AEG TSF5O88ES - Koelkast

TSF5O88ES - Koelkast AEG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis TSF5O88ES AEG in PDF-formaat.

📄 64 pagina's PDF ⬇️ Nederlands NL 💬 AI-vraag 🖨️ Afdrukken
Notice AEG TSF5O88ES - page 2
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : AEG

Model : TSF5O88ES

Categorie : Koelkast

Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding TSF5O88ES - AEG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. TSF5O88ES van het merk AEG.

GEBRUIKSAANWIJZING TSF5O88ES AEG

Gebruiksaanwijzing | Koelkast 2 FR Notice d'utilisation | Réfrigérateur 21 DE Benutzerinformation | Kühlschrank 40 aeg.com\registerVOOR PERFECTE RESULTATEN Bedankt dat je voor dit AEG-product hebt gekozen. We hebben het gecreëerd omjarenlang onberispelijke prestaties te leveren, met innovatieve technologieën die hetleven eenvoudiger maken – functies die je wellicht niet op gewone apparaten aantreft.Neem een paar minuten de tijd om het beste uit het apparaat te halen.Ga naar onze website voor:Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie-informatie:www.aeg.com/supportRegistreer je product voor een betere service:www.registeraeg.comKoop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor je apparaat:www.aeg.com/shop

KLANTENSERVICE EN SERVICE

Gebruik altijd originele onderdelen.Als u contact opneemt met onze erkende servicedienst, zorg er dan voor dat u devolgende gegevens tot uw beschikking hebt: Model, PNC, serienummer.De informatie vindt u op het typeplaatje. Waarschuwingen en veiligheidsinformatie Algemene informatie en tips Milieu-informatieWijzigingen voorbehouden. INHOUDSOPGAVE

Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeit 2 NEDERLANDSuit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.

1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen

  • Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderen in de leeftijd van 3 tot 8 jaar en personen met zeer uitgebreide en complexe beperkingen mogen het apparaat in- en uitladen op voorwaarde dat ze de juiste instructies hebben gekregen. Kinderen jonger dan 3 jaar dienen, tenzij zij voortdurend onder toezicht staan, bij het apparaat uit de buurt te worden gehouden.
  • Houd toezicht op kinderen, om te voorkomen dat zij gaan spelen met het apparaat.
  • Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
  • Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.

1.2 Algemene veiligheid

  • Dit apparaat is alleen bedoeld voor het bewaren van voedsel en dranken.
  • Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijk gebruik.
  • Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren, hotelkamers, bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de (gemiddelde) huishoudelijke gebruiksniveaus niet overschrijdt.
  • Neem de volgende instructies in acht om besmetting van voedsel te voorkomen: NEDERLANDS 3– open de deur niet gedurende lange perioden; – reinig regelmatig oppervlakken die in contact kunnen komen met voedsel en toegankelijke afwateringssystemen; – bewaar rauw vlees en vis in geschikte recipiënten in de koelkast, zodat het niet in contact komt met of druppelt op andere levensmiddelen.
  • WAARSCHUWING: Houd de ventilatieopeningen vrij van obstructies. Dit geldt zowel voor losstaande als ingebouwde modellen.
  • WAARSCHUWING: Gebruik geen mechanische apparaten of andere middelen om het ontdooiproces te versnellen, behalve de middelen die door de fabrikant worden aanbevolen.
  • WAARSCHUWING: Beschadig het koelcircuit niet.
  • WAARSCHUWING: Gebruik geen elektrische apparaten in de bewaarvakken van het apparaat, tenzij dit het type is dat door de fabrikant wordt aanbevolen.
  • Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat te reinigen.
  • Reinig het apparaat met een vochtige zachte doek. Gebruik alleen neutrale reinigingsmiddelen. Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
  • Als het apparaat lange tijd leeg is, schakel het dan uit, ontdooi, reinig en droog het en laat de deur open om te voorkomen dat er schimmel in het apparaat ontstaat.
  • Bewaar geen explosieve stoffen zoals spuitbussen met een ontvlambaar drijfgas in dit apparaat.
  • Indien het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen door de fabrikant, een erkende serviceverlener of vergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar te voorkomen. 4 NEDERLANDS2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

WAARSCHUWING! Alleen een erkende installatietechnicus mag dit apparaat installeren.

  • Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
  • Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
  • Gebruik het apparaat niet voordat u het in de ingebouwde structuur installeert omwille van veiligheidsredenen.
  • Volg de installatie-instructies die zijn meegeleverd met het apparaat.
  • Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
  • Zorg ervoor dat rondom het apparaat de lucht vrij kan circuleren.
  • Bij de eerste installatie of na het omdraaien van de deur moet u minstens 4 uur wachten voordat u het apparaat op de stroom aansluit. Dit is om de olie terug te laten stromen in de compressor.
  • Trek de stekker uit het stopcontact voordat u handelingen aan het apparaat uitvoert (bijv. het omdraaien van de deur).
  • Installeer het apparaat niet in de buurt van radiatoren of fornuizen, ovens of kookplaten, tenzij anders aangegeven in de installatie-instructies.
  • Stel het apparaat niet bloot aan regen.
  • Installeer het apparaat niet als er direct zonlicht is.
  • Installeer dit apparaat niet in ruimtes die te vochtig of te koud zijn.
  • Als je het apparaat verplaatst, til het dan op aan de voorrand, om krassen op de vloer te voorkomen.

2.2 Elektrische aansluiting

WAARSCHUWING! Gevaar voor brand en elektrische schokken. WAARSCHUWING! Zorg er bij het plaatsen van het apparaat voor dat het stroomsnoer niet klem zit of wordt beschadigd. WAARSCHUWING! Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.

  • Dit apparaat moet worden aangesloten op een geaard stopcontact.
  • Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom.
  • Gebruik altijd een juist geïnstalleerd schokbestendig stopcontact.
  • Zorg ervoor dat de elektrische onderdelen (bijv. stekker, netsnoer, compressor) niet beschadigd raken. Neem contact met de Bevoegde Servicedienst of een elektricien om de elektrische onderdelen te wijzigen.
  • Het netsnoer moet onder het niveau van de stekker blijven.
  • Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is.
  • Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.

WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken. Het apparaat bevat ontvlambaar gas, isobutaan (R600a), een aardgas met een hoge ecologische compatibiliteit. Zorg ervoor dat u het koelcircuit dat isobutaan bevat, niet beschadigt.

  • De specificatie van dit apparaat niet wijzigen.
  • Elk gebruik van het ingebouwde product als vrijstaand product is ten strengste verboden. NEDERLANDS 5• Zet geen elektrische apparaten (bijv. ijsvormers) in het apparaat, tenzij dit van toepassing is op de fabrikant.
  • Als er schade optreedt aan het koelcircuit, zorg er dan voor dat er geen vlammen en ontstekingsbronnen in de kamer aanwezig zijn. Ventileer de kamer.
  • Laat geen hete voorwerpen de kunststof onderdelen van het apparaat aanraken.
  • Zet geen frisdranken in het vriesvak. Hierdoor ontstaat er druk op de drankverpakking.
  • Bewaar geen ontvlambare gassen en vloeistoffen in het apparaat.
  • Plaats geen ontvlambare producten of artikelen die vochtig zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.
  • Raak de compressor of de condensator niet aan. Ze zijn heet.
  • Verwijder of raak geen voorwerpen uit het vriesvak als je handen nat of vochtig zijn.
  • Vries voedsel dat ontdooid is niet opnieuw in.
  • Bewaar de voedingswaren volgens de instructies op de verpakking.
  • Wikkel het voedsel in eender welk contactmateriaal voor voedsel alvorens het in het vriesvak te plaatsen.
  • Zorg dat er geen voedsel in contact komt met de binnenwanden van de compartimenten van het apparaat.

2.4 Binnenverlichting

WAARSCHUWING! Gevaar voor elektrische schokken.

  • Dit product bevat een of meer lichtbronnen van energie-efficiëntieklasse G.
  • Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zijn bedoeld om bestand te zijn tegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijke apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld om informatie te geven over de operationele status van het apparaat. Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zijn niet geschikt voor verlichting in huishoudelijke ruimten.

2.5 Onderhoud en reiniging

WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.

  • Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoudshandelingen verricht.
  • Het koelcircuit van dit apparaat bevat koolwaterstoffen. Enkel bevoegde personen mogen de eenheid onderhouden en herladen.
  • Controleer regelmatig de afvoer van het apparaat en reinig het indien nodig. Indien de afvoer verstopt is, zal er water op de bodem van het apparaat liggen.
  • Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
  • Houd er rekening mee dat zelfreparatie of niet-professionele reparatie gevolgen kan hebben voor de veiligheid en de garantie kan doen vervallen.
  • De volgende reserveonderdelen zullen gedurende 7 jaar nadat het model niet meer verkrijgbaar is verkrijgbaar zijn: thermostaten, temperatuursensoren, printplaten, lichtbronnen, deurgrepen, deurscharnieren, platen en mandjes. Houd er rekening mee dat sommige van deze reserveonderdelen alleen beschikbaar zijn voor professionele reparateurs en dat niet alle reserveonderdelen relevant zijn voor alle modellen.
  • Deurpakkingen zijn beschikbaar tot 10 jaar nadat het model is stopgezet.

WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel of verstikking.

  • Haal de stekker uit het stopcontact.
  • Snij het netsnoer van het apparaat af en gooi dit weg.
  • Verwijder de deur om te voorkomen dat kinderen en huisdieren opgesloten raken in het apparaat. 6 NEDERLANDS• Het koelcircuit en de isolatiematerialen van dit apparaat zijn ozonvriendelijk.
  • Het isolatieschuim bevat ontvlambare gassen. Neem contact met uw plaatselijke overheid voor informatie m.b.t. correcte afvalverwerking van het apparaat.
  • Veroorzaak geen schade aan het deel van de koeleenheid dat zich naast de warmtewisselaar bevindt.

WAARSCHUWING! Zie de hoofdstukken over veiligheid. WAARSCHUWING! Raadpleeg het installatie- instructiedocument om uw apparaat te installeren. WAARSCHUWING! Zet het apparaat vast in overeenstemming met de installatie- instructies om een risico op instabiliteit van het apparaat te voorkomen.

90° NEDERLANDS 7Totale afmetingen ¹ H1 mm 873 W1* mm 548 D1 mm 549 ¹ de hoogte, breedte en diepte van het apparaat zijn exclusief de handgreep

  • inclusief de breedte van de onderste scharnieren (8 mm) Benodigde ruimte tijdens gebruik ² H2 (A+B) mm 916 W2* mm 548 D2 mm 551 A mm 880 B mm 36 ² de hoogte, breedte en diepte van het apparaat inclusief de handgreep, plus de ruimte die nodig is voor vrije circulatie van de koellucht
  • inclusief de breedte van de onderste scharnieren (8 mm) Totale benodigde ruimte in gebruik ³ H3 (A+B) mm 916 W3* mm 548 D3 mm 1071 ³ de hoogte, breedte en diepte van het apparaat inclusief de handgreep, plus de ruimte die nodig is voor vrije circulatie van de koellucht, plus de ruimte die nodig is om de deur te openen tot de minimale hoek waarbij de volledige inhoud kan worden uitgenomen.
  • inclusief de breedte van de onderste scharnieren (8 mm)

Om de beste werking van het apparaat te garanderen, mag u het apparaat niet installeren op een plaats met direct zonlicht. Installeer het apparaat niet in de buurt van radiatoren of fornuizen, ovens of kookplaten, tenzij anders aangegeven in de installatie- instructies. Zorg ervoor dat lucht vrij kan circuleren rond de achterkant van de kast. Dit apparaat moet op een droge, goed geventileerde plaats binnenshuis worden geïnstalleerd. Dit apparaat is bedoeld voor gebruik bij een omgevingstemperatuur variërend van 10°C tot 38°C. De juiste werking van het apparaat kan enkel worden gegarandeerd bij het opgegeven temperatuurbereik. Mocht je vragen hebben over de plek waar je het apparaat moet installeren, neem dan contact op met de leverancier, de klantenservice of het dichtstbijzijnde bevoegde servicecentrum. Het moet mogelijk zijn om het apparaat van de hoofdstroomtoevoer af te halen. De stekker moet daarom na de installatie gemakkelijk toegankelijk zijn.

3.3 Elektrische aansluiting

  • Controleer, voordat je de stekker in het stopcontact steekt, of de spanning en frequentie die op het typeplaatje staan overeenkomen met je huishoudelijke voeding.
  • Het apparaat moet geaard zijn. De stekker van de voedingskabel is hiervoor voorzien van een contact. Als het stopcontact voor huishoudelijk gebruik niet geaard is, sluit je het apparaat aan op een aparte aarding in overeenstemming met de huidige voorschriften. Raadpleeg hiervoor een gekwalificeerde elektricien.
  • Indien de bovenstaande veiligheidsmaatregelen niet in acht worden genomen, wijst de fabrikant alle verantwoordelijkheid van de hand. 8 NEDERLANDS3.4 Ventilatievereisten Er moet voldoende luchtstroom mogelijk zijn achter het apparaat. 5 cm min. 200 cm

LET OP! Raadpleeg de installatie-instructies voor de installatie.

3.5 Omkeerbaarheid van de deur

Raadpleeg het afzonderlijke document met instructies voor installatie en omdraaien van de deur. LET OP! Bedek tijdens iedere fase van het omdraaien van de deur de vloer met een duurzaam materiaal om krassen te voorkomen.

Ledcontrolelampje temperatuur

Temperatuurregelaar Aan/Uittoets

1. Steek dan de stekker in het stopcontact.

2. Raak de toets van de

temperatuurregelaar aan als alle leds uit zijn.

Blijf de toets van de temperatuurregelaar 3 seconden aanraken. Alle indicatielampjes zijn uit.

