COINTRA Supreme E - Boiler

Supreme E - Boiler COINTRA - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding

Vind de handleiding van het apparaat gratis Supreme E COINTRA in PDF-formaat.

📄 12 pagina's Nederlands NL Downloaden 💬 AI-vraag 10 vragen ⚙️ Specs
Notice COINTRA Supreme E - page 1
Kies uw taal en geef uw e-mailadres: we sturen u een specifiek vertaalde versie.
Soort apparaat Waterverwarmer (boiler) met volledig afgesloten kamer, atmosferische brander, elektronische ontsteking, gedwongen luchtcirculatie en microprocessorregeling
Modellen SUPREME 11 E TS, SUPREME 14 E TS, SUPREME 17 E TS
Gewicht (ongeladen) 13 kg (11 E), 14 kg (14 E), 17 kg (17 E)
Maximaal thermisch vermogen (Q) 21,7 kW (11 E), 26,9 kW (14 E), 32,9 kW (17 E)
Minimaal thermisch vermogen (Q) 8,3 kW (11 E), 10,3 kW (14 E), 12,6 kW (17 E)
Maximaal thermisch rendement 88,5% (11 E), 88,7% (14 E), 88,9% (17 E)
Gasvoedingsdruk (aardgas G20) 20 mbar
Maximaal gasdebiet (G20) 2,30 m³/h (11 E), 2,85 m³/h (14 E), 3,48 m³/h (17 E)
Minimaal gasdebiet (G20) 0,88 m³/h (11 E), 1,10 m³/h (14 E), 1,33 m³/h (17 E)
Ingebruikname gas (propaan) Omvormingskit nodig; druk G30: 28-30 mbar, G31: 37 mbar
Elektrische voeding 230 V / 50 Hz
Opgenomen elektrisch vermogen 40 W (11 E, 14 E), 55 W (17 E)
Beschermingsgraad IP X5D
Maximale werkdruk water 10 bar
Minimale werkdruk water 0,20 bar
Tapwaterdebiet bij 25°C 11 l/min (11 E), 13,7 l/min (14 E), 16,8 l/min (17 E)
Tapwaterdebiet bij 50°C 5,5 l/min (11 E), 6,9 l/min (14 E), 8,4 l/min (17 E)
Type rookafvoer C-type (C12-C82, B22); coaxiale of afzonderlijke buizen
Installatieomgeving Binnen of gedeeltelijk afgeschermd buiten (tot -5°C, met antivrieskit tot -15°C)
Onderhoudsfrequentie Jaarlijkse controle door erkend technicus
Veiligheidsvoorzieningen Oververhittingsbeveiliging, vlamdetectie, gasdrukbewaking, automatische diagnose
Garantie en reparatie Gebruik originele onderdelen; reparatie alleen door bevoegde technicus

Veelgestelde vragen - Supreme E COINTRA

Hoe stel ik de watertemperatuur in op mijn Cointra Supreme E boiler?
Gebruik de toetsen 1 (verlagen) en 2 (verhogen) op het bedieningspaneel om de temperatuur tussen 40°C en 50°C in te stellen. Het scherm toont de ingestelde temperatuur.
Wat moet ik doen als de boiler een foutcode A01 geeft?
Foutcode A01 betekent dat de brander niet ontstijgt. Controleer of de gastoevoer open is en of er gas aanwezig is. Controleer de ontstekingselektrode (schoon en correct geplaatst). Druk op de resetknop (6) gedurende 1 seconde. Als de fout terugkeert, schakel dan een erkend technicus in.
Is het mogelijk om de boiler te gebruiken op propaan in plaats van aardgas?
Ja, maar er is een omvormingskit nodig. De ombouw moet door een bevoegde technicus worden uitgevoerd. De injectoren van de brander moeten worden vervangen en de parameter 'b01' moet worden ingesteld op '01' voor LPG (propaan).
Waar moet ik op letten bij de installatie van de rookafvoer?
De rookafvoer moet van het C-type zijn (volledig afgesloten kamer). Gebruik coaxiale buizen (60/100 of 80/125) of afzonderlijke buizen (80 mm). Respecteer de maximale lengtes en gebruik de juiste diafragma's zoals aangegeven in de tabel. Zorg dat de afvoeruitgang niet geblokkeerd is.
Hoe activeer ik de antivriesbescherming?
De boiler heeft een ingebouwd antivriessysteem dat actief blijft zolang het apparaat op elektriciteit en gas is aangesloten. Als u de boiler langere tijd niet gebruikt in de winter, schakel hem dan niet helemaal uit; laat de stroom aan. Optioneel kunt u een antivrieskit (code 013009X0) laten installeren voor bescherming tot -15°C.
Wat betekent de melding 'd3' of 'd4' op het scherm?
De codes 'd3' en 'd4' zijn wachttijdindicaties na een storing. Na een bepaalde tijd zal de boiler automatisch opnieuw proberen te starten. Als de fout aanhoudt, noteer de foutcode en raadpleeg de storingslijst in de handleiding.
Hoe voer ik een reset uit bij een storing?
Druk gedurende 1 seconde op de resetknop (6 - fig.1) op het bedieningspaneel. Als de brander niet opnieuw ontsteekt, los dan de fout op volgens de foutcode. Alleen storingen die beginnen met 'A' kunnen met een reset worden opgeheven.
Moet ik de boiler jaarlijks laten onderhouden?
Ja, het wordt aanbevolen om jaarlijks een erkend technicus de boiler te laten controleren. Hij controleert de gasdruk, de brander, de warmtewisselaar, de elektroden en de rookafvoer. Dit garandeert een veilige en efficiënte werking.
Wat is de aanbevolen waterhardheid voor de boiler?
Als de waterhardheid hoger is dan 25°F (Franse hardheidsgraad), is het aan te raden het water te ontharden om kalkaanslag in de boiler te voorkomen.
Kan ik de boiler zelf installeren?
Nee, de installatie moet worden uitgevoerd door een bevoegde technicus. Dit omvat hydraulische aansluitingen, gasaansluiting, elektrische aansluiting en rookafvoer. Een verkeerde installatie kan leiden tot gevaarlijke situaties en schade.

