G 6000 SC BW - Vaatwasser MIELE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis G 6000 SC BW MIELE in PDF-formaat.
| Producttype | Vaatwasser |
| Merk | Miele |
| Model | G 6000 SC BW |
| Afmetingen (H x B x D) | 84,5 cm x 59,8 cm x 60 cm |
| Gewicht | ca. 50 kg |
| Energie-efficiëntieklasse | A+++ |
| Stroomvoorziening | 230 V, 10 A, 50 Hz |
| Vermogen | 2,1 kW |
| Waterverbruik per cyclus | ca. 6,5 liter |
| Geluidsniveau | 44 dB(A) re 1 pW |
| Programma's | Automatisch, Intensief, Eco, Snel, Glas, Spoelen |
| Functies | AutoDos, PowerDisk, QuickPowerWash, FlexiTimer, Startvoorverwarming |
| Besturing | Elektronisch met display |
| Capaciteit | 14 couverts |
| Veiligheid | Waterbeveiliging (AquaStop), kinderslot |
| Onderhoud | Zelfreinigend filter, afneembare sproeiarmen |
| Reparatie en reserveonderdelen | Modulair ontwerp, reserveonderdelen beschikbaar via Miele |
Veelgestelde vragen - G 6000 SC BW MIELE
Gebruikersvragen over G 6000 SC BW MIELE
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Vaatwasser in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding G 6000 SC BW - MIELE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. G 6000 SC BW van het merk MIELE.
GEBRUIKSAANWIJZING G 6000 SC BW MIELE
Gebruiksaanwijzing Vaatwasser

Lees in elk geval de gebruiksaanwijzing en het montageplan voor u het toestel opstelt, installeert en in gebruik neemt. Dat is veiliger voor uzelf en u vermijdt schade aan het toestel.
Beschrijving van het toestel 5
Het toestel in één oogopslag 5
Bedieningspaneel.... 6
Opmerkingen omtrent uw veiligheid 7
Een bijdrage aan de bescherming van het milieu 17
Spaarzaam afwassen 17
Toestel voor het eerst in gebruik nemen.... 19
Deur openen.... 19
Deur sluiten 19
Kinderbeveiliging.... 19
Waterontharder.... 20
Waterhardheid weergeven en instellen 21
Wat u nodig hebt om het toestel voor het eerst in gebruik te nemen: 23
Regenereerzout 23
Zoutreservoir vullen met zout.... 24
Controlelampje voor het bijvullen van zout 25
Naspoelmiddel 26
Naspoelmiddel bijvullen 26
Naspoelmiddel bijvullen 27
Doseerhoeveelheid voor naspoelmiddel instellen: 28
Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen 29
Waar u bij het vullen van de afwasautomaat op moet letten 29
Bovenkorf 31
Bovenste korf in de hoogte verstellen.... 32
Onderrek.... 33
Bestek 35
3D-besteklade (afhankelijk van het model) 35
Bestekkorf (afhankelijk van het model).... 36
Voorbeelden van plaatsing.... 37
Afwasautomaat met besteklade.... 37
Afwasautomaat met bestekkorf 39
Bediening 41
Reinigingsmiddel.... 41
Reinigingsmiddel doseren.... 43
Inschakelen 44
Programma kiezen.... 44
Programma starten.... 45
Tijdweergave 45
Energiemanagement 46
Einde van het programma 46
Uitschakelen 47
Het vaatwerk eruit halen 47
Programma onderbreken 48
Wisseling van programma 48
Programmaopties.... 49
Kort 49
DosControl 49
Controlelampjes voor het bijvullen van zout en naspoelmiddel uitschakelen...... 50
Startuitstel 51
Aanpassing Automatic-programma 53
Memory 54
AutoOpen 55
Optimalisering standby 56
Fabrieksinstellingen.... 57
Programmaoverzicht.... 58
Reiniging en onderhoud 62
Spoelruimte reinigen 62
Deurdichting en deur reinigen 62
Front van het toestel reinigen 63
Zeefcombinatie in de spoelruimte controleren.... 64
Zeefcombinatie reinigen 64
Sproeiarmen reinigen 66
Nuttige tips.... 67
Algemene problemen met de afwasautomaat 70
Geluiden 71
Onbevredigend resultaat 72
Storingen verhelpen 76
Filter in de watertoevoer reinigen 76
Afvoerpomp en terugslagklep reinigen.... 77
Dienst Herstellingen aan huis van Miele 78
Herstellingen.... 78
Duur en voorwaarden van de garantie 78
Voor testinstituten 78
Mits toeslag verkrijgbaar toebehoren 79
Inhoud
Elektrische aansluiting.... 81
Wateraansluiting.... 82
Het Waterproof System van Miele.... 82
Watertoevoer 82
Waterafvoer 83
Productkaart voor huishoudelijke afwasmachines.... 85
Het toestel in één oogopslag

① Bovenste sproeiarm (niet zichtbaar)
② Besteklade (afhankelijk van het model)
③ Bovenste korf
④ Middelste sproeiarm
⑤ Luchttoevoer voor het drogen (afhankelijk van het model)
⑥ Onderste sproeiarm
⑦ Zeefcombinatie
⑧ Typeplaatje
⑨ Reservoir voor naspoelmiddel
⑩ Tweevaksdoseerbakje voor reini-gingsmiddel
⑪ Reservoir voor regenereerzout
Bedieningspaneel

① Programmakeuze
② Display
③ Controlelampjes Toevoer/Afvoer, Naspoelmiddel en Zout
④ Toets Start met controlelampje
⑤ Toets ⚙ (Kort) met controlelampje
⑥ Toets ⏻ (Startuitstel) met controle-lampje
⑦ Programmakeuzetoets ∨
⑧ Toets ① (aan/uit)
In deze gebruiksaanwijzing worden meerdere afwasautomaatmodellen beschreven. Deze hebben verschillende hoogten.
Deze modellen worden in de gebruiksaanwijzing als volgt aangeduid:
Normaal = Afwasautomaat met een hoogte van 80,5 cm (inbouwtoestel) of 84,5 cm (vrijstaand toestel)
XXL = Afwasautomaat met een hoogte van 84,5 cm (inbouwtoestel).
Deze vaatwasser voldoet aan de voorgeschreven veiligheidsbepalingen. Een onjuist gebruik kan echter persoonlijk letsel of materiële schade veroorzaken.
Lees de montage-handleiding en de gebruiksaanwijzing aandachtig door voordat u de vaatwasser in gebruik neemt. Daarin vindt u belangrijke instructies met betrekking tot de montage, de veiligheid, het gebruik en het onderhoud. Dit is in het belang van uw veiligheid en voorkomt schade aan het apparaat.
Bewaar de gebruiks- en montagehandleiding, zodat u deze kunt doorgeven aan een eventuele volgende eigenaar.
Miele kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die daarvan het gevolg is.
Juist gebruik
Deze afwasautomaat is bedoeld voor gebruik in het huishouden en in gelijkaardige omgevingen.
Deze afwasautomaat is niet bestemd voor gebruik buiten.
Gebruik de afwasautomaat uitsluitend in huishoudelijke context voor het afwassen van huishoudelijk vaatwerk. Gebruik voor andere doeleinden is niet toegelaten.
▶ Personen die door hun fysieke, zintuiglijke of geestelijke mogelijkheden of hun onervarenheid of gebrek aan kennis niet in staat zijn om deze afwasautomaat veilig te bedienen, moeten bij de bediening in het oog worden gehouden. Deze personen mogen de afwasautomaat zonder toezicht bedienen, maar alleen wanneer de bediening van de afwasautomaat zo uitgelegd is aan hen dat ze het toestel veilig kunnen bedienen. Ze moeten de eventuele gevaren van een foutieve bediening kunnen beseffen en begrijpen.
Kinderen in het huishouden
Kinderen jonger dan acht jaar moeten uit de buurt van de afwas-automaat worden gehouden, tenzij ze constant in het oog worden gehouden.
Kinderen vanaf acht jaar mogen de afwasautomaat zonder toezicht bedienen, maar alleen wanneer de bediening van de afwasautomaat zo uitgelegd is aan hen dat ze het toestel veilig kunnen bedienen. Kinderen moeten de eventuele gevaren van een foutieve bediening kunnen beseffen en begrijpen.
- Kinderen mogen de afwasautomaat niet zonder toezicht reinigen of onderhouden.
▶ Hou kinderen die in de buurt van de afwasautomaat komen in het oog. Laat ze nooit met de afwasautomaat spelen. Wanneer kinderen dat doen, bestaat o.a. het gevaar dat ze zich in de afwasautomaat opsluiten!
Bij een geactiveerde automatische deuropening (afhankelijk van het model) moeten kleine kinderen buiten het openingsbereik van de deur van de afwasautomaat worden gehouden. In geval van een on- juiste werking, wat weliswaar onwaarschijnlijk is, bestaat gevaar voor letsel.
Gevaar voor verstikking! Spelende kinderen kunnen zich wikkelen in verpakkingsmateriaal (bijv. folies) of het over hun hoofd trekken en daardoor verstikken. Hou kinderen uit de buurt van verpakkingsma- teriaal.
Zorg ervoor dat kinderen niet met reinigingsmiddelen in aanraking kunnen komen! Reinigingsmiddelen kunnen brandwonden in mond en keel veroorzaken of tot verstikking leiden. Hou kinderen daarom uit de buurt van de afwasautomaat wanneer deze openstaat. Mogelijk zijn er nog resten reinigingsmiddel aanwezig in de afwasauto-maat. Ga met uw kind direct naar de dokter wanneer het reinigings-middel heeft binnengekregen.
Door ondeskundig uitgevoerde installatie-, onderhouds- of herstellingswerken kunnen er voor de gebruiker aanzienlijke gevaren ontstaan. Installatie-, onderhouds- of herstellingswerken mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd die door Miele erkend zijn.
▶ Beschadigingen van de afwasautomaat kunnen uw veiligheid in gevaar brengen. Controleer het toestel op zichtbare schade. Een beschadigd toestel mag niet in gebruik worden genomen.
De elektrische veiligheid van de afwasautomaat wordt enkel gega-randeerd als het toestel op een aardsysteem aangesloten is dat volgens de voorschriften geïnstalleerd is. Het is heel belangrijk dat aan deze fundamentele veiligheidsvoorwaarde is voldaan. Laat de elektrische installatie in uw woning bij twijfel door een elektricien contro-leren.
Miele kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die werd veroorzaakt doordat de aardleiding onderbroken was of gewoon ont-brak. Er bestaat in dat geval onder andere gevaar voor elektrische schokken.
De betrouwbare en zekere werking van de afwasautomaat is enkel gegarandeerd wanneer de afwasautomaat aan het openbare elektri-citeitsnet is aangesloten.
De afwasautomaat mag alleen via een 3-polige stekker met aarding op het elektriciteitsnet worden aangesloten. De stekker mag niet worden afgeknipt om het toestel vast aan te sluiten. Na het plaatsen van de afwasautomaat moet het stopcontact vrij toegankelijk zijn, zodat de afwasautomaat op elk moment van het elektriciteitsnet kan worden ontkoppeld.
Wanneer zich in de buurt van de afwasautomaat een elektrisch toestel bevindt, let er dan op dat de stekker van dat toestel niet schuilgaat achter de afwasautomaat. Aangezien de inbouwnis niet altijd diep genoeg is, kan er druk op de stekker ontstaan waardoor er gevaar voor oververhitting bestaat (gevaar voor brand).
De afwasautomaat mag niet onder een kookvlak worden geïnstalleerd. Een kookvlak straalt voor een deel hoge temperaturen af waardoor de afwasautomaat beschadigd zou kunnen raken. Om dezelfde reden mag de afwasautomaat niet direct naast warmteproducerende toestellen worden geplaatst die niet standaard tot de keukenuitrusting behoren (bijv. open vuren voor verwarmingsdoeleinden e.d.).
De aansluitgegevens (zekering, frequentie en spanning) op het typeplaatje van de afwasautomaat moeten absoluut overeenstemmen met deze van het elektriciteitsnet. Zo voorkomt u schade aan de afwasautomaat. Vergelijk deze gegevens voordat u het toestel aansluit. Vraag bij twijfel inlichtingen aan een elektricien.
De afwasautomaat mag pas op het elektriciteitsnet worden aangesloten nadat deze is geplaatst en geïnstalleerd en nadat de deurveren zijn ingesteld.
De afwasautomaat mag alleen met goed werkende deurmechaniek worden gebruikt. Bij geactiveerde automatische deuropening (afhankelijk van het model) kan anders gevaar ontstaan.
U kunt een goed werkende deurmechaniek aan het volgende herkennen:
- De deurveren moeten op beide zijden gelijkmatig ingesteld zijn. Ze zijn juist ingesteld, wanneer de halfgeopende deur (ca. 45° openingsboek) bij het loslaten in deze stand blijft staan. Boven-dien mag de deur niet ongeremd naar beneden vallen.
- De sluitrail van de deur wordt na de droogfase bij het openen van de deur automatisch ingeschoven.
▶ Stopcontactenblokken of verlengkabels bieden niet voldoende veiligheidsgaranties (gevaar voor brand). Gebruik deze niet om de af-wasautomaat aan te sluiten op het elektriciteitsnet.
Deze afwasautomaat mag niet op niet-vaste plaatsen (bijv. op een schip) worden gebruikt.
Plaats de afwasautomaat niet in een vertrek waar het kan vriezen. Bevroren waterslangen kunnen onder druk scheuren of springen. De betrouwbaarheid van de elektronische besturing kan door temperaturen onder het vriespunt in het gedrang komen.
Sluit om schade aan het toestel te voorkomen de afwasautomaat alleen op een volledig ontlucht buisleidingnet aan.
Het kunststofomhulsel van de wateraansluiting bevat een elektrisch onderdeel. Dompel het omhulsel niet in vloeistof.
In de watertoevoerslang bevinden zich delen die onder spanning staan wanneer het toestel op het elektriciteitsnet is aangesloten. De slang mag daarom niet worden ingekort.
Het ingebouwde Waterproof System biedt een betrouwbare bescherming tegen waterschade, maar alleen als aan de volgende voorwaarden is voldaan:
- Het toestel moet volgens de voorschriften geïnstalleerd zijn.
- Wanneer er duidelijk sprake is van schade, moet de afwasauto-maat worden hersteld of moeten de desbetreffende onderdelen worden vervangen.
- De waterkraan moet bij lange afwezigheid (bijv. vakantie) worden dichtgedraaid.
Het Waterproof System werkt ook wanneer de afwasautomaat is uitgeschakeld. De afwasautomaat moet dan wel op het elektriciteitsnet zijn aangesloten.
De waterdruk (druk op de wateraansluiting) moet tussen 50 en 1000 kPa (0,5 en 10 bar) liggen.
▶ Een afwasautomaat die beschadigd is, kan uw veiligheid in gevaar brengen! Schakel de afwasautomaat meteen uit wanneer het toestel beschadigd is en neem contact op met uw Miele-handelaar of met de dienst Herstellingen aan huis van Miele.
Het recht op garantie vervalt wanneer de afwasautomaat door een klantendienst wordt hersteld die niet door Miele is erkend.
Enkel met originele Miele-wisselstukken bent u zeker dat ze ten volle voldoen aan de eisen die Miele qua veiligheid stelt. Defecte onderdelen mogen enkel worden vervangen door originele Miele-wisselstukken.
Tijdens installatie-, onderhouds- en herstellingswerken moet de afwasautomaat van het elektriciteitsnet losgekoppeld zijn (schakel de afwasautomaat uit en trek vervolgens de stekker uit het stopcontact).
Wanneer de aansluitkabel beschadigd is, moet deze door een speciale aansluitkabel van hetzelfde type worden vervangen (verkrijgbaar via de dienst Onderdelen en toebehoren van Miele). Om veiligheidsredenen mag de aansluitkabel alleen door een door Miele erkende vakman of vakvrouw of door de dienst Herstellingen aan huis van Miele worden vervangen.
Deze vaatwasser heeft vanwege speciale eisen (ten aanzien van onder meer de temperatuur, de vochtigheid, de chemische bestendigheid, de slijtvastheid en vibraties) een speciale lamp (afhankelijk van het model). De lamp mag alleen voor deze toepassing worden gebruikt. De lamp is niet geschikt voor normale verlichtingsdoeleinden. De lamp mag uitsluitend worden vervangen door erkende Miele-technici of door Miele.
Deskundige plaatsing
Neem bij het plaatsen en aansluiten van de afwasautomaat de montage-instructies op de montageschets in acht.

