IEB64000XB - Fornuis AEG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis IEB64000XB AEG in PDF-formaat.
Download de handleiding voor uw Fornuis in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding IEB64000XB - AEG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. IEB64000XB van het merk AEG.
GEBRUIKSAANWIJZING IEB64000XB AEG
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeit uit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen
- Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderen jonger dan 8 jaar en personen met zware en complexe beperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te 20 NEDERLANDSworden gehouden, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan.
- Houd toezicht op kinderen, om te voorkomen dat zij gaan spelen met het apparaat.
- Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.
- WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat tijdens het gebruik en bij het afkoelen.
- Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd.
- Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.
1.2 Algemene veiligheid
- Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken.
- Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijk gebruik.
- Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren, hotelkamers, bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de (gemiddelde) huishoudelijke gebruiksniveaus niet overschrijdt.
- WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. U dient te voorkomen de verwarmingselementen aan te raken.
- WAARSCHUWING: Onbewaakt koken op een kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zijn en tot brand leiden.
- Rook is een indicatie van oververhitting. Gebruik nooit water om het kookvuur te blussen. Schakel het apparaat uit en bedek de vlammen met bijv. een branddeken of deksel.
- WAARSCHUWING: Het apparaat mag niet van stroom worden voorzien door een extern schakelapparaat, zoals een tijdklok, of aangesloten worden op een circuit dat door NEDERLANDS 21het elektriciteitsbedrijf regelmatig aan en uit wordt geschakeld.
- OPGELET: Tijdens het kookproces moet u in de buurt blijven Een kort kookproces moet voortdurend bewaakt worden.
- WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen voorwerpen op de kookoppervlakken.
- Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet op het oppervlak van de kookplaat worden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden.
- Gebruik het apparaat niet voordat u het in de ingebouwde constructie installeert.
- Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat te reinigen.
- Schakel het kookplaatelement na elk gebruik uit met de bedieningstoetsen. Vertrouw niet op de pandetector.
- WAARSCHUWING: Als het oppervlak gebarsten is, schakel het apparaat dan uit om de kans op elektrische schokken te vermijden. In het geval het apparaat rechtstreeks op de stroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert u de zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neem altijd contact op met de erkende servicedienst.
- Indien het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen door de fabrikant, een erkende service of vergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar te voorkomen.
- WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermers die door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpen of door de fabrikant van het apparaat in de gebruiksinstructies als geschikt zijn aangegeven of kookplaatbeschermers die in het apparaat zijn geïntegreerd. Het gebruik van ongeschikte kookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken.
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
22 NEDERLANDS2.1 Installeren WAARSCHUWING! Alleen een erkende installatietechnicus mag dit apparaat installeren. WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.
- Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
- Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
- Volg de installatie-instructies die zijn meegeleverd met het apparaat.
- Houd de minimumafstand naar andere apparaten en units in acht.
- Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
- Dicht de oppervlakken af met kit om te voorkomen dat ze gaan opzetten door vocht.
- Bescherm de bodem van het apparaat tegen stoom en vocht.
- Installeer het apparaat niet naast een deur of onder een raam. Dit voorkomt dat heet kookgerei van het apparaat valt als de deur of het raam wordt geopend.
- Elk apparaat heeft koelventilatoren op de bodem.
- Als het apparaat gemonteerd wordt boven een lade: – Leg geen kleine dingen of papier dewelke kunnen binnengezogen worden, omdat ze de koelventilatoren kunnen beschadigen of het koelsysteem kunnen belemmeren. – Houd een minimumafstand van 2 cm tussen de bodem van het apparaat en de voorwerpen die u in de lade opbergt.
- Verwijder de afscheidingspanelen die in de kast onder het apparaat zijn geïnstalleerd.
2.2 Elektrische aansluiting
WAARSCHUWING! Gevaar voor brand en elektrische schokken.
- Alle elektrische aansluitingen moeten worden uitgevoerd door een gekwalificeerde elektricien.
- , moet het apparaat geaard worden.
- Controleer, voordat je de kookplaat op een oven aansluit en voor elke bedrading, of de hoofdaansluitingen van beide apparaten niet onder spanning staan.
- Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom.
- Controleer of het apparaat correct geïnstalleerd is. Losse en onjuiste stroomkabels of stekkers (indien van toepassing) kunnen ertoe leiden dat de contactklem te heet wordt.
- Gebruik het juiste netsnoer.
- Zorg dat de stroomkabel niet verstrikt raakt.
- Controleer of er een aardlekschakelaar is geïnstalleerd.
- Gebruik de trekontlastingsklem op de kabel.
- Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker (indien van toepassing) het hete apparaat of heet kookgerei niet aanraakt als je het apparaat op een nabijgelegen contactdoos aansluit.
- Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.
- Zorg ervoor dat je de stekker (indien van toepassing) of het netsnoer niet beschadigt. Neem contact op met ons erkende servicecentrum of een elektricien om een beschadigde stroomkabel te vervangen.
