HBBF 172 - Koelkast HOOVER - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis HBBF 172 HOOVER in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding HBBF 172 - HOOVER en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. HBBF 172 van het merk HOOVER.
GEBRUIKSAANWIJZING HBBF 172 HOOVER
Wij danken u voor de aankoop van dit product. Voordat u de koelkast gebruikt, dient u deze instructiehandleiding zorgvuldig te lezen om de beste resultaten uit het toestel te halen. Bewaar alle documentatie voor toekomstig gebruik of voor andere eigenaars. Dit product is enkel bedoeld voor huishoudelijk gebruik of voor gelijkaardige toepassingen zoals: - de keukenruimte voor personeel in winkels, kantoren en andere werkomgevingen - op boerderijen, door klanten van hotels, motels en andere omgevingen van een residentieel type - in bed & breakfasts (B & B) - voor catering services en gelijkaardige toepassingen niet voor detailhandelsverkoop. Dit apparaat mag uitsluitend worden gebruikt voor het bewaren van voedsel. Elk ander gebruik dient als gevaarlijk te worden beschouwd en de fabrikant is niet verantwoordelijk voor enige weglatingen. Het is ook aan te raden om de garantievoorwaarden door te lezen. De koelkast bevat een koelgas (R600a: isobutaan) en isolatiegas (cyclopentaan), met hoge compatibiliteit met de omgeving, die echter ontvlambaar zijn. We bevelen aan dat u de volgende voorschriften volgt om gevaarlijke situaties te vermijden:
- Voor u enige handeling uitvoert, verwijder de stekker uit het stopcontact.
- Het koelsysteem dat zich achter en binnenin de koelkast bevindt, bevat een koelmiddel. Vermijd daarom buizen te beschadigen.
- Als in het koelsysteem een lek opgemerkt wordt, raak dan de wandcontactdoos niet aan en gebruik geen open vlammen. Open het venster en laat lucht de kamer binnenkomen. Bel vervolgens naar een servicecentrum en vraag om reparatie.
- Schraap de rijm en de ijsaanslag die optreedt niet af met een mes of scherp voorwerp. Deze kunnen het koelcircuit beschadigen en brand veroorzaken of uw ogen beschadigen.
- Installeer het apparaat niet in vochtige, olieachtige of stoffige plaatsen en stel het niet bloot aan direct zonlicht of wate
- Installeer het apparaat niet in de buurt van verwarmingsapparaten of ontvlambare materialen.
- Gebruik geen verlengsnoeren of adapters.
- Trek niet te hard aan netsnoeren of vouw deze niet en raak de stekker niet met natte handen aan.
- Beschadig de stekker en/of het netsnoer niet; dit kan elektrische schokken of branden veroorzaken.
- Het is aanbevolen om de stekker proper te houden, teveel stof op de stekker kan brand veroorzaken.
- Gebruik geen andere mechanische toestellen of apparaten om het ontdooiingsproces te versnellen.
Vermijd absoluut het gebruik van open vlam of elektrische apparaten, zoals verwarmingsapparaten, stoomreinigers, kaarsen, olielampen enz. om het ontdooiingsproces te versnellen.
- Gebruik geen of bewaar geen ontvlambare sprays, zoals verfbussen in de buurt van de koelkast. Deze kunnen een explosie of brand veroorzaken.
Gebruik binnen in de compartimenten voor voedingsmiddelen alleen de elektrische apparaten van het type dat wordt aanbevolen door de fabrikant.
- Plaats of bewaar geen ontvlambare en zeer vluchtige stoffen zoals ether, benzine, LPG, propaangas, aërosolspuitbussen, kleefmiddelen, zuivere alcohol, enz. Deze materialen kunnen een explosie veroorzaken.
- Bewaar geen medicatie of onderzoeksmaterialen in de koelkast. Wanneer een materiaal dat een strikte controle van opslagtemperaturen vereist, bewaard moet worden, is het mogelijk dat het zal verslechteren of dat een ongecontroleerde reactie kan optreden die risico's kan veroorzaken.
- Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen in de behuizing van het apparaat vrij zijn van obstructies.
- Plaats geen objecten en/of containers gevuld met water bovenop het apparaat.
- Voer geen reparaties uit aan deze koelkast. Alle tussenkomsten moeten uitsluitend door gekwalificeerd personeel worden uitgevoerd.
