1LF-068IT - Vaatwasser FAGOR - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis 1LF-068IT FAGOR in PDF-formaat.
| Type product | Inbouw vaatwasser |
| Afmetingen (H x B x D) | 85 x 45 x 60 cm |
| Gewicht | 45 kg |
| Spanning | 220-240 V ~ 50 Hz |
| Vermogen | 1900 W |
| Waterverbruik | 10-12 liter per cyclus |
| Energieklasse | A+ |
| Geluidsniveau | 45 dB(A) |
| Aantal programma's | 6 |
| Programma's | Intensief, Normaal, Eco, Glas, Snel, Voorweek |
| Capaciteit | 9 couverts |
| Type droging | Condensdroging |
| Watertoevoer | Koud water |
| Afvoer | Interne waterafvoerpomp |
| Stroomverbruik per cyclus | 0.92 kWh |
| Duur langste programma | 170 min |
| Korven | Onderkorf, bovenkorf, besteklade |
| Instelbare waterontharder | Ja |
| Zoutindicatie | Ja, via paneel |
| Glasbescherming | Ja, bij glasprogramma |
| Kinderslot | Ja, optioneel in te schakelen |
| Uitgestelde start | Ja, 1-24 uur |
Veelgestelde vragen - 1LF-068IT FAGOR
Gebruikersvragen over 1LF-068IT FAGOR
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Vaatwasser in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding 1LF-068IT - FAGOR en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. 1LF-068IT van het merk FAGOR.
GEBRUIKSAANWIJZING 1LF-068IT FAGOR
Instructiehandleiding
Dit apparaat, dat uitsluitend voor huiselijk gebruik bestemd is, is ontworpen voor het wassen van vaatwerk.
Zeer belangrijk: Lees voor installatie en gebruik van de vaatwasmachine deze handleiding in zijn geheel door. Documentatie en accessoires zult u binnenin aantreffen.
Deze handleiding is dusdanig vormgegeven dat de teksten betrekking hebben op de bijbehorende tekeningen.

Typenummer

Ga na welk model vaatwasmachine u hebt ("a", "b", "c", " of "d") door het bedieningspaneel te vergelijken met de illustraties.

Installatie

1.1 Aansluiting op de waterleiding (1.1.1)
De slang tussen muur en vaatwasmachine dient aan de onderzijde van de machine (1.1.2) te worden geleid, waarbij u ervoor moet zorgen dat die niet knikt of te strak staat (1.1.3).
De druk van het water in de waterleiding moet liggen tussen 0,05 en 1 Mpa (0,5 tot 10 kg/cm2)
Als uw vaatwasmachine geschikt is voor warmwatertoevoer, dan kunt u de slang aansluiten op de warmwaterkraan. In dat geval mag de maximale temperatuur niet hoger dan 60°C zijn.
1.2 Afvoer. Installeer het meegeleverde elleboogstuk en neem de maten op de tekening in acht.
1.3 Aansluiting op het elektriciteitsnet. Houd rekening met de gegevens die op het typeplaatje (1.3) staan en verwijder dit nooit. Bij ingebouwde machines dient de stroomaansluiting na installatie bereikbaar te blijven
1.4 Bij het plaatsen van een vaatwasmachine onder een keukenblad, dient u rekening te houden met de afmetingen op de tekening (1.4.1). Draait u de bevestigingen van de pootjes los en verwijdert die (1.4.2). Schuif de machine er dan in en draai het achterste stelvoetje met een schroevendraier uit vanaf de voorzijde (1.4.3) totdat de afstand tot het keukenblad ongeveer 3 mm bedraagt.
Plaats nu de vaatwasmachine in de nis en zorg ervoor dat slangen en kabel niet bekneld raken onder de plint. Breng hem nu omhoog door de pootjes aan de voorzijde te draaien totdat de bovenzijde van het apparaat het keukenblad licht raakt (1.4.3, 1.4.4).
Om de machine in te bouwen in een rij geschakelde keukenmeubels, plaats de plint van de keuken; wanneer die door de deur bij het openen geraakt wordt, zaagt u die op maat zodat de deur correct kan draaien.
Wanneer u een houten frontpaneel moet plaatsen, volg dan de instructies die in de bij de machine meegeleverde documentatie staan.

