VSA-AX10AI - Audioreceiver PIONEER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis VSA-AX10AI PIONEER in PDF-formaat.
Gebruikersvragen over VSA-AX10AI PIONEER
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Audioreceiver in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding VSA-AX10AI - PIONEER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. VSA-AX10AI van het merk PIONEER.
GEBRUIKSAANWIJZING VSA-AX10AI PIONEER
De lichtflash met pijlpuntsymbool in een gelijkzijdige driehoek is bedoeld om de aandacht van de gebruikers te trekken op een niet geïsoleerde "gevaarlijke spanning" in het toestel, welke voldoende kan zijn om bij aanraking een elektrische shock te veroorzaken.
CAUTION
RISK OF ELECTRIC SHOCK DO NOT OPEN
WAARSCHUWING:
OM HET GEVAAR VOOR EEN ELEKTRISCHE SHOCK TE VOORKOMEN, DEKSEL (OF RUG) NIET VERWIJDEREN. AAN DE BINNENZIJDE BEVINDEN ZICH GEEN ELEMENTEN DIE DOOR DE GEBRUIKER KUNNEN BEDIEND WORDEN. ENKEL DOOR GEKWALIFICEERD PERSONEEL TE BEDIENEN.

Het uitroepteken in een gelijkzijdige driehoek is bedoeld om de aandacht van de gebruiker te trekken op de aanwezigheid van belangrijke bedienings- en onderhoudsinstructies in de handleiding bij dit toestel.
D3-4-2-1-1_Du
Hartelijk dank voor uw aankoop van dit Pioneer product.
Lees deze gebruiksaanwijzing aandachtig door, zodat u vertrouwd raakt met de bediening van dit apparaat. Bewaar na het doorlezen deze gebruiksaanwijzing op een veilige, gemakkelijk te onthouden plaats, voor latere naslag.
WAARSCHUWING:
GELIEVE DEZE ONDERRICHTINGEN GOED TE LEZEN VOORALEER HET TOESTEL VOOR DE EERSTE KEER OP HET ELEKTRISCHE NET AAN TE SLUITEN.
Aangezien de stroomsterkte verschilt van land tot land, dient erop gelet dat de geleverde stroom op de plaats van gebruik overeenstemt met de nodige stroomsterkte zoals aangegeven op de achterkant van het toestel (vb 230 V of 120 V). D3-4-2-1-4_Du
WAARSCHUWING: Geen naakte vlammen, zoals brandende kaarsen, op het toestel plaatsen. Indien bij ongeval een naakte vlam op het toestel zou vallen kan, door het verspreiden ervan over het toestel, vuur ontstaan. D3-4-2-1-7a_Du
Dit product voldoet aan de laagspanningsrichtlijn (73/23/EEG, gewijzigd bij 93/68/EEG), EMC-richtlijnen (89/336/EEG, gewijzigd bij 92/31/EEG en 93/68/EEG). D3-4-2-1-9a_Du
WAARSCHUWING: Het toestel is niet waterdicht; het toestel niet blootstellen aan regen of vocht om brand of een elektrische shock te vermijden. Plaats ook geen waterhoudende voorwerpen, zoals vazen, bloempotten, cosmetische containers en flessen met geneesmiddelen, enz. in de nabijheid van dit toestel.
D3-4-2-1-3_Du
VENTILATIE: Zorg dat u bij het installeren van dit toestel rondom wat vrije ruimte laat voor de ventilatie (tenminste 60 cm boven, 10 cm achter en 30 cm aan weerskanten van het toestel).
WAARSCHUWING: Spleten en openingen in het omhulsel dienen voor ventilatie en een gepast gebruik van het product, alsook om het te beschutten voor oververhitting. Om het te beschermen tegen vuur mogen deze openingen nooit afgesloten of bedekt worden met voorwerpen zoals dagbladen, tafellakens, gordijnen, enz. Plaats het toestel ook nooit op een dik tapijt, op een bed, sofa of om het even welk zacht en dik materiaal. D3-4-2-1-7b_Du

Temperatuur en vochtigheidsgraad op de plaats van gebruik:
$$ + 5 ^ {\circ} \mathrm{C} - + 3 5 ^ {\circ} \mathrm{C} (+ 4 1 ^ {\circ} \mathrm{F} - + 9 5 ^ {\circ} \mathrm{F}); \text {minder dan} 85 \% $$
RH (ventilatie niet geblokkeerd)
Niet installeren op de volgende plaatsen:
- Onder rechtstreekse zonnestraling of onder sterke kunstmatige belichting
- Bij hoge vochtigheidsgraad of op een slecht verluchte plaats D3-4-2-1-7c_Du
D3-4-2-1-7c_Du
Dit apparaat is bestemd voor normaal huishoudelijk gebruik. Indien het apparaat voor andere doeleinden of op andere plaatsen wordt gebruikt (bijvoorbeeld langdurig gebruik in een restaurant voor zakelijke doeleinden, of gebruik in een auto of boot) en als gevolg hiervan defekt zou raken, zullen de reparaties in rekening gebracht worden, ook als het apparaat nog in de garantieperiode is. K041_Du
Als de stekker van het netsnoer niet geschikt is voor het stopcontact waarop de apparatuur wordt aangesloten, moet u de stekker verwijderen en een gepaste stekker op het netsnoer aanbrengen. Het vervangen en aanbrengen van een nieuwe stekker dient uitgevoerd door een gekwalificeerde dienst. Gooi de verwijderde stekker weg om het gevaar voor een elektrische shock te vermijden, zo deze in een stopcontact gestoken zou worden. D3-4-2-2-1a_Du
De OFF■/ON■ schakelaar is in het secundaire voedingscircuit opgenomen. Dit betekent dat het apparaat op OFF■ niet van het elektriciteitsnet is afgesloten. Plaats het toestel daarom op een geschikte plaats, waar de stekker gemakkelijk uitgetrokken kan worden bij ongeval. Deze stekker moet ook uitgetrokken worden indien het toestel gedurende een langere periode niet gebruikt wordt.
D3-4-2-2-2a_Du
Bij dit product zijn batterijen geleverd. Wanneer deze leeg zijn, moet u ze niet weggooien maar inleveren als KCA.

Onze uitgangspunten....6
Kenmerken....6
01 Voorbereidingen
Bijgeleverd toebehoren controleren ....7
Gebruik van de afstandsbediening ....7
Reikwijdte van de afstandsbediening .....7
De afstandsbediening opladen....7
De afstandsbediening naar wens instellen.....8
Het scherm van de afstandsbediening ijken.....8
De klok gelijkzetten 9
Geluidssterkte van de toetspieptoon instellen .....9
Keuze van de spaarstand-uitschakeltijd .....9
Terugstellen van de afstandsbediening 10
Beveiligen van de afstandsbediening ..... 10
Herstarten van de afstandsbediening....10
Vervangen van de lithium-ionenbatterijen ..... 11
02 Aansluiten van uw apparatuur
Achterpaneel 12
Bij het aansluiten van kabels en snoeren ..... 13
Aansluiten van uw TV-toestel 14
Aansluiten van een DVD-speler 15
Aansluiten van meerkanaals analoge uitgangen .. 16
Aansluiten van een satelliet-TV/kabel-TV ontvanger of andere TV-top ontvanger....17
Aansluiten van een videorecorder of DVD-recorder . 18
Aansluiten van andere videobronnen 19
Gebruik van de component video-aansluitingen .... 20
Betreffende de video-omzetter 20
Aansluiten van digitale geluidsbronnen ..... 21
Aansluiten van analoge geluidsbronnen....22
Aansluiten van apparatuur op de ingangen op het voorpaneel 23
Installeren van uw luidsprekersysteem 24
Aansluiten van de luidsprekers 24
Opstellen van de luidsprekers 25
De versterker op het stopcontact aansluiten.....26
Betreffende de netstroomuitgang 26
03 Knoppen en aanduidingen
Uitleesvenster....27
Voorpaneel 28
Afstandsbediening 30
Voornaamste afstandsbedieningsschermen ..... 30
Afstandsbedieningsschermen voor andere apparatuur....32
04 Om te beginnen
Inleiding: uw eigen huisbioscoop .... 35
Automatische instellingen voor rondom-akoestiek .. 35
Problemen die zich kunnen voordoen bij de Auto Surround Setup 37
Controleren van de instellingen op uw DVD (of andere) speler....37
Afspelen van een geluidsbron 37
05 Luisteren naar uw geluidssysteem
Omtrent de verschillende luisterfuncties ..... 39
Luisteren naar rondom-akoestische weergave .... 39
Gebruik van geavanceerde akoestiekeffecten....41
Gebruik van de Home THX functies 41
Luisteren in stereo 42
Luisteren via een hoofdtelefoon 42
Gebruik van de meerkanaals analoge ingangen .... 43
Gebruik van de Stream Direct functie....43
Luisteren met de akoestiek-equalizer .... 44
Keuze van het type ingangssignaal 44
Keuze van de USB en analoge meerkanaals-ingangen .... 45
Luisteren naar geluidsbronnen met hoge bemonsteringsfrequencies .... 45
Gebruik van het middenachterkanaal....46
Luisteren met virtuele middenachterluidsprekers...47
Creëren van een middenluidspreker-effect ..... 47
Gebruik van Hi-bit en Hi-sampling 48
Gebruik van de Midnight en Loudness luisterfuncties 48
Gebruik van de toonregeling....48
Aan en uit zetten van de toonregeling ..... 48
Bijregelen van de lage en hoge tonen 49
Storing in de weergave onderdrukken 50
Luisteren naar tweetalige of dubbele mono geluidssporen....50
06 Het Surround Setup akoestiekmenu
De versterker instellen via het Surround Setup akoestiekmenu 51
Luidsprekersystemen....52
Kanaalniveau 54
Luidsprekerafstand 55
Akoestiek-ijking met de equalizer....55
Professionele akoestiek-equalizer ....57
X-Curve 60
Controleren van uw akoestiek-instellingen .....60
07 Bediening van andere apparatuur
Gebruik van de afstandsbediening voor andere apparatuur.... 61
Vaste bedieningscodes activeren.... 61
Signalen overnemen van een andere afstandsbediening 63
Directe geluidsbron-bedieningsfunctie 64
Namen van de afstandsbedieningstoetsen aanpassen 64
Meervoudige bedieningsreeksen en systeem- uitschakelfunctie 66
Programmeren van een bedieningsreeks of een systeem-uitschakelcommando 66
Componenten aan en uit schakelen met de 12-volts schakelstroom....68
Bediening van andere Pioneer componenten via de sensor van dit apparaat 68
08 Gebruik van andere functies
Audio- of video-opnamen maken 69
Meeluisteren naar de gemaakte opname ..... 69
Het niveau van een analoog signaal verminderen .. 70
Een geluidsspoor door vertraging synchroniseren .. 70
Tegelijk weergeven van afzonderlijke audio- en videobronnen.... 71
Verbeteren van de SACD weergave 71
Gebruik van de A/D-omzetters om 2-kanaals geluid een betere definitie te geven ..... 72
Dimmen van het uitleesvenster 72
Omschakelen van de luidspreker-impedantie ..... 72
Controleren van uw systeem-instellingen.... 73
Het systeem in de uitgangsstand terugstellen ..... 73
Oorspronkelijke versterker-instellingen 73
09 Andere aansluitingen
Gebruik van luidsprekersysteem B.... 75
Omschakelen van het luidsprekersysteem ..... 75
Gebruik van luidsprekersysteem B in een andere kamer 76
Wisselend gebruik van akoestiekluidsprekers met luidsprekersysteem B (ITU-R) 76
Dubbele versterking voor uw voorluidsprekers.... 77
Dubbele bedrading voor uw luidsprekers.... 77
Toevoegen van een tweede stel akoestiekluidsprekers voor Bi-Surround 77
Gebruik van de voorversterkeruitgangen 78
Aansluiten van extra versterkers 78
Aansluiten van een externe stereo voorversterker 78
Gebruik van de i.LINK-aansluiting 78
Omtrent i.LINK....79
Omtrent PQLS tijdssturing 79
Samenstellen van een i.LINK-netwerk 80
Gebruik van de USB-aansluiting 80
Aansluiten van een PC voor geavanceerde MCACC
weergave 82
Geavanceerde MCACC weergave via uw PC ..... 82
10 Geavanceerde instellingen
Het ingang-toewijzingsmenu.... 83
Toewijzen van de digitale ingangen.... 83
Toewijzen van de component-video ingangen .... 84
Toewijzen van de i.LINK ingangen 84
Toewijzen van de video-ingangen 85
Het Expert Setup instelmenu.... 85
Bijstellen schermaanduidingen 86
Lagetonen-piekniveau 86
Functies hernoemen 87
Overleggen schermaanduidingen 88
12-volts schakelstroom 88
THX Audio Setup instellingen 88
THX Ultra2 Subwoofer-resonantiebeperking ..... 89
Middenachterluidspreker-tussenruimte 89
11 Aanvullende informatie
Optimaliseren van uw luidsprekeropstelling ..... 90
Primaire akoestiekopstelling 90
THX luidsprekersysteem-opstelling 91
Luidsprekeropstelling voor DVD-Audio/meerkanaals- muziekbronnen....91
Verhelpen van storingen 92
Stroomvoorziening 92
Geen geluid.... 93
Andere problemen met geluidsweergave ..... 95
Video....96
Instellingen 96
Afstandsbediening 97
Uitleesvenster 98
i.LINK verbinding 99
i.LINK berichten 99
USB verbinding.... 100
Diversen 100
Weergaveformaten voor rondom-akoestiek ..... 101
Dolby.... 101
DTS.... 101
Windows Media® Audio 9 Professional ..... 101
PCM (Puls-Code Modulatie) 102
Omtrent THX® 102
Onderhoud van de buitenkant van het apparaat .. 102
Pioneer stelt zich ten doel uw luisterervaring thuis zo goed mogelijk te laten overeenkomen met de intenties van de filmmakers en opnametechnici bij hun samenstelling van het filmgeluid. Dit doen we door drie belangrijke punten voorop te stellen:
1 De best bereikbare geluidskwaliteit leveren
2 Optimale akoestische aanpassing aan elk soort luisterruimte mogelijk maken
3 De versterker perfectioneren met de hulp van wereldklasse studiotechnici ^1
Kenmerken
Gemakkelijke instellingen met geavanceerd MCACC systeem
De voorbereidingen treffen voor uw huisbioscoop omvat nauwelijks meer dan het aansluiten van uw luidsprekers, een DVD-speler of andere beeld- en geluidsbron en uw TV-toestel. De Auto Surround Setup levert een vlotte maar nauwkeurige rondom- akoestiekinstelling, terwijl u daarnaast zelf nog alle gewenste aanpassingen kunt maken voor muziek op maat.
Bovendien kunt u met de Professional Acoustic Calibration EQ instelling de weerkaatsingen van uw luisterruimte meten, zodat u met behulp van grafieken op het scherm van dit apparaat of van een computer de geluidsweergave optimaal kunt fijnregelen.
Digitale i.LINK aansluiting
De i.LINK-aansluiting stelt u in staat deze versterker aan te sluiten op i.LINK-geschikte componenten, zodat u gebruik kunt maken van zeer hoge bemonsteringsfrequenties (tot 192kHz) van meerkanaals PCM digitale audio van DVD-Audio en SACD discs, evenals digitale audio van DVD-Video, CD en Video CD discs, alles via een enkele kabel.
Digitale USB aansluiting
U kunt meerkanaals-geluidsbronnen via uw computer weergeven, door ze aan te sluiten op de USB-aansluitbus op het achterpaneel van deze versterker. Afhankelijk van uw type computer en het programma dat u gebruikt, kunt u luisteren naar elke geluidsbron die geschikt is voor uw besturingssysteem, via de luidsprekers die zijn aangesloten op deze versterker.
Dolby Digital en DTS decoding, inclusief Dolby Digital EX, DTS 96/24 en DTS-ES
Dolby Digital en DTS decoding brengt een indrukwekkend bioscoopgeluid in uw huiskamer met tot zes kanalen aan "surround sound", inclusief een afzonderlijk LFE (LaagFrequente Effecten) kanaal voor diepe, realistische geluidseffecten. Door toevoeging van een akoestiek-achterluidspreker kunt u profijt trekken van de ingebouwde Dolby Digital EX en DTS-ES decodeertrappen voor zes-kanaals rondom-akoestiek.
Dolby Pro Logic IIx en DTS Neo:6 decodeertrappen
De ingebouwde Dolby Pro Logic IIx en DTS Neo:6 decodeertrappen zorgen niet alleen voor volledig omringende akoestische decodering voor Dolby Surround geluidsbronnen, maar bieden tevens de mogelijkheid om alle gewone stereo geluidsbronnen in een indrukwekkende akoestiek-weergave te beluisteren.
Ontwerp met officieel THX certificaat
Deze versterker kan staat maken op een officieel THX Ultra2™ certificaat, hetgeen u laat genieten van nieuwe THX technologie zoals ASA (Advanced Luidspreker Array), geschikt voor de verwerking van elke 5.1-kanaals geluidsbron tot volledige 6.1-kanaals (THX Surround EX) of zelfs 7.1-kanaals (THX Ultra2™ Cinema en THX MusicMode) weergave. Deze functies zijn tevens beschikbaar voor de weergave van signalen die binnenkomen via de i.LINK-aansluiting.
Windows Media® Audio 9 Professional decoding
U kunt nu luisteren naar het Windows Media® Audio 9 Professional (WMA9 Pro) formaat voor discrete rondomakoestiek via de ingebouwde WMA9 Pro decodeertrap, of anders via de USB-aansluiting met behulp van een decodeerprogramma op uw computer.
Perfect aansluitende video-conversie
De veelzijdige Pioneer video-omzetter maakt het mogelijk allerlei verschillende snoeren en kabels tegelijk te gebruiken, voor probleemloze aansluiting van al uw videobronnen.
Handige afstandsbediening
De afstandsbediening geeft u niet alleen toegang tot alle functies van deze versterker, maar ook tot de voornaamste functies van de andere toestellen die deel uitmaken van uw thuistheater-installatie. Een systeem van vooringestelde codes laat u de afstandsbediening programmeren voor een uitgebreid scala aan apparatuur.
Energiebesparend ontwerp
Deze versterker verbruikt in de ruststand niet meer dan een minieme 0,65 W aan energie.
^1 Na samenwerking met de AIR Studios is deze versterker het predikaat verleend van AIR Studios Monitor Reference:

De term "i.LINK" en het i.LINK beeldmerk zijn handelsmerken van de Sony Corporation.
Hoofdstuk 1
Voorbereidingen
Bijgeleverd toebehoren controleren
Maak even de inventaris op van de volgende bijgeleverde accessoires:
- Microfoon

- Afstandsbediening

- Oplaadapparaat voor de afstandsbediening en netspanningsadapter

• Netstroom-verloopsnoeren

- U-vormige kortsluitstekkers x 2 (bevestigd op het achterpaneel van de versterker — zie onderdeel 8 in het Achterpaneel-overzicht op pagina 12)

- IJKingsdisc
- Gids voor de meerkanaals-audio luidsprekerinstellingen
- Deze gebruiksaanwijzing
Gebruik van de afstandsbediening
Houd rekening met de volgende vereisten bij het gebruik van de afstandsbediening:
Reikwijdte van de afstandsbediening
- Let op dat er geen obstakels zijn tussen de afstandsbediening en de afstandsbedieningssensor voorop het apparaat.
- De afstandsbediening heeft een reikwijdte van ongeveer 7 meter.

- De werking van de afstandsbediening kan minder betrouwbaar worden als er direct zonlicht of fel lamplicht op de afstandsbedieningssensor van het apparaat valt.
- Afstandsbedieningseenheden voor verschillende apparaten kunnen onderling wel eens storing veroorzaken. Gebruik liever geen afstandsbediening voor andere apparatuur in de buurt van dit toestel.
Wanneer de aanduiding voor het batterijspanning op het schermpje van de afstandsbediening aangeeft dat de oplaadbare batterijen bijna leeg zijn, dient u de afstandsbediening op te laden, zoals hierna beschreven wordt. Om te zorgen dat de batterijen niet helemaal leegraken, kunt u de afstandsbediening het beste gewoon in het oplaadapparaat laten zitten wanneer u hem niet gebruikt.

Waarschuwingen
- Gebruik geen andere netspanningsadapter of adaptersnoer dan alleen het bijgeleverde type.
- Gebruik de netspanningsadapter of het adaptersnoer niet voor andere doeleinden dan die hieronder staan aangegeven.
1 Sluit eerst de netspanningsadapter aan op de batterijlader en steek dan de stekker in het stopcontact.

2 Plaats de afstandsbediening op de batterijlader, zodat de uitsparing aan de onderkant van de afstandsbediening over de nokjes van het oplaadapparaat valt.

- Terwijl de afstandsbediening wordt opgeladen, is rechtsboven op het schempje de D -batterijspanningsaanduiding te zien.


Opmerking
- Als de afstandsbediening een tijdlang niet opgeladen is, kan het scherm van de afstandsbediening enkele minuten lang leeg blijven voordat het aanraakscherm verschijnt. Als het scherm echter te lang leeg blijft, kunt u de afstandsbediening even van het oplaadapparaat af tillen en hem er dan weer op plaatsen. Als dit ook na enkele pogingen niet het gewenste resultaat heeft, leest u dan de aanwijzingen onder Vervangen van de lithium-ionenbatterijen op pagina 11.
De afstandsbediening naar wens instellen
Nadat u het scherm precies hebt geijkt en de klok hebt gelijkgezet, kunt met de andere functies uw afstandsbediening naar eigen inzicht instellen.

Opmerkingen
- De afstandsbedieningsfuncties in dit hoofdstuk zijn toegankelijk via het instelmenu voor de afstandsbediening. Om het instelmenu voor de afstandsbediening te openen, drukt u op het HOME beginmenu van de afstandsbediening (he):

text_image
HOME 1/3 AMPLIFIER AMPLIFIER INPUT 1 2 3 DVR / I/O TV / DVD SAT DVR / VCR1 CD TUNER TV CONT MULT OPERATION SYSTEM OFF SETUPEr zijn drie menuschermen voor het instellen van de afstandsbediening, waaruit u functies kunt kiezen en waartussen u kunt overschakelen met de / linker en rechter pijltoetsen op het aanraakpaneel:

text_image
CALIBRATE PRESET RECALL LEARNING MULTI OPERATION DIRECT FUNCTION
text_image
SETUP 2/3 CLOCK DISPLAY :AM/PM CLOCK SETTING BEEP : TIMEOUT KEY LABEL- Nadere aanwijzingen over de menuschermen van de afstandsbediening vindt u onder Voornaamste afstandsbedieningsschermen op pagina 30.
Het scherm van de afstandsbediening ijken
Hiermee zorgt u dat de afstandsbediening precies naar behoren op uw aanrakingen reageert.
1 Druk op CALIBRATE.

text_image
SETUP 1/3 CALIBRATE PRESET RECALL LEARNING MULTI OPERATION DIRECT FUNCTION2 Druk op het midden van elk kruispunt om het aanraakscherm precies gelijk te leggen met het onderliggende LCD paneel.
Door deze justering zorgt u dat de afstandsbediening precies goed geijkt is.

text_image
PLEASE TOUCH THE UPPER "+" MARK "MUTE": CANCELWanneer u beide kruispunten aangeraakt hebt, verschijnt er PLEASE WAIT op het scherm en dan komt u na afloop van de ijking weer bij het afstandsbediening-instelmenu uit.
De klok gelijkzetten
De afstandsbediening heeft een ingebouwde klok die de tijd kan aangeven in een 12-uurs cyclus of een 24-uurs aanduiding naar keuze.
1 Druk op CLOCK DISPLAY om te kiezen voor een AM/PM of 24-uurs tijdsaanduiding.
Met elke druk op de toets schakelt u over naar de andere tijdsaanduiding. De gekozen aanduiding wordt getoond na CLOCK DISPLAY.

text_image
SETUP 2/3 CLOCK DISPLAY : AM/PM CLOCK SETTING BEEP TIMEOUT KEY LABEL2 Druk op CLOCK SETTING om de datum in te stellen.
Gebruik de + en - toetsen om het jaar, de maand en het dagnummer in te stellen.

text_image
SETUP 2/3 CLOCK DISPLAY : AM/PM CLOCK SETTING BEEP TIMEOUT KEY LABEL
text_image
DATE 1/2 + + + 2003/10/09 - - - CANCELNEXT3 Druk op NEXT om door te gaan met het instellen van de juiste tijd.
Gebruik de + en - toetsen om het juiste uur en de minuut te kiezen.

text_image
TIME 2/2 + + 17 : 08 - - CANCELENTER4 Druk op ENTER wanneer de tijdsinstelling voltooid is.
Dan komt u weer terug bij het afstandsbediening-instelmenu.
Geluidssterkte van de toetspieptoon instellen
Bij indrukken van een toets op de afstandsbediening klinkt er een pieptoon, waarvan u de geluidssterkte als volgt kunt instellen.
- Druk op BEEP om de gewenste geluidssterkte te kiezen.
Bij elke druk op de toets wordt er overgeschakeld tussen zacht, luid of stil. De gekozen instelling wordt aangegeven op het aanraakscherm.

text_image
SETUP 2/3 CLOCK DISPLAY: AM/PM CLOCK SETTING BEEP: TIMEOUT KEY LABELKeuze van de spaarstand-uitschakeltijd
• Oorspronkelijke instelling: 60sec
Om onnodig stroomverbruik te voorkomen, schakelt een spaarcircuit de afstandsbediening automatisch uit als er een bepaalde tijd lang geen toets wordt ingedrukt. U kunt aparte uitschakeltijden instellen voor de LCD schermaanduidingen en voor alleen de achtergrondverlichting van de afstandsbediening.
1 Druk op de TIMEOUT toets.

text_image
SETUP 2/3 CLOCK DISPLAY : AM:PM CLOCK SETTING BEEP : TIMEOUT KEY LABEL2 Gebruik de + en - toetsen om de tijdsduur voor LCD TIMEOUT en voor BACKLIGHT TIMEOUT in te stellen.
Deze uitschakeltijden kunt u kiezen van 20 – 120 seconden.
- De uitschakeltijd voor de achtergrondverlichting kan niet langer worden gekozen dan de uitschakeltijd voor de LCD schermaanduidingen.

text_image
TIMEOUT LCD TIME OUT - 60 sec + BACKLIGHT TIME OUT - 60 sec + CANCELENTER3 Druk op ENTER wanneer de instelling voltooid is.
Dan komt u weer terug bij het afstandsbedieninginstelmenu.
Terugstellen van de afstandsbediening
Gebruik deze functie wanneer u de afstandsbediening wilt terugstellen op de oorspronkelijke fabrieksinstellingen.

Belangrijk
- Door deze ingreep worden al uw zelf gekozen instellingen gewist.
1 Druk op RESET TO DEFAULT.

2 Druk ter bevestiging op YES als u na het lezen van het scherm inderdaad door wilt gaan.

Nu volgt er eerst een leeg scherm en dan na ongeveer een minuut weer het Home beginmenu en dan is de afstandsbediening teruggesteld in de uitgangsstand.
Beveiligen van de afstandsbediening
Deze versterker heeft een beveiligingsfunctie voor de afstandsbediening waarmee u de toetsen op het aanraakscherm en de andere toetsen van de afstandsbediening kunt blokkeren.
1 Houd de gewone ← en → toetsen beide tegelijk ongeveer drie seconden lang ingedrukt.
- Deze blokkeerfunctie is niet te bedienen via het afstandsbedienings-instelscherm.

text_image
CHANNEL VOLUME ENTER MENU MUTE SYSTEM SETUP Pioneer AV AMPLIFIREDe aanduiding LOCKED! verschijnt op het aanraakscherm om aan te geven dat de afstandsbediening geblokkeerd is.
2 Om de blokkering van de afstandsbediening op te heffen, herhaalt u stap 1.
Zodra de blokkering is opgeheven, toont het aanraakscherm het Home beginmenu.
Herstarten van de afstandsbediening
Als de afstandsbediening tijdens het gebruikt "bevriest" (zodat geen enkele toets meer werkt), kan het nodig zijn de afstandsbediening te herstarten.

Belangrijk
- Bij het herstarten worden uw eigen instellingen niet gewist.
1 Verwijder met een kleine kruiskopschroevendraaier het schroefje waarmee het deksel van het batterijvak aan de achterkant van de afstandsbediening is bevestigd.

2 Verwijder het batterijdeksel.

3 Gebruik een potlood of een ander puntig voorwerp om de terugsteltoets in het gaatje rechts (boven de batterij) in te drukken.

Na het herstarten van de afstandsbediening geeft het aanraakscherm weer het Home beginmenu te zien.
Vervangen van de lithium-ionenbatterijen
Als u merkt dat de afstandsbediening ook na opladen niet erg lang meer werkt, kan het nodig zijn de lithium-ionenbatterijen te vervangen.

Voorzichtig
- Bij misbruik kunnen de lithium-ionenbatterijen brandgevaar opleveren of chemische brandwonden veroorzaken. In geen geval openmaken, verhitten boven 100°C (212°F), of in het vuur werpen.
-
Vervang de batterijen uitsluitend door nieuwe van het type AZW7264, vervaardigd door NEC TOKIN Corporation. Het gebruik van enig ander type batterijen kan gevaar voor brand of een ontploffing veroorzaken. Neem contact op met de Pioneer onderhoudsdienst die vermeld staat op uw garantiekaart als u nieuwe batterijen nodig heeft. De vervangende batterijen worden niet gedekt door de garantie.
-
Zorg dat u de versleten batterijen onmiddellijk na het vervangen inlevert volgens de plaatselijke voorschriften. Houd batterijen uit de buurt van kinderen.
- Voor het inleveren van gebruikte batterijen bij een inzamelpunt dient u de plaatselijk geldende milieuvoorschriften voor klein chemisch afval te volgen.
1 Verwijder met een kleine kruiskopschroevendraaier het schroefje waarmee het deksel van het batterijvak aan de achterkant van de afstandsbediening is bevestigd.

2 Verwijder het batterijdeksel.

3 Maak de oude batterijen uit het batterijvak los.
Trek niet aan de draden om de verbinding los te maken. Houd het aansluitstekkertje stevig met uw vingers vast, of gebruik een kleine schroevendraaier (of ander puntig gereedschap) om het stekkertje los te maken.
4 Breng de nieuwe oplaadbare batterijen aan.
Druk het aansluitstekkertje aan totdat het stevig vast zit. Let op dat de bedrading niet klem komt te zitten en plaats de batterijen zo dat u het deksel van het batterijvak weer gemakkelijk kunt sluiten.
Hoofdstuk 2
Aansluiten van uw apparatuur
Deze versterker biedt een enorm aantal mogelijkheden voor het aansluiten van uw audio/video installatie, maar u hoeft er niet voor terug te schrikken want moeilijk is het niet. Afhankelijk van uw vereisten, kunt u alles vlot voor gebruik gereed hebben met slechts enkele eenvoudige aansluitingen. Dit hoofdstuk is zo opgezet dat u na het doorlezen van deze korte inleiding direct door kunt gaan naar de specifieke aansluitingen die u nodig hebt. Voor de eerste vereisten voor uw thuisbioscoop zult u wellicht alleen de aansluitingen van een TV-toestel, een DVD-speler en de luidsprekers hoeven door te nemen.
Achterpaneel

- Alvorens u enige aansluiting maakt of wijzigt, schakelt u eerst de stroom uit en trekt u de stekker uit het stopcontact. Het aansluiten van de geluidsbronnen hoort gewoonlijk de laatste aansluitiprocedure voor uw installatie te zijn.
1 USB audio-ingang
De USB audio-ingang stelt u in staat uw PC te gebruiken als weergavebron voor stereo of meerkanaals digitale audio. Zie Gebruik van de USB-aansluiting op pagina 80 voor nadere details over het aansluiten.
2 Digitale audio-uitgangen
Twee optische digitale audio-uitgangen voor het aansluiten op een CD-speler, minidisc-recorder of ander digitaal opname-apparaat. Zie Aansluiten van een videorecorder of DVD-recorder op pagina 18 voor nadere details over het aansluiten.
3 Digitale audio-ingangen
Drie optische en drie coaxiale digitale audio-ingangen voor het aansluiten van digitale geluidsbronnen op deze versterker.
Daarnaast is er ook een ☐ RF IN aansluitbus voor aansluiting op een laserdisc-speler met een ☐ RF uitgang.
Alle ingangen zijn vrijelijk toe te wijzen aan diverse ingangsbronnen, voor maximale flexibiliteit.
- Als een aangesloten component niet overeenkomt met de aangegeven ingangsfunctie (DVD/LD, enz.), volgt u dan de aanwijzingen onder Toewijzen van de digitale ingangen op pagina 83 voor de juiste toewijzing.
4 Stereo analoge geluidsbron-in/uitgangen
Vijf stel analoge audio-aansluitbussen voor het aansluiten van geluidsbronnen zoals CD-spelers, cassettedecks, platenspelers, of een tuner voor radio- ontvangst. De CD-R/TAPE 1/MD en TAPE 2 MONITOR functies zijn tevens voorzien van uitgangen voor opnamedoeleinden. Zie Aansluiten van analoge geluidsbronnen op pagina 22 voor nadere details over het aansluiten.
5 Meerkanaals analoge audio-ingangen
7.1-kanaals analoge ingangen voor aansluiting op een DVD-speler met meerkanaals analoge uitgangen. Zie Aansluiten van meerkanaals analoge uitgangen op pagina 16 voor nadere details over het aansluiten.
6 i.LINK aansluitbussen
Twee S400-type i.LINK aansluitbussen bieden de mogelijkheid deze versterker aan te sluiten op andere voor i.LINK geschikte geluidsapparatuur voor scherp gedetailleerde digitale meerkanaals audio-in/uitgangssignalen. Zie Gebruik van de i.LINK-aansluiting op pagina 78 voor nadere details over het aansluiten.
7 Aardaansluiting voor platenspeler
Dit is een aardings-aansluitklem voor platenspelers die dit vereisen. Zie Aansluiten van analoge geluidsbronnen op pagina 22 voor nadere details over het aansluiten.
8 Voorversterker-uitgangen/eindversterkeringangen
Verwijder de U-vormige kortsluitstekkers niet, tenzij u van plan bent een externe eindversterker aan te sluiten op deze versterker.
Bij gebruik van deze versterker als geïntegreerde versterker kunt u de voorversterker-uitgangen verbonden laten met de eindversterker-ingangen, met behulp van de bijgeleverde U-vormige kortsluitstekkers.
Door deze kortsluitstekkers te verwijderen, kunt u dit apparaat gebruiken als alleen voorversterker of alleen eindversterker, of u kunt er een andere versterker tussen koppelen, voor nog meer ingangsmogelijkheden. Zie Gebruik van de voorversterker-uitgangen op pagina 78 voor nadere details over het aansluiten.
9 Meerkanaals voorversterker-uitgangen
Deze meerkanaals voorversterker-uitgangen kunt u gebruiken voor het aansluiten van afzonderlijke versterkers voor het middenkanaal, de achterkanalen, middenachterkanalen en het aparate lagetonenkanaal. Zie Gebruik van de voorversterker-uitgangen op pagina 78 voor nadere details over het aansluiten.
10 Besturings-in/uitgang
Met deze ministekkerbussen voor het aansluiten van andere Pioneer componenten verkrijgt u de mogelijkheid al uw apparatuur te bedienen via een enkele infraroodafstandsbedieningssensor. Zie Bediening van andere Pioneer componenten via de sensor van dit apparaat op pagina 68 voor nadere details over het aansluiten.
11 Monitor video-uitgangen
Drie video-uitgangen, bestaande uit een standaard composiet video-uitgang en twee S-video uitgangen, voor het aansluiten van videomonitors en TV's. Zie Aansluiten van uw TV-toestel op pagina 14 voor nadere details over het aansluiten.
12 Audio/video-geluidsbron ingangen
Elk van de zeven geluidsbron-ingangsfuncties heeft analoge stereo ingangsbussen, een composiet video-aansluiting en een S-video aansluiting voor de belangrijkste aansluitingen. Daarnaast kunt u ook digitale audio en component-type video-aansluitingen toewijzen aan de ingangsfuncties naar vereist. Behalve de audio/video-ingangen, hebben de drie ingangsfuncties DVR/VCR 1, VCR 2 en VCR 3 voor videorecorders ook hun eigen audio/video-uitgangen voor opnamedoeleinden. Zie Aansluiten van een videorecorder of DVD-recorder op pagina 18 voor nadere details over het aansluiten.
13 Component-type video-ingangen/uitgang
De drie component-type video-ingangen zijn vrijelijk toe te wijzen aan elk van de audio/video ingangsfuncties. De component video-uitgang is voor aansluiting van een videomonitor of TV-toestel. Zie Gebruik van de component video-aansluitingen op pagina 20 voor nadere details over het aansluiten.
14 RS-232C aansluiting
Deze aansluitbus dient voor het aansluiten van een personal computer voor grafische uitgangssignalen bij het gebruik van de Advanced MCACC functies.
15 12-V schakelstroomaansluitingen
Deze aansluitingen geven 12 V gelijkstroom door, afhankelijk van de ingangsfuncties (in totaal max.100 mA). Zie Componenten aan en uit schakelen met de 12-volts schakelstroom op pagina 68 voor nadere details over het aansluiten.
16 Luidsprekeraansluitingen
Dit zijn de voornaamste luidsprekeraansluitingen voor de voorluidsprekers, de middenluidspreker, achterluidsprekers en middenachterluidsprekers. Zie Installeren van uw luidsprekersysteem op pagina 24 voor nadere details over het aansluiten.
17 Netstroomuitgang (uitschakelbaar, maximaal 100 W) Deze wisselstroomuitgang kunt u gebruiken voor de stroomvoorziening van een ander apparaat in uw installatie (tot maximaal 100 W). De stroomtoevoer via deze stroomuitgang wordt onderbroken wanneer de versterker in de ruststand staat.
18 Netstroomingang
Sluit hierop het bijgeleverde netsnoer aan.
19 B luidsprekeraansluitingen
Op deze stereo B luidsprekeraansluitingen kunt u een afzonderlijk stel luidsprekers aansluiten, bijvoorbeeld voor gebruik in een andere kamer. Zie Gebruik van luidsprekersysteem Bop pagina 75 voor nadere details over het aansluiten.
Bij het aansluiten van kabels en snoeren
Let op dat u de aangesloten snoeren en kabels niet in een bundel of lus bovenop dit apparaat legt. Als er een snoerbundel op dit apparaat ligt, kan het magnetisch veld van de transformators in dit apparaat een elektrische storing veroorzaken die als een bromtoon door de aangesloten luidsprekers te horen zal zijn.

- Bij het aansluiten van optische kabels dient u voorzichtig te zijn bij het insteken van de stekker het dekseltje van de optische aansluitbus niet te beschadigen.

- Bij het bundelen van optische kabels mag u er slechts een flauwe bocht in maken en ze losjes opwikkelen. De kabels kunnen gemakkelijk beschadigd worden als u er een scherpe vouw of knik in maakt.
Aansluiten van uw TV-toestel
Op deze pagina wordt getoond hoe u de versterker op uw TV-toestel aansluit. Om het geluid van de TV-afstemeenheid van uw TV-toestel via deze versterker weer te geven, sluit u de analoge audio-uitgangen van uw TV-toestel aan op deze versterker.
1 Verbind de MONITOR OUT 1 video-aansluiting van deze versterker met een video-ingangsaansluiting van uw TV-toestel.
- U kunt een gewoon videosnoer met tulpstekkers gebruiken voor de aansluiting op de composiet video-aansluitbus, of voor een betere videokwaliteit kunt u een S-videokabel aansluiten op de S-video uitgang (S2 VIDEO).
- Z i Gebruik van de component video-aansluitingen op pagina 20 als u gebruik wilt maken van de component video-uitgangen om deze versterker aan te sluiten op uw TV-toestel.
2 Verbind de analoge audio-uitgangen van uw TV-toestel met de TV/DVD AUDIO-ingangen van deze versterker.
- Gebruik een gewoon stereosnoer met tulpstekkers voor deze aansluiting.

Opmerking
- Als u verschillende typen snoeren gebruikt voor het TV-toestel en voor uw geluidsbron-apparatuur, zullen er geen aanduidingen op het TV-scherm verschijnen.

text_image
S400 [AUDIO] CONTROL MONITOR OUT COMPONENT VID 0 R IN OUT VCC1 IN IN OUT VCC2 IN OUT C3 IN IN ASSIGNABLE RS-232C 12V THIG R 1 DC OUT 12 TOTAL 100mA AX 2 ASSIGNABLE R IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN R5-232C R5-232C R5-232C R5-232C R5-232C R5-232C R5-232C R5-232C R5-232C R5-232C R5-232C R5-232C R5-232C R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- R5- S400 [AUDIO] CONTROL MONITOR OUT COMPONENT VID 0 R IN OUT VCC1 IN OUT VCC2 IN OUT C3 IN OUT C3- IN OUT C3- IN OUT C3- IN OUT C3- IN OUT C3- IN OUT C3- IN OUT C3- IN OUT C3- IN OUT C3- IN OUT C3- IN OUT C3- IN OUT C3- IN OUT C3- IN OUT C3- IN OUT C3- INAansluiten van een DVD-speler

text_image
DIGITAL USB AUDIO HV OUT2 OUT1 VCD-R2 SAPR3 HND1 VDDV VCD 10 SADT VCD TVU DVD1 SNDV L0 SNDV L0 ASSIGNABLE OUTPUT ON INPUT PHR00 AUDIO IN AUDIO POWER AMP IN TUNER IN OUTPUT CD-10 TPREV HD IN P5.0 OUT TPA-2 MINTON IN IN TRAV1.1 TRAV2.1 TRAV3.1 TRAV4.1 TRAV5.1 TRAV6.1 TRAV7.1 TRAV8.1 TRAV9.1 TRAV10.1 TRAV11.1 TRAV12.1 TRAV13.1 TRAV14.1 TRAV15.1 TRAV16.1 TRAV17.1 TRAV18.1 TRAV19.1 TRAV20.1 TRAV21.1 TRAV22.1 TRAV23.1 TRAV24.1 TRAV25.1 TRAV26.1 TRAV27.1 TRAV28.1 TRAV29.1 TRAV30.1 TRAV31.1 TRAV32.1 TRAV33.1 TRAV34.1 TRAV35.1 TRAV36.1 TRAV37.1 TRAV38.1 TRAV39.1 TRAV40.1 TRAV41.1 TRAV42.1 TRAV43.1 TRAV44.1 TRAV45.1 TRAV46.1 TRAV47.1 TRAV48.1 TRAV49.1 TRAV50.1 TRAV51.1 TRAV52.1 TRAV53.1 TRAV54.1 TRAV55.1 TRAV56.1 TRAV57.1 TRAV58.1 TRAV59.1 TRAV60.1 TRAV61.1 TRAV62.1 TRAV63.1 TRAV64.1 TRAV65.1 TRAV66.1 TRAV67.1 TRAV68.1 TRAV69.1 TRAV70.1 TRAV71.1 TRAV72.1 TRAV73.1 TRAV74.1 TRAV75.1 TRAV76.1 TRAV77.1 TRAV78.1 TRAV79.1 TRAV80.1 TRAV81.1 TRAV82.1 TRAV83.1 TRAV84.1 TRAV85.1 TRAV86.1 TRAV87.1 TRAV88.1 TRAV89.1 TRAV90.1 TRAV91.1 TRAV92.1 TRAV93.1 TRAV94.1 TRAV95.1 TRAV96.1 TRAV97.1 TRAV98.1 TRAV99.1 TRAV100.1DVD-speler
Verschillende DVD-spelers kunnen een uiteenlopend repertoire aansluitingen bieden, maar ze omvatten allemaal op zijn minst een digitale audio-uitgang, analoge stereo audio-uitgangen en een video-uitgang. Bovendien kunt u ook een speler aansluiten met meerkanaals analoge audio-uitgangen en verschillende soorten video-uitgangen waaruit u kunt kiezen.
1 Verbind een coaxiale digitale audio-uitgang van uw DVD-speler met de DIGITAL 1 (DVD/LD) ingang van deze versterker.
- Gebruik voor deze aansluiting een coaxiaalkabel die geschikt is voor digitale audio.
- Als uw DVD-speler enkel een optische digitale uitgang heeft, kunt u die verbinden met een van de optische ingangen van deze versterker met behulp van een optische kabel. Bij het instellen van de versterker zult u die moeten vertellen op welke ingang u de speler hebt aangesloten (zie tevens Toewijzen van de digitale ingangen op pagina 83).
2 Als uw DVD-speler alleen analoge stereo audio-uitgangen heeft, verbindt u die dan met de DVD/LD AUDIO-ingangen van deze versterker.
- Gebruik een gewoon aansluitsnoer met tulpstekkers voor deze aansluiting.
- Als uw DVD-speler meerkanaals analoge uitgangen biedt, zie dan Aansluiten van meerkanaals analoge uitgangen hieronder voor de juiste wijze van aansluiten.
3 Verbind een composiet- of S-video uitgang van uw DVD-speler met de DVD/LD VIDEO of DVD/LD S2 VIDEO ingang van deze versterker.
- Gebruik een gewoon video-aansluitsnoer of een S-videokabel voor deze aansluiting.
- Als uw DVD-speler tevens een component video-uitgang biedt, kunt u die ook nog aansluiten. Zie Gebruik van de component video-aansluitingen op pagina 20 voor nadere bijzonderheden.
Aansluiten van meerkanaals analoge uitgangen

text_image
DIGITAL USB AUDIO M OUT2 OUT1 OUT3 OUT4 OUT5 OUT6 OUT7 OUT8 OUT9 OUT10 OUT11 OUT12 OUT13 OUT14 OUT15 OUT16 OUT17 OUT18 OUT19 OUT20 OUT21 OUT22 OUT23 OUT24 OUT25 OUT26 OUT27 OUT28 OUT29 OUT30 OUT31 OUT32 OUT33 OUT34 OUT35 OUT36 OUT37 OUT38 OUT39 OUT40 OUT41 OUT42 OUT43 OUT44 OUT45 OUT46 OUT47 OUT48 OUT49 OUT50 OUT51 OUT52 OUT53 OUT54 OUT55 OUT56 OUT57 OUT58 OUT59 OUT60 OUT61 OUT62 OUT63 OUT64 OUT65 OUT66 OUT67 OUT68 OUT69 OUT70 OUT71 OUT72 OUT73 OUT74 OUT75 OUT76 OUT77 OUT78 OUT79 OUT80 VDDI LP PS IN MONITOR OUT P R S R Y P R S R Y P R S R Y P R S R Y P R S R Y P R S R Y P R S R Y P R S R Y P R S R Y P R S R Y P R S R Y P R S R Y P R S R Y P R S R Y P R S R Y P R S R Y P R S R Y P R S R Y P R S R Y P R S R Y P R S R/Y 12V TUGGER DC OUT 12V TOTAL 100mA MAX 100mA MAX 100mA MAX 100mA MAX 100mA MAX 100mA MAX 100mA MAX 100mA MAX 100mA MAX 100mA MAX 100mA MAX 100mA MAX 100mA MAX 100mA MAX 100mA MAX 100mA MAX 100mA MAX 10U A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A X A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A x A xA x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x a x s u r t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o m e l y s u r t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o m e l y s u r t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e w i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c t o m e l y s u r t h e v i n c t o n t h e v i n c t o n t h e v i n c c u r r. f r s u r r. f r s u r r. f r s u r r. f r s u r r. f r s u r r. f r s u r r. f r s u r r. f r s u r r. f r s u r r. f r s u r r. f r s u r r. f r s u r r. f r s u r r. f r s u r r. f r s u f u l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l l | 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | 9 | 10 | 11 | 12 | 13 | 14 | 15 | 16 | 17 | 18 | 19 | 20 | 21 | 22 | 23 | 24 | 25 | 26 | 27 | 28 | 29 | 30 | 31 | 32 | 33 | 34 | 35 | 36 | 37 | 38 | 39 | 40 | 41 | 42 | 43 | 44 | 45 | 46 | 47 | 48 | 49 | 50 | 51 | 52 | 53 | 54 | 55 | 56 | 57 | 58 | 59 | 60 | 61 | 62 | 63 | 64 | 65 | 66 | 67 | 68 | 69 | 70 | 71 | 72 | 73 | 74 | 75 | 76 | 77 | 78 | 79 | 80 | 81 | 82 | 83 | 84 | 85 | 86 | 87 | 88 | 89 | 90 | 91 | 92 | 93 | 94 | 95 | 96 | 97 | 98 | 99 | N U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U U UU | ASSIGNABLE VIDEAMINO/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN/AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVEN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN / AVN (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) L (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) S (S) M (M) R Front L SUB W. CENTER R SURR. L MULTI CH OUTPUT R SURR. L MULTI CH OUT R SURR. L MULTI CH OUTPUT R SURR. L MULTI CH OUTPUT R SURR. L MULTI CH OUTPUT R SURR. L MULTI CH OUTPUT R SURR. L MULTI CH OUTPUT R SURR. L MULTI CH OUTPUT R SURR. L MULTI CH OUTPUT R SURR. L MULTI CH OUTPUT R SURR. L MULTI CH OUTPUT R SURR. L MULTI CH OUTPUT R SURR. L MULTI CH OUTPUT R SURR. L MULTI CH OUTPUT R SURR. L MULTI CH OUTPUT R SURR. VDC#A#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#O#oA## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## O## C## AC OUTLET SWITCHED: TOWMAX, ACIN, SELECTARIL: SURROUND BACK: B, B, L, RDVD-speler
Voor de weergave van DVD audio en SACD discs, kan uw DVD-speler beschikken over 5.1-, 6.1- of 7.1-kanaals analoge uitgangen (al naar gelang of de speler wel of niet geschikt is voor het aansturen van akoestiek-achterluidsprekers).
1 Verbind de uitgangsaansluitingen voor de voorluidsprekers, de middenluidspreker en het lagetonenkanaal van uw DVD-speler met de overeenkomstige MULTI CH INPUT ingang van deze versterker.
- Gebruik gewone aansluitsnoeren met tulpstekkers voor deze aansluiting.
- Let op dat u elke uitgang verbindt met de bijbehorende ingang van de versterker.
2 Als uw DVD-speler ook beschikt over uitgangen voor de akoestiek-achterkanalen, verbindt u die dan met de overeenkomstige MULTI CH INPUT ingangen van deze versterker.
- Gebruik gewone aansluitsnoeren met tulpstekkers voor deze aansluiting.
- Als er een enkele uitgang voor een middenachterluidspreker is, verbindt u die met de SURROUND BACK L (SINGLE) ingangsaansluiting van deze versterker.

