KG39NAB4B - Combinatiekoelkast SIEMENS - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis KG39NAB4B SIEMENS in PDF-formaat.

Page 89
Bekijk de handleiding : Français FR Deutsch DE Español ES Italiano IT Nederlands NL
Handleidingassistent
Aangedreven door ChatGPT
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : SIEMENS

Model : KG39NAB4B

Categorie : Combinatiekoelkast

Download de handleiding voor uw Combinatiekoelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KG39NAB4B - SIEMENS en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KG39NAB4B van het merk SIEMENS.

GEBRUIKSAANWIJZING KG39NAB4B SIEMENS

it Istruzioni per l’uso nl Gebruiksaanwijzing es | Instrucciones de uso

Veiligheidsbepalingen en waarschuwingen Aanwijzingen over de afvoer Omvang van de levering . De juiste plaats …

Let op de omgevingstemperatuur en de beluchting Apparaat aansluiten . Kennismaking met het apparaat Apparaat inschakelen ……… Instellen van de temperatuur . Speciale functies Alarm function . Home Connect Netto-inhoud . De koelruimte Superkoelen .

Diepvriesruimte Maximale invriescapaciteit Invriezen en opslaan … Verse levensmiddelen invriezen . Supervriezen … Ontdooien van diepvrieswaren Uitvoering . Sticker "OK" Apparaat uitschakelen ….. Schoonmaken van het apparaat Verlichting (LED) Energie besparen . Bedrijfsgeluiden Kleine storingen zelf verhelpen Zelftest apparaat Klantenservice …

Veiligheidsbepalingen en waarschuwingen

Voordat u het apparaat in gebruik neemt

Lees de gebruiksaanwijzing

en het installatievoorschrift nauwkeurig door. U vindt daarin belangrijke informatie over plaatsing, gebruik en onderhoud van het apparaat.

De fabrikant aanvaardt geen aansprakelijkheid als

in de gebruiksaanwijzing niet in acht worden genomen. Bewaar de gebruiksaanwijzing en het montagevoorschrift voor later gebruik of voor een eventuele latere bezitter.

Technische veiligheid

Het apparaat bevat een geringe hoeveelheid van het milieuvriendelijke maar brandbare koelmiddel R600a. Let erop dat de leidingen van het koelcircuit bij het transport of de installatie niet beschadigd worden. Koelmiddel dat naar buiten spuit kan vlam vatten of zich ontsteken.

= Open vuur of andere ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat houden;

= Ruimte gedurende een paar minuten goed luchten:;

=“ Apparaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken;

# Contact opnemen met de Servicedienst.

Hoe meer koelmiddel het apparaat bevat, des te groter moet de ruimte zijn waarin het apparaat wordt opgesteld.

In een te kleine ruimte kan bij een lek een ontvlambaar mengsel van gas en lucht ontstaan.

Per 8 g koelmiddel moet het vertrek minstens 1 m$ groot zijn. De hoeveelheid koelmiddel

in uw apparaat vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van het apparaat.

Als de aansluitkabel van het apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon. Onvakkundige installatie en reparaties kunnen groot gevaar opleveren voor de bezitter.

Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door de fabrikant, de klantenservice of een andere gekwalificeerde persoon.

Er mogen alleen originele onderdelen van de fabrikant gebruikt worden. Alleen bij deze onderdelen garandeert de fabrikant dat ze aan de veiligheidseisen voldoen.

Een verlengsnoer voor

de aansluitkabel mag uitsluitend via de klantenservice worden aangeschaft.

# Nooit elektrische apparaten in het apparaat gebruiken (bijv. verwarmingsapparaten, elektrische ijsmaker etc.). Explosiegevaarl

= Het apparaat nooit met een stoomreiniger ontdooien of schoonmaken! De hete stoom kan in de elektrische onderdelen terechtkomen en kortsluiting veroorzaken. Gevaar van elektrische schok!

= Gebruik geen puntige of scherpe voorwerpen om een laag ijs of rijp te verwijderen. U kunt hierdoor de koelleidingen beschadigen. Koelmiddel dat naar buiten spuit kan vlam vatten oftot oogletsel leiden.

Geen producten met brandbare drijfgassen (bijv. spuitbussen) en geen explosieve stoffen in het apparaat opslaan. Explosiegevaar!

Plint, uittrekbare manden of laden, deuren etc. niet als opstapje gebruiken of om op te leunen.

Om te ontdooien of schoon te maken: stekker uit

het stopcontact trekken resp. de zekering uitschakelen of losdraaien. Altijd aan de stekker trekken, nooïit aan de aansluitkabel.

Dranken met een hoog alcoholpercentage altijd goed afgesloten en staand bewaren.

Geen olie of vet gebruiken op kunststof onderdelen en deurdichtingen. Ze kunnen poreus worden.

De be- en ontluchtingsopeningen van het apparaat nooit afdekken.

Vermijd langdurig contact van uw handen met de diepvrieswaren, ijs of de verdamperbuizen enz.

Kans op vrieswonden!

= Vermijden van risico's voor kinderen en kwetsbare personen: Kwetsbaar zijn kinderen/ personen met lichamelijke, geestelijke of zintuigelijk beperkingen, evenals personen die onvoldoende kennis hebben over de veilige bediening van het apparaat.

Zorg ervoor dat kinderen en kwetsbare personen begrijpen wat de gevaren zijn.

Een voor de veiligheid verantwoordelijke persoon moet toezicht houden op kinderen en kwetsbare personen bij het apparaat of hen instrueren.

Alleen kinderen vanaf 8 jaar het apparaat laten gebruiken.

Bij reiniging en onderhoud toezicht houden op kinderen. Laat kinderen nooïit met het apparaat spelen.

« Flessen en blikjes met vloeistoffen — vooral koolzuurhoudende dranken - niet in de diepvriesruimte opslaan. Flessen en potten kunnen barsten!

= Diepvrieswaren nadat u ze uit de diepvriesruimte hebt gehaald, nooit onmiddellijk in de mond nemen. Kans op vrieswonden!

Kinderen in het huishouden

= Verpakkingsmateriaal en onderdelen ervan zijn geen speelgoed voor kinderen. Verstikkingsgevaar door opvouwbare kartonnen dozen en folie!

= Het apparaat is geen speelgoed voor kinderen!

= Bij een apparaat met deurslot: sleutel buiten het bereik van kinderen bewaren!

Algemene bepalingen Het apparaat is geschikt

= voor het koelen en invriezen van levensmiddelen,

= voor het bereiden van ijs.

