L76800 - Wasmachine AEG - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis L76800 AEG in PDF-formaat.
| Producttype | Wasautomaat |
| Merk | AEG |
| Model | L76800 |
| Afmetingen (h x b x d) | 850 x 598 x 640 mm |
| Diepte met open deur | 1017 mm |
| Gewicht | Ca. 75 kg |
| Maximale vulgewicht | 6 kg |
| Toerental centrifugeren | Max. 1600 toeren/min (afhankelijk van programma) |
| Waterdruk | 1-10 bar |
| Energieverbruik (ECO 60°C) | 1,02 kWh bij 45 liter water |
| Programma's | ECO, Witte was/Bonte was, 40-60 Mix, Kreukherstellend, Strijkvrij, Fijne was, Wol/Zijde, Spoelen, Pompen, Centrifugeren, 30 min. |
| Extra functies | Spoelen+, Kort, Voorwas, Vlekken, Behoedzaam, Starttijdkeuze |
| Spoelstop | Ja |
| Kinderbeveiliging | Ja, via draaiknop aan binnenzijde deur |
| Waterbeveiliging | Aqua-control (waterstop) |
| Reiniging en onderhoud | Wasmiddellade reinigen, trommel reinigen met leeg programma, afvoerpomp reinigen |
| Zelfdiagnose | Foutcodes E10, E20, E40, EFO |
| Garantie | 24 maanden voor huishoudelijk gebruik |
| Elektrische aansluiting | Zie typeplaatje (230 V, 10 A) |
Veelgestelde vragen - L76800 AEG
Gebruikersvragen over L76800 AEG
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Wasmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding L76800 - AEG en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. L76800 van het merk AEG.
GEBRUIKSAANWIJZING L76800 AEG
Informatie voor de gebruiker

Lees deze gebruiksaanwijzing a.u.b. zorgvuldig door en bewaar het boekje zodat u nog eens iets kunt nalezen.
Geeft u deze gebruikersinformatie a.u.b. aan de eventuele volgende eigenaar van het apparaat door.
De volgende symbolen worden in de tekst gebruikt:

Veiligheidsaanwijzingen
Waarschuwing! Aanwijzingen die voor uw eigen veiligheid dienen.
Let op! Aanwijzingen die ter voorkoming van schade aan het apparaat dienen.

Aanwijzingen en praktische tips

Milieu-informatie
Inhoud
Gebruiksaanwijzing 5
Veiligheid.... 5
Afvalverwerking 6
Beschrijving van het apparaat 7
Bedieningspaneel 7
Programmaoverzicht 8
Voor de eerste keer wassen.... 10
Wasgoed voorbereiden en sorteren 10
Wasprogramma uitvoeren 11
Deur openen/Wasgoed in de machine doen 11
Was-/nabehandelingsmiddel doseren 11
Apparaat inschakelen/Programma kiezen 12
Centrifugetoerental wijzigen/Spoelstop kiezen 13
Extra programma's kiezen....13
SPOELEN+ 13
KORT 13
VOORWAS 14
VLEKKEN 14
BEHOEDZAAM....14
Starttijdkeuze instellen 14
Programma starten 15
Verloop van het programma....15
Programma onderbreken/Wasgoed bijvullen 15
Programma beëindigd/Wasgoed uit de machine nemen 16
Overdosering 16
Kinderbeveiliging 17
Reiniging en onderhoud.... 18
Wat te doen als.... 19
Kleine storingen zelf oplossen 19
Als het wasresultaat niet bevredigend is. 21
Water aftappen 22
Afvoerpomp 23
Opstel- en aansluitaanwijzing 25
Veiligheidsaanwijzingen voor de installatie 25
Opstelling van het apparaat 26
Het apparaat transporteren 26
Transportbeveiliging verwijderen 26
Plaats van opstelling 27
Het apparaat juist afstellen 28
Elektrische aansluiting 28
Wateraansluiting 29
Watertoevoer 30
Waterafvoer 31
Garantievoorwaarden.... 32
Adres service-afdeling 34
Service 35
Gebruiksaanwijzing
⚠️ Veiligheid
Voor de eerste ingebruikname
- Volg de "Opstel- en aansluitinstructies" op.
- Als het apparaat in de wintermaanden wordt geleverd bij temperatu- ren onder het vriespunt: de wasautomaat voor de ingebruikname ge- durende 24 uur op kamertemperatuur laten acclimatiseren.
Gebruik volgens de voorschriften
- De wasautomaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik, voor het wassen van wasgoed.
- Constructieve wijzigingen of veranderingen aan het apparaat zijn niet toegestaan.
- Alleen was- en nabehandelingsmiddelen gebruiken die voor huishoudelijke wasautomaten geschikt zijn.
- Het wasgoed mag geen ontvlambare oplosmiddelen bevatten. Explosiegevaar!
- De wasautomaat niet voor chemische reiniging gebruiken.
- Kleur- en ontkleurmiddelen mogen alleen in de wasautomaat worden gebruikt als de fabrikant van dit product dit uitdrukkelijk vermeldt. Voor eventuele schade zijn wij niet aansprakelijk.
Veiligheid van kinderen
- Verpakkingsonderdelen buiten bereik van kinderen houden. Verstikkingsgevaar!
- Kinderen kunnen de gevaren die aan het omgaan met elektrische apparaten verbonden zijn, vaak niet inschatten. Laat kinderen niet zonder toezicht bij de wasautomaat.
- Controleer of kinderen of huisdieren niet in de trommel kunnen klauteren. Levensgevaar!
Algemene veiligheid
- Reparaties aan wasautomaten mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd.
-
Neem de wasautomaat nooit in gebruik als het aansluitsnoer beschadigd is of als het bedieningspaneel, het bovenblad of de sokkel van het apparaat dermate beschadigd zijn dat de binnenzijde van het apparaat open toegankelijk is.
-
Voor reiniging, onderhoud en reparatiewerkzaamheden dient de wasautomaat uitgeschakeld te worden. Bovendien de stekker uit het stopcontact trekken of bij een vaste aansluiting de beveiligingsschakelaar in de zekeringkast uitschakelen of de schroefzekering geheel uitdraaien.
- Als het apparaat gedurende een langere periode niet gebruikt zal gaan worden, dient het apparaat van de stroomvoorziening gescheiden te worden en dient de waterkraan gesloten te worden.
- De netstekker nooit aan het snoer uit het stopcontact trekken, maar aan de stekker.
- Meerwegstekkers, koppelingen en verlengingsnoeren mogen niet worden gebruikt. Brandgevaar door oververhitting!
- De wasautomaat niet met een waterstraal afspuiten. Risico op elektrische schokken!
- Bij wasprogrammais op hoge temperaturen wordt het glas van de vuldeur heet. Niet aanraken!
- Voor het aftappen van water, het reinigen van de afvoerpomp of noodontgrendeling van de vuldeur dient het sop eerst af te koelen.
- Huisdieren kunnen snoeren en waterslangen doorbijten. Risico op elektrische schokken en gevaar voor wateroverlast! Huisdieren uit de buurt van de wasautomaat houden.
Afvalverwerking

Verpakkingsmateriaal
De verpakkingsmaterialen zijn niet schadelijk voor het milieu en herbruikbaar. De kunststoffen hebben de volgende aanduidingen, bijv. >PE<, >PS<, enz. Verwijder de verpakkingsmaterialen in overeenstemming met de aanduiding bij de gemeentelijke inzamelplaatsen in de daarvoor bestemde containers.