Wees voorzichtig vóór en tijdens het plaatsen en installeren van de afwasautomaat. U loopt gevaar om u te verwonden/snijden aan bepaalde metalen onderdelen. Draag beschermende handschoenen.
Om een perfecte werking te garanderen, moet u de afwasauto-maat waterpas plaatsen.
Voor de stabiliteit van de afwasautomaat is het noodzakelijk dat onder of in te bouwen afwasautomaten uitsluitend worden geplaatst onder een doorlopend werkblad dat is vastgeschroefd aan de kasten die ernaast staan.
Wilt u van een vrijstaande afwasautomaat een onderbouwafwasautomaat maken, vervang het sokkelpaneel dan door een sokkelpaneel dat hoort bij onderbouwafwasautomaten. Gebruik daarvoor de desbetreffende ombouwset. Doet u dat niet, dan loopt u gevaar om u te verwonden aan uitstekende metalen onderdelen!
De deurveren moeten aan beide kanten gelijk worden ingesteld. Om te controleren of ze juist zijn ingesteld, opent u de deur gedeeltelijk (openingshoek van ca. 45°). Laat de deur vervolgens los. Als de deur in de geopende stand blijft staan, zijn de deurveren juist ingesteld. De deur mag niet ongeremd naar beneden vallen.
Het toestel mag alleen worden gebruikt als de deurveren juist zijn ingesteld.
Veilig gebruik
Gebruik geen oplosmiddelen in de spoelruimte. Gevaar voor explosies!
Adem geen poedervormige reinigingsmiddelen in! Slik geen reini-gingsmiddelen in! Reinigingsmiddelen kunnen brandwonden in neus, mond en keel veroorzaken. Ga direct naar de dokter wanneer u een reinigingsmiddel hebt ingeademd of ingeslikt.
U kunt u verwonden aan de geopende deur van de afwasauto-maat of u eraan stoten. Laat de deur niet onnodig openstaan.
Staat de deur open, ga er dan niet op zitten of erop staan. Doet u dat wel, dan kan de afwasautomaat kantelen. Daarbij kunt u letsel oplopen of kan de afwasautomaat beschadigd raken.
Het vaatwerk kan na afloop van het programma zeer heet zijn! Laat het vaatwerk daarom na het uitschakelen van de afwasauto-maat in het toestel afkoelen totdat u het goed kunt vastpakken.
Gebruik uitsluitend reinigingsmiddelen en naspoelmiddelen voor huishoudelijke afwasautomaten die in de handel verkrijgbaar zijn. Gebruik geen handafwasmiddelen!
Gebruik geen reinigingsmiddelen die voor bedrijfs- of industriële afwasautomaten zijn ontwikkeld. Doet u dat wel, dan kan er materiële schade ontstaan en kunnen er hevige chemische reacties optreden (bijv. een knalgasreactie).
▶ Reinigingsmiddel beschadigt het naspoelmiddelreservoir! Vul het naspoelmiddelreservoir niet met poedervormig of vloeibaar reini-gingsmiddel.
▶ Reinigingsmiddel beschadigt de waterontharder. Vul het zoutreservoir niet met poedervormig of vloeibaar reinigingsmiddel.
Gebruik uitsluitend speciaal grofkorrelig regenereerzout of ander zout dat speciaal is ontwikkeld voor afwasautomaten. Gebruik in geen geval andere soorten zout. Deze bevatten mogelijk bestandde- len die niet oplosbaar zijn in water en die een storing in de werking van de waterontharder veroorzaken.
Hebt u een afwasautomaat met een bestekkorf (afhankelijk van het model), dan plaatst u bestek zo in de vakken van de bestekkorf dat de snijkanten van de messen en de punten van vorken beneden zitten. Dat is veiliger. Hou ermee rekening dat u zich kunt verwonden aan snijkanten van messen en punten van vorken die naar boven gericht zijn. Wel is het zo dat bestek gemakkelijker wordt gereinigd en gedroogd wanneer u het zo plaatst dat de scherpe kanten boven en de grepen beneden zitten.
▶ Reinig geen hittegevoelig kunststofvaatwerk in de afwasautomaat (bijv. wegwerpbakjes of wegwerpbestek). Dat soort vaatwerk kan door de hoge temperaturen vervormen.
Wanneer u de programmaoptie "FlexiTimer/Startuitstel" gebruikt (afhankelijk van het model), moet u ervoor zorgen dat het doseerbakje voor het reinigingsmiddel droog is. Reinigingsmiddel gaat in een vochtig doseerbakje klonteren en wordt dan mogelijk niet volledig weggespoeld.
Neem de gegevens omtrent de capaciteit van de afwasautomaat in acht die vermeld staan in de rubriek "Technische gegevens".
Toebehoren
Gebruik alleen origineel Miele-toebehoren. Worden er andere onderdelen gemonteerd of geplaatst, dan vervalt het recht op garantie en/of de productaansprakelijkheid.
Wat met een afgedankte afwasautomaat?
Maak het deurslot onbruikbaar zodat kinderen zich niet in het toestel kunnen opsluiten. Verwijder daartoe de sluithaak van het deurslot.
Recycleerbare verpakking
De verpakking behoedt het toestel voor transportschade. Er werd milieuvriendelijk en recycleerbaar verpakkingsmateriaal gekozen.
Door hergebruik van verpakkingsmateriaal wordt er op grondstoffen bespaard en wordt er minder afval geproduceerd. Uw vakhandelaar neemt de verpakking in het algemeen terug.
Uw toestel afdanken
Oude elektrische en elektronische toestellen bevatten meestal nog waardevolle materialen. Ze bevatten echter ook stoffen, mengsels en onderdelen die nodig zijn geweest om de toestellen goed en veilig te laten functioneren. Wanneer u uw oude toestel bij het gewone afval doet of er op een andere manier niet goed mee omgaat, kunnen deze stoffen schadelijk zijn voor de gezondheid en het milieu. Doe uw oude toestel daarom nooit bij het gewone huisafval.

Lever het in bij een gemeentelijk inza- meldepot voor elektrische en elektro- nische apparatuur, bij uw vakhandelaar of bij Miele. U bent wettelijk zelf verant- woordelijk voor het wissen van eventue- le persoonlijke gegevens op het af te danken toestel.
Bij de aankoop van uw nieuw toestel heeft u een bijdrage betaald. Die wordt volledig gebruikt voor de toekomstige recyclage van dat toestel. Dat bevat trouwens nog waardevol materiaal. Door te recycleren wordt er dan ook minder verspild en vervuild.
Als u vragen heeft omtrent het afdanken van uw oud toestel, neem dan contact op met
- de handelaar bij wie u het kocht of
– de firma Recupel, telefoon 02 706 86 10, website: www.recupel.be of
- uw gemeentebestuur als u uw toestel naar een containerpark brengt.
Zorg er ook voor dat het toestel intussen kindveilig wordt bewaard voor u het laat wegbrengen.
Spaarzaam afwassen
Deze afwasautomaat wast uiterst wateren energiebesparend af.
U kunt meewerken aan deze spaar-zaamheid door de volgende tips in acht te nemen:
- Doe de vaatwerkkorven zo vol mogelijk, zonder ze te overladen. Dan wast u met uw afwasautomaat het spaarzaamst af.
- Kies een programma dat afgestemd is op het soort vaatwerk en op de graad van vervuiling.
- Kies het programma ECO (indien voorhanden) voor energiebesparend afwassen. Dit programma is met betrekking tot het gecombineerde energie- en waterverbruik het beste geschikt voor het reinigen van normaal verontreinigd vaatwerk.
- Hou rekening met de doseerinstructies van de fabrikant van het afwasmiddel.
- Wanneer de vaatwerkkorven maar voor de helft gevuld zijn, kunt u het poedervormig of vloeibaar afwasmiddel 1/3 reduceren.
- U kunt de afwasautomaat aansluiten op het warme water. Hiervoor uitstekend geschikt is de warmwateraansluiting bij een energetisch voordelige warmwaterbereiding zoals bijvoorbeeld zonne-energie met circulatieleiding.
Bij elektrisch verwarmde installaties raden wij u aan de afwasautomaat op de koudwaterleiding aan te sluiten.
Meer instructies voor een spaarzaam afwassen vindt u in het afwaslexicon van Miele onder www.miele.de
Deur openen
Bij programma's met een droogfase gaat de deur na afloop van een pro-gramma automatisch op een kier open. Dat bevordert het droogproces. Zie hoofdstuk: "Programma-overzicht". U kunt deze functie ook uitschakelen. Zie hoofdstuk: "Menu "Programma-op-ties", paragraaf: "AutoOpen".

■ Pak de deur bij de deurgreep en trek de deur daarmee open.
■ Doe de deur nu helemaal open.
Wanneer de deur wordt geopend terwijl er een programma loopt, worden alle reinigingsfuncties automatisch onderbroken.
⚠ Wanneer het water in de afwas- automaat heet is, loopt u het risico om zich te verbranden.
Moet u de deur beslist openen terwijl er een programma loopt, doe dat dan heel voorzichtig.
⚠️ Zorg ervoor dat de deur zonder problemen open kan.
Deur sluiten
■ Schuif de vaatwerkkorven naar binnen.
■ Sluit de deur totdat deze vastklikt.

Gevaar voor knellen!
Grijp niet in het sluitbereik van de deur.
Kinderbeveiliging
Met de kinderbeveiliging kunt u voorko- men dat kinderen de deur van de vaat- wasser opendoen. In dat geval kan de deur alleen met zeer grote kracht wor- den geopend.

■ Duw het schuifje onder de deurgreep naar rechts om de deur te vergrendelen.
■ Schuif het naar links om de deur te ontgrendelen.
Waterontharder
Om een goed resultaat te kunnen leveren heeft de vaatwasser zacht (kalkarm) water nodig. Hard water veroorzaakt witte aanslag op het serviesgoed en de wanden van de spoelruimtes. Water met een hardheid van meer dan 4 °dH (0,7 mmol/l) moet daarom onthard worden. Dat gebeurt automatisch in de ingebouwde waterontharder. De ontharder is geschikt voor een waterhardheid tot 70 °dH (12,6 mmol/l).
- De waterontharder heeft daarvoor wel regenereerzout nodig. Bij gebruik van combi-tabs hoeft u al naargelang de waterhardheid (< 21 °dH) geen regenereerzout te doseren. Zie hoofdstuk: "Bediening", "Reinigingsmiddelen".
- De vaatwasser moet precies worden geprogrammeerd voor de hardheid van het water in uw regio.
- Het plaatselijke waterleidingbedrijf kan u vertellen welke hardheidsgraad het water in uw regio precies heeft.
- Programmeer bij een variërende waterhardheid (bijv. 10 - 15 °dH) altijd de hoogste waarde (in dit voorbeeld 15 °dH).
Bij werkzaamheden aan het apparaat is het voor de monteur handig de hard-heidsgraad van uw water te kennen.
Noteer daarom de hardheid van uw water:
° dH
Vanuit de fabriek is een waterhardheid van 15 °d (2,7 mmol/l) geprogrammeerd.
Als deze waterhardheid overeenkomt met de hardheid van uw eigen water, kunt u de rest van dit hoofdstuk overslaan.
Wanneer uw water echter een andere hardheid heeft, moet u uw wateronthar- der daarop instellen.
Waterhardheid weergeven en instellen
■ Schakel de afwasautomaat uit met de toets ① als het toestel nog ingeschakeld is.
■ Hou de toets Start ingedrukt en schakel tegelijkertijd de afwasautomaat in met de toets ①.
Hou de toets Start minstens 4 secon- den ingedrukt, totdat het controle- lampje Start aangaat.
Als dit niet het geval is, begint u opnieuw.
■ Druk 2 keer op de toets ⏻.
Het controlelampje knippert 2 keer kort.
De ingestelde waarde wordt weergegeven in de cijfers achter de P op het display (zie tabel).
Op het display wordt P 15 weergegeven.
Dit betekent dat in de fabriek een waterhardheid van 15 °d is ingesteld.
■ Kies met de toets Start de waarde die hoort bij de hardheid van uw water. Telkens als u op de toets drukt, vergroot u de waarde. Na de hoogste waarde begint het tellen weer van vo-ren af aan.
De instelling wordt direct opgeslagen.
■ Schakel de afwasautomaat uit met de toets ①.
Toestel voor het eerst in gebruik nemen
Wat u nodig hebt om het toestel voor het eerst in gebruik te nemen:
- ca. 2 l water,
- ca. 2 kg regenereerzout,
- reinigingsmiddel voor huishoudelijke afwasautomaten,
- naspoelmiddel voor huishoudelijke afwasautomaten.
Elke afwasautomaat wordt in de fabriek op zijn werking getest. Als gevolg van deze tests blijft er water in het toestel achter. Dat betekent niet dat het toestel eerder door een andere consument is gebruikt.
Regenereerzout
Om goede reinigingsresultaten te bereiken heeft de afwasautomaat zacht (kalkarm) water nodig. Bij hard water ontstaat er witte kalkaanslag op het serviesgoed en op de wanden van de spoelruimte.
Water met een waterhardheid van 4°dH (0,7 mmol/l) moet daarom worden onthard. Daar wordt in de ingebouwde waterontharder automatisch voor gezorgd. De waterontharder is geschikt voor een waterhardheid tot 70°dH (12,6 mmol/l).
De waterontharder heeft daarvoor wel regenereerzout nodig.
Echter: bij gebruik van combi-tabs hoeft u al naar gelang de waterhardheid (< 21°dH) geen regenereerzout te doseren.
Zie hoofdstuk: "Bediening", paragraaf: "Reinigingsmiddelen".
Als de hardheid van uw water steeds onder de 5°dH (= 0,9 mmol/l) ligt, hoeft u geen zout te doseren. De bij-vulcontrole wordt automatisch uitgeschakeld na de programmering van de ontharder.
⚠️ Reinigingsmiddel beschadigt de ontharder.
Doseer geen poedervormig of vloeibaar reinigingsmiddel in het reservoir voor regenereerzout.
⚠️ Gebruik uitsluitend speciaal grof-korrelig regenereerzout of andere zuivere ingedampte zouten.
Gebruik in geen geval keukenzout of strooizout. Deze zoutsoorten bevatten soms niet oplosbare deeltjes die een nadelig effect kunnen hebben op de werking van de ontharder.
Toestel voor het eerst in gebruik nemen
Zoutreservoir vullen met zout
Belangrijk! Wanneer u het zoutreservoir voor de eerste keer met regene-reerzout wilt vullen, vul het dan eerst met ca. 2 l water. Zo kan het zout oplossen.
Nadat u de afwasautomaat voor het eerst in gebruik hebt genomen, zit er altijd genoeg water in het zoutreservoir.
■ Haal de onderste korf uit de spoelruimte en draai de dop van het zoutreservoir open.
Telkens als u de dop van het zoutreservoir opendraait, loopt er water of zout over de rand van het reservoir. Draai de dop er daarom alleen maar af om zout bij te vullen.
■ Vul het zoutreservoir voordat u het toestel voor het eerst in gebruik neemt met ca. 2 l water.