Gebruikersvragen over Supreme E COINTRA

0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.

Stel een nieuwe vraag over dit apparaat

De e-mail blijft privé: deze wordt alleen gebruikt om u te waarschuwen als iemand op uw vraag reageert.

Nog geen vragen. Stel de eerste vraag.

Download de handleiding voor uw Boiler in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Supreme E - COINTRA en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Supreme E van het merk COINTRA.

GEBRUIKSAANWIJZING Supreme E COINTRA

NL - GEBRUIKS-, INSTALLATIE- EN ONDERHOUDSAANWIJZINGEN

NL

1. ALGEMENE OPMERKINGEN

• Lees de opmerkingen in deze gebruiksaanwijzing aandachtig door.
- Wanneer het apparaat geïnstalleerd werd, legt u de werking van het toestel aan de gebruiker uit en geeft u hem de gebruiksaanwijzing. Deze handleiding vormt een heel belangrijk onderdeel van het product en moet steeds op een veilige en makkelijk toegankelijke plek bewaard worden zodat deze makkelijk geraadpleegd kan worden.
- De installatie en het onderhoud moeten door een erkend technicus uitgevoerd worden. De geldende normen en de aanwijzingen van de fabrikant moeten steeds gevolgd worden. Met de verzegelde stelinrichtingen mag niet geprutst worden.
- Een incorrecte installatie of een slecht onderhoud kan persoonlijke of materiële schade veroorzaken. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door installatiefouten, foutief gebruik of, in het algemeen, door niet-naleving van de aanwijzingen veroorzaakt wordt.
- Alvorens schoonmaak- of onderhoudswerkzaamheden uit te voeren, dient u het apparaat uit te schakelen door op de schakelaar van de installatie te drukken of de stroomtoevoer op een andere manier te onderbreken.
- Bij een defect of bij foutieve werking, schakelt u het apparaat uit en laat u het door een gekwalificeerde technicus herstellen. Wend u enkel tot erkende technici. Enkel bevoegde technici mogen herstellingen aan het apparaat uitvoeren en onderdelen vervangen. Men mag enkel originele reserve-onderdelen gebruiken. Zo niet, kan de veiligheid van het apparaat in gevaar gebracht worden.
- Dit apparaat mag enkel gebruikt worden voor het doel waarvoor het ontworpen werd. Elk ander gebruik is verkeerd en dus gevaarlijk.
• De verpakkingsmaterialen vormen een potentiële bron van gevaar: bewaar ze steeds buiten het bereik van kinderen.
- De afbeeldingen in deze gebruiksaanwijzing vormen slechts een vereenvoudigde voorstelling van het product. Tussen deze voorstelling en het geleverde product bestaan kleine, doch onbelangrijke, verschillen.