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen vanaf de leeftijd van 8 jaar en door personen met verminderde fysieke, gevoels- of mentale vaardigheden of met een gebrek aan ervaring en kennis; op voorwaarde dat ze voldoende toezicht of instructies kregen betreffende het gebruik van het apparaat op een veilige manier en de mogelijke gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet spelen met het apparaat. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen zonder toezicht. Als de knop volledig in tegenwijzerzin wordt gedraaid, hoort u een klik die overeenkomt met het uitschakelen van het product. Wanneer het apparaat geïnstalleerd is, moeten het netsnoer en stopcontact gemakkelijk bereikbaar zijn. Het stopcontact is compatibel met de stekker van het apparaat. Indien dit niet het geval is, vraag om een vervanging van de stekker door een erkende technicus, gebruik geen verlengsnoeren en/of multistekkersysteem. Raak het binnenwerk of de ingevroren levensmiddelen niet aan met vochtige of natte handen gezien dit brandwonden kan veroorzaken. VEILIGHEIDSINFORMATIENL 63 Verwijder alle omhulsels/verpakking aan de binnenkant van het apparaat en reinig met water en bicarbonaat of een neutrale zeep. Wacht na de installatie 2-3 uur zodat de koelkast/diepvriezer de tijd krijgt om te stabiliseren bij een normale bedrijfstemperatuur, vóór u er verse of ingevroren levensmiddelen in plaatst. Als het netsnoer losgekoppeld geraakt, wacht dan minstens vijf minuten voor u de koelkast/diepvriezer herstart. Op dit punt is het apparaat klaar voor gebruik. WAARSCHUWINGEN:
- Installeer het apparaat niet in een vochtige of natte locatie gezien dit de isolatie kan aantasten en lekken kan veroorzaken Bovendien kan aan de buitenkant ervan condensaat zich opstapelen
- Plaats het apparaat niet in een buitenomgeving of in de buurt van warmtebronnen of blootgesteld aan direct zonlicht. Het apparaat werkt correct binnen de onderstaande omgevingstemperaturen: +10 +32’C voor klimaatklasse SN +16 +32’C voor klimaatklasse N +16 +38’C voor klimaatklasse ST +16 +43’C voor klimaatklasse T (Zie het typeplaatje van het product)
- Plaats geen containers met vloeistoffen bovenop het apparaat.
- Wacht minstens 3 uur na de uiteindelijke installatie voor u het apparaat in werking zet. Plaats het apparaat na levering verticaal en wacht minstens 2-3 uur voor u het aansluit op de stroombron. Vooraleer de stekker in het stopcontact te steken, moet u ervoor zorgen dat:
- Het stopcontact moet geaard en in overeenstemming met de wet zijn.
- Het stopcontact moet bestand zijn tegen de max stroombelasting van het apparaat, zoals aangeduid op het typeplaatje van de koelkast.
- De voedingsspanning ligt binnen de hoeveelheden aangeduid op het typeplaatje van de koelkast.
- Het snoer mag niet gevouwen of samengedrukt zijn.
- Het snoer moet regelmatig gecontroleerd worden en mag uitsluitend worden vervangen door bevoegde technici.