Oud apparaat verwijderen
Verwijder afgedankte apparatuur conform de in uw woonplaats geldende richtlijnen.

Waarschuwing! Bij afgedankte apparatuur dient de stroomstekker uit het stopcontact genomen te worden. De voedingskabel afsnijden en met de stekker verwijderen.
Het slot van de vuldeur onklaar maken. Als gevolg kunnen kinderen zich niet insluiten en niet in levensgevaar komen.
Beschrijving van het apparaat

Bedieningspaneel

Programmaoverzicht
| Programma | Max. vulgewicht1)(droog wasgoed) | Extra programma's Centrifugetoerental | SPOELSTOP | |||||||||
| SPOLEN + | KORT | VOORWAS | VLEKKEN | BEHOEDZAAM | 1600 | 1000 | 700 | 500 | ||||
| ECO2) | 6kg | ● - ● | ● ● ● | ● ● ● | ● | |||||||
| WITTE WAS /BONTE WAS95, 60, 40, 30 | 6kg | ● ● ● | ● | 3) | ● ● | ● ● ● | ● | |||||
| 40-60 MIX 6kg | ● - ● ● ● ● ● ● ● | ● | ||||||||||
| KREUKHERSTELLEND60, 50, 40, 30 | 3kg | ● ● ● | ● | 3) | ● - | ● ● ● | ● | |||||
| STRIJKVRIJ 40 1kg | ● ● ● ● - - ● ● | ● ● | ||||||||||
| FIJNE WAS40, 30 | 3kg | ● ● ● | - - - | ● ● ● | ● | |||||||
| WOL/ZIJDE (handwas)40, 30, KOUD | 2kg | - - - | - - - | ● ● ● | ● | |||||||
| SPOELEN 3kg | - - - - - - ● ● ● | ● | ||||||||||
| POMPEN | - - - - - - - - - - | |||||||||||
| CENTRIFUGEREN | 6kg | - - - - - - ● | ● ● ● | ● | - | |||||||
| 30 MIN. | 3kg | - - - - - - - ● | ● ● ● | ● | ||||||||
1) Een emmer van 10 liter bevat ongeveer 2,5 kg droog wasgoed (katoen).
2) Programma-instellingen voor tests conform resp. in navolging van EN 60 456 en IEC 60 456 zijn in het hoofdstuk "Verbruikswaarden" beschreven.
3) VLEKKEN - pas vanaf 40° instelbaar omdat het vlekkenzout alleen op hogere temperaturen werkzaam wordt.
| Gebruik/Eigenschappen | Behandelings symbolen1) |
| Energiesparend programma bij 60 °C voor licht tot normaal vervuild wit of bont was- goed van katoen/linnen. | |
| Programma voor normaal tot sterk vervuild wit of bont wasgoed van katoen/linnen. | |
| Programma voor wit en bont wasgoed dat op verschillende temperaturen moet wor- den gewassen. Wasgoed dat volgens de behandelingssymbolen op 40 °C of op 60 °C apart gewassen moet worden, kan met dit programma samen worden gewassen. Zo benut u de capaciteit van de trommel beter en bespaart u energie. Door de verlengde wastijd is het wasresultaat gelijk aan dat van een normaal 60°-programma. | |
| Programma voor kreukherstellende mengweefsels en synthetische weefsels. | |
| Speciaal programma bij 40 °C voor kreukherstellend textiel, dat na dit programma nog slechts licht of zelfs helemaal niet hoeft te worden gestreken. | |
| Voorzichtig programma voor fijne weefsels zoals textiel dat uit meer lagen bestaat, microvezels, synthetische stoffen en vitrage (max. 20 tot 25 m2 vitrage in de wasma- chine doen). Met SPOELSTOP ook geschikt voor textiel met speciaal ademend mem- braan, bijvoorbeeld outdoorkleding. | |
| Bijzonder voorzichtig programma voor met de hand en wasmachine wasbare wol/zij- de. | |
| Apart voorzichtig spoelen (3 spoelgangen, vloeibaar nabehandelingsmiddel wordt uit het inspoelvak ingespoeld, voorzichtig centrifugeren). | |
| Wegpompen van het water na een spoelstop. | |
| Pompen en centrifugeren bijv. na spoelstop of apart centrifugeren van handgewas- sen witte was/bonte was. | |
| Speciaal programma bij 30 °C, ca. 30 minuten, voor het kort wassen van bijv. een- maal gedragen, licht vervuilde sportkleding of nieuw wasgoed. |
1) Het cijfer in het behandelingssymbool geeft de maximale temperatuur aan.
Voor de eerste keer wassen
Om eventuele bij de fabricage ontstane resten in de trommel en kuip te verwijderen, dient de eerste wasgang zonder wasgoed uitgevoerd te worden. Programma: WITTE WAS/BONTE WAS 60, toets KORT indrukken, ca. 1/4 meetbeker waspoeder toevoegen.
Wasgoed voorbereiden en sorteren
Wasgoed voorbereiden
- Zakken leegmaken. Vreemde voorwerpen (bijv. muntstukken, paperclips, spijkers, enz.) verwijderen.
- Ritssluitingen sluiten, overtrekken dichtknopen, dit om schade aan wasgoed te voorkomen.
•Gordijnrolletjes verwijderen of in een net/waszak binden. - Kwetsbare delen en klein wasgoed in een net/kussensloop wassen, bijv. vitrage, nylonkousen, sokjes, zakdoeken, beha's.
Let op! Behaís en ander wasgoed met beugels uitsluitend in een net wassen. Beugels kunnen losraken en het apparaat beschadigen.
Wasgoed sorteren
- Op kleur: Wit en gekleurd wasgoed apart wassen. Wasgoed kan kleurstof afgeven.
- Op temperatuur, soort wasgoed en behandelingsetiket.
Let op! Wasgoed met het behandelingsetiket Ⓞ (= niet wassen!) niet in de wasautomaat wassen.
Wasprogramma uitvoeren
Deur openen/Wasgoed in de machine doen
- Vuldeur openen: aan de greep van de vuldeur trekken.
De indicaties DEUR en START/PAUZE geven bij een ingeschakeld apparaat aan of de vuldeur kan worden geopend.
| Indicatie DEUR Indicatie START/PAUZE | Vuldeur openen mogelijk? |
| brandt groen knippert rood of is uit ja | |
| brandt groen brandt rood | ja, na het indrukken van de toets START/PAUZE |
Tijdens het wasprogramma is de vuldeur bij hoge waterstand of hoge temperatuur vergrendeld. De indicatie DEUR is uit.
- Wasgoed uitvouwen en losjes in de wasmachine doen. Grote en kleine stukken wasgoed mengen.
Let op! Geen wasgoed tussen de vuldeur en de rubberen afdichting inklemmen.
- Vuldeur goed dichtdrukken. De sluiting dient hoorbaar vast te klikken.

