Lavamat 64806 - Wasmachine AEG-ELECTROLUX - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Lavamat 64806 AEG-ELECTROLUX in PDF-formaat.
| Producttype | Wasmachine |
| Merk | AEG-Electrolux |
| Model | Lavamat 64806 |
| Type | Voorlader |
| Breedte | 60 cm |
| Hoogte | 85 cm |
| Diepte | 60 cm |
| Gewicht | 73 kg |
| Trommelinhoud | 8 kg |
| Max. centrifugetoerental | 1400 toeren/min |
| Energieklasse | A+++ |
| Wasprogramma's | Katoen, Synthetisch, Fijn, Wol, Handwas, Sport, Snel, Eco, Extra spoelen |
| Functies | ProClean, VarioPerfect, AquaControl, Startuitstel, Kinderslot, Instelbare temperatuur, Toerental keuze |
| Waterverbruik per cyclus | 49 liter (gemiddeld) |
| Geluidsniveau wassen | 52 dB(A) |
| Geluidsniveau centrifugeren | 78 dB(A) |
| Netspanning | 230 V |
| Vermogen | 2200 W |
| Type deur | Roestvrijstalen deur met glas |
| Openingshoek deur | 140° |
| Afmetingen verpakking | 65 x 90 x 65 cm (BxHxD) |
| Garantie | 2 jaar |
| Onderhoud | Reiniging pluizenfilter, reinigen zeepbakje, ontkalken |
| Reparatie | Originele onderdelen beschikbaar via AEG-service |
Veelgestelde vragen - Lavamat 64806 AEG-ELECTROLUX
Gebruikersvragen over Lavamat 64806 AEG-ELECTROLUX
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Wasmachine in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Lavamat 64806 - AEG-ELECTROLUX en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Lavamat 64806 van het merk AEG-ELECTROLUX.
GEBRUIKSAANWIJZING Lavamat 64806 AEG-ELECTROLUX
Informatie voor de gebruiker

Lees deze gebruiksaanwijzing a.u.b. zorgvuldig door en bewaar deze voor naslag op een later tijdstip.
Geeft u deze gebruikersinformatie a.u.b. aan de eventuele volgende eigenaar door.
De volgende symbolen worden in de tekst gebruikt:

Veiligheidsvoorschriften
Waarschuwing! Voorschriften die voor uw eigen veiligheid dienen.
Let op! Voorschriften die ter voorkoming van schade aan het apparaat dienen.

Instructies en praktische tips

Milieu-informatie
Inhoud
Gebruiksaanwijzing 5
Veiligheid.... 5
Afvalverwerking 6
Apparatuurbeschrijving 7
Bedieningspaneel 7
Programmaoverzicht 8
Voor de eerste keer wassen.... 10
Het wasgoed voorbereiden en sorteren.... 10
Wasprogramma uitvoeren 11
Deur openen/Wasgoed in de machine doen 11
Was-/nabehandelingsmiddel doseren 11
Apparaat inschakelen/Programma kiezen 12
Centrifugetoerental wijzigen/Spoelstop kiezen 13
Extra programma's kiezen....13
SPOELEN+ 13
KORT 13
VOORWAS 14
VLEKKEN 14
Programma starten 14
Verloop van het programma....14
Programma onderbreken/Wasgoed bijvullen 15
Programma beëindigd/Wasgoed uit de machine nemen 15
Kinderbeveiliging 16
Reinigen en onderhoud.... 17
Wat te doen als.... 18
Kleine storingen zelf oplossen 18
Als het wasresultaat niet bevredigend is....21
Aftappen....22
Afvoerpomp 23
Opstel- en aansluitaanwijzing 25
Veiligheidsinstructies voor het aansluiten 25
Aansluiten van het apparaat.... 26
Het apparaat transporteren 26
Transportbeveiliging verwijderen 26
Opstellingsplaats 27
Het apparaat juist afstellen 28
Elektrische aansluiting 29
Wateraansluiting 29
Watertoevoer 30
Waterafvoer 31
Garantievoorwaarden.... 32
Adres service-afdeling.... 34
Service 35
Gebruiksaanwijzing
⚠️ Veiligheid
Voor de eerste ingebruikname
- Volg de "Opstel- en aansluitinstructies" op.
- Bij het in de wintermaanden leveren van het apparaat bij temperatu- ren onder het vriespunt: de wasautomaat voor de ingebruikname ge- durende 24 uur op kamertemperatuur laten acclimatiseren.
Gebruik volgens de voorschriften
- De wasautomaat is alleen voor het wassen van binnen het huishouden gebruikelijk wasgoed bestemd.
- Het ombouwen van of het aanbrengen van wijzigingen aan de wasautomaat is niet toegestaan.
- Alleen was- en nabehandelingsmiddelen gebruiken die voor huishoudelijke wasautomaten geschikt zijn.
- Het wasgoed mag geen ontvlambare oplossingen bevatten. Explosiegevaar!
- De wasautomaat niet voor chemische reiniging gebruiken.
- Kleur- en ontkleurmiddelen mogen alleen in de wasautomaat worden gebruikt als de fabrikant van dit product dit uitdrukkelijk vermeldt. Voor eventuele schade zijn wij niet aansprakelijk.
Veiligheid voor kinderen
- Verpakkingsonderdelen buiten bereik van kinderen houden. Verstikkingsgevaar!
- Kinderen kunnen het gevaar dat aan het omgaan met elektrisch apparatuur verbonden is, vaak niet inschatten. Laat kinderen niet zonder toezicht bij de wasautomaat.
- Controleer of kinderen of huisdieren niet in de trommel kunnen klauteren. Levensgevaar!
Algemene veiligheid
- Reparaties aan wasautomaten dienen alleen door vakmensen uitgevoerd te worden.
-
Neem de wasautomaat nooit in gebruik als de stroomkabel, het bedieningspaneel, het bovenblad of de voet van het apparaat dermate beschadigd zijn dat de binnenzijde van het apparaat open toegankelijk is.
-
Voor de reiniging, het onderhoud en de reparatiewerkzaamheden dient de wasautomaat uitgeschakeld te worden. Vervolgens de stekker uit het stopcontact nemen of – bij een vaste aansluiting – de LS-schakelaar in de zekeringkast uitschakelen of de schroefzekering geheel uitdraaien.
- Als het apparaat gedurende een langere periode niet gebruikt zal gaan worden, dient het apparaat van de stroomvoorziening genomen te worden en dient de waterkraan gesloten te worden.
- De netstekker nooit aan de kabel uit het stopcontact trekken, maar middels de stekker.
- Stekkerdozen, koppelingen en verlengingskabels mogen niet worden gebruikt. Brandgevaar door oververhitting!
- De wasautomaat niet met een waterstraal afspuiten. Risico op stroomschokken!
- Bij wasprogramma's op hoge temperaturen wordt het glas van de vuldeur heet. Niet aanraken!
- Voor het aftappen van het apparaat, het reinigen van de afvoerpomp of voor het in noodsituaties openen van de vuldeur dient het sop eerst af te koelen.
- Huisdieren kunnen stroomkabels en waterslangen doorbijten. Risico op stroomschokken en gevaar op wateroverlast! Huisdieren buiten het bereik van wasautomaten houden.
Afvalverwerking

Verpakkingsmateriaal
De verpakkingsmaterialen zijn niet schadelijk voor het milieu en herbruikbaar. De kunststoffen hebben de volgende aanduidingen, bijv. >PE<, >PS<, enz. Verwijder de verpakkingsmaterialen in overeenstemming met de aanduiding bij de gemeentelijke inzamelplaatsen in de daarvoor bestemde containers.

