KWT 1611 VI - Koelkast MIELE - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis KWT 1611 VI MIELE in PDF-formaat.
| Producttype | Wijnklimaatkast |
| Merk | Miele |
| Model | KWT 1611 VI |
| Inbouwbreedte | 610 – 613 mm |
| Inbouwhoogte | 2134 mm |
| Nettogewicht (leeg) | 153 kg |
| Gewicht (vol beladen) | 319 kg |
| Elektrische aansluiting | 220 – 240 V, 50 Hz, 10 A |
| Aantal zones | 3 (boven, midden, onder) |
| Temperatuurbereik | 3 °C tot 18 °C (per zone) |
| Luchtvochtigheid | Instelbaar (hoog/laag), 60–70% aanbevolen |
| Flessencapaciteit | 102 flessen (Bordeaux 0,75 l) |
| Koelmiddel | Isobutaan (R600a) |
| Klimaatklasse | SN (10–32 °C), N (16–32 °C), ST (16–38 °C), T (16–43 °C) |
| Verlichting | LED binnenverlichting, presenteerverlichting instelbaar |
| Filters | 2 actieve koolstoffilters (vervangbaar) |
| Alarmsysteem | Temperatuur- en deuralarm met zoemer |
| Bediening | Sensortoetsen met gele achtergrondverlichting |
| Reiniging | Lauwwarm water met mild reinigingsmiddel; geen stoomreiniger |
| Omkiepbeveiliging | Inclusief bevestigingsmateriaal voor inbouwkast |
| Garantie | 2 jaar |
Veelgestelde vragen - KWT 1611 VI MIELE
Gebruikersvragen over KWT 1611 VI MIELE
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Koelkast in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding KWT 1611 VI - MIELE en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. KWT 1611 VI van het merk MIELE.
GEBRUIKSAANWIJZING KWT 1611 VI MIELE
Gebruiks- en montage-aanwijzing

voor de wijnklimaatkasten
KWT 1601 Vi
KWT 1611 Vi
Lees beslist de gebruiksaanwijzing
voordat u uw apparaat plaatst,
installeert en in gebruik neemt.
Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt
onnodige schade aan uw apparaat.
n l - N L
M.-Nr. 07 930 870
Beschrijving van het apparaat 4
Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu 6
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen....7
Het besparen van energie 11
Het in- en uitschakelen van de wijnklimaatkast 12
Het inschakelen van de wijnklimaatkast 12
Het bedienen van de wijnklimaatkast 12
Het uitschakelen van de wijnklimaatkast....14
Overige instellingen 14
Bij langere afwezigheid 15
De optimale temperatuur....16
Temperatuur 16
Het instellen van de temperatuur....16
Isolatieplaten voor de thermische scheiding....18
Het instellen van de temperatuureenheid (Fahrenheit / Celsius) ..... 18
Temperatuuraanduiding 19
De optimale luchtvochtigheid 20
Luchtvochtigheid 20
Optimale luchtverversing door actief koolstoffilters....21
Waarschuwingssysteem 22
Hoe kunnen wij het waarschuwingssysteem inschakelen?....22
Temperatuuralarm 22
Het voortijdig uitschakelen van het temperatuuralarm 22
Deuralarm 23
Het voortijdig uitschakelen van het deuralarm 23
Het opslaan van wijn 24
Flessenstein 25
Maximale beladingscapaciteit. 25
Presenteerverlichting 26
Het ontdooien van de wijnbewaarkast 27
Het reinigen van de wijnklimaatkast 28
Het reinigen van de binnenruimte en de losse delen 28
Het reinigen van de deurdichtingen 29
Het reinigen van de ventilatieroosters 29
Actief koolstoffilters 29
Nuttige tips 30
Geluiden en de oorzaken ervan 33
Afdeling Klantcontacten / Garantie 34
Elektrische aansluiting 35
Tips voor het plaatsen van het apparaat 36
Plaats van opstelling 36
Bodem van de inbouwkast 37
Draairichting van de deur 37
Meubels 37
Ventilatieroosters 37
Side-by-side-opstelling 38
Het verkleinen van de openingshoek van de deur 39
Afmetingen van de deur van het apparaat (bij een openingshoek van minstens 90°) 40
Afmetingen van de deur van het apparaat (bij een openingshoek van minstens 115°) 40
Inbouwmaten 41
Aansluiting op de elektriciteit. 42
Maten van het meubelfront 42
Het inbouwen van het apparaat 43
Benodigd gereedschap en benodigde accessoires....43
Gewicht van de meubelfronten 44
Inbouw in een scheidingswand 44
Aan het einde van een keukenblok 44
Het stellen van de inbouwkast.... 45
Het controleren van de inbouwkast....45
Voordat het apparaat wordt ingebouwd 45
Voordat u het apparaat in de inbouwkast schuift 46
Omkiepbeveiligingen 47
Het bevestigen van een alternatieve omkiepbeveiliging 48
Het plaatsen van het apparaat in de inbouwkast 49
Het stellen van het apparaat 50
Het bevestigen van het apparaat in de inbouwkast 51
Voordat u het meubelfront monteert 53
Het bevestigen en stellen van het meubelfront 55
Het bevestigen van de afdekkingen 56
Het bevestigen van de sokkellijst 57
Het bevestigen van de deurafdekkingen 58
Het bevestigen van de luchtscheider 59
Beschrijving van het apparaat

① Instaptoets
② Sensortoets voor het kiezen van de bovenste wijnklimaatzone
③ Sensortoets voor het kiezen van de middelste wijnklimaatzone
④ Sensortoets voor het kiezen van de onderste wijnklimaatzone
⑤ Sensortoetsen voor het instellen van: de temperatuur
(∨ = kouder; ∧ = warmer)
en de duur van de binnenverlichting
(∨ = korter; ∧ = langer)
⑥ Sensortoets voor het instellen van de temperatuur voor de opslag van wijn die een langere periode moet worden bewaard
⑦ Sensortoets voor het instellen van de temperatuur voor de opslag van witte wijn
⑧ Sensortoets voor het instellen van de temperatuur voor de opslag van rode wijn
⑨ Sensortoets voor het in- en uitschakelen van de presenteerverlichting
⑩ Sensortoets voor het uitschakelen van het temperatuur- en deuralarm (Alleen zichtbaar bij alarm)
① Ventilatoren / Actief koolstoffilters
② Houten roosterplateaus
③ Isolatieplaat voor de thermische scheiding van de bovenste en middelste wijnklimaatzone
④ Flessenstandaard
⑤ Bedieningsveld / Isolatieplaat voor de thermische scheiding van de middelste en onderste wijnklimaatzone
⑥ Tuimelschakelaar voor het in- en uitschakelen van het hele apparaat
⑦ Glazen deur met UV-filter

Het verpakkingsmateriaal
De verpakking beschermt het apparaat tegen transportschade.
Het verpakkingsmateriaal is uitgekozen omdat dit het milieu relatief weinig be- last en kan worden hergebruikt.
Door hergebruik van verpakkingsmateriaal wordt er op grondstoffen bespaard en wordt er minder afval geproduceerd.
Uw vakhandelaar neemt de verpakking in het algemeen terug.
Het afdanken van het apparaat
Oude elektrische en elektronische apparaten bevatten meestal nog waardevolle materialen.
Ze bevatten echter ook schadelijke stoffen die nodig zijn geweest om de apparaten goed en veilig te laten functioneren.
Wanneer u uw oude apparaat bij het gewone afval doet of er op een andere manier niet goed mee omgaat, kunnen deze stoffen schadelijk zijn voor de gezondheid en het milieu.

