CD 4802 - Autoradio VDO DAYTON - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis CD 4802 VDO DAYTON in PDF-formaat.
| Type product | Autoradio |
| Merk | VDO Dayton |
| Model | CD 4802 |
| Afmetingen (B x H x D) | 182 x 50 x 180 mm (1-DIN) |
| Gewicht | ca. 1,2 kg |
| Voeding | 12 V DC (negatief massa) |
| Maximaal uitgangsvermogen | 4 x 20 W |
| CD-speler | Ja, compatibel met CD, CD-R, CD-RW |
| Radio tuner | FM/AM met RDS |
| Voorversterkeruitgangen | 1 paar (RCA) |
| Equalizer | Preset EQ-instellingen (Rock, Pop, Classic, Flat) |
| Bediening | Draaiknoppen en knoppen voor volume, bron, stations |
| Display | LCD-verlichting, dimbaar |
| Afstandsbediening | Optioneel (niet meegeleverd) |
| Beveiliging | Afneembaar frontpaneel met diefstalbeveiliging |
| Onderhoud en reiniging | Reinig met zachte, droge doek; geen agressieve middelen |
| Reserveonderdelen en repareerbaarheid | CD-laser en zekeringen beschikbaar; reparatie door vakman |
| Algemene informatie | Handleiding gratis beschikbaar op notice-facile.com |
Veelgestelde vragen - CD 4802 VDO DAYTON
Gebruikersvragen over CD 4802 VDO DAYTON
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Autoradio in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding CD 4802 - VDO DAYTON en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. CD 4802 van het merk VDO DAYTON.
GEBRUIKSAANWIJZING CD 4802 VDO DAYTON
Willen wij u danken voor de aanschaf van dit VDO-DAYTON product dat is ontworpen en gefabriceerd volgens de bestaande Veiligheidsregels, conform aan de hoogste standaard en dat nauwkeurig is getest.
Gelieve u vertrouwd te maken met het toestel door deze gebruikshandleiding zorgvuldig door te lezen.
Gebruik het toestel voor het doel ervan en bewaar deze handleiding in uw voertuig voor het toekomstig raadplegen.
Milieu
Dit boekje is gedrukt met recycling papier met een laag chloorgehalte.
Het gebruik van de Navigatie Interface
Deze set is eenvoudig in het gebruik met enkele bedieningselementen en een duidelijk gestructureerd menu.
Voor het gebruik stelt deze VDO-DAYTON set u in staat:
1- de menu's te verkrijgen met 6 toetsen (zie toetsen en bijbehorende menu's op de voorpagina)
2- de functies te verkrijgen met de pijlen in de menu's of submenu's.
3- een waarde voor de vooraf gekozen functie te selecteren met de pijlen
4- het volume te vermeerderen/verminderen met +/-
5- de functie te verlaten of de keuze van de gewijzigde waarde te bevestigen met ESC.
INHOUD
Inleiding .....107
Alvorens te starten .....107
Inhoud 107
Algemene informatie .....108
Installatie .....108
Voorbereiding 108
Aansluitingen 108
Montage ....111
Metalen huls 111
Autoradio 111
Uitrustingen 111
Beveiliging .....112
Façade 112
Waarschuwingen 112
Identificatienummer .....113
Configuratie .....113
Voorzorgsmaatregelen .....114
Hoofdfuncties .....114
Main Menu ....115
Radio 117
RADIO MENU .....117
RADIO INITIALISATIE MENU .....119
CD, CDC OF MP3 speler* .....120
CD/MP3 MENU 122
Tape* 122
TAPE MENU 123
DAB*/** 123
DAB MENU 124
Audio 125
GELUID MENU 125
SOUND INIT MENU 126
Autocomputer .....128
AUTOCOMPUTER MENU .....128
AUTOCOMPUTER INITIALISATIE .....129
Bericht ....131
Animatie .....132
Instellen van waarden .....133
Oplossen van problemen .....136
Radio referentie ....138
Index 138
ALGEMENE INFORMATIE
Met deze VDO-DAYTON set bent u in het bezit van een autoradio van hoge kwaliteit die kan worden aangesloten op verscheidene accessoires om de functionaliteit van uw systeem te vergroten.
RDS
Het RDS (Radio Data System) systeem gebruikt een subfrequentie van de FM band voor het doorvoeren van informatie. Deze autoradio levert u met de RDS informatie:
1- Een display van de naam van het station,
2- Een stationselectie in overeenkomst met het programmatype (PTY),
3- Het automatisch afspelen op de beste Alternatieve Frequentie (AF) voor hetzelfde programma,
4- De beluistering van Traffic Announcements (TA = Verkeersberichten), nieuwsberichten en noodberichten.
TMC\*
Dankzij het RDS, geeft het TMC (Verkeer-sinformatie Kanaal) gegevens door aan het navigatiesysteem dat deze Traffic Announcements (Verkeersberichten) afbeeldt: u blijft op deze wijze op de hoogte van alle verkeers-situaties.
Nota: het TMC is nog niet in alle landen beschikbaar & wordt niet door alle RDS omroepzenders uitgezonden.
DAB\*\*
De DAB (Digitale Radio Omroep) levert u de beste kwalitatieve radio-ontvangst (CD kwaliteit en aanvullende services) dankzij een dynamisch wisselalgo-ritme tussen DAB en het gelijkwaardige FM RDS station.
Afhankelijk van het niveau van de services, geeft de radio u een display van een radio informatietekst dankzij de Program Associated Data (Gegevens die aan een Programma zijn Verbonden).
INSTALLATIE
Wanneer u voertuig voorzien is van volledige ISO aansluitingen, kunt u de autoradio direct installeren.
Wanneer de aansluitingen van uw voertuig voldoen aan andere standaarden, moet u contact opnemen met uw dealer voor het verkrijgen van speciale adaptersnoeren (zie de afbeeldingen op de installatiekaart) en vervolg daarna zelf de installatie (zie VOORBEREIDING).
Nota: Verzeker u ervan dat de snoeren niet door scherpe hoeken of bewegende delen kunnen worden beschadigd.
VOORBEREIDING
Het toestel moet worden aangesloten op een 12V DC elektrisch systeem met een negatieve aardeklem (autochassis).

Waarschuwing: Een installatie die niet voldoet aan deze vereisten kan resulteren in slecht functioneren, beschadiging of brand!
Om het risico te vermijden van een kortsluiting tijdens de installatie, moet u de negatieve klem los schakelen van de accu tot de set veilig is geïnstalleerd en aangesloten.
(zie Installatiekaart Afb 1).
AANSLUITINGEN
Aansluiting A
(zie Afb 2)
a- De voeding
1- Bruine draad A8: sluit aan op een aardepunt op de autochassis.
2- Rode draad A7: sluit aan op een permanente 12V voeding, hoofdvoeding voor de set. Verzeker u ervan dat deze aansluiting een stroom kan verdragen van 10A.
* Hangt af van de radio referentie: zie de tabel aan het einde.
** tot de accessoires die apart worden verkocht, raad-pleeg uw dealer.
3- Geel/oranje draad A4: sluit aan op de ingeschakelde 12V voeding van de starter.
Nota: De logische ON/OFF functie bestaat alleen met een A7 draad voor permanent voltage.
b- Optionele aansluitingen
Elektronische of Gemotoriseerde Antenne
Sluit de voeding aan op pin A5 voor een elektronische antenne of op de controledraad voor het relais van een automatisch gemotoriseerde antenne. Gebruik de bijgeleverde kleine aansluiting.
Nota 1 : Gebruik deze aansluiting niet voor een directe voeding naar de antennemotor.
Nota 2 : Gebruik een passieve antenne met een lange draad: sommige antennes kunnen ontvangstproblemen voor de golfband opleveren.
Controlelampje
Wanneer het voertuig grootlicht aan heeft, blijft het controlelampje van de toets branden zelfs wanneer de autoradio uitgezet is.
Sluit pin A6 aan op de dashboardbedrading, met de hiervoor bijgeleverde kleine aansluiting.
SDVC en Snelheidsalarm
De SDVC (Volume Bediening Afhankelijk van de Snelheid) vermeerdert of vermindert automatisch het volume naar gelang de snelheid van het voertuig. Het snelheidslimiet alarm kan worden gebruikt om aan te geven dat u een bepaalde snelheid overschreden heeft.
Sluit pin A1aan op een signaal van de snelheidsmeter (sommige voertuigen zijn hiervoor al aangepast: b.v. sommige VW en Vauxhall/Opel modellen). Gelieve hieromtrent contact op te nemen met uw dealer.
Is dit niet het geval, gebruik dan een gedetailleerdere installatie die om extra uitrusting vraagt: dit moet worden uitgevoerd door een mecanicien, die ervaring heeft met mechanische en elektrische autosystemen voor het uitvoeren van deze handeling. Na de aansluiting, zie CONFIGURATIE.
Aansluiting B
Deze aansluiting wordt gebruikt voor het aansluiten van de vier luidsprekers: links en rechts voorin en links en rechts achterin (zie Afb 3).

Waarschuwing: Sluit nooit een luidspreker aan op de aarde of rechtstreeks op een booster/versterker of via een externe geleider (tenzij deze is uitgerust voor het ontvangen van een dergelijke input met een hoog niveau) !
De vier luidsprekers moeten als volgt worden aangesloten:
Voorin
Achterin
Rechts (+) Grijze
Blauwe
draad B3 draad B1
Rechts (-) Grijs/zwart
Blauw/zwart
draad B4 draad B2
Links (+) Groene
Witte
draad B5 draad B7
Links (-) Groen/zwart
Wit/zwart
draad B6 draad B8
Aansluiting C

à Deze speciale aansluitingenset behoort tot de accessoires die apart worden verkocht (raadpleeg uw dealer)
a- Gele Aansluiting C1
Snoeren gebruikt voor de uitgaande lijn (zie Afb 4).
U kunt met behulp van een RCA snoer een versterker aansluiten met 2 of 4 aanvullende luidsprekers of een subwoofer voor deze set.
1- Gebruik het rode contact voor de aansluiting van het rechter kanaal en het witte contact voor het linker kanaal.
2- Gebruik de blauwe draad (Pin 6) voor de aansluiting van een zwakke versterker.
b- Groene Aansluiting C2
Snoeren gebruikt voor de Auto Computer bediening (Parkeer Afstand Controle, temperatuur receptor, afstandbediening met draad) (zie Afb 5).
Temperatuur Receptor
U kunt een temperatuur receptor aansluiten op de Pin 1 die u automatisch een zichtbaar en hoorbaar signaal geeft wanneer de buitentemperatuur onder de 3°C daalt. Gebruik het Auto Computer menu voor de temperatuurdisplay.

Waarschuwing: De temperatuur receptor is alleen een hulpmiddel en kan niet worden gebruikt voor het bepalen van nauwkeurige wegcondities. U bent volledig aansprakelijk voor de beslissing of het verantwoord is om door te rijden.
PDC
Gebruik de Pin 10 (Input) en Pin 12 (Output) voor de aansluiting van de Parkeer Afstand Controle.
Afstand Bediening met draad
Gebruik de Pinnen 8 & 9 voor de aansluiting van de afstandbediening accessoires.
c- Blauwe Aansluiting C3
Snoer gebruikt voor beschikbare aparte CD wisselaar (zie Afb 6).
Nota de set functioneert alleen met de CD wisselaar met een digitale output (zie CD wisselaar installatie).
Aansluiting D

à Deze speciale aansluitingenset behoort tot de accessoires die apart worden verkocht (zie uw dealer)
a- Aansluiting D1
Deze aansluiting wordt gebruikt voor de aansluiting van uw telefoon op de set (zie Afb 7)
Telefoon In
U kunt deze input (Pinnen 2 & 4) gebruiken voor de aansluiting van de radio output van uw portable om het geluidsvolume te vergroten via de luidsprekers.
Telefoon voeding
Gebruik deze Pin 3 voor de aansluiting van uw autokit en voor de permanente voeding ervan.
Geluidloze Telefoon
Gebruik deze input (Pin 5) voor de aansluiting van uw telefoon.
Nota: Voordat u uw telefoon gebruikt, moet u het telefoonsysteem instellen en het geschikte detectieniveau in het Main Menu (Hoofd Initialisatie Menu) configureren.
