0' DD audionummers met alle surroundfuncties afgespeeld worden, ook met het meest effectieve Logic 7.
Naast de signaaltype indicaties biedt de AVR 3550 een stel unieke kanaal indicaties die u vertellen hoeveel kanalen in de digitale informatie ontvangen worden en of het digitale signaal onderbroken wordt.
Deze indicaties zijn de letters L/C/R/LS/RS/LFE in de middelste vakjes van de luidspreker/kanaal functie ① in de display 24 op de voorzijde. Wanneer een standaard stereosignaal of matrix surround signaal gebruikt wordt zullen alleen de indicaties 'L' en 'R' oplichten, aangezien analoge signalen alleen respectievelijk een linker en een rechter kanaal hebben. Dat geldt zelfs bij surround opnamen, die de surround informatie alleen in het linker en rechter kanaal dragen. Digitale signalen daarentegen kunnen één tot zes kanalen bevatten, e.e.a. afhankelijk van het programmamateriaal, de uitzendmethode en de manier waarop zij gecodeerd zijn. Wanneer een digitaal signaal wordt afgespeeld zullen de letters oplichten conform het signaal dat wordt ontvangen. Het is belangrijk op te merken dat hoewel bijvoorbeeld naar Dolby Digital verwezen wordt als een '5.1' systeem, niet alle Dolby Digital DVD of audionummers op een DVD of ander Dolby Digital materiaal gecodeerd zijn voor 5.1. Het is normaal dat voor een DVD met Dolby Digital geluid alleen de 'L' en 'R' indicaties indicaties oplichten.
OPMERKING: Veel DVD's zijn opgenomen met zowel een '5.1' als een '2.0' versie van hetzelfde materiaal, waarbij de '2.0' versie vaak gebruikt wordt voor andere talen. Wanneer u een DVD afspeelt, controleer dan steeds het type materiaal op de schijf. De meeste discs geven deze informatie in de vorm van een overzicht of symbool op de hoes. Wanneer een disc meerdere systemen aanbiedt, zullen wellicht instellingen van de DVD-speler veranderd moeten worden (meestal via 'Audio Select' of vie een menu op de disc) om een compleet 5.1 signaal naar de AVR te zenden, of het gewenste geluid en de juiste taal te kiezen ('2.0' audionummers kunnen afgespeeld worden met alle Pro Logic II of VMAx functies, zie Dolby Digital op pagina 28). Het is ook mogelijk dat het type signaal verandert tijdens het afspelen van een DVD. In sommige gevallen zullen de voorbeelden van speciaal materiaal in 2.0 audio opgenomen zijn, terwijl het hoofdprogramma beschikbaar is in 5.1 audio. Zolang uw DVD-speler is ingesteld op 6-kanaals uitgangssignaal zal de AVR automatisch de veranderingen in de bitstream en het aantal kanalen detecteren en dit met de indicaties aangeven. De letters zoals gebruikt bij de indicaties luidsprekers/kanaal functie knipperen ook om aan te geven wanneer een bitstream onderbroken wordt. Dat gebeurt wanneer een digitale ingang voor het afspelen gekozen is, of wanneer een digitale bron zoals een DVD op pauze staat. De knipperende indicaties wijzen erop dat het afspelen is onderbroken door de afwezigheid van een digitaal signaal en niet door een fout in de AVR. Dit is normaal en de digitale weergave zal hervat worden zodra het afspelen opnieuw gestart wordt.
Nachtfunctie
Een speciale functie van Dolby Digital. Deze functie stelt u in staat om Dolby Digital bronnen volledig verstaanbaar af te spelen, maar met beperkte maximale piekniveaus, terwijl de zwakke signalen 1/4 tot 1/3 opgetrokken worden. Zo wordt vermeden dat abrupt luide overgangen anderen storen, zonder de impact van de digitale bron te beperken. De nachtfunctie is alleen beschikbaar wanneer de Dolby Digital functie gekozen is.
De nachtfunctie kan worden gekozen wanneer een Dolby Digital DVD speelt door op nachtfunctie 12 op de afstandsbediening. Druk vervolgens op ▲/▼ 14 om de gematigde of de volledige compressie (medium of full) van de nachtfunctie te kiezen. Om de nachtfunctie uit te schakelen drukt u op ▲/▼ 14 tot de aanwijzing onderin de video display en de display N D-R OFF aangeeft. Wanneer de nachtfunctie actief is licht ook de indicatie nachtfunctie 0 op. De nachtfunctie kan ook gekozen worden om altijd op dat compressieniveau te zijn, zodra de Dolby Digital functie wordt geactiveerd via de opties in het Surround Sound Setup menu. Zie pagina 22 voor informatie over het gebruik van de menu's om deze optie in te stellen.
BELANGRIJK BIJ DIGITALE WEERGAVE
-
Wanneer de digitale bron stopt, in pauze, in de functie snel zoeken of hoofdstuk zoeken staat, zullen de digitale gegevens tijdelijk stoppen en de kanaalposities in de luidspreker/kanaal functie 📄 zullen knipperen. Dit is normaal en wijst niet op een probleem met de AVR 3550 of met de bron. De AVR zal, zodra de gegevens weer beschikbaar zijn en wanneer het apparaat weer op afspelen staat, naar de normale digitale weergave terugkeren.
-
Hoewel de AVR bijna alle DVD films, CD's en HDTV bronnen kan decoderen, is het mogelijk dat sommige toekomstige digitale formaten niet door de AVR 3550 verwerkt kunnen worden.
-
Denk er aan dat niet alle digitaal gecodeerde programma's en niet alle audionummers op een DVD volledig 5.1-kanaals audio bevatten. Raadpleeg de handleiding van het programma bij uw DVD of laserdisc om na te gaan welk type audio op de disc is opgenomen. De AVR 3550 zal automatisch het type digitale surround codering detecteren, deze vervolgens aangeven in de luidspreker/kanaal functie indicatie en instellingen maken ter verwerking.
-
Wanneer een Dolby Digital of DTS bron speelt is het mogelijk dat u onder bepaalde omstandigheden enkele van de analoge surroundfuncties niet kunt kiezen, zoals Dolby Pro Logic II, Dolby 3, Stereo, Hall, Theater, 5-kanaals Stereo of Logic 7, tenzij u gebruik maakt van speciale audionummers (zie indicatie 'Dolby Digital' op de voorgaande pagina) of gekozen data formaat (zie 'PCM' op voorgaande pagina).
-
Wanneer een Dolby Digital of DTS bron speelt kan geen analoge opname worden gemaakt via de Tape uitgangen ② of Video 1 ⑤ uitgangen, wanneer de bron alleen is verbonden met een digitale ingang op de AVR. Maar het analoge tweekanaals signaal van die bron, de 'mixdown' naar Stereo of Dolby Surround, kan worden opgenomen door de analoge audio uitgangen met de juiste analoge ingangen (DVD bijvoorbeeld) van de AVR, zodra op de AVR de juiste analoge ingang is gekozen. Denk er aan dat DTS bronnen door de speler niet gemengd worden, tenzij de digitale uitgang op 'PCM' staat. Bovendien worden de digitale signalen worden doorgegeven naar de digitale audio uitgangen ⑩.
Opnemen
Bij normaal gebruik worden de audio en video signalen die op de AVR voor kijken en luisteren zijn gekozen door gestuurd naar de opname uitgangen. Dat betekent dat elk programma waar u naar kijkt of luistert simpelweg kan worden opgenomen door recorders aan te sluiten op de uitgangen Tape Outputs ② of Video 1
Outputs 5. Wordt een digitale audiorecorder aangesloten op één van de digital audio uitgangen 10 dan kunt u de digitale signalen opnemen met CD-R, MiniDisc of ander digitaal opnamesysteem. Denk er aan dat alle digitale signalen doorgestuurd naar zowel de coax als optisch digitale uitgangen, ongeacht het type digitale ingang dat werd gekozen.
OPMERKINGEN:
- De AVR 3500 kan een analoog signaal omzetten in een digitaal signaal. Op die manier kan het analoge of digitale signaal op een CD-R worden opgenomen via de digitale uitgang. Denk er aan dat wijziging van het formaat (b.v. van Dolby Digital naar PCM of omgekeerd) niet mogelijk is. Bovendien dient de digitale recorder geschikt te zijn voor het uitgangssignaal.
- Een analoge opname maken van een Dolby Digital of DTS bron is niet mogelijk wanneer de bron uitsluitend is aangesloten op een digitale ingang van de AVR. Een analoog tweekanaals signaal van deze bron kan wel opgenomen worden (zie punt 5 'Belangrijk bij digitale weergave' op de voorgaande pagina).
Het normale weergaveniveau van de AVR 3550 wordt ingesteld met behulp van het testsignaal, als beschreven op pagina 22-23. In sommige gevallen is het wenselijk de weergaveniveaus aan te passen met programmamateriaal waarmee u vertrouwd bent. Verder kunnen de niveaus voor de subwoofer en de stereo en VMAx functies alleen via deze procedure aangepast worden.
Om de uitgangsniveaus met programmamateriaal aan te passen via de display N of via inbeeld informatie (niet volledig!) dient eerst de surroundfunctie waarin u de luidsprekers wilt afstellen gekozen te worden. Zie opmerking hieronder. Start dan het door u gekozen programma en stel het referentieniveau voor de front links en rechts luidsprekers in met volume 19-34.
Is het referentieniveau eenmaal ingesteld, druk dan op kanaalkeuze 13 25 waarop geduren- de 3 seconden FL LEVEL in de displaN verschijnt. Om het niveau te veranderen drukt u eerst op instellen 16 20 en vervolgens gebruikt u de insteltoetsen 5 of ▲/▼ 14 om het niveau te verhogen of te verlagen. Gebruik NIET de volumeregelaar, want dit zal de referentie instelling wijzigen. Druk op de toets instellen 16 20, zodra de wijziging doorgevoerd is en druk vervolgens op de insteltoetsen 5 of ▲/▼ 14 om zonodig een ander kanaal te kiezen en in te stellen.
Om het niveau van de subwoofer aan te passen, drukt u op de insteltoetsen 5 of ▲/▼ 14 tot de aanwijzing SW LEVEL in de display of op de in-beeld display verschijnt (alleen van toepassing indien de subwoofer geactiveerd is).
Druk, zodra de naam van het gewenste kanaal in de display N en in beeld verschijnt, op instellen 1620 en volg de instructies op.
Herhaal de procedure zonodig, tot alle kanalen die u wilt afstellen zijn ingesteld. Druk als alle instellingen zijn uitgevoerd, tweemaal op de insteltoets 16 20 en de AVR zal terugkeren naar normale bediening.
Gebruikt u een disc met ruissignalen of een externe generator als bron om de uitgangsniveaus in te stellen, dan kunt u gebruik maken van de EzSet functie van de afstandsbediening om het juiste niveau (SPL) in te stellen. Om de afstandsbediening hiervoor te gebruiken en de sensor te activeren, start u het testsignaal en u drukt op SPL 36 en laat deze snel los. Zodra het testsignaal van de bron naar de linker front luidspreker wordt gevoerd opent u de volume-regelaar 19 34 tot de programma indicatie 3 op de afstandsbediening groen oplicht. Wanneer het testsignaal naar de luidspreker wordt gevoerd die u wilt instellen kan de pro-
gramma indicatie 3 van kleur veranderen om het niveau aan te geven. Corrigeer het niveau voor dat kanaal als aangegeven tot de LED groen oplicht voor alle kanalen. Rood betekent dat het signaal te sterk is, amber is te laag. Nadat alle uitgangsniveaus zijn ingesteld drukt u op SPL 36 om de sensor en de indicatie uit te schakelen.
De kanaaluitgang gekoppeld aan welke ingang dan ook, kan ook aangepast worden met het menu systeem 'volledig in-beeld display'. Stel allereerst met volume 19 34 op een plezierig geluidsniveau in. Druk vervolgens op in-beeld display 22 om in het hoofdmenu MASTER MENU (Afb.1) te komen. Druk daarna op 14 tot de cursor ▶ naast de regel CHANNEL ADJUST (KANAALKEUZE) staat. Druk op de toets instellen 16 om het menu CHANNEL ADJUST (KANAALKEUZE) (Afb.8) te activeren.

Afbeelding 8
Zodra het menu in beeld verschijnt, kunt u met ▲/▼ 14 de cursor ▶ in beeld naast het door u aan te passen kanaal te zetten. Druk vervolgens op de toetsen ◀▶ 15 31 om het uitgangs-niveau te verhogen of te verlagen.
Wanneer alle aanpassingen gerealiseerd zijn, drukt u op ▲▼ 14 om de cursor ▶ in beeld naar de positie RETURN TO MENU (terug naar menu) te verplaatsen, en druk om in het hoofdmenu andere aanpassingen te maken op instellen 16. Indien u geen verdere aanpassingen wenst te maken, dan drukt u op de toets in-beeld display 22 om het menusysteem te verlaten.
OPMERKING: de uitgangsniveaus kunnen voor iedere digitale en analoge surroundfunctie afzonderlijk ingesteld worden. Indien u andere niveaus voor een specifieke functie wenst, kies dan die functie en volg stapsgewijs bovengenoemde instructies. Bij aanpassen van de niveaus als hierboven omschreven, worden automatisch en in overeenstemming daarmee (en omgekeerd), de niveaus in het Output Adjust Menu (menu aanpassen uitgangsniveaus, Afb. 7, pagina 23) aangepast. Voor wat betreft de Stereo en VMAx functies, is de hier beschreven procedure de enige methode om een uitgangsniveau in te stellen, d.w.z. om een VMAx niveau met andere functies in overeenstemming te brengen.
Directe 6-kanaals ingang
De AVR 3550 is uitgerust voor uitbreiding in de toekomst door toepassing van extra, externe adapters voor formaten die de AVR niet kan verwerken. Wordt er een adapter aangesloten op de directe 6 kanaals ingang 9, dan kiest u die door op de 6-kanaals directe ingang 37 te drukken. De directe ingang voor de 6-kanalen kan tevens gekozen worden door op ingangskeuze 11 op het frontpaneel te drukken. Druk op deze toets tot de aanwijzing CH DIRECT (direct kanaal) in display N verschijnt en de groene LED naast de indicatie B C H (6 kanaals) ingangsindicatie 21. Let op dat bij gebruik van de directe 6 kanaals ingang geen surroundfunctie gekozen kan worden, aangezien de externe decoder de bewerking bepaalt. Bovendien staat er geen signaal op de opname-uitgangen bij gebruik van de directe 6-kanaals ingang en ook de klankregeling 16 18 en balans 17 werken niet.
Geheugenbeveiliging
De AVR 3550 is uitgerust met een geheugenbeveiliging die de opgeslagen zenders van de tuner en de systeemconfiguratie vasthoudt als het apparaat helemaal wordt uitgeschakeld, de stekker uit het stopcontact wordt genomen of wanneer de netspanning uitvalt. Dit geheugen blijft ca. 1 weken behouden; daarna dient alle informatie opnieuw te worden ingevoerd.