Verwijder uw oude apparaat dan ook nooit samen met het gewone afval, maar lever het in bij een gemeentelijk inzameldepot voor elektrische en elektronische apparatuur.
Het afgedankte apparaat moet tot die tijd buiten het bereik van kinderen worden opgeslagen.
Let erop dat de buisleidingen van uw apparaat niet worden beschadigd, wanneer dit wordt weggebracht om op vakkundige wijze en zonder het milieu al te veel schade te berokkenen te worden verschroot. Dan kan men er zeker van zijn dat koelmiddelen die zich in het koelsysteem bevinden en de olie die zich in de compressor bevindt niet in het milieu terechtkomen.
Deze wijnklimaatkast voldoet aan de voorgeschreven veiligheidsmaatregelen.
Door ondeskundig gebruik kunnen personen echter letsel oplopen en kan er materiële schade ontstaan. Lees deze gebruiksaanwijzing daarom eerst aandachtig door voordat u dit apparaat voor het eerst gebruikt. Hierin vindt u belangrijke instructies met betrekking tot de inbouw, de veiligheid, het gebruik en het onderhoud van het apparaat.
Bewaar deze gebruiksaanwijzing en geef deze door aan de eventuele volgende eigenaar van de wijnklimaatkast.
⚠ Attentie!
Deze wijnklimaatkast is heel zwaar en kan, wanneer de deur openstaat, makkelijk naar voren hellen. Houd de deur van het apparaat daarom gesloten totdat het overeenkomstig de gebruiks- en montage-aanwijzing in de inbouwkast is bevestigd.
⚠️ Attentie:
Op een hoogte van meer dan 1500 m kan het glas van de deur breken! Afgebroken stukken glas kunnen ernstige verwondingen veroorzaken!
Efficiënt gebruik
Deze wijnklimaatkast is uitsluitend bestemd voor huishoudelijk of vergelijk-baar gebruik.
Gebruik deze wijnklimaatkast uitsluitend voor het opslaan van wijn. Gebruik voor andere doeleinden is on-toelaatbaar en kan gevaarlijk zijn. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade die is ontstaan door gebruik voor andere doeleinden dan hier aangegeven of door een foutieve bediening.
▶ Personen die op grond van hun fysieke of psychische gesteldheid, hun onervarenheid of gebrek aan kennis van de wijnklimaatkast niet in staat zijn om het apparaat veilig te bedienen, mogen dit alleen gebruiken als ze onder toezicht staan van of worden geïnstrueerd door een verantwoordelijk persoon.
Met kinderen in huis
Kinderen mogen de wijnklimaatkast alleen dan zonder toezicht gebruiken, wanneer ze weten hoe het apparaat werkt en wat voor gevaar zij lopen wanneer ze het fout bedienen.
Wanneer er kinderen in de buurt van de wijnklimaatkast zijn, houd ze dan goed in de gaten.
Zorg ervoor dat ze niet met het apparaat gaan spelen of aan de deur han-gen.
Aan de deurscharnieren kan men zich bezeren.
Kom er niet aan en let erop dat kinderen daar niet aan komen.
Controleer vóórdat de wijnklimaat-kast wordt ingebouwd, of het apparaat zichtbaar beschadigd is.
Een beschadigde wijnklimaatkast mag niet in gebruik worden genomen.
Wanneer de aansluitkabel is be- schadigd, moet deze door een erkend vakman / vakvrouw worden vervangen.
Deze wijnklimaatkast bevat het koel-middel isobutaan (R600a). Dit is een natuurlijk gas dat het milieu weinig be-last, maar wel brandbaar is. Het gas is niet schadelijk voor de ozonlaag en versterkt het broeikaseffect niet, maar het gebruik van dit koelmiddel heeft er wel toe geleid dat het apparaat meer lawaai maakt wanneer het aanstaat. Behalve de geluiden van de compressor kunnen er dan in het hele koelsysteem stromingsgeluiden optreden.
Deze effecten zijn helaas niet te vermijden, maar hebben geen negatieve invloed op de capaciteit van het apparaat.
Let er bij het transport en bij de plaatsing van de wijnklimaatkast op dat er geen onderdelen van het koelsysteem worden beschadigd. Vrijkomend koelmiddel kan oogletsel veroorzaken.
Wordt het koelsysteem toch beschadigd:
- vermijd dan open vuur of andere brandhaarden,
- trek de stekker uit het stopcontact,
- lucht het vertrek waar het apparaat staat enkele minutenlang door
- en neem contact op met de afdeling Klantcontacten.
Hoe meer koelmiddel een wijnklimaatkast bevat, des te groter moet het vertrek zijn waarin dit apparaat wordt opgesteld.
Is het vertrek te klein, dan kan zich bij een eventuele lek een brandbaar mengsel van gas en lucht vormen.
Per 8 g koelmiddel moet het vertrek minstens 1 m³ groot zijn.
De hoeveelheid koelmiddel die de wijn-klimaatkast bevat staat op het type-plaatje in de binnenkant van het apparaat.
▶ Een veilig gebruik van de wijnklimaatkast is alleen dan gegarandeerd, wanneer het apparaat wordt gemonteerd en aangesloten volgens de instructies die in de gebruiksaanwijzing staan.
Vergelijk vóórdat u de wijnklimaat-kast aansluit de aansluitgegevens (zekering, spanning en frequentie) op het typeplaatje met die van het elektrici-teitsnet. Deze moeten beslist overeen-komen.
Raadpleeg bij twijfel een elektricien.
Deze wijnklimaatkast mag niet op het elektriciteitsnet worden aangesloten via meervoudige stopcontacten of via verlengsnoeren die daarvoor niet geschikt zijn.
Gebeurt dat wel, dan bestaat er gevaar voor oververhitting.
De elektrische veiligheid van de wijnklimaatkast is uitsluitend gegarandeerd als deze wordt aangesloten op een aardingssysteem dat volgens de geldende veiligheidsbepalingen is ge-installeerd.
Laat de huisinstallatie bij twijfel door een erkend vakman / vakvrouw inspecteren.
De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die wordt veroorzaakt door een ontbrekende of beschadigde aarddraad (bijv. een elektrische schok).
▶ Installatie-, onderhouds- en reparatiewerkzaamheden mogen alleen door een erkend vakman / vakvrouw worden uitgevoerd.
Gebeurt dat niet, dan kan de gebruiker risico's lopen waarvoor de fabrikant niet aansprakelijk is.
▶ Reparaties mogen tijdens de garantieperiode alleen door een technicus van Miele worden uitgevoerd.
Gebeurt dat niet, vervalt de garantie.
Bij installatie-, onderhouds- en reparatiewerkzaamheden mag er geen elektrische spanning op de wijnklimaatkast staan.
Daarvan is alleen sprake als aan één van de volgende voorwaarden is voldaan:
- als de hoofdschakelaar van de huis-installatie is uitgeschakeld,
- of als de stekker uit het stopcontact is getrokken.
Trek daarbij aan de stekker en niet aan de aansluitkabel.
▶ Defecte onderdelen mogen alleen door originele Miele-onderdelen worden vervangen. Alleen van deze Miele-onderdelen kunnen wij garanderen, dat zij volledig voldoen aan de veiligheids-eisen die wij stellen aan onze apparaten en onderdelen daarvan.
Wanneer dit apparaat op een niet-stationaire locatie (bijv. op een boot of in een camper) moet worden geplaatst, mag het uitsluitend door een erkend vakman / vakvrouw worden ingebouwd en aangesloten.
Hierbij moet aan alle voorwaarden voor een veilig gebruik worden voldaan.
Verdere tips voor het gebruik
Gebruik geen elektrische apparaten in deze wijnklimaatkast, bijv. voor het maken van softijs.
Doet u dat wel, kunnen er vonken ont- staan en bestaat er gevaar voor een ex- plosie.
Bewaar geen producten in de wijn-klimaatkast die drijfgassen of andere explosieve middelen bevatten.
Wanneer de thermostaat wordt ingeschakeld kunnen vonken ontstaan.
Deze kunnen licht ontvlambare producten tot explosie brengen.
▶ Behandel de deurdichting niet met olie of vet.
Doet u dat wel, dan worden de deurdichtingen in de loop van de tijd poreus.
Sluit de roosters in de sokkel en in de kastombouw niet af.
Wanneer deze roosters geblokkeerd zijn kan er geen goede luchtgeleiding plaatsvinden, waardoor het stroomverbruik stijgt en bepaalde onderdelen van de wijnklimaatkast beschadigd kunnen raken.
Gebruik voor het reinigen van de wijnklimaatkast nooit een stoomreiniger. Stoom kan in aanraking komen met de- len van het apparaat die onder span- ning staan en zo kortsluiting veroorza- ken.
De wijnklimaatkast is geconstrueerd voor een bepaalde klimaatklasse. Een klimaatklasse is een kamertemperatuurbereik waarbinnen de temperatuur zich moet bewegen en waar deze niet boven of onder mag liggen.
De klimaatklasse van uw wijnklimaat-kast staat aangegeven op het type-plaatje aan de binnenkant van uw apparaat.
Een te lage temperatuur heeft tot ge- volg dat de wijnklimaatkast voor langere tijd afslaat zodat het apparaat de vereiste temperatuur niet kan aan- houden.
Wat te doen wanneer u het ap- paraat afdankt
Maak het slot onbruikbaar.
U voorkomt daarmee dat kinderen zich bij het spelen opsluiten.
▶ Beschadig geen delen van het koelsysteem, bijv. door
- koelmiddelkanalen van de verdamper open te prikken;
- buisleidingen om te buigen;
- beschermende lagen af te krabben.
Wanneer er koelmiddel uit spuit kan dat oogletsel veroorzaken.
Wanneer de veiligheidsinstructies niet worden opgevolgd kan de fabrikant niet verantwoordelijk worden gesteld voor schade die daar eventueel het gevolg van is.
| Normaal energieverbruik Te | hoog energieverbruik | |
| Plaatsing van het apparaat | In ruimten waar kan worden geventi-leerd | In gesloten ruimten waar niet kan worden geventileerd |
| Op een plaats waar de zon niet di-rect op kan schijnen | Op een plaats waar de zon di-rect op kan schijnen | |
| Niet naast een warmtebron (verwar-ming, fornuis) | Naast een warmtebron (verwar-ming, fornuis) | |
| Bij een kamertemperatuur van ca. 20 °C | Bij een hogere omgevingstem- peratuur | |
| Temperatuurinstelling in standen | Instelling van één van de middelste standen: 2 of 3. | Hoe hoger de stand, hoe lager de temperatuur, des te hoger het energieverbruik |
| Temperatuurinstelling in graden (Digitale weergave) | Vak voor wijnflessen: 8 tot 12 °C | Bij apparaten met winterschake-ling: schakel bij omgevingstem-peraturen lager dan 16 °C de winterschakeling uit. |
| Koelzone: 4 tot 5 °C | ||
| 0° zone: ca. 0 °C | ||
| Diepvrieszone: -18 °C | ||
| Dagelijks gebruik | Open de deur alleen wanneer dat nodig is en dan nog zo kort moge- lijk. | De temperatuur in het apparaat wordt hoger naarmate de deur vaker wordt geopend en de deur langer geopend blijft. |
| Leg de levensmiddelen bij het inrui-men meteen op de goede plek. | Moet u lang zoeken, dan stijgt de temperatuur. | |
| Laat warme levensmiddelen en dranken eerst afkoelen. | Zijn de levensmiddelen nog warm, moet de motor langer werken om de vereiste tempera-tuur te bereiken. | |
| Leg de levensmiddelen alleen afge-dekt of verpakt in het apparaat. | Wanneer vloeibare stoffen in de koelzone condenseren neemt de koelcapaciteit af. | |
| Leg ingevroren producten in de koelzone wanneer ze moeten ontdooien. | ||
| Plaats de levensmiddelen niet te dicht op elkaar zodat de lucht tussen de levensmiddelen kan circuleren. | ||
| Ontdooien | Ontdooi het diepvriesgedeelte wan-neer er een ijslaag van 1 cm in zit. | Een ijslaag in het diepvries-gedeelte bemoeilijkt het invrie-zen en bewaren van producten in dit gedeelte. Daardoor stijgt het stroomverbruik. |
Voor het eerste gebruik
■ Reinig de binnenkant van de wijnklimaatkast en de toebehoren.
Gebruik daarvoor lauwwarm water met een beetje reinigingsmiddel.
■ Wrijf daarna alles met een doek droog.
Is het apparaat liggend vervoerd, laat het dan na transport ca. 8 uur staan voordat u het aansluit.
Dat is zeer belangrijk voor een goede werking van de wijnklimaatkast.
Het inschakelen van de wijnklimaatkast
■ Open de deur van het apparaat.