4.3 Temperatuurregeling

Druk om het apparaat te bedienen op de temperatuurregelaar totdat de LED die bij de vereiste temperatuur hoort oplicht. De selectie loopt progressief, van 2°C tot 8°C. Aanbevolen instelling is 4°C.

1. Raak de temperatuurregelaar aan.

Het indicatielampje voor de huidige temperatuur knippert. Bij elke aanraking van de temperatuurregelaar gaat de instelling een stand vooruit. Het relevante LED knippert een tijdje.

2. Druk op de temperatuurregelaar tot de

vereiste temperatuur is geselecteerd. De ingestelde temperatuur wordt binnen 24 uur bereikt. Na een stroomstoring blijft de ingestelde temperatuur opgeslagen. NEDERLANDS 94.4 Frostmatic -functie De Frostmatic-functie wordt gebruikt voor het voorvriezen en snel invriezen in volgorde in het vriesvak. Deze functie versnelt het invriezen van vers voedsel en beschermt voedsel dat reeds is opgeslagen in het vriesvak tegen ongewenste opwarming. Activeer om vers voedsel in te vriezen de Frostmatic-functie ten minste 24 uur voordat u het voedsel erin plaatst om het voorvriezen te voltooien. Om de Frostmatic-functie in te schakelen, drukt u op de Frostmatic-knop. Het Frostmatic-indicatielampje wordt ingeschakeld. Deze functie stopt automatisch na 52 uur. De functie kan te allen tijde uitgeschakeld worden door opnieuw op de Frostmatic-knop te drukken. Het Frostmatic-indicatielampje wordt uitgeschakeld.

Als de deur van de koelkast gedurende ongeveer 5 minuten open is blijven staan, is het geluid aan. Tijdens het alarm kan het geluid worden gedempt door op een willekeurige knop te drukken. Het geluid schakelt na ongeveer één uur automatisch uit om storingen te voorkomen. Het alarm stopt als de deur wordt gesloten.

5. DAGELIJKS GEBRUIK

5.1 Het plaatsen van de

deurschappen Voor het bewaren van etenswaren van verschillende groottes kunnen de deurrekken op verschillende hoogtes worden geplaatst.

1. Trek het rek enigszins omhoog totdat het

2. Plaats het terug op een gewenste positie.

10 NEDERLANDS5.2 Verplaatsbare schappen De wanden van de koelkast zijn voorzien van een aantal glijschoenen zodat de schappen op de gewenste plaats gezet kunnen worden. Verwijder de glasplaat boven de groentelade niet om een goede luchtcirculatie te garanderen.

In het onderste deel van het apparaat bevindt zich een speciale lade die geschikt is voor de opslag van groenten en fruit.

5.4 Vers voedsel invriezen

Het vriesvak is geschikt voor het invriezen van vers voedsel en voor het gedurende een lange periode bewaren van ingevroren en diepgevroren voedsel. Activeer deFrostmaticfunctie om vers voedsel in te vriezen ten minste 24 uur voordat u het voedsel plaatst om het voorvriezen te voltooien. Bewaar het verse voedsel gelijkmatig verdeeld in alle vakken of laden. De maximale hoeveelheid voedsel dat kan worden ingevroren zonder ander vers voedsel toe te voegen, gedurende 24 uur, staat aangegeven op het typeplaatje (een label dat zich aan de binnenkant van het apparaat bevindt). Wanneer het invriesproces is voltooid, keert het apparaat automatisch terug naar de vorige temperatuurinstelling (zie "Frostmatic- functie"). In deze toestand kan de temperatuur in de koelkast enigszins veranderen. Raadpleeg voor meer informatie "Tips voor het invriezen".

5.5 Het bewaren van ingevroren

voedsel Als u het apparaat voor het eerst of na een periode waarin het niet is gebruikt inschakelt, dient u voordat u de producten in het vak legt het apparaat minstens 3 uur te laten werken met de Frostmatic-functie ingeschakeld. Bewaar het voedsel op minstens 15 mm afstand van de deur. LET OP! Bij onbedoelde ontdooiing door bijvoorbeeld stroomuitval, waarbij de stroom langer is uitgeschakeld dan de waarde die op het typeplaatje staat onder 'tijdsduur', moet het ontdooide voedsel snel worden geconsumeerd of onmiddellijk worden bereid, vervolgens afgekoeld en daarna opnieuw worden ingevroren.

Diepgevroren of gevroren voedsel kan, voordat het wordt geconsumeerd, worden ontdooid in de koelkast of in een plastic zak onder koud water. Deze handeling is afhankelijk van de beschikbare tijd en het soort voedsel. Kleine stukjes kunnen zelfs nog bevroren gekookt worden.