Telefoon op Afstandbediening
Gebruik deze input (Pin 6) voor de aansluiting van uw telefoon accessoir voor afstandbediening dat uw autoradiokit aan- of uitzet (radio On/Off).
b- Aansluiting D2
Deze aansluiting wordt gebruikt voor de aansluiting van de audio interface voor externe uitrustingen zoals het navigatie-systeem, de subwoofer en het verkeersberichten kanaal (zie Afb8).
Navigatie Interface
Gebruik de Navigatie interfaces (Pinnen 21 & 25) voor het doorvoeren van de TMC gegevens naar uw VDO-DAYTON Navigatie-systeem.
Output Subwoofer Versterker
Gebruik deze interfaces (Pinnen 22 & 23) voor de aansluiting van een subwoofer versterker.
Nota: Voordat u de subwoofer gebruikt, moet u deze aanzetten op ON en de lage frequentiedrempel ervan selecteren in het Sound Init Menu (Geluid Instelmenu) en het volume in het Sound Menu (Geluidsmenu) bijstellen.
Audio In
Gebruik deze inputs (Pinnen 24, 27 & 28) voor de aansluiting van andere aanvullende audio-uitrustingen.
Geluidloze Navigatie
Gebruik deze input (Pin 26 voor de aansluiting van uw navigatiesysteem.
Nota: Voordat u uw navigatiesysteem gebruikt, moet u het navigatiesysteem instellen en het geschikte detectieniveau in het Main Menu configureren.
MONTAGE
METALEN HULS
1- Steek de metalen huls in de opening (182 x 53 mm) van het autodashboard of het bedieningpaneel (zie Afb 11). Zie installatiekaart.
Voor de CD speler van hoge kwaliteit moet de metalen huls binnen de aangegeven grenzen worden geplaatst: in een hoek van 0° tot +20°.
2- Zet de huls vast door de metalen pennen naar buiten te buigen met een schroevendraaier (zie Afb 11).
AUTORADIO
Aansluiting van de radio
(Zie Afb 9 en Afb 10)
1- Controleer dat de accu is los geschakeld.
2- Steek de antenne aansluiting E in het antennecontact (een goede ontvangst is alleen mogelijk met een goede antenne): gebruik de antenne aanpassing wanneer dit nodig is. Gebruik de J haak achter op de set om het vastzetten te verzekeren.
3- Steek de aansluiting voor de voeding in het contact A7.
4- Steek de aansluitingen van de luidsprekers in contact B (B1 tot B8).
· (optie) Neem de beschermingslaag weg van het contact C.
· (optie) Steek de gele aansluiting in contact C1.
· (optie) Steek de blauwe aansluiting voor de CDC of DAB in het contact C3.
- (optie) Steek de groene aansluiting in het contact C2. De groen aansluiting past tussen de gele aansluiting C1 en de blauwe aansluiting C3. U heeft minstens een van deze aansluitingen nodig om C2 op zijn plaats te houden.
** tot de accessoires die apart worden verkocht, raad-pleeg uw dealer.
Montage van een DIN radio
(Zie Afb 12)
1- Schuif de radio in de metalen huls tot de veren aan beide kanten in de openingen springen.
2- Sluit de negatieve klemmen weer op de accu aan (zie Afb 15): de installatie is nu gereed.
Nota: De buffermontage, direct gemonteerd op de achterkant zorgt voor een veiligheidspositie.
Montage van een JIN radio\*\*
(Zie Afb 13)
1- Neem de façade van uw radio weg.
2- Breng uw radio via de achterkant van het dashboard naar binnen tot de haken aan beide kanten in de schroefgaten passen.
3- Schroef beide kanten van uw autoradio vast met de M5 x 6 mm schroeven.
4- Monteer de façade.
5- Sluit de negatieve klem van de accu weer aan (zie Afb 15): de installatie is nu gereed.
Het wegnemen van de radio
(zie Afb 14)
U kunt de radio ontsluiten met de twee hiervoor bestemde U haken links en rechts.
1- Controleer dat de accu is los geschakeld.
2- Neem de façade weg.
3- Breng elke U haak in de goede stand in de bijbehorende zijkantcontacten tot deze vastzitten.
4- Neem de radio uit de metalen huls.

Waarschuwing: Ga voorzichtig te werk met de aansluitingen bij de montage van de radio of bij het eruit nemen, om schade te voorkomen.
UITRUSTINGEN
(zie de lijst van accessoires aan het einde)
Het vervangen van een zekering
1- Neem de zekering F weg van de contactdoos achter de radio.
2- Vervang deze door een nieuwe 10A zekering van het blad type.
Nota 1 : De nieuwe zekering moet dezelfde waarde bezitten en van hetzelfde type zijn, anders wordt de set niet voldoende beschermd.
Nota 2 : Wanneer u deze procedure niet navolgt, riskeert u de set te beschadigen hetgeen de garantie opheft.
Het opheffen van interferentie
De meeste moderne auto's bezitten een efficiënte interferentie opheffing. Wanneer u interferentie tegenkomt, raadpleeg dan uw garage.
Gebruik van afstandbediening\*\*
U kunt twee typen infrarood gebruiken als accessoire voor een afstandbediening van uw set:
1- Credit Card Formaat.
2- Stuur.
Installatie van een externe versterker
U kunt de subwoofer output (Aansluiting D2) gebruiken voor de aansluiting van een externe versterker: stel deze uitrusting in het Sound Init Menu.
Installatie van een subwoofer
U kunt een subwoofer installeren als een hoofdelement van uw geluidsreproductie systeem. Twee hoofdconfiguraties zijn beschikbaar:
1- Zonder een externe versterker:
a/ Sluit de subwoofer luidspreker op B aan (Pinnen 7 en 8: Links achter) zet dan de subwoofer versterker in het Sound Init Menu op ON.
b/ Selecteer een lage frequentiedrempel in het Sound Init Menu: 40 of 80 Hz.
Notas In dat geval is de rechter luidspreker Achterin uitgeschakeld op OFF.
2- Met een externe versterker:
a/ Sluit de subwoofer luidspreker op een externe versterker aan en dan op D2 (Pin 23: subwoofer output).
b/ Zet de subwoofer versterker uit op OFF in het Sound Init Menu.
c/ Selecteer een lage frequentiedrempel in het Sound Init Menu: 40 of 80 Hz.
Nota 1 : Voordat u de subwoofer gebruikt, kunt u het volume bijstellen in het Sound Menu.
Nota 2 : In dat geval moeten de vier onafhankelijke luidsprekers zijn ingeschakeld op ON in B.
BEVEILIGING
FAÇADE
Het wegnemen van de façade
1- Druk op de RELEASE toets.
2- Trek de façade naar u toe.
3- Neem de mobiele façade met u mee wanneer u de auto verlaat.
4- Bewaar de façade in de bijbehorende beschermingshoes.
Nota: wanneer u de façade bij het verlaten in de auto achterlaat, geeft de set 10 seconden na het wegnemen van de startsleutel piepsignalen.
Het terugplaatsen van de façade
1- Steek de totale rechterkant van de façade in de aansluiting van de set.
2- Duw de linkerkant van de façade op zijn plaats tot deze in de goede positie springt.
Nota 1 : Wanneer u een waarschuwings-signaal hoort, is de façade niet goed geplaatst.
Nota 2 : Om een goede aansluiting tussen de set en de mobiele eenheid te verzekeren, is het aan te bevelen de aansluitingen van tijd tot tijd voorzichtig te reinigen met een wattenstaafje.
WAARSCHUWINGEN Waarschuwingsled
Wanneer het instrument is uitgezet en de façade is weggenomen, knippert de Waarschuwingsled.
U kunt de Waarschuwingsled uitzetten (zie Hoofdmenu, Waarschuwingsled functie).
Waarschuwing Stickers van Beveiliging
Plak de bijgeleverde Waarschuwingstickers van Beveiliging op de ruiten van uw auto.
IDENTIFICATIENUMMER
De set bezit een uniek identificatienummer afgebeeld op de veiligheidskaart (zie gescheiden installatiekaart).

Waarschuwing: Laat u veiligheidskaart niet achter in uw auto. Het is uw eigendomsbewijs wanneer de set wordt gestolen, wanneer de façade is verloren of wanneer de set een servicedienst nodig heeft.
CONFIGURATIE
Het kalibreren van de Snelheid
Gebruik deze functie voor het handmatig kalibreren van de snelheidswaarde in overeenkomst met de actuele snelheid.
1- START de motor van uw auto met de contactsleutel.
2- Zet de autoradio aan op ON.
3- Houdt, terwijl u niet rijdt, COMPUTER lang ingedrukt.
4- Selecteer SPD CALIB (SNH KALIB) met de toetsen.
5- Druk op ENTER voor het kalibreren van de set: er wordt een kort bericht afgebeeld.
6- Voer u snelheid op tot 50 km, nadat u het kalibreren heeft gestart.
7- Druk op ENTER voor de bevestiging van het Snelheidsalarm.

Let op de lokale verkeersregelingen.
8- Een bericht waarschuwt u wanneer het kalibreren geslaagd of mislukt is: de SDVC niveauwaarde is ingesteld op 3 (zie Sound menu).
Nota: Wanneer u het kalibreren wilt afbreken voordat u de snelheid bereikt, druk dan op ESC.
Het kalibreren van de Auto Equalizer
Deze functie kan de frequentiecurven van de luidsprekers meten en deze aanpassen voor het compenseren van de zwakke zones in het akoestische spectrum van de luidsprekers & de auto.
Deze instellingen (een 5-bandcurve voor elke luidspreker) worden opgeslagen in een vast geheugen.
1- Houd de SOUND (GELUID) knop lang ingedrukt.
2- Selecteer AUTO EQ met de pijlen .
3- Druk op ENTER.
4- Neem de façade weg.

5- Steek de microfoon in het contact.
6- Plaats de microfoon.
Een serie hoge pieptonen raadt u aan het voertuig te verlaten voordat u het kalibreren start. Wanneer de auto-equalizing beëindigd is, gaat de set automatisch uit op OFF: de EQ modus is automatisch ingesteld op Auto EQ.
Nota: De auto-equalizing heeft voor een efficiënte werking 2 of 4 aangesloten luidsprekers nodig (rechtstreeks of via een versterker).

Waarschuwing: In het geval dat u een subwoofer heeft aangesloten op uw installatie, ontkoppel deze dan voordat u het kalibreerproces start.
VOORZORGSMAATREGELEN
Zorg dragen voor de SET
Wanneer een willekeurig hard voorwerp of een vloeistof op de eenheid valt, schakel het dan uit en laat het controleren door bevoegd personeel voordat u het weer gebruikt.
Verzorgen van de CD
- Vermijd vingerafdrukken op de disk wanneer u deze manipuleert.
- Bewaar de disk in de hoes direct na de uitwerping ervan, om stof op en beschadiging van het oppervlak te vermijden.
- Stel de disk niet bloot aan hitte en zonlicht.
Verzorgen van de TAPE
- Gebruik alleen tapes van goede kwaliteit (60 of 90 min), zoals chroom dioxide tapes.
- Berg de tapes op in de doosjes onmiddellijk na gebruik om deze te beschermen tegen stof en vuil en om het afwikkelen van de tapes te voorkomen.
- Stel de tapes nooit bloot aan hitte, direct zonlicht en schimmel.
- Reinig de kop een of twee keer per maand met een reinigingstape.
Concentreren op de weg
Gebruik de telefoon niet terwijl u rijdt, daar dit een verkeersongeval kan veroorzaken. Het is tevens verboden in sommige zones.
Rekening houden met anderen
Houd het volume op een gematigd niveau. Dit stelt u in staat de geluiden buiten het voertuig te horen en rekening te houden met de mensen om u heen.
HOOFDFUNCTIES
Aan/Uit zetten
Druk op POWER voor het aan- en uitzetten van de set met ON en OFF.
Nota: Wanneer u de contactsleutel op OFF draait en uw auto verlaat zonder uw autoradio uit te zetten, gaat deze automatisch op OFF.
Selecteren van een bron
Uw autoradio is bestemd voor verschillende soorten bronnen. U kunt deze selecteren met een korte druk op de SOURCE (BRON) toets. Druk op de SOURCE toets voor de display en de selectie van de bron die u wilt spelen.
Nota 1 : Wanneer een bron op ON staat, wordt het overeenkomstige pictogram verlicht op de façade.