■ Druk op de tuimelschakelaar.
De tuimelschakelaar bevindt zich rechts onder het bedieningsveld.
De zones van het apparaat worden altijd tegelijk in- of uitgeschakeld.
Het apparaat begint te koelen. Wanneer de deur wordt geopend gaat de binnenverlichting aan.

Bovendien licht de instaptoets in het bedieningsveld geel op.
Attentie! Wanneer de tuimelschakelaar is uitgeschakeld, staat er nog steeds spanning op het apparaat.
Het bedienen van de wijnklimaatkast
U bedient dit apparaat door de sensor-toetsen aan te tippen.
Bedenk daarbij:
- dat een te kiezen sensortoets altijd een witte ondergrond heeft
- en dat een gekozen sensortoets altijd een gele ondergrond heeft.

■ Tip de instaptoets aan, waarna deze geel oplicht.



In het bedieningsveld verschijnen nu de sensortoetsen van de drie wijnklimaatzones van het apparaat: de bovenste, de middelste en de onderste wijnklimaatzone.
De drie wijnklimaatzones zijn geschikt voor verschillende soorten opslag:



- Onderste wijnklimaatzone: voor de opslag van wijn die een langere periode moet worden bewaard (linker symbool)
- Middelste wijnklimaatzone: voor de opslag van witte wijn (middelste symbool)
- Bovenste wijnklimaatzone: voor de opslag van rode wijn (rechter symbool)
Om de presenteerverlichting in- of uit te schakelen

■ tipt u de sensortoets van de presenteerverlichting aan.
Nu kunt u voor de desbetreffende wijn-klimaatzone
- een andere temperatuur instellen
- of de luchtvochtigheid instellen.
Nadere informatie vindt u in de desbetreffende hoofdstukken.

Tip de sensortoets van die wijnklimaatzone aan, waarin u de temperatuur en/of luchtvochtigheid wilt instellen, waarna de toets geel oplicht.
Om een wijnklimaatzone te verlaten

■ tipt u opnieuw de sensortoets van deze zone aan, waarna de toets weer uitgaat
of
- kiest u direct een andere sensortoets.
Om de instellingen te verlaten

■ tipt u de instaptoets aan, waarna de toets weer uitgaat.
De laatst gekozen instellingen worden opgeslagen.
Ook zonder dat u de instaptoets aan- tipt, schakelt de elektronica na een tijd- je weer terug naar de uitgangspositie.
Het uitschakelen van de wijn-klimaatkast

■ Druk op de tuimelschakelaar.
De koeling en de binnenverlichting worden uitgeschakeld.
Overige instellingen
Overige instellingen zijn mogelijk in de instellingsmodus.
Bepaalde functies en de varianten daarvan kunt u alleen in de instellingsmodus oproepen en wijzigen.
Een overzicht van de functies volgt hieronder.
Hoe u te werk moet gaan leest u in de diverse hoofdstukken.
| Apparaatfuncties Er ver- | schijnt: |
| Het in- en uitschakelen van de instellingsmodus | c |
| Het kiezen van de temperatuureenheid Zie hoofdstuk: "De optima-le temperatuur". | r |
| Geen functie opgeslagen r | |
| Het in- en uitschakelen van de toetstoon Zie hoofdstuk: "Het in- en uitschakelen van de wijn-klimaatkast". | b |
Het instellen van de luchtvochtigheid Zie de hoofdstukken: "De optimale temperatuur" en "De optimale luchtvochtigheid".
0
Het in- en uitschakelen van de toets- toon
ledere keer wanneer u een sensortoets aantipt, klinkt er een toetstoon.
U kunt deze toetstoon uitschakelen.

■ Tip de instaptoets aan, waarna deze geel oplicht.

■ Tip de sensortoets van èen van de wijnklimaatzones aan, waarna deze geel oplicht.
■ Kijk even waar de temperatuurtoets ∨ zit, maar tip deze niet aan.
■ Tip de instaptoets zolang aan, totdat deze en alle andere toetsen uitgaan.
■ Tip de V - toets aan en laat uw vinger op de toets rusten.
■ Tip daarbij de instaptoets één keer aan en laat de V - toets niet los.
■ Laat uw vinger nog 4 seconden op de V - toets rusten, totdat ook de toetsen c en ∧ oplichten:

■ Tip de V - toets zo vaak aan, totdat in de aanduiding b verschijnt.
■ Tip opnieuw op de instaptoets.
Door de V - toets aan te tippen kunt u instellen of de toetstoon moet worden uitgeschakeld of ingeschakeld moet blijven.
b 0: De toetstoon is uitgeschakeld.
b 1: De toetstoon is ingeschakeld.
b -: Terug naar het menu.
■ Kies de door u gewenste variant door de V - toets aan te tippen.
■ Tip ter bevestiging de instaptoets aan.
■ Tip de V - toets zo vaak aan, totdat in de aanduiding c verschijnt.

■ Tip de instaptoets aan.
U zit nu niet meer in de instellingsmodus.
Wanneer u in de instellingsmodus zit, wordt het deuralarm automatisch uitgeschakeld.
Zodra de deur van het apparaat wordt gesloten, is het deuralarm weer geactiveerd.
Bij langere afwezigheid
Wanneer u de wijnklimaatkast vrij lange tijd niet meer gebruikt, doe dan het volgende.
■ Schakel het apparaat uit.
■ Trek de stekker uit het stopcontact.
■ Reinig het apparaat.
■ Laat de deur van het apparaat een beetje openstaan om te voorkomen dat er luchtjes ontstaan.
Wordt het apparaat in zulke gevallen wel uitgeschakeld, maar niet gereinigd en niet opengezet, bestaat het gevaar dat zich schimmel vormt.
Wijnen blijven zich afhankelijk van omgevingsfactoren ontwikkelen.
Zo is naast de temperatuur ook de kwaliteit van de lucht doorslaggevend voor de houdbaarheid.
Met een constante en voor de wijn ideale temperatuur, een verhoogde luchtvochtigheid en een geurvrije omgeving heersen in de wijnklimaatkast de optimale omstandigheden waaronder wijnen worden opgeslagen.
Temperatuur
Wijnen kunnen bij een temperatuur tussen de 5 en 18°C worden bewaard.
Wilt u witte en rode wijnen naast elkaar opslaan, kies dan een temperatuur tussen de 10 en de 12°C.
Bij deze temperatuur zijn de meeste witte wijnen goed te drinken.
Rode wijnen kunnen het beste 2 uur voordat ze worden gedronken uit de wijnklimaatkast worden gehaald en geopend. In deze 2 uur krijgen de wijnen zuurstof, ontwikkelen ze hun aroma en bereiken ze de juiste drinktemperatuur.
Bij een opslagtemperatuur van boven de 22°C rijpen wijnen te snel.
Bij een opslagtemperatuur van onder de 5°C kunnen ze niet optimaal rijpen.
Daarom kunnen ze beter niet langere tijd onder de 5°C worden opgeslagen.
Temperatuurschommelingen zijn niet goed voor wijnen. De rijping wordt daardoor onderbroken.
Daarom is het heel belangrijk om ervoor te zorgen dat de temperatuur in het ap- paraat vrijwel constant blijft.
Het instellen van de temperatuur
De drie wijnklimaatzones in het apparaat zijn vanuit de fabriek geschikt voor verschillende soorten opslag.
- Bovenste wijnklimaatzone: voor de opslag van rode wijn (16 °C)
- Middelste wijnklimaatzone: voor de opslag van witte wijn (10 °C)
- Onderste wijnklimaatzone: voor de opslag van wijn die een langere periode moet worden bewaard (11 °C)
U kunt deze indeling echter aan uw eigen behoefte aanpassen en bijv. witte wijn in de bovenste wijnklimaatzone opslaan.

U moet dan wel het soort wijnopslag aanpassen.



■ Tip de sensortoets van de gewenste wijnklimaatzone aan, waarna de toets geel oplicht.
■ Tip de sensortoets voor de gewenste wijnopslag aan, waarna de toets geel oplicht.
U kunt kiezen tussen de sensortoets voor de opslag van wijn die een langere periode moet worden bewaard, voor de opslag van witte wijn en voor de opslag van rode wijn.
De opslag van witte wijn (middelste symbool) is in de onderste wijnklimaatzone niet mogelijk.
De temperatuur kan in iedere wijnklimaatzone apart en heel precies worden ingesteld.
Vanuit de fabriek is voor de drie wijnklimaatzones een temperatuur ingesteld. Deze kunt u zelf veranderen.

■ Tip de sensortoets van de gewenste wijnklimaatzone aan, waarna de toets geel oplicht.

■ Stel nu met de temperatuurtoetsen naast de temperatuuraanduiding de temperatuur in.
- Wanneer u de V - toets aantipt gaat de temperatuur omlaag en wordt het kouder.
- Wanneer u de ∧ - toets aantipt gaat de temperatuur omhoog en wordt het warmer.
De temperatuur die vanuit de fabriek voor de desbetreffende wijnklimaatzone is ingesteld, licht geel op.
Wanneer u de toets één keer aantipt, dan verandert de temperatuurwaarde in stappen van 1 °C.
Wanneer u uw vinger op de toets laat rusten, verandert de temperatuurwaarde continu.
Nadat de hoogste, resp. laagste temperatuurwaarde is bereikt, verdwijnt de ∨ -, resp. ∧ - toets.
De temperatuuraanduiding op het bedieningsveld geeft altijd de ge-wenste temperatuur aan.
Wanneer u een andere temperatuur heeft ingesteld, controleer dan de temperatuuraanduiding na een paar uur. Pas dan is de echte temperatuur bereikt.
Is de temperatuur na deze tijd te hoog of te laag, stel dan opnieuw een andere temperatuur in.
Mogelijke temperatuurinstellingen
- Bovenste wijnklimaatzone: 3 °C tot 18 °C
- Middelste wijnklimaatzone: 3 °C tot 18 °C
- Onderste wijnklimaatzone: 8 °C tot 18 °C
Isolatieplaten voor de thermische scheiding
Het apparaat beschikt over twee vaste isolatieplaten die de binnenruimte verdelen in drie zones, waarvoor u verschillende temperaturen kunt instellen. Zo kunt u in ieder geval 3 verschillende soorten sterke drank (zoals rode wijn, witte wijn en champagne) in het apparaat opslaan.
De juiste temperatuur is beslissend voor de smaak van wijn.
Voor de verschillende soorten sterke drank adviseren we de volgende temperaturen:
| Rode wijn: | 14 °C tot 18 °C |
| Rosé: 10 °C tot 12 °C | |
| Witte wijn: | 8 °C tot 12 °C |
| Sekt: 7 °C tot 9 °C | |
| Champagne: 5 °C tot 7 °C | |
Het instellen van de tempera- tuureenheid (Fahrenheit / Celsius)
De temperatuur kan in Celsius of in Fahrenheit worden aangegeven.