Gebruik van tuner
De AVR 3550 is geschikt voor de ontvangst van MG, FM en FM stereo zenders plus de ontvangst van RSD-gegevens. Zenders kunnen met de hand worden afgestemd, of worden opgeslagen als voorkeurzenders en weer worden opgeroepen uit een geheugen met een capaciteit voor 30 posities.
Zenderkeuze
1. Druk op MG/FM ⑦ op de afstandsbedie- ning om de tuner als ingang te kiezen, of door op de voorzijde op ingang ⑪ te drukken tot de tuner geactiveerd is, dan wel door direct op MG/FM ⑨ te drukken.
2. Druk nogmaals op MG/FM 7 of op de MG/FM 9 om tussen MG en FM om te schakelen, tot het gewenste bereik wordt aangegeven.
3. Druk op tunerfunctie 19 op de afstandsbediening of houd FM/MG 9 op het frontpaneel 3 seconden ingedrukt om handafstemming of automatische afstemming te kiezen. Zodra de indicatie AUTO P oplicht, zal de tuner alleen die zenders laten horen die met een voldoende sterk signaal binnenkomen om met een acceptabele kwaliteit ontvangen te kunnen worden. Wanneer de indicatie AUTO P niet oplicht, staat de tuner op handafstemming en gaat bij elke keer dat op afstemmen 8 wordt gedrukt een stapje voor of achteruit binnen het gekozen bereik.
4. Door op afstemmen 8 te drukken kunt u zenders opzoeken. Licht de indicatie AUTO P op, dan wordt na op de toets gedrukt te hebben de eerstvolgende zender op een hogere of lagere frequentie opgezocht die met een behoorlijk signaal binnenkomt. U kunt de toets ingedrukt houden om sneller te zoeken en het automatisch zoeken te activeren. Is Auto gekozen, dan zal de tuner alle zenders zowel in mono als in stereo laten horen, afhankelijk van de uitzending. Brandt de indicatie AUTO P niet, raak dan de toets afstemmen 8 kort aan om steeds één stap verder of terug te gaan, of houd de toets ingedrukt om bepaalde zender te zoeken. Zodra de indicatie afstemming L oplicht is correct op de zender afgestemd en dient de zender helder te klinken.
5. Ook kan er op zenders afgestemd worden door eerst op direct 20 te drukken en vervolgens met de cijfertoetsen 18 de frequentie van de zender in te voeren. Wanneer het laatste cijfer van de frequentie ingevoerd is wordt automatisch op de gewenste zender afgestemd. Mocht u bij het invoeren van de frequentie een verkeerde toets drukken, druk dan op wissen 28 om de frequentie opnieuw in te voeren.
OPMERKING: Is de FM ontvangst van een stereozender zwak, kan de kwaliteit verbeterd worden door om te schakelen naar mono. U doet dat door op tunerfunctie 19 op de afstandsbediening te drukken, of door FM/MG 9 op de voorzijde 3 seconden ingedrukt te houden tot de indicatie STEREO V uitgaat.
Opslaan voorkeurzenders
Er kunnen 30 zenders worden opgeslagen in het geheugen van de AVR 3550, die gemakkelijk kunnen worden opgeroepen via de toetsen op het frontpaneel, dan wel via de afstandsbediening. Om een zender in het geheugen op te slaan, stemt u eerst op de zender af door de hierboven beschreven stappen uit te voeren en dan:
1. Druk op de geheugentoets 29 op de afstandsbediening. Merk op dat de indicatie MEMORY U oplicht en knippert in de display.
2. Binnen vijf seconden kiest u met de cijfertoetsen 18 de positie waarop u de zender wilt opslaan. Het nummer verschijnt in de display bij voorkeurpositie/sluimerfunctie R.
3. Herhaal deze procedure voor alle zenders die u vast wilt leggen.
Oproepen van voorkeurzenders
- Om een eerder in het geheugen vastgelegde zenders met de hand te kiezen, drukt u op de cijfertoetsen 18 overeenkomend met de gewenste zender in het geheugen.
- Om stap voor stap de zenders in het geheugen te doorlopen, drukt u op voorkeurposities 10 op de voorzijde, of op voorkeuze hoger/lager 27 op de afstandsbediening.
RDS
De AVR 3550 is uitgerust met RDS (Radio Data System), dat op FM radio een breed scala aan informatie biedt. RDS wordt nu in vele landen gebruikt en is een systeem voor het zenden van zendernamen of netwerkinformatie, een aanduiding van het programmatype van de zender, tekstboodschappen over de zender of muziek-specificaties en de juiste tijd.
Aangezien steeds meer FM-zenders met RDS werken, kan de AVR dienen als een gemakkelijk te gebruiken bron voor zowel informatie als amusement. Dit hoofdstuk helpt u het RDS-systeem maximaal te benutten.
RDS-afstemming
Als er wordt afgestemd op een FM-zender die gebruik maakt van RDS, zal de indicatie RDS oplichten en zal de AVR automatisch de zendernaam of andere programmaservice in de display N aangeven.
RDS aanwijzingen
Het RDS-systeem biedt een breed aanbod aan informatie die als aanvulling op de zendernaam verschijnt wanneer voor het eerst op de zender wordt afgestemd. Bij normaal RDS gebruik zal de display de naam van de zender, zendgemachtigde of de oproepletters aangeven. Door op RDS functies 1226 te drukken kunt u door de verschillende soorten informatie schakelen, in deze volgorde:
\- Zendernaam (soms, zoals in Nederland, B.V. de naam van de omroep)
\- Zendfrequentie
\- Programmasoort (PTY) zoals in onderstaand overzicht aangegeven.
\- Radiotekst (RT) met een specifiek bericht via de zender die uitzendt. Denk er aan dat, indien de melding langer is dan de 8 posities van de display, de tekst zal doorlopen.Afhankelijk van de kwaliteit van het signaal, kan het tot 30 seconden duren voordat de melding verschijnt. Zodra RT is gekozen, zal het woord TEXT (tekst) knipperend in de display verschijnen.
\- Juiste tijd. Denk er aan dat het 2 minuten kan duren voordat de tijd verschijnt. In de tussentijd zal het woord TIME in display knipperen, wanneer CT (clock time) gekozen is. De nauwkeurigheid van de tijdmelding wordt bepaald door de zender, niet door de AVR.
Sommige RDS zenders gebruiken niet alle functies. Worden gegevens voor de gekozen functie niet verzonden, dan zal de display N de aanwijzing NO TYPE, NO TEXT, of NO TIME (geen soort, geen tekst, geen tijd) na enige tijd laten zien.
In iedere FM functie heeft RDS een voldoend sterk signaal nodig om correct te functioneren. Indien het zwak signaal is, of enkele van de RDS indicatie W knipperen, probeer dan de antenne beter te richten, of stem op een sterkere RDS-zender af.
Programmasoort (PTY)
Een belangrijke eigenschap van RDS is de mogelijkheid programmacodes voor de soort programma's (PTY – Program Type) mee te zenden. Deze codes geven het type programma van de uitzending aan. De onderstaande lijst geeft alle PTY afkortingen aan, met toelichting:
• (ALLEEN RDS)
• TRAFFIC: Verkeersinformatie
\- NEWS: Nieuws
• AFFAIRS: Actualiteiten
\- INFO: Algemene informatie
\- SPORT: Sport
• EDUCATE: Educatief
\- DRAMA: Drama
• CULTURE: Cultuur
• SCIENCE: Wetenschap
• VARIED: Gevarieerde praatprogramma's
• POP : Populaire muziek
\- ROCK: Rockmuziek
• MOR: Middle of the Road-muziek
• LIGHT: Licht klassieke muziek
• CLASSICS: Ernstige klassieke muziek
• OTHER M: Andere muziek
• WEATHER: Weerbericht
• FINANCE: Financiële informatie
• CHILDREN: Kinderprogramma's
• SOCIAL: Sociale zaken
• RELIGION: Religieuze uitzendingen
• PHONE IN: Telefoon talkshows
\- TEST: Test
• TRAVEL: Reis- en toeristische informatie
• LEISURE: Hobby en vrije tijd
\- JAZZ: Jazz muziek
• COUNTRY: Country muziek
• NATION: Nationale muziek
\- OLDIES: Goud van oud
• FOLK M: Volksmuziek
• DOCUMENT: Documentaire
\- TEST: Nood test
• ALARM: Noodinformatie
Op de volgende wijze kunt u een specifiek programmatype (PTY) zoeken:
1. Druk op RDS 12 26 tot de huidige PTY in de display N aangegeven wordt.
2. Zodra het PTY aangegeven wordt, drukt u op voorkeuze hoger/lager 1027, of houdt deze toets ingedrukt om door de lijst van beschikbare PTY typen, als hierboven aangegeven, te schakelen. Om snel en eenvoudig te zoeken naar de volgende zender die PTY gegevens uitzendt, kunt u de toets voorkeuze hoger/lager 1027 gebruiken tot RDS ONLY (alleen RDS) in de display verschijnt.
3. Druk op een van de toetsen afstemmen
8 21; de tuner begint de FM-band noor boven of beneden te doorzoeken op de eerste zender die RDS-gegevens uitzendt die overeenkomen met de gewenste keuze en voldoende sterk is voor kwaliteitsontvangst.
4. Terwijl de PTY in de display knippert, maakt de tuner een complete scan van de gehele FM-band en zoekt naar de eerstvolgende zender het gevraagde PTY type èn een acceptabele ont- vangst biedt. Wordt zo'n zender niet gevonden, verschijnt gedurende enkele seconde de melding NONE (geen) en keert de tuner terug naar de zender die gekozen was voordat het zoeken begon.
OPMERKINGEN:
\- Veel zenders zenden geen specifieke PTY uit, in welk geval de display NONE (geen) aangeeft.
\- Sommige zenders zenden voortdurende verkeersinformatie uit. Om als verkeersinformatie zender gedetecteerd te worden, zenden zij voortdurend een specifieke verkeerscode uit, waardoor de indicatie TA X in de display oplicht. Deze zenders kunnen gevonden worden door TRAFFIC (verkeer) te kiezen; deze optie staat in de lijst voor de optie NEWS (nieuws). De AVR zal desbetreffende zender vinden, ook al zendt deze zender tijdens het zoeken naar deze specifieke zender, geen verkeersinformatie uit.
De AVR 3550 is voorzien van een aantal geavanceerde functies, die het apparaat extra flexibel maken. Ook al is het niet noodzakelijk om deze extra's altijd te gebruiken, toch bieden zij vele extra keuzemogelijkheden, die u wellicht goed van pas komen.
Helderheid display
De display 24 op het frontpaneel van de AVR is standaard ingesteld op een helderheidsniveau dat voldoende is om de informatie in een normaal verlichte ruimte te kunnen lezen. Het is echter mogelijk dat u onder bepaalde omstandigheden de helderheid tijdelijk wilt wijzigen, of zelfs geheel wilt uitschakelen.
Om de ingestelde helderheid van de display voor een specifieke luistersessie te wijzigen, dient u een aanpassing te maken in het menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies). Om die instellingen te activeren drukt u op in-beeld display 22 om het MASTER MENU (hoofdmenu) in beeld te brengen. Druk tweemaal op ▲ 14 tot de cursor ▶ naast de regel ADVANCED (bijzonder) staat. Druk op instellen 16 om het menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies - Afb. 9) te activeren.

Afbeelding 9
Om de helderheid in het menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies) te wijzigen, dient de cursor ▶ (in beeld) naast de regel VF D te staan en druk vervolgens op▶31 tot het gewenste niveau van helderheid in beeld wordt aangegeven. Wanneer FULL (volledig) gemarkeerd is, zal de display de normale helderheid hebben. Is HALF (half) gemarkeerd, dan zal de display met halve helderheid oplichten. Is OFF (uit) gemarkeerd, dan zullen alle indicaties in de display 24 doven. Merk op dat de groene LED voor de ingangskeuze 21, de indicaties voor de surroundfunctie 14, plus de lichtnetindicatie 3 altijd actief blijven als teken dat het systeem geactiveerd is.
Wilt u nog andere instellingen in dit menu maken, druk dan op ▲/▼ 14 tot de in beeld cursor ▶ naast de gewenste instelling staat, of op de regel RETURN TO MENU (terug naar hoofdmenu) en druk dan op instellen 16. Zijn er geen andere instellingen meer te maken, druk dan op in-beeld display 22 om het menusysteem te verlaten.
De helderheid van het display kan ook gewijzigd worden door de toets instellen 16 3 seconden ingedrukt te houden, tot in de display N de aanwijzing VFD FULL (volledig) aangegeven wordt. Binnen 3 seconden dient u instellen 5 in te drukken tot de gewenste helderheid si bereikt. Op dat moment drukt u weer op instellen 20 om de instelling te activeren.
Zodra het gewenste helderheidsniveau gekozen is, zal deze instelling van kracht blijven tot een wijziging plaatsvindt of het systeem uitgeschakeld wordt.
Volume bij inschakeling
Net als bij de meeste audio/video receivers, zal de AVR, zodra deze uitgeschakeld wordt, de positie van de volumeregelaar onthouden. Om een standaard instelling te krijgen die altijd als u het systeem aanzet, wordt geactiveerd, dient u het menu ADVANCEDSELECT (bijzondere functies) aan te passen. Druk op in-beeld display 22 om het MASTERMENU (afb. 1) op te roepen. Druk tweemaal op ▲ 14 tot de cursor ▶ in beeld naast ADVANCED staat.
Druk op de toets instellen 16 om in het menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies - Afb. 9) te komen. Zorg ervoor dat de cursor ▶ in beeld naast de regel standaardinstellingen volume staat. Zonodig drukt u op ▲/▼ tot de gewenste regel gemarkeerd is. Druk vervolgens op de toets ▶ 14 tot het woord ON(aan) in beeld gemarkeerd wordt.
Druk dan één keer op de toets ▼ 14 zodat de cursor ▶ (in beeld) naast de regel VOLUME DEFAULT (instelling standaard volume) staat. Om het gewenste standaard volume bij het aanzetten van het systeem in te stellen, drukt u meermaals op ◀▶ 15 31 , of u houdt deze ingedrukt, tot het gewenste volume in de regel DEFAULT VOL SET (instelling standaard volume) aangegeven wordt. Merk op dat deze instelling niet met de reguliere volume knoppen wordt ingesteld.
OPMERKING: daar de instelling van het volume bij het aanzetten van het systeem niet hoorbaar is op het moment dat u de instelling maakt, kan het verstandig zijn de instelling van het volume tevoren te bepalen. Luister daarvoor naar een willekeurige bron, stel het volume met de reguliere volumeregelaar 19 34 in. Zodra het door u gewenste volume bereikt is, maakt u een notitie van deze instelling zodra deze op het onderste derde deel van de display N verschijnt (het typische volume verschijnt als negatief nummer, bijv. -25 dB). Wanneer de aanpassingen worden uitgevoerd, maak dan gebruik van toetsen ◀▶ 15 31 om deze instellingen in te voeren. In tegenstelling tot de andere instellingen in het hoofdmenu, blijft het standaard ingestelde volume van kracht tot deze in dit menu uitgeschakeld is. Deze instelling blijft derhalve behouden, ook nadat het systeem uitgeschakeld is.