Nota 2 : De geluidskeuzes (Volume, Balans, Verzachter, Subwoofer en auto-equalizing) zijn voor alle bronnen hetzelfde.
Nota 3 : Elke bron kan onafhankelijk de preset geluidsinstellingen en equalizing gebruiken.
Controle van het volume
a- Volume
Gebruik de +/- toetsen voor het bijstellen van het volume: het volume neemt automatisch toe of af wanneer de SDVC aansluiting is geïnstalleerd en geselecteerd (zie Installatie).
Nota: Verzeker u ervan dat u het verkeer steeds kunt horen (claxons, sirenes, enz.).
b- Geluidloos
1- Druk op MUTE (GELUIDLOOS) om het audio systeem geluidloos te maken.
2- Druk opnieuw op MUTE wanneer u de laatst beluisterde audio bron wilt hervatten.
Nota 1 : In deze status kunnen de volgende hoorbare situaties voorkomen: Berichten (Verkeer, Nieuws, Navigatie), Telefoonoproepen, Alarmen.
Nota 2 : Bij sommige voertuigen kunnen portables of het navigatiesysteem automatisch de audio output onderbreken als deze met de set zijn verbonden.
c- Starten
De autoradio kan door andere toestellen (telefoon input) worden gebruikt als een tussensysteem voor het reproduceren van de radio via de ingebouwde luidsprekers in het voertuig. De telefoon kan dan de radio starten wanneer zich een oproep voordoet.
Display van Bron Informatie
Geef een korte druk op de DISPLAY toets voor het afbeelden van de informatie (spoor, tijd, info lijn, enz.) over de gekozen bron (Tuner, CD, CDC, Tape, DAB).
MAIN MENU
Het hoofdmenu stelt u in staat de hoofdkeuzes van uw autoradio te configureren.
1- Houd de MUTE toets lang ingedrukt voor het verkrijgen van het MAIN MENU (HOOFD MENU) (zie keuzes op voorpagina).
2- Gebruik de pijlen voor het selecteren van een keuze.
3- Gebruik de pijlen voor het instellen van de keuzewaarde.
4- Druk op ESC om de waarde te verlaten.
Bepalen van de Tijd Scan
Met deze functie kunt u de tijd bepalen tot het overgaan op het volgende station (Radio, DAB) of op het volgende nummer (CD, CDC, tape).
1- Houd MUTE lang ingedrukt.
2- Selecteer SCAN TIME met de pijlen .
3- Gebruik de pijlen voor het selecteren van een aantal seconden (10 sec in standaardmodus).
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Radiogebruik zonder dat u rijdt
Met deze functie kunt u de autoradio gebruiken zonder dat de auto rijdt (alleen wanneer de A7 draad is aangesloten op een permanente voeding).
1- Houd MUTE lang ingedrukt.
2- Selecteer LOGIC met de pijlen.
3- Gebruik de pijlen voor het selecteren van ON (standaard waarde) of OFF.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: De instelling gaat na een uur vanzelf op OFF of wanneer het voltage van de accu onder de 9 volt daalt.
Instelling van een Aanvullende Uitrusting
Deze functie stelt u in staat een aanvullend toestel op de set aan te sluiten of uit te schakelen.
1- Houd MUTE lang ingedrukt.
2- Selecteer AUXILIARY met de pijlen .
3- Gebruik de pijlen voor het selecteren van ON (standaard waarde) of OFF.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Aan-/Uitzetten van de Waarschuwingsled
Met deze functie kunt u de knipperende LED aan-/uitzetten (contact op Off of façade weggenomen).
1- Houd MUTE lang ingedrukt.
2- Selecteer WARN LED met de pijlen .
3- Gebruik de pijlen voor het selecteren van ON (standaard waarde) of OFF.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Instellen van het Audio Niveau van de Signalen
Met deze functie kunt u het audio niveau van de signalen bijstellen.
1- Houd MUTE lang ingedrukt.
2- Selecteer CHIMES LVL met de pijlen .
3- Gebruik de pijlen voor het selecteren van een waarde tussen 1 en 5 (2 = standaard waarde).
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota De signalen met pieptonen zijn domi-nante hoorbare effecten, zelfs in de "geluidloze" status.
Selecteren van Signalen
Deze functie stelt u in staat van te voren bepaalde signalen te selecteren voor het hoorbare feedback systeem.
1- Houd MUTE lang ingedrukt.
2- Selecteer CHIMES SET met de pijlen .
3- Geef een korte druk op ENTER om naar het signalenmenu te gaan.
4- Gebruik de pijlen voor het selecteren van het signalentype: toetsdruk, bevestiging, bericht, waarschuwing, fouten, welkom, tot ziens of auto inbraak.
5- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een pieptoon die wordt geassocieerd met het vooraf geselecteerde signalentype.
6- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Instellen van Audio Niveau van het Bericht
Met deze functie kunt u het audio niveau van de berichten bijstellen.
1- Houd MUTE lang ingedrukt.
2- Selecteer TA VOLUME met de pijlen .
3- Gebruik de pijlen voor het selecteren van een waarde.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Instellen van een Telefoon Uitrusting
Deze functie start of stopt de telefoondetectie voor de autoradio.
1- Houd MUTE lang ingedrukt.
2- Selecteer PHONE met de pijlen .
3- Gebruik de pijlen voor het selecteren van NO (standaardwaarde), Mute of IN.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: Stel in op IN wanneer de Tel audio aangesloten is op de Tel IN draad. In het zelfde geval moet u het detectieniveau van de telefoon instellen (zie dealer).
Instelling van Detectieniveau van de Telefoon
Met deze functie kunt u het detectieniveau van de telefoonberichten configureren (geluidloze Tel draad).
1- Houd MUTE lang ingedrukt.
2- Selecteer PHONE LVL met de pijlen .
3- Gebruik de pijlen voor het selecteren van LOW (LAAG) (standaardwaarde) of HIGH (HOOG).
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: U moet de waarde selecteren die overeenkomt met de aangesloten uitrusting (telefoon, luidsprekers).
Instellen van het Telefoon Volume
Deze functie die niet afhangt van een bron, stelt het telefoon niveau bij tussen de minimale en maximale waarde (-30 tot +30).
1- Geef een korte druk op MUTE.
2- Selecteer PHONE VOL met de pijlen .
3- Gebruik de pijlen voor het selecteren van een waarde (0 is de standaard-waarde).
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Instellen van een Navigatie Systeem
Deze functie start/stopt de detectie van navigatieberichten voor de autoradio.
1- Houd MUTE lang ingedrukt.
2- Selecteer NAV met de pijlen .
3- Gebruik de pijlen voor het selecteren van NO (standaardwaarde), Mute of IN.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: Stel in op IN wanneer de Nav audio aangesloten is op de Nav IN draad. In het zelfde geval moet u het navigatie detectie-niveau instellen (zie dealer voor het aanbrengen van de volgende keuze).
Instellen van het Navigatie Detectie Niveau
Met deze functie kunt u het navigatiebericht detectieniveau configureren (Geluidloze Nav draad).
1- Houd MUTE lang ingedrukt.
2- Selecteer NAV LVL met de pijlen .
3- Gebruik de pijlen voor het selecteren van LOW (standaardwaarde) of HIGH).
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: U moet de waarde selecteren die overeenkomt met de aangesloten uitrusting.
Instellen van de SDVC
Deze functie stelt u in staat de SDVC op OFF te zetten of een van de vijf curven te selecteren voor het bijstellen van de gevoeligheid van de volumebediening afhankelijk van de autosnelheid.
1- Houd MUTE lang ingedrukt.
2- Selecteer SDVC TYPE met de pijlen . ◀ ▶
3- Gebruik de pijlen voor het instellen van Off, curve 1, curve 2, curve 3, curve 4 of curve 5.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota 1 : U kunt deze functie beter instellen na het kalibreren van de snelheid (zie Configuratie): anders krijgt u een SDVC zonder de kalibreerinstelling.
Nota 2 : Kies een SDVC curve die overeenkomt met de situatie van het omringende lawaai.
Instellen van de Helderheid van het Display Licht
Deze functie die niet van de bron afhangt, stelt de helderheid bij van het display licht tussen de minimum en maximum waarde (1 tot 10).
1- Houd MUTE lang ingedrukt.
2- Selecteer BRIGHTNESS met de pijlen .
3- Gebruik de pijlen voor het selecteren van de waarde.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Starten van de luidsprekers installatie
Gebruik deze functie voor het starten van de luidsprekers installatie.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer INSTALL met de pijlen .
3- Druk op ENTER voor het starten van de installatie.
4- aan- en uitzetten van de set met ON en OFF.
RADIO
U kunt de keuzes van de radiostations instellen na het selecteren van de radiobron. Druk vervolgens kort of lang op ENTER voor het verkrijgen van twee verschillende Radiomenu's (zie voorpagina).
Links Zoeken/Rechts Zoeken
Gebruik de toetsen om langs de geselecteerde golfband te draaien.
Naar Boven Zoeken/Naar Beneden Zoeken
Gebruik de toetsen om langs de gememo- riseerde lijst van stations van de golfband te draaien.
RADIO MENU
1- Druk op de SOURCE toets voor het selecteren van TUNER
2- Geef een korte druk op ENTER om naar het TUNER MENU te gaan.
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een keuze.
4- Gebruik de toetsen voor het instellen van de keuzewaarde.
5- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Selecteren van een golfband
Met deze functie kunt u een band in een afdraailijst selecteren.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer BAND met de toetsen.
3- Selecteer met de toetsen de gememori-seerde stations in de presets:
- FM 1,2,3. Handmatige FM presets
- FM memo RDS alfabetische lijst
- FM AST Automatisch opgeslagen
FM lijst van stations
- MW 1,2,3. Handmatig voorinstellingen
MW
- MW AST Automatisch opgeslagen
MW lijst van stations
- LW Handmatige presets LW
- SW Handmatige presets SW
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: De stations in FM memo zijn alleen stations die opgesteld en bijgewerkt zijn door de RDS memo.
Automatisch opslaan van een station
U kunt de 10 krachtigste stations automatisch memoriseren op de FM en MW banden.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer BAND met de toetsen.
3- Selecteer met de toetsen ♦uitsluitend een FM of MW band.
4- Gebruik de toetsen voor het selecteren van START AST.
5- Druk op ENTER voor het memoriseren van het station.
Nota: Deze functie werkt alleen met geselecteerde FM banden (FM 123, FM memo, FM AST) of MG banden (MG 123, MG AST): u kunt geen stations opslaan vanuit LG of KG banden.
Starten van het RDS Stations Memo
Deze functie stelt u in staat tot 50 RDS stations te memoriseren vanuit de FM band en deze af te beelden op alfabetische volgorde.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer BAND met de toetsen.
3- Selecteer met de toetsen FM memo.
4- Gebruik de toetsen voor het selecteren van START MEMO.
5- Druk op ENTER voor het memoriseren van de stations en de display ervan op alfabetische volgorde.
Nota: Deze functie werkt alleen met de geselecteerde FM memo: u kunt geen stations opslaan vanuit andere banden.
Zoeken van een Programma Type
Het is mogelijk FM stations te zoeken met het gebruik van de PTY code (Programma Type), dat u direct toegang verleent tot voorgeselecteerde programmatypen (b.v. Nieuws, Zaken, Sport, enz).
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer PTY SEARCH met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van het gewenste programmatype.
4- Druk op ENTER om het zoeken te starten. Aan het einde hoort u een pieptoon gevolgd door het eerstgevonden station.
Nota PTY is nog niet operationeel in alle landen.
Zoeken van de beste ontvangst
Wanneer de AF functie actief is, blijft de set spelen op het actuele station maar het gaat door met zoeken naar de frequentie voor de beste ontvangst. Deactiveer deze functie alleen wanneer u korte onderbrekingen hoort.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer AF met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van ON (standaardwaarde) of OFF.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Scannen van stations of van presets
Met deze functie kunt u de stations of de presets scannen (zie Tuner Init menu: Selecteren van het scantype) van de actuele band.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer SCAN PRESET met de toetsen.
3- Druk op ENTER voor het starten van het scannen: een bericht beeldt de stations af.
Nota: Voordat u deze functie start moet u het scantype selecteren (Zie Tuner Init).