Eerste instellingen

2.1 Open de deur en schakel de vaatwasser in door te drukken op de toets Ⓐ (2.1).
2.2 Hardheid. Water bevat kalk; de hardheid ervan neemt evenredig toe met de hoeveelheid kalk.
Voordat u de vaatwasmachine gaat gebruiken, dient u de hardheidsgraad van het water te kennen door die op te vragen bij het waterbedrijf, bij de technische dienst of door het strookje Aquadur te gebruiken dat zich in de zak met accessoires bevindt.
Steek het strookje gedurende 1 seconde in een glas water. Beweeg het door het water en wacht 1 minuut. Het strookje zal u de hardheidsgraad aangeven overeenkomstig de volgende tabel:
| Hardheid | Stand van de regelaar | Resultaat van de test | Kalkniveau (DH) | Kalkniveau (HF) | |
| Hand Elek | |||||
| Geen zout nodig | L0ZachtGroen | 0-13 HF0-13 DH | |||
| Normaal | Pos. 1 | L1 | 1 Rood blokje | 8-21 DH | 14-38 HF |
| Middel | Pos. 2 | L2 | 2 Rode blokjes | 22-28 DH | 39-50 HF |
| Hard | Pos. 3 | L3 | 3 Rode blokjes | 29-35 DH | 51-63 HF |
| Heel hard | Pos. 4 | L4 | 4 Rode blokjes | >35 DH | >63 HF |
HF: Hardheid uitgedrukt in Franse hardheidsgraden. DH: Hardheid van het water uitgedrukt in Duitse hardheidsgraden.

Deze eenvoudige aanpassing van de vaatwasmachine is vitaal voor een correct functioneren. Besteed hier aandacht aan.
Anders zou dit van zeer negatieve invloed op de machine kunnen zijn.

Wanneer het 0 is, gebruik dan GEEN zout. In het geval van twijfel, dient u zich tot de technische dienst te wenden.
Handmatige afstelling. Aan de rechter binnenzijde van de vaatwasmachine bevindt zich een regelaar met oranje hendeltje, zoals op afbeelding (2.2.1). Plaats die op het cijfer dat wordt aangegeven door de tabel.
Elektronische regeling. Wanneer uw regelaar overeenkomt met afbeelding (2.2.2) of (2.2.3).
Wanneer uw model van het type A is, drukt u langer dan 3 sec. op de toets OPC (2.2.4). Bij het loslaten ervan zal de actuele waarde op de display worden weergegeven (2.2.5).
Druk herhaalde malen op dezelfde toets totdat u de benodigde waarde bereikt.
Bevestig door te drukken op ◆ (2.2.6).
Bij de overige modellen drukt u langer dan drie seconden op de toets (2.2.7) of, wanneer die er niet is, op de toets (2.2.8). Bij het loslaten ervan zal de actuele waarde op de display worden weergegeven (2.2.5) of zal die waarde aangegeven worden door een aantal pieptonen (2.2.9).
Druk herhaalde malen op dezelfde toets totdat u de benodigde waarde bereikt.
Bevestig door te drukken op de toets PROG (2.2.10).
2.3 Reiniging vooraf. U dient een
voorwasprogramma uit te voeren (zonder wasmiddel, noch vaat, noch spoelglansmiddel). Vooral doet u, wanneer dat nodig is, een eerste hoeveelheid zout (2.3.1) in het reservoir zonder dat helemaal te vullen. Vul het reservoir op met water en roer het om met een lepeltje (2.3.2). Plaats het deksel en start het programma.

Gebruik

3.1 Afstelling van de bovenste mand.
Afstellingstypes (3.1.1)
HEEL GEMAKKELIJK: houd de mand aan de handgrepen aan de beide zijden vast en trek die met beide handen tegelijkertijd naar boven (zowel om de mand hoger als lager te plaatsen) (3.1.2). Controleer of die recht geplaatst is.
NORMAAL MODEL: wanneer de mand leeg is, verwijdert u de eindstoppen (3.1.3); haal nu de mand eruit (3.1.4) en plaats die op de gewenste hoogte, plaats de eindstoppen opnieuw
3.2 Plaatsen van de vaat.

