SKS81240F0 - Koelkast AEG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis SKS81240F0 AEG in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding SKS81240F0 - AEG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. SKS81240F0 van het merk AEG.
GEBRUIKSAANWIJZING SKS81240F0 AEG
17 19 21 23 24 26 28 29 30 31
VOOR PERFECTE RESULTATEN Bedankt dat u voor dit AEG product heeft gekozen. Dit apparaat is ontworpen om vele jaren uitstekend te presteren, met innovatieve technologieën die het leven gemakkelijker helpen maken – functies die gewone apparaten wellicht niet hebben. Neem een paar minuten de tijd om het door te lezen zodat u er optimaal van kunt profiteren. Ga naar onze website voor: Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen en onderhoudsinformatie: www.aeg.com Registreer uw product voor een betere service: www.aeg.com/productregistration Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor uw apparaat: www.aeg.com/shop
KLANTENSERVICE Wij raden altijd het gebruik van originele onderdelen aan. Zorg er als u contact opneemt met de klantenservice voor dat u de volgende gegevens bij de hand hebt. De informatie staat op het typeplaatje. model, productnummer, serienummer. Waarschuwing - Belangrijke veiligheidsinformatie. Algemene informatie en tips Milieu-informatie Wijzigingen voorbehouden.
VEILIGHEIDSINFORMATIE In het belang van uw veiligheid en om een correct gebruik te kunnen waarborgen is het van belang dat u, alvorens het apparaat te installeren en in gebruik te nemen, deze gebruiksaanwijzing, inclusief de tips en waarschuwingen, grondig doorleest. Om onnodige vergissingen en ongevallen te voorkomen is het belangrijk ervoor te zorgen dat alle mensen die het apparaat gebruiken, volledig bekend zijn met de werking ervan en de veiligheidsvoorzieningen. Bewaar deze instructies en zorg ervoor dat zij bij het apparaat blijven als het wordt verplaatst of verkocht, zodat iedereen die het apparaat gedurende zijn hele levensduur gebruikt, naar behoren is geïnformeerd over het gebruik en de veiligheid van het apparaat. Voor de veiligheid van mensen en eigendommen dient u zich aan de voorzorgsmaatregelen uit dit instructieboekje te houden, de fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door het niet opvolgen van de aanwijzingen veroorzaakt is.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare mensen • Dit apparaat is niet bedoeld voor gebruik door personen (waaronder begrepen kinderen) met verminderde fysieke, zintuiglijke vermogens of een gebrek aan ervaring en kennis, tenzij dit onder toezicht gebeurt van een voor hun veiligheid verantwoordelijke persoon of tenzij zij van een dergelijke persoon instructie hebben ontvangen over het gebruik van het apparaat. Houd kinderen uit de buurt om te voorkomen dat ze met het apparaat gaan spelen. • Houd alle verpakkingsmateriaal buiten het bereik van kinderen. Gevaar voor verstikking. • Als u het apparaat afdankt trek dan de stekker uit het stopcontact, snij de voedingskabel door (zo dicht mogelijk bij het apparaat) en verwijder de deur om te voorkomen dat kinderen een elektrische schok krijgen of zichzelf in het apparaat opsluiten.
• Als dit apparaat, dat voorzien is van een magnetische deursluiting, een ouder apparaat vervangt, dat voorzien is van een veerslot (slot) op de deur of het deksel, zorg er dan voor dat u het slot onbruikbaar maakt voordat u het oude apparaat weggooit. Dit voorkomt dat kinderen er in opgesloten kunnen raken.