In tegenstelling tot andere instellingen in het hoofdmenu, blijft het standaard ingestelde volumeniveau van kracht totdat deze in dit menu uitgeschakeld is. Deze instelling blijft derhalve behouden, ook nadat het systeem uitgeschakeld is.
Wilt u nog andere instellingen in dit menu maken, druk dan op ▲/▼ 14 tot de in beeld cursor ▶ naast de gewenste instelling staat, of op de regel RETURN TO MENU (terug naar hoofdmenu) en druk dan op instellen 16. Zijn er geen andere instellingen meer te maken, druk dan op in-beeld display 22 om het menusysteem te verlaten.
Gedeeltelijke in-beeld display
Het gedeeltelijk in-beeld display systeem laat, zodra het volume, de ingangskeuze, de surroundfunctie of de afgestemde frequentie, of welke andere configuratie instelling dan ook gewijzigd is, in één regel in het onderste deel van het beeld de status zien. Het gedeeltelijk in-beeld display systeem is handig omdat het via het beeld informatie over alle wijzigingen en instellingen verschaft, welke op het front moeilijk leesbaar zijn. Het kan echter zijn dat u deze displays soms, voor bepaalde luistersessies, uit wenst te schakelen. Ook kan de duur dat de informatie in beeld staat worden aangepast. Beide opties zijn binnen de AVR 3550 mogelijk.
Om het gedeeltelijk in-beeld display systeem uit te schakelen, dient u binnen het menu
ADVANCED SELECT (bijzondere functies - Afb. 9) aanpassingen te maken. Om de correctie te activeren drukt u op in-beeld display
22 om het MASTER MENU (hoofdmenu) in beeld te krijgen. Druk tweemaal op ▲ 14 tot de in-beeld cursor ▼ naast de regel ADVAN-CED staat. Druk op insteller 16 om het
menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies) op te roepen.
Overtuig uzelf ervan dat binnen het menu
ADVANCED SELECT (bijzondere functies) de cursor u (in beeld) naast de regel SEMI
OSD (gedeeltelijk in-beeld standaard instelling) staat. Druk indien nodig op de toetsen ▲/▼
14. Druk vervolgens op de toets ► zodat het woord OFF (uit) in beeld gemarkeerd wordt.
Merk op dat deze instelling slechts tijdelijk is en alleen actief is tot de instelling gewijzigd wordt of de AVR uitgeschakeld wordt. Zodra het systeem uitgeschakeld is, zal de gedeeltelijke in-beeld display de voorkeur houden, zelfs indien dit in de voorgaande luistersessie uitgeschakeld werd.
Om de tijdsduur dat het gedeeltelijke in-beeld display in beeld verschijnt te wijzigen, gaat u naar het menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies), als hierboven beschreven.
Druk op de toetsen ▲/▼ 14 tot de cursor ▶ (in beeld) naast de regel SEMI OSD
TIME OUT (gedeeltelijk in-beeld standaard instelling) staat. Druk zonodig op de toetsen
▲/▼. Druk vervolgens op de toetsen ◀▶
15 31 tot de gewenste tijd in seconden wordt aangegeven. Merk op dat dit, in tegenstelling tot de meeste andere opties in dit menu, een permanente wijziging van de instelling is en dat de invoer van de vervaltijd van kracht blijft tot deze gewijzigd wordt. Deze instelling blijft bestaan, ook als het systeem uitgeschakeld wordt.
Wilt u nog andere instellingen in dit menu maken, druk dan op ▲/▼ 14 tot de in beeld cursor ▶ naast de gewenste instelling staat, of op de regel RETURN TO MENU (terug naar hoofdmenu) en druk dan op instellen 16. Zijn er geen andere instellingen meer te maken, druk dan op in-beeld display 22 om het menusysteem te verlaten.
Aanpassen in-beeld duur ('time-out')
Het systeemmenu FULL OSD (volledig in-beeld) wordt gebruikt om het wijzigen van instellingen van de AVR via een aantal in-beeld menu's te vereenvoudigen. De door de fabrikant ingestelde standaard instelling laat de menu's, wanneer gedurende 20 seconden geen activiteit plaatsvindt verdwijnen. Deze vervaltijd is een beveiliging om inbranden van de tekst op het beeldscherm te voorkomen. Desgewenst kan de duur van het menu in beeld aan de wensen worden aangepast.
Om de vervaltijd van het FULL OSD (volledig in-beeld) te wijzigen, gaat u naar het menu
ADVANCED SELECT (bijzondere functies - Afb. 1). Om het instellen te starten drukt u op in-beeld display 22 om het MASTER
MENU op te roepen. Druk tweemaal op ▲14 tot de cursor ▼ in beeld op de regel ADVANCED staat. Druk op instellen16 om in het menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies - Afb. 9) te komen.
In het menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies) controleert u dat de cursor u (in beeld) naast de regel FULL OSD (volledig inbeeld) staat. Dit kan zonodig met de toetsen
▲/▼ 14. Druk vervolgens op de toetsen ◀▶ 15 31 tot de gewenste tijd in seconden wordt aangegeven. Merk op dat dit, in tegenstelling tot de meeste andere opties in dit menu, een permanente wijziging van de instelling betreft en dat de invoer van de vervaltijd van kracht blijft is tot deze gewijzigd wordt. Deze instelling blijft dus ook gelden als het systeem uitgeschakeld wordt.
Wilt u nog andere instellingen in dit menu maken, druk dan op ▲/▼ 14 tot de in beeld cursor ▶ naast de gewenste instelling staat, of op de regel RETURN TO MENU (terug naar hoofdmenu) en druk dan op instellen 16. Zijn er geen andere instellingen meer te maken, druk dan op in-beeld display 22 om het menusysteem te verlaten.
De AVR 3550 is voorzien van een krachtige afstandsbediening, die niet alleen de functies van de receiver bedient, maar tevens de meest gangbare merken audio en video apparatuur, inclusief CD-spelers, TV-systemen, kabelsystemen, VCR's (videorecorders) satellietontvangers en andere thuisbioscoop apparatuur. Zodra de AVR eenmaal is geprogrammeerd met de codes voor de door u gebruikte apparatuur, is het mogelijk om de meeste andere afstandsbedieningen te laten vervallen en te vervangen door slechts één, inwendig verlichte, universele afstandsbediening.
Programmeren met codes
Op de fabriek is de afstandsbediening volledig geprogrammeerd voor alle functies van de AVR 3550, plus die voor de meeste Harman Kardon cassettedecks, CD-wisselaars, CD en DVD-spe- lers. Bovendien kunt u, door één van de onderstaande methoden te volgen, de afstandsbedie- ning programmeren op een groot aantal apparaten van andere fabrikanten.
Codes rechtstreeks invoeren
Dit is de gemakkelijkste manier om uw afstandsbediening te programmeren op verschillende producten:
1. Gebruik de tabellen op de volgende pagina's om de driecijferige code of codes te vinden voor de merknaam en het type product (b.v. VCR, TV). Vindt u meer dan één nummer voor een apparaat, probeer dan de verschillende mogelijkheden.
2. Zet het product dat u wilt programmeren aan met de afstandsbediening van de AVR 3550.
3. Druk op ingangskeuze 5 voor het type product dat u wilt programmeren en muting 38 en houd beide vast. Zodra de programma/SPL indicatie 3 amber wordt en knippert laat u de toetsen los. Begin de volgende stap binnen 20 seconden.
4. Wanneer het apparaat dat u wilt programmeren op afstand in/uit geschakeld kan worden gaat u als volgt verder:
a. Richt de afstandsbediening van de AVR op het te programmeren apparaat en voer de eerste driecijferige code in met de cijfertoetsen 18. Wanneer het apparaat dat u programmeert nu uitgeschakeld wordt heeft u de juiste code. Druk nogmaals op de ingangskeuze 5 en zie dat het rode lichtje onder de ingangskeuze driemaal knippert en dooft als bevestiging van de invoer.
b. Wordt het apparaat dat u programmeert niet uitgeschakeld, voer dan een andere driecijferige code in tot het apparaat wel uitschakelt. Dat is dan de juiste code. Druk weer op ingangskeuze ⑤ en zie dat de rode indicatie onder de ingangskeuze driemaal knippert en dooft om de invoer te bevestigen.
5. Wanneer het inschakelen van het te programmeren apparaat niet lukt via de afstandsbediening, volg dan onderstaande stappen (max. 20 seconden na stap 3, anders moet eerst stap 3 worden herhaald):
a. Voer de eerste driecijferige code in met de cijfertoetsen 18 en druk weer op de ingangskeuze 5. Druk op een willekeurige transportfunctie die op afstand kan worden bediend, B.V. pauze of weergave ▶ 24. Wanneer het apparaat dat u programmeert nu werkt is de juiste code ingevoerd.
b. Werkt de functie die werd ingetoetst van het apparaat niet, herhaal dan de stappen 3 en 5a hierboven met het volgende driecijferige codenummer in de tabel voor dat merk en type product, tot het apparaat wel reageert.
6. Probeer alle functies op de afstandsbediening uit, om er zeker van te zijn dat het product goed werkt. Bedenk dat veel fabrikanten een aantal verschillende combinaties gebruiken, het is daarom een goed idee niet alleen te controleren of het commando voor inschakelen, maar ook of volume, kanaal en transport naar behoren werken. Als de functies niet goed werken heeft u waarschijnlijk een andere code nodig.
7. Reageert het apparaat niet op enige ingevoerde code, of komt de code voor uw product niet voor in de tabellen, of werken niet alle producten goed, probeer dan de afstandsbediening te programmeren met de automatische zoekmethode.
Opmerking bij gebruik AVR 3550 afstandsbediening met een Harman Kardon CD Recorder.
Op de fabriek is de afstandsbediening voorgeprogrammeerd voor besturing van de Harman Kardon CD-spelers. Tevens kunnen de meeste functies op de CD-Recorder CDR2 en CDR20 (zie overzicht op pagina 40) bestuurd worden nadat code '002' is ingevoerd bij de CD keuze ③ als hiervoor beschreven. Om terug te gaan naar de CD-speler besturing voert u weer code '001' in.
Automatische zoekmethode
Wanneer het apparaat dat u wilt programmeren op de afstandsbediening van de AVR niet voorkomt in de codetabellen, of als de code niet goed lijkt te werken, kunt u proberen de juiste code te programmeren met behulp van de onderstaande automatische zoekmethode. Merk op dat de automatische zoekmethode uitsluitend werkt voor apparaten met een op afstand bediende aan/uit-functie:
1. Zet het product dat u wilt programmeren op de afstandsbediening van de AVR 3550 aan.
2. Druk de ingangskeuze 5 voor het bedoelde product (B.V. VCR, TV) en de muting 3 gelijktijdig in. Zodra de programma/SPL indicatie 3 amber wordt en knippert, laat u de toetsen los. Voer de volgende stap binnen 20 seconden uit.
3. Om er achter te komen of de volgende stap voorgeprogrammeerd is richt u de afstandsbediening van de AVR op het apparaat dat u wilt programmeren en u drukt op ▲ 14 en houd deze vast. Nu wordt elke keer dat de rode indicatie onder ingangskeuze 5 knippert een reeks codes uit de ingebouwde database van de afstandsbediening uitgezonden. Zodra het apparaat dat geprogrammeerd moet worden uitschakelt laat u toets ▲ 14 los. Denk er aan dat het een paar minuten kan duren voordat de juiste code is gevonden en het apparaat uitgeschakeld wordt.
4. Wordt ▲ niet losgelaten zodra het apparaat uitschakelt, dan wordt de juiste code weer 'overschreven', doe daarom een test: schakel het apparaat weer in en, terwijl de ingangskeuze 5 rood oplicht drukt u eenmaal op ▲ 14 en dan ook eenmaal op ▼ 14. Schakelt het apparaat nu uit, dan was de juiste code gevonden, zo niet dan is deze 'overschreven'. Om de juiste code terug te vinden drukt u terwijl de rode indicatie onder ingangskeuze 5 nog brandt meermaals (niet vasthouden) op ▼ 14 om terug te gaan door de codes en let goed op de reactie bij elke keer dat u indrukt. Zodra het apparaat uitgeschakeld wordt heeft u de juiste code gevonden.
5. Druk weer op de ingangskeuze ⑤ en merk op dat de rode indicatie driemaal knippert en dan dooft ter bevestiging van de invoer.
6. Probeer alle functies op de afstandsbediening om er zeker van te zijn dat het product werkt. Vergeet niet dat veel fabrikanten een aantal verschillende codecombinaties gebruiken, en het is goed te controleren dat niet alleen de aan-/uit schakelaar van de voeding werkt, maar ook dat volume, kanaal en transport goed werken. Als niet alle functies goed werken, kunt u de automatische zoekmethode gebruiken om een andere code te zoeken, of om een code direct in te voeren.
Macro's programmeren
Met macro's kunt u gemakkelijk veelgebruikte combinaties van bevelen vastleggen en met één druk op een knop van de afstandsbediening van de AVR uitvoeren. Eenmaal geprogrammeerd kan een macro maximaal 19 verschillende codes van de afstandsbediening in een vooraf vastgelegde volgorde uitzenden, om bijvoorbeeld het systeem in te schakelen, bronnen te veranderen, en andere veelgebruikte handelingen uit te voeren. De AVR afstandsbediening kan maximaal vijf verschillende macro combinaties opslaan, én in combinatie met de netschakelaar 1, en vier andere die toegankelijk zijn via de toets macro 23.
1. Druk tegelijk op muting 38 en op macro 23 die u wilt programmeren of op de netschakelaar 1. Merk op dat de laatst gebruikte ingangskeuze rood zal oplichten en programma/SPL indicatie 3 knippert amber.
2. Voer de stappen voor de macro reeks in door op de toets voor het bedoelde bevel te drukken. Hoewel de macro maximaal uit 19 stappen kan bestaan, telt elke handeling, ook het omschakelen naar een ander apparaat, als een stap. De programma/SPL indicatie ③ knippert groen als bevestiging dat u een bevel heeft ingevoerd.
OPMERKING: druk voor het invoeren van een inschakelbevel van een apparaat tijdens het invoeren van een macro op muting 38. Gebruik NIET de werkelijke netschakelaar.
- Vergeet niet de juiste ingangskeuze 5 in te drukken voordat u naar een ander apparaat omschakelt. Dat geldt ook voor AVR keuze 6 zolang deze niet rood oplicht en AVR functies worden geprogrammeerd
3. Wanneer alle stappen zij ingevoerd drukt u op sluimerfunctie 10 om de bevelen op te slaan. De rode indicatie onder de ingangskeuze 5 6 knippert en dooft dan.
Voorbeeld: om de Macro 1 23 toets te programmeren zodat de AVR en uw TV worden ingeschakeld, gaat u als volgt te werk:
- Druk tegelijkertijd op macro 1 23 en op muting 38 en laat deze los.
- Denk er aan dat de programma/SPL indicatie amber zal knipperen.
• Druk op AVR keuze 6
- Druk op muting 38 om het inschakelen van de AVR op te slaan.
- Druk op VID 2 ingangskeuze ⑤ om de volgende stap – TV inschakelen – in te voeren.
- Druk op muting 38 om het inschakelen van de TV op te slaan.
