KI86NVSF0 - Combinatiekoelkast SIEMENS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis KI86NVSF0 SIEMENS in PDF-formaat.

Page 90
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE Italiano IT Nederlands NL
Inhoudsopgave Klik op een titel om naar de pagina te gaan
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : SIEMENS

Model : KI86NVSF0

Categorie : Combinatiekoelkast

Download de handleiding voor uw Combinatiekoelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KI86NVSF0 - SIEMENS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KI86NVSF0 van het merk SIEMENS.

GEBRUIKSAANWIJZING KI86NVSF0 SIEMENS

Inhoudsopgave Veiligheid Algemene aanwijzingen Bestemming van het apparaat Inperking van de gebruikers Veiliger transport Veilige installatie Veilig gebruik.. Beschadigd apparaat

Het voorkomen van mate: schade

Milieubescherming en bespa- ring Afvoeren van de Verpakking Energie besparen

Opstellen en aansluiten 100 Leveringsomvang Apparaat opstellen en aanslui- ten... Criteria voor de opstellocatie . Het apparaat voor het eerste ge- bruik voorbereiden : Apparaat elektrisch aansluiten….

Uw apparaat leren kennen. Apparaat. Bedieningselementen

Uitrusting.. Legplateau. Groente- en fruitlad Deurrekken… Accessoires

De Bediening in essentil Apparaat inschakelen Opmerkingen bij het gebruik . Machine uitschakelen Temperatuur instellen

Extra functies 104 Automatische Super. functie

Handmatige Super-functie

Alarm... 105 Deuralarm 105 Temperatuuralarm. 105 Koelvak 105 Tips voor het bewaren v van le-

vensmiddelen in het koelval 106

Koudezones in het koelvak

Sticker "OK Vriesvak Invriescapacitei

Vriesvakvolume volledig gebrui- 107

Tips voor het inkopen van diep- vrieskost . Tips voor het bewaren van le- vensmiddelen in het vriesvak. Kleinere hoeveelheid levensmid- delen snel bevriezen Tips voor het bevriezen van ver- se levensmiddelen .. Houdbaarheid van de diepvries- waren bij -18 °C Diepvrieskalende:

Ontdooimethodes voor diep- vrieswaren ..

Ontdooien….. … 109 Ontdooien in het koelvak.

Ontdooien in het vriesvak

Reiniging en onderhoud.. .… 109

Apparaat voorbereiden voor rei-

Apparaat schoonmake! De dooiwatergoot en het afvoer- gat reinigen. . Onderdelen eruit halen

Storingen verhelpen Functiestoringen Aanwijzingen op het display. Temperatuurprobleem Geluiden. Geurtjes .… Apparaatzelftest uitvoeren

115 Apparaat buiten gebruik stellen… 115 Afvoeren van uw oude apparaat.. 115

Opslaan en afvoeren.….

Servicedienst.. 116 Productnummer (E-nr.) en pro-

Houd de informatie omtrent veiligheid aan, zodat u het apparaat veilig kunt gebruiken.

Dit apparaat is conform de desbetreffende veiligheidsbepalingen voor elektrische apparaten en is ontstoord.

Algemene aanvwijzingen

Hier vindt u algemene informatie over deze gebruiksaanwijzing.

# Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Alleen dan kunt u het apparaat veilig en efficiènt gebruiken.

“ Deze gebruiksaanwijzing is bestemd voor de gebruiker van het apparaat.

# Neem de veiligheidsvoorschriften en waarschuwingen in acht.

=“ Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor la- ter gebruik of voor volgende eigenaren.

= Controleer het apparaat na het uitpakken. Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.

Bestemming van het apparaat

Om het apparaat veilig en op de juiste manier te gebruiken dient

u de aanwijzingen over het beoogd gebruik in acht te nemen.

Dit apparaat is uitsluitend voor de inbouw bedoeld. Installatie-

handleiding aanhouden.

Gebruik het apparaat uitsluitend:

# volgens deze gebruiksaanwijzing.

#“ om levensmiddelen te koelen en in te vriezen en voor ijsberei- ding.

# voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de hui- selijke omgeving.

“tot een hoogte van maximaal 2000 m boven zeeniveau.

Inperking van de gebruikers

Voorkom risico's voor kinderen en kwetsbare personen.

Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkin- gen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toe- zicht staan of zijn geïinstrueerd in het veilige gebruik van het appa- raat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.

Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen indien deze niet onder toezicht staan.

Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het ap- paraat of de aansluitkabel kunnen komen.

Kinderen vanaf 3 jaar en jonger dan 8 jaar mogen de koelkast/ diepvriezer vullen en legen.

Houd de veiligheidsaanwijzingen aan wanneer u het apparaat transporteert.

À WAARSCHUWING -— Gevaar voor letsel! Het hoge gewicht van het apparaat kan bij het optillen letsels veroorzaken. > Het apparaat niet alleen optillen.

Houd deze veiligheidsaanwijzingen in acht bij de installatie van het apparaat.

À WAARSCHUWING -— Gevaar voor een elektrische schok! Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk. > Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de gegevens op het typeplaatje. > Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wisselstroom aansluiten.

> Het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie moet conform de elektrotechnische voorschriften zijn geïn- stalleerd.

> Nooit het apparaat via een externe schakelinrichting voe- den, bijvoorbeeld een tidschakelaar of besturing op af- stand.

> Wanneer het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de netaansluitkabel vrij toegankelijk zijn, of wanneer vrije toegang niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een alpolige scheidingsinrichting vol- gens de installatievoorschriften worden ingebouwd.

» Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het net- snoer niet wordt afgeklemd of beschadigd.

À WAARSCHUWING - Risico van brand! # Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane

adapters is gevaarlijk.

> Geen verlengsnoeren of meervoudige stopcontacten gebrui- ken.

> Als het netsnoer te kort is, contact opnemen met de servi- cedienst.

> Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters gebruiken.