■ Tip de instaptoets aan, waarna deze geel oplicht.

■ Tip de sensortoets van èen van de wijnklimaatzones aan, waarna de toets geel oplicht.
■ Kijk even waar de temperatuurtoets V zit, maar tip deze niet aan.
■ Tip de instaptoets zolang aan, totdat deze en alle andere toetsen uitgaan.
■ Tip de V - toets aan en laat uw vinger op de toets rusten.
■ Tip daarbij de instaptoets één keer aan en laat de V - toets niet los.
■ Laat uw vinger nog 4 seconden op de V - toets rusten, totdat ook de toetsen c en ∧ oplichten:

■ Tip de V - toets zo vaak aan, totdat in de aanduiding I verschijnt.
■ Tip opnieuw op de instaptoets.
Door de V - toets aan te tippen kunt u instellen of de temperatuur in Celsius of in Fahrenheit moet worden aangegeven.
F0: Fahrenheit
F 1: Celsius
- -: Terug naar het menu.
■ Kies de door u gewenste variant door de V - toets aan te tippen.
■ Tip ter bevestiging de instaptoets aan.
■ Tip de V - toets zo vaak aan, totdat in de aanduiding c verschijnt.

■ Tip de instaptoets aan.
U zit nu niet meer in de instellingsmodus.
Wanneer u in de instellingsmodus zit, wordt het deuralarm automatisch uitgeschakeld.
Zodra de deur van het apparaat wordt gesloten, is het deuralarm weer geactiveerd.
Temperatuuraanduiding
De temperatuuraanduiding op het bedieningsveld geeft altijd de ge-wenste temperatuur aan.
De temperatuuraanduiding knippert, wanneer de temperatuur in èen van de zones te hoog of te laag is.
■ Stel nu met de temperatuurtoetsen naast de temperatuuraanduiding de temperatuur in.
Wanneer u de toets één keer aantipt, dan verandert de temperatuurwaarde in stappen van 1 °C.
Wanneer u uw vinger op de toets laat rusten, verandert de temperatuurwaarde continu.
Luchtvochtigheid
In een normale koelkast is de lucht-vochtigheid in het apparaat voor wijn te laag en daarom is een normale koelkast niet geschikt voor het opslaan van wijn. Om de kurk van buiten vochtig te houden is een hoge luchtvochtigheid (60 - 70 %) bij de opslag van wijn zeer belangrijk.
Bij een lage luchtvochtigheid droogt de kurk van buiten uit en kan de fles niet meer luchtdicht worden gesloten.
Om te voorkomen dat de kurk van binnen uitdroogt kunt u de flessen het beste altijd liggend opslaan, zodat de wijn de kurk van binnen vochtig houdt.
Wanneer er lucht in de fles dringt be- derft iedere wijn onherroepelijk.
Tip: Flessen wijn kunnen het beste minstens 2 uur, liefst een dag lang, rechtop staan voordat ze worden geserveerd. Zo kan het bezinksel neerslaan op de bodem van de fles.
Het instellen van de luchtvochtigheid
Het apparaat is wanneer het wordt geleverd ingesteld op een hoge luchtvochtigheid.
Wanneer u de wijn voor een langere periode wilt opslaan, moet u een zo hoog mogelijke luchtvochtigheid instellen.
Zo krijgt u dezelfde opslagcondities als in een wijnkelder.
U kunt de luchtvochtigheid alleen voor alle drie de wijnklimaatzones tegelijk instellen.

■ Tip de instaptoets aan, waarna deze geel oplicht.

■ Tip de sensortoets van èen van de wijnklimaatzones aan, waarna de toets geel oplicht.
■ Kijk even waar de temperatuurtoets V zit, maar tip deze niet aan.
■ Tip de instaptoets zolang aan, totdat deze en alle andere toetsen uitgaan.
■ Tip de V - toets aan en laat uw vinger op de toets rusten.
■ Tip daarbij de instaptoets één keer aan en laat de V - toets niet los.
■ Laat uw vinger nog 4 seconden op de V - toets rusten, totdat ook de toetsen c en ∧ oplichten:

■ Tip de V - toets zo vaak aan, totdat in de aanduiding o verschijnt.
■ Tip opnieuw op de instaptoets.
Door de V - toets aan te tippen kunt u instellen of er een lage of een hoge luchtvochtigheid moet worden ingesteld.
o 0 : Lage luchtvochtigheid
o 1: Hoge luchtvochtigheid
o -: Terug naar het menu.
■ Kies de door u gewenste variant door de V - toets aan te tippen.
■ Tip ter bevestiging de instaptoets aan.
■ Tip de V - toets zo vaak aan, totdat in de aanduiding c verschijnt.

■ Tip de instaptoets aan.
U zit nu niet meer in de instellingsmodus.
Wanneer u een hoge luchtvochtigheid hebt ingesteld, worden de ventilatoren automatisch ingeschakeld.
Daarmee worden de temperatuur en de luchtvochtigheid in het hele apparaat gelijkmatig verdeeld, zodat al uw wijnen onder even goede omstandigheden worden opgeslagen.
Zolang de deur is geopend, worden de ventilatoren automatisch uitgeschakeld.
Optimale luchtverversing door actief koolstoffilters
Het apparaat beschikt over 2 actief koolstoffilters.
Deze filteren de lucht die het apparaat binnenstroomt en maken de lucht vers en stof- en reukvrij.
Zo zorgen de filters voor een optimale luchtverversing en voor een hoge lucht-kwaliteit. Door deze verse lucht worden er geen onaangename geurtjes op de wijnen overgedragen.
Vervang de actief koolstoffilters met regelmatige tussenpozen of zodra u onaangename geurtjes in het apparaat ruikt.
Zie hoofdstuk: "Reinigen en onderhoud", paragraaf: "Actief koolstofffilters".
Deze wijnklimaatkast is uitgerust met een waarschuwingssysteem, waarmee wordt voorkomen dat de temperatuur in èen van de wijnklimaatzones onge-merkt stijgt of daalt en de wijn daarmee kan schaden.
Hoe kunnen wij het waarschu- wingssysteem inschakelen?
Het systeem is automatisch klaar voor gebruik en hoeft niet apart te worden ingeschakeld.
Temperatuuralarm
Wanneer de temperatuur in één van de zones te veel stijgt,
- gaat in het bedieningsveld de sen- sortoets van de desbetreffende zone knipperen,
- gaat de sensortoets voor het uitschakelen van het temperatuur- en deuralarm knipperen
- en gaat er een zoemer.
De temperatuur stijgt te sterk wanneer:
- u flessen in het apparaat legt, hersorteert of eruit haalt en er daarbij te veel warme lucht in de ruimte stroomt;
- u een vrij grote hoeveelheid flessen in het apparaat legt;
- de stroom een vrij lange tijd uitgeschakeld is geweest.
Zodra de juiste temperatuur weer is bereikt,
- houdt de zoemer op,
- gaat de sensortoets voor het uitschakelen van het temperatuur- en deuralarm uit
- en brandt de sensortoets van de zone waar de temperatuur te sterk gestegen was, weer constant.
Het voortijdig uitschakelen van het temperatuuralarm
Hindert de zoemer u, dan kunt u deze voortijdig uitschakelen.

■ Tip de sensortoets aan voor het uitschakelen van het temperatuur- en deuralarm.
- De zoemer houdt op.
- De sensortoets voor het uitschakelen van het temperatuur- en deuralarm blijft knipperen, totdat de juiste temperatuur weer is bereikt.
- De sensortoets van de zone waar de temperatuur te sterk gestegen is, blijft knipperen totdat de juiste temperatuur weer is bereikt.
Deuralarm
Wanneer de deur van het apparaat langer dan 5 minuten openstaat,
- gaat er een zoemer
- en gaat de sensortoets voor het uitschakelen van het temperatuur- en deuralarm branden.
Zodra de deur wordt gesloten,
- houdt de zoemer op
- en gaat de sensortoets voor het uitschakelen van het temperatuur- en deuralarm uit.
Het voortijdig uitschakelen van het deuralarm
Hindert de zoemer u, dan kunt u deze voortijdig uitschakelen.

■ Tip de sensortoets aan voor het uitschakelen van het temperatuur- en deuralarm.
- De zoemer houdt op.
- De sensortoets voor het uitschakelen van het temperatuur- en deuralarm gaat uit.
Tips voor het opslaan van wijn
- Haal flessen altijd eerst uit de doos of uit het kistje, voordat u ze in het apparaat legt.
- Zorg ervoor dat flessen wijn altijd liggend worden opgeslagen.
Zo blijft de kurk van binnen vochtig en kan er geen lucht in de fles dringen. - Leg gelijksoortige wijnen zoveel mogelijk naast elkaar op èen houten roosterplateau.
Zo voorkomt u dat u andere flessen moet verleggen, wanneer u een be-paalde wijn nodig hebt. - Laat rosé en rode wijn voor het serveren minstens 2 uur lang open en rechtop staan om een optimale temperatuur te bereiken.
Koel sekt en champagne voor het serveren kort in de koelkast. - Zorg er bij het serveren van wijn voor dat hij iets koeler is dan de ideale temperatuur.
Wijn wordt namelijk direct 1 tot 2 °C warmer, wanneer hij wordt ingeschonken.
Houten roosterplateaus

De houten roosterplateaus zijn op geleiderails uittrekbaar.
Daardoor kunt u de flessen makkelijk in het apparaat leggen en er weer uithalen.
Wilt u een houten plateau uit het apparaat halen,
■ trek het dan met de geleiderails naar voren totdat u weerstand voelt en haal het van de rails af.
Wilt u het plateau er weer in zetten,
■ zet het dan op de geleiderails en laat het vastklikken.
Let erop dat de ventilatiesleuven aan de achterwand niet worden geblokkeerd.
Ze zijn belangrijk voor een goede werking van het apparaat.
Flessensteun
Wilt u een fles wijn er speciaal uitlichten, kunt u daarvoor een steun gebruiken. Het etiket is zo zichtbaar.