1.2 Algemene veiligheid WAARSCHUWING! Houd de ventilatieopeningen altijd vrij van obstructies; dit geldt zowel voor losstaande als ingebouwde modellen. • Dit apparaat is bedoeld voor het bewaren van levensmiddelen en/of dranken in een gewoon huishouden, zoals uitgelegd in dit instructieboekje. • Gebruik geen mechanische hulpmiddelen of kunstgrepen om het ontdooiproces te versnellen. • Gebruik geen andere elektrische apparaten (bijvoorbeeld ijsmachines) in koelkasten, tenzij ze voor dit doel goedgekeurd zijn door de fabrikant. • Let op dat u het koelcircuit niet beschadigt. • Het koelmiddel isobutaan (R600a) bevindt zich in het koelcircuit van het apparaat, dit is een natuurlijk gas dat weliswaar milieuvriendelijk is, maar ook uiterst ontvlambaar. Controleer of de onderdelen van het koelcircuit tijdens transport en installatie van het apparaat niet beschadigd zijn geraakt. Indien het koelcircuit beschadigd is: – open vuur en ontstekingsbronnen vermijden – de ruimte waar het apparaat zich bevindt grondig ventileren • Het is gevaarlijk om wijzigingen aan te brengen in de specificaties of dit product op enigerlei wijze te modificeren. Een beschadigd netsnoer kan kortsluiting, brand en/of een elektrische schok veroorzaken.
WAARSCHUWING! Alle elektrische onderdelen (netsnoer, stekker, compressor) mogen om gevaar te voorkomen uitsluitend worden vervangen door een erkende onderhoudsdienst of gekwalificeerd onderhoudspersoneel. Het netsnoer mag niet verlengd worden. 2. Verzeker u ervan dat de stekker niet platgedrukt of beschadigd wordt door de achterkant van het apparaat. Een platgedrukte of beschadigde stekker kan oververhit raken en brand veroorzaken. 3. Verzeker u ervan dat u de stekker van het apparaat kunt bereiken. 4. Trek niet aan het snoer. 5. Als de stekker los zit, steek hem dan niet in het stopcontact. Dan bestaat er een risico op een elektrische schok of brand. 6. U mag het apparaat niet gebruiken zonder het afdekkapje (indien van toepassing) van het lampje. Dit apparaat is zwaar. Wees voorzichtig als u het apparaat verplaatst. Haal geen artikelen uit het vriesvak en raak ze niet aan als uw handen vochtig/nat zijn, dit kan uw huid beschadigen of vrieswonden veroorzaken. Stel het apparaat niet langdurig bloot aan direct zonlicht. De eventuele gloeilampen in dit apparaat zijn speciaal geselecteerd en uitsluitend bedoeld voor gebruik in huishoudelijke apparaten. De lampjes zijn niet geschikt voor de verlichting van ruimtes. 1.
1.3 Dagelijks gebruik • Zet geen hete potten op de kunststof onderdelen in het apparaat. • Bewaar geen brandbare gassen of vloeistoffen in het apparaat, deze kunnen ontploffen. • U dient zich strikt te houden aan de aanbevelingen van de fabrikant van het apparaat met betrekking tot het bewaren van voedsel. Raadpleeg de betreffende aanwijzingen.
1.4 Onderhoud en reiniging • Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoudshandelingen verricht. • Maak het apparaat niet met metalen voorwerpen schoon. • Controleer de afvoer in de koelkast regelmatig op dooiwater. Reinig de afvoer, indien nodig. Als de afvoer verstopt is, zal er zich water onder in het apparaat verzamelen.
1.5 Installatie Voor de aansluiting van elektriciteit dienen de instructies in de desbetreffende paragrafen nauwgezet te worden opgevolgd. • Pak het apparaat uit en controleer of er beschadigingen zijn. Sluit het apparaat niet aan als het beschadigd is. Meld mogelijke beschadigingen onmiddellijk bij de winkel waar u het apparaat gekocht heeft. Gooi in dat geval de verpakking niet weg. • Wij adviseren u om 4 uur te wachten voordat u het apparaat aansluit, dan kan de olie terugvloeien in de compressor. • Rond het apparaat dient adequate luchtcirculatie te zijn, anders kan dit tot oververhitting leiden. Om voldoende ventilatie te verkrijgen de instructies met betrekking tot de installatie opvolgen. • De achterkant dient zo mogelijk tegen een muur geplaatst te worden, teneinde te voorkomen dat hete onderdelen (compressor, condensator) aangeraakt kunnen worden en brandwonden veroorzaken. • Het apparaat mag niet vlakbij radiatoren of kooktoestellen geplaatst worden. • Verzeker u ervan dat de stekker bereikbaar is nadat het apparaat geïnstalleerd is. • Aansluiten op de drinkwatervoorziening (indien voorzien van een wateraansluiting).