- Druk op sluimerfunctie/kanaal hoger 10 om het proces af te ronden en de macro op te slaan.
Na deze stappen uitgevoerd te hebben zullen al deze apparaten worden ingeschakeld zodra u op Macro 1 23 drukt.
Wissen macro's
Op de volgende wijze kunt u bevelen die in een macro zijn ondergebracht wissen:
1. Druk tegelijk op muting 38 en op de toets macro 23 waarop de bevelen die u wilt wissen zijn opgeslagen.
2. Merk op dat de programma/SPL indicatie ③ amber knippert en dat de LED onder de AVR keuze ⑥ rood wordt.
3. Binnen tien seconden drukt u op surround-
functie keuze/kanaal lager 11
4. De rode LED onder de AVR keuze dooft en de programma/SPL indicatie ③ wordt groen, knippert driemaal en dooft.
5. Zodra de programma/SPL indicatie ③
dooft en de macro is gewist.
Geprogrammeerde apparaatfuncties
Wanneer de afstandsbediening van de AVR 3550 is geprogrammeerd op de codes van andere apparaten, drukt u op de juiste ingangskeuze 5 om de afstandsbediening om te schakelen van bediening van de AVR naar het andere product. Drukt u op een van deze toetsen, dan zal deze kort oplichten, om aan te geven dat de bediening op een ander apparaat is overgeschakeld.
Bedient u een ander apparaat dan de AVR, hoeven de toetsen niet altijd overeen te komen met de functie die op de afstandsbediening of toets staat aangegeven. Sommige opdrachten, zoals de cijfertoetsen, zijn dezelfde als bij de AVR. Andere toetsen veranderen van functie en corresponderen met de secundaire indicatie op de afstandsbediening. Voorbeeld: de sluimer- en surround functietoetsen fungeren ook als programma hoger/lager toetsen bij de bediening van een TV-toestel, videorecorder of satellietontvanger.
Soms klopt echter ook de opgedrukte functie niet. Raadpleeg dan de tabel op pagina 38 om te zien welke functie een toets bedient. Kies in de tabel eerst het type apparaat dat u bedient (B.V. TV, VCR) en vervolgens kijkt u naar de afbeelding van de afstandsbediening op pagina 38. Om het gemakkelijk te maken zijn de toetsen genummerd.
Om er achter te komen welke functie een toets voor een specifiek apparaat bestuurt, zoekt u het nummer van de toets in het Functie Overzicht en dan kijkt u in de kolom naar het apparaat dat u bestuurt. Voorbeeld: toets nummer 52 is de Macro 2 toets voor de AVR 3550, maar is ook de toets 'favoriet' bij veel kabel-TV en satellietontvanger set-top boxen. Toets nummer 30 is de vertraging voor de AVR 3550, maar open/dicht voor CD-spelers.
Denk er daarom aan dat de nummers die de toetsfuncties in de linker kolom omschrijven, anders zijn dan die welke in deze handleiding worden gebruikt om de functies van de AVR te beschrijven.
Belangrijk bij het gebruik van de afstandsbediening van de AVR 3550 met andere apparaten
- Fabrikanten kunnen verschillende codesets gebruiken voor dezelfde productcategorie. Daarom is het belangrijk dat u controleert of de code die u heeft ingevoerd wel op alle functies werkt. Als blijkt dat niet alle functies werken, controleer dan of er een andere code is die meer functies kan besturen.
- Afhankelijk van merk en type is het mogelijk dat de functies zoals opgesomd in het functie overzicht, niet overeenstemmen met het juiste commando voor een functie, terwijl het apparaat op het commando reageert. In dat geval is het verstandig de reactie van het apparaat te noteren
op dezelfde regel van de tabel, of een aparte notitie te maken.
- Wordt een toets ingedrukt op de afstandsbediening van de AVR, dan moet de rode indicatie onder de ingangskeuze 5 vóór het te bedienen product kort knipperen. Knippert het echter wel voor sommige, maar niet voor alle functies van een bepaald product, betekent dat NIET dat er een probleem is met de afstandsbediening, maar dat er geen functie geprogrammeerd is voor de toets die ingedrukt werd.
- De afstandsbediening is voorgeprogrammeerd met de codes van apparaten van de nieuwste generatie en kunnen afwijken van die welke voor eerdere generaties werden gebruikt.
Volume doorschakelen
De afstandsbediening van de AVR kan worden geprogrammeerd om volume hoger/lager 34 en muting 38 te regelen van een TV of de AVR in combinatie met een van de zes apparaten die met de afstandsbediening worden bestuurd. Voorbeeld: daar de AVR waarschijnlijk wordt gebruikt als het geluidssysteem bij TV-kijken, kan het handig zijn het volume van de AVR te regelen, hoewel de afstandsbediening is omgeschakeld op de tv.
Om de afstandsbediening van de volumeregelaar door te schakelen gaat u als volgt te werk:
1. Druk tegelijk op de ingangskeuze 5 voor het apparaat dat u aan de volumeregelaar wilt koppelen en muting 38 tot de rode indicatie onder de ingangskeuze 5 op lichte en merk op dat programma/SPL indicatie 3 amber knippert.
2. Druk op volume hoger 34 en merk op dat programma/SPL indicatie 3 stopt amber te knipperen.
3. Druk op AVR keuze 6 of op ingangskeuze 5, afhankelijk van welke volumeregeling u wilt koppelen aan het doorschakelen. De programma/SPL indicatie 3 knippert driemaal groen en dooft als bevestiging van de invoer.
Voorbeeld: om de volumeregelaar van de AVR te activeren ondanks het feit dat deze geschakeld is op de TV, drukt u eerst tegelijk op Video/TV 35 en muting 38. Vervolgens drukt u op Volume hoger 34, gevolgd door AVR keuze 6.
OPMERKING: wanneer u wilt terugkeren naar de oorspronkelijke configuratie van de afstandsbediening na een doorschakeling van het volume geprogrammeerd te hebben, herhaalt u deze stappen. Alleen drukt u nu op Video/TV 35 in stap 1 en 3.
Kanaalkeuze doorschakelen
De afstandsbediening van de AVR kan geprogrammeerd worden zodat de kanaalkeuze van de TV, kabel- of satellietontvanger in uw systeem wordt gebruikt in combinatie met andere apparaten die worden bediend. Voorbeeld: bij het besturen van de VCR wilt u wellicht een ander kanaal kiezen op de kabel- of satellietaansluiting zonder eerst van de afstandsbediening van het andere apparaat te hoeven terugschakelen naar bediening van de AVR. Om de afstandsbediening te programmeren op doorschakeling van de kanaalkeuze, volgt u deze stappen:
1. Druk tegelijk op ingangskeuze 5 voor het apparaat waaraan u de kanaalkeuze wilt koppelen en op muting 38 tot de rode indicatie onder de ingangskeuze oplicht en de programma/SPL indicatie 3 knippert in amber.
2. Druk op volume lager 34 en merk op dat programma/SPL indicatie 3 stopt amber te knipperen.
3. Druk op AVR keuze ⑥ of op ingangskeuze ⑤, afhankelijk van welk apparaat u wilt koppelen aan het doorschakelen. De programma/SPL indicatie ③ knippert driemaal groen en dooft als bevestiging van de invoer.
Voorbeeld: om de kanalen van de TV te veranderen terwijl de afstandsbediening op de VCR is geschakeld, drukt u eerst tegelijk op VID 1/VCR ingangskeuze 5 en op muting 38. Laat de toetsen los en druk op volume lager 34, gevolgd door VID 2/TV ingangskeuze 5.
OPMERKING: om de doorschakeling van de kanaalkeuze te verwijderen en de oorspronkelijke configuratie weer te kunnen gebruiken, herhaalt u de stappen hierboven. Druk echter op VID 1/VCR ingangskeuze in stap 1 and 3.
Transport doorschakelen
De afstandsbediening van de AVR kan geprogrammeerd worden zodat de transportfuncties 24 (weergave, stop, snel vooruit, snel achteruit, pauze en opname) van een VCR, DVD of CD in samenhang met de andere functies zullen werken met een van de andere apparaten die door de afstandsbediening worden bestuurd. Voorbeeld: bij gebruik en bediening van de TV kunt u de VCR of DVD willen starten of stoppen, zonder het apparaat dat voor de afstandsbediening van de AVR is gekozen te moeten veranderen. Om de afstandsbediening te programmeren op transport doorschakelen gaat u als volgt te werk:
1. Druk tegelijk op ingangskeuze 5 voor het apparaat waaraan u het transport wilt koppelen en op muting 38 tot de rode indicatie onder de ingangskeuze oplicht en de programma/SPL indicatie 3 knippert in amber.
2. Druk op weergave 24. De programma/SPL indicatie 3 stopt amber te knipperen.
3. Druk op AVR keuze 6 of op ingangskeuze 5, afhankelijk van welk apparaat u wilt koppelen aan het doorschakelen. De programma/SPL indicatie 3 knippert driemaal groen en dooft als bevestiging van de invoer.
Voorbeeld: om het transport van een CD-speler te besturen terwijl de afstandsbediening op de TV is geschakeld, drukt u tegelijk op VID 2/TV ingangskeuze 5 en op muting 38. Vervolgens laat u ze los en u drukt op weergave 24, gevolgd door de CD ingangskeuze 5.
OPMERKING: om de transport doorschakeling te verwijderen en naar de oorspronkelijke configuratie terug te keren, herhaalt u de stappen hierboven. Druk echter op VID 2/TV ingangskeuze in stap 1 en 3.
OPMERKING: voordat u de afstandsbediening voor volume, kanaal of transport programmeert, eerst controleren of de programmering nodig voor de specifieke TV, CD, DVD, kabel- of satellietontvangers is uitgevoerd.
Resetten geheugen afstandsbediening
Bij het toevoegen van componenten aan een home theater systeem, zult u soms de afstandsbediening geheel opnieuw willen programmeren om verwarring van bevelen, macro's of doorschakelingen die u heeft gemaakt te voorkomen. U doet dat door de afstandsbediening in de oorspronkelijke fabrieksinstelling terug te zetten. Denk er wel aan dat daarmee alle bevelen worden gewist en alles opnieuw moet worden ingevoerd. Ga als volgt te werk:
1. Druk tegelijk op een willekeurige ingangs- keuze ⑤ en op '0' ⑱ tot de programma/ SPL indicatie ③ amber knippert.
2. Druk driemaal op '3'.
3. De rode LED onder de ingangskeuze 5 dooft en de programma/SPL indicatie 3 stopt met knipperen en wordt groen.
4. De programma/SPL indicatie ③ blijft groen tot de afstandsbediening is gereset. Denk er aan dat dit even kan duren, afhankelijk van het aantal bevelen dat in de afstandsbediening zijn opgeslagen en gewist moeten worden.
5. Wanneer de programma/SPL indicatie ③
dooft is de afstandsbediening teruggezet in de fabrieksinstelling.

Nr. Toets naam AVR functie DVD CD/CDR
1 Inschakelen Inschakelen Inschakelen 2 Uitschakelen Uitschakelen Uitschakelen 3 Muting Muting 4 AVR AVR keuze 5 DVD DVD ingang DVD 6 CD CD ingang CD Keuze 7 Tape Tape ingang 8 VID 1 Video 1 ingang 9 VID 2 Video 2 ingang 10 CBL/SAT Video 3 ingang 11 MG/FM Tuner ingang 12 6 Kanaals ingang 6 kanaals ingang 13 SPL SPL 14 Sluimer Sluimer 15 Test Testsignal -/ingangskeuze 16 TV/DVD -/CDP keuze 17 Volume hoger Volume hoger Volume hoger 18 Surroundfunctie Surroundfunctie -/CDR keuze 19 Nacht Nachtfunctie Ondertitels in/uit 20 Spare 21 Volume lager Volume lager Volume lager 22 Kanaal/Gids Kanaal fijnregeling Titel 23 ▲ Verplaatsen/hoger Hoger 24 Luidspreker/menu Luidspreker/correctie Menu Intro/- 25 Verplaatsen/correctie links Links 26 Instellen Instellen Enter 27 Verplaatsen/correctie rechts Rechts 28 Digital/exit Digitale ingang Open/dicht 29 Verplaatsen correctie lager Lager 30 Vertraging/vorig kanaal Vertraging correctie Terug Open/dicht 31 1 1 1 1 32 2 2 2 2 33 3 3 3 3 34 4 4 4 4 35 5 5 5 5 36 6 6 6 6 37 7 7 7 7 38 8 8 8 8 39 Afstemming Tunerfunctie Hoofdstuk Herhalen 40 9 9 9 9 41 0 0 0 0 42 Geheugen Geheugen Audio Tijd/CDR display 43 Afstemmen hoger Afstemmen hoger 44 Direct Direct frequentie ingeven Hoek Willekeurig 45 Wissen Wissen Wissen Wissen 46 Voorkeuze hoger Voorkeuze hoger Langzaam vooruit +10/- 47 Afstemmen lager Afstemmen lager -/hoger nummer 48 In-beeld display In-beeld display 49 RDS RDS Select Disc overslaan Disc overslaan 50 Voorkeuze lager Voorkeuze/afstemmen lager Langzaam achteruit 51 M1 52 M2 53 M3 54 M4 55 Terugspoelen Zoeken achteruit Zoeken achteruit 56 Weergave Weergave Weergave 57 Snel vooruit Zoeken vooruit Zoeken vooruit 58 Ophame -/opname 59 Stop Stop Stop 60 Pauze Pauze Pauze 61 Skip lager Skip - Skip - 62 Skip hoger Skip + Skip +
Functie overzicht
Nr. Toets naam Tape VCR (VID 1) TV (VID 2) CBL SAT 1 Inschakelen Inschakelen Inschakelen Inschakelen Inschakelen Inschakelen 2 Uitschakelen Uitschakelen Uitschakelen Uitschakelen Uitschakelen Uitschakelen 3 Muting Muting 4 AVR 5 DVD 6 CD 7 Tape Tape 8 VID 1 VCR ingang 9 VID 2 TV ingang 10 CBL/SAT Cable/Sat ingang Cable/Sat ingang 11 MG/FM 12 6 Kanaals ingang 13 SPL 14 Sluimer Kanaal + Kanaal + Kanaal + Kanaal + 15 Test 16 TV/VCR TV/VCR TV/kabel TV/Sat 17 Volume hoger Volume hoger Volume hoger 18 Surroundfunctie Kanaal - Kanaal - Kanaal - 19 Nacht 20 Spare 21 Volume lager Volume lager 22 Kanaal/Gids Info/gids Info/gids 23 Hoger Hoger Hoger Hoger 24 Luidspreker/menu Menu Menu Menu Menu 25 Links Links Links Links 26 Instellen Enter Enter Enter Enter 27 Rechts Rechts Rechts Rechts 28 Digitaal/exit Exit Exit Exit Exit 29 Lager Lager Lager Lager 30 Vertraging/vorig kanaal Vorig Kanaal Vorig Kanaal Vorig Kanaal 31 1 1 1 1 1 32 2 2 2 2 2 33 3 3 3 3 3 34 4 4 4 4 4 35 5 5 5 5 5 36 6 6 6 6 6 37 7 7 7 7 7 38 8 8 8 8 8 39 Afstemming 40 9 9 9 9 9 41 0 0 0 0 0 42 Geheugen 43 Afstemmen hoger 44 Direct 45 Wissen Wissen Wissen Wissen Wissen 46 Voorkeuze hoger 47 Afstemmen lager 48 In-beeld display In-beeld display In-beeld display In-beeld display In-beeld display 49 RDS 50 Voorkeuze lager 51 M1 Cancel Sluimer PPV Cancel 52 M2 Favoriet Favoriet 53 M3 Passeren Volgende 54 M4 Muziek Alt 55 Terugspoelen Terugspoelen Terugspoelen Dag - Dag - 56 Wergave Weergave Weergave 57 Snel vooruit Doorspoolen Doorspoolen Dag + Dag + 58 Opname Opname/opn. pauze Opname 59 Stop Stop Stop 60 Pauze Pauze 61 Skip lager Scan - Pagina - Pagina - 62 Skip hoger Scan + Pagina + Pagina +
SYMPTOOM OORZAAK OPLOSSING
Apparaat werkt niet wanneer de • Geen netspanning • Controleer lichtnetaansluiting netschakelaar 1 wordt ingedrukt. • Controleer of er spanning op het stopcontact staat Display licht op maar geen • Onderbroken ingangssignaal • Controleer alle aansluitingen geluid en geen beeld • Muting ingeschakeld • Druk op muting • Volume is geheel teruggedraaid • Draai het volume omhoog Geluid hoorbaar maar display licht niet op • Display helderheid uitgeschakeld • Volg de aanwijzingen over de helderheid van de display op pagina 34 Geen enkele luidspreker werkt; standby 2 rood • Versterker beveiliging actief, kortsluiting • Versterker beveiliging actief, intern probleem • Controleer luidsprekerverbindingen op kortsluiting • Neem contact op met uw leverancier Geen geluid uit surround en centrum luidsprekers • Onjuiste surroundfunctie • Onjuiste configuratie • Controleer de luidsprekerfunctie • Stereo of mono programma • Luidsprekers verkeerd aangesloten • Kies een andere functie dan stereo • Bij Dolby surroundfuncties kan geen informatie voor achterkanalen aanwezig zijn • Controleer luidspreker aansluitingen eventueel met testsignaal Apparaat reageert niet op de afstandsbediening • Zwakke batterijen in afstandsbediening • Verkeerde apparaat gekozen • Sensor afstandsbediening 15 geblokkeerd • Vervang batterijen • Druk op AVR 6 • Controleer of de sensor op de voorzijde niet wordt afgedekt door een voorwerp of meubel Intermitterende brom in de tuner • Lokale interferentie • Verplaats het apparaat of de antenne, uit de buurt van computers, TL-buizen, motoren of andere elektrische apparaten Indicatie in kanaalaanduiding knippert display 1 en audio stopt • Digitale audiosignaal pauzeert • Hervat weergave DVD • Controleer of een digitaal signaal naar de ingang wordt gestuurd
Processor resetten
In het zeldzame geval dat de werking van het apparaat en/of de display niet normaal lijkt kan de oorzaak liggen in een foutieve werking van het geheugen of de microprocessor.