■ Leg de fles op de steun ①.
■ Hebt u de steun niet meer nodig, trek hem er dan uit en plaats hem achter-in het houten roosterplateau ②.
Extra flessensteunen zijn verkrijgbaar bij de Miele-vakhandel.
Een flessenstein kan alleen worden aangebracht op de houten roosters met brede latjes.
In de bovenste wijnklimaatzones bevin- den deze houten roosters zich alleen aan de onderkant. In de beide andere zones bevinden deze houten roosters zich zowel aan de boven- als aan de onderkant.
We adviseren u om de houten roosterplateaus niet te verplaatsen. Zo wordt de ruimte in het apparaat optimaal gebruikt.
Flessen kunt u alleen aan de onder- kant van de zones op elkaar stape- len.
Daarvoor moet u eerst het onderste roosterplateau uit de desbetreffende zone halen.
Maximale beladingscapaciteit
In totaal kunnen 102 flessen in het apparaat worden opgeslagen.
Bij de berekening is uitgegaan van fles- sen Bordeaux van 0,75 l.
Presenteerverlichting
U kunt de presenteerverlichting in de middelste wijnklimaatzone zo instellen, dat de flessen ook worden verlicht wanneer de deur is gesloten.
Het inschakelen van de presenteerverlichting

■ Tip de instaptoets aan, waarna deze geel oplicht.

■ Tip de sensortoets van de presenteerverlichting aan, waarna de toets geel oplicht.
De presenteerverlichting is nu in de middelste wijnklimaatzone ook ingeschakeld, wanneer de deur dicht is.
Het uitschakelen van de presenteer-verlichting
■ Tip de sensortoets van de presenteerverlichting aan, waarna de toets weer uitgaat.
De presenteerverlichting is nu uitgeschakeld, wanneer de deur dicht is.
Duur van de presenteerverlichting
De presenteerverlichting blijft 30 minu- ten ingeschakeld. Dit is vanuit de fa- briek zo ingesteld.
U kunt behalve 30 minuten ook kiezen voor 15, 45, 60, 75 of 90 minuten. Een nieuwe tijd wordt in stappen van 15 minuten ingesteld.

■ Tip de sensortoets van de presenteerverlichting 2 seconden lang aan.
De ingestelde tijd verschijnt in minuten in het bedieningveld.

■ Wijzig de duur met de beide toetsen naast de temperatuuraanduiding.
■ Tip ter bevestiging de instaptoets aan, waarna deze uitgaat.
Wordt de deur gesloten, voordat u de instelling heeft bevestigd, wordt de daarvoor ingestelde duur aangehouden.
Terwijl de wijnkast in werking is, kunnen zich aan de achterwand van het apparaat rijp en waterpareltjes vormen. Deze hoeft u niet te verwijderen, want het apparaat wordt automatisch ont-dooid.
Gebruik nooit zand-, zuur-, soda-, schuurmiddel- of chloridehoudende reinigingsmiddelen of chemische oplosmiddelen.
Ongeschikt zijn ook zogenaamde "schuurmiddelvrije" schuurmiddelen, daar deze doffe plekken veroorza- ken.
Let erop dat er geen water in de elektronica en in de verlichting terechtkomt.
Gebruik geen stoomreiniger.
Stoom kan in aanraking komen met delen van het apparaat die onder spanning staan en zo kortsluiting veroorzaken.
Het typeplaatje in de binnenruimte van het apparaat mag niet worden verwijderd. De gegevens zijn nodig in het geval er een storing optreedt.
Voor het reinigen

■ Schakel het apparaat helemaal uit door op de tuimelschakelaar te drukken.
De tuimelschakelaar bevindt zich rechts onder het bedieningsveld.
■ Trek de stekker uit het stopcontact of schakel de hoofdschakelaar van de huisinstallatie uit.
■ Haal de flessen wijn uit het apparaat en bewaar ze op een koele plaats.
■ Haal de losse delen uit het apparaat.
Het reinigen van de binnen- ruimte en de losse delen
■ Reinig het apparaat minstens één keer in de maand.
■ Reinig de losse onderdelen met de hand en niet in de afwasautomaat.
■ Gebruik voor de binnenruimte lauwwarm water met wat reinigingsmiddel.
■ Neem de binnenruimte na het reinigen met helder water af en droog alles met een doek.
■ Reinig de houten roosterplateaus met een vochtige doek en zorg ervoor dat ze niet nat worden.
■ Laat de deur van het apparaat korte tijd openstaan.
■ Reinig de deur met een glasreiniger.
Het reinigen van de deurdichtingen
Behandel de deurdichtingen niet met olie of vet.
Doet u dat wel, dan worden ze in de loop van de tijd poreus.
■ Reinig de deurdichtingen regelmatig alleen met helder water en droog ze daarna grondig met een doek.
Het reinigen van de ventilatie-roosters
■ Reinig de ventilatieroosters regelmatig met een kwast of een stofzuiger.
Wanneer er zich stof ophoopt wordt er onnodig energie verbruikt.
Actief koolstoffilters
Vervang de actief koolstoffilters met regelmatige tussenpozen of zodra u onaangename geurtjes in het apparaat ruikt.
Actief koolstoffilters zijn te verkrijgbaar bij de afdeling Onderdelen van Miele Nederland B.V.

■ Haal afdekking ① van het filter af. Gebruik indien nodig een schroeven-draaier.
■ Haal het gebruikte filter ② uit het apparaat en plaats een nieuw filter.
■ Zet afdekking ① er weer op.
Na het reinigen
■ Plaats de losse delen weer terug in de koelzone.
■ Leg de flessen wijn weer terug in de koelzone.
■ Sluit de deur van wijnklimaatkast.
■ Steek de stekker in het stopcontact of schakel de huisinstallatie in.
■ Schakel het apparaat in.
Reparaties aan elektrische appara- ten mogen alleen door vakmensen worden uitgevoerd. Wanneer dit niet gebeurt dan kan de gebruiker grote risico's lopen.
Wat moet u doen, wanneer ...
... het apparaat niet koelt?
■ Controleer of:
- de temperaturen goed zijn ingesteld;
- de instaptoets brandt, wat betekent dat het apparaat is ingeschakeld;
- de stekker stevig in het stopcontact zit;
- de hoofdschakelaar van de elektrische huisinstallatie is ingeschakeld.
Is dit wel het geval,
■ neem dan contact op met afdeling Klantcontacten van Miele Nederland.
... de temperatuur in het apparaat te laag is?
■ Stel een hogere temperatuur in.
■ Controleer of:
- de deur van het apparaat goed gesloten is;
- er ineens een vrij grote hoeveelheid flessen in het apparaat is gelegd.
Is dat het geval, dan staat het apparaat heel lang te ronken en daalt de temperatuur automatisch.
... de wijnklimaatkast vaker en voor langere tijd aanslaat?
■ Controleer of:
- de ventilatieroosters beneden in de sokkel geblokkeerd of stoffig zijn;
- de deur van het apparaat vaak open en dicht is gedaan;
- er ineens een vrij grote hoeveelheid flessen in het apparaat is gelegd;
- de deur van het apparaat goed gesloten is.
... d e zoemer gaat?
De deur van het apparaat staat langer dan ca. 5 minuten open.
■ Sluit de deur van het apparaat!
... de zoemer gaat en de sensortoets voor het uitschakelen van het temperatuur- of deuralarm gaat branden of knipperen?
■ Controleer of de deur openstaat.
■ Controleer of de temperatuur in één van de zones te sterk is gestegen, doordat:
- er te veel warme lucht in het apparaat is gestroomd;
- de ventilatieroosters beneden in de sokkel geblokkeerd of stoffig zijn;
- er ineens een vrij grote hoeveelheid flessen in het apparaat is gelegd;
- de stroom een vrij lange tijd uitgeschakeld is geweest.
Zodra de juiste temperatuur weer is bereikt houdt de zoemer op en gaat de sensortoets voor het uitschakelen van het temperatuur- of deuralarm uit.
... i n d e temperatuuraanduiding een storingsmelding met " _F" verschijnt?
Er is sprake van een storing.
■ Neem contact op met afdeling Klantcontacten van Miele Nederland.
... d e presenteerverlichting het niet meer doet?
■ Neem contact op met afdeling Klantcontacten van Miele Nederland.
... d e binnenverlichting het niet meer doet?
Wanneer de deur ca. 5 minuten open heeft gestaan, wordt het te warm en gaat de binnenverlichting automatisch uit.
Na een bepaalde afkoeltijd gaat de ver- lichting weer aan.
Doet de binnenverlichting het ook niet wanneer de deur maar kort open staat, dan is de verlichting defect.
■ Schakel het apparaat uit door op de tuimelschakelaar te drukken.
■ Haal de elektrische spanning van het apparaat.

Raak een halogeenlamp niet met blote handen aan!
Gebruik voor het vervangen een zachte doek.