6.1 Tips voor energiebesparing

  • Koelkast: Het meest efficiënte energiegebruik is verzekerd in de configuratie waarbij de lades zich in het onderste deel van het apparaat bevinden en de rekken gelijkmatig verdeeld zijn. De NEDERLANDS 11positie van de deurbakken heeft geen invloed op het energieverbruik.
  • Open de deur niet te vaak of laat deze niet langer open staan dan noodzakelijk.
  • Vriezer: Hoe kouder de temperatuurinstelling, hoe hoger het energieverbruik.
  • Koelkast: Stel de temperatuur niet te hoog in om energie te besparen, tenzij dit nodig is vanwege het soort voedsel.
  • Als de omgevingstemperatuur hoog is, de temperatuurregeling op een lage temperatuur staat en het apparaat volledig gevuld is, kan de compressor continu aanstaan waardoor er ijs op de verdamper ontstaat. Stel in dit geval de temperatuurregeling in op een hogere temperatuur, om automatisch ontdooien mogelijk te maken en zo energie te besparen.
  • Zorg voor een goede ventilatie. Dek de ventilatieroosters of -gaten niet af.

6.2 Tips voor het invriezen

  • Activeer de Frostmatic-functie ten minste 24 uur voordat je het voedsel in het vriesvak legt.
  • Vóór het invriezen moet vers voedsel ingepakt en verzegeld worden in: aluminium folie, plastic folie of zakken, luchtdichte recipiënten met deksel.
  • Verdeel voor efficiënter invriezen en ontdooien het voedsel in kleine porties.
  • Het wordt aanbevolen om etiketten en datums op al je diepvriesproducten te plakken. Dit zal helpen voedingsmiddelen te identificeren en te weten wanneer ze moeten worden gebruikt voordat ze bederven.
  • Het voedsel moet vers zijn op het moment het wordt ingevroren, om een goede kwaliteit te behouden. Vooral groenten en fruit moeten na de oogst worden ingevroren, zodat al hun voedingsstoffen behouden blijven.
  • Flessen of blikken met vloeistoffen niet invriezen, in het bijzonder dranken die kooldioxide bevatten. Ze kunnen ontploffen tijdens het invriezen.
  • Plaats geen warm voedsel in het vriesvak. Koel het af bij kamertemperatuur voordat je het in het vak plaatst.
  • Om te voorkomen dat de temperatuur van al ingevroren voedsel toeneemt, dien je vers voedsel hier niet direct naast te plaatsen. Plaats voedsel op kamertemperatuur in het deel van het vriesvak waar geen bevroren voedsel ligt.
  • IJsblokjes, ingevroren water of waterijsjes niet meteen nadat ze uit de vriezer zijn gehaald opeten. Gevaar voor bevriezing.
  • Ontdooid voedsel niet opnieuw invriezen. Als het voedsel ontdooid is, kook het dan, laat het afkoelen en vries het dan in.

6.3 Tips voor het bewaren van

  • Het vriesvak is het vak gemarkeerd met
  • De middelhoge temperatuurinstelling zorgt voor een goede conservering van ingevroren voedsel. Een hogere temperatuurinstelling in het apparaat kan leiden tot een kortere houdbaarheid.
  • Het hele vriesvak is geschikt voor de opslag van diepvriesproducten.
  • Laat voldoende ruimte rond het voedsel om de lucht vrij te laten circuleren.
  • Raadpleeg voor adequate opslag het etiket van de voedselverpakking om de houdbaarheid van voedsel te bekijken.
  • Het is belangrijk om het voedsel zodanig in te pakken dat er geen water, vocht of condens bij kan komen.

Na het boodschappen doen:

  • Zorg ervoor dat de verpakking niet beschadigd is - het voedsel kan bedorven zijn. Als de verpakking gezwollen of nat is, is deze mogelijk niet in de optimale omstandigheden opgeslagen en is het ontdooien mogelijk al begonnen.
  • Om het ontdooiproces te beperken, koopt u diepvriesproducten aan het einde van uw boodschappen en vervoert u ze in een thermische en geïsoleerde koeltas.
  • Plaats de diepvriesproducten onmiddellijk na terugkomst uit de winkel in de vriezer.
  • Als voedsel zelfs gedeeltelijk ontdooid is, mag u het niet opnieuw invriezen. Consumeer het zo snel mogelijk. 12 NEDERLANDS• Respecteer de vervaldatum en de bewaarinformatie op de verpakking.