Let op! Alleen was- en nabehandelingsmiddel gebruiken die voor huishoudelijke wasautomaten geschikt zijn.
Was-/nabehandelingsmiddel volgens de aanwijzingen van de fabrikant van het was-/nabehandelingsmiddel doseren. Volg de aanwijzingen op de verpakkingen op.
De dosering is afhankelijk van:
–de mate van vervuiling van het wasgoed,
-en de hardheid van het leidingwater.
- Als de fabrikant geen aanwijzingen voor kleine hoeveelheden was-goed op de verpakking geeft: bij een halve lading een derde minder wasmiddel, bij de laagste belading slechts de helft van het wasmiddel dat bij een volledige belading wordt geadviseerd.
- Vanaf waterhardheid 2 (=middel) dient waterontharder gebruikt te worden. Het wasmiddel kan dan voor waterhardheid 1 (=zacht) worden gedoseerd. Informatie over de plaatselijke waterhardheid kunt u bij het betreffende waterleidingbedrijf verkrijgen.
- De wasmiddellade zo ver mogelijk uittrekken.
- Was-/nabehandelingsmiddel doseren.
- De wasmiddellade geheel inschuiven.

Waspoeder/-tabletten voor de hoofdwas
Als u gebruik maakt van een waterontharder en het rechtervakje voor voorwasmiddel nodig heeft, de waterontharder op het hoofdwasmiddel in het linkervakje doseren.
Wasverzachter, stijfsel
Het vakje ten hoogste tot de marking MAX vullen. Dikvloeibaar concentraat voor het doseren volgens de aanwijzingen van de fabrikant verdunnen. Poedervormig stijfsel oplossen.
Als u vloeibaar wasmiddel gebruikt:
Vloeibaar wasmiddel met de door de wasmiddelfabrikant aangeboden doseerhouder doseren.
Apparaat inschakelen/Programma kiezen
Programma en temperatuur met de programmakiezer instellen
Als u een programma kiest, schakelt u gelijk het apparaat in.
-De indicatie van het programma-verloop geeft de programmastappen aan die door het gekozen programma worden uitgevoerd.
-In de multidisplay verschijnt de vermoedelijke programmaduur (in minuten).

Centrifugetoerental wijzigen/Spoelstop kiezen
De wasautomaat stelt het maximaal toelaatbare toerental voor dat geschikt is voor het gekozen programma. U kunt het toerental verlagen: Druk daarvoor zo vaak op de toets Centrifugeren/SPOELSTOP tot de gewenste indicatie brandt.

Het toerental voor het uiteindelijke centrifugeren kan tijdens het programma nog worden gewijzigd. Daarvoor:
- Op de toets START/PAUZE drukken.
- Het toerental wijzigen.
- Nogmaals op de toets START/PAUZE drukken.
SPOELSTOP
Bij SPOELSTOP blijft het wasgoed in het laatste spoelwater staan. Er zal geen centrifugeerproces plaatsvinden, er zal tussentijds gecentrifugeerd worden. Het tussentijds centrifugeren is programma-afhankelijk en kan niet worden gewijzigd.
Extra programma's kiezen
Druk, indien gewenst, toets(en) voor extra programma's in. De bijbehorende indicatie brandt.

Als "Err" in de multidisplay knippert is het gekozen extra programma niet met het ingestelde wasprogramma te combineren.

SPOELEN+
Bij de programma's ECO, WITTE WAS/BONTE WAS, FIJNE WAS, KREUK-HERSTELLEND en STRIJKVRIJ worden twee extra spoelgangen uitgevoerd (bijvoorbeeld bij overgevoeligheid van de huid).
KORT
Kort wasprogramma voor licht vervuilde was.
VOORWAS
Warme voorwas voor de automatisch volgende hoofdwas; met tussen-door centrifugeren bij WITTE WAS/BONTE WAS en KREUKHERSTELLEND, zonder tussendoor centrifugeren bij FIJNE WAS.
VLEKKEN
Voor sterk vervuild wasgoed of wasgoed met vlekken. Het vlekkenzout wordt op het optimale tijdstip tijdens het verloop van het programma in de wasautomaat gespoeld.
Dit programma kan uitsluitend worden ingesteld vanaf 40°C, aangezien vlekkenmiddelen pas bij hogere temperaturen werkzaam zijn.
BEHOEDZAAM
Verhoogde spoelwerking door extra spoelgang bij gelijktijdig verminderde beweging van de trommel (voorzichtig voor wasgoed). Ideaal wanneer er vaak moet worden gewassen, bijvoorbeeld bij overgevoeligheid van de huid.
Starttijdkeuze instellen
i Met de toets STARTTIJDKEUZE kunt u de start van een programma 30 minuten (30') tot max. 23 uur (23h) uitstellen.
- Programma kiezen.
- De toets STARTTIJDKEUZE zo vaak indrukken tot het gewenste starttijduitstel in de multidisplay verschijnt, bijv. 12h, als het programma over 12 uur moet starten. De indicatie STARTTIJDKEUZE brandt.
Wordt 23h aangegeven en drukt u nogmaals dan is de starttijdkeuze weer opgeheven. Op de indicatie verschijnt 0' en aansluitend de loop- tijd van het ingestelde programma.
- Om de starttijdkeuze te activeren, op de toets START/PAUZE drukken. De resterende tijd tot de start van het programma wordt doorlopend aangegeven, bijv. 12h, 11h, 10h, ... 30' enz.).
Programma starten
- Controleer of de waterkraan geopend is.
- Druk op toets START/PAUZE. Het wasprogramma wordt gestart of start na afloop van de ingestelde starttijdkeuze.

Als na het indrukken van de toets START/PAUZE E40 in de multidisplay knippert, de indicatie EINDE 4x knippert en tegelijkertijd 4x een signaaltoon klinkt, is de vuldeur niet goed gesloten. Druk de vuldeur goed dicht en druk nogmaals op de toets START/PAUZE.
Verloop van het programma
- De indicatie van het programmaverloop geeft de programmafase aan die wordt uitgevoerd.
- De multidisplay geeft de vermoedelijke resterende tijd (in minuten) tot aan het einde van het programma aan.

De resterende looptijd kan tijdens het wasprogramma langer worden of kort blijven staan omdat het programma zich aan de verschillende omstandigheden bij het wassen aanpast (bijv. soort en hoeveelheid wasgoed, onbalansherkenning bij het centrifugeren, extra spoelen, enz.).
Programma onderbreken/Wasgoed bijvullen
Programma onderbreken
- Als gevolg van het indrukken van de toets START/PAUZE kan een programma op ieder gewenst moment worden onderbroken en door het opnieuw indrukken van de toets START/PAUZE weer worden voortgezet.
- Voor het voortijdig afbreken van een programma dient de programmakiezer op UIT gedraaid te worden. Let op! Op het water in het apparaat letten!
Was bijvullen
Was bijvullen is mogelijk, zolang de indicatie DEUR groen brandt.
- Druk op de toets START/PAUZE. Vuldeur kan worden geopend.
- De vuldeur sluiten en nogmaals op de toets START/PAUZE drukken. Het programma gaat verder.
Programma beëindigd/Wasgoed uit de machine nemen
Aan het einde van het programma brandt EINDE op de indicatie van het programmaverloop. Zodra de indicatie DEUR gedoofd is kan de vuldeur worden geopend.
- Vuldeur openen en het wasgoed uitnemen.
- Programmakiezer op UIT draaien.
- Na het wassen de wasmiddellade iets naar buiten trekken, zodat deze kan drogen. De vuldeur iets openzetten opdat de wasautomaat kan luchten.
Als SPOELSTOP is gekozen:
Na spoelstop brandt EINDE op de indicatie van het programmaverloop. Eerst moet het water worden weggepompt:
- de programmakiezer op UIT en aansluitend op POMPEN draaien en op de toets START/PAUZE drukken (er wordt zonder centrifugeren weggepompt),
-of de programmakiezer op UIT en aansluitend op CENTRIFUGEREN draaien. Afhankelijk van het soort wasgoed eventueel het toerental aanpassen en op de toets START/PAUZE drukken (er wordt gepompt en gecentrifugeerd).
Overdosering