- De fabrikant wijst alle aansprakelijkheid af wanneer deze veiligheidsmaatregelen niet gerespecteerd worden. Oud apparaat slopen Conformiteit Apparaat opstarten In-/Uitschakelen WERKING Elektrische aansluiting INSTALLATIE Dit apparaat is voorzien van het merkteken volgens de Europese richtlijn 2012/19/EU inzake Afgedankte elektrische en elektronische apparaten (AEEA). AEEA bevat zowel verontreinigende stoffen (die negatieve gevolgen voor het milieu kunnen veroorzaken) en basiscomponenten (die kunnen worden hergebruikt). Het is belangrijk AEEA te onderwerpen aan specifieke behandelingen, teneinde afval en alle verontreinigende stoffen op een correcte wijze te verwijderen en alle andere materialen te hergebruiken en recycleren. Individuen kunnen een belangrijke rol spelen bij de garantie dat AEEA geen milieu-issue wordt; het is essentieel om een aantal basisregels te volgen: - AEEA mag niet worden behandeld als huishoudelijk afval; - AEEA moet worden overgedragen aan de desbetreffende inzamelpunten beheerd door de gemeente of door geregistreerde bedrijven. In veel landen, voor grote AEEA, kan thuisophaling aanwezig zijn. In veel landen, als u een nieuw apparaat koopt, kunnen de oude worden teruggegeven aan de dealer die het kosteloos moet afhalen op een één-op-één-basis, zolang het apparatuur een gelijkwaardig type betreft en dezelfde functies heeft als de geleverde apparatuur. Door het plaatsen van de markering op dit product, verklaren wij, op onze eigen verantwoordelijkheid, alle Europese veiligheids-, gezondheids- en milieu-eisen na te leven opgesteld in de regelgeving geldig voor dit product. Afb. 1 Druk op de afsteltoets van het temperatuurniveau tot aan het bereik van het gewenste niveau, niveau 1 is de heetste instelling, niveau 4 is de koudste instelling, onder normale omstandigheden is het raadzaam een intermediaire instelling te gebruiken (niveau 2) Als er niet langer dan 5 sec. op toets (2) wordt gedrukt, worden de instellingen in het geheugen opgeslagen. De temperatuurniveaus in de geavanceerde instellingen zijn in volgorde van het heetst tot het koudst als voorbeeld 2/2,1/2,3/2,4, waardoor afstelling van 4 subniveaus voor elk hoofdniveau mogelijk is. Alarm deur open: De opening van de deur voor langer dan 90 sec. wordt gesignaleerd door het product met een geluidsalarm. Om deze uit te schakelen volstaat het de deur te sluiten of op toets (2) te drukken. On/O 1 2 3 4 drukken op toets (2) minder dan 2 sec wijziging niveau temp. On/O 1 2 3 4 Geavanceerd instellingen-menu: Met dit menu kan een tussenniveau worden ingesteld tussen de verschillende niveaus. On/O 1 2 3 4 Drukken op de toets (2) langer dan 2 sec, bij het loslaten van de toets knippert led2. On/O 1 2 3 4 De volgende keer dat u drukt op de knop (2) minder dan 2 sec, wordt het tussenniveau geactiveerd en zo cyclisch voor elke keer drukken. On/O 1 2 3 4 On/O 1 2 3 4 Afstelling van de temperatuur Bedieningspaneel
1. LED lampje aanduiding temperatuurniveau
Inschakelen: Steek de stekker in het stopcontact, als alle ledlampjes voor het temperatuurniveau uit zijn op de toets ON/OFF (3) drukken en 1 seconde ingedrukt houden. Bij het loslaten van de toets ON/OFF (3) wordt de inschakeling gevolgd en bevestigd door de activering van een temperatuurniveau en door de activering van het geluidssignaal. Uitschakeling: Druk op de toets ON / OFF (3) gedurende 1 seconde, na het loslaten van de ON/OFF knop (3) volgt het uitschakelen van de niveautemperatuurledlampjes en de activering van de zoemer hetgeen de uitschakeling bevestigt. In het geval van een stroomstoring, zal het product bij opnieuw aanzetten, terugkeren naar het laatst opgeslagen instelling.