- De schokbescherming van delen onder stroom en geïsoleerde delen moet op zo'n manier worden bevestigd dat het niet zonder gereedschap kan worden verplaatst.
- Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is.
- Als het stopcontact los zit, mag u de stekker niet in het stopcontact steken. NEDERLANDS 23• Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
- Gebruik enkel correcte isolatievoorzieningen: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen moeten uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers.
- De elektrische installatie moet een isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat moet een contactopening hebben met een minimale breedte van 3 mm.
WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken.
- De specificatie van dit apparaat niet wijzigen.
- Verwijder voor het eerste gebruik alle verpakkingsmaterialen, etiketten en beschermfolie (indien van toepassing).
- Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet geblokkeerd worden.
- Laat het apparaat tijdens de werking niet onbeheerd achter.
- Zet de kookzone op "uit" na ieder gebruik.
- Plaats geen bestek of deksels van steelpannen op de kookzones. Ze kunnen heet worden.
- Gebruik het apparaat niet met natte handen of als het contact maakt met water.
- Gebruik het apparaat niet als werkblad of als opslagoppervlak.
- Als het oppervlak van het apparaat gebarsten is, koppel het apparaat dan onmiddellijk los van de stroomtoevoer. Dit dient om een elektrische schok te voorkomen.
- Gebruikers met een pacemaker moeten een afstand van minimaal 30 cm aanhouden tot de inductiekookzones als het apparaat in werking is.
- Als u voedsel in hete olie plaatst, kan het spatten.
- Gebruik geen aluminiumfolie of andere materialen tussen het kookoppervlak en het kookgerei, tenzij anders aangegeven door de fabrikant van dit apparaat.
- Gebruik alleen accessoires die door de fabrikant voor dit apparaat worden aanbevolen. WAARSCHUWING! Risico op brand en explosie.
- Wanneer ze verwarmd worden, kunnen vetten en oliën ontvlambare dampen afgeven. Houd open vuur of verwarmde voorwerpen uit de buurt van vetten en oliën wanneer u ermee kookt.
- De dampen die boven erg hete olie ontstaan kunnen spontaan ontbranden.
- Gebruikte olie, die voedselresten kan bevatten, kan ontbranden bij een lagere temperatuur dan olie die voor de eerste keer wordt gebruikt.
- Plaats geen ontvlambare producten of artikelen die vochtig zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat. WAARSCHUWING! Risico op schade aan het apparaat.
- Plaats geen heet kookgerei op het bedieningspaneel om het risico op brandwonden te vermijden.
- Leg geen hete deksel op het glazen oppervlak van de kookplaat.
- Laat kookgerei niet droogkoken.
- Zorg ervoor dat je geen voorwerpen of kookgerei op het apparaat laat vallen. Het oppervlak kan beschadigd raken.
- Schakel de kookzones niet terwijl er leeg kookgerei of geen kookgerei op geplaatst is.
- Kookgerei gemaakt van gietijzer of met een beschadigde bodem kan krassen op het glas/glaskeramiek veroorzaken. Til deze voorwerpen altijd op als je ze op de kookplaat moet verplaatsen.
2.4 Onderhoud en reiniging
- Reinig het apparaat regelmatig om te voorkomen dat het materiaal van het oppervlak achteruitgaat.
- Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen voordat u het schoonmaakt. 24 NEDERLANDS• Reinig het apparaat met een vochtige, zachte doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schurende producten, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen, tenzij anders aangegeven.
- Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het apparaat. Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
- Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zijn bedoeld om bestand te zijn tegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijke apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld om informatie te geven over de operationele status van het apparaat. Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zijn niet geschikt voor verlichting in huishoudelijke ruimten.
WAARSCHUWING! Gevaar voor letsel of verstikking.
- Neem contact op met uw plaatselijke overheid voor informatie over het afvoeren van het apparaat.
- Haal de stekker uit het stopcontact.
- Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg.
WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
3.1 Aansluittype kookplaat en oven
Dit apparaat heeft een gele 1 x 14 poolstekker en kan worden aangesloten op een oven met een gele 1 x 14 poolstekker.
Voordat u de kookplaat installeert, dient u de onderstaande informatie van het typeplaatje te noteren. Het typeplaatje bevindt zich onderop de kookplaat. Serienummer ...........................
3.3 Ingebouwde kookplaten
Installeer eerst de oven en dan de kookplaat in zijn uitsparing. Inbouwkookplaten mogen alleen worden gebruikt nadat zij ingebouwd zijn in geschikte inbouwunits of werkbladen die aan de normen voldoen.