Instellen van de Radio Modus
Met deze functie kunt u de radiomodus bepalen voor het zoeken van een station.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer TUNING met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van MANUAL of AUTO (automatisch: standaardwaarde).
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: Na een minuut keert de functie automatisch terug naar de AUTO modus.
Naam geven aan een Radio Frequentie
Gebruik deze functie voor de benaming van een radio frequentie met maximaal 12 letters voor elke titel: deze naam wordt afgebeeld tijdens het afspelen.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer NAME met de toetsen.
3- Druk op ENTER voor de display van een alfanumerieke lijst als een schrijfmachine.
4- Draai langs de lijst met de toetsen ◀▶ voor het kiezen van de letters en met de toetsen ◆▶ voor hoofdletters, kleine letters, nummers of symbolen.
5- Druk op ENTER voor de display van de letter, en herhaal deze handeling voor elke letter.
6- Selecteer [ ] aan het einde van het woord.
7- Druk op ENTER om de naam te bevestigen.
Nota 1 : De titel wordt toegewezen wanneer alle letters en spaties zijn bevestigd. Wanneer het geheugen vol is, is de NAME functie niet langer beschikbaar: u moet dan een naam wissen.
Nota 2 : Om een letter te wissen, [◀] selecteren in het begin van de alfanumerieke lijst en op ENTER drukken.
In het geheugen opslaan van een station
U kunt tot 30 stations op de FM en MG golfbanden bewaren en 10 stations op de LG en KG golfbanden.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer SAVE IN met de toetsen .
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een geheugen nummer.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: Het is niet mogelijk de stations handmatig op te slaan vanuit de FM AST of de MG AST banden.
Overgaan naar het Tuner Init Menu
Gebruik deze functie om rechtstreeks naar het Tuner Init Menu te gaan.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer TUNER INIT met de toetsen.
3- Druk op ENTER voor het radio initialisatie menu (zie volgend menu).
Nota: U heeft toegang tot dit menu met een lange druk op de ENTER toets.
Overgaan naar het Main Menu
Gebruik de SAM functie om rechtstreeks naar het Hoofdmenu te gaan.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer SAM met de toetsen
3- Druk op ENTER voor het Hoofdmenu.
RADIO INITIALISATIE MENU
1- Druk op de SOURCE toets voor het selecteren van TUNER.
2- Houd ENTER lang ingedrukt om naar het RADIO INIT MENU te gaan (zie keuzes op de voorpagina).
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een keuze.
4- Gebruik de toetsen voor het instellen van de keuzewaarde.
5- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Selecteren van het Scan Type
U kunt op uw actuele golfband en gedurende een vastgelegde scantijd het scantype selecteren: stations of vooraf ingestelde stations.
1- Houd ENTER lang ingedrukt.
2- Selecteer SCAN TYPE met de toetsen
3- Gebruik de toetsen ◆voor het selecteren van:
- STATIONS voor het overzien van alle stations op de actuele golfband,
- PRESETS voor het overzien van alle vooraf geselecteerde stations op de actuele golfband.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: U kunt de scantijd wijzigen in het Main Menu.
Zoeken naar een betere transfer
Met deze functie kan de set zoeken naar lokale of verre zenders voor betere ontvangst van de golfbanden (alleen in FM).
1- Houd ENTER lang ingedrukt.
2- Selecteer SEARCH LVL met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen ◆ voor het selecteren van:
- DISTANT (standaardwaarde) voor de sterkere verre zenders, - LOCAL voor de zwakkere lokale stations.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota Na een tijdje keert de functie terug naar Afstandmodus (standaardwaarde).
Selecteren van de Continent Zone
Met deze functie kunt u de continentzone selecteren voor de radio.
1- Houd ENTER lang ingedrukt.
2- Selecteer TUNER met de toetsen .
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van het continent: USA, EURO, ASIA.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
CD, CDC OF MP3 SPELER\*
U kunt de CD keuzes instellen nadat u de CD bron heeft geselecteerd. Door vervolgens korte of lang op de ENTER toets te drukken, krijgt u twee verschillende CD menu's (zie voorpagina).
Nota: De CD speler gebruikt 12 cm CD's en kan MP3 CD's lezen (alleen CD4802): in dat geval krijgt u de MP3 menu's.

Waarschuwing: Gebruik geen beschadigde CD's of CD's met een abnormale vorm.
Steken van een CD in de CD speler
1- Druk op RELEASE om de façade te openen.
2- Breng de façade volkomen naar beneden.
3- Schuif de CD (label naar boven gekeerd) in de gleuf.
4- Sluit de façade: er wordt gedurende een kort moment CD Player afgebeeld, en vervolgens start het afspelen.

Waarschuwing: Wanneer u een MP3 CD start, kan het aflezen van de MP3 bestanden een minuut duren voordat u de muziek hoort.
Nota 1 : Wanneer de CD er al is ingeschoven, gebruik dan de SOURCE toets om de CD te selecteren.
Nota 2 : Tijdens het afspelen beeldt het scherm de handmatig ingevoerde naam af van de disk (zie paragraaf TITEL INVOEREN), het nummer van het lopende nummer en de verstreken tijd van het lopende nummer.
Nota 3 : Sommige disks bevatten tekstgegevens (songtitels, de naam van de zangers, enz.) die worden afgebeeld op het scherm tijdens het afspelen*.
Nota 4: TRAFFIC en NEWS berichten kunnen het afspelen van de CD onderbreken.
Uitwerpen van de CD uit de CD speler
1- Druk op RELEASE om de façade te openen.
2- Druk op de toets .
3- Sluit de façade.
Nota: Wanneer u bij vergissing uitwerpt wordt de CD weer opnieuw gestart.
Inbrengen van de CD in de CD wisselaar
Wanneer een CD wisselaar is aangesloten, kunt u de volgende functie gebruiken (voor meer informatie over de CD wisselaar, uw dealer raadplegen).
1- Controleer dat het CD magazijn is gevuld.
2- Selecteer CD CHANGER met de SOURCE toets: het afspelen van de eerste CD begint.
3- Selecteer de gewenste CD met de toetsen :het afspelen van de CD begint.
Nota 1 : De Informatie wordt afgebeeld op het scherm zoals bij de CD Speler.
- Wanneer het magazijn niet goed is geplaatst, beeldt het scherm INSERT MAG af.
- Wanneer het magazijn leeg is, beeldt het scherm INSERT DISC af.
Nota 2 : TRAFFIC en NEWS berichten kunnen het afspelen van de CD onderbreken.
Nota 3 : Aan het einde van de disk wordt de volgende disk automatisch afgespeeld : iedere ontbrekende disk van het magazijn wordt automatisch niet meegerekend.
Uitwerpen van een CD uit de CD wisselaar
1- Druk op OPEN om de façade te openen.
2- Druk op de toets.
3- Sluit de façade.
Nota: Wanneer u bij vergissing uitwerpt, wordt de CD weer gestart.
Beluisteren van de MP3 bestanden\*
Alle VDO Dayton zijn conform aan ISO/DIN, zodat deze makkelijk passen in de meeste dashboards.
U kunt dus MP3 bestanden beluisteren die gegraveerd zijn op een CD-R of een CD-RW disk in de ISO9660 opmaak (level 2, 32 characters), Mac of Linux.
De CD-MP3 kan verwerken:
1- Een willekeurige frequentie: 32 kHz, 44,1 kHz of 48 kHz.
2- Vaste bitgraad evenals variabele bitgraden: 32 k bit/s tot 320 k bit/s.
3- Alle kanaalmodi (stereo, samengevoegde stereo, duaal en mono).
4- 400 nummers per disk (250 bestanden per map, 250 map per CD, 8 mapniveaus).
5- ID3 Citaten (v1.1) voor display van titels en namen van artiesten met 32 letters.
Nota 1 : Wanneer een CD speler zowel CD audio nummers & MP3 bestanden bevat, worden alleen de MP3 bestanden gespeeld.
Nota 2 : Wanneer u een multi-sessie disk gebruikt, speelt de CD speler alleen de eerste sessie.
De CD speler erkent de instellingen willekeurige volgorde, scannen, volgende, vorige nummer of nummer herhalen en kan in verschillende gevallen worden onderbroken (set uitgeschakeld, berichten, geluidloze radio, bronverandering).
In de Normale modus gaat, wanneer het einde van het album is bereikt, de spelende functie verder met het eerste nummer van het volgende album.
(vorige/volgende MP3 bestanden*)
Druk respectievelijk op de toetsen voor vorig en volgend nummer (bestand voor MP3). Het afspelen begint met het gekozen nummer.
Vorige/Volgende Disk
Deze functie behandelt de volgende of vorige disk (album voor MP3) uit de selectie van de vulling.
Druk respectievelijk op de toetsen voor de vorige en volgende disk.
Snel Achteruit/Voorui
Houd respectievelijk de toetsen voor snel achteruit en snel vooruit lang ingedrukt.
Normaal afspelen wordt weer opgevat wanneer u op ENTER of ESC drukt.
Display van CD Tekst\*
Sommige disks kunnen een CD informatie- tekst leveren: nummertitel en hoogtepunt scaninformatie (de disktitel wordt alleen gegeven voor de eerste 20 nummers van de lopende disk, en alleen de 20 eerste hoogtepunten). Beperkingen: alleen beschikbaar voor CD 4502 en CD 4802.
Veranderen van Map in MP3 CD\*
1- Selecteer een map met de toetsen.
2- Het afspelen begint op het eerste bestand in de gekozen map.
CD/MP3 MENU
1- Druk op de SOURCE toets voor het selecteren van de CD.
2- Geef een korte druk op ENTER voor het CD MENU.
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een keuze.
4- Gebruik de toetsen voor het instellen van een keuzewaarde.
5- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Starten van Zoeken van een Nummer
(MP3 Bestanden zoeken*)
Gebruik deze functie voor het activeren van het nummer zoeken voor het beluisteren van de eerste seconden van elk nummer.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer INTRO SCAN met de toetsen.
3- Druk op ENTER om het zoeken te starten: een bericht beeldt de nummers af.
Nota: U kunt het aantal seconden bepaald in het hoofdmenu instellen.
De benaming van de CD
Gebruik deze functie om tot 50 CD's een naam te geven met maximaal 12 letters in elke titel: deze naam wordt afgebeeld tijdens het afspelen.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer CD NAME met de toetsen .
3- Druk op ENTER voor de display van een alfanumerieke lijst als de schrijfmachine.
4- Draai langs de letters met de toetsen ◀▶ en gebruik de toetsen ◆▶ voor de hoofd-letters, de kleine letters, de nummers of de symbolen.
5- Druk op ENTER voor de display van de letter, en herhaal deze handeling voor elke letter.
6- Selecteer [ ] aan het einde van het woord.
7- Druk op ENTER om de naam te bevestigen.
Nota 1 : De titel wordt toegewezen wanneer alle letters en spaties zijn bevestigd. Wanneer het geheugen vol is, is de CD NAME functie niet langer beschikbaar: u moet dan een CD naam wissen.
Nota 2 : Voor het wissen van een letter, moet u [ ] aan het begin van de alfanumerieke lijst selecteren en op ENTER drukken.
Het wissen van een CD naam
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer DEL NAME met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van de naam die u wenst te wissen en druk dan op ENTER.
Instelling voor het Comprimeren van het Geluid
Deze functie stelt u in staat het digitale geluidssignaal te comprimeren.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer COMPRESS met de toetsen ◀ ▶
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van de waarde: LOW, MID, HIGH of OFF (standaard waarde).
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Instellen van de Herhaling van het nummer
(Herhalen van lopende MP3 Bestanden*)
Met deze functie kunt u de spelende nummers van uw CD herhalen.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer REPEAT met de toetsen .
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van de waarde: ON om te activeren, OFF om te deactiveren.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Het instellen van het Afspelen in Willekeurige volgorde
(Afspelen in Willekeurige volgorde van MP3 Bestanden*)
Met deze functie kunt u de verschillende nummers van uw CD in willekeurige volgorde afspelen.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer RANDOM met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van waarde: ON om te activeren, OFF om te deactiveren.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Overgaan naar het Main Menu
Gebruik de functie SAM om direct naar het Hoofdmenu te gaan.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer SAM met de toetsen
3- Druk op ENTER voor het Hoofdmenu.
TAPE\*
U kunt de tapekeuzes instellen na het selecteren van de tapebron. Door vervolgens kort of lang te drukken op de ENTER toets krijgt u twee verschillende tape menu's (zie tabel).