■ Plaats een trechter in de opening van het zoutreservoir en vul het zoutreservoir met zout totdat het vol is. In het zoutreservoir kan afhankelijk van het soort zout maximaal 2 kg.
■ Verwijder de zoutresten die zich rond het zoutreservoir bevinden en schroef de dop weer stevig op het zoutreservoir.
■ Start direct na het vullen van het zoutreservoir met zout het programma Snel in combinatie met de programmaoptie Kort, zonder vaatwerk, zodat eventueel gemorste zoutresten kunnen worden verdund en daarna weggepompt.
Controlelampje voor het bijvullen van zout
■ Vul na afloop van een programma zout bij wanneer het controlelampje Zout brandt.
⚠️ Gevaar voor corrosie! Start na het vullen van het zoutreservoir met zout altijd het programma Snel in combinatie met de programmaoptie Kort, zonder vaatwerk, zo- dat eventueel gemorste zoutresten kunnen worden verdund en daarna weggepompt.
Het is mogelijk dat het controlelampje nog korte tijd blijft branden nadat u zout hebt bijgevuld. Dat is het geval wanneer de zoutconcentratie die zich heeft gevormd, nog niet hoog genoeg is. Het controlelampje gaat uit zodra zich een zoutconcentratie heeft gevormd die hoog genoeg is.
Het controlelampje voor het bijvullen van zout wordt uitgeschakeld wanneer u de afwasautomaat op een waterhardheid van minder dan 5 °d (= 0,9 mmol/l) hebt ingesteld.
Als u steeds combinatiereinigingsmiddelen gebruikt en de controlelampjes voor het bijvullen van zout en naspoelmiddel u storen, kunt u deze controlelampjes uitschakelen (zie rubriek "Programmaopties, Controlelampjes voor het bijvullen van zout en naspoelmiddel uitschakelen").
Wanneer u geen combinatiereinigingsmiddelen meer gebruikt, moet u het zoutreservoir en naspoelmiddelreservoir weer vullen en de controle-lampjes voor het bijvullen van zout en naspoelmiddel weer inschakelen.
Toestel voor het eerst in gebruik nemen
Naspoelmiddel
Naspoelmiddel is nodig om ervoor te zorgen dat het water tijdens het drogen als een film van het vaatwerk afloopt en dat het vaatwerk na het afwassen gemakkelijker droogt.
Het naspoelmiddel wordt in het naspoelmiddelreservoir gegoten en bij het naspoelen in de ingestelde dosering automatisch toegevoegd.
⚠️ Vul het naspoelmiddelreservoir alleen met naspoelmiddel voor huis-houdelijke afwasautomaten. Vul het in geen geval met handafwasmidde-len of reinigingsmiddelen. Dat zou het naspoelmiddelreservoir beschadigen.
Een andere mogelijkheid is dat u
- azijn voor huishoudelijk gebruik (maximaal 5% zuur)
of
- vloeibaar citroenzuur (10%)
gebruikt. Het vaatwerk zal echter vochtiger zijn en meer vlekken vertonen dan wanneer u naspoelmiddel gebruikt.
⚠ U mag in geen geval azijn met een hoger zuurpercentage (bijv. azijnessence van 25%) gebruiken.
Daardoor zou de afwasautomaat be- schadigd kunnen raken.
Gebruikt u uitsluitend combinatiereinigingsmiddelen, dan hoeft u het naspoelmiddelreservoir niet met naspoelmiddel te vullen.
Naspoelmiddel bijvullen

■ Druk de openingstoets op het deksel van het naspoelreservoir in de richting van de pijl. De klep springt open.

■ Vul zoveel naspoelmiddel bij tot het in de vulopening zichtbaar wordt.
Het reservoir kan ca. 110 ml bevatten.
■ Sluit de klep totdat deze duidelijk vastklikt, anders kan tijdens het spoelen water in het naspoelreservoir binnendringen.
■ Wis eventueel gemorst naspoelmiddel goed af, zodat een krachtige schuimvorming in het volgende programma wordt vermeden.
Naspoelmiddel bijvullen
Wanneer het controlelampje Naspoel-middel gaat branden zit er nog een reserve in voor 2 - 3 afwasbeurten.
■ Vul tijdig naspoelmiddel bij.
Wanneer u alleen maar combi-tabs gebruikt, kunt u de bijvulcontrole voor naspoelmiddel en zout tegelijk uit-schakelen. Zie hoofdstuk: "Menu "Programma-opties", paragraaf: "Bijvul-controle".
Wanneer u geen combi-tabs meer gebruikt, denk er dan aan om zout en naspoelmiddel te doseren en de bijvulcontrole weer in te schakelen.
Doseerhoeveelheid voor naspoelmiddel instellen:
U kunt om een optimaal spoelresultaat te bereiken de doseerhoeveelheid van het naspoelmiddel aanpassen.
De doseerhoeveelheid is in standen van 0 tot 6 instelbaar. In de fabriek werd als aanbeveling stand 3 ingesteld.
De gedoseerde hoeveelheid naspoelmiddel kan door de automatische aanpassing van het programma Automatic (indien voorhanden) hoger uitvallen dan de ingestelde waarde.
Wanneer het vaatwerk vlekken vertoont:
■ Dan moet u een grotere hoeveelheid naspoelmiddel instellen.
Wanneer het vaatwerk wolken of strepen vertoont:
■ Dan moet u een kleinere hoeveelheid naspoelmiddel instellen.
■ Schakel de afwasautomaat uit met de toets ①, wanneer hij nog ingeschakeld is.
■ Houd de toets Start ingedrukt en schakel tegelijkertijd de afwasautomaat in met de toets ①.
Houd daarbij de toets Start geduren-de minstens vier seconden ingedrukt, tot het controlelampje Start brandt.
Is dat niet het geval, dan moet u alles nog een keer herhalen.
■ Druk 3 keer op de toets ⏻.
Het controlelampje ⏻ knippert 3 keer kort in het interval.
De ingestelde waarde wordt in de tijds-aanduiding na de P weergegeven.
In de tijdsaanduiding wordt de knippervolgorde P3 weergegeven.
■ Kies de gewenste stand met de toets Start. Telkens u op de toets drukt wordt een stand verder geschakeld. Na de hoogste waarde begint de instelling weer van voren.
De instelling is onmiddellijk opgeslagen.
■ Schakel de afwasautomaat uit met de toets ①.
Waar u bij het vullen van de af- wasautomaat op moet letten
Verwijder de ergste etensresten van het vaatwerk.
Het is niet nodig om het vaatwerk voor- af onder stromend water af te spoelen!
⚠ Was vaatwerk met as, zand, was, smeervet of verf niet af in de af-wasautomaat. De afwasautomaat zou beschadigd raken door deze stoffen.
U kunt elk stuk vaatwerk in principe overal in de korven plaatsen. Neem daarbij wel de volgende opmerkingen in acht:
- Plaats vaatwerk en bestek zo dat het niet tegen of op elkaar ligt.
- Plaats het vaatwerk altijd zo dat alle vlakken door het water kunnen worden bereikt. Enkel op die manier is een goed resultaat mogelijk!
- Plaats al het vaatwerk zo dat het ste- vig staat.
- Plaats al het holle vaatwerk (bijv. kopjes, glazen, kookpotten enz.) met de openingen naar beneden in de korven.
- Plaats hol vaatwerk dat hoog en smal is (bijv. fluitglazen) niet in de hoeken van de korven maar zoveel mogelijk in het midden ervan. De waterstralen kunnen er dan beter bij.
-
Plaats vaatwerk met een diepe bodem zoveel mogelijk schuin in de korf, zodat het water eraf kan lopen.
-
Zorg ervoor dat de sproeiarmen niet worden geblokkeerd door te hoog vaatwerk of door vaatwerk dat door de korven heen steekt. U kunt dat controleren door de sproeiarmen met de hand te draaien.
- Let erop dat kleine stukken vaatwerk niet door de spijlen van de korven vallen.
Leg dat soort vaatwerk (bijv. dekseltjes) daarom in de besteklade of de bestekkorf (afhankelijk van het model).
Levensmiddelen zoals wortels, tomaten of ketchup kunnen natuurlijke kleurstoffen bevatten. Door deze kleurstoffen kunnen kunststofvaatwerk en kunststofonderdelen van de afwasautomaat verkleuren wanneer ze in ruime mate met het vaatwerk in de afwasautomaat terechtkomen.
Deze verkleuring heeft echter geen invloed op de stabiliteit van kunststo-fonderdelen.
Ook door het afwassen van zilveren bestek kunnen kunststofonderdelen verkleuren.
Vaatwerk en bestek die niet geschikt zijn voor de afwasautomaat
- Vaatwerk en bestek die óf helemaal óf voor een deel uit hout bestaan drogen uit en worden lelijk. Boven-dien houdt de lijm niet in de afwasautomaat. Het gevolg daarvan is dat houten grepen los kunnen raken.
- Kunstvoorwerpen, waardevolle vazen of glazen met decoraties zijn niet vaatwasserbestendig.
- Voorwerpen van niet-hittebestendige kunststof kunnen vervormen.
- Voorwerpen van koper, messing, tin en aluminium kunnen verkleuren of dof worden.
- Kleurdecoraties op glazuur kunnen na een groot aantal afwasbeurten verbleken.
- Teer glaswerk en kristallen voor-werpen kunnen na lang gebruik dof worden.
Neem deze opmerkingen in acht!
Zilver dat met zilverpoets is behan- deld, kan na afloop van het afwaspro- gramma nog vochtig zijn doordat het water er niet als een film afloopt. Het zilver moet dan met een doek worden afgedroogd.
Zilver kan verkleuren wanneer het in aanraking komt met levensmiddelen die zwavel bevatten. Denk daarbij bijv. aan eigeel, uien, mayonaise, mosterd, peulvruchten, vis, pekelsaus van vis en marinades.
⚠️ Aluminium vaatwerk (bijv. vetfilters van dampkappen) mag niet worden afgewassen met sterk alkalische reinigingsmiddelen die in bedrijfsaf-wasautomaten of industriereinigers worden gebruikt.
Gebeurt dat wel, dan kan er materiële schade ontstaan. In het ergste geval bestaat het gevaar dat er een chemische reactie optreedt die tot een explosie leidt (bijv. een knalgas-reactie).
Tip: Koop serviesgoed en bestek dat geschikt is om in een afwasautomaat te worden afgewassen. U herkent dergelijk serviesgoed en bestek aan de vermelding "vaatwasserbestendig" of een gelijkaardige vermelding.
Behoedzame behandeling van glazen
- Glazen kunnen na een groot aantal afwasbeurten dof worden. Gebruik voor tere glazen programma's met lage temperaturen (zie rubriek "Programmaoverzicht") of programma's met GlassCare (afhankelijk van het model). De kans dat het glaswerk dof wordt, is dan kleiner.
- Koop glazen die geschikt zijn om in een afwasautomaat te worden afgewassen (bijv. glazen van Riedel). U herkent dergelijke glazen aan de vermelding "vaatwasserbestendig" of een gelijkaardige vermelding.
- Gebruik reinigingsmiddelen met een speciale receptuur die beschermt tegen glascorrosie.
Bovenkorf
Lees voor het rangschikken van vaatwerk en bestek ook de rubriek "Vaatwerk en bestek rangschikken, rangschikvoorbeelden".
⚠ Was om veiligheidsredenen alleen af met ingezette boven- en onderkorf (behalve in het programma Zonder bovenrek, indien voorhanden).
■ Plaats in de bovenkorf kleine, lichte en gevoelige stukken, zoals ondertas- sen, kopjes, glazen, dessertborden enz. U kunt ook een vlakke pan in de bo- venkorf plaatsen.
■ Leg afzonderlijke lange stukken zoals pollepel, roerlepel en lange messen vooraan dwars in de bovenkorf.
Kopjesrooster
■ Klap de kopjesrooster omhoog om hoge delen te kunnen rangschikken.
U kunt glazen tegen de kopjesrooster laten leunen, zodat ze vaster staan.
■ Klap de kopjesrooster naar beneden en laat de glazen daartegen leunen.
Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen
Bovenste korf in de hoogte verstellen
Om in de bovenste korf of de onderste korf meer ruimte te krijgen voor hoger vaatwerk kunt u de bovenste korf in de hoogte verstellen. U kunt kiezen tussen drie standen met een verschil van telkens ca. 2 cm.
U kunt de bovenste korf ook schuin plaatsen. Zo loopt het water gemakkelijker van vaatwerk met uitsparingen. Controleer wel dat u de korf zonder problemen in de spoelruimte kunt schuiven.
■ Trek de bovenste korf naar buiten.

Ga als volgt te werk om de bovenste korf naar boven toe te verstellen:
■ Trek de korf naar boven totdat deze vastklikt.
Ga als volgt te werk om de bovenste korf naar onderen toe te verstellen:
■ Trek de hendels aan de zijkanten van de korf naar boven.
■ Stel de gewenste positie in en laat de hendels weer vastklikken.
Afhankelijk van de stand van de bovenste korf kunt u bijv. borden met de volgende diameters in de korven plaatsen.
Afwasautomaat met bestekkorf (model/toesteltype: zie typeplaatje)
| Stand van de bovenste korf | Bord-∅ in cm | ||
| Bovenste korf Onder- ste korf | |||
| Nor-maal | XXL | ||
| Boven 20 24 31 (35*) | |||
| Midden 22 26 29 | |||
| Onder 24 28 27 | |||
Afwasautomaat met besteklade (model/toesteltype: zie typeplaatje)
| Stand van de bovenste korf | Bord-∅ in cm | ||
| Bovenste korf Onder- ste korf | |||
| Nor-maal | XXL | ||
| Boven 1 | 5 19 31 (35*) | ||
| Midden | 17 21 29 | ||
| Onder 1 | 9 23 27 | ||
* Als u de borden schuin plaatst, kunt u bor- den met een diameter tot 35 cm plaatsen (zie rubriek "Onderste korf").
Onderrek
Voor het inruimen van serviesgoed en bestek zie ook de voorbeelden in het gelijknamige hoofdstuk.
■ Plaats in het onderrek groot en zwaar serviesgoed zoals borden, platte schotels, pannen en schalen. U kunt ook glazen, kopjes, schotel- tjes, ontbijt- en dessertbordjes in het onderrek zetten.

