Woodstock DAB 53 - Autoradio BLAUPUNKT - Gratis gebruiksaanwijzing en handleiding
Vind de handleiding van het apparaat gratis Woodstock DAB 53 BLAUPUNKT in PDF-formaat.
| Type product | Autoradio |
| Merk | Blaupunkt |
| Model | Woodstock DAB 53 |
| Inbouwmaat | 1 DIN (standaard) |
| Voeding | 12 V DC, negatieve massa |
| Uitgangsvermogen | 4 x 25 W sinus (DIN 45324 bij 14,4 V), 4 x 45 W max. |
| Golfgebieden | FM (87,5-108 MHz), MW, LW, DAB (Band III en L-band) |
| DAB-functies | Ensemble, programma-, subprogrammakeuze, Travelstore, Service Following, radiotekst |
| RDS-functies | AF, REG, PTY, TA, EON, HICUT, SHARX, lichtkranten |
| Mediaspelers | CD (12 cm), MP3-CD, CD-wisselaar (via adapter), MMC/SD, Microdrive™, AUX |
| CD-weergave | Audio-CD, MP3-CD, Repeat, Random, Scan, Pause, cd-naam |
| MMC/SD-weergave | MP3-bestanden, directorynavigatie, Repeat, Random, Scan, Pause, opname DAB naar MMC/SD |
| DAB-opname | Naar MMC/SD (MPEG 1 layer 2), bestandsnaam ddhhmmss.mp3 |
| Audio-instellingen | Bass, Treble, Balance, Fader, Loudness (0-6), 5-bands parametrische equalizer, sound presets |
| Volume | 0-50, Mute, Auto Sound (snelheidsafhankelijk), inschakelvolume |
| Verkeersinformatie | TA via RDS-EON, apart volume, DAB-FM bronkeuze |
| Klok | Automatisch (RDS-CT) of handmatig, 12/24 uur modus |
| Beveiliging | Afneembaar bedieningspaneel (Flip Release Panel) |
| Accessoires | Afstandsbediening RC 08/10/10H (optioneel), CD-wisselaar CDC A 03/08/071/072/IDC A 09, Microdrive™-speler, DAB-antenne |
| Onderhoud | Contacten reinigen met alcoholdoek; bedieningspaneel niet laten vallen, beschermen tegen zonlicht |
Veelgestelde vragen - Woodstock DAB 53 BLAUPUNKT
Gebruikersvragen over Woodstock DAB 53 BLAUPUNKT
0 vraag over dit apparaat. Beantwoord die u kent of stel uw eigen vraag.
Stel een nieuwe vraag over dit apparaat
Download de handleiding voor uw Autoradio in PDF-formaat gratis! Vind uw handleiding Woodstock DAB 53 - BLAUPUNKT en neem uw elektronisch apparaat weer in handen. Op deze pagina staan alle documenten die nodig zijn voor het gebruik van uw apparaat. Woodstock DAB 53 van het merk BLAUPUNKT.
GEBRUIKSAANWIJZING Woodstock DAB 53 BLAUPUNKT
Hier openslaan a.u.b.

①-toets, voor het ontgrendelen van het afneembare bedieningspaneel (Release Panel)
②Volumeregelaar
③Toets voor het in- en uitschake-
len van het apparaat,
onderdrukken van het geluid van
het apparaat (Mute)
④DAB·TS-toets. Kort indrukken: bron kiezen bij DAB-weergave (digital audio broadcast) Lang ingedrukt houden: start de DAB-travelstore-functie
⑤BND•TS-toets. Kort indrukken: kiezen van het geheugenniveau bij radioweergave, kiezen van de FM-geheugenniveaus en de golfgebieden MW en LW Lang ingedrukt houden: start de FM-travelstore-functie
⑥Display (uitleesvenster)
⑦ -toets, weergave van de klok-
tijd op het display
DIS, wisselen van de displayin-
houd
⑧MENU-toets, oproepen van het menu voor de basisinstellingen
⑨-toets, om het uitklapbare en afneembare bedieningspaneel (Flip Release Panel) te openen
⑩Blok met pijltoetsen
⑪ OK-toets, om menuopties te bevestigen en de Scan-functie te starten
Starten en stoppen van het opnemen op MMC/SD
⑫DEQ-toets, om de equalizer in / uit te schakelen en in te stellen
⑬AUDIO-toets (audio), bass, treble, balans en fader instellen
14 Toetsenblok 1 - 5 en TRAF, in- en uitschakelen van de standby-stand voor verkeersinformatie
⑮RDS·SF-toets, RDS-comfort-functie in- en uitschakelen (Radio Data System)
Lang ingedrukt houden: weergave van lichtkranten kiezen
⑯SRC-toets, kiezen van de ge-luidsbron tussen cd, cd-wissel-aar (indien aangesloten), AUX (indien geactiveerd), MMC/SD en Microdrive™-speler (indien aangesloten)
Aanwijzingen en
accessoires 180
Verkeersveiligheid.... 180
Inbouw 180
Accessoires 180
Afneembaar bedienings-
paneel 181
Diefstalbeveiliging.... 181
Bedieningspaneel verwijderen ..... 182
Bedieningspaneel plaatsen ..... 182
In- en uitschakelen .... 183
Volume instellen 183
Volume bij inschakelen instellen ... 183
Volume abrupt verkleinen (Mute) .. 183
Telefoon-audio / navigatie-audio ... 184
Automatic sound 184
Bevestigingssignaal 185
DAB-weergave 185
DAB-weergave inschakelen ..... 185
Geheugenniveau kiezen.... 187
Ensemble instellen.... 187
Programma kiezen 187
Programma opslaan 187
Opgeslagen programma's oproepen 188
Land / regio instellen 188
DAB-golfgebied instellen 188
Wisselen DAB-FM 189
zoekafstemming instellen 192
Zenders programmeren ...... 192
Zenders automatisch
programmeren (Travelstore) ...... 192
Geprogrammeerde zenders
oproepen 192
Ontvangbare zenders kort
weergeven (SCAN) 192
Duur van het fragment instellen .... 193
Programmatype (PTY) 193
Radio-ontvangst optimaliseren ..... 194
Weergave van lichtkranten kiezen 195
Displayweergave instellen ..... 195
Verkeersinformatie ...... 195
Voorrang voor verkeersinformatie
in- en uitschakelen 195
Volume voor verkeersinformatie
instellen 196
Verkeersinformatiebron DAB-FM . 196
TMC voor dynamische
navigatiesystemen 197
Cd-weergave 197
Cd-weergave starten 197
Titels kiezen.... 198
Snel titels kiezen.... 198
Snelle zoekdoorloop (hoorbaar) ... 198
Willekeurige weergave van de
titels (MIX).... 198
Titels kort weergeven (SCAN) ..... 198
Titels herhalen (REPEAT) 198
Weergave onderbreken (PAUSE) 199
Wisselen van displayweergave .... 199
Verkeersinformatie tijdens
cd-weergave 199
Cd's een naam geven.... 199
Cd verwijderen 200
MP3-weergave 200
Voorbereiding van de MP3-cd..... 200
MP3-weergave starten 202
Directory kiezen.... 202
Titels kiezen.... 202
Snelle zoekdoorloop (hoorbaar) ... 202
Willekeurige weergave van de titels (MIX).... 203
Titels kort weergeven (SCAN) ..... 203
Losse titels of hele directory's herhaald afspelen (REPEAT)...... 203
Weergave onderbreken (PAUSE).. 204
Displayweergave instellen 204
Favoriete titels van een MP3-cd programmeren.... 204
MMC/SD-weergave 205
MMC/SD plaatsen / verwijderen.. 205
MMC/SD-weergave starten ..... 206
Directory kiezen.... 206
Titels kiezen.... 206
Snelle zoekdoorloop (hoorbaar) ... 206
Willekeurige weergave van de titels (MIX).... 206
Losse titels of hele directory's herhaald afspelen (REPEAT)...... 207
Weergave onderbreken (PAUSE).. 207
DAB-programma opnemen op MMC/SD 207
MMC/SD formatteren 210
Displayweergave instellen 210
Favoriete titels van een MMC/SD programmeren.... 210
Weergave van cd-wisselaar . 211
Weergave van cd-wisselaar starten 211
Cd kiezen 211
Titels kiezen.... 211
Snelle zoekdoorloop (hoorbaar) ... 211
Wisselen van displayweergave .... 211
Losse titels of hele cd's herhaald afspelen (REPEAT) 211
Titels in willekeurige volgorde weergeven (MIX) 211
Alle titels van alle cd's kort weergeven (SCAN) 212
Weergave onderbreken (PAUSE).. 212
Cd's een naam geven.... 212
Wissen van een cd-naam.... 213
Wissen van alle opgeslagen namen van alle cd's 213
CLOCK - Kloktijd 213
Kloktijd kort laten weergeven ..... 213
Kloktijd instellen.... 213
Klokmodus 12/24 uur kiezen ..... 214
Klankkleur en volume- verhouding .... 214
Bass instellen 214
Treble instellen 214
Volumeverhouding links/rechts (balans) instellen.... 215
Volumeverhouding voor/achter (fader) instellen.... 215
Loudness.... 215
Equalizer 216
Aanwijzingen voor de instelling .... 216
Equalizer in- en uitschakelen ..... 216
Equalizer instellen 216
Bestaande klankinstellingen kiezen.... 217
Aanduiding van het niveau in- en uitschakelen 217
Instelhulp voor de equalizer ..... 218
Externe audiobronnen ...... 219
Hartelijk dank dat u hebt gekozen voor een Blaupunkt-product. Wij wensen u veel plezier met dit nieuwe apparaat.
Lees deze gebruiksaanwijzing voordat u het apparaat voor het eerst gebruikt.
De Blaupunkt-redacteurs werken continu om de gebruiksaanwijzingen overzichtelijk en begrijpelijk vorm te geven. Mocht u toch nog vragen over de bediening hebben, dan kunt u contact opnemen met uw vakhandel of met de telefoonhotline in uw land. U vindt de telefoonnummers op de achterzijde van dit boekje.
Voor onze producten die binnen de Europese Unie zijn gekocht, bieden wij een fabrieksgarantie. U kunt de garantievoorwaarden oproepen op www.blaupunkt.de of direct opvragen bij:
Blaupunkt GmbH
Hotline CM/PSS 6
Robert Bosch Str. 200
D-31139 Hildesheim
Verkeersveiligheid
⚠ De verkeersveiligheid gaat vóór alles. Bedien uw autoradio alleen wanneer de verkeerssituatie dat toelaat. Maak uzelf voor het begin van de rit vertrouwd met het apparaat. De akoestische waarschuwingssignalen van politie, brandweer en reddingsdiensten moeten tijdig te horen zijn. Beluister daarom tijdens het rijden uw programma daarom alleen met een gepast geluidsvolume.
Inbouw
Wanneer u de autoradio zelf wilt inbouwen, leest u dan de aanwijzingen voor inbouw en aansluiting aan het einde van de gebruiksaanwijzing.
Accessoires
Gebruik alleen door Blaupunkt toege- laten accessoires.
DAB-antenne
Voor het gebruik van de Woodstock DAB 53 hebt u een speciale DAB-antenne nodig. Dit kan een aparte DAB-dakantenne of een DAB/AM/FM-com-biantenne zijn. Nadere informatie verkrijgt u bij uw Blaupunkt-vakhandel.