Oud apparaat verwijderen
Verwijder afgedankte apparatuur conform de in uw woonplaats geldende richtlijnen.

Waarschuwing! Bij afgedankte apparatuur dient de stroomstekker uit het stopcontact genomen te worden. De voedingskabel afsnijden en met de stekker verwijderen.
Het slot van de vuldeur onklaar maken. Als gevolg kunnen kinderen zich niet insluiten en niet in levensgevaar komen.
Apparatuurbeschrijving

Bedieningspaneel

Programmaoverzicht
| Programma | Max. vulgewicht ^1) (droog wasgoed) | Extra programma's | Centrifuge-toerental | SPOELSTOP | ||||
| SPOELEN + | KORT | VOORWAS | VLEKKEN | 1400 | 700 | |||
| ECO^2) | 6kg ● - ● ● ● ● ● | |||||||
| WITTE WAS /BONTE WAS95, 60, 50, 40, 30 | 6kg ● ● ● ● | 3) | ● ● ● | |||||
| KREUKHERSTELLEND60, 50, 40, 30 | 3kg ● ● ● ● | 3) | - ● ● | |||||
| STRIJKVRIJ 40 1kg ● ● ● ● - ● ● | ||||||||
| FIJNE WAS40, 30 | 3kg ● ● ● - - ● ● | |||||||
| WOL/ZIJDE (handwas)40, 30, KOUD | 2kg - - - - - ● ● | |||||||
| SPOELEN 3kg - - - - - ● ● | ||||||||
| POMPEN - - - - - - - | ||||||||
| CENTRIFUGEREN 6kg - - - - - ● ● - | ||||||||
| OPFRISSEN 3kg - - - - - - ● ● | ||||||||
1) Een emmer van 10 liter bevat ongeveer 2,5 kg droog wasgoed (katoen).
2) Programma-instellingen voor tests conform resp. in navolging van EN 60 456 en IEC 60 456 zijn in het hoofdstuk "Verbruikswaarden" beschreven.
3) VLEKKEN kan alleen worden ingesteld bij wastemperaturen vanaf 40°C, aangezien vlekkenmiddelen pas bij hogere temperaturen werkzaam zijn.
| Gebruik/Eigenschappen | Behandelingss ymbolen^1) |
| Energiesparend programma bij 60 °C voor licht tot normaal vervuild wit of bont wasgoed van katoen/linnen. | |
| Programma voor normaal tot sterk vervuild wit of bont wasgoed van katoen/linnen. | |
| Programma voor kreukherstellende mengweefsels en synthetische weefsels. | |
| Speciaal programma bij 40 °C voor kreukherstellend textiel, dat na dit pro-gramma nog slechts licht of zelfs helemaal niet hoeft te worden gestreken. | |
| Voorzichtig programma voor fijne weefsels zoals textiel dat uit meer lagen be-staat, microvezels, synthetische stoffen en vitrage (max. 20 tot 25 m^2 vitrage in de wasmachine doen). | |
| Bijzonder voorzichtig programma voor met de hand en wasmachine wasbare wol/zijde. | |
| Apart voorzichtig spoelen (3 spoelgangen, vloeibaar nabehandelingsmiddel wordt uit het inspoelvak ingespoeld, voorzichtig centrifugeren). | |
| Wegpompen van het water na een spoelstop. | |
| Pompen en centrifugeren bijv. na spoelstop of apart centrifugeren van handge-wassen witte was/bonte was. | |
| Speciaal programma bij 30 °C, ca. 30 minuten, voor het kort wassen van bijv. eenmaal gedragen, licht vervuilde sportkleding of nieuw wasgoed. |
1) Het cijfer in het behandelingssymbool geeft de maximale temperatuur aan.
Voor de eerste keer wassen
- Open de wasmiddellade.
-
Giet ca. 1 liter water in de wasmiddellade van de wasautomaat.
De volgende keer dat het programma wordt gestart wordt daardoor de kuip gesloten en kan de ÖKO-sluis op de juiste wijze functioneren. -
Om eventuele bij de fabricage ontstane resten in de trommel en kuip te verwijderen, dient de eerste wasgang zonder wasgoed uitgevoerd te worden. Programma: WITTE WAS/BONTE WAS 60, toets KORT indrukken, ca. 1/4 meetbeker waspoeder toevoegen.
Het wasgoed voorbereiden en sorteren
Wasgoed voorbereiden
- Zakken leegmaken. Vreemde voorwerpen (bijv. muntstukken, paperclips, spijkers, enz.) verwijderen.
- Ritssluitingen sluiten, overtrekken dichtknopen, dit om schade aan wasgoed te voorkomen.
- Gordijnmechanismen verwijderen of in een net/waszak plaatsen.
- Kwetsbare delen en klein wasgoed in een net/kussensloop wassen, bijv. vitrage, nylonkousen, kousjes, zakdoeken, bh's.
Let op! Bh's en ander wasgoed met beugels uitsluitend in een net wassen. Beugels kunnen losraken en het apparaat beschadigen.
Wasgoed sorteren
- Op kleur: wit en gekleurd wasgoed separaat wassen. Wasgoed kan kleurstof afgeven.
- Op temperatuur, soort wasgoed en behandelingsetiket.
Let op! Wasgoed met het behandelingsetiket ⚫ (= niet wassen!) niet in de wasautomaat wassen.
Wasprogramma uitvoeren
Deur openen/Wasgoed in de machine doen
- Vuldeur openen: aan de greep van de vuldeur trekken.
De indicaties DEUR en START/PAUZE geven bij een ingeschakeld apparaat aan of de vuldeur kan worden geopend.
| Indicatie DEUR Indicatie START/PAUZE | Vuldeur openen mogelijk? |
| brandt groen knippert rood of is uit ja | |
| brandt groen brandt rood | ja, na het indrukken van de toets START/PAUZE |
Tijdens het wasprogramma is de vuldeur bij hoge waterstand of hoge temperatuur vergrendeld. De indicatie DEUR is uit.
- Wasgoed uitvouwen en losjes in de wasmachine doen. Grote en kleine stukken wasgoed mengen.
Let op! Geen wasgoed tussen de vuldeur en de rubberen afdichting inklemmen.
- Vuldeur goed dichtdrukken. De sluiting dient hoorbaar vast te klikken.