digen, niet in het koelcircuit en evenmin in de isolatiematerialen. Het apparaat mag niet worden weggegooid bij het normale huishoudelijke afval. Het isolatieschuim bevat ontvlambare gassen: het apparaat moet weggegooid worden conform de van toepassing zijnde regels die u bij de lokale overheidsinstanties kunt verkrijgen. Voorkom beschadiging aan de koeleenheid, vooral aan de achterkant bij de warmtewisselaar. De materialen die gebruikt zijn voor dit apparaat en die voorzien zijn van het zijn recyclebaar. symbool
1.6 Onderhoud • Alle elektrotechnische werkzaamheden die noodzakelijk zijn voor het uitvoeren van onderhoud aan het apparaat, dienen uitgevoerd te worden door een gekwalificeerd elektricien of competent persoon. • Dit product mag alleen worden onderhouden door een erkend onderhoudscentrum en er dient alleen gebruik te worden gemaakt van originele reserveonderdelen.
1.7 Bescherming van het milieu Dit apparaat bevat geen gassen die de ozonlaag kunnen bescha-
2. BEDIENINGSPANEEL 1
2 Toets om de temperatuur hoger te
zetten 3 Toets om de temperatuur lager te zetten 4 OK-toets 5 Mode-toets
6 ON/OFF-toets Het is mogelijk om het vooraf ingestelde geluid van toetsen te wijzigen in een hard geluid door de Mode -toets en de toets om de temperatuur kouder te zetten, tegelijkertijd gedurende enkele seconden in te drukken. U kunt deze wijziging ongedaan maken.
1 Timerfunctie 2 COOLMATIC-functie 3 Minute Minder -functie 4 Kinderslotfunctie 5 Alarmlampje 6 temperatuurlampje 7 FROSTMATIC-functie
2.2 Inschakelen Ga als volgt te werk om het apparaat in te schakelen: 1. Steek de stekker in het stopcontact.
Druk op de ON/OFF -toets van het apparaat als het display uit is. 3. Het alarm kan na een paar seconden afgaan. Zie 'Alarm hoge temperatuur' voor informatie over het resetten van het alarm. 4. Als "dEMo" verschijnt op het display, staat het apparaat in de demonstratiestand. Raadpleeg de paragraaf "Problemen oplossen". 5. Het temperatuurlampje toont de ingestelde standaardtemperatuur. Zie 'Temperatuurregeling' om een andere temperatuur in te stellen.
2.3 Uitschakelen Ga als volgt te werk om het apparaat uit te schakelen: 1. Druk de ON/OFF-toets van het apparaat gedurende 5 seconden in. 2. Het display wordt uitgeschakeld. 3. Trek de stekker uit het stopcontact om de stroomtoevoer naar het apparaat af te sluiten.
2.4 Temperatuurregeling De ingestelde temperatuur van de koelkast kan worden aangepast door op de thermostaatknoppen te drukken. Standaard ingestelde temperatuur: +5 °C voor de koelkast. Het temperatuurlampje toont de ingestelde temperatuur. De ingestelde temperatuur zal binnen 24 uur worden bereikt. Na een stroomonderbreking blijft de ingestelde temperatuur opgeslagen.
2.5 Minute Minder-functie DeMinute Minder -functie wordt gebruikt om een akoestisch alarm in te stellen op een bepaalde tijd. Dit is bijvoorbeeld nuttig wanneer een recept gedurende een bepaalde tijd moet afkoelen of wanneer u niet wilt vergeten dat u flessen in de vriezer hebt geplaatst om ze snel te laten afkoelen. Om de functie aan te zetten: 1. Druk op de Mode-toets tot het bijbehorende pictogram verschijnt.