Afspelen
1- Druk op RELEASE om de façade te openen.
2- Breng de tape in (open kant rechts).
3- Sluit de façade: de display toont TAPE DECK en het afspelen begint.
Nota 1 : Gebruik, wanneer de tape al is ingevoerd, de SOURCE toets om TAPE te selecteren.
Nota 2 : TRAFFIC en NEWS Berichten kunnen het afspelen van de tape onderbreken.
Keren van de tape
Gebruik de toetsen om de tape te keren voordat deze is afgelopen.
Nota: Wanneer een kant is afgelopen, wordt de andere kant automatisch afgespeeld.
Druk op de toetsen om naar het vorige of het volgende nummer te gaan.
Notas U hoort geen geluid tot het gekozen nummer is bereikt. De pauze tussen de nummers moet minstens 3 seconden duren.
Snel Terugspoelen/Snel vooruit spoelen
1- Houd de toetsen lang ingedrukt voor het snel terugspoelen en vooruit spoelen.
2- Druk op ENTER of ESC voor het afspelen: de radio gaat aan.
Eruit nemen van een tape
1- Druk op RELEASE om de façade te openen.
2- Druk op de toets.
3- Neem de tape eruit en sluit de façade.
Nota: Wanneer bij vergissing wordt uitgeworpen, wordt de tape weer gestart.
TAPE MENU
1- Druk op de SOURCE toets om de tape te selecteren.
2- Geef een korte druk op ENTER om naar het TAPE MENU te gaan.
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een keuze.
4- Gebruik de toetsen voor het instellen van een keuzewaarde.
5- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde
Starten van Zoeken naar Nummer
Met het zoeken naar het nummer kunt de eerste seconden van elk nummer beluisteren.
1- Druk op ENTER.
2- Selecteer INTRO SCAN met de toetsen
3- Druk op ENTER om het scannen te starten: een bericht beeldt de nummers af.
Nota: U kunt het aantal bepaalde seconden instellen (zie Main Menu).
Instellen van het Ruis Reductie systeem
Het Dolby B NR systeem kan alleen worden geactiveerd wanneer de opgenomen tape dit proces gebruikt.
1- Druk op ENTER.
2- Selecteer DOLBY NR met de toetsen.
3- Selecteer ON of OFF met de toetsen om het Dolby® systeem te activeren of te deactiveren.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: Het Dolby ® Ruis Reductie systeem is gefabriceerd onder de licentie van Dolby Laboratories Corporation. Dolby en het symbool D ® h geregistreerde handelsmerken van Dolby Laboratories Licensing Corporation.
Overgaan naar het Main Menu
Gebruik de SAM functie om direct naar het Hoofdmenu te gaan.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer SAM met de toetsen.
3- Druk op ENTER om naar het Hoofdmenu te gaan.
DAB\*/\*\*
U kunt de parameters van de digitale radio stations instellen na het selecteren van de DAB bron. Vervolgens krijgt u met een korte of een lange druk op de ENTER toets twee verschillende DAB menu's.
De DAB radio stelt u in staat automatisch te wisselen van FM naar DAB (station te ontvangen in DAB) of van DAB naar FM (station niet meer te ontvangen in DAB).
Nota: Gebruik de Optimize ontvangst keuze in het Berichtmenu om het wisselen FM/DAB in te stellen.
DAB MENU
1- Druk op de SOURCE toets om de DAB te selecteren.
2- Geef een korte druk op ENTER om naar het DAB menu te gaan.
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een keuze.
4- Gebruik de toetsen voor het instellen van de keuzewaarde.
5- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Selecteren van een band
Met deze functie kunt u een band in een afdraailijst selecteren.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer BAND met de toetsen.
3- Selecteer de gememoriseerde stations in de presets met de toetsen
- DAB 123 Handmatig geselecteerde DAB
- DAB Memo DAB band in alfabetische volgorde
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Selecteren van de DAB stations
Deze functie selecteert de DAB memoband en sorteert alle beschikbare stations in DAB frequenties (maximale memorisatie van 50 stations). Volgens de registratie, wordt het eerste station van de alfabetisch volgorde weergegeven.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer LEARN met de toetsen.
3- Selecteer de gememoriseerde stations in de presets met de toetsen
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Zoeken van een Programma Type
Het is mogelijk naar DAB stations te zoeken die de PTY code gebruiken (Programma Type), die u direct toegang verlenen tot voorgeselecteerde programmatypen (b.v. Nieuws, Zaken, Sport, enz).
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer PTY SEARCH met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van de PTY.
4- Druk op ENTER om het zoeken te starten.
Aan het einde hoort u een pieptoon
gevolgd door de eerst gevonden stations.
Nota: PTY is nog niet operationeel in alle landen.
Opslaan van het PAD
Deze functie slaat de Gegevens op die zijn Verbonden met het Programma (PAD) in het geheugen van de geselecteerde service samen met de naam van het service.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer STORE PAD met de toetsen.
3- Druk op ENTER.
Het opzoeken van de PAD
Deze functie zoekt het Program Associated Data bericht op dat is opgeslagen in het geheugen met de service naam.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer RECALL PAD met de toetsen.
3- Druk op ENTER.
4- Gebruik de toetsen voor het visualiseren van de totale PAD.
5- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Bewaren van een DAB station in het geheugen
Met deze functie kunt u een preset van 30 stations vanuit de DAB 123 banden uitvoeren.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer SAVE IN met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een geheugennummer.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Overgaan naar het Main Menu
Gebruik de SAM functie om direct naar het Hoofdmenu te gaan.
1- Geef een korte druk op ENTER.
2- Selecteer SAM met de toetsen.
3- Druk op ENTER om naar het hoofdmenu te gaan.
AUDIO
U kunt de radio keuzes instellen door kort of lang op de SOUND toets te drukken.
U krijgt afhankelijk van de druk op deze toets, twee verschillende sound menu's (zie voorpagina).
GELUID MENU
1- Geef een korte druk op de SOUND toets om naar het SOUND MENU te gaan.
2- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een keuze.
3- Gebruik de toetsen voor het instellen van de keuzewaarde.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Starten van de Geluidssterkte Curve
Deze functie die niet van de bron afhangt, activeert de geluidssterkte curve.
1- Geef een korte druk op SOUND.
2- Selecteer LOUDNESS met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van ON of OFF (standaard waarde).
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: De geluidssterkte curve kan worden gewijzigd voor de lage en hoge tonen in het Sound Init Menu.
Selecteren van een Toon Stijl (1)
Met deze functie die niet van de bron afhangt, kunt u een vooraf ingesteld geluids-effect selecteren uit andere effecten.
1- Geef een korte druk op SOUND.
2- Selecteer DSC STYLE met de toetsen
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een van de voorbepaalde stijlen: Bassen/Hoge tonen, Rock, Klassiek, Pop, Zang (standaard waarde), Jazz, Direct SND.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Selecteren van een Toon Stijl (2)
Met deze functie die niet van de bron afhangt, kunt u een vooraf ingesteld geluids-effect selecteren uit andere effecten.
1- Geef een korte druk op SOUND.
2- Selecteer EQ STYLE met de toetsen .
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een van de voorbepaalde stijlen: Auto EQ, Persoonlijk 1, ..., Persoonlijk 5.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Instellen van het Niveau van de Bassen
Deze functie die niet van de bron afhangt, stelt het niveau van de bassen bij tussen een minimum en maximum waarde.
1- Geef een korte druk op SOUND.
2- Selecteer BASS met de toetsen .
3- Gebruik de toetsen voor het bijstellen van het bassen niveau: -9 tot +9.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota 1 : De bassen frequentiedrempel kan worden gewijzigd in het Sound Init Menu.
Nota 2 : Deze gememoriseerde waarde mag opnieuw worden gebruikt voor het vooraf ingestelde Geluidseffect van "Bassen/Hoge tonen" ("Bass/Treble").
Instellen van het Niveau van de Hoge tonen
Deze functie die niet van de bron afhangt, stelt de hoge tonen bij tussen een minimum en maximum waarde.
1- Geef een korte druk op SOUND.
2- Selecteer TREBLE met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het bijstellen van het hoge tonen niveau: -9 tot +9.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota 1 : De hoge tonen frequentie drempel kan worden gewijzigd in het Sound Init Menu.
Nota 2 : Deze gememoriseerde waarde kan opnieuw worden gebruikt voor het vooraf ingestelde Geluidseffect van "Bas/Hoge tonen" ("Bass/Treble").
Instellen van de balans (LR luidsprekers)
Deze functie die niet van de bron afhangt, stelt de balans bij tussen de linker en rechter luidsprekers.
1- Geef een korte druk op SOUND.
2- Selecteer BALANCE met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het bijstellen van de instelling: Rechts +1 tot +9, Midden, Links +1 tot 9.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Instelling van de balans (luidsprekers achterin & voorin)
Deze functie die niet van de bron afhangt, stelt de balans bij tussen de luidsprekers achter- en voorin.
1- Geef een korte druk op SOUND.
2- Selecteer FADER met de toetsen .
3- Gebruik de toetsen voor het bijstellen van de instelling: Achterin +1 tot +9, Midden, Voorin +1 tot 9.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: In de telefoon-in en de navigatie-in bronmodus is de instelling vastgelegd en kan niet worden gewijzigd.
Instelling van het Subwoofer Volume
Deze functie die niet van de bron afhangt, stelt het subwoofer niveau bij tussen de minimum en maximum waarde (0 tot 12).
1- Geef een korte druk op SOUND.
2- Selecteer SUBWFR VOL met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een waarde.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota 1: De subwoofer frequentiedrempel kan worden gewijzigd in het Sound Init Menu.
Nota 2 : Bij de telefoon-in bron en tijdens de aankondigingberichten is het subwoofer niveau vastgelegd op 0 (niet OFF) en kan niet worden gewijzigd.
Overgaan naar het Init Menu
Gebruik deze functie om naar het Init menu te gaan.
1- Geef een korte druk op SOUND.
2- Selecteer SOUND INIT met de toetsen ◀ ▶
3- Druk op ENTER om naar het geluid init menu te gaan (zie volgend menu).
Nota U heeft toegang tot dit menu met een lange druk op de SOUND toets.
Overgaan naar het Main Menu
Gebruik de SAM functie om direct naar het Hoofdmenu te gaan.
1- Geef een korte druk op SOUND.
2- Selecteer SAM met de toetsen ◀ ▶
3- Druk op ENTER om naar het Hoofdmenu te gaan.
SOUND INIT MENU
1- Houd de SOUND toets lang ingedrukt om naar het SOUND INIT MENU te gaan (zie voorpagina).
2- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een keuze.
3- Gebruik de toetsen voor het instellen van de keuzewaarde.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Opnieuw instellen van de Sound Init
Met deze functie kunt u de geluid set-up parameters volledig opnieuw instellen.
1- Houd SOUND lang ingedrukt.
2- Selecteer SOUND RESET met de toetsen.
3- Druk op ENTER om het instellen te starten.
Instellen van de Geluidssterkte voor Lage Freq.
Deze functie die niet van de bron afhangt, stelt de geluidssterkte curve bij voor lage frequenties.
1- Houd SOUND lang ingedrukt.
2- Selecteer LOUD LOW met de toetsen ◀▶
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een niveau: niveau 0 tot niveau 3.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Het instellen van de Geluidssterkte voor Hoge Freq.
Deze functie die niet van de bron afhangt, stelt de geluidssterkte curve bij voor hoge frequenties.
1- Houd SOUND lang ingedrukt.
2- Selecteer LOUD HIGH met de toetsen
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een niveauwaarde: niveau 0 tot niveau 3.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Bepaling van de Bassen Freq. Drempel
Deze functie die niet van de bron afhangt, bepaalt de frequentiedrempel van de bassen.
1- Houd SOUND lang ingedrukt.
2- Selecteer BASS FREQ met de toetsen
3- Gebruik de toetsen voor het kiezen van 80 Hz (standaard waarde) of 40 Hz.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota De instelling is gememoriseerd om weer te worden gebruikt voor het Vooraf ingestelde Geluidseffect van de "Bassen/Hoge tonen" ("Bass/Treble").
Bepaling Hoge Tonen Freq. Drempel
Deze functie die niet van de bron afhangt, bepaalt de hoge tonen frequentiedrempel.