Dit apparaat is bestemd voor

privégebruik in het huishouden

en de huiselijke omgeving.

Het apparaat is ontstoord

volgens EU richtlin 2004/108/

Het koelcircuit is op dichtheid

Dit apparaat voldoet aan

de veiligheidsbepalingen voor

elektrische apparaten

Dit apparaat is bestemd voor

gebruik tot op hoogten van

maximaal 2.000 meter boven

Aanvwijzingen over de afvoer

< Afvoeren van de verpakking van uw nieuwe apparaat

De verpakking beschermt uw apparaat tegen transportschade. De gebruikte materialen zijn onschadelijk voor het milieu en kunnen opnieuw worden gebruikt. Help daarom mee en zorg

dat de verpakking milieuvriendelijk wordt afgevoerd.

U kunt bij uw leverancier

of bij de reinigingsdienst

in uw gemeente informeren hoe

u uw oude apparaat en het verpakkingsmateriaal van het nieuwe apparaat kunt (laten) afvoeren voor een milieuvriendelike verwerking.

<> Afvoeren van uw oude apparaat

Oude apparaten zijn geen waardeloos afvall Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen worden teruggewonnen.

Dit apparaat is gekenmerkt in

X overeenstemming met de

— Europese richtlin 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE). De richtlin geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.

Bij afgedankte apparaten 1. Stekker uit het stopcontact trekken.

2. Aansluitkabel doorknippen en samen met de stekker verwijderen.

8. Legplateaus en voorraadvakken niet eruit halen om het kinderen moeilik te maken erin te klimment!

4. Laat kinderen niet met het afgedankte apparaat spelen. Verstikkingsgevaar!

Koelapparaten bevatten koelmiddel

en in de isolatie gas. Die zorgvuldig moeten worden afgevoerd. Met het oog op een doelmatige en milieuvriendelijke afvoer mogen de leidingen van het koelcirouit tot het moment van transport niet beschadigd worden.

Omvang van de levering

Controleer na het uitpakken alle onderdelen op eventuele transportschade.

Voor klachten kunt u terecht bij de winkel waar u het apparaat hebt aangeschaft of bij onze klantenservice.

De levering bestaat uit de volgende onderdelen:

= Vrijstaand apparaat m Uitrusting (modelafhankelijk) m Zakje met montagemateriaal = Gebruiksaanwijzing

m Montagevoorschrift

Informatie over energieverbruik en geluiden

Elke droge, goed te ventileren ruimte

is geschikt. Het apparaat niet in de zon of naast een fornuis, verwarmingsradiator of een andere warmte bron plaatsen. Is plaatsing naast een warmtebron niet te vermijden, maak dan gebruik van een isolerende plaat of neem de volgende minimumafstanden tot de warmtebron in acht:

m Naast elektrische- of gasfornuizen 8 cm.

m Naast een CV-installatie 30 cm.

De vloer op de plaats van opstelling mag niet meegeven, vloer eventueel verstevigen. Eventuele oneffenheden

in de vloer opheffen door er iets onder te leggen.

Aîfstand tot de wand

Het apparaat zodanig opstellen dat de deur 90° kan worden geopend.

Let op de omgevingstemperatuur en de beluchting

Omgevingstemperatuur

Het apparaat is voor een bepaalde klimaatklasse geconstrueerd. Afhankelijk van de klimaatklasse kan het apparaat bij de volgende omgevingstemperaturen gebruikt worden.

De klimaatklasse staat op het typeplaatje, afb. I.

Klimaatklasse Toelaatbare omgevingstemperatuur

SN +10 °C tot 32 °C N +16 °C tot 32 °C ST +16 °C tot 38 °C T +16 °Ctot43 °C Aanwijzing

Het apparaat is volledig functioneel binnen de binnentemperatuurgrenzen van de aangegeven klimaatklasse. Wanneer een apparaat uit klimaatklasse SN wordt gebruikt bij een lagere binnentemperatuur, kunnen beschadigingen aan het apparaat worden uitgesloten tot een temperatuur van +5 °C.

Atb. A De lucht aan de achterwand en aan

de zijwanden van het apparaat wordt verwamd. De verwarmde lucht moet ongehinderd afgevoerd kunnen worden. Anders moet de koelmachine meer presteren waardoor het energieverbruik toeneemt.

De be en ontluchtingsopeningen mogen dan ook nooit worden afgedekt!

Na het plaatsen van het apparaat moet u minimaal 1 uur wachten voordat u het apparaat in gebruik neemt. Tijdens het transport kan het gebeuren dat de olie van de compressor in het koelsysteem terecht komi.

Voér het eerste gebruik de binnenruimte van het apparaat schoonmaken (zie hoofdstuk ,Schoonmaken van

Elektrische aansluiting

Het stopcontact moet zich in de buurt van het apparaat bevinden en ook na het opstellen van het apparaat goed bereikbaar zijn.

Het apparaat voldoet aan beschermklasse I. Het apparaat aansluiten op een volgens

de voorschriften geïnstalleerd 220-

240 V/50 Hz wisselstroomstopcontact met aardleiding. Het stopcontact moet zijn beveiligd met een zekering van 10 A tot 16 A.

Bij apparaten die in niet Europese landen worden gebruikt op het typeplaatje controleren of de aansluitspanning

en de stroomsoort overeenkomen met de waarden van uw elektriciteitsnet.

U vindt deze gegevens

op het typeplaatje. Afb.

Het apparaat mag in geen geval worden aangesloten op elektronische energiebesparingsstekkers.

Voor onze apparaten kunnen netvoedingsinverters en sinusinverters worden gebruikt. Netvoedingsinverters worden gebruikt bij fotovoltaische installaties die rechtstreeks zijn aangesloten op het openbare elektriciteitsnet. Bij losstaande systemen {bijv. op schepen of in berghutten) die geen rechtstreekse aansluiting op het openbare elektriciteitsnet hebben, moet een sinusinverter worden gebruikt.

Kennismaking met het apparaat

De laatste bladzijde met de afbeeldingen uitklappen. Deze gebruiksaanwijzing is op meer dan één type van toepassing.

De uitrusting van de modellen kan variëren.

Kleine afwijkingen in de afbeeldingen zijn mogelijk.

* Niet bij alle modellen.

A Koelruimte B Diepvriesruimte

1-18 Bedieningselementen

19* Boter en kaasvak

20 Voorraadvak voor kleine flesjes 21 Vak voor grote flessen

26 Groentelade met vochtigheidsregelaar 27* Diepvrieslade

Bedieningselementen Ab. El

1 Temperatuurindicatie koelruimte De cijfers komen overeen met de ingestelde temperaturen in de koelruimte in °C.

2 Indicatie super cooling Wordt gemarkeerd wanneer het superkoelen actief is.

3 Temperatuurindicatie Diepvriesruimte De cijfers komen overeen met de ingestelde temperaturen in de diepvriesruimte in °C.