6.5 Houdbaarheid voor vriescompartiment

Soort voedsel Houdbaarheid (maan‐ den) Brood 3 Fruit (met uitzondering van citrusvruchten) 6 - 12 Groenten 8 - 10 Restjes zonder vlees 1 - 2 Zuivelproducten: Boter Zachte kaas (zoals mozzarella) Harde kaas (zoals Parmezaanse kaas, cheddar)

Vis/Zeevruchten: Vette vis (zoals zalm, makreel) Magere vis (zoals kabeljauw, bot) Garnalen Gepelde mosselen en mosselen Gekookte vis

Vlees: Gevogelte Rundvlees Varkensvlees Lamsvlees Worst Ham Restjes met vlees

6.6 Tips voor het koelen van vers

  • Een goede temperatuurinstelling die de conservering van vers voedsel garandeert is een temperatuur lager dan of gelijk aan +4°C. Een hogere temperatuurinstelling in het apparaat kan leiden tot een kortere houdbaarheid van voedsel.
  • Bedek het voedsel met een verpakking om de versheid en het aroma te behouden.
  • Gebruik altijd gesloten recipiënten voor vloeistoffen en voor voedsel, om smaken of geuren in het vak te voorkomen.
  • Om kruisbesmetting tussen gekookt en rauw voedsel te voorkomen, bedekt je het gekookte voedsel en scheidt je het van het rauwe.
  • Het wordt aanbevolen om het voedsel in de koelkast te ontdooien.
  • Plaats geen warm voedsel in het apparaat. Zorg ervoor dat het is afgekoeld bij kamertemperatuur voordat je het in het apparaat plaatst.
  • Om voedselverspilling te voorkomen, moet de nieuwe voorraad voedsel altijd achter de oude worden geplaatst.

6.7 Tips voor het koelen van

  • Het vak voor vers voedsel is het vak met de markering (op het typeplaatje) met
  • Vlees (alle soorten): verpakken in geschikt materiaal en op de glazen plaat leggen, boven de groentelade. Bewaar vlees maximaal 1-2 dagen. NEDERLANDS 13• Groente en fruit: grondig reinigen (het zand verwijderen) en in een speciale lade (groentelade) bewaren.
  • Het is raadzaam om exotische vruchten zoals bananen, mango’s, papaja’s, etc. niet in de koelkast te bewaren.
  • Groenten zoals tomaten, aardappelen, uien en knoflook mogen niet in de koelkast worden bewaard.
  • Boter en kaas: in een luchtdicht bakje leggen of in aluminiumfolie of plastic zakjes wikkelen, om zoveel mogelijk lucht uit te sluiten.
  • Flessen: afsluiten met een dop en op de flessenplank van de deur plaatsen of (indien beschikbaar) in het flessenrek.
  • Raadpleeg altijd de houdbaarheidsdatum van de producten, om te weten hoelang ze bewaard kunnen worden.

7. ONDERHOUD EN REINIGING

WAARSCHUWING! Zie de hoofdstukken over veiligheid.

7.1 Het reinigen van de binnenkant

Voordat u het apparaat voor de eerste keer gebruikt, moet u de binnenkant en de interne accessoires wassen met lauwwarm water en een beetje neutrale zeep om de typische geur van een nieuw product te verwijderen. Daarna moet u het grondig drogen. LET OP! Gebruik geen reinigingsmiddelen, schuurpoeders, chloor of reinigers op oliebasis. Deze beschadigen de afwerking. LET OP! De accessoires en onderdelen van het apparaat zijn niet vaatwasserbestendig.

7.2 Periodieke reiniging

Het apparaat moet regelmatig worden schoongemaakt:

1. Maak de binnenkant en de accessoires

schoon met lauw water en wat neutrale zeep.

2. Controleer de afdichtingen regelmatig en

wrijf ze schoon om u ervan te verzekeren dat ze schoon en vrij van resten zijn.

3. Afspoelen en goed afdrogen.

7.3 Ontdooien van de koelkast

Rijp wordt tijdens normaal gebruik automatisch van de verdamper van het koelgedeelte verwijderd. Het dooiwater wordt via een gootje afgevoerd naar een speciale opvangbak aan de achterkant van het apparaat, boven de compressor, waar het verdampt. Het is belangrijk om het afvoergaatje voor het dooiwater midden in het afvoerkanaal van het koelgedeelte regelmatig te reinigen, om te voorkomen dat het water overloopt en op het voedsel in de koelkast terechtkomt. Gebruik hiervoor de buisreiniger die is meegeleverd met het apparaat. 14 NEDERLANDS7.4 De vriezer ontdooien LET OP! Gebruik nooit scherpe metalen hulpmiddelen om rijp van de verdamper af te schrapen, omdat u deze hiermee zou kunnen beschadigen. Gebruik geen mechanische of andere middelen om het ontdooiproces te versnellen, behalve middelen die door de fabrikant zijn aanbevolen. Stel ongeveer 12 uur voordat je gaat ontdooien een lagere temperatuur in om voldoende koudereserve op te bouwen in geval van mogelijke onderbrekingen tijdens de werking. Er zal altijd een bepaalde hoeveelheid rijp worden gevormd op de vriesvakken en rond het bovenste vak. Ontdooi de vriezer wanneer de rijplaag een dikte van ongeveer 3-5 mm heeft.