1- Houd SOUND lang ingedrukt.
2- Selecteer TREBLE FREQ met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het kiezen van 5 kHz (standaard waarde) of 7 kHz.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota De instelling is gememoriseerd om weer te worden gebruikt voor het Vooraf ingestelde Geluidseffect van de "Bassen/Hoge tonen" ("Bass/Treble").
Starten van de Automatische Nivellering
Deze functie stelt u in staat een automatische nivellering tussen de verschillende bronnen uit te voeren (met alleen inbegrip van de radio, DAB, CD, CDC, en Tape; met uitzondering van Aanvullingen, Navigatie-In en Telefoon-In).
1- Houd SOUND lang ingedrukt.
2- Selecteer LEVELLER met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het instellen van ON (standaard waarde) of OFF.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: Wanneer u deze functie uitgeschakeld heeft, kunt u geen enkele handmatige compensatie selecteren voor het volume-niveau tussen de verschillende bronnen.
Bepaling van de Subwoofer Drempel
Deze functie stelt de lage doorgang filter-frequentie in voor de subwoofer versterker.
1- Houd SOUND lang ingedrukt.
2- Selecteer SUBWOOFER met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het instellen van de waarde tot Freq 40, Freq 80 of OFF.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Starten van een Subwoofer Versterker
Met deze functie kunt u de interne subwoofer versterker van de radio activeren.
1- Geef een korte druk op SOUND.
2- Selecteer SUB AMPLI met de toetsen ◀▶
3- Gebruik de toetsen voor het instellen van ON of OFF.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: Met de Telefoon IN bron en tijdens de aankondigingen, is het subwoofer niveau vastgelegd op 0 (niet op OFF) en kan niet worden gewijzigd.
Starten van de Auto-equalizing
Gebruik deze functie voor het starten van het kalibreren van de auto-equalizing (zie Configuratie).
1- Houd SOUND lang ingedrukt.
2- Selecteer AUTO EQ met de toetsen.
3- Druk op ENTER.
Nota: Wanneer de Auto-equalizing actief is, kunt u deze stoppen door de set op OFF te zetten.
Individueel aanpassen van de Geluid Reproductie
Gebruik deze functie om de voor/achter luidsprekers naar eigen behoefte te regelen door voor elke luidspreker het amplitude-niveau van de vijf beschikbare frequentiebanden in te stellen.
1- Druk kort op SOUND.
2- Selecteer EQ STYLE met de toetsen .
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een speciale waarde: Custom (eigen keuze) 1 tot Custom (eigen keuze) 5.
4- Houd SOUND lang ingedrukt.
5- Selecteer CUSTOMIZE met de toetsen.
6- Gebruik de toetsen voor het selecteren van de aan te passen luidsprekers: Front Speak (luidspreker voor) of Rear Speak (luidspreker achter).
7- Druk op ENTER voor de bevestiging van uw keuze.
8- Gebruik in de display:
- de toetsen voor het selecteren van een frequentieband voor de linker en rechter luidsprekers: 80Hz, 200Hz, 500 Hz, 2kHz of 8kHz.
- de toetsen voor het aanpassen van het amplitudeniveau: van -12 dB tot +12 dB.
Nota: Wanneer u de instelling van de ene luidspreker voor de andere wilt kopieren (Links voor Rechts of Rechts voor links), verplaats dan de kleine cursor boven de kopie pijl (Kopie R-L of Kopie L-R) en druk dan op ENTER.
AUTOCOMPUTER
U krijgt afhankelijk van een korte of een lange druk op de COMPUTER toets twee verschillende menu's voor het instellen van de computerparameters.
AUTOCOMPUTER MENU
1- Geef een korte druk op de COMPUTER toets om naar het AUTOCOMPUTER MENU te gaan.
2- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een keuze.
3- Gebruik de toetsen voor het instellen van de keuzewaarde.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Display van de tijd
Gebruik deze functie voor de tijddisplay.
1- Geef een korte druk op COMPUTER.
2- Selecteer TIME met de toetsen .
3- Gebruik de toetsen voor de display van de totaal gereden tijd (TOT) of de reistijd (TRIP).
4- Druk op ESC om het te verlaten.
Display van de temperatuur
Gebruik deze functie voor de display van de temperatuur.
1- Geef een korte druk op COMPUTER.
2- Selecteer TEMPERATURE met de toetsen : ◀ ◀ de set beeldt de buitentemperatuur af.
3- Druk op ESC om het te verlaten.
Display van het Accu Voltage
Gebruik deze functie voor de display van het actuele accuvoltage (nauwkeurigheid: 0,1 V).
1- Geef een korte druk op COMPUTER.
2- Selecteer BATTERY met de toetsen ◀▶ de set beeldt het accuvoltage af.
3- Druk op ESC om het te verlaten.
Nota: De accu geeft het voltage aan bij de autoradio input, niet op het niveau van de motor.
Display van de klok
Gebruik deze functie voor de display van het uur en de minuten van de klok.
1- Geef een korte druk op COMPUTER.
2- Selecteer CLOCK met de toetsen : de set beeldt de actuele tijd af.
3- Druk op ESC om het te verlaten.
Display van de snelheid
Gebruik deze functie voor de display van de actuele snelheid, de gemiddelde snelheid of de maximum behaalde snelheid.
1- Geef een korte druk op COMPUTER.
2- Selecteer SPEED met de toetsen .
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van: CUR (actuele snelheid), AVG (gemiddelde snelheid) of MAX (maximum behaalde snelheid).
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Display van de afstand
1- Geef een korte druk op COMPUTER.
2- Selecteer DISTANCE met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor de display van de totaal afgelegde afstand of de reisafstand.
4- Druk op ESC om het te verlaten.
Overgaan naar het CC Init Menu
Gebruik deze functie om naar het Autocomputer Init Menu te gaan.
1- Geef een korte druk op COMPUTER.
2- Selecteer COMP. INIT met de toetsen .
3- Druk op ENTER om naar het Autocomputer Init Menu te gaan (zie volgend menu).
Nota: U heeft toegang tot dit menu met een lange druk op de COMPUTER toets.
Overgaan naar het Main Menu
Gebruik de SAM functie om direct naar het Hoofdmenu te gaan.
1- Geef een korte druk op COMPUTER.
2- Selecteer SAM met de toetsen.
3- Druk op ENTER om naar het Hoofdmenu te gaan.
AUTOCOMPUTER INITIALISATIE
1- Houd de COMPUTER toets lang ingedrukt om naar het AUTOCOMPUTER INIT MENU te gaan.
2- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een keuze.
3- Gebruik de toetsen voor het instellen van de keuzewaarde.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Uurinstelling
Gebruik deze functie voor het instellen van het uur.
1- Houd de COMPUTER toets lang ingedrukt.
2- Selecteer SET HOUR met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het instellen van het uur.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: U kunt het uur alleen wijzigen wanneer de klok in de handmatige modus staat.
Minuteninstelling
Gebruik deze functie voor het instellen van de minuten.
1- Houd de COMPUTER toets lang ingedrukt.
2- Selecteer SET MINUTE met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het instellen van de minuten.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: U kunt de minuten alleen wijzigen wanneer de klok in de handmatige modus staat.
Instellen van het Klok Type
Gebruik deze functie voor het instellen van de klokopmaak: 12 uur of 24 uur.
1- Houd de COMPUTER toets lang ingedrukt.
2- Selecteer CLOCK TYPE met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het kiezen van 12 U of 24 U (standaard waarde).
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Selectie van Klok Bijwerking Modus
Gebruik deze functie om de klok handmatig in te stellen of deze automatisch bij te werken via RDS.
1- Houd de COMPUTER toets lang ingedrukt.
2- Selecteer CLOCK MODE met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het kiezen tussen RDS (standaard waarde) of Handmatig.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Selectie van de Temperatuur Eenheden
Gebruik deze functie om de eenheid voor de temperatuurdisplay te selecteren.
1- Houd de COMPUTER toets lang inge-drukt.
2- Selecteer TEMP. UNITS met de toetsen .
3- Gebruik de toetsen voor het kiezen van de eenheden: C (Celsius: standaard waarde) of F (Fahrenheit).
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Starten van het Vorst Alarm
Gebruik deze functie om het vorstalarm in te stellen: zodra de temperatuur beneden de 3 °C daalt, wordt een alarm gestart.
1- Houd de COMPUTER toets lang ingedrukt.
2- Selecteer FROST WARN met de toetsen.
3- Selecteer ON of OFF met de toetsen om de functie te activeren/deactiveren.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: U kunt deze functie alleen gebruiken wanneer de temperatuurreceptor aangesloten is.
Selectie van de Snelheid Eenheden
Gebruik deze functie om de eenheid voor de snelheiddisplay te selecteren.
1- Houd de COMPUTER toets lang ingedrukt.
2- Selecteer SPD UNITS met de toetsen ◀▶
3- Gebruik de toetsen voor het instellen van de units: km/u of mpu
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Instellen van het Snelheid Alarm
Gebruik deze functie om de snelheidwaarde voor het alarm in te stellen, bij overschrijding van deze waarde.
1- Houd de COMPUTER toets lang ingedrukt.
2- Selecteer SPEED WARN met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een snelheid: 100, 110, 120, 130 of 140 km/u.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: Het snelheidsalarm geeft pieptonen met een frequentie die afhangt van het verschil tussen de geregistreerde snelheid en de actuele snelheid. De actuele bron blijft hoorbaar op de achtergrond.
Starten van het Reis Alarm
Gebruik deze functie om een reisalarm in te stellen. Dan wordt elke 15 minuten een alarm afgebeeld wanneer u meer dan twee uur rijdt.
1- Houd de COMPUTER toets lang ingedrukt.
2- Selecteer TRIP WARN met de toetsen ◀▶
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van ON of OFF om de functie te activeren/deactiveren.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Starten van het Accu Alarm
Gebruik deze functie om een accuwaarde voor een alarm in te stellen: dan wordt wanneer het accu voltage beneden deze waarde daalt een alarm afgebeeld.
1- Houd de COMPUTER toets lang ingedrukt.
2- Selecteer BAT. WARN met de toetsen ◀ ▶
3- Gebruik de toetsen het instellen van de waarde.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Selectie van de af te beelden Informatie
Gebruik deze functie om in te stellen wat op de eerste regel wordt afgebeeld na drie keer drukken op de DISPLAY toets.
1- Houd de COMPUTER toets lang ingedrukt.
2- Selecteer INFO LINE met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van de af te beelden informatie: temperatuur, klok, snelheid, tijd, afstand of accu.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Starten van het Kalibreren van de Snelheid
Gebruik deze functie om het kalibreren van de snelheid te starten.
1- Houd de COMPUTER toets lang ingedrukt.
2- Selecteer SPD CALIB met de toetsen.
3- Druk op ENTER om het kalibreren te starten.
Nota: Zie Configuratie voor het complete kalibreerproces.
Starten van het Kalibreren van de PDC
Gebruik deze functie om het kalibreren van de PDC te staren.
1- Houd de COMPUTER toets lang ingedrukt.
2- Selecteer PDC CALIB met de toetsen
3- Druk op ENTER om het kalibreren te starten.
Opnieuw instellen van de CC parameters
Gebruik deze functie om de Autocomputer parameters opnieuw in te stellen.
1- Houd de COMPUTER toets lang ingedrukt.
2- Selecteer RESET met de toetsen .
3- Druk op ENTER voor het starten van het opnieuw instellen.
BERICHT
U kunt het Bericht Menu bereiken met een lange druk op de DISPLAY toets (zie voorpagina's).
Bijwerking van het RDS Dynamisch Geheugen
U kunt alle FM memo stations automatisch bijwerken terwijl u naar een andere bron luistert.
1- Houd de SOURCE toets lang ingedrukt.
2- Selecteer RDS MEM DYN met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het instellen van de functie: ON (standaard waarde) of OFF.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: De elektrische antenne blijft uitstaan zelfs wanneer de set op OFF gezet is met de sleutel in het contact.
Activeren van de TMC\*
U zet deze functie op ON om het Verkeersberichten Kanaal te openen om numerieke gegevens te zenden naar het dynamische navigatie systeem.
1- Houd de SOURCE toets lang ingedrukt.