■ Trek de defecte halogeenlamp uit de fitting.
■ Zet een nieuwe halogeenlamp in de fitting.
■ Zet de lampafdekking er weer op en draai de afdekking met de klok mee.
■ Sluit het apparaat elektrisch aan en schakel het in.
... aan de kurken van de flessen een witte aanslag zichtbaar is?
De kurken zijn door het contact met de lucht geoxideerd.
■ Veeg de aanslag met een droge doek af.
De aanslag heeft geen invloed op de kwaliteit van de wijn.
... zich aan de etiketten van de fles- sen schimmel heeft gevormd?
Er zijn etikettenlijmen die schimmel bij de etiketten kunnen veroorzaken.
■ Reinig de flessen en verwijder eventuele lijmresten.
Kunt u een storing ook met boven- genoemde tips niet verhelpen, roep dan de hulp in van de afdeling Klantcontacten van Miele Nederland B.V.
Open als het mogelijk is de deur van het apparaat niet vóórdat de storing is verholpen. Zo houdt u het koudeverlies zo gering mogelijk.
Geluiden en de oorzaken ervan
| Vaak voorkomende ge-luiden | Waar komen deze geluiden vandaan? |
| Brrrrr... | Dit brommende geluid komt van de motor (compressor). Wan- neer de motor aanslaat klinkt dit geluid nog iets sterker. |
| Blub, blub.... | Deze klotsende, gorgelende of snorrende geluiden komen van de koelvloeistof die door de leidingen stroomt. |
| Klik.... | Dit klikkende geluid is altijd te horen wanneer de thermostaat de motor in- of uitschakelt. |
| Sssrrrrr.... | Dit ruisende geluid is te horen bij apparaten die over verschillen- de zones of over een no-frost-systeem beschikken en wordt ver- oorzaakt door de luchtstroming in de binnenruimte van het appa- raat. |
| Knak ... | Het knakken is altijd dan te horen, wanneer het materiaal in het apparaat uitzet. |
Bedenk dat dit soort geluiden niet te vermijden zijn.
| Geluiden die makkelijk te verhelpen zijn | Wat is de oorzaak van deze geluiden en wat kunt u daartegen doen? |
| Klapperende en rammelende ge-luiden | Het apparaat staat niet waterpas: Stel het apparaat met behulp van een waterpas. Gebruik de stelvoeten onder het apparaat of leg er iets onder. |
| Het apparaat komt tegen andere meubels of apparaten aan: Schuif het apparaat een eindje weg. | |
| Diepvriesvakken, plateaus of andere uitneembare onderde-len van het apparaat zitten niet goed op hun plaats: Zet ze weer goed. | |
| In het apparaat staan flessen of andere gebruiksvoorwerpen tegen elkaar aan: Zorg ervoor dat ze niet meer tegen elkaar aankomen. | |
| De transportkabelhouder hangt nog aan de achterkant van het apparaat: Verwijder de kabelhouder. |
Neem bij storingen die u niet zelf kunt verhelpen contact op met
- uw Miele-handelaar
of
- de afdeling Klantcontacten van Miele Nederland B.V.
Telefoonnummer en adres van Miele Nederland B.V. vindt u op de achterzijde van deze gebruiksaanwijzing.
Geef bij het inschakelen van de afdeling Klantcontacten altijd het type en het nummer van het apparaat door.
Beide gegevens vindt u op het type- plaatje in de binnenruimte van het ap- paraat.
Voor informatie over het Miele Service Verzekering Certificaat kunt u zich wenden tot uw Miele-vakhandelaar of de bijgevoegde folder raadplegen.
Garantietermijn en garantievoorwaarden
De garantietermijn bedraagt 2 jaar.
Voor nadere bijzonderheden over de garantievoorwaarden in uw land kunt u bellen met de afdeling Klantcontacten van Miele Nederland B.V.
Het telefoonnummer van deze afdeling vindt u op de achterkant van deze gebruiksaanwijzing.
Dit apparaat mag alleen door een erkend elektricien op het elektriciteitsnet worden aangesloten.
Dit apparaat is voorzien van een aansluitkabel en een stekker met randaarde, geschikt voor aansluiting op 50 Hz 220 - 240 V.
Dit apparaat mag uitsluitend worden aangesloten op een contactdoos met randaarde.
Het is het beste wanneer de contact- doos zich naast het apparaat bevindt en u er gemakkelijk bij kunt.
Dit apparaat mag uitsluitend op een huisinstallatie worden aangesloten die volgens NEN 1010 is geïnstalleerd.
De installatiegroep dient met een 10 A-zekering te worden gezekerd.
In de EU-voorschriften geeft men ter verhoging van de veiligheid het advies om de huisinstallatie van een aardlekschakelaar te voorzien.
Het apparaat mag niet op omvormers worden aangesloten die bij autonome stroomvoorzieningen zoals zonne-energie worden gebruikt.
Wanneer het apparaat in dat geval wordt ingeschakeld, kunnen er spanningspieken ontstaan, kan het apparaat om veiligheidsredenen weer worden uitgeschakeld en kan de elektronica beschadigd raken.
Het apparaat mag ook niet met een energievoorkeurstekker worden gebruikt.
Het is mogelijk dat er in dat geval te weinig energie naar het apparaat wordt toegevoerd en dat componenten in het apparaat te warm worden.
Het is niet toegestaan om het apparaat met een verlengsnoer op het elektrici- teitsnet aan te sluiten.
Met verlengsnoeren kan een veilig gebruik van het apparaat namelijk niet worden gewaarborgd in verband met het gevaar voor oververhitting.
Moet er aan de aansluiting op het elektriciteitsnet of aan de aansluitkabel iets worden veranderd dan mag dat uitsluitend door een erkend bedrijf gebeuren.
Plaats van opstelling
Kies geen plaats direct naast een for- nuis, een verwarming of in de buurt van een raam waar de zon direct doorheen kan schijnen.
Hoe hoger de omgevingstemperatuur is, des te langer het apparaat staat te ronken en des te hoger het stroomverbruik is.
Geschikt is een droge ruimte waar kan worden geventileerd.
Is het niet te vermijden dat het apparaat bij een warmtebron wordt geplaatst, gebruik dan een geschikte isoleerplaat of neem de volgende minimum afstanden tussen apparaat en warmtebron in acht.
- Tussen apparaat en elektrische fornuizen: 3 cm
- Tussen apparaat en een warmtebron waarvoor olie of kolen wordt gebruikt: 30 cm.
Klimaatklasse
Het apparaat is geconstrueerd voor een bepaalde klimaatklasse. Een klimaatklasse is een kamertemperatuurbereik waarbinnen de temperatuur zich moet bewegen en waar deze niet boven of onder mag liggen.
De klimaatklasse van het apparaat staat aangegeven op het typeplaatje aan de binnenkant van uw apparaat.
Klimaatklasse Kamertemperatuur
| SN | +10 °C tot +32 °C |
| N | +16 °C tot +32 °C |
| ST | +16 °C tot +38 °C |
| T | +16 °C tot +43 °C |
Een te lage temperatuur heeft tot ge- volg dat het apparaat voor langere tijd afslaat.
Dat heeft weer tot gevolg dat de temperaturen in het apparaat te hoog zijn.
⚠ In een tropisch klimaat (boven de 38 °C en boven de 70 % luchtvochtigheid) moet het apparaat in een vertrek met air-conditioning worden geplaatst.
Gebeurt dit niet, dan kunnen wij niet garanderen dat het apparaat goed functioneert.
Een veilig gebruik van deze koelkast is alleen dan gegarandeerd, wan- neer het apparaat wordt gemon- teerd en aangesloten volgens de in- structies die in de gebruiksaanwij- zing staan.
Attentie!
Dit apparaat is heel zwaar en wan- neer de deur openstaat kan het makkelijk naar voren hellen.
Houd de deur van het apparaat daarom gesloten totdat het apparaat overeenkomstig de gebruiks- en montage-aanwijzing in de inbouw-kast is bevestigd.
Gezien het gewicht en de grootte van het apparaat moet het beslist door twee personen worden gemonteerd.
Het nettogewicht van het apparaat bedraagt:
KWT 1601 Vi, KWT 1611 Vi. . . . 153 kg
Bodem van de inbouwkast
Om het apparaat veilig te kunnen plaatsen en om de werking van het apparaat te kunnen garanderen moet u ervoor zorgen dat de bodem van de inbouwkast vlak en waterpas is.
De bodem van de inbouwkast moet uit keihard materiaal bestaan.
Gezien het grote gewicht van een vol beladen apparaat moet de ondergrond extreem draagkrachtig zijn.
Raadpleeg indien nodig een architect of bouwkundige.
Het gewicht van een vol beladen apparaat bedraagt ongeveer:
KWT 1601 Vi, KWT 1611 Vi. . . . 319 kg
Draairichting van de deur
Wilt u de draairichting van de deur veranderen, doe dat dan beslist niet zelf, maar bel de afdeling Klantcontacten van Miele Nederland B.V.
Meubels
Bevinden zich meubels naast of boven het apparaat, moet het apparaat daar stevig met schroeven aan worden vastgemaakt.
De meubels moeten stevig aan de vloer of de muur zijn vastgemaakt.
Ventilatieroosters
De ventilatieroosters mogen niet worden afgedekt of geblokkeerd. Bovendien moeten ze regelmatig stofvrij worden gemaakt.
Tips voor het plaatsen van het apparaat
Dit apparaat kan naast een ander kou-de-apparaat worden geplaatst in een zgn. "side-by-side-opstelling".
De side-by-side-montagekit is verkrijgbaar bij de afdeling Klantcontacten van Miele Nederland B.V. Vraag aan uw vakhandelaar, welke combinaties met uw apparaat mogelijk zijn!
Hoe de apparaten aan elkaar moe- ten worden vastgemaakt is in de ge- bruiksaanwijzing van de side-by- side-montagekit beschreven.
Opstelling zonder tussenwand met de side-by-side-montagekit

Voor het geval er geen wand zit tussen Voor het geval er geen wand zit tussen de naast elkaar geplaatste apparaten, moeten de apparaten met de side-by- side-montagekit direct aan elkaar wor- den vastgemaakt.
Opstelling met tussenwand met de side-by-side-montagekit

De tussenwand moet minstens 16 mm dik zijn.
Voor het geval er wel een wand zit tussen de naast elkaar geplaatste apparaten en wel een wand van tussen de 16 mm en 160 mm, worden de apparaten apart met het bijgevoegde montagemateriaal in hun eigen inbouwkast vastgezet.
Bovendien heeft u de side-by-side-montagekit nodig.
Opstelling met tussenwand zonder de side-by-side-montagekit
Voor het geval er wel een wand zit tussen de naast elkaar geplaatste appara- ten en wel een wand van meer dan 160 mm, worden de apparaten apart met het bijgevoegde montagemateriaal in hun eigen inbouwkast vastgezet (zonder side-by-side-montagekit).
Het verkleinen van de openingshoek van de deur
De deurscharnieren zijn standaard zo ingesteld dat de deur van het apparaat ver open kan.
Wanneer u de deur van het apparaat bij het openen tegen een aangrenzende muur aanslaat, kunt u de openingshoek beter tot 90° verkleinen.
■ Open de deur van het apparaat.