Opmerking
- Voor het luisteren naar meerkanaals analoge audio zult u de keuzeschakelaar voor het ingangssignaal moeten instellen op MULTI CH INPUT (zie Afspelen van een geluidsbron op pagina 37 voor nadere aanwijzingen). Zie tevens Keuze van de USB en analoge meerkanaals-ingangen op pagina 45.
Aansluiten van een satelliet-TV/kabel-TV ontvanger of andere TV-top ontvanger
Satelliet- en kabel-TV signaalversterkers en andere digitale TV-ontvangers zijn voorbeelden van wat we noemen 'TV-top ontvangers'.
1 Sluit een stel audio/video-uitgangen van de TV-top ontvanger aan op de SAT AUDIO en VIDEO ingangen van deze versterker.
- Gebruik een gewoon stereo aansluitsnoer met tulpstekkers voor de audio-aansluiting en een videosnoer of S-videokabel voor de video-aansluiting.
2 Verbind een optische digitale audio-uitgang van uw TV-top ontvanger met de DIGITAL 4 (SAT) ingang van deze versterker.
- Gebruik een optische kabel voor deze aansluiting.
- Als uw TV-top ontvanger alleen een coaxiale digitale uitgang biedt, kunt u die verbinden met een van de coaxiale ingangen van deze versterker met behulp van een digitale audio-coaxiaalkabel. Bij het instellen van de versterker zult u die moeten vertellen op welke ingang u de TV-top ontvanger hebt aangesloten (zie tevens Toewijzen van de digitale ingangen op pagina 83).

Opmerking
- Als uw satelliet/kabel-TV ontvanger geen digitale audio-uitgang heeft, kunt u stap 2 hierboven overslaan.

text_image
S400 (AUDIO) CONTROL MONITOR OUT 1 MONITOR OUT 2 COMPONENT VIDEO R Y MONITOR OUT Pv R Pv R Pv ASSIGNABLE RS-232C 12V TRIGGER AC OUT 12V TOTAL 100mA MAX 2 SPEAKERS AC OUTLET SWITCHED 100W MAX AC IN SELECTABLE (SURROUND BACK & R) B L R VSA-AX10Ai AUDIO AUDIO AUDIO POWER AMP IN OUTPUT OUT OUTPUT TYPE 2 MOTOR OUT OUTPUT PROXT 5/8/6/7/6/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/7/5 ASSIGNABLE MULTICH INPUT AUDIOOUT1 AUDIO B VIDEO S VIDEO AVOUTTV-top ontvanger
Aansluiten van een videorecorder of DVD-recorder
Deze versterker heeft drie stel audio/video-ingangen en uitgangen die geschikt zijn voor het aansluiten van analoge of digitale videorecorders, inclusief DVD-recorders en HDD-recorders.
1 Verbind een stel audio/video-uitgangen van uw videorecorder met de DVR/VCR1 AUDIO en VIDEO ingangen van deze versterker.
- Gebruik een gewoon stereo aansluitsnoer met tulpstekkers voor de audio-aansluiting en een videosnoer of S-videokabel voor de video-aansluiting.
- Voor een tweede en derde videorecorder gebruikt u de VCR2 IN en VCR3 IN ingangen.
2 Verbind een stel audio/video-ingangen van uw videorecorder met de DVR/VCR1 AUDIO en VIDEO uitgangen van deze versterker.
- Gebruik een gewoon stereo aansluitsnoer met tulpstekkers voor de audio-aansluiting en een videosnoer of S-videokabel voor de video-aansluiting.
- Voor een tweede en derde videorecorder gebruikt u de VCR2 en VCR3 uitgangen.
3 Verbind een optische digitale audio-uitgang van uw videorecorder met de DIGITAL 5 (DVR/VCR1) ingang van deze versterker.
- Gebruik een optische kabel voor deze aansluiting.
- Als uw videorecorder alleen een coaxiale digitale uitgang biedt, kunt u die verbinden met een van de coaxiale ingangen van deze versterker met behulp van een digitale audio-coaxiaalkabel. Bij het instellen van de versterker zult u die moeten vertellen op welke ingang u de videorecorder hebt aangesloten (zie tevens Toewijzen van de digitale ingangen op pagina 83).
- De digitale uitgangen van andere videorecorders kunnen worden aangesloten op nog niet gebruikte digitale audio-ingangen van deze versterker. U kunt de betreffende ingangen dan toewijzen bij het instellen van de versterker (zie tevens Toewijzen van de digitale ingangen op pagina 83).

Opmerkingen
- Als uw video-apparatuur geen digitale audio-uitgang heeft, kunt u stap 3 hierboven overslaan.
- Om te kunnen opnemen, zult u in elk geval analoge audiosnoeren moeten aansluiten (de digitale aansluitingen dienen alleen voor video-weergave).

text_image
VSA-AX10Ai DIGITAL USB AUDIO M P/SSAO M INT2 INT1 INT3 INT4 INT5 INT6 INT7 INT8 INT9 INT10 INT11 INT12 INT13 INT14 INT15 INT16 INT17 INT18 INT19 INT20 INT21 INT22 INT23 INT24 INT25 INT26 INT27 INT28 INT29 INT30 INT31 INT32 INT33 INT34 INT35 INT36 INT37 INT38 INT39 INT40 INT41 INT42 INT43 INT44 INT45 INT46 INT47 INT48 INT49 INT50 INT51 INT52 INT53 INT54 INT55 INT56 INT57 INT58 INT59 INT60 INT61 INT62 INT63 INT64 INT65 INT66 INT67 INT68 INT69 INT70 INT71 INT72 INT73 INT74 INT75 INT76 INT77 INT78 INT79 INT80 INT81 INT82 INT83 INT84 INT85 INT86 INT87 INT88 INT89 INT90 INT91 INT92 INT93 INT94 INT95 INT96 INT97 INT98 INT99 INT100 ACOUTLET SWITCHED 1000 MAX AC IN SELECTANT SWITCHER BACK 2 B B + L R RS 252K R SINKERS OPTICAL COAXIAL DIGITAL OUTAansluiten van andere videobronnen
In principe kunt u alle audio/video-ingangen van deze versterker gebruiken voor elk type videobron. Het onderstaande aansluitschema toont als voorbeeld een videobron-apparaat dat is aangesloten op de VCR2 ingangen.
1 Verbind de analoge audio-uitgangen en een video-uitgang van de videobron met een stel nog niet gebruikte audio/video-ingangen van deze versterker.
- Gebruik een gewoon stereo aansluitsnoer met tulpstekkers voor de audio-aansluiting en een videosnoer of S-videokabel voor de video-aansluiting.
2 Als het videobron-apparaat een digitale audio-uitgang heeft, verbindt u die met een nog niet gebruikte digitale audio-ingang van deze versterker.
- Gebruik een coaxiaalkabel die geschikt is voor digitale audio of een optische kabel voor deze aansluiting, al naar gelang het type ingang waarop u de aansluiting maakt.
- Het kan nodig zijn de gebruikte digitale ingang toe te wijzen bij het instellen van de versterker (zie tevens Toewijzen van de digitale ingangen op pagina 83).
3 Als het videobron-apparaat een laserdisc-speler is met een ☐☐ RF digitale audio-uitgang, verbindt u die met de ☐☐ RF ingang van deze versterker.
Om te zorgen voor weergavemogelijkheid van alle soorten laserdiscs, sluit u zowel de PCM uitgangen als de DO RF uitgangen van uw laserdisc-speler aan.
- Gebruik een coaxiaalkabel die geschikt is voor digitale audio voor de DO RF aansluiting.
- Het kan nodig zijn de gebruikte DQ RF digitale ingang toe te wijzen bij het instellen van de versterker (zie tevens Toewijzen van de digitale ingangen op pagina 83).

text_image
DIGITAL USB AUDIO IN OUT2 OUT1 CD VDD-VI/MPX1 MIDI SAT VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD VDD 100mA MAX ASSIGNABLE R5-232C 12V THI ER IN OUT 12V TOTAL 100mA MAX SPEAKERS AC OUTLET SWITCHED 100W MAX AC IN SELECTABLE (SURROUND BACK & R) B L R SWEET (Single) R SWEET (Single) R SWEET (Single) R SWEET (Single) R SWEET (Single) R SWEET (Single) R SWEET (Single) R SWEET (Single) R SWEET (Single) R SWEET (Single) R SWEET (Single) R SWEET (Single) R SWEET (Single) R SWEET (Single) R SWEET (Single) R SWEet (Single) R SWEet (Single) R SWEet (Single) R SWEet (Single) R SWEet (Single) R SWEet (Single) R SWEet (Single) R SWEet (Single) R SWEet (Single) R SWEet (Single) R SWEet (Single) R SWEet (Single) R SWEet (Single) R SWEet (Single) R SWEet (Simple) R SWEet (Simple) R SWEet (Simple) R SWEet (Simple) R SWEet (Simple) R SWEet (Simple) R SWEet (Simple) R SWEet (Simple) R SWEet (Simple) R SWEet (Simple) R SWEet (Simple) R SWEet (Simple) R SWEet (Simple) R SWEet (Simple) R SWEet (Simple) S400 (AUDIO) PHONO AVOCIO INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJ INJLaserdisc-speler, videospeler, TV-spelapparaat, enz.
Gebruik van de component video-aansluitingen
Met component-type video-aansluitingen kunt u een betere beeldkwaliteit bereiken dan met composiet- of S-video aansluitingen. Bovendien heeft dit het voordeel (mits uw videobron en uw TV-toestel beide compatibel zijn), dat het hierbij gaat om zogenaamde progressieve-scan video, waarmee een uiterst stabiel, trillingsvrij beeld te verkrijgen is. Zie de gebruiksaanwijzingen van uw TV-toestel en het videobron-apparaat om te zien of ze geschikt zijn voor progressieve-scan video. Houd er wel rekening mee dat er geen beeldscherm-aanduidingen kunnen worden getoond wanneer u de aansluitingen hebt gemaakt met component-videokabels.
1 Verbind de component video-uitgangen of uw videobron-apparaat met een stel component video-ingangen van deze versterker.
Er zijn drie component video-ingangen; ze zijn alle vrij toe te wijzen, zodat u ze vrijelijk kunt gebruiken voor elk van de audio/video-ingangsfuncties van de versterker.
Overigens zult u in de meeste gevallen de component video-ingang moeten toewijzen (zie Toewijzen van de component-video ingangen op pagina 84), want anders zult u in plaats daarvan slechts de S-video of composiet video-ingang zien.
- Gebruik een drieweg component-videokabel voor deze aansluiting.
2 Sluit de COMPONENT VIDEO MONITOR OUT uitgangen van deze versterker aan op de componentvideo-ingangen van uw TV-toestel of videomonitor.
- Gebruik een drieweg component-videokabel.
Betreffende de video-omzetter
De video-omzetter maakt het mogelijk diverse verschillende videobronnen aan te sluiten via de beschikbare composiet, S-video of component-video aansluitingen, zodat het signaal wordt weergegeven via elk van de MONITOR VIDEO OUT aansluitingen. De enige uitzondering hierop is het component-video ingangssignaal, dat alleen zal worden weergegeven via de component video-uitgang. Als u dus een videobron wilt aansluiten via de component video-ingangsaansluiting, zult u ook uw TV-toestel moeten aansluiten op een component video-uitgang. Als er verscheidene videobronnen zijn aangesloten op hetzelfde type ingang, zal de video-omzetter voorrang verlenen aan de component-video, dan S-video en tenslotte composiet-video (in die volgorde).
- U zult geen afspeelinformatie op het scherm kunnen zien als u verschillende snoertypes gebruikt voor het aansluiten van uw TV-toestel en de weergavebron.
- NTSC videosignalen kunnen in de meeste gevallen niet worden omgezet, alleen wel van S-video naar component-video signalen (maar niet andersom).

Aansluiten van digitale geluidsbronnen
Deze versterker heeft zowel digitale ingangen als uitgangen, zodat u digitale geluidsbron-apparatuur zowel voor weergave als voor het maken van digitale opnamen kunt aansluiten. Veel digitale apparatuur is ook voorzien van analoge aansluitingen voor het opnemen van analoge geluidsbronnen (zoals een grammofoonplatenspeler of een cassettedeck). Zie Aansluiten van analoge geluidsbronnen hieronder voor nadere bijzonderheden.
1 Sluit een optische digitale audio-uitgang van uw digitale geluidsbron aan op de DIGITAL 6 (CD-R/TAPE1/MD) ingang van deze versterker.
- Gebruik een optische kabel voor deze aansluiting.
- Als uw digitale geluidsbronapparaat alleen een coaxiale digitale uitgang heeft, kunt u die aansluiten op een van de coaxiale ingangen van deze versterker met behulp van een coaxialkabel. Bij het instellen van de versterker zult u die moeten vertellen op welke ingang u de betreffende component hebt aangesloten (zie tevens Toewijzen van de digitale ingangen op pagina 83).
- De digitale uitgangen van andere geluidsbron-componenten zijn aan te sluiten op de nog niet gebruikte digitale audio-ingangen van deze versterker. De toewijzing kunt u regelen tijdens het installeren van de versterker (zie tevens Toewijzen van de digitale ingangen op pagina 83).
2 Verbind een van de DIGITAL uitgangen van deze
versterker met een digitale ingang van de component.
- Gebruik een optisché kabel om de aansluiting te maken met DIGITAL OUT1 of OUT2 (de onderstaande afbeelding toont OUT1).

Opmerkingen
- Voor het opnemen van bepaalde digitale geluidsbronnen zult u analoge aansluitingen moeten maken, zoals nader uitgelegd bij Aansluiten van analoge geluidsbronnen hieronder.
- Dit apparaat is voorzien van een ingebouwde WMA9 Pro decodeertrap, die het mogelijk maakt WMA9 Pro gecodeerde audio weer te geven via een coaxiale of optische digitale aansluiting, mits die gemaakt is met WMA9 Pro-compatibele afspeelapparatuur. De aangesloten PC, DVD-speler, afspeeladapter e.d. moet echter in staat zijn om WMA9 Pro formaat audiosignalen weer te geven via een coaxiale of optische digitale uitgang.

text_image
DIGITAL STRAJAND PS OUT1 OUT1 S240 (400 MHz) PARDIO IN CDI IN SATI IN S21 IN S20K IN S20K IN R SASSIGURABLE MULTI GUINDU CONTROL OUT1 VOUT2 COMPONENT VIDEO 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 55 56 57 58 59 60 61 62 63 64 65 66 67 68 69 70 71 72 73 74 75 76 77 78 79 80 81 82 83 84 85 86 87 88 89 90 91 92 93 94 95 96 97 98 99 100 101 102 103 104 105 106 107 108 109 110 111 112 113 114 115 116 117 118 119 120 121 122 123 124 125 126 127 128 129 130 131 132 133 134 135 136 137 138 139 140 141 142 143 144 145 146 147 148 149 150 151 152 153 154 155 156 157 158 159 160 161 162 163 164 165 166 167 168 169 170 171 172 173 174 175 176 177 178 179 180 181 182 183 184 185 186 187 188 189 190 191 192 193 194 195 196 197 198 199 200 201 202 203 204 205 206 207 208 209 210 211 212 213 214 215 216 217 218 219 220 221 222 223 224 225 226 227 228 229 230CD-R speler, minidisc-speler, DAT-cassettedeck, enz.
Aansluiten van analoge geluidsbronnen
Deze versterker biedt vijf analoge stereo-ingangen voor geluidsbronnen zoals een CD-speler, cassettedeck, platenspeler of radio-ontvanger. Twee van deze ingangen zijn gekoppeld aan bijbehorende uitgangen voor gebruik met geluidsopname-apparatuur.
E,n van de audio-ingangen (PHONO) is een speciale platenspeler-ingang waarop geen ander soort apparaat mag worden aangesloten. Deze ingang is tevens voorzien van de aardaansluiting die veel platenspelers vereisen.
1 Verbind de analoge audio-uitgangen van de geluidsbron-apparatuur met een stel ongebruikte audio-ingangen van deze versterker.
- Voor het aansluiten van een cassettedeck, minidisrecorder e.d. verbindt u de analoge opnameuitgangen (REC) van dit apparaat met de analoge audio-ingangen van de opname-apparatuur.
- Gebruik stereo tulpstekkersnoeren voor het maken van deze aansluitingen.
- Als uw cassettedeck voorzien is van een bandmonitorfunctie, kunt u het daarvoor aansluiten op de TAPE 2 MONITOR aansluitbussen op het achterpaneel. Zie Meeluisteren tijdens opnemen op pagina 69 voor nadere bijzonderheden.
2 Alleen voor platenspelers: Verbind de stereo audiouitgangen met de PHONO ingangen van deze versterker.
- Als uw platenspeler is voorzien van een aardingsdraad, verbindt u die met de aardaansluiting van deze versterker.
- Als uw platenspeler is voorzien van lijnuitgangen (zonder aparte aardleiding), verbindt u die dan met de CD ingangen.

text_image
Platenspeler DIGITAL USB AUDIO IN PHOTO IN OUT2 IN CD IN OUT1 IN VTA-V OUT1 VWA-V OUT1 OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT OUT IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IN IC: IN IN IC: IN IN IC: IN IN IC: IN IN IC: IN IN IC: IN IN IC: IN IN IC: IN IN IC: IN IN IC: IN IN IC: IN IN IC: IN IN IC: IN IN IC: IN IN IC: IN IN IC: IN IN IC: IN IN C:\ASSIGNABLE\MULTION INPUT\N\nCONTROL\NDOTOR\OUT1\NDOTOR\OUT2\nCOMPONENT VIDEO\nOVDLDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDVDHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDVHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDGHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHGHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHHDATRMDHBHDATRMDHBHDATRMDHBHDATRMDHBHDATRMDHBHDATRMDHBHDATRMDHBHDATRMDHBHDATRMDHBHDATRMDHBHDATRMDHBHDATRMDHBHDATRMDHBHDATRMS-232C\n1 12W THURGER DC OUT 12W 10W IL 19W IN A RAX\n2 2 DC OUT 12W 10W IL 19W IN A RAX\nSVECHED 100W MAX\nAC OUTLET\nFRONT\nCENTER\nL\nSUR-ROUND\nB\nSUR-ROUND BACK\nSPEAKERS\n(Single)\nB\nL\nSVECHED(SURROUND BACK & B)\nAC IN\nSELECTABLE(SURROUND BACK & B)\nB\nL\nSVECHED(SURROUND BACK & B)\nA\nB\nC\nD\nE\nF\nG\nH\nI\nJ\nK\nL\nM\nN\nO\nP\nQ\nS\nT\nU\nV\nW\nX\nY\nZ\nA\nB\nC\nD\nE\nF\nG\nH\nI\nJ\nK\nS\nT\nU\nV\nW\nX\nY\nZ\nA\nB\nC\nD\nE\nF\nG\nH\nI\nJ\nK\nS\nT\nU\nV\nW\nX\nY\nZ\nA\nB\nC\nD\nE\nF\nG\nH\nI\nJ\nK\nS\nT\nU\nV\nW\nX\nY\nZ\nA\nB\nC\nS\nT\nU\nV\nW\nX\nY\nZ\nA\nB\nC\nD\nE\nF\nG\nH\nI\nJ\nK\nS\nT\nU\nV\nW\nX\nY\nZ\nA\nB\nC\nD\nE\nF\nG\nH\nI\nJ\nK\nS\nT\nU\nV\nW\nX\nY\nZ\nA\nB\nC\NS-232C\NC-232C\NC-232C\NC-232C\NC-232C\NC-232C\NC-232C\NC-232C\NC-232C\NC-232C\NC-232C\NC-232C\NC-232C\NC-232C\NC-232C\NC-5555555555555555555555555555555555555555555555555555555555555555555555555555555555555555555555555555Aansluiten van apparatuur op de ingangen op het voorpaneel
De ingangsaansluitingen op het voorpaneel omvatten een composiet video-ingang (VIDEO), een S-video ingang (S-VIDEO), stereo analoge audio-ingangen (AUDIO L/R) en een optische digitale audio-ingang (DIGITAL). Deze aansluitingen kunt u gebruiken voor allerlei audio/video-apparatuur, maar ze zijn bij uitstek handig voor het aansluiten van draagbare apparatuur, zoals een video-camera/recorder, videospel-apparaten en draagbare audio/video-apparatuur.
- U kunt de ingangssignalen bekijken door in te stellen op VIDEO met de INPUT SELECTOR keuzeknop op het voorpaneel.
- Klap het deksel van het voorpaneel open waar het staat aangegeven, om toegang te krijgen tot de ingangsaansluitingen op het voorpaneel.
- De onderstaande afbeelding toont bij wijze van voorbeeld het aansluiten van een draagbare DVD-speler. Overigens kan er voor deze aansluiting een speciale optische kabel nodig zijn.

text_image
VSA-AX10Ai AUDIO ON/OFF RICH/OUT LUX/IN/OFF/INTO/CONTAG/IN/OFF/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO/INTO RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SYNC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/SNBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S NBC RICH/S N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/N/C RICH/MSCNOSA 2.0000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000000Draagbare DVD-speler, enz.
Installeren van uw luidsprekersysteem
Om volledig profijt te hebben van de akoestische mogelijkheden van deze versterker kunt u een stel voorluidsprekers aansluiten, een middenluidspreker, achterluidsprekers en middenachterluidsprekers, plus een lagetonenluidspreker. Alhoewel dit de ideale configuratie is, kunt u ook met minder luidsprekers - zonder middenluidspreker of zonder lagetonenluidspreker, of zelfs zonder achterluidsprekers - wel volstaan. Op zijn minst zult u echter wel een linker en een rechter voorluidspreker moeten aansluiten. Houd er ook rekening mee dat de voornaamste
achterluidsprekers altijd in een paar moeten worden aangesloten, maar daarnaast kunt u desgewenst volstaan met een enkele middenachterluidspreker (die u dan moet aansluiten op de linker middenachter-aansluiting). U kunt luidsprekers gebruiken met een nominale impedantie tussen 4 – 16 Ω (zie vooral de paragraaf Omschakelen van de luidspreker- impedantie op pagina 72 als u van plan bent luidsprekers aan te sluiten met een impedantie van minder dan 6 Ω).

flowchart
graph TD
A["Lagenon-luidspreker"] --> B["LINE LEVEL INPUT"]
C["Links voor"] --> D["Midden"]
E["Rechts voor"] --> F["AC OUTLET"]
G["VSA-AX10Ai"] --> H["Links achter"]
I["Links middenachter"] --> J["Rechts middenachter"]
K["Rechts achter"] --> L["Switched 10V/Max"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style C fill:#f9f,stroke:#333
style E fill:#f9f,stroke:#333
style G fill:#f9f,stroke:#333
style I fill:#f9f,stroke:#333
style K fill:#f9f,stroke:#333
Aansluiten van de luidsprekers
Elke luidsprekeraansluiting op de versterker bestaat uit een positieve (+) rode en een negatieve (−) witte aansluitklem. Voor een goede geluidsweergave is het belangrijk deze niet te verwisselen, maar ze correct te verbinden met de overeenkomende aansluitingen op de luidsprekerboxen zelf.

Voorzichtig
- Deze luidsprekercontactpunten kunnen onder Gevaarlijke spanning staan. Om het risico van een elektrische shock te vermijden gelieve men, bij het insteken of uittrekken van de luidsprekerkabeltjes, de niet geïsoleerde punten niet aan te raken voordat het stroomsnoer is uitgetrokken.
- Let op dat alle stroomdraden van het luidsprekersnoer stevig ineen gedraaid zijn en volledig zijn ingestoken in de luidsprekeraansluitklem. Als er stroomdraden van het luidsprekersnoer uitsteken en contact maken met het achterpaneel, kan een beveiligingscircuit de stroomtoevoer uitschakelen.
Aansluiten van de stroomdraden
Alvorens u begint met het aansluiten van de luidsprekers, dient u het betreffende luidsprekersnoer zorgvuldig voor te bereiden, door ongeveer 1 cm van de isolatielaag van het uiteinde van elke snoerader te verwijderen, om vervolgens de stroomdraden stevig ineen te draaien.

Voor het aansluiten van een luidsprekersnoer draait u de aansluitklem enkele slagen uit, tot er voldoende ruimte is om de gestripte stroomdraad er veilig in te steken. Wanneer de stroomdraad volledig in de aansluitklem is gestoken, draait u de klem weer vast, zodanig dat het snoer er stevig in vastzit.

- Raadpleeg de bij uw luidsprekers behorende handleiding voor nadere aanwijzingen over het aansluiten van het andere uiteinde van de luidsprekersnoeren op de luidsprekers zelf.
- De luidsprekeraansluitingen van deze versterker zijn aan te sluiten op diverse verschillende manieren, afhankelijk van welke configuratie u kiest. Zie de beschrijving onder Luidsprekersystemen op pagina 52 voor een overzicht van de mogelijke configuraties.
- Andere aansluitingen op pagina 75 biedt nadere details over alternatieve luidsprekeropstellingen, zoals gebruik van een luidsprekersysteem B (pagina 75), een dubbel akoestieksysteem (pagina 77), dubbele versterking (pagina 77) en dubbele bedrading (pagina 77).
Opstellen van de luidsprekers
De plaatsing van de luidsprekers in uw kamer bepaalt in hoge mate de kwaliteit van de geluidsweergave. De volgende richtlijnen kunnen u behulpzaam zijn om het beste geluid uit uw luidsprekers te verkrijgen (zie tevens Optimaliseren van uw luidsprekeropstelling op pagina 90).
- De lagetonenluidspreker kan het best op de grond staan. In principe klinken de andere luidsprekers het beste op oorhoogte voor uw normale luisterplaats. Een opstelling waarbij alle luidsprekers op de vloer staan (wat wel goed is voor de lagetonenluidspreker), of hoog aan de wand hangen, is meestal niet aanbevolen.
- Voor het beste stereo-effect plaatst u de voorluid-sprekers 2 – 2,5 meter uiteen, op gelijke afstand van uw TV-toestel.
- Installeer de middenluidspreker boven of onder uw TV-toestel, zodat het geluid van het middenkanaal zo dicht mogelijk bij het TV-scherm klinkt.
- Voor het opstellen van luidsprekers dichtbij een TV-toestel dient u magnetisch afgeschermde luidsprekers te gebruiken, om eventuele storing te voorkomen, zoals een zekere kleurverschuiving in het beeld wanneer de TV en de luidsprekers beide aan staan. Als u niet beschikt over magnetisch afgeschermde luidsprekers en u bespeurt een dergelijke verkleuring in het TV-beeld, zet u dan de luidsprekers iets verder van het TV-toestel vandaan.
- Indien mogelijk, is het aan te bevelen de achterluidsprekers iets boven oorhoogte op te hangen.

text_image
Links voor Lageto- nenluid- spreker Midden Rechts voor Links achter Rechts achter Links middenachter Rechts middenachter
Voorzichtig
- Let op dat alle luidsprekers stevig en veilig zijn opgesteld of opgehangen. Dat komt niet alleen de geluidskwaliteit ten goede, maar vermindert tevens de kans op schade of ongelukken door omvallende luidsprekers wanneer er iemand tegenaan zou lopen.
De versterker op het stopcontact aansluiten
Steek de netsnoerstekker pas in het stopcontact nadat alle andere apparaten, inclusief de luidsprekers, goed op deze versterker zijn aangesloten.

Voorzichtig
- Pak het netsnoer altijd bij de stekker vast. Trek nooit de stekker uit het stopcontact door een ruk aan het snoer te geven, en pak het netsnoer nooit met natte handen vast, want dat kortsluiting of een elektrische schok kunnen veroorzaken. Zorg dat de versterker niet op het netsnoer staat, plaats geen meubilair of andere voorwerpen op het snoer en zorg dat het niet tussen een deur of raam bekneld kan raken. Leg geen knoop in het netsnoer en bind het niet samen met andere snoeren. Leid al uw netsnoeren zorgvuldig zo dat er niemand over kan struikelen. Schade aan een netsnoer kan brand of een gevaarlijke elektrische schok veroorzaken. Controleer uw netsnoeren regelmatig op schade. Als er iets mis mee is, raadpleegt u dan voor reparatie of vervanging de Pioneer onderhoudsdienst die vermeld staat op uw garantiekaart.
- Gebruik geen ander netsnoer dan alleen datgene dat bij dit apparaat is meegeleverd.
- Gebruik het bijgeleverde netsnoer niet voor andere doeleinden dan die hieronder staan aangegeven.
- Wanneer u de versterker een tijdlang niet gebruikt, zoals tijdens een vakantie e.d., kunt u het best de stroomaansluiting van de versterker verbreken door de stekker uit het stopcontact te trekken.
1 Sluit het bijgeleverde netsnoer aan op de AC IN stroomingang op het achterpaneel van de versterker.
2 Steek de stekker aan het andere uiteinde in een wandstopcontact.
Betreffende de netstroomuitgang
(uitschakelbaar, maximaal 100 W)
De stroomvoorziening via de netstroomuitgang van de versterker wordt aan en uit geschakeld door de ⏻
STANDBY/ON schakelaar van de versterker. Het totale stroomverbruik van de apparatuur die u aansluit op de netstroomuitgang mag niet meer bedragen dan 100 W (0,4 A).

Voorzichtig
- Sluit geen TV-toestel, videomonitor, verwarmingsapparaat, of andere huishoudelijke apparatuur aan op de netstroomuitgang van dit apparaat.
- Sluit geen apparatuur met een hoog stroomverbruik aan op de netstroomuitgang, om gevaar voor oververhitting en brand te voorkomen. Bovendien zou een hoog stroomverbruik ook de versterker kunnen beschadigen.
Hoofdstuk 3
Knoppen en aanduidingen
Uitleesvenster

text_image
1 2 3 4 SIGNAL AUTO RF DIGITAL ANALOG L C R LS S RS ( LFE ) OVER ATT SP→AB TAPE 2 5 6 THX EX DO DIGITAL DISC MTRX DO PRO LOGIC II Neo :6 2ch PLAYBACK 8 71 SIGNAL aanduidingen (pagina 69)
Hier wordt het gekozen ingangssignaal aangegeven.
De AUTO aanduiding licht op wanneer de versterker staat ingesteld op automatische ingangssignaalkeuze.
2 Weergavekanaal-aanduidingen
Deze lichten op om aan te geven welke kanalen actief zijn bij de weergave van Dolby, DTS, DVD-A en SACD geluidsbronnen.
LS, S en RS lichten tegelijk op om 6.1-kanaals bronnen aan te geven.
• L – Linker voorkanaal
• C – Middenkanaal
• R – Rechter voorkanaal
• LS – Linker achterkanaal
- S – Akoestiekkanaal (mono)
- RS – Rechter achterkanaal
• LFE – Lage-Frequentie-Effecten kanaal
3 ((()))
Deze aanduiding licht op wanneer er een LFE signaal binnenkomt.
4 Analoogniveau-aanduidingen
OVER aanduiding
Deze licht op wanneer een analoog ingangssignaal te krachtig doorkomt, zodat er vervorming kan optreden. Gebruik de verzwakkingsregeling om het ingangsniveau te verminderen.
ATT aanduiding (pagina 70)
Deze licht op wanneer de ingangsverzwakker is ingeschakeld.
5 Alfanumeriek venster
6 Digitaalformaat-aanduidingen
- DD DIGITAL op wanneer een Dolby Digital signaal wordt waargenomen.
- Deze licht op wanneer een DTS signaal wordt waargenomen.
- TDeze licht op wanneer een van de Home THX functies is gekozen.
- EX Deze licht op tijdens de Surround EX matrix verwerking.
- Beze licht op tijdens het decoderen van DTS-ES audio.
- Disc licht op tijdens DTS-ES discrete processing.
- MTRX licht op tijdens DTS-ES matrix processing.
• -DO PRO LOGIC II tijdens de Dolby Pro Logic II en Pro Logic IIx verwerking. - NDezesicht op tijdens de Neo:6 verwerking van 2-kanaals geluidsbronnen.
- 2 DepeaybAOR tijdens twee-kanaals weergave.
7 Luidspreker-aanduidingen
Deze lichten op om het gekozen luidsprekersysteem, A en/of B aan te geven.
8 TAPE 2 (pagina 69)
Deze licht op wanneer de TAPE 2 bandmonitor is ingeschakeld.
Voorpaneel

text_image
1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 Pioneer STANDARD OFF-IN INPUT SELECTOR AUDIO VIDEO MULTI-CHANNEL AMPLIFIER VSA-AX10AI LISTENING MODE SELECTOR TURN/PUSH MASTER VOLUME 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 ACOUSTIC CALL MIDNIGHT LOUDNESS OP HONTONE DIGITAL MR INPUT ATT + PHONES SP SYSTEM A/B SIGNAL SELECT VIDEO SELECT TAPE2 MONITOR STREAM DIRECT SETUP MIC 21 22 23 24 25 26 27 28 SELECT CHLEVEL SBCH MODE VIDEO INPUT DIGITALIN S-VIDEO VIDEO AUDIOL R1 INPUT SELECTOR knop (pagina 37)
Draai hieraan om een geluidsbron te kiezen. De ingangsaanduidingen tonen het gekozen bronapparaat.
2 ⏻ STANDBY/ON aan/uit-toets en OFF ■ / ON hoofdschakelaar
Druk op de Ⓧ STANDBY/ON toets om de versterker aan te zetten of in de ruststand te schakelen. Met de OFF ■ / ON ▶ hoofdschakelaar zet u de stroomtoevoer geheel uit of aan (en u kunt de versterker niet aan zetten met de afstandsbediening zolang de hoofdschakelaar op OFF ■ staat).
3 STANDBY ruststandlampje
Dit brandt wanneer de versterker in de ruststand staat.
4 Afstandsbedieningssensor
Hier ontvangt het apparaat de signalen van de afstandsbediening.
5 Uitleesvenster
Zie Afstandsbediening op pagina 30.
6 Adv. MCACC indicatorlampje (pagina 44)
Dit brandt wanneer de akoestiek-equalizer is ingeschakeld. De akoestiek-equalizer wordt automatisch ingesteld op ALL CH ADJ nadat de Auto Surround Setup instelling is voltooid.
7 i.LINK indicatorlampje (pagina 78)
Dit brandt wanneer er is ingesteld op een voor i.LINK-Audio geschikt apparaat.
8 Ingangsaanduidingen
Hier wordt de gekozen ingangsbron aangegeven. Het MULTI CH INPUT lampje licht op wanneer er een ingangsbron is gekozen die is aangesloten op de MULTI CH INPUT ingangen. Er gaat niets branden wanneer er wordt ingesteld op een nog niet toegewezen i.LINK-component of op de USB aansluiting.
9 LISTENING MODE SELECTOR
weergavekeuzeknop (pagina 39)
Draai aan de knop en druk deze in om een weergavefunctie te kiezen.
10 MASTER VOLUME sterkteregelaar
Hiermee regelt u de geluidssterkte.
11 Knoppen achter het voorpaneel
Voor het gebruik van deze knoppen achter het voorpaneel, drukt u licht met uw vinger tegen de onderrand van de klep.

Druk hierop om de akoestiek-equalizer aan of uit te schakelen.
13 MIDNIGHT toets (pagina 48)
Druk hierop om de MIDNIGHT dempingsfunctie aan/uit te schakelen.
14 LOUDNESS toets (pagina 48)
Druk hierop om de LOUDNESS klankverbetering aan/uit te schakelen.
15 TONE schakelaar
Druk hierop om over te schakelen tussen TONE ON en TONE BYPASS, voor wel of geen toonregeling.
16 OPTION (-/+) toetsen
Druk enkele malen op OPTION om een onderdeel uit het optiemenu te kiezen en gebruik dan de -/+ toetsen om het gekozen onderdeel naar wens in te stellen.
17 DIGITAL NR toets (pagina 50)
Druk hierop om de DIGITAL NR ruisonderdrukking aan/uit te schakelen.
18 INPUT ATT verzwakkingstoets (pagina 70)
Druk hierop om de ingangsverzwakking aan/uit te schakelen.
19 CH LEVEL (SELECT/-/+) kanaalregeltoetsen
(pagina 54)
Druk enkele malen op de SELECT toets om een kanaal te kiezen en dan op de -/+ toetsen om het niveau bij te regelen.
20 SB CH MODE akoestiektoets (pagina 46)
Hiermee kiest u de akoestiekfunctie/virtuele achterkanalen.
21 PHONES hoofdtelefoonaansluiting (pagina 42)
Hierop kunt u een hoofdtelefoon aansluiten (waarna de luidsprekers geen geluid meer geven).
22 SP SYSTEM A/B luidsprekerkeuzetoets (pagina 75)
Druk enkele malen hierop om te kiezen voor de luidsprekers A,B, A/B of luidsprekers uit (in die volgorde). (Zie Gebruik van luidsprekersysteem B op pagina 75 voor uitzonderingen op deze regel).
23 SIGNAL SELECT signaalkeuzetoets (pagina 44)
Druk hierop om het soort ingangssignaal te kiezen voor de huidige geluidsbron (DVD, DVR/VCR, enz.), en ook om het aantal ingangskanalen te kiezen voor de USB en analoge meerkanaals-ingangen.
24 VIDEO SELECT videokeuzetoets (pagina 71)
Druk enkele malen hierop om een videobron te kiezen.
25 TAPE 2 MONITOR toets (pagina 69)
Druk hierop om het opgenomen geluid te beluisteren bij opnemen met een apparaat dat is aangesloten op de TAPE 2 MONITOR in/uitgangen.
26 STREAM DIRECT toets (pagina 43)
Druk hierop om de Stream Direct functie aan/uit te schakelen.
27 SETUP MIC microfoonaansluiting
Hierop kunt u de bijgeleverde microfoon aansluiten.
28 VIDEO INPUT ingangsaansluitingen (pagina 23)
- DIGITAL IN – Voor het aansluiten van een spelapparaat, een draagbare DVD-speler, een videocamera (enz.), die voorzien is van een optische digitale uitgangsaansluiting
- S-VIDEO – Voor het aansluiten van een videocamera (enz.), die beschikt over een S-video uitgang.
- VIDEO / AUDIO (L/R) – Voor het aansluiten van een videocamera (enz.), die beschikt over gewone audio/video tulpstekkeraansluitingen.
Afstandsbediening

text_image
07/24 PM 3:55 HOME 1/3 AMPLIFIER AMPLIFIER INPUT 1 2 3 DVR /LD TV /DVD SAT DVR /VCR1 CD TUNER TV CONT MULTI OPERATION SYSTEM OFF SETUP CHANNEL ENTER VOLUME MENU MUTE SYSTEM SETUP Pioneer AV AMPLIFIER1 Datum en tijdsaanduiding
Zie De klok gelijkzetten op pagina 9 om hier de juiste tijd in te stellen.
2 LCD aanraakscherm
Het LCD aanraakscherm verschijnt wanneer u het paneel aanraakt of wanneer u een toets op de afstandsbediening indrukt.
3 Cursortoetsen en ENTER invoertoets
Gebruik deze om de verschillende menu's door te nemen, keuzes te maken en commando's uit te voeren.
4 CHANNEL +/- toetsen
Druk hierop om het System Setup menu te laten verschijnen (of een ander menu voor de bediening van andere apparatuur, zoals een DVD-speler of TV-toestel).
6

Deze aanduiding toont de toestand van de oplaadbare batterij. De oplaadaanduiding (geeft aan wanneer de batterij van de afstandsbediening wordt opgeladen.
7

Druk hierop om de achtergrondverlicching van het aanraakscherm aan of uit te zetten.
8 Menuschermnummer
Hier wordt het schermnummer van het huidige menu aangegeven, evenals het totale aantal schermen waarvan het deel uitmaakt.
9 Contrastregelaar
Hiermee regelt u het contrast van het LCD aanraakscherm.
10 VOLUME +/- toetsen
Hiermee stelt u de geluidssterkte in.
11 MUTE dempingstoets
Hiermee dempt u alle geluidsweergave. Nogmaals drukken (of een andere geluidssterkte kiezen met de MASTER VOLUME regelaar) om weer geluid te horen.
12 Onderhoudsaansluiting
Voor gebruik door Pioneer onderhoudspersoneel.
Voornaamste afstandsbedieningsschermen
Het LCD aanraakscherm van de afstandsbediening heeft een aantal basisaanduidingen voor het bedienen van de versterkerfuncties, evenals voor de bediening van andere apparaten. Hier volgt een uitleg van de voornaamste schermaanduidingen.
HOME basismenu's
Er zijn drie HOME basismenu's, die u kunt doornemen met behulp van de / links/rechts-toetsen op het aanraakschem of met de toetsen INPUT 1, 2 of 3.

text_image
HOME 1/3 1 AMPLIFIER AMPLIFIER INPUT 1 2 3 DVD / LD TV / DVD SAT DVR /VCR1 CD TUNER TV CONT MULTI OPERATION SYSTEM OFF SETUP
text_image
HOME 2/3 AMPLIFIER AMPLIFIER INPUT 21 VCR2 VCR3 CD-R /TAGE1 VIDEO MULTI CH INPUT TV CONT MULTI OPERATION SYSTEM OFF SETUP
text_image
HOME 3/3 AMPLIFIER AMPLIFIER INPUT 31 i.LINK USB PHONO TV CONT MULTI OPERATION SYSTEM OFF SETUP1 ⏻AMPLIFIER toets
Druk hierop om de versterker aan te zetten of in de ruststand te schakelen.
2 INPUT 1 / 2 / 3 toetsen
Druk op 1, 2 of 3 om door te gaan naar het scherm met de gewenste ingangsbron. Na indrukken van de juiste toets voor de keuze van een geluidsbron, verschijnt het daarvoor bestemde functiemenu (zie Bedieningsmenu's voor andere apparatuur hieronder).
3 TV CONT menutoets
Druk hierop om het TV-bedieningsmenu te openen (zie TV-bedieningsmenu's hieronder).
4 SETUP insteltoets
Druk hierop om het instelmenu voor de afstandsbediening te openen (zie De afstandsbediening naar wens instellen op pagina 8).
5 ←/→ (aanraakschermtoetsen)
Druk hierop om door te gaan naar het vorige/volgende HOME menuscherm.
6 AMPLIFIER toets
Druk hierop om het hoofdmenu voor de versterker te openen (zie Versterker-menuschermenhieronder).
7 SYSTEM OFF uitschakeltoets (pagina 66)
Druk hierop om alle Pioneer apparatuur in uw installatie, of enige andere apparatuur die u hiervoor hebt-ge programmeerd, in één keer alle tegelijk uit te schakelen.
8 MULTI OPERATION toets (pagina 66)
Druk op deze toets om een reeks bedieningsfuncties uit te voeren.
Versterker-menuschermen
Er zijn drie versterker-menuschermen, die u kunt doornemen met de / links/rechts-toetsen op het aanraakscherm.

text_image
AMPLIFIER 1/3 AMPLIFIER STREAM DIRECT SIGNAL SELECT ACOUSTIC CAL. LISTENING MODE STEREO STANDARD THX ADVANCED CINEMA ADVANCED CONCERT1 SIGNAL SELECT signaalkeuzetoets (pagina 44)
Druk hierop om het soort ingangssignaal te kiezen voor de huidige geluidsbron (DVD, DVR/VCR 1, enz.), en ook om het aantal ingangskanalen te kiezen voor de USB en analoge meerkanaals-ingangen.
2 LISTENING MODE luisterfunctietoets (pagina 39)
Hiermee kiest u de gewenste luisterfunctie.
3 huis-menutoets
Druk hierop om terug te keren naar het HOME basismenu (zie HOME basismenu's hierboven).
4 ←/→ (aanraakschermtoetsen)
Druk hierop om door te gaan naar het vorige/volgende versterker-menuscherm.
5 STREAM DIRECT toets (pagina 43)
Druk hierop om de Stream Direct functie aan/uit te schakelen.
6 ACOUSTIC CAL. toets (pagina 44)
Druk hierop voor keuze van een equalizer-instelling voor akoestiek-ijking.
7 ⊙ t o e t s
Druk hierop om terug te keren naar het voorgaande scherm (of stel schermen).

text_image
AMPLIFIER 2/3 AMPLIFIER TV CONT MIDNIGHT DIGITAL NR TONE LOUDNESS OPTION + CH LEVEL +8 MIDNIGHT toets (pagina 48)
Druk hierop om de Midnight luisterfunctie aan/uit te schakelen.
9 TONE toets (pagina 48)
Druk hierop om de toonregelaars aan/uit te schakelen.
10 OPTION (-/+) toetsen
Druk enkele malen op de OPTION toets om een optioneel menu-onderdeel te kiezen, en gebruik dan de -/+ toetsen om de gekozen instelling bij te regelen.
11 CH LEVEL (+/-) kanaalniveautoetsen (pagina 54)
Druk enkele malen op de CH LEVEL toets om een kanaal te kiezen, en gebruik dan de -/+ toetsen om het niveau bij te regelen.
12 TV CONT menutoets
Druk hierop om het TV-bedieningsmenu te openen (zie TV-bedieningsmenu's hieronder).
13 DIGITAL NR ruisonderdrukkingstoets
Druk hierop om de digitale ruisonderdrukking aan/uit te schakelen (zie Storing in de weergave onderdrukken op pagina 50).
14 LOUDNESS versterkingstoets (pagina 48)
Druk hierop om de Loudness versterking aan/uit te schakelen.

text_image
AMPLIFIER 3/3 AMPLIFIER TV CONT INPUT SB CH MODE SPEAKER INPUT ATT A/B ATT VIDEO DISPLAY SELECT DIMMER TAPE2 STATUS MONITOR STATUS 15 19 16 20 17 21 18 2215 INPUT ingangskeuzetoets (pagina 37)
Druk enkele malen op deze toets om alle beschikbare ingangsbronnen door te nemen.
16 SPEAKER A/B luidsprekerkeuzetoets (pagina 75)
Druk enkele malen hierop om te kiezen voor de luidsprekers A,B, A/B of luidsprekers uit (in die volgorde). (Zie Gebruik van luidsprekersysteem Bop pagina 75 voor uitzonderingen op deze regel.)
17 VIDEO SELECT videokeuzetoets (pagina 71)
Druk enkele malen hierop om een videobron te kiezen.
18 TAPE 2 MONITOR toets (pagina 69)
Druk hierop om het opgenomen geluid te beluisteren bij opnemen met een apparaat dat is aangesloten op de TAPE 2 MONITOR in/uitgangen.
19 SB CH MODE akoestiektoets (pagina 46)
Hiermee kiest u de akoestiekfunctie/virtuele achterkanalen.
20 INPUT ATT verzwakkingstoets (pagina 70)
Druk hierop om de ingangsverzwakking aan/uit te schakelen.
21 DISPLAY DIMMER toets (pagina 72)
Druk hierop om de lichtsterkte van het voorpaneel- uitleesvenster te regelen.
22 STATUS toets (pagina 73)
Druk hierop om de gekozen versterker-instellingen te controleren.
Afstandsbedieningsschermen voor andere apparatuur
De functies in deze schermen zijn beschikbaar nadat u de afstandsbediening het geprogrammeerd voor de bediening van het betreffende apparaat (bijvoorbeeld uw TV-toestel of DVD-speler). Zie Gebruik van de afstandsbediening voor andere apparatuurop pagina 61 voor nadere bijzonderheden. Deze schermen werken in combinatie met de vaste toetsen van de afstandsbediening (zie Afstandsbediening hierboven).
TV-bedieningsmenu's

text_image
TV CONTROL 1/3 1 TV SCREEN SIZE 1 2 3 CLR 4 5 6 • 7 8 9 0 INPUT CH ENTER CH RETURN 5 ← →1 ⏻TV toets
Druk hierop om het TV-toestel aan/uit te schakelen.
2 Cijfertoetsen
Voor directe keuze van een TV-zender.
3 INPUT ingangskeuzetoets
Voor keuze van de audio/video weergavebron.
4
huis-menutoets
Druk hierop om terug te keren naar het HOME basismenu (zie HOME basismenu's hierboven).
5 ←/→ (aanraakschermtoetsen)
Druk hierop om door te gaan naar het vorige/volgende TV-bedieningsmenuscherm.
6 SCREEN SIZE schermformaattoets
Stel hiermee in op het schermformaat van uw TV-toestel.
7 CLR w i s t o e t s
Druk hierop om de laatste invoer te wissen.
8 CH ENTER zenderkeuzetoetsen
Hiermee voert u het gekozen zendernummer in.
CH RETURN zender-terug toets
Hiermee keert u terug naar de vorige zender.
9 terugkeertoets
Druk hierop om terug te keren naar het voorgaande scherm (of stel schermen).