Het Minute Minder -lampje knippert. De timer toont gedurende enkele seconden de ingestelde waarde (30 minuten). 2. Druk op de timerknop om de waarde van de timer te wijzigen van 1 tot 90 minuten. 3. Druk op de OK-toets om te bevestigen. Het Minute Minder -lampje wordt getoond. De timer begint te knipperen (min). Op het einde van de aftelling knippert het Minute Minder -lampje en klinkt een alarm: 1. Verwijder alle drankjes uit het vriesvak. 2. Druk op de OK -knop om de klank uit te schakelen en de functie te beeindigen. U kunt de functie op elk moment uitzetten. 1. Druk op de Mode-knop tot het Minute Minder -indicatielampje knippert. 2. Druk op de OK-knop om te bevestigen. 3. Het Minute Minder -indicatielampje gaat uit. U kunt de tijd tijdens het aftellen en na afloop altijd wijzigen door op de knop Temperatuur kouder en de knop Temperatuur warmer te drukken.
2.6 Kinderslot-functie Selecteer de kinderslotfunctie om de bediening van de knoppen te vergrendelen tegen onbedoelde bediening. Voor inschakeling van de functie: 1. Druk op de Mode-knop tot het bijbehorende pictogram verschijnt. 2. Het indicatielampje Kinderslot knippert. 3. Druk op de OK-knop om te bevestigen. Het indicatielampje Kinderslot wordt getoond. Voor uitschakeling van de functie: 1. Druk op de Mode-knop tot het indicatielampje Kinderslot knippert. 2. Druk op de OK-knop om te bevestigen.
Het indicatielampje Kinderslot gaat uit.
2.7 Alarm bij open deur Als de deur enkele minuten heeft opengestaan, klinkt er een geluidsalarm. De alarmtoestand bij geopende deur wordt aangegeven door: • Een knipperend alarmlampje • Zoemer Als de normale omstandigheden zijn hersteld (deur gesloten), wordt het geluidsalarm uitgeschakeld. Tijdens het alarm kan de zoemer worden uitgeschakeld door op de alarmknop te drukken.
2.8 COOLMATIC-functie Als u een grote hoeveelheid warm voedsel, bijvoorbeeld na het doen van de boodschappen, in de koelkast wilt plaatsen, adviseren wij u de COOLMATICfunctie in te schakelen om deze producten sneller te koelen en om te voorkomen dat voedsel dat al in de koelkast ligt warm wordt. Om de functie aan te zetten: 1. Druk op de Mode-knop tot het bijbehorende pictogram verschijnt. Het COOLMATIC-lampje knippert. 2. Druk op de toets OK om te bevestigen. Het COOLMATIC-lampje wordt getoond. De COOLMATIC-functie wordt automatisch na ongeveer 6 uur uitgeschakeld.
Om de functie uit te schakelen voor deze automatisch afloopt: 1. Druk op de Mode-knop tot het COOLMATIC-lampje knippert. 2. Druk op de OK-toets om te bevestigen. 3. Het COOLMATIC-lampje gaat uit. De functie gaat uit door een andere ingestelde koelkasttemperatuur te selecteren.
2.9 FROSTMATIC-functie Om de functie aan te zetten: 1. Druk op de Mode-toets tot het bijbehorende pictogram verschijnt. Het FROSTMATIC-lampje knippert. 2. Druk op de toetsOK om te bevestigen. Het FROSTMATIC-lampje wordt getoond. Deze functie stopt automatisch na 52 uur. Om de functie uit te schakelen voor deze automatisch afloopt: 1. Druk op de Mode-knop tot het FROSTMATIC-lampje knippert. 2. Druk op de toetsOK om te bevestigen. 3. Het FROSTMATIC-lampje gaat uit. De functie gaat uit door een andere ingestelde vriezertemperatuur te selecteren.
3. DAGELIJKS GEBRUIK 3.1 De binnenkant schoonmaken
Gebruik geen oplosmiddelen of schuurmiddelen. Deze beschadigen de lak.
Voordat u het apparaat voor de eerste keer gebruikt, wast u de binnenkant en de interne accessoires met lauwwarm water en een beetje neutrale zeep om de typische geur van een nieuw product weg te nemen. Droog daarna grondig af.
If “dEMo” verschijnt op het display, het apparaat staat in de demonstratiestand. Raadpleeg de paragraaf "Problemen oplossen".