Als de indicatie OVERDOSERING brandt, dan is in het afgelopen programma te veel wasmiddel gebruikt. Let de volgende keer op de doseeraanwijzingen van de wasmiddelfabrikant en op het vulgewicht!
Kinderbeveiliging
Bij een geactiveerde kinderbeveiliging kan de vuldeur niet meer gesloten worden.
Kinderbeveiliging instellen:
De draaiknop (aan de binnenkant van de vuldeur) met een muntstuk zover mogelijk rechtsom draaien.

Waarschuwing! De draaiknop mag zich na het instellen niet in ingedrukte positie bevinden omdat anders de kinderbeveiliging niet functioneert! De draaiknop moet volgens de afbeelding uitgetrokken zijn.
Kinderbeveiliging opheffen:
De draaiknop met een muntstuk zo- ver mogelijk linksom draaien.

Reiniging en onderhoud
Let op! Gebruik voor het reinigen van het apparaat geen reinigingsmiddelen voor meubels of agressieve reinigingsmiddelen. Neem het bedieningspaneel en de behuizing met een vochtige doek af.
Wasmiddellade
De wasmiddellade dient regelmatig gereinigd te worden.
-
Trek de wasmiddellade met een krachtige ruk uit het apparaat.
-
Neem het inzetstuk voor de wasverzachter uit het middelste vak.
-
Reinig alle delen met water.
-
Het inzetstuk voor de wasverzachter zo ver mogelijk insteken, zodat het vast zit.

-
Maak ook het gehele inspoelgedeelte van de wasautomaat en vooral ook de sproeiers aan de bovenkant van de inspoelvakjes met een borstel schoon.
-
De wasmiddellade in de geleidings- rails plaatsen en naar binnen schuiven.

Als gevolg van roestende voorwerpen in het wasgoed of ijzerhoudend leidingwater kan roestvorming op de trommel ontstaan.
Let op! De trommel niet met zuurhoudende ontkalkingsmiddelen, chloor of ijzer bevattende schuurmiddelen of staalwol reinigen.
-
Eventuele roestafzettingen op de trommel met een reinigingsmiddel voor roestvrij staal verwijderen.
-
Wasgang zonder wasgoed uitvoeren om schoonmaakmiddelrestanten weg te spoelen. Programma: WITTE WAS/BONTE WAS 60, toets KORT indrukken, ca. 1/4 maatbeker waspoeder toevoegen.
Vuldeur en rubberen ring
Regelmatig controleren, of afzettingen of vreemde voorwerpen zich in de naden van de rubberen ring of aan de binnenkant van het deurvenster hebben afgezet. Deurvenster en rubberen ring regelmatig reinigen.
Wat te doen als...
Kleine storingen zelf oplossen
Als tijdens het gebruik een van de volgende foutmeldingen in de multi-display wordt aangegeven:
-E 10 (probleem met de watertoevoer),
-E20 (probleem met de waterafvoer),
-E40 (vuldeur open),
kijk dan in onderstaande tabel.
Druk nadat de storing is opgelost op de toets START/PAUZE.
Bij andere foutmeldingen (E en getal of letter): schakel het apparaat uit en weer in. Het programma opnieuw instellen. Druk op toets START/PAUZE.
Als de storing nogmaals wordt aangegeven neem dan contact op met de service-afdeling en noem de foutcode.
| Storing Mogelijke oorzaak Oplossing | ||
| Wasautomaat werkt niet. | De stekker zit niet in het stopcontact of de zekering is niet in orde. | De stekker in het stopcontact steken. De zekering controle-ren. |
| De vuldeur is niet goed ge-sloten. | Sluit de vuldeur tot de sluiting hoorbaar vastklikt. | |
| De toets START/PAUZE is niet lang genoeg ingedrukt. | De toets START/PAUZE langer indrukken. | |
| De vuldeur kan niet ge-sloten worden. | De kinderbeveiliging is ge-activeerd. | De kinderbeveiliging opheffen. |
| Bij het indrukken van een toets verschijntErrin de multidisplay. | De gekozen functie is niet te combineren met het ingestelde programma. | Maak een andere keuze. |
| E40verschijnt.De indicatie EINDE knippert 4x, tegelijkertijd klinkt er 4x een zoemer. | De vuldeur is niet goed gesloten. | De vuldeur goed sluiten. Het programma nogmaals starten. |
| E10verschijnt.De indicatie EINDE knippert 1x, tegelijkertijd klinkt er 1x een zoemer.(Problemen met de watertoevoer) | De kraan is gesloten. Draai de verstopt. | kraan open. |
| De zeef in de schroefverbinding van de toevoerslang is verstopt. | Draai de kraan dicht. Schroef de slang af, neem de zeef uit en reinig deze. | |
| De kraan is verkalkt of is defect. | Controleer de kraan, indien nodig laten repareren. | |
| Wasautomaat trilt tijdens het wassen of staat niet stil. | De transportbeveiliging is niet verwijderd. | De transportbeveiliging verwijderen. |
| De schroefvoeten zijn niet goed ingesteld. | De voeten volgens de opstelen aansluitaanwijzing afstellen. | |
| Er zit slechts zeer weinig wasgoed in de trommel (bij-voorbeeld één badjas). | De werking ondervindt hier-van geen nadelige gevolgen. | |
| Er loopt water loopt onder de wasautomaat uit . | De schroefverbinding van de toevoerslang lekt. | De toevoerslang vastschroeven. |
| De afvoerslang lekt. De afvoerslang vervangen. | ||
| De deksel van de afvoerpomp is niet goed gesloten. | De deksel goed sluiten. | |
| Wasgoed zit tussen de deur geklemd. | De volgende keer de machine zorgvuldig beladen. | |
| De aftapslang lekt. De aftapslang goed sluiten. | ||
| EFO verschijnt. De indicatie EINDE knippert 15x, tegelijkertijd klinkter 15x een zoemer.De afvoerpomp loopt voortdurend, ook bij een uitgeschakeld apparaat. | De beveiliging tegen wateroverlast, aqua-control, is in werking getreden. | Draai de kraan dicht, trek vervolgens de stekker uit het stopcontact en neem contact op met de service-afdeling. |
| Het sop schuimt sterk.Aan het einde van het wasproces breekt het centrifugeren af. Indicatie OVERDOSERING brandt. | Waarschijnlijk is er te veel wasmiddel gebruikt. | Wasmiddel precies volgens de aanwijzingen van de fabrikant doseren. |
| E20 verschijnt.De indicatie EINDE knippert 2x, tegelijkertijd klinkt er 2x een zoemer.(Problemen met de wa-terafvoer) | Er zit een knik in de afvoerslang. | Leg de slang recht. |
| De maximale pomphoogte van 1 m is overschreden. | Neem a.u.b. contact op met de service-afdeling. | |
| De afvoerpomp is verstopt. | Het apparaat uitschakelen.De stekker uit het stopcontact trekken.De afvoerpomp reinigen.Vreemde voorwerpen uit het pompuis verwijderen. | |
| Bij sifonaansluiting: de sifon is verstopt. | De sifon reinigen. | |
| Er is geen wasverzachter ingespoeld, het vak-je ✉ voor nabehandelingsmiddel is met water gevuld. | Het inzetbakje voor de was-verzachter in het vakje voor nabehandelingsmiddel is niet goed bevestigd of is verstopt. | De wasmiddellade reinigen, het inzetbakje voor de was-verzachter goed plaatsen. |
| De vuldeur kan bij een ingeschakeld apparaat niet worden geopend. | De vuldeur is vergrendeld: | Wachten tot de indicatie DEUR groen brandt. |
| Stroomuitval! (Alle indicaties zijn uit.) De vuldeur blijft ca. 4 tot 10 minuten vergrendeld. | Het programma gaat verder wanneer de stroomuitval voorbij is. | |
| Voor het uitnemen van het wasgoed: Als water in het apparaat zichtbaar is, dient voor het openen van de vuldeur eerst het water afgevoerd te wor-den (zie hoofdstuk „Water aftappen"). | ||
| Het wasgoed is erg ge-kreukt. | Er is mogelijk te veel was-goed in de machine gedaan. | De maximale vulhoeveelheid dient aangehouden te wor-den. |
Als het wasresultaat niet bevredigend is
Het wasgoed is grauw en kalk heeft zich in de trommel vastgezet.
- Er is onvoldoende wasmiddel gebruikt.
•Niet het juiste wasmiddel is gebruikt. - Speciale vervuilingen zijn niet voorbehandeld.
- Programma of temperatuur zijn niet correct ingesteld.
Op het wasgoed zijn grijze vlekken aanwezig
- Met zalf, vet of olie vervuild wasgoed is met te weinig wasmiddel gewassen.
- Er is op te lage temperatuur gewassen.
- De meest voorkomende oorzaak is dat wasverzachter, en met name in geconcentreerde vorm, op het wasgoed terecht is gekomen. Dergelijke vlekken dienen zo snel mogelijk uitgewassen te worden en de betreffende wasverzachter dient voorzichtig gebruikt te worden.
Na de laatste spoelgang is nog schuim zichtbaar
- Moderne wasmiddelen kunnen ook in de laatste spoelgang nog schuim veroorzaken. Het wasgoed is echter voldoende gespoeld.
Witte restanten op het wasgoed
- Het betreft niet opgeloste bestanddelen van moderne wasmiddelen. Dit is niet het gevolg van onvoldoende spoelen. Wasgoed uitschudden of afborstelen. Eventueel het wasgoed in de toekomst voor het wassen binnenste buiten keren. Gekozen wasmiddel controleren en eventueel vloeibaar wasmiddel gebruiken.
Water aftappen