1. Trek de stekker uit het stopcontact of

schakel het apparaat uit.

2. Verwijder al het ingevroren voedsel en

leg het op een koele plaats. LET OP! Een temperatuurstijging tijdens het ontdooien van de ingevroren levensmiddelen kan de veilige bewaartijd verkorten. Raak bevroren levensmiddelen niet met natte handen aan. Uw handen kunnen dan aan het voedsel vastvriezen.

3. Laat de deur open staan. Bescherm de

vloer tegen het dooiwater met bijv. een doek of een platte opvangbak.

4. Om het ontdooiproces te versnellen, kunt

u een pan met warm water in het vriesvak plaatsen. Verwijder bovendien stukken ijs die loskomen voordat het ontdooien voltooid is.

5. Maak de binnenkant grondig droog na

afloop van het ontdooien.

6. Zet het apparaat aan en sluit de deur.

7. Zet de thermostaatknop op de maximale

koude en laat het apparaat minstens drie uur in deze instelling werken. Plaats het eten pas na deze tijd terug in het vriesvak.

7.5 Periode dat het apparaat niet

gebruikt wordt Neem de volgende voorzorgsmaatregelen als het apparaat gedurende lange tijd niet gebruikt wordt:

1. Koppel het apparaat los van de

2. Verwijder alle etenswaren.

3. Ontdooi het apparaat.

onaangename luchtjes te voorkomen.