Let op! Alleen was- en nabehandelingsmiddel gebruiken die voor huis-houdelijke wasautomaten geschikt zijn.
Was-/nabehandelingsmiddel volgens de aanwijzingen van de fabrikant van het was-/nabehandelingsmiddel doseren. Volg de aanwijzingen op de verpakkingen op.
De dosering is afhankelijk van:
–de mate van vervuiling van het wasgoed,
—en de hardheid van het leidingwater.
- Als de fabrikant geen aanwijzingen voor kleine hoeveelheden was- goed op de verpakking geeft: bij een halve lading een derde minder wasmiddel, bij de laagste belading slechts de helft van het wasmiddel dat bij een volledige belading wordt geadviseerd.
- Vanaf waterhardheid 2 (=middel) dient waterontharder gebruikt te worden. Het wasmiddel kan dan voor waterhardheid 1 (=zacht) worden gedoseerd. Informatie over de plaatselijke waterhardheid kunt u bij het betreffende waterleidingbedrijf verkrijgen.
- De wasmiddellade zo ver mogelijk uittrekken.
- Was-/nabehandelingsmiddel doseren.
- De wasmiddellade geheel inschuiven.

Waspoeder/-tabletten voor de hoofdwas
Als u gebruik maakt van een waterontharder en het rechtervakje voor voorwasmiddel nodig heeft, de waterontharder op het hoofdwasmiddel in het linkervakje doseren.
Wasverzachter, stijfsel
Het vakje ten hoogste tot de marking MAX vullen. Dikvloeibaar concentraat voor het doseren volgens de aanwijzingen van de fabrikant verdunnen. Poedervormig stijfsel oplossen.
Als u vloeibaar wasmiddel gebruikt:
Vloeibaar wasmiddel met de door de wasmiddelfabrikant aangeboden doseerhouder doseren.
Apparaat inschakelen/Programma kiezen
Programma en temperatuur met de programmakiezer instellen
Als u een programma kiest, schakelt u gelijk het apparaat in.
-De indicatie van het programma-verloop geeft de programmastappen aan die door het gekozen programma worden uitgevoerd.
-In de multidisplay verschijnt de vermoedelijke programmaduur (in minuten).

Centrifugetoerental wijzigen/Spoelstop kiezen
De wasautomaat stelt het maximaal toelaatbare toerental voor dat geschikt is voor het gekozen programma. U kunt het toerental verlagen: Druk daarvoor zo vaak op de toets Centrifugeren/SPOELSTOP tot de gewenste indicatie brandt.

Het toerental voor het uiteindelijke centrifugeren kan tijdens het programma nog worden gewijzigd. Daarvoor:
- Op de toets START/PAUZE drukken.
- Het toerental wijzigen.
- Nogmaals op de toets START/PAUZE drukken.
SPOELSTOP
Bij SPOELSTOP blijft het wasgoed in het laatste spoelwater staan. Er zal geen centrifugeerproces plaatsvinden, er zal tussentijds gecentrifugeerd worden. Het tussentijds centrifugeren is programma-afhankelijk en kan niet worden gewijzigd.
Extra programma's kiezen
Druk, indien gewenst, toets(en) voor extra programma's in. De bijbehorende indicatie brandt.

Als "Err" in de multidisplay knippert is het gekozen extra programma niet met het ingestelde wasprogramma te combineren.

SPOELEN+
Bij de programma's ECO, WITTE WAS/BONTE WAS, FIJNE WAS, KREUK-HERSTELLEND en STRIJKVRIJ worden twee extra spoelgangen uitgevoerd.
KORT
Kort wasprogramma voor licht vervuilde was.
VOORWAS
Warme voorwas voor de automatisch volgende hoofdwas; met tussen-door centrifugeren bij WITTE WAS/BONTE WAS en KREUKHERSTELLEND, zonder tussendoor centrifugeren bij FIJNE WAS.
VLEKKEN
Voor sterk vervuild wasgoed of wasgoed met vlekken. Het vlekkenzout wordt op het optimale tijdstip tijdens het verloop van het programma in de wasautomaat gespoeld.
Dit programma kan uitsluitend worden ingesteld vanaf 40°C, aangezien vlekkenmiddelen pas bij hogere temperaturen werkzaam zijn.
Programma starten
- Controleer of de waterkraan is geopend.
- Toets START/PAUZE indrukken. Het programma wordt gestart.

Wanneer nadat u op de toets START/PAUZE hebt gedrukt E40 in het multidisplay knippert, de indicatie EINDE 4x knippert en gelijktijdig 4x een signaaltoon klinkt, is de deur niet goed gesloten. Druk de deur goed dicht en druk de toets START/PAUZE opnieuw in.
Verloop van het programma
- De indicatie van het programmaverloop geeft de programmafase aan die wordt uitgevoerd.
- De multidisplay geeft de vermoedelijke resterende tijd (in minuten) tot aan het einde van het programma aan.

De resterende looptijd kan tijdens het wasprogramma langer worden of kort blijven staan omdat het programma zich aan de verschillende omstandigheden bij het wassen aanpast (bijv. soort en hoeveelheid was- goed, onbalansherkenning bij het centrifugeren, extra spoelen, enz.).
Programma onderbreken/Wasgoed bijvullen
Programma onderbreken
- Als gevolg van het indrukken van de toets START/PAUZE kan een programma op ieder gewenst moment worden onderbroken en door het opnieuw indrukken van de toets START/PAUZE weer worden voortgezet.
- Voor het voortijdig afbreken van een programma dient de programmakiezer op UIT gedraaid te worden. Let op! Op het water in het apparaat letten!
Was bijvullen
Was bijvullen is mogelijk, zolang de indicatie DEUR groen brandt.
- Druk op de toets START/PAUZE. Vuldeur kan worden geopend.
- De vuldeur sluiten en nogmaals op de toets START/PAUZE drukken. Het programma gaat verder.
Programma beëindigd/Wasgoed uit de machine nemen
Aan het einde van het programma brandt EINDE op de indicatie van het programmaverloop. Zodra de indicatie DEUR gedoofd is kan de vuldeur worden geopend.
- Vuldeur openen en het wasgoed uitnemen.
- Programmakiezer op UIT draaien.
- Na het wassen de wasmiddellade iets naar buiten trekken, zodat deze kan drogen. De vuldeur iets openzetten opdat de wasautomaat kan luchten.
Als SPOELSTOP is gekozen:
Na spoelstop brandt EINDE op de indicatie van het programmaverloop. Eerst moet het water worden weggepompt:
- de programmakiezer op UIT en aansluitend op POMPEN draaien en op de toets START/PAUZE drukken (er wordt zonder centrifugeren weggepompt),
-of de programmakiezer op UIT en aansluitend op CENTRIFUGEREN draaien. Afhankelijk van het soort wasgoed eventueel het toerental aanpassen en op de toets START/PAUZE drukken (er wordt gepompt en gecentrifugeerd).
Kinderbeveiliging
Bij een geactiveerde kinderbeveiliging kan de vuldeur niet meer gesloten worden en kan geen wasprogramma worden gestart.
Kinderbeveiliging instellen:
De draaiknop (aan de binnenkant van de vuldeur) met een muntstuk, rechtsom tot de aanslag verdraaien.