4 Indicatie super freezing Wordt gemarkeerd wanneer het supervriezen actief is.

5 Indicatie vacation Wordt gemarkeerd wanneer de vakantie-modus is ingeschakeld.

6 Indicatie fresh Wordt gemarkeerd wanneer de vers-modus is ingeschakeld.

7 Indicatie eco mode Wordt geaccentueerd wanneer de eco-modus ingeschakeld is.

8 Toets mode Om speciale functies te kiezen.

9 Super-toets Wordt gebruikt om de functies super cooling (koelcompartiment) en super freezing (vriescompartiment) in te schakelen.

10 Insteltoetsen +/-

De toetsen dienen voor het instellen van de temperaturen in de koel- en diepvriesruimte.

11 lock-toets Wordt gebruikt om de lock-functie in te schakelen.

12 °C-toets voor de compartimentkeuze en alarm off Wordt gebruikt om een compartiment te selecteren. Dat is nodig om de temperatuur ervan te wijzigen of om bepaalde speciale functies in te schakelen. Wordt gebruikt om het alarm uit te schakelen.

13 Functie toetsenblokkering lock”

Wanneer deze functie

is ingeschakeld, is instellen met de bedieningselementen niet mogelijk.

14 Indicatie alarm off Wordt geaccentueerd als het te warm is in het apparaat.

15 Indicatie alarm Wordt gemarkeerd als het te

warm is in het vriescompartiment.

16 Indicatie freeze Wordt gemarkeerd als het vriescompartiment is geselecteerd. 17 Indicatie alarm Wordt gemarkeerd als het te warm is in het koelcompartiment. 18 Indicatie cool Wordt gemarkeerd als het koelcompartiment is geselecteerd.

Apparaat inschakelen

1. Steek eerst de stekker in de aansluiting aan de achterzijde van het apparaat. Controleer of de stekker goed is aangesloten.

2. Steek dan het andere uiteinde van de kabel in het stopcontact.

Het apparaat is nu ingeschakeld en er klinkt een alarmsignaal.

Om het alarmsignaal uit te schakelen drukt u de °C-toets in.

De indicatie alarm verdwijnt zodra het apparaat de ingestelde temperatuur heeft bereikt.

De vooraf ingestelde temperaturen worden na enkele uren bereikt. Vô6r die tijd geen levensmiddelen in het apparaat leggen.

De fabriek adviseert de volgende temperaturen:

= Diepvriesruimte: -18 °C

= Koelruimte: +4 °C Opmerkingen bij/voor het gebruik

m Na het inschakelen kan het een aantal uren duren voordat de ingestelde temperaturen zijn bereikt.

m Door het volledig automatische NoFrost systeem blijft de vriesruimte ijsvrij. Ontdooien is overbodig.

m Als de deur na het sluiten niet direct weer geopend kan worden, dient u even te wachten tot de ontstane onderdruk is opgeheven.

= De voorzijden en zijwanden van de behuizing worden deels licht verwarmd.Dit voorkomt vorming van condenswater.

Instellen van de temperatuur Atb. El

De temperatuur is instelbaar van +2 °C

1. Selecteer het koelcompartiment met de °C-toets.

2. Druk de toetsen +/- in tot de gewenste temperatuur wordt aangegeven.

Gevoelige levensmiddelen niet warmer dan bij +4 °C bewaren.

De temperatuur is instelbaar van -16 °C

1. Selecteer het vriescompartiment met de °C-toets.

2. Druk de toetsen +/- net zo vaak in tot de gewenste temperatuur wordt aangegeven.

Afb. EI Vers-modus Met de vers-modus blijven levensmiddelen nog langer houdbaar.

Inschakelen: Druk net zo vaak op de mode-toets tot de indicatie fresh verschijnt.

Het apparaat stelt automatisch de volgende temperaturen in:

= Koelcompartiment: + 2 °C

m Vriescompartiment: blift ongewijzigd

Uitschakelen: Druk net zo vaak op de mode-toets, tot de indicatie fresh verdwijnt.

Met de Eco-modus schakelt u het apparaat op energiebesparend gebruik om.

Druk net zo vaak op de mode-toets tot de indicatie “eco mode” verschijnt.

Het apparaat stelt automatisch de volgende temperaturen in:

= Koelcompartiment: +8 °C

= Diepvriescompartiment: -16 °C Uitschakelen: Druk net zo vaak op de mode-toets tot de indicatie “eco mode” verdwijnt.

Bij langere afwezigheid kunt u het apparaat in de energiebesparende Vakantie-modus zetten.

De temperatuur in de koelruimte wordt automatisch op +14 °C omgeschakeld. Gedurende deze tijd geen levensmiddelen in de koelruimte opslaan.

Druk net zo vaak op de mode-toets tot de indicatie vacation verschijnt.

Het apparaat stelt automatisch de volgende temperaturen in:

= Koelcompartiment: +14 °C

m Vriescompartiment: blijft ongewijzigd Uitschakelen:

Druk net zo vaak op de mode-toets, tot de indicatie vacation verdwijnt.

Functie toetsenblokkering Lock

Om de toetsenblokkering in en uit te schakelen: de lock-toets 5 seconden indrukken.

Bij ingeschakelde functie wordt de indicatie lock geaccentueerd.

Het bedieningspaneel is nu tegen ongewenste bediening beveiligd. Uitzondering op de toetsblokkering: Voor het uitschakelen van de toetsblokkering en bij een alarmsignaal kan de lock-toets worden ingedrukt.

Bij het inschakelen van de sabbath- modus worden de volgende instellingen uitgeschakeld:

m Akoestische signalen

m Meldingen op de display

De achtergrondverlichting van de display wordt verminderd

m De toetsen worden geblokkeerd sabbath-modus inschakelen en uitschakelen:

De toets super gedurende 15 seconden indrukken.

In de volgende gevallen kan het alarm afgaan.

Het deuralarm (continu geluidssignaal) wordt ingeschakeld en in de temperatuurindicatie van het koelcompartiment1 verschijnt alarm wanneer het apparaat te lang open staat. Door sluiten van het apparaat wordt het deuralarm weer uitgeschakeld.

Er klinkt een intervaltoon, in de temperatuurindicatie vriescompartiment 3 verschijnt alarm.