2. GEBRUIKSAANWIJZINGEN

2.1 Voorstelling

SUPREME E TS is een high performance boiler voor de productie van warm tapwater, gevoed met aardgas of propaan en voorzien van een atmosferische brander met elektronische ontsteking, volledig afgesloten kamer met gedwongen luchtcirculatie en controlesysteem met microprocessor. De boiler kan zowel binnen als buiten, op een gedeeltelijk afgeschermde plek (zie norm EN 297/A6) met temperaturen die niet onder de -5 °C dalen, geïnstalleerd worden. (-15 °C met facultatief antivrieskit)

2.2 Bedieningspaneel

Paneel

2 1 8 7 6 + - 88° reset+

fig. 1 - Controlepaneel

Legende paneel fig.1

1 Toets om de temperatuur van het WTW te verlagen
2 Toets om de temperatuur van het WTW te verhogen
3 OFF-symbol
4 Melding activating WTW
5 Scherm
6 Ontgrendeltoets (reset)
7 Toets om het apparaat aan of uit te zetten
8 Melding multifunctie
9 Melding ontstoken brander en huidig vermogen (knippert bij verbrandingsstoringen)
10 Aansluiting voor Service Tool

Melding tijdens de werking

Wanneer er tapwater wordt afgenomen, verschijnt de temperatuur van het stromende WTW op het scherm. (5 - fig.1).

Storing

Bij storingen (zie hoofdstuk 4.4), verschijnt er een foutmelding op het scherm (5 - fig.1). Tijdens de wachttijd verschijnen de codes "d3" en "d4" op het scherm.

2.3 Aan- en uitzetten

Aansluiting op het elektriciteitsnet

• Gedurende de eerste vijf seconden, wordt op het scherm de software versie van de kaart aangegeven.
- Draai het gas aan de voorkant van het apparaat open.
- Het apparaat zal automatisch in gang schieten wanneer een kraan voor warm tapwater wordt opengedraaid.

Het apparaat aan- en uitzetten

Druk gedurende 1 seconde op de on/off-toets (7 - fig.).

COINTRA Supreme E - Aansluiting op het elektriciteitsnet - 1
fig. 2. Het apparaat uitzetten

Wanneer u het apparaat uitzet, blijft de elektronische kaart aangesloten. De productie van warm tapwater wordt stopgezet. Het antivriessysteem blijft actief. Om het apparaat opnieuw aan te zetten, drukt u nogmaals gedurende 1 seconde op de on/off-toets (7 - fig.).

25℃

fig. 3

Het apparaat zal aanspringen wanneer een kraan voor warm tapwater wordt opengedraaid.

Wanneer het apparaat van het elektriciteitsnet of de gastoevoer wordt losgekoppeld, werkt het antivriessysteem niet meer. Wanneer het apparaat gedurende een lange periode in de winter niet gebruikt wordt, is het raadzaam het water uit de boiler te laten om vriesschade te voorkomen.

2.4 Regelingen

Regeling van de temperatuur van het tapwater

Met de toetsen (1 en 2 - fig. 1) kan de temperatuur van het tapwater tussen 40°C en 50°C geregeld worden.

COINTRA Supreme E - Regeling van de temperatuur van het tapwater - 1
fig. 4

3. MONTAGE

3.1 Algemene bepalingen

DE BOILER MAG ENKEL DOOR EEN BEVOEGDE TECHNICUS GEINSTALLEERD WORDEN. ALLE AANWIJZINGEN IN DEZE HANDLEIDING, GELDENDE WETTEN, NATIONALE EN LOKALE NORMEN EN TECHNISCHE REGELS MOETEN NAGELEEFD WORDEN.

3.2 Installatieplaats

De verbrandingsruimte is volledig van de omgeving afgesloten. Het apparaat kan dus in eender welke kamer geïnstalleerd worden. De installatieruimte moet echter een goed geventileerde ruimte zijn om gevaarlijke situaties bij een eventuele gaslek te voorkomen. De Richtlijn CE 90/396 legt deze veiligheidsnorm voor alle gasapparaten, ook die met een volledig afgesloten kamer, vast. Het apparaat is geschikt om op een gedeeltelijk afgeschermde plek, zie norm EN 297 pr A6, bij temperaturen die niet onder de -5 °C dalen (-15 °C met facultatief antivrieskit) te werken. Het is raadzaam de boiler onder de vooruitstekende rand van het dak, op een balkon of in een afgeschermde holte te installeren.

Het apparaat mag onder geen beding op een plek met stof, corosieve gassen of ontvlambare voorwerpen of materialen geïnstalleerd worden.

Het apparaat kan aan de muur gehangen worden. Maak het apparaat aan de muur vast en respecteer steeds de afstanden die op de tekening op het voorblad worden aangegeven.

Als het apparaat in een meubel of naast andere voorwerpen wordt geïnstalleerd, moet u steeds ruimte rondom overlaten om de bekisting te kunnen demonteren en normale onderhoudsactiviteiten te kunnen uitvoeren.

3.3 Hydraulische aansluitingen

Opmerkingen

Alvorens het apparaat aan te sluiten, dient u na te gaan of het apparaat gereed is om met de beschikbare soort brandstof te werken en alle buizen van de installatie schoon te maken.

Sluit het apparaat volgens de tekening op het voorblad en de symbolen op het apparaat aan.