Afstandsbediening
Met de afstandsbediening RC 08, RC 10 of RC 10H (verkrijgbaar als speciale accessoires) kunt u de meeste basisfuncties van uw autoradio veilig en comfortabel bedienen.
In- en uitschakelen met de afstandsbediening is niet mogelijk.
Versterkers
Alle Blaupunkt-versterkers kunnen worden gebruikt.
De volgende Blaupunkt-cd-wisselaars kunnen worden aangesloten: CDC A 03, CDC A 08, CDC A 071, CDC A 072 en IDC A 09. Via een adapterkabel (Blaupunkt-nr. 7 607 889 093) kan ook de cd-wisselaar CDC A 05 worden aangesloten.
Let op:
- Bij oudere modellen cd-wisselaars is het mogelijk dat niet alle beschreven cd-wisselaarfuncties beschikbaar zijn.
Microdrive™-speler
Om toegang te krijgen tot nog meer MP3-muziekstukken kunt u als alternatief voor een cd-wisselaar de Compact Drive MP3 aansluiten. Bij de Compact Drive MP3 worden de MP3-stukken eerst met een computer opgeslagen op de Microdive™-schijf van de Compact Drive MP3 en kunnen, wanneer er een Compact Drive MP3 op de autoradio is aangesloten, worden weergegeven als normale cd-stukken. De Microdive™-speler wordt bediend als een cd-wisselaar; alle functies van de cd-wisselaar kunnen ook met de Microdive™-speler worden gebruikt.
Afneembaar bedieningspaneel
Diefstalbeveiliging
Uw radio is ter bescherming tegen diefstal uitgerust met een afneembaar bedieningspaneel (Flip Release Panel). Zonder dit bedieningspaneel is het apparaat voor een dief waardeloos.
Bescherm het apparaat tegen diefstal en neem het bedieningspaneel telkens mee wanneer u de auto verlaat. Laat het bedieningspaneel niet in de auto liggen, ook niet op een verborgen plek. De constructie van het bedieningspaneel maakt een eenvoudige bediening mogelijk.
Let op:
- Laat het bedieningspaneel niet vallen.
- Stel het bedieningspaneel nooit bloot aan direct zonlicht of andere warmtebronnen.
- Bewaar het bedieningspaneel in het meegeleverde etui.
- Voorkom directe aanraking van de contacten van het bedieningspaneel met de huid. Reinig de contacten desgewenst met een in alcohol gedrenkte, niet-pluizende doek.
Bedieningspaneel verwijderen

Druk op toets [√].
De vergrendeling van het bedieningspaneel wordt geopend.
→ Trek het bedieningspaneel eerst loodrecht en dan naar links uit het apparaat.
- Nadat het bedieningspaneel is verwijderd van het apparaat, schakelt het apparaat zichzelf uit.
- Alle actuele instellingen worden opgeslagen.
- Een geplaatste cd blijft achter in het apparaat.
Bedieningspaneel plaatsen
→ Schuif het bedieningspaneel van links naar rechts in de geleiding van het apparaat.
Druk de linkerkant van het bedie-
ningspaneel in het apparaat totdat
het met een klik vergrendelt.

Het afneembare bedieningspaneel dient tijdens de rit gesloten te zijn (gevaar voor verwonding bij een ongeluk).
Let op:
- Druk bij het plaatsen van het bedie- ningspaneel niet op het display.
Wanneer het apparaat bij het verwijderen van het bedieningspaneel ingeschakeld was, schakelt het zichzelf na plaatsing automatisch opnieuw in met de laatste instelling (radio, cd, mmc/sd, cd-wisselaar resp. Compact Drive MP3 of AUX).
In- en uitschakelen
Om het apparaat in of uit te schakelen hebt u de volgende mogelijkheden tot uw beschikking:
In- en uitschakelen via het contactslot van de auto
Wanneer het apparaat correct met het contactslot van de auto is verbonden en niet met toets ③ is uitgeschakeld, wordt het met het contact in- en uitgeschakeld.
U kunt het apparaat ook inschakelen wanneer het contact is uitgeschakeld.
→ Druk hiervoor op toets ③.
Let op:
- Ter beveiliging van de autoaccu wordt het apparaat na een uur automatisch uitgeschakeld.
In- en uitschakelen met het afneembare bedieningspaneel
→ Verwijder het bedieningspaneel.
Het apparaat wordt uitgeschakeld.
→ Breng het bedieningspaneel weer aan.
Het apparaat wordt ingeschakeld. De laatste instellingen (radio, cd, mmc/sd, cd-wisselaar resp. Compact Drive MP3 of AUX) worden geactiveerd.
In- en uitschakelen met toets Ⓤ
→ Om het apparaat in te schakelen drukt u op toets ③.
→ Om het apparaat uit te schakelen houdt u toets ③ langer dan twee seconden ingedrukt.
Het apparaat wordt uitgeschakeld.
Volume instellen
Het volume kan in stappen van 0 (uit) tot 50 (maximaal) worden ingesteld.
→ Om het volume te vergroten draait u de volumeregelaar ② naar rechts.
→ Om het volume te verkleinen draait u de volumeregelaar ② naar links.
Volume bij inschakelen instellen
Het volume waarmee het apparaat bij inschakelen speelt, kan worden ingesteld.
→ Druk op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets √ of ✗ ⑩
dat "ON VOLUME" op het display
verschijnt.
Stel het volume bij inschakelen in met de <->toetsen 10.
Let op:
- Ter bescherming van het gehoor is de waarde voor het volume bij in-schakelen beperkt tot 40.
Wanneer de instelling voltooid is:
Druk tweemaal op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
Volume abrupt verkleinen (Mute)
U kunt het systeemvolume abrupt verkleinen (Mute).
→ Druk kort op toets ③.
Op het display verschijnt "MUTE".
Geluidsonderdrukking opheffen
Om de geluidsonderdrukking op te heffen:
Druk tijdens de geluidsonderdrukking op toets ③.
De weergave wordt voortgezet.
Telefoon-audio / navigatie-audio
Wanneer uw autoradio op een mobiele telefoon of navigatiesysteem is aangesloten, wordt het geluid van de autoradio onderdrukt bij het opnemen van de telefoon of bij een gesproken mededeling van de navigatie, en wordt het gesprek of de gesproken mededeling weergegeven via de luidsprekers van de autoradio. Hiervoor moet de telefoon of het navigatiesysteem op de in de inbouwhandleiding beschreven manier op de autoradio zijn aangesloten.
Uw Blaupunkt-vakhandel kan u informeren welke navigatiesystemen u met uw autoradio kunt gebruiken.
Wanneer er tijdens een telefoongesprek of gesproken mededeling van de navigatie een verkeersbericht wordt ontvangen, wordt het verkeersbericht pas na beëindiging van het gesprek / de gesproken mededeling weergegeven.
Het volume waarmee het telefoongesprek of de gesproken mededelingen van de navigatie wordt weergegeven, is instelbaar.
→ Druk op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets of 10 dat "TEL/NAVI VOL" op het display wordt weergegeven.
Stel het gewenste volume in met de <>toetsen ⑩.
Wanneer de instelling voltooid is, drukt u tweemaal op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
Let op:
- U kunt het volume voor telefoongesprekken en gesproken mededelingen tijdens de weergave direct instellen met de volumeregelaar ②.
Automatic sound
Met deze functie wordt het volume van de autoradio aangepast aan de snelheid van de auto. Hiervoor moet de autoradio zijn aangesloten zoals beschreven in de inbouwhandleiding.
De automatische volumeversterking is instelbaar in zes stappen (0 - 5).
→ Druk op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets 10 dat "AUTO SOUND" op het display wordt weergegeven.
Stel de volumeaanpassing in met de toetsen <10.
Wanneer het instellen voltooid is, drukt u op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
Let op:
- De voor u optimale instelling van de snelheidsafhankelijke volume-aanpassing hangt af van de geluidsontwikkeling in uw auto. Be-paal door uitproberen de voor uw auto optimale waarde.
Bevestigingssignaal
Wanneer u bij bepaalde functies een toets langer dan twee seconden ingedrukt houdt, bv. om een zender te programmeren onder een voorkeuzetoets, is een bevestigingssignaal (pieptoon) te horen.
DAB-weergave
Met DAB (Digital Audio Broadcast) kunt u genieten van radio met digitale geluidskwaliteit.
Let op:
- Voor het gebruik van de Woodstock DAB 53 hebt u een speciale DAB-antenne nodig. Dit kan een aparte DAB-dakantenne of een DAB/AM/FM-combiantenne zijn. Nadere informatie verkrijgt u bij uw Blaupunkt-vakhandel.
DAB-weergave inschakelen
Wanneer u zich in de weergavesoorten radio, cd, MMC/SD, cd-wisselaar, Microdive™ of AUX bevindt:
Druk op toets DAB•TS ④.
In tegenstelling tot conventionele radio worden bij DAB altijd verschillende programma's op één frequentie uitgezonden. Deze programma's worden samengevoegd tot zgn. "ensembles". Een ensemble bevat altijd verschillende programma's.
Daarbij kan een programma als extra altijd nog maximaal twaalf subprogramma's bevatten. Via deze subprogramma's kunnen bij een sportzender bv. verschillende sportevenementen tegelijk worden uitgezonden. Wanneer een programma subprogramma's ter beschikking stelt, wordt naast het geheugenniveau (D1, D2, D3 of DT) een stersymbool weergegeven.
DAB biedt u nog meer voordelen:
- NEWS:
Naast de verkeersinformatie is er nieuws (NEWS). U kunt het nieuws laten doorschakelen.
NEWS in- en uitschakelen
→ Druk op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets √ of ∧ ⑩
dat "DAB_NEWS_OFF" resp.
"DAB_NEWS_ON" op het display
wordt weergegeven.
Wanneer u nieuws wilt ontvangen, kiest u "DAB NEWS ON". Wanneer u geen nieuws wilt horen, kiest u "DAB_NEWS_OFF".
Kies de gewenste instelling met de
<>toetsen 10.
Wanneer de instelling voltooid is, drukt u op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
• WEATHER:
Naast de verkeersinformatie zijn er weerberichten (WEATHER). U kunt de weerberichten laten doorschakelen.
WEATHER in- en uitschakelen
→ Druk op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets √ of ∧ ⑩
dat "DAB_WEAT_OFF" resp.
"DAB_WEAT_ON" op het display
wordt weergegeven.
Wanneer u weerberichten wilt ontvangen, kiest u "DAB_WEAT_ON". Wanneer u geen weerberichten wilt horen, kiest u "DAB_WEAT_OFF".
→ Kies de gewenste instelling met de
<<toetsen ⑩.
Wanneer de instelling voltooid is, drukt u op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
Let op:
U kunt de weergave van een nieuws- of weerbericht ook onderbreken door op toets TRAF 14 te drukken. De algeme- ne voorrang blijft behouden en het vol- gende bericht wordt weer doorgegeven.
• DAB regionaal (TA-REG):
Omdat DAB-frequenties in een gro- ter gebied van het land worden uit- gezonden, kan het voorkomen dat u verkeersinformatie ontvangt die voor uw regio niet van belang is. Om dit te voorkomen zijn de DAB- uitzendgebieden onderverdeeld in regio's.