Het temperatuuralarm wordt ingeschakeld als het in het vriescompartiment te warm is waardoor de diepvrieswaren kunnen ontdooien.

Zonder gevaar voor de diepvrieswaren kan het alarm automatisch inschakelen bij:

m Hetin gebruik nemen van het apparaat.

m Het inladen van grote hoeveelheden verse levensmiddelen.

Half of geheel ontdooide diepvrieswaren niet opnieuw invriezen. Pas na het koken of braden tot een kant-en-klaargerecht kunnen ze opnieuw worden ingevroren.

De maximale bewaartijd niet meer ten volle benutten.

De temperatuurindicatie geeft gedurende 5 seconden de warmste temperatuur aan die in de diepvriesruimte heeft geheerst. Hierna wordt de ingestelde temperatuur weer aangegeven.

°C-toets indrukken om het alarmsignaal uit te schakelen.

Dit apparaat is voorzien van Wi-Fi en kan via een mobiel eindapparaat op afstand worden bediend.

Aanwijzing Wi-Fi is een geregistreerd handelsmerk van de Wi-Fi Alliance.

Als het apparaat niet wordt verbonden met het thuisnetwerk, werkt het als een koelapparaat zonder netwerkaansluiting en kan het nog steeds via de bedieningselementen handmatig worden bediend.

Om de Home Connect functies te gebruiken, het apparaat met een Home Connect Wi-Fi dongle verbinden.

Als er geen Home Connect Wi-Fi dongle met uw apparaat is meegeleverd, kunt u deze bij de Servicedienst bestellen. Aanwijzing

Het aansluiten en loskoppelen van de stekker op de achterzijde van het apparaat gaat moeilijker dan verwacht. Controleren of de stekker goed is aangesloten.

De Home Connect Wi-Fi-dongle aanbrengen op 1 meter hoogte.

m Houd u aan de veiligheidsbepalingen en waarschuwingen in deze gebruiksaanwijzing. Zorg ervoor dat deze ook worden nageleefd wanneer u niet thuis bent en u het apparaat bedient via de Home Connect app (zie het hoofdstuk Veiligheidsbepalingen en waarschuwingen).

Neem ook de aanwijzingen in de Home Connect app in acht.

m De bediening op het apparaat heeft altijd voorrang boven de bediening via de Home Connect app. In deze tijd is bediening via de app niet mogelijk.

Home Connect instellen

m Houd rekening met de Home Connect bijlage, die onder http://www.siemens- home.com bij de handleidingen gedownload kan worden. Hiervoor voert u in het zoekveld het E-nummer van uw apparaat in.

m Ominstellingen via Home Connect te kunnen uitvoeren, moet de Home Connect app op uw mobiele eindapparaat zijn geïnstalleerd. Zie hiervoor de meegeleverde documentatie van Home Connect.Volg de door de app aangegeven stappen om de instellingen aan te brengen.

m Het menu Home Connect wordt automatisch gesloten wanneer het apparaat langere tijd niet wordt bediend. Aanwijzingen voor het openen van het menu Home Connect vindt u aan het begin van het desbetreffende hoofdstuk.

Automatische verbinding met het thuisnetwerk (WLAN)

Wanneer er een WLAN-router met WPS- functie beschikbaar is, kunt u het koelapparaat automatisch met het thuisnetwerk verbinden.

1. De super-toets en lock-toets tegelijkertijd indrukken om het menu Home Connect te openen.

De indicatie geeft Cn aan. Aanwijzing Beide toetsen exact tegelijkertijd indrukken.De toetsbediening wordt geblokkeerd wanneer langere tijd alleen de lock-toets wordt ingedrukt. De lock-toets opnieuw zo lang indrukken tot de blokkering wordt opgeheven. 2. De °C-toets net zo vaak indrukken tot de indicaties AC en oF aangeven. 8. Toets + indrukken.

Het apparaat is klaar voor de automatische verbinding.

De indicatie geeft 2 minuten een animatie weer.

Gedurende deze periode de volgende stappen uitvoeren.

4. De WPS-functie op de thuisnetwerkrouter activeren (bijv. via de WPS-/WLAN-toets, informatie daarover is te vinden in de documentatie van de router).

m Bij een geslaagde verbinding knippert on in de indicatie van het koelapparaat.

U kunt het koelapparaat nu verbinden met de app.

m Als de indicatie oF aangeeft, kon er geen verbinding worden gemaakt. Controleren of het koelapparaat zich binnen het bereik van het thuisnetwerk (WLAN) bevindt.

Het proces herhalen of handmatig verbinding maken.

Handmatige verbinding met het thuisnetwerk (WLAN) Wanneer de beschikbare WLAN-router

niet over een WPS-functie beschikt of als dit niet bekend is, kunt u het koelapparaat handmatig verbinden met het thuisnetwerk.

1. De super-toets en lock-toets tegelijkertijd indrukken om het menu Home Connect te openen.

De indicatie geeft Cn aan. Aanwijzing

Beide toetsen exact tegelijkertijd indrukken.De toetsbediening wordt geblokkeerd wanneer langere tijd alleen de lock-toets wordt ingedrukt. De lock-toets opnieuw zo lang indrukken tot de blokkering wordt opgeheven.

2. De °C-toets net zo vaak indrukken tot de indicaties SA en oF aangeven.

8. Toets + indrukken.

Het apparaat is klaar voor de handmatige verbinding.

De indicatie geeft 5 minuten een animatie weer.

Gedurende deze periode de volgende stappen uitvoeren.

4. Het koelapparaat heeft nu een eigen WLAN-netwerk met de netwerknaam HomeConnect ingesteld.

Tot dit netwerk kunt u nu toegang krijgen met het mobiele eindapparaat.

5. Het instellingsmenu van het mobiele eindapparaat openen en de WLAN- instellingen oproepen.

6. Het mobiele eindapparaat met het WLAN-netwerk HomeConnect verbinden.

Wachtwoord: HomeConnect

Het tot stand brengen van de verbinding kan tot 60 minuten duren.

7. Als er een verbinding is gemaakt, de Home Connect app op het mobiele eindapparaat openen.

De app zoekt naar het koelapparaat.

8. Zodra het koelapparaat is gevonden, de netwerknaam (SSID) en het wachtwoord (Key) van het eigen thuisnetwerk (WLAN) in de daarvoor bestemde velden invoeren.

9. Bevestigen met de knop Naar huishoudelijke apparaten sturen.

m Bij een geslaagde verbinding knippert on in de indicatie van het koelapparaat.