Kenmerken van het water van de installatie

Als de hardheid van het water hoger is dan 25° Fr (1 °F = 10 ppm CaCO3), dan moet het water verzacht worden om kalkaanslag in de boiler te voorkomen.

3.4 Gasaansluiting

Sluit de gastoevoer, volgens de geldende regels, met een stijve, metalen buis of een buigzame buis van roestvrij staal op de overeenkomstige aansluiting aan (zie afbeelding op het voorblad) en voorzie een afsluitkraan tussen de installatie en de boiler. Controleer of alle gasaansluitingen volledig afgesloten werden.

3.5 Elektrische aansluitingen

Opmerkingen

Het apparaat moet van een efficiënte aarding, zoals in de veiligheidsnormen vermeld staat, voorzien worden. Vraag een erkend technicus de efficiëntie en de compatibiliteit van het aardingssysteem te controleren. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die door het gebrek aan aarding veroorzaakt wordt.

Bij de boiler wordt een Y-kabel zonder stekker voor de aansluiting op het elektriciteitsnet geleverd. Het toestel moet op het netwerk met een vaste aansluiting en een tweepolige schakelaar met een opening tussen de contacten van minstens 3 mm, aangesloten worden; er moeten zekeringen van max. 3A tussen de boiler en de lijn geplaatst worden. Het is belangrijk dat de polariteiten (LIJN: bruine kabel / NEUTRAAL: blauwe kabel / AARDE: geel-groene kabel) van de aansluitingen op de elektriciteitsleiding in acht genomen worden.

De voedingskabel van het apparaat mag niet door de gebruiker vervangen worden. Als de kabel beschadigd werd, zet u het apparaat uit en belt u een bevoegde technicus om de kabel te vervangen. Gebruik enkel HAR H05 VV-F kabels van 3x0,75 mm2 met een buitendiameter van maximaal 8 mm.

3.6 Rookkanalen

Opmerkingen

Dit apparaat behoort tot het C-type met volledig afgesloten kamer en kunstmatige trek, de luchttoevoer en de rookafvoer moeten op de hieronder beschreven systemen aangesloten worden. Het apparaat werd goedgekeurd om met alle soorten Cny-schoorsteenconfiguraties die op de naamkaart vermeld staan te werken. Het is echter mogelijk dat het gebruik van sommige configuraties door lokale wetten, normen of voorschriften beperkt of verboden wordt. Alvorens het apparaat te installeren, dient u de relevante normen te raadplegen en goed na te lezen. Respecteer steeds de bepalingen over de locatie van de uiteinden op de muur of het plafond en de minimumafstanden tot ramen, muren, verluchtingsgaten, etc.

Diafragma's

Om het apparaat te gebruiken, dient u eerst de diafragma's te plaatsen die bij het toestel geleverd worden Controleer of het diafragma, als u er één gebruikt, het geschikte is en correct geïnstalleerd werd.

A ①↑ ②↑

A Vervanging van het diafragma wanneer het apparaat nog niet geplaatst werd

Aansluiting met coaxiale buizen

C₁ₓ C₃ₓ C₃ₓ C₃ₓ C₁ₓ C₁ₓ

fig. 5 - Voorbeelden van verbindingen met coaxiale buizen (= lucht /= rook)

Tabel. 1 - Type

Type Beschrijving
C1X Horizontale aanzuiging en afvoer op de muur
C3X Verticale aanzuiging en afvoer op het plafond

Voor een coaxiale aansluiting, dient u één van de volgende accessoires in het apparaat te plaatsen. Raadpleeg de afbeelding op het voorblad voor de boordieptes in de muur.

A= 0100 340X0 / 4743 B = 4744 C = 010 032 X0/47 42 A Ø102 Ø52 112 25 Ø80 Ø100 B Ø1 25 Ø80 120 25 Ø60 C Ø60 Ø100 Ø8 118 fig. 6 - Accesorés iniciales para conductoscoaxiales

fig. 6 - Accessoires voor coaxiale buizen

Tabel. 2 - Diafragma's voor coaxiale buizen

Coaxiaal 60/100 Coaxiaal §0/125
Maximale toegestane lengte4 m10 m
Knikreductiefactor van 90°. 1m 0,5 m
Knikreductiefactor van 45°. 05 m 0,25 m
DiafragmaModelModel
0 tot 2 mSUPREME 11 E TS = ∅ 43SUPREME 14 E TS = ∅ 50SUPREME 17 E TS = ∅ 500 ÷ 3 mSUPREME 11 E TS = ∅ 43SUPREME 14 E TS = ∅ 50SUPREME 17 E TS = ∅ 50
2 ÷ 4 mzonder diafragma 3 ÷ 10 mzonder diafragma