Druk hierop om het geluid te dempen/weer geluid te horen.
DISPLAY toets
Hiermee schakelt u over naar andere schermweergave.
SPLIT toets
Hiermee deelt u het scherm in tweeën.
SELECT toets
Druk hierop om een van de deelbeeldschermen te kiezen.
P in P toets
Hiermee kunt u een inzetbeeld laten verschijnen.
SWAP toets
Hiermee verwisselt u het hoofdbeeld en het inzetbeeld.
11 IN1 / IN2 / IN3 / IN4
Druk hierop om een TV-ingangsbron te kiezen.

text_image
TV CONTROL 3/3 12 TV ANT 13 AV selection FREEZE 16 14 BLU GRN RED YEL 15 SLEEP RETURN 1712 ANT toets
Hiermee kiest u het soort antenne dat u op het TV-toestel hebt aangesloten.
13 AV selection keuzetoets
Druk hierop om de geprogrammeerde beeldkwaliteit te kiezen.
14 BLU / GRN / RED / YEL kleurtoetsen
Gebruik deze om uw keuze te maken uit een TV-menu of ander menu.
15 SLEEP sluimertoets
Druk hierop om de TV-uitschakelfunctie in te stellen.
16 FREEZE toets
Druk hierop om het beeld te bevriezen, wanneer u beschikt over een plasmascherm.
17 RETURN toets
Druk hierop om terug te keren naar het hoofdmenu.
Bedieningsmenu's voor andere apparatuur
Het onderstaande voorbeeld toont het DVD menuscherm.

text_image
DVD 1/2 1 DVD TV CONT 2 3 AUDIO SUBTITLE 4 DISPLAY TOP MENU 5 6 71 ⏻DVD toets
Druk hierop om de DVD-speler aan/uit te schakelen.
2 Beeldweergavetoetsen
◀◀ / ▶▶ (terug/vooruit zoektoetsen)
Houd een van deze toetsen ingedrukt om snel terugwaarts of vooruit te zoeken.
▶ (weergavetoets)
Druk hierop om het afspelen te starten of te hervatten.
|◀◀ / ▶▶▶ (terug/vooruitspringtoetsen)
Druk op ◀◀◀ om direct terug te springen naar het begin van het weergegeven hoofdstuk of muziekstuk en vervolgens naar de voorgaande stukken.
Druk op ▶▶▶ I om direct door te gaan naar het begin van het volgende hoofdstuk of muziekstuk.
■ (stoptoets)
Druk hierop om het afspelen van de disc te stoppen (om de weergave te hervatten drukt u op de ▶ weergavetoets).
II (pauzetoets)
Druk hierop om de weergave te pauzeren. Nogmaals drukken om de weergave te hervatten.
3 AUDIO toets
Druk hierop voor keuze van het geluidskanaal of de gesproken taal.
SUBTITLE toets
Druk hierop voor keuze van de ondertitels.
DISPLAY toets
Druk hierop om de disc-informatie op het scherm te tonen/om te schakelen.
TOP MENU toets
Druk hierop om het topmenu van een DVD disc te tonen.
4

huis-menutoets
Druk hierop om terug te keren naar het HOME basismenu (zie HOME basismenu's hierboven).
5 ←/→ (aanraakschermtoetsen)
Druk hierop om door te gaan naar het vorige/volgende TV-bedieningsmenu-scherm.
6 TV CONT menutoets
Druk hierop om het TV-bedieningsmenu te openen (zie TV-bedieningsmenu's hieronder).
7 versterker-menutoets
Druk hierop om het hoofdmenu voor de versterker te openen (zie Versterker-menuschermen hierboven).

text_image
DVD 2/2 DVD TV CONT 1 2 3 CLR 4 5 6 +10 7 8 9 0 SEARCH MODE RETURN 8 9 10 118 Cijfertoetsen
Hiermee kunt u rechtstreeks een muziekstuk, hoofdstuk of titel opzoeken.
9 SEARCH MODE zoekfunctietoets
Hiermee schakelt u de zoekfunctie in (om rechtstreeks naar een ander punt op de disc te gaan).
10 CLR wistoets
Druk hierop om de laatste invoer te wissen.
11 RETURN terugkeertoets
Druk hierop om terug te keren naar een vorig menuscherm.
Hoofdstuk 4
Om te beginnen
Inleiding: uw eigen huisbioscoop
U bent waarschijnlijk wel gewend om met uw stereo-apparatuur naar muziek te luisteren, maar misschien kent u nog niet het principe van de huisbioscoop, waarmee u ook filmgeluid op spectaculaire wijze kunt meebeleven, met een ruimtelijk effect door volledige rondom-akoestiek.
De huisbioscoop werkt met meerdere geluidssporen die u als luisteraar midden in de actie van de film plaatsen, of u bij een concert een plaats op de eerste rij geven. De rondom-akoestiek van uw huisbioscoop wordt niet alleen mogelijk gemaakt door de luidsprekers in uw kamer, maar evenzeer door de speciale geluidsbronnen en de weergavemogelijkheden van uw versterker.
DVD-Video is sinds kort de belangrijkste weergavebron voor de huisbioscoop, vanwege de beeld- en geluidskwaliteit, het handzaam formaat en het bedieningsgemak van dit medium. De uitgebalanceerde meerkanaals geluidssporen van een DVD disc maken de klank realistischer dan ooit tevoren, zodat u zich midden in de actie zult voelen.
Volg de aanwijzingen onder Automatische instellingen voor rondom-akoestiek in de hierna volgende paragrafen, om de best mogelijke akoestiek te verkrijgen door uw versterker optimaal af te stemmen op uw luisterruimte.
Automatische instellingen voor rondom-akoestiek
De Auto Surround Setup functie meet de akoestische eigenschappen van uw luisterruimte, rekening houdend met het achtergrondgeluid, het formaat en de afstand van uw luidsprekers, en de eigen testresulaten voor de nagalm en het optimaal niveau van de diverse kanalen Nadat u de microfoon hebt opgesteld die bij uw installatie is geleverd, verwerkt de versterker de informatie die wordt verkregen door weergave van een aantal testtonen, om de luidsprekerinstellingen en het klankbeeld precies op maat aan uw luisterruimte aan te passen.
Verricht deze aanpassing zorgvuldig, voordat u doorgaat met Afspelen van een geluidsbron op pagina 37.

Belangrijk
- Let op dat de microfoon en de luidsprekers niet worden verplaatst tijdens het gebruik van de Auto Surround Setup functie.
- Bij het gebruik van de Auto Surround Setup functie zullen alle eerder gemaakte luisprekerinstellingen in de versterker door nieuwe worden overschreven.
- Als er langer dan drie minuten niets gebeurt tijdens de Auto Surround Setup functie, zullen de schermaanduidingen tijdelijk verdwijnen, totdat u weer op een toets drukt.

Voorzichtig
- De testtonen van de Auto Surround Setup functie worden erg krachtig weergegeven.
1 Schakel de versterker en uw TV-toestel in.
Als er een hoofdtelefoon op de versterker is aangesloten, maakt u die dan los.
2 Sluit de microfoon aan op de SETUP MIC aansluitbus op het voorpaneel.
Zorg dat er geen obstakels zijn tussen de luidsprekers en de microfoon.

Als u een geschikt statief hebt, plaatst u de microfoon daar op, zodat die zich ongeveer op oorhoogte bevindt voor uw normale luisterplaats.
Zet anders de microfoon zo goed mogelijk op oorhoogte op een tafel of een stoel.
3 Gebruik de afstandsbediening, druk op de AMPLIFIER toets op het aanraakscherm, en vervolgens op de SYSTEM SETUP toets.

text_image
HOME 1/3 AMPLIFIER AMPLIFIER INPUT 1 2 3 DVD / LD TV / DVD SAT DVR / VCR1 CD TUNER TV CONT MULTI OPERATION SYSTEM OFF SETUP + CHAVE RESUME ENTER - FREE WITH + SYSTEM STEP Pioneer AV AMPLIFIEREr verschijnen nu een aantal aanduidingen op uw TV-scherm. Gebruik de vaste ↑/↓/←/→ cursortoetsen en de ENTER toets van de afstandsbediening om de menuschermen door te nemen en de juiste onderdelen te kiezen.
- M e t d e ↑/↓ op/neer-toetsen kiest u de menu-onderdelen en met de ←/→ links/rechts-toetsen regelt u de juiste instelling voor het gekozen onderdeel.
4 Het onderdeel 'Auto Surround Setup' moet verlicht zijn aangegeven. Druk op de ENTER toets.

text_image
System Setup ▶[Auto Surround Setup] [1. Input Assign] [2. Surround Setup] [3. Expert Setup] [4. THX Audio Setup] [Exit]5 Kies hoe u dit luidsprekersysteem gebruikt. Zorg dat 'Go Next' oplicht en druk weer op ENTER.
Als u een normale akoestiekopstelling gebruikt, of u bent er niet zeker van, laat u de instellingen dan ongewijzigd in hun oorspronkelijke stand.
- Keuze luidsprekersysteem – Normal Surround (Normale rondom-akoestiek)
- SP-B (luidsprekersysteem B) – Second Zone (Tweede luisterruimte)
• X-Curve – ON (Aan)
Voor andere dan de oorspronkelijke instellingen vindt u nadere informatie onder Luidsprekersystemen op pagina 52.

6 Volg de aanwijzingen die op het scherm verschijnen.

- Let op dat de microfoon goed is aangesloten.
- Als u beschikt over een aparte lagetonenluidsprekers, zet u die dan aan en draai de geluidssterkte ervan open.
- Zie de opmerkingen hieronder voor plaatsen met relatief veel achtergrondlawaai en andere mogelijke bronnen van storing.
7 Let op dat er 'Start' is gekozen en druk op de ENTER toets.
Op het scherm verschijnt nu een voortgangsrapport, terwijl de versterker testtonen weergeeft om te bepalen hoe de luidsprekers in uw systeem die tonen laten klinken. Het is belangrijk dat u zich zo stil mogelijk houdt tijdens dit proces.

- Verminder niet de geluidssterkte tijdens de weergave van de testtonen. Dat zou kunnen resulteren in onjuiste luidsprekerinstellingen.
8 Controleer of uw luidsprekerconfiguratie juiste worden aangegeven op het scherm.
De beeldschermaanduidingen moeten zoveel mogelijk overeenkomen met de luidsprekerconfiguratie die u daadwerkelijk gebruikt.

text_image
Check!! FRONT [ YES ] CENTER [ YES ] SURROUND [ YES ] SURR BACK [ x2YES SUB WOOFER [ YES ] OK.Go Ne ] [Retry] [ERR Fix SP.] [Return to Menu]Als de getoonde luidsprekerconfiguratie niet juist is, stelt u met de ↑/↓ op/neer-toetsen in op Retry voor een nieuwe poging en dan drukt u op ENTER. Volg nu weer de aanwijzingen vanaf stap 6.
Als de getoonde configuratie niet juist is, en u wilt de instellingen handmatig corrigeren, kiest u dan voor ERR→Fix SP en drukt u op ENTER. Gebruik de ↑/↓ op/neer-toetsen om de betreffende luidspreker(s) te kiezen en bepaal dan met de ←/→ links/rechts-toetsen het formaat (en het aantal, voor de middenachter-luidspreker(s)). Wanneer u hiermee klaar bent, kunt u doorgaan met de volgende stap.
Als u een ERR foutmelding ziet verschijnen in de rechter kolom, kan er een probleem zijn met de luidsprekeraansluitingen. Als een nieuwe poging met Retry (zie boven) dit probleem niet verhelpt, schaket u dan de stroom uit en controleert u zorgvuldig de luidsprekeraansluitingen.
9 Zorg dat er 'OK, Go Next' is gekozen en druk dan op ENTER.
Weer verschijnt op het scherm een voortgangsrapport, terwijl de versterker meer testtonen weergeeft om de optimale versterker-instellingen te bepalen voor het niveau van de kanalen, voor de luidsprekerafstanden en voor de equalizer akoestiek-ijking.

Hierbij zult u weer zo stil mogelijk moeten zijn voor de beste resultaten. Dit proces kan in totaal ongeveer 6 minuten duren.
10 De Auto Surround Setup instelling is voltooid! Druk op de SYSTEM SETUP toets om het System Setup menu te sluiten.

text_image
Auto Surround Setup !! Complete !! [Data Copy] [Check] returnDe automatische instellingen van de Auto Surround Setup functie kunnen u een uitstekende rondom- akoestiek bieden die uw gehele installatie optimaal benut, maar desgewenst kunt u ook zelf handmatig aanpassingen maken via het Surround Setup akoestiekmenu (vanaf pagina 51).
Als u van plan bent op dit punt al geavanceerde instellingen te maken, kunt u nu kiezen voor Data Copy om uw akoestiek-instellingen naar eigen inzicht aan te passen. Zie Akoestiek-ijking met de equalizer op pagina 55 voor nadere bijzonderheden.
Ook kunt u nu eerst de gemaakte instellingen controleren, door te kiezen voor Check. Zie Controleren van uw akoestiek-instellingen op pagina 60 voor nadere bijzonderheden.
Als u hebt gekozen voor Return kunt u vervolgens kiezen voor Exit om het System Setup menuscherm te sluiten.

Opmerkingen
- Als u kiest voor Cancel (Annuleren) op enig punt tijdens het Auto Surround Setup proces, zal de versterker automatisch het proces afsluiten en dan worden er geen nieuwe instellingen gemaakt.
- Vergeet niet om de microfoon los te maken na afloop van de Auto Surround Setup procedure.
Problemen die zich kunnen voordoen bij de Auto Surround Setup
Als de luisterruimte niet ideaal is voor de werking van de Auto Surround Setup (te veel achtergrondlawaai, veel echo van de wanden, obstakels tussen de luidsprekers en de microfoon) kunnen de uiteindelijke instellingen niet altijd optimaal zijn. Controleer of er bepaalde huishoudelijke apparatuur (een ventilator, koelkast of airconditioning, bijvoorbeeld) de resultaten ongunstig beïnvloed kan hebben, schakel die appartuur uit en probeer het nog eens.
Bepaalde oudere TV-toestellen kunnen een nadelig effect hebben op de werking van de microfoon. Als dit op uw situatie van toepassing kan zijn, schakelt u dan het TV-toestel uit voor het gebruik van de Auto Surround Setup.
Controleren van de instellingen op uw DVD (of andere) speler
Voordat u verder gaat, zult u wellicht de digitale audio-uitgangsinstellingen op uw DVD-videsspeler en digitale satelliet-ontvangerwillen controleren.
- Controleer of uw DVD-videspeler/satellietontvanger naar behoren staat ingesteld op weergave van Dolby Digital, DTS en 88,2/96kHz PCM (2-kanaals) audio.
Als er een instelmogelijkheid is voor MPEG audio, kiest u daarbij dan voor de omzetting van MPEG audio naar PCM audio
Als u de analoge meerkanaals-uitgangen van de speler hebt aangesloten op deze versterker, dient u te zorgen dat de speler staat ingesteld op het weergeven van analoge meerkanaals-audio.

Opmerking
- Afhankelijk van uw type DVD-videospeler of de discs die u daarin afspeelt, bestaat de kans dat u daarmee alleen analoge en digitale stereo geluidssignalen kunt weergeven. In dat geval zult u de luisterfunctie moeten omschakelen naar SURROUND als u wilt genieten van meerkanaals rondom-akoestiek.
Afspelen van een geluidsbron
Hier volgen de primaire aanwijzingen voor het afspelen van een beeld- en geluidsbron (zoals een DVD disc) met uw huisbioscoop-systeem.
1 Schakel de stroomvoorziening van het afspeelapparaat (bijvoorbeeld uw DVD-videsspeler), uw TV-toestel en (eventueel) uw aparte lagetonenluidspreker in.
- Als uw beeld- en geluidsbron de ingebouwde ontvanger van uw TV-toestel is, schakelt u dan over naar de zender waarvan u een uitzending wilt zien, of zorg in andere gevallen dat de ingangskeuze van uw TV-toestel staat ingesteld op de signalen van deze versterker. (Als u bijvoorbeeld deze versterker hebt aangesloten op de VIDEO 1 ingangen van uw TV-toestel, zorgt u dan dat het toestel staat ingesteld op weergave van het VIDEO 1 ingangssignaal.)
2 Als de versterker nog niet aan stond, drukt u nu op ⚙ AMPLIFIER om het apparaat in te schakelen.

text_image
HOME 1/3 AMPLIFIER INPUT 1:23 DVD /LD TV /DVD SAT DVD /VCDI CD TURNER TV CONT MULTI OPERATION SYSTEM OFF SETUP3 Stel de versterker in op de geluidsbron die u wilt afspelen.
U kunt dit doen met de INPUT SELECTOR knop op het voorpaneel of met de speciale INPUT toetsen in het HOME menu op het aanraakscherm van de afstandsbediening (zie Voornaamste afstandsbedieningsschermen op pagina 30 als u niet zeker weet hoe u dit doet).

text_image
HOME 1/3 AMPLIFIER AMPLIFIER INPUT 123 DVD / LB TV / DVD SAT DVD / VCR1 CD TURNER TV CONT MULTI OPERATION SYSTEM OFF SETUP4 Start het afspelen van de DVD (of een andere weergavebron).
Als u een DVD-disc met Dolby Digital of DTS surround geluid afspeelt, zult u nu het volledige rondom-geluid moeten horen. Als u een gewone stereo geluidsbron afspeelt, zult u in de normale luisterstand alleen weergave via de linker en rechter voorluidsprekers horen.
- Zie tevens Luisteren naar uw geluidssysteem op pagina 39 voor nadere aanwijzingen over het beluisteren van allerlei geluidsbronnen.
5 Gebruik de MASTER VOLUME regelaar (op het voorpaneel of de afstandsbediening) om de geluidssterkte naar wens in te stellen.
- Draai de geluidssterkte van uw TV-toestel terug, zodat al het geluid dat u hoort komt van de luidsprekers die zijn aangesloten op deze versterker.

Opmerkingen
- Als u met de hand het ingangssignaal moet overschakelen van digitaal naar analoog (stereo of meerkanaals), drukt u op de SIGNAL SELECT toets op het voorpaneel of in het versterkermenu van de afstandsbediening (zie tevens Gebruik van andere functies op pagina 69).
- Nadere details over de surround-sound akoestiekinstellingen vindt u onder Het Surround Setup akoestiekmenu op pagina 51.
- Met WMA9 Pro signalen, kunnen er wel eens problemen in de geluidsweergave optreden, afhankelijk van uw computersysteem. WMA9 Pro 7.1-kanaals 96 kHz bronnen zullen bij de bemonstering worden verminderd tot 5.1-kanaals 48 kHz signalen. Als u problemen ondervindt met de geluidsweergave, dan kunt u de aansluiting het best maken via de USB-aansluitbus (zie Gebruik van de USB-aansluiting op pagina 80).
Hoofdstuk 5
Luisteren naar uw geluidssysteem
Omtrent de verschillende luisterfuncties
Met deze versterker kunt u genieten van allerlei geluidsbronnen, analoog of digitaal, in stereo weergave of met rondom-akoestiek.
Welke luisterfuncties er met verschillende bronnen beschikbaar zijn, zal echter afhangen van uw luidsprekersysteem en de specifieke eigenschappen van de geluidsbron.

Opmerkingen
- De afstandsbedieningsfuncties in dit hoofdstuk zijn toegankelijk via de diverse versterkermenu's (nadere bijzonderheden vindt u onder Versterkermenuschermen op pagina 31). Om het
versterkermenu te openen, drukt u op de AMPLIFIER
toets in het HOME menu (van de afstandsbediening en gebruikt u de / links/rechts-toetsen om door te gaan naar het voorgaande/volgende scherm.

text_image
HOME 1/3 AMPLIFIER AMPLIFIER INPUT 1 2 3 DVD / ID TV / DVD SAT DVR / VCR1 CD TUNER TV CONT MULTI OPERATION SYSTEM OFF SETUP
text_image
AMPLIFIER 1/3 AMPLIFIER STREAM DIRECT SIGNAL SELECT ACOUSTIC CAL. LISTENING MODE STEREO STANDARD THX ADVANCED CINEMA ADVANCED CONCERT- U kunt de luisterfunctie niet kiezen wanneer de Stream Direct weergave (zie pagina 43) is ingeschakeld.
- Met het WMA9 Pro formaat kunnen 2-kanaal geluidsbronnen alleen in stereo worden weergegeven.
Luisteren naar rondom-akoestische weergave
Met deze versterker kunt u elke geluidsbron beluisteren met een rondom-akoestische weergave. Welke functies u precies kunt gebruiken, is afhankelijk van uw luidsprekersysteem en de specifieke eigenschappen van de geluidsbron.
Als u beschikt over een of twee middenachterluidsprekers, zie dan ook Gebruik van het middenachterkanaal op pagina 46.
Zie tevens Gebruik van geavanceerde akoestiekeffecten en Gebruik van de Home THX functies hieronder voor nog meer mogelijkheden voor stereo en rondom-akoestische weergave.

Tip
- In de onderstaande stappen kunt u voor de keuze van een luisterfunctie ook de LISTENING MODE SELECTOR knop op het voorpaneel gebruiken, in plaats van de afstandsbediening. Draai eenvoudigweg aan de knop om de verschillende mogelijkheden te zien, en druk de knop in om de gewenste luisterfunctie in te schakelen.
- Tijdens het luisteren naar een geluidsbron drukt u op de STANDARD toets om rondom-akoestische weergave te horen.

text_image
AMPLIFIER 1/3 AMPLIFIER STREAM DIRECT SIGNAL SELECT ACOUSTIC CAL. LISTENING MODE STEREO STANDARD THX ADVANCED CINEMA ADVANCED CONCERTMet meerkanaals-geluidsbronnen (zoals DVD-discs en digitale satelliet-uitzendingen) zal het DIGITAL of DTS indicatorlampje op het voorpaneel oplichten, afhankelijk van het digitale formaat van de geluidsbron. Dan wordt een eventueel gekozen geavanceerd rondom-effect of de Home THX functie uitgeschakeld.
Met tweekanaals-geluidsbronnendrukt u enkele malen op de STANDARD toets om te kiezen uit:
- Pro Logic IIx MOVIE – Tot 7.1-kanaals geluid, bij uitstek geschikt voor de weergave van filmgeluid 5CH MOVIE+VSB wordt aangegeven wanneer de VSB MODE functie is ingeschakeld.
- Pro Logic IIx MUSIC – Tot 7.1-kanaals geluid, speciaal geschikt voor muziekweergave 5CH MOVIE+VSB wordt aangegeven wanneer de VSB MODE functie is ingeschakeld.
- PRO LOGIC – 4.1-kanaals rondom-akoestiek, met mono geluid van de achterluidsprekers 5CH SURR+VSB wordt aangegeven wanneer de VSB MODE functie is ingeschakeld.
7 CH SURROUND wordt aangegeven wanneer de SB CH MODE functie is ingeschakeld.
- NEO:6 CINEMA – 6.1-kanaals geluid, speciaal geschikt voor de weergave van filmgeluid
- NEO:6 MUSIC – 6.1-kanaals geluid, speciaal geschikt voor muziekweergave
Met meerkanaals-geluidsbronnen, als u middenachterluidspreker(s) hebt aangesloten en hebt gekozen voor SB CH MODE ON, kunt u enkele malen op de STANDARD toets drukken om in te stellen op:
• Pro Logic IIx MOVIE – Zie hierboven
• Pro Logic IIx MUSIC – Zie hierboven
- SX (Studio-extensie) – Voegt geluid voor de middenachterkanalen toe (op basis van de linker en rechter akoestieksignalen) aan 5.1-kanaals geluidsbronnen
- EX (Extensie-decodering) – Stelt geluid voor de middenachterkanalen samen voor 5.1-kanaals geluidsbronnen en levert zuivere decodering voor 6.1-kanaals geluidsbronnen (zoals Dolby Digital Surround EX en DTS-ES)

Opmerkingen
- Als u de SB CH MODE functie naar OFF schakelt, of voor de middenachter-luidsprekers de stand NO kiest, wordt de ☐ Pro Logic IIx functie (hierboven) omgeschakeld naar ☐ Pro Logic II (5.1-kanaals geluid).
- Bij de weergavefuncties met 6.1-kanaals geluid, zal hetzelfde signaal worden weergegeven door beide middenachter-luidsprekers.
Dolby Pro Logic IIx Music instellingen
Bij het luisteren met de Dolby Pro Logic IIx Music functie zijn er nog drie parameters die u kunt bijstellen: de zgn. Middenbreedte, Dimensie, en Panorama.
1 Met de 'Pro Logic IIx MUSIC' luisterstand ingeschakeld, drukt u enkele malen op de OPTION toets om in te stellen op CENTER WIDTH, DIMENSION of PANORAMA.
Het afstandsbedieningsmenu voor deze stap wordt hieronder getoond (zie de opmerking aan het begin van dit hoofdstuk als u hulp nodig hebt).

text_image
AMPLIFIER 2/3 AMPLIFIER TV CONT MIDNIGHT DIGITAL NR TONE LOUDNESS - OPTION + - CH LEVEL +
text_image
ACOLATE OFF OPEN CONTENTS SHEMISTRY SELECT TYPICAL PROMOTION STRAWBUT SPRING RISK ACOLATE ACOLATE- CENTER WIDTH – De Middenbreedte parameter biedt een betere menging van alle voorluidsprekers, door het middenkanaal te spreiden tussen de linker en rechter voorluidsprekers, zodat het breder klinkt (bij een hoge instelling) of smaller (bij een lage instelling). (Deze parameter werkt alleen wanneer uw installatie een middenluidspreker omvat.)
- DIMENSION – Met de Dimensie parameter regelt u de diepte van het klankbeeld van voor naar achter, zodat het geluid verder weg klinkt (bij een minus instelling), of meer op de voorgrond komt (bij een positieve instelling).
- PANORAMA – De Panorama parameter verruimt het stereo klankbeeld van de voorluidsprekers naar de akoestiekluidsprekers voor een breed 'panoramisch' effect.
2 Gebruik de (OPTION) +/- toetsen om de gekozen instelling bij te regelen.
De middenbreedte is instelbaar van 0 tot 7 (uitgangsstand : 3); de voor-achter dimensie van -3 tot +3 (uitgangsstand : 0); de panoramische weergave is On (Aan) of Off (Uit) (oorspronkelijke stand : Off (Uit)).
3 Druk nogmaals op OPTION als u nog andere instellingen wilt maken.

Opmerking
- Als u de SB CH MODE functie naar OFF schakelt, wordt de Pro Logic IIx functie (hierboven) omgeschakeld naar Pro Logic II (5.1-kanaals geluid), maar de hierboven gekozen instelling blijft nog steeds gelden.
Neo:6 Music instellingen
Bij het luisteren met de Neo:6 Music functie kunt u het midden van het klankbeeld extra nadruk geven voor een breder stereo effect, vooral met zangstemmen.
1 Met de NEO:6 MUSIC luisterstand ingeschakeld, drukt u enkele malen op de OPTION toets om in te stellen op CENTER IMAGE.
Het afstandsbedieningsmenu voor deze stap wordt hieronder getoond (zie de opmerking aan het begin van dit hoofdstuk als u hulp nodig hebt).

text_image
AMPLIFIER 2/3 AMPLIFIER TV CONT MIDNIGHT DIGITAL NR TONE LOADNESS OPTION + CH LEVEL +
2 Gebruik de (OPTION) +/- toetsen om de gekozen instelling bij te regelen.
U kunt het effect regelen van 0 (geen effect) tot 10 (de meeste nadruk op het middenkanaal). De oorspronkelijke instelling is 3.
Gebruik van geavanceerde akoestiekeffecten
Met de geavanceerde akoestiekeffecten kunt u kiezen uit een breed scala aan gespecialiseerde rondom- akoestiekeffecten. De Advanced Cinema functies zijn bestemd voor de weergave van speelfilms, terwijl de Advanced Concert functies specifiek voor muziek bestemd zijn.
- Druk op de ADVANCED CINEMA of de ADVANCED CONCERT toets om de gewenste luisterfunctie te kiezen.

text_image
AMPLIFIER 1/3 AMPLIFIER STREAM DIRECT SIGNAL SELECT ACOUSTIC CAL. LISTENING MODE STEREO STANDARD THX ADVANCED CINEMA ADVANCED CONCERTDruk enkele malen op de ADVANCED CINEMA toets om te kiezen uit:
- ACTION – Speciaal voor actiefilms met een dynamische soundtrack
- SCI-FI – Speciaal voor science fiction films, vol speciale effecten
- DRAMA – Speciaal voor speelfilms met veel dialogen
- MUSICAL – Geeft de akoestiek van een muziektheater voor musicals
- MONOFILM – Creëert een ruimtelijke akoestiek uit een mono geluidsspoor
- 5/7-D THEATER – Geeft een extra-breed stereo klankbeeld
Druk enkele malen op de ADVANCED CONCERT toets om te kiezen uit:
- CLASSICAL – Geeft de ruimtelijke klank van een grote concertzaal
- CHAMBER – Creëert een een intieme zaal, rijk aan geluidsreflecties
- JAZZ – Geeft de directe geluidssfeer van een kleine jazzclub
- ROCK – Geeft de ruimtelijkheid van een groot live rockconcert
- DANCE – Speciaal voor muziek met een stevige bas als ondergrond
- 5/7CH STEREO – Voor het beluisteren van stereo geluidsbronnen via alle luidsprekers in uw installatie
Aanpassen van het effectniveau voor de geavanceerde akoestiekeffecten
U kunt de geavanceerde akoestiekeffecten desgewenst versterken, of verzwakken als u wilt. Voor elk van de geavanceerde akoestiekeffecten is een afzonderlijk effectniveau te kiezen.
1 Schakel een van de geavanceerde akoestiekeffecten in en druk dan enkele malen op de OPTION toets totdat de aanduiding EFFECT verschijnt in het uitleesvenster op het voorpaneel.
Het afstandsbedieningsmenu voor deze stap wordt hieronder getoond (zie de opmerking aan het begin van dit hoofdstuk als u hulp nodig hebt).

text_image
AMPLIFIER 2/3 AMPLIFIER TV CONT MIDNIGHT DIGITAL NR TONE LOUDNESS - OPTION + - CH LEVEL +
text_image
AUDIO ON FORMAT MODEL TYPE OPTION RADIO MACHINE SUPPORT OUTPUT RADIO MACHINE SUPPORT OPTION RADIO MACHINE SUPPORT OUTPUT RADIO MACHINE SUPPORT2 Gebruik de (OPTION) +/- toetsen om het gekozen effect bij te regelen.
U kunt het effectniveau regelen van 10 (minimaal) tot 90 (maximaal).
Gebruik van de Home THX functies
THX en Home THX zijn twee technische weergavesystemen, ontwikkeld door Lucasfilm Ltd. voor de weergave van filmgeluid in de bioscoop, respectievelijk de huisbioscoop. Home THX is ontworpen om de weergave in uw huiskamer zo dicht mogelijk te brengen bij de spectaculaire ruimtelijkheid van een bioscoop. Zie Omtrent THX® op pagina 102 voor nadere bijzonderheden.
Verschillende THX mogelijkheden zijn beschikbaar, afhankelijk van de geluidsbron en de gekozen SB CH instelling (zie Gebruik van het middenachter kanaal op pagina 46 voor nadere bijzonderheden).
- Druk op de THX toets om in te stellen op een THX luisterfunctie.

text_image
AMPLIFIER 1/3 AMPLIFIER STREAM DIRECT SIGNAL SELECT ACOUSTIC CAL LISTENING MODE STEREO STANDARD THX ADVANCED CINEMA ADVANCED CONCERTMet tweekanaals-geluidsbronnen, drukt u enkele malen op de THX toets om een matrix-decodering te kiezen voor de THX CINEMA functie (zie Luisteren naar rondom- akoestische weergave hierboven voor een nadere uitleg van elke luisterfunctie):
• Pro Logic IIx MOVIE
• PRO LOGIC
- NEO:6 CINEMA
Met meerkanaals-geluidsbronnen, drukt u enkele malen op de THX toets om te kiezen uit
- THX CINEMA – Geeft u een bioscoop-kwaliteit geluidsweergave in uw huiskamer, met gebruik van alle luidsprekers in uw installatie.
- THX SURROUND EX – Laat u luisteren naar 6.1 of 7.1-kanaals weergave van alle 5.1-kanaals geluidsbronnen
- Pro Logic IIx MOVIE – Laat u luisteren naar 7.1-kanaals weergave met 5.1-kanaals geluidsbronnen (speciaal geschikt voor filmgeluid)
- THX ULTRA2 CINEMA – Laat u luisteren naar 7.1-kanaals weergave met 5.1-kanaals filmgeluidsbronnen
- THX MUSICMODE – Laat u luisteren naar 7.1-kanaals weergave met DVD-A en SACD meerkanaals-muziekbronnen

Opmerkingen
- Als u slechts een enkele middenachter-luidspreker hebt aangesloten, zijn de THX ULTRA2 CINEMA en THX MUSICMODE niet beschikbaar.
- Wanneer u kiest voor een van de Dolby Pro Logic functies hierboven, toont het uitleesvenster eerst de gekozen luisterfunctie en dan verschijnt na enkele seconden de aanduiding THX CINEMA.
- De THX functies zijn niet te gebruiken bij afspelen van twee-kanaals DVD-A en SACD geluidsbronnen.
- Met meer-kanaals DVD-A en SACD geluidsbronnen kunt u alleen de THX MUSICMODE functie kiezen.
Luisteren in stereo
U kunt elke geluidsbron desgewenst ook weergegeven horen via alleen de linker en rechter voorluidsprekers (en eventueel uw 'subwoofer' lagetonenluidspreker, afhankelijk van uw luidspreker-instellingen).
- Tijdens het luisteren naar een geluidsbron drukt u op de STEREO toets om over te schakelen naar stereo weergave.

text_image
AMPLIFIER 1/3 AMPLIFIER STREAM DIRECT SIGNAL SELECT ACOUSTIC CAL. LISTENING MODE STEREO STANDARD THX ADVANCED CINEMA ADVANCED CONCERTDe aanduiding STEREO verschijnt in het uitleesvenster op het voorpaneel. Een eventueel gekozen geavanceerde akoestiekfunctie of Home THX luisterfunctie wordt automatisch uitgeschakeld. Dolby Digital en DTS meerkanaals-geluidsbronnen worden samengemengd tot gewone stereo.
Luisteren via een hoofdtelefoon
Wanneer er een hoofdtelefoon is aangesloten, zullen alleen de STEREO (uitgangsstand) en PHONES SURROUND luisterfuncties beschikbaar zijn. PHONES SURROUND is een virtuele akoestiekfunctie voor hoofdtelefoon die een realistisch en dynamisch rondom-klankbeeld biedt.
Wanneer u een hoofdtelefoon aansluit, schakelt de luisterfunctie automatisch over naar STEREO of PHONES SURROUND. Zodra u de hoofdtelefoon losmaakt, wordt de oorspronkelijke luisterfunctie weer van kracht.
- Met een hoofdtelefoon aangesloten, drukt u op de STANDARD toets om te kiezen voor PHONES SURROUND, of STEREO voor gewoon stereo geluid. U kunt ook de LISTENING MODE SELECTOR knop op het voorpaneel gebruiken om in te stellen op STEREO of op PHONES SURROUND.

Opmerkingen
- Diverse functies van deze versterker zijn niet beschikbaar wanneer er een hoofdtelefoon is aangesloten.
- Als de U-vormige kortsluitstekkers (op het achterpaneel) niet zijn aangebracht, zult u met deze versterker niet via een hoofdtelefoon kunnen luisteren.
- Wanneer er een hoofdtelefoon is aangesloten, geven de luidsprekers geen geluid meer.
- Bij het luisteren naar een WMA9 Pro geluidsbron is alleen de STEREO weergavestand beschikbaar voor een hoofdtelefoon.
Gebruik van de meerkanaals analoge ingangen
Als u geluidsbron-apparatuur hebt aangesloten op de meerkanaals-ingangen op het achterpaneel (zie Aansluiten van meerkanaals analoge uitgangen op pagina 16), zult u die ook kunnen kiezen als uw weergavebron. Zie Gebruik van de Stream Direct functie hieronder als u de signaalverwerking in deze versterker wilt passeren, voor een zuiver analoog signaal.
1 Druk op de MULTI CH INPUT toets in het HOME menu ( )scherm van de afstandsbediening.
Ook kunt u de INPUT SELECTOR knop op het voorpaneel van de versterker gebruiken.

text_image
HOME 2/3 AMPLIFIER AMPLIFIER INPUT 2 VCR2 VCR3 CD-R VIDEO MULTI CH INPUT TV CONT MULTI OSPIRATION SYSTEM OFF SETUP2 Indien nodig, drukt u op SIGNAL SELECT om het gewenste aantal kanalen te kiezen dat u wilt beluisteren.
Zie Keuze van de USB en analoge meerkanaals-ingangen op pagina 45 voor nadere bijzonderheden.

Opmerking
- Het aantal kanalen dat u zult horen is afhankelijk van de geluidsbron en van de SB CH instelling (zie Gebruik van het middenachterkanaa/op pagina 46 voor nadere bijzonderheden).
Gebruik van de Stream Direct functie
- Oorspronkelijke instelling: SD:1 NORMAL (aan)
Gebruik de Stream Direct functie wanneer u de zuiverst mogelijke weergave van een geluidsbron wilt horen, zonder bijregeling. Alle niet strikt noodzakelijke signaalverwerking wordt gepasseerd, zodat u alleen het zuivere analoge of digitale geluid van de weergavebron hoort.
1 Druk tijdens het luisteren naar een geluidsbron op de STREAM DIRECT toets om deze functie aan of uit te zetten.
Controleer de digitale formaat-aanduidingen in het uitleesvenster van het voorpaneel, om te zien hoe de geluidsbron nu verwerkt wordt.

text_image
AMPLIFIER 1/3 AMPLIFIER STREAM DIRECT SIGNAL SELECT ACOUSTIC CAL. LISTENING MODE STREEO STANDARD THX ADVANCED CINEMA ADVANCED CONCERT
text_image
ACQUISIC ON/OFF FIND/REF VANCE TYPE OPTION ON/OFF SUPPORT ELECTRIC ON/OFF PICKER IN/SOTUM ON/OFF VANCE TYPE STRAWING STRAWING ON/OFF PICKER ON/OFF U/R L/R M2 Als u de Stream Direct functie wilt aanpassen, drukt u enkele malen op de OPTION toets om in te stellen op de Stream Direct (die op het voorpaneel wordt aangegeven als SD:1, 2 of 3) en dan gebruikt u de (OPTION) +/- toetsen om de gewenste stand te kiezen.
- SD:1 NORMAL – Analoge en digitale geluidsbronnen zijn te horen volgens de instellingen die gemaakt zijn tijdens de Surround Setup (luidsprekerinstelling, kanaalniveau, luidsprekerafstand, akoestiek-ijking equalizer, en X-curve functie), evenals met dubbel mono, de ingangsverzwakker en eventuele geluidsvertraging en hi-bit/hi-sampling instellingen. U zult elke geluidsbron weergegeven horen met het aantal kanalen in het oorspronkelijke signaal.
- SD:2 2CH→DIRECT – Gberuik deze stand voor analoge en digitale stereo geluidsbronnen. Alle verwerking die onnodig is voor 2-kanaals signalen wordt gepasseerd (zoals voor de luidsprekerafstand en akoestiek-ijking equalizer) en u zult het geluid horen volgens de kortst mogelijke signaalbaan. Al het geluid zal weergegeven worden door de linker en rechter voorluidsprekers (ook de lagtonenluidspreker zal hierbij geen geluid weergeven). Met meerkanaals-geluidsbronnen is de weergave gelijk aan die bij de NORMAL instelling (hierboven).
- SD:3 ANA→DIRECT – Alle analoge geluidsbronnen worden hierbij weergegeven zonder enige digitale verwerking. Alle nodige signaalverwerking wordt door de analoge circuits gedaan en ook het middenkanaal, indien aanwezig, wordt weergegeven via de linker en rechter voorluidsprekers (waarbij het
niveau van de kanalen automatisch wordt gecorrigeerd). Met digitale geluidsbronnen is de weergave gelijk aan die bij de NORMAL instelling (hierboven).

Opmerkingen
- U zult geen gebruik kunnen maken van de Digital NR ruisonderdrukking, Midnight/Loudness weergavecorrectie, de SB CH functie, toonregeling, noch enige van de luisterfuncties wanneer de Stream Direct functie is ingeschakeld.
- Als u een hoofdtelefoon aansluit terwijl er voor SD:3 ANA→DIRECT is gekozen, zullen alleen de linker en rechter voorkanalen te horen zijn met alle meerkanaals-geluidsbronnen.
- Stereo weergaveformaten met bepaalde akoestiek-informatie (zoals Dolby Surround) worden net zo verwerkt als meerkanaals-geluidsbronnen.
- Wanneer de luidspreker-impedantie staat ingesteld op 4 Ω zoals beschreven onder Omschakelen van de luidspreker-impedantie op pagina 72, of wanneer de Digital Safety beveiligingsfunctie is ingeschakeld (zie het hoofdstuk Storingen verhelpen, afdeling Stroomvoorziening op pagina 92), staat deze functie vast ingesteld op SD:1 NORMAL.
Luisteren met de akoestiek-equalizer
U kunt geluidsbronnen beluisteren met de akoestiek-equalizer-instelling die is gekozen met de Automatische instellingen voor rondom-akoestiek op pagina 35 of Akoestiek-ijking met de equalizer op pagina 55. Zie deze pagina's voor nadere bijonderheden over de akoestiek-equalizer.
- Tijdens het luisteren naar een geluidbron drukt u op de ACOUSTIC CAL. toets om een akoestiek-equalizer-instelling te kiezen.

text_image
AMPLIFIER 1/3 AMPLIFIER STREAM DIRECT SIGNAL SELECT ACOUSTIC CAL. LISTENING MODE STEREO STANDARD THX ADVANCED CINEMA ADVANCED CONCERT
text_image
DCV/ATRE CUL POTENT DCV/ATRE DCV/ATRE DCV/ATRE DCV/ATRE DCV/ATRE DCV/ATRE DCV/ATRE DCV/ATRE DCV/ATRE DCV/ATRE DCV/ATRE DCV/ATRE DCV/ATRE DCV/ATRE DCV/ATRE DCV/ATRE DCV/ATRE DCV/THE DCV/THE DCV/THE DCV/THE DCV/THE DCV/THE DCV/THE DCV/THE DCV/THE DCV/THE DCV/THE DCV/THE DCV/THE DCV/THE DCV/THE DCV/THE DCV/THE DCV/THE DCV/THE DCV/THE DCV/THT DCV/THT DCV/THT DCV/THT DCV/THT DCV/THT DCV/THT DCV/THT DCV/THT DCV/THT DCV/THT DCV/THT DCV/THT DCV/THT DCV/THT DCV/THT DCV/THT DCV/THT DCV/THT DCV/THT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HT DCV/T HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV/HHT DCV /HHTDruk enkele malen achtereen om over te schakelen tussen:
- ALL CH ADJ – Geen speciale weging wordt toegepast voor enig kanaal.
- FRONT CH ALIGN – Alle luidsprekers worden aangepast aan de voorluidspreker-instellingen.
- CUSTOM 1/2 – Zelf te kiezen instellingen
- OFF – Schakelt de akoestiek-equalizer uit.
Keuze van het type ingangssignaal
De meeste audio-ingangen hebben zowel analoge als digitale aansluitingen. Voor die ingangen kunt u kiezen welk soort signaal u wilt gebruiken.
Het type ingangssignaal van de op dat moment gebruikte ingang wordt in het uitleesvenster aangegeven. Voor digitale signalen wordt ook het akoestieksignaaltype (Dolby Digital of DTS) in het uitleesvenster getoond.
De oorspronkelijke AUTO instelling zal in de meeste gevallen goed voldoen, omdat de versterker daarmee het meest geschikte signaaltype kan kiezen. Als u echter wilt opnemen via de DVR/VCR1 IN/OUT aansluitingen, zult u voor het ingangssignaal het analoge type moeten kiezen.
Als u voor de ingangsbron de USB-aansluiting of de analoge meerkanaals-ingangen hebt gekozen, zie dan de aanwijzingen bij Keuze van de USB en analoge meerkanaals-ingangen hieronder.
- Druk op de SIGNAL SELECT toets om het soort ingangssignaal te kiezen voor de huidige geluidsbron.
Op de afstandsbediening kan het nodig zijn om eerst op de teetsvan het HOME basismenu () te drukken voordat u het versterker-menuscherm bereikt dat hieronder wordt getoond (gebruik de / links/rechts-toetsen op het aanraakscherm om door te gaan naar het voorgaande/volgende menuscherm).

text_image
AMPLIFIER 1/3 AMPLIFIER STREAM DIRECT SIGNAL SELECT ACOUSTIC CAL. LISTENING MODE STEREO STANDARD HX ADVANCED CINEMA ADVANCED CONCERT
Druk enkele malen op de toets om te kiezen uit::
- ANALOG – Voor keuze van een analoog signaal.
• Voor keuze van een i.LINK signaal. - DIGITAL – Voor keuze van een optisch of coaxiaal digitaal signaal.
- DO RF – Voor keuze van een DO RF signaal.
- AUTO – Dit is de oorspronkelijke stand. Hierbij kiest de versterker het eerste beschikbare signaal in de volgorde: ; RF; DIGITAL; ANALOG.