■ Zet grote borden in het midden van het onderrek.
U kunt er ook borden met een doorsne- de van 35 cm in plaatsen, als u ze iets schuin zet.
MultiComfortzone
In de achterste zone van de onderste korf kunt u kopjes, glazen, borden en kookpotten plaatsen.
■ Om hoog vaatwerk te kunnen plaatsen, kunt u de glazenhouder omhoogklappen
■ Glazen met een lange steel, bijv. wijn-, champagne- of speciale bierglazen, kunt u in de uitsparingen van de glazenhouder hangen.
U kunt de hoogte van de glazenhouder in twee standen zetten.

■ Schuif de glazenhouder op de gewenste hoogte. Zorg ervoor dat de bevestigingen bovenaan of onderaan vastklikken.
Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen
Neerklapbare spikes (afhankelijk van het model)
In de voorste spike-rijen kunt u borden, soepborden, platte schotels, schalen en schoteltjes plaatsen.
U kunt de spike-rijen neerklappen om meer ruimte te krijgen voor grote stukken vaatwerk, bijv. kookpotten, pannen en schalen.

■ Druk de gele hendel naar beneden ① en klap de spike-rijen neer ②.
Bestek
3D-besteklade (afhankelijk van het model)
Neem voor het plaatsen van vaatwerk en bestek in de afwasautomaat ook de rubriek "Vaatwerk en bestek in de af-wasautomaat plaatsen, Voorbeelden van plaatsing" in acht.
■ Plaats het bestek in de besteklade.
Wanneer u messen, vorken en lepels als aparte groepen in de besteklade legt, kunt u ze er na afloop van het programma gemakkelijker uithalen.
Leg de lepels met de grepen tussen de opstaande kammen en de lepelbladen tussen de getande kammen, zodat ook de laatste waterdruppel er zonder problemen af kan lopen.
De bovenste sproeiarm mag niet worden geblokkeerd door te hoog vaatwerk (bijv. een taartschep)!
U kunt de inzetten aan de zijkanten verschuiven naar het midden wanneer u hoger vaatwerk in de bovenste korf wilt plaatsen.

Wanneer de lepels niet met de grepen tussen de opstaande kammen passen, leg ze dan met de grepen op de getande kammen.

Om in het middelste gedeelte van de besteklade meer ruimte te hebben voor groter bestek, kunt u dit gedeelte met behulp van de gele schuiver in de hoogte verstellen.
Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen
Bestekkorf (afhankelijk van het model)

U kunt de bestekkorf op elke willekeu-rige plaats op de voorste spike-rijen van de onderste korf plaatsen.
■ Plaats bestek zo in de vakken van de bestekkorf dat de snijkanten van de messen en de punten van vorken beneden zitten. Dat is veiliger. Wel is het zo dat bestek gemakkelijker wordt gereinigd en gedroogd wanneer u het zo plaatst dat de scherpe kanten boven en de grepen beneden zitten.
■ Plaats kort bestek in de gaatjes aan drie kanten van de bestekkorf.
Speciale bestekhouder voor de be- stekkorf
In de bijgeleverde bestekhouder kunt u sterk vervuild bestek plaatsen. Het bestek ligt niet op elkaar maar wordt in deze houder naast elkaar opgehangen. Zo kunnen de waterstralen er beter bij.

■ Plaats de bestekhouder indien nodig op de bestekkorf.

■ Plaats het bestek in de bestekhouder met de grepen beneden.
■ Verdeel het bestek gelijkmatig over de houder.
Voorbeelden van plaatsing
Afwasautomaat met besteklade
Bovenrek

Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen
Besteklade

Sterk verontreinigd vaatwerk

Afwasautomaat met bestekkorf
Bovenrek

Vaatwerk en bestek in de afwasautomaat plaatsen
Bestekkorf

Sterk verontreinigd vaatwerk

Gebruik uitsluitend reinigingsmiddelen voor huishoudelijke afwasautomaten.
Soorten reinigingsmiddelen
Moderne reinigingsmiddelen bevatten veel werkstoffen. De belangrijkste zijn:
- Complexvormers binden de hard-heidvormende magnesium- en calciumionen in het water en voorkomen daardoor kalkafzetting.
- Alkaliteit is nodig om aangekoekt vuil los te weken.
- Enzymen breken zetmeel af en lossen eiwit op.
- Bleekmiddel op basis van zuurstof verwijdert kleurvlekken (bijv. thee, koffie, tomatensap).
Er zijn voornamelijk licht alkalische reinigingsmiddelen met enzymen en zuurstofbleekmiddelen verkrijgbaar.
De reinigingsmiddelen zijn verkrijgbaar in verschillende vormen.
- Poeder en gel voor de afwasauto- maat worden naargelang de hoeveel- heid vaatwerk en de mate waarin het vuil is op een verschillende manier gedoseerd.
- Tabletten bieden een dosis die voor de meeste toepassingen volstaat.
Naast normale reinigingsmiddelen zijn er ook combinatiereinigingsmiddelen (zie rubriek "Programmaopties, DosControl (Doseringscontrole)", indien aanwezig).
Deze producten hebben een na- spoelfunctie en een wateronthardings- functie (zoutvervanger). U vindt deze producten in de handel onder de naam "3 in 1". Als ze ook bescherming tegen glascorrosie, glans voor roestvrij staal of extra reinigingskracht bieden, heten ze vaak "5 in 1", "7 in 1", "All in 1" enz. Gebruik deze combinatiereinigingsmid- delen alleen in combinatie met de wa- terhardheid die op de verpakking wordt aangeraden.
Het reinigingsvermogen en droogver- mogen van deze combinatiereinigings- middelen variëren sterk.
U bereikt de beste afwas- en droogresultaten door reinigingsmiddel te gebruiken in combinatie met afzonderlijke zoutdosering en naspoelmiddeldosering.
Reinigingsmiddeldosering
■ Neem bij het doseren van reinigingsmiddel de aanwijzingen in acht die vermeld staan op de verpakking van het reinigingsmiddel.
■ Tenzij anders vermeld, doseert u een reinigingstablet of, volgens de mate waarin het vaatwerk vuil is, 20 tot 30 ml in vakje II. Wanneer het vaatwerk erg vuil is, kunt u een kleine hoeveelheid extra reinigingsmiddel in vakje I doen.
■ Het is mogelijk dat bepaalde tabletten niet volledig oplossen wanneer u het programma "Snel" (indien aanwezig) hebt gekozen.
Wanneer u minder reinigingsmiddel gebruikt dan is aangeraden, is het mogelijk dat het vaatwerk niet goed schoon wordt.
⚠️ Reinigingsmiddelen kunnen brandwonden in neus, mond en keel veroorzaken.
Adem geen poedervormig reinigingsmiddel in. Slik geen reinigingsmiddel in. Ga direct naar de dokter wanneer u een reinigingsmiddel hebt ingea-demd of ingeslikt.
Zorg ervoor dat kinderen niet met reinigingsmiddelen in aanraking kunnen komen. Mogelijk zijn er nog resten reinigingsmiddel aanwezig in de afwasautomaat. Hou kinderen daarom uit de buurt van de afwasautomaat wanneer deze openstaat. Bovendien kunt u het reinigingsmiddel beter pas toevoegen vlak voordat u het programma start. Vergrendel ook de deur met de kinderbeveiliging (afhankelijk van het model).
Reinigingsmiddel doseren

■ Druk op de openingstoets. Het klepje van het doseerbakje voor het reini-gingsmiddel springt open.
Na afloop van een programma is het klepje van het doseerbakje voor het reinigingsmiddel altijd geopend.

■ Doseer het reinigingsmiddel in de vakjes en sluit het klepje van het do-seerbakje voor het reinigingsmiddel.
■ Sluit ook de verpakking van het reini-gingsmiddel. Het middel zou anders kunnen gaan klonteren.
Doseerhulp
In vakje I kan maximaal 10 ml en in vakje II kan maximaal 50 ml reini-gingsmiddel.
In vakje II zijn markeringen aangebracht om het doseren makkelijker te maken: 20, 30. Wanneer de deur 90° geopend is geven deze streepjes in ml aan hoeveel reinigingsmiddel er ongeveer in zit.
Inschakelen
■ Controleer of de sproeiarmen vrij kunnen draaien.
■ Sluit de deur.
■ Draai de kraan open als deze nog dicht is.
■ Schakel de vaatwasser met de ①- toets in.
Het controlelampje Start gaat knipperen en het controlelampje van het laatst ge- kozen programma gaat branden.
Wanneer u in plaats van het programma ECO opnieuw het laatst ingestelde programma wilt kiezen, schakelt u de programma-optie "Memory" in. Zie hoofdstuk: "Programma-opties", paragraaf: "Memory".
Programma kiezen
Kies een programma dat afgestemd is op het soort vaatwerk en op de graad van vervuiling.
In de rubriek "Programmaoverzicht" zijn de programma's en hun toepassingsgebieden beschreven.
■ Kies met de programmakeuzetoets ∨ het gewenste programma.
Het controlelampje van het opgeroepen programma brandt. In de tijdsaanduiding wordt de duur van het gekozen programma weergegeven in uren en minuten.
U kunt nu de programmaopties kiezen (zie rubriek "Programmaopties").
Als programmaopties opgeroepen zijn, branden eventueel de desbetreffende controlelampjes.
Programma starten
■ Druk op de toets Start.
Het programma start.
Het controlelampje Start brandt.
Wanneer u een programma moet afbreken, doe dat dan alleen in de eerste minuten. Doet u dat later, dan is het mogelijk dat belangrijke programmafases worden overgeslagen.
Tijdweergave
Voordat er een programma start geeft de display in uren en minuten de tijd aan die het gekozen programma gaat duren, de zgn. resttijd. Deze tijd wordt tijdens het afwasprogramma in de display afgeteld.
Het is mogelijk dat het display voor één en hetzelfde programma de ene keer een andere tijd aangeeft dan de andere keer. Dat is o.a. afhankelijk van de temperatuur van het instromende water, de regenereercyclus van de ontharder, het soort reinigingsmiddel, de hoeveelheid serviesgoed en de mate waarin dit is verontreinigd.
Wanneer u een programma voor het eerst kiest, wordt er een tijd aangegeven die overeenkomt met een gemiddelde programmaduur met koud water.
De tijden in het programma-overzicht zijn de tijden die de programma's duren wanneer de belading en de temperatuur voldoen aan de norm.
ledere keer dat er een programma loopt, wordt de programmaduur door de elektronica berekend op grond van de temperatuur van het instromende water en de hoeveelheid serviesgoed.
Energiemanagement
10 minuten nadat u voor het laatst een toets hebt bediend, gaat de vaatwasser automatisch uit om energie te besparen. Zie hoofdstuk: "Programma-opties", paragraaf: "Optimalisering standby".
■ Druk op de ①-toets om de vaatwasser weer in te schakelen.
Wanneer er een programma of een voorgeprogrammeerde tijd loopt of wanneer er sprake is van een storing, wordt de vaatwasser niet uitgeschakeld.
Einde van het programma
Wanneer in het display een 0.00 verschijnt en de deur op een kier open-gaat, is het programma beëindigd.
De droogventilator loopt na afloop van het programma nog een paar minuten door.
■ Doe de deur nu helemaal open.
Daarna kunt u het serviesgoed uit het toestel halen.
⚠️ Hebt u de functie "AutoOpen" uitgeschakeld (zie hoofdstuk: "Programmaopties, paragraaf:
"AutoOpen"), maar wilt u de deur na afloop van een programma toch opendoen, doe de deur dan helemaal open.
Doet u dat niet, dan kunnen de ran- den van werkbladen door waterdamp beschadigd raken, doordat de venti- lator niet meer loopt.
Uitschakelen
Na afloop van het programma:
■ U kunt de vaatwasser ieder moment met de toets ⏻ uitschakelen.
Wanneer u de vaatwasser uitschakelt terwijl een programma nog loopt, wordt het programma afgebroken.
Ook een voorgeprogrammeerde tijd (FlexiTimer) kunt u op deze manier afbreken.
Draai veiligheidshalve de kraan dicht, wanneer de vaatwasser langere tijd niet wordt gebruikt, bijvoorbeeld in de vakantietijd.
Het vaatwerk eruit halen
Heet vaatwerk is gevoelig voor stoten! Laat het daarom na het uitschakelen zo lang in de afwasautomaat afkoelen, tot u het goed kunt aanvatten.
Wanneer u de deur na het uitschakelen volledig opent, koelt het vaatwerk sneller af.
Maak eerst de bovenkorf leeg, daarna de bovenkorf en tot slot de besteklade (indien voorhanden).
Daardoor voorkomt u dat waterdruppels van de bovenkorf of van de besteklade op het vaatwerk in de onderkorf druppelen.
Programma onderbreken
Het programma wordt onderbroken zo- dra u de deur opent.
Zodra u de deur weer sluit, gaat het programma na enkele seconden daar verder waar het is onderbroken.
⚠️ Wanneer het water in de afwas-automaat heet is, loopt u gevaar om u te verbranden!
Wanneer u de deur echt moet openen, doe dat dan zeer voorzichtig. Laat de deur voordat u deze weer sluit ca. 20 seconden op een kier staan, zodat de temperatuur zich in de spoelruimte kan verdelen. Druk daarna de deur dicht. Zorg ervoor dat de deur vastklikt.
Wisseling van programma
Wissel niet van programma wanneer de klep van het reservoir van het reinigingsmiddel al geopend is.
Wanneer een programma reeds is ge- start, kunt u op de volgende wijze het programma wisselen:
■ Schakel de afwasautomaat uit met de toets ①.
■ Schakel de afwasautomaat met de toets ① weer in.
■ Kies het gewenste programma en start het.
Kort
Met het inschakelen van de programma-optie "Kort" 🔍 kunt u de program-maduur van die programma's verkorten waarmee deze optie te combineren is.
Voor een optimaal reinigingsresultaat worden de verbruikswaarden verhoogd.
Een combinatie van deze functie met het programma "Snel" levert de optie "kort" op, een spoelgang zonder droging en zodoende ook zonder automatische deuropening (indien aanwezig).
■ Schakel de afwasautomaat in met de toets ①.
Het controlelampje van de Start - toets gaat knipperen.
■ Kies een programma.
■ Druk op de toets 🚙️.
Het controlelampje van de ⚙ - toets gaat branden.
■ Start nu het gekozen programma.
De ingestelde optie blijft voor alle programma's ingeschakeld, totdat u de optie weer uitschakelt.
DosControl
Om een optimaal resultaat te bereiken, past de vaatwasser de programma's automatisch aan het gebruikte reini-gingsmiddel aan. Afhankelijk van het programma kan hierdoor de tijd en het energieverbruik veranderen.
Controlelampjes voor het bijvullen van zout en naspoelmiddel uitschakelen
Als u steeds combinatiereinigingsmiddelen gebruikt en de controlelampjes voor het bijvullen van zout en naspoelmiddel u storen, kunt u deze controlelampjes uitschakelen. De werking van de doseringscontrole (DosControl) wordt daardoor niet beïnvloed.
■ Schakel de afwasautomaat uit met de toets ① als het toestel nog ingeschakeld is.
■ Hou de toets Start ingedrukt en schakel tegelijkertijd de afwasautomaat in met de toets ①.
Hou de toets Start minstens 4 secon- den ingedrukt, totdat het controle- lampje Start aangaat.
Als dit niet het geval is, begint u opnieuw.
■ Druk 9 keer op de toets ⏻.
Het controlelampje knippert 9 keer kort.
Op het display wordt weergegeven of de controlelampjes voor het bijvullen van zout en naspoelmiddel in- of uitgeschakeld zijn:
- P 1: controlelampjes voor het bijvullen van zout en naspoelmiddel zijn ingeschakeld
- P O: controlelampjes voor het bijvullen van zout en naspoelmiddel zijn uitgeschakeld
■ Druk op de toets Start als u de instelling wilt wijzigen.
De instelling wordt direct opgeslagen.
■ Schakel de afwasautomaat uit met de toets ①.
Wanneer u geen combinatiereinigingsmiddelen meer gebruikt, moet u het zoutreservoir en naspoelmiddelreservoir weer vullen en de controle-lampjes voor het bijvullen van zout en naspoelmiddel weer inschakelen.
Startuitstel
Met het inschakelen van de programma-optie "Startuitstel" kunt u het starttijdstip van het door u gekozen afwasprogramma van tevoren instellen en wel tussen de 30 minuten en 24 uur. Dit kunt u bijvoorbeeld doen om gebruik te maken van het nachttarief.
Vertragingen van 30 minuten tot en met 9 uur en 30 minuten worden in stappen van 30 minuten ingesteld, daarboven in stappen van een uur.
Let er bij het gebruik van Startuitstel op, dat het doseerbakje voor het reinigingsmiddel droog is bij het doseeren van het reinigingsmiddel. Is dat niet het geval, dan kan het reinigingsmiddel gaan klonteren en wordt het daarna niet volledig weggespoeld.
Gebruik geen vloeibaar reinigings- middel om te voorkomen dat dit te vroeg instroomt.