Draagbare meervoudige stopcontacten of draagbare netvoe-

dingen kunnen oververhit raken en tot brand leiden.

> Plaats geen draagbare meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen achter het apparaat.

Veilig gebruik Neem bij gebruik van het apparaat de veiligheidsaanwijzingen in acht.

À WAARSCHUWING -— Gevaar voor een elektrische schok! “ Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk. > Nooit het aansluitsnoer met hete apparaatonderdelen of warmtebronnen in contact brengen.

> Nooit het aansluitsnoer met scherpe punten of randen in contact brengen.

> Het aansluitsnoer nooit knikken, knellen of veranderen.

Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.

> Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes.

> Stel het apparaat nooit bloot aan grote hitte en vochtigheid.

> Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.

WAARSCHUWING — Verstikkingsgevaar!

Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.

> Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.

> Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen. Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.

> Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.

> Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.

WAARSCHUWING -— Explosiegevaar!

Elektrische apparaten binnenin het apparaat kunnen explode-

ren, bijv. verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders.

> Gebruik geen elektrische apparaten binnenin het apparaat.

Mechanische inrichtingen of andere middelen kunnen de kou-

dekringloop beschadigen, brandbaar koudemiddel kan lekken

> Gebruik voor het versnellen van het ontdooien geen andere mechanische inrichtingen of andere middelen dan diegene die door de fabrikant zijn aanbevolen.

Producten met brandbare drijfgassen en explosieve stoffen

kunnen exploderen, bijv. spuitbussen.

> Bewaar geen producten met brandbare drijfgassen en ex- plosieve stoffen in het apparaat.

De dampen van brandbare vloeistoffen kunnen ontsteken (ex-

plosieve verbranding)

> Dranken met een hoog alcoholpercentage uitsluitend goed afgesloten en staand bewaren.

WAARSCHUWING -— Gevaar voor letsel!

Flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank kunnen bar-

> Geen flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank in het vriesvak bewaren.

Letsel aan de ogen door lekkend brandbaar koudemiddel en

> Beschadig de leidingen van de koudemiddelkringloop en isolatie niet.

Het apparaat kan kantelen.

» Niet op de plint, laden of deuren staat of leunen.

WAARSCHUWING — Gevaar voor verbranding!

Sommige onderdelen van het apparaat worden tijdens het ge- bruik heet.

> Raak de hete onderdelen nooit aan.

> Houd kinderen uit de buurt.

WAARSCHUWING — Verbrandingsgevaar door kou!

Contact met diepvrieswaren en koude opperviakken kan tot

brandwonden door koude leiden.

> Nooit diepvrieswaren in de mond nemen nadat deze uit het vriesvak werden genomen.

> Voorkom dat de huid langdurig in contact komt met diep- vrieswaren, ijs en de buizen in het vriesvak.

VOORZICHTIG - Gezondheidsrisico!

Houd de volgende aanwijzingen aan om verontreiniging van

levensmiddelen te voorkomen.

> Wanneer de deur langere tijd wordt geopend, kan dit leiden tot een aanzienlijke temperatuurstijging in de vakken van het apparaat.

> Maak de oppervlakken, die met levensmiddelen en toegan- kelijke afvoersystemen in contact komen, regelmatig schoon.

> Rauw vlees en vis in geschikte containers in de koelkast dusdanig bewaren dat het niet in contact komt met andere levensmiddelen of op deze drupt.

> Wanneer het koel-/vriesapparaat langere tijd leeg staat, het apparaat uitschakelen, ontdooien, reinigen en de deur open laten, om schimmelvorming te voorkomen.

Neem deze veiligheidsvoorschriften in acht als uw apparaat be- schadigd is.

À WAARSCHUWING -— Gevaar voor een elektrische schok! “ Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is ge-

> Nooit een beschadigde apparaat gebruiken.

> Nooit een apparaat met gescheurd of gebroken oppervlak gebruiken.

> Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.

> Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.

> Neem contact op met de servicedienst. — Pagina 116

> Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.

# Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

> Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.

> Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.

> Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fa- brikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde per- soon.

À WAARSCHUWING - Risico van brand!

Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koude-

middel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.

> Houd vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van het ap- paraat.

> Ventileer de ruimte.

> Het apparaat uitschakelen. — Pagina 104

> De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

> Neem contact op met de service-afdeling. — Pagina 116

Het voorkomen van mate- rièle schade

Ter voorkoming van materiële scha- de, aan het apparaat, de accessoires of keukenvoorwerpen dient u de aan- wijzingen in acht te nemen.

“ Door verontreinigingen met olie of vet kunnen kunststofdelen en deurafdichtingen poreus worden. > Houd kunststofdelen en deuraf-

dichtingen olie- en vetvrij.

#“ Door het gebruik van de plint, la- den of apparaatdeuren als zitvlak of opstapje kan het apparaat be- schadigd raken.

+ Niet op de plint, laden of deuren staat of leunen.

Milieubescherming en be- sparing

Bescherm het milieu door het appa- raat op een hulpbronnenbesparende manier te gebruiken en herbruikbare materialen op de juiste manier af te

Aîfvoeren van de verpakking

De verpakkingsmaterialen zijn milieu- vriendelijk en kunnen worden herge- bruikt.

+ De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren. Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoer- methoden.

Het voorkomen van materiële schade nl

Als u deze aanwijzingen opvolgt, ver- bruikt uw apparaat minder stroom.

Keuze van de opstellingslocatie

Houd deze aanwijzing aan wanneer u het apparaat plaatst.

= Stel het apparaat niet bloot aan di- rect zonlicht. = Plaats het apparaat zo ver moge- lijk van radiatoren, fornuis en an- dere warmtebronnen: — Houd 30 mm afstand aan tot elektrische- of gasfornuizen. — Houd 80 cm afstand aan tot olie- en kolenfornuizen.

+ Het apparaat hoeft bij lagere om- gevingstemperaturen minder vaak te koelen.