Opmerkingen
- Als er geen digitale ingangen (inclusief de D RF ingang) zijn toegewezen voor de huidige geluidsbron, zal het type ingangssignaal automatisch op ANALOG worden ingesteld.
- Bij gebruik van de DIGITAL IN aansluitingen zijn de volgende digitale signaalformaten bruikbaar: Dolby Digital, DTS en PCM (32, 44,1, 48, 88,2 en 96 kHz bemonsteringsfrequencies). Als u de i.LINK aansluitingen gebruikt, zijn ook de DVD-A (inclusief 176,4/192 kHz) en SACD formaten bruikbaar. Als uw geluidsbron echter niet tot deze toegestane formaten behoort, kiest u dan voor ANALOG.
- Sommige DVD-videxpelers kunnen geen DTS signalen uitsturen. Zie voor nadere informatie de gebruiksaanwijzing van uw DVD-videxpeler.
- Ook als er naar behoren is ingesteld op i.LINK en daarbij het i.LINK indicatorlampje brandt, zal er geen geen geluid klinken zolang de uitgangsinstellingen van uw i.LINK apparaat niet goed staan ingesteld.
- De geluidssignalen van karaoke-microfoons en van sommige laserdiscs worden niet doorgegeven door de digitale uitgangen. Kies de stand ANALOG om te luisteren naar dergelijke geluidssignalen.
- Voor het beluisteren van DTS-gecodeerde geluidsbronnen zult u digitale aansluitingen moeten maken. Als er hierbij ANALOG is gekozen, zult u slechts digitale ruis via uw luidsprekers horen.
- Let op dat u een DVD/LD-speler of een laserdisc-speler aansluit via de DQ RF aandluiting. Als uw disc-speler een DQ RF uitgang heeft kunt u ervan op aan dat alle laserdiscs kunnen worden afgespeeld. Zie Aansluiten van andere videobronnen op pagina 19.
- Het ingangssignaal voor i.LINK-apparaten die niet speciaal zijn toegewezen staat vast ingesteld op i. Zie Toewijzen van de i.LINK ingangen op pagina 84.
Keuze van de USB en analoge meerkanaals- ingangen
Als u voor de ingangsbron de USB-aansluiting of de analoge meerkanaals-ingangen hebt gekozen, kunt u met de SIGNAL SELECT toets het aantal ingangskanalen kiezen.
- Na keuze van de USB of MULTI CH IN ingangen als uw ingangsbron, drukt u op de SIGNAL SELECT toets om het aantal ingangskanalen te kiezen.
Kies een van de volgende mogelijkheden:
• 2 CHANNEL
- 6 CHANNEL
- 7 CHANNEL
• 8 CHANNEL
De 8 CHANNEL instelling voor 8 kanalen is de oorspronkelijke stand.
Luisteren naar geluidsbronnen met hoge bemonsteringsfrequenties
Deze versterker is geschikt voor 88,2/96kHz (24-bit) digitale formaten (zoals DTS 96/24 en PCM 96 kHz bronnen tot 24-bit) wanneer het apparaat is aangesloten op een hiervoor geschikte DVD-videsspeler met digitale aansluitingen. Als u deze versterker hebt aangesloten op een i.LINK-apparaat, zijn de 176,4/192 kHz (24-bit) digitale formaten (zoals DVD-A en SACD) ook te gebruiken. U kunt deze geluidsbronnen beluisteren zonder de bemonsteringsfrequentie te verlagen, op de volgende drie manieren:
- U kunt de Stream Direct functie inschakelen.
Zie Gebruik van de Stream Direct functie op pagina 43.
Bij de volgende methoden kunt u niet de ☐ Pro Logic functies kiezen voor DTS 96 kHz (24-bit) geluidsbronnen zonder daarvoor een lagere bemonsteringsfrequentie te gebruiken:
- U kunt een van de Home THX luisterfuncties kiezen.
Zie Gebruik van de Home THX functies op pagina 41.
- U kunt de STEREO of STANDARD luisterfunctie kiezen en alle andere verwerkingsfuncties uitschakelen.
Deze functies omvatten:
• Real Phantom (pagina 47)
• Virtual Surround Back (pagina 47)
• Midnight/Loudness (pagina 48)
• Digital Noise Reduction (pagina 50)
• Dynamic Range Control (pagina 87)
Overigens zult u nog wel gewoon gebruik kunnen maken van de toonregeling (zie Gebruik van de toonregeling op pagina 48).

Opmerkingen
- U zult de bemonsteringsfrequentie in het uitleesvenster zien (met DTS 96 kHz (24-bit) bronnen zal er alleen 96 worden aangegeven wanneer het signaal wordt verwerkt met 96 kHz).
- Zelfs als uw DVD-videsspeler geen 96 kHz (24-bit) digitale signalen kan uitsturen, dan nog kunt u luisteren naar DTS 96/24 geluidsbronnen die verwerkt worden met 96 kHz als het apparaat wel een DTS uitgangsfunctie heeft. Andere formaten (zoals PCM 192/96 kHz geluidsbronnen) zijn niet geschikt, tenzij de digitale uitgang van uw DVD-videsspeler geschikt is voor digitale signalen met hoge bemonsteringsfrequenties.
Gebruik van het middenachterkanaal
- Oorspronkelijke instelling: SB CH ON (aan)
U kunt de versterker automatisch 6.1 of 7.1 decodering laten gebruiken voor 6.1 gecodeerde geluidsbronnen (bijvoorbeeld, Dolby Digital EX of DTS-ES), of u kunt kiezen om altijd 6.1 of 7.1 decodering te gebruiken met andere geluidsbronnen (bijvoorbeeld, 5.1 gecodeerd materiaal). Met in 5.1 formaat gecodeerde geluidsbronnen wordt er wel een middenachterkanaal gegenereerd, maar het materiaal kan wel eens beter
klinken in het 5.1 formaat waarvoor het oorspronkelijk was gecodeerd, en in dat geval kunt u het middenachterkanaal eenvoudigweg uitschakelen. De tabel hieronder geeft aan wanneer u het middenachterkanaal zult horen bij het afspelen van verschillende geluidsbronnen. (● = Er klinkt geluid via de middenachterluidspreker(s); ★ = Er verschijnt 7 CH SURROUND in het uitleesvenster; ◆ = Er wordt Home THX gekozen en er zijn twee middenachterluidsprekers aangesloten)
| Type geluidsbron | SB CH functie | Standaard / THX | Geavanceerde rondom-akoestiek | |||
| Meerkanaals-geluidsbronnen | Stereo geluidsbronnen | |||||
| Pro Logic II x | Pro Logic | NEO:6 | ||||
| Dolby Digital EX/DTS-ES gecodeerde meerkanaals-geluidsbron met 6.1-kanaals akoestiek | ON ● | ● | ||||
| AUTO ● | ● | |||||
| Dolby Digital/DTS gecodeerde meerkanaals-geluidsbron | ON ● | ● | ||||
| AUTO | ●* | ● | ||||
| Dolby Digital/DTS gecodeerde stereo geluidsbron; andere digitale stereo geluidsbron | ON ● | ●★ | ● | ● | ||
| AUTO ● | ● | ● | ||||
| Analoge 2-kanaals (stereo) geluidsbron | ON ● | ●★ | ● | ● | ||
| AUTO ● | ● | ● | ||||
- Druk enkele malen op de SB CH MODE toets om de diverse middenachter kanaal mogelijkheden te doorlopen.
Het afstandsbedieningsmenu voor deze stap wordt hieronder getoond (zie de opmerking aan het begin van dit hoofdstuk als u hulp nodig hebt).

text_image
AMPLIFIER 3/3 AMPLIFIER TV CONT INPUT SB CH MODE SPEAKER A/B INPUT ATT VIDEO SELECT DISPLAY DIMMER TAPE2 MONITOR STATUS
text_image
INTEGRATED OFFICE ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFICA ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIC ON/OFFIAC ON/OFFIAC ON/OFFIAC ON/OFFIAC ON/OFFIAC ON/OFFIAC ON/OFFIAC ON/OFFIAC ON/OFFIAC ON/OFFIAC ON/OFFIAC ON/OFFIAC ON/OFFIAC ON/OFFIAC ON/OFFIAC ON/OFFIAC ON/OFFIAC ON/OFICO ON/OCO ON/OCO ON/OCO ON/OCO ON/OCO ON/OCO ON/OCO ON/OCO ON/OCO ON/OCO ON/OCO ON/OCO ON/OCOBij elke druk op de toets verandert de instelling als volgt (zie de tabel hierboven voor een uitleg van de diverse mogelijkheden):
- SB CH AUTO – Schakelt automatisch over naar 6.1 of 7.1 decoding voor 6.1 gecodeerde geluidsbronnen (bijvoorbeeld Dolby Digital EX of DTS-ES)
- SB CH ON – 6.1 of 7.1 codering wordt altijd toegepast (bijvoorbeeld met 5.1 gecodeerd materiaal)
- SB CH OFF – Het middenachter-kanaal is uitgeschakeld

Opmerkingen
- U zult het middenachterkanaal alleen kunnen horen wanneer u hebt gekozen voor SP▶A als de luidspreker-instelling (zie Omschakelen van het luidsprekersysteem op pagina 75). Bij omschakelen van het luidsprekersysteem kan deze instelling automatische veranderen (zie de opmerkingen hieronder).
- Als er voor de middenachterluidspreker(s) NO is gekozen onder Luidsprekersystemen op pagina 52, of wanneer u hebt gekozen voor SP▶A+B als de luidspreker-instelling, zult u alleen het virtuele middenachter-effect kunnen gebruiken (zie de volgende pagina).
- U zult de middenachter-instelling niet kunnen kiezen (deze wordt automatisch uitgeschakeld) wanneer u hebt gekozen voor SP▶B als de luidspreker-instelling of wanneer er Bi-Surround is gekozen onder Luidsprekersystemen op pagina 52.
- U zult de middenachter-instelling niet kunnen gebruiken wanneer de Stream Direct functie is ingeschakeld of wanneer de STEREO weergavestand is gekozen.
- Wanneer de THX luisterfunctie is gekozen, zult u niet kunnen kiezen voor SB CH OFFbij het luisteren naar een DVD-Audio of SACD disc.
Luisteren met virtuele middenachterluidsprekers
- Oorspronkelijke instelling: VIRTUAL SB OFF (uit)
Als u geen feitelijke middenachterluidsprekers hebt aangesloten, kunt u gebruik maken van de virtuele middenachter kanaal functie om een luidspreker te simuleren.
Soms kan het geluidsmateriaalbeter klinken in het 5.1 formaat waarvoor het oorspronkelijk was gecodeerd. In dat geval kunt u de versterker dit effect alleen laten toepassen met 6.1 gecodeerde geluidsbronnen zoals Dolby Digital EX of DTS-ES (VSB AUTO), of u kunt het effect simpelweg uitschakelen (VSB OFF).
Houd er rekening mee dat deze functie alleen werkt wanneer de akoestiek-kanalen actief zijn en er voor de middenachterluidspreker(s) NO is gekozen onder Luidsprekersystemen op pagina 52. De functie is tevens beschikbaar wanneer wanneer u hebt gekozen voor SP▶AB als de luidspreker-instelling (zie Omschakelen van het luidsprekersysteem op pagina 75).
Zie tevens Gebruik van het middenachter kanaal hierboven.
- Druk enkele malen op de SB CH MODE toets om de virtuele middenachter kanaal mogelijkheden te doorlopen.
Het afstandsbedieningsmenu voor deze stap wordt hieronder getoond (zie de opmerking aan het begin van dit hoofdstuk als u hulp nodig hebt).

text_image
AMPLIFIER 3/3 AMPLIFIER TV CONT INPUT SB CH MODE SPEAKER INPUT A/B ATT VIDEO DISPLAY SELECT DIMMER TAPE2 STATUS MONITOR
text_image
SINEMA FILL MACHINE PROMER SINEMA AVI RADIO BEACH TWO BEACH TWO BEACH TWO BEACH SINEMA AVI RADIO BEACH SINEMA AVI RADIO BEACH SINEMA AVI RADIO BEACH SINEMA AVI RADIO BEACH SINEMA AVI RADIO BEACH SINEMA AVI RADIO BEACH SINEMA AVI RADIO BEACH SINEMA AVI RADIO BEACH SINEMA SINEMA AVI RADIO BEACH SINEMA AVI RADIO BEACH SINEMA AVI RADIO BEACH SINEMA AVI RADIO BEACH SINEMA AVI RADIO BEACH SINEMA AVI RADIO BEACH SINEMA AVI RADIO BEACH SINEMA AVI SINEMABij elke druk op de toets verandert de instelling als volgt:
• VSB AUTO
• VSB ON
- VSB OFF
Opmerkingen
- U zult de virtuele middenachter-instelling niet kunnen kiezen wanneer u hebt gekozen voor SP▶B als de luidspreker-instelling (zie Gebruik van luidsprekersysteem Bop pagina 75) of wanneer er Bi-Surround is gekozen onder Luidsprekersystemen op pagina 52.
- U zult de virtuele middenachter-instelling niet kunnen gebruiken wanneer de Stream Direct functie is ingeschakeld of wanneer de STEREO weergavestand of een van de THX functies is gekozen.
Creëren van een middenluidspreker-effect
Als u geen middenluidspreker hebt aangesloten, wordt het middenluidsprekerkanaal gespreid over uw twee voorluidsprekers.
Met de Real Phantom instelling kunt u echter de aanwezigheid van een middenluidspreker simuleren voor een treffend akoestiekeffect recht voor u.
1 Druk enkele malen op de OPTION toets om in te stellen op R.PHANTOM.
Het afstandsbedieningsmenu voor deze stap wordt hieronder getoond (zie de opmerking aan het begin van dit hoofdstuk als u hulp nodig hebt).

text_image
AMPLIFIER 2/3 AMPLIFIER TV CONT MIDNIGHT DIGITAL NR TONE LOIDNESS - OPTION + - CH LEVEL +
2 Gebruik de (OPTION) +/- toetsen om de gewenste instelling te kiezen.
- Mid – Een subtiel middenluidspreker-effect wordt toegepast op de linker en rechter voorkanalen.
- Max – Een krachtig middenluidspreker-effect wordt toegepast op de linker en rechter voorkanalen.
- OFF – Het middenluidspreker-effect is uitgeschakeld.

Opmerking
- Het Real Phantom effect wordt automatisch uitgeschakeld en de aanduiding R.PHANTOM verschijnt niet in het uitleesvenster (bij stap 1) als de Stream Direct functie of de STEREO luisterfunctie is ingeschakeld. Bovendien moet er voor de middenluidspreker de stand NO zijn gekozen onder Luidsprekersystemen op pagina 52.
Gebruik van Hi-bit en Hi-sampling
U kunt zowel de Hi-bit als Hi-sampling functies gebruiken om een groter dynamisch bereik te creëren voor digitale geluidsbronnen zoals CD's of DVD's.
1 Druk enkele malen op de OPTION toets om in te stellen op HI-BIT of HI-SAMPLING.
Het afstandsbedieningsmenu voor deze stap wordt hieronder getoond (zie de opmerking aan het begin van dit hoofdstuk als u hulp nodig hebt).

text_image
AMPLIFIER 2/3 AMPLIFIER TV CONT MIDNIGHT DIGITAL NR TONE LOUDNESS - OPTION + - CH LEVEL +
text_image
ACQUISIC CPU INFORMATION ACQUISIC TIME OUTPUT DATA INFORMATION OUTPUT INPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT OUTPUT AUX AUX AUX AUX AUX AUX AUX AUX2 Gebruik de (OPTION) +/- toetsen om de gekozen instelling aan of uit te schakelen.

Opmerkingen
- Hi-bit en Hi-sampling kunnen niet altijd werken met Stream Direct of analoge geluidsbronnen.
- De Hi-bit functie werkt niet met SACD of met geluidsbronnen boven de 88,2 kHz wanneer u een van de digitale ingangen gebruikt (inclusief i.LINK).
Gebruik van de Midnight en Loudness luisterfuncties
• Oorspronkelijke instelling: Off (uit)
De Midnight luisterfunctie geeft een duidelijke akoestische weergave van speelfilmgeluid bij een geringe geluidssterkte, zoals 's avonds laat.
De Loudness weergavecorrectie geeft een fraaie heldere weergave van muziek bij een geringe geluidssterkte.
- Druk op de MIDNIGHT of LOUDNESS toets om het betreffende effect aan of uit te zetten.
Het afstandsbedieningsmenu voor deze stap wordt hieronder getoond (zie de opmerking aan het begin van dit hoofdstuk als u hulp nodig hebt).

text_image
AMPLIFIER 2/3 AMPLIFIER TV CONT MIDNIGHT DIGITAL NR TONE BUDNESS OPTION + CH LEVEL +
- De Midnight en Loudness luisterfuncties zijn niet tegelijk te gebruiken.
- Geen van beide functies is beschibaar wanneer u de toonregeling gebruikt of de Stream Direct functie of een van de Home THX functies hebt ingeschakeld.
- De Midnight en Loudness functies passen automatisch de klank van de weergave aan bij de geluidssterkte die u hebt gekozen. De geluidssterkte moet echter onder de -20 dB zijn, anders werken deze functies niet.
Gebruik van de toonregeling
Met de toonregeling kunt u precies de gewenste balans voor de hoge en lage tonen instellen.
Aan en uit zetten van de toonregeling
- Oorspronkelijke instelling: BYPASS (uit)
U zult eerst de toonregeling in moeten schakelen, als u de hoge en lage tonen wilt bijregelen zoals hieronder beschreven.
- Druk op de TONE toets om de toonregeling aan of uit te schakelen.
Wanneer de toonregeling is uitgeschakeld, verschijnt de aanduiding BYPASS in het uitleesvenster. Het afstandsbedieningsmenu voor deze stap wordt hieronder getoond (zie de opmerking aan het begin van dit hoofdstuk als u hulp nodig hebt).

text_image
AMPLIFIER 2/3 AMPLIFIER TV CONT MIDNIGHT DIGITAL NR TONE LOUDNESS - OPTION + - CH LEVEL +
text_image
ACOUNTING ALL PREVENT LINE METER/PARAMETER REVEY/ATT INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHARGE INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCHLarge INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCH Large INCHLarge
Opmerking
- De toonregeling is niet samen te gebruiken met de Stream Direct, Midnight of Loudness functies of met enige van de Home THX functies.
Bijregelen van de lage en hoge tonen
- Oorspronkelijke instelling: Bass (laag): 0, Treble (hoog): 0
U kunt de lage en hoge tonen afzonderlijk bijregelen, om zo de totale klank precies naar wens in te stellen.
1 Druk enkele malen op de OPTION toets om te kiezen voor BASS of TREBLE.
Het afstandsbedieningsmenu voor deze stap wordt hieronder getoond (zie de opmerking aan het begin van dit hoofdstuk als u hulp nodig hebt).

text_image
AMPLIFIER 2/3 AMPLIFIER TV CONT MIDNIGHT DIGITAL NR TONE LOUDNESS - OPTION + - CH LEVEL +
text_image
ACOUNT VAL VEEYOUT MODERN ONION/ONION RANGE TYPE PICKLE R PITCH KND CORNAL MOSSO MOZZA TWO MOZZA STREAM MOZZA AVG 2400V OFFICE MACHINE SHORT SHORT SHORT SHORT SHORT SHORT SHORT SHORT SHORT SHORT SHORT SHORT SHORT2 Gebruik de (OPTION) +/- toetsen om de klank bij te regelen.
De lage en hoge tonen zijn beide in te stellen van -6 tot +6.
3 Druk op de ENTER toets om de gekozen instelling van kracht te maken.
Storing in de weergave onderdrukken
Als u een geluidsbron afspeelt die te veel ruis of bijgeluiden bevat (bijvoorbeeld cassettes of videoband met veel ruis of storing), kunt u meestal de geluidskwaliteit aanzienlijk verbeteren door de digitale ruisonderdrukking (DIGITAL NR) in te schakelen.
- Druk op de DIGITAL NR toets om de digitale ruisonderdrukking aan of uit te zetten.
Het afstandsbedieningsmenu voor deze stap wordt hieronder getoond (zie de opmerking aan het begin van dit hoofdstuk als u hulp nodig hebt).

text_image
AMPLIFIER 2/3 AMPLIFIER TV CONT MIDNIGHT DIGITAL NR TONE LOADNESS - OPTION + - CH LEVEL +
text_image
ACoustic (UL) PRETANT ACROSSOFT/ACROSSOFT/ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT/ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT/ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT/ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT/ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT/ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT/ ACROSSOFT/ACROSSOFT/ ACROSSOFT/ACROSSOFT/ ACROSSOFT/ACROSSOFT/ ACROSSOFT/ACROSSOFT/ ACROSSOFT/ACROSSOFT/ ACROSSOFT/ACROSSOFT/ ACROSSOFT/ACROSSOFT/ ACROSSOFT/ACROSSOFT/ ACROSSOFT/ACROSSOFT/ ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT ACROSSOFT/ACROSSOFT
Opmerkingen
- Afhankelijk van de geluidsbron, kan er niet altijd een aanzienlijke verbetering in de geluidskwaliteit te horen zijn.
- De digitale ruisonderdrukking is niet samen te gebruiken met de Stream Direct of Home THX functies.
Luisteren naar tweetalige of dubbele mono geluidssporen
U kunt instellen hoe dubbel-mono gecodeerde Dolby Digital geluidssporen moeten worden weergegeven. Dubbel-mono is geen algemeen gebruikte vorm, maar kan wel regelmatig worden toegepast als het nodig is om twee talen via verschillende kanalen weer te geven.
1 Druk enkele malen op de OPTION toets om in te stellen op DUAL MONO.
Het afstandsbedieningsmenu voor deze stap wordt hieronder getoond (zie de opmerking aan het begin van dit hoofdstuk als u hulp nodig hebt).

text_image
AMPLIFIER 2/3 AMPLIFIER TV CONT MIDNIGHT DIGITAL NR TONE LOUDNESS OPTION + CH LEVEL +
text_image
ACYTEC CA VOC/AF EXERCIS TOM: LPGN RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAG RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAGS RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG R RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S RAG S2 Gebruik de (OPTION) +/- toetsen om de gewenste instelling te kiezen.
- CH1 – Alleen kanaal 1 wordt weergegeven
- CH2 – Alleen kanaal 2 wordt weergegeven
- CH1/CH2 – Beide kanalen worden weergegeven via de voorluidsprekers

Opmerkingen
- Bij de CH1 en CH2 instellingen wordt het geluid alleen weergegeven door de middenluidspreker (of door de voorluidsprekers als er NO is gekozen voor de middenluidspreker-instelling).
- Deze instelling werkt alleen voor dubbel-mono gecodeerde Dolby Digital en DTS geluidssporen.
- Bij het luisteren naar een dubbel-mono geluidsbron zullen de L en R aanduidingen op het voorpaneel knipperen. Het kanaal dat u kiest, blijft verlicht in het uitleesvenster zichtbaar.
Hoofdstuk 6
Het Surround Setup akoestiekmenu
De versterker instellen via het Surround Setup akoestiekmenu
Deze versterker biedt een aantal gedetaileerde instellingen voor een optimale surround-sound akoestiekweergave. Deze instellingen hoeft u slechts eenmaal te maken (in elk geval totdat u de opstelling van uw luidsprekers drastisch verandert of nieuwe luidsprekers toevoegt).
Deze instellingen zijn bedoeld voor het fijnregelen van uw installatie, maar als u tevreden bent met de automatische instellingen die zijn gemaakt onder Inleiding: uw eigen huisbioscoop op pagina 35, zult u deze specifieke instellingen wellicht niet echt nodig hebben.

Belangrijk
- Voor veel van de onderstaande instellingen zult u de instelmicrofoon op het voorpaneel moeten aansluiten en die moeten opstellen op normale oorhoogte voor uw favoriete luisterplaats. Zie de Inleiding: uw eigen huisbioscoop op pagina 35 als u niet zeker weet hoe u dit doet. Zie tevens Problemen die zich kunnen voordoen bij de Auto Surround Setup op pagina 37 voor advies over plaatsen met nogal veel achtergrondlawaai en andere mogelijke bronnen van storing.
- Als u beschikt over een aparte lagetonenluidspreker, schakelt u die dan in en zet u de geluidssterkte in een gemiddelde stand.
- Na ongeveer drie minuten dat er niets gebeurt tijdens gebruik van de Auto Setup functies (inclusief de Professionele akoestiek-equalizer meting), zullen de aanduidingen van het scherm verdwijnen totdat u weer op een toets drukt. Bij andere schermen zal de versterker automatisch het proces afsluiten en dan worden er geen geen instellingen gemaakt.

Voorzichtig
- De testtonen voor de Surround Setup worden op hoog volume weergegeven (de geluidssterkte wordt automatisch verhoogd tot 0 dB).
1 Zet de versterker en uw TV-toestel aan.
Als er een hoofdtelefoon is aangesloten op de versterker, maakt u die dan los.
2 Gebruik de afstandsbediening, druk op de AMPLIFIER toets op het aanraakscherm, en vervolgens op de SYSTEM SETUP toets.

text_image
HOME 1/3 AMPLIFIER AMPLIFIER INPUT 1 2 3 DVD /LD TV /DVD SAT OVR /VCR1 CD TUNER TV CONT MULTI OPERATION SYSTEM OFF SETUP ENTER Pioneer AV AMPLIFIEREr verschijnen nu een aantal aanduidingen op uw TV-scherm. Gebruik de vaste ↑/↓/←/→ cursortoetsen en de ENTER toets van de afstandsbediening om de menuschermen door te nemen en de juiste onderdelen te kiezen.
- M et de ↑/↓ op/neer-toetsen kiest u de menu-onderdelen en met de ←/→ links/rechts-toetsen regelt u de juiste instelling voor het gekozen onderdeel.
3 Kies het onderdeel 'Surround Setup' en druk op de ENTER toets.

text_image
System Setup [Auto Surround Setup] [1. Input Assign ] ▶2. Surround Setup ] [3. Expert Setup ] [4. THX Audio Setup ] [Exit]4 Kies de instelling die u wilt bijregelen.
Als u dit voor de eerste keer doet, zult u wellicht deze instellingen achtereenvolgens willen bijregelen:

- Speaker Systems (Luidsprekersystemen) – Kies het aantal en het formaat van de luidsprekers die u hebt aangesloten (pagina 52).
- Channel Level (Kanaalniveau) – Regel de totaalbalans van uw luidsprekersysteem (pagina 54).
- Speaker Distance (Luidsprekerafstand) – Stel de afstand van uw luidsprekers tot uw luisterplaats in (pagina 55).
- Acoustic Cal EQ (Akoestiek-ijking met de equalizer) – Regel de equalizer af op de eigenschappen van uw luisterkamer (pagina 55).
- X-Curve – Bepaal de hoeveelheid 're-equalization' bijregeling die nodig is om een vlakke frequentierespons te verkrijgen met uw huisbioscoopsysteem (pagina 60).
5 Maak de aanpassingen die u nodig acht voor elk van de instellingen, en druk ter bevestiging op de ENTER toets na elk scherm.
Wanneer u de instellingen voltooid hebt, kunt u ze scherm voor scherm controleren door keuze van het punt Check in het Surround Setup akoestiekmenu (zie Controleren van uw akoestiekinstellingen op pagina 60 voor nadere bijzonderheden).
Luidsprekersystemen
Hier kiest u het aantal luidsprekers dat deel uitmaakt van uw installatie en in welke opstelling u ze voor weergave wilt gebruiken. Het is een goed idee om hiermee te controlleren of de instellingen gemaakt onder Inleiding: uw eigen huisbioscoopop pagina 35 inderdaad juist zijn.
1 Stel in op 'Speaker Systems' en druk dan op ENTER.

2 Kies hoe u de instelling van uw luidsprekers wilt regelen en druk weer op ENTER.

- Manual Free – Voor handmatig instellen van alle luidsprekers.
- Manual THX – Alle luidsprekers worden ingesteld op het formaat SMALL. Hierbij kunt u alleen het aantal middenachter-luidsprekers zelf kiezen.
- Auto – Alle luidsprekers worden automatisch ingesteld. (Hiervoor moet de microfoon worden aangesloten op het voorpaneel.)
3 Kies in welke configuratie u de luidsprekers wilt gebruiken.

Gebruik de ←/→ links/rechts-toetsen om de verschillende mogelijkheden te doorlopen:
- Normal Surround – Kies deze stand voor een normale huisbioscoop-installatie.
- Front Bi-Amp – Kies deze stand als u dubbele versterking gebruikt voor uw voorluidsprekers (zie Dubbele versterking voor uw voorluidsprekers op pagina 77).
- Bi-Surround – Kies deze stand als u beschikt over twee stel akoestiekluidsprekers (zie Toevoegen van een tweede stel akoestiekluidsprekers voor Bi-Surround op pagina 77).
Als u kiest voor Normal Surround, zult u ook de instelling voor luidsprekersysteem B moeten kiezen:

- Second Zone – Kies deze stand als u luidsprekersysteem B in een andere kamer wilt gebruiken.
- ITU-R – Kies deze stand voor het gebruik van twee omschakelbare luidsprekersystemen naast elkaar, inclusief luidsprekersysteem B (zie Wisselend gebruik van akoestiekluidsprekers met luidsprekersysteem B (ITU-R) op pagina 76).
- OFF – Kies deze stand als er geen luidsprekers zijn aangesloten op de B aansluitbussen.
4 Druk op de ENTER toets om door te gaan naar het volgende scherm.
- Als u hebt gekozen voor de Auto stand in stap 2, zult u nu Next moeten kiezen om dan met een druk op ENTER door te gaan met de automatische (testtoon) instelling.
Kies Start en druk op ENTER om de testtonen weer te geven, nadat u eerst gezorgd hebt dat de kamer voorlopig vrij blijft van achtergrondgeluiden. Ga door met stap 8 wanneer u de aanduiding OK ziet verschijnen op het scherm.
5 Kies het stel luidsprekers dat u wilt instellen en kies vervolgens het luidsprekerformaat.

text_image
2.1. Speaker Systems Manual Free " Normal Surround " ►FRONT [ , 3E CENTER [ LARGE ] SURROUND [ LARGE ] SURR BACK [ LARGE ×2] SUB WOOFER [ YES ] (▼ NEXT)Gebruik de ←/→ links/rechts-toetsen om het formaat (en het aantal) voor elk van de volgende luidsprekers te kiezen:
- FRONT – Kies het formaat LARGE als uw voorluidsprekers heel goed in staat zijn alle lage tonen weer te geven, of als u geen aparte lagetonenluidspreker hebt aangesloten. Kies het formaat SMALL als u de lage frequenties wilt laten weergeven door de aangesloten "subwoofer" lagetonenluidspreker.
- CENTER – Kies het formaat LARGE als uw middenluidspreker goed in staat is om lage tonen weer te geven, of kies voor SMALL om de lage frequenties te laten weergeven door de andere luidsprekers of door de "subwoofer". Als u geen middenluidspreker hebt aangesloten, kiest u de stand NO (zodat het gehele middenkanaal wordt weergegeven door de linker en rechter voorluidsprekers).
- SURROUND – Kies het formaat LARGE als uw achterluidsprekers goed in staat zijn alle lage tonen weer te geven. Kies de stand SMALL om de lage frequenties te laten weergave door de andere luidsprekers of door de "subwoofer". Als u geen achterluidsprekers hebt aangesloten, kiest u de stand NO (zodat het geluid van de achterkanalen wordt weergegeven door de voorluidsprekers en de "subwoofer" lagetonenluidspreker).
- SURR BACK – Kies het aantal middenachterluidsprekers dat u gebruikt (een, twee of geen). Kies het formaat LARGE als uw middenachterluidsprekers goed in staat zijn alle lage tonen weer te geven. Kies de stand SMALL om de lage frequenties te laten weergeven door de andere luidsprekers of door de "subwoofer". Als u geen achterluidsprekers hebt aangesloten, kiest u de stand NO.
- SUBWOOFER – LFE lagetonensignalen en de lage frequenties van de kanalen die zijn ingesteld op SMALL worden weergegeven door de "subwoofer" lagtonenluidspreker wanneer u hier YES kiest (zie de opmerkingen hieronder). Kies de PLUS stand als u de subwoofer voortdurend alle lage tonen wilt laten weergeven of als u in het algemeen krachtiger basweergave wilt horen (dan worden alle lage tonen die tot dusverre door de voorluidsprekers en de middenluidsprekers klonken nu ook door de "subwoofer" lagtonenluidspreker weergegeven).
Als u geen aparte lagetonenluidspreker hebt aangesloten, kiest u de stand NO (dan worden alle lage tonen weergegeven door de andere luidsprekers).

Opmerkingen
- Als u hebt gekozen voor Manual THX (in stap 2) kunt u alleen de instellingen voor de middenachterluidsprekers aanpassen.
- Als u hebt gekozen voor Front Bi-Amp (in stap 3) kunt u de middenachter-instellingen niet aanpassen.
- Als u het formaat SMALL hebt gekozen voor de voorluidsprekers, zal er voor de subwoofer automatisch YES worden gekozen. Bovendien kunt u voor de middenluidspreker en de achterluidsprekers niet het formaat LARGE kiezen als er voor de voorluidsprekers SMALL is gekozen. In dit geval worden alle lage frequenties naar de "subwoofer" lagetonenluidspreker gestuurd.
- Als voor de achterluidsprekers de stand NO is gekozen, wordt er voor de middenachterluidspreker(s) automatisch ook NO gekozen.
- Als u een enkele middenachterluidspreker gebruikt, dient u te zorgen dat die ene luidspreker is aangesloten op de linker middenachter-aansluiting.
6 Druk op ENTER om door te gaan naar het volgende scherm.
7 Kies een scheidingsfilter-frequentie.
Deze instelling bepaalt de grensfrequentie tussen de lage tonen die worden weergegeven door de luidsprekers die staan aangemerkt als LARGE of door subwoofer en de lage middentonen die worden weergegeven door de luidsprekers aangemerkt als SMALL. Tevens bepaalt deze keuze waar de grensfrequentie komt te liggen voor de lage tonen van het speciale LFE lagetonen-kanaal.

Kies met de ←/→ links/rechts-toetsen de scheidingsfilterfrequentie:
- 50Hz – Stuart de laagste frequenties onder 50 Hz naar de subwoofer (of de LARGE luidsprekers).
- 80Hz – Stuart de laagste frequenties onder 80 Hz naar de subwoofer (of de LARGE luidsprekers).
- 100Hz – Stuart de laagste frequenties onder 100 Hz naar de subwoofer (of de LARGE luidsprekers).
- 150Hz – Stuart de laagste frequenties onder 150 Hz naar de subwoofer (of de LARGE luidsprekers).
- 200Hz – Stuart de laagste frequenties onder 200 Hz naar de subwoofer (of de LARGE luidsprekers).

Opmerking
- Als u hebt gekozen voor Manual THX (in stap 2) wordt de scheidingsfilter-frequentie automatisch ingesteld op 80Hz en dan verschijnt dit keuzescherm niet.
8 Stel in op 'Return' en druk op ENTER om terug te keren naar het Surround Setup menu.

Tip
- Als u een "subwoofer" lagetonenluidspreker hebt en u houdt wel van een stevige basweergave, kan het een logische keuze lijken om het formaat LARGE te kiezen voor uw voorluidsprekers en de stand PLUS voor de subwoofer. Dit kan echter niet de beste lagetonenweergave opleveren. Afhankelijk van de opstelling van de luidsprekers in uw kamer kunnen de bassen wel eens deels wegvallen door interferentie-effecten. In dat geval kunt u het best de plaats en de richting van uw luidsprekers wat veranderen. Als u daarmee ook geen goed resultaat verkrijgt, luistert u dan aandachtig naar de basweergave met de subwoofer beurtelings in de PLUS stand en de YES stand en/of de voorluidsprekers in beurtelings de LARGE en SMALL stand, en besluit dan op uw gehoor welke combinatie het best voldoet. Als u op deze wijze het probleem niet kunt verhelpen, is de eenvoudigste oplossing vaak om de laagste tonen zo veel mogelijk naar de subwoofer te sturen, door het formaat SMALL voor uw voorluidsprekers te kiezen.
Kanaalniveau
Met de kanaalniveau-instellingen kunt u de algemene balans van uw luidsprekersysteem aanpassen, een belangrijke factor bij het opzetten van een huisbioscoop-installatie. Als u niet zeker bent van de beste kanaalniveau-instellingen, kiest u dan simpelweg de Auto methode uit de mogelijkheden hieronder.
1 Stel in op 'Channel Level' en druk op de ENTER toets.

2 Kies een instelmethode en druk op ENTER om de weergave van de testtonen te starten.

- Manual – Om de testtoon handmatig van luidspreker naar luidspreker te verplaatsen en de afzonderlijke kanaalniveaus handmatig te regelen.
- Semi Auto – Om de kanaalniveaus bij te regelen terwijl de versterker de testtoon automatisch van de ene naar de andere luidspreker verplaatst.
- Auto – Om de kanaalniveaus automatisch te laten instellen door de versterker terwijl die de testtonen weergeeft. (Voor deze instelmethode is het nodig de microfoon aan te sluiten.)
3 Als u gekozen hebt voor 'Manual' of 'Semi Auto', regelt u het niveau van elk kanaal met de vaste ←/→ links/rechts-toetsen.
Als u gekozen hebt voor Manual, gebruikt u de ↑/↓ op/neer-toetsen om over te schakelen tussen de luidsprekers. Bij de Semi Auto methode worden de testtonen weergegeven in de volgorde die op het scherm getoond wordt:

text_image
2.2. Channel Level Semi Auto LEFT [ ] +1.5dB CENTER [ ] +1.5dB RIGHT [ ] +2.0dB SURROUND R [ ]-3.5dB SURR BACK R [ ]-1.5dB SURR BACK L [ ]+3.0dB SURROUND L [ ]-2.0dB SUB WOOFER[+10.0dB] Return = Push EnterStel het niveau van elke luidspreker naar wens in terwijl de testtoon klinkt.

Opmerkingen
- Als u de beschikking heeft over een Sound Pressure Level (SPL) geluidsdrukmeter, gebruikt u die dan voor metingen vanuit uw voornaamste luisterplaats en stelt u het niveau van elke luidspreker in op een vaste 75 dB SPL (C-weging/vertraagde aflezing).
- De testtoon voor de "subwoofer" lagtonenluidspreker wordt weergegeven met een geringe geluidssterkte. Het kan nodig zijn om het niveau naderhand bij te stellen, nadat u de weergave hebt gecontroleerd aan de hand van uw favoriete muziek of filmgeluid.
4 Als u hebt gekozen voor 'Manual' of 'Auto', stelt u in op 'Return' en drukt u op ENTER omde instelling af te sluiten. Met de 'Semi Auto' methode hoeft u alleen op ENTER te drukken.
Na afloop van de Auto instelmethode verschijnt er !! Complete !! op het scherm zodra de instelling van alle kanaalniveaus is voltooid.

Om de gemaakte instellingen te controleren, stelt u in op Check en drukt u op ENTER, in plaats van te kiezen voor Return zoals hierboven. Vervolgens stelt u na afloop van de controle in op Return en drukt u op ENTER.

Tip
- U kunt de kanaalniveaus later nog op elk gewenst moment wijzigen met behulp van de CHANNEL +/- toetsen op het voorpaneel of via het versterkermenu van de afstandsbediening (zie Voornaamste afstandsbedieningsschermen op pagina 30 voor nadere bijzonderheden). U kunt verschillende niveaus instellen voor elk van de luisterfuncties (Standard/Home THX, Advanced Cinema/Advanced Concert en Stereo) evenals voor de SB CH functie in de ON stand.
Deze instellingen zullen echter gewist worden als u later de Surround Setup of de Auto Surround Sound Setup functie weer gebruikt om de kanaalniveaus opnieuw in te stellen.
Luidsprekerafstand
Om een fraaie diepte en kanaalscheiding in de klank van uw installatie te verkrijgen, zult u de afstand van de luidsprekers tot uw luisterplaats moeten instellen. De versterker kan dan aan elk signaal de vertraging toevoegen die nodig is voor een uitgebalanceerde akoestiekweergave.
1 Stel in op 'Speaker Distance' en druk op de ENTER toets.

2 Kies een instelmethode en druk weer op ENTER.

- Manual – Om elke luidspreker op zijn beurt te kiezen en de afstand handmatig in te stellen.
- Auto – Om de luidsprekerafstanden automatisch te laten instellen door de versterker terwijl die de testtonen weergeeft. (Voor deze instelmethode is het nodig de microfoon aan te sluiten.)
3 Als u hebt gekozen voor 'Auto', stelt u nu in op 'Start' en drukt u op ENTER. Als u hebt gekozen voor 'Manual', stelt u de afstand van elk van de luidsprekers in met de vaste ←/→ links/rechts-toetsen.
Bij de Manual instelmethode kunt u de afstand van elke luidspreker kiezen in eenheden van 0,05 meter.
Na afloop van de Auto instelmethode verschijnt er !! Complete !! op het scherm zodra de instelling van alle luidsprekerafstanden is voltooid. Als u de instellingen wilt controleren, kiest u voor Check en drukt u op ENTER.
4 Stel in op 'Return' en druk op ENTER om deze instelling af te sluiten.

Tip
- Voor de beste akoestiekweergave is het van belang om de beide middenachterluidsprekers op dezelfde afstand te plaatsen.
Akoestiek-ijking met de equalizer
De equalizer voor akoestiek-ijking is een soort kamerbrede equalizer voor uw luidsprekers (uitgezonderd de lagetonenluidspreker). De equalizerfunctie meet de akoestische eigenschappen van uw kamer en compenseert voor de omgevingseffecten die een kleuring kunnen geven aan de weergave van de oorspronkelijke geluidsbron. U kunt deze instellingen ook handmatig maken, om een frequentiepatroon en klankkleur te krijgen volgens uw eigen smaak. Daarnaast is er een meer geavanceerde instelmethode beschikbaar, die u in staat stelt gedetailleerde instellingen te maken na meting van de akoestische eigenschappen van uw luisterruimte (zie Professionele akoestiek-equalizerop pagina 57). Voor elk van deze instelmethoden is het nodig de microfoon aan te sluiten.
Automatisch instellen van de akoestiek-equalizer
1 Stel in op 'Acoustic Cal EQ' en druk op ENTER.

Terwijl de versterker een reeks testtonen weergeeft, wordt de frequentiebalans automatisch bijgeregeld voor de volgende instellingen:
- ALL CH ADJ – Om alle luidsprekers afzonderlijk in te stellen, zonder speciale nadruk of weging van enig kanaal.
- FRONT CH ALIGN – Om alle luidsprekers aan te passen aan de weergave van de voorluidsprekers.
Er verschijnt !! Complete !! op het scherm wanneer de akoestiek-equalizer alle instellingen gemaakt heeft. Als u de instellingen wilt controleren, kiest u voor Check en drukt u op ENTER.
3 Stel in op 'Return' en druk op ENTER om deze instelling af te sluiten.
Handmatig instellen van de akoestiek-equalizer
Voordat u de akoestiek-equalizer handmatig gaat instellen, willen we u aanbevelen eerst de ALL CH ADJ of FRONT CH ALIGN instellingen van de Auto
instelmethode hierboven over te nemen (of van de Inleiding: uw eigen huisbioscoop op pagina 35) als een van de voorlopige eigen instellingen. Dit zal u, beter dan enkel een vlakke equalizer-curve dat kan, als uitgangspunt een goede benadering geven om mee te beginnen (zie Kopiëren van uw akoestiek-equalizer instellingen hieronder voor hoe u dit doet).
1 Stel in op 'Acoustic Cal EQ' en druk op ENTER.

2 Stel in op 'Manual' en druk op de ENTER toets.

text_image
2.4. Acoustic Cal EQ [Data Copy] ► Manual CUSTOM1, CUSTOM2 [Auto] ALL ADJ & FRONT ALIGN [Professional] [Return]3 Kies de CUSTOM1 of CUSTOM2 instelling en druk op ENTER.

4 Kies het kanaal om bij te regelen, stel de frequentiecurve naar wens bij, en ga dan door met de volgende luidspreker.

Gebruik de vaste ←/→ links/rechts-toetsen om het kanaal te kiezen, en druk op ENTER om uw keuze te bevestigen.
Gebruik de vaste ←/→ links/rechts-toetsen om de bijregelfrequentie te kiezen en de ↑/↓ op/neer-toetsen om de Equalizer hoger of lager in te stellen. Wanneer de curve naar wens is, drukt u op ENTER om door te gaan naar het volgende kanaal.

Tip
- Als u de frequentiecurve van een kanaal al te drastisch bijstelt, zal de totale balans van de weergave daaronder lijden. Als het klankbeeld van de luidsprekers onevenwichtig overkomt, kunt u het niveau van de verschillende kanalen verhogen of verlagen met behulp van testtonen en de TRIM functie. Gebruik de rechter cursortoets om naar de uiterste rechterkant van het scherm te gaan en gebruik dan de / op/neer-toetsen om het kanaalniveau te verhogen of te verlagen voor de huidige luidspreker.
5 Wanneer u klaar bent, drukt u op de ↓ (neertoets) om in te stellen op 'Return' en dan drukt u op ENTER om de instelling af te sluiten.

Opmerking
- Als de waarschuwing OVER !! op het scherm verschijnt, geeft dat aan dat de gekozen frequentiecurve kan resulteren in vervorming van de luidsprekerweergave. Corrigeer dan de frequentiecurve om dit te vermijden.
Kopiëren van uw akoestiek-equalizer instellingen
Als u de instellingen voor de akoestiek-equalizer handmatig wilt maken (zie Handmatig instellen van de akoestiek-equalizerhierboven), willen we u aanbevelen eerst de ALL CH ADJ of FRONT CH ALIGN instellingen van de Auto instelmethode hierboven over te nemen (of van de Inleiding: uw eigen huisbioscoop op pagina 35) als een van de voorlopige eigen instellingen. Dit zal u, beter dan enkel een vlakke equalizer-curve dat kan, als uitgangspunt een goede benadering geven om mee te beginnen.
1 Stel in op 'Acoustic Cal EQ' en druk op ENTER.