Om te voorkomen dat kinderen met het reinigingsmiddel in aanraking kunnen komen:
Doseer het reinigingsmiddel pas vlak voordat u het programma start, d.w.z. vóórdat u Startuitstel met de toets Start inschakelt. Vergrendel de deur bovendien met de kinderbeveiliging.
■ Schakel de vaatwasser met de Ⓐ-toets in.
Het controlelampje van de Start-toets gaat knipperen.
■ Kies het gewenste programma.
■ Druk op de toets ⏻.
Het display geeft de tijd aan die de vorige keer als voorgeprogrammeerde starttijd is ingesteld. Het controlelampje van de ⏻-toets gaat branden.
■ Stel met de ⏻-toets de voorgeprogrammeerde starttijd in.
Wanneer u op de ⏻-toets blijft drukken, loopt de tijd automatisch door naar 24 uren. U kunt daarna weer bij 0.30 uren beginnen door twee keer op de toets ⏻ te drukken.
■ Druk op de toets Start.
Het controlelampje Start gaat branden.
Hebt u de "Optimalisering standby" ingeschakeld, dan wordt het display na een paar minuten donker en begint alleen het controlelampje Start langzaam te knipperen. Zie hoofdstuk: "Programma-opties", paragraaf: "Optimalisering standby".
Wilt u de display weer voor een paar minuten inschakelen, drukt u op een willekeurige toets.
De voorgeprogrammeerde tijd wordt in het display afgeteld en wel onder de 10 uur per minuut en boven de 10 uur per uur.
Na afloop van de voorgeprogram- meerde tijd start het gekozen afwaspro- gramma automatisch. Het display geeft aan hoe lang het gekozen programma gaat duren. Het controlelampje van de - toets gaat uit.
Weergave van de voorgeprogram- meerde tijd in de display:
tot 59 minuten:
bijvoorbeeld 30 minuten = 0.30
van 1 uur tot 9 uur en 30 minuten:
bijvoorbeeld 5 uur = 5.00
vanaf 10 uur:
bijvoorbeeld 15 uur = 75
Programma starten vóór afloop van de voorgeprogrammeerde starttijd:
U kunt het programma ook starten voordat de voorgeprogrammeerde starttijd is afgelopen.
Ga daarvoor als volgt te werk:
■ Schakel de vaatwasser met de Ⓐ-toets uit.
■ Schakel de vaatwasser weer in met de ①-toets.
■ Kies indien nodig het gewenste programma.
■ Druk op de toets Start.
Het programma start. Het controlelampje Start gaat branden.
Aanpassing Automatic-programma
U kunt u het Automatic-programma aanpassen om vastzittende verontreinigingen, die in kleine hoeveelheden aanwezig zijn, te verwijderen. Hierbij wordt het energieverbruik verhoogd.
■ Is de vaatwasser nog ingeschakeld, schakelt u deze met de ①-toets uit.
■ Druk op de toets Start, houd deze ingedrukt en schakel tegelijk de vaatwasser met de toets ① in.
Houd de Start-toets minstens vier seconden ingedrukt, totdat het controlelampje Start gaat branden.
Als dat niet het geval is, begint u nog eens van voren af aan.
■ Druk vijf keer op de ⏻-toets.
Het controlelampje van de ⏻-toets knippert vijf keer kort achter elkaar.
De display geeft aan of "Aanpassing Automatic - programma" is ingeschakeld of uitgeschakeld:
- Knippert P 1, dan is "Aanpassing Automatic-programma" ingeschakeld
- Knippert P0, dan is "Aanpassing Automatic-programma" uitgeschakeld
■ Als u de instelling wilt wijzigen, drukt u op de toets Start.
De instelling wordt direct opgeslagen.
■ Schakel de vaatwasser met de ①- toets uit.
Memory
Met het inschakelen van de programma-optie "Memory" kunt u het laatstgekozen programma opslaan.
Wanneer u de vaatwasser na afloop van een programma uitschakelt en daarna weer inschakelt of de deur opent en weer sluit, brandt niet het controlelampje van het programma ECO, maar van het laatst gekozen programma.
■ Is de vaatwasser nog ingeschakeld, schakelt u deze met de ①-toets uit.
■ Druk op de toets Start, houd deze ingedrukt en schakel tegelijk de vaatwasser met de toets ① in.
Houd de Start-toets minstens vier seconden ingedrukt, totdat het controlelampje Start gaat branden.
Als dat niet het geval is, begint u nog eens van voren af aan.
■ Druk zes keer op de ⏻-toets.
Het controlelampje van de ⏻-toets knippert zes keer kort achter elkaar.
Het display geeft aan of "Memory" is ingeschakeld of uitgeschakeld
- Knippert P 1, dan is "Memory" ingeschakeld
- Knippert P , dan is "Memory" uitgeschakeld
■ Als u de instelling wilt wijzigen, drukt u op de toets Start.
De instelling wordt direct opgeslagen.
■ Schakel de vaatwasser met de Ⓐ-toets uit.
AutoOpen
Bij programma's met een droogfase gaat de deur na afloop van een pro-gramma automatisch op een kier open. Dat bevordert het droogproces. Zie hoofdstuk: "Programma-overzicht".
Vanuit de fabriek is deze functie ingeschakeld; u kunt de functie met boven- genoemde instelling ook uitschakelen.
■ Is de afwasautomaat nog ingeschakeld, schakel deze dan met de Ⓘ - toets uit.
■ Druk op de Start - toets, blijf erop drukken en schakel tegelijk de af-wasautomaat met de Ⓔ - toets in. Blijf minstens 4 seconden op de Start - toets drukken, totdat het controle-lampje van de Start - toets gaat branden.
Is dat niet het geval, dan moet u alles nog een keer herhalen.
■ Druk zeven keer op de toets ⏻.
Het controlelampje van de ⏻ - toets knippert zeven keer kort achter elkaar.
Het display geeft aan of de optie "AutoOpen" is ingeschakeld:
- P 0: "AutoOpen" is uitgeschakeld
■ Wilt u de instelling wijzigen, druk dan op de Start - toets.
De instelling wordt direct opgeslagen.
■ Schakel de afwasautomaat met de ①-toets uit.
⚠️ Heeft u "AutoOpen" uitgeschakeld, maar wilt u de deur na afloop van een programma toch opendoen, doe de deur dan helemaal open. Doet u dat niet, dan kunnen de randen van werkbladen door waterdamp beschadigd raken, doordat de ventilator niet meer loopt.
Optimalisering standby
In de fabriek is de optie "Optimalisering standby" ingeschakeld.
Daardoor schakelt de afwasautomaat vanzelf uit enkele minuten nadat u het laatst op een toets hebt gedrukt of na afloop van een programma. Het toestel doet dat om energie te besparen.
Wanneer een programma bezig is, wanneer een startuitsteltijd bezig is met aftellen of wanneer er een storing is, schakelt de afwasautomaat niet uit.
U kunt Optimalisering standby ook uitschakelen. Als u dat doet, wordt de afwasautomaat pas na ca. 6 uur automatisch uitgeschakeld en stijgt het energieverbruik.
■ Schakel de afwasautomaat uit met de toets ① als het toestel nog ingeschakeld is.
■ Hou de toets Start ingedrukt en schakel tegelijkertijd de afwasautomaat in met de toets ①.
Hou de toets Start minstens 4 seconden ingedrukt, totdat het controle-lampje Start aangaat.
Als dit niet het geval is, begint u opnieuw.
■ Druk 8 keer op de toets ⏻.
Het controlelampje knippert 8 keer kort.
Op het display wordt weergegeven of de optie "Optimalisering standby" ingeschakeld is:
- P 1: "Optimalisering standby" is ingeschakeld
- P 1: "Optimalisering standby" is uitgeschakeld
■ Druk op de toets Start als u de instelling wilt wijzigen.
De instelling wordt direct opgeslagen.
■ Schakel de afwasautomaat uit met de toets ①.
Fabrieksinstellingen
U kunt alle instellingen terugzetten op de waarden ingesteld in de fabriek.
■ Schakel de afwasautomaat met de toets ① uit indien hij nog ingeschakeld is.
■ Houd de toets Start ingedrukt en schakel tegelijkertijd de afwasautomaat in met de toets ①.
Houd daarbij de toets Start geduren-de minstens vier seconden ingedrukt, tot het controlelampje Start brandt.
Is dat niet het geval, dan moet u alles nog een keer herhalen.
■ Druk negentien keer op de toets ⏻.
Het controlelampje ⏻ knippert 1 keer lang en 9 keer kort in interval.
De knippervolgorde in de tijdsaandui- ging geeft weer of een instelling ver- schilt van de fabrieksinstellingen.
- P 1: Alle waarden zijn op de fabrieks-instellingen ingesteld.
- P O: Minstens één instelling werd gewijzigd.
■ Wanneer u de afwasautomaat op de fabrieksinstellingen wilt terugzetten, moet u op de toets Start drukken.
De instelling is onmiddellijk opgeslagen.
■ Schakel de afwasautomaat uit met de toets ①.
Programmaoverzicht
| Programma | Programmaverloop | ||||
| Voorspoelen | Reinigen Tussen- | spoelen | Naspoelen Drogen | ||
| °C °C | |||||
| ECO 1) | 52 X 47 X | ||||
| Automatic Variabel programmaverloop,sensorgestuurde aanpassing aan hoeveelheid serviesgoed en etensresten | |||||
| Naar behoefte | 47-65 Naar | behoefte | 57 | X | |
| Normaal 55 °C | X 55 X 60 X | ||||
| Intensief 75 °C | 2X 75 X 60 X | ||||
| Speciaal ♀ X 44 X 57 X | |||||
| Snel 40 °C 40 X 45 X | |||||
1) Bij dit programma is de water- en energiebesparing het grootst.
| Verbruik 2) | Programmaduur 2) | |||
| Elektrische energie Water | ||||
| Water koud Water 15 °C 55 °C kWh kWh h:min | water warm Water 15 °C 55 °C kWh kWh h:min | water koud Water warm | ||
| 0,84 3) / 0,83 4) | 0,49 3) / 0,48 4) | 9,7 3:18 3:08 | ||
| 0,70 5) -1,30 6) | 0,50 5) -0,85 6) | 6,5 5) -16,0 6) | 1:25-2:45 1:20 | |
| 1,10 0,70 1 | 4,0 1:59 1:47 | |||
| 1,45 0,95 1 | 5,0 2:54 2:40 | |||
| 0,90 0,45 1 | 3,5 1:53 1:42 | |||
| 0,65 0,25 1 | 1,0 0:46 0:35 | |||
2) De genoemde waarden zijn volgens EN 50242 berekend. De waarden kunnen in de praktijk door wisselende omstandigheden of door de invloed van sensoren duidelijk variëren. Bij de aangegeven duur zijn wij uitgegaan van een normaal huishouden.
Door de keuze van programma-opties veranderen verbruik en duur van de programma's. Zie hoofdstuk: "Programma-opties".
3) Afwasautomaat met besteklade
4) Afwasautomaat met bestekkorf
5) Gedeeltelijke belading met licht verontreinigd serviesgoed
6) Volle belading met sterk verontreinigd serviesgoed
Soort vaatwerk Soort etensresten Programma-

1) Zetmeelhoudende etensresten zijn bijv. resten van aardappels, pasta, rijst, stamppot of hutsepot. Eiwithoudende etensresten zijn bijv. resten van gebraden vlees, vis, eieren, soufflés of gratins.

2) Zie rubriek "Reinigingsmiddel".
3) Het is mogelijk dat bepaalde tabletten niet volledig oplossen.
Controleer alle 4-6 maanden de algemene toestand van uw vaatwasser om de kans op storingen te verminderen.

Alle oppervlakken zijn krasge-
Gebruik uitsluitend geschikte reinigingsmiddelen om krassen en verkleuringen op de oppervlakken te voorkomen.
Spoelruimte reinigen
Als u steeds de juiste hoeveelheid reinigingsmiddel gebruikt, is de spoelruimte grotendeels zelfreinigend.
Is er echter toch sprake van kalk- of vetaanslag, dan kunt u deze verwijderen met een speciaal reinigingsmiddel dat verkrijgbaar is bij de afdeling klantencontacten van Miele, of via internet op www.miele-shop.com. Neem de aanwijzingen op de verpakking van de reinigingsmiddelen in acht.
Wordt er overwegend gebruik gemaakt van programma's met lage temperatu- ren (< 50 °C), dan bestaat het gevaar dat zich in de spoelruimte geurtjes, ziektekiemen en aanslag ontwikkelen. Nadat een aantal keren een programma met een lage temperatuur is gedraaid, wordt de temperatuur in de laatste spoelbeurt van het gekozen programma automatisch verhoogd.
■ Reinig regelmatig de zeefcombinatie in de spoelruimte.
Deurdichting en deur reinigen
De waterstralen kunnen de deurdichting en de zijkanten van de deur van de af-wasautomaat niet reinigen, doordat ze er niet bij kunnen. Er kan daar bijgevolg schimmelvorming optreden.
■ Controleer de deurdichting regelmatig en verwijder eventuele etensresten met een vochtige doek.
■ Veeg gemorste etens- en drankresten van de zijkanten van de deur af.
Front van het toestel reinigen
⚠️ Als vuil er langere tijd op inwerkt, kan het soms niet meer worden verwijderd en kunnen de oppervlakken verkleuren of wijzigingen ondergaan. Vuil verwijdert u het best direct.
■ Reinig het front van het toestel met een schone sponsdoek, handafwasmiddel en warm water. Wrijf het front vervolgens droog met een zachte doek. U kunt om te reinigen ook een scho- ne vochtige microvezeldoek zonder reinigingsmiddel gebruiken.
Om schade aan de oppervlakken te voorkomen, mogen de volgende middelen niet worden gebruikt om de oppervlakken te reinigen:
– reinigingsmiddelen die soda, ammoniak, zuur of chloor bevatten,
- kalkoplossende reinigingsmiddelen,
– schurende reinigingsmiddelen, zoals schuurpoeder, schuurmelk, poetsstenen,
– reinigingsmiddelen met oplosmiddel,
- reinigingsmiddelen voor roestvrij staal,
- afwasmiddelen voor de afwasauto-
maat,
- ovenreinigingsmiddelen,
- glasreinigers,
- schurende harde borstels en sponsen (bijv. schuursponsen, gebruikte sponsen die nog resten van een schuurmiddel bevatten),
– speciale "wondersponsen",
– scherpe metaalschrapers,
- staalwol,
- stoomreinigers.
Zeefcombinatie in de spoel- ruimte controleren
Op de bodem van de spoelruimte bevindt zich een zeefcombinatie. Deze zeefcombinatie houdt het ergste vuil tegen dat in het afwaswater zit. Zo wordt voorkomen dat het vuil eerst in het circulatiesysteem en vervolgens via de sproeiarmen weer in de spoelruimte terechtkomt.
⚠ U mag niet afwassen zonder zeefcombinatie!
De zeefcombinatie kan na verloop van tijd door het vuil verstopt raken. Hoelang dat duurt, hangt af van uw huis-houden.
■ Controleer de zeefcombinatie regelmatig en reinig de zeefcombinatie indien nodig.
Zeefcombinatie reinigen
■ Schakel de afwasautomaat uit.