U kunt het koelapparaat nu verbinden met de app.

m Als de indicatie oF aangeeft, kon er geen verbinding worden gemaakt.

Het wachtwoord opnieuw invoeren en op de juiste schrijfwijze letten.

Controleren of het koelapparaat zich binnen het bereik van het thuisnetwerk (WLAN) bevindt.

De procedure herhalen.

Koelapparaat verbinden met app Het koelapparaat kan pas met de app

worden verbonden als er een verbinding tussen het koelapparaat en thuisnetwerk is gemaakt.

1. De super-toets en lock-toets tegelijkertijd indrukken om het menu Home Connect te openen.

De indicatie geeft Cn aan.

Aanwijzing Beide toetsen exact tegelijkertijd indrukken.De toetsbediening wordt geblokkeerd wanneer langere tijd alleen de lock-toets wordt ingedrukt. De lock-toets opnieuw zo lang indrukken tot de blokkering wordt opgeheven.

2. De °C-toets net zo vaak indrukken tot de indicaties PA (Pairing = met app verbinden) en oF aangeven.

3. Toets + indrukken om het apparaat met de app te verbinden.

De indicatie geeft een animatie weer.

Zodra het koelapparaat en de app verbonden zijn, geeft de indicatie on aan.

4. In de Home Connect app op het mobiele eindapparaat wordt het koelapparaat weergegeven. Het koelapparaat selecteren en met de knop + toevoegen.

Als het koelapparaat niet automatisch wordt weergegeven, dan in de Home Connect app eerst Huishoudelijke apparaten zoeken en vervolgens Huishoudelijk apparaat verbinden selecteren.

5. De instructies van de app volgen tot het proces is voltooid.

# De indicaties geven PA en on aan.

Het koelapparaat is met de app verbonden.

m Als er geen verbinding kan worden gemaakt, controleren of het mobiele eindapparaat met het thuisnetwerk (WLAN) is verbonden.

Vervolgens het koelapparaat opnieuw met de app verbinden.

m Als de indicatie Er aangeeft, de Home Connect instellingen terugzetten en het instellen vanaf het begin opnieuw uitvoeren.

Signaalsterkte controleren AIS er geen verbinding kan worden

gemaakt, kunt u het beste de signaalsterkte controleren.

1. De super-toets en lock-toets tegelijkertijd indrukken om het menu Home Connect te openen.

De indicatie geeft Cn aan. Aanwijzing

Beide toetsen exact tegelijkertijd indrukken.De toetsbediening wordt geblokkeerd wanneer langere tijd alleen de lock-toets wordt ingedrukt. De lock-toets opnieuw zo lang indrukken tot de blokkering wordt opgeheven.

2. De °C-toets net zo vaak indrukken tot de indicatie SI aangeeft. In de tweede indicatie verschijnt een waarde tussen 0 (geen ontvangst) en 3 (volledige ontvangst).

De signaalsterkte moet minimaal 2 bedragen. Als de signaalsterke te laag is, kan de verbinding worden onderbroken. De router en het koelapparaat dichter bij elkaar plaatsen, ervoor zorgen dat de verbinding niet door afschermende wanden wordt verstoord of een repeater installeren om het signaal te versterken.

Home Connect Instellingen terugzetten

Als het niet lukt een verbinding te maken of als u het koelapparaat in een ander thuisnetwerk (WLAN) wilt aanmelden, kunnen de Home Connect instellingen worden teruggezet:

1. De super-toets en lock-toets tegelijkertijd indrukken om het menu Home Connectte openen.

De indicatie geeft Cn aan. Aanwijzing Beide toetsen exact tegelijkertijd indrukken. De toetsbediening wordt geblokkeerd wanneer langere tijd alleen de lock-toets wordt ingedrukt. De lock-toets opnieuw zo lang indrukken tot de blokkering wordt opgeheven.

2. De °C-toets net zo vaak indrukken tot de indicaties rE en oF aangeven.

8. Toets + indrukken.

m De indicatie geeft een korte animatie weer en vervolgens weer 0F.

De Home Connect instellingen zijn teruggezet.

m Als de indicatie Er aangeeft, dan het terugzetten opnieuw uitvoeren of de Servicedienst bellen.

Aanwijzing over gegevensbescherming

Wanneer uw Home Connect koelapparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een WLAN-netwerk dat op het internet is aangesloten, geeft het koelapparaat de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server (eerste registratie):

m Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande uit apparaatsleutels en het MAC-adres van de ingebouwde Wi-

Fi communicatiemodule).

m Veiligheidscertificaat van de Wi- Fi communicatiemodule (voor de informatietechnische beveiliging van de verbinding). m De actuele software- en hardwareversie van uw koelapparaat. m Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen. Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie hoeft pas te worden uitgevoerd wanneer u Home Connect voor het eerst wilt gebruiken.

Let erop dat de Home Connect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in combinatie met de Home Connect app. Informatie over gegevensbescherming kan worden opgeroepen in de Home Connect app.

Verklaring van overeenstemming

Hierbij verklaart BSH Hausgeräte GmbH dat het apparaat met Home Connect functionaliteit voldoet aan de fundamentele vereisten en de overige toepasselijke bepalingen van de Richitlijn 1999/5/EG.

Een uitvoerige R&TTE conformiteitsverklaring vindt u op het internet onder www.siemens-home.com, op de productpagina van uw apparaat bij de aanvullende documenten.

De gegevens over de netto-inhoud vindt u op het typeplaatje in uw apparaat. Afb.

Vriesvermogen volledig benutten

Om de maximale hoeveelheid diepvrieswaren in te ruimen, kunnen de houders worden verwijderd. De levensmiddelen kunnen dan rechtstreeks op het legplateau en op de bodem van de vriesruimte worden gestapeld.

Aanwijzing Voorkom dat de levensmiddelen

de achterwand raken. Anders wordt de luchtcirculatie verminderd.

Levensmiddelen of verpakkingen kunnen aan de achterwand vastvriezen. Onderdelen eruit halen

Diepvriesladen tot aan de aanslag uittrekken, vooraan optillen en

verwijderen. Afb. [M De koelruimte

De koelruimte is een ideale plaats voor het bewaren van vlees, worst, vis, melkproducten, eieren, toebereide etenswaren en brood/banket.

In acht nemen bij het bewaren

m Bewaar verse, onbeschadigde levensmiddelen. Zo blijft de kwaliteit en de versheid langer bewaard.

m Bij kant-en-klaarproducten en afgevulde producten de door de fabrikant vermelde houdbaarheids- of gebruiksdatum in acht nemen.

m De levensmiddelen goed verpakt of afgedekt inruimen, om aroma, kleur en versheid te bewaren. Dit voorkomt geuroverdracht en verkleuring van de kunststof onderdelen in de koelruimte.

m Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen en pas daarna in het apparaat zetten.