Waarschuwing! De draaiknop mag zich na het instellen van de draai-knop niet in ingedrukte positie bevinden omdat anders de kinderbeveiliging niet functioneert! De draaiknop moet conform de afbeelding uitgetrokken zijn.
Kinderbeveiliging opheffen:
De draaiknop met een muntstuk linksom tot aan de aanslag draaien.

Reinigen en onderhoud
Let op! Gebruik voor het reinigen van het apparaat geen reinigingsmiddelen voor meubels of agressieve reinigingsmiddelen. Neem het bedieningspaneel en de behuizing met een vochtige doek af.
Wasmiddellade
De wasmiddellade dient regelmatig gereinigd te worden.
- Trek de wasmiddellade met een krachtige ruk uit.
- Neem het inzetstuk voor de wasverzachter uit het middelste vak uit.
- Reinig alle delen met water.
- Het inzetstuk voor de wasverzachter tot aan de aanslag insteken, zodat het vast zit.
- Maak ook het gehele inspoelgedeelte van de wasmachine en ook de sproeiers aan de bovenkant van de inspoelkamer met een borstel schoon.
- De wasmiddellade in de geleidings- rails plaatsen en naar binnen schuiven.

Als gevolg van roestende voorwerpen in het wasgoed of het ijzerhoudende leidingwater kan roestvorming aan de trommel ontstaan.
Let op! De trommel niet met zuurhoudende ontkalkingsmiddelen, chloor of ijzer bevattende schuurmiddelen of staalwol reinigen.
- Eventuele roestafzettingen op de trommel met een reinigingsmiddel voor roestvrij staal verwijderen.
- Wasgang zonder wasgoed uitvoeren en schoonmaakmiddelrestanten uitspoelen. Programma: WIITE WAS/BONTE WAS 60, toets KORT indrukken, ca. 1/4 meetbeker waspoeder toevoegen.
Vuldeur en rubberen ring
Regelmatig controleren of afzettingen of vreemde voorwerpen zich in de naden van de rubberen ring of aan de binnenkant van het deurvenster hebben afgezet. Deurvenster en rubberen ring regelmatig reinigen.
Wat te doen als...
Kleine storingen zelf oplossen
Als tijdens het gebruik een van de volgende foutmeldingen in de multi-display wordt aangegeven:
-E 10 (probleem met de watertoevoer),
-E20 (probleem met de waterafvoer),
-E40 (vuldeur open),
kijk dan in onderstaande tabel.
Druk nadat de storing is opgelost op de toets START/PAUZE.
Bij andere foutmeldingen (E en getal of letter): schakel het apparaat uit en weer in. Het programma opnieuw instellen. Druk op toets START/PAUZE.
Als de storing nogmaals wordt aangegeven neem dan contact op met de service-afdeling en noem de foutcode.
| Storing Mogelijke oorzaak Oplossing | ||
| De stekker zit niet in het stopcontact of er is een probleem met de zekering. | De stekker in het stopcontact steken. Zekering controleren. | |
| Wasautomaat werkt niet. | Deur is niet goed gesloten. | Deur goed sluiten, zodat de vergrendeling hoorbaar vast-klikt. |
| Toets START/PAUZE is niet lang genoeg ingedrukt. | Toets START/PAUZE langer indrukken. | |
| Deur gaat niet dicht. | Kinderbeveiliging is ingesteld. | Kinderbeveiliging opheffen. |
| Wanneer op een toets wordt gedrukt, verschijnt Err in het multidisplay. | De gekozen functie kan niet met het ingestelde pro-gramma worden gecombi- neerd. | Maak een andere keuze. |
| E40 wordt weergegeven.De indicatie EINDE knippert 4x, tegelijkertijd klinkt 4x een sig-naaltoon. | Deur is niet goed gesloten. | Deur goed sluiten. Program-ma opnieuw starten. |
| E 10 wordt weergegeven.De indicatie EINDE knippert 1x, tegelijkertijd klinkt 1x een signaaltoon.(Probleem met de watertoevoer.) | Waterkraan is gesloten. Waterkraan opendraaien. | |
| Zeef in schroefkoppeling van de toevoerslang is verstopt. | De waterkraan dichtdraaien.Slang losschroeven, zeef verwijderen en schoonmaken. | |
| Waterkraan zit vol met kalk-aanslag of is defect. | Waterkraan controleren, evt. laten repareren. | |
| Wasautomaat trilt tijdens het wassen of staat niet stil. | Transportbeveiliging is niet verwijderd. | Transportbeveiliging verwijderen. |
| Schroefpootjes zijn niet goed afgesteld. | Voetjes afstellen volgens de aanwijzingen voor opstelling en aansluiting. | |
| Er zit te weinig wasgoed in de trommel (bijv. alleen een badjas). | Dit heeft geen nadelige invloed op de werking van het apparaat. | |
| Er loopt water onderuit de wasautomaat. | Schroefkoppeling van de toevoerslang lekt. | Toevoerslang vastschroeven. |
| Afvoerslang is lek. Afvoerslang vervangen. | ||
| Deksel van de afvoerpomp is niet goed gesloten. | Deksel goed sluiten. | |
| Er zat wasgoed tussen de deur geklemd. | De wasautomaat de volgende keer zorgvuldig vullen. | |
| Aftapslang is lek. Aftapslang goed aansluiten. | ||
| Waswater schuimt sterk. Aan het einde van het wasprogramma wordt het centrifuge-ren afgebroken. | Waarschijnlijk is er teveel wasmiddel gebruikt. | Wasmiddel nauwkeurig volgens de aanwijzingen van de fabrikant doseren. |
| E20 wordt weergegeven.De indicatie EINDE knippert 2x, tegelijkertijd klinkt 2x een signaaltoon.(Probleem met de wa-terafvoer.) | Knik in de afvoerslang. Knik uit de slang halen. | |
| Maximale pomphoogte van 1m is overschreden. | Neem contact op met de klantenservice. | |
| Afvoerpomp is verstopt. | Wasautomaat uitzetten.Stekker uit het stopcontact trekken.Afvoerpomp schoonmaken.Vreemde voorwerpen uit het pompuis verwijderen. | |
| Bij een sifonaansluiting: si-fon is verstopt. | Sifon reinigen. | |
| Wasverzachter wordt niet ingespoeld, vak ⚙ voor nabehandelings- middel is met water ge- vuld. | Het wasverzachter-inzet- bakje is niet goed in het vak voor nabehandelingsmiddel gezet of is verstopt. | Wasmiddelschuiflade reini- gen, inzetstuk voor wasver- zachter goed bevestigen. |
| Deur kan bij ingescha- keld apparaat niet wor- den geopend. | Deur is vergrendeld. | Wacht tot de indicatie DEUR groen brandt. |
| Stroomuitval! (Alle indica- ties zijn uit.) De deur blijft ca. 4 tot 10 minuten vergrendeld. | Het programma gaat verder wanneer de stroomuitval voorbij is. | |
| Wasgoed uit de wasautomaat halen: wanneer er water in de was- automaat zichtbaar is, vóór het openen van de deur eerst het water weg laten lopen (zie het gedeelte "Water af- tappen"). | ||
| Was is erg gekreukt. | Mogelijk teveel wasgoed in de wasautomaat. | Let op de maximale belading. |
Als het wasresultaat niet bevredigend is
De was is grauw en kalk heeft zich in de trommel vastgezet.
- Er wordt onvoldoende wasmiddel gebruikt.
- Niet het juiste wasmiddel wordt gebruikt.
- Speciale vervuilingen worden niet voorbewerkt.
- Programma's of temperaturen worden niet correct ingesteld.
Op het wasgoed zijn grijze vlekken aanwezig
- Met zalf, vet of olie vervuild wasgoed werd met te weinig wasmiddel gewassen.
- Er werd op te lage temperatuur gewassen.
- De meest voorkomende oorzaak is dat wasverzachter, en met name in geconcentreerde vorm, op het wasgoed terecht komt. Dergelijke vlekken dienen zo snel mogelijk uitgewassen te worden en de betreffende wasverzachter dient voorzichtig gebruikt te worden.
Na de laatste spoelgang is nog schuim zichtbaar
- Moderne wasmiddelen kunnen ook in de laatste spoelgang nog schuim veroorzaken. Het wasgoed is echter voldoende gespoeld.
Witte restanten op het wasgoed
- Het betreft niet opgeloste bestanddelen van moderne wasmiddelen. Dit is niet het gevolg van een ontoereikend spoelen. Wasgoed uitschudden of afborstelen. Eventueel het wasgoed in de toekomst voor het wassen omkeren. Controleer de keuze voor het wasmiddel en eventueel vloeibaar wasmiddel gebruiken.
Aftappen