Aansluiting met afzonderlijke buizen
C5x C3x B2x C1x max 50 cm

fig. 7 - Voorbeelden van verbindingen met afzonderlijke buizen (= lucht /= rook)

Tabel. 3. Type

TypeBeschrijving
C1XHorizontale aanzuiging en afvoer op de muur. De toevoer- en afvoeruiteinden moeten concentrisch zijn of zich voldoende dicht bij elkaar bevinden (maximale afstand 50 cm) zodat ze aan dezelfde windomstandigheden blootgesteld worden.
C3XVerticale aanzuiging en afvoer op het plafond. Dezelfde toevoer- en afvoeruiteinden als de C12
C5XAfzonderlijke aanzuiging en afvoer op de muur of het plafond of, alleszins, op plaatsen met een verschillende druk. De aanzuiging en de afvoer mogen niet op tegenoverliggende muren geplaatst worden.
C6XAanzuiging en afvoer door afzonderlijke, erkende buizen (EN 1856/1)
B2XAanzuiging van de installatielucht en afvoer op de muur of het plafondBELANGRIJK - HET LOKAAL MOET VOORZIEN ZIJN VAN EEN GESCHIKT VENTILATIESYSTEEM

Om de afzonderlijke buizen aan te sluiten, dient u het volgende accessoire in het apparaat te plaatsen:

120 Ø82 Ø82 136

fig. 8 - Accessoire voor afzonderlijke buizen code 010031X0 / 4740

Alvorens het apparaat te installeren, dient u het diafragma dat u gaat gebruiken te checken en met een eenvoudige berekening na te gaan of dit diafragma de maximale toegestane lengte niet overschrijdt:

  1. Ontwerp het hele systeem van afzonderlijke schoorstenen, inclusief accessoires en afvoeruiteinden.
  2. Raadpleeg tabel 5 en bepaal het drukverlies in meters voor elk onderdeel volgens de plaatsing in de installatie.
  3. Check in tabel 4 of de totale verliessom kleiner of gelijk is aan de maximale toegestane lengte.

Tabel. 4 - Diafragma's voor afzonderlijke buizen

SUPREME E TS
Maximale toegestane lengteModelLengte
SUPREME E TS ^65m eq
SUPREME 14 E TS ^55m eq
SUPREME 17 E TS ^45m eq
Geschikt diafragmaModelLengteDiafragma
SUPREME 11 E TS ^0 - ^35m eq∅ 43
^35 - ^65m eqZonder diafragma
SUPREME 14 E TS ^0 - ^30m eq∅ 50
^30 - ^55m eqZonder diafragma
SUPREME 17 E TS ^0 - ^25m eq∅ 50
^25 - ^45m eqZonder diafragma

Tabel. 5 - Accessoires

Verlies in meters
LuchttoevoerRookafvoer
VerticaalHorizontaal
∅ 80BUIS0,5 m M/H 1KWMA38A 0,5 0,5 1
1 m M/H 1KWMA83A 1 1 2
2 m M/H 1KWMA06K 2 2 4
KNIK45° H/H 1KWMA01K 1,22,2
45° M/H1KWMA65A 1,22,2
90° H/H 1KWMA02K 23
90° M/H1KWMA82A 1,52,5
90° M/H + testaansluitpunt1KWMA70U1,52,5
KOPPELSTUKmet testaansluitpunt1KWMA16U0,20,2
voor de afvoer van condensaat1KWMA55U -3
Tvoor de afvoer van condensaat1KWMA05K-7
UITEINDElucht langs de muur1KWMA85A2-
rook langs de muur met windafscherming1KWMA86A-5
SCHOORSTEENLucht/rook afzonderlijk 80/801KWMA84U -12
Enkel rookafvoer ∅ 801KWMA83U + 1KWMA86U-4

4. WERKING EN ONDERHOUD

Alle afstelingswerkzaamheden, de inbedrijfstelling en de periodieke controles die hieronder beschreven worden, moeten door bevoegde technici uitgevoerd worden.

COINTRA is niet verantwoordelijk voor persoonlijke of materiële schade die veroorzaakt wordt door de manipulatie van het apparaat door onbevoegde personen.

4.1 Regelingen

Verandering van gas

De omvorming voor de werking met een ander dan het in de fabriek voorziene gas moet door een bevoegde technicus uitgevoerd worden. Men moet steeds originele stukken gebruiken en de geldende nationale normen moet steeds gevolgd worden.

Het apparaat kan op methaangas of LPG werken. Wanneer het apparaat geleverd wordt, is het gemaakt om op één van de twee gassen die op de verpakking en op de naamkaart vermeld staan, te werken. Om een ander gas te gebruiken moet de omvormingskit op de volgende manier geplaatst worden:

  1. Verwijder de injectoren van de hoofdbrander en plaats de injectoren voor het te gebruiken gas die op de naamkaart vermeld staan.