2- Selecteer TMC met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het instellen van de functie: ON (standaard waarde) of OFF.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: U kunt de TMC niet openen wanneer de Verkeers- en/of de Nieuwsberichten zijn geactiveerd.
Activeren van de Verkeersberichten (TA)
U kunt de TA modus activeren om de verkeersberichten te kunnen beluisteren.
1- Houd de SOURCE toets lang ingedrukt.
2- Selecteer TRAFFIC met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het instellen van de functie: ON (standaard waarde) of OFF.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: Wanneer de radio geen TA levert, gaat de set een zender zoeken die hierin voorziet.
Activeren van de Nieuwsberichten
U kunt de Nieuws modus activeren om naar de nieuwsberichten te kunnen luisteren.
1- Houd de SOURCE toets lang ingedrukt.
2- Selecteer NEWS met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het instellen van de functie: ON (standaard waarde) of OFF.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: Wanneer de radio geen Nieuws levert, gaat de set een zender zoeken die hierin voorziet.
Instellen van het wisselen van FM/DAB\*
Gebruik deze functie om het wisselen in te stellen om de DAB radio automatisch van FM naar DAB om te zetten en van DAB naar FM.
1- Houd SOURCE lang ingedrukt.
2- Selecteer OPTIMIZE met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het instellen van de functie: ON (standaard waarde) of OFF.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Overgaan naar het Main Menu
Gebruik de SAM functie om direct naar het Hoofdmenu te gaan.
1- Houd SOURCE lang ingedrukt.
2- Selecteer SAM met de toetsen.
3- Druk op ENTER om naar het Hoofdmenu te gaan.
ANIMATIE
U kunt het Animatie Menu bereiken met een lange druk op de DISPLAY toets (zie voorpagina's).
Starten van de animaties
Gebruik deze functie om de animatiedisplay in te stellen.
1- Houd de DISPLAY toets lang ingedrukt.
2- Selecteer ANIMATIONS met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van ON of OFF.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: Wanneer u de animatie op OFF zet, deactiveert u de animaties die geen verband houden met de balkgrafiek.
Instellen van de eerste laag
Deze functie stelt u in staat de gewenste balkgrafiek te selecteren van de eerste laag naar gelang uw uitrusting type.
1- Houd de DISPLAY toets lang ingedrukt.
2- Selecteer ANALYSER1 met de toetsen ◀ ▶
3- Gebruik de toetsen voor het kiezen van: Fill Peak, Peak Hold, Propeller, Analog, Magic Eyes, Bass Eyes or OFF.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Instellen van de tweede laag
Met deze functie kunt u de gewenste balkgrafiek selecteren van de tweede laag naar gelang uw uitrusting type.
1- Houd de DISPLAY toets lang ingedrukt.
2- Selecteer ANALYSER2 met de toetsen
3- Gebruik de toetsen voor het kiezen van: balkgrafiek 1/balkgrafiek 9 of OFF.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Selectie van screensaver
Met deze functie kunt u een animatie selecteren voor de screensaver.
1- Houd de DISPLAY toets lang ingedrukt.
2- Selecteer SCRN SAVER met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van een animatie van de screensaver: regen, space invider, Las Vegas pixel show, zuiger of komeet.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Instellen van de Tijd voor de Screen Saver
Deze functie maakt de configuratie mogelijk van de tijd voor het activeren van de screensaver.
1- Houd de DISPLAY toets lang ingedrukt.
2- Selecteer TRIGGER met de toetsen.
3- Gebruik de toetsen voor het selecteren van: Nul (standaard waarde), 10, 30 of 60 sec.
4- Druk op ESC voor het invoeren van de waarde.
Nota: Handelingen van de gebruiker, berichten, geluidloze telefoon of het invoeren van een disk kunnen de screensaver onderbreken.
Overgaan naar het Main Menu
Gebruik de SAM functie om direct naar het Hoofdmenu te gaan.
1- Geef een korte druk op COMPUTER.
2- Selecteer SAM met de toetsen .
3- Druk op ENTER om naar het Hoofdmenu te gaan.
Main Menu
| < > pijlen | ↔ pijlen | |
| Selecteert de scantijd voor CD nummers of radiostations | Scan time | 5 seconds / 10 seconds / 15 seconds |
| Activeert/deactiveert de ON/OFF Logische functie die het gebruik van de installatie tot 1 beperkt na het eruit nemen van de startsleutel | Logic | On / Off |
| Activeert/deactiveert de aanvullende bron | Auxiliary | On / Off |
| Activeert/deactiveert het visuele temperatuuralarm | Warm LED | On / Off |
| Volume van toctstonen | Chimes lvl | 0 / 1 / 2 / 3 / 4 |
| Kcuzc van toctstonen voor verschillende handelingen | Chimes setKey pressConfirmAnnounceWarningErrorsWelcomeBye bye | Press enterOff / Chime 1 / 2 / 3 / 4 / 5Off / Chime 1 / 2 / 3 / 4 / 5Off / Chime 1 / 2 / 3 / 4 / 5Off / Chime 1 / 2 / 3 / 4 / 5Off / Chime 1 / 2 / 3 / 4 / 5Off / Chime 1 / 2 / 3 / 4 / 5 |
| Selecteert het volumeniveau voor Verkeersberichten, Nieuwsberichten en Noodberichten | TA Volume | 0 / 1 / 2 / 3 / 4 |
| Selecteert:> IN als u de ontvangen oproep wenst te versterken via de autoluidsprekers> NO als geen telefoonaansluiting aanwezig is>MUTE voor een automatische radio onderbreking tijdens het gesprek | Phone | In / No / Mute |
| Selecteert LOW of HIGH naar gelang het geluidloze signaal van de telefoon | Phone lvl. | Low / High |
| Tocname/Afname van het telcoonvolume | Phone Vol. | -30 to +30 |
| Selecteert:> IN als u de gesproken gidsberichten wenst te versterken via de autoluidspreker> NO als er geen navigatiecomputer op de set is aangesloten>MUTE voor een automatische radio onderbreking tijdens de gesproken gidsberichten | Nav | In / No / Mute |
| Selecteert LOW of HIGH naar gelang het geluidloze signaal van de navigatiecomputer | Nav niv | Low / High |
| Selecteert van het SDVC compensatie volumeniveau (alleen bij aansluiting en kalibreren, zie SDVC).Nivl geeft een kleinere toename terwijl niveau 4 een grotere toename geeft waarbij rekening wordt gchouden met de snelheid van de auto. | SDVC type | Off / Curve 1 / 2 / 3 / 4 |
| Voor de bijstelling van de helderheid van het displaylicht | Brightness | 1 to 10 |
| Start de installatie | Install |
Tuner Menu (Radio Menu)
| pijlen | pijlen | |
| Selecteert de golfband | Band | FM 123 / FM Memo / FM AST / MW 123 / MW AST / LW / KW |
| Start de automatisch opslag van stations | Start AST | |
| Laadt het RDS geheugen op de actuele golfband | Start Memo | |
| Selecteert het Programma TYpe | PTY Search | News / Affairs / Info / Sport... |
| Activeert/Deactiveert de Alternatieve Frequentie functie | AF | On / Off |
| Start het scannen op de actuele golfband | Scan Preset | On / Off |
| Selecteert:> Handmatig voor een handmatig zoeken,> AUTO voor een automatisch scannen. | Tuning | Auto / Manual |
| Geeft een naam aan de radiofrequentie | Name | |
| Slaat een station in het geheugen op onder nummer X | Save in | Empty X |
| Gaat naar het radio init menu | Tuner Init | |
| Gaat naar het hoofdmenu | SAM |
Tuner Init Menu (Radio Init Menu)
| ◀ ▶ pijlen | ◆ pijlen | |
| Selecteert het scantype | Scan type | Stations / Presets |
| Selecteert het zoekniveau | Search lvl | Distant / Local |
| Stelt de radio af op het continent | Tuner | USA, EURO, ASIA |
CD, CDC and MP3 Menu
| ◀ ▶ pijlen | ◆ pijlen | |
| Activeert/Deactiveert het scannummer | Intro scan | On / Off |
| Geeft een naam aan de CD | CD Name | |
| Wist de CD naam | Del Name | |
| Activeert/Deactiveert de geluid compressie | Compress | On / Off |
| Activeert/Deactiveert het herhalen van nummer | Repeat | On / Off |
| Activeert/Deactiveert het willekeurig afspelen van nummer | Random | On / Off |
| Gaat naar het hoofdmenu | SAM |
Tape Menu
| ◀ ▶ pijlen | ◆ pijlen | |
| Activecert/Deactiveert het scannummer | Intro scan | On / Off |
| Activecert/Deactiveert de Dolby reproductie | Dolby Nr | On / Off |
| Gaat naar het hoofdmenu | SAM |
DAB Menu
| ◀ ▶ pijlen | ↔ pijlen | |
| Selectcert de golfband | Band | DAB customize, DAB memo |
| Activcert/Dcactivcert het PAD | Learn | On / Off |
| Selecteert het Programma TYpe | PTY search | News / Affairs / Info / Sport... |
| Slaat het PAD op (geselecteerde services met servicenaam) | Store PAD | On / Off |
| Haalt het PAD op (geselecteerde services met servicenaam) | Recall PAD | |
| Slaat het PAD op in het geheugen onder nummer X | Save in | Empty X |
| Gaat naar het hoofdmenu | SAM |
Sound Menu (Geluid Menu)
| ◀ ▶ pijlen ◆ pijlen | ||
| Display van de tijd | Time | Tot / Trip |
| Display van de actuele temperatuur | Temperat. | |
| Display van de actuele accuvoltage | Battery | |
| Stelt de tijd bij | Clock | Hour / Minute |
| Selecteert de snelheidseenheid | Speed. (unit) | Km/h / mph |
| Display van de afgelegde afstand (rit/totaal) | Dist (unit) | Trip / Tot |
| Gaat naar het Autocomputer Init Menu | Comp. Init | |
| Gaat naar het hoofd menu | SAM | |
Car Computer Init Menu (Autocomputer Init Menu)
| pijlen | pijlen | |
| Stelt het uur in | Set hour | |
| Stelt de minuten in | Set Minutes | |
| Tijd display opmaak | Clock type | 24 u / 12 u |
| Activeert de RDS klok modus | Klok mode | RDS / Manual |
| Selecteert de temperatuurseenheden | Temp.unit | °C / °F / No |
| Stelt het vorstalarm in | Frost warn | On / Off |
| Selecteert de snelheidseenheden | Speed unit | Km/h / mph |
| Stelt het snelheidsalarm in | Speed warn | 100 km/h / 110 km/h / 120 km/h / 130 km/h / 140 km/h |
| Stelt het reisalarm in | Trip warn | On / Off |
| Stelt het accrualarm in | Bat. warn | On / Off |
| Selecteert de afgebeelde informatie | Info linie | Temperature/Clock /Avg speed /max speed /cur speed/total time/trip time/total dist./ battery |
| Start kalibreren van de snelheid | Spd calib. | |
| Start kalibreren van de PDC | PDC calib. | |
| Stelt de parameters opnicuw in | Reset |
Announce Menu (Berichten Menu)
| ◀ ▶ pijlen | ↔ pijlen | |
| Activeert/Deactiveert het Dynamic RDS geheugen vulling/bijwerking | RDSmem Dyn | On / Off |
| Activeert/Deactiveert de keuze Verkeersberichten Kanaal | TMC | On / Off |
| Activeert/Deactiveert de Verkeersberichten modus | Traffic | On / Off |
| Activeert/Deactiveert de Nieuwsmodus | News | On / Off |
| Activeert/Deactiveert het automatisch wisselen tussen FM/DAB | Optimize | On / Off |
| Gaat naar het hoofdmenu | SAM |
Animations Menu (Animatie Menu)
| pijlen | pijlen | |
| Activecert/Dcactivecert de display van de animatic | Animation | On / Off |
| Selectcert een balkgrafiek te opzichte van de eerste laag | Analyser 1 | Fill Peak / Peak Hold / Propeller / Analog / Magic Eyes / Bass Eyes / Off |
| Selectcert een balkgrafiek ten opzichte van de tweede laag | Analyser 2 | Bargraph 1 to 9 / Off |
| Selectcert een screensaver animatic | Scrn Saver | Rain, Space invider, Las Vegas pixel show, piston, comet |
| Stelt de tijd in voor het activeren van de screensaver | Trigger | None, 10s, 30s, 1min |
| Gaat naar het hoofdmenu | SAM |
ACCESSORIES
Optioneel beschikbare accessoires:
- Connectors C1 (CA1310), C2 (CA1311), C3 (CA1312), D1 (CA1313), D2 (CA1314)
- Externe temperatuursreceptor
- Externe snelheidsreceptor
- Infrarode afstandbediening (Afstandbediening Besturing, Credit Card Formaat)
- CD wisselaar (4, 6, 10 disks UART SPDIF)
- Aanvulling
- Externe telefoon (geluidloos en radio)
- Externe geluidloze navigatie
- Aansluiting op externe versterker
- Externe versterker
- Externe Parkeer Afstand Controle
- Externe antenne
AFKORTINGEN
Het kan voorkomen dat uw autoradio niet naar verwachting functioneert. Gelieve voordat u met een servicedienst gaat bellen, deze handleiding door te lezen en de instellingswaarden zorgvuldig na te kijken: u kunt bemerken dat een functie niet precies kan werken met de door u bepaalde waarde.