3.2 Vers voedsel invriezen Het vriesvak is geschikt voor het invriezen van vers voedsel en voor het voor een lange periode bewaren van ingevroren en diepgevroren voedsel. Activeer om vers voedsel in te vriezen de FROSTMATIC-functie ten minste 24 uur voordat u het in te vriezen voedsel in het vriesvak legt. De maximale hoeveelheid voedsel die in 24 uur kan worden ingevroren wordt aangegeven op het typeplaatje (Zie "Technische gegevens"). Het invriesproces duurt 24 uur: voeg gedurende deze periode niet meer in te vriezen voedsel toe.
3.3 Het bewaren van ingevroren voedsel Als u het apparaat voor het eerst of na een periode dat het niet gebruikt is inschakelt, dient u het apparaat minstens 2 uur op een hoge instelling te laten werken voordat u er producten in plaatst.
In het geval van onbedoelde ontdooiing, bijvoorbeeld als de stroom langer is uitgevallen dan de duur die op de kaart met technische kenmerken onder "tijdsduur" is vermeld, moet het ontdooide voedsel snel geconsumeerd worden of onmiddellijk bereid worden en dan weer worden ingevroren (nadat het afgekoeld is).
3.4 Ontdooien Diepgevroren of ingevroren voedsel kunt, voordat het gebruikt wordt, in het koelvak of op kamertemperatuur laten ontdooien, afhankelijk van de hoeveelheid tijd die hiervoor nodig is. Kleine stukken kunnen zelfs rechtstreeks vanuit de vriezer gekookt worden als ze nog bevroren zijn: in dat geval zal de bereiding iets langer duren.
3.5 Temperatuurweergave Dit apparaat wordt verkocht in Frankrijk. In overeenstemming met de richtlijnen die gelden in dit land, moet dit apparaat worden geleverd met een speciaal onderdeel (zie afbeelding). Dit onderdeel is geplaatst in de onderste lade van de koelkast om de koudste zone aan te geven.
3.6 Verplaatsbare schappen De wanden van de koelkast zijn voorzien van een aantal glijschoenen zodat de legrekken op de gewenste plaats gezet kunnen worden. Voor een beter gebruik van de ruimte kunnen de voorste halve plateaus over de achterste worden geplaatst.
3.7 Het plaatsen van de deurschappen
maken, kunnen de schappen op verschillende hoogtes worden geplaatst.
Om het bewaren van voedselpakketten van verschillende afmetingen mogelijk te
3.8 Het schuifvak plaatsen Het schuifvak kan op verschillende hoogtes worden geplaatst. Om deze aanpassingen uit te voeren, gaat u als volgt te werk: 1. til het plateau met het schuifvak naar boven gericht uit de houders in de deur 2. verwijder de opsluitbeugel uit de geleiding onder het plateau 3. Om het schuifvak op een andere hoogte terug te plaatsen, doet u hetzelfde in omgekeerde volgorde.
4. NUTTIGE AANWIJZINGEN EN TIPS 4.1 Tips voor energiebesparing
4.3 Nuttige tips voor het koelen
• De deur niet vaker openen of open laten staan dan strikt noodzakelijk. • Als de omgevingstemperatuur hoog is, de thermostaatknop op een lage temperatuur staat en het apparaat volledig gevuld is, kan de compressor continu aan staan waardoor er ijs op de verdamper ontstaat. Als dit gebeurt, zet u de thermostaatknop naar een warmere instelling om de koelkast automatisch te laten ontdooien en zo elektriciteitsverbruik te besparen.
Nuttige tips: Vlees (alle soorten) in plastic zakken verpakken en op het glazen schap leggen, boven de groentelade. Bewaar het, voor de veiligheid, slechts een of maximaal twee dagen op deze manier. Gekookt voedsel, koude schotels, enz.: deze moeten afgedekt worden en mogen op willekeurig welk schap gezet worden. Fruit en groente: deze moeten zorgvuldig schoongemaakt worden en in de speciaal daarvoor bedoelde lade(n) geplaatst worden. Boter en kaas: dit moet in speciale luchtdichte bakjes gelegd of in aluminiumfolie of plastic zakjes gewikkeld worden om zoveel mogelijk lucht buiten te sluiten. Melkflessen: deze moeten een afdekdop hebben en opgeslagen worden in het flessenrek in de deur. Bananen, aardappelen, uien en knoflook, indien niet verpakt, mogen niet in de koelkast bewaard worden.