Verzekert u zich ervan dat het vaatwerk geschikt is voor reiniging in de vaatwasmachine.
Het wordt niet aangeraden om voorwerpen van hout, aardewerk, zilver, aluminium, gedecoreerd porselein of niet hittebestendig plastic te plaatsen.
Voor een correcte reiniging is het noodzakelijk dat de vaat op de juiste manier in de manden geplaatst is, zonder dat de voorwerpen elkaar raken.
De onderste mand is voor de vuilste voorwerpen: ovenschotels, schalen en borden.
Begin met het laden van de mand vanaf de buitenzijde (3.2.1). Plaats ovenschotels ondersteboven, diepe borden links en platte borden rechts.
Wanneer de machine inklapbare steuntjes heeft, plaatst u die voor grote voorwerpen, zoals ovenschotels, in horizontale stand (3.2.2 - 3.2.3).
Plaats bestek met het handvat naar beneden (3.2.4).

Messen en andere voorwerpen met scherpe punten dienen geplaatst te worden in de mand met de punt naar beneden of in horizontale positie.
De bovenste mand is voor breekbare voorwerpen: kopjes, glazen, porselein, glaswerk en borden met een standaardmaat (3.2.5). Een gedeelte van de mand is bestemd voor lang bestek en er zijn inklapbare steuntjes die in verticale positie geschikt zijn voor glazen (3.2.6).

Voor het Express-programma of de functie Bovenladen □ dient al het vaatwerk geplaatst te worden in de bovenste mand (3.2.7).
Terwijl in de functie Onderladen ☐ het vaatwerk enkel in de onderste mand geplaatst wordt (3.2.3).


Verzeker u ervan dat geen van de voorwerpen het draaien van de sproeiarmen (3.2.8) belemmert of het openen van het wasmiddelbakje belet.
3.3 Wasmiddel. Dat is er in de vorm van tabletten en poeder of in vloeibare vorm. De hoeveelheid wasmiddel die u dient te gebruiken, staat aangegeven in de programmatabel. Doe de benodigde hoeveelheid in het reservoir dat zich aan de binnenzijde van de deur bevindt (3.3.1) en sluit het deksel. Voor programma's die een extra hoeveelheid nodig hebben, plaatst u die boven op het deksel (3.3.2).
3.4 Aanzetten (met geopende deur) ①.
3.5. Controle van de niveaus van zout en spoelglansmiddel.
Zout. Wanneer het lampje Ⓧ brandt, moet u het reservoir bijvullen. U moet geen zout gebruiken wanneer dat niet nodig is (zie paragraaf 2.2). Wanneer dat nodig is, volgt u de stappen die worden uitgelegd in paragraaf 2.3, maar vult u het reservoir helemaal met zout.
Wanneer de machine geen indicatielichtje heeft, moet u het zout na elke 20 wasbeurten bijvullen wanneer het water een gemiddelde hardheid heeft.
Glansspoelmiddel. Wanneer het waarschuwingslampje brandt of het kijkvenster (3.5.1) aan de binnenzijde van de deur licht van kleur is, dient u het reservoir helemaal te vullen (3.5.2).
3.6 Programmakeuze. Je selecteert het programma met de toets PROG (2.2.10).
Bij modellen met een display (type B) zal het geselecteerde programma worden weergegeven (P1, P2,...)
3.7 Keuzemogelijkheden.
Wasmiddel ALLES-in-1 (Enkel voor modellen van het type A).
Druk tegelijkertijd langer dan 3 seconden op de toetsen Ⓛ en OPC (3.7.1)
⚠ Wanneer u een ALLES-in-1 wasmiddel gebruikt, is het mogelijk dat u opmerkt dat de resultaten (evenals de tijden) van wassen en drogen veranderen, vooral bij korte programma's en/of lage temperaturen
⚠️ Het is belangrijk de instructies op de verpakking te lezen (3.3.3).
In geval van twijfel dient u contact op te nemen met de fabrikant van het reinigingsmiddel.
Tijdreductie

Hiermee wordt de tijd van wassen en drogen ingekort. Deze functie kan worden gebruikt in de programma's Intensief, Normaal of Automatisch, Hygienizer en het Spaarprogramma.
Bovenplaatsing/onderplaatsing (duo-zone)

Gebruikt de helft van de capaciteit van de vaatwasmachine. Bovenste mand, Onderste mand, of beide.
Halve lading
Komt overeen met Bovenplaatsing (gebruik alleen de bovenste mand).