TA-REG in- en uitschakelen
→ Druk op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets √ of ∧ ⑩
dat "DAB_TREG_OFF" resp.
"DAB_TREG_ON" op het display
wordt weergegeven.
Wanneer u verkeersinformatie wilt ontvangen die speciale regio's betreft, kiest u "DAB_TREG_ON". Wanneer u landelijke berichten wilt horen, kiest u "DAB_TREG_OFF".
→ Kies de gewenste instelling met de
<<toetsen 10.
Wanneer de instelling voltooid is, drukt u op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
Let op:
- Omdat deze functie nog niet door alle zenders wordt ondersteund, kan het voorkomen dat u, wanneer de TA-REG-functie geactiveerd is, geen verkeersinformatie ontvangt. Wanneer u gedurende langere tijd geen verkeersinformatie ontvangt, deactiveert u de functie TA-REG.
Geheugenniveau kiezen
Met dit apparaat kunt u DAB-programma's opslaan op vier geheugenniveaus: D1, D2, D3 en DT.
Op elk geheugenniveau kunnen vijf programma's worden geprogrammeerd.
Druk kort op toets DAB•TS ④.
Ensemble instellen
Met DAB worden steeds meer programma's op één frequentie gebundeld tot een zgn. ensemble.
Ensemble kiezen
U kunt ensembles die u al eerder hebt ontvangen, direct opnieuw kiezen (hiervoor moet het ensemble ontvangbaar zijn).
→ Druk kort op toets 10.
De naam van het actuele ensemble wordt weergegeven.
Druk terwijl de naam van het en-semble wordt weergegeven, op-nieuw kort op toets √ of ₩10.
De naam van het volgende resp. vorige bekende ensemble wordt weergegeven. Het eerste beschikbare programma van het ensemble wordt weergegeven.
Ensemble-zoekafstemming
U kunt nieuwe ensembles vinden m.b.v. de zoekafstemming.
Houd voor een neerwaartse resp. opwaartse zoekafstemming toets resp. ^10 langer dan twee seconden ingedrukt.
Het eerstvolgende ontvangbare ensemble wordt ingesteld. De naam van het ensemble wordt kort weergegeven. Het eerste beschikbare programma van het ensemble wordt weergegeven.
Handmatig afstemmen op zenders
U kunt ook met de hand afstemmen op ensembles.
Druk tijdens de zoekafstemming op toets of 10.
→ U kunt nu met de toetsen
Programma kiezen
Nadat u een ensemble hebt ingesteld, kunt u een programma uit het ensem- ble kiezen.
Kies een programma uit het en-semble met de toetsen <>⑩.
Programma opslaan
Programma met de hand opslaan
→ Kies het gewenste geheugenniveau.
→ Stel het gewenste ensemble in.
→ Kies het programma dat u wilt opslaan.
Houd een van de voorkeuzetoetsen 1 - 5 ^14 , waaronder het programma moet worden opgeslagen, langer dan twee seconden ingedrukt.
Programma's automatisch opslaan (Travelstore)
U kunt de eerste vijf programma's van het actuele ensemble automatisch la- ten opslaan op geheugenniveau "DT".
Let op:
- Eerder op dit niveau opgeslagen programma's worden hierbij gewist.
Houd toets DAB•TS ④ langer dan twee seconden ingedrukt.
Het programmeren wordt gestart. Op het display wordt "TRAVEL STORE" weergegeven. Nadat het programmeren voltooid is, wordt het programma op geheugenpositie 1 van niveau "DT" weergegeven.
Opgeslagen programma's oproepen
→ Kies het geheugenniveau.
Druk op voorkeuzetoets 1 - 5 ^14 van het gewenste programma.
Land / regio instellen
U dient in het menu van het apparaat in te stellen of u zich in Europa of in Canada bevindt. Voor gebruik in Europa moet hier altijd "EUROPE" ingesteld blijven. Anders kunt u mogelijk geen DAB-ensembles en -programma's ontvangen.
→ Druk op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets √ of ∧ ⑩
dat "AREA EUROPE" resp. "AREA CANADA" op het display wordt weergegeven.
Druk op toets < of> ⑩ om te kiezen tussen "EUROPE" en "CANADA".
→ Druk op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
DAB-golfgebied instellen
Met de Woodstock DAB53 kunt u ensembles op de golfgebieden "band III" (174 - 240 MHz) en "L-band" (1452 - 1491 MHz) ontvangen. Omdat in enkele landen niet beide banden kunnen worden gebruikt, kunt u de zoekafstemming versnellen door de niet-gebruikte band uit te sluiten.
→ Druk op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets √ of ∧ ⑩
dat "DAB BAND" op het display
wordt weergegeven.
Druk op toets < of> ⑩ om te kiezen tussen "BAND L", BAND III" en "BOTH".
Met de instellingen "BAND L" en BAND III" wordt alleen de gekozen band gebruikt. Met "BOTH" worden beide banden gebruikt.
→ Druk op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
Let op:
- Wanneer als regio "AREA CANADA" is ingesteld, is alleen band "L" beschikbaar.
Wisselen DAB-FM
U kunt verschillende instellingen voor het wisselen tussen DAB- en FM-weergave kiezen. Het wisselen tussen DAB-en FM-radio kan nodig zijn wanneer de ontvangstkwaliteit bij DAB-weergave sterk afneemt.
Wanneer u de instelling "DAB-FM-AUTO" kiest, schakelt het apparaat in dit geval automatisch over op de FM-frequentie van de ontvangen zender (voor zover het programma op FM te ontvangen is), resp. naar het DAB-programma van de ingestelde FM-zender (voor zover de zender als DAB-programma te ontvangen is).
Bij "DAB-FM-MAN" schakelt het apparaat over op de FM-frequentie van het ontvangen DAB-programma wanneer u de FM-weergave handmatig oproept (voor zover de zender op FM te ontvangen is).
Wanneer u "DAB-FM-OFF" kiest, wordt bij het oproepen van de FM-radioweergave de als laatste ingestelde FM-zender weergegeven (voor zover de zender te ontvangen is).
→ Druk op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets of ✗ 10 dat "DAB-FM" op het display wordt weergegeven.
Druk op toets < of> ⑩ om te wisselen tussen de instellingen.
→ Druk tweemaal op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
Wanneer de ontvangstkwaliteit van de ontvangen zender daalt, kan de Woodstock DAB53 het programma automatisch uit een ander ensemble instellen (indien beschikbaar). Hiervoor moet de functie "Service following" zijn ingeschakeld.
Servive following in- en uitschakelen
Om Service following te gebruiken,
Druk tijdens DAB-weergave kort op toets RDS•SF 15.
Wanneer Service following is ingeschakeld, brandt tijdens DAB-weergave het RDS-symbol op het display.
Om Service following uit te schakelen:
Druk tijdens DAB-weergave op-nieuw kort op toets RDS•SF 15.
Service following is uitgeschakeld wanneer het RDS-symbool verdwijnt.
DAB-subprogramma's
Bepaalde DAB-programma's bevatten subprogramma's. Programma's die subprogramma's bevatten, zijn gekenmerkt met * voor de naam van het programma. Wanneer een programma subprogramma's bevat, kunt u deze instellen.
Subprogramma's kiezen
Om te kiezen tussen de subprogramma's van een ingesteld programma moet u eerst naar de subprogramma-modus gaan:
Druk kort op toets 10.
De naam van het subprogramma wordt weergegeven. Om te kiezen uit de subprogramma's:
Druk kort op toets √ of ∧ ⑩.
Wanneer u de subprogramma-modus wilt verlaten:
→ Druk op toets < of> ⑩.
Let op:
- Subprogramma's worden vooralsnog door slechts weinig zenders ondersteund.
DAB-radiotekst
Bepaalde zenders geven naast hun programma informatie door (bv. nieuws) als lichtkrant op het display. De functie DAB-radiotekst is van fabriekswege ingeschakeld. Aangezien de weergave van radioteksten bestuurders kan afleiden van de actuele verkeerssituatie, verzoeken wij u de functie "DAB radiotekst" te deactiveren of alleen te gebruiken wanneer de auto stilstaat.
→ Druk op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets √ of ∧ ⑩
dat "RADIOTXT ON" resp. "RA-
DIOTXT OFF" op het display wordt
weergegeven.
Druk op toets< of> ⑩ om te kiezen tussen "RADIOTXT ON" (ingeschakeld) en "RADIOTXT OFF" (uitgeschakeld).
Druk op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
Radioweergave
Dit apparaat is uitgerust met een RDS-radio-ontvanger. Veel van de ontvangbare FM-zenders zenden een signaal uit dat naast het programma ook informatie bevat zoals de naam van de zender en het programmatype (PTY).
De naam van de zender wordt, zodra deze wordt ontvangen, op het display weergegeven.
Radioweergave inschakelen
Wanneer u zich in de weergavesoorten cd, cd-wisselaar of AUX bevindt:
Druk op toets BND•TS ⑤.
RDS-comfortfunctie (AF, REG)
De RDS-comfortfuncties AF (alternatieve frequentie) en REG (regionaal) vergroten het prestatiespectrum van uw autoradio.
- AF: Wanneer de RDS-comfortfunctie geactiveerd is, zoekt het apparaat op de achtergrond automatisch naar de als beste te ontvangen frequentie van de ingestelde zender.
- REG: Sommige zenders verdelen hun programma op bepaalde tijden in regionale programma's met verschillende inhoud. Met de REG-functie wordt voorkomen dat de autoradio overschakelt op alternatieve frequenties met een andere programma-inhoud.
Let op:
- REG moet apart in het menu worden geactiveerd / gedeactiveerd.
REG in- en uitschakelen
→ Druk op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets of 10
dat "REG" op het display wordt weergegeven. Achter "REG" wordt "OFF" (uit) resp. "ON" (aan) weergegeven.
→ Om REG in resp. uit te schakelen drukt u op toets
Druk op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
RDS-comfortfunctie in- of uitschakelen
→ Om de RDS-comfortfuncties AF en REG te gebruiken, drukt u op toets RDS·SF 15.
De RDS-comfortfuncties zijn actief wanneer RDS met een symbool op het display wordt aangegeven. Bij het inschakelen van de RDS-comfortfuncties wordt kort "REG ON" resp. "REG OFF" weergegeven.
Golfgebied / geheugenniveau kiezen
Met dit apparaat kunt u zenders van de frequentiebanden FM, MW en LW (AM) ontvangen. Voor het golfgebied FM zijn vier geheugenniveaus en voor de golfgebieden MW en LW elk één geheugenniveau beschikbaar.
Op elk geheugenniveau kunnen vijf zenders worden geprogrammeerd.
→ Om te wisselen tussen de geheugenniveaus resp. golfgebieden drukt u kort op toets BND·TS ⑤.
Zenders instellen
U hebt verschillende mogelijkheden om zenders in te stellen.
Automatische zoekafstemming
Druk op toets √ of ∧ ⑩.
De eerstvolgende ontvangbare zender wordt ingesteld.
Handmatig afstemmen op zenders
U kunt ook handmatig zenders instellen.
Druk op de toetsen < of> ⑩.
Let op:
- Er kunnen alleen met de hand zenders worden ingesteld wanneer de RDS-comfortfunctie gedeactiveerd is.
Wanneer een zender meerdere programma's biedt, kunt u bladeren in deze zgn. "zenderketen".