4.2 Tips voor het koelen van vers voedsel Om de beste prestatie te verkrijgen: • Zet geen warm voedsel of verdampende vloeistoffen in de koelkast • dek het voedsel af of verpak het, in het bijzonder als het een sterke geur heeft • plaats het voedsel zodanig dat de lucht er vrijelijk omheen kan circuleren
4.4 Tips voor het invriezen Om u te helpen het voedsel zo goed mogelijk in te vriezen, volgen hier een paar belangrijke tips: • Druk voor het invriezen van de maximale hoeveelheid voedsel (zoals aangegeven op het typeplaatje) 24 uur voordat u begint met invriezen op de FROSTMATIC schakelaar, of 4 tot 6 uur van tevoren bij kleinere hoeveelheden Het lampje gaat branden • De FROSTMATIC schakelaar hoeft niet te worden ingedrukt voor het invriezen van kleine hoeveelheden • vries alleen vers en grondig schoongemaakte levensmiddelen van uitstekende kwaliteit in; • bereid het voedsel in kleine porties voor, zo kan het snel en volledig worden ingevroren en zo kunt u later alleen die hoeveelheid laten ontdooien die u nodig heeft; • wikkel het voedsel in aluminiumfolie of plastic en zorg ervoor dat de pakjes luchtdicht zijn; • leg vers, nog niet ingevroren voedsel niet tegen het al ingevroren voedsel, om te voorkomen dat dit laatste warm wordt; • smalle pakjes zijn makkelijker op te bergen dan dikke; zout maakt voedsel minder lang houdbaar;
• water bevriest, als dit rechtstreeks uit het vriesvak geconsumeerd wordt, kan het aan de huid vastvriezen; • het is aan te bevelen de invriesdatum op elk pakje te vermelden, dan kunt u zien hoe lang het al bewaard is.
4.5 Tips voor het bewaren van ingevroren voedsel Om de beste resultaten van dit apparaat te verkrijgen, dient u: • verzeker u ervan dat de commercieel ingevroren levensmiddelen op geschikte wijze door de detailhandelaar werden opgeslagen; • zorg ervoor dat de ingevroren levensmiddelen zo snel mogelijk van de winkel naar uw vriezer gebracht worden; • de deur niet vaker te openen of open te laten staan dan strikt noodzakelijk • als voedsel eenmaal ontdooid is, bederft het snel en kan het niet opnieuw worden ingevroren; • bewaar het voedsel niet langer dan de door de fabrikant aangegeven bewaarperiode.
5. ONDERHOUD EN REINIGING LET OP! Voordat u welke onderhoudshandeling dan ook verricht, de stekker uit het stopcontact trekken. Het koelcircuit van dit apparaat bevat koolwaterstoffen; onderhoud en herladen mag alleen uitgevoerd worden door bevoegde technici.
5.1 Periodieke reiniging Het apparaat moet regelmatig worden schoongemaakt:
• maak de binnenkant en de accessoires schoon met lauw water en wat neutrale zeep. • controleer de afdichtingen regelmatig en wrijf ze schoon om u ervan te verzekeren dat ze schoon zijn en vrij van restjes zijn. • spoel ze af en maak ze grondig droog.
NEDERLANDS Trek niet aan leidingen en/of kabels aan de binnenkant van de kast en verplaats of beschadig ze niet. Gebruik nooit schoonmaakmiddelen, schuurpoeders, erg geparfumeerde reinigingsproducten en waspolijstmiddelen om de binnenkant schoon te maken, aangezien deze het oppervlak beschadigen en een sterke geur achterlaten. Maak de condensor (zwart rooster) en de compressor op de achterkant van het apparaat schoon met een borstel of stofzuiger. Deze handeling zal de prestatie
van het apparaat verbeteren en het elektriciteitsverbruik besparen. Zorg ervoor dat u het koelsysteem niet beschadigt. Veel normaal verkrijgbare keukenreinigers bevatten chemicaliën die de kunststoffen die in dit apparaat gebruikt zijn kunnen aantasten/beschadigen. Daarom wordt het aanbevolen de buitenkant van dit apparaat alleen schoon te maken met warm water met een beetje afwasmiddel. Steek, na het schoonmaken van het apparaat, de stekker weer in het stopcontact.