=“ Een nisdiepte van 560 mm gebrui- ken.

=“ Ventilatieopeningen niet afdekken of blokkeren.

=“ Ventileer de ruimte dagelijks.

+ De lucht bij de achterwand van het apparaat wordt niet zo warm. Het apparaat hoeft minder vaak te koelen.

Energie besparen bij het gebruik. Houd deze aanwijzing aan wanneer u uw apparaat gebruikt.

Aanwijzing De plaatsing van de uit- rustingsonderdelen heeîft geen in-

vloed op het energieverbruik van het apparaat.

=“ Ventilatieopeningen niet afdekken of blokkeren.

+ De lucht bij de achterwand van het apparaat wordt niet zo warm.

nl Opstellen en aansluiten

“ Open de ovendeur slechts kort.

=“ Transporteer gekoelde levensmid- delen in een koeltas en leg ze snel in het apparaat.

=“ Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen.

=“ Leg om de koude van de diep- vriesproducten te benutten, deze ter ontdooiing in het koelvak.

+ De lucht in het apparaat warmt niet zo sterk op. Het apparaat hoeft minder vaak te koelen.

“ Laat altijd wat ruimte tussen de le- vensmiddelen en de achterwand.

= Verpak de levensmiddelen lucht- dicht.

+ De lucht kan circuleren en de luchtvochtigheid blijft constant.

“ Deur van het vriesvak slechts kort- stondig openen en zorgvuldig slui- ten.

+ Een gesloten deur van het vries- vak beschermt het vriesvak tegen sterke verijzing.

2 Niet in alle landen 100

Afhankelijk van de apparaatuitvoering

Opstellen en aansluiten

Waar en hoe u het apparaat het bes- te opstelt, komt u hier te weten. Bo- vendien komt u te weten hoe u het apparaat op het elektriciteitsnet aan- sluit.

Controleer na het uitpakken alle on- derdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.

Neem bij klachten met uw dealer of onze servicedienst — Pagina 116 contact op.

De levering bestaat uit:

Uitrusting en accessoires’ Installatiemateriaal Installatiehandleiding Gebruiksaanwijzing Klantenserviceboekje Garantiebijlage? Energielabel Productgegevensblad Informatie over energieverbruik en geluiden

Apparaat opstellen en aan- sluiten

Voorwaarde: De leveringsomvang van het apparaat is gecontroleerd. — Pagina 100

1. Houd de criteria aan voor de op- stellocatie van het apparaat. — Pagina 101

2. Installeer het apparaat overeen- komstig de meegeleverde installa- tiehandleiding.

3. Het apparaat voor het eerste ge- bruik voorbereiden. — Pagina 101

4. Het apparaat elektrisch aansluiten. — Pagina 101

Criteria voor de opstellocatie

Houd deze aanwijzing aan wanneer u het apparaat plaatst.

À\ WAARSCHUWING Explosiegevaar!

Wanneer het apparaat in een te klei-

ne ruimte staat, kan er bij een lek van

het koudecircuit een brandbaar gas-

luchtmengsel ontstaan. > Stel het apparaat uitsluitend op in een ruimte, welke tenminste een volume heeft van 1 m° per 8 g koudemiddel. De hoeveelheid van het koudemiddel staat op het type- plaatie. — Afb. EI/E3

Het gewicht van het apparaat kan af- hankelijk van het model tot 65 bedra- gen.

De ondergrond moet stabiel genoeg

zijn om het gewicht van het apparaat te dragen.

Toegestane ruimtetemperatuur

De toegestane kamertemperatuur is

afhankelijk van de klimaatklasse van het apparaat.

De klimaatklasse vindt u op het type- plaatje. — Afb.

Klimaatklas- Toegestane ruimtetempe- se ratuur

SN 10°C..32°C N 16°C..32°C ST 16°C..38 °C T 16°C.43°C Het apparaat is volledig functioneel binnen de toegestane binnentempe- ratuur.

Wanneer u een apparaat van de kli- maatklasse SN gebruikt bij lagere ka- mertemperaturen, dan kunnen be-

Opstellen en aansluiten nl

schadigingen aan het apparaat tot een kamertemperatuur van 5 °C wor- den uitgesloten.

Neem de nisafmetingen in acht als u uw apparaat in de meubelnis in- bouvwi. Bij afwijkingen kunnen proble- men optreden tijdens de installatie van het apparaat.

Bouw het apparaat in de aanbevolen nisdiepte van 560 mm in.

Bij een kleinere nisdiepte wordt het energieverbruik iets hoger. De nis- diepte moet minimaal 550 mm be- dragen.

Voor het apparaat is een meubelnis met een binnenbreedte van minimaal 560 mm nodig.

Side-by-side-opstelling

Als u 2 apparaten naast elkaar wilt opstellen, moet u tussen de appara- ten minimaal een tussenafstand van 150 mm aanhouden.

Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden

1. Haal het informatiemateriaal er uit.

2. Verwijder de beschermfolie en transportborgingen, bijv. plakstrips en karton.

3. Het apparaat voor de eerste keer reinigen. — Pagina 110

Apparaat elektrisch aanslui-

1. De netstekker van het aansluit- snoer van het apparaat in een

stopcontact in de omgeving van het apparaat steken.

nl Uw apparaat leren kennen

De aansluitgegevens van het ap- paraat staan op het typeplaatje. — Afb. HI/El

2. De netstekker op vastheid contro- leren.

+ Het apparaat is nu gereed voor ge- bruik.

Uw apparaat leren ken- nen

Lees meer over de onderdelen van uw apparaat.

Hier vindt u een overzicht van de on- derdelen van uw apparaat.

GB] C1] Typeplaatie [4]

ÆGX Deurrek voor grote flessen

Aanwijzing Verschillen tussen uw ap- paraat en de afbeeldingen zijn moge- lijk op basis van uitrusting en grootte.