■ Ontgrendel de zeefcombinatie ① door de greep naar achteren te draai- en.
■ Neem de zeefcombinatie uit het toestel ②. Ontdoe de zeefcombinatie van grove resten. Spoel de zeefcombinatie onder stromend water goed af. Gebruik daarbij eventueel een borstel.
⚠️ Voorkom dat er grove resten in het circulatiesysteem terechtkomen en dat het verstopt raakt.

Om de binnenkant van het tuitvormige gedeelte van de zeefcombinatie te kunnen reinigen, moet u het eerst openen:
■ Doe dat door de greepjes naar elkaar toe te drukken (zie pijlen) ① en het klepje open te klappen ②.
■ Reinig alle delen onder stromend water.
■ Klap het klepje weer dicht en laat het vastklikken.

■ Plaats de zeefcombinatie zo terug dat deze plat tegen de bodem van de spoelruimte aanligt.
■ Vergrendel vervolgens de zeefcombinatie door de greep van achteren naar voren te draaien, totdat de pijltjes naar elkaar toe wijzen.
⚠️ De zeefcombinatie moet goed geplaatst en vergrendeld zijn.
Is dat niet het geval, dan is het mogelijk dat grove resten in het circulatiesysteem terechtkomen en dat het verstopt raakt.
Reiniging en onderhoud
Sproeiarmen reinigen
Het is mogelijk dat er etensresten vast gaan zitten in de sproeikoppen en de lagering van de sproeiarmen. Controleer de sproeiarmen daarom regelmatig (ongeveer om de 4 tot 6 maanden).
■ Schakel de afwasautomaat uit.
Verwijder de sproeiarmen als volgt:
■ Trek (indien aanwezig) de besteklade naar buiten.
■ Druk de bovenste sproeiarm omhoog zodat de tanden in elkaar grijpen en schroef de sproeiarm af.

■ Druk de middelste sproeiarm omhoog ① zodat de tanden in elkaar grijpen en schroef de sproeiarm af ②.
■ Trek de onderste korf naar buiten.

■ Trek de onderste sproeiarm krachtig naar boven toe en verwijder deze.

■ Druk de etensresten in de sproeikoppen met een scherp voorwerp naar binnen.
■ Spoel de sproeiarmen onder stromend water goed af.
■ Zet de sproeiarmen terug en contro-leer dat ze vrij kunnen draaien.
De meeste storingen en problemen die zich bij het dagelijkse gebruik kunnen voordoen, kunt u zelf verhelpen. In heel wat gevallen bespaart u tijd en kosten doordat u dan geen beroep hoeft te doen op de dienst Herstellingen aan huis van Miele.
De volgende tabellen kunnen u helpen om de oorzaken van bepaalde storingen en problemen te vinden en deze te verhelpen. Neem wel de volgende opmerkingen in acht:
⚠ Door ondeskundig uitgevoerde herstellingen kunnen er voor de gebruiker aanzienlijke gevaren ontstaan.
Herstellingen aan elektrische toestellen mag u enkel en alleen door een erkende vakman of vakvrouw laten uitvoeren.
| Probleem Oorzaak en oplossing | |
| Nadat de afwasauto-maat met de toets 1 is ingeschakeld, knippert het controlelampje Start niet. | De stekker zit niet in het stopcontact.■ Steek de stekker in het stopcontact. |
| De zekering in uw zekeringkast is gesprongen.■ Schakel de zekering in (min. zekering: zie type-plaatje). | |
| De afwasautomaat stopt met afwassen. | De zekering in uw zekeringkast is gesprongen.■ Schakel de zekering in (min. zekering: zie type-plaatje).■ Als de zekering opnieuw springt, neemt u contact op met de dienst Herstellingen aan huis van Miele. |
| De deurvergrendelings-rail schuift na de auto-matische deuropening door het openen van de deur niet weer in. | Er is een storing in het deurmechanisme opgetreden of de compensatie van het deurgewicht is defect■ Neem contact op met de technische dienst van Miele.De vaatwasser mag uitsluitend verder worden ge-bruikt met ingeschakelde AutoOpen-functie. In het onwaarschijnlijke geval van nog een storing, be-staat anders kans op letsel. |
| De controlelampjesToevoer/Afvoer en Na-spoelmiddel knipperen tegelijkertijd.Op het display wordt het storingsnummer FXX weergegeven. | Er kan sprake zijn van een technische storing.■ Schakel de afwasautomaat uit met de toets 1.■ Schakel de afwasautomaat na enkele seconden weer in.■ Kies het gewenste programma.■ Druk op de toets Start.Knipperen de controlelampjes opnieuw, dan is er sprake van een technische storing.■ Neem contact op met de dienst Herstellingen aan huis van Miele. |
| Storing F70:Het is ook mogelijk dat de afvoerpomp draait wanneer de deur geopend is. | Het Waterproof System heeft gereageerd.■ Draai de waterkraan dicht.■ Neem contact op met de dienst Herstellingen aan huis van Miele. |
| Storing F78: Er is een storing opgetreden in de circulatiepomp.■ Schakel de afwasautomaat uit met de toets 1 en wacht minstens 30 seconden.■ Schakel de afwasautomaat weer in.Wordt de storing opnieuw weergegeven, dan is er sprake van een technische storing.■ Neem contact op met de dienst Herstellingen aan huis van Miele. | |
Storingen in de watertoevoer
| Probleem Oorzaak en oplossing | |
| Het controlelampje Toe-voer/Afvoer gaat afwis-selend knipperen en branden | De kraan is nog dicht.■ Draai de kraan geheel open. |
| De vaatwasser stopt met afwassen.Het controlelampje Toe-voer/Afvoer knippert.In het display verschijnt het storingsnummer F12 of F13. | Voordat u de storing oplost:■ Schakel de vaatwasser met de 1-toets uit. |
| Storingen in de watertoevoer.■ Draai de kraan helemaal open en start het pro-gramma opnieuw.■ Reinig het zeefje in de watertoevoer. Zie hoofd-stuk: "Storingen verhelpen".■ De waterdruk bij de wateraansluiting is lager dan 50 kPa (0,5 bar).Vraag de installateur om een oplossing. | |
Storingen in de waterafvoer
| Probleem Oorzaak en oplossing | |
| De afwasautomaat stopt met afwassen. Het controlelampje Toevoer/Afvoer knippert. Op het display wordt het storingsnummer FXX weergegeven. | Voordat u de storing verhelpt:■ Schakel de afwasautomaat uit met de toets 1. |
| Storing in de waterafvoer.Het is mogelijk dat er zich water bevindt in de spoelruimte.■ Reinig de zeefcombinatie (zie rubriek "Reiniging en onderhoud, Zeefcombinatie reinigen").■ Reinig de afvoerpomp (zie rubriek "Storingen verhelpen").■ Reinig de terugslagklep (zie rubriek "Storingen verhelpen").■ Verwijder eventuele knikken of lussen in de afvoerslang. | |
Algemene problemen met de afwasautomaat
| Probleem Oorzaak en oplossing | |
| De controlelampjes en het display zijn donker. | De afwasautomaat schakelt automatisch uit om energie te besparen.■ Schakel de afwasautomaat weer in met de toets 1. |
| In het doseerbakje voor het reinigingsmiddel zijn na het afwasprogramma resten reini-gingsmiddel achterge-bleven. | Het doseerbakje voor het reinigingsmiddel was nog vochtig toen het reinigingsmiddel werd gedoseerd.■ Zorg er bij het doseren van het reinigingsmiddel voor dat het doseerbakje voor het reinigingsmiddel droog is. |
| Het klepje van het do-seerbakje voor het rei-nigingsmiddel gaat niet goed dicht. | Er zijn resten reinigingsmiddel achtergebleven die de sluiting blokkeren.■ Verwijder de resten reinigingsmiddel. |
| Na afloop van het pro-gramma zit er een vochtlaag op de binnen-kant van de deur en mogelijk ook op de bin-nenwanden. | Dat is eigen aan de normale werking van het droogsysteem. Het vocht verdampt na een tijdje. |
| Na afloop van het af-wasprogramma zit er water in de spoelruimte. | Voordat u de storing verhelpt:■ Schakel de afwasautomaat uit met de toets 1. |
| De zeefcombinatie in de spoelruimte is verstopt.■ Reinig de zeefcombinatie (zie rubriek "Reiniging en onderhoud, Zeefcombinatie reinigen"). | |
| De afvoerpomp of de terugslagklep is geblokkeerd.■ Reinig de afvoerpomp of de terugslagklep (zie ru-briek "Storingen verhelpen"). | |
| Er zit een knik in de afvoerslang.■ Haal de knik uit de afvoerslang. | |
Geluiden
| Probleem Oorzaak en oplossing | |
| Kloppend geluid in de spoelruimte | Een sproeiarm slaat tegen vaatwerk.■ Onderbreek het programma en verplaats het vaat-werk dat in de weg zit van de sproeiarmen. |
| Klapperend geluid in de spoelruimte | Het vaatwerk in de spoelruimte beweegt.■ Onderbreek het programma en zet het vaatwerk goed vast. |
| Er bevindt zich iets in de afvoerpomp (bijv. een ker-senpit).■ Verwijder het uit de afvoerpomp (zie rubriek "Sto-ringen verhelpen, Afvoerpomp en terugslagklep reinigen"). | |
| Kloppend geluid in de waterleiding | Wordt eventueel veroorzaakt door de manier waarop de waterleiding is gemonteerd of doordat de waterlei-ding een te kleine diameter heeft.■ Heeft geen invloed op de werking van de afwasau-tomaat. Raadpleeg eventueel de installateur. |
Onbevredigend resultaat
| Probleem Oorzaak en oplossing | |
| Het vaatwerk is niet schoon. | Het vaatwerk werd niet juist geplaatst.■ Neem de opmerkingen in acht die vermeld staan in de rubriek "Vaatwerk en bestek in de afwasauto-maat plaatsen". |
| Het programma was te zwak.■ Kies een sterker programma (zie rubriek "Programmaoverzicht"). | |
| Het gaat om hardnekkig vuil terwijl het vaatwerk glo-baal gezien niet erg vuil was (bijv. theeresten).■ Gebruik de programmaoptie "Automatic aanpas-sen" (zie rubriek "Programmaopties"). | |
| Er werd te weinig reinigingsmiddel gedoseerd.■ Gebruik meer reinigingsmiddel of kies een ander reinigingsmiddel. | |
| De sproeiarmen zijn geblokkeerd door het vaatwerk.■ Controleer dat de sproeiarmen vrij kunnen draaien en verplaats het vaatwerk eventueel. | |
| De zeefcombinatie in de spoelruimte is niet schoon of niet juist geplaatst.Daardoor kunnen ook de sproeikoppen van de sproei-armen verstopt zijn.■ Reinig de zeefcombinatie of plaats de zeefcombi-natie juist.■ Reinig indien nodig de sproeikoppen van de sproeiarmen (zie rubriek "Reiniging en onderhoud, Sproeiarmen reinigen"). | |
| De terugslagklep is in geopende toestand geblok-keerd. Vuil water loopt terug naar de spoelruimte.■ Reinig de afvoerpomp en de terugslagklep (zie ru-briek "Storingen verhelpen"). | |
| Op glazen en bestek blijven strepen achter. Glazen krijgen een blauwachtige sluier. De-ze aanslag kan er vanaf worden geveegd. | Er is een te hoge naspoelmiddeldosering ingesteld.■ Verminder de dosering (zie rubriek "Toestel voor het eerst in gebruik nemen, Naspoelmiddel"). |
| Het vaatwerk wordt niet droog of glazen en be-stek vertonen vlekken. | De naspoelmiddeldosering is te laag of het naspoel-middelreservoir is leeg.■ Vul het naspoelmiddelreservoir met naspoelmid-del, verhoog de dosering of kies bij de volgende vulling een ander naspoelmiddel (zie rubriek "Toe-stel voor het eerst in gebruik nemen, Naspoelmid-del"). |
| Het vaatwerk werd te vroeg uit het toestel gehaald.■ Haal het vaatwerk later uit het toestel (zie rubriek "Bediening"). | |
| U gebruikt combinatiereinigingsmiddelen waarvan het droogvermogen te zwak is.■ Gebruik een ander reinigingsmiddel of vul het na-spoelmiddelreservoir met naspoelmiddel (zie ru-briek "Toestel voor het eerst in gebruik nemen, Na-spoelmiddel"). | |
| Glazen vertonen een bruinachtige/blauwach-tige verkleuring. De neerslag kan niet wor-den afgeveegd. | Er hebben zich stoffen uit het reinigingsmiddel afge-zet.■ Kies onmiddellijk een ander reinigingsmiddel. |
| Glazen worden mat en verkleuren. De neerslag kan niet worden afge-veegd. | De glazen zijn niet geschikt voor de afwasautomaat. Er vindt een oppervlaktewijziging plaats.■ Geen storing!Koop glazen die geschikt zijn voor de afwasauto-maat. |
| Thee of lippenstift wordt niet volledig ver-wijderd. | Het gekozen programma heeft een te lage reinigings-temperatuur.■ Kies een programma met een hogere reinigings-temperatuur. |
| Het reinigingsmiddel heeft een te lage bleekwerking.■ Gebruik een ander reinigingsmiddel. | |
| Kunststofonderdelen zijn verkleurd. | Natuurlijke kleurstoffen, bijv. uit wortels, tomaten of ketchup, kunnen hiervan de oorzaak zijn. De hoeveelheid reinigingsmiddel of de bleekwerking van het reinigingsmiddel was te gering voor natuurlijke kleurstoffen.■ Gebruik meer reinigingsmiddel (zie rubriek "Bediening, Reinigingsmiddel").Reeds verkleurde onderdelen krijgen de oorspronkelijke kleur niet terug. |
| Er is witte neerslag op het vaatwerk. De glazen en het bestek zijn melkachtig geworden. De neerslag kan worden afgeveegd. | De naspoelmiddeldosering is te laag.■ Verhoog de dosering (zie rubriek "Toestel voor het eerst in gebruik nemen, Naspoelmiddel"). |
| Er zit geen zout in het zoutreservoir.■ Vul het zoutreservoir met regenereerzout (zie rubriek "Toestel voor het eerst in gebruik nemen, Regenereerzout"). | |
| De dop van het zoutreservoir is niet goed gesloten.■ Zet de dop rechtop en draai ze goed dicht. | |
| Er zijn ongeschikte combinatiereinigingsmiddelen gebruikt.■ Gebruik een ander reinigingsmiddel. Gebruik eventueel normale tabletten of normaal poedervormig reinigingsmiddel. | |
| De waterontharder is op een te lage waterhardheid geprogrammeerd.■ Programmeer de waterontharder op een hogere waterhardheid (zie rubriek "Toestel voor het eerst in gebruik nemen, Waterontharder"). | |
| Bestekonderdelen ver-tonen roestsporen. | De desbetreffende bestekonderdelen zijn onvoldoen-de roestbestendig.■ Geen storing!Koop bestek dat vaatwasserbestendig is. |
| Nadat u het zoutreservoir met regenereerzout hebt gevuld, werd geen programma gestart. Zoutresten zijn in het normale afwasproces terechtgekomen.■ Start na het vullen van het zoutreservoir met zout altijd het programma Snel in combinatie met de programmaoptie Kort, zonder vaatwerk. | |
| De dop van het zoutreservoir is niet goed gesloten.■ Zet de dop rechtop en draai ze goed dicht. | |
Filter in de watertoevoer reini- gen
Ter bescherming van de watertoevoerslang zit er in de schroefkoppeling (wartel) een filter. Is die vuil, dan loopt er te weinig water in de spoelruimte.
⚠️ Het kunststofomhulsel van de wateraansluiting bevat een elektrisch onderdeel.
Dompel het omhulsel dus niet in vloeistof.
Aanbeveling
Weet u uit ervaring dat uw water veel bezinksel bevat, dan raden wij u aan een grotere waterfilter tussen de waterkraan en de schroefkoppeling van de watertoevoer te plaatsen.
Deze waterfilter (M.-Nr.: 2665352) is verkrijgbaar bij uw Miele-handelaar of via de dienst Onderdelen en toebehoren van Miele.
Ga als volgt te werk om de filter te reinigen:
■ Ontkoppel de afwasautomaat van het elektriciteitsnet.
Daartoe schakelt u de afwasautomaat uit en trekt u de stekker uit het stop-contact.
■ Draai de waterkraan dicht.
■ Ontkoppel de watertoevoerslang van de waterkraan door de schroefkoppeling eraf te draaien.