5.2 Het ontdooien van de koelkast Rijp wordt elke keer als de compressormotor tijdens normale werking stopt, automatisch van de verdamper van het koelvak verwijderd. Het dooiwater loopt via een gootje in een speciale opvangbak aan de achterkant van het apparaat, boven de compressormotor, waar het verdampt. Maak het afvoergaatje van het dooiwater in het midden van het koelvak regelmatig schoon om te voorkomen dat het water overloopt en op het voedsel in de koelkast gaat druppelen. Gebruik daarvoor de speciale reiniger, die al in het afvoergaatje zit.
5.3 De vriezer ontdooien Een zekere hoeveelheid rijp zal zich altijd vormen rond het bovenste vak. Ontdooi de vriezer wanneer de rijplaag een dikte van ongeveer 3-5 mm bereikt heeft. Volg onderstaande aanwijzingen om de rijp te verwijderen: 1. Schakel het apparaat uit. 2. Verwijder al het ingevroren voedsel, wikkel het in een paar lagen krantenpapier en leg het op een koele plaats. 3. Open de deur. 4. Na afloop van het ontdooien, de binnenkant grondig droog maken. 5. Schakel het apparaat in.
Zet de thermostaatknop op de maximale koude en laat het apparaat twee tot drie uur in deze instelling werken. 7. Zet het eerder verwijderde voedsel terug in het vriesvak. WAARSCHUWING! Gebruik nooit scherpe metalen hulpmiddelen om de rijp van de verdamper te krabben, deze zou beschadigd kunnen raken. Gebruik geen mechanische of andere middelen om het ontdooiproces te versnellen, behalve die middelen die door de fabrikant zijn aanbevolen. Een temperatuurstijging tijdens het ontdooien van de ingevroren levensmiddelen, kan de veilige bewaartijd verkorten.
5.4 Periodes dat het apparaat niet gebruikt wordt Als het apparaat gedurende lange tijd niet gebruikt wordt, neem dan de volgende voorzorgsmaatregelen: • trek de stekker uit het stopcontact • verwijder al het voedsel, • Ontdooi het apparaat (indien nodig) en toebehoren en maak alles schoon
• laat de deur/deuren op een kier staan om de vorming van onaangename luchtjes te voorkomen. Als uw apparaat aan blijft staan, vraag dan iemand om het zo nu en dan te controleren, om te voorkomen dat het bewaarde voedsel bederft, als de stroom uitvalt.
6. PROBLEMEN OPLOSSEN WAARSCHUWING! Haal de stekker uit het stopcontact voordat u problemen gaat oplossen. Alleen een gekwalificeerd elektricien of een bevoegde persoon mag problemen oplossen die niet in deze handleiding beschreven zijn.
Het apparaat maakt lawaai
Het apparaat staat niet stabiel
Controleer of het apparaat stabiel staat (alle vier de voetjes moeten op de vloer staan)
Het apparaat werkt niet. Het lampje brandt niet.
Het apparaat is uitgeschakeld.
Schakel het apparaat in.
De stekker zit niet goed in het stopcontact.
Steek de stekker goed in het stopcontact.
Het apparaat krijgt geen stroom. Er staat geen spanning op het stopcontact.
Sluit een ander elektrisch apparaat op het stopcontact aan. Neem contact op met een gekwalificeerd elektricien.
Het lampje staat in de stand-by stand.
Sluit en open de deur.
Zie 'Het lampje vervangen'.
De temperatuur is niet goed ingesteld.
Stel een hogere temperatuur in.
De deur is niet goed gesloten.
Zie 'De deur sluiten'.
De deur is te vaak geopend.
Laat de deur niet langer dan noodzakelijk open.
Het lampje werkt niet.
De compressor werkt continu.
De temperatuur van het product is te hoog.
Laat het product afkoelen tot kamertemperatuur voordat u het opbergt.
De omgevingstemperatuur is te hoog.
Verlaag de omgevingstemperatuur.