Via de bedieningselementen kunt u alle functies van uw apparaat instel- len en informatie krijgen over de ge- bruikstoestand.

ŒEE am schakeit het alarmsignaal uit

—/+ stelt de temperatuur van het koelvak in

Toont de ingestelde temperatuur van het koelvak in °C.

super schakelt de Super-functie in of uit.

© schakelt het apparaat in of uit.

Hier krijgt u een overzicht van de ac- cessoires behorende bij uw apparaat en de manier waarop ze worden ge- bruikt.

De uitrusting van uw apparaat is mo- delafhankelijk.

Om de schappen naar wens te varië- ren, het schap uitnemen en op een andere positie weer plaatsen.

Groente- en fruitlade

Bewaar vers fruit en groente in de fruit- en groentelade.

Afhankelijk van de soort levensmid- delen en de hoeveelheid kan zich in de fruit- en groentelade condenswa- ter vormen.

Verwijder het condenswater met een droge doek.

Om ervoor te zorgen dat de kwaliteit en het aroma behouden blijven, moet u koudegevoelig fruit en groente bui- ten het apparaat bewaren bij tempe- raturen van ca. 8°C tot 12°C.

Koudegevoelig fruit "= Ananas = Bananen = Mango = Papaya = _Citrusvruchten

= Aardappels Deurrekken

Om het deurrek naar behoefte te vari- éren deze er uit nemen en op een andere positie weer plaatsen.

— "Deurrek verwijderen", Pagina 110

Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn speciaal op uw apparaat af- gestemd. Hier krijgt u een overzicht van de accessoires behorende bij uw apparaat en de manier waarop ze worden gebruikt.

De accessoires van het apparaat zijn afhankelijk van het model.

Bewaar eieren veilig op het eierpla- teau.

In de diepvriesladen kunt u kleinere hoeveelheden voedingsmiddelen snel invriezen, bijv. bessen, stukken fruit, kruiden en groenten.

De diepvriesproducten gelijkmatig in de diepvriesschaal verdelen en ca. 10 tot 12 uur laten invriezen. Vervol- gens in een diepvrieszak of een diep- vriesdoos doen.

Gebruik de koude-accu voor het tij- delijk koel houden van levensmidde- len, bijv. in een koeltas.

De Bediening in essentie nl

Tip: De koude-accu vertraagit bij

het uitvallen van de stroom of bij een storing het verwarmen van de opge- slagen diepvrieswaren.

Gebruik de ijsblokjesschaal om ijs- blokjes te maken.

1. De ijsblokjesschaal voor %4 met water vullen en in het vriesvak plaatsen.

Vastgevroren ijsblokjesschaal al- leen met een bot voorwerp, bijv. steel van een lepel, losmaken.

2. Om de ijsblokjesschaal los te ma- ken de ijsblokjesschaal iets verbui- gen of kort onder stromend water houden.

De Bediening in essentie

Hier wordt de bediening van het ap- paraat in essentie beschreven.

Apparaat inschakelen

+ Het apparaat begint te koelen.

+ Er weerklinkt een waarschuwings- signaal en alam brandt omdat het vriesvak nog te warm is.

2. Het waarschuwingssignaal met atarm uitschakelen.

Ÿ alam gaat uit zodra de ingestelde temperatuur is bereikt.

3. De gewenste temperatuur instellen. — Pagina 104

Opmerkingen bij het gebruik

=“ Wanneer u het apparaat heeft in- geschakeld, wordt de ingestelde temperatuur pas na enkele uren

bereikt. Geen levensmiddelen in het apparaat doen voordat de tem- peratuur is bereikt.

“ De behuizing rond het vriesvak wordt tijdelijk licht verwarmd. Dit voorkomt vorming van condenswa- ter in de zone van de deurafdich- ting.

“ Als u de deur van het vriesvak sluit, kan een onderdruk ontstaan en u kunt de deur van het vriesvak niet direct opnieuw openen. Wacht een ogenblik tot de onderdruk wordt gecompenseerd.

Machine uitschakelen

>» Oindrukken. + Het apparaat koelt niet meer.

Temperatuur instellen

Nadat u het apparaat heeft ingescha- keld, kunt u de temperatuur instellen.

Koelvaktemperatuur instellen

> Zo vaak op —/+ drukken tot de temperatuurindicatie de gewenste temperatuur toont. De aanbevolen temperatuur in het koelvak bedraagt 4 °C. — "Sticker "OK'", Pagina 106

Vriesvaktemperatuur instellen

>» Om de vriesvaktemperatuur in te

stellen, de koelvaktemperatuur wij- zigen —+ Pagina 104.

De koelvaktemperatuur beïnvloedt de vriesvaktemperatuur. Hoger in- gestelde koelvaktemperaturen zor- gen voor hogere vriesvaktempera- turen.

Kom te weten over welke instelbare extra functies uw apparaat beschikt.

Automatische Super-functie

De automatische Super-functie scha- kelt bij het inruimen van warme le- vensmiddelen automatisch in.

Bij de automatische Super-functie Kkoelt het vriesvak duidelijk op een la- gere temperatuur dan bij de normale werking.

Door de Super-functie worden levens- middelen snel tot in de kern diepge- vroren.

Als de automatische Super-functie is ingeschakeld, brandt super en er kun- nen meer geluiden ontstaan.

Het apparaat schakelt na het verstrij- ken van de automatische Super-func- tie terug op de normale werking.

Automatische Super-functie annuleren

+ De voordien ingestelde tempera- tuur wordt op indicatie aangege- ven.

Handmatige Super-functie

Bij de Super-functie koelen het koel- vak en het vriesvak sterker. Hierdoor koelen en bevriezen levensmiddelen snel tot in de kern.

Schakel de Super-functie 4 tot 6 uur véér het opslaan van een hoeveel- heid levensmiddelen vanaf 2 kg in. Om het invriesvermogen te benutten, gebruikt u de Super-functie.