Wanneer na selectie van een optie deze niet geactiveerd wordt, dan is dat te wijten aan het feit dat de optie niet compatibel is met het vooraf gekozen programma.
3.8 Timer Ⓛ
Hiermee kan het tijdstip van het begin van de wasgang uitgesteld worden. Druk herhaaldelijk op de toets totdat u de gewenste duur van het uitstel op de display verschijnen ziet (3.8.1) of totdat dat aangegeven wordt door het indicatielichtje (3.8.2).
Wanneer u het uitstel wilt annuleren, drukt u op ①.

3.9 Aanzetten
Voor modellen van het type A drukt u op de toets (2.2.6) en sluit u de deur. Bij de overige modellen hoeft u enkel de deur te sluiten.
Bij alle modellen zal na het sluiten van de deur een pieptoon klinken die het begin van het programma aangeeft.
Wanneer het programma begonnen is en u het programma/de optie veranderen wilt, dient u de deur voorzichtig (spatgevaar) te openen en de machine opnieuw op te starten Ⓘ
3.10 Het wassen.

Wanneer er zich tijdens het programma een stroomonderbreking voordoet, zal de vaatwasmachine bij terugkeer van de stroom normaal doorgaan met functioneren vanaf het punt waarop die gestopt was.

U wordt afgeraden de deur van de vaatwasmachine tijdens het wasproces te openen. De efficiëntie van de verschillende functies kan daardoor negatief beïnvloed worden.
3.11 Einde programma. Na beëindiging van het programma zal de machine een pieptoon laten horen

Schakel de machine uit Ⓐ. Zo draagt u bij aan energiebesparing.
3.12 Waarschuwingen voor gebruik.
Vermijd het de deur open te laten om mogelijke ongelukken te voorkomen (3.12.1).


Onderhoud


Laat de deur van de vaatwasmachine een beetje openstaan wanneer u voor langere tijd afwezig bent, zodat de lucht er vrij doorheen kan circuleren.
Aangeraden wordt om eenmaal per maand het volgende onderhoud uit te voeren:
4.1 Reiniging van het wasfilter. Dat bevindt zich onder de onderste mand van de vaatwasmachine. Haal de mand eruit en verwijder het filter door het linksom te draaien (4.1.1). Demonteer het en maak het schoon onder de waterkraan (4.1.2). Plaats het weer terug door het rechtsom te draaien (4.1.3). Controleer of het goed geplaatst is door het naar boven te trekken. 4.2 Sproeiarmen schoonmaken. Demonteer de bovenste sproeiarm (wanneer die er is) door die naar boven te drukken en los te schroeven (4.2.1). Schroef de middelste sproeiarm los (4.2.2). Demonteer de onderste sproeiarm door de hendel linksom te draaien en die er naar boven toe uit te halen (4.2.3). Maak die onder de waterkraan schoon met een sponsje dat niet schuurt. Vergewis u ervan dat geen van de openingen geblokkeerd is. 4.3 Binnenzijde schoonmaken. Maak de binnenzijde van de vaatwasmachine schoon met een machinereinigingsmiddel of met een speciaal product en volg de daarop gegeven aanwijzingen. 4.4 Buitenzijde schoonmaken. Aangeraden wordt een vochtige doek en water met zeep te gebruiken. Gebruik geen producten die schuren of krassen.

Veiligheid

- Gebruik geen verlengkabels of adapters om de vaatwasmachine aan te sluiten.
- De elektrische installatie dient geschikt te zijn voor het maximale vermogen dat staat aangegeven op het typeplaatje en het stopcontact dient te zijn geaard in overeenstemming met de desbetreffende regelgeving.
- Wanneer de voedingskabel beschadigd is moet deze, om gevaar te vermijden, worden vervangen door de afdeling after-sales of door gekwalificeerd personeel.
- Voer geen handelingen uit aan de binnenzijde. Bij ieder probleem dat u niet kunt verhelpen, dient u de technische dienst te waarschuwen.
- Personen (incl. kinderen) voor welke het onmogelijk is het apparaat op veilige wijze te gebruiken als gevolg van een lichamelijke, sensorische of geestelijke handicap of door een gebrek aan ervaring of kennis, dienen de machine NIET te gebruiken zonder de supervisie of de instructies van de desbetreffende verantwoordelijke persoon. U dient er op te letten dat kinderen niet met het apparaat spelen.