8. PROBLEEMOPLOSSING

WAARSCHUWING! Zie de hoofdstukken over veiligheid. NEDERLANDS 158.1 Wat te doen als... Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Het apparaat werkt niet. Het apparaat werd uitgeschakeld. Schakel het apparaat in. De stekker zit niet goed in het stop‐ contact. Steek de stekker goed in het stop‐ contact. Er staat geen spanning op het stop‐ contact. Sluit het apparaat aan op een ander stopcontact. Neem contact op met een erkend elektrotechnisch instal‐ lateur. Het apparaat is lawaaiig. Het apparaat staat niet stabiel. Controleer of het apparaat stabiel staat. Er is een hoorbaar of zichtbaar alarm. De deur is open blijven staan. Sluit de deur. De compressor werkt voortdurend. De temperatuur is verkeerd inge‐ steld. Raadpleeg het hoofdstuk "Bedie‐ ningspaneel". Er werden veel voedingsproducten in een keer opgeborgen. Wacht een paar uur en controleer dan de temperatuur opnieuw. De temperatuur in de ruimte is te hoog. Raadpleeg het hoofdstuk "Installe‐ ren". De temperatuur van de voedings‐ producten in het apparaat was te hoog. Laat voedingsproducten afkoelen tot kamertemperatuur voordat je ze op‐ bergt. De deur is niet goed gesloten. Raadpleeg het gedeelte "De deur sluiten". De Frostmatic-functie is ingescha‐ keld. Zie de rubriek over ‘Frostmatic-func‐ tie’. De compressor start niet onmiddel‐ lijk na het drukken op "Frostmatic" , of na het veranderen van de tempe‐ ratuur. De compressor start niet direct. Dit is normaal en geen storing. De deur is niet goed gemonteerd of dekt het ventilatierooster af. Het apparaat staat niet waterpas. Raadpleeg de montage-instructies. Deur gaat moeilijk open. Je probeerde de deur direct nadat je die sloot opnieuw te openen. Wacht even met de deur openen nadat je die hebt gesloten. De verlichting werkt niet. De stand-bystand van de verlichting is ingeschakeld. Sluit en open de deur. De lamp is defect. Neem contact op met de dichtstbij‐ zijnde klantenservice. Er is te veel bevroren rijp en ijs. De deur is niet goed gesloten. Raadpleeg het gedeelte "De deur sluiten". Het deurrubber is vervormd of vuil. Raadpleeg het gedeelte "De deur sluiten". De voedingsproducten is niet goed verpakt. Verpak de voedingsproducten beter. 16 NEDERLANDSProbleem Mogelijke oorzaak Oplossing De temperatuur is verkeerd inge‐ steld. Raadpleeg het hoofdstuk "Bedie‐ ningspaneel". Apparaat is volledig geladen en is ingesteld op de laagste tempera‐ tuur. Stel een hogere temperatuur in. Raadpleeg het hoofdstuk "Bedie‐ ningspaneel". De ingestelde temperatuur in het apparaat is te laag en de omge‐ vingstemperatuur is te hoog. Stel een hogere temperatuur in. Raadpleeg het hoofdstuk "Bedie‐ ningspaneel". Er stroomt water over de achter‐ wand van de koelkast. Tijdens automatisch ontdooien smelt rijp op de achterwand. Dit is correct. Er condenseert teveel water op de achterwand van de koelkast. De deur werd te vaak geopend. Open de deur alleen als het nodig is. De deur is niet volledig gesloten. Zorg ervoor dat de deur volledig ge‐ sloten is. Het bewaarde voedsel was niet in‐ gepakt. Verpak voedsel in geschikt materi‐ aal voordat je het in het apparaat plaatst. Er stroomt water in de koelkast. Opgeborgen voedingsproducten voorkomen dat het water in de wa‐ teropvangbak loopt. Zorg ervoor dat voedingsproducten de achterwand niet raken. De waterafvoer is verstopt. Reinig de waterafvoer. Er stroomt water op de vloer. De smeltwaterafvoer is niet aange‐ sloten op de verdampschaal boven de compressor. Sluit de smeltwaterafvoer aan op de verdampschaal. De temperatuur kan niet worden in‐ gesteld. De Frostmatic-functie wordt inge‐ schakeld. Schakel Frostmatic-functie handma‐ tig uit, of wacht totdat de functie au‐ tomatisch wordt gedeactiveerd om de temperatuur in te stellen. Raad‐ pleeg de rubriek over "Frostmatic functie". De temperatuur in het apparaat is te laag/te hoog. De temperatuur is niet correct inge‐ steld. Stel een hogere/lagere temperatuur in. De deur is niet goed gesloten. Raadpleeg het gedeelte "De deur sluiten". De temperatuur van de voedings‐ producten is te hoog. Laat de voedingsproducten afkoelen tot kamertemperatuur voordat je ze opbergt. Er worden veel voedingsproducten in een keer opgeborgen. Berg minder voedingsproducten in een keer op. De dikte van de rijp is groter dan 4 - 5 mm. Ontdooi het apparaat. De deur werd vaak geopend. Open de deur alleen als dat nodig is. De Frostmatic-functie is ingescha‐ keld. Zie de rubriek over ‘Frostmatic-func‐ tie’. NEDERLANDS 17Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Er wordt geen koude lucht gecircu‐ leerd in het apparaat. Zorg ervoor dat er koude lucht in het apparaat circuleert. Raadpleeg het hoofdstuk "Tips en advies". Sommige specifieke oppervlakken in het koelcompartiment zijn soms warmer. Dit is normaal. De temperatuurinstellingleds knip‐ peren tegelijkertijd. Er is een fout opgetreden bij het me‐ ten van de temperatuur. Neem contact op met de dichtstbij‐ zijnde klantenservice. Het koelsys‐ teem blijft de voedingsproducten koelen, maar de temperatuurinstel‐ ling kan niet worden gewijzigd. Bel, wanneer het advies niet tot resultaten leidt, de dichtstbijzijnde servicedienst voor dit merk.

8.2 Het lampje vervangen

Het apparaat is uitgerust met een LED-lampje aan de binnenkant met een lange levensduur. Alleen service mag het verlichtingsapparaat vervangen. Neem contact op met onze erkende servicedienst.

2. Pas zo nodig de deur aan. Raadpleeg de

montage-instructies.

De technische gegevens staan op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat en op het energielabel. De QR-code op het energielabel dat bij het apparaat wordt geleverd, biedt een internetkoppeling naar de informatie gerelateerd aan de prestaties van het apparaat in de EU-EPREL-database. Bewaar het energielabel ter referentie samen met de gebruikershandleiding en alle andere documenten die bij dit apparaat worden geleverd. Het is ook mogelijk om dezelfde informatie in EPREL te vinden via de koppeling https://eprel.ec.europa.eu en de modelnaam en het productnummer die u vindt op het typeplaatje van het apparaat. Zie de koppeling www.theenergylabel.eu voor gedetailleerde informatie over het energielabel.

11. INFORMATIE VOOR TESTINSTITUTEN

De installatie en voorbereiding van het toestel voor elke EcoDesign-verificatie moeten in overeenstemming zijn met EN 62552 (EU). De ventilatievoorschriften, de afmetingen van NEDERLANDS 19de uitsparingen en de minimale open afstanden aan de achterzijde moeten voldoen aan de voorschriften van deze gebruikershandleiding in “Installeren“. Neem contact op met de fabrikant voor verdere informatie, inclusief laadplannen.

12. MILIEUBESCHERMING

Recycleer de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.