Waarschuwing! Voor het aftappen de wasautomaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken!
Waarschuwing! Het sop dat uit de aftapslang komt kan heet zijn. Verbrandingsgevaar! Vòór het aftappen het sop laten afkoelen!
- Het klepje van de sokkel open klappen en lostrekken.

- De aftapslang uitnemen.

- Een vlakke opvangbak onder de slang plaatsen. Aansluitend de afsluitstoppen linksom draaien en lostrekken.

- Het sop loopt weg. Indien noodza- kelijk de opvangbak meerdere keren legen en de aftapslang tussentijds met de afsluitstoppen sluiten.
Als het sop afgetapt is:
-
De afsluitstoppen goed in de aftapslang plaatsen en rechtsom vastdraaien.
-
De aftapslang weer in de houder terug plaatsen.
-
Het klepje van de sokkel inzetten en sluiten.
Afvoerpomp
De afvoerpomp is onderhoudsvrij. Het openen van de pompdeksel is alleen in geval van een storing vereist, als er geen water weg wordt gepompt, bijv. bij een geblokkeerd pompwiel.
Controleer altijd voor het vullen met wasgoed of er geen vreemde voorwerpen in de zakken zitten of tussen het wasgoed aanwezig zijn. Paperclips, spijkers, enz. die eventueel met het wasgoed in de wasauto-maat terechtkomen blijven in het pompuis liggen (filter voor vreemde voorwerpen dat het pompwiel beschermt).
!
Waarschuwing! Voor het openen van de pompdeksel de wasautomaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact trekken!
- Tap eerst het water uit de wasautomaat af.
-
Leg een doek op de vloer voor het deksel van de afvoerpomp. Er kan restwater uitlopen.
-
Het pompdeksel linksom losschroeven en uitnemen.

- Eventuele vreemde voorwerpen en textielpluizen uit het pomphuis en van het pompwiel verwijderen.

- Controleer of het pompwiel helemaal achter in het pomphuis rond kan worden gedraaid. (Het is normaal als het pompwiel stootsgewijs draait.) Als het pompwiel niet kan worden gedraaid dient u contact op te nemen met de service-afdeling.

-
Pompdeksel weer terugplaatsen. Lipjes van de deksel zijdelings in de geleidingssleuven inschuiven en de deksel rechtsom vastdraaien.
-
De aftapslang sluiten en in de houder plaatsen.
-
Klepje van de sokkel sluiten.