Om dat te corrigeren neemt u de stekker van het apparaat uit het stopcontact en wacht minimaal drie minuten voordat u deze weer in het stopcontact steekt. Controleer nu de werking van het apparaat. Werkt het nog steeds niet goed, dan kan een reset noodzakelijk zijn.
Daarmee wordt het gehele systeemgeheugen van de AVR 3550 inclusief alle instellingen van de tuner, uitgangsniveaus (componentenniveaus) en de gegevens voor luidsprekercombinaties, verwijderd. Zet eerst het systeem aan met standby
2. Druk vervolgens tegelijk op klankregeling
6 en houd deze drie seconden vast.
Het systeem zal nu automatisch activeren met de melding RESET in de display. Denk er aan dat na deze handeling alle instellingen van het systeem en de tuner opnieuw moeten worden gemaakt.
OPMERKING: het resetten van de processor zal alle instellingen die u heeft gemaakt wissen: uitgangsniveaus van de luidsprekers, de uitgangsniveaus, surroundfuncties, toewijzing van de digitale ingangen en de opgeslagen radiozenders. Na het resetten keert het apparaat terug in de fabrieksinstelling en moeten alle instellingen opnieuw worden gemaakt.
Functioneert het systeem nu nog steeds niet goed, dan kan een elektrische ontlading er verantwoordelijk voor zijn dat de processor en/of het geheugen is vernield.
Raadpleeg in dat geval de Harman Kardon technische dienst.
Audio gedeelte
Stereo
Continu nominaal vermogen (FTC)
65 watt per kanaal, 20 Hz – 20 kHz,
@ <0,07% THD, beide kanalen uitgestuurd in 8 ohm
Vijf kanaals surroundfuncties
Vermogen per kanaal
Front L&R kanalen:
55 watt per kanaal,
@ <0,07% THD, 20 Hz – 20 kHz in 8 ohm
Centrum kanaal:
55 watt, @ <0,07% THD, 20 Hz – 20 kHz in 8 ohm
Surround kanalen:
55 watt per kanaal,
@ <0,07% THD, 20 Hz – 20 kHz in 8 ohm
Ingangsgevoeligheid/impedantie
Lineair (lijnniveau) 200 mV/47 kohm
Signaal/ruis-afstand (IHF-A) 95 dB
Surround overspraak
Analoge opname 40 dB
(Pro Logic II, enz.)
Dolby Digital (AC-3) 55 dB
DTS 55 dB
Frequentiebereik
@ 1 W (+0 dB, -3 dB) 10 Hz – 100 kHz
High Instantaneous
Current Capability (HCC) + 28 Amp.
Transiënt Intermodulatie
Vervorming (TIM) Onmeetbaar
Stijgtijd 16 msec
Slew rate 40 V/msec
FM tuner
Afstembereik 87,5 – 108 MHz
Bruikbare gevoeligheid IHF 1,3 μV / 13,2 dBf
Signaal/ruis-afstand Mono/stereo: 70/65 dB (DIN)
Vervorming Mono/stereo: 0,15/0,3%
Stereo kanaalscheiding 35 dB @ 1 kHz
Selectiviteit +300 kHz: 65 dB
Spiegelonderdrukking 80 dB
MF onderdrukking 90 dB
MG tuner
Afstembereik 522 – 1620 kHz
Signaal/ruis-afstand 45 dB
Bruikbare gevoeligheid kamerantenne: 500 μV
Vervorming 1 kHz, 50% mod.: 0,8%
Selectiviteit +9 kHz: 30 dB
Video gedeelte
Videosysteem PAL/NTSC
Ingangsniveau/impedantie 1 Vtt / 75 ohm
Uitgangsniveau/impedantie 1 Vtt / 75 ohm
Video frequentiebereik 10 Hz – 8 MHz (-3 dB)
Algemeen
Lichnetspanning AC 220 – 240 V / 50 Hz
Opgenomen vermogen 72 W zonder signaal, 580 W maximum
(twee kanalen uitgestuurd)
Afmetingen (max)
Breedte 440 mm
Hoogte 166 mm
Diepte 390 mm
Gewicht 12,0 kg
Diepte inclusief knoppen, toetsen en aansluitingen.
Hoogte inclusief voetjes en chassis.
Alle technische gegevens kunnen zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd.
Harman Kardon is een geregistreerd handelsmerk en 'Power for the Digital Revolution' is een handelsmerk van Harman International Industries, Inc.
EzSet is een handelsmerk van Harman International Industries, Inc.
(Patent nr. 5.386.478)
* Gefabriceerd onder licentie van Dolby Laboratories.
'Dolby', 'Pro Logic' en het dubbele D symbool zijn geregistreerde handelsmerken van Dolby Laboratories. Confidential Unpublished Works. ©1992-1999 Dolby Laboratories, Inc. Alle rechten voorbehouden.
'DTS' en 'DTS Digital Surround' zijn handelsmerken van Digital Theater Systems Inc.
†† UltraStereo is een geregistreerde handelsmerk van UltraStereo Corp.VMAx is een handelsmerk van Harman International Industries, Inc. en is een implementatie van Cooper Bauck Transaural Stereo patent onder licentie.
Logic 7 is een geregistreerd handelsmerk van Lexicon, Inc.
Crystal is een geregistreerd handelsmerk van Cirrus Logic Corp.
harman/kardon
H A Harman International Company
250 Crossways Park Drive, Woodbury, New York 11797
www.harmankardon.com
Harman Consumer International:
2, route de Tours, 72500 Château-du-Loir, France
© 2002 Harman Kardon, Incorporated
Best.nr. cqx1a777z
Directe 6-kanaals ingang
De AVR 3550 is uitgerust voor uitbreiding in de toekomst door toepassing van extra, externe adapters voor formaten die de AVR niet kan verwerken. Wordt er een adapter aangesloten op de directe 6 kanaals ingang 9, dan kiest u die door op de 6-kanaals directe ingang 37 te drukken. De directe ingang voor de 6-kanalen kan tevens gekozen worden door op ingangskeuze 11 op het frontpaneel te drukken. Druk op deze toets tot de aanwijzing CH DIRECT (direct kanaal) in display N verschijnt en de groene LED naast de indicatie B C H (6 kanaals) ingangsindicatie 21. Let op dat bij gebruik van de directe 6 kanaals ingang geen surroundfunctie gekozen kan worden, aangezien de externe decoder de bewerking bepaalt. Bovendien staat er geen signaal op de opname-uitgangen bij gebruik van de directe 6-kanaals ingang en ook de klankregeling 16 18 en balans 17 werken niet.Geheugenbeveiliging
De AVR 3550 is uitgerust met een geheugenbeveiliging die de opgeslagen zenders van de tuner en de systeemconfiguratie vasthoudt als het apparaat helemaal wordt uitgeschakeld, de stekker uit het stopcontact wordt genomen of wanneer de netspanning uitvalt. Dit geheugen blijft ca. 1 weken behouden; daarna dient alle informatie opnieuw te worden ingevoerd.Gebruik van tuner
De AVR 3550 is geschikt voor de ontvangst van MG, FM en FM stereo zenders plus de ontvangst van RSD-gegevens. Zenders kunnen met de hand worden afgestemd, of worden opgeslagen als voorkeurzenders en weer worden opgeroepen uit een geheugen met een capaciteit voor 30 posities.Zenderkeuze
1. Druk op MG/FM ⑦ op de afstandsbedie- ning om de tuner als ingang te kiezen, of door op de voorzijde op ingang ⑪ te drukken tot de tuner geactiveerd is, dan wel door direct op MG/FM ⑨ te drukken. 2. Druk nogmaals op MG/FM 7 of op de MG/FM 9 om tussen MG en FM om te schakelen, tot het gewenste bereik wordt aangegeven. 3. Druk op tunerfunctie 19 op de afstandsbediening of houd FM/MG 9 op het frontpaneel 3 seconden ingedrukt om handafstemming of automatische afstemming te kiezen. Zodra de indicatie AUTO P oplicht, zal de tuner alleen die zenders laten horen die met een voldoende sterk signaal binnenkomen om met een acceptabele kwaliteit ontvangen te kunnen worden. Wanneer de indicatie AUTO P niet oplicht, staat de tuner op handafstemming en gaat bij elke keer dat op afstemmen 8 wordt gedrukt een stapje voor of achteruit binnen het gekozen bereik. 4. Door op afstemmen 8 te drukken kunt u zenders opzoeken. Licht de indicatie AUTO P op, dan wordt na op de toets gedrukt te hebben de eerstvolgende zender op een hogere of lagere frequentie opgezocht die met een behoorlijk signaal binnenkomt. U kunt de toets ingedrukt houden om sneller te zoeken en het automatisch zoeken te activeren. Is Auto gekozen, dan zal de tuner alle zenders zowel in mono als in stereo laten horen, afhankelijk van de uitzending. Brandt de indicatie AUTO P niet, raak dan de toets afstemmen 8 kort aan om steeds één stap verder of terug te gaan, of houd de toets ingedrukt om bepaalde zender te zoeken. Zodra de indicatie afstemming L oplicht is correct op de zender afgestemd en dient de zender helder te klinken. 5. Ook kan er op zenders afgestemd worden door eerst op direct 20 te drukken en vervolgens met de cijfertoetsen 18 de frequentie van de zender in te voeren. Wanneer het laatste cijfer van de frequentie ingevoerd is wordt automatisch op de gewenste zender afgestemd. Mocht u bij het invoeren van de frequentie een verkeerde toets drukken, druk dan op wissen 28 om de frequentie opnieuw in te voeren. OPMERKING: Is de FM ontvangst van een stereozender zwak, kan de kwaliteit verbeterd worden door om te schakelen naar mono. U doet dat door op tunerfunctie 19 op de afstandsbediening te drukken, of door FM/MG 9 op de voorzijde 3 seconden ingedrukt te houden tot de indicatie STEREO V uitgaat.Opslaan voorkeurzenders
Er kunnen 30 zenders worden opgeslagen in het geheugen van de AVR 3550, die gemakkelijk kunnen worden opgeroepen via de toetsen op het frontpaneel, dan wel via de afstandsbediening. Om een zender in het geheugen op te slaan, stemt u eerst op de zender af door de hierboven beschreven stappen uit te voeren en dan: 1. Druk op de geheugentoets 29 op de afstandsbediening. Merk op dat de indicatie MEMORY U oplicht en knippert in de display. 2. Binnen vijf seconden kiest u met de cijfertoetsen 18 de positie waarop u de zender wilt opslaan. Het nummer verschijnt in de display bij voorkeurpositie/sluimerfunctie R. 3. Herhaal deze procedure voor alle zenders die u vast wilt leggen.Oproepen van voorkeurzenders
- Om een eerder in het geheugen vastgelegde zenders met de hand te kiezen, drukt u op de cijfertoetsen 18 overeenkomend met de gewenste zender in het geheugen. - Om stap voor stap de zenders in het geheugen te doorlopen, drukt u op voorkeurposities 10 op de voorzijde, of op voorkeuze hoger/lager 27 op de afstandsbediening.RDS
De AVR 3550 is uitgerust met RDS (Radio Data System), dat op FM radio een breed scala aan informatie biedt. RDS wordt nu in vele landen gebruikt en is een systeem voor het zenden van zendernamen of netwerkinformatie, een aanduiding van het programmatype van de zender, tekstboodschappen over de zender of muziek-specificaties en de juiste tijd. Aangezien steeds meer FM-zenders met RDS werken, kan de AVR dienen als een gemakkelijk te gebruiken bron voor zowel informatie als amusement. Dit hoofdstuk helpt u het RDS-systeem maximaal te benutten.RDS-afstemming
Als er wordt afgestemd op een FM-zender die gebruik maakt van RDS, zal de indicatie RDS oplichten en zal de AVR automatisch de zendernaam of andere programmaservice in de display N aangeven.RDS aanwijzingen
Het RDS-systeem biedt een breed aanbod aan informatie die als aanvulling op de zendernaam verschijnt wanneer voor het eerst op de zender wordt afgestemd. Bij normaal RDS gebruik zal de display de naam van de zender, zendgemachtigde of de oproepletters aangeven. Door op RDS functies 1226 te drukken kunt u door de verschillende soorten informatie schakelen, in deze volgorde: \- Zendernaam (soms, zoals in Nederland, B.V. de naam van de omroep) \- Zendfrequentie \- Programmasoort (PTY) zoals in onderstaand overzicht aangegeven. \- Radiotekst (RT) met een specifiek bericht via de zender die uitzendt. Denk er aan dat, indien de melding langer is dan de 8 posities van de display, de tekst zal doorlopen.Afhankelijk van de kwaliteit van het signaal, kan het tot 30 seconden duren voordat de melding verschijnt. Zodra RT is gekozen, zal het woord TEXT (tekst) knipperend in de display verschijnen. \- Juiste tijd. Denk er aan dat het 2 minuten kan duren voordat de tijd verschijnt. In de tussentijd zal het woord TIME in display knipperen, wanneer CT (clock time) gekozen is. De nauwkeurigheid van de tijdmelding wordt bepaald door de zender, niet door de AVR. Sommige RDS zenders gebruiken niet alle functies. Worden gegevens voor de gekozen functie niet verzonden, dan zal de display N de aanwijzing NO TYPE, NO TEXT, of NO TIME (geen soort, geen tekst, geen tijd) na enige tijd laten zien. In iedere FM functie heeft RDS een voldoend sterk signaal nodig om correct te functioneren. Indien het zwak signaal is, of enkele van de RDS indicatie W knipperen, probeer dan de antenne beter te richten, of stem op een sterkere RDS-zender af.Programmasoort (PTY)
Een belangrijke eigenschap van RDS is de mogelijkheid programmacodes voor de soort programma's (PTY – Program Type) mee te zenden. Deze codes geven het type programma van de uitzending aan. De onderstaande lijst geeft alle PTY afkortingen aan, met toelichting: • (ALLEEN RDS) • TRAFFIC: Verkeersinformatie \- NEWS: Nieuws • AFFAIRS: Actualiteiten \- INFO: Algemene informatie \- SPORT: Sport • EDUCATE: Educatief \- DRAMA: Drama • CULTURE: Cultuur • SCIENCE: Wetenschap • VARIED: Gevarieerde praatprogramma's • POP : Populaire muziek \- ROCK: Rockmuziek • MOR: Middle of the Road-muziek • LIGHT: Licht klassieke muziek • CLASSICS: Ernstige klassieke muziek • OTHER M: Andere muziek • WEATHER: Weerbericht • FINANCE: Financiële informatie • CHILDREN: Kinderprogramma's • SOCIAL: Sociale zaken • RELIGION: Religieuze uitzendingen • PHONE IN: Telefoon talkshows \- TEST: Test • TRAVEL: Reis- en toeristische informatie • LEISURE: Hobby en vrije tijd \- JAZZ: Jazz muziek • COUNTRY: Country muziek • NATION: Nationale muziek \- OLDIES: Goud van oud • FOLK M: Volksmuziek • DOCUMENT: Documentaire \- TEST: Nood test • ALARM: Noodinformatie Op de volgende wijze kunt u een specifiek programmatype (PTY) zoeken: 1. Druk op RDS 12 26 tot de huidige PTY in de display N aangegeven wordt. 2. Zodra het PTY aangegeven wordt, drukt u op voorkeuze hoger/lager 1027, of houdt deze toets ingedrukt om door de lijst van beschikbare PTY typen, als hierboven aangegeven, te schakelen. Om snel en eenvoudig te zoeken naar de volgende zender die PTY gegevens uitzendt, kunt u de toets voorkeuze hoger/lager 1027 gebruiken tot RDS ONLY (alleen RDS) in de display verschijnt. 3. Druk op een van de toetsen afstemmen 8 21; de tuner begint de FM-band noor boven of beneden te doorzoeken op de eerste zender die RDS-gegevens uitzendt die overeenkomen met de gewenste keuze en voldoende sterk is voor kwaliteitsontvangst. 4. Terwijl de PTY in de display knippert, maakt de tuner een complete scan van de gehele FM-band en zoekt naar de eerstvolgende zender het gevraagde PTY type èn een acceptabele ont- vangst biedt. Wordt zo'n zender niet gevonden, verschijnt gedurende enkele seconde de melding NONE (geen) en keert de tuner terug naar de zender die gekozen was voordat het zoeken begon.OPMERKINGEN:
\- Veel zenders zenden geen specifieke PTY uit, in welk geval de display NONE (geen) aangeeft. \- Sommige zenders zenden voortdurende verkeersinformatie uit. Om als verkeersinformatie zender gedetecteerd te worden, zenden zij voortdurend een specifieke verkeerscode uit, waardoor de indicatie TA X in de display oplicht. Deze zenders kunnen gevonden worden door TRAFFIC (verkeer) te kiezen; deze optie staat in de lijst voor de optie NEWS (nieuws). De AVR zal desbetreffende zender vinden, ook al zendt deze zender tijdens het zoeken naar deze specifieke zender, geen verkeersinformatie uit. De AVR 3550 is voorzien van een aantal geavanceerde functies, die het apparaat extra flexibel maken. Ook al is het niet noodzakelijk om deze extra's altijd te gebruiken, toch bieden zij vele extra keuzemogelijkheden, die u wellicht goed van pas komen.Helderheid display
De display 24 op het frontpaneel van de AVR is standaard ingesteld op een helderheidsniveau dat voldoende is om de informatie in een normaal verlichte ruimte te kunnen lezen. Het is echter mogelijk dat u onder bepaalde omstandigheden de helderheid tijdelijk wilt wijzigen, of zelfs geheel wilt uitschakelen. Om de ingestelde helderheid van de display voor een specifieke luistersessie te wijzigen, dient u een aanpassing te maken in het menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies). Om die instellingen te activeren drukt u op in-beeld display 22 om het MASTER MENU (hoofdmenu) in beeld te brengen. Druk tweemaal op ▲ 14 tot de cursor ▶ naast de regel ADVANCED (bijzonder) staat. Druk op instellen 16 om het menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies - Afb. 9) te activeren. Afbeelding 9
Om de helderheid in het menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies) te wijzigen, dient de cursor ▶ (in beeld) naast de regel VF D te staan en druk vervolgens op▶31 tot het gewenste niveau van helderheid in beeld wordt aangegeven. Wanneer FULL (volledig) gemarkeerd is, zal de display de normale helderheid hebben. Is HALF (half) gemarkeerd, dan zal de display met halve helderheid oplichten. Is OFF (uit) gemarkeerd, dan zullen alle indicaties in de display 24 doven. Merk op dat de groene LED voor de ingangskeuze 21, de indicaties voor de surroundfunctie 14, plus de lichtnetindicatie 3 altijd actief blijven als teken dat het systeem geactiveerd is. Wilt u nog andere instellingen in dit menu maken, druk dan op ▲/▼ 14 tot de in beeld cursor ▶ naast de gewenste instelling staat, of op de regel RETURN TO MENU (terug naar hoofdmenu) en druk dan op instellen 16. Zijn er geen andere instellingen meer te maken, druk dan op in-beeld display 22 om het menusysteem te verlaten. De helderheid van het display kan ook gewijzigd worden door de toets instellen 16 3 seconden ingedrukt te houden, tot in de display N de aanwijzing VFD FULL (volledig) aangegeven wordt. Binnen 3 seconden dient u instellen 5 in te drukken tot de gewenste helderheid si bereikt. Op dat moment drukt u weer op instellen 20 om de instelling te activeren. Zodra het gewenste helderheidsniveau gekozen is, zal deze instelling van kracht blijven tot een wijziging plaatsvindt of het systeem uitgeschakeld wordt.Volume bij inschakeling
Net als bij de meeste audio/video receivers, zal de AVR, zodra deze uitgeschakeld wordt, de positie van de volumeregelaar onthouden. Om een standaard instelling te krijgen die altijd als u het systeem aanzet, wordt geactiveerd, dient u het menu ADVANCEDSELECT (bijzondere functies) aan te passen. Druk op in-beeld display 22 om het MASTERMENU (afb. 1) op te roepen. Druk tweemaal op ▲ 14 tot de cursor ▶ in beeld naast ADVANCED staat. Druk op de toets instellen 16 om in het menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies - Afb. 9) te komen. Zorg ervoor dat de cursor ▶ in beeld naast de regel standaardinstellingen volume staat. Zonodig drukt u op ▲/▼ tot de gewenste regel gemarkeerd is. Druk vervolgens op de toets ▶ 14 tot het woord ON(aan) in beeld gemarkeerd wordt. Druk dan één keer op de toets ▼ 14 zodat de cursor ▶ (in beeld) naast de regel VOLUME DEFAULT (instelling standaard volume) staat. Om het gewenste standaard volume bij het aanzetten van het systeem in te stellen, drukt u meermaals op ◀▶ 15 31 , of u houdt deze ingedrukt, tot het gewenste volume in de regel DEFAULT VOL SET (instelling standaard volume) aangegeven wordt. Merk op dat deze instelling niet met de reguliere volume knoppen wordt ingesteld. OPMERKING: daar de instelling van het volume bij het aanzetten van het systeem niet hoorbaar is op het moment dat u de instelling maakt, kan het verstandig zijn de instelling van het volume tevoren te bepalen. Luister daarvoor naar een willekeurige bron, stel het volume met de reguliere volumeregelaar 19 34 in. Zodra het door u gewenste volume bereikt is, maakt u een notitie van deze instelling zodra deze op het onderste derde deel van de display N verschijnt (het typische volume verschijnt als negatief nummer, bijv. -25 dB). Wanneer de aanpassingen worden uitgevoerd, maak dan gebruik van toetsen ◀▶ 15 31 om deze instellingen in te voeren. In tegenstelling tot de andere instellingen in het hoofdmenu, blijft het standaard ingestelde volume van kracht tot deze in dit menu uitgeschakeld is. Deze instelling blijft derhalve behouden, ook nadat het systeem uitgeschakeld is. In tegenstelling tot andere instellingen in het hoofdmenu, blijft het standaard ingestelde volumeniveau van kracht totdat deze in dit menu uitgeschakeld is. Deze instelling blijft derhalve behouden, ook nadat het systeem uitgeschakeld is. Wilt u nog andere instellingen in dit menu maken, druk dan op ▲/▼ 14 tot de in beeld cursor ▶ naast de gewenste instelling staat, of op de regel RETURN TO MENU (terug naar hoofdmenu) en druk dan op instellen 16. Zijn er geen andere instellingen meer te maken, druk dan op in-beeld display 22 om het menusysteem te verlaten.Gedeeltelijke in-beeld display
Het gedeeltelijk in-beeld display systeem laat, zodra het volume, de ingangskeuze, de surroundfunctie of de afgestemde frequentie, of welke andere configuratie instelling dan ook gewijzigd is, in één regel in het onderste deel van het beeld de status zien. Het gedeeltelijk in-beeld display systeem is handig omdat het via het beeld informatie over alle wijzigingen en instellingen verschaft, welke op het front moeilijk leesbaar zijn. Het kan echter zijn dat u deze displays soms, voor bepaalde luistersessies, uit wenst te schakelen. Ook kan de duur dat de informatie in beeld staat worden aangepast. Beide opties zijn binnen de AVR 3550 mogelijk. Om het gedeeltelijk in-beeld display systeem uit te schakelen, dient u binnen het menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies - Afb. 9) aanpassingen te maken. Om de correctie te activeren drukt u op in-beeld display 22 om het MASTER MENU (hoofdmenu) in beeld te krijgen. Druk tweemaal op ▲ 14 tot de in-beeld cursor ▼ naast de regel ADVAN-CED staat. Druk op insteller 16 om het menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies) op te roepen. Overtuig uzelf ervan dat binnen het menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies) de cursor u (in beeld) naast de regel SEMI OSD (gedeeltelijk in-beeld standaard instelling) staat. Druk indien nodig op de toetsen ▲/▼ 14. Druk vervolgens op de toets ► zodat het woord OFF (uit) in beeld gemarkeerd wordt. Merk op dat deze instelling slechts tijdelijk is en alleen actief is tot de instelling gewijzigd wordt of de AVR uitgeschakeld wordt. Zodra het systeem uitgeschakeld is, zal de gedeeltelijke in-beeld display de voorkeur houden, zelfs indien dit in de voorgaande luistersessie uitgeschakeld werd. Om de tijdsduur dat het gedeeltelijke in-beeld display in beeld verschijnt te wijzigen, gaat u naar het menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies), als hierboven beschreven. Druk op de toetsen ▲/▼ 14 tot de cursor ▶ (in beeld) naast de regel SEMI OSD TIME OUT (gedeeltelijk in-beeld standaard instelling) staat. Druk zonodig op de toetsen ▲/▼. Druk vervolgens op de toetsen ◀▶ 15 31 tot de gewenste tijd in seconden wordt aangegeven. Merk op dat dit, in tegenstelling tot de meeste andere opties in dit menu, een permanente wijziging van de instelling is en dat de invoer van de vervaltijd van kracht blijft tot deze gewijzigd wordt. Deze instelling blijft bestaan, ook als het systeem uitgeschakeld wordt. Wilt u nog andere instellingen in dit menu maken, druk dan op ▲/▼ 14 tot de in beeld cursor ▶ naast de gewenste instelling staat, of op de regel RETURN TO MENU (terug naar hoofdmenu) en druk dan op instellen 16. Zijn er geen andere instellingen meer te maken, druk dan op in-beeld display 22 om het menusysteem te verlaten.Aanpassen in-beeld duur ('time-out')
Het systeemmenu FULL OSD (volledig in-beeld) wordt gebruikt om het wijzigen van instellingen van de AVR via een aantal in-beeld menu's te vereenvoudigen. De door de fabrikant ingestelde standaard instelling laat de menu's, wanneer gedurende 20 seconden geen activiteit plaatsvindt verdwijnen. Deze vervaltijd is een beveiliging om inbranden van de tekst op het beeldscherm te voorkomen. Desgewenst kan de duur van het menu in beeld aan de wensen worden aangepast. Om de vervaltijd van het FULL OSD (volledig in-beeld) te wijzigen, gaat u naar het menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies - Afb. 1). Om het instellen te starten drukt u op in-beeld display 22 om het MASTER MENU op te roepen. Druk tweemaal op ▲14 tot de cursor ▼ in beeld op de regel ADVANCED staat. Druk op instellen16 om in het menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies - Afb. 9) te komen. In het menu ADVANCED SELECT (bijzondere functies) controleert u dat de cursor u (in beeld) naast de regel FULL OSD (volledig inbeeld) staat. Dit kan zonodig met de toetsen ▲/▼ 14. Druk vervolgens op de toetsen ◀▶ 15 31 tot de gewenste tijd in seconden wordt aangegeven. Merk op dat dit, in tegenstelling tot de meeste andere opties in dit menu, een permanente wijziging van de instelling betreft en dat de invoer van de vervaltijd van kracht blijft is tot deze gewijzigd wordt. Deze instelling blijft dus ook gelden als het systeem uitgeschakeld wordt. Wilt u nog andere instellingen in dit menu maken, druk dan op ▲/▼ 14 tot de in beeld cursor ▶ naast de gewenste instelling staat, of op de regel RETURN TO MENU (terug naar hoofdmenu) en druk dan op instellen 16. Zijn er geen andere instellingen meer te maken, druk dan op in-beeld display 22 om het menusysteem te verlaten. De AVR 3550 is voorzien van een krachtige afstandsbediening, die niet alleen de functies van de receiver bedient, maar tevens de meest gangbare merken audio en video apparatuur, inclusief CD-spelers, TV-systemen, kabelsystemen, VCR's (videorecorders) satellietontvangers en andere thuisbioscoop apparatuur. Zodra de AVR eenmaal is geprogrammeerd met de codes voor de door u gebruikte apparatuur, is het mogelijk om de meeste andere afstandsbedieningen te laten vervallen en te vervangen door slechts één, inwendig verlichte, universele afstandsbediening.Programmeren met codes
Op de fabriek is de afstandsbediening volledig geprogrammeerd voor alle functies van de AVR 3550, plus die voor de meeste Harman Kardon cassettedecks, CD-wisselaars, CD en DVD-spe- lers. Bovendien kunt u, door één van de onderstaande methoden te volgen, de afstandsbedie- ning programmeren op een groot aantal apparaten van andere fabrikanten.Codes rechtstreeks invoeren
Dit is de gemakkelijkste manier om uw afstandsbediening te programmeren op verschillende producten: 1. Gebruik de tabellen op de volgende pagina's om de driecijferige code of codes te vinden voor de merknaam en het type product (b.v. VCR, TV). Vindt u meer dan één nummer voor een apparaat, probeer dan de verschillende mogelijkheden. 2. Zet het product dat u wilt programmeren aan met de afstandsbediening van de AVR 3550. 3. Druk op ingangskeuze 5 voor het type product dat u wilt programmeren en muting 38 en houd beide vast. Zodra de programma/SPL indicatie 3 amber wordt en knippert laat u de toetsen los. Begin de volgende stap binnen 20 seconden. 4. Wanneer het apparaat dat u wilt programmeren op afstand in/uit geschakeld kan worden gaat u als volgt verder: a. Richt de afstandsbediening van de AVR op het te programmeren apparaat en voer de eerste driecijferige code in met de cijfertoetsen 18. Wanneer het apparaat dat u programmeert nu uitgeschakeld wordt heeft u de juiste code. Druk nogmaals op de ingangskeuze 5 en zie dat het rode lichtje onder de ingangskeuze driemaal knippert en dooft als bevestiging van de invoer. b. Wordt het apparaat dat u programmeert niet uitgeschakeld, voer dan een andere driecijferige code in tot het apparaat wel uitschakelt. Dat is dan de juiste code. Druk weer op ingangskeuze ⑤ en zie dat de rode indicatie onder de ingangskeuze driemaal knippert en dooft om de invoer te bevestigen. 5. Wanneer het inschakelen van het te programmeren apparaat niet lukt via de afstandsbediening, volg dan onderstaande stappen (max. 20 seconden na stap 3, anders moet eerst stap 3 worden herhaald): a. Voer de eerste driecijferige code in met de cijfertoetsen 18 en druk weer op de ingangskeuze 5. Druk op een willekeurige transportfunctie die op afstand kan worden bediend, B.V. pauze of weergave ▶ 24. Wanneer het apparaat dat u programmeert nu werkt is de juiste code ingevoerd. b. Werkt de functie die werd ingetoetst van het apparaat niet, herhaal dan de stappen 3 en 5a hierboven met het volgende driecijferige codenummer in de tabel voor dat merk en type product, tot het apparaat wel reageert. 6. Probeer alle functies op de afstandsbediening uit, om er zeker van te zijn dat het product goed werkt. Bedenk dat veel fabrikanten een aantal verschillende combinaties gebruiken, het is daarom een goed idee niet alleen te controleren of het commando voor inschakelen, maar ook of volume, kanaal en transport naar behoren werken. Als de functies niet goed werken heeft u waarschijnlijk een andere code nodig. 7. Reageert het apparaat niet op enige ingevoerde code, of komt de code voor uw product niet voor in de tabellen, of werken niet alle producten goed, probeer dan de afstandsbediening te programmeren met de automatische zoekmethode.Opmerking bij gebruik AVR 3550 afstandsbediening met een Harman Kardon CD Recorder.