■ Neem de dichtingsring uit de schroef-koppeling.
■ Trek de filter met een combinatie- of punttang uit en reinig deze.
■ Plaats de filter en de dichtingsring terug. Controleer dat de dichtingsring goed zit.
■ Sluit de watertoevoerslang weer aan op de waterkraan door de schroef-koppeling erop te draaien. Zorg ervoor dat u de schroefkoppeling niet schuin op de waterkraan draait.
■ Draai de waterkraan open.
Als er water lekt, is de schroefkoppeling mogelijk niet stevig genoeg vastgedraaid of misschien zit deze schuin op de waterkraan.
■ Zet de schroefkoppeling van de watertoevoerslang recht op de water- kraan en draai deze stevig vast.
Afvoerpomp en terugslagklep reinigen
Als er water in de spoelruimte achterblijft wanneer het programma afgelopen is, dan is het water niet weggepompt. De afvoerpomp of de terugslagklep is geblokkeerd. U kunt vreemde deeltjes gemakkelijk zelf verwijderen.
■ Haal de spanning van het apparaat door het eerst uit te schakelen en daarna de stekker uit het stopcontact te trekken.
■ Haal de zeefcombinatie uit de spoelruimte. Zie hoofdstuk: "Reiniging en onderhoud", paragraaf: "Zeefcombinatie reinigen".
■ Schep het water met een bekertje uit de spoelruimte.

■ Druk de vergrendeling van de terugslagklep naar binnen ①.
■ Kantel de terugslagklep naar binnen totdat u de klep kunt verwijderen ②.
■ Spoel de klep goed af onder stromend water en verwijder al het vuil uit de terugslagklep.

Onder de terugslagklep bevindt zich de afvoerpomp (zie pijl).
■ Verwijder alle voorwerpen die de afvoerpomp blokkeren. Let er daarbij op dat glassplinters bijzonder moeilijk te zien zijn. Draai ter controle het loopwiel van de afvoerpomp met de hand. Het loopwiel draait niet soepel, maar schoksgewijs.
■ Zet de terugslagklep weer zorgvuldig op zijn plaats.

De klep moet beslist vastklikken!

Reinig afvoerpomp en terugslag- oorzichtig, om te voorkomen gevoelige onderdelen bescha- aken.
Herstellingen
Neem bij storingen of problemen die u niet zelf kunt verhelpen, contact op met:
- uw Miele-handelaar of
- de dienst Herstellingen aan huis van Miele.
Het telefoonnummer van de dienst Herstellingen aan huis van Miele vindt u achter in deze gebruiksaanwijzing.
Om u gericht te kunnen helpen, heeft de dienst Herstellingen aan huis van Miele het model/toesteltype en het serienummer van uw afwasautomaat nodig. Beide gegevens vindt u op het typeplaatje aan de rechterzijkant van de deur, wanneer deze openstaat.
Duur en voorwaarden van de garantie
De duur van de garantie bedraagt 2 jaar.
Meer informatie vindt u in de meegeleverde garantievoorwaarden.
Voor testinstituten
In de brochure met vergelijkende tests vindt u alle vereiste informatie over vergelijkende tests en geluidsmetingen.
Aarzel niet om deze up-to-date brochure aan te vragen door een e-mail te sturen naar:
- testinfo@miele.de
Geef daarbij het model/toesteltype en het serienummer van de afwasautomaat op (zie typeplaatje) en vermeld ook uw adres.
Voor deze vaatwasser kunt u afwas-, reinigings- en onderhoudsmiddelen en accessoires bestellen.
Al deze producten zijn op Miele-toestellen afgestemd.
Deze en vele andere producten kunt u ook via Internet (www. miele-shop.com) bestellen. U kunt deze producten bij Miele of bij uw Miele-vakhandelaar bestellen.
Middelen voor het reinigen in de vaatwasser
Uw Miele-vaatwasser is van een optimale kwaliteit.
Om er zeker van te zijn dat uw apparaat altijd de beste reinigingsresultaten behaalt, kunt u het beste middelen kopen die speciaal zijn geproduceerd voor gebruik in de Miele-vaatwasser.
Reinigingstabs
- Schitterend schoon, zelfs bij hardnekkige verontreinigingen
- Kunnen verschillende componenten bevatten, zoals naspoelmiddel, zout en glasbeschermer
- Fosfaatvrij - goed voor het milieu
- Hoeven niet te worden uitgepakt dankzij in water op te lossen folie
Poedervormig reinigingsmiddel
- Met actief zuurstof voor grondige reiniging
- Met enzymen - al effectief bij lage reinigingstemperaturen
– Met glasbeschermer tegen corrosie
Naspoelmiddel
- Laat uw glazen stralen
– Draagt bij aan het droogproces
– Met glasbeschermer tegen corrosie - Precies en eenvoudig te doseren dankzij speciale sluiting
Regenereerzout
- Beschermt toestel en serviesgoed te-gen kalkaanslag
- Met extra grove korrel
Reinigings- en onderhouds- middelen voor het toestel
Voor uw Miele-toestel zijn er de reini- gings- en onderhoudsmiddelen van Miele.
Machinereiniger
- Effectieve reiniging van de vaatwasser
- Verwijdert vetten, bacteriën en geur- tjes die daar het gevolg van zijn
- Garandeert perfecte reinigingsresultaten
Ontkalkingsmiddel
- Verwijdert sterke kalkaanslag
- Mild en zacht door natuurlijk citroenzuur
Onderhoudsmiddel
- Verwijdert geurtjes, kalk en lichte aanslag
- Behoudt de elasticiteit van de dich- tingen en zorgt ervoor dat ze niet po- reus worden
Freshener
- Neutraliseert onaangename geurtjes
- Verse en aangename geur van groene thee
- Gemakkelijk aan het rek te bevestigen
- Voldoende voor 60 spoelbeurten
Toebehoren
Het is mogelijk dat bepaald toebehoren al tot de standaarduitrusting van uw toestel behoort. Dit hangt af van het model.
Inzet voor de cappuccinatore
U kunt de inzet voor de cappuccinatore in de bovenste korf plaatsen om de verschillende delen van de cappuccinatore van Miele af te wassen.
Bestekkorf
U kunt de bestekkorf in de onderste korf van een afwasautomaat met een besteklade plaatsen om nog meer bestek te kunnen afwassen.
Glasbeugel
U kunt een glasbeugel in de onderste korf plaatsen zodat glazen met een extra lange steel steviger staan.
De afwasautomaat is standaard voorzien van een aansluitkabel met stekker voor aansluiting op een stopcontact met aarding.
⚠ De afwasautomaat moet zo worden geplaatst dat het stopcontact vrij toegankelijk blijft. Gebruik om veiligheidsredenen geen verlengkabel. Het gebruik van een verlengkabel verhoogt bijv. het gevaar voor brand door oververhitting.
Wanneer de aansluitkabel beschadigd is, moet deze door een speciale aansluitkabel van hetzelfde type worden vervangen (verkrijgbaar via de dienst Onderdelen en toebehoren van Miele). Om veiligheidsredenen mag de aansluitkabel alleen door gekwalificeerde vakmensen of door de dienst Herstellingen aan huis van Miele worden vervangen.
Het toestel mag niet op gelijkstroom-wisselstroommutators worden aangesloten, die bijv. bij stroomvoorziening op zonne-energie worden gebruikt. In dat geval kunnen er zich bij het inschakelen van het toestel spanningspieken voordoen, die ertoe kunnen leiden dat het toestel wordt uitgeschakeld om veiligheidsredenen. De elektronische besturing kan beschadigd raken!
De stekker van de aansluitkabel van de afwasautomaat mag niet worden vervangen door een energiebesparende stekker (bijv. van het merk SavaPlug). Daardoor wordt de energietoevoer naar het toestel verminderd en wordt het toestel te warm.
⚠️ Controleer voordat u de afwasautomaat in gebruik neemt dat de elektrische gegevens van uw elektrische installatie (spanning, frequentie en zekering) overeenstemmen met de gegevens op het typeplaatje en dat het stopcontact geschikt is voor de stekker van de afwasautomaat.
De technische gegevens vindt u op het typeplaatje aan de rechterzijkant van de deur.
⚠️ De elektrische installatie moet volgens VDE 0100 uitgevoerd zijn!
Het Waterproof System van Miele
Miele garandeert dat het Miele-waterbeveiligingssysteem een algehele bescherming tegen waterschade biedt.
Watertoevoer

Het water in de afwasautomaat n drinkwater!
- De afwasautomaat mag worden aangesloten op koud of warm water tot max. 60 °C.
Wanneer u beschikt over een energetisch gunstige warmwaterbereiding, bijv. zonne-energie, raden wij u aan om de afwasautomaat op warm water aan te sluiten omdat u dan energie en tijd bespaart. Er wordt in alle programma's met warm water gespoeld. - De toevoerslang is ca. 1,5 m lang; een 1,5 m lange, flexibele metalen slang (proefdruk 14000 kPa/140 bar) is leverbaar.
- Voor de aansluiting is een kraan met 3/4"-schroefkoppeling noodzakelijk.
- Een terugslagklep is niet noodzakelijk, daar het toestel voldoet aan de waterveiligheidsnormen.
- De waterdruk (druk bij de wateraansluiting) moet tussen de 50 en 1000 kPa (0,5 en 10 bar) liggen. Is de druk hoger, dan moet een drukreduceerventiel worden ingebouwd.
Controleer na de ingebruikname of de watertoevoer waterdicht is.
⚠️ Sluit om schade aan het toestel te voorkomen de afwasautomaat alleen op een volledig ontlucht buisleidingnet aan.

⚠️ De watertoevoerslang mag niet korter worden gemaakt of beschadigd (zie afb.).
Waterafvoer
- In de afvoer van de afwasautomaat bevindt zich een terugslagklep, zodat er geen vuil water via de afvoerslang in de afwasautomaat terug kan stro-men.
- De afwasautomaat is voorzien van een flexibele afvoerslang van ca. 1,5 m met een diameter van 22 mm binnenwerks.
- De afvoerslang kan met nog een slang en met een verbindingsstuk worden verlengd. De afvoerleiding mag maximaal 4 m lang zijn en de opvoerhoogte mag maximaal 1 m zijn!
- Voor de aansluiting van de slang op het afvoersysteem ter plaatse gebruikt u de slangklem die meegeleverd is bij de afwasautomaat (zie montageschets).
- De slang kan langs rechts of links worden geplaatst.
- De aansluittuit voor de afvoerslang is geschikt voor slangen van verschillende diameters. Steekt de aansluittuit te ver in de afvoerslang, dan moet de aansluittuit korter worden gemaakt. Gebeurt dat niet, dan kan de afvoerslang verstopt raken.
- De afvoerslang mag niet korter worden gemaakt!
⚠️ Zorg ervoor dat er geen knikken in de afvoerslang komen!
Controleer nadat u het toestel voor het eerst in gebruik hebt genomen of de waterafvoer niet lekt om na te gaan of de aansluiting goed is uitgevoerd.
Beluchting van de waterafvoer
Ligt de waterafvoeraansluiting op de plaats van opstelling dieper dan de ge-leiding voor de wieltjes van de onderste korf in de deur, dan moet de wateraf-voer worden belucht. Gebeurt dat niet, dan kan het water tijdens een programma door de werking van de sifon uit de spoelruimte stromen.
■ Om te beluchten, opent u de deur van de afwasautomaat helemaal.