Hanteer het apparaat voorzichtig tijdens de installatie om buigen of beschadiging van het frame te voorkomen. Als je de kookplaat onder een kap installeert, raadpleeg je de installatie-instructies van de afzuigkap voor de minimumafstand tussen de apparaten. min. 50mm min. 500mm NEDERLANDS 25max. R5
min. 28 Zoek de videotutorial "Hoe installeert u uw AEG inductiekookplaat - installatie op het aanrecht" door de volledige naam die in de onderstaande afbeelding staat in te typen. www.youtube.com/electroluxwww.youtube.com/aegHow to install your AEG Induction Hob - Worktop installation
26 NEDERLANDSGebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en geluiden tonen welke functies worden gebruikt. Tip‐ toets Functie Opmerking
- Timerindicatie voor de kookzones Geeft aan voor welke zone u de tijd instelt.
- Timerdisplay De tijd in minuten weergeven.
- De tijd verlengen of verkorten.
Hob²Hood De handmatige modus van functie in- en uitschakelen.
Blokkering / Kinderbeveiligingsin‐ richting Het bedieningspaneel vergrendelen/ontgrendelen.
Pauze De functie in- en uitschakelen.
PowerBoost Het inschakelen van de functie.
4.3 Kookstanddisplays
Scherm Beschrijving De kookzone is uitgeschakeld.
De kookzone wordt gebruikt. Pauze werkt. Automatisch opwarmen werkt. PowerBoost werkt. + cijfer Er is een storing.
OptiHeat Control (3-staps restwarmte-indicator): doorgaan met koken / warmhoud‐ stand / restwarmte. Blokkering / Kinderbeveiligingsinrichting werkt. Het kookgerei is niet geschikt of te klein, of er is geen kookgerei op de kookzone ge‐ plaatst. Automatische uitschakeling werkt. NEDERLANDS 274.4 OptiHeat Control (3-staps restwarmte-indicator) WAARSCHUWING! / / Zolang het indicatielampje aanstaat, bestaat er een risico op brandwonden door restwarmte. De inductiekookzones creëren de voor het kookproces benodigde warmte rechtstreeks in de bodem van het kookgerei. Het glaskeramiek wordt verwarmd door de warmte van het kookgerei. De indicatielampjes / / verschijnen als een kookzone heet is. De aanduidingen tonen het niveau van de restwarmte voor de kookzones die je momenteel gebruikt. Het indicatielampje kan ook verschijnen:
- voor de aangrenzende kookzones, zelfs als je ze niet gebruikt,
- als er heet kookgerei op de koude kookzone wordt geplaatst,
- als de kookplaat is uitgeschakeld, maar de kookzone nog heet is. Het indicatielampje verdwijnt als de kookzone is afgekoeld.
5. DAGELIJKS GEBRUIK
WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
5.1 De kookplaat bedienen
Je bedient de kookplaat met de knoppen van de oven en het bedieningspaneel van de kookplaat. Zie "Dagelijks gebruik" in de gebruikershandleiding van de oven.
Deze functie maakt meer vermogen beschikbaar voor de inductiekookzones. De functie kan voor een beperkte tijdsduur voor uitsluitend de inductiekookzone worden geactiveerd. Daarna wordt de inductiekookzone automatisch teruggeschakeld naar de hoogste kookstand. Zie het hoofdstuk 'Technische gegevens'. Om de functie voor een kookzone in te schakelen: raak aan. gaat aan. De functie uitschakelen: wijzig de kookstand.
5.3 Automatisch opwarmen
Als u deze functie activeert, kunt u in minder tijd een benodigde kookstand verkrijgen. De functie schakelt even de hoogste kookstand in en verlaagt dan naar de juiste kookstand. Om de functie in werking te stellen moet de kookzone koud zijn. Om de functie voor een kookzone in te schakelen: draai de knop rechtsom tot gaat branden. Stel meteen de juiste kookstand in. Na 3 seconden gaat branden. Om de functie uit te schakelen: draai de knop linksom.
5.4 Automatische uitschakeling
De functie schakelt de kookplaat automatisch uit als:
- alle kookzones zijn uitgeschakeld,
- u de kookstand niet instelt nadat u de kookplaat hebt ingeschakeld,
- u iets hebt gemorst of iets langer dan 10 seconden op het bedieningspaneel hebt gelegd (een pan, doek, etc.). Er klinkt een geluidssignaal en de kookplaat wordt uitgeschakeld. Verwijder het voorwerp of reinig het bedieningspaneel.
- De kookplaat te heet wordt (bijvoorbeeld als een steelpan droog kookt). De kookzone moet afgekoeld zijn voordat u de kookplaat weer kunt gebruiken. 28 NEDERLANDS• u ongeschikte pannen gebruikt. Het symbool gaat branden en na 2 minuten schakelt de kookzone automatisch uit.