Ontluchtingsopeningen niet blokkeren met levensmiddelen, om te voorkomen dat de luchtcirculatie wordt gehinderd. Levensmiddelen die direct voor

de luchtopeningen worden opgeslagen, kunnen door de uitstromende koude lucht bevriezen.

Let op de koudezones in de koelruimte

Door de luchicirculatie in de koelruimte verschillen de koudezones:

m De koudste zones bevinden zich voor de ontluchtingsopeningen en in de chiller, afb. EA/25.

In de koudste zones gevoelige levensmiddelen opslaan zoals vis, worst en vlees.

m De warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur.

Bewaar in de warmste zone bijv. harde kaas en boter. Harde kaas kan Z0 zijn aroma verder ontwikkelen en de boter blijft goed smeerbaar.

Groentelade met vochtigheidsregelaar

Afb. EI Om optimale omstandigheden te scheppen voor het bewaren van groente en fruit, kan de luchtvochtigheid in de groentelade worden ingesteld:

m bij overwegend groente, gemengde belading of geringe belading - hoge luchtvochtigheid

m bij overwegend fruit en hoge belading — lagere luchtvochtigheid

ms Koudegevoelig fruit (bijv. ananas, bananen, papaja en citrusvruchten) en groente (bijv. aubergines, komkommers, courgettes, paprika, tomaten en aardappels) dienen voor een optimaal behoud van kwaliteit en aroma buiten de koelkast bewaard te worden op een temperatuur van circa +8 °C tot +12 °C.

= Afhankelijk van de soort levensmiddelen en de hoeveelheid kan zich condenswater vormen in de groentelade. Condenswater verwijderen met een droge doek en de luchtvochtigheid in de groentelade aanpassen met behulp van de vochtigheidsregelaar.

In het verskoelvak heersen lagere temperaturen dan in de koelruimte. Er kunnen ook temperaturen onder 0 °C optreden.

Ideaal voor het bewaren van vis, vlees en worst. Niet geschikt voor salades, groente en koudegevoelige levensmiddelen.

De temperatuur van de chillers kunt u variéren met behulp van de ventilatieopening. Temperatuurregelaar omhoog schuiven om de temperatuur te verlagen. Temperatuurregelaar omlaag schuiven om de temperatuur te verhogen. Afb.

Tijdens het superkoelen wordt

de koelruimte ca. 6 uur zo koud mogelijk gekoeld. Hierna wordt automatisch omgeschakeld naar de véér het superkoelen ingestelde temperatuur.

Het superkoelsysteem inschakelen bijv.

m véér het inladen van grote hoeveelheden levensmiddelen.

# om dranken snel te koelen.

In- en uitschakelen Aîb. EI

1. Selecteer het koelcompartiment met de °C-toets.

2. Houd de super-toets ingedrukt tot de indicatie super cooling brandt.

U hoeft het superkoelen niet uit te schakelen. Na 6 uur wordt automatisch omgeschakeld naar de temperatuur die eerder was ingesteld.

Aanwijzing Als het superkoelsysteem is

ingeschakeld kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen.

De diepvriesruimte gebruiken

m voor het opslaan van diepvriesproducten,

= omijsblokjes te maken,

m om levensmiddelen in te vriezen. Aanwijzing

Let erop dat de deur van

het diepvriesruimte goed gesloten is! Bij een open deur ontdooien de diepvrieswaren. In de diepvriesruimte vormt zich veel ijs. Bovendien: energieverspilling door te hoog stroomverbruik!

Maximale invriescapaciteit

Gegevens over de maximale invriescapaciteit binnen 24 uur vindt u op het typeplaatje. Afb.

Voorwaarden voor max. invriesvermogen

= Supervriezen inschakelen voordat u de verse levensmiddelen aanbrengt (zie hoofdstuk ,Supervriezen”).

m Houders eruit nemen, levensmiddelen rechtstreeks op het legplateau en de bodem van het vriesvak stapelen.

m Grote hoeveelheden levensmiddelen bij voorkeur invriezen in het bovenste vak. Daar worden ze heel snel en daardoor voorzichtig ingevroren.

Invriezen en opslaan

Inkopen van diepvriesproducten

m De verpakking mag niet beschadigd zijn.

m Neem de houdbaarheidsdatum in acht.

= De temperatuur in de verkoop-koelkist moet -18 °C of kouder zijn.

= De diepvriesproducten liefst in een koeltas transporteren en snel in de diepvriesruimte leggen.

Attentie bij het inruimen

m Grote hoeveelheden levensmiddelen bij voorkeur invriezen in het bovenste vak. Daar worden ze heel snel en daardoor voorzichtig ingevroren.

m De levensmiddelen naast elkaar in de vakken resp, diepvriesladen leggen. Aanwijzing De vers in te vriezen levensmiddelen mogen niet met de al ingevroren levensmiddelen in aanraking komen. Tot in de kern bevroren levensmiddelen eventueel in een andere diepvrieslade leggen.

Diepvrieswaren opslaan

De diepvrieslade tot aan de aanslag inschuiven om een goede luchtcirculatie te waarborgen.

Verse levensmiddelen invriezen

Gebruik uitsluitend verse levensmiddelen.

Om de voedingswaarde, het aroma en de kleur zo goed mogelijk te behouden, dient groente geblancheerd te worden voordat het wordt ingevroren. Bij aubergines, paprika's, courgettes en asperges is blancheren niet noodzakelijk.

Literatuur over invriezen en blancheren vindt u in de boekhandel.

Al ingevroren levensmiddelen mogen niet met de nog in te vriezen levensmiddelen in aanraking komen.

m Geschikt om in te vriezen:

Bakwaren, vis en zeevruchten, vlees, wild, gevogelte, groente, fruit, kruiden, gepelde eieren, melkproducten zoals kaas, boter en kwark, bereide gerechten en kliekjes zoals soep, eenpansgerechten, gaar vlees en gare vis, aardappelgerechten, ovenschotels en zoete toetjes.

m Niet geschikt om in te vriezen: Groentesoorten die meestal rauw worden gegeten, zoals kropsla en radijsies, ongepelde eieren, wijndruiven, hele appels, peren en perziken, hardgekookte eieren, yoghurt, dikke zure melk, zure room, crème fraîche en mayonaise.