CE Dit apparaat is in overeenstemming met de volgende EG-richtlijnen: -73/23/EEG van 19.02.1973 Laagspanningsrichtlijn -89/336/EEG van 03.05.1989 EMC-richtlijn inclusief aangepaste richt- lijn 92/31/EEG -93/68/EEG van 22.07.93 CE-markeringsrichtlijn
| hoogte x breedte x diepte 850 x 598 x 640 mm | |
| Diepte bij geopende vuldeur. 1017 mm | |
| In hoogte verstelbaar: ca. +10/-5mm | |
| Vulhoeveelheid (programma-afhankelijk) | max. 6 kg |
| Toepassingsgebied Huishouden | |
| Trommeltoerental centrifugeren zie kenplaatje | |
| Waterdruk 1-10bar (=10-100N/cm) | 2 =0,1-1,0MPa) |
Verbruikswaarden
De verbruikswaarden zijn onder normomstandigheden bepaald. Ze kunnen bij het gebruik in het huishouden afwijken.
| Programmakiezer (Temperatuur) | Vulhoeveelheid in kg1) | Water in liters | Energie in kWh |
| WITTE WAS/ BONTE WAS 95 6 62 2,20 | |||
| ECO2) | 6 45 1,02 | ||
| WITTE WAS/BONTE WAS 40 6 58 0,70 | |||
| KREUKHERSTELLEND 40 | 3 | 58 | 0,52 |
| FIJNE WAS 30 | 3 | 58 | 0,42 |
| WOL/ZIJDE (handwas) 30 | 2 | 54 | 0,35 |
1) De bepaling van de vulhoeveelheid geschiedt volgens EN 60456 Standardload.
2) Informatie: Programma-instelling voor tests conform resp. in navolging van EN 60 456 en IEC 60 456.
De verbruikswaarden wijken afhankelijk van waterdruk, -hardheid, -inlooptemperatuur, omgevingstemperatuur, soort en hoeveelheid wasgoed, gebruikt wasmiddel, schommelingen in de netspanning en gekozen extra functies van de aangegeven waarden af.
Opstel- en aansluitaanwijzing
⚠️ Veiligheidsaanwijzingen voor de installatie
- Deze wasautomaat is niet geschikt voor onderbouw.
- Voor de ingebruikname dient het apparaat op transportschade ge-controleerd te worden. Een beschadigd apparaat in geen geval aan-sluiten. Neem in geval van schade contact op met uw leverancier.
- Voor de ingebruikname dienen alle delen van de transportbeveiliging verwijderd te zijn. Anders kan er bij het centrifugeren schade aan het apparaat of aan naburige meubels ontstaan.
- Voor de inbedrijfname dient de spatwaterbeveiliging op het apparaat tot stand gebracht te zijn (zie "Transportbeveiliging verwijderen").
- De stekker altijd in een volgens de voorschriften geÖnstalleerd geaard stopcontact steken.
- Bij een vaste aansluiting: Een vaste aansluiting mag uitsluitend door een erkend vakman worden uitgevoerd.
- Controleer voor de ingebruikname of de op het typeplaatje van het apparaat vermelde nominale spanning en stroomsoort met netspanning en stroomsoort op de plaats van de opstelling overeenkomen. Ook de elektrische zekering die nodig is kunt u van het typeplaatje aflezen.
- Zijn voor de juiste wateraansluiting van de wasautomaat werkzaamheden aan de waterinstallatie noodzakelijk, dan moeten deze door een erkend installateur worden uitgevoerd.
- Zijn voor de juiste elektrische aansluiting van de wasautomaat werkzaamheden aan het stroomnet noodzakelijk, dan moeten deze door een erkend installateur worden uitgevoerd.
- Het aansluitsnoer van de wasautomaat mag uitsluitend door de service-afdeling of een erkend vakman worden vervangen.
Opstelling van het apparaat
Het apparaat transporteren

Waarschuwing! De wasautomaat heeft een hoog gewicht. Kans op verwonding! Voorzichtig bij het optillen.
- Het apparaat niet op de voorzijde en niet op de rechter zijkant (vanaf de voorzijde gezien) neerleggen. De elektrische componenten kunnen nat worden.
- Het apparaat nooit zonder transportbeveiliging transporteren. De transportbeveiliging dient pas op de plaats van de opstelling verwijderd te worden! Het transporteren zonder transportbeveiliging kan tot beschadigingen aan het apparaat leiden.
- Het apparaat niet aan de geopende vuldeur en ook niet aan de sokkel optillen.
Bij het transporteren met een steekwagen:
- De steekwagen alleen vanaf de zijkant onder het apparaat plaatsen. Het blad van de steekwagen mag niet langer dan 24 cm zijn omdat anders delen van het waterbeveiligingssysteem kunnen worden beschadigd.
Transportbeveiliging verwijderen
Let op! Voor de ingebruikname dienen alle delen van de transportbeveiliging verwijderd te worden! Transportbeveiliging voor een mogelijk later transport (verhuizing) bewaren.
- Op de achterzijde van het apparaat de beide slanghouders openen en de slangen en het aansluitsnoer uitnemen.

- De beide slanghouders met een krachtige ruk van het apparaat aftrekken.

De speciale sleutel A en de afsluit-doppen B (2 stuks) en C (1 stuk) zijn bij het apparaat gevoegd.
- Schroef D incl. drukveer met de speciale sleutel A verwijderen.
- Opening met de afsluitdop C afsluiten.
- De twee schroeven E met de speciale sleutel A losschroeven.
- De vier schroeven F met de speciale sleutel A losschroeven.
- Transportrail G afnemen.
- De vier schroeven F weer indraaien.
- De twee grote openingen met de afsluitdoppen B afsluiten.
Let op! Alle afsluitdoppen B (2 stuks) en C (1 stuk) zo krachtig in-drukken dat deze in de achterwand vastklikken (spatwaterbescher-ming!).

Plaats van opstelling
Let op! Het apparaat mag niet in ruimte waar het kan vriezen worden gebruikt. Vorstschade of negatieve invloed op de functies! Vorstschade valt niet onder de garantie!
- De vloer dient stevig en egaal te zijn. Het apparaat niet op tapijt of zachte vloerbedekking opstellen.
- De vloer dient schoon en droog te zijn en vrij te zijn van vettige aanslag zodat het apparaat niet weg kan glijden.
- Bij opstellingsplaatsen op een vloer voorzien van een klein formaat tegels dient een in de handel verkrijgbare en daarvoor geschikte rubbermat onder het apparaat geplaatst te worden.
Als het apparaat op een sokkel moet staan:
opdat het apparaat veilig op de sok- kel staat, moeten borgplaten*) wor- den gemonteerd waarin het apparaat wordt geplaatst.

Als het apparaat op een zwevende vloer moet staan, bijv. een vloer van houten balken en houten vloerdelen:
het apparaat indien mogelijk in een hoek van de ruimte plaatsen.
-
Een waterbestendige houten plaat (minimale dikte: 15 mm) op ten minste twee vloerbalken vastschroeven.
-
Borgplaten*) op de houten plaat monteren, waarin het apparaat wordt geplaatst.
*) De borgplaten zijn bij de service-afdeling verkrijgbaar.
Het apparaat juist afstellen
De vier voeten van het apparaat zijn vooraf ingesteld.
Grove oneffenheden kunnen door het individueel instellen van de vier apparaatvoeten worden gecompenseerd.
Hiervoor dient de bijgeleverde speciale sleutel gebruikt te worden.
Let op! Kleine oneffenheden in de vloer niet met behulp van stukjes hout, karton of soortgelijke materialen compenseren, maar door het
afstellen van de verstelbare schroefvoeten.

Elektrische aansluiting
Gegevens over de netspanning, stroomsoort en de vereiste zekering zijn op het typeplaatje aangegeven. Het typeplaatje is bij de vulopening aangebracht.
Wateraansluiting
Let op!
- Dit apparaat mag niet aan de warmwatervoorziening worden aangesloten!
- Bij het aansluiten dient uitsluitend een nieuwe slangenset gebruikt te worden.
- Het apparaat uitsluitend aan de drinkwaterleiding aansluiten. Regenwater alleen dan gebruiken als het aan de eisen volgens DIN1986 en DIN1988 voldoet.
- Toevoer- en afvoerslang niet in een knik leggen of platdrukken!
Toegestane waterdruk
De waterdruk dient ten minste 1 bar (=10 N/cm 2 = 0,1 MPa) te zijn en mag ten hoogste 10 bar (= 100 N/cm 2 = 1 MPa) bedragen.
- Bij een druk hoger dan 10bar: een drukverlagingsventiel plaatsen.
- Bij een druk lager dan 1 bar: de toevoerslang aan de kant van het apparaat bij de magneetinlaatklep losschroeven en de doorstroomregelaar uitnemen (daarvoor de zeef met een spitse tang verwijderen en de daarachter gelegen rubberen ring uitnemen). De zeef weer terugplaatsen.
Watertoevoer
Een drukslang met een lengte van 1,5meter is meegeleverd.
Indien een langere toevoerslang vereist is, dient uitsluitend een origine-le slang gebruikt te worden. De klantendienst heeft slangensets in diverse lengtes beschikbaar.