2 Stel in op 'Data Copy' en druk weer op ENTER.

text_image
2.4. Acoustic Cal EQ ►[Data Copy] [Manual] CUSTOM1 , CUSTOM2 [Auto] ALL ADJ & FRONT ALIGN [Professional] [Return]3 Kies voor CUSTOM1 of CUSTOM2 en gebruik de vaste / links/rechts-toetsen om de instelling te kiezen die u wilt kopieren.

- U kunt de gegevens ook overkopiëren van de ene eigen instelling naar een andere. Nadere details over de ALL CH ADJ en FRONT CH ALIGN instellingen vindt u onder Automatisch instellen van de akoestiek-equalizer hierboven.
4 Stel in op 'Copy OK' en druk ter bevestiging op ENTER.
Dan verschijnt het akoestiek-equalizer-instellingen menu. Stel in op Return en druk op ENTER wanneer u wilt terugkeren naar het Surround Setup menu.
Professionele akoestiek-equalizer
Deze functie vermindert de ongewenste effecten van de nagalm in uw kamer, door uw installatie aan te passen aan alleen het directe geluid van de luidsprekers. Dit systeem kan u ook een schematische grafiek tonen van de frequentierespons van uw luisterruimte.

Opmerking
- Alvorens u gaat werken met de Professionele akoestiek-equalizer, is het verstandig om eerst een voorlopige instelling te maken met de Auto Surround Setup op pagina 35.
Toepassing van de Professionele akoestiek-equalizer
Als u vindt dat de lage frequenties te sterk resoneren in uw luisterruimte (m.a.w. als u last hebt van 'boembassen'), of als de diverse kanalen een duidelijk verschillende nagalm lijken te hebben, gebruikt u dan de professionele instelling om de akoestiek-aanpassing automatisch te verrichten. Dit kan een betere balans geven dan de standaard akoestiek-equalizer. De handmatige instelling biedt u de mogelijkheid om uw installatie nauwkeurig af te regelen met behulp van een grafiek op het scherm, of zelfs via een computer (met programmatuur die daarvoor beschikbaar is van Pioneer - zie Aansluiten van een PC voor geavanceerde MCACC weergave op pagina 82 voor nadere bijzonderheden).
Aflezen van de grafiek
In de grafiek is het aantal decibels afgezet op de verticale as en de tijd (in milliseconden) op de horizontale as. Een rechte lijn geeft een vlakke respons van uw kamer aan (geen nagalm), terwijl een kromme de aanwezigheid van geluidsreflecties bij de weergave van testtonen aangeeft. De kromme zal geleidelijk vlakker gaan verlopen, wanneer de nagalm zich stabiliseert (hetgeen gewoonlijk ongeveer 100 ms kan duren).
Aan deze grafiek kunt u de akoestiek van uw kamer bij verschillende frequenties aflezen. Er wordt automatisch rekening gehouden met verschillen in kanaalniveau en luidsprekerafstand (ter vergelijking wordt de toegepaste compensatie getoond), maar de frequentiemetingen worden altijd aangegeven zonder het effect van de equalizer van deze versterker.
Vanwege een effect dat bekend staat als 'groepsvertraging' zal het opwekken van de lagere frequenties meer tijd vergen dan de hogere frequenties (dit blijkt het duidelijkst bij vergelijking van de frequenties bij 0 ms). Deze kromming aan het begin is dus niet te wijten aan een probleem (zoals teveel nagalm) van uw luisterkamer.
Instellen van de Professionele akoestiek-equalizer volgens de eigenschappen van uw kamer
Met de handmatige instelling kunt u kiezen hoe lang de frequentierespons voor de ijking wordt waargenomen.
U kunt de tijdsduur kiezen die optimaal is voor de aanpassing van uw installatie aan de eigenschappen van uw luisterruimte. De onderstaande grafiek toont het verschil tussen de standaard akoestiek-ijking en de professionele ijking (de grijze gebieden geven de perioden aan dat de microfoon het geluid opvangt voor de frequentie-analyse).

line
| Tijd (in msec.) | Niveau | | --------------- | ------- | | 0 | 16080 | | 16080 | 16080 |Zodra uw luidsprekersysteem geluid weergeeft, wordt dat onderhevig aan de invloed van de akoestische eigenschappen van uw kamer, bepaald door de wanden, het meubilair en de afmetingen van de kamer. Hoe eerder de frequentie-analyse, des te geringer zal de invloed van de kamer zijn. We achten een vroege tijdsinstelling van 20 – 40 ms aanbevelenswaardig, ter compensatie van de twee factoren die het meest bepalend zijn voor de akoestiek van de meeste kamers:
- Weerkaatsing van hoge tonen vs. lagere frequenties – Afhankelijk van uw kamer, kan het u opvallen dat de lagere frequenties sterker resoneren dan hoge tonen in uw kamer (m.a.w. dat u last hebt van 'boembassen'). Dit kan leiden tot fouten in de frequentie-analyse als de meting te laat wordt verricht.

line
| Tijd (in msec.) | Niveau (Lukingsduur van de professionele equalizer) | Niveau (Lukingsduur van de standard equalizer) | | --------------- | ----------------------------------------------- | --------------------------------------------- | | 0 | 0 | 0 | | 16080 | 0 | 0 |- Nagalmkarakteristieken voor verschillende kanalen – De nagalmkarakteristieken kunnen per kanaal ietwat verschillend zijn. Aangezien deze verschillen toenemen naarmate het geluid sterker wordt beïnvloed door de eigenschappen van de kamer, zal het vaak beter zijn de frequentie-analyse vroeger te verrichten voor een betere menging van de kanaalfrequenties in het totaalgeluid.

line
| Tijd (in msec.) | Niveau (Linker akcestliek-weergave) | Niveau (Rechter akcestliek-weergave) | | --------------- | ----------------------------------- | ------------------------------------ | | 0 | 0 | 0 | | 16080 | 16080 | 16080 |Als uw kamer niet of nauwelijks beïnvloed wordt door de bovenstaande factoren, zal het vaak niet nodig zijn om een 20 - 40 ms instelling te maken. Latere tijdsinstellingen kunnen dan een meer gedetailleerd klankbeeld opleveren voor uw luidsprekersysteem. Het is de moeite waard om door uitproberen te vinden wat het best werkt voor uw luisterkamer.
Houd er rekening mee dat veranderingen in uw kamer (verplaatsen van het meubilair, schilderijen e.d.) de resultaten van de akoestiek-ijking aanzienlijk kan beïnvloeden.
Na een ingrijpende verandering is het verstandig uw installatie opnieuw te ijken.
Gebruik van de Professionele akoestiek-equalizer
1 Stel in op 'Acoustic Cal EQ' en druk op de ENTER toets.

2 Stel in op 'Professional' en druk weer op ENTER.

text_image
2. 4. Acoustic Cal EQ [Data Copy] [Manual] CUSTOM1 , CUSTOM2 [Auto] ALL ADJ & FRONT ALIGN ► [Professional] [Return]3 Kies een instelmethode en druk op ENTER.

- Auto Pro. – De versterker kiest automatisch een vroege meetperiode (20 - 40 ms of 60 - 80 ms) voor de meting van de weerkaatsingen, zodat u een systeemijking verkrijgt die gebaseerd is op het directe geluid dat uit de luidsprekers komt. De frequentiebalans voor elk kanaal wordt dan bijgesteld om het effect van de eigenschappen van de kamer op het totale geluid te minimaliseren. - Manual Pro. – Hierbij kunt u zelf een vroege meetperiode instellen, hetgeen u de speelruimte biedt om de directe weergave zodanig te ijken als het best voldoet voor uw luisterkamer. Nadat u deze instelling hebt gemaakt, wordt de frequentiebalans voor elk kanaal automatisch bijgeregeld om uw systeem te ijken volgens uw zelfgekozen instelling.
4 Als u hebt gekozen voor 'Auto Pro.', kiest u nu 'Start' en drukt u op ENTER.

Er verschijnt !! Complete !! op het scherm nadat de akoestiek-equalizer is ingesteld. Kies nu Return om terug te keren naar het menu voor de professionele akoestiek-equalizer.
5 Kies een handmatige instelmethode en druk op ENTER.

text_image
2.4. Acoustic Cal EQ Pro. Manual Pro. ► [Reverb Measurement] [ Reverb View ] [ Advanced EQ Setup ] [Return]- Reverb Measurement – Gebruik deze om de nagalm-karakteristiek van uw kamer te meten voor de afzonderlijke kanalen in gekozen frequentiegebieden.
- Reverb View (Normal) – Hiermee kunt u de metingen voor de nagalm in bepaalde frequentiegebieden controleren voor elk kanaal. Na afloop van de meting verschijnt er ook een mogelijkheid PC Output, voor computer-verwerking. Zie Aansluiten van een PC voor geavanceerde MCACC weergave op pagina 82 voor nadere bijzonderheden.
- Advanced EQ Setup – Hierbij kiest u de tijdsperiode voor de frequentie-instelling en ijking, gebaseerd op de meting van de nagalm in uw luisterruimte. Houd er rekening mee dat deze instelmethode veranderingen zal aanbrengen in de instellingen die u hebt gemaakt onder Automatische instellingen voor rondom-akoestiek op pagina 35.
6 Als u hebt gekozen voor 'Reverb Measurement', kiest u nu 'Start' en drukt u op ENTER.

Er verschijnt !! Complete !! op het scherm nadat de nagalm-meting is voltooid (dit kan 2 - 6 minuten duren). Na keuze van Return kunt u instellen op Reverb View (hierboven) om de resultaten op het scherm te controleren. Zie Aansluiten van een PC voor geavanceerde MCACC weergave op pagina 82 voor nadere aanwijzingen om uw computer voor te bereiden voor de grafieken die worden doorgegeven.
7 Als u hebt gekozen voor 'Reverb View', kunt u de vaste cursortoetsen gebruiken om de nagalm-karakteristieken voor elk kanaal te controleren. Stel in op 'Return' en druk op ENTER wanneer u daarmee klaar bent.

line
| Time (ms) | Value | | --------- | ----- | | 0 | 0 | | 80 | 160 | | 160 | 160 |Gebruik de ←/→ links/rechts-toetsen om het kanaal te kiezen en de frequentie die u wilt controleren. Gebruik de ↑/↓ op/neer-toetsen om hiertussen heen en weer te schakelen. Overigens geven de markeringen op de verticale as het aantal decibels aan in stapjes van 2 dB.
8 Als u hebt gekozen voor 'Advanced EQ Setup', voert u de tijdsinstelling in die u voor de ijking wilt gebruiken, en dan kiest u voor 'Go'. Stel in op 'Start' in het volgende scherm.
Op basis van de hierboven beschreven nagalm-meting kunt u handmatig de tijdsduur kiezen voor de uiteindelijke frequentie-instelling en ijking. Ook al kunt u deze instelling wel maken zonder nagalm-meting, het is beter om uw tijdsinstelling te baseren op het resultaat van de meting. Voor een optimale systeem-ijking gebaseerd op het directe geluid van de luidsprekers, raden we u aan de 20 - 40ms instelling te gebruiken.

line
| Time (ms) | Cr [dB] | C [dB] | | --------- | ------- | ------ | | 0 | ~0 | ~0 | | 8 | ~160 | ~160 | | 160 | ~160 | ~160 |Gebruik de ←/→ links/rechts-toetsen om het kanaal te kiezen, de frequentie en de tijdsinstelling. Gebruik de ↑/↓ op/neer-toetsen om hiertussen heen en weer te schakelen.
U kunt overschakelen tussen uw aangesloten luidsprekers (behalve de subwoofer) en de meetresultaten tonen voor de volgende frequenties: 63 Hz, 125 Hz, 250 Hz, 500 Hz, 1 kHz, 2 kHz, 4 kHz, 8 kHz en 16 kHz.
Kies de tijdsduur uit de volgende perioden (in milliseconden): 0-20 ms, 10-30 ms, 20-40 ms, 30-50 ms, 40-60 ms, 50-70 ms en 60-80 ms. Deze instelling zal gelden voor alle kanalen tijdens de ijking.
Wanneer u klaar bent met deze instellingen, kiest u voor Go. Het kan 2 - 11 minuten duren voordat de ijking voltooid is.
Er verschijnt !! Complete !! op het scherm nadat de akoestiek-equalizer voltooid is. Om de instellingen te controleren, kiest u voor Check en drukt u op ENTER.
Wanneer u wilt stoppen, kiest u voor Return om het betreffende scherm te sluiten.
X-Curve
De meeste filmgeluidssporen die zijn gemaakt voor weergave in een bioscoop zullen te schel klinken in de huiskamer. De X-Curve functie werkt als een soort re-equalizer voor weergave in uw huisbioscoop, om de juiste klankkleur en balans voor het filmgeluid te herstellen.
1 Stel in op 'X-Curve' en druk op de ENTER toets.

2 Gebruik de vaste ←/→ links/rechts-toetsen om de X-Curve functie ON of OFF te zetten.

text_image
2. 5. X-Curve ► X-Curve [ ◀ON ► [ Manual ] [ Semi Auto ] [ Return ] Your X-Curve " -0.5dB/oct "Als u kiest voor OFF, verkrijgt u een vlak frequentieverloop en dan zult u de X-Curve niet kunnen bijstellen.
3 Kies een instelmethode en druk op ENTER.

- Manual – Voor handmatig instellen van de X-Curve.
- Semi Auto – Voor automatisch berekenen van de X-Curve. Hoe groter uw luistergebied (zoals bepaald door de instelling van de luidsprekerafstanden), des te steiler de hellingshoek van de X-Curve (zie de volgende stap voor nadere details).
4 Controleer de X-Curve instelling. Als u hebt gekozen voor 'Manual', maakt u dan nu de nodige aanpassingen aan uw X-Curve.

Gebruik de vaste ←/→ links/rechts-toetsen om de instelling bij te regelen. De X-Curve wordt uitgedrukt als een dalende lijn in decibels per octaaf, beginnend bij 2 kHz. Het geluid klikt minder schel naarmate de hellingshoek toeneemt (tot een maximum van
-3.0 dB/oct). Volg de onderstaande richtlijnen om de X-Curve optimaal aan te passen aan de afmetingen van uw luisterruimte:
| Kamerformaat (m2) | ≤36 | ≤48 | ≤60 | ≤72 | ≤300 | ≤1000 |
| X-Curve (dB/oct) | -0,5 | -1 -1,5 | -2 -2,5 | -3 |
5 Stel in op 'Return' en druk op ENTER om de instelling af te ronden.

Opmerking
- Aangezien het principe voor beide hetzelfde is, zal de X-Curve niet worden toegepast wanneer u een van de Home THX luisterfuncties gebruikt (zie Gebruik van de Home THX functies op pagina 41).
Controleren van uw akoestiek-instellingen
U kunt de akoestiek-instellingen van de versterker scherm voor scherm controleren, nadat u het Surround Setup proces voltooid hebt.
1 Kies het onderdeel 'Check' in het Surround Setup menu en druk op ENTER.

2 Gebruik de vaste ←/→ links/rechts-toetsen om de gemaakte instellingen scherm voor scherm door te nemen.
De instellingen verschijnen in dezelfde volgorde als in het Surround Setup menu. Stel in op Return en druk op ENTER om terug te keren naar het Surround Setup menu.
Hoofdstuk 7
Bediening van andere apparatuur
Gebruik van de afstandsbediening voor andere apparatuur
De bijgeleverde afstandsbediening werkt niet alleen voor deze versterker, maar is ook geschikt voor de bediening van uw TV-toestel, DVD-speler en andere apparatuur. Als een bepaald apparaat staat vermeld in het geheugen van de afstandsbediening, hoeft u slechts de aanwijzingen te volgen onder Vaste bedieningscodes activeren hieronder. Als het apparaat niet in de lijst voorkomt, of als u de afstandsbediening een nieuw commando wilt leren, zie dan Signalen overnemen van een andere afstandsbediening op pagina 63.

Opmerkingen
- De afstandsbedieningsfuncties in dit hoofdstuk zijn toegankelijk via het afstandsbediening-instelmenu. Om dit instelmenu te openen, drukt u op (SETUP)
het HOME basismenu ( ) van de afstandsbediening:


text_image
HOME 1/3 AMPLIFIER AMPLIFIER INPUT 1 2 3 DVR /LD TV /DVD SAT DVR /VCR1 CD TUNER TV CONT MULT OPERATION SYSTEM OFF SETUP
text_image
1/3SETUP CALIBRATE PRESET RECALL LEARNING MULTI OPERATION DIRECT FUNCTION- Nadere aanwijzingen voor het gebruik van de afstandsbedieningsmenu's vindt u onder Voornaamste afstandsbedieningsschermen op pagina 30. Zie tevens TV-bedieningsmenu's op pagina 32 en Bedieningsmenu's voor andere apparatuur op pagina 33.
- Bij gebruik van een TV of videomonitor werkt het vaak het best om de TV/DVD ingangskeuzetoets te gebruiken voor de TV-weergavebron, en de TV CONT toets voor de bediening van het TV-toestel of de videomonitor.
Vaste bedieningscodes activeren
Op de volgende wijze kunt u de vast ingestelde bedieningscodes voor een heel aantal ingangsbronnen activeren. Gebruik hiervoor het aanraakscherm van de afstandsbediening.
1 Zorg dat het apparaat dat u wilt bedienen is ingeschakeld.
2 Druk op de PRESET RECALL toets in het afstandsbedienings-instelmenu.

text_image
1/3SETU CALIBRATE PRESET RECALL LEARNING MULTI OPERATION DIRECT FUNCTION3 Kies uit het 'Select Function' keuzescherm de ingangsfunctie die overeenkomt met de aansluiting(en) voor het apparaat dat u wilt bedienen.
Druk bijvoorbeeld op de DVD/LD toets als u de DVD-speler wilt bedienen die is aangesloten op de DVD/LD aansluitingen.

text_image
Select Function PRESET RECALL DVD/LD TV/DVD SAT CANCEL- Gebruik de ↑/↓ op/neer-toetsen om de lijst van de te bedienen apparatuur te doorlopen.
- Voor de bediening kunt u elke gewenste toets kiezen, maar bij keuze van een al in gebruik zijnde toets wordt de eerdere functie vervangen door de nieuwe (zodat eerder geprogrammeerde functies niet meer te gebruiken zijn).
4 Kies in het 'Replacing Device' scherm het type apparaat dat u hebt aangesloten.
In dit voorbeeld gebruiken we de afstandsbediening om een DVD-speler te bedienen, dus we kiezen hier DVD.

text_image
Replacing Device PRESET RECALL DVD TV DVD recorder CANCEL- Het werkt het best als de toets voor de ingangsbron (DVD/LD) overeenkomt met het te bedienen apparaat.
5 Kies in het 'Setting Makers' scherm de merknaam van het apparaat dat u wilt bedienen.
Gebruik de ↑/↓ op/neer-toetsen om de lijst met geschikte merken door te nemen. Hier kiezen we Pioneer in ons voorbeeld.

text_image
Setting Makers PRESET RECALL Pioneer AKAI DENON CANCELBA6 Kies het soort instelling.
Soms kan er slechts een enkele instelling vermeld staan en soms zijn er meerdere. Begin met de eerste beschikbare toets, waar de merknaam en het nummer 1 bij vermeld staat (in ons voorbeeld dus Pioneer-1).

text_image
Setting Type PRESET RECALL Pioneer-1 Pioneer-2 CANCELBACK7 Richt de afstandsbediening op het andere apparaat en druk op TRY om te zien of de instelling goed is gemaakt.
Als het te bedienen apparaat nu wordt aan/uitgeschakeld, is de instelling voor dit apparaat in orde en dan kunt u doorgaan met stap 8.

Als het apparaat niet reageert, kan dat komen doordat:
- Er bij dit merk verschillende bedieningscodes voor hetzelfde type apparaat bestaan. Druk op de BACK toets om terug te gaan en kies nu een ander nummer (als er inderdaad meerdere zijn) uit de lijst.
- Het apparaat geen "standby" ruststand heeft (dus niet met de afstandsbediening aan en uit geschakeld kan worden).
- Er een obstakel is tussen de afstandsbediening en de afstandsbedieningssensor van het apparaat dat u probeert te bedienen.
- Er geen vaste bedieningscode bestaat voor dit type apparaat. Druk op de CANCEL toets om deze poging te staken en probeer dan de methode die wordt beschreven bij Signalen overnemen van een andere afstandsbedieninghieronder, om de signalen voor dit apparaat in de afstandsbediening vast te leggen. Als het betreffende apparaat verschilt van het soort commando's dat gebruikelijk is voor de gekozen ingangsbron (als u bijvoorbeeld probeert een laserdisc-speler te bedienen met de DVD/LD toets), kan het nuttig zijn om in de volgende stap INSTALL te kiezen om over te schakelen naar een ander scherm voor de bediening van het aangesloten apparaat.
8 Druk op INSTALL ter bevestiging, om dan terug te keren naar het 'Select Function' scherm zodat u een ander apparaat voor bediening kunt kiezen.

Vanuit het Select Function scherm (stap 3), kunt u met een druk op de Apets terugkeren naar het HOME basismenu van de afstandsbediening.
Om het menu te sluiten zonder de gekozen instelling te activeren, drukt u hierboven op CANCEL in plaats van op INSTALL.

Tip
- Pioneer DVD-recorders vallen onder de volgende in te stellen types:
Als u meer dan één Pioneer DVD-recorder hebt die onder het insteltype 2-4 valt, kunt u daarvoor verschillende instellingen kiezen (zodat u ze met afzonderlijke toetsen kunt bedienen).
Signalen overnemen van een andere afstandsbediening
Als er geen vaste bedieningscode voor uw apparaat beschikbaar is, of als de beschikbare codes niet goed werken, kunt u de bedieningssignalen overnemen vanaf de afstandsbediening die behoort bij het aangesloten apparaat. Op deze manier kunt u ook extra bedieningsfuncties programmeren (voor toetsen waarvoor geen vaste instelling bestaat) nadat u een bedieningscode hebt ingesteld zoals onder Vaste bedieningscodes activeren op pagina 61.
1 Druk op de LEARNING toets in het afstandsbedienings-instelmenu.

text_image
SETUP 1/3 CALIBRATE PRESET RECALL LEARNING MULTI OPERATION DIRECT FUNCTION2 Kies in het 'Select Function' scherm de ingangsfunctie die overeenkomt met de aansluiting(en) voor het apparaat dat u wilt bedienen.
Druk bijvoorbeeld op de DVD/LD toets als u bedieningssignalen wilt overnemen voor de DVD-speler die is aangesloten op de DVD/LD aansluitingen.

- Gebruik de ↑/↓ op/neer-toetsen om de lijst van de te bedienen apparatuur te doorlopen (hierbij zijn de AMPLIFIER en TUNER schermen niet beschikbaar).
3 Druk in het aanraakscherm op de toets voor het commando dat u in deze afstandsbediening wilt overnemen.
Druk bijvoorbeeld op de ▶ weergavetoets als u deze afstandsbediening wilt programmeren voor het starten van de weergave op uw DVD-speler.

text_image
<
text_image
《LEARN》 END DVD DVD 1 2 3 CLR 4 9 6+10 7 8 9 0 SEARCH MODE RETURN TV CONTEen pictogram van een afstandsbediening verschijnt in de rechter bovenhoek van het aanraakscherm nadat u een toets hebt gekozen (u kunt uw keuze nog ongedaan maken door dezelfde toets opnieuw in te drukken).
- Bepaalde toetsen op het aanraakscherm van de afstandsbediening zoals 📄 de↔/→ links/rechts-toetsen en de TV CONT toets dienen voor de keuze van menuschermen (zelfs in de aanleerstand), dus die zijn niet te gebruiken voor het overnemen van andere commando's.
- De Learn* en L* toetsen die verschijnen in sommige bedieningsschermen zijn nog niet toegewezen, zodat u die kunt gebruiken om nieuwe commando's onder te plaatsen. Zie Namen van de afstandsbedieningstoetsen aanpassen op pagina 64 als u na het overnemen van een commando de naam van de toets wilt aanpassen.
- U kunt ook de vaste toetsen op de afstandsbediening nieuwe commando's geven (waarbij de VOLUME +/- en MUTE toetsen alleen beschikbaar zijn in de TV CONTROL stand), maar dan blijven de commando's gelijk voor alle schermen voor het te bedienen apparaat.
- Drukop de END toets als u wilt stoppen zonder wijzigingen aan te brengen.
4 Terwijl het pictogram zichtbaar is, richt u de twee afstandsbedieningsheden op elkaar en drukt u op de toets van de andere afstandsbediening voor de bedieningsfunctie die u wilt overnemen.

text_image
12 - 30 cmWanneer het commando is aangeleerd, d.w.z. overgenomen, verschijnt er OK! op het aanraakscherm van de afstandsbediening en dan keert de afstandsbediening terug naar het scherm voor het overnemen van een commando (stap 3).
Herhaal de stappen 3 en 4 voor het overnemen van nog andere commando's.
Als u bedieningssignalen voor nog andere apparatuur wilt overnemen, drukt u op END om terug te keren naar het Select Function scherm en dan begint u opnieuw vanaf stap 2.

Opmerkingen
- Als u de aanduiding Failed op het aanraakscherm ziet (of er verschijnt geen OK!), of het overgenomen commando werkt niet, ook al werd er wel OK! aangegeven, probeer het overnemen van het commando dan nog eens, maar kies een ietwat andere afstand (dichterbij of verderaf) tussen beide afstandsbedieningseenheden. Sommige signalen komen duidelijker over dan andere en kunnen wel eens een grotere afstand vereisen (bijvoorbeeld de signalen voor een projector, e.d.).
- Sommige afstandsbedieningssignalen zijn hoe dan ook niet goed over te nemen.
- De afstandsbediening heeft maar een beperkte geheugencapaciteit voor nieuwe commando's. Als u de aanduiding Memory Full op het scherm ziet verschijnen, gebruikt u dan de PRESET RECALL functie onder Vaste bedieningscodes activeren op pagina 61 om eerder geprogrammeerde toetsen die u niet meer gebruikt te overschrijven. Zo maakt u meer geheugencapaciteit beschikbaar voor het overnemen van nieuwe commando's.
Directe geluidsbron- bedieningsfunctie
- Oorspronkelijke instelling: Alle ingangen – ON (aan)
De oorspronkelijke instelling zorgt dat bij het indrukken van een ingangskeuzetoets (DVD/LD, DVR/VCR1, enz.), zowel de ingangsbron van de versterker als de afstandsbediening beide worden ingesteld op het gekozen apparaat.
Wanneer een ingangskeuzetoets in de stand OFF is gezet, zal bij een druk op die toets alleen de bedieningsfunctie van de afstandsbediening worden overgeschakeld.
Dit kan handig zijn wanneer u een bepaald apparaat wilt bedienen zonder de weergave van een ander apparaat te onderbreken.
1 Druk op de DIRECT FUNCTION toets in het afstandsbedienings-instelmenu.

text_image
1/3SETUP CALIBRATE PRESET RECALL LEARNING MULTI OPERATION DIRECT FUNCTION2 Kies de instelling voor een ingangsfunctie door op de ON/OFF toets in het aanraakscherm te drukken.
Met elke druk op de toets schakelt u over tussen ON en OFF.

text_image
DIRECT FUNCTION DVD/LD : ON TV/DVD : ON SAT : ON OK- Gebruik de ↑/↓ op/neer-toetsen om de lijst met apparaten te doorlopen.
3 Druk op de OK toets om de instellingen van kracht te maken.
Namen van de afstandsbedieningstoetsen aanpassen
U kunt de toetsen in de menuschermen van de afstandsbediening andere namen geven, voor andere ingangsbronnen (zoals DVD/LD of SAT). U kunt dit bijvoorbeeld doen als u de afstandsbediening een nieuw commando hebt "aangeleerd" zoals beschreven in Signalen overnemen van een andere afstandsbediening hierboven, maar dat commando niet overeenstemt met de naam op de toets.
1 Druk op de KEY LABEL toets in het afstandsbedienings-instelmenu.

text_image
SETUP 2/3 CLOCK DISPLAY: AM/PM CLOCK SETTING BEEP: TIMEOUT KEY LABEL2 Kies in het 'Select Function' scherm het ingangsbron-menu met de toets die u een andere naam wilt geven.
Druk bijvoorbeeld op de DVD/LD toets als u voor een toets in het DVD/LD afstandsbedieningsscherm een nieuw commando hebt overgenomen van uw DVD-speler.

text_image
Select Function KEY LABEL DVD/LD TV/DVD SAT CANCEL3 Kies de toets die u een nieuwe naam wilt geven.
Kies bijvoorbeeld de SEARCH MODE toets als u die hebt geprogrammeerd voor het 'disc uitschuiven' commando van de afstandsbediening voor uw DVD-speler.

text_image
KEY LABEL END DVD DVD TV. CONT 1 2 3 CLR 4 5 6 +10 7 8 9 0 SEARCH MODE RETURN- Bepaalde toetsen op het aanraakscherm van de afstandsbediening zoals Ⓞd↔/→ links/rechts-toetsen en de TV CONT toets dienen voor de keuze van menuschermen (zelfs in de aanleerstand), dus die kunt u niet van een andere naam voorzien.
- Druk op de END toets als u wilt stoppen zonder wijzigingen aan te brengen.
4 Kies nu hoe u de naam van de toets eruit wilt laten zien.

text_image
DVD / LD KEY LABEL SEARCH MODE SELECT LABEL TYPE TEXT : LARGE TEXT : SMALL GRAPHICKies een van de volgende mogelijkheden:
- TEXT : LARGE – Kies deze als u een korte naam wilt geven, zoals EJECT.
- TEXT : SMALL – Kies deze als de nieuwe naam vrij lang is, zoals bijvoorbeeld DVD-lade uitschuiven.
- GRAPHIC – Kies deze mogelijkheid als u de naam van de toets wilt vervangen door een symbool, zoals ▲.
5 Stel uw nieuwe naam voor de toets samen.
Als u hebt gekozen voor tekstinvoer:

- Gebruik de letter- en cijfertoetsen om de gewenste naam samen te stellen.
- Drukop de SPACE toets als u een spatie in naam wilt opnemen.
- Druk op de CLEAR toets om verkeerde letters één voor één te wissen.
- Druk op de ← toets (alleen voor klein-formaat tekst) om door te gaan naar de volgende regel.
- Gebruik de / links/rechts-toetsen om door te gaan naar het vorige/volgende scherm.
Als u hebt gekozen voor een grafisch symbool:

text_image
DVD / LD KEY LABEL CLEAR OK- Gebruik de symbooltoetsen om het gewenste symbool te kiezen.
- Druk op de CLEAR toets om terug te keren naar de oorspronkelijke aanblik van de toets.
- Druk op de ⑦oets om terug te keren zonder de toets aan te passen.
6 Druk op de OK toets wanneer u klaar bent.
Dan verschijnt er PLEASE WAIT in het scherm van de afstandsbediening terwijl de gekozen naam of het symbool wordt aangebracht en dan keert u terug naar stap 3.

Opmerkingen
- Bij de aan/uitschakeltoets kunt u het '∅' symbool niet vervangen. Deze toetsen kunnen het best ongewijzigd blijven, voor het aan en uit zetten van het apparaat.
- Na het bevestigen van uw wijziging zult u niet kunnen terugkeren naar de oorspronkelijke aanblik van de toets zonder de gehele afstandsbediening in de uitgangsstand terug te stellen (zoals beschreven op pagina 10).
Meervoudige bedieningsreeksen en systeem-uitschakelfunctie
Met de meervoudige bedieningsreeksen kunt u onder een bepaalde toets een hele serie commando's voor de apparaten in uw installatie programmeren.
Zo kunt u bijvoorbeeld uw TV-toestel aanzetten, uw DVD-speler inschakelen en het afspelen van de geplaatste DVD starten, met slechts twee toetsen op de afstandsbediening.
En net als bij de bedieningsreeksen zorgt de systeem- uitschakelfunctie dat u maar één toets nodig hebt om een heel stel apparaten in uw installatie tegelijk uit te schakelen.

Opmerkingen
- Voor dat u de meervoudige bedieningsreeksen en de systeem-uitschakelfunctie kunt gebruiken, zult u de afstandsbediening moeten instellen voor de bediening van uw TV-toestel en uw andere apparatuur (zie Vaste bedieningscodes activeren op pagina 61 en Signalen overnemen van een andere afstandsbediening op pagina 63 voor nadere bijzonderheden).
- De aan- en uitschakelcommando's werken alleen voor apparatuur die in de "standby" ruststand geschakeld kan worden.
Programmeren van een bedieningsreeks of een systeem-uitschakelcommando
1 Druk op de MULTI OPERATION toets in het afstandsbedienings-instelmenu.

text_image
1/3SETUI CALIBRATE PRESET RECALL LEARNING MULTI OPERATION DIRECT FUNCTION2 Kies in het 'Select Function' scherm de ingangsbron.
Dit moet het apparaat zijn waarmee u de bedieningsreeks start, wanneer u het als ingangsbron kiest.
Druk bijvoorbeeld op de DVD/LD toets als de bedieningsreeks moet dienen voor het inschakelen van de DVD-speler aangesloten op de DVD/LD aansluitbussen.
Als u een systeem-uitschakelcommando gaat programmeren, kiest u eerst de AMPLIFIER aan het einde van de lijst.

text_image
Select Function MULTI OPERATION DVD/LD TV/DVD SAT CANCEL- Gebruik de ↑/↓ op/neer-toetsen om de lijst met apparaten te doorlopen.
3 Druk op de 'Add' toets om een bedieningsfunctie in de reeks te kiezen.
Als dit het eerste commando in de reeks is, zal de gekozen bedieningsfunctie bovenaan komen te staan. Anders komt het commando gewoon op de eerstvolgende plaats in de reeks.

4 Kies het apparaat en het commando dat u wilt toevoegen aan de bedieningsreeks of aan het systeem-uitschakelcommando.
Kies bijvoorbeeld de DVD/LD uit het uit het functiekeuzemenu (dit krijgt nu de naam van het apparaat voor de bedieningsreeks) en kies dan ▶ (afspelen) of ■ (stoppen) uit het DVD menu om het afspelen van uw DVD-speler te starten of te stoppen.

text_image
DVD/LD MULTI OPERATION DVD/LD TV/DVD SAT CANCEL
text_image
MULTI OPERATION END DVD 1/2 DVD TV CONT AUDIO SUBTITLE TOP MENUDISPLAY- Drukop de END toets om terug te keren zonder wijzigingen aan te brengen.
- U hoeft de versterker niet afzonderlijk te programmeren om in te stellen op de ingangsbron gekozen in stap 2, of om aan of uit te schakelen. Dat wordt automatisch gedaan.
Met Pioneer apparaten is het niet nodig:
- het uitschakelen van de stroom te programmeren in een systeem-uitschakelreeks;
- het inschakelen te programmeren waar het gaat om de ingangsbron gekozen in stap 2;
- een Pioneer TV-toestel of videomonitor in te schakelen als de ingangsbron (gekozen in stap 2) is voorzien van video-ingangsaansluitingen;
Deze functies krijgen de voorrang in de bedieningsreeks (niet bij de systeem-uitschakelfunctie).
5 Indien nodig, kunt u een korte pauze tussen de bedieningsfuncties inlassen, door op 'Delay' te drukken.
Bepaalde apparatuur heeft enkele seconden tijd nodig voor het in- of uitschakelen, of voor bepaalde bedieningsfuncties. In dergelijke gevallen kan het nodig zijn een kleine vertraging in te bouwen (tot maximaal zestig seconden) tussen de commando's.
Gebruik de + en - toetsen in het Delay Time scherm om de vertragingstijd in te stellen en druk dan op OK.

text_image
DVD/LD MULTI OPERATION Delay Time - 0.1 sec + CANCEL- Als u na het instellen de vertragingstijd nog wilt wijzigen, drukt u op de aangegeven vertragingstijd en dan drukt u op SET om weer bij dit scherm uit te komen.
6 Herhaal de stappen van 3 tot 5 voor het toevoegen van andere commando's.
Bij invoeren van een reeks commando's, verschijnen die in volgorde op het aanraakscherm van de afstandsbediening.

- Om de gemaakte bedieningsreeks uit te proberen, drukt u op Run.
- Om een commando in de reeks door een ander te vervangen, kiest u het commando en dan drukt u op Replace. Voeg dan het nieuwe commando toe zoals bescherebven in de aanwijzingen hierboven.
- Om een nieuw commando in te voegen vóór een bestaand commando, drukt u op dat bestaande commando en dan op de Add toets.
- Om een commando te wissen, stelt u in op de ongewenste bedieningsfunctie en dan drukt u op Delete.
- De commando's worden zonder problemen vastgelegd, ongeacht hoe u dit scherm sluit.
7 Druk op de OK toets wanneer u klaar bent.
Dan verschijnt er PLEASE WAIT op het scherm van de afstandsbediening terwijl de bedieningsreeks wordt vastgelegd en dan komt u weer uit bij stap 2.
Gebruik van een geprogrammeerde bedieningsreeks
U kunt de bedieningsreeks starten wanneer de versterker aan staat, of wanneer die in de ruststand is geschakeld.
1 Druk in het HOME basismenu van de afstandsbediening op de MULTI OPERATION toets.

text_image
HOME 1/3 AMPLIFIER AMPLIFIER INPUT 1.23 DVD /LD TV / DVD SAT DVR /VCBI CD TUNER TV CONT MULTI OPERATION SYSTEM OFF SETUP2 Druk op een functietoets waaronder een bedieningsreeks is vastgelegd.
De versterker wordt dan ingeschakeld (als die in de ruststand stond) en de geprogrammeerde bedieningsreeks wordt automatisch stap voor stap uitgevoerd.

text_image
MULTI OPERATION Select Function DVD / LD TV / DVD SAT DVR / VCR1 CD TUNER VCR2 VCR3 CD-R / TAPE1 VIDEO MULTI CH INPUT TV CONT CANCELGebruik van de systeem-uitschakelfunctie
- Druk in het HOME basismenu van de afstandsbediening op de SYSTEM OFF toets.
De door u geprogrammeerde commando's worden uitgevoerd en dan worden alle Pioneer apparaten uitgeschakeld, tenslotte gevolgd door deze versterker.

text_image
HOME 1/3 AMPLIFIER INPUT: 1/23 DVD /1.0 TV /DVD SAT DVD /VCDI CD TUNER TV CONT MULTI OPERATION SYSTEM OFF SETUPComponenten aan en uit schakelen met de 12-volts schakelstroom
U kunt een aantal apparaten in uw installatie (zoals een videomonitor of een projector) zo aansluiten dat ze aan of uit worden gezet met een 12-volts schakelstroom, zodra u een bepaalde ingangsfunctie kiest. Hiervoor zult u echter wel precies moeten kiezen welke ingangsfunctie welke component(en) inschakelt, via het Expert Setup menu (zie 12-volts schakelstroom op pagina 88 voor hoe u dit doet).
Overigens bestaat deze mogelijkheid alleen met apparaat die in de "standby" ruststand geschakeld kunnen worden.
- Sluit de 12V TRIGGER aansluiting van deze versterker aan op de 12V TRIGGER aansluiting van een ander apparaat.
Er zijn twee aansluitingen beschikbaar. Op elk ervan kunt u een snoer met aan beide uiteinden een mono-ministekker aansluiten.
Nadat u hebt gekozen welke ingangsfunctie welke component(en) inschakelt, zult u de betreffende apparatuur eenvoudig aan of uit kunnen zetten door instellen op een van de ingangsfunctie(s) die u hebt ingesteld op pagina 88.
Bediening van andere Pioneer componenten via de sensor van dit apparaat
Veel Pioneer componenten zijn voorzien van SR CONTROL bedieningsaansluitingen, die kunnen dienen voor het onderling verbinden van componenten, zodanig dat u ze allemaal kunt bedienen via de afstandsbedieningssensor van een enkele component.
Bij gebruik van de afstandsbediening wordt er dan een bedieningssignaal doorgegeven via de aansluitketen naar de component die u wilt bedienen.
Overigens zult u voor het gebruik van deze functie op moeten letten dat er tenminste één stel analoge audio-aansluitbussen is verbonden met een ander apparaat, voor de aarding van het geheel.
1 Kies van welk apparaat u de afstandsbedieningssensor wilt gebruiken.
Voor de bediening van alle andere apparaten in de keten, wordt dit de afstandsbedieningssensor waarop u de afstandsbediening zult moeten richten.
2 Verbind de CONTROL OUT aansluiting van het gekozen apparaat met de CONTROL IN aansluiting van een ander Pioneer apparaat.
Gebruik voor het aansluiten een snoer met aan beide uiteinden een mono-ministekker.

text_image
VSA-AX10Ai CONTROL CONTROL S480 [AUDIO] OUTPUT POWER OUT CONTROL INVENTORS OUT 1 INVENTORS OUT 2 COMPONENT OUTPUT3 Verbind de geschikte apparaten door op dezelfde manier, voor al de componenten die u aldus vauit één punt wilt bedienen.

Opmerking
- Als u al uw apparatuur wilt bedienen met de afstandsbediening van deze versterker, leest u dan Gebruik van de afstandsbediening voor andere apparatuurop pagina 61 en Signalen overnemen van een andere afstandsbediening op pagina 63.
Hoofdstuk 8
Gebruik van andere functies
Audio- of video-opnamen maken
Via deze versterker kunt u audio- of video-opnamen maken vanaf een beeld/geluidsbron die is aangesloten op de versterker (zoals een CD-speler of een TV-toestel).
Houd er rekening mee dat u geen digitale opname kunt maken van een analoge beeld/geluidsbron en andersom, dus zorg dat de apparatuur waarvan/waarmee u opneemt op dezefde wijze zijn aangesloten (zie Aansluiten van uw apparatuur op pagina 12 voor nadere bijzonderheden over het aansluiten).
U kunt wel opnemen met composiet- en S-video aansluitingen door elkaar, maar u kunt geen opnamen maken van bronnen die zijn aangesloten op de component video-ingangen. Zie Betreffende de video-omzetterop pagina 20 voor nadere bijzonderheden.
Nadere informatie over de video-aansluitingen vindt u onder Aansluiten van een videorecorder of DVD-recorder op pagina 18 en onder Aansluiten van andere videobronnen op pagina 19.
1 Stel in op de beeld/geluidsbron die u wilt opnemen.
Gebruik de INPUT toetsen (of de INPUT SELECTOR knop op het voorpaneel).
2 Kies het ingangssignaal (indien nodig).
Druk op de SIGNAL SELECT toets om het ingangssignaal te kiezen voor het betreffende geluidsbron-apparaat (zie Keuze van het type ingangssignaal op pagina 44 voor nadere bijzonderheden).
3 Tref de nodige voorbereidingen voor de geluidsbron die u gaat opnemen.
Stem af op de gewenste radiozender, plaats de CD, de videocassette, de DVD enz.
4 Tref de voorbereidingen op het opname-apparaat.
Plaats een blanco cassette, een minidisc, videocassette e.d. in het opname-apparaat en stel het opnameniveau in.
Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van het opname-apparaat als u niet zeker weet hoe dit werkt. De meeste videorecorders stellen het audio-opnameniveau automatisch in – lees de gebruiksaanwijzing,vooral voor een belangrijke opname.
5 Start het opnemen en start dan de weergave van de beeld/geluidsbron.
Opmerkingen
- De instellingen op de versterker voor geluidssterkte, klankkleur (hoge en lage tonen, Midnight en Loudness functies) en akoestiekeffecten zijn niet van invloed op de gemaakte opname.
- Sommige digitale bronnen zijn vanwege de auteursrechtbeveiliging alleen op analoge wijze op te nemen.
- Sommige videobronnen zijn zodanig tegen kopieren beveiligd, dat ze helemaal niet opgenomen kunnen worden.
Meeluisteren naar de gemaakte opname
U kunt uw opnamen beluisteren (met de bandmonitorfunctie) terwijl u ze maakt, als u een cassettedeck met een bandmonitorfunctie hebt aangesloten op de TAPE 2 MONITOR aansluitingen op het achterpaneel.
- Druk op de TAPE 2 MONITOR toets om over te schakelen tussen het opgenomen signaal en het oorspronkelijke ingangssignaal.
Met de afstandsbediening kan het nodig zijn eerst op de
AMPLIFIER toets te drukken in het HOME basismenu (alvorens u het onderstaande versterkermenu op het scherm krijgt (gebruik de / links/rechts-toetsen om door te gaan naar het vorige/volgende menuscherm).

text_image
AMPLIFIER 3/3 AMPLIFIER TV CONT INPUT SB CH MODE SPEAKER A/B INPUT ATT VIDEO SELECT DISPLAY DIMMER TAPE2 MONITOR STATUS
text_image
POTELIN TWD MOTOR POTELIN POTELIN POTELIN POTELIN POTELIN POTELIN POTELIN POTELIN POTELIN POTELIN POTELIN POTELIN POTELIN POTELIN POTELIN POTELIN POTELIN POTELIN POTELIN POTELIN POTELINE POTELINE POTELINE POTELINE POTELINE POTELINE POTELINE POTELINE POTELINE POTELINE POTELINE POTELINE POTELINE POTELINE POTELINE POTELINE POTELINE POTELINE POTELINE POTELINE POTELIN
Tip
- Om het TAPE 2 MONITOR signaal op te nemen met een recorder die is aangesloten op de CD-R/TAPE 1 ingangen, kunt u elke andere ingangsstand kiezen (behalve CD-R/TAPE 1) en dan de TAPE 2 MONITOR inschakelen.
Het niveau van een analoog signaal verminderen
De ingangsverzwakking dient om het ingangsniveau van een analoog signaal te verminderen wanneer het al te krachtig doorkomt. Deze functie kunt u gebruiken wanneer u merkt dat de OVER aanduiding erg vaak oplicht, of wanneer er vervorming in het geluid hoorbaar is.
- Druk in het versterkermenu van de afstandsbediening op de INPUT ATT toets om de ingangverzwakking aan of uit te schakelen.
Soms kan het nodig zijn eerst op de teetsbe drukken in het HOME basismenu (älvorens u het onderstaande versterkermenu op het scherm krijgt (gebruik de ←/→ links/rechts-toetsen om door te gaan naar het vorige/volgende menuscherm).

text_image
AMPLIFIER 3/3 AMPLIFIER TV CONT INPUT SB CH MODE SPEAKER A/B INPUT ATT VIDEO SELECT DISPLAY DIMMER TAPE2 MONITOR STATUS
- De ingangsverzwakking werkt niet voor digitale geluidsbronnen en kan niet worden ingeschakeld bij gebruik van de Stream Direct functie 2 of 3.
Een geluidsspoor door vertraging synchroniseren
Sommige videomonitors geven videomateriaal met een lichte vertraging weer, zodat het geluidsspoor voortdurend iets te vroeg klinkt en net niet bij de beelden aansluit. Door nu de geluidsweergave iets te vertragen, kunt u het geluid precies synchroniseren met de beelden.
1 Druk enkele malen op de OPTION toets totdat er SOUND DELAY in het uitleesvenster verschijnt. Met de afstandsbediening kan het nodig zijn eerst op de
AMPLIFIER toets te drukken in het HOME basismenu (alvorens u het onderstaande versterkermenu op het scherm krijgt (gebruik de ←/→ links/rechts-toetsen om door te gaan naar het vorige/volgende menuscherm).

text_image
AMPLIFIER 2/3 AMPLIFIER TV CONT MIDNIGHT DIGITAL NR TONE LOUDNESS OPTION + CH LEVEL +
text_image
ACROR CAL WALOAT LUMBOYA TOM ARROW POWER INTU OUTPUT CONTROL SINEMA CORNATE ACROR CAL WALOAT LUMBOYA TOM ARROW POWER INTU OUTPUT CONTROL SINEMA CORNATE2 Gebruik de (OPTION) +/- toetsen om de hoeveelheid vertraging te kiezen.
De vertraging is regelbaar van 0,0 - 6,0 beeldjes (in stapjes van 0,1 beeldje).
3 Druk op de ENTER om uw instelling vast te leggen.