Diepvrieswaren verpakken

De levensmiddelen luchtdicht verpakken zodat ze niet uitdrogen of hun smaak verliezen.

1. Levensmiddelen in de verpakking leggen. 2. Lucht eruit drukken.

3. Het geheel van een goede sluiting voorzien.

4. Vermeld op de pakjes inhoud en invriesdatum.

Voor verpakking geschikt: Kunststof., polyetheen- en

aluminiumfolie, diepvriesdozen. Deze producten zijn in de handel verkrijgbaar.

Niet geschikt voor verpakking: Inpakpapier, perkamentpapier, cellofaan, afvalzakken en gebruikte boodschappentasjes.

Als sluiting geschikt: elastiekjes, clips van kunststof, touwrtjes, koudebestendig plakband e.d.

Zakjes en wrapfolie van polyethyleen (PE) kunt u sealen met een folie-sealer.

De houdbaarheid is afhankelijk van het soort levensmiddelen.

Op een temperatuur van -18 °C:

m Vis, worst, klaargemaakte gerechten, brood en banket:

= Kaas, gevogelte, vlees: tot 8 maanden.

= Groente, fruit: tot 12 maanden.

De levensmidelen zo snel mogelijk door en door invriezen zodat vitamine, voedingswaarden, uiterlijk en smaak behouden blijven.

Schakel enkele uren voordat u de verse levensmiddelen inlaadt het supervriezen in, om ongewenste temperatuurstijging te voorkomen.

Doorgaans is 4-6 uur van tevoren voldoende.

Na het inschakelen werkt het apparaat permanent, in de diepvriesruimte wordt een zeer lage temperatuur bereikt.

Als u het max. vriesvermogen wilt gebruiken, dient u 24 uur véér het inladen van de verse waar het supervriezen in te schakelen.

Kleinere hoeveelheden levensmiddelen (max. 2 kg) kunnen zonder gebruik van het supervriessysteem worden ingevroren.

Aanwijzing Als het supervriessysteem is

ingeschakeld kunnen de bedrijfsgeluiden toenemen.

1. Selecteer het vriescompartiment met de °C-toets.

2. Houd de super-toets ingedrukt tot de indicatie super freezing brandt.

U hoeft het supervriezen niet uit te schakelen. Na ca. 2 2 dag wordt automatisch omgeschakeld naar de temperatuur die eerder was ingesteld.

Ontdooien van diepvrieswaren

Afhankelijk van soort en bereidingswijze van de levensmiddelen kunt u kiezen uit de volgende mogelijkheden:

m bij omgevingstemperatuur

Half of geheel ontdooide diepvrieswaren niet opnieuw invriezen. Pas na het koken of braden tot een kant-en-klaargerecht kunnen ze opnieuw worden ingevroren. De maximale bewaartijd wordt hierdoor bekort.

Legplateaus en voorraadvakken

U kunt de legplateaus en

de voorraadvakken in de deur naar wens verplaatsen. Legplateau naar voren trekken, iets laten zakken en aan

de zijkant uitzwenken. Voorraadvak iets optillen en eruit halen.

Speciale uitvoering (niet bij alle modellen) Boter en kaasvak

Door een lichte druk in het midden van de klep gaat het botervak open.

Om schoon te maken het botervak van onderen iets optillen en eruit halen.

De bakjes van de ontbijtset kunnen afzonderlijk eruit genomen en gevuld worden.

U kunt de ontbijtset eruit nemen om deze te vullen of leeg te maken. Daartoe de ontbijtset optillen en eruit trekken. De houder van de bakjes kunt u verschuiven.

In de flessenrek kunnen flessen veilig worden bewaard.

1. Usbakje voor % met drinkwater vullen en in de diepvriesruimte zetten.

2. Het vastgevroren ijsbakje alleen met een bot voorwerp losmaken (steel van een lepel).

3. Om de ijsblokjes los te maken: het ijsbakje iets verbuigen of kort onder stromend water houden.

Aïb. A Om kwaliteitsvermindering van de diepvriesproducten te voorkomen, dient u de opslagduur niet te overschrijden. De cijfers bij de symbolen geven

in maanden de toelaatbare bewaartijd voor de diepvrieswaren aan. Neem bij gewone diepvriesproducten

de productie- of houdbaarheidsdatum in acht.

De koude-accu vertraagt bij het uitvallen van de stroom of bij een storing

het verwarmen van de opgeslagen diepvrieswaren. De langste opslagtijd wordt bereikt wanneer u het koelelement in het bovenste vak op

de levensmiddelen legt.

De koude-accu kan ook voor het tijdelijk Kkoelhouden van levensmiddelen (bijv. in een koeltas) eruit genomen worden.

(niet bij alle modellen)

Met de sticker "OK" kunt u controleren of in het koelvak de voor de levensmiddelen aanbevolen veilige temepratuurbereiken +4 °C of kouder bereikt zijn. Als de sticker niet "OK" aangeeft, moet de temperatuur stapsgewijs worden verlaagd.

Aanwijzing Na ingebruikneming van het apparaat

kan het 12 uur duren voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.

Apparaat uitschakelen

Toets "+" 10 seconden ingedrukt houden. Koelmachine wordt uitgeschakeld.

(Niet bij alle modellen).

Apparaat buiten werking stellen

Als u het apparaat langere tijd niet

1. De stekker uit het stopcontact trekken of de zekering uitschakelen.

2. Apparaat reinigen.

3. Deuren van het apparaat open laten.

Om schade aan het apparaat te

voorkomen, moeten de deuren van het

apparaat zo ver zijn geopend, dat ze

vanzelf open blijven staan. Kilem geen

voorwerpen in de deur om deze open te houden.

Schoonmaken van het apparaat

m Gebruik geen schoonmaak of oplosmiddelen die zand, chloride of zuren bevatten.

m Geen schurende of krassende sponsjes gebruiken.

Op de metalen opperviakken kan corrosie ontstaan.

m De legplateaus en voorraadvakken mogen niet in de afwasmachine gereinigd worden.

Ze kunnen vervorment! Het reinigingswater mag niet in de volgende gedeelten komen: m Bedieningselementen Verlichting Ventilatieopeningen Openingen in de scheidingsplaat

Ga als volgt te werk:

1. De stekker uit het stopcontact trekken of de zekering uitschakelen.

2. Diepvrieswaren verwijderen en bewaren op een koele plaats. De koude-accu (indien aanwezig) op de levensmiddelen leggen.

3. Het spoelwater mag niet in de bedieningselementen, verlichting, ventilatieopeningen of in de openingen van de scheidingsplaat komen!