De compressor start Dit is normaal, er is geen niet onmiddellijk na storing. het drukken op de COOLMATIC of de FROSTMATIC schakelaar, of na het veranderen van de temperatuur.
De compressor start na enige tijd.
Er loopt water over Tijdens het automatische de achterkant van de ontdooiproces ontdooit koelkast. de rijp tegen de achterwand.
Producten verhinderen dat water in de wateropvangbak kan stromen.
Zorg ervoor dat de producten de achterwand niet raken.
De temperatuur in het apparaat is te laag/hoog.
De temperatuurregelaar is niet goed ingesteld.
Stel een hogere/lagere temperatuur in.
De temperatuur in de koelkast is te hoog.
Er is geen koude luchtcirculatie in het apparaat aanwezig.
Zorg ervoor dat er koude luchtcirculatie in het apparaat aanwezig is.
De temperatuur in de vriezer is te hoog.
Producten zijn te dicht op Bewaar de producten op elkaar geplaatst. een manier die een koude luchtcirculatie mogelijk maakt.
Er is te veel rijpvorming.
Het product is niet goed verpakt.
Verpak het op de juiste manier.
De deur is niet goed gesloten.
Zie 'De deur sluiten'.
De temperatuurregelaar is niet goed ingesteld.
Stel een hogere temperatuur in.
Er wordt een vierkantje boven- of onderin het temperatuurdisplay weergegeven.
Er is een fout opgetreden Neem contact op met de in de temperatuurmeting. klantenservice (het koelsysteem blijft werken om uw levensmiddelen koud te houden, maar de temperatuur kan niet aangepast worden).
dEMo verschijnt op het display.
Het apparaat staat in de demonstratiestand (dEMo).
Houd de knop OK ongeveer 10 seconden ingedrukt tot er een lang zoemgeluid klinkt en het display even uit gaat: het apparaat gaat weer werken.
6.1 Het lampje vervangen Het apparaat is uitgerust met een LEDbinnenlampje dat een lange levensduur heeft. Alleen een onderhoudsmonteur mag de verlichting vervangen. Neem contact op met uw servicecentrum.
Stel de deur, indien nodig, af. Raadpleeg "Montage". 3. Vervang, indien nodig, de defecte deurafdichtingen. Neem contact op met de klantenservice. 2.
6.2 De deur sluiten 1.
7. MONTAGE 7.1 Opstelling WAARSCHUWING! Als u een oud apparaat weggooit dat voorzien is van een deurslot of vergrendeling, zorg er dan voor dat dit onbruikbaar gemaakt wordt, zodat kinderen er niet in opgesloten kunnen raken. De stekker van het apparaat moet na installatie toegankelijk zijn. Installeer dit apparaat op een plaats waar de omgevingstemperatuur overeenkomt met de klimaatklasse die vermeld is op het typeplaatje van het apparaat:
Omgevingstemperatuur
+16°C tot + 38°C Klimaatklasse
Omgevingstemperatuur
7.2 Elektrische aansluiting Zorg er vóór het aansluiten voor dat het voltage en de frequentie op het typeplatje overeenkomen met de stroomtoevoer in uw huis. Het apparaat moet geaard zijn. De netsnoerstekker is voorzien van een contact voor dit doel. Als het stopcontact niet geaard is, sluit het apparaat dan aan op een afzonderlijk aardepunt, in overeenstemming met de geldende regels, raadpleeg hiervoor een gekwalificeerd elektricien. De fabrikant neemt geen verantwoordelijkheid op zich als de bovenstaande veiligheidsmaatregelen niet worden nageleefd. Dit apparaat voldoet aan de EU. richtlijnen.
De luchtcirculatie achter het apparaat moet voldoende zijn.
8. GELUIDEN Tijdens normaal gebruik hoort u geluiden (compressor, koelmiddelcirculatie).
9. TECHNISCHE GEGEVENS Afmetingen van de uitsparing Hoogte
De technische gegevens staan op het typeplaatje aan de linker binnenkant in het apparaat en op het energielabel.
10. MILIEUBESCHERMING Recycle de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte verzamelcontainer om het te recyclen. Help om het milieu en de volksgezondheid te beschermen en recycle het afval van elektrische en
elektronische apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.
Notice-Facile