Druk op toets < of> ⑩ om naar de volgende zender van de zenderketen te gaan.
Let op:
- Om deze functie te kunnen gebruiken, moet de RDS-comfortfunctie geactiveerd zijn.
U kunt zo alleen wisselen tussen zenders die u al eerder ontvangen hebt. Gebruik hiervoor de Scan- of de Travelstore-functie.
Gevoeligheid van de zoekafstemming instellen
U kunt kiezen of er alleen sterke of ook zwakke zenders worden ingesteld.
→ Druk op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets of ✗ ⑩ dat "SENS" op het display verschijnt.
→ Druk op toets >10.
Op het display verschijnt de actuele waarde voor de gevoeligheid. "SENS HI6" betekent de hoogste gevoeligheid, "SENS LO1" de geringste. Wanneer "SENS LO" wordt gekozen, wordt "lo" op het display verlicht.
Stel de gewenste gevoeligheid in met de <>-toetsen ⑩.
Wanneer het instellen voltooid is, drukt u op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
Zenders programmeren
Zenders handmatig programmeren
Kies het geheugenniveau FM1, FM2, FM3, FMT of een van de golfgebieden MW of LW.
→ Stel de gewenste zender in.
Houd de voorkeuzetoets 1 - 5 ^14 waaronder de zender moet worden opgeslagen, langer dan twee seconden ingedrukt.
Zenders automatisch programmeren (Travelstore)
U kunt de zes sterkste zenders uit de regio automatisch programmeren (alleen FM). De zenders worden opgeslagen op geheugenniveau FMT.
Let op:
- Eerder op dit niveau geprogram- meerde zenders worden hierbij ge- wist.
Houd toets BND•TS ⑤ langer dan twee seconden ingedrukt.
Het programmeren begint. Op het display wordt "TRAVEL STORE" weergegeven. Wanneer de programmering voltooid is, wordt de zender op geheugenpositie 1 van geheugenniveau FMT weergegeven.
Geprogrammeerde zenders oproepen
→ Kies het geheugenniveau resp. het golfgebied.
→ Druk op de voorkeuzetoets 1 - 5
⑭ van de gewenste zender.
Ontvangbare zenders kort weergeven (SCAN)
U kunt alle ontvangbare zenders kort laten weergeven. De duur van het fragment kan in het menu worden ingesteld tussen 5 en 30 seconden.
SCAN starten
→ Houd de OK-toets ⑪ langer dan twee seconden ingedrukt.
Het scannen begint. "SCAN" verschijnt kort op het display, daarna verschijnt de
actuele zendernaam resp. de frequentie knipperend.
SCAN beëindigen, zender verder beluisteren
→ Druk op toets OK ⑪.
Het scannen wordt beëindigd, de als laatste ingestelde zender blijft actief.
Duur van het fragment instellen
→ Druk op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets √ of ∧ ⑩
dat "SCANTIME" op het display
verschijnt.
Stel de gewenste duur van het fragment in met de <->oetsen ⑩.
Wanneer de instelling voltooid is, drukt u tweemaal op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
Let op:
- De ingestelde duur van het fragment geldt ook voor het scannen bij weergave van cd, MMC/SD en cd-wisselaar.
Programmatype (PTY)
Naast de naam van de zender geven sommige FM-zenders ook informatie door over de inhoud van hun programma's. Deze informatie kan door uw autoradio worden ontvangen en weergegeven.
Zulke programmatypes kunnen bv. zijn:
CULTURE TRAVEL JAZZ
SPORT NEWS POP
ROCK CLASSICS
Met de PTY-functie kunt u gericht zenders met een bepaald programmatype kiezen.
Let op:
Om de PTY-functie tijdens de radio-weergave te kunnen gebruiken, moet u de automatische DAB-FM-omschakeling deactiveren (instelling: OFF). Lees hiervoor het gedeelte "DAB-FM omschakelen" in het hoofdstuk "DAB-weergave".
PTY-EON
Wanneer het programmatype gekozen en de zoekdoorloop gestart is, schakelt het apparaat van de actuele zender over op een zender met het gekozen programmatype.
Let op:
- Wanneer er geen zender met het gekozen programmatype wordt gevonden, is een pieptoon te horen en verschijnt op het display kort "NO PTY". De laatst ontvangen zender wordt opnieuw ingesteld.
- Wanneer de ingestelde zender of een andere zender uit de zenderketen op een later tijdstip het gewenste programmatype uitzendt, schakelt het apparaat automatisch van de actuele zender, resp. vanuit de weergave van cd of cd-wisselaar, over op de zender met het gewenste programmatype.
PTY in- en uitschakelen
→ Druk op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets √ of ∧ ⑩
dat "PTY ON" resp. "PTY OFF" op
het display verschijnt.
Druk op toets < of> ⑩ om PTY in (ON) resp. uit te schakelen (OFF).
Wanneer PTY is ingeschakeld, is "PTY" op het display verlicht.
→ Druk op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
Programmatype kiezen en zoekdoorloop starten
→ Druk op toets < of> ⑩.
Het actuele programmatype wordt weergegeven op het display.
Wanneer u een ander programmatype wilt kiezen, kunt u binnen de tijd dat het programmatype wordt weergegeven met < of > ^10 een ander programmatype instellen.
Of
Druk op een van de toetsen 1 - 5 ⑭ om het onder de desbetreffende toets opgeslagen programma-type te kiezen.
Het gekozen programmatype wordt kort aangeduid.
Druk op toets √ of ∧ ⑩ om de zoekdoorloop te starten.
De volgende zender met het gekozen programmatype wordt ingesteld.
Programmatype programmeren onder de voorkeuzetoetsen
→ Kies met toets < of> ⑩ een pro-grammatype.
Houd de gewenste voorkeuzetoets 1 - 5 ^14 langer dan twee seconden ingedrukt.
Het programmatype is opgeslagen onder de gekozen toets 1 - 5 ⑭.
Radio-ontvangst optimaliseren
Storingsafhankelijke demping van de hoge tonen (HICUT)
De HICUT-functie zorgt voor een ont- vangstverbetering bij slechte radio-ont- vangst (alleen FM). Wanneer sprake is van ontvangststoringen worden de hoge tonen, en daarmee de storing, automa- tisch zachter weergegeven.
HICUT in- en uitschakelen
→ Druk op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets √ of ∧ ⑩
dat "HICUT" op het display ver-
schijnt.
Druk op toets < of> ⑩ om HICUT in te stellen.
"HICUT 3" betekent de sterkste afzwakking van de hoge tonen en de storing, "HICUT 0" betekent geen afzwakking.
Druk op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
Storingsafhankelijke wisseling van bandbreedte (SHARX)
Met de SHARX-functie kunt u storing door aangrenzende zenders in zeer hoge mate uitsluiten. Schakel de SHARX-functie in bij een hoge zender-dichtheid.
SHARX in- en uitschakelen
→ Druk op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets ⑩ dat "SHARX" op het display verschijnt.
Druk op toets
"SHARX ON" betekent automatische wisseling van bandbreedte, "SHARX OFF" betekent geen wisseling van bandbreedte.
→ Druk op toets MENU ⑩ of OK ⑪.
Weergave van lichtkranten kiezen
Bepaalde radiozenders gebruiken het RDS-signaal om in plaats van hun zendernaam reclame of andere informatie uit te zenden. Deze 'lichtkranten' worden op het display weergegeven. U kunt de weergave van 'lichtkranten' uitschakelen.
Houd de RDS-toets 15 ingedrukt totdat "NAME FIX" op het display verschijnt.
→ Om de weergave van lichtkranten weer mogelijk te maken houdt u de RDS-toets 15 ingedrukt totdat "NAME VAR" op het display verschijnt.
Displayweergave instellen
U hebt de mogelijkheid om tijdens radioweergave te kiezen tussen permanente weergave van de kloktijd of permanente weergave van de naam van de zender resp. de frequentie.
Houd toets ⏻ / DIS ⑦ ingedrukt totdat de gewenste weergave op het display verschijnt.
Verkeersinformatie
Dit apparaat is uitgerust met een RDS-EON-ontvanger. EON staat voor Enhanced Other Network.
In het geval van een verkeersbericht (TA) wordt binnen de zenderketen automatisch overgeschakeld van een zender zonder verkeersinformatie naar de desbetreffende zender met verkeersinformatie van de zenderketen.
Na het verkeersbericht wordt het eerder beluisterde programma weer ingeschakeld.
Voorrang voor verkeersinformatie in- en uitschakelen
Druk op toets TRAF 14.
De voorrang voor verkeersinformatie is geactiveerd wanneer op het display het filesymbool verlicht is.
Let op:
U hoort een waarschuwingstoon:
- wanneer u bij het beluisteren van een zender met verkeersinformatie het uitzendgebied daarvan verlaat;
- wanneer u bij het beluisteren van een cd het uitzendgebied van de zender verlaat en er bij de daarop volgende automatische zoekdoor-loop geen nieuwe zender met verkeersinformatie wordt gevonden.
- wanneer u van een zender met verkeersinformatie wisselt naar een zender zonder verkeersinformatie.
Schakel dan ofwel de voorrang voor verkeersinformatie uit of stel een zender met verkeersinformatie in.
Let op:
- U kunt de weergave van een verkeersbericht afbreken door op toets TRAF 14 te drukken. De algemene voorrang blijft behouden en het volgende verkeersbericht wordt weer doorgegeven.
- Aangezien bepaalde zenders TA via DAB nog niet ondersteunen, kan het voorkomen dat u, wanneer de TA-functie is ingeschakeld, een waarschuwingssignaal hoort na het overschakelen van FM naar DAB.
Volume voor verkeersinformatie instellen
→ Druk op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets of ✗ 10 dat "TA VOLUME" op het display wordt weergegeven.
→ Stel het volume in met de <>-toet-sen ⑩.
Wanneer het instellen voltooid is, drukt u op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
Let op:
- U kunt tijdens het verkeersbericht het volume voor de duur van het verkeersbericht ook instellen met de volumeregelaar ②.
Let op:
- U kunt de klankkleur en de volumeverhouding voor verkeersinformatie instellen. Lees hiervoor het hoofdstuk "Klankkleur en volumeverhouding".
Verkeersinformatiebron DAB-FM
Het apparaat schakelt altijd automatisch over op een binnenkomend verkeersbericht via DAB (bij DAB-weergave) of FM (bij radioweergave). Bij weergave van AUX, CompactDrive MP3, MMC/SD, cd en cd-wisselaar wordt de verkeersinformatie van de als laatste actieve bron (DAB of radio) doorgegeven.
TMC voor dynamische navigatiesystemen
TMC betekent "Traffic Message Channel". Via TMC wordt verkeersinformatie digitaal verzonden, zodat deze door hiervoor geschikte navigatiesystemen worden gebruikt voor de routeplanning. Uw autoradio beschikt over een TMC-uitgang, waarop Blaupunkt-navigatiesystemen kunnen worden aangesloten. Uw Blaupunkt-vakhandel kan u informeren over welke navigatiesystemen er op uw autoradio kunnen worden aangesloten.
Wanneer er een navigatiesysteem is aangesloten en er een TMC-zender wordt ontvangen, is "TMC" op het display verlicht.
Wanneer de dynamische routegeleiding actief is, wordt automatisch een TMC-zender ingesteld.