Positie Condities 1-2 Zomer of omgevingstemperatuur tussen 25-35°C. 2-3 Lente, herfst of omgevingstemperatuur tussen 15- 25°C. 3-4 Winter of omgevingstemperatuur tussen 5-15°C.NL 64 Afb. 4Afb. 5
KOELKASTZONEAfb. 3 Inbouwproducten BEWARING KOELGEDEELTE VRIESGEDEELTE Praktische aanbevelingen
- Voor een optimale conservering van smaak en geur, voedingswaarde enversheid van de voedingsmiddelen, wordt aanbevolen deze zoalsaangegeven in afb. 5 te bewaren in het koelgedeelte. Wikkel devoedingsmiddelen in aluminiumfolie of plasticfolie, of in speciale dozenmet deksel om kruisbesmetting te voorkomen. Fruit/Groenten
- Om het vochtverlies van fruit en groenten te verminderen, moeten zeomwikkeld zijn in plastic materialen zoals folies of zakjes en dan in hetfruit/groentegedeelte worden geplaatst. Op deze manier wordt een snelleverslechtering vermeden.Gebruik de onderstaande tabel voor de vakkenHet vriesproces kan enkel in de vakken optreden OPMERKING: Als grote hoeveelheden voedsel in de koelkast geplaatst worden of de koelkastdeur vaak geopend wordt, is het normaal dat de indicator geen OK weergeeft. Wacht ten minste 10 uur alvorens op de koudere temperatuurniveaus (3,4) te gaan staan. Koelvak voor verse producten (niet alle modellen)De onderstaande zone is aanbevolen voor vlees, vis, gevogelte, enz. bewaar hier geen fruit en groenten want ze kunnen bevriezen; Indicator van de temperatuur in de koudste zone (niet alle modellen)Sommige modellen zijn uitgerust met een indicator van de temperatuur in het koelgedeelte in de koudste zone, zodat u de gemiddelde temperatuur kunt controleren.Dit symbool geeft de koudste zone van de koelkast aan (Afb. 4).Plaats het voedsel op de plateaus op een homogene manier zodat de lucht goed kan circuleren en het kan afkoelen.• Vermijd contact tussen het voedsel en de achterwand van hetkoelgedeelte.• Zet geen warm voedsel in de koelkast gezien dit een verslechtering vanander voedsel kan veroorzaken en het stroomverbruik kan verhogen.• Verwijder de verpakking van voedsel voor u het in de koelkast plaatst.• Plaats geen schotels of andere containers tenzij ze eerder afgewassenzijn.• Blokkeer de koude lucht ventilatoropeningen niet met voedsel.• Bedek de glazen plaat van het groentevak niet om een goedeluchtcirculatie mogelijk te maken.• Bewaar geen flessen in het diepvriesvak gezien deze kunnen barstenwanneer ze bevroren zijn.• ln het geval van een langere stroomuitval, houd de deuren gesloten zodat het voedsel zo lang mogelijk koud blijft.• De installatie van het apparaat op een warme en vochtige plaats, metfrequente deuropeningen en het bewaren van grote hoeveelhedengroenten, kan de vorming van condensaat veroorzaken en de prestatiesvan het apparaat zelf aantasten.• Om een buitensporig stroomverbruik te voorkomen, is het raadzaam dedeuren niet te lang open te laten.Controleer dat het woord OK duidelijk wordt weergegeven op de temperatuurindicator (Afb. 5).Als het woord niet wordt weergegeven, betekent dit dat de temperatuur te hoog is: zet de temperatuur op een koudere instelling en wacht ongeveer 10 uur.Controleer de indicator opnieuw: pas opnieuw aan indien nodig.Afb. 2De ventilatie is vooringesteld op OFF (Uit).Om deze te activeren, druk op de schakelaar (Afb. 2).Om het energieverbruik te optimaliseren, is het aanbevolen om de ventilator enkel in te schakelen wanneer de omgevingstemperatuur meer dan 28 tot 30°C bedraagt. Ventilator koelkastgedeelte (indien aanwezig)NL 65 Ontdooien van het koelgedeelte INVRIEZEN ONTDOOIEN
- Het voedsel moet vers zijn.
- Vries kleine hoeveelheden voedsel per keer in zodat het invriezen snel gaat. Overschrijd nooit de maximum hoeveelheid aangegeven op het typeplaatje.
- Open tijdens het invriezen de deur van het vriesvak niet.
- Het voedsel moet luchtdicht afgesloten zijn.
- Scheid het in te vriezen voedsel van het al ingevroren voedsel.
- Label zakken of containers om een inventaris te hebben van het ingevroren voedsel.