Waarschuwing! Voor het aftappen de wasautomaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact nemen!
Waarschuwing! Het sop dat uit de aftapslang komt kan heet zijn. Verbrandingsgevaar! Vóór het aftappen het sop laten afkoelen!

- Het klepje van de sokkel open klappen en aftrekken.
- De aftapslang uitnemen.
- Een vlakke opvangbak onder de slang plaatsen. Aansluitend de afsluitstoppen door het rechtsom draaien losdraaien en uittrekken.
- Het sop loopt uit. Indien noodzakelijk de opvangbak meerdere keren legen en de aftapslang tussentijds met de afsluitstoppen sluiten.
Als het sop afgetapt is:
- De afsluitstoppen goed in de aftapslang plaatsen en rechtsom vastdraaien.
- De aftapslang weer in de houder terug plaatsen.
- Het klepje van de sokkel plaatsen en sluiten.
Afvoerpomp
De afvoerpomp is onderhoudsvrij. Het openen van het pompdeksel is alleen in het geval van een storing vereist als er geen water weg wordt gepompt, bijv. bij een geblokkeerd pompwiel.
Controleer altijd voor het vullen met wasgoed of er geen vreemde voorwerpen in de zakken zitten of tussen het wasgoed aanwezig is. Paperclips, spijkers, enz. die eventueel met het wasgoed in de wasauto-maat terechtkomen blijven in het pompuis liggen (filter voor vreemde voorwerpen dat het pompwiel beschermt.

Waarschuwing! Voor het openen van het pompdeksel de wasautomaat uitschakelen en de stekker uit het stopcontact nemen!
- Tap eerst het water uit de wasautomaat af.
- Leg een doek op de vloer voor het deksel van de afvoerpomp. Er kan restwater uitlopen.

-
Het pompdeksel linksom losschroeven en uitnemen.
-
Eventuele vreemde voorwerpen en textielpluizen uit het pompuis en van het pompwiel verwijderen.
-
Controleer of het pompwiel helemaal achter in het pomphuis rond kan worden gedraaid. (Het is normaal als het pompwiel stootsgewijs draait.) Als het pompwiel niet kan worden gedraaid dient u contact op te nemen met de klantendienst.
-
Pompdeksel weer terugplaatsen. Lipjes van het deksel zijdelings in de geleidingssleuven inschuiven en het deksel rechtsom vastdraaien.
-
De aftapslang sluiten en in de houder plaatsen.
-
Klepje van de sokkel sluiten.

Technische gegevens
CE Dit apparaat is in overeenstemming met de volgende EG-richtlijnen: -73/23/EEG van 19.02.1973 Laagspanningsrichtlijn -89/336/EEG van 03.05.1989 EMC-richtlijn inclusief aangepaste richt- lijn 92/31/EEG -93/68/EEG van 22.07.93 CE-markeringsrichtlijn
| hoogte x breedte x diepte 850 x 598 x 640 mm | |
| Diepte bij geopende vuldeur. 1017 mm | |
| In hoogte verstelbaar: ca. +10/-5mm | |
| Vulhoeveelheid (programma-afhan-kelijk) | max. 6 kg |
| Toepassingsgebied Huishouden | |
| Trommeltoerental centrifugeren zie kenplaatje | |
| Waterdruk 1-10bar (=10-100N/cm) | ^2 =0,1-1,0MPa) |
Verbruikswaarden
De verbruikswaarden worden aangegeven als onder standaardcondities. Deze waarden kunnen in het dagelijks gebruik verschillend zijn.
| Programmakeuzeknop (temperatuur) | Vulgewicht in kg1) | Water in liters | Energie in kWh |
| WITTE/BONTE WAS 95 6 62 2,20 | |||
| ECO2) | 6 49 1,02 | ||
| WITTE/BONTE WAS 40 6 58 0,70 | |||
| KREUKHERSTELLEND 40 3 58 0,52 | |||
| FIJNE WAS 30 3 58 0,42 | |||
| WOL/ZIJDE (handwas) 30 | 2 | 54 | 0,35 |
1) De bepaling voor het vulgewicht is conform de norm EN 60456 Standard load.
2) Tip: programma-instellingen voor tests in overeenstemming met resp. EN 60 456 en IEC 60 456.
De verbruikswaarden kunnen van de aangegeven waarden afwijken, afhankelijk van de druk, de hardheid en de toevoertemperatuur van het water, de omgevingstemperatuur, het soort en de hoeveelheid wasgoed, het gebruikte wasmiddel, schommelingen in de netspanning en de gekozen extra functies.
Opstel- en aansluitaanwijzing
⚠️Veiligheidsinstructies voor het aansluiten
- Deze wasautomaat is niet geschikt als onderbouw.
- Voor de ingebruikname dient het apparaat op transportschade gecontroleerd te worden. Een beschadigd apparaat in geen geval aansluiten. Neem in geval van schade contact op met uw leverancier.
- Voor de ingebruikname dienen alle delen van de transportbeveiliging verwijderd te zijn. Anders kan er bij het centrifugeren schade aan het apparaat of aan naburige meubels, ontstaan.
- Voor de inbedrijfname dient de sproeiwaterbeveiliging op het apparaat aangebracht te zijn (zie "Transportbeveiliging verwijderen").
- De stekker altijd in een volgens de voorschriften geïnstalleerd geaard stopcontact steken.
- Bij een vaste aansluiting: een vaste aansluiting mag uitsluitend door een erkend vakman worden uitgevoerd.
- Controleer voor de ingebruikname of de op het kenplaatje van het apparaat vermelde nominale spanning met de netspanning en het stroomtype op de plaats van de opstelling overeenkomt. Ook de elektrische beveiliging die nodig is kunt u van het kenplaatje aflezen.
- Als werkzaamheden volgens de voorschriften aan de waterinstallatie van de wateraansluiting van de wasautomaat uitgevoerd dienen te worden, dienen deze door een erkende installatievakman te worden uitgevoerd.
- Als werkzaamheden volgens de voorschriften ten aanzien van de elektrische aansluiting van de wasautomaat op het stroomnet uitgevoerd dienen te worden, dienen deze door een erkende elektrotechnische vakman te worden uitgevoerd.
- De stroomtoevoerleiding van de wasautomaat mag uitsluitend door de klantendienst of een erkend vakman worden omgewisseld.
Aansluiten van het apparaat
Het apparaat transporteren