Milieu

Bij het ontwerp van de vaatwasmachine heeft men rekening gehouden met de bescherming van het milieu.
Respecteer het milieu. Vul de wasmachine tot de voor ieder programma aanbevolen maximale capaciteit, plaats het vaatwerk op correcte wijze en kies het geschikte programma en de geschikte opties; u bespaart daar water en energie mee. Sla de voorwas over, wanneer dat mogelijk is. En gebruik niet te veel wasmiddel.
Behandeling van elektrisch en elektronisch afval.
Gooi de apparaten niet weg met het gewone huisvuil.
Breng uw vaatwasmachine naar een speciaal inzamelpunt. Door het recycleren van huishoudelijke apparaten worden negatieve gevolgen voor gezondheid en milieu voorkomen en bespaart men energie en geld. Voor meer informatie neemt u contact op met de plaatselijke autoriteiten of met de winkel waar u de vaatwasmachine hebt gekocht.

Problemen oplossen

7.1 Technische problemen of slecht functioneren. Wanneer de vaatwasmachine een defect bij het functioneren detecteert, waarschuwt hij u d.m.v. akoestische en visuele signalen, afhankelijk van het model:
Modellen met display. De letter "F" wordt weergegeven, gevolgd door een aantal pieptonen (7.1.1).
Modellen zonder display. Er weerklinken voortdurend 1 tot 10 pieptonen. Bijvoorbeeld: 4 pieptonen - pauze - 4 pieptonen - ... komt overeen met F4.

Het functioneren van de vaatwasmachine kan af en toe negatief beïnvloed worden door de aanwezigheid van vuil. Om problemen te voorkomen, dient u daarom de volgende aspecten te controleren, afhankelijk van het gedetecteerde defect. De eerste optie is het uit- en opnieuw inschakelen van de machine (Resetten).
| MODEL MET DISPLAY | ZONDER DISPLAY | STORING: | OpmerkingenTe controleren elementen: Gebruiker |
| AANTAL PIEPJES | |||
| F1 | 1 | Deur | Is de deur van de vaatwasmachine gesloten? |
| F2 | 2 | Wateraanvoer | Is er water in de leidingen?, Is de afsluitkraan open?, Is het filter van de elektrische inlaatklep schoon?, Zitten er wellicht vouwen of knikken in de wateraanvoerslang tussen de muur en de vaatwasmachine? Is de waterafvoer hoger gelegen dan de kuip van de vaatwasmachine? |
| F3 | 3 | Waterafvoer | Is de waterafvoerslang wellicht verstopt? Zitten er wellicht knikken in de slang?Zijn de filters schoon? Is het geselecteerde programma werkelijk beëindigd? |
| F4 | 4 | Overstroming | Zijn de filters schoon en zit er geen vuil op of resten van puree, pap, etc.? |
| F5 | 5 | Temperatuur | Voer een programma uit met een machinereinigingsmiddel... Storing kan te wijten zijn aan ophoping van vuil en kalkaanslag op het verwarmingssysteem. |
| F6 | 6 | Temperatuur | Voer een programma uit met een machinereinigingsmiddel... Storing kan te wijten zijn aan ophoping van vuil en kalkaanslag op het verwarmingssysteem. |
| F7 | 7 | Temperatuurdetectie | Zet de machine uit en stel een nieuw programma in werking |
| F8 | 8 | Werkdruk | Zet de machine uit en stel een nieuw programma in werking |
| F9 | 9 | Waterdistributie | Voer een programma uit met een machinereinigingsmiddel. Kan te wijten zijn aan zandkorreltjes |
| F0 | 10 | Verbinding | Wanneer de storing aanhoudt, moet u contact opnemen met de technische dienst |

Wanneer de storing aanhoudt, moet u contact opnemen met de technische dienst. Voordat u contact opneemt, dient u de code van de storing te bekijken. Houd er daarom rekening mee dat wanneer u de machine uitschakelt ① de signalering van het defect geannuleerd wordt.