■ Trek de onderste sproeiarm naar boven toe en verwijder deze.
■ Snijd de dop van de beluchtingsklep in de spoelruimte af.
Technische gegevens
| Model afwasautomaat normaal XXL | ||
| Hoogte vrijstaand toestel 84,5 cm | (verstelbaar + 3,5 cm) | - |
| Hoogte inbouwapparaat 80,5 cm | (verstelbaar + 6,5 cm) | 84,5 cm(verstelbaar + 6,5 cm) |
| Hoogte van de inbouwkast Vanaf | 80,5 cm (+ 6,5 cm) | vanaf 84,5 cm (+ 6,5 cm) |
| Breedte 59,8 cm 59,8 cm | ||
| Breedte van de inbouwkast 60 cm | 60 cm | |
| Diepte vrijstaand model 60 cm - | ||
| Diepte inbouwapparaat 57 cm | 57 cm | |
| Gewicht Max. 64 kg Max. 56 kg | ||
| Spanning Zie typeplaatje | ||
| Aansluitwaarde | Zie typeplaatje | |
| Zekering | Zie typeplaatje | |
| Stroomverbruik in de Uit - stand | 0,1 W | 0,1 W |
| Stroomverbruik in de sluimer-stand | 2,0 W | 2,0 W |
| Keurmerken | Zie typeplaatje | |
| Waterdruk | 50 - 1000 kPa(0,5 - 10 bar) | 50 - 1000 kPa(0,5 - 10 bar) |
| Warmwateraansluiting | Max. 65 °C | Max. 65 °C |
| Opvoerhoogte | Max. 1 m | Max. 1 m |
| Afpomplengte | Max. 4 m | Max. 4 m |
| Aansluitsnoer | ca. 1,7 m | ca. 1,7 m |
| Beladingscapaciteit | 13/14 couverts* | 13/14 couverts* |
* Afhankelijk van het model
Productkaart voor huishoudelijke afwasmachines
volgens gedelegeerde verordening (EU) Nr. 1059/2010
| MIELE | |
| Identificatie van het model G 6000 | |
| Nominale capaciteit in standaardcouverts voor de standaardcyclus 13 | |
| Energie-efficiëntieklasse | |
| A+++ (meest efficiënt) tot D (minst efficiënt) A+++ | |
| Jaarlijks energieverbruik (AE o ) 1 | 234 kWh/jaar |
| Energieverbruik van de standaardcyclus (Et) 0,83 kWh | |
| Gewogen energieverbruik in uitstand (Po) 0,10 W | |
| Opgenomen vermogen in de sluimerstand (Pi) 2,00 W | |
| Gewogen jaarlijks waterverbruik (AW o ) 2 | 2.716 liter/jaar |
| Droogefficiëntieklasse | |
| A (meest efficiënt) tot G (minst efficiënt) A | |
| Standaardprogramma waarop de informatie op het etiket en de productkaart be-trekking heeft 3 | ECO |
| Programmatijd voor de standaardcyclus 189 min | |
| Duur van de sluimerstand (T) 4 | 10 min |
| Geluidsemissie via de lucht 44 dB(A) re 1 pW | |
| Inbouwapparaat - | |
- Ja, aanwezig
1 Gebaseerd op 280 standaardcycli met toevoer van koud water en het verbruik in de standen met een laag opgenomen vermogen. Het werkelijke energieverbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt.
2 Gebaseerd op 280 standaardcycli. Het werkelijke waterverbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt.
3 Dit programma is geschikt voor het wassen van normaal bevuild tafelgerei, en is het meest efficiënte programma wat het gecombineerd energie- en waterverbruik betreft.
4 indien de huishoudelijke afwasmachine is uitgerust met een stroombeheerfunctie
Productkaart voor huishoudelijke afwasmachines
volgens gedelegeerde verordening (EU) Nr. 1059/2010
| MIELE | |
| Identificatie van het model G 6000 SC | |
| Nominale capaciteit in standaardcouverts voor de standaardcyclus 14 | |
| Energie-efficiëntieklasse | |
| A+++ (meest efficiënt) tot D (minst efficiënt) A+++ | |
| Jaarlijks energieverbruik (AEj)1 | 237 kWh/jaar |
| Energieverbruik van de standaardcyclus (Et) 0,84 kWh | |
| Gewogen energieverbruik in uitstand (Pa) 0,10 W | |
| Opgenomen vermogen in de sluimerstand (Pl) 2,00 W | |
| Gewogen jaarlijks waterverbruik (AWj)2 | 2.716 liter/jaar |
| Droogefficiëntieklasse | |
| A (meest efficiënt) tot G (minst efficiënt) A | |
| Standaardprogramma waarop de informatie op het etiket en de productkaart be-trekking heeft 3 | ECO |
| Programmatijd voor de standaardcyclus 190 min | |
| Duur van de sluimerstand (T) 4 | 10 min |
| Geluidsemissie via de lucht 44 dB(A) re 1 pW | |
| Inbouwapparaat - | |
- Ja, aanwezig
1 Gebaseerd op 280 standaardcycli met toevoer van koud water en het verbruik in de standen met een laag opgenomen vermogen. Het werkelijke energieverbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt.
2 Gebaseerd op 280 standaardcycli. Het werkelijke waterverbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt.
3 Dit programma is geschikt voor het wassen van normaal bevuild tafelgerei, en is het meest efficiënte programma wat het gecombineerd energie- en waterverbruik betreft.
4 indien de huishoudelijke afwasmachine is uitgerust met een stroombeheerfunctie
Productkaart voor huishoudelijke afwasmachines
volgens gedelegeerde verordening (EU) Nr. 1059/2010
| MIELE | |
| Identificatie van het model G 6000 I | |
| Nominale capaciteit in standaardcouverts voor de standaardcyclus 13 | |
| Energie-efficiëntieklasse | |
| A+++ (meest efficiënt) tot D (minst efficiënt) A+++ | |
| Jaarlijks energieverbruik (AE o ) 1 | 234 kWh/jaar |
| Energieverbruik van de standaardcyclus (Et) 0,83 kWh | |
| Gewogen energieverbruik in uitstand (Po) 0,10 W | |
| Opgenomen vermogen in de sluimerstand (Pi) 2,00 W | |
| Gewogen jaarlijks waterverbruik (AW o ) 2 | 2.716 liter/jaar |
| Droogefficiëntieklasse | |
| A (meest efficiënt) tot G (minst efficiënt) A | |
| Standaardprogramma waarop de informatie op het etiket en de productkaart be-trekking heeft 3 | ECO |
| Programmatijd voor de standaardcyclus 189 min | |
| Duur van de sluimerstand (T) 4 | 10 min |
| Geluidsemissie via de lucht 44 dB(A) re 1 pW | |
| Inbouwapparaat • | |
- Ja, aanwezig
1 Gebaseerd op 280 standaardcycli met toevoer van koud water en het verbruik in de standen met een laag opgenomen vermogen. Het werkelijke energieverbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt.
2 Gebaseerd op 280 standaardcycli. Het werkelijke waterverbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt.
3 Dit programma is geschikt voor het wassen van normaal bevuild tafelgerei, en is het meest efficiënte programma wat het gecombineerd energie- en waterverbruik betreft.
4 indien de huishoudelijke afwasmachine is uitgerust met een stroombeheerfunctie
Productkaart voor huishoudelijke afwasmachines
volgens gedelegeerde verordening (EU) Nr. 1059/2010
| MIELE | |
| Identificatie van het model G 6000 SCI | |
| Nominale capaciteit in standaardcouverts voor de standaardcyclus 14 | |
| Energie-efficiëntieklasse | |
| A+++ (meest efficiënt) tot D (minst efficiënt) A+++ | |
| Jaarlijks energieverbruik (AEj)1 | 237 kWh/jaar |
| Energieverbruik van de standaardcyclus ( Et ) 0,84 kWh | |
| Gewogen energieverbruik in uitstand ( Pa ) 0,10 W | |
| Opgenomen vermogen in de sluimerstand ( Pl ) 2,00 W | |
| Gewogen jaarlijks waterverbruik (AWj)2 | 2.716 liter/jaar |
| Droogefficiëntieklasse | |
| A (meest efficiënt) tot G (minst efficiënt) A | |
| Standaardprogramma waarop de informatie op het etiket en de productkaart be-trekking heeft 3 | ECO |
| Programmatijd voor de standaardcyclus 190 min | |
| Duur van de sluimerstand ( Ti ) 4 | 10 min |
| Geluidsemissie via de lucht 44 dB(A) re 1 pW | |
| Inbouwapparaat • | |
- Ja, aanwezig
1 Gebaseerd op 280 standaardcycli met toevoer van koud water en het verbruik in de standen met een laag opgenomen vermogen. Het werkelijke energieverbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt.
2 Gebaseerd op 280 standaardcycli. Het werkelijke waterverbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt.
3 Dit programma is geschikt voor het wassen van normaal bevuild tafelgerei, en is het meest efficiënte programma wat het gecombineerd energie- en waterverbruik betreft.
4 indien de huishoudelijke afwasmachine is uitgerust met een stroombeheerfunctie
Productkaart voor huishoudelijke afwasmachines
volgens gedelegeerde verordening (EU) Nr. 1059/2010
| MIELE | |
| Identificatie van het model G 6000 U | |
| Nominale capaciteit in standaardcouverts voor de standaardcyclus 13 | |
| Energie-efficiëntieklasse | |
| A+++ (meest efficiënt) tot D (minst efficiënt) A+++ | |
| Jaarlijks energieverbruik (AEj)1 | 234 kWh/jaar |
| Energieverbruik van de standaardcyclus (Ei) 0,83 kWh | |
| Gewogen energieverbruik in uitstand (Pj) 0,10 W | |
| Opgenomen vermogen in de sluimerstand (Pi) 2,00 W | |
| Gewogen jaarlijks waterverbruik (AWj)2 | 2.716 liter/jaar |
| Droogefficiëntieklasse | |
| A (meest efficiënt) tot G (minst efficiënt) A | |
| Standaardprogramma waarop de informatie op het etiket en de productkaart be-trekking heeft 3 | ECO |
| Programmatijd voor de standaardcyclus 189 min | |
| Duur van de sluimerstand (T) 4 | 10 min |
| Geluidsemissie via de lucht 44 dB(A) re 1 pW | |
| Inbouwapparaat - | |
- Ja, aanwezig
1 Gebaseerd op 280 standaardcycli met toevoer van koud water en het verbruik in de standen met een laag opgenomen vermogen. Het werkelijke energieverbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt.
2 Gebaseerd op 280 standaardcycli. Het werkelijke waterverbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt.
3 Dit programma is geschikt voor het wassen van normaal bevuild tafelgerei, en is het meest efficiënte programma wat het gecombineerd energie- en waterverbruik betreft.
4 indien de huishoudelijke afwasmachine is uitgerust met een stroombeheerfunctie
Productkaart voor huishoudelijke afwasmachines
volgens gedelegeerde verordening (EU) Nr. 1059/2010
| MIELE | |
| Identificatie van het model G 6000 SCU | |
| Nominale capaciteit in standaardcouverts voor de standaardcyclus 14 | |
| Energie-efficiëntieklasse | |
| A+++ (meest efficiënt) tot D (minst efficiënt) A+++ | |
| Jaarlijks energieverbruik (AEo)1 | 237 kWh/jaar |
| Energieverbruik van de standaardcyclus ( Et ) 0,84 kWh | |
| Gewogen energieverbruik in uitstand ( Po ) 0,10 W | |
| Opgenomen vermogen in de sluimerstand ( Pl ) 2,00 W | |
| Gewogen jaarlijks waterverbruik (AWo)2 | 2.716 liter/jaar |
| Droogefficiëntieklasse | |
| A (meest efficiënt) tot G (minst efficiënt) A | |
| Standaardprogramma waarop de informatie op het etiket en de productkaart be-trekking heeft 3 | ECO |
| Programmatijd voor de standaardcyclus 190 min | |
| Duur van de sluimerstand (T) 4 | 10 min |
| Geluidsemissie via de lucht 44 dB(A) re 1 pW | |
| Inbouwapparaat - | |
- Ja, aanwezig
1 Gebaseerd op 280 standaardcycli met toevoer van koud water en het verbruik in de standen met een laag opgenomen vermogen. Het werkelijke energieverbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt.
2 Gebaseerd op 280 standaardcycli. Het werkelijke waterverbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt.
3 Dit programma is geschikt voor het wassen van normaal bevuild tafelgerei, en is het meest efficiënte programma wat het gecombineerd energie- en waterverbruik betreft.
4 indien de huishoudelijke afwasmachine is uitgerust met een stroombeheerfunctie
Productkaart voor huishoudelijke afwasmachines
volgens gedelegeerde verordening (EU) Nr. 1059/2010
| MIELE | |
| Identificatie van het model G 6005 SCI XXL | |
| Nominale capaciteit in standaardcouverts voor de standaardcyclus 14 | |
| Energie-efficiëntieklasse | |
| A+++ (meest efficiënt) tot D (minst efficiënt) A+++ | |
| Jaarlijks energieverbruik (AE o ) 1 | 237 kWh/jaar |
| Energieverbruik van de standaardcyclus (Et) 0,84 kWh | |
| Gewogen energieverbruik in uitstand (Po) 0,10 W | |
| Opgenomen vermogen in de sluimerstand (Pi) 2,00 W | |
| Gewogen jaarlijks waterverbruik (AW o ) 2 | 2.716 liter/jaar |
| Droogefficiëntieklasse | |
| A (meest efficiënt) tot G (minst efficiënt) A | |
| Standaardprogramma waarop de informatie op het etiket en de productkaart be-trekking heeft 3 | ECO |
| Programmatijd voor de standaardcyclus 190 min | |
| Duur van de sluimerstand (T) 4 | 10 min |
| Geluidsemissie via de lucht 44 dB(A) re 1 pW | |
| Inbouwapparaat • | |
- Ja, aanwezig
1 Gebaseerd op 280 standaardcycli met toevoer van koud water en het verbruik in de standen met een laag opgenomen vermogen. Het werkelijke energieverbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt.
2 Gebaseerd op 280 standaardcycli. Het werkelijke waterverbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt.
3 Dit programma is geschikt voor het wassen van normaal bevuild tafelgerei, en is het meest efficiënte programma wat het gecombineerd energie- en waterverbruik betreft.
4 indien de huishoudelijke afwasmachine is uitgerust met een stroombeheerfunctie
Productkaart voor huishoudelijke afwasmachines
volgens gedelegeerde verordening (EU) Nr. 1059/2010
| MIELE | |
| Identificatie van het model G 6005 SCU XXL | |
| Nominale capaciteit in standaardcouverts voor de standaardcyclus 14 | |
| Energie-efficiëntieklasse | |
| A+++ (meest efficiënt) tot D (minst efficiënt) A+++ | |
| Jaarlijks energieverbruik (AEo)1 | 237 kWh/jaar |
| Energieverbruik van de standaardcyclus ( Et ) 0,84 kWh | |
| Gewogen energieverbruik in uitstand ( Po ) 0,10 W | |
| Opgenomen vermogen in de sluimerstand ( Pl ) 2,00 W | |
| Gewogen jaarlijks waterverbruik (AWo)2 | 2.716 liter/jaar |
| Droogefficiëntieklasse | |
| A (meest efficiënt) tot G (minst efficiënt) A | |
| Standaardprogramma waarop de informatie op het etiket en de productkaart be-trekking heeft 3 | ECO |
| Programmatijd voor de standaardcyclus 190 min | |
| Duur van de sluimerstand (T) 4 | 10 min |
| Geluidsemissie via de lucht 44 dB(A) re 1 pW | |
| Inbouwapparaat - | |
- Ja, aanwezig
1 Gebaseerd op 280 standaardcycli met toevoer van koud water en het verbruik in de standen met een laag opgenomen vermogen. Het werkelijke energieverbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt.
2 Gebaseerd op 280 standaardcycli. Het werkelijke waterverbruik wordt bepaald door de wijze waarop het apparaat wordt gebruikt.
3 Dit programma is geschikt voor het wassen van normaal bevuild tafelgerei, en is het meest efficiënte programma wat het gecombineerd energie- en waterverbruik betreft.
4 indien de huishoudelijke afwasmachine is uitgerust met een stroombeheerfunctie
nv Miele België
Z.5 Mollem 480
1730 Mollem (Asse)
Herstellingen aan huis en andere inlichtingen: 02/451.16.16
E-mail: info@miele.be
Internet: www.miele.be