Let op:
- Wanneer de TMC-functie van een aangesloten navigatiesysteem geactiveerd is, wordt de DAB-FM-wisselfunctie gedeactiveerd.
Cd-weergave
Met dit apparaat kunt u normaal in de handel verkrijgbare cd's met een doorsnede van 12 cm afspelen.
⚠️ Gevaar voor vernieling van de cd-speler!
Zgn. cd-singles met een doorsnede van 8 cm en cd's met contouren ("shape cd's") zijn niet geschikt voor de weergave.
Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor beschadigingen aan de cd-speler door ongeschikte cd's.
Cd-weergave starten
- Wanneer er geen cd in de speler zit:
→ Druk op toets 9.
Het Flip Release Panel wordt geopend.
→ Schuif de cd met de bedrukte zijde naar boven zonder forceren in de cd-opening totdat u een weerstand voelt.
De cd wordt automatisch naar binnen in de cd-speler getransporteerd.
Het transport van de cd mag niet worden gehinderd of geholpen.
→ Sluit het bedieningspaneel met lichte druk totdat het voelbaar vergrendelt.
De cd-weergave begint.
- Wanneer er reeds een cd in de speler zit:
Druk zo vaak op toets SRC ⑯ dat "CD" op het display verschijnt.
De weergave start op de plaats waar deze werd onderbroken.
Titels kiezen
Druk op een van de toetsen van het pijltoetsenblok ⑩ om de volgende resp. de vorige titel te kiezen.
Wanneer u eenmaal op toets √ of <⑩ drukt, wordt de actuele titel opnieuw gestart.
Snel titels kiezen
Om snel achterwaarts resp. voorwaarts titels te kiezen:
Houd een van de X / Y -toetsen ⑩ ingedrukt totdat de snelle titelkeuze achterwaarts resp. voorwaarts begint.
Snelle zoekdoorloop (hoorbaar)
Voor een snelle zoekdoorloop achterwaarts resp. voorwaarts:
Houd een van de <>-toetsen 10 ingedrukt totdat de snelle zoekdoorloop achterwaarts resp. voorwaarts begint.
Willekeurige weergave van de titels (MIX)
→ Druk op toets 5 MIX 14.
Op het display verschijnt kort "MIX CD", het MIX-symbol is verlicht. De eerstvolgende, toevallig gekozen titel wordt weergegeven.
MIX beëindigen
Druk opnieuw op toets 5 MIX 14.
"MIX OFF" verschijnt kort op het display, het MIX-symbol verdwijnt.
Titels kort weergeven (SCAN)
U kunt alle titels van de cd kort laten weergeven.
Houd de OK-toets ⑪ langer dan twee seconden ingedrukt. De eerstvolgende titel wordt kort weergegeven.
Let op:
- De duur van het fragment kan worden ingesteld. Lees voor de instelling van de duur van het fragment het gedeelte "Duur van het fragment instellen" in het hoofdstuk "Radioweergave".
SCAN beëindigen, titel verder beluisteren
→ Om het scannen te beëindigen drukt u op de OK-toets ⑪.
De actueel weergegeven titel wordt verder afgespeeld.
Titels herhalen (REPEAT)
Wanneer u een titel wilt herhalen, drukt u op toets 4 RPT 14.
"REPEAT TRCK" verschijnt kort op het display, het RPT-symbool is verlicht. De titel wordt herhaald totdat RPT wordt gedeactiveerd.
REPEAT beëindigen
Wanneer u de Repeat-functie wilt beëindigen, drukt u opnieuw op toets 4 RPT 14.
"REPEAT OFF" verschijnt kort op het display, het RPT-symbool is niet langer verlicht. De weergave wordt normaal voortgezet.
Weergave onderbreken (PAUSE)
Druk op toets 3 ▶ 14.
Op het display verschijnt "PAUSE".
Pauze opheffen
Druk tijdens de pauze op toets 3 14.
De weergave wordt voortgezet.
Wisselen van displayweergave
→ Om te wisselen tussen de weergave van titelnummer en kloktijd of titelnummer en verstreken speeltijd houdt u toets ⏻ / DIS ⑦ een- of meermaals langer dan twee seconden ingedrukt, totdat de gewenste weergave op het display verschijnt.
Verkeersinformatie tijdens cd-weergave
Wanneer u tijdens de cd-weergave verkeersinformatie wilt ontvangen, drukt u op toets TRAF 14.
De voorrang voor verkeersinformatie is geactiveerd wanneer het filesymbool op het display verlicht is. Lees hiervoor het hoofdstuk "Verkeersinformatie".
Cd's een naam geven
Om uw cd's beter te kunnen herkennen hebt u met uw autoradio de mogelijkheid om dertig cd's een individuele naam te geven. De namen mogen maximaal acht tekens lang zijn.
Wanneer u meer dan dertig namen probeert te geven, verschijnt op het display "FULL".
Cd-naam invoeren / veranderen
→ Beluister de gewenste cd.
→ Druk op toets MENU ⑧.
Kies met de toetsen ✗ / ✕ ⑩ "CD NAME".
→ Druk op toets < of> ⑩.
De naam van de cd wordt weergegeven. Wanneer de gekozen cd nog geen naam heeft, verschijnt "DISC" op het display.
→ Druk op toets < of> ⑩.
→ De actuele invoerpositie knippert.
Kies de tekens met de toetsen ⚫ 10. Wanneer een positie vrij moet blijven, kiest u een underscore.
→ U verandert de invoerpositie met toets ◀ of ⚫0.
→ Om de naam op te slaan drukt u tweemaal op toets OK ⑪.
Cd-naam wissen
→ Beluister de cd waarvan de naam moet worden gewist.
→ Druk op toets MENU ⑧.
Kies met de toetsen ✗ / ✘ ⑩ "CD NAME".
→ Druk op toets < of> ⑩.
De naam van de cd wordt weergegeven.
→ Druk op toets < of> ⑩.
→ De actuele invoerpositie knippert.
Kies met de toetsen X / Y ⑩ de underscore.
→ U verandert de invoerpositie met toets <of 10.
Kies met de toetsen ✗ / ✕ ⑩ voor elke positie van de naam een underscore.
Druk tweemaal op toets OK ⑪, de naam is gewist.
Cd verwijderen
Druk op toets 9.
Het Flip Release Panel wordt naar vo- ren toe geopend, de cd wordt naar bui- ten geschoven.
→ Verwijder de cd en sluit het bedie- ningspaneel.
MP3-weergave
U kunt met de Woodstock DAB53 ook cd-r's met MP3-muziekbestanden af-spelen.
MP3 is een door het Fraunhofer-instituut ontwikkeld procédé voor het comprimeren van cd-audiogegevens. Door deze compressie kan de hoeveelheid gegevens zonder hoorbaar kwaliteitsverlies worden gereduceerd tot circa 10 procent van de oorspronkelijke grootte (bij een bitrate van 128 kbit/sec). Wanneer bij het coderen van de cd-audiogegevens in MP3-opmaak lagere bitrates worden gebruikt, zijn kleinere bestanden mogelijk, echter met kwaliteitsverlies.
Voorbereiding van de MP3-cd
Door de combinatie van cd-writer, cd-schrijfsoftware en onbeschreven cd kunnen problemen optreden bij de weergave van de cd's. Wanneer er problemen optreden met zelfgebrande cd's, dient u over te schakelen op een ander merk of een andere kleur basis-cd's. De beste resultaten worden verkregen met basis-cd's met een speelduur van 74 minuten.
De opmaak van de cd moet ISO 9660 level 1 of level 2 zijn. Alle andere soorten kunnen niet betrouwbaar worden afgespeeld.
Vermijd multisessies. Wanneer u op een cd meer dan één sessie wegschrijft, wordt alleen de eerste sessie herkend.
Om een lange toegangstijd te voorkomen kunt u voor het gebruik van een MP3-cd met de Woodstock DAB53 op één MP3-cd maximaal twintig mappen (directory's) aanleggen. Technisch zijn maximaal 254 directory's mogelijk. Deze directory's kunnen met de Woodstock DAB53 afzonderlijk worden gekozen.
In elke directory kunnen zich vervolgens weer maximaal 127 losse titels (tracks) en subdirectory's bevinden, die afzonderlijk kunnen worden gekozen. Het directory-pad mag maximaal acht niveaus omvatten.
Afb. 1 Afb. 2
| D01 | D01 | |
| T001 | ||
| D02 | T002 | |
| T003 | ||
| T004 | ||
| T005 | ||
| D03 | D04 | T006 |
| T007 | ||
| T001 | T001 | T008 |
| T002 | T002 | T009 |
| T003 | T003 | T010 |
| T004 | T004 | T011 |
| T005 | T005 | |
| T006 | ||
| T007 | ||
| D05 | T008 | |
| T009 | ||
| T001 | T010 | |
| T002 | T011 | |
| T003 | ||
| T004 | ||
| T005 | ||
| T006 | ||
| T007 | ||
Omdat met bepaalde cd-schrijfsoftware onregelmatigheden in de nummering kunnen optreden, dient u in de hoofddirectory D01 ofwel alleen subdirectory's met titels (afb. 1) of alleen titels (afb. 2) op te nemen.
U kunt elke directory met de pc een naam geven. De naam van de directory kan op het display van de Woodstock DAB53 worden weergegeven. Geef de directory's en titels namen m.b.v. uw cd-schrijfsoftware. Aanwijzingen daarvoor vindt u in de gebruiksaanwijzing van de software.
Let op:
- U dient bij het benoemen van de directory's en titels geen trema's en speciale symbolen te gebruiken.
Wanneer u waarde hecht aan een correcte volgorde van uw bestanden, moet u schrijfsoftware gebruiken die de bestanden op alfanumerieke volgorde rangschikt. Wanneer uw software niet over deze functie beschikt, kunt u de bestanden ook handmatig sorteren. Daarvoor moet u voor elke bestandsnaam een nummer zetten, bv. 001, 002, enz. Daarbij moeten ook de voorafgaande nullen worden ingevoerd.
Elke titel kan van een naam worden voorzien (ID tag). De naam van de titel kan eveneens op het display wordt weergegeven.
Bij het aanmaken (coderen) van MP3-bestanden van audiobestanden dient u bitrates van maximaal 256 kb/s te gebruiken.
Voor het gebruik van MP3-bestanden met de Woodstock DAB53 moeten de MP3-bestanden de extensie "MP3" hebben.
Let op:
Om ongestoorde weergave te garanderen:
- Probeer niet om andere bestanden dan MP3-bestanden te voorzien van de extensie MP3 en deze vervolgens af te spelen!
- Gebruik geen gemengde cd's met MP3-bestanden en niet-MP3-bestanden.
- Gebruik geen mix-mode-cd's met audiotitels en MP3-titels.
MP3-weergave starten
De MP3-weergave wordt gestart zoals de normale cd-weergave. Lees hiervoor het gedeelte "Cd-weergave starten / cd plaatsen" in het hoofdstuk "Cd-weergave".
Directory kiezen
Om lange toegangstijden te voorkomen dient u maximaal twintig directory's te gebruiken.
Om op- of neerwaarts naar een andere directory te gaan:
Druk zo vaak op toets of ⑩ dat het nummer van de gewenste directory achter "D" op het display verschijnt.