■ Plaats de benodigde pen in het scharnier.
De openingshoek van de deur van het apparaat is nu tot 90° verkleind.
Tips voor het plaatsen van het apparaat

Afmetingen van de deur van het apparaat (bij een openingshoek van minstens 90°)
De afmetingen van het meubelfront en de deurgreep zijn afhankelijk van de indeling van de keuken.
| A | B | C | |
| KWT 1601 Vi, KWT 1611 Vi | 677 mm | Meubelfront (max. 38 mm) | Deurgreep |

Afmetingen van de deur van het apparaat (bij een openingshoek van minstens 115°)
De afmetingen van het meubelfront en de deurgreep zijn afhankelijk van de indeling van de keuken.
| A | B | C | ||
| KWT 1601 Vi, KWT 1611 Vi | 677 mm | Meubelfront (max. 38 mm) | Deurgreep | 299 mm |

| Breedte van de inbouwkastA | |
| KWT 1601 Vi, KWT 1611 Vi | 610 mm – 613 mm |
Aansluiting op de elektriciteit

Maten van het meubelfront

other
| Dimension | Value | | --------- | ------- | | Width | 604 mm | | Height | 456 mm | | Width | 74 mm | | Height | 1623 mm | | Width | 2029 mm | | Height | 257 mm | | Width | 102 mm | | Height | 74 mm |Gezien het gewicht en de grootte van het apparaat moet het beslist door twee personen worden gemonteerd.
Benodigd gereedschap en benodigde accessoires
- Accuschroevendraaier
- Torx-schroevendraaier
- Boorhamer
- Boortjes van verschillende grootte voor verschillende soorten materiaal
- Hamer
- Steeksleutel (SW 13 mm)
- Ringsleutel
– Dopsleutel met zeskantige inzet (8 mm) - Tape
- Waterpas
- Aanslaghoek
Overige benodigdheden
- Ladder
- Steekwagentje
- Eventueel houten balk met een dwarsdoorsnede van minstens 75 mm x 100 mm als alternatieve omkiepbeveiliging; de lengte moet overeenkomen met de breedte van de inbouwkast.
- Houten schroeven van verschillende grootte
Optionele accessoires
Side-by-side-montagekit voor een side-by-side-opstelling van twee appa- raten
Roestvrijstalen fronten
Frontplaten van roestvrij staal en sok-kelventilatieroosters in roestvrijstalen optiek zijn verkrijgbaar bij de vakhandel of bij de afdeling Onderdelen van Miele Nederland B.V.
Gewicht van de meubelfronten
Controleer voordat er een meubelfront wordt gemonteerd dat het het maximaal toelaatbare gewicht niet overschrijdt.
| Apparaat | Max. gewicht meubelfront in kg |
| KWT 1601 Vi, KWT 1611 Vi | 62 |
Wanneer er een meubeldeur wordt gemonteerd die te zwaar is, kunnen de scharnieren beschadigd raken.
Inbouw in een scheidingswand
Wanneer het apparaat in een scheidingswand wordt ingebouwd, moet de achterkant van de inbouwkast op de plek worden afgedekt waar het apparaat moet komen.
Aan het einde van een keukenblok
Wanneer het apparaat aan het einde van een keukenblok is geplaatst en één zijkant zichtbaar is, moet een zijpaneel worden gemonteerd.
Dit zijpaneel moet, voordat het apparaat in de inbouwkast wordt geplaatst, stevig aan de kastwand en de kastbodem en eventueel aan de daarboven liggende meubels worden vastgemaakt.
De afmetingen van het zijpaneel moe- ten overeenkomen met die van de te- genoverliggende meubelwand.
Het stellen van de inbouwkast

■ Stel de inbouwkast voordat u het apparaat inbouwt heel precies met een waterpas.
De hoeken van de kast moeten allemaal 90° zijn, omdat de meubeldeur anders niet precies tegen alle vier de hoeken aanligt.
- De zijwanden in de inbouwkast moe- ten vlak zijn.
- De omliggende wanden van de in-bouwkast moeten minstens 16 mm dik zijn.
- De sokkellijst moet minstens 13 mm dik zijn.
Het beste is 19 mm.
Het controleren van de in- bouwkast
■ Controleer
- de inbouwmaten;
- de plaatsen waar het apparaat op de elektriciteit wordt aangesloten (Zie hoofdstuk: "Elektrische aansluiting");
- of het apparaat en de omliggende meubels stevig zijn vastgemaakt;
- of de meubeldeuren niet tegen elkaar aan kunnen klappen (openingshoek).
Voordat het apparaat wordt ingebouwd
⚠ Attentie!
Dit apparaat is heel zwaar en wan- neer één van de deuren openstaat kan het makkelijk naar voren hellen.
■ Verwijder de accessoires uit en ook van de achterwand van het apparaat.
■ Haal de kabelhouder van de achterkant van het apparaat af.
■ Controleer of alle delen aan de achterwand van het apparaat nergens tegenaan kunnen komen.
Buig eventueel in de weg zittende delen voorzichtig weg.
■ Leg om vloerschade te voorkomen een oud kleed op de grond waar u het apparaat neer gaat zetten.

■ Haal de instelhulpstukken niet van de deur van het apparaat af. Deze hulpstukken hebt u later nodig wanneer u het apparaat in de in-bouwkast plaatst.
■ Controleer het apparaat op transportschade.
Een beschadigd apparaat mag niet worden ingebouwd.

■ Verwijder de haken waarmee het apparaat aan het palet is bevestigd.
⚠️ Attentie! Bedenk dat het apparaat nu niet meer stevig staat!
■ Pak het apparaat aan de achterwand vast en til het voorzichtig en met behulp van anderen van het palet af.
■ Staat het apparaat op de grond, verplaats het dan via de wieltjes aan de achterwand.
Voordat u het apparaat in de inbouwkast schuift
⚠️ Houd de deur van het apparaat zo lang gesloten, totdat het apparaat in de inbouwkast is bevestigd!

Is de inbouwkast dieper dan het apparaat, leg dan een balk massief hout ① achter de omkiepbeveiligingen ② en bevestig de balk stevig aan de vloer en de wand van de inbouwkast.
De lengte van de houten balk ① moet overeenkomen met de breedte van de inbouwkast.
Montagemateriaal
Het montagemateriaal dat u voor de inbouw van het apparaat nodig heeft wordt gelijk met het apparaat in plastic zakjes geleverd. Op ieder plastic zakje staat een letter.
Maak de zakjes in de aangegeven volgorde open en zet de stappen zoals beschreven.

■ Gebruik de bijgevoegde Torx-schroe-vendraaier om de schroeven aan te draaien.
Omkiepbeveiligingen
Met de omkiepbeveiligingen kunt u het apparaat veilig in de kast bevestigen en voorkomen dat het omvalt.
Gebruik in een side-by-side-opstelling twee omkiepbeveiligingen per apparaat.

Afstand "D" tussen de omkiepbeveiligingen ② is even groot als de breedte van het apparaat.

■ Plaats de omkiepbeveiligingen ② links en rechts in de inbouwkast en wel evenwijdig aan de wanden.
■ Steek een potlood in de boorgaten van de omkiepbeveiligingen ② en markeer ze op de vloer van de kast.
■ Leg de omkiepbeveiligingen even opzij.
U hebt ze later nog nodig.
In het bij het apparaat gevoegde pakket zitten bevestigingsschroeven voor verschillende toepassingen en verschillende materiaalsoorten.
Als u omkiepbeveiligingen met de bijgevoegde schroeven niet stevig genoeg kunt vastzetten moet u een andere manier kiezen.

■ Boor de volgende gaten voor:
- 3 mm doorsnede voor de schroeven van 5 x 60 mm ;
- 2 mm doorsnede voor de schroeven van 4 x 15 mm.

■ Maak de omkiepbeveiligingen nu in de inbouwkast vast.
Zorg er daarbij voor dat de schroeven minstens 19 mm in de kastbodem en in de zijwanden steken.
Het bevestigen van een alternatieve omkiepbeveiliging
Voor het geval de omkiepbeveiligingen niet stevig op de kastbodem kunnen worden bevestigd, kunt u een alternatieve omkiepbeveiliging aanbrengen in de vorm van een houten balk boven het apparaat.

■ Let erop dat
- er geen ruimte mag zitten tussen het apparaat en de alternatieve omkiepbeveiliging;
- de houten balk een doorsnede moet hebben van minstens 75 mm x 100 mm;
-
de lengte van de houten balk over-een moet komen met de breedte van de inbouwkast;
-
dat, als de inbouwkast dieper is dan het apparaat, de houten balk een grotere doorsnede moet hebben of dat er anders nog een extra balk moet worden gebruikt;
- de houten balk het apparaat voor minstens 50,8 mm moet afdekken.
■ Markeer de plaats op de achterwand van de kast waar de houten balk met de onderkant tegenaan moet komen.
■ Kies schroeven uit die lang genoeg zijn voor de doorsnede van de hou- ten balk.
Ga na hoeveel schroeven u nodig hebt om de balk stevig vast te kunnen maken over de hele lengte van de kast.
■ Ga na of er profielen aan de achterwand van de kast zitten.
■ Markeer de boorgaten in de balk en houd daarbij rekening met de profielen.
■ Boor de gaten in de houten balk vòèr.
■ Maak de houten balk aan de achterwand van de inbouwkast vast.
Wilt u twee apparaten naast elkaar plaatsen in een een side-by-side-op-stelling, maak de apparaten dan nu aan elkaar vast.
Zie gebruiksaanwijzing van de side-by-side-montagekit.
Het plaatsen van het apparaat in de inbouwkast

■ Schroef het sokkelpaneel eraf.