- u een kookzone niet uitschakelt of de kookstand verandert. Na een tijdje gaat aan en schakelt de kookplaat uit. De verhouding tussen kookstand en de tijd waarna de kookplaat uitschakelt: Warmte-instelling De kookplaat wordt uitgeschakeld na , 1 - 2 6 uur
- Timer met aftelfunctie U kunt deze functie gebruiken om de lengte van één kooksessie in te stellen. Stel eerst de warmtestand voor de kookzone in en dan de functie. Om de kookzone in te stellen: tik herhaaldelijk op totdat het lampje van een kookzone verschijnt. Om de functie te activeren: tik op van de timer om de tijd in te stellen (00 - 99 minuten). Als het lampje van de kookzone gaat knipperen, wordt de tijd afgeteld. Om de resterende tijd te zien: tik op om de kookzone in te stellen. Het indicatielampje van de kookzone begint te knipperen. Op het display wordt de resterende tijd weergegeven. Om de tijd te wijzigen: tik op om de kookzone in te stellen. Tik op of . Om de functie te deactiveren: tik op om de kookzone in te stellen en tik vervolgens op . De resterende tijd telt terug tot 00. Het indicatielampje van de kookzone verdwijnt. Om de functie uit te schakelen kunt u ook tegelijkertijd tikken op en . Als de aftelling beëindigd is, klinkt er een geluidssignaal en knippert 00. De kookzone wordt uitgeschakeld. Om de functie te stoppen: tik op .
- CountUp Timer Gebruik deze functie om in de gaten te houden hoe lang de kookzone werkt. Om de kookzone in te stellen: tik herhaaldelijk op totdat het lampje van een kookzone verschijnt. Om de functie te activeren: tik op van de timer. verschijnt. Als het lampje van de kookzone gaat knipperen, wordt de tijd opgeteld. Het display schakelt tussen en de getelde tijd (in minuten). Om in de gaten te houden hoelang de kookzone werkt: tik op om de kookzone in te stellen. Het indicatielampje van de kookzone begint te knipperen. De display geeft aan hoe lang de zone werkt. Om de functie te deactiveren: tik op en tik vervolgens op of . Het indicatielampje van de kookzone verdwijnt.
- Kookwekker U kunt deze functie gebruiken wanneer de kookplaat is ingeschakeld maar de kookzones niet werken. De warmtestand op het display toont . Om de functie te activeren: tik op en tik vervolgens op of van de timer om de tijd in te stellen. Het display van de kookzones schakelt zich na 10 seconden automatisch uit. Als de tijd verstreken is, klinkt er een geluidssignaal en knippert 00. Om de functie te stoppen: tik op . Om de functie te deactiveren: activeer de kookzone aan de linkervoorzijde voor een korte tijd en deactiveer deze. De functie heeft geen invloed op de werking van de kookzones. NEDERLANDS 295.6 Pauze Deze functie stelt alle kookzones in die op de laagste warmte-instelling werken. De functie stopt de timerfuncties niet. Druk op om de functie te activeren. gaat aan. De warmte-instelling wordt verlaagd naar 1. Om de functie uit te schakelen: druk op . De vorige kookstand gaat aan. Als je de kookstand wijzigt, stopt de functie en toont het display de nieuwe kookstand.
U kunt de sensors op de kookplaat vergrendelen terwijl de kookzones in werking zijn. Stel eerst de kookstand in. De functie inschakelen: raak aan. gaat gedurende 4 seconden aan. De timer blijft aan. De functie uitschakelen: Raak aan. De vorige kookstand gaat aan. Als u de kookplaat uitzet, stopt u deze functie ook.
5.8 Kinderbeveiligingsinrichting
Deze functie voorkomt dat de kookplaat onbedoeld wordt gebruikt. Om de functie in te schakelen: de kookplaat moet worden uitgeschakeld. Raak 4 seconden tot knippert. Tik op . gaat 4 seconden branden. Om de functie uit te schakelen: de kookplaat moet worden uitgeschakeld. Raak 4 seconden tot knippert. Tik op . gaat 4 seconden branden. Om de functie gedurende slechts één bereidingstijd te annuleren: schakel een kookzone in. gaat aan. Raak gedurende 4 seconden in totdat voor alle zones aangaat. Stel de kookstand in binnen 4 seconden. Je kunt de kookplaat bedienen. Als je het apparaat uitschakelt, werkt de functie weer.
5.9 OffSound Control (In- en
uitschakelen van de geluiden) De kookplaat uitschakelen. Gedurende 3 seconden aanraken. Gedurende 3 seconden aanraken. of gaat aan. Raak op de timer aan om één van het volgende te kiezen:
- - de geluiden zijn uit
- - de geluiden zijn aan. Om uw keuze te bevestigen moet u wachten tot de kookplaat automatisch uitschakelt. Als de functie op staat, kunt u de geluiden alleen horen als:
- Timer met aftelfunctie afgaat
- u iets op het bedieningspaneel plaatst.