Op de fabriek is de afstandsbediening voorgeprogrammeerd voor besturing van de Harman Kardon CD-spelers. Tevens kunnen de meeste functies op de CD-Recorder CDR2 en CDR20 (zie overzicht op pagina 40) bestuurd worden nadat code '002' is ingevoerd bij de CD keuze ③ als hiervoor beschreven. Om terug te gaan naar de CD-speler besturing voert u weer code '001' in.Automatische zoekmethode
Wanneer het apparaat dat u wilt programmeren op de afstandsbediening van de AVR niet voorkomt in de codetabellen, of als de code niet goed lijkt te werken, kunt u proberen de juiste code te programmeren met behulp van de onderstaande automatische zoekmethode. Merk op dat de automatische zoekmethode uitsluitend werkt voor apparaten met een op afstand bediende aan/uit-functie: 1. Zet het product dat u wilt programmeren op de afstandsbediening van de AVR 3550 aan. 2. Druk de ingangskeuze 5 voor het bedoelde product (B.V. VCR, TV) en de muting 3 gelijktijdig in. Zodra de programma/SPL indicatie 3 amber wordt en knippert, laat u de toetsen los. Voer de volgende stap binnen 20 seconden uit. 3. Om er achter te komen of de volgende stap voorgeprogrammeerd is richt u de afstandsbediening van de AVR op het apparaat dat u wilt programmeren en u drukt op ▲ 14 en houd deze vast. Nu wordt elke keer dat de rode indicatie onder ingangskeuze 5 knippert een reeks codes uit de ingebouwde database van de afstandsbediening uitgezonden. Zodra het apparaat dat geprogrammeerd moet worden uitschakelt laat u toets ▲ 14 los. Denk er aan dat het een paar minuten kan duren voordat de juiste code is gevonden en het apparaat uitgeschakeld wordt. 4. Wordt ▲ niet losgelaten zodra het apparaat uitschakelt, dan wordt de juiste code weer 'overschreven', doe daarom een test: schakel het apparaat weer in en, terwijl de ingangskeuze 5 rood oplicht drukt u eenmaal op ▲ 14 en dan ook eenmaal op ▼ 14. Schakelt het apparaat nu uit, dan was de juiste code gevonden, zo niet dan is deze 'overschreven'. Om de juiste code terug te vinden drukt u terwijl de rode indicatie onder ingangskeuze 5 nog brandt meermaals (niet vasthouden) op ▼ 14 om terug te gaan door de codes en let goed op de reactie bij elke keer dat u indrukt. Zodra het apparaat uitgeschakeld wordt heeft u de juiste code gevonden. 5. Druk weer op de ingangskeuze ⑤ en merk op dat de rode indicatie driemaal knippert en dan dooft ter bevestiging van de invoer. 6. Probeer alle functies op de afstandsbediening om er zeker van te zijn dat het product werkt. Vergeet niet dat veel fabrikanten een aantal verschillende codecombinaties gebruiken, en het is goed te controleren dat niet alleen de aan-/uit schakelaar van de voeding werkt, maar ook dat volume, kanaal en transport goed werken. Als niet alle functies goed werken, kunt u de automatische zoekmethode gebruiken om een andere code te zoeken, of om een code direct in te voeren.Macro's programmeren
Met macro's kunt u gemakkelijk veelgebruikte combinaties van bevelen vastleggen en met één druk op een knop van de afstandsbediening van de AVR uitvoeren. Eenmaal geprogrammeerd kan een macro maximaal 19 verschillende codes van de afstandsbediening in een vooraf vastgelegde volgorde uitzenden, om bijvoorbeeld het systeem in te schakelen, bronnen te veranderen, en andere veelgebruikte handelingen uit te voeren. De AVR afstandsbediening kan maximaal vijf verschillende macro combinaties opslaan, én in combinatie met de netschakelaar 1, en vier andere die toegankelijk zijn via de toets macro 23. 1. Druk tegelijk op muting 38 en op macro 23 die u wilt programmeren of op de netschakelaar 1. Merk op dat de laatst gebruikte ingangskeuze rood zal oplichten en programma/SPL indicatie 3 knippert amber. 2. Voer de stappen voor de macro reeks in door op de toets voor het bedoelde bevel te drukken. Hoewel de macro maximaal uit 19 stappen kan bestaan, telt elke handeling, ook het omschakelen naar een ander apparaat, als een stap. De programma/SPL indicatie ③ knippert groen als bevestiging dat u een bevel heeft ingevoerd. OPMERKING: druk voor het invoeren van een inschakelbevel van een apparaat tijdens het invoeren van een macro op muting 38. Gebruik NIET de werkelijke netschakelaar. - Vergeet niet de juiste ingangskeuze 5 in te drukken voordat u naar een ander apparaat omschakelt. Dat geldt ook voor AVR keuze 6 zolang deze niet rood oplicht en AVR functies worden geprogrammeerd 3. Wanneer alle stappen zij ingevoerd drukt u op sluimerfunctie 10 om de bevelen op te slaan. De rode indicatie onder de ingangskeuze 5 6 knippert en dooft dan. Voorbeeld: om de Macro 1 23 toets te programmeren zodat de AVR en uw TV worden ingeschakeld, gaat u als volgt te werk: - Druk tegelijkertijd op macro 1 23 en op muting 38 en laat deze los. - Denk er aan dat de programma/SPL indicatie amber zal knipperen. • Druk op AVR keuze 6 - Druk op muting 38 om het inschakelen van de AVR op te slaan. - Druk op VID 2 ingangskeuze ⑤ om de volgende stap – TV inschakelen – in te voeren. - Druk op muting 38 om het inschakelen van de TV op te slaan. - Druk op sluimerfunctie/kanaal hoger 10 om het proces af te ronden en de macro op te slaan. Na deze stappen uitgevoerd te hebben zullen al deze apparaten worden ingeschakeld zodra u op Macro 1 23 drukt.Wissen macro's
Op de volgende wijze kunt u bevelen die in een macro zijn ondergebracht wissen: 1. Druk tegelijk op muting 38 en op de toets macro 23 waarop de bevelen die u wilt wissen zijn opgeslagen. 2. Merk op dat de programma/SPL indicatie ③ amber knippert en dat de LED onder de AVR keuze ⑥ rood wordt. 3. Binnen tien seconden drukt u op surround- functie keuze/kanaal lager 11 4. De rode LED onder de AVR keuze dooft en de programma/SPL indicatie ③ wordt groen, knippert driemaal en dooft. 5. Zodra de programma/SPL indicatie ③ dooft en de macro is gewist.Geprogrammeerde apparaatfuncties
Wanneer de afstandsbediening van de AVR 3550 is geprogrammeerd op de codes van andere apparaten, drukt u op de juiste ingangskeuze 5 om de afstandsbediening om te schakelen van bediening van de AVR naar het andere product. Drukt u op een van deze toetsen, dan zal deze kort oplichten, om aan te geven dat de bediening op een ander apparaat is overgeschakeld. Bedient u een ander apparaat dan de AVR, hoeven de toetsen niet altijd overeen te komen met de functie die op de afstandsbediening of toets staat aangegeven. Sommige opdrachten, zoals de cijfertoetsen, zijn dezelfde als bij de AVR. Andere toetsen veranderen van functie en corresponderen met de secundaire indicatie op de afstandsbediening. Voorbeeld: de sluimer- en surround functietoetsen fungeren ook als programma hoger/lager toetsen bij de bediening van een TV-toestel, videorecorder of satellietontvanger. Soms klopt echter ook de opgedrukte functie niet. Raadpleeg dan de tabel op pagina 38 om te zien welke functie een toets bedient. Kies in de tabel eerst het type apparaat dat u bedient (B.V. TV, VCR) en vervolgens kijkt u naar de afbeelding van de afstandsbediening op pagina 38. Om het gemakkelijk te maken zijn de toetsen genummerd. Om er achter te komen welke functie een toets voor een specifiek apparaat bestuurt, zoekt u het nummer van de toets in het Functie Overzicht en dan kijkt u in de kolom naar het apparaat dat u bestuurt. Voorbeeld: toets nummer 52 is de Macro 2 toets voor de AVR 3550, maar is ook de toets 'favoriet' bij veel kabel-TV en satellietontvanger set-top boxen. Toets nummer 30 is de vertraging voor de AVR 3550, maar open/dicht voor CD-spelers. Denk er daarom aan dat de nummers die de toetsfuncties in de linker kolom omschrijven, anders zijn dan die welke in deze handleiding worden gebruikt om de functies van de AVR te beschrijven.Belangrijk bij het gebruik van de afstandsbediening van de AVR 3550 met andere apparaten
- Fabrikanten kunnen verschillende codesets gebruiken voor dezelfde productcategorie. Daarom is het belangrijk dat u controleert of de code die u heeft ingevoerd wel op alle functies werkt. Als blijkt dat niet alle functies werken, controleer dan of er een andere code is die meer functies kan besturen. - Afhankelijk van merk en type is het mogelijk dat de functies zoals opgesomd in het functie overzicht, niet overeenstemmen met het juiste commando voor een functie, terwijl het apparaat op het commando reageert. In dat geval is het verstandig de reactie van het apparaat te noteren op dezelfde regel van de tabel, of een aparte notitie te maken. - Wordt een toets ingedrukt op de afstandsbediening van de AVR, dan moet de rode indicatie onder de ingangskeuze 5 vóór het te bedienen product kort knipperen. Knippert het echter wel voor sommige, maar niet voor alle functies van een bepaald product, betekent dat NIET dat er een probleem is met de afstandsbediening, maar dat er geen functie geprogrammeerd is voor de toets die ingedrukt werd. - De afstandsbediening is voorgeprogrammeerd met de codes van apparaten van de nieuwste generatie en kunnen afwijken van die welke voor eerdere generaties werden gebruikt.Volume doorschakelen
De afstandsbediening van de AVR kan worden geprogrammeerd om volume hoger/lager 34 en muting 38 te regelen van een TV of de AVR in combinatie met een van de zes apparaten die met de afstandsbediening worden bestuurd. Voorbeeld: daar de AVR waarschijnlijk wordt gebruikt als het geluidssysteem bij TV-kijken, kan het handig zijn het volume van de AVR te regelen, hoewel de afstandsbediening is omgeschakeld op de tv. Om de afstandsbediening van de volumeregelaar door te schakelen gaat u als volgt te werk: 1. Druk tegelijk op de ingangskeuze 5 voor het apparaat dat u aan de volumeregelaar wilt koppelen en muting 38 tot de rode indicatie onder de ingangskeuze 5 op lichte en merk op dat programma/SPL indicatie 3 amber knippert. 2. Druk op volume hoger 34 en merk op dat programma/SPL indicatie 3 stopt amber te knipperen. 3. Druk op AVR keuze 6 of op ingangskeuze 5, afhankelijk van welke volumeregeling u wilt koppelen aan het doorschakelen. De programma/SPL indicatie 3 knippert driemaal groen en dooft als bevestiging van de invoer. Voorbeeld: om de volumeregelaar van de AVR te activeren ondanks het feit dat deze geschakeld is op de TV, drukt u eerst tegelijk op Video/TV 35 en muting 38. Vervolgens drukt u op Volume hoger 34, gevolgd door AVR keuze 6. OPMERKING: wanneer u wilt terugkeren naar de oorspronkelijke configuratie van de afstandsbediening na een doorschakeling van het volume geprogrammeerd te hebben, herhaalt u deze stappen. Alleen drukt u nu op Video/TV 35 in stap 1 en 3.Kanaalkeuze doorschakelen