— "Invriescapaciteit", Pagina 107

Aanwijzing Als de Super-functie is in- geschakeld, kan er meer geluid ont- staan.

Super-functie inschakelen

>» super indrukken. v super brand.

Aanwijzing Na ca. 60 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.

Super-functie uitschakelen

+ De voordien ingestelde tempera- tuur wordt op indicatie aangege- ven.

Uw apparaat beschikt over alarm- functies.

Als de deur van het apparaat langere tijd openstaat wordt het deuralarm in- geschakeld.

Waarschuwingssignaal (deuralarm) uitschakelen

+ De apparaatdeur sluiten of op alarm drukken.

+ Het waarschuwingssignaal is uitge- schakeld.

Wanneer het te warm is in het vries- vak, wordt het temperatuuralarm ge- activeerd.

À VOORzICHTIG Gezondheidsrisico!

Bij het ontdooien kan er bacterievor-

ming optreden en kunnen de diep-

vrieswaren bederven.

+ Half of geheel ontdooide diepvries- waren niet opnieuw invriezen.

+ Het voedsel pas na het koken of braden opnieuw invriezen.

+» De maximale bewaartijd niet meer ten volle benutten.

Zonder gevaar voor de diepvrieswaren

kan het temperatuuralarm in volgende

gevallen inschakelen:

=“ Het apparaat wordt in gebruik ge- nomen.

=“ Er worden grote hoeveelheden ver- se levensmiddelen ingeruimd.

=“ De deur van het vriesvak is te lang geopend.

Waarschuwingssignaal

(temperatuuralarm) uitschakelen

+ De temperatuurindicatie geeft kort de warmste temperatuur weer die in het vriesvak heeft geheerst. Daarna toont de temperatuurindi- catie opnieuw de ingestelde tem-

* Vanaf dit moment wordt de warm- ste temperatuur opnieuw bepaald

en in het geheugen opgesa en. alam brand als de ingestelde tem-

peratuur opnieuw is bereikt.

In het koelvak kunt u vlees, worst, vis, melkproducten, eieren, bereide gerechten en gebak bewaren.

De temperatuur in het koelvak kunt u van 2 °C tot 8 °C instellen.

De aanbevolen temperatuur in het koelvak bedraagt 4 °C.

— "Sticker "OK", Pagina 106

Door de koelopslag kunt u ook zeer bederfelijke levensmiddelen op korte of middellange termijn bewaren. Hoe lager de gekozen temperatuur is, des te langer blijven de levensmiddelen vers.

Tips voor het bewaren van le- vensmiddelen in het koelvak

Voig de tips op bij het bewaren van

levensmiddelen in uw koelvak.

#“ Om ervoor te zorgen dat de vers- heid en kwaliteit van de levensmid- delen langer behouden blijven, uit- sluitend verse en ongeschonden levensmiddelen bewaren.

= Bij kant-en-klaar-producten en ge- bottelde producten de door de fa- brikant vermelde houdbaarheids- datum of gebruiksdatum niet over- schrijden.

= Om aroma, kleur en versheid te behouden of smaakoverdracht en verkleuringen van de kunststofde- len te vermijden, levensmiddelen goed verpakt of afgedekt bewaren.

=“ Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen, voordat u de- ze in het koelvak plaatst.

Koudezones in het koelvak

Door de luchicirculatie in et koelvak ontstaan verschillende koudezones.

De koudste zone is tussen de op de zijkant gestempelde pijl en het eron- der liggende legplateau.

Tip: Bewaar gevoelige levensmidde- len in de koudste zone, bijv. vis, worst en vlees.

De warmste zone bevindt zich hele- maal bovenaan in de deur.

Tip: Bewaar minder gevoelige le- vensmiddelen in de warmste zone, bijv. harde kaas en boter. Hierdoor komit het aroma van de kaas beter tot ontwikkeling en blijft de boter smeerbaar.

Met de sticker OK kunt u controleren of in het koelvak de voor de levens- middelen aanbevolen veilige tempe- ratuurbereiken van +4°C of kouder bereikt zijn.

De sticker OK wordt niet bij alle mo- dellen meegeleverd.

Wanneer de sticker OK niet weer- geeft, dan de temperatuur stapsge- wijze verlagen.

— "Koelvaktemperatuur instellen", Pagina 104

Na ingebruikneming van het appa- raat kan het tot wel 12 uur duren voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.

In het vriesvak kunt u diepvrieswaren

bewaren, levensmiddelen bevriezen

en ijsblokjes maken.

De temperatuur in het vriesvak is af-

hankelijk van de temperatuur in het

Langdurig bewaren van levensmidde-

len moet op een temperatuur van -

18 °C of lager gebeuren.

Door het invriezen kunt u bederfelijke

levensmiddelen gedurende lange tijd

bewaren. De lage temperaturen ver-

tragen of stoppen het bederven.

De tijd die nodig is om verse

levensmiddelen volledig diep te vriezen

is afhankelijk van verschillende

=“ Ingestelde temperatuur

=“ Levensmiddel (grootte en soort)

# Bewaarde hoeveelheid

“ Reeds bewaarde hoeveelheid le- vensmiddelen

Het invriesvermogen geeft aan welke hoeveelheid levensmiddelen in hoe- veel uur tot in de kern kan worden in- gevroren.

Informatie over het invriesvermogen dt u op het typeplaatje. — Afb. E/

Voorwaarden voor invriesvermogen

1. Ca. 24 uur véér het inladen van verse levensmiddelen Super-func- tie inschakelen.

— "Super-functie inschakelen”, Pagina 105

2. Bij apparaten met een vlakke diep- vrieslade eerst deze met levens- middelen vullen. Bij apparaten zon- der vlakke diepvrieslade de onder- ste diepvrieslade eerst met levens- middelen vullen. Daar bevriezen de levensmiddelen het snelst.