- Vries voedsel na het ontdooien nooit opnieuw in en verbruik onmiddellijk. OPMERKING: Meestal is temperatuurafstelling niet nodig. Alleen bij buitensporige bevriezing van de producten in het vriesvak, heeft het de voorkeur op de heetste temperatuurniveaus (1,2) te gaan staan. Aan het einde van de bevriezing, op de heetste temperatuur- niveaus (1,2) gaan staan. Het typeplaatje vermeldt de maximum hoeveelheid voedsel die kan ingevroren worden (zie Afb. 6). Het ontdooien van het koelgedeelte gebeurt automatisch. Een kleine hoeveelheid vorst of druppels water aan de achterkant van het koelgedeelte wanneer de koelkast in werking is, is normaal. Zorg ervoor dat de waterafvoer altijd proper is en dat het voedsel de achterkant of zijkant van het diepvriesgedeelte niet raakt. We bevelen aan dat u het diepvriesgedeelte ontdooit wanneer de laag rijm dikker dan 3 mm is. N.B. Hier vindt u het typeplaatje van uw apparaat: het bevat alle gegevens die moeten worden doorgegeven aan de Klantendienst als er een storing optreedt. Belangrijk: als de omgevingstemperatuur hoog is, kan het apparaat mogelijk continu werken, waardoor overmatig veel ijs wordt gevormd op de binnenwand van de koelkast. Ga op de heetste temperatuurniveaus (1,2) staan. De meest energiebesparende configuratie vereist dat lades, levensmiddelenschappen en planken in het product worden geplaatst, zie de bovenstaande afbeeldingen. Tijdens een normale werking wordt de koelkast automatisch ontdooid. Het is niet nodig om de druppels water op de achterwand te drogen of om het ijs te verwijderen (afhankelijk van de werking). Het water wordt afgevoerd naar de achterkant via het afvoergat daar en de hitte van de compressor doet het verdampen.
- Houd de afvoerbuis (Afb. 6) proper in het koelgedeelte om het vrij van water te houden. (Afbeelding 6)NL 66 Ontdooien van het diepvriesvak (statisch product met NO-FROST-technologie) Ontdooien van het diepvriesvak (NO-FROST-producten)
Verlichting Reiniging Wanneer de laag ijs in het diepvriesvak meer dan 3 mm dik is, is het aanbevolen om te ontdooien gezien dit ijs het stroomverbruik verhoogt.
1) Druk gedurende 1 seconde op de toets ON/OFF (3).
2) Haal de stekker uit het stopcontact.
3) Verwijder het ingevroren voedsel en plaats dit tijdelijk op een
4) Laat de deur van de diepvriezer open om het ontdooien te
5) Vang het water op de bodem van het product op.
6) Droog de diepvriezer af.
7) Steek het netsnoer opnieuw in de stekker en stel de gewenste
8) Wacht een moment en plaats dan de ingevroren levensmiddelen
opnieuw in het vak. WAARSCHUWING: Vermijd het gebruik van open vlammen of elektrische apparaten, zoals verwarmingsapparaten, stoomreinigers, kaarsen, olielampen enz. om het ontdooiingsproces te versnellen. Schraap de rijm of ijsaanslag die optreedt niet af met een mes of scherp voorwerp. Dit kan het koelcircuit beschadigen en lekken kunnen een brand veroorzaken of uw ogen beschadigen. Het ontdooien gebeurt automatisch. LED-verlichting Het product is uitgerust met LED lampen, neem contact op met de Technische Dienst in het geval van vervanging. Vergeleken met de traditionele lampen, gaan LED's langer mee en zijn deze milieuvriendelijk. OPMERKING:
- Verwijder vóór elke handeling de stekker uit het stopcontact om een elektrische schok te vermijden.
- Giet geen water rechtstreeks op de buitenste of binnenste delen van de koelkast. Dit kan leiden tot oxidatie en beschadiging van de elektrische isolatie. BELANGRIJK: Volg de volgende suggesties om het barsten van de binnenoppervlakken en plastic onderdelen te voorkomen:
- Wrijf voedselolie af die zich hecht aan de plastic onderdelen.
- De binnenkant, dichtingen en buitenkant kunnen worden gereinigd met een doek met warm water en bicarbonaat of een neutrale zeep. Gebruik geen oplosmiddelen, ammoniak, bleekmiddel of schuurmiddelen.
- Verwijder de accessoires, bijvoorbeeld de plateaus, uit de koelkast en uit de deur. Was in heet zeepwater. Spoel af en droog ze grondig.
- Op de achterkant van het apparaat is er vaak een ophoping van stof dat met behulp van een stofzuiger kan worden verwijderd, nadat u het apparaat hebt uitgeschakeld en de stekker uit het stopcontact hebt gehaald. Dit resulteert in een grotere energiedoeltreffendheid. Voor meer energiebesparingen, bevelen we aan:
- Het apparaat op een afstand van warmtebronnen te installeren en niet bloot te stellen aan direct zonlicht en in een goed geventileerde kamer.