Het is een geavanceerde automatische functie die de kookplaat op een speciale kap aansluit. Zowel de kookplaat als de afzuigkap hebben een infraroodontvanger. Snelheid van de ventilator wordt automatisch bepaald op basis van modusinstelling en temperatuur van de heetste pan op de kookplaat. Je kunt de ventilator ook handmatig van de kookplaat bedienen. Bij de meeste afzuigkappen is het afstandsbedieningssysteem in eerste instantie ingeschakeld. Als de functie is uitgeschakeld, activeer deze dan voordat je de functie gebruikt. Zie voor meer informatie de gebruikershandleiding van de afzuigkap. De functie automatisch bedienen Om de functie te bedienen, stelt u de automatische modus automatisch in op H1 – H6. De kookplaat is oorspronkelijk ingesteld op H5. De afzuigkap reageert wanneer u de kookplaat bedient. De kookplaat herkent de 30 NEDERLANDStemperatuur van de pannen automatisch en stelt de snelheid van de ventilator erop af. Automatische modi Automa‐ tisch lampje Koken
H0 Uit Uit Uit H1 Aan Uit Uit
Aan Ventilator‐ snelheid 1 Ventilator‐ snelheid 1 H3 Aan Uit Ventilator‐ snelheid 1 H4 Aan Ventilator‐ snelheid 1 Ventilator‐ snelheid 1 H5 Aan Ventilator‐ snelheid 1 Ventilator‐ snelheid 2 H6 Aan Ventilator‐ snelheid 2 Ventilator‐ snelheid 3
De kookplaat detecteert het kookproces en activeert de ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatische modus.
De kookplaat detecteert het bakproces en activeert de ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatische modus.
Deze modus activeert de ventilator en de verlichting en reageert niet op de temperatuur. De automatische modus wijzigen
1. De kookplaat uitschakelen.
gedurende 3 seconden in totdat u een piepgeluid hoort.
4. Druk op totdat H en een cijfer (0 - 6)
aangaan. H5 is de standaardinstelling.
5. Druk op van de timer om een
automatische modus te selecteren (H0 - H6). De gekozen modus activeert automatisch na 10 seconden. Schakel de automatische modus van de functie uit om de afzuigkap rechtstreeks op het afzuigkappaneel te bedienen. Als je klaar bent met koken en de kookplaat uitschakelt, werkt de ventilator mogelijk nog even. Daarna schakelt het systeem de ventilator automatisch uit en wordt voorkomen dat je de ventilator per ongeluk in de komende 30 seconden activeert. De ventilatorsnelheid handmatig bedienen Je kunt de functie ook handmatig bedienen. Druk hiervoor op als de kookplaat actief is. Hierdoor wordt de automatische werking van de functie uitgeschakeld en kun je de ventilatorsnelheid handmatig wijzigen. Als je op drukt, wordt de ventilatorsnelheid met één verhoogd. Als je een intensief niveau bereikt en weer op drukt, stel je de ventilatorsnelheid in op 0 waardoor de afzuigkapventilator uitschakelt. Om de ventilator weer te starten met ventilatorsnelheid 1, druk op . Schakel de kookplaat uit en weer aan om automatische bediening van de functie te activeren. Het lampje inschakelen Je kunt de kookplaat instellen om het licht automatisch te activeren wanneer je de kookplaat activeert. Zet daarvoor de automatische modus op H1 – H6. Het lampje op de afzuigkap gaat 2 minuten na het uitschakelen van de kookplaat uit.
5.11 Stroommanagement
Als er meerdere zones actief zijn en het verbruikte vermogen de limiet van de stroomtoevoer overschrijdt, verdeelt deze functie het beschikbare vermogen tussen alle kookzones. De kookplaat regelt de warmte- instellingen om de zekeringen van de installatie in het huis te beschermen.
- Als de kookplaat de limiet van het maximaal beschikbare vermogen bereikt NEDERLANDS 31(zie het typeplaatje) wordt het vermogen van de kookzones automatisch verlaagd.
- De warmte-instelling van de gekozen kookzone heeft altijd prioriteit. Het resterende vermogen zal tussen de eerder geactiveerde kookzones worden verdeeld, in omgekeerde volgorde van selectie.
- De weergave van de warmte-instelling van de verlaagde zones wisselt tussen de aanvankelijk gekozen warmte-instelling en de verlaagde warmte-instelling.
- Wacht totdat het display stopt met knipperen of verlaag de kookstand van de laatst geselecteerde kookzone. De kookzones blijven werken met de verlaagde warmte-instelling. Wijzig indien nodig handmatig de warmte-instellingen van de kookzones.
6. AANWIJZINGEN EN TIPS
WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
Voor inductiekookzones creëert een sterk elektromagnetisch veld de hitte in de pannen zeer snel. Gebruik de inductiekookzones met geschikte pannen.
- Om oververhitting te voorkomen en de prestaties van de zones te verbeteren, moet het kookgerei zo dik en vlak mogelijk zijn.
- Zorg ervoor dat bodems schoon en droog zijn voordat het kookgerei op de kookplaat worden gezet.