3. Verse levensmiddelen zo dicht mo- gelijk bij de zijwanden invriezen.

Vriesvakvolume volledig ge- bruiken

Kom te weten hoe u de maximale hoeveelheid diepvriesproducten in het vriesvak onderbrengt.

1. Alle üitrustingsdelen verwijderen. — Pagina 110

2. Levensmiddelen rechtstreeks op de legplateaus en de bodem van het vriesvak bewaren.

Tips voor het inkopen van diepvrieskost

Neem de tips in acht als u diepvries-

#“ De temperatuur in de supermarkt- vriezer moet -18 °C of kouder zijn.

=“ De diepvriesketen niet onderbre- ken. Diepvriesproducten liefst in een koeltas transporteren en snel in het vriesvak leggen.

Tips voor het bewaren van le- vensmiddelen in het vriesvak

Neem de tips in acht als u levens-

middelen in het vriesvak inruimt.

=“ Om grotere hoeveelheden verse levensmiddelen snel en voorzichtig in te vriezen, deze in de bovenste diepvrieslade leggen.

“ De levensmiddelen naast elkaar in de vakken of diepvriesladen leg- gen.

“ Inte vriezen levensmiddelen niet in aanraking brengen met ingevroren levensmiddelen.

Indien nodig diepgevroren levens- middelen in het vriesvak verande- ren van positie.

= Voor een goede luchtcirculatie in het apparaat de diepvrieslade tot aan de aanslag inschuiven.

Kleinere hoeveelheid levens- middelen snel bevriezen

Neem de aanwijzingen in acht als u een kleinere hoeveelheid levensmid- delen snel wilt bevriezen.

1. De levensmiddelen in de achter- aan op de grote driepvrieslade ge- plaatste driepvriesschaal of van rechts beginnend in de vlakke diepvrieslade leggen.

2. De levensmiddelen over een groot oppervlak verdelen.

Tips voor het bevriezen van verse levensmiddelen

Neem de tips in acht als u verse le-

vensmiddelen invriest.

= Alleen verse en onberispelijke le- vensmiddelen bevriezen.

# Voor het verbruik gekookte, gebra- den of gebakken levensmiddelen zijn geschikter dan rauw te eten le- vensmiddelen.

# Om voedingswaarde, aroma en kleur te behouden, moet u bepaal- de levensmiddelen voorbereiden om in te vriezen.

— Groente: wassen, kleiner maken, blancheren.

— Fruit: wassen, ontpitten en even- tueel schillen, eventueel suiker of ascorbinezuuroplossing toe- voegen.

Meer aanwijzingen vindt u in de des- betreffende literatuur.

Over het invriezen van geschikte levensmiddelen

Groente, fruit en kruiden

Eieren zonder schaal

Melkproducten, bijv. kaas, boter en

=“ Bereide gerechten en kliekjes, zo- als soep, stoofschotels, gaar vlees en gare vis, aardappelgerechten, ovenschotels en zoete toetjes

Over het invriezen van ongeschikte

“ Groentesoorten die meestal rauw worden gegeten, zoals kropsla en radijsjes

Als u geschikt verpakkingsmateriaal en de juiste soort verpakking kiest, kunt u de productkwaliteit in hoge mate behouden en vriesbrand vermij- den.

— Kunststoffolie van polyethyleen

— Buisfolie van polyethyleen

— Diepsvrieszakjes van polyethy- leen

Niet geschikt als verpakking:

— Vuilniszakken en gebruikte plas- tic zakken

2. De lucht eruit drukken.

3. De verpakking luchtdicht afsluiten om te voorkomen dat de levens- middelen hun smaak verliezen of uitdrogen.

Geschikte afsluitingen:

— Koudebestendig plakband

4. De verpakking met de inhoud van de invriesdatum voorzien.

Houdbaarheid van de diep-

vrieswaren bij -18 °C Neem de bewaartijden in acht als u levensmiddelen invriest.

Vis, worst, Klaargemaakte gerechten, brood en ban- ket

Bewaartijd Tot 6 maanden

Levensmiddel Bewaartijd

Groente, fruit Tot 12 maanden

De erop gedrukte vrieskalender geeft de maximale bewaartijd in maanden aan bij een constante temperatuur van -18 °C.

Ontdooimethodes voor diep- vrieswaren

Om de productkwaliteit zo goed mo- gelijk te behouden, de ontdooimetho- de aan levensmiddel en gebruiksdoel aanpassen.

À VooRzICHTIG Gezondheidsrisico!

Bij het ontdooien kan er bacterievor-

ming optreden en kunnen de diep-

vrieswaren bederven.

+ Half of geheel ontdooide diepvries- waren niet opnieuw invriezen.

+ Het voedsel pas na het koken of braden opnieuw invriezen.

> De maximale bewaartijd niet meer ten volle benutten.

Houdt u de informatie aan, wanneer u uw apparaat wilt ontdooien.

Ontdooien in het koelvak.

Tijdens het gebruik vormen zich op de achterwand van het koelvak af- hankelijk van de werking waterdrup- pels of rip. De achterwand van het koelvak ontdooit automatisch. Dooiwater of rijp loopt via de dooiwa- tergoot in het afvoergat naar de ver- dampingsschaal en moeten niet wor- den afgeveegd.

Neem de volgende informatie in acht om ervoor te zorgen dat dooiwater kan weglopen en geurvorming wordt vermeden:

— "De dooiwatergoot en het afvoer- gat reinigen.", Pagina 110.

Ontdooien in het vriesvak

Door het volledig automatische “NoF- rost”-systeem blijft het vriesvak vorst- vri. Ontdooien is niet nodig.

Ontdooimethode _ Levensmiddel

Koelvak Dierlijke levensmidde- len, zoals vis, vlees, kaas, kwark

Omgevingstempe- Brood

Magnetron Levensmiddelen voor di-

recte consumptie of di- recte toebereiding

Levensmiddelen voor di- recte consumptie of di- recte toebereiding

Reiniging en onderhoud

Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.