- Te vermijden om warm eten in de koelkast te zetten om te vermijden dat de interne temperatuur stijgt en zo een continue werking van de compressor te veroorzaken.
- Niet teveel voedsel te plaatsen om een juiste luchtcirculatie te garanderen.
- Het apparaat te ontdooien als er ijsvorming is (zie ONTDOOIEN) om de koude-overdracht te vergemakkelijken.
- In het geval van een afwezigheid van stroom, om de koelkastdeur gesloten te houden.
- De deuren van de koelkast zo weinig mogelijk te openen en open te houden.
- Te vermijden om de thermostaat op een te koude temperatuur in te stellen.
- Stof aan de achterkant van de koelkast te verwijderen (zie REINIGING). De koelkast maakt tijdens de werking geluiden die volkomen normaal zijn, zoals:
- GEBROM, de compressor is in werking.
- ROMMELEND GELUID, RITSELEND GELUID en SISSEND GELUID, het koelmiddel stroomt door de buizen.
- GETIK en GEKLOP, de compressor stopt met werken. Kleine aanpassingen om de trillingsgeluiden te verminderen:
- Containers die elkaar raken: Vermijd contact tussen containers en glazen recipiënt.
- Schuiven, plateaus, lades trillen: Controleer de juiste installatie van de interne accessoires. OPMERKING: Het koelgas produceert geluid, zelfs als de compressor uit is; het is geen defect, het is normaal. Als u een klikkend geluid hoort in het apparaat, is dit normaal omwille van de expansie van de verschillende materialen. De deuren van het apparaat kunnen omgekeerd worden zodat de opening naar links of naar rechts kan zijn zoals gewenst. OPMERKING:
- Het omkeren van de deuren moet door bevoegd personeel worden uitgevoerd.
- Het omkeren van de deuren is niet gedekt door de garantie.NL 67
Verwijder de bovenplaat en scharnier met behulp van een schroevendraaier. Verwijder de bovenste deur. Verwijder de middelste scharnier en zijn verbindingspen eronder. Verwijder de onderste scharnier rechts en plastic plugs links en plaats deze opnieuw aan de tegenovergestelde kant. Gebruik de tegenovergestelde scharnier en afdekking en plaats linksonder. Plaats de deuren en scharnieren opnieuw van onder naar boven, van 1-4. Verwijder de onderste deur.NL 68
INSTALLATIE VAN HET APPARAAT IN DE KAST Zet het apparaat in de kast en plaats het op de tegenovergestelde kant van de scharnieren en zorg ervoor dat er een ruimte is van 3-5mm. Nadat u ervoor gezorgd hebt dat er een overeenkomst is tussen de deur van het apparaat en de deur van de kolomkast, schroeft u het bovenste deel van het apparaat aan de kast vast. Schroef het onderste deel van het apparaat aan de kast vast. Gebruik een kruisschroevendraaier om de verbindingspen onder de middelste rechterscharnier los te maken, en pas aan om op de rechter kastwand te schroeven. Plaats de afsluiting op de kast, snijd het overschot indien nodig eraf. Plaats de onderste delen met de plastic afdekkingen.NL 69
Het apparaat is voorzien van koppelingsstukken voor de apparaatdeuren met de kastpanelen (lader slede). Bevestig de slede in het binnenste deel van het paneel van de inbouwkast op de gewenste hoogte en op ongev. 20 mm van de buitendraad van de deur. Open de deuren van de inbouwkast en de koelkast. Plaats de inbouwlader in de slede en pas in de koelkastdeur. Markeer de bevestigingspunten voor de schroeven en boor met een bit van 2,5 mm diameter. Verbind de apparaatdeur met het kastpaneel en gebruik de ladersleuven als richtlijn. Wanneer het product ingebouwd is, plaats de achterkant van de kast in contact met de wand om toegang tot het compressorcompartiment te vermijden. Opdat het product correct zou werken, is het van essentieel belang voldoende luchtcirculatie toe te laten om de condensator achteraan het apparaat te laten afkoelen. Daarom moet de inbouwkast uitgerust zijn met een achterafvoer, waarvan de bovenste opening niet geblokkeerd mag zijn en met een frontopening die afgedekt is door een ventilatierooster. Als het apparaat gedurende lange tijd niet gebruikt wordt:
1) Schakel het apparaat UIT (zie Werking).