  2. Wijzig de overeenkomstige parameter volgens het soort gas:

• Zet de boiler op standby.
• Druk gedurende 20 seconden op de on/off-toets: op het scherm knippert de melding "b01".
- Druk op de toetsen van het WTW (1 en 2 - fig. 1) om 00 (methaangas) of 01 (LPG) te configureren.
- Druk gedurende 20 seconden op de on/off-toets (7 - fig. 1).
- De boiler keert terug naar standby.

  1. Stel de minimum- en de maximumdruk van de boiler af (zie desbetreffende paragraaf) volgens de waarden die in de tabel met technische gegevens voor het soort gebruikt gas, aangegeven worden.

  2. Kleef het label uit de omvormingskit op de naamkaart om de wijziging aan te geven.

Activering van de TEST-modus

Zet de kraan open en laat het tapwater lopen tot de WTW-modus geactiveerd wordt.

Druk tegelijkertijd gedurende 5 seconden op de toetsen (1 en 2 - fig.1) om de TEST-modus te activeren. De boiler springt op met het maximaal geprogrammeerde vermogen voor WTW zoals in de volgende paragraaf wordt beschreven.

Op het scherm verschijnt het bedrijfsvermogen voor WTW.

COINTRA Supreme E - Activering van de TEST-modus - 1

Druk op de toetsen (1 y 2 - fig. 1) om het vermogen te verhogen of te verlagen (min=0%, max=100%).

Om de TEST-modus te desactiveren, drukt u gedurende 5 seconden tegelijkertijd op de toetsen

(1 y 2 - fig.1).

De TEST-modus wordt na 15 minuten of wanneer de warmwaterkraan wordt dichtgedraaid, automatisch gedesactiveerd. Op voorwaarde dat de waterafname voldoende groot was om de WTW-modus te activeren.

Regeling van de druk van de brander

Dit apparaat met vlammodulatie heeft twee vaste drukwaarden: een minimum en een maximum die voor elke soort gas op de naamkaart aangegeven worden.

  • Sluit een geschikte manometer aan op het meetpunt "B" dat zich aan de onderkant van de gasklep bevindt.
  • Activeer de TEST-modus (zie hoofdstuk 4.1).
    • Druk gedurende 2 seconden op de off-toets (7 - fig.1), de kalibratiemodus van de gasklep wordt geactiveerd.
  • Met de kaart kan de parameter "q02" geconfigureerd worden. De huidige, opgeslagen waarde wordt getoond als u op de toetsen van het tapwater drukt.
  • Als de druk die op de manometer afgelezen wordt van de maximale, nominale waarde verschilt, verhoogt of verlaagt u parameter "q02" met de toetsen voor het afstellen van het tapwater per interval van 1 tot 2 eenheden. Na elke verandering wordt de waarde in het geheugen opgeslagen; wacht 10 seconden tot de druk stabiliseert.

• Druk op de off-toets (7 - fig. 1).

- Met de kaart kan de parameter "q01" geconfigureerd worden. De huidige, opgeslagen waarde wordt getoond als u op de toetsen van het tapwater drukt.

- Als de druk die op de manometer afgelezen wordt van de minimale, nominale waarde verschilt, verhoogt of verlaagt u parameter "q01" met de toetsen voor het afstellen van het tapwater per interval van 1 tot 2 eenheden. Na elke verandering wordt de waarde in het geheugen opgeslagen; wacht 10 seconden tot de druk stabiliseert.

- Controleer de twee regelingen opnieuw met de off-toets (7 - fig. 1) en corrigeer ze, indien nodig, zoals hierboven aangegeven wordt.

- Als u gedurende 2 seconden op de off-toets drukt, keert u terug naar de TEST-modus.

- Desactiveer de TEST-modus (zie hoofdstuk 4.1).

• Koppel de manometer los.

COINTRA Supreme E - Regeling van de druk van de brander - 1

A - Meetpunt waterduk bovenaan
B - Meetpunt waterdruk onderaan
I - Elektrische aansluiting van de gasklep
R - Gasafvoer
S - Gastoevoer

-24Ω -6Ω

fig. 11 - Aansluiting van de gasklep

TYPE SGV100

Pi máx. 65 mbar

24 Vcc - soort B+A

fig. 10 - Gasklep

Regeling van het productievermogen van WTW

Om het productievermogen van WTW af te stellen dient het apparaat in TEST-modus gezet te worden (zie 4.1). Druk op de toetsen "+" en "-" (1 y 2 - fig. 1) om het vermogen te verhogen of te verlagen (min=00, max=100). Als u binnen de 5 seconden op de RESET-toets drukt wordt het maximaal vermogen geprogrammeerd. Verlaat de TEST-modus (zie 4.1).