Let op:
- Alle directory's die geen MP3-be- standen bevatten, worden automa- tisch overgeslagen. Wanneer u bv. titels uit directory D01 beluistert en met toets ⑩ de volgende direc- tory kiest, wordt directory D02 overgeslagen en D03 afgespeeld. De weergave op het display springt dan automatisch van "D02" op "D03".
Titels kiezen
Om op- of neerwaarts naar een andere titel van de actuele directory te gaan:
Druk zo vaak op toets < of> ⑩ dat het nummer van de gewenste titel op het display wordt weergege- ven.
Wanneer toets <⑩ eenmaal wordt ingedrukt, wordt de actuele titel opnieuw gestart.
Snelle zoekdoorloop (hoorbaar)
Voor een snelle zoekdoorloop achterwaarts resp. voorwaarts:
Houd een van de toetsen < /> ⑩ ingedrukt totdat de snelle zoekdoorloop achterwaarts resp. voorwaarts begint.
De zoekdoorloop werkt tot het begin resp. het einde van de actuele titel.
Willekeurige weergave van de titels (MIX)
Mix directory
U kunt alle titels van de actuele directory in toevallige volgorde laten weergeven.
Druk op toets 5 MIX >.
De volgende titel van de actuele directory wordt willekeurig gekozen en afgespeeld.
Mix cd
U kunt alle titels van een cd in toevallige volgorde laten weergeven.
Druk zo vaak op toets 5 MIX > dat "MIX CD" wordt weergegeven.
De volgende titel wordt willekeurig gekozen en afgespeeld.
MIX beëindigen
Druk zo vaak op toets 5 MIX > dat "MIX OFF" wordt weergegeven.
Het apparaat geeft track 1 van de actuele directory weer.
Titels kort weergeven (SCAN)
U kunt alle titels van een cd kort laten weergeven.
Houd de OK-toets ; langer dan twee seconden ingedrukt. De volgende titel wordt kort weergegeven.
Let op:
- De duur van het fragment kan worden ingesteld. Lees voor het instellen van de duur van het fragment het gedeelte "Duur van het fragment instellen" in het hoofdstuk "Radioweergave".
SCAN beëindigen, titel verder beluisteren
→ Om het scannen te beëindigen drukt u op de OK-toets ;.
De actueel weergegeven titel wordt verder afgespeeld.
Losse titels of hele directory's herhaald afspelen (REPEAT)
Wanneer u één titel wilt herhalen:
Druk op toets 4 RPT>.
Op het display verschijnt kort "REPEAT TRCK".
Om de hele directory herhaald te laten afspelen:
→ Druk opnieuw op toets 4 RPT >.
Op het display verschijnt kort "REPEAT DIR".
REPEAT beëindigen
Om het herhalen van de actuele titel resp. de actuele directory te beëindigen:
Druk zo vaak op toets 4 RPT > dat "REPEAT OFF" kort op het display wordt weergegeven.
Weergave onderbreken (PAUSE)
Druk op toets 3 ▶ 14.
Op het display verschijnt "PAUSE".
Pauze opheffen
Druk tijdens de pauze op toets 3 14.
De weergave wordt voortgezet.
Displayweergave instellen
Telkens wanneer bij de MP3-weergave wordt gewisseld van titel, worden de naam van de uitvoerende, het album en de titel als een lichtkrant weergegeven (alleen wanneer er ID3-tags op de cd zijn opgeslagen). Wanneer er geen ID3-tags beschikbaar zijn, wordt de naam van het bestand weergegeven. Nadat de lichtkrant is weergegeven, hebt u de mogelijkheid om te kiezen tussen verschillende soorten weergave voor de MP3-weergave.
Ter beschikking staan:
- Het nummer van de titel en de verstreken speeltijd.
- Het nummer van de titel en de kloktijd.
- Het nummer van de directory en de titel.
- De naam van de titel resp. van het bestand (wanneer er geen titel-naam beschikbaar is) als lichtkrant. Voor de weergave van de bestandsnaam moeten de titels op de cd zijn opgeslagen met zgn. ID3-tags.
Houd toets Ⓤ / DIS ⑦ zo vaak langer dan twee seconden ingedrukt dat de gewenste weergave op het display verschijnt.
Kloktijd kort laten weergeven
U kunt de kloktijd twee seconden op het display laten weergeven.
→ Druk kort op toets ⏻ / DIS ⑦.
Favoriete titels van een MP3-cd programmeren
U kunt met de TPM-functie (Track Program Memory) uw favoriete titels voor telkens één cd programmeren en afspe- len. U kunt de titels in elke gewenste volgorde programmeren, de weergave vindt altijd in oplopende volgorde plaats. Wanneer de weergave van de favorie- te titels is ingeschakeld, worden alleen de vooraf geprogrammeerde titels van de actuele MP3-cd afgespeeld. De lijst van favoriete titels wordt gewist wan- neer u de cd verwijdert.
Favorite titels programmeren
Ga om uw favoriete titels van een cd te programmeren als volgt te werk:
→ Kies uw eerste favoriete titel.
→ Houd toets 1 ⑭ langer dan twee seconden ingedrukt.
Op het display wordt "STORED" weergegeven. De titel is opgenomen in de lijst van favoriete titels.
→ Doe precies hetzelfde voor alle volgende favoriete titels van de cd.
TPM in- en uitschakelen
Om de TPM-functie in resp. uit te schakelen:
Druk zo vaak op toets 1 ⑭ dat "TPM ON" voor ingeschakeld, resp. "TPM OFF" voor uitgeschakeld op het display wordt weergegeven.
Wanneer er geen titels geprogrammeerd zijn, wordt een mededeling van die strekking weergegeven.
Losse titels wissen uit lijsten
U kunt losse titels uit een lijst met favoriete titels wissen.
→ Beluister de titel die u wilt wissen uit de lijst.
→ Druk op toets < of> ⑩.
Houd toets 2 ^14 langer dan vier en korter dan acht seconden ingedrukt, totdat u een bevestigings-toon hoort.
Alle lijsten van alle cd's wissen
U kunt alle opgeslagen titels van alle cd's wissen.
Houd toets 2 ^14 langer dan acht seconden ingedrukt, totdat u driemaal een bevestigingstoon hebt gehoord.
MMC/SD-weergave
U kunt met de Woodstock DAB53 MP3-bestanden van een MMC/SD (Multimedia Card / Secure Digital) afspelen. U kunt de MMC/SD's die u met de Woodstock DAB53 gebruikt, met een normaal in de handel verkrijgbaar MMC/SD-schrijf-/leesapparaat en uw pc met gegevens beschrijven.
Let op:
- Houd u bij het voorbereiden van de MMC/SD aan de normen voor de directory-structuur zoals beschreven in het hoofdstuk "MP3-weergave".
Voor een optimale toegang tot MMC/SD's dient u maximaal twintig directory's en maximaal 200 bestanden op te slaan op één MMC/SD.
MMC/SD plaatsen / verwijderen
De MMC/SD-opening bevindt zich links onder de cd-opening. Om de MMC/SD te plaatsen / verwijderen dient u het Flip Release Panel te verwijderen; lees hiervoor het hoofdstuk "Afneembaar bedieningspaneel".
MMC/SD plaatsen
→ Verwijder het Flip Release Panel.
→ Schuif de MMC/SD met de bedrukte kant naar boven en de contacten eerst in de MMC/SD-opening, totdat de MMC/SD voelbaar vergrendelt.
→ Breng het Flip Release Panel weer aan.
MMC/SD verwijderen
→ Verwijder het Flip Release Panel.
→ Schuif de MMC/SD voorzichtig in het apparaat, totdat u een weerstand voelt.
→ Trek de MMC/SD voorzichtig uit de opening.
→ Breng het Flip Release Panel weer aan.
MMC/SD-weergave starten
Druk zo vaak op toets SRC ⑯ dat "MMC" op het display verschijnt.
De weergave begint met de eerste titel die het apparaat herkent.
Directory kiezen
Om een te lange toegangstijd te voorkomen, dient u maximaal 20 directory's te gebruiken.
Om op- of neerwaarts naar een andere directory te gaan:
Druk zo vaak op toets of ⑩ dat het nummer van de gewenste directory achter "D" op het display wordt weergegeven.
Titels kiezen
Om op- of neerwaarts naar een andere titel in de actuele directory te gaan:
Druk zo vaak op toets < of> ⑩ dat het nummer van de gewenste titel op het display wordt weergege- ven.
Wanneer toets <⑩ eenmaal wordt ingedrukt, wordt de actuele titel opnieuw gestart.
Snelle zoekdoorloop (hoorbaar)
Voor een snelle zoekdoorloop achterwaarts resp. voorwaarts:
Houd een van de toetsen < /> ⑩ ingedrukt totdat de snelle zoekdoorloop achterwaarts resp. voorwaarts begint.
Willekeurige weergave van de titels (MIX)
Mix directory
U kunt alle titels van de actuele directory in toevallige volgorde laten weergeven.
→ Druk op toets 5 MIX 14.
Op het display wordt "MIX DIR" weergegeven. De volgende titel van de actuele directory wordt willekeurig gekozen en afgespeeld.
Mix MMC/SD
U kunt alle titels van een MMC/SD in toevallige volgorde laten weergeven.
Druk zo vaak op toets 5 MIX 14 dat "MIX MMC" wordt weergegeven.
De volgende titel wordt willekeurig gekozen en afgespeeld.
MIX beëindigen
Druk zo vaak op toets 5 MIX 14 dat "MIX OFF" wordt weergegeven.
Het apparaat geeft track 1 van de actuele directory weer.
Losse titels of hele directory's herhaald afspelen (REPEAT)
Wanneer u één titel wilt herhalen:
Druk op toets 4 RPT 14.
Op het display verschijnt kort "REPEAT TRCK".
Om de hele directory herhaald te laten afspelen:
Druk opnieuw op toets 4 RPT 14.
Op het display verschijnt kort "REPEAT DIR".
REPEAT beëindigen
Om het herhalen van de actuele titel resp. de actuele directory te beëindigen:
Druk zo vaak op toets 4 RPT 14 dat "REPEAT OFF" kort op het display wordt weergegeven.
Weergave onderbreken (PAUSE)
Druk op toets 3 ▶ 14.
Op het display verschijnt "PAUSE".
Pauze opheffen
Druk tijdens de pauze op toets 3 14.
De weergave wordt voortgezet.
DAB-programma opnemen op MMC/SD
Met dit apparaat kunt u een DAB-programma opnemen op een geplaatste MMC/SD. De DAB-gegevensstroom wordt daarbij als MPEG-bestand opgeslagen op de MMC/SD (MPEG 1, layer 2).
Om het opnemen te kunnen starten moet op de geplaatste MMC/SD voldoende geheugen beschikbaar zijn.
De enige ondersteunde bestandsopmaak voor het opnemen is FAT16. Wanneer u probeert op te nemen op anders geformatteerde MMC/SD's, wordt "UN-FORMATTED" op het display weergegeven. Formatteer in dit geval de MMC/SD met een geschikt MMC/SD-schrijf-/leesapparaat op uw pc of in de autoradio. Wij adviseren het formatteren in de autoradio; lees hiervoor het gedeelte "MMC/SD formatteren" in dit hoofdstuk.