Opmerkingen
- Bij het luisteren naar een analoge geluidsbron kunt u de geluidsvertraging niet gebruiken zolang de Stream Direct functie is ingeschakeld.
- Eén seconde is gelijk aan 30 beeldjes in NTSC-formaat video, en 25 beeldjes in PAL.
Tegelijk weergeven van afzonderlijke audio- en videobronnen
Tijdens het luisteren naar een geluidsbron kunt u een heel andere videobron op uw TV bekijken.
- Druk tijdens het luisteren naar een geluidsbron op de VIDEO SELECT toets om de videobron te kiezen die u wilt zien.
Met de afstandsbediening kan het nodig zijn eerst op de
toets te drukken in het HOME basismenu ( ) alvorens u het onderstaande versterkermenu op het scherm krijgt (gebruik de ←/→ links/rechts-toetsen om door te gaan naar het vorige/volgende menuscherm).

text_image
AMPLIFIER 3/3 AMPLIFIER TV CONT INPUT SB CH MODE SPEAKER INPUT AIT A/B VIDEO SELECT DISPLAY DIMMER TAPE2 STATUS MONITOR
text_image
ACQUIC TCL PRESS LUXURY TAR OPTICAL THCO SCATTER STRAW RANGE MOUNT SIGNAL DRAGON AVOC VOC ACOP 1Druk enkele malen op de toets om de verschillende videobronnen te doorlopen. U kunt kiezen uit DVD/LD, TV, SAT, VIDEO, DVR/VCR1, VCR2, VCR3 of OFF (geen videosignaal).

Opmerking
- Wanneer u van weergavebron verandert met de ingangskeuzetoetsen (of met de INPUT SELECTOR knop op het voorpaneel), keert de installatie terug naar normale weergave.
Verbeteren van de SACD weergave
Met SACD discs kunt u nog meer details in de weergave uit laten komen door de dynamiek te vergroten (tijdens de digitale verwerking) met behulp van de SACD GAIN versterkingsfunctie.
1 Druk enkele malen op de OPTION toets totdat er SACD GAIN in het uitleesvenster verschijnt.
Met de afstandsbediening kan het nodig zijn eerst op de
AMPLIFIER toets te drukken in het HOME basismenu (alvorens u het onderstaande versterkermenu op het scherm krijgt (gebruik de / links/rechts-toetsen om door te gaan naar het vorige/volgende menuscherm).

text_image
AMPLIFIER 2/3 AMPLIFIER TV CONT MIDNIGHT DIGITAL NR TONE LOUDNESS OPTION + CH LEVEL +
text_image
ACQUOTIC ON STRAWTH SWEETM TYPE OPTIM OFFIC RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH RICH2 Gebruik de (OPTION) +/- toetsen om de SACD GAIN versterking over te schakelen tussen 0dB en 6dB.
Voor de meeste SACD geluidsbronnen zal de keuze van 6dB resulteren in een prima geluidskwaliteit en gedetailleerde weergave. Het niveau wordt automatisch gecompenseerd zodat de weergave op dezelfde geluidssterkte klinkt.
3 Druk op ENTER om uw keuze vast te leggen.

Opmerking
- Gewoonlijk zult u met deze functie geen problemen hebben met de meeste SACD discs, maar als het geluid vervormd klinkt, kunt u de SACD GAIN beter terugschakelen naar 0dB.
Gebruik van de A/D-omzetters om 2-kanaals geluid een betere definitie te geven
Deze versterker heeft topkwaliteit 192 kHz (24-bit) A/D-omzetters die u in parallel kunt gebruiken om een hogere resolutie in de digitale signaalverwerking te geven met analoge 2-kanaals geluidsbronnen. Er zijn twee manieren om 192 kHz A/D-omzetting te verkrijgen:
1 Schakel de SD:1 NORMAL Stream Direct functie in.
Zie Gebruik van de Stream Direct functie op pagina 43 voor nadere bijzonderheden.
2 Kies de STEREO luisterfunctie en schakel alle andere bijregelfuncties uit.
Die functies zijn onder andere:
• Midnight/Loudness klankverbetering (pagina 48)
• Digital Noise Reduction ruisonderdrukking (pagina 50)
• Dynamic Range Control dynamiekverruiming (pagina 87)
Zorg tevens dat u de meerkanaals-ingangen overschakelt naar 2 CHANNEL onder Keuze van de USB en analoge meerkanaals-ingangen op pagina 45.
Dimmen van het uitleesvenster
U kunt kiezen uit vier helderheidsgradaties voor het uitleesvenster op het voorpaneel. Overigens zal bij de keuze van een ingangsbron het uitleesvenster automatisch enkele seconden lang feller oplichten.
- Druk in het versterkermenu van de afstandsbediening enkele malen op de DISPLAY DIMMER toets om de lichtsterkte van het uitleesvenster op het voorpaneel te kiezen.
Met de afstandsbediening kan het nodig zijn eerst op de
AMPLIFIER toets te drukken in het HOME basismenu (in alvorens u het onderstaande versterkermenu op het scherm krijgt (gebruik de ←/→ links/rechts-toetsen om door te gaan naar het vorige/volgende menuscherm).

text_image
AMPLIFIER 3/3 RECEIVER TV CONT INPUT SB CH MODE SPEAKER A/B INPUT ATT VIDEO SELECT DISPLAY DIMMER TAPE2 MONITOR STATUSOmschakelen van de luidspreker- impedantie
• Oorspronkelijke instelling: Speaker 6Ω
U kunt luidsprekers aansluiten met een nominale impedantie van 4 - 16 Ω, maar als u luidsprekers gebruikt met een impedantie van minder dan 6 Ω zult u de impedantie-instelling moeten omschakelen, zoals hieronder beschreven.
- Schakel de versterker in de "standby" ruststand en druk op de ⏻ STANDBY/ON toets terwijl u de OPTION toets ingedrukt houdt.

text_image
Air Condition Air 12.0 mm 1547-36-1879
text_image
ACQUOTIC CAI WALAWAY UNHINDS TUBE OPTION RANGE AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVG AVGTelkens wanneer u dit doet, schakelt het apparaat over tussen de verschillende impedanties:
- Speaker 4Ω – Kies deze stand als uw luidsprekers een impedantie van minder dan 6Ω hebben (tot minimaal 4Ω).
- Speaker 6Ω – Kies deze stand als uw luidsprekers een impedantie van 6Ω - 16Ω hebben.

Opmerking
- Als u kiest voor de bovengenoemde Speaker 4Ω stand, zal de Stream Direct functie vast worden ingesteld op SD:1 NORMAL (ziee Gebruik van de Stream Direct functieop pagina 43).
Controleren van uw systeem-instellingen
Gebruik het STATUS scherm om de diverse instellingen te controleren die u hebt gemaakt voor functies zoals geluidsvertraging, digitale ruisonderdrukking en HI-SAMPLING.
1 Druk in het versterkermenu van de afstandsbediening op de STATUS toets om de systeem-instellingen te controleren.
Soms kan het nodig zijn eerst op de toetsite drukken in het HOME basismenu ( )elvorens u het onderstaande versterkermenu op het scherm krijgt (gebruik de ←/→ links/rechts-toetsen om door te gaan naar het vorige/volgende menuscherm).

text_image
AMPLIFIER 3/3 AMPLIFIER TV CONT INPUT SB CH MODE SPEAKER INPUT A/B ATT VIDEO DISPLAY SELECT DIMMER TAPE2 STATUS MONITORDeze aanduidingen verschijnen zowel op het beeldscherm als in het uitleesvenster op het voorpaneel.

text_image
SB CH MODE : OFF ACOUS_CAL EQ : ALL ADJ DIGITAL NR : OFF MIDNIGHT : ON LOUDNESS : OFF TONE CONTROL : OFF VIDEO SELECT : DVD/LD DUAL MONO : CH1 SOUND DELAY : 0.0frame HI-BIT : OFF HI-SAMPLING : OFF REAL PHANTOM : OFFHet uitleesvenster op het voorpaneel toont elk van de volgende instellingen twee seconden lang:
| Middenachterluidspreker/Virtuele achterluidspreker | Videokeuze |
| Akoestiek-equalizer Dubbel-mono | |
| Digitale ruisonderdrukking | Geluidsvertraging |
| Midnight verzwakking Hi-bit | weergave |
| Loudness klankverbetering | High-sampling weergave |
| Toonregeling Real phantom | |
Opmerking
- Wanneer de Stream Direct functie is ingeschakeld, kunnen sommige van de bovengenoemde instellingen OFF aangeven, ook al zijn ze in feite wel ingeschakeld.
2 Wanneer u klaar bent, drukt u weer op de STATUS toets om de aanduidingen uit te schakelen.
Het systeem in de uitgangsstand terugstellen
Met deze functie kunt u het systeem terugstellen op de oorspronkelijke fabrieksinstellingen (zie Oorspronkelijke versterker-instellingen hieronder).
1 Zet de versterker in de "standby" ruststand.
2 Houd de DIGITAL NR toets op het voorpaneel ingedrukt en houd dan tegelijk ook de ⏻ STANDBY/ON toets ongeveer drie seconden lang ingedrukt.
Dan verschijnt het verzoek om bevestiging RESET?
3 Druk op de OPTION + toets op het voorpaneel. Dan toont het uitleesvenster OK?
4 Druk nu binnen 5 seconden op de OPTION – toets.
De versterker wordt dan in de uitgangsstand teruggesteld.
Opmerking
- Deze procedure is niet van invloed op de bedieningsinstellingen die u in de afstandsbediening hebt geprogrammeerd (zie Gebruik van de afstandsbediening voor andere apparatuur op pagina 61). Zie Terugstellen van de afstandsbediening op pagina 10 als u die instellingen wilt wissen.
Oorspronkelijke versterker-instellingen
De onderstaande tabel toont de oorspronkelijke fabrieksinstellingen. Wanneer u het systeem in de uitgangsstand terugstelt, gelden voor de versterker weer deze uitgangsinstellingen:
| Functie | Oorspronkelijke instelling | Pagina |
| Ingang DVD/LD | ||
| Hoofdvolume --- dB (geen geluid) | ||
| Luisterfunctie STANDARD (video-ingangen, meerkanaals-ingangen, USB) STEREO (audio-ingangen) | pagina 39 | |
| Geavanceerd akoestiekeffect-niveau | 90 (5/7CH STEREO)50 (alle andere standen) | pagina 41 |
| Luisterfunctie (methoofdtelefoon) | STEREO pagina 42 | |
| Stream Direct functie | SD:1 NORMAL (ON) (aan) | pagina 43 |
| Akoestiek-equalizer | OFF (schakelt over naar ALL CH ADJ na de Auto Surround Setup) | pagina 44 |
| Ingangssignaal-keuze | AUTO behalve de meerkanaals-ingangen (ANALOG) en de USB (DIGITAL) | pagina 44 |
| Kanaalinstelling voor USB / meerkanaals-ingangen | 8 kanalen pagina 45 | |
| Surround Back Channel functie | ON (met middenachterluidspreker(s) aangesloten) | pagina 46 |
| Virtual Surround Back functie | OFF pagina 47 | |
| Hi-bit/Hi-sampling | OFF pagina 48 | |
| Midnight/Loudness | OFF pagina 48 | |
| Toonregeling | BYPASS pagina 48 | |
| Digital NR ruisonderdrukking | OFF pagina 50 | |
| Dubbel-mono | CH1 pagina 50 | |
| Luidsprekersystemen | Normal Surround | pagina 52 |
| Luidsprekers B instelling | Second Zone pagina 52 | |
| Luidsprekers (voor, midden, achter, middenachter) formaat-instelling | Alle SMALL (klein) | pagina 53 |
| Subwoofer instelling | YES | pagina 53 |
| Scheidingsfilter-frequentie | 80Hz | pagina 53 |
| Kanaalniveaus | Alle 0 dB (geen bijregeling) | pagina 54 |
| Luidsprekerafstand-instellingen | Alle 3 m pagina 55 | |
| Akoestische ijking | 0dB (geen ijking) | pagina 55 |
| X-Curve | OFF (schakelt over naar ON na de Auto Surround Setup) | pagina 60 |
| Tape 2 bandmonitor | OFF | pagina 69 |
| Ingangsverzwakker | OFF (alle ingangen) | pagina 70 |
| Geluidsvertraging | 0.0 beeldjes | pagina 70 |
| SACD GAIN versterking | 0dB pagina 71 | |
| Functie | Oorspronkelijke instelling | Pagina |
| Luidspreker A/B instelling | A | pagina 75 |
| Toewijzing digitale aansluitingen | Digital-1 (coaxiaal) – DVD/LDDigital-2 (coaxiaal) – TV/DVDDigital-3 (coaxiaal) – CDDigital-4 (optisch) – SATDigital-5 (optisch) – DVR/VCR1Digital-6 (optisch) – CD-R/TAPE1/MDDRF (coaxiaal) – DVD/LD | pagina 83 |
| Toewijzing component video-aansluitingen | Component1 – OFFComponent2 – OFFComponent3 – OFF | pagina 84 |
| Toewijzing video-ingangen | MULTI IN – OFFUSB – OFF | pagina 85 |
| Lagetonen-piekniveau | OFF (geen begrenzing) | pagina 86 |
| Dynamisch bereikregeling | OFF pagina 87 | |
| Beeldscherm-aanduidingen | ON | pagina 88 |
| 12-volts schakelsignaal | OFF · OFF | pagina 88 |
| THX Ultra2 subwoofer | NO | pagina 89 |
| Afstand middenachterluidsprekers | 0.0–0.3 m | pagina 89 |
Hoofdstuk 9
Andere aansluitingen

Voorzichtig
- Voor het maken of wijzigen van enige aansluiting moet u eerst de stroom uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken. Maak de stroomaansluitingen op het stopcontact altijd pas wanneer alle andere aansluitingen in orde zijn.
- Let vooral goed op dat de luidsprekerdraden van verschillende aansluitingen elkaar niet raken.
- Merk op dat de + en – aansluitingen voor de luidsprekeraansluitingen A en B in omgekeerde opstelling zijn geplaatst.
- U kunt luidsprekers aansluiten met een nominale impedantie van 4 - 16Ω (zie de aanwijzingen onder Omschakelen van de luidspreker-impedantie op pagina 72 als u gebruik wilt maken van luidsprekers met een impedantie van minder dan 6Ω).
Gebruik van luidsprekersysteem B
U kunt een paar luidsprekers aansluiten op de B luidspreker-aansluitbussen op het achterpaneel om te luisteren naar stereo-weergave in een andere kamer, of u kunt deze aansluitbussen gebruiken voor akoestiek-weergave bij afspelen van DVD-Audio geluidsbronnen. Nadat u eenmaal deze aansluitingen hebt gemaakt, zult u de luidspreker-instelling onder Luidsprekersystemen op pagina 52 moeten aanpassen, om te bepalen hoe u luidsprekersysteem B wilt gebruiken.
Omschakelen van het luidsprekersysteem
Dit apparaat heeft drie luidsprekersysteem-instellingen, waarmee u kunt kiezen welk luidsprekersysteem of - systemen u wilt gebruiken.
Wat u zult horen, hangt af van de instellingen onder Luidsprekersystemen op pagina 52. Als u hebt gekozen voor Normal Surround voor luidsprekersysteem A, en Second Zone (andere ruimte) voor luidsprekersysteem B, dan wordt het geluid weergegeven volgens de beschrijving hieronder.
- Gebruik de SPEAKER A/B toets in het versterkermenu van de afstandsbediening om een instelling voor het luidsprekersysteem te kiezen.
Ook kunt u gebruik maken van de SP SYSTEM A/B toets op het voorpaneel.

text_image
AMPLIFIER 3/3 AMPLIFIER TV CONT INPUT SB CH MODE SPEAKER A/B INPUT ATT VIDEO SELECT DISPLAY DIMMER TAPE2 MONITOR STATUS
text_image
ACQUISIC CA ACQUISIC ACQUISIC ACQUISIC ACQUISIC ACQUISIC ACQUISIC ACQUISIC ACQUISIC ACQUISIC ACQUISIC ACQUISIC ACQUISIC ACQUISIC ACQUISIC ACQUISIC ACQUISIC ACQUISIC ACQUISIC ACQUISIC ACQUISIC ACQUISI ACQUISI ACQUISI ACQUISI ACQUISI ACQUISI ACQUISI ACQUISI ACQUISI ACQUISI ACQUISI ACQUISI ACQUISI ACQUISI ACQUISI ACQUISI ACQUISI ACQUISI ACQUISI ACQUISI ACQUISII ACQUISII ACQUISII ACQUISII ACQUISII ACQUISII ACQUISII ACQUISII ACQUISII ACQUISII ACQUISII ACQUISII ACQUISII ACQUISII ACQUISII ACQUISII ACQUISII ACQUISII ACQUISII ACQUISII ACQUIS II ACQUIS II ACQUIS II ACQUIS II ACQUIS II ACQUIS II ACQUIS II ACQUIS II ACQUIS II ACQUIS II ACQUIS II ACQUIS II ACQUIS IIDruk enkele malen op de toets om de mogelijkheden voor het luidsprekersysteem te doorlopen:
- SP▶A – Het geluid wordt weergegeven door luidsprekersysteem A en hetzelfde signaal wordt uitgestuurd door de voorversterkeruitgangen.
- SP▶B – Het geluid wordt weergegeven door de twee luidsprekers die behoren tot luidsprekersysteem B. Meerkanaals-geluidsbronnen worden samengemengd en weergegeven door deze zelfde twee luidsprekers. Hetzelfde signaal wordt uitgestuurd door de voorversterkeruitgangen voor het middenachterkanaal.
- SP▶AB – Het geluid wordt weergegeven door luidsprekersysteem A (tot 5 kanalen, afhankelijk van de geluidsbron), door de twee luidsprekers van luidsprekersysteem B, en door de "subwoofer" lagetonenluidspreker. Het geluid van luidsprekersysteem B is gelijk aan dat van luidsprekersysteem A (meerkanaals-geluidsbronnen worden samengemengd tot 2 kanalen). Hetzelfde signaal als voor de luidsprekers A wordt uitgestuurd door de voorversterkeruitgangen, behalve de voorversterkeruitgangen voor het middenachterkanaal, die hetzelfde signaal doorgeven als voor de luidsprekers B.
- SP▶ (uit) – Er wordt geen geluid weergegeven door de luidsprekers. Hetzelfde geluid wordt weergegeven door de voorversterkeruitgangen, net als bij keuze van luidsprekersysteem A (hierboven).

Opmerkingen
- De weergave van de "subwoofer" lagtonenluidspreker hangt af van de instellingen die u hebt gemaakt onder Luidsprekersystemen op pagina 52. Als u hierboven echter SP▶B kiest, zal de subwoofer geen geluid weergeven (het LFE kanaal wordt niet samengemengd).
- Afhankelijk van de instellingen onder Luidsprekersystemen op pagina 52 en Gebruik van de Stream Direct functie op pagina 43, kan het uitgangssignaal via de voorversterkeruitgangen voor het middenachterkanaal veranderen.
- Alle luidsprekersystemen worden uitgeschakeld wanneer u een hoofdtelefoon aansluit.
Gebruik van luidsprekersysteem B in een andere kamer
Sluit een paar luidsprekers aan op de luidspreker B aansluitbussen op het achterpaneel op dezelfde manier als u de luidsprekers hebt aangesloten onder Aansluiten van de luidsprekers op pagina 24. Lees vooral ook even Opstellen van de luidsprekers op pagina 25 wanneer u de luidsprekers in een andere kamer plaatst.
Wisselend gebruik van akoestiekluidsprekers met luidsprekersysteem B (ITU-R)
Na het aansluiten van een tweede stel akoestiekluidsprekers kunt u luidsprekersysteem B gebruiken voor de akoestiekweergave bij het beluisteren van bijvoorbeeld DVD-Audio discs. Dat geeft u een systeem van in totaal 9 luidsprekers met de midden- en voorluidsprekers zowel voor 7.1-kanaals rondom- akoestiek (luidsprekersysteem A), als voor 5.1-kanaals akoestiek met DVD-Audio bronnen (luidsprekersysteem B in ITU-R opstelling).
1 Sluit een tweede (ITU-R) stel akoestiekluidsprekers aan zoals hieronder getoond.
Sluit de linker ITU-R achterluidspreker aan op de linker luidsprekeraansluiting voor luidsprekersysteem B. Sluit de rechter ITU-R achterluidspreker op dezelfde manier aan.

flowchart
graph TD
A["Group A"] --> B["Group B"]
B --> C["Output 1"]
B --> D["Output 2"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#bbf,stroke:#333
note1["ITU-R linker achterluidspreker"]
note2["ITU-R rechter achterluidspreker"]
classDef_label1["I"]
classDef_label2["R"]
class A,B,C,D label1, label2 label3;
- Let op dat de + / - draden niet verwisseld zijn en stevig zijn aangesloten. (in omgekeerde opstelling voor de luidsprekeraansluitingen A en B).
2 Kies de 'ITU-R' instelling in het Luidsprekersystemen-menu.
Zie Luidsprekersystemen op pagina 52 om te bepalen hoe u luidsprekersysteem B wilt gebruiken. Normal
Surround moet zijn gekozen voor het maken van deze instelling.
3 Gebruik de SPEAKER A/B toets in het versterkermenu van de afstandsbediening om de instelling voor uw luidsprekersysteem te kiezen.
U kunt ook gebruik maken van de SP SYSTEM A/B toets op het voorpaneel.
Kies uit de volgende instellingen (de gearceerde blokjes geven de actieve luidsprekers aan in beide opstellingen):
- SP▶A: Normal – Normale akoestiek (voor speelfilms, enz.)

- SP▶B: ITU-R – ITU-R akoestiekopstelling voor DVD-Audio en andere meerkanaals-muziekbronnen. Zie Luidsprekeropstelling voor DVD-Audio/meerkanaals-muziekbronnen op pagina 91 voor nadere bijzonderheden.

- SP▶OFF – Er wordt geen geluid weergegeven door de luidsprekers.

Opmerking
- Afhankelijk van de Stream Direct functie zullen de signalen voor de akoestiekkanalen worden uitgestuurd door de voorversterkeruitgangen voor de achterkanalen of de middenachterkanalen wanneer de SP▶B: ITU-R stand is gekozen.
Dubbele versterking voor uw voorluidsprekers
Dubbele versterking wil zeggen dat de hogetoneneenheid en de lagetoneneenheid van dezelfde luidspreker worden aangesloten op verschillende versterkers (in dit geval op de voorluidspreker-aansluitingen en de middenachter-aansluitingen) voor een betere scheidingsfilterwerking. Voor deze aansluitmethode moeten uw luidsprekers wel geschikt zijn voor dubbele versterking (aparte aansluitingen voor hoge en lage tonen bieden) en de verbetering in de geluidsweergave zal afhangen van het soort luidsprekers dat u gebruikt.
1 Sluit uw luidsprekers aan zoals hieronder getoond.
De onderstaande afbeelding toont de aansluitingen voor dubbele versterking van uw linker voorluidspreker. Sluit uw rechter voorluidspreker op dezelfde wijze aan.

flowchart
graph TD
A["Speaker"] --> B["Linker voorluidspreker"]
B --> C["Display Unit"]
subgraph Linker voorluidspreker
D["Left Audio Block"] --> E["Left Audio Block"]
F["Right Audio Block"] --> G["Left Audio Block"]
H["Left Audio Block"] --> I["Left Audio Block"]
J["Left Audio Block"] --> K["Left Audio Block"]
L["Left Audio Block"] --> M["Left Audio Block"]
N["Left Audio Block"] --> O["Left Audio Block"]
P["Left Audio Block"] --> Q["Left Audio Block"]
R["Left Audio Block"] --> S["Left Audio Block"]
T["Left Audio Block"] --> U["Left Audio Block"]
V["Left Audio Block"] --> W["Left Audio Block"]
X["Left Audio Block"] --> Y["Left Audio Block"]
Z["Left Audio Block"] --> AA["Left Audio Block"]
AB["Left Audio Block"] --> AC["Left Audio Block"]
AD["Left Audio Block"] --> AE["Left Audio Block"]
AF["Left Audio Block"] --> AG["Left Audio Block"]
AH["Left Audio Block"] --> AI["Left Audio Block"]
AJ["Left Audio Block"] --> AK["Left Audio Block"]
AL["Left Audio Block"] --> AM["Left Audio Block"]
AN["Left Audio Block"] --> AO["Left Audio Block"]
AP["Left Audio Block"] --> AQ["Left Audio Block"]
AR["Left Audio Block"] --> AS["Left Audio Block"]
AT["Left Audio Block"] --> AU["Left Audio Block"]
AV["Left Audio Block"] --> AW["Left Audio Block"]
AX["Left Audio Block"] --> AY["Left Audio Block"]
AZ["Left Audio Block"] --> BA["Left Audio Block"]
BB["Left Audio Block"] --> BC["Left Audio Block"]
BD["Left Audio Block"] --> BE["Left Audio Block"]
BF["Left Audio Block"] --> BG["Left Audio Block"]
BH["Left Audio Block"] --> BI["Left Audio Block"]
BJ["Left Audio Block"] --> BK["Left Audio Block"]
BL["Left Audio Block"] --> BM["Left Audio Block"]
BN["Left Audio Block"] --> BO["Left Audio Block"]
BP["Left Audio Block"] --> BQ["Left Audio Block"]
BR["Left Audio Block"] --> BS["Left Audio Block"]
BT["Left Audio Block"] --> BU["Left Audio Block"]
BV["Left Audio Block"] --> BW["Left Audio Block"]
BX["Left Audio Block"] --> BY["Left Audio Block"]
BZ["Left Audio Block"] --> CA["Left Audio Block"]
CB["Left Audio Block"] --> DA["Left Audio Block"]
DB["Left Audio Block"] --> DBQ["Left Audio Block"]
DC["Left Audio Block"] --> DBR["Left Audio Block"]
DBT["Left Audio Block"] --> DBU
DBU --> DBV
DBV --> DBW
DBW --> DBX
DBX --> DBY
DBY --> DBZ
end
Aangezien zowel de voorluidspreker-aansluitingen als de middenachter-aansluitingen hetzelfde geluidssignaal doorgeven, maakt het niet uit welk stel (voor de voorluidsprekers of de middenachterluidsprekers) welke eenheid (Hi of Lo) van de luidspreker aandrijft.
- Let op dat de +/- draden niet verwisseld zijn en stevig zijn aangesloten. (in omgekeerde opstelling voor de luidsprekeraansluitingen A en B).
2 Kies de 'Front Bi-Amp' instelling in het Luidsprekersystemen-menu.
Zie Luidsprekersystemenop pagina 52 om te bepalen hoe u de middenachter-luidsprekeraansluitingen gebruikt.

Opmerking
- Voor 7.1-kanaals akoestiekweergave met deze configuratie moet u een extra versterker aansluiten op de voorversterkeruitgangen voor de middenachterkanalen. Zie Aansluiten van extra versterkers hieronder voor nadere bijzonderheden.

Voorzichtig
- De meeste luidsprekers met gescheiden Hi en Lo aansluitingen hebben twee metalen plaatjes of kortsluitstekkers die de Hi en Lo aansluitingen onderling doorverbinden. Deze zult u moeten
verwijderen als u de luidsprekers dubbel gaat versterken, anders zou de versterker ernstig beschadigd kunnen worden. Zie de handleiding van uw luidsprekers voor nadere informatie.
- Als uw luidsprekers een uitneembaar scheidingsfilternetwerk hebben, verwijdert u dit dan niet voor de dubbele versterking. Het verwijderen zou uw luidsprekers kunnen beschadigen.
Dubbele bedrading voor uw luidsprekers
De redenen voor dubbele bedrading zijn feitelijk dezelfde als voor dubbele versterking, maar bovendien kunnen hierbij storingseffecten in de snoeren worden verminderd, hetgeen een beter geluid oplevert. Ook voor dubbele bedrading moeten uw luidsprekers wel speciaal geschikt zijn (d.w.z. voorzien van afzonderlijke aansluitingen voor de hoge en lage frequenties). Om dubbele bedrading te gebruiken, moet u hebben ingesteld op Normal Surround onder Luidsprekersystemen op pagina 52.
- Voor dubbele bedrading van een luidspreker, dient u twee luidsprekersnoeren aan te sluiten op elke luidsprekeraansluiting van de versterker.


Voorzichtig
- Let op dat u een parallelle aansluiting maakt (aansluiten in serie is ongebruikelijk en hier vooral niet te gebruiken) wanneer u dubbele bedrading aansluit voor uw luidsprekers.
- Pas op dat u niet meerdere luidsprekers op dezelfde aansluitcontacten aansluit.
Toevoegen van een tweede stel akoestiekluidsprekers voor Bi-Surround
Als uw luisterruimte erg langwerpig van vorm is, en u nogal ver van de voorluidsprekers zit, kan het nuttig een tweede stel akoestiekluidsprekers links en rechts aan te sluiten, in plaats van de middenachterluidsprekers. Plaats dit nieuwe stal dan tussen uw voorluidsprekers en uw eerste stel achterluidsprekers (die al aan weerszijden van uw luisterplaats behoren te staan of hangen).
1 Sluit een tweede stel akoestiekluidsprekers aan zoals hieronder wordt getoond.
Sluit de tweede linker akoestiekluidspreker aan op de aansluitbussen voor de linker middenachterluidspreker. Sluit de tweede rechter akoestiekluidspreker op dezelfde wijze aan.

text_image
2de linker akoestiekluidspreker 2de rechter akoestiekluidspreker- Let op dat de +/- draden niet verwisseld zijn en stevig zijn aangesloten. (in omgekeerde opstelling voor de luidsprekeraansluitingen A en B).
2 Kies de 'Bi-Surround' instelling uit het Luidsprekersystemen-menu.
Zie Luidsprekersystemenop pagina 52 om te bepalen hoe u de aansluitingen voor de middenachterluidsprekers gebruikt.
Gebruik van de voorversterkeruitgangen
Aansluiten van extra versterkers
Deze versterker heeft meer dan genoeg vermogen voor elke normale huiskamer, maar het is mogelijk om extra versterkers toe te voegen voor elk kanaal van uw installatie, via de voorversterkeruitgangen. Als u extra versterkers voor de voorkanalen toevoegt, dient u de U-vormige kortsluitstekkers te verwijderen (zie onderdeel 8 onder Achterpaneel op pagina 12).
Maak de aansluitingen zoals hieronder aangegeven om extra versterkers voor uw luidsprekers aan te sluiten.

Opmerking
- Alvorens u enige aansluiting maakt of verandert, schakelt u eerst de stroom uit en trekt u de stekker uit het stopcontact.

flowchart
graph TD
A["Analog"] --> B["Voorkanaal-versterker"]
A --> C["Middenkanaal-versterker (mono)"]
A --> D["Lagetonenlu-idspreker met eigen versterker"]
A --> E["Achterkanaal-versterker"]
A --> F["Middenachter-kanaal-verslorker"]
G["Analog"] --> H["Voorkanaal-versterker"]
G --> I["Middenkanaal-versterker (mono)"]
G --> J["Lagetonenlu-idspreker met eigen versterker"]
G --> K["Achterkanaal-versterker"]
G --> L["Middenachter-kanaal-verslorker"]
- Als u een extra versterker aansluit voor de middenachterkanalen, kunt u daar ook een enkele luidspreker op aansluiten. In dat geval sluit u de versterker aan op de linker aansluitbus (L (Single)).
Aansluiten van een externe stereo voorversterker
Indien nodig, kunt u ook een aparte stereo voorversterker aansluiten op deze versterker. Dit zou u bijvoorbeeld kunnen doen als u meer geluidsbronnen wilt aansluiten dan mogelijk is met deze versterker, of als u een bepaalde voorversterker prefereert om reden van geluidskwaliteit e.d. Dan kunt u de geluidsbronnen naar keuze aansluiten op deze versterker of op de externe voorversterker (zodat u een groter aantal aansluitmogelijkheden verkrijgt).
Overigens zal bij geluidsbronnen die zijn angesloten op deze versterker, elk signaal dat wordt uitgestuurd naar de twee voorkanalen eerst naar de voor-versterker gestuurd worden voordat het wordt weergegeven door de beide voorluidsprekers van uw installatie.
1 Verwijder de U-vormige kortsluitstekkers die de FRONT PRE OUT voorversterkeruitgangen verbinden met de POWER AMP IN ingangen.
2 Gebruik een gewoon stereo audiosnoer met tulpstekkers om de FRONT PRE OUT voorversteruitgangen van deze versterker aan te sluiten op de stereo ingangen van uw voorversterker.
Maak bijvoorbeeld de aansluiting op de CD of TAPE ingangen op het achterpaneel van de voorversterker. Dan zult u de bijbehorende geluidsbron moeten kiezen als u het stereo signaal van deze versterker wilt horen.
3 Gebruik een gewoon stereo audiosnoer met tulpstekkers om de stereo voorversterkeruitgangen van de voorversterker aan te sluiten op de POWER AMP IN aansluiting van deze versterker.
Dan kunt u een stereo geluidsbron die is aangesloten op de externe voorversterker beluisteren via deze versterker. Voor stereo geluidsbronnen die direct zijn aangesloten op de externe voorversterker zal deze versterker werken als een gewone eindversterker. Voor digitale geluidsbronnen die zijn aangesloten op deze versterker, zal de versterker werken als een digitaal decodeerapparaat/digitaal-naar-analoog omzetter en ook als eindversterker.
Gebruik van de i.LINK-aansluiting
Als u beschikt over apparatuur met een i.LINK-aansluiting, kunt u die aansluiten op deze versterker met behulp van een i.LINK kabel.
Aangezien de i.LINK verbinding geen videosignalen doorgeeft, moet het videosignaal van de i.LINK-aangesloten apparatuur worden doorgegeven via andere kabels (zie Aansluiten van uw apparatuurop pagina 12 voor nadere aanwijzingen over het maken van video-aansluitingen). Als u al een videosignaal-aansluiting voor het apparaat hebt gemaakt, wijst u dan de i.LINK ingang toe aan de ingangsfunctie waarop u de videosignaal-aansluiting hebt gemaakt (zie Toewijzen van de i.LINK ingangen op pagina 84).
De twee i.LINK aansluitingen op het achterpaneel van uw versterker zijn 4-polige aansluibussen. Gebruik een 4-polige S400 i.LINK kabel voor het aansluiten van uw i.LINK-apparatuur.

Voorzichtig
- Als uw i.LINK-aansluiting in contact komt met metalen onderdelen van de versterker, anders dan alleen de i.LINK-aansluiting, kan er kortsluiting optreden. Sommige kabels hebben metalen delen die bij aansluiten het apparaat kunnen raken. Pas op dat de i.LINK kabelsdie u gebruikt geen gevaar voor kortsluiting kunnen opleveren.

Belangrijk
- Gebruik vooral 4-polige S400 kabels die minder dan 3,5 meter lang zijn. Alhowel langere kabels verkrijgbaar zijn, kunnen die niet altijd erg betrouwbaar werken.
- In bepaalde gevallen kan de PQLS tijdssturing en/of de i.LINK audio-weergave niet goed werken, ook al zijn de juiste aansluitingen gemaakt op i.LINK Audiogeschikte apparatuur.
- U mag geen i.LINK kabels aansluiten/losmaken en ook geen apparaten die via een i.LINK verbinding zijn aangesloten in/uitschakelen terwijl de versterker aan staat.
- Tegen kopieren beveiligde 96 kHz DVD-Video discs kunnen worden weergegeven via een i.LINK-aansluiting, maar de bemonsteringsfrequentie zal worden verlaagd tot 48 kHz.
1 Gebruik een i.LINK kabel om één van de i.LINK aansluitbussen achterop deze versterker te verbinden met een i.LINK aansluitbus op uw i.LINK apparaat.

- De pijl op de kabelstekker moet omlaag gericht zijn, recht tegenover de pijl onder de aansluitbus, voor een juiste aansluiting met de aansluitbus op het apparaat. Wanneer u de i.LINK stekker op de juiste wijze insteekt, zal die gemakkelijk vastklikken. Als de aansluiting niet juist gemaakt wordt, zal de versterker
niet in staat zijn de aangesloten apparatuur te herkennen. Houd er rekening mee dat de i.LINK kabel vrij kwetsbaar is en gemakkelijk defect kan raken als er bij het aansluiten teveel kracht op wordt uitgeoefend.

2 Zorg dat het i.Link weergave-apparaat is toegewezen aan de gewenste signaalingang en maak dan de nodige uitgangsinstellingen op het weergave-apparaat.
Zie de aanwijzingen onder Toewijzen van de i.Link ingangen op pagina 84 om het apparaat toe te wijzen aan een van de ingangen van deze versterker. Voor het maken van de vereiste uitgangsinstellingen volgt u de gebruiksaanwijzing van het betreffende weergave-apparaat.

Opmerking
- U kunt diverse apparaten onderling aansluiten met behulp van de i.LINK-aansluiting. Zie Samenstellen van een i.LINK-netwerk hieronder.
Omtrent i.LINK
i.LINK is een handelsmerknaam voor IEEE1394, een snelle interface-verbinding voor digitale audio, video en andere gegevens van personal computers, digitale camcorders en andere soorten geluids- en audio/visuele apparatuur. Een enkele i.LINK aansluitbus kan tegelijkertijd gegevens verzenden en ontvangen, dus er is hiermee maar één kabel nodig om de apparatuur te verbinden voor een volledige tweerichtings-communicatie.
De term "i.LINK" en het "i.LINK" beeldmerk zijn handelsmerken van Sony Corporation.
Omtrent PQLS tijdssturing
Pioneer's PQLS (Precision Quartz Lock System) technologie biedt uiterst accurate digitale audioweergave van DVD-A, SACD en gewone muziek-CD geluidsbronnen bij gebruik van de i.LINK verbinding. Een precisie kwartsbesturings-chip in deze versterker onderdrukt de vervorming veroorzaakt door tijdsfouten (de zgn. jitter), voor de best mogelijke digitaal-naar-analoog omzetting van de digitale geluidsbron.
Om volledig profijt te hebben van de PQLS, zult u een muziekspeler met tijdssturing moeten hebben, die ingeschakeld moet zijn en verbonden met deze versterker via een i.LINK netwerk.
Samenstellen van een i.LINK-netwerk
Met de i.LINK verbindingen kunt u tot 17 apparaten door verbinden, zodat de digitale audio en besturingssignalen van elk apparaat toegankelijk zijn voor alle andere apparaten in het netwerk. Door toevoeging van een i.LINK repeteerzender is het zelfs mogelijk tot 63 apparaten door te verbinden.
i.LINK-aansluitbussen bestaan in 4-polige en 6-polige configuraties. Dit apparaat gebruikt een 4-polige aansluiting, maar de twee typen zijn door elkaar te gebruiken in een netwerk.
Deze versterker is geschikt voor i.LINK Audio (A&M protocol) apparaten, zoals DVD-spelers. Houd er rekening mee dat bij aansluiting op een i.LINK MPEG-II TS apparaat (zoals een digitale satelliet-ontvanger), een i.LINK DV-apparaat (zoals een DVD-recorder of DV-camcorder) of een van i.LINK-aansluiting voorziene personal computer, de audio- en video-signalen niet doorgezonden worden, zodat de aansluiting op dergelijke apparaten soms netwerkstoringen kan veroorzaken. Raadpleeg de gebruiksaanwijzingen van uw andere i.LINK apparatuur om te zien hoe het staat met de compatibiliteit.
Deze versterker voldoet aan de DTCP (Digital Transmission Content Protection) normen, zodat u DVD-A, DVD-Video, en SACD i.LINK audio kunt weergeven.
Bij het samenstellen van een i.LINK netwerk is het verder belangrijk dat de apparaten worden doorgekoppeld in een zogenaamde open keten (fig. 1), of in een vertak- kingsstructuur (fig. 2).


flowchart
graph TD
A[" "] --> B[" "]
B --> C[" "]
B --> D[" "]
D -.-> E[" "]
Het systeem zal niet werken als de apparaten worden doorgekoppeld tot een gesloten lusvormige keten. Als er een lus wordt waargenomen, verschijnt de mededeling LOOP CONNECT in het uitleesvenster. Fig. 3 en 4 tonen aansluitingen die een dergelijke niet toegestane lus vormen.
Nog een overweging bij het aansluiten van i.LINK apparaten is de snelheid van het aansluit-interface. Op het moment bestaan er drie snelheden: S100 (langzaamst), S200 en S400 (snelst). Deze versterker gebruikt het S400 type. Alhoewel het mogelijk is om apparaten van verschillende snelheden door elkaar te gebruiken, raden wij u aan om apparaten met lagere snelheden zo veel mogelijk aan de uiteinden van het netwerk aan te sluiten (zoals aangegeven door de gearceerde blokjes in fig. 1 en 2). Dat helpt om het netwerk vrij te houden van "filevorming" en onnodige vertraging.
Wanneer u deze versterker gebruikt als onderdeel van een i.LINK network, moet de versterker zijn ingeschakeld om de i.LINK verbinding in stand te houden. Andere apparaten in het netwerk kunnen wel of niet de verbinding in stand houden in de "standby" ruststand (in geheel uitgeschakelde stand kan er van verbinding geen sprake zijn) - lees hiervoor de handleidingen van de diverse apparaten door. Overigens kan de geluidsweergave wel even worden onderbroken wanneer er een apparaat in het.LINK netwerk wordt aan/uitgeschakeld of wanneer de i.LINK aansluiting ervan wordt verbroken of hersteld.
Dit product voldoet aan de volgende i.LINK aansluit- en verbindingsnormen:
1) IEEE Std. 1394a-2000, Standard for a High Performance Serial Bus (normen voor een snelle seriële bus)
2) Audio and Music Data Transmission Protocol 2.0 (protocol voor de overdracht van audio- en muziekgegevens)
In overeenstemming met de normen voor AM824 sequentiële aanpassings-lagen, is dit product compatibel met IEC60958 bitstream, DVD-A en SACD.
Gebruik van de USB-aansluiting
Het is mogelijk om te luisteren naar meerkanaals-geluidsbronnen via uw computer, door die te verbinden met de USB-aansluiting op het achterpaneel van deze versterker. Afhankelijk van uw model computer en de programmatuur die u gebruikt, kunt u luisteren naar elke geluidsbron die geschikt is voor uw besturingssysteem via de luidsprekers die zijn aangesloten op deze versterker.
1 Verbind de USB-aansluiting van uw computer met de USB-aansluiting op het achterpaneel van deze versterker.

text_image
fig. 3 i.LINK-kabel
flowchart
graph TD
A["×"] --> B["Box"]
B --> C["Box"]
C --> D["Box"]
D --> E["Line"]
style A fill:#f9f,stroke:#333
style B fill:#ccf,stroke:#333
style C fill:#ccf,stroke:#333
style D fill:#ccf,stroke:#333
style E fill:#dfd,stroke:#333

text_image
VSA-AX10Ai PC2 Schakel uw computer en deze versterker in.
3 Als u de aansluiting voor de eerste keer maakt, wacht u dan even tot het installeren van het USB stuurprogramma is voltooid.
Het installeren kan een minuut of twee in beslag nemen. Let op dat u de USB kabel aangesloten laat totdat er een dialoogkader aangeeft dat de USB-installatie is voltooid. Overigens kan er voor bepaalde oudere besturingssystemen een disc nodig zijn voor een juiste installatie.
4 Druk op de 'USB' toets in het HOME menuscherm (van de afstandsbediening.
Ook kunt u gebruik maken van de INPUT SELECTOR knop op het voorpaneel om in te stellen op USB.
5 Maak de nodige instellingen voor keuze van de USB-aansluiting als het audio-uitgangskanaal van uw computer.
U zult de luidspreker-instellingen moeten aanpassen via het Configuratiescherm van uw besturingssysteem:
- Windows ^® XP – Stel in op Geluid, spraak en audio-apparatuur, en kies dan voor Luidsprekerinstellingen wijzigen. Stel in op Audio en dan op PIONEER AV Receiver/Amplifier in het afrolmenu dat verschijnt.
- Windows® 98 Tweede Editie – Stel in op Multimedia en kies dan voor Audio. Kies PIONEER AV Receiver/Amplifier in het afrolmenu dat verschijnt.
- Windows® Me/Windows® 2000 – Kies Geluid en Multimedia en dan Audio. Kies PIONEER AV Receiver/Amplifier in het afrolmenu dat verschijnt.
U zult ook moeten zorgen dat de juiste luidspreker-instelling is gekozen met het programma dat u gebruikt voor de muziekweergave. Raadpleeg voor deze instellingen a.u.b. de handleiding of het hulpsysteem van het programma.
6 Draai de volumeregelaar van uw computer en van deze versterker open.
Het is verstandig om te beginnen met een vrij bescheiden geluidssterkte op deze versterker, om die vervolgens naar wens te verhogen wanneer u een indruk hebt van hoeveel vermogen er beschikbaar is.
7 Start het afspelen van een geluidsbron op uw computer.
8 Indien nodig, drukt u op de SIGNAL SELECT toets om te kiezen hoeveel kanalen er moeten worden weergegeven.
Zie Keuze van de USB en analoge meerkanaals-ingangen op pagina 45 voor nadere bijzonderheden.

Opmerkingen
- De Wind® X/R, Windows® 2000, Windows® Millennium Edition en Windows® 98 Tweede Editie besturingssystemen zijn getest op geschiktheid voor deze aansluitmethode, maar afhankelijk van uw computersysteem kunt u wel eens ontdekken dat uw huidige configuratie niet geschikt is.
- Deze USB-aansluiting is geschikt voor geluidsweergave van ten hoogste 8 kanalen.
- Let op dat u een USB kabel gebruikt die geschikt is voor aansluiting van een A-type aansluitbus (van uw PC) naar een 4-polige B-type aansluitbus (op de versterker).
- De USB-specificatie komt overeen met versie 1.1 en de USB Audio Class specificatie met versie1.0.
- Het is niet mogelijk om deze versterker te bedienen vanaf uw computer (of andersom).
- Geluidsmateriaal met een bemonsteringsfrequentie tot 48 kHz is te beluisteren via de USB-aansluiting (formaten hoger dan 48 kHz moeten worden omgezet naar een lagere bemonsteringsfrequentie).
- Waarschuwingstonen van de computer zullen ook door de luidsprekers worden weergegeven, tenzij u ze uitschakelt via het configuratiescherm van uw computer.
- Het geluid dat binnenkomt via de USB-aansluiting kan niet worden uitgestuurd via de digitale uitgangsaansluitingen van de deze versterker.
- Ook al is de versterker zelf uitgeschakeld, de luidspreker-instellingen van uw computer blijven er wel op ingesteld.
- Houd er rekening mee dat verlengkabels en verdeel-hubs aansluitproblemen kunnen veroorzaken.