4.2 Inbedrijfstelling

Alvorens de boiler aan te zetten

  • Controleer de dichtheid van de gasinstallatie.
  • Vul de hydraulische installatie en ontlucht de boiler en het circuit.
  • Controfeer de installatie en het apparaat op waterlekken.
  • Controleer of de aansluiting op de elektrische aansluiting en de aarding geschikt zijn.
  • Controleer of de gasdruk de juiste is.
    • Controleer of er zich geen ontvlambare vloeistoffen of materialen in de buurt van de boiler bevinden.

Controles tijdens de werking

• Zet het apparaat aan.
- Controleer de dichtheid van de water- en de brandstofinstallaties.
- Controleer de efficiëntie van de schoorsteen en de lucht- en rookkanalen tijdens de werking van de boiler.
• Ga na of de gasklep correct moduleert.
- Controleer of de boiler correct aanspringt door het apparaat verschillende malen met de luchtthermostaat of de afstandsbediening aan- en uit te zetten.
- Ga na of het gasverbruik op de teller overeenkomt met het verbruik dat in de tabel met technische gegevens in hoofdstuk 5 wordt aangegeven.

4.3 Onderhoud

Periodieke controles

Om het rendement van het apparaat te verzekeren, dient een gekwalificeerde technicus elk jaar volgende punten te controleren:

- Correcte werking van de stuur- en veiligheidsinrichting (gasklep, stroommeter, etc.).

  • Correcte werking van de rookafvoer.
    • Lucht- en rookkanalen en -uiteinden zonder obstakels of verlies.
  • Schone brander en wisselaar zonder vuil of kalkaanslag. Gebruik geen chemische producten of stalen borstels om het apparaat schoon te maken.
    • Kalkvrije en goed geplaatste elektrode.

COINTRA Supreme E - Periodieke controles - 1

fig. 12 - Plaatsing van de elektrode

  • Volledig afgesloten brandstof- en waterinstallaties.
  • Gasdebiet en -druk volgens de in de tabel aangegeven waarden.

4.4 Oplossing van problemen

Diagnose

De boiler werd voorzien van een geavanceerd autodiagnosesysteem. Wanneer er zich een probleem voordoet, knippert het storingssymbool op het scherm en wordt de respectievelijke code getoond.

Enkele storingen, ze worden met de letter "A" aangegeven, veroorzaken een permanente blokkering. Om het apparaat opnieuw te laten werken, drukt u gewoon gedurende 1 seconde op de RESET-toets (6 - fig. 1). Als de boiler niet opnieuw aanspringt, moet de storing opgelost worden.

De storingen die met de letter "F" aangegeven worden veroorzaken een overgangsblokkering die automatisch eindigt wanneer de waarde weer binnen de normale werkingswaarden van de boiler valt.

Lijst van storingen

Tabel. 6

StoringscodeStoring Mogelijke oorzaak Oplossing
A01De brander springt niet aanTe weinig gasControleer of het gas correct tot bij de boiler komt en ga na of er geen lucht in de buizen zit.
Storing aan de elektrodeControleer of de elektrode goed geplaatst een aangesloten werd en vrij van kalkaanslag is
Beschadigde gasklepControleer de gasklep en vervang de klep indien nodig
Beschadigde bedrading van de gasklepControleer de bedrading
Te laag ontstekingsvermogenRegel het ontstekingsvermogen
A02Vlamsignaal met brander uitStoring aan de elektrodeControleer de bedrading van de ionistaie-elektrode
Storing aan de kaart Controleer de kaart
A03De beveiliging tegen te hoge temperaturen springt aanDe WTW-sensor is stukControleer de plaatsing en de werking van de WTW-sensor
Het water circuleert niet Controleer de stroom
F04Storing aan de parameters van de kaartEen parameter van de kaart werd fout geconfigureerdControleer de parameter van de kaart en wijzig indien nodig
F05Storing aan de parameters van de kaartEen parameter van de kaart werd fout geconfigureerdControleer de parameter van de kaart en wijzig indien nodig
Storing aan de ventilatorBeschadigde bedrading Controleer de bedrading
Beschadigde ventilator Controleer de ventilator
Storing aan de kaart Controleer de kaart
A06Er is geen vlam na de ontstekingsfaseLage druk in het gasnet Controleer de gasdruk
Regeling van de minimale druk van de branderControleer de druk
F07Storing aan de parameters van de kaartEen parameter van de kaart werd fout geconfigureerdControleer de parameter van de kaart en wijzig indien nodig
A09Storing aan de gasklepBeschadigde bedrading Controleer de bedrading
Beschadigde gasklepControleer de gasklep en vervang de klep indien nodig
F10Storing aan de WTW-sensor 1Beschadigde sensorControleer de bedrading of vervang de sensor
Kortsluiting in de bedrading
Beschadigde bedrading
F14Storing aan de WTW-sensor 2Beschadigde sensorControleer de bedrading of vervang de sensor
Kortsluiting in de bedrading
Beschadigde bedrading
A16Storing aan de gasklepBeschadigde bedrading Controleer de bedrading
Beschadigde gasklepControleer de gasklep en vervang de klep indien nodig
F20Storing aan de brandstofcontroleStoring aan de ventilatorControleer de ventilator en de respectievelijke bedrading
Incorrect diafragmaControleer het diafragma en vervang indien nodig
Schoorsteen met foutieve afmetingen of slechte plaatsingControleer de schoorsteen
A21Storing door slechte verbranding StoringF20 doet zich in 10 minuten 5 maal voorZie storing F20.
F34Voedingsspanning lager dan 180VProblemen aan het elektriciteitsnet Controleer de elektrische installatie
F35 Abnormale netfrequentie Problemen aan het elektriciteitsnet Controleer de elektrische installatie
A41 Plaatsing van de sensorDe WTW-sensor is van de buis losgekomenControleer de plaatsing en de werking van de sensor
F42 Storing aan de WTW-sensor Beschadigde sensor Vervang de sensor
F50Storing aan de gasklepBeschadigde bedrading van de modulerende aandrijverControleer de bedrading
Beschadigde gasklepControleer de gasklep en vervang de klep indien nodig
A51Storing door slechte verbranding Verstopping van de aanzuig- of afvoerleidingControleer de schoorsteen