2) Trek de stekker uit of verwijder het veiligheidsapparaat.
3) Reinig het apparaat
4) Laat de deuren van het apparaat open staan.
VOORZORGEN VOOR DE JUISTE
WERKING Afmetingen van de uitsparingen. Ruimte nodig tussen het apparaat en het plafond.• Het apparaatmodel.
- Het serienummer. NL 70 PROBLEMEN OPLOSSEN OORZAAKPROBLEEM OPLOSSING Het licht in de koelkast brandt niet. De koelkast en de diepvriezer koelen onvoldoende. Het voedsel in de koelkast bevriest.
- Deurschakelaar is geblokkeerd.
- De deuren zijn niet gesloten.
- De deuren worden vaak geopend
- Verkeerde temperatuurinstelling.
- Er zijn teveel voedingsmiddelen in de koelkast en de diepvriezer.
- De omgevingstemperatuur is te laag.
- Geen elektrische stroom.
- Het netsnoer zit niet juist in het stopcontact.
- Controleer of het apparaat uitgeschakeld is. (zie Temperatuurinstelling).
- Zorg ervoor dat er stroom aanwezig is in het huis.
- Controleer dat deze actief is. Het ingevroren voedsel is aan het ontdooien.
- Het bereik van de omgevingstemperatuur is lager dan de klimaatklasse van het product. De compressor start zelden
- De deur van de diepvriezer is niet gesloten.
- Verplaats het apparaat naar een warmere ruimte of verwarm de de kamer.
- Zorg ervoor dat de deur gesloten is en dat de afdichting correct afsluit. De motor draait voortdurend.
- De deuren zijn niet gesloten.
- De deuren worden vaak geopend.
- De omgevingstemperatuur is zeer hoog.
- Ijsdikte meer dan 3 mm.
- Zorg ervoor dat de deur gesloten is en dat de afdichting correct afsluit.
- Vermijd het onnodige openen gedurende een zekere periode.
- Controleer dat de omgevingstemperatuur in overeenkomst is met de specificaties op het typeplaatje (zie Installatie).
- Stel het display/de thermostaat in op een warmere temperatuur.
- Ontdooi het apparaat (zie Ontdooien). Aanwezigheid van water in de groentelade.
- Gebrek aan luchtcirculatie.
- Groenten en fruit met teveel vocht.
- Controleer dat er op het glazen plateau geen voedsel is geplaatst dat de luchtcirculatie verhindert.
- Verpak het fruit en de groenten in plastic materialen zoals bijvoorbeeld folie, zakjes of containers. Aanwezigheid van druppels of water op de achterwand van de koelkast.
- Normale werking van de koelkast. • Het is geen defect (zie Ontdooien). De onderkant van het koelcompartiment is nat of er zijn druppels aanwezig. De afvoerbuis zou verstopt kunnen zijn.
- Reinig de afvoerbuis met een stok of iets dergelijks om de afvoer van water mogelijk te maken
- Verkeerde temperatuurinstelling.
- Voedsel in contact met de achterwand.
- Het invriezen van teveel vers voedsel kan de verlaging van de temperatuur van de koelkast veroorzaken
- Controleer de temperatuurinstelling (zie Temperatuurinstelling) en, indien mogelijk, verlaag de temperatuurinstelling.
- Verwijder het voedsel van de achterwand van de koelkast.
- Overschrijd de maximale hoeveelheid in te vriezen voedsel niet (zie Invriezen). WI-FI lamp knippert 3 sec aan - 1 sec uit.
- Reset het product (zie WI-FI)
- Controleer dat de deur en dichtingen juist afsluiten.
- Vermijd het onnodig openen van de deuren gedurende een tijdsperiode.
- Controleer de temperatuurinstelling en, indien mogelijk, koel nog meer (zie Temperatuurinstelling).
- Wacht voor de stabilisatie van de temperatuur van de koelkast of diepvriezer.
- Controleer dat de omgevingstemperatuur in overeenkomst is met de specificaties op het typeplaatje (zie Installatie).
- Het netsnoer zit niet juist in het stopcontact.
- Controleer of het apparaat uitgeschakeld is (zie Temperatuurinstelling).