Apparaat voorbereiden voor reiniging

Informatie over de wijze waarop u uw apparaat voorbereid voor reiniging

1. Het apparaat uitschakelen. — Pagina 104

2. Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.

nl Reiniging en onderhoud

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

3. Haal alle levensmiddelen uit het apparaat en bewaar deze op een koele plek.

Indien beschikbaar koelelementen op de levensmiddelen leggen.

4. Neem alle uitrustingsdelen uit het apparaat. — Pagina 110

Apparaat schoonmaken

Maak het apparaat schoon zoals voorgeschreven, zodat het niet door een verkeerde reiniging of onge- schikte schoonmaakmiddelen be- schadigd raakt.

À WAARSCHUWING Gevaar voor een elektrische schok! = Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. > Geen stoomreiniger of hoge- drukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen. ” Vloeistof in de verlichting kan ge- vaarlijk zijn. + Het sop mag niet in de verlich- ting terechtkomen.

LET OP! #“ Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen. > Geen harde schuur- of afwas- sponsjes gebruiken.

> Geen scherpe of schurende rei- nigingsmiddelen gebruiken.

> Geen sterk alcoholhoudende rei- nigingsmiddelen gebruiken.

“= Wanneer u uitrustingsdelen en ac- cessoires in de vaatwasser reinigt, kunnen deze vervormen of verkleu- ren.

+ Reinig nooit plateaus en hou- ders in de vaatwasser.

1. Apparaat voorbereiden voor reini- ging. — Pagina 109

2. Het apparaat, de uitrustingsdelen en de deurafdichting met een vaat- doek, lauwwarm water en een beetje pH-neutraal afwasmiddel rei- nigen.

3. Met een zachte, droge doek gron- dig nadrogen.

4. Plaats de uitrustingsdelen in het apparaat.

5. Het apparaat elektrisch aansluiten.

6. Het apparaat inschakelen. — Pagina 103

7. Doe de levensmiddelen in het ap- paraat.

De dooiwatergoot en het af- voergat reinigen. Reinig de dooiwatergoot en het af-

voergat regelmatig, om ervoor te zor- gen dat het dooiwater kan weglopen.

+ Reinig de dooiwatergoot en het af- voergat voorzichtig, bijv. met een wattenstaafje.

— Aïfb. E Onderdelen eruit halen

Neem wanneer u de uitrustingsdelen grondig wilt reinigen deze uit het ap- paraat.

+ Het legplateau uittrekken en verwij- deren.

+ Het deurrek omhoog tillen en ver- wijderen

— Aïfb. H Groente- en fruitlade verwijderen

1. De lade tot de aanslag eruit trek- ken.

2. De lade vooraan optillen © en eruit halen @. — Afb.

Diepvrieslade verwijderen

1. De diepvrieslade tot aan de aan- slag uittrekken.

2. De diepvrieslade vooraan optillen © en eruit halen @. — Afb.

Reiniging en onderhoud nl

nl Storingen verhelpen

Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

À WAARSCHUWING Gevaar voor een elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

+ Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.

> Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor repa- ratie van het apparaat.

+ Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een an- dere gekwalificeerde persoon.

Verhelpen van storingen

Apparaat werkt niet.

Er brandt geen enkele indi- catie.

De stekker zit niet goed in het stopcontact.

»_ Sluit de stekker aan.

De zekering is geactiveerd.

> Controleer de zekeringen.

De stroom is uitgevallen.

1. Controleer of er stroom is. 2 Koude-accu's, indien voorhanden, op de dievrieswaren leggen.

Apparaat koelt niet, indica- ties en verlichting branden.

Het presentatielicht is inge- schakeld.

Voer de apparaatzelftest uit.

Na het verstrijken van de apparaat- zelftest gaat het apparaat weer over op normale werking.

LED-ampje is defect.

Verschillende oorzaken zijn mogelijk.

> _Neem contact op met de klanten- service — 'Servicedienst”, Pagina 116

De koelmachine schakelt va- ker en langer in.

Apparaatdeur werd vaak ge-

> Open de apparaatdeur niet onno- dig.

De ventilatieopeningen zijn afgedekt.

+ _Verwijder blokkades voor de venti- latie-openingen

Automatische Super-functie wordt niet ingeschakeld.

Geen fout. Apparaat beslist zelfstandig of de automati- sche Super-functie nodig is en schakelt deze functie au- tomatisch in of uit.

Geen handeling vereist.Geen hande- ling vereist.

Storingen verhelpen nl

Storing Oorzaak Verhelpen van storingen Bodem van het koelvak is De dooiwatergoot of het af » De dooiwatergoot en het afvoergat nat. voergat is verstopt. reinigen. — Pagina 110

Aanvwijzingen op het display

Verhelpen van storingen

Melding met "D" of "E" ver- schijnt op het display.

De elektronica heeft een fout geconstateerd

+ Neem contact op met de klanten- service — 'Servicedienst”, Pagina 116

Verhelpen van storingen

Temperatuur wikt erg af van Verschillende oorzaken zijn de instelling mogelijk.

1. Schakel het apparaat uit. — Pagina 104

2 Schakel het apparaat na ca. 5 minu- ten opnieuw in. — Pagina 103

— Als de temperatuur te hoog is, controleer dan de tempe- ratuur na een paar uur op- nieuw.

- Als de temperatuur te laag is, controleer de temperatuur dan de volgende dag op- nieuw.

Verhelpen van storingen

Apparaat bromt. Geen storing. Een motor draait, bijv. koelaggregaat,

gorgelt. koudemiddel door de bui- ling vereist. zen

Apparaat klikt. Geen storing. Motor, schake- Geen handeling vereist.Geen hande- laars of magneetventielen ling vereist.

schakelen in- of uit.

Apparaat kraakt. Geen fout. Het automatische ontdooisysteem treedt in

Geen handeling vereist.Geen hande- ling vereist.

nl Storingen verhelpen

Verhelpen van storingen

Apparaat produceert gelui- den

Het apparaat staat niet wa- terpas.