Waarschuwing! De wasautomaat is zwaar. Verwondinggevaar! Voorzichtigheid bij het optillen vereist.
- Het apparaat niet op het voorfront en niet op de rechter zijkant (vanaf de voorzijde gezien) neerleggen. De elektrische componenten kunnen nat worden.
- Het apparaat nooit zonder transportbeveiliging transporteren. De transportbeveiliging dient eerst op de plaats van de installatie verwijderd te worden! Het transporteren zonder transportbeveiliging kan tot beschadigingen van en aan het apparaat leiden.
- Het apparaat niet aan de geopende vuldeur en ook niet aan de sokkel optillen.
Bij het transporteren met een steekwagen:
- De steekwagen alleen via de zijkant onder het apparaat plaatsen.
Transportbeveiliging verwijderen
Let op! Voor de ingebruikname dienen alle delen van de transportbeveiliging verwijderd te worden! Transportbeveiliging voor een mogelijk later transport (verhuizing) bewaren.
-
Op de achterzijde van het apparaat de beide slanghouders openen en de slang evenals het netsnoer uitnemen.
-
De beide slanghouders met een krachtige ruk van het apparaat aftrekken.

De speciale sleutel A en de afsluit-doppen B (2 stuks) en C (1 stuk) zijn bij het apparaat gevoegd.
- Schroef D incl. drukveer met de speciale sleutel A verwijderen.
- Opening met de afsluitdop C afsluiten.
- De twee schroeven E met de speciale sleutel A uitschroeven.
- De vier schroeven F met de speciale sleutel A uitschroeven.
- Transportgeleiding G afnemen.
- De vier schroeven F weer inschroeven.
- De twee grote openingen met de afsluitdoppen B afsluiten.
Let op! Alle afsluitdoppen B (2 stuks) en C (1 stuk) zo krachtig indrukken dat deze in de achterwand vastklikken (sproeiwaterbescherming!).

Let op! Het apparaat mag niet in een aan vorst onderhevige ruimte worden gebruikt. Vorstschade of negatieve invloed op de functies! Vorstschade valt niet onder de garantie!
- De opstellingsplaats dient vast en egaal te zijn. Het apparaat niet op tapijt of zachte vloerbedekking opstellen.
- De opstellingsplaats dient schoon en droog te zijn en vrij te zijn van geleidende of glijdende oppervlakken zodat het apparaat niet weg kan glijden.
- Bij opstellingsplaatsen op een vloer voorzien van een klein formaat tegels dient een in de handel verkrijgbare en daarvoor geschikte rubbermat onder het apparaat geplaatst te worden.
Als het apparaat op een sokkel moet staan:
opdat het apparaat veilig op de sok- kel staat, moeten borgplaten*) wor- den gemonteerd waarmee het apparaat afgesteld kan worden.

Als het apparaat op een zwevende vloer dient te staan, bijv. een vloer van houten balken en houten vloerdelen:
het apparaat indien mogelijk in een hoek van de ruimte plaatsen.
-
Een waterbestendige houten plaat (minimale dikte: 15 mm) op ten minste twee vloerbalken vastschroeven.
-
Borgplaten*) op de houten plaat monteren, waarin het apparaat wordt afgesteld.
*) De borgplaten zijn bij de klantendienst verkrijgbaar.
Het apparaat juist afstellen

Automatische stelvoet: De voet links achter is een soort veer. Daardoor staat het apparaat stabiel, ook bij hoge centrifugetoerentallen.
De vier voeten van het apparaat zijn vooraf ingesteld.
Grove oneffenheden kunnen door het individueel instellen van de vier apparaatvoeten worden gecompenseerd.
Hiervoor dient de bijgeleverde speciale sleutel gebruikt te worden.
Let op! Kleine oneffenheden van het grondoppervlak niet met behulp van stukjes hout, karton of soortgelijke materialen compenseren, maar
door het afstellen van de verstelbare schroefvoeten.

Elektrische aansluiting
Gegevens over de netspanning, stroomtype en de vereiste beveiliging zijn op het kenplaatje weergegeven. Het kenplaatje is in het gebied van de invulopening aangebracht.
Wateraansluiting
Let op!
- Dit apparaat mag niet aan de warmwatervoorziening worden aangesloten!
- Bij het aansluiten dient uitsluitend een nieuwe slangenset gebruikt te worden.
- Het apparaat uitsluitend aan de drinkwaterleiding aansluiten. Regenwater of verbruikt water alleen dan gebruiken als de vereisten geheel in overeenstemming met DIN1986 en DIN1988 zijn.
- Toevoer- en afvoerslang niet in een knik leggen of verdraaien!
Toegestane waterdruk
De waterdruk dient ten minste 1bar (=10N/cm ^2 =0,1MPa) te zijn en mag ten hoogste 10bar (=100N/cm ^2 =1MPa) bedragen.
- Bij een druk hoger dan 10bar: een drukverlagingsventiel plaatsen.
- Bij een druk lager dan 1 bar: de toevoerslang aan de rechte kant van de magneetinlaatklep afschroeven en de doorstroomhoeveelheidregelaar uitnemen (tevens de zeef met een pincet verwijderen en de daaronder gelegen rubberen ring uitnemen). De zeef weer terugplaatsen.
Watertoevoer
Een drukslang met een lengte van 1,5meter is meegeleverd.
Indien een langere toevoerslang vereist is, dient uitsluitend een origine-le slang gebruikt te worden. De klantendienst heeft slangensets in diverse lengtes beschikbaar.

Afdichtringen zijn of in de kunststof moeren van de slangverbindingen geïntegreerd of in een separate verpakking bijgevoegd. Geen andere af-dichtingen gebruiken!
Let op! Alle slangverbindingen mo- gen uitsluitend met de hand vastge- draaid worden.
- De slang met de afgewikkelde aan-sluiting aan de machine aansluiten.
Let op! De toevoerslang niet loodrecht naar beneden, maar volgens de afbeelding naar rechts of naar links leggen.