Voorzichtig
- Let op dat u de computer niet uitschakelt en de USB kabel niet losmaakt tijdens het afspelen.
- Om storende bijgeluiden in de weergave te voorkomen, kunt u tijdens weergave beter geen andere programma's gebruiken op uw computer.
- Pioneer is niet aansprakelijk voor schade aan het computersysteem, vastgelopen programma's, verloren gegevens of enig ander probleem met de computer dat te wijten kan zijn aan de hier beschreven configuratie.
Microsoft Windows ^® XP, Windows ^® 2000, Windows ^® Millennium Edition, Windows ^® NT en Windows ^® 98 Tweede Editie zijn gedeponeerde handelsmerken van Microsoft Corporation, Inc.
Aansluiten van een PC voor geavanceerde MCACC weergave
Als u de Professionele Akoestiek-equalizer (op pagina 57) gebruikt hebt om de akoestische weerkaatsingskarakteristiek van uw luisterkamer te meten, zult u de resultaten grafisch kunnen weergeven met een computer die u aansluit op deze versterker. Gebruik een in de handel verkrijgbare RS-232C kabel om de RS-232C aansluitbus van uw computer te verbinden met de 9-polige RS-232C aansluitbus op het achterpaneel van deze versterker (de kabel moet van het gekruiste type zijn, met aan beide uiteinden contrastekkers).
Het programma waarmee u de resultataten kunt bekijken is verkrijgbaar via de Support afdeling van de Pioneer website (www.pioneer-eur.com/files/support/MCACC/software.html).
Ook vindt u daar de nodige aanwijzingen voor het gebruik van het programma. Met vragen heeft over het programma kunt u zich wenden tot de Pioneer onderhoudsdienst die vermeld staat op uw garantiekaart Zorg dat uw computersysteem voldoet aan de volgende vereisten:
- Besturingssysteem Windows® XP, Windows® 2000, Windows® Millennium Editie, Windows® 98 Tweede Editie, of Windows® NT 4.0 (Service pack 6).
- De processor moet tenminste een Pentium 3/300 MHz of AMD K6/300 MHz (of gelijkwaardig) zijn, met tenminste 128 MB aan werkgeheugen, en uw beeldscherm moet geschikt zijn voor een minimale resolutie van 800 x 600 beeldpunten.
- Een RS-232C aansluitbus is noodzakelijk voor het doorgeven van de grafische gegevens. Zie de gebruiksaanwijzing en/of vraag uw PC leverancier om nadere informatie over het maken van de juiste communicatie-instellingen.
- Uw computersysteem moet toegang hebben tot het internet.
- Sluit uw computer aan op de RS-232C aansluitbus op het achterpaneel van de versterker.
Voordat u dit doet, moet u de versterker en alle daarop aaangesloten apparatuur uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken.
Gebruik een in de handel verkrijgbare RS-232C kabel om de RS-232C aansluitbus van uw computer te verbinden met de 9-polige RS-232C aansluitbus van deze versterker. Zie de gebruiksaanwijzing behorend bij het Geavanceerde MCACC programma voor nadere informatie.

text_image
RS-232C PCGeavanceerde MCACC weergave via uw PC
Voordat u hiermee begint, volgt u eerst de aanwijzingen van 1 – 6 onder "Gebruik van de professionele akoestiek-equalizer" op pagina 58.

Opmerkingen
- De overgebrachte gegevens zullen worden gewist wanneer u de versterker uitschakelt.
1 Stel in op 'PC Output' en druk op de ENTER toets.
Wanneer de versterker klaar is voor de gegevensoverdracht, verschijnt de aanduiding "Operate a PC" op het beeldscherm.

text_image
2.4. Acoustic Cal EQ Pro. Manual Pro. [Reverb Measurement] [Reverb View] - [PC Output] [Advanced EQ Setup] [Return]
- A l s d e PC Output functie niet wordt aangegeven, beschikt de versterker waarschijnlijk niet over de nodige transmissiegegevens. Zorg dat u de stappen 1 - 6 onder Gebruik van de Professionele akoestiek-equalizerop pagina 58 naar behoren hebt uitgevoerd.
2 Start het MCACC programma op uw computer.
Volg de aanwijzingen behorend bij het programma. Het zal ongeveer tien seconden duren voordat de gegevensoverdracht voltooid is, en dan zult u de gegevens met uw computer kunnen analyseren. Aangezien de gegevens uit de versterker worden gewist wanneer u de akoestiekmeting opnieuw start of wanneer u de versterker uitschakelt, kan het verstandig zijn om de gegevens na meting in elk geval op te slaan op uw computer.
3 Wanneer u klaar bent, stelt u in op 'Return' in de beeldscherm-aanduidingen.
Dan komt u bij de Advanced EQ Setup equalizer-instellingen. Afhankelijk van de resultaten, zult u wellicht willen doorgaan met de geavanceerde equalizer-instellingen (zie Instellen van de Professionele akoestiek-equalizer volgens de eigenschappen van uw kamer op pagina 57 voor nadere bijzonderheden). Ook kunt u nu gewoon nogmaals op Return drukken om de Professionele akoestiek-equalizer functie te sluiten.
Hoofdstuk 10
Geavanceerde instellingen
Het ingang-toewijzingsmenu
U zult de instellingen in het ingang-toewijzingsmenu alleen hoeven te maken als u uw digitale apparatuur niet hebt aangesloten volgens de oorspronkelijke instellingen voor de digitale ingangen, of als u bepaalde apparatuur hebt aangesloten met behulp van component-video of i.LINK kabels.
Om het ingang-toewijzingsmenu te openen, volgt u de onderstaande aanwijzingen.
1 Zorg dat uw versterker en uw TV-toestel beide zijn ingeschakeld.
2 Op de afstandsbediening drukt u op de AMPLIFIER toets op het aanraakscherm, en vervolgens drukt u op de SYSTEM SETUP toets.

text_image
HOME 1/3 AMPLIFIER AMPLIFIER INPUT 1 2 3 DVD /LD TV / DVD SAT DVR /VCR1 CD TUNER TV CONT MULTI OPERATION SYSTEM OFF SETUP PIONEER AVAMPLIFIEREr verschijnen nu beeldscherm-aanduidingen voor de instelling op uw TV-scherm. Gebruik de vaste ↑/↓/←/→ cursortoetsen en de ENTER toets op de afstandsbediening om de menuschermen te doorlopen en menu-onderdelen hieruit te kiezen.
- Met de vaste ↑/↓ op/neer-toetsen kiest u de menu-onderdelen en met de vaste ←/→ links/rechts-toetsen stelt u het gekozen onderdeel naar wens in.
3 Stel in op 'Input Assign' en druk op ENTER.
Het ingang-toewijzingsmenu verschijnt op het scherm:

text_image
System Setup [Auto Surround Setup] ► [1. Input Assign ] [2. Surround Setup ] [3. Expert Setup ] [4. THX Audio Setup ] [Exit]
text_image
1.Input Assign ► [1.Digital In] [ 2.Component Video In ] [ 3.i.LINK In ] [ 4.Video Assign ] [Return]Toewijzen van de digitale ingangen
• Oorspronkelijke instellingen:
Digital-1 (coaxiaal) - DVD/LD
Digital-2 (coaxiaal) - TV/DVD
Digital-3 (coaxiaal) - CD
U zult dit alleen hoeven doen als u uw digitale apparatuur niet hebt aangesloten volgens de oorspronkelijke instellingen voor de digitale ingangen (zie hierboven).
Deze instellingen vertellen de versterker wat voor digitale apparatuur er is aangesloten op welke aansluitbus, zodat de toetsen van de afstandsbediening juist overeenkomen met de apparatuur die u feitelijk hebt aangesloten.
1 Stel in op 'Digital In' in het Input Assign toewijzingsmenu en druk op ENTER.

text_image
1.Input Assign ► [1.Digital In] [ 2.Component Video In ] [ 3.I.LINK In ] [ 4.Video Assign ] [Return]2 Kies het nummer van de digitale ingang waarop u het (afwijkende) digitale apparaat hebt aangesloten.
De nummers komen overeen met de nummers naast de ingangen op het achterpaneel van de versterker.

text_image
1.1. Digital-In Digital-1 [DVD/LD] Digital-2 [TV/DVD] Digital-3 [CD] Digital-4 [SAT] Digital-5 [DVR] Digital-6 [CD-R] RF IN [DVD/LD] [Return]3 Gebruik de vaste ←/→ links/rechts-toetsen om in te stellen op het type apparaat dat u daadwerkelijk hebt aangesloten op de gekozen ingang.
U kunt kiezen uit DVD/LD, TV/DVD, SAT, DVR, VCR 2, VCR 3, CD of CD-R (overigens omvat de RF IN instelling niet de CD of CD-R).
- Wanneer u een digitale ingang toewijst aan een bepaalde functie (bijvoorbeeld DVD/LD) zal elke andere digitale ingang die eerder aan die functie is toegewezen, automatisch worden uitgeschakeld.
4 Wanneer u klaar bent, stelt u in op RETURN en drukt u op de ENTER toets.
Dan komt u weer terug bij het Input Assign toewijzingsmenu.
Toewijzen van de component-video ingangen
• Oorspronkelijke instellingen:
Component 1 - OFF
Component 2 - OFF
Component 3 - OFF
Als u component-videosnoeren hebt gebruikt voor het aansluiten van uw video-apparatuur zult u de versterker moeten vertellen wat voor apparaat het is, anders bestaat de kans dat u alleen de S-video of composiet-video te zien krijgt, in plaats van het component-videosignaal.
1 Stel in op 'Component Video In' in het Input Assign menu en druk op ENTER.

text_image
1.Input Assign [ 1.Digital In ] ► [2.Component Video In ] [ 3.I.LINK In ] [ 4.Video Assign ] [Return]2 Kies het nummer van de component-video ingang waarop u uw videospeler hebt aangesloten.
De nummers komen overeen met de nummers naast de ingangen op het achterpaneel van de versterker.

text_image
1.2. Component Video In ►Component 1 ◀ DVD/LD ► Component 2 [ OFF ] Component 3 [ OFF ] [Return]3 Gebruik de vaste ←/→ links/rechts-toetsen om in te stellen op het type apparaat dat u hebt aangesloten op de gekozen ingang.
- Als u een TV-toestel of videomonitor hebt aangesloten met een component-videosnoer, en een DVD-speler met een composiet- of S-videosnoer, dan zult u die ingang op OFF moeten zetten.
4 Wanneer u klaar bent, stelt u in op RETURN en drukt u op de ENTER toets.
Dan komt u weer terug bij het Input Assign toewijzingsmenu.
Toewijzen van de i.LINK ingangen
Als u apparatuur met i.LINK-aansluitingen hebt aangesloten op een ingang (bijvoorbeeld op DVD/LD), zult u zowel audio als videosignalen van de i.LINK-apparatuur kunnen kiezen met behulp van de INPUT toets (of de INPUT SELECTOR knop op het voorpaneel). De toewijzing van i.LINK bronnen stelt u ook in staat de geluidsinstellingen te behouden die u hebt gemaakt voor andere ingangsfuncties.
1 Stel in op 'i.LINK Input' in het Input Assign menu en druk op ENTER.
Als er geen i.LINK-geschikte apparaten zijn aangesloten, zult u de i.LINK Input niet kunnen kiezen.

text_image
1.Input Assign [ 1.Digital In ] [ 2.Component Video In ] ▶ [3.1.LINK In ] [ 4.Video Assign ] [Return]2 Kies een i.LINK-geschikt apparaat.
Als er een aantal i.LINK-geschikte apparaten is aangesloten op uw versterker, kan het i.LINK-geschikte apparaat waar u naar zoekt wel eens vermeld staan op een later menuscherm.
- De aanduiding i.LINK staat vermeld na de nog niet toegewezen apparaatnamen (bijvoorbeeld DV-868AVi [i.LINK]).
- Als een aangesloten apparaat een bepaalde geluidsbron niet kan weergeven (afspelen) via de i.LINK connection, dan verschijnt er [- - - - ] na de naam van het ingangsapparaat (bijvoorbeeld DV-868AVi [- - - - ]). Niet-geschikte apparaten kunnen niet worden toegewezen aan de ingangen.
- Wanneer de kabels voor een toegewezen ingangsapparaat zijn losgemaakt of de stroomvoorziening van het apparaat is uitgevallen, verschijnt er een sterretje (*) voor de naam van het apparaat (bijvoorbeeld *DV-868AVi [CD]).
3 Gebruik de vaste ←/→ links/rechts-toetsen om in te stellen op het apparaat dat u wilt toewijzen.
Voor het toewijzen van een i.LINK-geschikt video-apparaat, kiest u de ingangsbron-aansluiting waarop u het videosignaal van het apparaat hebt aangesloten.
- Wanneer u een i.LINK ingang toewijst aan een bepaalde functie (bijvoorbeeld DVD/LD) zal elke digitale ingang die eerder aan die functie is toegewezen, automatisch worden ingesteld op i.LINK (niet toegewezen).
- De TUNER en PHONO ingangen kunnen niet worden toegewezen.
4 Wanneer u klaar bent, stelt u in op RETURN en drukt u op de ENTER toets.
Dan komt u weer terug bij het Input Assign toewijzingsmenu.
Toewijzen van de video-ingangen
• Oorspronkelijke instellingen:
MULTI IN - OFF
USB-OFF
Als u wilt, kunt u steeds een videobron bekijken, telkens wanneer u luistert naar een geluidsbron die wordt weergeven via de analoge meerkanaals-ingangen of de USB-aansluitbus. Hiervoor zult u de versterker moeten laten weten welk video-apparaat u wilt bekijken. Na het maken van de onderstaande instellingen, zal de gekozen videobron steeds automatisch worden ingeschakeld, telkens wanneer u de MULTI IN of USB ingang kiest als uw geluidsbron.
1 Stel in op 'Video Assign' in het Input Assign menu en druk op ENTER.

text_image
1.Input Assign [ 1.Digital In ] [ 2.Component Video In ] [ 3.I.LINK Input ] ▶ [ 4.Video Assign ] [Return]2 Kies aan welke ingang u een videobron wilt toewijzen.
Stel in op naar keuze MULTI IN of USB.
3 Gebruik de vaste ←/→ links/rechts-toetsen om in te stellen op de gewenste videobron die u wilt toewijzen.
Elke videobron die beschikbaar is op de versterker kan worden toegewezen en u kunt desgewenst ook dezelfde videobron toewijzen aan allebei de ingangen.
4 Wanneer u klaar bent, stelt u in op RETURN en drukt u op de ENTER toets.
Dan komt u weer terug bij het Input Assign toewijzingsmenu.
Het Expert Setup instelmenu
De instellingen in het Expert Setup menu omvatten nog enkele geavanceerde mogelijkheden van deze versterker die u kunt gebruiken om gedetailleerde weergave-instellingen te maken wanneer u wat meer vertrouwd bent met het systeem.
Deze instellingen zult u maar eenmaal hoeven te maken (tenzij u de opstelling van uw luidsprekers wijzigt of er nieuwe luidsprekers aan toevoegt).
1 Zorg dat uw versterker en uw TV-toestel beide zijn ingeschakeld.
2 Op de afstandsbediening drukt u op de AMPLIFIER toets op het aanraakscherm, en vervolgens drukt u op de SYSTEM SETUP toets.

text_image
HOME 1/3 AMPLIFIER AMPLIFIER INPUT 1 2 3 DVD /LD TV /DVD SAT DVR /VCR1 CD TUNER TV CONT MULTI OPERATION SYSTEM OFF SETUP CUSTOM VOLUME ENTER Pioneer HY AMPLIFIEREr verschijnen nu beeldscherm-aanduidingen voor de instelling op uw TV-scherm. Gebruik de vaste ↑/↓/←/→ cursortoetsen en de ENTER toets op de afstandsbediening om de menuschermen te doorlopen en menu-onderdelen hieruit te kiezen.
- Met de vaste ↑/↓ op/neer-toetsen kiest u de menu-onderdelen en met de vaste ←/→ links/rechts-toetsen stelt u het gekozen onderdeel naar wens in.
3 Stel in op 'Expert Setup' en druk op ENTER.

text_image
System Setup [Auto Surround Setup] [1. Input Assign ] [2. Surround Setup ] ►[3. Expert Setup ] [4. THX Audio Setup ] [Exit]4 Kies de instelling die u wilt aanpassen.

- OSD Adjustment – Hiermee kiest u de plaats van de aanduidingen die op uw TV-scherm verschijnen.
- Bass Peak Level – Hiermee voorkomt u dat al te krachtige lage tonen vervorming in de weergave van uw luidsprekers veroorzaken.
- D-Range Control – Hiermee kiest u de hoeveelheid aanpassing in het dynamisch bereik voor Dolby Digital filmgeluid.
- Function Rename – Hiermee wijzigt u de namen die verschijnen op het beeldscherm en in het uitleesvenster van de versterker.
- OSD Overlay – Hiermee schakelt u de beeldscherm-aanduidingen (voor basisfuncties) aan of uit.
- 12V Trigger – Hiermee kiest u welke apparaten zullen worden in- of uitgeschakeld met het 12-volts schakelsignaal.
5 Maak de gewenste aanpassingen voor elk van de instellingen, en druk ter bevestiging op ENTER na elk scherm.
Wanneer u klaar bent, stelt u in op Return en drukt u op de ENTER toets om terug te keren naar het System Setup instelmenu.
Bijstellen schermaanduidingen
Gebruik deze functie om de plaats van de aanduidingen op uw TV-scherm bij te stellen als soms niet alle aanduidingen goed leesbaar verschijnen.
1 Stel in op 'OSD Adjustment' in het Expert Setup menu.
2 Gebruik de vaste ↑/↓/←/→ cursortoetsen om het gebied van de aanduidingen te verplaatsen totdat u de plaats vindt die op uw TV-scherm het beste uitkomt.
U kunt de aanduidingen omhoog en omlaag, naar links en naar rechts verplaatsen totdat ze goed zichtbaar zijn en de beeldweergave niet de weg zitten.

3 Druk op de ENTER toets.
Dan komt u weer terug bij het Expert Setup menu.
Lagetonen-piekniveau
Sommige geluidsbronnen (bijvoorbeeld Dolby Digital en DTS) kunnen extreem lage tonen bevatten. Stel het piekniveau voor de basbegrenzing zo in dat ook de laagste tonen geen vervorming in de totale geluidsweergave veroorzaken.

Opmerking
- Aangezien ook de THX Ultra2 Subwoofer Setup functie een basbegrenzing gebruikt om het lagetonen-piekniveau te beperken, zult u deze instelling niet kunnen kiezen als u voor uw installatie de THX Ultra2 Subwoofer-resonantiebeperking hebt gebruikt, zoals beschreven op pagina 89.
1 Stel in op 'Bass Peak Level' in het Expert Setup menu.
De huidige instelling wordt getoond.
- Wanneer er [---] verschijnt, worden er geen lage tonen weergegeven.
- Wanneer er [OFF] verschijnt, is de basbegrenzing uitgeschakeld (zodat de basweergave niet wordt aangepast).
2 Kies een instelstand.

- Setting Start –De geluidssterkte wordt ingesteld op MIN (----dB), er wordt een testtoon weergegeven en dan maakt u de gewenste instelling.
- Setting Cancel – Schakelt de basbegrenzing uit.
3 Als u hebt gekozen voor 'Setting Start', gebruikt u de / links/rechts-toetsen om de testtonen bij te regelen en het lagetonen-piekniveau te kiezen, en vervolgens drukt u op ENTER.

Stel het lagtonen-piekniveau geleidelijk bij en druk op de ENTER toets bij het punt waar de weergave nog net niet gaat vervormen. Wanneer u klaar bent, zal het uitleesvenster van de versterker RESUME aangeven en dan keert de geluidssterkte terug naar de oorspronkelijke stand.
- Als de YES of PLUS instelling is gekozen voor uw "subwoofer" lagetonenluidspreker (onder Luidsprekersystemen op pagina 52), zal de testtoon alleen worden weergegeven door uw lagetonenluidspreker. Zo niet, dan zal de testtoon worden weergegeven door de voorluidsprekers en de achterluidsprekers waarvoor het formaat LARGE is gekozen.
4 Wanneer u klaar bent, stelt u in op RETURN en drukt u op ENTER.
Dan komt u weer terug bij het Expert Setup menu.
- Oorspronkelijke instelling: OFF
Met deze instelling kiest u de hoeveelheid aanpassing in het dynamisch bereik voor de weergave van filmgeluid. Deze instelling kan de klank verbeteren wanneer u filmgeluid met akoestiekeffecten beluistert bij geringe geluidssterkte.
1 Stel in op 'D-Range Control' in het Expert Setup menu.
2 Kies de gewenste instelling.

- OFF – Geen aanpassing van het dynamisch bereik (gebruik deze stand wanneer u op volle geluidssterkte wilt luisteren).
- MID – Gemiddelde instelling.
- MAX – Dynamisch bereik gereduceerd (de luidste geluiden worden minder luid weergegeven terwijl de zachtere geluiden wat worden opgehaald).
3 Wanneer u klaar bent, stelt u in op RETURN en drukt u op ENTER.
Dan komt u weer terug bij het Expert Setup menu.
Functies hernoemen
U kunt kiezen welke namen er op het scherm verschijnen wanneer u instelt op een ingangsbron (zo kunt u bijvoorbeeld in plaats van VCR1/DVR de naam DVR-310 laten aangeven).
1 Stel in op 'Function Rename' in het Expert Setup menu.
2 Kies de naam van de ingangsbron die u een andere naam wilt geven en druk dan op ENTER.
De bron-aanduidingen zijn verdeeld over drie afzondelijke beeldschermen, dus het kan dat u die even moet doornemen om de weergavebron te vinden die u een nieuwe naam wilt geven.

3 Pas de naam naar wens aan en druk op ENTER.

text_image
3. 4. Function Rename VCR2 [ VCR2 ] VCR2 [ VCR2 ] VCR3 [ VCR3 ] CD [ CD ] CD-R [ CD-R ] TUNER [ TUNER ]Gebruik de vaste ↑/↓ op/neer-toetsen om een letter voor de naam te kiezen en gebruik de vaste ←/→ links/rechts-toetsen om een positie vooruit/terug te gaan. De nieuwe naam kan uit tien letters en cijfers bestaan (de beschikbare lettertekens worden hieronder getoond).
ABCDEFGHIJKLMNOPQRSTUVWXYZ abcdefghijklmnopqrstuvwxyz
0123456789
$$ !" # \% \& ^ {\prime} () ^ {*} +, -. /;; < = >? @ [ \backslash ] ^ {\wedge} _ {l } (\text {spatie}) $$
4 Kies een andere naam die u wilt aanpassen, of stel in op 'Return' onderin de lijst wanneer u klaar bent. Druk daarna op ENTER.
Als u een andere naam voor aanpassing hebt gekozen, herhaalt u stap 3, en andere komt u weer terug bij het Expert Setup menu.

text_image
3. 4. Function Rename PHONO [ PHONO ] ▲ PHONO [ PHONO ] MULTI IN [ MULTI IN ] USB [ USB ] ►[Return]Overleggen schermaanduidingen
- Oorspronkelijke instelling: ON
U kunt kiezen of voor de basisfuncties (zoals de keuze van ingangsbronnen) wel of geen aanduidingen op het scherm wilt laten verschijnen. Dan worden alleen het System Setup instelmenu en de Status-aanduidingen (zie Controleren van uw systeem-instellingen op pagina 73) op het beeldscherm getoond.
1 Stel in op 'OSD Overlay' in het Expert Setup menu.
2 Kies de gewenste instelling.

text_image
3. 5. OSD Overlay ▶ Overlay [→] [Return]- OFF – De beeldscherm-aanduidingen worden uitgeschakeld, uitgezonderd het System Setup instelmenu en de Status-aanduidingen.
- ON – Er verschijnen beeldscherm-aanduidingen voor alle basisfuncties.
3 Wanneer u klaar bent, stelt u in op RETURN en drukt u op ENTER.
Dan komt u weer terug bij het Expert Setup menu.
12-volts schakelstroom
- Oorspronkelijke instelling: OFF · OFF (alle apparatuur)
Nadat u een apparaat hebt aangesloten op een van de 12-volts schakelsignalen (zie Componenten aan en uit schakelen met de 12-volts schakelstroom op pagina 68), zal het automatisch worden ingeschakeld wanneer u instelt op een ingangsfunctie die is gekozen om het schakelsignaal door te geven. Hieronder kiest u welke ingangsfuncties welke schakelsignalen moeten doorgeven.
1 Stel in op '12V Trigger' in het Expert Setup menu.
2 Kies een ingangsfunctie en kies de gewenste instelling daarvoor.
Dit moet een ingangsfunctie zijn die bij inschakelen één (of allebei) de 12-volts schakelsignalen doorgeeft.

- OFF · OFF – 12-volts schakelsignalen 1 en 2 zijn beide uitgeschakeld.
- OFF · ON – 12-volts schakelsignaal 1 is uitgeschakeld; 12-volts schakelsignaal 2 is ingeschakeld.
- ON · OFF – 12-volts schakelsignaal 1 is ingeschakeld; 12-volts schakelsignaal 2 is uitgeschakeld.
- ON · ON – 12-volts schakelsignalen 1 en 2 zijn beide ingeschakeld.
3 Herhaal dit voor elk van de ingangsfuncties waarmee u een schakelsignaal wilt doorgeven.
4 Wanneer u klaar bent, stelt u in op RETURN en drukt u op ENTER.
Dan komt u weer terug bij het Expert Setup menu.
THX Audio Setup instellingen
De instellingen in het THX Audio Setup menu dienen om u vol profijt te laten trekken van de THX technologie als u gebruik maakt van een "subwoofer" lagtonenluidspreker en middenachterluidsprekers in uw huisbioscoop-installatie. Zie THX luidsprekersysteem-opstelling op pagina 91 voor nadere bijzonderheden.
Voor gebruik van het THX Audio Setup menu, volgt u de onderstaande aanwijzingen.
1 Zorg dat uw versterker en uw TV-toestel beide zijn ingeschakeld.
2 Op de afstandsbediening drukt u op de AMPLIFIER toets op het aanraakscherm, en vervolgens drukt u op de SYSTEM SETUP toets.

text_image
HOME 1/3 AMPLIFIER AMPLIFIER INPUT 1 2 3 DVD / ID TV / DVD SAT DVR / VCR1 CD TUNER TV CONT MULTI OPERATION SYSTEM OFF SETUP Pioneer AV AMPLIFIEREr verschijnen nu beeldscherm-aanduidingen voor de instelling op uw TV-scherm. Gebruik de vaste ↑/↓/←/→ cursortoetsen en de ENTER toets op de afstandsbediening om de menuschermen te doorlopen en menu-onderdelen hieruit te kiezen.
- Met de vaste ↑/↓ op/neer-toetsen kiest u de menu-onderdelen en met de vaste ←/→ links/rechts-toetsen stelt u het gekozen onderdeel naar wens in.
3 Stel in op 'THX Audio Setup' en druk op ENTER.
System Setup
[Auto Surround Setup]
[1. Input Assign]
Met een THX Ultra2 subwoofer (of een lagetonenluidspreker die een frequentierespons tot 20 Hz biedt) kunt u, afhankelijk van de opstelling van de subwoofer en de hardheid van de wanden in uw luisterruimte, wel eens storende resonantiefrequenties in de basweergave bespeuren. Als u last hebt van dit probleem, gebruikt u dan de THX Ultra2 SW Setup functie om de Boundary Gain Compensation resonantiebeperking in te schakelen (zie Omtrent THX® op pagina 102 voor nadere bijzonderheden).

Opmerkingen
- Als u niet beschikt over een "subwoofer" lagetonenluidspreker, zult u deze instelling niet kunnen kiezen.
- Bij instellen op YES in stap 2 (hieronder) vervalt automatisch de instelling die u hebt gemaakt voor het Lagetonen-piekniveau op pagina 86.
1 Stel in op 'Ultra2 SW Setup' in het THX Audio Setup menu.
2 Kies of uw subwoofer een THX Ultra2 certificatie heeft (of een respons tot 20 Hz kan bieden).
U zult de Boundary Gain Compensation resonantiebeperking (hieronder) alleen kunnen inschakelen wanneer u YES kiest voor deze stap.
3 Kies nu ON of OFF voor wel of geen gebruik van de Boundary Gain Compensation resonantiebeperking.
4 Wanneer u klaar bent, stelt u in op RETURN en drukt u op ENTER.
Dan komt u weer terug bij het THX Audio Setup menu.
Middenachterluidspreker-tussenruimte
Voor de meest effectieve resultaten bij gebruik van de THX Ultra2 Cinema en THX MusicMode luisterfuncties (zie Gebruik van de Home THX functies op pagina 41) met het Advanced Speaker Array (ASA) systeem (zie Omtrent THX® op pagina 102), is het noodzakelijk de onderstaande instelling te maken.

Opmerking
- Als u niet beschikt over middenachterluidsprekers, of u gebruikt er slechts één, dan zult u deze instelling niet kunnen kiezen.
1 Stel in op 'SB SP Position' in het THX Audio Setup menu.
2 Kies de afstand die er tussen uw beide middenachterluidsprekers bestaat.
- 0.0–0.3 m – Middenachterluidsprekers tot 30 cm uiteen (het beste voor THX akoestiekweergave).
- <0.3–1.2 m – Middenachterluidsprekers tussen 30 cm en 1,2 meter uiteen.
- 1.2 m< – Middenachterluidsprekers meer dan 1,2 meter uiteen.
3 Wanneer u klaar bent, stelt u in op RETURN en drukt u op ENTER.
Dan komt u weer terug bij het THX Audio Setup menu.
Hoofdstuk 11
Aanvullende informatie
Optimaliseren van uw luidsprekeropstelling
Naast de tips voor uw luidsprekeropstelling die al gegeven werden onder Opstellen van de luidsprekers op pagina 25, kunt u de onderstaande schematische voorstellingen en uitleg gebruiken als leidraad voor een optimale plaatsing van elk stel luidsprekers dat u gebruikt.
Primaire akoestiekopstelling
Als u gebruik maakt van een middenluidspreker, zet u de voorluidsprekers dan iets verder uiteen. Gebruikt u geen middenluidspreker, zet u de andere dan iets dichter bijeen.

flowchart
graph TD
FL["FL"] --> A["1"]
C["C"] --> A
FR["FR"] --> A
A -->|45°-60°| A
Zorg dat de middenluidspreker niet dichterbij of verder naar voren staat dan de denkbeeldige lijn die de voorkant van de linker en rechter voorluidsprekers verbindt.

Meestal kunt u de luidsprekers het beste ietwat binnenwaarts richten, op uw favoriete luisterplaats. De hoek is afhankelijk van de afmetingen van uw kamer. In een grotere kamer kunt u de luidsprekers meer parallel, dus rechter naar voren richten.

flowchart
graph TD
A["F L"] --> B["Central Node"]
C["C"] --> B
D["F R"] --> B
B --> E["Shaded Region"]
style B fill:#000,stroke:#000,color:#fff
Achterluidsprekers en middenachterluidsprekers kunnen het beste 60 cm – 90 cm boven oorhoogte staan of hangen, ietwat omlaag gericht. Let op dat de luidsprekers niet pal tegenover elkaar staan. Voor DVD-Audio kunnen de luidsprekers beter iets verder naar achteren staan dan voor de huisbioscoop-filmweergave.
Geen middenachterluidsprekers

text_image
90°-120° LS RS LS RSEén middenachterluidspreker

text_image
90°-120° LS 7 RS LS RS S BTwee middenachterluidsprekers

THX luidsprekersysteem-opstelling
Als u beschikt over een compleet THX luidsprekersysteem, volgt u dan de schematische afbeelding hieronder voor de opstelling van uw luidsprekers. Merk op dat de achterluidsprekers ( staat voor bipolair stralende luidsprekers) zo opgesteld moeten worden dat de weergaverichting parallel aan de luisteraar is.

Als u beschikt over twee middenachterluidsprekers, raadt THX aan om die samen te plaatsen, op dezelfde afstand van uw luisterplaats, zodat u kunt profiteren van de ASA functie. Nadere bijzonderheden vindt u onder Advanced Speaker Array™ (ASA) op pagina 102.
Zie tevens THX Audio Setup instellingen op pagina 88 over hoe u de instellingen maakt voor de meest indrukwekkende weergave bij het gebruik van de Home THX functies (zie pagina 41).
Luidsprekeropstelling voor DVD-Audio/meerkanaals-muziekbronnen
De beste luidsprekeropstelling voor DVD-Audio (en andere meerkanaals-muziekbronnen) kan ietwat anders zijn dan voor gewone DVD discs. Voor deze formaten gebruiken bepaalde geluidsstudio's de opstelling die getoond wordt in de schematische voorstelling hieronder (zoals aanbevolen door de ITU-R) in plaats van de standaard opstelling beschreven bij Primaire akoestiekopstelling hierboven.