Gezien het grote aantal beschikbare MMC/SD's op de markt en de verschillende kwaliteitsnormen van de fabrikan- ten kan Blaupunkt niet garanderen dat alle MMC/SD's foutloos functioneren. De opnamefunctie van de Woodstock DAB53 is getest met MMC/SD's van de firma Sandisk (www.sandisk.com) met capaciteiten tot 256 MB.
- Blaupunkt adviseert voor het gebruik van de opnamefunctie in de Woodstock DAB53 Sandisk-MMC/SD's tot 256 MB.
- Wanneer u voor het formatteren en bewerken een MMC/SD-schrijf-/leesapparaat wilt gebruiken, adviseren wij het gebruik van schrijf-/leesapparaten van de firma Sandisk (www.sandisk.com), Retec (www.retec-gmbh.de) of Dazzle (www.dazzle.de).
Opnemen starten
Om een DAB-programma op te nemen op een MMC/SD:
→ Start de DAB-weergave en kies het programma dat u wilt opnemen. Lees hiervoor het hoofdstuk "DAB-weergave".
Druk wanneer u het opnemen wilt starten op toets OK 11.
Let op:
- Om beschadiging van de MMC/SD te voorkomen mag u tijdens het opnemen nooit de motor starten. De door het starten mogelijk ontstane onderspanning op het boordnet van de auto kan de MMC/SD permanent beschadigen.
- Het automatisch wisselen van DAB en FM is voor de duur van de op-name gedeactiveerd. Tijdens het opnemen blijft het DAB-programma ingesteld, ook wanneer de ont-vangstkwaliteit afneemt.
Het opnemen wordt gestart, op het display wordt twee seconden lang "RE-CORDING" en vervolgens voor de duur van de opname een R voor de naam van het programma weergegeven. Wanneer er niet voldoende vrije geheu-genruimte op de kaart beschikbaar is, wordt twee seconden "CARD FULL" op het display weergegeven. Wis in dit geval titels van de MMC/SD (zie "Op-name wissen" in het volgende gedeel-te) of plaats een andere MMC/SD.
Het tijdens het opnemen gecreëerde bestand krijgt de volgende naam:
ddhhmmss.mp3. "dd" staat voor de dag van opnemen, "hh" voor het uur van het begin van de opname, "mm" voor de minuten en "ss" voor de seconden.
Voor de opgenomen bestanden maakt het apparaat de directory "DAB_DIR" aan op de MMC/SD.
Tel/navi tijdens het opnemen
Telefoongesprekken en gesproken mededelingen hebben geen invloed op de opname. Het DAB-programma wordt tijdens een telefoongesprek resp. een gesproken mededeling op de achtergrond verder geregistreerd.
Opnemen beëindigen
Wanneer u het opnemen wilt beëindigen:
→ Druk kort op toets OK ⑪.
Op het display wordt twee seconden "RECORD STOP" weergegeven.
In de volgende gevallen wordt het opnemen automatisch beëindigd:
- Wanneer het geheugen van de MMC/SD tijdens het opnemen vol wordt. In dit geval wordt op het display "CARD FULL" weergegeven.
- Wanneer u tijdens het opnemen wisselt van programma.
- Wanneer de communicatie tussen MMC/SD en het apparaat gestoord is, wordt "MMC ERROR" weergegeven en wordt het opnemen beëindigd.
- Wanneer u tijdens het opnemen de DAB-weergave beëindigt, bv. door de cd- of radioweergave te starten.
Opname weergeven met het apparaat
U kunt de opname kiezen en beluisteren aan de hand van de bestandsnaam in de directory DAB_DIR op de MMC/SD. Lees hiervoor de gedeelten "Directory kiezen" en "Titels kiezen" aan het begin van het hoofdstuk. Wanneer u na het opnemen overschakelt op de MMC-weergave, wordt de weergave gestart met het als eerste opgenomen stuk. Druk direct na het begin van de weergave op toets < om het als laatste opgenomen stuk te kiezen.
Opname weergeven op andere apparaten
U kunt de opname ook afspelen op uw pc. Hiervoor hebt u een MMC/SD-schrijf-/leesapparaat en afspeelsoftware nodig. U kunt de opname ook beluisteren met afspeelapparaten die MMC/SD's kunnen lezen.
Let op:
- Hoewel het bestand geen MP3-bestand is, krijgt het de extensie "mp3". Omdat alle gangbare af-speelprogramma's layer 2-bestanden ondersteunen, kunnen deze met een computer worden afgespeeld. Wanneer er bij de weergave met andere apparaten problemen ontstaan, dient u te controle-ren of het apparaat layer 2-compatibel is.
- De Woodstock DAB53 gebruikt speciale algoritmen voor de weergave van het DAB-programma, zo dat ook bij de weergave van materiaal dat bij slechte ontvangstcondities is opgenomen, een optimale klankindruk ontstaat. Pc-programma's gebruiken geen speciale signaalverwerking, zodat bij het beluisteren van het bestand op de computer een andere klankindruk kan ontstaan. Zo worden fouten bv. niet onderdrukt en kan er vervorming optreden.
Opname wissen
U kunt alle op een MMC/SD opgenomen bestanden afzonderlijk wissen.
→ Beluister de titel die u wilt wissen van de MMC/SD.
→ Druk op toets OK ⑪.
Op het display wordt twee seconden "YES DELETE" weergegeven.
→ Druk binnen deze twee seconden op toets OK ⑪.
→ Herhaal dit voor alle titels die u wilt wissen.
MMC/SD formatteren
U kunt een MMC/SD met het apparaat formatteren. Hierbij worden alle opgeslagen bestanden gewist.
Let op:
- U dient MMC/SD's in het apparaat te formatteren om de compatibiliteit van de kaart met het apparaat te garanderen.
Het formatteren van de kaart is alleen mogelijk bij AUX-, DAB- of FM-weergave.
Ga naar de FM-radioweergave; lees hiervoor het hoofdstuk "Radio-weergave".
→ Druk op toets MENU ⑧.
Kies "MMC FORMAT" met de toetsen X / Y ^10 .
→ Druk op toets < of> ⑩.
Op het display wordt "YES FORMAT" weergegeven.
Druk op de OK-toets ⑪ om de kaart te formatteren.
Displayweergave instellen
U hebt verschillende mogelijkheden om de naam van de uitvoerende, de titel, de directory's en het bestand te laten weergeven.
Houd toets ⏻ / DIS ⑦ zo vaak langer dan twee seconden ingedrukt dat de gewenste weergave op het display verschijnt.
Favoriete titels van een MMC/ SD programmeren
U kunt met de TPM-functie (Track Program Memory) uw favoriete titels voor telkens één MMC/SD programmeren en afspelen. De titels worden geprogrammeerd zoals beschreven onder "Favoriete titels van een MP3-cd programmeren" in het hoofdstuk MP3-weergave".
Weergave van cd-wisselaar
Let op:
- Informatie over de behandeling van cd's, het plaatsen van cd's en voor het onderhoud van de cd-wisselaar vindt u in de gebruiksaanwijzing van uw cd-wisselaar.
Weergave van cd-wisselaar starten
Druk zo vaak op SRC 16 dat "CHANGER" op het display verschijnt.
De weergave begint met de eerste cd die de cd-wisselaar herkent.
Cd kiezen
→ Om op- of neerwaarts naar een andere cd te gaan, drukt u een- of meermaals op toets √ of ₩10.
Titels kiezen
→ Om op- of neerwaarts naar een andere titel van de actuele cd te gaan, drukt u een- of meermaals op toets > of ◀10.
Snelle zoekdoorloop (hoorbaar)
Voor een snelle zoekdoorloop achterwaarts resp. voorwaarts:
Houd een van de <>-toetsen ⑩ ingedrukt totdat de snelle zoekdoorloop achterwaarts resp. voorwaarts begint.
Wisselen van displayweergave
→ Om te wisselen tussen de weergave van titelnummer en kloktijd, titelnummer en verstreken speeltijd, of cd-nummer en titelnummer, houdt u toets ⏻ / DIS ⑦ een- of meermaals langer dan twee seconden ingedrukt, totdat de gewenste aanduiding op het display verschijnt.
Losse titels of hele cd's herhaald afspelen (REPEAT)
→ Om de actuele titel te herhalen drukt u kort op toets 4 RPT 14.
Op het display verschijnt kort "REPEAT TRCK", RPT is verlicht op het display.
→ Om de actuele cd te herhalen drukt u opnieuw op toets 4 RPT 14.
Op het display verschijnt kort "REPEAT DISC", RPT is verlicht op het display.
REPEAT beëindigen
→ Om het herhalen van de actuele titel resp. de actuele cd te beëindigen houdt u toets 4 RPT 14 ingedrukt totdat "REPEAT OFF" op het display verschijnt en RPT niet langer verlicht is.
Titels in willekeurige volgorde weergeven (MIX)
→ Om de titels van de actuele cd in willekeurige volgorde weer te geven drukt u kort op toets 5 MIX ⑭.
Op het display verschijnt kort "MIX-CD", MIX is verlicht op het display.
→ Om de titels van alle geplaatste cd's in willekeurige volgorde weer te geven drukt u opnieuw op toets 5 MIX 14.
Op het display verschijnt kort "MIX ALL", MIX is verlicht op het display.
Let op:
- Bij de CDC A 08 en IDC A 09 worden alle cd's in de wisselaar willekeurig gekozen. Bij alle andere cd-wisselaars worden eerst alle titels van één cd willekeurig afgespeeld, waarna de volgende cd in de cd-wisselaar wordt afgespeeld.
MIX beëindigen
Houd toets 5 MIX 14 ingedrukt totdat "MIX OFF" kort op het display verschijnt en MIX niet langer verlicht is.
Alle titels van alle cd's kort weergeven (SCAN)
→ Om alle titels van alle geplaatste cd's in oplopende volgorde kort weer te geven houdt u de OK-toets ⑪ langer dan twee seconden ingedrukt.
Op het display verschijnt "SCAN".
SCAN beëindigen
→ Om de korte weergave te beëindigen drukt u kort op de OK-toets 11.
De op dat moment weergegeven titel wordt verder afgespeeld.
Let op:
- De duur van het fragment kan worden ingesteld. Lees voor het instellen van de duur van het fragment het gedeelte "Duur van het fragment instellen" in het hoofdstuk "Radioweergave".
Weergave onderbreken (PAUSE)
Druk op toets 3 14.
Op het display verschijnt "PAUSE".
Pauze opheffen
Druk tijdens de pauze op toets 3 14.
De weergave wordt voortgezet.
Cd's een naam geven
U kunt cd's ook bij de weergave van cd-wisselaar een naam geven (niet bij de CompactDrive MP3).
Om cd's in de cd-wisselaar een naam te geven:
→ Kies in het menu de optie "CDC NAME".
→ Volg bij de weergave van cd-wisselaar de aanwijzingen onder "Cd's een naam geven" in het hoofdstuk "Cd-weergave".
Namen voor cd's bij cd-wisselaarweergave mogen maximaal zeven karakters hebben; er kunnen maximaal 99 namen worden opgeslagen.
Wissen van een cd-naam
U kunt de naam van een cd eenvoudig en snel wissen.
→ Beluister de cd waarvan de naam moet worden gewist.
→ Druk op toets MENU ⑧.
Kies met de X / Y -toetsen ⑩ "CD NAME" resp. "CDC NAME".
→ Druk op toets < of> ⑩.