Tabel. 7 - Legende van de afbeeldingen in hoofdstuk 5

5Volledig afgesloten kamer
7Gastoevoer
8TW-afvoer
9TW-toevoer
16Ventilator
19Verbrandingskamer
20Brandersgroep
21Hoofdinjector
22Brander
27Koperen wisselaar

R1 - R2 - R3 - R4
Elektrische verwarmingselementen

28 Rookcollector

29 Collector rookafvoer

38 Stroom

44 Gasklep

73 Antivriesthermostaat (niet inbegrepen)

81 Elektrode

187 Rookdiafragma

288 Facultatief antivrieskit code 013009X0

344 Dubbele sensor (WTW + veiligheid)

5.1 Algemeen overzicht en belangrijkste onderdelen
COINTRA Supreme E - Lijst van storingen - 1

fig. 13 - Algemeen overzicht

5.3 Tabel met technische gegevens

Gegeven EenheidSUPREME 11 E TSSUPREME 14 E TSSUPREME 17 E TS
Maximale warmtecapaciteit kW 217 26,932,9 (Q)
Minimale warmtecapaciteit kW 8,310,3 12,6 (Q)
Maximaal thermisch vermogen kW19,2 23,9 29,2
Minimaal thermisch vermogen kW7,1 8,810,7
Rendement Pmax % 88,5 88,7 88.9
Injectoren brander G20 n° x ∅ 10 x1,25 12 x 1,25 14 x 125
Gasvoedingsdruk G20mbar 202020
Maximale druk brander met G20mbar131415
Minimale druk brander met G20mbar222
Maximaal gasdebiet G20m3/h2,302,853,48
Minimaal gasdebiet G20m3/h0,881,101,33
Injectoren brander G30 n° x ∅ 10 x0,77 12 x 0,77 14 x 077
Gasvoedingsdruk G30mbar28 ÷ 3028 ÷ 3028 ÷ 30
Maximale druk brander met G30mbar27,5 27,527,5
Minimale druk brander met G30mbar555
Maximaal gasdebiet G30kg/h1,70 2,112,58
Minimaal gasdebiet G30 kg/h0,65 080 0,99
Injectoren brander G31 n° x ∅ 10 x0,77 12 x 0,77 14 x 077
Gasvoedingsdruk G31mbar 373737
Maximale druk brander met G31mbar353535
Minimale druk brander met G31mbar555
Maximaal gasdebiet G31kg/h1,70 2,112,58
Minimaal gasdebiet G31 kg/h0,65 080 0,99
Maximale werkingsdrukbar101010(PMS)
Minimale werkingsdrukbar 020 0,20 0,20
TW-debiet bij 25 °Cl/min 11 13,7 16,8
TW-debiet bij 50 °Cl/min5,56,98,4(D)
BeschermingsgraadIPX5DX5DX5D
VoedingsspanningV/Hz230 V230 V230 V
Geabsorbeerd elektrisch vermogenW404055
Ongeladen gewichtkg131417
Soort apparaatC12-C22-C32-C42-C52-C62-C72-C82-B22
PIN CE0461CL0983
Handleidingassistent
Aangedreven door Anthropic
Wachten op uw bericht
Productinformatie

Merk : COINTRA

Model : Supreme E

Categorie : Boiler