+ Stel het apparaat horizontaal met behulp van een waterpas. Leg er zo nodig iets onder.

Uitrustingsdelen wiebelen of klemmen.

»_ Controleer de uitneembare uitrus- tingsdelen en zet ze eventueel op- nieuw in het apparaat.

Flessen of containers raken elkaar.

» Haal flessen of containers van el- kaar.

Super-functie is ingescha- keld

Verhelpen van storingen

Het apparaat ruikt onaange-

Verschillende oorzaken zijn mogelijk.

1. Bereide het apparaat voor om te rei- nigen. — Pagina 109

2 Reinig het apparaat. — Pagina 110

3 Reinig alle levensmiddelenverpak- kingen.

4. Verpak sterk ruikende levensmid- delen luchtdicht om geurvorming te voorkomen

5. Controleer na 24 uur opnieuw of er luchtjes zijn ontstaan.

Apparaatzelftest uitvoeren

1. Het apparaat uitschakelen. — Pagina 104

2. Het apparaat na ca. 5 minuten op- nieuw inschakelen. — Pagina 103

3. Binnen 10 seconden na het in- schakelen swer gedurende 8 tot 5 seconden ingedrukt houden.

+ De apparaatzelftest start.

+ Tijdens de apparaatzelftest weer- klinkt tussendoor een lang akoes- tisch signaal.

+ Als na het einde van de apparaat- zelftest 2 akoestische signalen weerklinken en de temperatuurindi- catie de ingestelde temperatuur toont, is uw apparaat in orde. Het apparaat gaat over op de normale werking.

v AIS na het einde van de apparaat- zelftest 5 akoestische signalen weerklinken en super gedurende 10 seconden knippert, contact opne- men met de service.

Hier krijgt u uitleg over de manier waarop u het apparaat voorbereidt voor de opslag. Daarnaast leggen we u uit hoe u oude apparaten dient af te voeren.

Apparaat buiten gebruik stel- len

1. Het apparaat uitschakelen. — Pagina 104

2. Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

3 Het apparaat ontdooien. — Pagina 109

Opslaan en afvoeren nl

4. Het apparaat reinigen. — Pagina 110

5. Laat de deur van het apparaat open.

Afvoeren van uw oude appa- raat

Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen op- nieuw worden gebruikt.

À WAARSCHUWING Gezondheidsrisico!

Kinderen kunnen zich in het apparaat

opsluiten en in levensgevaar gera-

> Om te voorkomen dat kinderen in het apparaat kruipen legplateaus en lades niet uit het apparaat ne- men.

> Kinderen uit de buurt van een af- gedankt apparaat houden.

1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.

2. Het netsnoer doorknippen.

3. Het apparaat milieuvriendelijk af- voeren.

Dit apparaat is gekenmerkt in

overeenstemming met de Euro-

pese richtlijn 2012/19/EU be- =

treffende afgedankte elektri- sche en elektronische appara- tuur (waste electrical and elec- tronic equipment - WEEE).

De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terug- neming en verwerking van oude apparaten.

Als u vragen hebt, een storing aan het apparaat niet zelf kunt verhelpen of als het apparaat moet worden ge- repareerd, neem dan contact op met onze servicedienst.

Veel problemen kunt u via de infor- matie voor het verhelpen van storin- gen in deze gebruiksaanwijzing of op onze website zelf verhelpen. Als dit niet het geval is, neem dan contact op met onze servicedienst.

We vinden altijd een passende oplos- sing en proberen onnodig bezoek van de servicetechnicus te vermijden. We zorgen ervoor dat het apparaat zowel binnen de garantieperiode als na het verstrijken van de fabrieksga- rantie met originele reserveonderde- len door geschoolde servicetechnici wordt gerepareerd.

Om veiligheidsredenen mag alleen geschoold vakpersoneel reparaties aan het apparaat uitvoeren. De ga- rantieclaim vervalt indien reparaties of ingrepen worden uitgevoerd door personen die daartoe niet door ons zijn gemachtigd, dan wel indien onze apparaten worden voorzien van ver- vangende onderdelen, aanvullende onderdelen of accessoires die geen originele onderdelen zijn en daardoor een defect wordt veroorzaakt. Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetref- fende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.

Aanwijzing Het inschakelen van de servicedienst is in het kader van de plaatselijk geldende fabrieksgarantie- voorwaarden gratis. De minimumduur

van de garantie (fabrieksgarantie voor particuliere gebruikers) in de Eu- ropese Economische Ruimte be- draagt 2 jaar (behalve in Denemar- ken en Zweden waar de duur 1 jaar bedraagt) in overeenstemming met de geldende plaatselijke garantie- voorwaarden. De garantievoorwaar- den doen geen afbreuk aan eventue- le andere rechten of claims die u op grond van het plaatselijke recht heeft.

Gedetailleerde informatie over de ga- rantieperiode en garantievoorwaar- den in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website.

Als ü contact opneemt met de servi- cedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.

De contactgegevens van de service- dienst vindt u in de meegeleverde servicediensilijst of op onze website.

Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)

Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.

— Afb. H/EI Om uw apparaatgegevens en de ser- vicedienst-telefoonnummers snel te- rug te kunnen vinden, kunt u de ge- gevens noteren.

Koudemiddel, netto inhoud en overi- ge technische gegevens bevinden zich op het typeplaatje.

— Afb. H/EI Technische gegevens nl

Overige informatie over uw model vindt u op het internet onder https:// www.bsh-group.com/energylabel!. Dit webadres bevat een link naar de offi- ciële EU-productdatabase EPREL, waarvan de URL ten tijde van het drukken nog niet was gepubliceerd. Volg dan de aanwijzingen bij het zoe- ken naar het model op. De modeli- dentificatie bestaat uit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Alternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.

! Geldt alleen voor landen in de Europese Economische Ruimte