Wanneer u echter uw set ter reparatie moet verzenden, stuur deze dan in zijn geheel met de mobiele satelliet. (Tracht niet de autoradio te openen om deze zelf te repareren).
| SYMPTOMEN OORZAAK/REMEDIE | |
| GEEN ENERGIE Controleer: | |
| De radio werkt niet. | > Dat de set goed geinstalleerd is in het dashboard (zie MONTAGE).> Dat de set goed aangesloten is (zie Installatie Kaart en INSTALLATIE). |
| De set werkt niet en het displayscherm wordt niet verlicht. | > Schakel de set uit.> Controleer de zekering (zie INSTALLATIE). |
| GEEN GELUID Controleer: | |
| Het display scherm wordt verlicht maar de set geeft geen geluid (of alleen een fluittoon). | > Verhoog het volume: Wanneer u naar de radio luistert, draai dan naar een zone waar de ontvangst van het station beter is.> Controleer de antenne en de aansluiting ervan (zie INSTALLATIE).> Controleer dat het zocken naar een station is beëindigd.> Wanneer uw portable telefoon is aangesloten, controleer dan de Telefooninstelling. |
| Er komt geen geluid uit de luidsprekers (voor- en achterin), noch voor de radio noch voor de CD. | Controleer de luidsprekeraansluitingen op C1 (zie INSTALLATIE) en de luidsprekerbalans (zie Sound Menu). |
| Er komt geen geluid uit de luidsprekers achterin na de installatie van een subwoofer. | Controleer uw subwoofer installatie:> de aansluiting achterin op de linker aansluiting C1 (zie INSTALLATIE)> de instelling van de subwoofer versterker op ON (zie Sound Setup Menu). |
| Er komt geen geluid uit de luidsprekers na de aansluiting van een telefoon. | Controleer uw telefoon installatie:> de aansluiting binnen in de TEL IN aansluiting D1 (zie INSTALLATIE)> De instelling van het detectieniveau (zie Hoofd Init Menu). |
| Er komt geen geluid uit de subwoofer na de aansluiting van een externe versterker. | Controleer uw externe versterker installatie:> de aansluiting van de externe versterker op D2 (zie INSTALLATIE)> de instelling van de subwoofer versterker op OFF (zie Hoofd Init Menu). |
| GELUIDSPROBLEEM Controleer: | |
| Het geluidsniveau is te laag tijdens de verkeers- of nieuwsberichten. | Stel het volume bij voor de berichten (zie Sound Setup Menu). |
| Het geluidsniveau neemt af. Beeld de temperatuur van de set af: wanneer de temperatuur te hoog is, neemt het geluidsniveau automatisch af. | |
| Het telefoongeluid is misvormd. > Verminder het geluidsvolume van de telefoon tot de misvorming wordt opgeheven.> Vermeerder het telefoonvolume met de set (zie Hoofd Init Menu). | |
| CD FOUTEN Controleer: | |
| De set werkt niet tijdens het gebruik van de CD speler of de MP3 speler, en ERROR CD wordt afgebeeld. | > Dat de CD goed in de CD speler is geschoven,> dat de speler minstens een CD bevat,> dat de disk goed is ingevoerd; dat er geen vuile, vreemde of beschadigde disk is ingevoerd; Dat de speler satelliet goed is gesloten. |
| De set werkt niet tijdens het gebruik van de CD wisselaar, en ERROR CD wordt afgebeeld. | > Dat het magazijn goed is ingevoerd in de CD wisselaar,> dat de wisselaar minstens een CD bevat,> dat de disks goed zijn ingevoerd; dat er geen vuile, vreemde of beschadigde disk is ingevoerd; Dat de wisselaar satelliet goed is gesloten. |
| De Snel Voorwaarts functie werkt niet met uw CD. | Controleer dat uw CD geen MP3 CD is: in dat geval werkt deze functie niet met MP3 CD. |
| De CD naam is niet beschikbaar in het CD menu. | Wis minstens een CD naam door middel van de Del naamfunctie. Vergeet niet dat u meer dan 50 CD’s een naam kunt geven. |
| CDC FOUT Controleer: | |
| De display beeldt CDC ERR af. De link tussen de CD wisselaar en de versterker is niet operationeel. Neem contact op met uw dealer. | |
| TEMPERATUURFOUT Controleer: | |
| De display beeldt TEMP ERR af. Controleer dat de temperatuursreceptor goed is aangesloten (zie INSTALLATIE). | |
| De display beeldt HI TEMP af. | Het radiosysteem is overgegaan naar de hittebescherming modus: het geluidsniveau is verminderd. Het radiosysteem keert weer terug naar de normale modus zodra de heersende temperatuur is gedaald. |
| FUNCTIEFOUT Controleer: | |
| De SDVC is niet beschikbaar. | > Dat de snelheidsmeter goed is aangesloten op A1 (zie CONFIGURATIE)> dat het kalibreren van de snelheid niet is gekalibreerd (zie CONFIGURATIE). |
| De Auto-equalizing is niet beschikbaar. | De auto-equalizing is niet gekalibreerd (zie CONFIGURATIE). |
RADIO REFERENTIE
Het kan voorkomen dat u de verwachte functie niet kunt vinden. Gelieve dan, voordat u de dienst opbelt, deze tabel te controleren
en zorgvuldig de functies te bekijken die werken met de referentie van uw autoradio.
| CD4402 | CD4502 | CD4802 | CR4402 | |
| Bron | ||||
| DAB | Ja Ja Ja | |||
| Functies | ||||
| Bcluisteren van MP3 bestanden | ee | Ja | ||
| Display van CD tekst | Ja Ja | |||
| Veranderen van map | Ja | |||
| Openen van de TMC | Ja | Nee | Ja | |
| Instellen van de FM/DAB wisseling | ee | Ja Ja Ja | ||
INDEX
Aan/Uit zetten 114
Aan-/Uitzetten van de Waarschuwingsled 115
Aansluiting van de radio .....111
Activeren van de Nieuwsberichten .131
Openen van de TMC* ....131
Activeren van de Verkeersberichten (TA) .131
Afspelen 122
Automatisch opslaan van een station ....118
Beluisteren van de MP3 bestanden* 121
Bepalen van de Tijd Scan .....115
Bepaling Hoge Tonen Freq. Drempel 127
Bepaling van de Bassen Freq. Drempel ..127
Bepaling van de Subwoofer Drempel 127
Bewaren van een DAB station .....
in het geheugen ....124
Bijwerking van het RDS Dynamisch ....
Geheugen 131
Controle van het volume .....114
De benaming van de CD .....122
Display van Bron Informatie .....115
Display van CD Tekst* .....121
Display van de afstand .....129
Display van de klok .....128
Display van de snelheid .....128
Display van de temperatuur .....128
Display van de tijd 128
Display van het Accu Voltage .....128
Eruit nemen van een tape .....123
Gebruik van afstandbediening** ...112
Het instellen van de Geluidssterkte ....
voor Hoge Freq. 127
Het instellen van het Afspelen .....
in Willekeurige volgorde .....122
Het kalibreren van de Auto Equalizer ....113
Het kalibreren van de Snelheid ....113
Het opheffen van interferentie ....112
Het opzoeken van de PAD .....124
Het terugplaatsen van de façade ..112
Het vervangen van een zekering ...111
Het wegnemen van de radio .....111
Het wissen van een CD naam .....122
In het geheugen opslaan van een station 119
Inbrengen van de CD in de CD wisselaar 120
Individueel aanpassen van de Geluid ...
Reproductie 127
Installatie van een externe versterker ....112
Installatie van een subwoofer .....112
Instellen van Audio Niveau ....
van het Bericht ....116
Instellen van de balans (LR luidsprekers) .126
Instellen van de eerste laag .....132
Instellen van de Geluidssterkte .....
voor Lage Freq. 126
Instellen van de Helderheid ....
van het Display Licht ....117
Instellen van de Herhaling ....
van het nummer ....122
Instellen van de Radio Modus .....118
Instellen van de SDVC .....117
Instellen van de Tijd voor de Screen Saver 132
Instellen van de tweede laag .....132
Instellen van een Navigatie Systeem 116
Instellen van een Telefoon Uitrusting ...116
Instellen van het Audio Niveau .....
van de Signalen 115
Instellen van het Klok Type .....129
Instellen van het Navigatie Detectie ....
Niveau ....116
Instellen van het Niveau van de Bassen ..125
Instellen van het Niveau ....
van de Hoge tonen .....125
Instellen van het Ruis Reductie systeem ..123
Instellen van het Snelheid Alarm ...130
Instellen van het Telefoon Volume ..116
Instellen van het wisselen van FM/DAB* .131
Instelling van de balans ....
(luidsprekers achterin & voorin) ....126
Instelling van Detectieniveau ....
van de Telefoon ....116
Instelling van een Aanvullende Uitrusting 115
Instelling van het Subwoofer Volume ...126
Instelling voor het Comprimeren .....
van het Geluid ....122
Keren van de tape 123
Links Zoeken/Rechts Zoeken .....117
Minuteninstelling .....129
Montage van een DIN radio .....111
Montage van een JIN radio** .....111
Naam geven aan een Radio Frequentie ..118
Naar Boven Zoeken/Naar Beneden .....
Zoeken 117
Opnieuw instellen van de CC parameters 130
Opnieuw instellen van de Sound Init ....126
Opslaan van het PAD ....124
Overgaan naar het CC Init Menu ...129
Overgaan naar het Init Menu .....126
Overgaan naar het Tuner Init Menu .119
Radiogebruik zonder dat u rijdt ....115
Scannen van stations of van presets 118
Selecteren van de Continent Zone ..120
Selecteren van de DAB stations ....124
Selecteren van een band .....124
Selecteren van een bron .....114
Selecteren van een golfband .....117
Selecteren van een Toon Stijl (1) ...125
Selecteren van een Toon Stijl (2) ...125
Selecteren van het Scan Type .....119
Selecteren van Signalen ....116
Selectie van de af te beelden Informatie .130
Selectie van de Snelheid Eenheden .130
Selectie van de Temperatuur Eenheden ..129
Selectie van Klok Bijwerking Modus 129
Selectie van screensaver .....132
Snel Achteruit/Voorui ....121
Snel Terugspoelen/Snel vooruit spoelen ..123
Starten van de animaties .....131
Starten van de Auto-equalizing ....127
Starten van de Automatische Nivellering .127
Starten van de Geluidssterkte Curve 125
Starten van de luidsprekers installatie ...117
Starten van een Subwoofer Versterker ..127
Starten van het Accu Alarm .....130
Starten van het Kalibreren van de PDC ..130
Starten van het Kalibreren ....
van de Snelheid ....130
Starten van het RDS Stations Memo 118
Starten van het Reis Alarm .....130
Starten van het Vorst Alarm .....129
Starten van Zoeken naar Nummer ..123
Starten van Zoeken van een Nummer ...121
Steken van een CD in de CD speler .120
Uitwerpen van de CD uit de CD speler ...120
Uitwerpen van een CD ....
uit de CD wisselaar .....120
Uurinstelling 129
Veranderen van Map in MP3 CD* ..121
Vorige/Volgende Disk ....121
Vorige/Volgende Nummer ....121, 123
Zoeken naar een betere transfer ...119
Zoeken van de beste ontvangst ...118
Zoeken van een Programma Type ...118, 124