Afdichtringen zijn of in de kunststof moeren van de slangverbindingen geïntegreerd of in een separate verpakking bijgevoegd. Geen andere af-dichtingen gebruiken!
Let op! Alle slangverbindingen mo-gen uitsluitend met de hand vastge-draaid worden.
- De slang met de afgewikkelde aan-sluiting aan de machine aansluiten.

Let op! De toevoerslang niet loodrecht naar beneden, maar volgens de afbeelding naar rechts of naar links leggen.

-
De slang met de rechte aansluiting aan de waterkraan met schroefdraad R 3/4 (duim) aansluiten.
-
De kraan geleidelijk openen en controleren of alle aansluitingen dicht zijn.

Het hoogteverschil tussen de onderkant van de wasautomaat en de waterafvoer mag ten hoogste 1 meter zijn.
Voor een verlenging mogen uitsluitend originele slangen worden gebruikt. (max. 3 meter, op de vloer gelegd en tot een hoogte van 80 cm). De service-afdeling heeft afvoerslangen in diverse lengtes beschikbaar.
Waterafvoer in een sifon
Het verbindingspunt tuit/sifon met een slangklem (in de vakhandel verkrijgbaar) vastzetten.

Waterafvoer in een wastafel/badkuip
Let op!
-Kleine wastafels zijn hier niet voor geschikt. Het water kan overlopen!
-Het uiteinde van de afvoerslang mag niet in het uitgepompte water ondergedompeld zijn. Anders kan het water in het apparaat teruggezogen worden!
-Bij afvoer in een wastafel of een badkuip dient de afvoerslang met het meegeleverde bochtstuk tegen wegglijden geblokkeerd te worden. Het uitlopende water kan anders de slang uit de wastafel duwen.
-Bij het wegpompen controleren of het water voldoende snel wegloopt.