text_image
60° 100°-120° 1
Opmerkingen
- Als u een tweede stel akoestiekluidsprekers aansluit, kunt u dit luidsprekersysteem B gebruiken om extra mogelijkheden voor akoestiekweergave te creëren met meerkanaals-geluidsbronnen. Zie Wisselend gebruik van akoestiekluidsprekers met luidsprekersysteem B (ITU-R) op pagina 76 voor aanwijzingen over deze toepassing.
- Als u gebruik maakt van twee middenachterluidsprekers, kunt u de STANDARD SX luisterfunctie kiezen tijdens de DVD-Audio weergave om het geluid te simuleren dat u zou verkrijgen van de luidsprekeropstelling getoond in de schematische voorstelling hierboven. Het geluid van de achterluidsprekers en de middenachterluidsprekers wordt hierbij gecombineerd voor het creëren van een virtuele akoestiekluidspreker.
Verhelpen van storingen
Problemen en schijnbare storingen in de werking zijn vaak te wijten aan onjuiste bediening. Als er iets mis schijnt te zijn met dit apparaat, neemt u dan even de tijd om de onderstaande punten te controleren. Soms wordt het probleem veroorzaakt door een ander apparaat. Controleer uw andere audio- en video-apparatuur en ook huishoudelijke apparatuur die is ingeschakeld. Als een storing aan de hand van de onderstaande controlepunten niet te verhelpen is, raadpleegt u dan de Pioneer onderhoudsdienst die vermeld staat op uw garantiekaart.
Stroomvoorziening
| Probleem Oorzaak Oplossing | ||
| Het apparaat kan niet ingeschakeld worden. | • De stekker is uit het stopcontact getrokken. | • Steek de stekker in een werkend wandstopcontact |
| • Het beveiligingscircuit kan zijn ingeschakeld. | • Trek de stekker uit het stopcontact en sluit die even later weer aan. | |
| • De koelventilator in het achterpaneel wordt ergens door geblokkeerd. | • Trek de stekker uit het stopcontact en neem contact op met de Pioneer onderhoudsdienst die vermeld staat op uw garantiekaart. | |
| De versterker wordt plotseling uitgeschakeld. | • De luidsprekerdraden zijn uitgerafeld of steken uit de aansluitbus en maken contact met het achterpaneel van de versterker of met een ander stel draden. | • Maak het luidsprekersnoer opnieuw vast, zorg dat elke draad stevig vast zit in de aansluiting en zorg dat er geen losse draadjes uitsteken. |
| • Er is iets ernstig mis met de versterker. | • Trek de stekker uit het stopcontact en neem contact op met de Pioneer onderhoudsdienst die vermeld staat op uw garantiekaart. | |
| Tijdens luide weergave valt de stroom plotseling weg. | • Het beveiligingscircuit is ingeschakeld, waarschijnlijk omdat de laagste feitelijke impedantie van de luidsprekers (in tegenstelling tot de nominale luidspreker-impedantie) aan de gevaarlijk lage kant is. | • Verminder de geluidssterkte.• Bij de eerste goede gelegenheid volgt u de aanwijzingen onder Akoestiek-ijking met de equalizer op pagina 55 en vermindert u de 63 Hz en 125 Hz equalizer-niveaus met handmatige instelling.• Door aanpassen van de digitale beveiliging kunt u wellicht de weergave nog iets luider instellen. Om over te schakelen tussen SAFETY 1 (gemiddeld effect), SAFETY 2 (meer effect) en SAFETY OFF, zet u de versterker in de “standby” ruststand en drukt u op de STANDBY/ON toets terwijl u de OPTION toets op het voorpaneel ingedrukt houdt. Als de stroom zelfs in de SAFETY 2 stand nog steeds uitgeschakeld wordt, vermindert u dan de geluidssterkte. |
| Er knippert AMP ERR in het uitleesvenster en dan wordt de stroom automatisch uitgeschakeld. | • Er is iets ernstig mis met de versterker. | • Na ongeveer een minuut (gedurende welke de versterker hoe dan ook niet zal reageren), zet u de de versterker weer aan. Als de foutmelding weer verschijnt, neemt u dan contact op met de Pioneer onderhoudsdienst die vermeld staat op uw garantiekaart. |
| Er knippert FAN STOP in het uitleesvenster en dan wordt de stroom automatisch uitgeschakeld. | • De koelventilator aan de onderkant van het apparaat wordt ergens door geblokkeerd. | • Trek de stekker uit het stopcontact en neem contact op met de Pioneer onderhoudsdienst die vermeld staat op uw garantiekaart. |
| • De koelventilator werkt niet goed. | • Trek de stekker uit het stopcontact en neem contact op met de Pioneer onderhoudsdienst die vermeld staat op uw garantiekaart. | |
| Er knippert OVERHEAT in het uitleesvenster en er wordt geen geluid weergegeven. | • De temperatuur binnenin het apparaat is te hoog opgelopen. | • Laat het apparaat eerst een tijdje afkoelen op een goed geventileerde plaats en probeer dan de versterker weer in te schakelen. Let op dat de opstelling van het apparaat voldoet aan de voorwaarden voor een goede ventilatie, zoals beschreven onder Ventilatie op pagina 2. |
Geen geluid
| Probleem Oorzaak Oplossing | ||
| Na keuze van een ingangsbron klinkt er geen geluid. | • Er is iets mis met de aansluitingen. | • Controleer of het gekozen apparaat naar behoren is aangesloten op de geschikte ingang(en) aan de achterzijde van de verstlerker (zie Aansluiten van uw apparatuur op pagina 12). |
| • Het geluid klinkt gedempt of de geluidssterkte is veel te gering. | • Druk op deMUTEdempingstoets of stel de geluidssterkte hoger in. | |
| • DeTAPE 2bandmonitorfunctie is ingeschakeld. | • Druk op deTAPE 2MONITORtoets om de nabandcontrole uit te schakelen (zie Meeluisteren naar de gemaakte opname op pagina 69). | |
| • De luidsprekers zijn uitgeschakeld of niet goed gekozen met deSP SYSTEM A/Bschakelaar. | • Druk op deSP SYSTEM A/Btoets om het juiste stel luidsprekers te kiezen (zie Omschakelen van het luidsprekersysteem op pagina 75). | |
| • Het type ingangssignaal is niet juist. | • Druk op deSIGNAL SELECTtoets om in te stellen op het juiste ingangssignaal (zie Keuze van het type ingangssignaal op pagina 44). | |
| • De i.LINK geluidsbron voor weergave in de eerste luisterkamer is ook gekozen als geluidsbron in de andere luisterkamer. | • Kies een andere geluidsbron of kies een ander type ingangssignaal voor de eerste luisterkamer, zoals DIGITALofANALOG(zie Keuze van het type ingangssignaal op pagina 44). | |
| De voorluidsprekers geven geen geluid. | • De U-vormige kortsluitstekkers waarmee dePOWER AMP INaansluitbussen zijn doorverbonden met de voorkanaal-voorversterkeruitgangen zijn verwijderd. | • Verbind dePOWER AMP INaansluitbussen weer met de voorkanaal-voorversterkeruitgangen met de bijgeleverde U-vormige kortsluitstekkers (zie onderdeel 8 in de lijst onder Achterpaneel op pagina 12). |
| • De voorluidsprekers zijn aangesloten op de B luidsprekersysteem-aansluitingen. | • Sluit de voorluidsprekers aan op de Aluidsprekersysteem-aansluitingen (zie Installeren van uw luidsprekersysteem op pagina 24). | |
| De achterluidsprekers of de middenluidspreker geven geen geluid. | • De luidspreker-instellingen zijn niet juist. (Er kan bijvoorbeeld zijn gekozen voor de standNO.) | • Controleer uw luidspreker-instellingen onder Luidsprekersystemen op pagina 52. |
| • Het niveau van de achterkanalen en/of het middenkanaal is helemaal teruggedraaid. | • Controleer de kanaalniveaus onder Kanaalniveau op pagina 54. | |
| • De aansluitingen van de achterluidsprekers en/of de middenluidspreker zijn niet goed vastgemaakt. | • Volg de aanwijzingen onder Installeren van uw luidsprekersysteem op pagina 24 om te zorgen dat de luidsprekers naar behoren zijn aangesloten. | |
| • DESTEREOluisterfunctie is ingeschakeld. | • Kies een luisterfunctie met akoestiekweergave (zie Luisteren naar rondom-akoestische weergave op pagina 39). | |
| • Luidsprekersysteem B is gekozen. | • Stel in op luidsprekersysteem A (zie Omschakelen van het luidsprekersysteem op pagina 75). | |
| • De 2-kanaals ingangsinstelling is gekozen bij gebruik van de analoge meerkanaals-ingangen of de USB-aansluiting. | • Kies de juiste instelling (zie Keuze van de USB en analoge meerkanaals-ingangen op pagina 45). | |
| De middenachterluidsprekers geven geen geluid. | • De middenachterluidsprekers zijn bij de formaatkeuze opNOingesteld. | • Stel de middenachterluidsprekers in opLARGEofSMALL(zie Luidsprekersystemen op pagina 52). |
| • DeSBCHweergavefunctie is uitgeschakeld. | • Stel het middenachterkanaal in opSB CH ON(zie pagina 46). | |
| • De geluidsbron is geen 6.1-kanaals weergavebron. | • Kies een geavanceerde akoestiek-luisterfunctie (zie Luisteren naar rondom-akoestische weergave op pagina 39). | |
| • De middenachterluidsprekers zijn niet aangesloten. | • Volg de aanwijzingen onder Installeren van uw luidsprekersysteem op pagina 24 om te zorgen dat de luidsprekers naar behoren zijn aangesloten. | |
| • Het middenachterkanaal is ingesteld op weergave via 1 luidspreker en uw luidspreker is aangesloten op de aansluiting voor het rechterkanaal. | • Sluit de luidspreker aan op de linker aansluiting voor het middenachterkanaal (zie Installeren van uw luidsprekersysteem op pagina 24). | |
| • De verkeerde ingangsinstelling is gekozen bij gebruik van de analoge meerkanaals-ingangen of de USB-aansluiting. | • Kies de juiste instelling (zie Keuze van de USB en analoge meerkanaals-ingangen op pagina 45). | |
| • DeSB CH MODEfunctie staat ingesteld opAUTOen de Dolby Surround EX / DTS ES geluidsbron die u afspeelt heeft geen vlagsignaal om aan te geven dat de bron geschikt is voor 6.1-kanaals weergave. | • U kunt deze geluidsbron toch afspelen met akoestiekweergave via de middenachterluidsprekers door instellen van het middenachterkanaal opSB CH ON(pagina 46). | |
| De lagetonenluidspreker geeft geen geluid. | • De "subwoofer" lagetonenluidspreker is niet goed aangesloten of uitgeschakeld. | • Sluit de subwoofer aan of schakel de luidspreker in (zie installeren van uw luidsprekersysteem op pagina 24). |
| • De instellingen van de "subwoofer" lagetonenluidspreker zijn niet juis. | • Stel de subwoofer naar behoren in (zie Luidsprekersystemen op pagina 52). | |
| • Stel de voorluidsprekers in op het SMALL formaat (zie Luidsprekersystemen op pagina 52). | ||
| • De scheidingsfilterfrequentie is te laag ingesteld. | • Stel de scheidingsfilterfrequentie in op een (hogere) frequentie die beter past bij de eigenschappen van uw luidspreker (zie Luidsprekersystemen op pagina 52). | |
| • De basbegrenzing is te laag ingesteld. | • Zie Lagtonen-piekniveau op pagina 86 om een betere instelling te kiezen. | |
| • Het niveau van de subwoofer staat te laag ingesteld. | • Zie Kanaalniveau op pagina 54 om de luidsprekerniveaus te controleren. • Controleer de volumeregelaar van de lagetonenluidspreker zelf om te zien of die ver genoeg is opengedraaid. | |
| Eén luidspreker geeft geen geluid. | • De luidspreker is bij de formaatkeuze op NO ingesteld. | • Wijzig de instelling onder Luidsprekersystemen op pagina 52. |
| • Het luidsprekerniveau is te laag ingesteld. | • Controleer de instelling onder Kanaalniveau op pagina 54. | |
| • De luidspreker is niet goed aangesloten. | • Verricht het Installeren van uw luidsprekersysteem op pagina 24 om de luidspreker naar behoren aan le sluiten. | |
| • De geluidsbron bevat geen geluid voor dat kanaal. | • Kies een geavanceerde akoestiek-luisterfunctie (zie Luisteren naar rondom-akoestische weergave op pagina 39) om te zien of u een extra kanaal voor die luidspreker kunt creëren. | |
| De programma-aanduiding licht wel op voor een kanaal, maar de betreffende luidspreker geeft geen geluid. | • Er is een gedempt signaal opgenomen op dat kanaal. | |
| De analoge geluidsbronnen geven wel geluid, maar de digitale bronnen niet (DVD, LD, CD-ROM enz.). | • De digitale ingangstoewijzing is niet juist. | • Zorg voor een juiste toewijzing van de digitale ingangen (zie Toewijzen van de digitale ingangen op pagina 83). |
| • De digitale weergave-apparatuur is niet juist aangesloten. | • Controleer of de digitale geluidsbron is aangesloten op de juiste ingang op het achterpaneel van de versterker (zie Aansluiten van uw apparatuur op pagina 12). | |
| • De muziekspeler is niet geschikt voor de geluidsbron (disc) die u er in probeert af te spelen, of de instellingen van de speler zijn niet juist. | • Kies een geschikte geluidsbron, of volg de gebruiksaanwijzing van het weergave-apparaat voor de juiste instellingen. | |
| • Het digitale uitgangsniveau is teruggedraaid op de CD-speler of een ander apparaat dat voorzien is van een digitale uitgangsniveauregelaar. | • Zet het digitale volumeniveau van de muziekspeler in de maximale of de neutrale stand. | |
| • Er is een analoge ingang gekozen. | • Stel in op een digitale ingang (zie Keuze van het type ingangssignaal op pagina 44). | |
| Bij het afspelen van een laserdisc is voor het ingangssignaal type DORF gekozen, maar toch klinkt er geen geluid. | • Deze laserdisc is geen Dolby Digital disc. | • Stel het ingangssignaal in op AUTO (zie Keuze van het type ingangssignaal op pagina 44). Zorg tevens dat uw laserdisc-speler is aangesloten via analoge aansluitingen, naast de vereiste digitale en DORF aansluitingen (zie Aansluiten van andere videobronnen op pagina 19). |
| De hoofdtelefoon geeft geen geluid. | • De U-vormige kortsluitstekkers waarmee de POWER AMP IN aansluitbussen zijn doorverbonden met de voorkanaal- voorversterkeruitgangen zijn verwijderd. | • Verbind de POWER AMP IN aansluitbussen weer met de voorkanaal-voorversterkeruitgangen met de bijgeleverde U-vormige kortsluitstekkers (zie onderdeel 8 in de lijst onder Achterpaneel op pagina 12). |
| Er is geen geluid te horen of alleen stoorgeluiden bij afspelen van een Dolby Digital/DTS geluidsbron. | • De DVD-speler is niet geschikt voor Dolby Digital/DTS codering. | • Gebruik een DVD-speler die geschikt is voor Dolby Digital/DTS. |
| • De instellingen op de DVD-speler zijn niet juist en/of het DTS uitgangssignaal is niet ingeschakeld. | • Corrigeer de instellingen van de speler en/of zorg dat het DTS signaal wordt uitgestuurd. Zie de gebruiksaanwijzing die bij de DVD-speler is geleverd. | |
| • Het digitale uitgangsniveau is geheel teruggedraaid op de CD-speler of een ander apparaat met een digitale uitgangsniveauregelaar. (Het DTS signaal is veranderd door de speler en is niet meer te lezen.) | • Zet het digitale volumeniveau van de muziekspeler in de maximale of de neutrale stand. | |
| Er is geen digitaal uitgangssignaal van de DVD-speler bij afspelen van een meerkanaals DVD-Audio of SACD disc. | • DVD-spelers geven geen digitale audiosignalen door bij het afspelen van deze typen discs. | • Om te genieten van meerkanaals DVD-Audio en SACD discs, zult u de DVD-speler moeten aansluiten op deze versterker via de analoge meerkanaals ingangen. Zie Aansluiten van meerkanaals analoge uitgangen op pagina 16 en tevens de gebruiksaanwijzing van uw DVD-speler. |
| Er is geen digitaal uitgangssignaal bij afspelen van een DVD-Audio disc met een 192/176,4 kHz bemonsteringsfrequentie. | • DVD-spelers geven geen digitale audiosignalen door bij deze bemonsteringsfrequenties. Gewoonlijk geven ze deze discs weer op een lagere bemonstering van 96/88,2 kHz of 48/44,1 kHz. Sommige discs blokkeren alle digitale uitgangssignalen. | • Dit duidt niet op storing. Om te genieten van deze discs, sluit u de DVD-speler aan op deze versterker via de analoge meerkanaals-ingangen. Zie Aansluiten van meerkanaals analoge uitgangen op pagina 16 en tevens de gebruiksaanwijzing van uw DVD-speler. |
| Tijdens afspelen van een Dolby Surround EX / DTS ES geluidsspoor lichten wel de LS, S en RS aanduidingen op maar er klinkt geen geluid van het middenachterkanaal. | • De luisterfunctie is niet juist gekozen. | • Stel het middenachterkanaal in op SB CH AUTO (zie Gebruik van het middenachterkanaal op pagina 46). |
Andere problemen met geluidsweergave
| Probleem Oorzaak Oplossing | ||
| Er klinken storende geluiden bij het aflezen van een DTS compact disc. | • De afleesfunctie van de speler verandert de digitale informatie een beetje, waardoor die onleesbaar wordt. | • Dit duidt niet op defecten, maar u kunt wel beter de geluidssterkte verminderen, om te voorkomen dat uw luidsprekers plotselinge harde geluiden te verwerken krijgen. |
| Bij afspelen van een 96 kHz/24-bit disc klinkt de weergave veel te luid. | • Verschillende discs hebben verschillende opnameniveaus, dus sommige klinken luider dan andere. | • Verminder de geluidssterkte. |
| Bij afspelen van een DTS-formaat laserdisc klinken er storende bijgeluiden in het geluidsspoor. | • Het type ingangssignaal staat ingesteld op ANALOG. | Stel het type ingangssignaal in op DIGITAL (zie Keuze van het type ingangssignaal op pagina 44). |
| Het maken van geluidsopnamen lukt niet. | • Wellicht probeert u een analoge opname te maken van een digitaal signaal, of een digitale opname van een analoge geluidsbron. | • Opnemen is alleen mogelijk van analoog naar analoog, en digitaal naar digitaal. |
| • De digitale geluidsbron is tegen opnemen beveiligd. | • Het is niet mogelijk digitale geluidsbronnen met een kopieerbeveiliging op te nemen. | |
| • De analoge REC opname-uitgangen zijn niet goed aangesloten. | • Controleer uw analoge aansluitingen (zie Aansluiten van analoge geluidsbronnen op pagina 22). | |
| Het geluid vervormt en/of de OVER aanduiding blijft steeds oplichten. | • Het analoge ingangssignaal is te krachtig. | • Schakel de ingangsverzwakking in (zie Het niveau van een analoog signaal verminderen op pagina 70).• Als de geluidsbron een analoge uitgangsregelaar heeft, draait u die dan terug naar een geschikt niveau. |
| De luidsprekers geven alleen hoge tonen weer. | • De voorluidsprekers staan ingesteld op het SMALL formaat. | • Kies voor de voorluidsprekers het formaat LARGE (zie Luidsprekersystemen op pagina 52). |
| De "subwoofer" lagetonenluidspreker geeft nauwelijks geluid. | • De luidspreker-instellingen zijn zodanig dat er maar heen weinig audiosignalen naar de subwoofer gestuurd worden. | • Om meer audiosignalen naar de subwoofer te sturen, kiest u daarvoor de stand PLUS, of kiest u het formaat SMALL voor de voorluidsprekers (zie Luidsprekersystemen op pagina 52). |
| Alles lijkt goed te zijn ingesteld, maar de weergave klinkt vreemd. | • De luidsprekers zijn niet in fase aangesloten. | • Controleer of de positieve/negatieve luidspreker-aansluitingen op de versterker goed zijn doorverbonden met bijbehorende aansluitingen op de luidsprekers (zie pagina 24). |
| Er klinkt een bromtoon of storende geluiden, ook als er niets wordt afgespeeld. | • Er is electrische storing van een andere component of van huishoudelijke apparatuur. | • Controleer of de storing wordt veroorzaakt door een personal computer of andere digitale apparatuur aangesloten op hetzelfde stopcontact. |
Video
| Probleem Oorzaak Oplossing | ||
| Na keuze van een ingangsbron worden er geen beelden weergegeven. | • De video-aansluitingen zijn niet juist. • Zorg dat uw video-apparatuur naar behoren is aangesloten (zie de pagina's 15 - 19). | |
| • U gebruikt wel component-video aansluitingen voor uw weergavebron, maar niet voor uw TV-toestel. | • Met de video-omzetter kunnen videosignalen wel worden omgezet van een composiet of S-video ingangssignaal naar een component-video uitgangssignaal, maar niet andersom. Zie Betreffende de video-omzetter op pagina 20 voor nadere bijzonderheden. | |
| • U gebruikt component-video aansluitingen, maar de component-video ingangen zijn niet naar behoren toegewezen. | • Volg de aanwijzingen onder Toewijzen van de component-video ingangen op pagina 84 om te zien of u wel de juiste ingang hebt toegewezen. | |
| • De DVD/videospeler is niet juist ingesteld. | • Maak de juiste instellingen. Zie de gebruiksaanwijzing geleverd bij uw DVD/videospeler. | |
| • De video-ingang die is gekozen op uw TV-toestel of videomonitor is niet juist. | • Kies de juiste video-ingang. Zie gebruiksaanwijzing geleverd bij uw TV-toestel. | |
| Het System Setup instelscherm verschijnt niet. | • De MONITOR OUT uitgangsaansluiting is niet aangesloten. | • Sluit de MONITOR OUT aansluiting aan op uw TV-toestel of videomonitor (zie Aansluiten van uw TV-toestel op pagina 14). |
| Er verschijnen geen beeldscherm-aanduidingen op het TV-scherm of de videomonitor. | • De beeldscherm-aanduidingen verschijnen niet als u gebruik maakt van verschillende soorten videosnoeren voor de weergavebron en de TV-aansluitingen, of wanneer u gebruik maakt van component-video aansluitingen. | • Gebruik geen component-video kabels als u de beeldscherm-aanduidingen wilt zien en gebruik dan ook hetzelfde soort videokabel (bijvoorbeeld, alleen composiet, of alleen S-video) voor zowel de weergavebron als de TV-aansluitingen. |
| Er worden geen televisieprogramma's weergegeven. | • De video-ingang die is gekozen op uw TV-toestel of videomonitor is niet juist. | • Stel de TV-ingang in op de zender die u wilt zien, in plaats van op de versterker ingang. |
| Na de beeldscherm-aanduidingen blijft er wat storing in beeld zichtbaar. | • Dit kan zich met sommige TV-toestellen voordoen. | • Dit verschijnsel wijst niet op storing in de werking van deze versterker. |
| Het opnemen van videobronnen lukt niet. | • Wellicht probeert u een videobron op te nemen die is aangesloten op de component-video ingangen. | • Sluit de videobron die u wilt opnemen aan op de composiet-video of de S-video aansluitingen (zie Aansluiten van uw apparatuur op pagina 12). |
| • De videobron is tegen opnemen beveiligd. | • Videobronnen met een kopieerbeveiliging zijn niet op te nemen. | |
Instellingen
| Probleem Oorzaak Oplossing | ||
| De Auto Surround Setup functie geeft steeds een foutmelding te zien. | • Het achtergrondlawaai in de kamer is te luid voor een nauwkeurige instelling. | • Zorg dat de kamer zo stil mogelijk is voor de Auto Surround Setup. Als het niet mogelijk is het achtergrondlawaai te verminderen, zult u de akoestiekinstellingen handmatig moeten maken (zie pagina 51). |
| Na gebruik van de Auto Surround Setup is de afstandsinstelling voor de "subwoofer" lagetonenluidspreker verder dan de feitelijk gemeten afstand. | • Het laagdoorlaatfilter van bepaalde subwoofers kan een vertraging in de weergave veroorzaken. | • Dit is geen fout in de werking. De Auto Surround Setup functie heeft alleen gecompenseerd voor de vertraging veroorzaakt door het filter. |
| Na gebruik van de Auto Surround Setup is de luidsprekerformaat-instelling (LARGE of SMALL) niet juist. | • Er kan onhoorbaar laagfrequent geluid in de kamer hebben geklonken. | • De laagfrequente geluiden kunnen afkomstig zijn van een airconditioning of een motor. Schakel zo veel mogelijk alle apparatuur in de kamer uit en verricht de Auto Surround Setup instelling opnieuw. |
Afstandsbediening
| Probleem Oorzaak Oplossing | ||
| De versterker reageert niet op de afstandsbediening. | • Wellicht bevindt u zich te veraf of buiten de bedieningshoek voor de afstandsbediening. | • Bedien de versterker binnen 7 meter afstand en binnen 30^ van de afstandsbedieningssensor op het voorpaneel (zie Gebruik van de afstandsbediening op pagina 7). |
| • Er is een obstakel tussen de versterker en de afstandsbediening. | • Verwijder het obstakel of bedien de versterker vanuit een andere plaats of hoek. | |
| • Er schijnt direct zonlicht of fel lamplicht op het voorpaneel. | • Zorg dat de afstandsbedieningssensor op het voorpaneel niet erg fel wordt beschenen. | |
| • De afstandsbediening kan te weinig stroom leveren. | • Laad de afstandsbediening op (zie De afstandsbediening opladen op pagina 7). Overigens kunt u de afstandsbediening ook gebruiken terwijl die zich op het oplaadapparaat bevindt. | |
| • De afstandsbediening is geblokkeerd. | • Hef de blokkering van de afstandsbediening op (zie Beveiligen van de afstandsbediening op pagina 10). | |
| • Er is iets aangesloten op de CONTROL IN aansluiting. | • Verbreek de aansluiting op de CONTROL IN stekkerbus (zie Bediening van andere Pioneer componenten via de sensor van dit apparaat op pagina 68). | |
| Andere apparaten reageren niet op de afstandsbediening. | • De juiste code voor het betreffende apparaat is niet geactiveerd in de afstandsbediening. | • Activeer de juiste bedieningscode in de afstandsbediening (zie pagina 61). |
| • Er is iets aangesloten op de CONTROL IN aansluiting | • Richt de afstandsbediening op de afstandsbedieningssensor van het apparaat dat is aangesloten op de CONTROL IN aansluiting of verbreek de aansluiting op de CONTROL IN stekkerbus en bedien de versterker op normale wijze (zie Bediening van andere Pioneer componenten via de sensor van dit apparaat op pagina 68). | |
| De afstandsbediening kan niet goed worden opgeladen (het oplaadlampje licht niet op) of is erg snel weer ontladen. | • De afstandsbediening is niet goed op het oplaadapparaat geplaatst. | • Plaats de afstandsbediening zorgvuldig op het oplaadapparaat, zodat de uitsparing aan de onderkant van de afstandsbediening over de nokjes van het oplaadapparaat valt. |
| • De batterijen van de afstandsbediening zijn aan vervanging toe. | • Zie Vervangen van de lithium-ionenbatterijen op pagina 11. | |
| Op het scherm van de afstandsbediening knippert de aanduiding LOW BATTERY of verschijnt helemaal niets. | • De afstandsbediening moet worden opgeladen. | • Plaats de afstandsbediening opp het oplaadapparaat. Als de afstandsbediening een tijdlang niet is opgeladen, kan het scherm enkele minuten lang niets aangeven, maar na een tijdje zal het aanraakscherm verschijnen. Zie voor nadere aanwijzingen De afstandsbediening opladen op pagina 7. |
| Het scherm van de afstandsbediening toont niet of nauwelijks enige aanduiding. | • Het contrast van het afstandsbedieningsscherm moet worden bijgesteld. | • Gebruik de contrastregelaar aan de rechter zijkant van de afstandsbediening om het contrast naar wens in te stellen. |
| • De verlichting van het afstandsbedieningsscherm is ingeschakeld in een helder verlichte kamer. | • Schakel de schermverlichting uit. | |
| Bij indrukken van een ingangskeuzetoets op het HOME menuscherm wordt de ingangsbron van de versterker niet ingesteld op het gekozen apparaat. | • De Direct Function geluidsbron-bediening is uitgeschakeld, voor het apparaat dat u wilt bedienen. | • Volg de aanwijzingen onder Directe geluidsbron-bedieningsfunctie op pagina 64 om de directe bediening weer te kunnen gebruiken. |
| Het overnemen van afstandsbedieningssignalen met de aanleerfunctie werkt niet voor bepaalde toetsen. | • Wellicht hebt u een toets gekozen die niet geschikt is voor het aanleren van nieuwe commando’s. | • Kies een andere toets die wel geschikt is voor het aanleren van commando’s (zie Signalen overnemen van een andere afstandsbediening op pagina 63). |
| • U had al eerder een toets voor het aanleren gekozen. | • Druk nogmaals op dezelfde toets om uw keuze ongedaan te maken of druk op de END toets om een scherm terug te gaan (zie Signalen overnemen van een andere afstandsbediening op pagina 63). | |
| Het overschakelen naar een ander scherm met de op/neer-beeldschermtoetsen lukt niet. | • Er is voor deze functie maar één enkel keuzescherm of u hebt het laatste scherm bereikt voor de gekozen functie. | • Dit is geen storing in de werking. U kunt kiezen uit de getoonde mogelijkheden. |
| Het uitleosvenster verandert na keuze van een toets bij gebruik van de aanleerfunctie. | • U hebt een toets gekozen die dient voor het openen van een menu. | • Deze toetsen zijn niet te programmeren (zie Signalen overnemen van een andere afstandsbediening op pagina 63). |
Probleem Oorzaak Oplossing
| De SR bedieningskabel is aangesloten, maar de aangesloten apparatuur reageert niet op de afstandsbediening. | • De SR bedieningskabel is niet naar behoren aangesloten. | • Sluit de SR kabel opnieuw aan en let op dat de kabelstekker is aangesloten op de juiste aansluitbus (zie Bediening van andere Pioneer componenten via de sensor van dit apparaat op pagina 68). |
| • De rest van de nodige component-aansluitingen is nog niet gemaakt. | • Zorg voor een gewone analoge signaalaansluiting tussen de betreffende apparaten. | |
| • Het apparaat dat u hebt aangesloten is geen Pioneer apparaat. | • Deze bedieningsfunctie werkt alleen met Pioneer apparaten. | |
| Het aanraakscherm van de afstandsbediening reageert niet. | • Het scherm van de afstandsbediening is vastgeraakt (gestopt met werken). | • Start de afstandsbediening opnieuw op (zie Herstarten van de afstandsbediening op pagina 10). |
| De datum en de tijd zijn plotseling niet juist meer. | • De afstandsbediening heeft niet voldoende batterijspanning meer en daardoor is de datum automatisch teruggesteld. | • Stel de datum en de tijd opnieuw in (zie De klok gelijkzetten op pagina 9). |
Uitleesvenster
Probleem Oorzaak Oplossing
| Het uitleesvenster blijft donker of werkt niet. | • Het uitleesvenster is ingesteld op een donkere stand. | • Druk enkele malen op de DIMMER toets van de afstandsbediening om een andere helderheid voor het scherm te kiezen. |
| Na het maken van een instelling dooft het uitleesvenster. | • Het uitleesvenster is ingesteld op automatisch uitschakelen. | • Druk enkele malen op de DIMMER toets van de afstandsbediening om een andere helderheid voor het scherm te kiezen. |
| De DIGITAL of DORF aanduiding verschijnt niet, na indrukken van de SIGNAL SELECT toets. | • Er is iets mis met de digitale aansluitingen of de digitale ingang is niet goed toegewezen. | • Controleer de digitale aansluitingen en/of corrigeer de toewijzing van de digitale ingangen (zie Toewijzen van de digitale ingangen op pagina 83). |
| • De TAPE 2 bandmonitorfunctie is ingeschakeld. | • Druk op de TAPE 2 MONITOR toets om de nabandcontrole uit te schakelen (zie Meeluisteren naar de gemaakte opname op pagina 69). | |
| • U hebt ingesteld op een nog niet toegewezen i.LINK ingangsbron. | • Kies een andere ingangsbron of zorg voor een goede toewijzing van de i.LINK aansluitingen (zie Toewijzen van de i.LINK ingangen op pagina 84). | |
| Het Dolby/DTS indicatorlampje licht niet op bij afspelen van een Dolby/DTS geluidsbron. | • De speler staat in de pauzestand. • Druk op de weergavetoets. | |
| • De uitgangsinstellingen van de speler zijn niet juist. | • Stel de speler naar behoren in (raadpleeg zonodig de gebruiksaanwijzing van de speler). | |
| Bij afspelen van een DVD-Audio CD geeft het uitleesvenster van de DVD-speler 96kHz aan. Het uitleesvenster van de versterker echter niet. | • Het geluidssignaal van deze discs wordt alleen uitgestuurd door de analoge audio-aansluitingen van de DVD-speler; de versterker toont niet de corspronkelijke bemonsteringsfrequentie van het ingangssignaal via de analoge ingangen. | • Dit is geen storing in de werking. Zie ook de gebruiksaanwijzing van uw DVD-speler. |
| Tijdens afspelen van een DTS 96/24 geluidsbron geeft het uitleesvenster geen 96kHz aan. | • De geluidsbron wordt weergegeven met een lagere bemonsteringsfrequentie. | • Zie Luisteren naar tweetalige of dubbele mono geluidssporen op pagina 50 voor diverse manieren om geluidsbronnen te beluisteren zonder verlaging van de bemonsteringsfrequentie. |
| • Eén of meer van de DIGITAL NR MIDNIGHT of LOUDNESS klankverbeteringsfuncties is ingeschakeld. | • Schakel ze uit met een druk op de betreffende toets van de afstandsbediening of op het voorpaneel. | |
| Bij afspelen van een Dolby Digital of DTS geluidsbron gaan de digitaalformaat-aanduidingen van de versterker niet branden. | • Geen digitale aansluiting, of de digitale aansluiting is niet juist gemaakt. | • Controleer de digitale audio-aansluitingen (zie pagina 15). |
| • Het type ingangssignaal van de versterker staat ingesteld op analoog. | • Stel de versterker in op AUTO of DIGITAL (zie Keuze van het type ingangssignaal op pagina 44). | |
| • De DVD-speler staat ingesteld op weergave van Dolby Digital en/of DTS audio als PCM-signalen. | • Controleer de instellingen op de speler. Stel het uitgangssignaal in op Dolby Digital en DTS (geen PCM-conversie). Zie tevens de gebruiksaanwijzing van uw DVD-speler. | |
| • Deze disc kan verschillende audiosporen bevatten; waaronder het op dat moment weergegeven spoor in PCM-formaat. | • Schakel het audio-weergavekanaal van uw DVD-speler om. Zie de gebruiksaanwijzing van uw DVD-speler. | |
| Bij het afspelen van bepaalde discs gaat geen van de formaat-aanduidingen van de versterker branden. | • Het audioformaat van de weergegeven disc is geen 5.1/6.1-kanaals akoestieksignaal. | • Dit is geen storing in de werking. Controleer de verpakking van de disc voor nadere informatie over de audioformaten die op de disc gebruikt worden. |
| Probleem Oorzaak Oplossing | ||
| Bij het afspelen van een disc gaat de ☐☐ Pro Logic II of Neo:6 aanduiding branden op de versterker. | • Het type ingangssignaal staat ingesteld op analoog. | • Stel de versterker in op AUTO of DIGITAL (zie Keuze van het type ingangssignaal op pagina 44). |
| • Er wordt een 2-kanaals geluidsspoor weergegeven. | • Dit is geen storing in de werking. Controleer de verpakking van de disc voor nadere informatie over de audioformaten die op de disc gebruikt worden. | |
| • Het weergegeven geluidsspoor is gecodeerd voor Dolby Surround. | • Dit is geen storing in de werking. Controleer de verpakking van de disc voor nadere informatie over de audioformaten die op de disc gebruikt worden. | |
| Tijdens afspelen van een Surround EX of DTS ES geluidsbron met de Stream Direct of SB CH AUTO instelling, gaan de EX en ES aanduidingen niet branden, of wordt het signaal niet op de juiste wijze verwerkt. | • De geluidsbron kan wel Dolby Surround EX/ DTS ES geluidssignalen bevatten, maar heeft geen vlagsignaal om de 6.1-kanaals geschiktheid aan te geven. | • Schakel de middenachterkanaal-instelling (zie pagina 46) over naar SB CH ON en stel dan in op de THX Surround EX of Standard EX luisterfunctie (zie Luisteren naar rondom-akoestische weergave op pagina 39). |
i.LINK verbinding
| Probleem Oorzaak Oplossing | ||
| Er wordt geen geluid weergegeven. | • Er wordt geen signaal uitgestuurd door de i.LINK aansluitbus van het geluidsbron-apparaat. | • Raadpleeg de handleiding van het geluidsbron-apparaat. |
| • De gekozen weergavebron is niet geschikt voor i.LINK audio. | • Raadpleeg de handleiding van het geluidsbron-apparaat. | |
| • Het ingangssignaal staat ingesteld op ☐RF, DIGITAL of ANALOG. | • Stel in op i.LINK of AUTO met de SIGNAL SELECT toets (zie Keuze van het type ingangssignaal op pagina 44). | |
| De i.LINK aanduiding gaat niet branden wanneer er wordt ingesteld op een i.LINK-geschikt weergave-apparaat. | • Het ☐RF, DIGITAL of ANALOG ingangssignaal is gekozen. | • Stel in op i.LINK of AUTO met de SIGNAL SELECT toets (zie Keuze van het type ingangssignaal op pagina 44). |
| De weergaveformaat-aanduidingen verdwijnen niet na afloop van de SACD weergave. | • De weergaveformaat-aanduidingen blijven branden totdat er een ander soort geluidsbron wordt gekozen. | • Dit is geen storing in de werking. |
| De i.LINK aanduiding gaat branden bij indrukken van de SIGNAL SELECT toets. | • De i.LINK-geschikte apparatuur is niet in gereedheid. | • Schakel de apparatuur in en maak die gereed. |
| • De i.LINK ingangsinstelling is niet juist. | • Kies de juiste i.LINK ingangsinstelling (zie Toewijzen van de i.LINK ingangen op pagina 84). | |
| Na een “upgrade” of een vernieuwing van een apparaat wordt het niet meer herkend en kan er niet op worden ingesteld via de i.LINK verbinding. | • Afhankelijk van hoe ingrijpend de “upgrade” of vernieuwing is, kunnen bepaalde apparaten niet meer herkend worden door de versterker. | • Het kan nodig zijn de i.LINK geheugenbank in de versterker op te frissen: Zet de versterker in de “standby” ruststand en druk op de Ⓧ STANDBY/ON toets terwijl u de OPTION+ toets ingedrukt houdt. Wanneer er DB CLEAR? in het uitleesvenster verschijnt, drukt u op OPTION-, en dan ter bevestiging weer op OPTION+. Nadat u de i.LINK geheugenbank aldus hebt teruggesteld, verschijnt er DB CLEAR SET in het uitleesvenster. Als er DB ERROR verschijnt, volgt u de bovenstaande aanwijzingen opnieuw. |
i.LINK berichten
U kunt de volgende berichten zien verschijnen in het uitleesvenster op het voorpaneel, bij gebruik van de i.LINK verbinding.
| Bericht Betekenis | |
| BUS FULL | De i.LINK bus voor gegevensoverdracht is vol en kan niet meer gegevens doorzenden. |
| CANNOT LINK 1 | De verbinding tussen de versterker en het gekozen i.LINK-apparaat is onstabiel. Als de i.LINK kabels wel goed lijken te zijn aangesloten en zowel de versterker als het i.LINK-geschikte apparaat staat ingeschakeld, schakelt u dan beide apparaten eenmaal uit en dan weer in, om de verbinding tussen beide te herstellen. |
| CANNOT LINK 2 | De versterker herkent de gekozen i.LINK-geschikte apparatuur niet. Zo kan bijvoorbeeld de versterker een bepaalde personal computer met een i.LINK-aansluiting niet herkennen. |
| LINK CHECK | De versterker controleert het i.LINK-netwerk. Het apparaat doet dit wanneer er apparaten aan het netwerk worden toegevoegd of verwijderd. De geluidsweergave kan even onderbroken worden als deze controle plaatsvindt tijdens het afspelen van een geluidsbron. |
| LOOP CONNECT | Het i.LINK-netwerk functioneert niet goed omdat de aangesloten apparatuur een gesloten lus vormt. Zie Samenstellen van een i.LINK-netwerk op pagina 80 en 80 voor nadere bijzonderheden. |
| NO NAME | Wanneer een i.LINK-geschikt apparaat geen naam heeft, verschijnt dit bericht in plaats van de apparaatnaam. |
| NO SIGNAL | Een apparaat verstuurt een i.LINK-signaal dat de versterker niet kan weergeven. Deze versterker kan alleen signalen weergaven van i.LINK-Audio-geschikte apparaten. Zie Omtrent i.LINK op pagina 79 voor nadere bijzonderheden. |
| PQLS OFF | Deze aanduiding verschijnt wanneer de PQLS functie wordt uitgeschakeld tijdens het afspelen. De geluidsweergave kan even onderbroken worden wanneer dit gebeurt. |
| PQLS ON | Deze aanduiding verschijnt wanneer de PQLS functie wordt ingeschakeld tijdens het afspelen. De geluidsweergave kan even onderbroken worden wanneer dit gebeurt. |
| UNKNOWN | Wanneer de naam van een i.LINK-geschikt apparaat niet herkend wordt, verschijnt dit bericht in plaats van de apparaatnaam. |
USB verbinding
| Probleem Oorzaak Oplossing | ||
| Er klinkt geen geluid. | • De computer-instellingen zijn niet juist. | • Zorg dat u het computersysteem goed hebt ingesteld voor weergave via de USB verbinding (zie Gebruik van de USB-aansluiting op pagina 80). |
| • De geluidsbron, althans het materiaal dat u probeert weer te geven, is niet geschikt voor weergave door de USB-aansluiting. | • Probeer het met een meer recente versie van het programma dat u gebruikt, schakel over op een ander programma of probeer een andere geluidsbron. | |
| • Op uw computer staat de geluidssterkte te ver teruggedraaid. | • Stel de geluidssterkte op uw computer wat hoger in. | |
| Eén of meer kanalen geven geen geluid. | • De instellingen van het programma zijn niet juist, of het programma dat u gebruikt is niet geschikt voor meerkanaals-geluidsweergave. | • Probeer of u de instellingen van het programma kunt aanpassen. Als dat niet werkt, gebruik dan een ander programma of meer recente versie van het gebruikte programma of probeer een andere geluidsbron. |
| • Er is een verkeerde ingangsinstelling gekozen voor de USB-aansluiting. | • Kies de juiste ingang (zie Keuze van de USB en analoge meerkanaals-ingangen op pagina 45). | |
Diversen
| Probleem Oorzaak Oplossing | ||
| De versterker schijnt niet goed te reageren op indrukken van de toetsen. | • Statische electriciteit door te droge lucht. | • Schakel de stroom eenmaal uit en dan weer in. Als dat niet het gewenste effect heeft, trekt u dan even de stekker uit het stopconact en steekt u die even later weer in. |
| Eén van de Home THX 7.1-kanaal luisterfuncties is gekozen, maar er zijn bepaalde mogelijkheden niet beschikbaar. | • Er is maar één middenachterluidspreker aangesloten, of de huidige instellingen gelden voor maar één middenachterluidspreker. | • Zorg dat er twee middenachterluidsprekers zijn aangesloten (zie Aansluiten van de luidsprekers op pagina 24) en maak de nodige instellingen, zoals beschreven onder Luidsprekersystemen op pagina 52. |
| Er schijnt een zekere vertraging te zijn tussen de weergave van de gewone luidsprekers en die van de "subwoofer" lagetonenluidspreker. | • Het subwoofer-kanaal kan ietwat vertraagd worden als het door een laagdoorlaatfilter wordt uitgestuurd. | • Zie Automatische instellingen voor rondom-akoestiek op pagina 35 om uw installatie opnieuw in te stellen met behulp van het MCACC systeem (dit zal automatisch compenseren voor de vertraging in de subwoofer-weergave). |
| De versterker schijnt de laatst gekozen geluidssterkte voor het uitschakelen niet te onthouden. | • De versterker was uitgeschakeld onmiddellijk na het kiezen van een andere geluidssterkte. | • Wacht na het veranderen van de geluidssterkte tenminste twee seconden voordat u de versterker uitschakelt. |
| De versterker schijnt de laatst gemaakte instellingen voor het uitschakelen niet te onthouden. | • De versterker was uitgeschakeld onmiddellijk na het kiezen van een andere instelling. | • Wacht na het veranderen van de instelling tenminste twee seconden voordat u de versterker uitschakelt. |

Opmerking
- Als het apparaat niet goed werkt en dat kan te wijten zijn aan externe oorzaken zoals statische electriciteit, trekt u dan de stekker uit het stopcontact en steek die even later weer in, om de normale werking van de versterker te herstellen.
Weergaveformaten voor rondom- akoestiek
Hieronder volgt een beknopt overzicht van de voornaamste weergaveformaten voor rondom-akoestiek zoals u die kunt aantreffen op DVD discs, satelliet-uitzendingen, aardstation- en kabel-TV uitzendingen en videocassettes.
Dolby
De diverse Dolby technieken worden hieronder kort beschreven. Zie de www.dolby.com website voor meer gedetailleerde informatie.

Dolby Digital
Dolby Digital is een digitaal meerkanaals-audio codeersysteem dat algemeen toegepast wordt in bioscopen, en ook in filmgeluid voor in de huiskamer, op DVD discs en in digitale uitzendingen. Dit formaat biedt tot zes afzonderlijke geluidskanalen, inclusief vijf kanalen met volledig bereik plus een speciaal LFE (lagefrequentie effecten) kanaal dat voornamelijk dient voor diepe, dreunende geluidseffecten; vandaar de term "5.1-kanaals" Dolby Digital.
Naast deze standaard weergave biedt de Dolby Digital decodeertrap ook de mogelijkheid kanalen samen te mengen voor aanpassing aan mono, stereo en Dolby Pro Logic geluid, met een ruime keuze aan bitwaarden en kanalen. Nog een extra functie, dialoog-normalisatie (kortweg Dialnorm), past de geluidssterkte aan bij het gemiddelde niveau van de dialoog ten opzichte van het piekniveau, om een gelijkmatige weergave te bereiken.
Dolby Digital Surround EX
Dolby Digital Surround EX (de EX staat voor EXtended, uitgebreid) is een uitbreiding van de Dolby Digital codering waarbij een middenachterkanaal via een matrix wordt opgebouwd en toegevoegd aan de linker/rechter achterkanalen, voor een complete 6.1-kanaals weergave. Dit maakt het formaat geschikt voor Dolby Digital 5.1-kanaals decodering, naast de eigen decodering van Dolby Digital EX.
Dolby Pro Logic IIx en Dolby Surround
Dolby Pro Logic IIx is een verbeterde versie van het Dolby Pro Logic II (en Dolby Pro Logic) decodeer- systeem. Door toepassing van een nieuw ontwikkeld "sturingslogica" circuit, creëert dit systeem rondom-akoestiekweergave uit diverse geluidsbronnen, als volgt:
- Dolby Pro Logic – 4.1-kanaals geluid (mono achterkanalen) voor elke stereo geluidsbron
- Dolby Pro Logic II – 5.1-kanaals geluid (stereo achterkanalen) voor elke stereo geluidsbron
- Dolby Pro Logic IIx – 6.1 of 7.1-kanaals geluid (stereo achterkanalen en middenachterkanalen) voor twee-kanaals of 5.1(en 6.1)-kanaals geluidsbronnen
Met twee-kanaals geluidsbronnen wordt het ".1" lagetonen-kanaal opgewekt door de basverwerkingscircuits in de versterker. Dolby Surround is een codeer-systeem dat informatie voor de akoestiekweergave vastlegt binnen een stereo geluidsspoor, op grond waarvan een Dolby Pro Logic decodeertrap dan een ruimtelijke akoestiekweergave kan leveren, met helder gedetailleerd geluid.
Vervaardigd onder licentie van Dolby Laboratories. "Dolby", "Pro Logic", "Surround Ex" en het dubbele-D symbool zijn handelsmerken van Dolby Laboratories.
DTS
De diverse DTS technieken worden hieronder kort beschreven. Zie de www.dtstech.com website voor meer gedetailleerde informatie.

DTS Digital Surround is een 5.1-kanaals audiocodeersysteem van Digital Theater Systems Inc. dat ruime toepassing heeft gevonden voor DVD-Video, DVD-Audio, 5.1-kanaals muziekdiscs, digitale uitzendingen en videospelletjes. Dit formaat levert tot zes afzonderlijke geluidskanalen, met vijf breedbandkanalen plus een LFE kanaal. Een betere geluidskwaliteit wordt bereikt door toepassing van een lage compressieverhouding en hoogwaardige gegevensoverdracht tijdens de weergave.
DTS-ES
DTS-ES (de ES staat voor Extended Surround) is een decodeerfunctie die geschikt is voor de decoding van zowel DTS-ES Discrete 6.1 als DTS-ES Matrix 6.1 gecodeerde geluidsbronnen. DTS-ES Discrete 6.1 geeft een 'reëel' 6.1-kanaals geluid, met een volkomen gescheiden (discreet) middenachterkanaal. DTS-ES Matrix 6.1 voegt via een matrix een middenachterkanaal toe aan de linker/rechter achterkanalen. Beide geluidsbronnen zijn ook geschikt voor verwerking door een conventionele DTS 5.1-kanaals decodeertrap.
DTS Neo:6
DTS Neo:6 kan 6.1-kanaals akoestiekweergave leveren met elke matrix-gebaseerde stereobron (zoals video en TV) en ook met 5.1-kanaals bronnen. Dit formaat gebruikt zowel de kanaal-informatie die al in de bron gecodeerd is, als zijn eigen verwerkingssysteem voor het lokaliseren van de kanalen (met twee-kanaals geluidsbronnen wordt het ".1" lagetonen-kanaal opgewekt door de basverwerkingscircuits in de versterker). Er zijn twee luisterfuncties (Cinema en Muziek) beschikbaar bij gebruik van DTS Neo:6 met twee-kanaals geluidsbronnen.
DTS 96/24
DTS 96/24 is een uitbreiding van de oorspronkelijke DTS Digital Surround, die topkwaliteit geluidsweergave biedt van 96 kHz/24-bit audio met behulp van een DTS 96/24 decodeertrap. Dit formaat is ook volledig geschikt voor alle bestaande decodeersystemen. Dat houdt in dat ook DVD-spelers dit soort geluidsbronnen kunnen weergeven met een conventionele DTS 5.1-kanaals decodeertrap.
"DTS", "DTS-ES", "DTS 96/24" en "Neo:6" zijn handelsmerken van Digital Theater Systems, Inc.
Windows Media® Audio 9 Professional
Windows Media® Audio 9 Professional (WMA9 Pro) is een discreet akoestiekformaat ontwikkeld door de Microsoft Corporation.

WMA9 Pro is geschikt voor volledige 5.1/7.1-kanaals weergave met bemonsteringsfrequencies tot 24-bit/96 kHz. Met de eigen unieke WMA compressietechniek levert WMA9 Pro meerkanaals-muziek en filmgeluid over snelle internetnetwerken met lage bitwaarden en minimale aantasting van de geluidskwaliteit. De weergave kan plaatsvinden via de Windows Media® Player 9 Series (of door anderen ontwikkelde mediaspelers) op een personal computer, of met een audio/video-versterker met ingebouwde WMA9 Pro decodeertrap.
Windows Media ^® en het Windows beeldmerk zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken van Microsoft Corporation in de Verenigde Staten en/of andere landen.
PCM (Puls-Code Modulatie)
PCM (ook bekend als lineaire PCM) is een digitaal audio-codeersysteem dat geen gebruik maakt van compressie om de hoeveelheid gegevens te beperken die nodig is voor de weergave van analoge geluidssignalen. PCM audio wordt aangetroffen op CD's en sommige DVD's.
Omtrent THX®
THX is een exclusief stel normen en technieken ontwikkeld door de wereldberoemde filmproductie-maatschappij, Lucasfilm Ltd. Deze normen en technieken werden ontwikkeld voor het samenstellen van filmgeluid, voor weergave in bioscoopzalen evenals in uw huisbioscoop, om zo levensecht mogelijk de intenties van de filmmakers over te brengen. De THX technieken worden hieronder kort beschreven. Zie de www.thx.com website voor meer gedetailleerde informatie.

THX Cinema™ verwerking
De THX technici ontwikkelden diverse gepatenteerde technieken om zo accuraat mogelijk het ruimtelijke bioscoopgeluid in de huiskamer weer te geven, met correctie van de inherente afwijkingen in klankkleur en ruimtelijke diepgang. Wanneer de THX aanduiding oplicht in het uitleesvenster, worden de THX functies automatisch toegevoegd aan de Cinema luisterfuncties (zie Gebruik van de Home THX functies op pagina 41).
Re-Equalization™
De klankkleur van een filmgeluidsspoor kan vaak extreem scherp en schel overkomen bij weergave via gewone geluidsapparatuur in de huiskamer, omdat het filmgeluid werd samengesteld voor weergave in grote bioscoopzalen via totaal andere professionele apparatuur. Re-Equalization zorgt voor correctie van de klankkleur, zodat u kunt genieten van een fraai natuurlijk klinkend filmgeluid in uw eigen huiskamer.
Timbre Matching™
Deze functie filtert het geluid dat naar de achterluidsprekers gestuurd wordt, om het beter aan te passen bij het geluid via de voorluidsprekers. Dit zorgt voor een soepele, ongemerkte overgang tussen de voor- en achterluidsprekers bij alle bewegingseffecten.
Door de tijd en fase van het ene akoestiekkanaal ietwat te verschuiven ten opzichte van het andere akoestiekkanaal, zorgt de Adaptive Decorrelation voor een verruiming van de optimale luisterpositie, met dezelfde ruimtelijke akoestiekbeleving als in een bioscoopzaal met behulp van slechts twee gewone luidsprekers.
THX Ultra2™
Voordat enige huisbioscoop-apparatuur de THX Ultra2™ certificatie kan verdienen, moet de apparatuur voorzien zijn van alle hier genoemde functies en bovendien een strenge serie tests hebben doorstaan op ontwerpkwaliteit en prestaties. THX Ultra2™ vereisten strekken zich uit tot elk aspect van het product, inclusief de werking en prestaties van de voorversterkertrap en letterlijk honderden andere parameters op zowel digitaal als analoog audiogebied.
THX Surround EX™
THX Surround EX-Dolby Digital Surround EX is een gezamelijke ontwikkeling van THX Ltd. en Dolby Laboratories. Deze techniek biedt een extra middenachterkanaal, voor een grotere diepte, ruimtelijke akoestiek, een duidelijk gelocaliseerd geluidsbeeld en een heldere detaillering achter de luisteraar.
Dit product kan de THX Surround EX functie ook inschakelen tijdens de weergave van 5.1-kanaals geluidsmateriaal dat niet met Dolby Digital Surround EX gecodeerd is. In een dergelijk geval kan de informatie die wordt overgebracht naar het middenachterkanaal wel eens onverwachte resultaten opleveren.
Advanced Speaker Array™ (ASA)
Door het opstellen van uw huisbioscoop-installatie met gebruik van alle acht luidsprekeruitgangen en de twee middenachterluidsprekers dicht bijeen geplaatst, zoals getoond in de schematische voorstelling onder THX luidsprekersysteem-opstelling op pagina 91, zal de rondom-akoestiekbeleving ideaal geschikt zijn voor de THX Ultra2™ Cinema en THX MusicMode functies.
THX's ASA-circuits zullen automatisch alle DTS-ES (Matrix en 6.1Discrete) en Dolby Digital Surround EX gecodeerde filmgeluidssporen optimaal verwerken voor een juiste weergave met gebruik van alle 8 luidsprekers.
Houd er rekening mee dat in sommige Dolby Digital Surround EX filmgeluidssporen het digitale vlagsignaal ontbreekt waarmee de ASA automatisch wordt ingeschakeld. Als u weet dat de film die u bekijkt is opgenomen met een Surround EX codering, kunt u zo nodig ook handmatig de THX Surround EX weergavefunctie inschakelen.
THX Ultra2™ Cinema functie
Deze functie dient voor weergave van 5.1-kanaals filmgeluid met gebruik van alle 8 luidsprekers, voor de best mogelijke beleving van speelfilms. Bij deze functie zorgt de ASA verwerking voor een uitgebalanceerde menging van de achterluidsprekers opzij en de middenachterluidsprekers, voor een harmonisch samenspel van achtergrondgeluid en specifiek gerichte akoestiekweergave.
THX MusicMode™
De ASA techniek optimaliseert de weergave van 5.1-gecodeerde muziekbronnen zoals DTS en Dolby Digital, met gebruik van alle 8 luidsprekers in uw opstelling.
Boundary Gain Compensation™
Afhankelijk van uw luisterplaats en de opstelling van uw "subwoofer" lagtonenluidspreker, kunt u wel eens geconfronteerd worden met al te opdringerige bassen. Dit resonantiebeperkingssysteem compenseert voor de boemerige lage tonen die worden veroorzaakt door het zgn. "boundary gain effect". Deze functie werkt in combinatie met een subwoofer die gewaarmerkt is volgens de THX Ultra2™ specificaties.
THX en Ultra 2 zijn handelsmerken of gedeponeerde handelsmerken van THX Ltd. Surround EX is een in samenwerking ontwikkelde technologie van THX en Dolby Laboratories en is een handelsmerk van Dolby Laboratories. Gebruikt met toestemming van de eigenaar. Alle rechten voorbehouden.
Onderhoud van de buitenkant van het apparaat
- Gebruik een zachte, droge doek om stof en vuil van de ombouw te verwijderen.
- Hardnekkig vuil kunt u verwijderen met een zachte, licht vochtige doek met wat zeepsop van een scheutje mild afwasmiddel in vijf of zes delen water, grondig uitgewrongen, om het apparaat vervolgens goed na te drogen met een droge doek. Gebruik nooit andere reinigingsmiddelen of wrijfwas.
- Gebruik geen thinner, wasbenzine, spuitbusmiddelen of andere chemicaliën op of vlakbij dit apparaat, want dat zou corrosie van het oppervlak kunnen veroorzaken.
Technische gegevens
Versterker-gedeelte
Continu uitgangsvermogen (stereo-weergave)
Voorkanalen. . . . 170 W + 170 W (DIN 1 kHz, THV 1 %, 6 Ω)
Continu uitgangsvermogen (akoestiek-weergave)
Voorkanalen. . . . 170 W + 170 W (DIN 1 kHz, THV 1 %, 6 Ω)
Middenkanaal .....170 W (DIN 1 kHz, THV 1 %, 6 Ω)
Achterkanalen.... 170 W + 170 W
(DIN 1 kHz, THV 1 %, 6 Ω)
Middenachterkanalen 170 W + 170 W
(DIN 1 kHz, THV 1 %, 6 Ω)
Nominaal uitgangsvermogen 150 W + 150 W
(20 Hz–20 kHz, THV 0,09%, 6 Ω)
- Bovenstaande specificaties gelden bij een stroomvoorziening van 230 V.
Audio-gedeelte
Ingangen (gevoeligheid/impedantie)
PHONO MM 4,7 mV/47 kΩ
LINE....382 mV/47 kΩ
Phono-oversturingsniveau (T.H.V. 0,1%, 1kHz)
PHONO MM 120 mV
Frequentiebereik
PHONO MM....20 Hz tot 20.000 Hz ± 0.3 dB
LINE. 5 Hz tot 100.000 Hz dB
Uitgangen (niveau/impedantie)
LINE 382 mV/2,2 kΩ
Toonregeling
BASS (laag) ± 6 dB (100 Hz)
TREBLE (hoog) ± 6 dB (10 kHz)
LOUDNESS (fysiologisch)....+4/+2 dB (100Hz/10 kHz)
(bij volume-instelling -40 dB)
Signaal/ruisverhouding (IHF, kortgesloten, A-netwerk)
PHONO MM....86 dB
LINE....105 dB
Signaal/ruisverhouding [DIN (continu nominaal
uitgangsvermogen/50 mW)]
PHONO MM 70/68 dB
LINE. 93/73 dB
Video-gedeelte
Ingangen (gevoeligheid/impedantie) ..... 1 Vt-t/75 Ω
Uitgangen (niveau/impedantie).... 1 Vt-t/75 Ω
Signaal/ruisverhouding....70 dB
Frequentiebereik .... 5 Hz tot 10 MHz ^+0_-3 dB
Component-video gedeelte
Ingangen (gevoeligheid/impedantie) ..... 1 Vt-t/75 Ω
Uitgangen (niveau/impedantie).... 1 Vt-t/75 Ω
Signaal/ruisverhouding....70 dB
Frequentiebereik .... 5 Hz tot 100 MHz ^+9 dB
Algemeen
Stroomvereiste..... 220-230 V Wisselstroom, 50/60 Hz
Stroomverbruik 725 W
Stroomverbruik in "standby" ruststand 0,65 W
Netstroomuitgang
SWITCHED (geschakeld) ..... 100 W (0,4 A) MAX
Afmetingen....440 (B) × 210 (H) × 476 (D) mm
Gewicht (netto).... 34,0 kg
Bijgeleverd toebehoren
Microfoon 1
Afstandsbediening 1
Afstandsbediening-oplaadapparaat....1
Netspanningsadapter 1
Netstroom-verloopsnoeren 1
Netsnoer....1
Gids voor de meerkanaals-audio luidsprekerinstellingen .. 1
Deze gebruiksaanwijzing 1

Opmerking
- Wijzigingen in ontwerp en technische gegevens zonder kennisgeving voorbehouden, in verband met eventuele verbeteringen.
Uitgegeven door Pioneer Corporation.
Alle rechten voorbehouden.
PIONEER CORPORATION 4-1, Meguro 1-Chome, Meguro-ku, Tokyo 153-8654, Japan
PIONEER ELECTRONICS (USA) INC. P.O. BOX 1540, Long Beach, California 90810-1540, U.S.A. TEL: (800) 421-1404