-
De slang met de rechte aansluiting aan de waterkraan met schroefdraad R 3/4 (duim) aansluiten.
-
De kraan geleidelijk openen en controleren of alle aansluitingen dicht zijn.

Het hoogteverschil tussen de onderkant van de wasautomaat en de waterafvoer dient ten hoogste 1 meter te zijn.
Voor een verlenging mogen uitsluitend originele slangen worden gebruikt. (max. 3 meter, op de vloer gelegd en tot een hoogte van 80 cm). De klantendienst heeft afvoerslangen in diverse lengtes beschikbaar.
Waterafvoer via een sifon
De verbindingsplaats buis/sifon met een slangklem (in de vakhandel verkrijgbaar) vastzetten.

Waterafvoer via een wastafel/bad
Let op!
-Kleine wasbekkens zijn hier niet voor geschikt. Het water kan overlopen!
-Het uiteinde van de afvoerslang mag niet in het uitgepompte water ondergedompeld zijn. Anders kan het water teruggezogen worden!
-Bij afvoer via een wastafel of een bad dient de afvoerslang met het meegeleverde bochtstuk tegen wegglijden geblokkeerd te worden. Het uitlopende water kan anders de slang uit het bekken duwen.
—Bij het wegpompen controleren of het water voldoende snel afloopt.