■ Bevestig ter bescherming van de omliggende meubelfronten de bijgevoegde randbescherming ① aan beide kanten van de fronten.
■ Steek de stekker in het stopcontact ②.
Het stopcontact bevindt zich naast het apparaat en u moet er makkelijk bij kunnen!
Is dat niet het geval moet u het apparaat kunnen in- en uitschakelen via een externe alpolige schakelaar met voldoende contactopening.
Bij een side-by-side-combinatie moeten de apparaten elk aan een apart stopcontact zijn aangesloten.
■ Zorg ervoor dat het elektriciteitssnoer niet ergens tussen ingeklemd raakt. Maak een touw aan het midden van het snoer vast. Wanneer u het apparaat naar binnen schuift, trek het snoer dan onder het apparaat door naar voren ③.
■ Schuif het apparaat voorzichtig in de inbouwkast, totdat de stelvoeten in de omkiepbeveiligingen ④ vastklikken.
Als het apparaat niet zomaar in de in-bouwkast kan worden geschoven, bijv. doordat de kastbodem niet vlak is,
■ draai de achterste stelvoeten dan iets naar buiten.
Zie hoofdstuk: "Het stellen van het apparaat".
Schuif het apparaat daarna in de in- bouwkast.
Wanneer u het apparaat in de in- bouwkast schuift, let er dan op dat de elektrische kabel niet beschadigd raakt!
■ Haal de randbescherming ① van de omliggende meubelfronten af.
Het stellen van het apparaat
■ Stel het apparaat ten opzichte van de omliggende meubelfronten.

De instelhulpstukken ⑤ aan de deur van het apparaat zijn geconstrueerd voor meubelfronten van de volgende dikten:
- 1 9 m m
- 38 mm .
Zowel de voorste als de achterste stelvoeten kunnen vanaf de voorkant worden versteld:
- Voorkant: met een steeksleutel (SW 13).
De stelvoeten kunnen zowel van boven als ook van beneden worden versteld ⑥.
- Achterkant: met een steeksleutel met een zeskantige inzet (8 mm) ⑦.
■ Leg voor het stellen van het apparaat een waterpas boven de instelhulpstukken ⑤ die aan de deur van het apparaat zitten.
■ Draai de stelvoeten zo ver naar buiten totdat de marking die op de sokkel is aangebracht de aangegeven afmeting (32 mm) heeft bereikt. Bij deze afmeting gaan wij uit van een inbouwkasthoogte van 2134 mm.

■ Stel het apparaat nog eens met behulp van de waterpas.
■ Neem de volgende aanwijzingen in acht.
- Om te voorkomen dat het apparaat binnen de kast gaat hellen, kunt u de stelvoeten het beste steeds in afwisseling een stukje naar buiten draaien. Eerst links, dan rechts enz.
- Hebt u boven het apparaat bij wijze van alternatieve kiepbeveiliging een houten balk geplaatst, moet u de stelvoeten zover naar buiten draaien totdat het apparaat tegen de houten balk aankomt.
Het bevestigen van het apparaat in de inbouwkast


■ Schroef de profielen van de bevestigingsplaat ⑧ aan de bovenkant vast aan de meubels die zich boven het apparaat bevinden.
Is het niet mogelijk om het apparaat aan de bovenkant vast te maken, maak het dan aan de zijkant vast.

■ Klap de bevestigingsprofielen ⑨ uit die aan de zijkant zitten.

■ Maak deze profielen met de schroeven vast.

■ Maak indien nodig de afdeklijst ⑩ korter totdat de lijst de benodigde hoogte heeft.
■ Plaats de beide afdeklijsten op elkaar ⑪.
■ Plaats de in elkaar gezette afdeklijst op zijn plaats totdat hij vastklikt ⑫.
Het inbouwen van het apparaat
Bij een side-by-side-combinatie worden de afdeklijsten van de twee apparaten in elkaar geklonken tot een lange afdeklijst. Doe dat als volgt.

■ Steek de pen die in de side-by-side-montagekit zit tot de helft in de geleiding van de afdeklijst van het linker apparaat.
■ Plaats de tweede afdeklijst op de pen en klik de twee afdeklijsten in elkaar.
■ Laat de beide afdeklijsten in de in-bouwkast boven het apparaat vast-klikken.
■ Open de deur van het apparaat.


■ Schroef de profielen van de bevestigingsplaat ⑬ vast aan de meubels die zich naast het apparaat bevin-den.
Bij een side-by-side-combinatie kunnen de apparaten alleen met de buitenste zijkant aan de inbouwkast worden vast-gemaakt.
Voordat u het meubelfront monteert
■ Open de deur totdat u weerstand voelt.

■ Schroef de instelhulpstukken ⑭ en de hoeklijsten ⑮ van de deur af.
■ Leg de hoeklijsten 15 en de schroeven aan de kant. Deze hebt u later weer nodig.
■ Haal de afdekking van de lichtcontactschakelaar af.
■ Sluit de deur van het apparaat.

■ Meet de afstand X tussen de stelrails en de bovenkant van het daarnaast liggende meubelfront.
■ Schroef de beide moeren aan de deur los en leg ze aan de kant. U hebt ze later nog nodig.
■ Leg om krassen te voorkomen een kleed op de grond en leg daarop het te monteren meubelfront met de binnenkant naar boven.
Het inbouwen van het apparaat

■ Markeer de afstand X aan de binnenkant van het meubelfront.
■ Bereken het midden Y van het meubelfront en markeer het.
■ Haal het montageframe van de deur van het apparaat en plaats het op het meubelfront.
■ Boor de gaten vòr.
■ Schroef het montageframe op het meubelfront.
Gebruik voor ieder bevestigingspunt minstens 1 schroef.

■ Bevestig het montageframe aan de bovenkant van het meubelfront met minstens 6 schroeven.

- In het montageframe zit een groot aantal gaten voor verschillende soorten meubelfronten.
- Wanneer u het montageframe vastmaakt, kies dan die plaatsen in de deur waar het materiaal het sterkst is.
- Kies daarvoor schroeven uit die korter zijn dan de dikte van het meubelfront.
■ Schroef het handvat vanuit de binnenkant op het meubelfront.
Het bevestigen en stellen van het meubelfront

■ Plaats de hoeklijsten in de daarvoor bestemde openingen in het montage-frame totdat u weerstand voelt.

■ Open de deur van het apparaat en hang het meubelfront met het montageframe op de schroefdraadeinden ⑯.
■ Druk de hoeklijsten aan beide kanten in het witte kunststof frame en schroef ze vast.
■ Schroef de moeren ⑰ losjes op de schroefdraadeinden. Draai de moeren nog niet vast!
■ Sluit de deur van het apparaat.

■ Stel de deur van het apparaat aan de zijkant via de schroefdraadeinden.

■ Stel de deur in de diepte via de uit-sparingen in de hoeklijsten. Maak de hoeklijsten daarbij met schroeven op de juiste plaats vast.
■ Draai de bovenste moeren nu aan. Daarmee wordt de deur vastgezet.
Het inbouwen van het apparaat
Het bevestigen van de afdek- kingen

■ Monteer de kunststof afdeklijsten aan beide kanten van de deur.
Doe dat door ze van beneden naar boven stevig in de spleet tussen de deur van het apparaat en de meubeldeur te drukken.


■ Plaats nu aan beide kanten de spleetafdekkingen op de klemmen. Bij een side-by-side-combinatie moeten de spleetafdekkingen alleen aan de buitenkant worden aangebracht.

■ Zet de afdekking op de lichtcontact-schakelaar.

■ Bevestig aan beide zijden de klemmen voor de spleetafdekkingen.
Het bevestigen van de sokkel- lijst
Dek de ventilatiegleuven in de sokkel niet af.
Doet u dat wel, raakt het apparaat beschadigd.
Tussen de vloer en de onderkant van de sokkel komt de sokkellijst.
■ Schaaf zoveel van de sokkellijst af dat de lijst op deze ruimte past.

■ Maak de sokkel aan het apparaat vast en zet de bijgevoegde afdekplaatjes erop.

■ Bevestig de sokkellijst op het apparaat.
Het bevestigen van de deurafdekkingen

Op de uitsparing in het meubelfront moeten deurafdeklijsten worden geplaatst.
Ze moeten indien nodig korter worden gemaakt.
Bij het apparaat wordt een extra afdek- lijst gevoegd waarmee u de lengte kunt bepalen.

■ Plaats de deurafdeklijsten in de spleet tussen meubelfront en glasplaat.

■ Maak de korte deurafdeklijsten korter, zodat ze boven en onder passen Y.
■ Plaats de deurafdeklijsten in de spleet tussen meubelfront en glasplaat.
Het bevestigen van de lucht- scheider
De luchtscheider onder in het ventilatie-rooster scheidt de toegevoerde lucht van de afgevoerde lucht.
Daarmee wordt voorkomen dat er war- me lucht in het apparaat stroomt en daardoor bijv. kortsluiting ontstaat.

■ Maak de drie onderdelen van de luchtscheider indien nodig iets korter.
■ Zet de schuimrubber onderdelen weer in de zijkanten.

■ Schroef de luchtscheider met twee schroeven in het midden van de deur vast.
Plan nu zelf een serviceafpraak via www.miele.nl. Snel en gemakkelijk.
Bezoek op www.miele.nl ook de Miele Shop voor een compleet overzicht van alle accessoires, toebehoren en reinigings- en onderhoudsproducten voor uw Miele-apparaat.
U kunt ook bellen met onze afdeling Klantcontacten, bereikbaar via telefoonnummer (0347) 37 88 88.
Miele Nederland B.V. Postbus 166 4130 ED VIANEN (0347) 37 88 88
Bezoek het Miele Inspirience Centre: De Limiet 2 4131 NR VIANEN
Wijzigingen voorbehouden / 3110