De afstandsbediening van de AVR kan geprogrammeerd worden zodat de kanaalkeuze van de TV, kabel- of satellietontvanger in uw systeem wordt gebruikt in combinatie met andere apparaten die worden bediend. Voorbeeld: bij het besturen van de VCR wilt u wellicht een ander kanaal kiezen op de kabel- of satellietaansluiting zonder eerst van de afstandsbediening van het andere apparaat te hoeven terugschakelen naar bediening van de AVR. Om de afstandsbediening te programmeren op doorschakeling van de kanaalkeuze, volgt u deze stappen: 1. Druk tegelijk op ingangskeuze 5 voor het apparaat waaraan u de kanaalkeuze wilt koppelen en op muting 38 tot de rode indicatie onder de ingangskeuze oplicht en de programma/SPL indicatie 3 knippert in amber. 2. Druk op volume lager 34 en merk op dat programma/SPL indicatie 3 stopt amber te knipperen. 3. Druk op AVR keuze ⑥ of op ingangskeuze ⑤, afhankelijk van welk apparaat u wilt koppelen aan het doorschakelen. De programma/SPL indicatie ③ knippert driemaal groen en dooft als bevestiging van de invoer. Voorbeeld: om de kanalen van de TV te veranderen terwijl de afstandsbediening op de VCR is geschakeld, drukt u eerst tegelijk op VID 1/VCR ingangskeuze 5 en op muting 38. Laat de toetsen los en druk op volume lager 34, gevolgd door VID 2/TV ingangskeuze 5. OPMERKING: om de doorschakeling van de kanaalkeuze te verwijderen en de oorspronkelijke configuratie weer te kunnen gebruiken, herhaalt u de stappen hierboven. Druk echter op VID 1/VCR ingangskeuze in stap 1 and 3.Transport doorschakelen
De afstandsbediening van de AVR kan geprogrammeerd worden zodat de transportfuncties 24 (weergave, stop, snel vooruit, snel achteruit, pauze en opname) van een VCR, DVD of CD in samenhang met de andere functies zullen werken met een van de andere apparaten die door de afstandsbediening worden bestuurd. Voorbeeld: bij gebruik en bediening van de TV kunt u de VCR of DVD willen starten of stoppen, zonder het apparaat dat voor de afstandsbediening van de AVR is gekozen te moeten veranderen. Om de afstandsbediening te programmeren op transport doorschakelen gaat u als volgt te werk: 1. Druk tegelijk op ingangskeuze 5 voor het apparaat waaraan u het transport wilt koppelen en op muting 38 tot de rode indicatie onder de ingangskeuze oplicht en de programma/SPL indicatie 3 knippert in amber. 2. Druk op weergave 24. De programma/SPL indicatie 3 stopt amber te knipperen. 3. Druk op AVR keuze 6 of op ingangskeuze 5, afhankelijk van welk apparaat u wilt koppelen aan het doorschakelen. De programma/SPL indicatie 3 knippert driemaal groen en dooft als bevestiging van de invoer. Voorbeeld: om het transport van een CD-speler te besturen terwijl de afstandsbediening op de TV is geschakeld, drukt u tegelijk op VID 2/TV ingangskeuze 5 en op muting 38. Vervolgens laat u ze los en u drukt op weergave 24, gevolgd door de CD ingangskeuze 5. OPMERKING: om de transport doorschakeling te verwijderen en naar de oorspronkelijke configuratie terug te keren, herhaalt u de stappen hierboven. Druk echter op VID 2/TV ingangskeuze in stap 1 en 3. OPMERKING: voordat u de afstandsbediening voor volume, kanaal of transport programmeert, eerst controleren of de programmering nodig voor de specifieke TV, CD, DVD, kabel- of satellietontvangers is uitgevoerd.Resetten geheugen afstandsbediening
Bij het toevoegen van componenten aan een home theater systeem, zult u soms de afstandsbediening geheel opnieuw willen programmeren om verwarring van bevelen, macro's of doorschakelingen die u heeft gemaakt te voorkomen. U doet dat door de afstandsbediening in de oorspronkelijke fabrieksinstelling terug te zetten. Denk er wel aan dat daarmee alle bevelen worden gewist en alles opnieuw moet worden ingevoerd. Ga als volgt te werk: 1. Druk tegelijk op een willekeurige ingangs- keuze ⑤ en op '0' ⑱ tot de programma/ SPL indicatie ③ amber knippert. 2. Druk driemaal op '3'. 3. De rode LED onder de ingangskeuze 5 dooft en de programma/SPL indicatie 3 stopt met knipperen en wordt groen. 4. De programma/SPL indicatie ③ blijft groen tot de afstandsbediening is gereset. Denk er aan dat dit even kan duren, afhankelijk van het aantal bevelen dat in de afstandsbediening zijn opgeslagen en gewist moeten worden. 5. Wanneer de programma/SPL indicatie ③ dooft is de afstandsbediening teruggezet in de fabrieksinstelling.  Nr. Toets naam AVR functie DVD CD/CDR| 1 Inschakelen Inschakelen Inschakelen | ||||
| 2 Uitschakelen Uitschakelen Uitschakelen | ||||
| 3 Muting Muting | ||||
| 4 AVR AVR keuze | ||||
| 5 DVD DVD ingang DVD | ||||
| 6 | CD | CD ingang | CD Keuze | |
| 7 Tape | Tape ingang | |||
| 8 VID 1 | Video 1 ingang | |||
| 9 VID 2 | Video 2 ingang | |||
| 10 CBL/SAT | Video 3 ingang | |||
| 11 MG/FM | Tuner ingang | |||
| 12 6 Kanaals ingang | 6 kanaals ingang | |||
| 13 SPL | SPL | |||
| 14 Sluimer | Sluimer | |||
| 15 | Test | Testsignal | -/ingangskeuze | |
| 16 | TV/DVD | -/CDP keuze | ||
| 17 | Volume hoger | Volume hoger | Volume hoger | |
| 18 Surroundfunctie | Surroundfunctie | -/CDR keuze | ||
| 19 | Nacht | Nachtfunctie | Ondertitels in/uit | |
| 20 Spare | ||||
| 21 | Volume lager | Volume lager | Volume lager | |
| 22 | Kanaal/Gids | Kanaal fijnregeling | Titel | |
| 23 | ▲ | Verplaatsen/hoger | Hoger | |
| 24 | Luidspreker/menu | Luidspreker/correctie | Menu | Intro/- |
| 25 | Verplaatsen/correctie links | Links | ||
| 26 | Instellen | Instellen | Enter | |
| 27 | Verplaatsen/correctie rechts | Rechts | ||
| 28 | Digital/exit | Digitale ingang | Open/dicht | |
| 29 | Verplaatsen correctie lager | Lager | ||
| 30 | Vertraging/vorig kanaal | Vertraging correctie | Terug | Open/dicht |
| 31 1 | 1 | 1 | 1 | |
| 32 2 | 2 | 2 | 2 | |
| 33 3 | 3 | 3 | 3 | |
| 34 4 | 4 | 4 | 4 | |
| 35 5 | 5 | 5 | 5 | |
| 36 6 | 6 | 6 | 6 | |
| 37 7 | 7 | 7 | 7 | |
| 38 8 | 8 | 8 | 8 | |
| 39 | Afstemming | Tunerfunctie | Hoofdstuk | Herhalen |
| 40 9 | 9 | 9 | 9 | |
| 41 0 | 0 | 0 | 0 | |
| 42 | Geheugen | Geheugen | Audio | Tijd/CDR display |
| 43 Afstemmen hoger | Afstemmen hoger | |||
| 44 | Direct | Direct frequentie ingeven | Hoek | Willekeurig |
| 45 | Wissen | Wissen | Wissen | Wissen |
| 46 | Voorkeuze hoger | Voorkeuze hoger | Langzaam vooruit | +10/- |
| 47 | Afstemmen lager | Afstemmen lager | -/hoger nummer | |
| 48 In-beeld display | In-beeld display | |||
| 49 | RDS | RDS Select | Disc overslaan | Disc overslaan |
| 50 Voorkeuze lager | Voorkeuze/afstemmen lager | Langzaam achteruit | ||
| 51 M1 | ||||
| 52 M2 | ||||
| 53 M3 | ||||
| 54 M4 | ||||
| 55 | Terugspoelen | Zoeken achteruit | Zoeken achteruit | |
| 56 | Weergave | Weergave | Weergave | |
| 57 | Snel vooruit | Zoeken vooruit | Zoeken vooruit | |
| 58 Ophame | -/opname | |||
| 59 | Stop | Stop | Stop | |
| 60 | Pauze | Pauze | Pauze | |
| 61 | Skip lager | Skip - | Skip - | |
| 62 | Skip hoger | Skip + | Skip + | |
| Nr. Toets naam Tape VCR (VID 1) TV (VID 2) CBL SAT | ||||||
| 1 | Inschakelen | Inschakelen | Inschakelen | Inschakelen | Inschakelen | Inschakelen |
| 2 | Uitschakelen | Uitschakelen | Uitschakelen | Uitschakelen | Uitschakelen | Uitschakelen |
| 3 Muting | Muting | |||||
| 4 AVR | ||||||
| 5 DVD | ||||||
| 6 CD | ||||||
| 7 Tape | Tape | |||||
| 8 | VID 1 | VCR ingang | ||||
| 9 | VID 2 | TV ingang | ||||
| 10 | CBL/SAT | Cable/Sat ingang | Cable/Sat ingang | |||
| 11 MG/FM | ||||||
| 12 6 Kanaals ingang | ||||||
| 13 SPL | ||||||
| 14 | Sluimer | Kanaal + | Kanaal + | Kanaal + | Kanaal + | |
| 15 Test | ||||||
| 16 | TV/VCR | TV/VCR | TV/kabel | TV/Sat | ||
| 17 | Volume hoger | Volume hoger | Volume hoger | |||
| 18 | Surroundfunctie | Kanaal - | Kanaal - | Kanaal - | ||
| 19 Nacht | ||||||
| 20 Spare | ||||||
| 21 Volume lager | Volume lager | |||||
| 22 | Kanaal/Gids | Info/gids | Info/gids | |||
| 23 | Hoger | Hoger | Hoger | Hoger | ||
| 24 | Luidspreker/menu | Menu | Menu | Menu | Menu | |
| 25 | Links | Links | Links | Links | ||
| 26 | Instellen | Enter | Enter | Enter | Enter | |
| 27 | Rechts | Rechts | Rechts | Rechts | ||
| 28 | Digitaal/exit | Exit | Exit | Exit | Exit | |
| 29 | Lager | Lager | Lager Lager | |||
| 30 | Vertraging/vorig kanaal | Vorig Kanaal | Vorig Kanaal | Vorig Kanaal | ||
| 31 | 1 | 1 | 1 | 1 | 1 | |
| 32 | 2 | 2 | 2 | 2 | 2 | |
| 33 | 3 | 3 | 3 | 3 | 3 | |
| 34 | 4 | 4 | 4 | 4 | 4 | |
| 35 | 5 | 5 | 5 | 5 | 5 | |
| 36 | 6 | 6 | 6 | 6 | 6 | |
| 37 | 7 | 7 | 7 | 7 | 7 | |
| 38 | 8 | 8 | 8 | 8 | 8 | |
| 39 Afstemming | ||||||
| 40 | 9 | 9 | 9 | 9 | 9 | |
| 41 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 | |
| 42 Geheugen | ||||||
| 43 Afstemmen hoger | ||||||
| 44 Direct | ||||||
| 45 | Wissen | Wissen | Wissen | Wissen | Wissen | |
| 46 Voorkeuze hoger | ||||||
| 47 Afstemmen lager | ||||||
| 48 | In-beeld display | In-beeld display | In-beeld display | In-beeld display | In-beeld display | |
| 49 RDS | ||||||
| 50 Voorkeuze lager | ||||||
| 51 | M1 | Cancel | Sluimer | PPV | Cancel | |
| 52 | M2 | Favoriet | Favoriet | |||
| 53 | M3 | Passeren | Volgende | |||
| 54 | M4 | Muziek | Alt | |||
| 55 | Terugspoelen | Terugspoelen | Terugspoelen | Dag - | Dag - | |
| 56 | Wergave | Weergave | Weergave | |||
| 57 | Snel vooruit | Doorspoolen | Doorspoolen | Dag + | Dag + | |
| 58 | Opname | Opname/opn. pauze | Opname | |||
| 59 | Stop | Stop | Stop | |||
| 60 Pauze | Pauze | |||||
| 61 | Skip lager | Scan - | Pagina - | Pagina - | ||
| 62 | Skip hoger | Scan + | Pagina + | Pagina + | ||
| Apparaat werkt niet wanneer de • Geen netspanning • Controleer lichtnetaansluiting netschakelaar 1 wordt ingedrukt. • Controleer of er spanning op het stopcontact staat | ||
| Display licht op maar geen • Onderbroken ingangssignaal • Controleer alle aansluitingen geluid en geen beeld • Muting ingeschakeld • Druk op muting • Volume is geheel teruggedraaid • Draai het volume omhoog | ||
| Geluid hoorbaar maar display licht niet op | • Display helderheid uitgeschakeld | • Volg de aanwijzingen over de helderheid van de display op pagina 34 |
| Geen enkele luidspreker werkt; standby 2 rood | • Versterker beveiliging actief, kortsluiting • Versterker beveiliging actief, intern probleem | • Controleer luidsprekerverbindingen op kortsluiting • Neem contact op met uw leverancier |
| Geen geluid uit surround en centrum luidsprekers | • Onjuiste surroundfunctie • Onjuiste configuratie • Controleer de luidsprekerfunctie • Stereo of mono programma • Luidsprekers verkeerd aangesloten | • Kies een andere functie dan stereo • Bij Dolby surroundfuncties kan geen informatie voor achterkanalen aanwezig zijn • Controleer luidspreker aansluitingen eventueel met testsignaal |
| Apparaat reageert niet op de afstandsbediening | • Zwakke batterijen in afstandsbediening • Verkeerde apparaat gekozen • Sensor afstandsbediening 15 geblokkeerd | • Vervang batterijen • Druk op AVR 6 • Controleer of de sensor op de voorzijde niet wordt afgedekt door een voorwerp of meubel |
| Intermitterende brom in de tuner | • Lokale interferentie | • Verplaats het apparaat of de antenne, uit de buurt van computers, TL-buizen, motoren of andere elektrische apparaten |
| Indicatie in kanaalaanduiding knippert display 1 en audio stopt | • Digitale audiosignaal pauzeert | • Hervat weergave DVD • Controleer of een digitaal signaal naar de ingang wordt gestuurd |