Afvoerhoogtes van meer dan 1 meter
De afvoerpomp van de wasautomaat voert het sop tot op een hoogte van 1meter af, dit gerekend vanaf de onderkant van het apparaat.
Let op! Bij afvoerhoogtes van meer dan 1 meter kunnen storingen en beschadigingen aan het apparaat optreden.
Voor afvoerhoogtes van meer dan 1meter is een ombouwset verkrijgbaar. Neem hiervoor a.u.b. contact op met de klantendienst.
Garantievoorwaarden
Nederland
Onze producten worden met de grootst mogelijke zorgvuldigheid geproduceerd. Desondanks kan het voorkomen dat er een defect optreedt. Onze servicedienst zal dit op verzoek herstellen, zowel binnen als buiten de garantietermijn. De levensduur van het product wordt daardoor niet negatief beïnvloed.
Onderstaande garantievoorwaarden zijn gestoeld op de EU Richtlijn 99/44/EG en het Burgerlijk Wetboek. De daaruit voortvloeiende rechten blijven onverlet.
Ook de garantieverplichtingen van de verkoper naar de eindgebruiker blijven onaangetast.
Voor dit product verlenen wij garantie volgens onderstaande voorwaarden:
- Wij verhelpen kosteloos met inachtneming van de voorwaarden 2 tot en met 15 gebreken aan het product die zich openbaren binnen 24 maanden vanaf de datum van levering aan de eindgebruiker. In geval van professioneel of daarmee gelijk te stellen gebruik is de garantie beperkt tot 12 maanden. Voor tweedehands producten geldt eveneens een termijn van 12 maanden.
- De garantieprestatie houdt in dat het product kosteloos wordt teruggebracht in de toestand die het had voor het defect optrad. Gebrekkige onderdelen worden hersteld of vervangen. Kosteloos vervangen onderdelen worden ons eigendom.
- Het gebrek moet terstond gemeld worden om mogelijke verdere schade te voorkomen. De garantieanspraak vervalt indien het gebrek niet binnen twee maanden na vaststelling is gemeld.
- Voor een beroep op garantie dient het aankoopbewijs met aankoop- en/of leveringsdatum te worden overlegd. Bij ontbreken daarvan dient ander overtuigend bewijs te worden overlegd.
- De garantie heeft geen betrekking op schade aan kwetsbare onderdelen, zoals (vitrokeramisch) glas, kunststof, rubber, die ontstaan is door onzorgvuldig gebruik.
-
De garantie heeft geen betrekking op kleine afwijkingen van de gestelde kwaliteit die voor de waarde en deugdelijkheid van het product onbeduidend zijn.
-
De garantie geldt evenmin voor schade veroorzaakt door: a. chemische en elektrochemische inwerking van water, b. abnormale milieuomstandigheden in het algemeen, c. voor het product oneigenlijke bedrijfsomstandigheden, d. contact met agressieve stoffen.
-
De garantie heeft geen betrekking op gebreken door transportschade die buiten onze verantwoordelijkheid is ontstaan, niet-vakkundige installatie of montage, verkeerd gebruik, gebrekkig onderhoud, of het niet in acht nemen van de gebruiks- of montageaanwijzingen.
-
Het recht op garantie vervalt wanneer het defect werd veroorzaakt door herstelling of ingrepen door derden die niet bevoegd of niet deskundig zijn, of wanneer het product voorzien werd van toebehoren of onderdelen die niet origineel zijn en daardoor een defect veroorzaken.
-
Producten die gemakkelijk kunnen worden vervoerd dienen te worden overhandigd aan of gezonden naar onze servicedienst. Herstelling ter plaatse kan slechts worden gevraagd voor grote of ingebouwde producten.
-
Indien het product zodanig is ingebouwd, ondergebouwd, opgehangen of geplaatst dat de benodigde tijd voor het in- en uitbouwen samen meer dan 30 minuten bedraagt, worden de hierdoor ontstane extra kosten aan de gebruiker in rekening gebracht. Schade die ontstaat door abnormale in- of uitbouw komt ten laste van de gebruiker.
-
Indien binnen de garantieperiode de herstelling van hetzelfde defect herhaaldelijk mislukt of de herstellingkosten disproportioneel zijn wordt in overleg met de gebruiker een gelijkwaardige vervanging geleverd. In geval van vervanging behouden we ons het recht voor om een vergoeding te rekenen naar rato van de verstreken gebruiksperiode.
-
Herstelling onder garantie heeft geen verlenging van de garantietermijn noch aanvang van een nieuwe garantietermijn tot gevolg.
-
Op herstellingen geven wij een garantie van 12 maanden, uitsluitend op hetzelfde gebrek.
-
Verdere of andere aanspraken, in het bijzonder vergoeding van schade ontstaan buiten het product, zijn uitgesloten voor zover een aansprakelijkheid niet wettelijk is vastgelegd.
-
In geval van aansprakelijkheid zal een vergoeding de aankoopwaarde van het product niet overtreffen, tenzij wettelijk anders is bepaald.
Deze garantievoorwaarden gelden voor in Nederland gekochte en/of in gebruik zijnde producten. Indien een product naar het buitenland wordt gebracht dient de gebruiker na te gaan of het product voldoet aan de technische voorwaarden ( o.a. spanning, frequentie, installatievoorschriften, gassoort, klimaatomstandigheden) in het betreffende land. Voor in het buitenland aangeschafte
producten dient de gebruiker zich te vergewissen van de bepalingen in Nederland. Noodzakelijke of gewenste aanpassingen vallen niet onder de garantie, en kunnen niet altijd worden aangebracht.
Ook na afloop van de garantietermijn staat onze servicedienst u ter beschikking.
Adres Servicedienst:
Electrolux Service
Vennootsweg 1
2404 CG ALPHEN AAN DEN RIJN
Reparatievoorwaarden
Onze reparatievoorwaarden zijn conform de afspraak tussen de Consumentenbond en Vlehan*.
Art. 1 Aan de consument zal na een melding van een storing zo mogelijk direct, doch uiterlijk binnen één werkdag worden medegedeeld op welke dag het bezoek van de technicus zal plaatsvinden. De reparatie zal als regel binnen zeven werkdagen na de melding zijn uitgevoerd.
Art. 2
a) Alvorens de reparatie wordt verricht zal de technicus een onderzoek uitvoeren naar de vermoe-delijke oorzaak van de gemelde storing. Aan de hand hiervan zal hij een zo nauwkeurig mogelijke, gespecificeerde begroting maken van de totale reparatiekosten inclusief voorrijkosten en diag-nose-kosten. Desgevraagd zal deze begroting door de technicus schriftelijk worden vastgelegd. b) Indien de consument met het begrote bedrag niet akkoord gaat, zal op verzoek het te repareren toestel worden teruggebracht in de staat waarin het aan de technicus werd aangeboden. Nadat dit is geschied, zullen alleen de kosten van voorrijden en arbeidsloon in rekening worden gebracht op basis van de werkelijke bestede tijd, danwel van een vooraf vastgesteld tarief.
Art. 3 Indien tijdens het uitvoeren van de reparatie duidelijk wordt dat:
a) de oorspronkelijke reparatie door redelijkerwijs niet te voorziene omstandigheden niet tegen het begrote bedrag kan worden uitgevoerd, of b) ook andere dan in de begroting voorziene reparaties noodzakelijk zijn, zal overleg met de consument plaatsvinden en een herziene kostenbegroting worden gemaakt.
In geval de consument daarmee alsnog niet akkoord gaat, geldt eveneens het in artikel 2b bepaalde.
Art. 4 De reparatie zal zoveel mogelijk tijdens het eerste bezoek worden uitgevoerd. Indien om het toestel in werkende staat te brengen een tweede bezoek noodzakelijk is, zal:
a) direct, doch uiterlijk binnen één werkdag door de betreffende service-organisatie of door de technicus met de consument de datum voor een tweede bezoek worden afgesproken.
b) een herhalingsbezoek zal als regel binnen tien werkdagen na de melding plaatsvinden.
c) voor een tweede of daaropvolgend bezoek zal geen voorrijtarief in rekening worden gebracht, tenzij de noodzaak voor een herhalingsbezoek aan de consument is toe te schrijven.
Art. 5 De consument ontvangt een gespecificeerde rekening met vermelding van type en serie-nummer van het apparaat, omschrijving van de diagnose, toegepaste tarieven, gebruikte onderde- len en materialen en een korte omschrijving van de verrichte werkzaamheden. De betaling van de rekening dient tegen afgifte van een reparatienota direct contant of door middel van een gega-randeerd betaalmiddel plaats te vinden.
Art. 6 Op elke uitgevoerde en betaalde reparatie zal bij normaal huishoudelijk gebruik een volledige garantie van minimaal 3 maanden worden gegeven. Deze garantie omvat het kosteloos uitvoeren van een hernieuwde reparatie. Op de uitgewisselde en betaalde onderdelen geldt een garantietermijn van 12 maanden. Bij een beroep op garantie op de reparatie dient de consument op verzoek de gespecificeerde rekening van de voorgaande reparatie aan de technicus te overleggen.
Art. 7 Indien na driemaal uitvoeren van eenzelfde reparatie hetzelfde defect bij normaal huishoudelijk gebruik opnieuw optreedt binnen de onder art. 6 bedoelde garantietermijn en redelijkerwijs een afdoend resultaat bij het opnieuw uitvoeren van de reparatie niet verwacht kan worden, zal aan de consument een nieuw exemplaar of soortgelijk toestel van hetzelfde merk worden aangeboden tegen bijbetaling op basis van een per product te bepalen jaarlijks afschrijvingspercentage.
Art. 8 Vervangen onderdelen stelt de technicus weer ter beschikking van de consument, met uitzondering van de onder garantie of tegen een gereduceerde prijs vervangen onderdelen.
Art. 9 Een reparatie dient op zodanige wijze te worden uitgevoerd, dat een toestel daarna weer volledig voldoet aan de veiligheidsvoorschriften, die op grond van een van fabriekswege aangebracht veiligheidskeurmerk gelden, danwel bij het ontbreken daarvan, aan de wettelijke vereisten terzake. Dit houdt ondermeer in, dat reparaties moeten worden uitgevoerd met originele en door de fabrikant ook terzake van veiligheidskeurmerken en -voorschriften gegarandeerde onderdelen.
*) Vereniging Leveranciers van Huishoudelijke Apparaten in Nederland
Adres service-afdeling
Nederland
| AEG fabrieksservicePostbus 1202400 AC Alphen aan den Rijn | ||
| Service-informatielijn(voor bezoek servicetechnicus en onderdelen) | tel. 0172-468 300 | |
| Consumentenbelangen(voor algemene, product- ofgebruiksinformatie) | tel. 0172-468 172 | |
| www.aeg.nl | ||
Service
In het hoofdstuk "Wat is er aan de hand als ..." zijn enkele storingen beschreven die u zelf kunt opheffen. Lees in geval van storing eerst dit hoofdstuk. Als u daar geen aanwijzingen vindt, neemt u contact op met onze service-afdeling. (Adres en telefoonnummer vindt u in hoofdstuk "Adres service-afdeling".)
Bereid het gesprek altijd goed voor. Zo vergemakkelijkt u de diagnose en de beslissing of bezoek van een servicetechnicus nodig is.
Noteer PNC-nummer en S-nummer. Deze nummers vindt u op het typeplaatje aan de binnenzijde van de deur van de wasautomaat.
PNC

S-No. ....
Geef ook zo nauwkeurig mogelijk op:
•Hoe doet de storing zich voor?
- Onder welke omstandigheden treedt de storing op?
Wanneer ontstaan er voor u ook tijdens de garantietermijn kosten?
-als u de storing m.b.v. de storingstabel (zie hoofdstuk "Wat is er aan de hand als ..." ) zelf had kunnen opheffen,
-als onze service-technicus u verschillende malen moet bezoeken, omdat hij voor zijn bezoek niet alle belangrijke informatie heeft gekregen en nu bijv. onderdelen moet halen. Dit kunt u voorkomen als u uw telefoongesprek goed voorbereidt zoals boven beschreven.

De Electrolux Groep is de grootste producent ter wereld van aangedreven apparaten voor gebruik in de keuken, reinigingswerkzaamheden en voor gebruik buitenshuis. In meer dan 150 landen over de hele wereld worden ieder jaar meer dan 55 miljoen Electrolux producten (zoals koelkasten, fornuizen, wasautomaten, stofzuigers, kettingzagen en grasmaaiers) verkocht ter waarde van circa USD 14 miljard.
AEG Hausgeräte GmbH
Postfach 1036
D-90327 Nürnberg
Wijzigingen voorbehouden