Bij het openen van de deur zullen de pieptonen worden uitgeschakeld. Wanneer u die opnieuw wilt horen, drukt op de toets ◆ (voor modellen van het type A) of op de toets PROG (voor de overige modellen)
Oplossen van problemen van inefficiënt functioneren:
Hij wast niet. Ongeschikt programma? Raadpleeg de programmatabel; Is het vaatwerk op de juiste wijze geladen? Volg de aanwijzingen in paragraaf 3.2; Kunnen de sproeiarmen onbelemmerd draaien en/of zijn de openingen verstopt? Volg de aanwijzingen in de paragrafen 3.2 – 4.2; Is het filter juist geplaatst? Volg de aanwijzingen in paragraaf 4.1; Is het wasmiddel geschikt? Vergewis u ervan dat het geschikt is voor gebruik in vaatwasmachines en dat de kwaliteit niet verslechterd is omdat het te oud is.
Hij droogt niet. Ongeschikt programma? In korte programma's verslechtert de kwaliteit van het drogen; Wordt de juiste dosis spoelglansmiddel toegevoegd? Zie paragraaf 3.5; Gebruikt u bij "ALLES-in-1"-tabletten wel spoelglansmiddel? Het gebruik van spoelglansmiddel verbetert de efficiëntie van het drogen aanzienlijk; Is de vaatwasmachine op de juiste wijze geladen? Volg de aanwijzingen in paragraaf 3.2; Is het vaatwerk dat u wilt drogen wel geschikt? Tupperware (plastic) is bijvoorbeeld niet geschikt om gedroogd te worden; Wanneer verwijdert u het vaatwerk uit de vaatwasmachine? Het is beter om daarmee 15 tot 20 minuten na beëindiging van het programma te wachten.
De vaatwasmachine gaat niet aan. Controleer de elektrische spanning, de aansluiting op het stroomnet, of er wellicht een zekering is uitgesprongen en of de aan/uit-knop goed is ingedrukt.
Het programma wordt niet opgestart. Controleer of de deur niet openstaat en of de startknop goed is ingedrukt (enkel voor modellen van het type A).

Programmatabel
| PROGRAMMA | TEMPERATUUR (°C) | TYPE VAATWERKSYMBOLLEN | HOEVEELHEID WASMIDDEL(gr)*** | ||
| Voorwas | Frio | ![]() | der vastmidde | Voor vaatwerk dat niet direct gewassen wordt | |
| Hygienizer | 75°C | Voor een betere verwijdering van bacteriën | |||
| Intensief | 70°C | ![]() | Voor vaatwerk en zeer vuile pannen | 25+15 | |
| Normaal of Automatisch | 65°C55°C - 65°C | Voor vuil vaatwerk | 25+5 | ||
![]() | |||||
| Zuinig* | 50°C | Voor niet erg vuil vaatwerk | 25+5 | ||
| Snel | 55°C | ![]() | Voor vaatwerk dat bijna niet vuil is | 25 | |
| Express ** 15 min. | 40°C | ![]() | Voor vaatwerk dat bijna niet vuil is en alleen in het bovenste rek geplaatst wordt | 20 | |
| Gemengd | 50°C | Voor breekbaar en vuil vaatwerk | 25+5 | ||
| Delicaat** | 45°C | ![]() | Speciaal glas | 25 | |
25 gr. niet geconcentreerd waspoeder komt overeen met anderhalve afgestreken eetlepel of een wastablet. Voor wastabletten en vloeibare wasmiddelen dient u de aanbevelingen van de wasmiddelfabrikant op te volgen.
* Het spaarprogramma, conform de EN-50242 norm, duurt langer dan de overige programma's; het verbruikt echter minder energie en is milieuvriendelijker.
** In de programma's Express en Delicaat moet u een wasmiddel in poedervorm of in vloeibare vorm gebruiken omdat die het beste oplossen.
*** Wanneer u gecombineerde wasmiddelen gebruikt (Tabletten ALLES-in-1), denk er dan aan dat daardoor het verbruik en de duur van de programma's veranderen kunnen.

Lees ook de aanvullende informatie met betrekking tot de duur en het energieverbruik van de programma's. BEWAAR DIE.
De programmagegevens zijn in het laboratorium verkregen waarden volgens de norm EN 50242. Het zijn geen absolute waarden en ze kunnen daarom in het dagelijkse gebruik variëren.