Het apparaat schoonmaken met een zachte doek en lauw water met een scheutje pH-neutraal afwasmiddel.

4. Deurafdichting alleen met schoon water schoonmaken en grondig droogwrijven.

5. Na het schoonmaken het apparaat weer aansluiten.

6. Diepvrieswaren opnieuw in het diepvriesvak leggen.

Voor het reinigen kunnen alle variabele onderdelen van het apparaat worden verwijderd.

Legplateaus uit de deur nemen Aïo. El

Legplateaus optillen en verwijderen.

Glasplateaus eruit halen De glasplateaus naar voren trekken en

verwijderen. Reservoir verwijderen Afb. El

Reservoir tot aan de aanslag uittrekken, vooraan optillen en verwijderen.

Diepvrieslade verwijderen

Afb. I Diepvriesladen tot aan de aanslag uittrekken, vooraan optillen en verwijderen.

Glasplateau boven de groentelade verwijderen

Het glasplateau kunt u verwijderen en uit elkaar nemen om het te reinigen.

Aanwijzing De groentelade uittrekken voordat u het glasplateau verwijderd.

Het apparaat is voorzien van een onderhoudsvrije LED verlichting. Reparaties aan deze verlichting mogen alleen door de Servicedienst of een erkend vakman worden uitgevoerd.

m Het apparaat in een droge, goed te ventileren ruimte plaatsen! Het apparaat niet direct in de zon of in de buurt van een warmtebron plaatsen zoals een verwarmingsradiator of een fornuis.

Gebruik eventueel een isolatieplaat.

m Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen.

= Diepvrieswaren in de koelruimte leggen om ze te ontdooien en de kou van de diepvrieswaren gebruiken om andere levensmiddelen te koelen.

= Deuren van het apparaat zo kort mogelijk openen.

m Voor een zo laag mogelijk energieverbruik: aan de zijkanten enige afstand tot de wand aanhouden.

m De ordening van de uitrustingsdelen heeft geen invloed op de energieopname van het apparaat.

Borrelen, zoemen of gorgelen Koelmiddel stroomt door de buizen. Klikgeluiden

Motor, schakelaar of magneetventielen schakelen in/uit.

Het automatische ontdooisysteem treedt in werking.

Voorkomen van geluiden

Het apparaat staat niet waterpas

Het apparaat met behulp van

een waterpas stellen. Gebruik hiervoor de schroefvoetjes of leg iets onder het apparaat.

Het apparaat staat tegen een ander meubel of apparaat

Het apparaat van het meubel of apparaat ernaast wegschuiven.

Reservoirs of draagplateaus wiebelen of klemmen

Controleer de delen die eruit gehaald kunnen worden en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat.

Flessen of serviesgoed raken elkaar De flessen of het serviesgoed los van elkaar zetten.

Kleine storingen zelf verhelpen

Voordat u de hulp van de Servicedienst inroept:

Controleer eerst of u aan de hand van de volgende punten de storing kunt verhelpen. Als u om een monteur vraagt, en het blijkt dat hij alleen maar een advies (bijv. over de bediening of het onderhoud van het apparaat) hoeft te geven om de storing

te verhelpen, dan moet u, ook in de garantietijd, de volledige kosten van dat bezoek betalen!

Storing Eventuele oorzaak Oplossing De temperatuur wijkt erg af In sommige gevallen is het voldoende om van de instelling. het apparaat gedurende 5 minuten uit

Als de temperatuur te warm is: na enkele uren controleren of de temperatuur de temperatuurinstelling genaderd is.

Als de temperatuur te koud is: de volgende dag de temperatuur nogmaals controleren.

Hetis te koud in het Stel een hogere temperatuur voor het koelcompartiment of in het koelcompartiment in. koelvak.

Temperatuurregelaar voor het koelvak omlaag schuiven. Afb.

De temperatuur in De deur van het apparaat Deur van het apparaat niet onnodig openen. de diepvriesruimte is werd te vaak geopend. te warm De be en Afdekkingen verwijderen. ontluchtingsopeningen zijn afgedekt. Invriezen van grotere Max. invriescapacitiet niet overschrijden.

hoeveelheden verse levensmiddelen.

Het apparaat koelt niet, de Het presentatielicht is De °C-toets en insteltoets + 5 seconden temperatuurindicatie en de ingeschakeld. ingedrukt houden tot er een verlichting branden. bevestigingssignaal klinkt. Controleer na enige tijd of het apparaat koelt. De zijwanden van het In de zijwanden lopen buizen Dat is normaal voor het apparaat, en geen apparaat zijn warm. die tijdens het koelproces storing, warm worden.

De verlichting functioneert niet.

De LED verlichting is kapot.

Zie hoofdstuk , Verlichting (LED)".

De deur stond te lang open.

De verlichting wordt na ca. 10 minuten uitgeschakeld.

Na het sluiten en openen van de deur brandt de verlichting weer.

Geen enkele indicatie brandt.

Stroomuitval; de zekering is

Stekker in het stopcontact steken. Controleer

uitgeschakeld: de stekker zit of er stroom is. Controleer de zekeringen. niet goed in het stopcontact.

Het apparaat beschikt over een automatisch zelftestprogramma dat

de oorzaken van storingen aangeeft die alleen door de Servicedienst verholpen kunnen worden.

1. Apparaat uitschakelen en 5 minuten wachten.

2. Apparaat inschakelen en binnen de eerste 10 seconden de °C-toets en de insteltoets “-” gedurende 3-5 seconden ingedrukt houden, tot er een geluidssignaal klinkt.

Het zelftestprogramma start.

Wanneer de zelftest is voltooid en er tweemaal een geluidssignaal klinkt, is uw apparaat in orde.

Als er 5 geluidssignalen klinken, is er sprake van een fout. Neem contact op met de servicedienst.

Zelftest apparaat beëindigen

Na afloop van het programma schakelt het apparaat weer over op het normale gebruik.

Adres en telefoonnummer van

de Servicedienst in uw omgeving kunt

u vinden in het telefoonboek of

in de meegeleverde brochure met service-adressen. Geef aan de servicedienst het productnummer (E-Nr.) en het serienummer (FD-Nr.) van het apparaat op.

U vindt deze gegevens op

het typeplaatje. Afb.

Door vermelding van het fabricaat- en productnummer kunt u onnodige voorrijdkosten vermijden. Zo bespaart u zich de daarmee verbonden meerkosten.

Verzoek om reparatie en advies bij storingen De contactgegevens in alle landen vindt

u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.

NL 0884244020 B 070 222 142