- Let er altijd op dat u het kookgerei niet schuift of wrijft op de randen en hoeken van het glas , omdat dit het glasoppervlak kan beschadigen. Panmaterialen
- goed: gietijzer, staal, geëmailleerd staal, roestvrij staal, meerlaagse bodem (aangemerkt als geschikt door de fabrikant).
- niet goed: aluminium, koper, messing, glas, keramiek, porselein. Een pan is geschikt voor een inductiekookplaat als:
- water op de hoogste kookstand binnen korte tijd wordt verwarmd,
- een magneet op de onderkant van het kookgerei plakt. Afmetingen van pannen
- Inductiekookzones passen zich tot op zekere hoogte automatisch aan de afmetingen van pannen aan. Raadpleeg "Technische gegevens" > "Specificatie van kookzones" voor de juiste afmetingen van kookgerei. Plaats het kookgerei in het midden van de gekozen kookzone.
- De efficiëntie van een kookzone hangt samen met de diameter van de pan. Gebruik voor een optimale warmteoverdracht kookgerei met een bodemdiameter die vergelijkbaar is met de grootte van de kookzone (d.w.z. de maximale waarde van de diameter van het kookgerei in "Technische gegevens" > "Specificatie van de kookzone"). – Pannen met een diameter kleiner dan een bepaalde kookzone ontvangen slechts een deel van het vermogen dat door de kookzone wordt opgewekt, wat resulteert in een langzamere opwarming. – Gebruik zowel om veiligheidsredenen als voor optimale kookresultaten geen pannen groter dan aangegeven in de kookzonespecificaties. Zorg ervoor dat pannen tijdens het koken niet dicht bij het bedieningspaneel blijven. Dit kan invloed hebben op de werking van het bedieningspaneel of onbedoeld de kookplaatfuncties activeren. Raadpleeg de technische gegevens. 32 NEDERLANDS6.2 Geluiden tijdens bedrijf Deze geluiden zijn normaal en hebben niets met een defect te maken. Geluiden van kookgerei kunnen variëren afhankelijk van het materiaal van het kookgerei en het vermogen. Geluiden gerelateerd aan kookgerei:
- kraakgeluid: kookgerei is gemaakt van verschillende materialen (sandwich- constructie).
- fluitend geluid: bij gebruik van een kookzone met een hoge kookstand en als het kookgerei is gemaakt van verschillende materialen (een sandwich- constructie).
- bromgeluid: als u een hoge kookstand gebruikt. Kookplaatgerelateerde geluiden:
- klikken: er treedt elektrische schakeling op.
- sissen, zoemen: de ventilator werkt.
- ritmisch geluid: kookgerei wordt gedetecteerd.
6.3 Öko Timer (Eco-timer)
Om energie te besparen schakelt het verwarmingselement van de kookzone eerder uit dan het signaal van de timer met aftelfunctie klinkt. Het verschil in werkingstijd hangt af van het niveau van de kookstand en de tijd dat u kookt.
kooktoepassingen De correlatie tussen de kookstand en het stroomverbruik van de kookzone is niet lineair. Wanneer u de kookstand verhoogt, is dit niet proportioneel met de toename in stroomverbruik van de kookzone. Het betekent dat een kookzone op de medium kookstand minder dan de helft van het vermogen gebruikt. De gegevens in de tabel dienen alleen als richtlijn. Warmte-instel‐ ling Gebruik om het volgende te doen: Tijd (min) Aanwijzingen
Houd gekookt voedsel warm. indien no‐ dig Doe een deksel op het kookgerei.
5 - 25 Van tijd tot tijd mengen.
10 - 40 Kook met een deksel erop.
2 - 3 Zachtjes aan de kook brengen van rijst
en gerechten op melkbasis, reeds be‐ reide gerechten opwarmen.
25 - 50 Voeg minimaal twee keer zo veel
vocht toe als rijst en roer gerechten op melkbasis halverwege de procedure door.
3 - 4 Stoom groenten, vis, vlees. 20 - 45 Voeg een paar eetlepels vocht toe.
4 - 5 Stoom aardappelen. 20 - 60 Gebruik max. ¼ l water voor 750 g
4 - 5 Bereid grotere hoeveelheden voedsel,
stoofschotels en soepen.
60 - 150 Tot 3 liter vloeistof plus ingrediënten.
6 - 7 Zachtjes bakken: escalope, kalfsvlees
cordon bleu, cutlets, rissoles, worstjes, lever, roux, eieren, pannenkoeken, do‐ nuts. indien no‐ dig Halverwege de bereidingstijd omdraai‐ en. NEDERLANDS 33Warmte-instel‐ ling Gebruik om het volgende te doen: Tijd (min) Aanwijzingen
5 - 15 Halverwege de bereidingstijd omdraai‐
en. 9 Kook water, kook pasta, braadvlees (goulash, stoofvlees), frietjes bakken. Grote hoeveelheden water koken. PowerBoost is ingeschakeld.