A termékkel kapcsolatos további információkért kérjük, keresse fel a https://eprel.ec.europa.eu/ webhelyet, vagy olvassa be a QR-t a készülékhez mellékelt energiacímkén.NL Voor wijnbewaarkasten: “Dit apparaat is uitsluitend bedoeld voor het bewaren van wijn” Voor een vrijstaand apparaat: “Dit koelapparaat is niet bedoeld om te worden gebruikt als inbouwapparaat” Voor apparaten zonder 4-sterrencompartiment: “dit koelapparaat is niet geschikt voor het invriezen van levensmiddelen”
VOEDSELOPSLAG Positioneer verschillende voedingsmiddelen in verschillende compartimenten volgens onderstaande tabel Koelkastvakken Type voeding Deur of balkons van koelkastcompartiment
- Voedingsmiddelen met natuurlijke conserveringsmiddelen, zoals jam,sappen, dranken, specerijen.
- Bewaar geen bederfelijk voedsel. Frissere lade (saladelade)
- Fruit, kruiden en groenten moeten apart in de crisperbak worden geplaatst.
Bewaar bananen, uien, aardappelen en knoflook niet in de koelkast. Koelkast- midden
- Zuivelproducten, eieren Koelkast- bovenkant
- Voedingsmiddelen die niet gekookt hoeven te worden, zoals kant-en-klare voedingsmiddelen, vleeswaren, restjes. Vrieslade (s)/ lade
- Voedingsmiddelen voor langdurige opslag.
- Onderste lade voor rauw vlees, gevogelte, vis.
- Middelste lade voor firozen groenten, chips.
Bovenste lade voor ijs, bevroren fruit, bevroren gebakken goederen.
- Geadviseerd wordt om de temperatuur in het koelvak in te stellen op 4°C en, indien mogelijk, in het vriesvak op -18°C.
- Voor de meeste levensmiddelencategorieën wordt de langste bewaartijd in het koelvak bereikt bij koudere temperaturen. Aangezien sommige producten (zoals verse groenten en fruit) door koudere temperaturen beschadigd kunnen worden, wordt geadviseerd ze in de crisperlades te bewaren, indien aanwezig. Indien niet aanwezig, handhaaf dan een gemiddelde instelling van de thermostaat.
- Raadpleeg voor diepvriesproducten de bewaartijd die op de verpakking van het voedingsmiddel vermeld staat. Deze bewaartijd wordt bereikt wanneer de instelling in overeenstemming is met de referentietemperaturen van het vriesvak (één ster -6°C, twee sterren -12°C, drie sterren -18°C).POSITIONERING Installeer dit apparaat op een plaats waar de omgevingstemperatuur overeenkomt met de klimaatklasse die vermeld staat op het typeplaatje van het apparaat:
- Uitgebreid gematigd (SN): “dit koelapparaat is bedoeld voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 10 °C tot 32 °C”
- Gematigd (N): “dit koelapparaat is bedoeld voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 16 °C tot 32 °C”
- Subtropisch (ST): “dit koelapparaat is bedoeld voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 16 °C tot 38 °C
- Tropisch (T): “dit koelapparaat is bedoeld voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 16 °C tot 43 °C”
Thermostaten, temperatuursensoren, printplaten en lichtbronnen, voor een minimumperiode van zeven jaar nadat het laatste exemplaar van het model op de markt is gebracht; deurklinken, deurscharnieren, bladen en manden voor een minimumperiode van zeven jaar en deurafdichtingen voor een minimumperiode van tien jaar, nadat het laatste exemplaar van het model op de markt is gebracht;
GARANTIE Minimumgarantie is: 2 jaar voor EU-landen, 3 jaar voor Turkije, 1 jaar voor het Verenigd Koninkrijk, 1 jaar voor Rusland, 3 jaar voor Zweden, 2 jaar voor Servië, 5 jaar voor Noorwegen, 1 jaar voor Marokko, 6 maanden voor Algerije, Tunesië geen wettelijke garantie vereist. TECHNISCHE ASSISTENTIE Ga naar onze website om contact op te nemen met de technische ondersteuning: https://corporate.haier-europe.com/en/ .Kies onder de sectie "website" het merk van uw product en uw land. U wordt doorgestuurd naar de specifieke website waar u het telefoonnummer en formulier kunt vinden om contact op te nemen met de technische assistentie
Notice-Facile