Afvoerhoogtes van meer dan 1 meter
De afvoerpomp van de wasautomaat voert het sop tot op een hoogte van 1meter af, dit gerekend vanaf de onderkant van het apparaat.
Let op! Bij afvoerhoogtes van meer dan 1 meter kunnen storingen en beschadigingen aan het apparaat optreden.
Voor afvoerhoogtes van meer dan 1 meter is een ombouwset verkrijgbaar. Neem hiervoor a.u.b. contact op met de service-afdeling.
Garantievoorwaarden
Nederland
Onze producten worden met de grootst mogelijke zorgvuldigheid geproduceerd. Desondanks kan het voorkomen dat er een defect optreedt. Onze servicedienst zal dit op verzoek herstellen, zowel binnen als buiten de garantietermijn. De levensduur van het product wordt daardoor niet negatief beïnvloed.
Onderstaande garantievoorwaarden zijn gestoeld op de EU Richtlijn 99/44/EG en het Burgerlijk Wetboek. De daaruit voortvloeiende rechten blijven onverlet.
Ook de garantieverplichtingen van de verkoper naar de eindgebruiker blijven onaangetast.
Voor dit product verlenen wij garantie volgens onderstaande voorwaarden:
- Wij verhelpen kosteloos met inachtneming van de voorwaarden 2 tot en met 15 gebreken aan het product die zich openbaren binnen 24 maanden vanaf de datum van levering aan de eindgebruiker. In geval van professioneel of daarmee gelijk te stellen gebruik is de garantie beperkt tot 12 maanden. Voor tweedehands producten geldt eveneens een termijn van 12 maanden.
- De garantieprestatie houdt in dat het product kosteloos wordt teruggebracht in de toestand die het had voor het defect optrad. Gebrekkige onderdelen worden hersteld of vervangen. Kosteloos vervangen onderdelen worden ons eigendom.
- Het gebrek moet terstond gemeld worden om mogelijke verdere schade te voorkomen. De garantieaanspraak vervalt indien het gebrek niet binnen twee maanden na vaststelling is gemeld.
- Voor een beroep op garantie dient het aankoopbewijs met aankoop- en/of leveringsdatum te worden overlegd. Bij ontbreken daarvan dient ander overtuigend bewijs te worden overlegd.
- De garantie heeft geen betrekking op schade aan kwetsbare onderdelen, zoals (vitrokeramisch) glas, kunststof, rubber, die ontstaan is door onzorgvuldig gebruik.
-
De garantie heeft geen betrekking op kleine afwijkingen van de gestelde kwaliteit die voor de waarde en deugdelijkheid van het product onbeduidend zijn.
-
De garantie geldt evenmin voor schade veroorzaakt door: a. chemische en elektrochemische inwerking van water, b. abnormale milieuomstandigheden in het algemeen, c. voor het product oneigenlijke bedrijfsomstandigheden, d. contact met agressieve stoffen.
-
De garantie heeft geen betrekking op gebreken door transportschade die buiten onze verantwoordelijkheid is ontstaan, niet-vakkundige installatie of montage, verkeerd gebruik, gebrekkig onderhoud, of het niet in acht nemen van de gebruiks- of montageaanwijzingen.
-
Het recht op garantie vervalt wanneer het defect werd veroorzaakt door herstelling of ingrepen door derden die niet bevoegd of niet deskundig zijn, of wanneer het product voorzien werd van toebehoren of onderdelen die niet origineel zijn en daardoor een defect veroorzaken.
-
Producten die gemakkelijk kunnen worden vervoerd dienen te worden overhandigd aan of gezonden naar onze servicedienst. Herstelling ter plaatse kan slechts worden gevraagd voor grote of ingebouwde producten.
-
Indien het product zodanig is ingebouwd, ondergebouwd, opgehangen of geplaatst dat de benodigde tijd voor het in- en uitbouwen samen meer dan 30 minuten bedraagt, worden de hierdoor ontstane extra kosten aan de gebruiker in rekening gebracht. Schade die ontstaat door abnormale in- of uitbouw komt ten laste van de gebruiker.
-
Indien binnen de garantieperiode de herstelling van hetzelfde defect herhaaldelijk mislukt of de herstellingkosten disproportioneel zijn wordt in overleg met de gebruiker een gelijkwaardige vervanging geleverd. In geval van vervanging behouden we ons het recht voor om een vergoeding te rekenen naar rato van de verstreken gebruiksperiode.
-
Herstelling onder garantie heeft geen verlenging van de garantietermijn noch aanvang van een nieuwe garantietermijn tot gevolg.
-
Op herstellingen geven wij een garantie van 12 maanden, uitsluitend op hetzelfde gebrek.
-
Verdere of andere aanspraken, in het bijzonder vergoeding van schade ontstaan buiten het product, zijn uitgesloten voor zover een aansprakelijkheid niet wettelijk is vastgelegd.
-
In geval van aansprakelijkheid zal een vergoeding de aankoopwaarde van het product niet overtreffen, tenzij wettelijk anders is bepaald.
Deze garantievoorwaarden gelden voor in Nederland gekochte en/of in gebruik zijnde producten. Indien een product naar het buitenland wordt gebracht dient de gebruiker na te gaan of het product voldoet aan de technische voorwaarden ( o.a. spanning, frequentie, installatievoorschriften, gassoort, klimaatomstandigheden) in het betreffende land. Voor in het buitenland aangeschafte
producten dient de gebruiker zich te vergewissen van de bepalingen in Nederland. Noodzakelijke of gewenste aanpassingen vallen niet onder de garantie, en kunnen niet altijd worden aangebracht.
Ook na afloop van de garantietermijn staat onze servicedienst u ter beschikking.
Adres Servicedienst:
Electrolux Service
Vennootsweg 1
2404 CG ALPHEN AAN DEN RIJN
Reparatievoorwaarden
Onze reparatievoorwaarden zijn conform de afspraak tussen de Consumentenbond en Vlehan*.
Art. 1 Aan de consument zal na een melding van een storing zo mogelijk direct, doch uiterlijk binnen één werkdag worden medegedeeld op welke dag het bezoek van de technicus zal plaatsvinden. De reparatie zal als regel binnen zeven werkdagen na de melding zijn uitgevoerd.
Art. 2
a) Alvorens de reparatie wordt verricht zal de technicus een onderzoek uitvoeren naar de vermoe- delijke oorzaak van de gemelde storing. Aan de hand hiervan zal hij een zo nauwkeurig mogelijke, gespecificeerde begroting maken van de totale reparatiekosten inclusief voorrijkosten en dia- gnose-kosten. Desgevraagd zal deze begroting door de technicus schriftelijk worden vastgelegd. b) Indien de consument met het begrote bedrag niet akkoord gaat, zal op verzoek het te repareren toestel worden teruggebracht in de staat waarin het aan de technicus werd aangeboden. Nadat dit is geschied, zullen alleen de kosten van voorrijden en arbeidsloon in rekening worden gebracht op basis van de werkelijke bestede tijd, danwel van een vooraf vastgesteld tarief.
Art. 3 Indien tijdens het uitvoeren van de reparatie duidelijk wordt dat:
a) de oorspronkelijke reparatie door redelijkerwijs niet te voorziene omstandigheden niet tegen het begrote bedrag kan worden uitgevoerd, of
b) ook andere dan in de begroting voorziene reparaties noodzakelijk zijn, zal overleg met de consument plaatsvinden en een herziene kostenbegroting worden gemaakt.
In geval de consument daarmee alsnog niet akkoord gaat, geldt eveneens het in artikel 2b bepaalde.
Art. 4 De reparatie zal zoveel mogelijk tijdens het eerste bezoek worden uitgevoerd. Indien om het toestel in werkende staat te brengen een tweede bezoek noodzakelijk is, zal:
a) direct, doch uiterlijk binnen één werkdag door de betreffende service-organisatie of door de technicus met de consument de datum voor een tweede bezoek worden afgesproken.
b) een herhalingsbezoek zal als regel binnen tien werkdagen na de melding plaatsvinden.
c) voor een tweede of daaropvolgend bezoek zal geen voorrijtarief in rekening worden gebracht, tenzij de noodzaak voor een herhalingsbezoek aan de consument is toe te schrijven.
Art. 5 De consument ontvangt een gespecificeerde rekening met vermelding van type en serie-nummer van het apparaat, omschrijving van de diagnose, toegepaste tarieven, gebruikte onderde- len en materialen en een korte omschrijving van de verrichte werkzaamheden. De betaling van de rekening dient tegen afgifte van een reparatienota direct contant of door middel van een gega-randeerd betaalmiddel plaats te vinden.
Art. 6 Op elke uitgevoerde en betaalde reparatie zal bij normaal huishoudelijk gebruik een volledige garantie van minimaal 3 maanden worden gegeven. Deze garantie omvat het kosteloos uitvoeren van een hernieuwde reparatie. Op de uitgewisselde en betaalde onderdelen geldt een garantietermijn van 12 maanden. Bij een beroep op garantie op de reparatie dient de consument op verzoek de gespecificeerde rekening van de voorgaande reparatie aan de technicus te overleggen.
Art. 7 Indien na driemaal uitvoeren van eenzelfde reparatie hetzelfde defect bij normaal huishoudelijk gebruik opnieuw optreedt binnen de onder art. 6 bedoelde garantietermijn en redelijkerwijs een afdoend resultaat bij het opnieuw uitvoeren van de reparatie niet verwacht kan worden, zal aan de consument een nieuw exemplaar of soortgelijk toestel van hetzelfde merk worden aangeboden tegen bijbetaling op basis van een per product te bepalen jaarlijks afschrijvingspercentage.
Art. 8 Vervangen onderdelen stelt de technicus weer ter beschikking van de consument, met uitzondering van de onder garantie of tegen een gereduceerde prijs vervangen onderdelen.
Art. 9 Een reparatie dient op zodanige wijze te worden uitgevoerd, dat een toestel daarna weer volledig voldoet aan de veiligheidsvoorschriften, die op grond van een van fabriekswege aangebracht veiligheidskeurmerk gelden, danwel bij het ontbreken daarvan, aan de wettelijke vereisten terzake. Dit houdt ondermeer in, dat reparaties moeten worden uitgevoerd met originele en door de fabrikant ook terzake van veiligheidskeurmerken en -voorschriften gegarandeerde onderdelen.
*) Vereniging Leveranciers van Huishoudelijke Apparaten in Nederland
Adres service-afdeling
Nederland
| AEG fabrieksservicePostbus 1202400 AC Alphen aan den Rijn | ||
| Service-informatielijn(voor bezoek servicetechnicus en onderdelen) | tel. 0172-468 300 | |
| Consumentenbelangen(voor algemene, product- ofgebruiksinformatie) | tel. 0172-468 172 | |
| www.aeg.nl | ||
Service
Controleer bij technische storingen eerst of u met behulp van de gebruiksaanwijzing (hoofdstuk „Wat te moet doen als...“) het probleem zelf kunt oplossen.
Wanneer u het probleem niet kunt oplossen, neemt u contact op met onze service-afdeling.
Om u snel te kunnen helpen, hebben wij de volgende gegevens nodig:
-Modelaanduiding -Productnummer (PNC) -Serienummer (S-No.) (u vindt deze nummers op het typeplaatje)
-Soort storing -Eventuele foutmelding die het ap- paraat aangeeft

Om ervoor te zorgen dat u de benodigde nummers van uw apparaat bij de hand heeft, raden wij u aan deze hier te noteren:
Modelaanduiding: ....
PNC: ....
S-No: ....

De Electrolux Groep is de grootste producent ter wereld van aangedreven apparaten voor gebruik in de keuken, reinigingswerkzaamheden en voor gebruik buitenshuis. In meer dan 150 landen over de hele wereld worden ieder jaar meer dan 55 miljoen Electrolux producten (zoals koelkasten, fornuizen, wasautomaten, stofzuigers, kettingzagen en grasmaaiers) verkocht ter waarde van circa USD 14 miljard.
AEG Hausgeräte GmbH
Postfach 1036
D-90327 Nürnberg
Wijzigingen voorbehouden