6.5 Praktische tips voor Hob²Hood
Wanneer je de kookplaat gebruikt met de functie:
- Bescherm het paneel van de afzuigkap tegen direct zonlicht.
- Plaats geen halogeenlicht op het paneel van de afzuigkap.
- Dek het bedieningspaneel van de afzuigkap niet af.
- Onderbreek het signaal tussen de kookplaat en de afzuigkap niet (bijvoorbeeld met een hand, een handgreep van een pan of een grote pan). Zie de afbeelding. De afzuigkap in de afbeelding is slechts een voorbeeld. Andere op afstand bediende apparaten kunnen het signaal hinderen. Gebruik dergelijke apparaten niet in de buurt van de kookplaat terwijl Hob²Hood ingeschakeld is. Afzuigkappen met de Hob²Hood-functie Voor het volledige assortiment afzuigkappen dat met deze functie werkt, raadpleeg je onze website van de consument. De AEG- afzuigkappen die met deze functie werken moeten het symbool hebben .
7. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
7.1 Algemene informatie
- Reinig de kookplaat na elk gebruik.
- Gebruik altijd kookgerei met een schone bodem.
- Krassen of donkere vlekken op het oppervlak hebben geen invloed op de werking van de kookplaat. 34 NEDERLANDS• Gebruik een specifiek schoonmaakmiddel voor het oppervlak van de kookplaat.
- Gebruik een speciale schraper voor het glas.
7.2 De kookplaat schoonmaken
- Verwijder direct: gesmolten kunststof, plastic folie, suiker en suikerhoudend voedsel, anders kan dit schade aan de kookplaat veroorzaken. Doe voorzichtig om brandwonden te voorkomen. Gebruik de speciale schraper op de glazen plaat en verwijder resten door het blad over het oppervlak te schuiven.
- Verwijder nadat de kookplaat voldoende is afgekoeld: kalk- en waterkringen, vetspatten en metaalachtig glanzende verkleuringen. Reinig de kookplaat met een vochtige doek en een beetje niet-schurend reinigingsmiddel. Droog de kookplaat na reiniging af met een zachte doek.
- Verkleuring glanzende metalen verwijderen: reinig het glazen oppervlak met een doek en een oplossing van water met azijn.
8. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING! Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
8.1 Wat moet je doen als ...
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Je kunt de kookplaat niet inscha‐ kelen of bedienen. De zekering is doorgeslagen. Verzeker je ervan dat de zekering de oorzaak van de storing is. Als de zeke‐ ringen keer op keer doorslaan, neem je contact op met een erkende installa‐ teur. Je hebt 2 of meer sensorvelden te‐ gelijkertijd aangeraakt. Raak slechts één sensorveld aan. Pauze is in werking. Zie "Pause". Water of vetvlekken op het bedie‐ ningspaneel. Reinig het bedieningspaneel. Je kunt een constant piepgeluid horen. De elektrische aansluiting is ver‐ keerd. Trek de stekker van de kookplaat uit het stopcontact. Laat de installatie controleren door een erkende elektri‐ cien. Er klinkt een geluidssignaal en de kookplaat wordt uitgeschakeld. Als de kookplaat wordt uitge‐ schakeld, klinkt er een geluids‐ signaal. Je hebt iets op een of meer sensor‐ velden geplaatst. Verwijder het voorwerp van de sensor‐ velden. De restwarmte-indicator gaat niet aan. De zone is niet heet omdat deze slechts kortstondig is gebruikt, of de sensor is beschadigd. Als de zone voldoende lang gebruikt is om heet te zijn, neem je contact op met een erkende servicedienst. Hob²Hood werkt niet. Je hebt het bedieningspaneel afge‐ dekt. Verwijder het voorwerp van het bedie‐ ningspaneel. NEDERLANDS 35Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Je maakt gebruik van een hele hoge pan die het signaal blokkeert. Gebruik een kleinere pan, verander van kookzone of bedien de afzuigkap handmatig. Automatisch opwarmen werkt niet. De hoogste kookstand is ingesteld. De hoogste kookstand heeft hetzelfde vermogen als de functie. De zone is heet. Laat de zone voldoende afkoelen. De kookstand schakelt tussen twee niveaus. Stroommanagement is in werking. Raadpleeg ‘Dagelijks gebruik’. Het bedieningspaneel wordt heet bij aanraking. Het kookgerei is te groot of je plaatst het te dicht bij het bedieningspaneel. Plaats grotere pannen indien mogelijk op de achterste kookzones. Er klinkt geen geluidsignaal wan‐ neer je de tiptoetsen van het be‐ dieningspaneel aanraakt. De signalen zijn uit. Schakel de geluiden in. Raadpleeg ‘Dagelijks gebruik’. gaat aan. Kinderbeveiligingsinrichting of Blok‐ kering werkt. Raadpleeg ‘Dagelijks gebruik’. gaat aan. Er staat geen pan op de zone. Plaats een pan op de zone. De pan is niet geschikt. Gebruik kookgerei dat geschikt is voor inductiekookplaten. Zie 'Aanwijzingen en tips'. De diameter van de bodem van de pan is te klein voor de zone. Gebruik pannen met de juiste afmetin‐ gen. Raadpleeg de technische gege‐ vens. Opwarmen duurt lang. Pan is te klein en ontvangt slechts een deel van het vermogen dat door de kookzone wordt gegenereerd. Gebruik voor een optimale warmte‐ overdracht kookgerei met een bodem‐ diameter die vergelijkbaar is met de grootte van de kookzone (d.w.z. de maximale waarde van de diameter van het kookgerei in "Technische gege‐ vens" > "Specificatie van de kookzo‐ ne"). en een getal gaan branden. Er is een fout opgetreden in de kookplaat. Schakel de kookplaat uit en schakel deze na 30 seconden weer in. Wan‐ neer weer verschijnt, trek je de stekker van de kookplaat uit het stop‐ contact. Steek de stekker van de kook‐ plaat er na 30 seconden weer in. Als het probleem zich blijft voordoen, neem je contact op met een erkende servicedienst.