De naam van de cd wordt weergegeven.
Houd toets MENU ⑧ langer dan vier seconden ingedrukt, totdat "DELETE NAME" wordt weergegeven.
De naam van de actuele cd is gewist.
Wissen van alle opgeslagen namen van alle cd's
U kunt de naam van alle cd's eenvou- dig en snel wissen.
→ Beluister een cd.
→ Druk op toets MENU ⑧.
Kies met de X / Y -toetsen ⑩ "CD NAME" resp. "CDC NAME".
→ Druk op toets < of> ⑩.
De naam van de cd wordt weergegeven.
Houd toets MENU ⑧ langer dan acht seconden ingedrukt, totdat "DELETE ALL" wordt weergegeven.
Alle opgeslagen namen zijn gewist.
CLOCK - Kloktijd
Kloktijd kort laten weergeven
→ Om de kloktijd kort te laten weergeven drukt u op toets 📞 / DIS ⑦.
Kloktijd instellen
De kloktijd kan automatisch worden ingesteld via het RDS-signaal. Indien u geen RDS-zenders kunt ontvangen of de door u beluisterde RDS-zender deze functie niet ondersteunt, kunt u de kloktijd ook met de hand instellen.
Kloktijd automatisch instellen
→ Om de kloktijd automatisch te laten instellen drukt u op toets MENU
⑧.
Druk zo vaak op toets ⑩ dat "CLK MAN" (handmatig) resp. "CLK AUTO" (automatisch) op het display verschijnt.
Druk op toets < ⑩ totdat "CLK AUTO" op het display verschijnt.
Wanneer de instelling voltooid is, drukt u op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
Wanneer er een zender met RDS-kloktijdfunctie (RDS-CT) wordt ontvangen, wordt de klok automatisch ingesteld.
Kloktijd met de hand instellen
→ Om de kloktijd in te stellen drukt u op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets of ✗ 10 dat "CLOCKSET" op het display verschijnt.
→ Druk op toets >10.
De kloktijd verschijnt op het display. De minuten knipperen en kunnen worden ingesteld.
Stel de minuten in met de toetsen / _10 .
Wanneer de minuten ingesteld zijn, drukt u op toets <⑩.
De uren knipperen en kunnen worden ingesteld.
Stel de uren in met de toetsen X / Y^10 .
Druk tweemaal op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
Klokmodus 12/24 uur kiezen
→ Druk op toets MENU ⑧.
Op het display verschijnt "MENU".
Druk zo vaak op toets of 10 dat "24 H MODE" resp. "12 H MODE" op het display wordt weergegeven.
→ Druk op toets < of > ⑩ om de modus te wisselen.
Wanneer de instelling voltooid is, drukt u op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
Klankkleur en volumeverhouding
U kunt de instellingen voor klankkleur en volumeverhouding voor alle audio-bronnen (radio, cd, cd-wisselaar resp. Microdrive™, AUX, MMC/SD en verkeersinformatie) apart instellen.
Let op:
- De instellingen voor klankkleur en volumeverhouding voor verkeersinformatie kunnen alleen worden uitgevoerd tijdens een verkeersbericht.
Bass instellen
Druk op toets AUDIO 13.
Op het display verschijnt "BASS".
→ Druk op toets √ of ∧ ⑩ om de bass in te stellen.
Wanneer de instelling voltooid is, drukt u op toets AUDIO 13.
Treble instellen
Druk op toets AUDIO 13.
Op het display verschijnt "BASS".
Druk zo vaak op toets < of> ⑩ dat "TREBLE" op het display ver- schijnt.
→ Druk op toets √ of ∧ ⑩ om de treble in te stellen.
Wanneer de instelling voltooid is, drukt u op toets AUDIO 13.
Volumeverhouding links/rechts (balans) instellen
→ Om de volumeverhouding links/rechts (balans) in te stellen drukt u op toets AUDIO ⑬.
Op het display verschijnt "BASS".
Druk zo vaak op toets < of> ⑩
dat "BALANCE" op het display ver-
schijnt.
Druk op toets of ⑩ om de vo-lumeverdeling rechts / links in te stellen.
Wanneer de instelling voltooid is, drukt u op toets AUDIO 13.
Volumeverhouding voor/achter (fader) instellen
→ Om de volumeverhouding voor/achter (fader) in te stellen drukt u op toets AUDIO ⑬.
Op het display verschijnt "BASS".
Druk zo vaak op toets < of> 10
dat "FADER" op het display ver-
schijnt.
Druk op toets of ⑩ om de vo-lumeverdeling voor / achter in te stellen.
Wanneer de instelling voltooid is, drukt u op toets AUDIO 13.
Loudness
Loudness betekent de versterking van de hoge en lage tonen bij een gering volume, in overeenstemming met het gehoor.
De loudness-versterking kan in stappen van 0 t/m 6 worden ingesteld. Wanneer u de instelling 0 kiest, is de loudness-functie gedeactiveerd.
→ Druk op toets MENU ⑧.
Op het display wordt "MENU" weergegeven.
Druk zo vaak op toets ⑩ dat "LOUDNESS" op het display wordt weergegeven.
Druk op toets < of> ⑩ om de versterking in te stellen.
De gekozen versterking wordt op het display weergegeven achter "LOUD". "LOUD 6" betekent maximale versterking, met "LOUD 0" is loudness gedeactiveerd.
Wanneer het instellen voltooid is, drukt u op toets MENU ⑧.
Equalizer
Dit apparaat beschikt over een parametrische, digitale equalizer. Parametrisch betekent in dit geval dat voor elk van de vijf filters één frequentie individueel kan worden versterkt of afgezwakt (GAIN +8 tot -8).
De volgende filters staan ter beschikking:
• SUB LOW EQ 32 - 50 Hz
- LOW EQ 63 - 250 Hz
• MID EQ 315 - 1 250 Hz
• MID HIGH EQ 1 600 - 6 300 Hz
• HIGH EQ 8 000 - 12 500 Hz
Deze filters kunnen zonder meetapparatuur worden ingesteld. Zo kunnen de klankeigenschappen in de auto doorslaggevend worden beïnvloed.
Aanwijzingen voor de instelling
Wij adviseren u om voor het instellen een cd te gebruiken die u goed kent.
Zet voordat u de equalizer instelt de instellingen voor klankkleur en volumeverhouding op nul en deactiveer loudness. Lees hiervoor het hoofdstuk "Klankkleur en volumeverhouding".
→ Beluister de cd.
→ Beoordeel de klankindruk volgens uw eigen ideeën.
→ Lees nu de informatie onder "Klankindruk" in de tabel "Instelhulp voor de equalizer".
Stel de waarden voor de equalizer in zoals beschreven onder "Maatregel".
Equalizer in- en uitschakelen
→ Om de equalizer in en uit te schakelen houdt u toets DEQ ⑫ ingedrukt totdat EQ op het display verlicht is en "EQ ON" kort wordt weergegeven.
→ Om de equalizer uit te schakelen houdt u toets DEQ ⑫ ingedrukt totdat EQ van het display verdwijnt en "EQ OFF" kort wordt weergegeven.
Equalizer instellen
→ Druk op de DEQ-toets ⑫.
Kies "USER" met toets of 10.
→ Kies het filter met toets < of> ⑩.
→ Druk op toets Y of X ⑩.
→ Om de frequentie te kiezen drukt u op de >-toets ⑩.
Stel het niveau in met toets of 10.
→ Om het volgende filter te kiezen drukt u eerst op de OK-toets ⑪ en dan op de < of >toets ⑩.
Wanneer alle instellingen uitgevoerd zijn, drukt u op de DEQ-toets ⑫.
Bestaande klankinstellingen kiezen
U kunt ook bestaande klankinstellingen (Sound Presets) voor de volgende muzieksoorten kiezen:
- CLASSIC
• POP
• JAZZ
• ROCK
• TECHNO
• SPEECH
De instellingen voor deze muziekstijlen zijn reeds voorgeprogrammeerd.
Druk op de DEQ-toets 12.
Druk zo vaak op toets √ of ∧ ⑩
dat "SOUND PRESET" op het dis-
play verschijnt.
Kies de gewenste voorgeprogrammeerde muziekinstelling met toets < of > ^10 .
→ Druk op toets DEQ 12.
Aanduiding van het niveau in- en uitschakelen
De niveauaanduiding (spectrometer) op uw display geeft tijdens het instellen voor korte tijd symbolisch het volume, de instellingen van de klankregeling en de instellingen van de equalizer weer.
Wanneer er geen instellingen worden uitgevoerd, geeft de spectrometer het uitgangsniveau van de autoradio aan. Hiervoor moet de spectrometer ingeschakeld zijn.
Spectrometer in- en uitschakelen
Druk op toets MENU ⑧.
Op het display verschijnt "MENU".
Druk zo vaak op toets √ of ∧ ⑩ dat "EQ DISP ON" resp. "EQ DISP OFF" op het display ver- schijnt.
Met "EQ DISP ON" is de spectrometer ingeschakeld, met "EQ DISP OFF" is de spectrometer uitgeschakeld.
Druk op toets < of> ⑩ om te kiezen tussen de instellingen "EQ DISP ON" en "EQ DISP OFF".
Wanneer de instelling voltooid is, drukt u op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
Instelhulp voor de equalizer
Begin de instelling met het midden-/hogetonengebied en beëindig de instelling met het basgebied.
| Klankindruk / probleem | Maatregel |
| Basweergave te zwak | Versterk de bas metfrequentie: 50 tot 100 HzNiveau: +4 tot +6 |
| Onzuivere basWeergave dreuntOnaangename druk | Zwak de lage middentonen af metfrequentie: 125 tot 400 HzNiveau: ca. -4 |
| Klank sterk op de voorgrond,agressief, geen stereo-effect | Zwak de middentonen af metfrequentie: 1000 tot 2500 HzNiveau: -4 tot -6 |
| Doffe weergaveWeinig transparantieGeen glans op de instrumenten | Versterk de hoge tonen metfrequentie: ca. 12 500 HzNiveau: +2 tot +4 |
U kunt in aanvulling op de cd-wisse-laar nog een andere externe audiobron met Line-ingang aansluiten.
Zulke bronnen kunnen bv. een draagbare cd-speler, MiniDisc-speler of MP3-speler zijn.
In het menu moet de AUX-ingang worden ingeschakeld.
Voor het aansluiting van een externe audiobron hebt u een adapterkabel nodig. Deze kabel is verkrijgbaar bij uw Blaupunkt-dealer.
AUX-ingang in- en uitschakelen
→ Druk op toets MENU ⑧.
Druk zo vaak op toets of ✗ ⑩
dat "AUX_IN_OFF" resp.
"AUX_IN_ON" op het display wordt
weergegeven.
Druk op toets < of> ⑩ om AUX in (ON) resp. uit te schakelen (OFF).
Wanneer de instelling voltooid is, drukt u op toets MENU ⑧ of OK ⑪.
Let op:
Wanneer de AUX-ingang is ingeschakeld, kan deze met de SRC-toets 16 worden gekozen.
Technische gegevens
Versterker
Uitgangsvermogen: 4 x 25 Watt sinus volgens DIN 45 324 bij 14,4 V 4 x 45 Watt max. power
Tuner
Golfgebieden:
FM : 87,5 - 108 MHz
Wijzigingen voorbehouden!