8.2 Als je geen oplossing kunt
vinden... Als je niet zelf het probleem kunt verhelpen, neem dan contact op met je verkoper of een erkende serviceafdeling. Geef de gegevens op het typeplaatje. Geef ook de driecijferige code voor het glaskeramiek (bevindt zich in de hoek van het glazen oppervlak) en een foutmelding die gaat branden. Zorg ervoor dat je de kookplaat correct gebruikt. Als dit niet het geval is, is het onderhoud van een servicemonteur of dealer niet gratis, ook tijdens de garantieperiode. De informatie over garantieperiode en geautoriseerde servicecentra vind je in het garantieboekje.
9.2 Specificatie kookzones
Kookzone Nominaal vermo‐ gen (max warmte- instelling) [W] PowerBoost [W] PowerBoost maximale duur [min] Diameter van het kookgerei [mm] Links voor 2300 3700 10 180 - 210 Links achter 1400 2500 4 125 - 145 Rechtsvoor 1800 2800 10 145 - 180 Rechtsachter 1800 2800 10 145 - 180 Het vermogen van de kookzones kan binnen een bepaalde kleine marge verschillen van de gegevens in de tabel. Dit kan veranderen afhankelijk van het materiaal en de afmetingen van het kookgerei. Gebruik voor een optimale warmteoverdracht en kookresultaat kookgerei met een bodemdiameter die vergelijkbaar is met de grootte van de kookzone (d.w.z. de maximale waarde van de diameter van het kookgerei in de tabel). Gebruik geen kookgerei dat groter is dan de diameter van de kookzone.
10. ENERGIEZUINIGHEID
10.1 Productinformatie volgens de EU Ecodesign regulering
Modelnummer IEB64000XB Type kookplaat Inbouwkookplaat Aantal kookzones 4 Verwarmingstechnologie Inductie Diameter van ronde kookzones (Ø) Links voor Links achter Rechtsvoor Rechtsachter
NEDERLANDS 37Energieverbruik per kookzone (EC electric cooking) Links voor Links achter Rechtsvoor Rechtsachter
Energieverbruik van de kookplaat (EC electric hob) 182.9 Wh/kg IEC / EN 60350-2 - Huishoudelijke elektrische kookapparaten - Deel 2: Kookplaten - Methoden voor het meten van prestaties.
10.2 Energiebesparing
U kunt elke dag energie besparen tijdens het koken door de onderstaande tips te volgen.
- Warm alleen de hoeveelheid water op die u nodig heeft.
- Doe indien mogelijk altijd een deksel op de pan.
- Zet uw kookgerei op de kookzone voordat u deze activeert.
- Zet kleiner kookgerei op kleinere kookzones.
- Plaats het kookgerei precies in het midden van de kookzone.
- Gebruik de restwarmte om het eten warm te houden of te smelten.
10.3 Productinformatie voor stroomverbruik en maximale tijd om de
toepasselijke modus voor laag vermogen te bereiken Stroomverbruik in uit-modus 0.3 W De maximale tijd die de apparatuur nodig heeft om automatisch de toepasselijke modus voor laag vermogen te bereiken 2 min
11. MILIEUBESCHERMING
Recycleer de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente. 38 NEDERLANDSWelcome to AEG! Thank you for choosing our appliance. Get usage advice, brochures, troubleshooting, service and repair information:www.aeg.com/supportSubject to change without notice. CONTENTS
På Fläkthastig‐ het 1 Fläkthastig‐ het 1 H3 På Av Fläkthastig‐ het 1 H4 På Fläkthastig‐ het 1 Fläkthastig‐ het 1 H5 På Fläkthastig‐ het 1 Fläkthastig‐ het 2 H6 På Fläkthastig‐ het 2 Fläkthastig‐ het 3
Notice-Facile